Bijlage 4 Bijlagen bij de toelichting
Tekst van het document
Geraadpleegde websites www.arcgis.com www.bij12.nl www.ndff.nl www.ravon.nl www.ruimtelijkeplannen.nl www.verspreidingsatlas.nl www.webkaart.provincie-utrecht.nl www.zoogdiervereniging.nl
13
We hopen u met deze rapportage voldoende te hebben geïnformeerd. Mochten er desondanks vragen zijn kunt u vrijblijvend contact opnemen. Met vriendelijke groet,
Blom Ecologie B.V., ing. J. Dekkers Auteur
Blom Ecologie B.V., ing. D.F. Knoops Collegiale toets
Bijlage 1 Fotografische impressie Bijlage 2 Ecologie rugstreeppad
© BLOM ECOLOGIE B.V. ZANDWEG 46A - 4181 PM WAARDENBURG Niets uit deze rapportage mag zonder schriftelijke toestemming van de opdrachtgever en Blom Ecologie B.V. worden gebruikt door derden. Onder gebruik worden alle vormen van kopie, openbaarmaking en elke andere toepassing begrepen. Deze rapportage mag alleen gebruikt worden voor het doel waarvoor het is samengesteld. Blom Ecologie B.V. is niet aansprakelijk voor schade die voortkomt uit toepassing van de resultaten van werkzaamheden en/of gegevens verkregen van Blom Ecologie B.V.
14
Bijlage 1 Fotografische impressie
15
Figuur 1
De planlocatie is gelegen aan de Zijlkade 35 te Nieuwland.
Figuur 2
De overblijfselen van het afgebrande woonhuis.
16
Figuur 3
De watergang aan de noordzijde van de planlocatie. Over deze watergang zal een brug gerealiseerd worden.
Figuur 4
De watergang aan de westzijde van de planlocatie.
Bijlage 2 Rugstreeppad Herkenning De rugstreeppad (Epidalea calamita) is een middelgrote pad met een lengte van circa 4,5 - 7 cm. De pad heeft vrij korte poten en heeft op de rug een karakteristieke lichtgele lengtestreep. Verder is de rug grijsbruin met groenige vlekken en heeft de buik een lichtgrijze kleur met grijszwarte vlekken. De ogen zijn geelgroen en hebben een horizontale pupil. Mannetjes zijn in de paartijd te onderscheiden van vrouwtjes door een paars/blauwe verkleuring van de keel. Gedurende het voortplantingsseizoen is tijdens de kooractiviteiten een typische en harde roep te horen die over een afstand van 1 - 3 km is waar te nemen (Creemers & Van Delft, 2009). De larven van rugstreeppad zijn maximaal 2,5 cm lang en zwart van kleur. Oudere larven hebben een lichte keelvlek en soms een streep over de rug (Diepenbeek & Creemers, 2006).
Figuur 1
Determinatiekenmerken van de rugstreeppad.
Gedrag De rugstreeppad is een typische pioniersoort die opportunistisch profiteert van tijdelijke gunstige omstandigheden. Veranderingen in weersomstandigheden als vocht en temperatuur vormen in sterke mate een sein voor migratie, voortplanting en dergelijke. Onderstaande periodes zijn dan ook indicatief. Bij het koloniseren van nieuwe gebieden kunnen jonge rugstreeppadden afstanden tot wel 5 km afleggen (BIJ12 kennisdocument Rugstreeppad, 2017). De overwintering vindt plaats van oktober/november tot en met maart. De eerste dieren kunnen vanaf begin maart de overwinteringslocatie verlaten om vervolgens al dan niet direct door te trekken naar de voortplantingslocaties. De voortplanting vindt plaats in de periode april september met een hoogtepunt rond half april - mei. Het vaststellen van aan- of afwezigheid van rugstreeppadden kan middels drie gerichte (avond)veldbezoeken in de periode 15 april – juli (BIJ12 kennisdocument Rugstreeppad, 2017).
17
Habitat en verblijfplaatsen De geprefereerde habitat van de rugstreeppad bestaat uit een dynamische omgeving met vergraafbaar zand of fijne grond. De verblijfplaatsen van de soort kunnen worden onderverdeeld in voortplantings-, zomer- en overwinteringshabitat. De voortplantingshabitat is aquatisch en na de voortplanting zijn rugstreeppadden hoofdzakelijk op het land te vinden. Het functionele leefgebied bestaat ook uit het gebied tussen deze habitats (migratieroutes). De eitjes worden afgezet in veelal tijdelijke, ondiepe en wateren zonder vegetatie, waar weinig tot geen sprake is van concurrentie of predatie. Voorbeelden hiervan zijn greppels, rijsporen, regenplassen en geschoonde sloten. De zomer en- en winterlocaties bevinden zich op het land in hoogwatervrije terreinen. Voor de overwintering gebruikt de rugstreeppad bestaande (muizen)holletjes, graaft deze zich in de bodem of kruipt de rugstreeppad onder materialen als: stenen, boomstammen, banden en houtstapels. Voorwaarde voor de winterhabitat is dat deze locatie vorstvrij dient te zijn. Populatieomvang Rugstreeppadden verspreiden zich in diverse richtingen waardoor de minimale populatieomvang en bijbehorend oppervlakte voor de gunstige staat van instandhouding locatiespecifiek is.
Als vuistregel wordt gehanteerd dat een gezonde populatie uit minimaal 100 - 200 dieren bestaat en dat deze in verbinding staat met andere populaties (BIJ12 Kennisdocument Rugstreeppad, 2017). Voorkomen kolonisatie Doordat de rugstreeppad een typische pioniersoort is en een dynamische omgeving met vergraafbare grond prefereert, kan snel spontane kolonisatie van de soort in een braakliggend gebied of bouwterrein ontstaan. Om kolonisatie van rugstreeppad te voorkomen wordt geadviseerd maatregelen te treffen. Deze maatregelen bestaan uit het ongeschikt dan wel ontoegankelijk houden van het plangebied. Indien er sprake is van het ontstaan van mogelijk geschikt voortplantingswater dient het ontoegankelijk maken van een perceel voor de migratie en voortplantingsperiode (aprilseptember) uitgevoerd worden. Het ongeschikt houden van het plangebied voor rugstreeppadden houdt in dat zo min mogelijk vergraafbaar zand gebruikt of opgeslagen wordt binnen het bouwterrein. Bij het bouwrijp maken van het perceel dient het zand direct geëgaliseerd te worden. De aanleg van een zanddepot moet voorkomen worden. In de voorjaarsen zomerperiode zorgen dat er geen kleine poelen ontstaan waar rugstreeppadden eieren kunnen leggen. Diepe rijsporen van machines kunnen al voldoende diep zijn als voortplantingswater voor rugstreeppadden (figuur 2).
Figuur 2
18
Bij hevige regenval kunnen ontstane geulen gevuld worden met water. Deze tijdelijke poelen zijn uitermate geschikt voor de rugstreeppad. Het ontstaan van deze geulen dient te allen tijde voorkomen te worden.
In de najaar- en winterperiode moet gezorgd worden dat er geen overwintering van rugstreeppadden kan optreden. Voldoende vergraafbaar zand (zanddepot) kan gebruikt worden voor overwintering. Ook stenenstapels, houtstapels of andere vorstvrije structuren (onder een bouwkeet bijvoorbeeld) kunnen gebruikt worden voor overwintering. Dergelijke structuren dienen weggehaald te worden buiten de overwinteringsperiode (september-april) van de soort. Het ontoegankelijk houden van het plangebied voor rugstreeppadden houdt in dat voorzieningen worden geplaatst waardoor rugstreeppadden het plangebied niet kunnen bereiken. Dit kan bijvoorbeeld door het plaatsen van schermen van stevig plastic of worteldoek van 50 centimeter hoog en minimaal 10 centimeter ingegraven in de grond (figuur 3). De voorzieningen die getroffen zijn om het gebied ontoegankelijk te maken moeten zodanig geplaatst en beheerd worden dat ze hun functie ten allen tijden kunnen vervullen.
Figuur 3
19
Een incorrect geplaatst amfibiescherm (links). Een correct geplaatst amfibiescherm (rechts). Deze dienen minimaal 10 cm ingegraven te zijn.
bestemmingsplan Zijlkade 35 Nieuwland
Bijlage 3 Aeriusberekening
Bijlagen bij toelichting (vastgesteld)
53
Aeriusberekening
Zijlkade 35, Nieuwland Gemeente Vijfheerenlanden
Rapportstatus:
definitief
Datum:
19 januari 2023
Contactpersonen Plannen-makers:
Dhr. W. Lakerveld
Kenmerk Plannen-makers:
PM21040
Opdrachtgever:
Dhr. T. Kuiper
Pagina 2 Aeriusberekening Zijlkade 35, Nieuwland
Inhoudsopgave 1
Inleiding .......................................................................................................................................... 4 Aanleiding en onderzoeksvraag .............................................................................................. 4 Het plan ................................................................................................................................... 4
2
Wettelijk en rekenkundig kader .................................................................................................... 6 Wettelijk kader ......................................................................................................................... 6 De AERIUS Calculator ............................................................................................................ 6 Brandstofverbruik..................................................................................................................... 7
3
De berekening van de gebruiksfase en de bouwfase ................................................................ 8 Natura 2000-gebieden ............................................................................................................. 8 De gebruiksfase ....................................................................................................................... 8 De bouwfase ............................................................................................................................ 9
4
Conclusie ...................................................................................................................................... 10
5
Bijlagen ......................................................................................................................................... 11
Pagina 3 Aeriusberekening Zijlkade 35, Nieuwland
1
Inleiding Aanleiding en onderzoeksvraag
Een ruimtelijke ontwikkeling moet voldoen aan een goede ruimtelijke ordening. Het effect van het project op nabijgelegen natuurgebieden is daarvan een onderdeel. Er kunnen negatieve effecten optreden op natuurgebieden door stikstofuitstoot van een project. Door de toename van stikstof worden aanwezig beschermde soorten in natuurgebieden bedreigd. De onderzoeksvraag is of de bouwfase en de gebruiksfase voldoen aan de depositienorm op stikstofgevoelige natuurgebieden. Deze norm bedraagt 0,00 mol stikstof per hectare per jaar. De toetsing aan deze norm vindt plaats met een berekening via de AERIUS Calculator.
Het plan Aan de Zijlkade 35 heeft een woning gestaan. Deze is in het verleden afgebrand. De initiatiefnemer wil de woning opnieuw bouwen. In afbeelding 1 is het inpassingsplan van de te bouwen woning weergegeven. In afbeelding 2 is een impressie weergegeven van de nieuwe woning. In bovenliggend bestemmingsplan is het plan uitgebreider beschreven.
Afbeelding 1: Landschappelijke inpassing. Bron: Langerak Teken- en Adviesbureau.
Pagina 4 Aeriusberekening Zijlkade 35, Nieuwland
Afbeelding 2: Impressie nieuwe woning. Bron: Langerak Teken- en Adviesbureau
Pagina 5 Aeriusberekening Zijlkade 35, Nieuwland
2
Wettelijk en rekenkundig kader Wettelijk kader
Op 15 juni 2015 is het Programma Aanpak Stikstof (PAS) vastgesteld. Het PAS bevat maatregelen die leiden tot een afname van stikstofdepositie en maatregelen die leiden tot een versterking van de natuurwaarden in de Natura 2000-gebieden. Een gedeelte van de toekomstige afname van stikstofdepositie kan vervolgens worden opgevuld door economische activiteiten die leiden tot een toename van stikstofdepositie. In de praktijk blijkt echter dat de afname van stikstofdepositie door de maatregelen niet gegarandeerd kan worden. Daarom heeft op 29 mei 2019 de Raad van State een uitspraak gedaan waarin de Raad oordeelt dat het PAS niet als basis voor toestemming voor activiteiten mag worden gebruikt. Het uitgangspunt is sindsdien nog steeds dat voor nieuwe initiatieven aangetoond moet worden dat er geen significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden door stikstofemissies en -deposities ontstaan als gevolg van het initiatief. Het instrument waarmee de stikstof berekend kan worden is de AERIUS Calculator (update oktober 2022). Op 10 maart 2021 is een nieuwe Stikstofwet vastgesteld en op 18 juni 2021 het besluit gepubliceerd die de wet nader uitwerkt.
De Wet stikstofreductie en natuurverbetering regelt onder meer drie resultaatsverplichtingen voor stikstofreductie: in 2025 moet minimaal 40% van het areaal van de stikstofgevoelige natuur in beschermde Natura 2000-gebieden een gezond stikstofniveau hebben; in 2030 minimaal de helft en in 2035 minimaal 74%. Door deze maatregelen gelden er nieuwe uitgangspunten voor een stikstofberekening. Het besluit over deze wet is per 1 juli 2021 inwerking getreden. In de Stikstofwet is in artikel 2.9a een uitzondering opgenomen voor de tijdelijke extra stikstofuitstoot bij bouwwerkzaamheden, de zogenaamde bouwvrijstelling. Stikstof dat vrijkomt bij de bouw, sloop en eenmalige aanleg van bouwwerken en infrastructuur wordt niet meegerekend bij de informatie die ten grondslag ligt aan het verlenen van een vergunning. Op 2 november 2022 deed de Raad van State de uitspraak dat de bouwvrijstelling niet voldoet aan het Europees natuurbeschermingsrecht dat vereist dat individuele beschermde natuurgebieden geen schade oplopen, en niet op een hoger schaalniveau gekeken mag worden naar maatregelen die bovendien onzeker zijn qua uitvoering. Dit betekent dat ook bouwactiviteiten getoetst dienen te worden aan lokale stikstofgevolgen bij de vergunningsaanvraag.
De AERIUS Calculator De stikstofdepositie van een ontwikkeling op Natura 2000-gebieden wordt met de AERIUS Calculator berekend. De berekening bestaat uit verschillende bronnen die vallen in de bouwfase en in de gebruiksfase. De bouwfase bestaat uit zowel verkeer als mobiele werktuigen. De gebruiksfase bestaat uit het verkeer die de ontwikkeling in de toekomstige situatie maakt. In de bouwfase worden verschillende werktuigen gebruikt. De werktuigen kunnen als puntbron worden ingevoerd als het werktuig op een plek blijft staan. Ook kan een werktuig als lijnbron worden ingevoerd met een vaste route van A naar B en vice versa. Tot slot kan een werktuig als vlakbron worden ingevoerd, waardoor het werktuig vrij kan bewegen in een bepaald gebied.
Pagina 6 Aeriusberekening Zijlkade 35, Nieuwland
Brandstofverbruik Het brandstofverbruik kan met formule 1 worden berekend. De formule wordt benoemd in het BIJ12document Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2021.1’ (juni 2022) in hoofdstuk 8 paragraaf 8.4. De formule toont de relatie aan tussen het brandstofverbruik en het motorvermogen in kilowatt (kW). 𝐵 = (0,095 ∗ 𝑃𝑚𝑎𝑥 + 0,54) ∗ 𝐷 Formule 1: Relatie tussen brandstofverbruik, vermogen en draaiuren. Waarin: B = Pmax = D =
het brandstofverbruik in liters per jaar (l/j) het maximale vermogen in kilowatt (kW) het aantal draaiuren per jaar (u/j)
Het TNO-onderzoek ‘AUB (AdBlue verbruik, Uren, en Brandstofverbruik): een robuuste schatting van NOx en NH3 uitstoot van mobiele werktuigen’ (TNO, 2021) is de basis van deze formule. Afhankelijk van het vermogen kan de AERIUS Calculator om het AdBlue verbruik vragen. Mobiele werktuigen die in Stageklasse V vallen verbruiken 7% aan AdBlue van hun totale brandstofverbruik.
Pagina 7 Aeriusberekening Zijlkade 35, Nieuwland
3
De berekening van de gebruiksfase en de bouwfase Natura 2000-gebieden
Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied ‘Zouweboezem’ ligt op 2,4 km afstand tot het plangebied. Daarnaast ligt het Natura 2000-gebied ‘Lingegebied en Diefdijk-Zuid’ op ongeveer 5 km afstand tot het plangebied. Beide gebieden hebben overbelasting van stikstof. In afbeelding 3 is een overzicht gegeven van de nabijgelegen Natura 2000-gebieden.
Afbeelding 3: Overzicht Natura 2000-gebieden en plangebied (blauwe stip). Bron: Natura 2000
De gebruiksfase De gebruiksfase bestaat uit verkeersbewegingen. Er zijn 4,1 verkeersbewegingen over de Zijlkade per etmaal (richting de A27). Daarnaast zijn er 4,1 verkeersbewegingen over de Zijlkade richting Arkel. Voor de onderbouwing van het aantal verkeersbewegingen wordt verwezen naar paragraaf 4.10 van de toelichting van het bestemmingsplan. De gebruiksfase bestaat niet uit de emissie van gebouwen, omdat alle beoogde functies gasloos worden opgeleverd in overeenstemming met de wet VET.
Pagina 8 Aeriusberekening Zijlkade 35, Nieuwland
De bouwfase De bouwfase bestaat uit de emissie van mobiele werktuigen en de verkeersbewegingen van en naar de bouwplaats. Er is een worst-case scenario aangehouden: alle mobiele werktuigen werken op diesel en vallen in stageklasse V. De mobiele werktuigen zijn in tabel 1 weergegeven. Het vermogen ‘P’ is de som van het vermogen per mobiel werktuig. Tabel 1: Gebruikte mobiele werktuigen Mobiele werktuigen Aandrijving Stageklasse Bron
P (kW)
T (werkweken) T (dagen) T (uren) Bverbruik Badblue
Mobiele hijskraan
Diesel
V
Punt
270
3
13
100
2619
183
Graafmachine
Diesel
V
Vlak
120
2
7
50
597
41
Boorstelling
Diesel
V
Vlak
300
1
3
20
581
40
Betonmixer
Diesel
V
Punt
300
1
4
30
872
61
Betonpomp
Diesel
V
Punt
35
1
4
30
116
-
Trilplaat
Diesel
V
Vlak
10
1
4
30
45
-
Tijdens de bouwfase vindt licht, middelzwaar en zwaar vervoer plaats. In tabel 2 zijn de verkeersbewegingen van de bouwfase weergegeven. Tabel 2: Verkeersbewegingen bouwfase Type vervoer Licht Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer
p/jaar 800 72 24
Het lichte vervoer bestaat uit het vervoer van personen naar de bouwplaats. Het middelzwaar vrachtverkeer bestaat uit het vervoer van klein materieel van en naar de bouwplaats. Tot slot bestaat het zware vrachtverkeer uit vervoer van zwaar (bouw)materieel van en naar de bouwplaats.
Pagina 9 Aeriusberekening Zijlkade 35, Nieuwland
4
Conclusie
In afbeeldingen 4 en 5 is het resultaat weergegeven van de gebruiksfase en de bouwfase. De berekeningsresultaten dateren van 18 januari 2023. De AERIUS Calculator-versie 2021.2 (oktober 2022) is voor de berekeningen gebruikt. Het resultaat is als volgt: •
Er vindt geen stikstofdepositie plaats op Natura 2000-gebieden door de gebruiksfase en de bouwfase. De gebruiksfase en de bouwfase voldoet aan de norm van 0,00 mol N/ha/j.
Afbeelding 4: Resultaten gebruiksfase
Afbeelding 5: Resultaten bouwfase
Het Pdf-bestand van de gebruiksfase en de bouwfase is als bijlage toegevoegd in deze rapportage. De gebruiksfase en de bouwfase zijn daarnaast als apart GML-bestand in de separate bijlage te vinden. Dit bestand kan het bevoegd gezag gebruiken om de berekening te controleren.
Pagina 10 Aeriusberekening Zijlkade 35, Nieuwland
5
Bijlagen 1. AERIUS_bijlage_20230118095733_BouwfaseRwhsLjGYKbov.pdf, Plannen-makers, 18 januari 2023; 2. AERIUS_bijlage_20230118095733_GebruiksfaseRrgqAJzPcCxu.pdf, Plannen-makers, 18 januari 2023.
GML: 3. AERIUS_gml_20230118095809.zip, Plannen-makers, 18 januari 2023.
Pagina 11 Aeriusberekening Zijlkade 35, Nieuwland
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Plannen-makers Zijlkade 35, 4243JD Nieuwland
Omschrijving Toelichting
PM21040 Herbouw woning
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
RwhsLjGYKbov 18 januari 2023, 09:58 Wnb-rekengrid
Berekening
Totale emissie
Bouwfase - Beoogd
Resultaten
Bouwfase - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename van depositie Grootste afname van depositie
RwhsLjGYKbov (18 januari 2023)
Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Hoogste depositie
Hexagon
Gebied
2023 -
1,1 kg/j
7,7 kg/j
2/7
Projectberekening
Bouwfase (Beoogd), rekenjaar 2023 Emissiebronnen 1 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Vlakbron 2 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Puntbron Verkeersnetwerk
RwhsLjGYKbov (18 januari 2023)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
0,3 kg/j 0,8 kg/j 3,5 g/j
3,0 kg/j 4,7 kg/j 55,4 g/j
3/7
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste afname van depositie Grootste toename van depositie Hoogste totale depositie
De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie. RwhsLjGYKbov (18 januari 2023)
4/7
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Bouwfase" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)
Totaal
RwhsLjGYKbov (18 januari 2023)
-
Hoogste totale Met toename (ha Grootste toename Met afname (ha Grootste afname depositie (mol gekarteerd) (mol N/ha/jr) gekarteerd) (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
-
-
-
-
-
5/7
Projectberekening
Bouwfase, Rekenjaar 2023 1
Naam
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning Vlakbron
Naam
NOₓ NH₃
Stageklasse
3,0 kg/j 0,3 kg/j
BrandstofverbruikDraaiurenAdBlue verbruikStof Emissie
Graafmachine Stage-V, >= 2019 , 75-560 kW, diesel, SCR: ja 597 l/j
50 u/j 41 l/j
Boorstelling Stage-V, >= 2019 , 75-560 kW, diesel, SCR: ja 581 l/j
20 u/j 40 l/j
Trilplaat
30 u/j
2
Naam Locatie
Stage-V, >= 2019 , <= 56 kW, diesel, SCR: nee 45 l/j
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning Puntbron 128117, 434729
NOₓ NH₃
Naam
Stageklasse
Mobiele hijskraan
Stage-V, >= 2019 , 75-560 kW, diesel, SCR: 2619 l/j ja
100 u/j 183 l/j
Betonmixer
Stage-V, >= 2019 , 75-560 kW, diesel, SCR: 872 l/j ja
30 u/j 61 l/j
Stage-V, >= 2019 , <= 56 kW, diesel, SCR: nee
30 u/j
Betonpomp
BrandstofverbruikDraaiurenAdBlue verbruik
45 l/j
3 Wegverkeer | Weg Naam Bouwverkeer Wegtype Buitenweg Type scherm Rijrichting Beide richtingen Hoogte Tunnelfactor 1 Afstand tot de weg Type hoogte ligging Normaal Weghoogte 0m Beschrijving Voertuigtype/euroklasse
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
RwhsLjGYKbov (18 januari 2023)
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
NOₓ 1,1 kg/j NH₃ 0,1 kg/j NOₓ 0,9 kg/j NH₃ 0,1 kg/j NOₓ 1,1 kg/j NH₃ 0,0 kg/j
4,7 kg/j 0,8 kg/j
Stof Emissie
NOₓ 2,7 kg/j NH₃ 0,6 kg/j NOₓ 0,9 kg/j NH₃ 0,2 kg/j NOₓ 1,1 kg/j NH₃ 0,0 kg/j
Links Rechts NOₓ NO₂ NH₃
-
-
Voertuigen
800 p/jaar 72 p/jaar 24 p/jaar 0 p/jaar
55,4 g/j 7,7 g/j 3,5 g/j In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
6/7
Projectberekening
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2021.2_20221219_f040e7fca7 Database versie 2021.2_f040e7fca7 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/
RwhsLjGYKbov (18 januari 2023)
7/7
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Plannen-makers Zijlkade 35, 4243JD Nieuwland
Omschrijving Toelichting
PM21040 Herbouw woning
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
RrgqAJzPcCxu 18 januari 2023, 09:58 Wnb-rekengrid
Berekening
Totale emissie
Gebruiksfase - Beoogd
Resultaten
Gebruiksfase - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename van depositie Grootste afname van depositie
RrgqAJzPcCxu (18 januari 2023)
Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Hoogste depositie
Hexagon
Gebied
2023 -
10,1 g/j
83,1 g/j
2/6
Projectberekening
Gebruiksfase (Beoogd), rekenjaar 2023 Emissiebronnen Verkeersnetwerk
RrgqAJzPcCxu (18 januari 2023)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
10,1 g/j
83,1 g/j
3/6
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste afname van depositie Grootste toename van depositie Hoogste totale depositie
De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie. RrgqAJzPcCxu (18 januari 2023)
4/6
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Gebruiksfase" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)
Totaal
RrgqAJzPcCxu (18 januari 2023)
-
Hoogste totale Met toename (ha Grootste toename Met afname (ha Grootste afname depositie (mol gekarteerd) (mol N/ha/jr) gekarteerd) (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
-
-
-
-
-
5/6
Projectberekening
Gebruiksfase, Rekenjaar 2023
1 Wegverkeer | Weg Naam ri. Arkel Wegtype Buitenweg Type scherm Rijrichting Beide richtingen Hoogte Tunnelfactor 1 Afstand tot de weg Type hoogte ligging Normaal Weghoogte 0m Beschrijving Voertuigtype/euroklasse
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
-
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
-
Voertuigen
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
2 Wegverkeer | Weg Naam ri. A27 Wegtype Buitenweg Type scherm Rijrichting Beide richtingen Hoogte Tunnelfactor 1 Afstand tot de weg Type hoogte ligging Normaal Weghoogte 0m Beschrijving Voertuigtype/euroklasse
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Links Rechts NOₓ NO₂ NH₃
4.1 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal
Links Rechts NOₓ NO₂ NH₃
-
-
Voertuigen
4.1 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal
40,8 g/j 10,2 g/j 5,0 g/j In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 % 42,3 g/j 10,6 g/j 5,2 g/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2021.2_20221219_f040e7fca7 Database versie 2021.2_f040e7fca7 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/
RrgqAJzPcCxu (18 januari 2023)
6/6
bestemmingsplan Zijlkade 35 Nieuwland
Bijlage 4 Verkennend bodemonderzoek
80
Bijlagen bij toelichting (vastgesteld)
Verkennend bodemonderzoek Zijlkade 35 Nieuwland 21-2244-R01AvH
COLOFON
Opdrachtgever
Plannen-makers Europalaan 500, Kamer 4.N.6 3526 KS Utrecht
Locatie
Zijlkade 35 te Nieuwland
Type onderzoek
Verkennend bodemonderzoek NEN 5740
Rapportnummer
21-2244-R01AvH
Datum rapport
16 december 2021
Auteur
Dhr. A.J. van Houwelingen Projectleider Bodem
Kwaliteitscontrole
Mevr. M. Penders Projectleider Bodem
Inventerra Nijverheidsweg 34 3341 LJ Hendrik-Ido-Ambacht (078) 682 24 55 info@inventerra.nl Verkennend bodemonderzoek Zijlkade 35 te Nieuwland 21-2244-R01AvH
INHOUDSOPGAVE
1.
INLEIDING .......................................................................................................................... 1
2.
MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK NEN 5725 .............................................................. 2 2.1 2.2 2.3
3.
OPZET, UITVOERING EN RESULTATEN VERKENNEND BODEMONDERZOEK NEN 5740 .......... 5 3.1 3.2 3.3
4.
Algemeen ....................................................................................................................... 2 Verzamelde informatie vooronderzoek ............................................................................... 2 Hypothese ...................................................................................................................... 3
Onderzoeksopzet ............................................................................................................ 5 Uitvoering veldwerk ......................................................................................................... 5 Uitvoering chemisch-analytisch onderzoek ......................................................................... 6
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ...................................................................................... 7
BIJLAGEN 1.
2. 3. 4. 5. 6.
Weergave onderzoekslocatie 1.1 Kadastrale gegevens 1.2 Situatietekening(en) 1.3 Foto’s Boorprofielen Analysecertificaten Toetsingskader Resultaten vooronderzoek Kwaliteitsaspecten van het onderzoek
Verkennend bodemonderzoek Zijlkade 35 te Nieuwland 21-2244-R01AvH
1. INLEIDING
In opdracht van Plannen-Makers heeft Inventerra in november-december 2021 een verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5740 verricht op de locatie aan de Zijlkade 35 te Nieuwland. De aanleiding voor het bodemonderzoek is de voorgenomen wijziging van de bestemming, in verband met de geplande nieuwbouw van een woning. Het doel is het vaststellen van de huidige bodemkwaliteit en of deze bodemkwaliteit geen belemmering vormt voor het huidige en toekomstige gebruik. Onderhavig onderzoek is uitgevoerd conform de werkwijze volgens de NEN 5725:2017 (Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek) en de NEN 5740 (Strategie voor het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek). Kwaliteit Inventerra is door Normec Certification gecertificeerd voor de BRL SIKB 2000, protocol 2001, 2002 en 2018 (certificaatnummer EC-SIK-20241) en de BRL SIKB 6000, protocol 6001 en 6002 (certificaatnummer ECSIK-60009) en is tevens door TÜV Nederland gecertificeerd voor de algemene kwaliteitsnorm NEN-EN-ISO 9001. De genoemde beoordelingsrichtlijn BRL SIKB 2000 is onderdeel van een certificatiesysteem voor het gehele proces van veldwerk bij milieuhygiënisch onderzoek, inclusief alle secundaire processen, dat begint bij de acceptatie van het veldwerk en dat eindigt bij de overdracht van veldgegevens en monsters, inclusief de daarbij horende veldwerkrapportage, aan de opdrachtgever.
Op dit bodemonderzoek zijn de volgende protocollen, behorende bij de BRL SIKB 2000, van toepassing: 2001 – Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van
☒ ☒ ☐
grondmonsters en waterpassen. 2002 – Het nemen van watermonsters. 2018 – Locatie-inspectie en monsterneming van asbest in bodem.
De beoordelingsrichtlijn BRL SIKB 2000 is niet van toepassing op: • de processen vóór het veldwerk, zoals vraagstelling, gegevens verzamelen en onderzoeksvoorstel; • de processen ná het veldwerk, zoals laboratoriumanalyses, interpretatie van analyse- en veldwerkresultaten en advies; • veldwerk anders dan middels de technieken boringen, steken en graven van sleuven, inclusief alle veldwerk dat volgt op deze technieken zoals plaatsen van peilbuizen of bemonsteren van peilbuizen; • de monsterneming in het kader van het Besluit bodemkwaliteit. Inventerra verklaart hierbij geen organisatorische, financiële of juridische binding te hebben met de opdrachtgever en/of de onderhavige onderzoekslocatie en verklaart daarmee te voldoen aan de vereisten zoals gesteld in Kwalibo (Besluit uitvoeringskwaliteit bodembeheer).
Verkennend bodemonderzoek Zijlkade 35 te Nieuwland 21-2244-R01AvH
pag. 1 van 7
2. MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK NEN 5725
2.1
Algemeen
Om inzicht te krijgen over de mogelijke aanwezigheid van verontreinigingen wordt relevante informatie over de onderzoekslocatie en eventueel de beïnvloeding vanuit de directe omgeving verzameld, geanalyseerd en geïnterpreteerd. De te verzamelen informatie is afhankelijk van de aanleiding en het doel van het vooronderzoek. De aanleiding voor het navolgend beschreven vooronderzoek is het opstellen van een hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van het uit te voeren bodemonderzoek (aanleiding A uit de NEN 5725:2017). Ten behoeve hiervan dient in ieder geval informatie te worden verzameld over: • Bodemopbouw en geohydrologie, inclusief informatie over de verwachte aan- of afwezigheid van antropogene lagen in de bodem; • Verwachting t.a.v. de bodemkwaliteit op basis van de bodemkwaliteitskaart, reeds uitgevoerde bodemonderzoeken en of mogelijk sprake kan zijn van een geval van ernstige bodemverontreiniging; • Gebruik en beïnvloeding van de locatie, verdachte situaties, asbest, activiteiten en/of ongewone voorvallen, op basis van het voormalige en huidige gebruik.
Voor het verzamelen van de benodigde informatie kunnen meerdere informatiebronnen worden geraadpleegd, zoals: • Informatie/interview(s) eigenaar en/of opdrachtgever • Archieven gemeente, omgevingsdienst en/of provincie • Online bronnen zoals bodemloket.nl en topotijdreis.nl • Bodemkwaliteitskaarten • Topografische kaarten • Geohydrologische kaarten Verder dient een terreinverkenning te worden uitgevoerd. Deze kan eventueel meteen voorafgaand aan de uitvoering van het veldwerk worden uitgevoerd. Vermeld dient te worden dat de verantwoordelijkheid voor de resultaten van onderhavig onderzoek wordt beperkt tot de aan deze resultaten ten grondslag liggende en op het moment van onderzoek ter beschikking staande gegevens, alsmede de bij de terreininspectie(s) ter plaatse van de onderzoekslocatie geconstateerde situatie. 2.2
Verzamelde informatie vooronderzoek
In de navolgende tabel is de tijdens het vooronderzoek verzamelde relevante informatie weergegeven. Tabel 1 Overzicht verzamelde informatie vooronderzoek
Gegevens onderzoekslocatie Adres
Zijlkade 35 te Nieuwland
Kadaster
Zederik, sectie E, nr. 49 (ged.)
XY-coördinaten
X: 128.122
Begrenzing onderzoekslocatie
De begrenzing van de onderzoekslocatie is weergegeven in bijlage 1. De oppervlakte van de onderzoekslocatie bedraagt ca. 300 m².
Huidig gebruik
Weiland
Y: 434.724
Toekomstig gebruik
Gepland is de nieuwbouw van een woning.
Omgeving
De locatie wordt omringd door weilanden en aan de noord- en oostzijde een sloot. Noordelijk bevindt zich een perceel waar vroeger een pand heeft gestaan, dat is afgebrand en de openbare weg (Zijlkade). Westelijk bevindt zich een woning aan de Kanaaldijk (Merwedekanaal).
Verkennend bodemonderzoek Zijlkade 35 te Nieuwland 21-2244-R01AvH
pag. 2 van 7
Vervolg tabel 1
Overzicht verzamelde informatie vooronderzoek
Overige informatie vooronderzoek Informatie eigenaar / opdrachtgever
De voormalige woning, gesitueerd tussen de sloot aan de noordzijde van de onderzoekslocatie en de openbare weg van de Zijlkade, is in het verleden afgebrand. Bij de bluswerkzaamheden is geen gebruik gemaakt van blusschuim (nagevraagd bij de veiligheidsregio).
Terreinverkenning
• •
Kaartmateriaal
Topotijdreis: De locatie is vanaf begin 1900 altijd weiland geweest. Voor zover te herleiden zijn er geen kassen, boomgaarden of sloten aanwezig geweest op de onderzoekslocatie.
Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU)
• •
De onderzoekslocatie betreft een deel van een weiland. Bij de terreininspectie is aandacht besteed aan het voorkomen van verdachte punten, zoals brandplaatsen, terreinophogingen of verzakkingen, aanwezigheid van puin op de bodem en de aanwezigheid van asbestverdachte bouw- en/of verhardingsmaterialen. Voornoemde aspecten zijn niet waargenomen. Tevens is er gelet op de invasieve exoot de ‘Japanse Duizendknoop’. Deze is op de onderzoekslocatie niet aangetroffen.
Op het Geoloket van de ODRU is voor de locatie en de nabijgelegen percelen geen informatie geregistreerd. Bodemkwaliteitskaart: De ontgravingsklasse van zowel de bovengrond als ondergrond is geclassificeerd als “Achtergrondwaarde”.
Bodemloket.nl
Geen aanvullende informatie
Geohydrologie (DinoLoket en Grondwaterkaarten TNO)
Holocene deklaag, bestaande uit zandige, kleiige en/of venige afzettingen: tot ca. 8 mmv Eerste watervoerend pakket, bestaande uit zandige afzettingen van de Formaties van Kreftenheye, Urk en Sterksel: dikte circa 40 meter Stromingsrichting van het freatisch grondwater (<10 m): beïnvloed door lokale factoren Stromingsrichting grondwater in eerste watervoerend pakket: noordwestelijk
In bijlage 1 zijn de kadastrale informatie, foto’s, gemaakt tijdens de terreininspectie, en de situatietekening bijgevoegd. In bijlage 5 zijn relevante gegevens van het vooronderzoek opgenomen.
2.3
Hypothese
Ten behoeve van het opstellen van de onderzoekshypothese(s) dienen de volgende onderzoeksvragen te worden beantwoord: Wat is de afbakening van de onderzoekslocatie? De begrenzing van de onderzoekslocatie is weergegeven op de situatietekening in bijlage 1. Is sprake van bodemvreemde lagen en waar bevinden deze zich? Er is op grond van het vooronderzoek geen aanleiding om te verwachten dat sprake is van bodemvreemde lagen. Is de bodem asbestverdacht? Omdat op grond van het vooronderzoek geen bodemvreemde lagen worden verwacht, is de bodem vooralsnog onverdacht voor asbest. Welke kwaliteitsklasse is toegekend aan de bodem in de bodemkwaliteitskaart en welke lagen zijn daarbij te onderscheiden? De ontgravingsklasse van zowel de bovengrond als ondergrond is geclassificeerd als “Achtergrondwaarde”. Is er sprake van beïnvloeding vanuit de omgeving van de bodemkwaliteit of de kwaliteit van het grondwater? Er wordt niet verwacht dat eventuele activiteiten op de omliggende percelen de bodemkwaliteit op het onderzoeksterrein negatief hebben beïnvloed.
Verkennend bodemonderzoek Zijlkade 35 te Nieuwland 21-2244-R01AvH
pag. 3 van 7
Is de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem afdoende bekend of is bodemonderzoek noodzakelijk? Er is op de locatie nog geen bodemonderzoek uitgevoerd; derhalve is de uitvoering van bodemonderzoek nodig. Wordt op de locatie of een deel daarvan (een geval van ernstige) bodemverontreiniging vermoed? Op grond van de verzamelde informatie wordt niet verwacht dat sprake is van een bodemverontreiniging op de locatie. Is er sprake van potentiële bronnen van bodemverontreiniging, waar liggen ze en wat zijn verdachte parameters? Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn geen potentiële bronnen van bodemverontreiniging bekend. Welke hypothese en strategie zijn van toepassing bij de uitvoering van bodemonderzoek? Voor wat betreft de algemene bodemkwaliteit wordt er vanuit gegaan dat sprake is van een onverdachte locatie en is de onderzoeksstrategie voor een ‘onverdachte niet-lijnvormige locatie’ (ONV-NL, NEN 5740) van toepassing.
Verkennend bodemonderzoek Zijlkade 35 te Nieuwland 21-2244-R01AvH
pag. 4 van 7
3. OPZET, UITVOERING EN RESULTATEN VERKENNEND BODEMONDERZOEK NEN 5740
3.1
Onderzoeksopzet
Op basis van de in het vorige hoofdstuk geformuleerde hypothese en onderzoeksstrategie is de minimaal benodigde onderzoeksinspanning bepaald. In onderstaande tabel is aangegeven welke werkzaamheden en analyses volgens de NEN 5740 worden verricht. Tabel 2 Veldwerkzaamheden en analyses Locatie
Strategie
Opp. 300 m2
ONV-NL
Verklaring tabel: m-mv: meter-maaiveld NENG :
NENW :
Veldwerk
Analyses
boringen
peilbuizen
bg
og
gw
2x 0,5 m-mv 1x 2,0 m-mv
1x
1x NENG
1x NENG
1x NENW
bg: bovengrond
og: ondergrond
gw: grondwater
standaard pakket grond (droge stofgehalte, organisch stof- en lutumgehalte, 9 zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK 10 VROM), polychloorbifenylen (PCB), minerale olie) standaard pakket grondwater (9 zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), vluchtige aromatische koolwaterstoffen (benzeen, tolueen, ethylbenzeen, xylenen, naftaleen en styreen), vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen (VOCl, 11 stuks), minerale olie)
Het onderzoek naar de aanwezigheid van asbest in en op de bodem beperkt zich tot het doen van waarnemingen tijdens de terreininspectie en tijdens het boren. Dit asbestonderzoek is indicatief. Specifiek onderzoek naar de aanwezigheid van asbest in grond en/of puin, conform de NEN 5707/5897, maakt geen onderdeel uit van dit bodemonderzoek. 3.2
Uitvoering veldwerk
De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd conform BRL SIKB 2000 en de daarbij horende protocollen 2001 en 2002. De uitvoerend veldmedewerker, dhr. P. van Achterberg, is in dit kader geregistreerd bij Rijkswaterstaat Leefomgeving. Op 29 november 2021 zijn in totaal 4 boringen (boringen 101 t/m 104) geplaatst, in diepte variërend van 0,5 – 2,0 m-mv. Boring 104 is afgewerkt met een peilbuis ten behoeve van het grondwateronderzoek. De situering van de boringen en de peilbuis en enkele overzichtsfoto’s zijn weergegeven in bijlage 1.2 en 1.3. Het omhoog gebrachte bodemmateriaal is ter plaatse zintuiglijk beoordeeld, de vrijgekomen grond is geclassificeerd en bodemvreemde elementen en waarneembare afwijkingen (zoals kleur, geur, bijmengingen, verontreinigingen) zijn beschreven in boorprofielen, welke in bijlage 2 zijn bijgevoegd. Bij iedere boring zijn monsters genomen van de te onderscheiden bodemlagen. De bodem op de locatie bestaat uit veen tot de maximale boordiepte. Er zijn geen zintuiglijke waarnemingen gedaan die kunnen duiden op de aanwezigheid van bodemverontreinigingen. Het grondwater bevond zich tijdens het veldwerk op een diepte van 0,5 m-mv. In en op de bodem is geen asbestverdacht (plaat)materiaal waargenomen; onder asbestverdacht (plaat)materiaal wordt materiaal verstaan dat op basis van voorkennis en/of een visuele beoordeling een hoeveelheid asbest zou kunnen bevatten.
Verkennend bodemonderzoek Zijlkade 35 te Nieuwland 21-2244-R01AvH
pag. 5 van 7
Het grondwater uit de geplaatste peilbuis 104 is op 7 december 2021 door dhr. P. van Achterberg zorgvuldig afgepompt en bemonsterd. De resultaten van de veldmetingen en eventuele bijzonderheden zijn weergegeven in onderstaande tabel. Tabel 3 Resultaten veldmetingen en waarnemingen tijdens monstername grondwater Peilbuis 104
Filterstelling (m-mv)
Grondwaterstand (m-mv)
pH
EGV (µS/cm)
Troebelheid (NTU)*
Bijzonderheden
1,00 - 2,00
1,40
6,2
1167
28
-
Verklaring tabel: pH: zuurgraad EGV: elektrisch geleidend vermogen *: Bij een NTU >10 dient het grondwater als troebel te worden beschouwd
Tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden zijn geen kritieke afwijkingen van de proceseisen opgetreden. 3.3
Uitvoering chemisch-analytisch onderzoek
In onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van de geanalyseerde grond- en grondwatermonsters en de uitgevoerde analyses. De analyseresultaten zijn getoetst aan het vigerende bodembeleid en zijn eveneens weergegeven in de tabel. Daarbij zijn alleen de parameters vermeld die verhoogd zijn ten opzichte van de achtergrond- c.q. streefwaarde(n). De analysecertificaten zijn bijgevoegd in bijlage 3. In bijlage 4 is het wettelijk toetsingskader beschreven en is de uitgebreide toetsing van de analyseresultaten bijgevoegd. Tabel 4 Overzicht grond- en grondwatermonsters en analyseresultaten Grond
Boring met traject (m-mv)
Analyse
Toelichting
101 (0,00 - 0,50) MM1
MM2
102 (0,00 - 0,50) 103 (0,00 - 0,50)
> AW
NENG
Venige bovengrond
(0,01) Kwik (-) Lood (0,06)
101 (0,50 - 1,00)
Kobalt (0,04)
104 (0,50 - 1,00)
> I
-
-
-
-
Molyb deen
104 (0,00 - 0,50) 101 (1,00 - 1,50)
> T
NENG
Venige ondergrond
104 (1,00 - 1,50)
Nikkel (0,14) Molyb deen (0,01)
Grondwater
Filterstelling ( m-mv)
Analyse
Toelichting
> S
> T
> I
104-1-1
1,00 - 2,00
NEN W
-
Barium (0,16)
-
-
Verklaring tabel: NENG : 9 zware metalen, PAK, PCB, minerale olie, droge stofgehalte, organisch stof- en lutumgehalte NENW : 9 zware metalen, vluchtige aromatische en gehalogeneerde koolwaterstoffen, minerale olie > AW : overschrijding achtergrondwaarde(n) > S : overschrijding streefwaarde(n) > T : overschrijding voormalige tussenwaarde(n) >I : overschrijding interventiewaarde(n) : geen overschrijding (getal) : verontreinigingsfactor t.o.v. de interventiewaarde (interventiewaarde is factor 1) (-) : verontreinigingsfactor is kleiner dan 0,01
Verkennend bodemonderzoek Zijlkade 35 te Nieuwland 21-2244-R01AvH
pag. 6 van 7
4. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
In opdracht van Plannen-Makers heeft Inventerra in november-december 2021 een verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5740 verricht op de locatie aan de Zijlkade 35 te Nieuwland. De onderzoekslocatie, met een oppervlakte van circa 300 m², is in gebruik als weiland. De aanleiding voor het bodemonderzoek is de voorgenomen wijziging van de bestemming, in verband met de geplande nieuwbouw van een woning. Het doel is het vaststellen van de huidige bodemkwaliteit en of deze bodemkwaliteit geen belemmering vormt voor het huidige en toekomstige gebruik. Op basis van het uitgevoerde vooronderzoek is een hypothese opgesteld met betrekking tot een mogelijke verontreinigingssituatie in de bodem, namelijk onverdacht voor bodemverontreiniging. Uit de resultaten van het verkennend bodemonderzoek wordt het volgende geconcludeerd: • De zintuiglijk onverdachte bovengrond op de locatie (0 – 0,5 m-mv) is licht verontreinigd met molybdeen, kwik en lood. • De zintuiglijk onverdachte ondergrond op de locatie (0,5 – 1,5 m-mv) is licht verontreinigd met molybdeen, kobalt en nikkel. • In het grondwater op de onderzoekslocatie (peilbuis 104) is een licht verhoogde concentratie barium gemeten. Deze wordt beschouwd als een natuurlijk verhoogde achtergrondwaarde.
Op basis van het uitgevoerde bodemonderzoek dient de hypothese ‘onverdacht voor verontreiniging’ (strikt genomen) verworpen te worden, vanwege de aangetoonde licht verhoogde gehalten in de boven- en ondergrond. De aangetoonde verhoogde gehalten zijn echter zodanig licht verhoogd dat aanvullend onderzoek (eventueel op basis van een aangepaste onderzoeksstrategie) of nadere maatregelen ons inziens niet noodzakelijk worden geacht. Vanuit milieuhygiënisch oogpunt is het terrein geschikt voor de huidige en de toekomstige bestemming. Dit onderzoek is onder Kwalibo (een onderdeel van het Besluit bodemkwaliteit) uitgevoerd. Het betreft echter géén partijkeuring. Bij afvoer van grond of verhardingsmaterialen van de locatie kan er sprake zijn van beperkingen in de hergebruiksmogelijkheden en/of van verwerkingskosten. Ook kan door derden, ongeacht de resultaten van dit bodemonderzoek, een keuring van de af te voeren partij verlangd worden en/of een onderzoek naar PFAS. Bij graafwerkzaamheden in de grond dient rekening gehouden te worden met eventueel te treffen veiligheidsmaatregelen conform de CROW-publicatie 400. Voor verdere informatie hierover kunt u zich tot Inventerra wenden. Het bodemonderzoek heeft over het algemeen een geldigheid van 2 tot 5 jaar.
Verkennend bodemonderzoek Zijlkade 35 te Nieuwland 21-2244-R01AvH
pag. 7 van 7
BIJLAGEN
Bijlage 1 Bijlage 1.1 Bijlage 1.2 Bijlage 1.3
Weergave onderzoekslocatie Kadastrale gegevens Situatietekening(en) Foto’s
Bijlage 2
Boorprofielen
Bijlage 3
Analysecertificaten
Bijlage 4
Toetsingskader en toetsingswaarden
Bijlage 5
Resultaten vooronderzoek
Bijlage 6
Kwaliteitsaspecten van het onderzoek
Bijlage 1
Weergave onderzoekslocatie
Bijlage 1.1
Kadastrale gegevens
Kadastrale kaart
Uw referentie: 21-2244
Deze kaart is noordgericht
12345 25
Schaal 1: 2000
Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens
Kadastrale gemeente Sectie Perceel
Zederik E 49
Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 16 november 2021 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers
Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.
Bijlage 1.2
Situatietekening(en)
dijk Kanaal Zijlkade
E 18
E 643
E 17
E 49 3 Kanaaldijk
Bijlage 1.3 Foto 1
Foto 3
Foto’s Foto 2
Bijlage 2
Boorprofielen
Voor de mate van bijmenging met bijzondere bestanddelen worden de volgende gradaties en percentages gehanteerd: • Sporen <1% • Zwak <5% • Matig 5 – 15% • Sterk 15 – 50% • Uiterst 50 – 80% • Volledig >80%
Projectnummer: 21-2244 Projectnaam: Nieuwland
Boring:
101
Boring:
102
Datum plaatsing:
29-11-2021
Datum plaatsing:
29-11-2021
Boormeester:
Peter Achterberg
Boormeester:
Peter Achterberg
GWS (cm-mv):
50
GWS (cm-mv):
50
0
0
weiland
0
0
Veen, sterk kleiïg, donkerbruin, Edelmanboor
weiland Veen, sterk kleiïg, donkerbruin, Edelmanboor
1
1 -50
50
-50
50 Veen, donker roodbruin, Edelmanboor
2 100 3 150 4 -200
200
Boring:
103
Boring:
104
Datum plaatsing:
29-11-2021
Datum plaatsing:
29-11-2021
Boormeester:
Peter Achterberg
Boormeester:
Peter Achterberg
GWS (cm-mv):
50
GWS (cm-mv):
50
0
0
weiland
0
0
Veen, sterk kleiïg, donkerbruin, Edelmanboor
Veen, sterk kleiïg, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
weiland
1 -50
-50
50
Veen, donker roodbruin, Edelmanboor 2 100 3 150 4 200
-200