bijlage 5 plan-oer vijfheerenlanden.pdf
Tekst van het document
Omgevingseffectrapportage Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
projectnummer 0472188.100 revisie 1.0 4 maart 2023
www.anteagroup.nl
Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden projectnummer 0472188.100 revisie 1.0 4 maart 2023
Auteurs V. Noordink
Opdrachtgever Gemeente Vijfheerenlanden Postbus 11 4140 AA Leerdam
Projectgroep M. van Heck V. Noordink L. Runia J.J. Verhoeven
Gecontroleerd J.J. Verhoeven
datum 4 maart 2023
beschrijving versie bij ontwerp omgevingsvisie
vrijgave J.J. Verhoeven
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
Inhoudsopgave Samenvatting
4
1
Inleiding
14
1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
Aanleiding Het proces van de omgevingsvisie Een OER bij de Omgevingsvisie Publicatie en inspraak Leeswijzer
14 15 16 17 18
2
Kenschets van de gemeente
19
2.1
De gemeente Vijfheerenlanden
19
3
Ruimtelijke kaders, opgaven en alternatieven
23
3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8
Wat is een omgevingsvisie? Ruimtelijk beleid Opgaven voor de gemeente Wonen Werken Mobiliteit Energie Groen, water en landschap
23 23 25 26 29 31 32 34
4
Rol en aanpak van het OER
36
4.1 4.2 4.3 4.4
De vraagstukken en de aanpak Staat van de fysieke leefomgeving Impactbeoordeling Aanzet voor monitoring en evaluatie
36 37 38 41
5
Leefomgevingsfoto van Vijfheerenlanden
42
5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8
Energie en circulariteit Vitaliteit en inclusiviteit Economie Mobiliteit Groen en landschap Gezondheid en milieu Klimaatadaptatie Samenvatting
42 48 58 64 71 83 96 104
6
Effecten van de omgevingsvisie
106
6.1 6.2 6.3 6.4 6.5 6.6
Opgave 1: kansrijke woningbouwgebieden Opgave 2: kansrijke werklandschappen Opgave 3: mobiliteitsopgaven Opgave 4: toepassing duurzame energiebronnen Opgave 5: opgaven in het landelijk gebied Synthese opgaven
106 124 129 136 152 156
7
Aanbevelingen en vervolg
159
Bijlagen Passende beoordeling Omgevingsvisie Vijfheerenlanden, Antea Group 3 maart 2023 (versie 1.0) Locatieonderzoek Wind Vijfheerenlanden, Antea Group 24 januari 2023 (versie 3)
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
Samenvatting De gemeente Vijfheerenlanden werkt aan een omgevingsvisie. In de komende vijftien à twintig jaar staat de gemeente Vijfheerenlanden voor een aantal belangrijke en complexe opgaven die zij wil realiseren binnen het gemeentelijk grondgebied. De Omgevingsvisie Vijfheerenlanden stelt kaders aan toekomstige ontwikkelingen die gevolgen kunnen hebben voor het milieu. De gemeente doorloopt de procedure van de milieueffectrapportage om het milieubelang volwaardig en vroegtijdig te betrekken bij de totstandkoming van de omgevingsvisie. De omgevingseffecten van de beleidsopgaven en mogelijke strategieën voor deze visie worden integraal in beeld gebracht. Het resultaat van deze procedure is een Omgevingseffectrapport (OER). In een OER wordt niet alleen ingegaan op de ‘klassieke’ milieuthema’s (zoals verkeer en geluid), maar bijvoorbeeld ook op gezondheid en energie. Het OER heeft als primaire doel het in beeld brengen van de omgevingseffecten (in brede zin) van het voorgenomen beleid van de omgevingsvisie en van de alternatieven (beleidsopties) die daarbij aan de orde zijn. Een bijzonder onderdeel van de omgevingsvisie is het beleid van de gemeente met betrekking tot het opwekken van duurzame energie in relatie tot de uitkomsten van de RES. Het tweede doel van het OER is daarom het onderzoeken van de veertien mogelijke locaties voor windenergie.
Vanwege de bijzondere onderzoeksvragen voor de potentiële locaties voor windenergie is dit in een apart spoor opgepakt, maar wel in onderlinge samenhang met de andere opgaven voor de omgevingsvisie.
Schematische weergave van de samenhangende processen in de o.e.r. en omgevingsvisie Vijfheerenlanden.
Er wordt in de omgevingsvisie nog geen concrete keuze gemaakt over voorkeurslocaties en ook op andere thema’s is er geen sprake van een duidelijk voorkeursalternatief. Dit betekent enerzijds dat er nog concretisering van de omgevingsvisie nodig is. Anderzijds is het niet zinvol bevonden om op dit moment een nader uitgewerkt voorkeursalternatief te beoordelen. Met de beoordeling van de voorgenomen aanpak van de verschillende opgaven en van zoekgebieden sluit het OER aan bij de omgevingsvisie en het daarin gekozen abstractieniveau. Bij verdere uitwerking kan uiteraard voortgebouwd worden op de reeds verzamelde informatie. Het OER bestaat uit achtereenvolgens 1) een beschrijving en beoordeling van de staat van de fysieke leefomgeving, inclusief de referentiesituatie, 2) een beschrijving en beoordeling van de gevolgen van het voorgenomen beleid ten opzichte van de referentiesituatie, 3) een synthese van de opgaven, en 4) aanbevelingen voor het vervolg. Staat van de fysieke leefomgeving De staat van de fysieke leefomgeving is in beeld gebracht aan de hand van zes hoofdthema’s, waarbinnen de gehele breedte van omgevingsaspecten is beschreven. De beschouwde aspecten (het beoordelingskader) zijn in onderstaande tabel opgenomen.
blad 4 van 160
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
De beschrijving van de huidige situatie van de leefomgeving uit de gemeenteatlas vormt de basis voor de referentiesituatie. De referentiesituatie is de toekomstige situatie (2040) in de gemeente, zonder het beleid uit de omgevingsvisie. Om de referentiesituatie te schetsen wordt ervan uitgegaan dat het huidige gemeentelijke beleid wordt voortgezet. Daarnaast beïnvloeden trends en ontwikkelingen de leefomgeving van de gemeente Vijfheerenlanden.
Thema Energie en circulariteit
Vitaliteit en inclusiviteit
Economie Mobiliteit
Groen en landschap
Aspecten CO2-uitstoot Energievraag Duurzame energiebronnen Circulariteit (grondstoffengebruik, afval) Woningaanbod Voorzieningen Leefbaarheid Inclusiviteit Sociale cohesie Werkgelegenheid Werklocaties Bereikbaarheid openbaar vervoer Bereikbaarheid langzaam verkeer Autobereikbaarheid Verkeersveiligheid Archeologie Cultuurhistorie Landschap Natuurgebieden Biodiversiteit Groene leefomgeving en kwaliteit openbare ruimte Gezonde leefstijl Geluid Luchtkwaliteit Geur Omgevingsveiligheid Slagschaduw en schittering Bodemkwaliteit Waterkwaliteit Wateroverlast Waterveiligheid Hitte Droogte Bodemdaling
De onderstaande beoordeling van de referentiesituatie geeft een beeld voor welke thema’s er nog grote stappen te zetten Gezondheid en milieu zijn naar de gewenste staat van de leefomgeving. Zo blijkt bijvoorbeeld uit de figuur dat de gemeente voor het thema energie en circulariteit nog grote stappen te zetten heeft, maar dat met het huidige beleid Klimaatadaptatie wel de gewenste beweging wordt gemaakt. Uit de figuur blijkt ook dat er voor het thema klimaatadaptatie grote onzekerheden gelden. Enerzijds wordt er met het huidige beleid ingezet op de gewenste beweging. Anderzijds is de mate waarin het klimaat verandert onzeker, waardoor de situatie richting de toekomst mogelijk verslechtert. Voor de overige thema’s geldt over het algemeen dat er (als gevolg van het huidige beleid) een verbetering van de leefomgeving wordt verwacht.
Beoordeling huidige situatie en referentiesituatie
blad 5 van 160
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
In het OER zijn de effecten van de opgaven voor de omgevingsvisie in beeld gebracht. Hiermee zijn verschillende vraagstukken in relatie tot de ambities en opgaven uitgewerkt en verkend. Een deel van de opgaven en vraagstukken voor de gemeente is kwantitatief en programmatisch, bijvoorbeeld de groei met 3.000-4.000 woningen en daarnaast nog 2.250 woningen voor zogenaamd ‘zachte’ plannen, voldoende arbeidsmogelijkheden en de opwekking van duurzame energie. Andere opgaven zijn juist kwalitatief, zoals de ontwikkeling van vitale kernen, een duurzaam verkeers- en vervoerssysteem, de water- en klimaatopgaven en het versterken van de biodiversiteit. De invulling van de verschillende opgaven zoals deze in de (ontwerp) omgevingsvisie wordt beoogd is beoordeeld op effecten. Er zijn geen alternatieven onderzocht, omdat de omgevingsvisie met name door middel van een uitgebreid participatietraject en het bijeenbrengen van bestaand beleid tot stand is gekomen. Er worden zeer beperkt nieuwe keuzes gemaakt, waardoor het afwegen van alternatieven niet zinvol is bevonden. Voor de opgaven die een nadere invulling vereisen, is wel een alternatievenonderzoek uitgevoerd. Dat geldt voor de woon-, werk- en windlocaties. De keuze voor voorkeurslocaties wordt hiervoor nog niet gemaakt, al zijn voor de opwekking van windenergie inmiddels veel locaties afgewezen door de gemeenteraad.
Beoordeling mogelijke woningbouwlocaties en werklandschappen In de onderstaande figuur zijn de beoordeelde zoekgebieden te zien. In de navolgende tabellen zijn de beoordelingen per locatie opgenomen.
Beoordeelde woningbouwgebieden, werklandschappen en zoekgebieden wind.
blad 6 van 160
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
3
4
5
6
7
9
10
11
12
13
Meerkerk
Kedichem
Leerbroek
Leerdam 8
14
15
16
17
0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+
Energievraag
0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/-
Duurzame energiebronnen
0
Circulariteit
0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+
Woningaanbod
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
Voorzieningen
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
Leefbaarheid
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
Inclusiviteit
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
Sociale cohesie
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
Werkgelegenheid
+
+
+
+
+
+
0/- 0/-
+
+
0/- 0/- 0/- 0/-
+
+
+
Werklocaties
0
0
0/- 0/-
0
0
0
0
0
0/-
0
0
0
0
0
0
0/-
Bereikbaarheid openbaar vervoer
0
+
0/-
+
+
+
-
-
0/+
+
0/- 0/-
-
-
0/+
-
0/+
Bereikbaarheid langzaam verkeer
0
0/+
0
+
0/+ 0/+
0
0
0/+
+
0/+ 0/+
0
0
+
0/+ 0/+
Autobereikbaarheid
++
+
+
+
+
0/- 0/-
+
+
0/+ 0/+ 0/- 0/-
+
0/+
Verkeersveiligheid
0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+
Archeologie
0
0
0
0
0
-
0
0
0
0
0
0
Cultuurhistorie
-
0/-
0
0/- 0/- 0/-
-
0/-
-
-
0
-
0/- 0/- 0/- 0/- 0/-
Landschap
0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/-
Energie en circulariteit
CO2-uitstoot
Vitaliteit en inclusiviteit Economie Mobiliteit Groen en landschap Gezondheid en milieu
2
Everdingen
Aspecten
1
Klimaatadaptatie
Hagestein
Vianen
Thema
Beoordeling zoekgebieden voor woningbouw
0
0
0
0
--
0
+
0/- 0/- 0/- 0/- 0/-
0
0
0
0
0
0
+ 0
Geluid
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
-
0
-
0
0
0
0
0
0
0/-
0
0
Luchtkwaliteit
-
0
-
0/-
0
0
0
0
0
0/-
0
0
0
Geur
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Omgevingsveiligheid 0/-
-
-
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Slagschaduw en schittering
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Bodemkwaliteit
0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0
+
+
-
0/- 0/-
0
-
0/- 0/-
0
0
0
0
-
0/- 0/-
0
0
0
0
0
0
0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/-
Bodemdaling
0
0
0
0
0
0
Droogte
0
0
+
0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/0/- 0/-
0
+ 0
0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/-
0
0
+ 0
Hitte
0
0
+
Waterveiligheid
0
0
+
0
0
0
+
0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/-
0
0
+
Wateroverlast
0
0
+
Waterkwaliteit
0
0
+
0/-
+
0
+
-
0
Gezonde leefstijl
+
-
0
+
+
-
0
Groene en openbare ruimte
+
-
0
-
+
0/- 0/-
0
0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/+
-
0
Biodiversiteit
+
0/- 0/-
0
Natuurgebieden
+
-
0
0
0
0
0
0/- 0/- 0/-
blad 7 van 160
18
19
20
22
23
24
25
26
27
28
29
30
Hei- en Boeicop
Zijderveld
Schoonrewoe rd
Lexmond
21
31
32
33
0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+
Energievraag
0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/-
Duurzame energiebronnen
0
Circulariteit
0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+
Woningaanbod
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
Voorzieningen
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
Leefbaarheid
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
Inclusiviteit
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
Sociale cohesie
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
Werkgelegenheid
+
0
0
0
0
0
0
0
0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/- 0/- 0/- 0/-
Werklocaties
0/-
0
0
0/-
0
0
0/- 0/- 0/-
Bereikbaarheid openbaar vervoer
0
0/+ 0/- 0/- 0/+ 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/-
Bereikbaarheid langzaam verkeer
+
0/+ 0/- 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/- 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/- 0/-
Autobereikbaarheid
+
0/+ 0/+ 0/+ 0/+
Verkeersveiligheid
0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+
Archeologie
0
0
0
0
0
0
0
0
Cultuurhistorie
-
0/- 0/- 0/- 0/-
-
-
0/- 0/- 0/-
Vitaliteit en inclusiviteit
Energie en circulariteit
CO2-uitstoot
Econo mie Mobiliteit Groen en landschap Gezondheid en milieu Klimaatadaptatie
Ameide
Aspecten
Nieuwland
Thema
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
0
0
0
+
0
+
0
+
0
+
0
+
0
0/-
+
0
0
+
0
0
++
0
0
0
0
0
0
++ 0/+ 0/+ 0
0
0
-
-
0/- 0/-
-
-
Landschap
0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/-
0/-
0/- 0/- 0/- 0/-
Natuurgebieden
0/-
Biodiversiteit
0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/-
Groene en openbare ruimte
+
0/- 0/- 0/-
+
+
+
-
0
0
0
+
0
0
0
-
0
0
0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/-
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
Gezonde leefstijl
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
Geluid
0
0
0
0
0
0/-
-
-
0/- 0/- 0/- 0/-
-
-
0
0
Luchtkwaliteit
0
0
0
0
0
0/-
0
0
0
0
0
0
0/- 0/-
0
0
Geur
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Omgevingsveiligheid
0
0/-
0
0
0
0
0
0
0/-
0
0/-
0
0/-
0
0
0
Slagschaduw en schittering
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Bodemkwaliteit
0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+ 0/+
Waterkwaliteit
0
Wateroverlast
0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/-
0
Waterveiligheid
0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/-
Hitte
0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/-
Droogte
0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/- 0/-
Bodemdaling
0/-
0
0
0
0
0
0/- 0/- 0/- 0/-
0
0
0
0
0
0
0
0/-
0
0
0
0
0
0
0
0/- 0/- 0/- 0/- 0/-
blad 8 van 160
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
Beoordeling gebieden voor werklandschappen.
Thema
Aspecten
Vianen 1 2 0/0/0/0/0 0/+ 0/+
3 0/0/0 0/+
Meerkerk 4 5 0/0/0/0/0 0 0/+ 0/+
Leerdam 6 0/0/0 0/+
Lexmond 7 0/0/0 0/+
Energie en circulariteit
CO2-uitstoot Energievraag Duurzame energiebronnen Circulariteit (grondstoffengebruik, afval)
Economie
Werkgelegenheid Werklocaties Bereikbaarheid openbaar vervoer Bereikbaarheid langzaam verkeer Autobereikbaarheid Verkeersveiligheid Archeologie Cultuurhistorie Landschap Natuurgebieden Biodiversiteit Groene leefomgeving en kwaliteit openbare ruimte
+ + 0/-
+ + -
+ + 0/-
+ + 0/-
+ + -
+ + 0/-
+ + 0/-
+
0/-
+
++
++
+
+
++ 0/0 0 0/0/0/+
0 0/0 0/0/0/+
0/+ 0/0 0/0/+
++ 0/0 0 0/0/0/+
++ 0/0 0 0/0/+
+ 0/0 0/-0/+
+ 0/0 0/0/0/0/+
Gezonde leefstijl Geluid Luchtkwaliteit Geur Omgevingsveiligheid Slagschaduw en schittering Bodemkwaliteit Waterkwaliteit Wateroverlast Waterveiligheid Hitte Droogte Bodemdaling
+ 0/0/0 0/0 0/+ 0 0/0/0/0/0
+ 0/0/0 0/0 0/+ 0 0/0/0/0/0
+ 0/0/0 0/0 0/+ 0 0/0/0/0/0/-
+ 0/0/0 0/0 0/+ 0 0/0/0/0/0/-
+ 0/0/0 0/0 0/+ 0 0/0/0/0/0/-
+ 0/0/0 0 0 0/+ 0 0/0/0/0/0/-
+ 0/0/0 0 0 0/+ 0 0/0/0/0/0/-
Mobiliteit
Groen en landschap
Gezondheid en milieu
Klimaatadaptatie
De windlocaties zijn niet op dit detailniveau van plussen en minnen voorzien. In het locatieonderzoek wind zijn alle locaties uitgebreid beschouwd en afgewogen. De locaties die niet zijn afgewezen door de gemeenteraad zijn van een beoordeling per thema voorzien, zoals in onderstaande dashboard samengevat.
blad 9 van 160
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
Beoordeling opgaven De beleidsinzet voor de verschillende opgaven is ook beoordeeld aan de hand van het beoordelingskader. Vanwege de grote rol die uitwerking van de visie in plannen en projecten heeft in de uiteindelijke impact, is de samenvattende beoordeling geen absolute waarheid, maar heeft deze het karakter van een kansen- en risicoanalyse. Bij het bepalen van een beoordelingsscore wordt geaccepteerd dat verschillende effecten worden gereduceerd tot één samenvattende beoordeling. Licht positieve effecten op het ene aspect kunnen daarbij wegvallen tegen negatieve effecten op een ander aspect. Deze werkwijze kent daarom nadelen, maar is gekozen omdat hiermee de beslisinformatie op verschillende abstractieniveaus voor verschillende lezers en gebruikers beschikbaar wordt. Met de bovenstaande tabel kan bij de concretisering van keuzes snel worden bepaald of een thema meer of minder aandacht vraagt.
blad 10 van 160
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
Synthese opgaven Opgaven wonen, werken en energie meest bepalend De meest bepalende opgaven voor de fysieke omgeving zijn wonen, werken en de energietransitie. Dit is niet verrassend, aangezien deze tot de meeste omgevingseffecten leiden op vrijwel alle 7 thema’s uit het beoordelingskader. Deze keuzes hebben een grote ruimtelijke impact, zowel op het niveau van de gemeente (via de gevolgen voor ruimtegebruik en landschap) als voor wonen en werken ook op het niveau van de wijk en de openbare ruimte en voor de energietransitie op het landelijk gebied. De opgaven mobiliteit en duurzame energie zijn nauw verbonden met de keuzes voor wonen en werken. Onderstaande overzichtskaart geeft de ligging van de beoordeelde woningbouwgebieden en werklandschappen en van de zoeklocaties voor wind weer. De maatregelen uit de overige opgaven zijn niet weergeven op de kaart, omdat deze niet dermate grootschalig of locatiespecifiek zijn. Woongebied 10 uit opgave 1 overlapt met het gebied voor werklandschappen 6 uit opgave 2. De figuur laat ook zien dat sommige beoordeelde woningbouwgebieden grenzen aan beoordeelde werklandschappen. Dit kan synergievoordelen geven: directe nabijheid van werkgelegenheid voor de nieuwe bewoners, met daardoor beperkte mobiliteitseffecten. Er zijn nog geen concrete keuzes over locaties voor wonen en werken gemaakt.
Daardoor is het niet te zeggen in hoeverre daadwerkelijk synergie of hinder tussen functies gaat optreden. Er wordt aanbevolen locatiekeuzes voor wonen en werken af te (blijven) wegen op gemeentelijk en regionaal niveau. Hiermee kan optimaal invulling gegeven worden aan de gemeentelijke en provinciale ambities, bijvoorbeeld op het gebied van gezondheid en bereikbaarheid. Dit draagt bij aan een evenwichtige toedeling van functies. Voor de gekozen ontwikkellocaties vormt de informatie in dit OER een kader voor verdere uitwerking. Voor wind wordt een groot deel van de locaties uitgesloten. Voor de resterende zoeklocaties (10, 12 en 14) is het volgende te benoemen: • Aanbevolen wordt om tussen nieuwe woningbouwgebieden en zoekgebieden voor windturbines een afstand van 1.200 - 1.500 meter te hanteren, om relevante effecten (met name vanwege geluidhinder) te voorkomen. • Zoekgebieden wind 10 en 14 liggen op circa 1.200 meter van respectievelijk Everdingen en Zijderveld. Wanneer hier windturbines worden gerealiseerd worden woonlocaties 7 en 30 wellicht minder wenselijk. Omdat eventuele windturbines waarschijnlijk nabij de snelweg A2 worden gerealiseerd, zal de afstand tot woongebieden echter groter dan 1.200 meter blijven. Dit is echter wel een aandachtspunt voor de nadere planuitwerking. • Zoekgebied wind 12 en werklandschap 2 overlappen elkaar.
Nabij de bestaande windturbines is mogelijk ruimte voor bedrijvigheid, maar met een extra windturbine wordt de inpassingsopgave bemoeilijkt. Dat geldt voor alle toekomstige functies in dit gebied, dat vanwege de geïsoleerde ligging ook slecht bereikbaar is. Het risico is dat de realisatie van een extra windturbine de mogelijkheden voor andere functies in dit gebied verder beperkt. Daarom wordt aanbevolen bij de project-m.e.r. voor deze locatie te onderzoeken welke functies hier op de lange termijn een plek zouden kunnen krijgen. Dan is terug te redeneren welke eisen dit stelt aan de locatie voor een extra windturbine en andere infrastructuur. • Woongebieden 3 en 4 liggen deels binnen 1200 meter van de drie bestaande windturbines (gelegen tussen de A27 en A2). De ontwikkeling van woningbouw is hierdoor minder wenselijk in een deel van de zoeklocaties 3 en 4.
blad 11 van 160
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
Opgave 1 en 2: Kansrijkheid van woongebieden en werklandschappen met name bepaald door wijze van uitwerking Alle onderzochte woongebieden en werklandschappen liggen in de door de provincie aangeduide kernrandzones rondom de kernen, maar buiten beschermde gebieden (Natura 2000-gebieden, NNN-gebieden, Groene Contour, weidevogelkerngebieden en stiltegebieden). Van sommige gebieden is al aan te duiden dat deze minder kansrijk zijn dan andere gebieden, o.a. vanwege een slechtere bereikbaarheid, hogere geluidhinder (bijvoorbeeld nabij snelwegen), hogere cultuurhistorische waarden en met een grotere verwachte bodemdaling. Niettemin, de kansrijkheid wordt met name bepaald door de wijze waarop de gebieden worden uitgewerkt qua invulling, zoals de cultuurlandschappelijke inpassing en de inrichting van het gebied met ruimte voor klimaatadaptatie, groen en spelen, bewegen en ontmoeten. Voor de woongebieden en werklandschappen gelden dan ook spelregels voor de uitwerking waaraan ze moeten voldoen, wil het mogelijk zijn op deze locatie te ontwikkelen. Opgave 3: Mobiliteitstransitie Bij die gebiedsuitwerkingen van de woon- en werkopgave is de mobiliteitsopgave uitstekend in te passen. Nieuwe woongebieden en werklandschappen bieden kansen om de mobiliteitstransitie, gericht op meer fiets- en OVgebruik en minder autogebruik, in het ontwerp goed te integreren.
Door op de strategische locaties bij Vianen en Meerkerk mobiliteitshubs te realiseren wordt gestimuleerd het OV naar andere gebieden nog meer te gebruiken. Opgave 4: Energietransitie Voor alle nieuwbouw, zowel woningbouw als utiliteitsbouw (waaronder bedrijvigheid, kantoren en voorzieningen), geldt dat deze moeten voldoen aan de eisen voor Bijna Energie neutrale Gebouwen (BENG). Daarnaast is er een ambitie voor Energie neutrale Gebouwen (ENG). Door deze eisen wordt bij nieuwbouw de energietransitie bewerkstelligd. Voor de bestaande bouw wordt dit een grotere uitdaging. Bovendien is het de vraag of de voorziene energiebronnen voldoende duurzame elektriciteit leveren. De regio U16, bestaande uit de 16 gemeenten, werkt samen met inwoners, ondernemers en andere betrokken organisaties verder aan de uitwerking van de Regionale Energie Strategie (RES). Concreet voor de gemeente Vijfheerenlanden gaat het om de keuze in windlocaties (zie opgave 5), de mogelijkheden voor zonne-energie op daken en mogelijk in (kleinschalige) zonneparken, en ook de mogelijkheden voor warmtelevering. Hiervoor lopen momenteel onderzoeken. Opgave 5: Wind Vanwege het beperken van de omgevingsimpact ligt het voor de hand om windenergie te concentreren. De omgevingseffecten van een enkele lijnopstelling van drie of vier turbines zijn kleiner dan die van twee of drie opstellingen van één of twee turbines.
Dit kan bijvoorbeeld worden afgeleid uit de berekende geluidcontouren voor de lijnopstellingen. Gezien het vermogen van de (zeer) kleine turbines kan worden geconstateerd dat om aan de gemeentelijk opgave te kunnen voldoen een zeer groot aantal turbines moet worden gerealiseerd. Dit lijkt ruimtelijk een weinig realistische optie. Voor de energieopbrengst zijn zeer grote turbines te verkiezen boven minder grote turbines omdat de (gemiddelde) windsnelheid op grotere hoogte groter is dan dichter bij het maaiveld en de energieopbrengst zich tot de derde macht verhoudt tot de windsnelheid. Voor de kans op geluidhinder is het verschil gering (zoals ook blijkt uit de berekende geluidcontouren), maar de landschappelijke impact is groter. Opgave 6: Voorbereiden op transitie van het landelijk gebied Keuzes in het stedelijk gebied en landelijk gebied zijn met elkaar verbonden via de energietransitie en de mate van verdichting en bouwhoogte: de ruimte die niet in de dorpen en kernen beschikbaar is voor de extra woningen en werklandschappen, moet daarbuiten gevonden worden. Aanbevolen wordt de eerste stappen te zetten richting een transitievisie voor het buitengebied, omdat niet alleen de energietransitie hier een rol speelt, maar ook de toekomst van de landbouw (transitie naar kringlooplandbouw), de klimaatadaptatie en de achteruitgang van natuurwaarden aandacht vragen.
Meekoppelkansen • Extra woningen bieden draagvlak voor bestaande en nieuwe voorzieningen. • Nabijheid van wonen en werken is in het kader van mobiliteit van belang: beperken woon-werkafstand. • Kansen voor mobiliteitstransitie bij nieuwe woon- en werklocaties (OV, fiets/lopen, hubs), meer mogelijkheden en meer gebruik/draagvlak. • Eventueel noodzakelijk grote infrastructurele ingrepen (bijvoorbeeld randweg bij Lexmond en/of Nieuwland) combineren met nieuwe woongebieden en werklandschappen.
blad 12 van 160
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
• • •
Hoogbouw nabij de grotere kernen beperken het ruimtebeslag voor de opgave wonen en werken. Met een gebiedsgerichte aanpak van opgaven in het landelijk gebied (bodem, water, biodiversiteit, stikstofdepositie, landbouw, landschap) kunnen verschillende maatregelen elkaar versterken. Integrale aanpak van opgaven in stedelijk en landelijk gebied (energietransitie, klimaatadaptatie, biodiversiteit, recreatie, kringlooplandbouw).
Risico’s • Ontwikkelingen in het landelijk gebied die niet aansluiten bij de bodem- en waterstructuur kunnen leiden tot risico’s voor klimaatadaptatie. • Toename verkeer en mogelijke verkeersknelpunten van woon- en werklocaties ondanks mobiliteitstransitie. • Voor diverse zoekgebieden voor woningbouw zijn er aandachtspunten met betrekking tot gezondheid en omgevingsveiligheid en behoud van het aanwezige waardevolle landchap. • Zolang er geen keuzes worden gemaakt over waar ontwikkelingen plaatsvinden, heeft de gemeente minder regie op het behalen van de integrale ambities. Aanbevelingen voor het vervolg De Omgevingsvisie Vijfheerenlanden bevat een kader voor ontwikkelingen dat bestaat uit onder andere de belangrijke waarden en een toekomstbeeld. Als afwegingskader voor nieuwe ontwikkelingen is het bruikbaar. De visie bevat ook concrete doelstellingen waar de gemeente op in zet. Hiermee ontstaat ook een helder kader voor de inzet van de gemeente: • We bouwen woningen naar behoefte. • We versterken en behouden onze landschappelijke en cultuurhistorische waarden. • We zorgen voor duurzame werkgelegenheid. • We zetten in op duurzame bereikbaarheid. • We zetten in op een toekomstbestendige landbouw. • De recreatie in de gemeente past bij onze identiteit. • Er zijn voldoende, toegankelijke en bereikbare voorzieningen.
• We realiseren een leefomgeving die positieve gezondheid stimuleert. • We waarborgen een gezonde en veilige leefomgeving. • We zijn een klimaatbestendige gemeente en we vergroten de biodiversiteit. • We zetten in op een duurzame, energie- en klimaat neutrale inrichting. In de omgevingsvisie is geen concrete uitwerking opgenomen van de maatregelen die getroffen gaan worden en de locaties waar ontwikkelingen beoogd zijn. Wel zijn randvoorwaarden opgenomen, zoals: ‘bodem en water zijn randvoorwaardelijk voor locatiekeuzes’. Met de omgevingsvisie heeft de gemeente dan ook een integrale basis om te werken aan de grote opgaven, die gedefinieerd en onderzocht zijn. Er is geen concreet voorkeursalternatief te benoemen, waarvan het zinvol is om een volledige effectbeoordeling uit te voeren. Daarvoor zijn de uitspraken in de omgevingsvisie onvoldoende concreet. De beoordeling zou in hoofdlijnen neer komen op: de beleidsintentie is goed en de daadwerkelijke effecten zijn afhankelijk van de uitwerking. De opgaven hinderen elkaar niet bijzonder, zolang bij locatiekeuzes integraal gekeken wordt. Dit leidt tot de aanbeveling om de omgevingsvisie verder uit te werken in (bijvoorbeeld) programma’s met concretere keuzes op samenhangende thema’s. Voor de afweging van deze keuzes kan dit OER als basis dienen.
Dit kan worden aangevuld met een beoordeling op een hoger detailniveau, gericht op de per programma te maken keuzes, en een analyse van de samenhang tussen thema’s op het niveau van de omgevingsvisie. Zo ontstaat een geheel van omgevingsvisie als paraplu, met uitwerkingen op een concreter niveau, welke zo nodig vertaald worden in het omgevingsplan. Ook in de doelstellingen en ambities van de gemeente Vijfheerenlanden is er nog een slag te slaan door deze (op onderdelen) concreter te maken. Dit kan in de hiervoor benoemde programma’s of in het omgevingsplan. Daarnaast kan dit wanneer de omgevingsvisie gedurende de looptijd van 15 jaar een aantal keer wordt geactualiseerd (wanneer daartoe aanleiding is). Door de doelstellingen toetsbaar te maken, wordt het ook beter mogelijk om te monitoren of de staat van de leefomgeving de goede kant op gaat. Monitoring vormt dan ook een aandachtspunt bij de uitwerking van de omgevingsvisie en is aan te bevelen waar risico’s en onzekerheden spelen.
blad 13 van 160
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
1
Inleiding
1.1
Aanleiding De Omgevingswet zal naar verwachting op 1 januari 2024 in werking treden. De omgevingsvisie is één van de kerninstrumenten binnen de Omgevingswet. De omgevingsvisie is een strategisch instrument en bevat de visie en het langetermijnbeleid van de gemeente over de maatschappelijke opgaven binnen de fysieke leefomgeving. De gemeente Vijfheerenlanden (zie Figuur 1.1) is gestart met het opstellen van de omgevingsvisie. In de komende vijftien - twintig jaar staat de gemeente Vijfheerenlanden voor een aantal belangrijke en complexe opgaven die zij wil realiseren binnen het gemeentelijk grondgebied. Deze opgaven worden gevormd door mondiale ontwikkelingen zoals klimaatverandering en landelijke ontwikkelingen zoals het grote tekort aan woningen en de vele aspecten die hiermee samenhangen. Daarnaast zijn er ook ontwikkelingen op regionaal en gemeentelijk niveau. Een belangrijk onderdeel is de opgave met betrekking tot de energietransitie en meer specifiek de doorwerking van de afspraken die in de Regionale Energie Strategie (RES 1.0 U16) zijn gemaakt voor het opwekken van duurzame elektriciteit.
Figuur 1.1: Ligging van de gemeente Vijfheerenlanden.
De Omgevingsvisie Vijfheerenlanden stelt kaders aan toekomstige ontwikkelingen die gevolgen kunnen hebben voor het milieu. De gemeente doorloopt de procedure van de milieueffectrapportage 1 om het milieubelang volwaardig en vroegtijdig te betrekken bij de totstandkoming van de omgevingsvisie. De omgevingseffecten van de beleidsopgaven en mogelijke strategieën voor deze visie worden integraal in beeld gebracht. Het resultaat van deze procedure is een Milieueffectrapport (MER). Omdat het gaat om een MER over de gehele fysieke leefomgeving wordt dit een Omgevingseffectrapport (OER) genoemd. In een OER wordt niet alleen ingegaan op de ‘klassieke’ milieuthema’s (zoals verkeer en geluid), maar bijvoorbeeld ook op gezondheid en energie. Onderliggend document is het rapport waarin de uitkomsten van de procedure samen komen. Met behulp van het OER wordt uiteindelijk één strategie gekozen die in de omgevingsvisie wordt vastgelegd.
1
Het is gebruikelijk de afkortingen (de) m.e.r. en (het) MER te gebruiken. De afkorting m.e.r. met kleine letters en puntjes ertussen staat voor de volledige procedure, de milieueffectrapportage. MER met hoofdletters, zonder puntjes staat voor het milieueffectrapport, het rapport dat hierbij opgesteld wordt. In deze m.e.r.-procedure bij de omgevingsvisie Vijfheerenlanden wordt gesproken over een o.e.r. (de procedure van de omgevingseffectrapportage) en een OER (het omgevingseffectrapport). Aan het begin van dit rapport is dit in de gebruikte afkortingen en begrippen ook toegelicht.
blad 14 van 160
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
1.2
Het proces van de omgevingsvisie In het Plan van aanpak omgevingsvisie Vijfheerenlanden (vastgesteld door het College B&W op 16 juni 2020) is beschreven welke stappen worden doorlopen om tot de omgevingsvisie te komen. Dit betreffen: 1. Analyse beleid fysieke leefomgeving; 2. De kwaliteit van de fysieke leefomgeving; 3. Uit stappen 1 en 2 volgen de hoofdlijnen ambities en ontwikkelingen (vijf opgaven), weergegeven in de bouwstenennotitie d.d. 8 juli 2021; 4. College en raad informeren en betrekken; 5. Participatie vormgeven en uitvoeren milieueffectrapportage (hier aangeduid als o.e.r.); 6. Opgaven prioriteren en toekomstagenda bepalen; 7. Omgevingsvisie vaststellen.
Figuur 1.2: Het proces richting de omgevingsvisie (bron: bouwstenennotitie, geactualiseerd in 2021).
Beleidsanalyse Stap 1 betreft een analyse van het lokale, regionale en provinciale beleid. Hierbij zijn ook de beleidsstukken meegenomen die op dat moment nog in ontwikkeling waren. Daarnaast zijn het Integraal Ruimtelijk Perspectief U10 (IRP), de RES 1.0 U16 en de Provinciale omgevingsvisie (POVI) belangrijke kaders voor de omgevingsvisie. Het gemeentebeleid is veelal nog sectoraal van aard, waar de omgevingsvisie een integrale benadering zoekt. Gemeenteatlas en bouwstenennotitie De tweede stap is de analyse van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving. De informatie over het huidige beleid en de huidige staat van de leefomgeving is vertaald naar de gemeenteatlas. De bouwstenennotitie is vastgesteld door de gemeenteraad (op 8 juli 2021). In de notitie zijn de bouwstenen en uitgangspunten van de omgevingsvisie beschreven, vertaald in vijf opgaven (zie hoofdstuk 3). Deze bouwstenen geven dus richting aan de op te stellen omgevingsvisie. Participatie Participatie is een belangrijk onderdeel van de Omgevingswet. De Omgevingswet eist dat de omgevingsvisie onderwerp van participatie is en dat de gemeente ook verslag doet van de manier waarop de inbreng uit de participatie wordt verwerkt in de (ontwerp) omgevingsvisie. In het kader van de omgevingsvisie heeft de gemeente Vijfheerenlanden een communicatie- en participatietraject uitgevoerd.
Dit proces en de resultaten zijn beschreven in het participatieverslag omgevingsvisie (vastgesteld op 23 maart 2022). De resultaten van dit traject zijn verwerkt in dit OER. Uitvoeren omgevingseffectrapportage (OER) De procedure voor de milieueffectrapportage (m.e.r.) wordt doorlopen. In de volgende paragraaf is beschreven wat deze procedure inhoudt. Het opstellen van het OER loopt parallel aan het opstellen van de omgevingsvisie. De ontwerp-omgevingsvisie en het OER komen gezamenlijk ter inzage te liggen. In het OER worden aanbevelingen gegeven om de ambities en doelstellingen uit de omgevingsvisie concreter te maken. Hierdoor ontstaat inzicht in de haalbaarheid van de visie en de kansen en risico’s die de visie met zich
blad 15 van 160
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
meebrengt. Doordat het OER en de omgevingsvisie gelijktijdig worden opgesteld kunnen de inzichten uit het OER tijdig worden verwerkt in de omgevingsvisie. Opgaven prioriteren en toekomstagenda bepalen en vaststellen omgevingsvisie Gelijktijdig met het opstellen van het OER worden opgaven geprioriteerd, met behulp van de resultaten van de participatie en de (tussen)resultaten van het OER. De geprioriteerde opgaven, uitgewerkt in een toekomstagenda, maken onderdeel uit van de ontwerp-omgevingsvisie. De uiteindelijke beleidskeuzes worden afgestemd met de gemeenteraad voordat deze worden vastgelegd in de ontwerp-omgevingsvisie. De ontwerp-omgevingsvisie wordt met het OER ter inzage gelegd. Op basis van de terinzagelegging vindt een finetuning van de omgevingsvisie plaats, waarna deze wordt voorgelegd aan de gemeenteraad voor vaststelling.
1.3
Een OER bij de Omgevingsvisie Wat is een milieu- of omgevingseffectrapport? Een milieueffectrapport laat de milieugevolgen van een plan of project zien, in dit geval van de omgevingsvisie Vijfheerenlanden. Een omgevingseffectrapport (OER) geeft een ruimere invulling aan het milieueffectrapport, door meerdere onderwerpen die ruimtelijk relevant zijn, mee te wegen. Het gaat dus niet alleen om onderzoek naar de traditionele milieueffecten (verkeer, geluid, water, natuur, landschap, etc.), maar ook onderzoek naar effecten op thema’s als leefbaarheid, inclusiviteit, werkgelegenheid, gezonde leefstijl en circulariteit. In de omgevingsvisie Vijfheerenlanden worden de ruimtelijke ontwikkelingen opgenomen voor de komende vijftien-twintig jaar. Ook worden ambities opgenomen voor de fysieke leefomgeving over gezondheid, duurzaamheid en veiligheid. Het OER laat zien of er voor alle ontwikkelingen en ambities voldoende ruimte is en toont op hoofdlijnen wat de milieueffecten zijn. Ook wordt inzicht gegeven in strijdigheid tussen doelen en ambities. In het OER wordt onderzocht of hetzelfde doel ook bereikt kan worden met minder milieueffecten, door een objectieve analyse van meerdere beleidsopties.
Waarom een OER? In de Wet milieubeheer is vastgelegd dat kaderstellende plannen voor (mogelijk) m.e.r.-plichtige activiteiten de procedure van de milieueffectrapportage (m.e.r.) doorlopen moet worden. Het doel van de m.e.r. is het milieubelang volwaardig en vroegtijdig in de plan- en besluitvorming mee te nemen. De omgevingsvisie is kaderstellend voor m.e.r.-(beoordelings)plichtige activiteiten, zoals stedelijke ontwikkelingsprojecten. Er is daarom sprake van een plan-m.e.r.-plicht voor de omgevingsvisie. Daarnaast kan op voorhand niet worden uitgesloten dat de ontwikkelingen binnen de omgevingsvisie (bijvoorbeeld door stikstofdepositie of recreatiedruk) niet tot significante gevolgen leiden voor Natura 2000-gebieden. Hierdoor is een passende beoordeling nodig. Daarom is ook sprake van een plan-m.e.r.-plicht voor de omgevingsvisie. Voor de omgevingsvisie Vijfheerenlanden wordt gekozen voor het opstellen van een omgevingseffectrapport om aan de m.e.r.-plicht te voldoen. In het OER worden de gevolgen van keuzes voor de gehele fysieke leefomgeving onderzocht, in plaats van enkel de gevolgen voor het milieu. Dit sluit beter aan bij de reikwijdte van de omgevingsvisie. Er wordt daarom gesproken over een o.e.r.-procedure in plaats van een m.e.r.-procedure. Wisselwerking tussen omgevingsvisie en OER De omgevingsvisie en het OER worden gelijktijdig opgesteld.
De vraagstukken, opgaven en keuzes uit de omgevingsvisie en de beoordelingen uit het OER worden op verschillende momenten in het proces met elkaar uitgewisseld (zie Figuur 1.3). Daarmee is het OER geen toets achteraf, maar wordt het omgevingsbelang vroegtijdig en volwaardig in het besluitvormingsproces meegenomen. Tijdens het proces levert het OER informatie over de mogelijke effecten - die kunnen positief of negatief zijn – van het voorgenomen beleid en de alternatieven (in beleidsopties) die daarbij in beeld zijn. Hierdoor draagt het OER bij aan het aanscherpen van het beleid en geeft informatie ten behoeve van het maken van keuzes.
blad 16 van 160
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
Figuur 1.3: De wisselwerking tussen de omgevingsvisie en de o.e.r.
Plan-m.e.r.-onderzoek naar windlocaties koppelen aan het OER bij Omgevingsvisie De raad van de gemeente Vijfheerenlanden heeft op 30 september 2021 besloten dat de zoekgebieden voor windenergie uit de Regionale Energie Strategie (RES), zowel de kansrijke en minder kansrijke, nader worden onderzocht in een plan-m.e.r. Omdat energie ook één van de opgaves is voor de omgevingsvisies en omdat de (mogelijke) keuze van locaties voor windenergie impact kan hebben op de leefomgeving en ruimtelijk relevant is, wordt het plan-m.e.r. voor de windlocaties in samenhang uitgevoerd met het OER voor de omgevingsvisie. In dit OER bij de omgevingsvisie is daarom verdiepend onderzoek gedaan naar de veertien mogelijke locaties voor het opwekken van energie uit wind. De aanpak die hierbij wordt gevolgd is beschreven in hoofdstuk 4. Dit OER-onderzoek wordt dus gedaan voor het voorgenomen beleid van de omgevingsvisie, waar het thema energie onderdeel van is. In verband met de vastgestelde RES 1.0 U16 is specifiek voor de veertien mogelijke locaties voor windenergie verdiepend onderzoek uitgevoerd.
1.4
Publicatie en inspraak De m.e.r. kent de volgende procedurestappen, deze gelden ook voor dit OER:
Figuur 1.4: Procedurestappen
Openbare kennisgeving en terinzagelegging Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) Bij de start van de o.e.r.-procedure heeft inspraak plaatsgevonden en zijn adviezen ingewonnen. De NRD is na vrijgave door het College B&W ter inzage gelegd van 13 januari tot 24 februari 2022 (zes weken). Gedurende
blad 17 van 160
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
deze periode is iedereen in de gelegenheid gesteld een reactie te geven op de voorgenomen reikwijdte en detailniveau van het OER. Ook is op basis van de NRD een advies gevraagd aan de overlegpartners van de gemeente, zoals buurgemeenten en het waterschap. Naar aanleiding van de binnengekomen zienswijzen en adviezen is de aanpak van het OER op twee punten gewijzigd. Dit betreffen: • De aanpak van de alternatieven. In de NRD is beschreven dat een sober en een ontwikkelalternatief worden onderzocht. Deze aanpak is gewijzigd, waarbij per opgave onderzoeksvragen en alternatieven zijn geformuleerd; • Er is een indicatieve geluidsberekening toegevoegd aan het windonderzoek om de geluidseffecten van windturbines in beeld te brengen. Terinzagelegging OER bij ontwerp-omgevingsvisie De reacties en adviezen worden gebruikt bij het opstellen van het OER. Het OER wordt als bijlage bij de ontwerpomgevingsvisie na vrijgave door het College B&W ter inzage gelegd. Opnieuw kan iedereen die dat wil tijdens deze terinzagelegging een reactie geven. De partijen die benaderd zijn voor een reactie op de NRD worden ook benaderd om een reactie te geven op de ontwerp-omgevingsvisie en het OER. Daarnaast geeft in deze fase de Commissie voor de milieueffectrapportage een toetsingsadvies over het OER. Hiermee wordt de o.e.r.-procedure afgerond.
Vaststelling omgevingsvisie De resultaten van de terinzagelegging worden door de gemeenteraad bij de vaststelling van de omgevingsvisie betrokken.
1.5
Leeswijzer Het rapport is als volgt opgebouwd: ▪ Hoofdstuk 2 geeft een korte kenschets van de gemeente waarin o.a. de ligging en de historie van de gemeente aan de orde komen; ▪ Hoofdstuk 3 bevat een overzicht van de ruimtelijke (beleids)kaders en de te onderzoeken opgaven en alternatieven voor de fysieke leefomgeving; ▪ In hoofdstuk 4 is een toelichting op de onderzoeksaanpak van de opgaven en alternatieven weergegeven en uiteindelijk het voorkeursalternatief dat wordt vastgelegd in de omgevingsvisie; ▪ Hoofdstuk 5 kenschetst de fysieke leefomgeving in de huidige situatie en de referentiesituatie (2030-2040), aangeduid als de leefomgevingsfoto; ▪ Hoofdstuk 6 bevat de effectanalyse van de opgaven en alternatieven en een interferentie tussen de opgaven onderling; ▪ Hoofdstuk 7 gaat in op de aanbevelingen en een doorkijk naar het vervolg na het OER.
blad 18 van 160
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
2
Kenschets van de gemeente Dit hoofdstuk bevat een korte kenschets van de gemeente. O.a. wordt ingegaan op de ligging en de historische ontwikkeling van de gemeente Vijfheerenlanden
2.1
De gemeente Vijfheerenlanden Ligging binnen provincie en de regio De gemeente Vijfheerenlanden ligt in de provincie Utrecht en maakt deel uit van de regio’s U10/U16 (zie onderstaand figuur) en A5H (Alblasserwaard-Vijfheerenlanden). De U16 bestaat uit de volgende 16 gemeenten: Bunnik, De Bilt, De Ronde Venen, Houten, IJsselstein, Lopik, Montfoort, Nieuwegein, Oudewater, Stichtse Vecht, Utrecht, Utrechtse Heuvelrug, Vijfheerenlanden, Wijk bij Duurstede, Woerden en Zeist. Binnen de regio U16 wordt regionaal samengewerkt in het kader van bijvoorbeeld de regionale energiestrategie (RES) en is een gezamenlijke ontwikkelrichting tot 2040 uitgewerkt, het Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP). De regio A5H is een werkregio van de DPRA (DeltaPlan Ruimtelijk Adaptatie) en bestaat uit de gemeenten Molenlanden, Alblasserdam, Papendrecht, Sliedrecht, Hardinxveld-Giessendam, Gorinchem, Vijfheerenlanden, provincie Utrecht, provincie Zuid-Holland en waterschap Rivierenland. Binnen dit regio verband wordt samengewerkt aan de klimaatatlas kaarten, Regionale Adaptatie strategie (RAS) en de uitvoeringsagenda voor het aanvragen van de impulsgelden.
Figuur 2.1 De ligging van de gemeente Vijfheerenlanden in de provincie Utrecht en de regio U10/U16.
blad 19 van 160
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
Figuur 2.2 gemeenten binnen de regio A5H
Gemeentegrenzen en aantal inwoners De gemeente Vijfheerenlanden, ligt tussen de rivieren de Lek en de Linge. In het westen wordt gemeente begrensd door de Kaaiwetering en in het oosten door de Diefdijk. Met een oppervlakte van 153 km² is Vijfheerenlanden in oppervlak de grootste gemeente van de provincie Utrecht. Rivier de Lek
Vianen
Oude Zederik
Merwedekanaal
Ameide
Rijksweg A2 Kaaiwetering
Diefdijk
Meerkerk
Leerdam
Rijksweg A27
Rivier de Linge Spoorlijn DordrechtGeldermalsen
Figuur 2.3: Toponiemen Vijfheerenlanden (bron ondergrond: gemeente Vijfheerenlanden).
blad 20 van 160
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
De gemeente Vijfheerenlanden bestaat sinds 1 januari 2019. Het is een samenvoeging van de voormalige gemeenten Leerdam, Vianen en Zederik. De naam komt van het streek- en polderlandschap ‘Vijfheerenlanden’. De oorsprong van deze naam is te vinden in de acties van vijf heren: Van Arkel, Ter Leede, Hagestein, Everdingen en Vianen. Deze heren namen in 1284 samen maatregelen tegen de wateroverlast uit de Gelderse Betuwe door de aanleg van de Diefdijk. De Vijfheerenlanden heeft 57.829 inwoners (CBS, 2021) en kent twee historische steden , veertien dorpen en vele buurtschappen. Deze hebben een rijke en lange geschiedenis. Ameide is de kleinste stad van de gemeente en kreeg in 1277 stadsrechten. Vianen volgde in 1336 en Leerdam kreeg deze rechten in 1382. Vianen en Leerdam vormen de grootste kernen van de gemeente.
Figuur 2.4: Impressies twee grootste kernen Vianen en Leerdam (bron: gemeente Vijfheerenlanden).
Geomorfologie, historische ontwikkeling en landschap De gemeente Vijfheerenlanden was zo’n 1000 jaar geleden een wildernis van moerasbos op een dik veenpakket. Deze wildernis is rond het jaar 1200 omdijkt en tussen 1000 en 1300 ontgonnen. In de daaropvolgende eeuwen zijn de hogere gronden langs de Lek en Linge in gebruik genomen. Daarna volgde het middengebied. Aanvankelijk is het gebied ontgonnen voor akkerbouw, maar door de inklinking van het veen werd het gebied te nat en is men noodgedwongen overgeschakeld naar veeteelt. Op de hoger gelegen stroomruggen leent de zandige bodem zich goed voor fruitteelt. In de strijd tegen het water staan veel boerderijen op door de mens opgeworpen hoogten (woonheuvels). In de naoorlogse periode neemt de stedelijke ontwikkeling een grote vlucht en de uitbreidingen van de woongebieden en bedrijventerreinen vergen veel ruimte van het buitengebied. Ook de opkomst van de auto en de uitbreiding van het wegennet, onder andere de aanleg van de A2 en A27, zorgen voor een extra ruimtevraag (zie op onderstaande figuren). De jaren na de Tweede Wereldoorlog worden gekenmerkt door mechanisatie en schaalvergroting in de landbouw. Er vindt ruilverkaveling plaats en er wordt een ruilverkavelingsplan opgesteld. Hierin wordt gezocht naar een evenwicht tussen de agrarische belangen en de waarden van natuur en landschap.
Wanneer men de kaartbeelden van 1921 en 2021 vergelijkt dan ziet men dat onder druk van verstedelijking, ingrijpende ontwikkelingen langs de randen van gebied hebben plaatsgevonden. Buiten die randzones is de verandering voor Nederlandse begrippen uitzonderlijk beperkt gebleven. De kavelstructuur is nauwelijks veranderd, slootdempingen hebben bijna niet plaatsgevonden en de structuur van het landschap is nagenoeg onaangetast. Oftewel, Vijfheerenlanden heeft een landschap waarin de ontstaansgeschiedenis nog duidelijk herkenbaar is (bron: landschapsvisie Vijfheerenlanden).
blad 21 van 160
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
1960
1921
1990
2021
Figuur 2.5 De gemeente Vijfheerenlanden in 1921, 1960, 1990 en 2021 (bron: Topotijdreis.nl).
Figuur 2.6: Impressies rivierenlandschap en veenweidelandschap (bron: gemeente Vijfheerenlanden).
Bereikbaarheid De Vijfheerenlanden wordt primair ontsloten door de autosnelwegen A2, A15 en A27. Hierdoor is de gemeente strategisch gelegen tussen Utrecht, Breda en Gorinchem. Het openbaar vervoer wordt door verschillende buslijnen verzorgd, onder meer in de richting van Gorinchem, Culemborg, Utrecht, Oosterhout, Breda en Rotterdam. In Vianen is een groot regionaal busstation te vinden. Leerdam is gelegen aan de MerwedeLingelijn, de spoorlijn tussen Geldermalsen en Dordrecht.
blad 22 van 160
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
3
Ruimtelijke kaders, opgaven en alternatieven In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de context waarbinnen de omgevingsvisie wordt opgesteld. Welke ruimtelijk beleid ligt er al, welke ambities zijn er en vormen gezamenlijk de kaders voor de omgevingsvisie? Welke ruimtelijke opgaven en alternatieven zijn te onderscheiden om deze ambities en opgaven te vertalen in de omgevingsvisie? Met behulp van de analyse van deze opgaven en alternatieven in het OER wordt uiteindelijk één strategie gekozen die in de omgevingsvisie wordt vastgesteld.
3.1
Wat is een omgevingsvisie? Een omgevingsvisie is een integrale visie waarin de overheid de strategische hoofdkeuzes van beleid, gericht op de fysieke leefomgeving, voor de langere termijn opneemt. De omgevingsvisie vervangt de structuurvisie(s) en thematische visies en beleidsplannen. In veel gemeenten of provincies zijn structuurvisies gericht op één of enkele onderdelen van de ruimtelijke ordening. Een omgevingsvisie heeft echter betrekking op alle aspecten van de fysieke leefomgeving, aansluitend bij de reikwijdte van de Omgevingswet. De integrale benadering betekent ook dat een omgevingsvisie meer is dan een optelsom van losse beleidsvisies van verschillende domeinen. De omgevingsvisie in de Omgevingswet Volgens de Omgevingswet bevat een omgevingsvisie: ▪ Een beschrijving van de hoofdlijnen van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving; ▪ De hoofdlijnen van de voorgenomen ontwikkeling, het gebruik, het beheer, de bescherming en het behoud van het grondgebied; ▪ De hoofdzaken van het voor de fysieke leefomgeving te voeren integrale beleid.
3.2
Ruimtelijk beleid De Omgevingsvisie Vijfheerenlanden brengt beleid over de gehele fysieke leefomgeving bijeen. Deels zal er sprake zijn van voortzetting van bestaand beleid, deels van nieuwe keuzes. Het vertalen van de bestaande beleidskaders in de visie is onderdeel van het visievormingsproces. De Nationale en Provinciale Omgevingsvisies, alsmede het Integraal Ruimtelijk Perspectief zijn als kaders relevant voor de totstandkoming van de Omgevingsvisie Vijfheerenlanden. Daarom volgt van deze beleidskaders een beknopte samenvatting. Tabel 3.1: Kader nationaal en provinciaal ruimtelijk beleid. Beleid Nationale omgevingsvisie (NOVI)
Provinciale omgevingsvisie Utrecht (2022)
Toelichting De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) brengt de langetermijnvisie (tot 2050) in beeld, waarbij onderdelen van de leefomgeving niet los van elkaar gezien worden maar wordt uitgegaan van onderlinge samenhang. In juni 2019 is het Ontwerp van de NOVI gepresenteerd. De definitieve NOVI is in september 2020 naar de Tweede Kamer gestuurd, waarna vaststelling van de eerste definitieve NOVI en bijbehorend uitvoeringsprogramma volgt. In de NOVI worden vier prioriteiten afgewogen die van nationaal belang zijn. 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; 2. Duurzaam economisch groeipotentieel; 3. Sterke en gezonde steden en regio’s; 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Door de toenemende druk op de fysieke leefomgeving kunnen belangen botsen. Het streven van het NOVI is combinaties te maken en win-win situaties te creëren. Dit is niet altijd mogelijk, in dat geval moeten er scherpe keuzes gemaakt worden waarvoor belangen moeten worden afgewogen. De volgende drie afwegingsprincipes worden hiervoor in de NOVI gesteld: 1. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies. Er wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies. 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal. 3. Afwentelen wordt voorkomen.
De Provinciale Omgevingsvisie Utrecht (POVI) bevat de integrale lange termijn ambities en beleidsdoelen voor de fysieke leefomgeving van de provincie Utrecht.
blad 23 van 160
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
Door middel van zeven beleidsthema’s met bijbehorende keuzes is richting gegeven aan de ontwikkeling en de bescherming van een gezonde en veilige leefomgeving. Met als doel dat de Provincie Utrecht in 2050 een gebied is: 1. waarin stad en land gezond zijn; o door het inzetten op ontwikkeling van een groenblauwe en recreatieve structuur die robuust is, langs bestaande doorgaande waterlopen. o door het versterken van stad / land verbinding. 2. die klimaatbestendig en waterrobuust is; o via een klimaatbestendige wateraanvoer. o door het benutten van het hydrologische systeem van de Utrechtse Heuvelrug om regenwater vast te houden en te infiltreren. o door het tegengaan van bodemdaling in 2030 met 50%. o door het uitbreiden van grondwaterwinningen met zoekgebieden drinkwaterwinning. De gemeente Vijfheerenlanden is daarbij een strategisch zoekgebied voor drinkwaterwinning. 3. waarin duurzame energie een plek heeft; o door in 2040 een energieneutrale provincie te zijn. 4. met vitale steden en dorpen; o door op een duurzame wijze te accommoderen via binnenstedelijke en binnendorpse ontwikkeling. o door potentiële locaties voor integrale ontwikkeling wonen en werken rond knooppunten zoals Amersfoort Centraal, Amersfoort Schothort en Amersfoort Vathorst aan te wijzen.
o door het opnemen van locaties als zoekrichting voor grootschalige integrale ontwikkeling wonen-werken-bereikbaarheid, zoals Vathorst West. 5. die duurzaam, gezond en veilig bereikbaar is; o door het beter benutten van het spoor- en hoogwaardig OV-netwerk met aandacht voor het beter benutten van het hoofdwegennet en provinciale wegennet. o door verder ontwikkelmogelijkheden te benutten bij de twee belangrijkste multimodale knooppunten, Utrecht Centraal Station en Amersfoort Centraal Station. 6. met een levend landschap, erfgoed en cultuur; o door onder andere het verzilveren van de uitzonderlijke universele waarden UNESCO Werelderfgoed Hollandse Waterlinies en Neder-Germaanse Limes. 7. die een toekomstbestendige natuur en landbouw heeft. o door bestaande natuurgebieden (Natura 2000-gebieden en Natuurnetwerk Nederland) te beschermen, verder te ontwikkelen en onderling beter te verbinden met grote natuursystemen. o door het stimuleren van de transitie naar duurzame landbouw.
Interim Provinciale Omgevingsverordening Utrecht (2022)
Programma Wonen Werken Utrecht (2022)
Integraal Ruimtelijk Perspectief U16 (2022)
Bij het ruimte zoeken voor opgaven geldt het principe ‘inbreiding gaat voor uitbreiding’. Indien uitbreiding nodig is wordt gezocht naar grootschalige locaties waar nieuwe ontwikkelingen zich kunnen concentreren en combineren. Doelen en het beleid die vormgegeven zijn in de POVI, zijn omgezet in de Interim Provinciale Omgevingsverordening. In deze Omgevingsverordening zijn regels gesteld indien er sprake is van een wettelijke taak of provinciaal belang. De Omgevingsverordening is gelijktijdig met de visie opgesteld. In de omgevingsverordening zijn kernrandzones aan de randen van het stedelijk gebied en overige gebieden aangewezen waar uitbreiding woningbouw en bedrijventerreinen onder voorwaarden mogelijk is. De locatie moet dan wel aan bepaalde voorwaarden voldoen én passen in het programma. Het programma bevat de uitwerking van de in de Omgevingsvisie opgenomen kwantitatieve en kwalitatieve opgaven op het gebied van woningbouw en bedrijventerreinen. Het programma is gebaseerd op de drie regionale programma's die in nauw overleg met gemeenten en regio's zijn opgesteld. Voor de drie regio's gaat het bij dit eerste programma om concrete plannen voor in totaal ruim 84.000 woningen en 54 hectare aan nieuwe bedrijventerreinen Het IRP is een samenhangend ruimtelijk perspectief op de toekomst van de regio Utrecht (U10/U16).
Het IRP kijkt integraal naar de opgaven voor de regio vanuit vijf pijlers: energie, wonen, werken, mobiliteit en groen, water en landschap. Deze pijlers worden gedragen door de paraplu’Gezond leven in een stedelijke omgeving. Het vormt de wegwijzer naar de toekomst voor: • De omgang met groen, landschap en water; • Goede bereikbaarheid van dorpen en steden in de regio, vooral op een duurzame wijze; • Zorgen voor voldoende en passende woningen en banen voor iedereen; • Ruimte voor economie en complementaire werklocaties; • Gezonde en vitale leefomgevingen voor iedereen; • Voorbereid zijn op klimaatveranderingen en werken aan deze veranderingen te remmen door o.a. de energietransitie.
blad 24 van 160
datum 4 maart 2023 projectnummer 0472188.100 betreft Omgevingseffectrapportage - Omgevingsvisie Vijfheerenlanden
Regionale Adaptatie Strategie (RAS) regio AlblasserwaardVijfheerenlanden
3.3
Het gezamenlijke doel is om in 2050 een waterrobuuste en klimaatbestendige regio te zijn. Dit betekent de regio zodanig in te richten en aan te passen dat de impact van extremer weer minimaal blijft en voldoende acceptabel is voor een gezonde leefomgeving
Opgaven voor de gemeente Zoals in hoofdstuk 1 beschreven is, staat de gemeente Vijfheerenlanden in de komende 15-20 jaar voor een aantal belangrijke opgaven die zij moet of wil realiseren. Het gaat om opgaven gevormd door mondiale ontwikkelingen zoals klimaatverandering en de energietransitie, landelijke en provinciale/regionale ontwikkelingen omtrent de grote woningbouwopgave en daaraan gerelateerde ontwikkelingen op gemeentelijk niveau. Daarbij is het ook van belang welke ideeën en ambities de gemeente heeft over wat voor gemeente ze wil zijn voor haar inwoners en ondernemers. Deze ideeën en ambities zijn (onder andere) beschreven in het coalitieakkoord ‘Samen zijn wij Vijfheerenlanden: Betrokken en betrouwbaar’ en in de strategische visie ‘De juiste balans voor het goede leven’. Op lokaal niveau leidt dit alles tot beleidskeuzes die de komende decennia gevolgen hebben voor het grondgebied (de fysieke leefomgeving) van Vijfheerenlanden. In de Omgevingsvisie worden de gemeentelijke beleidskeuzes vastgelegd. Niettemin zijn de Nationale en Provinciale Omgevingsvisie, alsmede de Provinciale Verordening als kaders en voor de integrale samenhang van beleid relevant.
Ook de Regionale programma’s en Strategieën, zoals het Provinciaal Programma Wonen en Werken van de provincie Utrecht, het Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP), de Regionale Adaptatie Strategie (RAS) en de Regionale Energiestrategie (RES) van de regio U10/U16 vormen belangrijke kaders, danwel vertrekpunten. De vorige paragraaf is van deze beleidskaders een beknopte samenvatting opgenomen. Vijf pijlers Integraal Ruimtelijk Perspectief U10/U16 In het Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP) wordt integraal gekeken naar de opgaven voor de regio U10 vanuit vijf pijlers: 1) Landschap, water en groen, 2) Mobiliteit, 3) Wonen, 4) Werkmilieus en 5) Energie. In de NRD zijn aan de hand van deze pijlers de opgaven voor de gemeente gedefinieerd. Een deel van de gemeentelijke bijdragen aan deze opgaven is kwantitatief en programmatisch, bijvoorbeeld de groei met in totaal circa 5.000 woningen tot 2040, de uitbreiding van werklandschappen voor lokale en regionale bedrijvigheid en de opwekking van duurzame energie. Andere opgaven zijn juist kwalitatief, zoals het verbeteren van de kwaliteit van de openbare ruimte ten behoeve van klimaatadaptatie en leefbaarheid, het versterken van de biodiversiteit en de mobiliteitstransitie.