Bijlage 1 Eindrapport_Landschapsvisie Vijfheerenlanden.pdf
Tekst van het document
LANDSCHAPSVISIE VIJFHEERENLANDEN 2040 Een aantrekkelijk, vitaal en toekomstbestendig buitengebied voor de gemeente Vijfheerenlanden Oktober 2021
2
INHOUDSOPGAVE VOORWOORD
5
SAMENVATTING
7
VERGEZICHT 2040
13
1
INLEIDING
19
1.1 Doel van de landschapsvisie
19
1.2 Relatie met ander beleid
20
1.3 Interactief proces
20
1.4 Opbouw landschapsvisie
23
2
DE KRACHT VAN HET BUITENGEBIED
27
3
AANDACHTSPUNTEN EN ONTWIKKELINGEN
37
4
LANDSCHAPSVISIE
45
4.1 Sterke, toekomstbestendige landbouw
47
4.2 Robuuste en gevarieerde natuur
59
4.3 Klimaatbestendig en waterrobuust
65
4.4 Energie uit het gebied
71
4.5 Ruimte voor recreatie
75
4.6 Het landschap ontsloten
81
UITWERKING IN DEELGEBIEDEN
87
5.1 Uiterwaarden
91
5.2 Stroomruggen
99
5.3 Halfopen griendenlandschap
107
5.4 Veenweidelandschap met rivierinvloeden
115
5.5 Stads- en dorpsranden
125
5.6 Linten
133
6
VISIEKAART
141
7
UITVOERINGS-PERSPECTIEF
147
7.1 Kaderstelling
147
7.2 Sturingsfilosofie
148
7.3 Verankering van de landschapsvisie
149
7.4 Draagvlakvorming en samenwerking
150
7.5 Gebiedsgerichte integrale aanpak
151
7.6 Financiering
152
7.7 Uitwerking visie in concrete projecten en maatregelen
153
5
3
HERINNERING AAN HOLLAND Denkend aan Holland zie ik breede rivieren traag door oneindig laagland gaan, rijen ondenkbaar ijle populieren als hooge pluimen aan den einder staan; en in de geweldige ruimte verzonken de boerderijen verspreid door het land, boomgroepen, dorpen, geknotte torens, kerken en olmen in een grootsch verband. de lucht hangt er laag en de zon wordt er langzaam in grijze veelkleurige dampen gesmoord, en in alle gewesten wordt de stem van het water met zijn eeuwige rampen gevreesd en gehoord. Hendrik Marsman - 1936
4
VOORWOORD Met trots presenteer ik u onze landschapsvisie. Dit verhaal is tot stand gekomen in samenwerking met betrokken partners, ondernemers/agrariërs en inwoners van onze gemeente. We hebben als nieuwe gemeente één visie ontwikkeld voor het buitengebied van Vijfheerenlanden.
de grote maatschappelijke opgaven van de 21e eeuw op te lossen met behoud van het unieke karakter. Oplossingen die grote impact zullen hebben op de ruimte. Niet alles kan, dus zullen we keuzes moeten maken om de landschappelijke waarden te behouden. Dit vraagt tijd en een zorgvuldige aanpak.
Vijfheerenlanden is van oorsprong een prachtig, typisch Hollands landschap. In de afgelopen 80 jaar verdween echter een groot deel van het oorspronkelijke diverse en kleurrijke landschap en daarmee ook vele planten en dieren. Houtwallen, hagen, hoogstamboomgaarden moesten wijken voor wegen, woningbouw, en bedrijventerreinen. Dit kan zo niet doorgaan, dus tijd voor verandering. Nu het nog kan. Of zoals de schrijverfilosoof George Santayana (1863-1952) formuleerde: “Wie de geschiedenis niet kent is gedoemd haar te herhalen”. Dat is precies wat we niet moeten doen. Gemeente Vijfheerenlanden wil met trots op onze geschiedenis en onze traditie investeren in een duurzame toekomst voor ons kostbare landschap.
Voorliggende visie beoogt een duurzame balans tussen landbouw, natuur, waterbeheer, bodemdaling, recreatie, het opwekken van duurzame energie en alle andere belangen. Met als doel het ontwikkelen van ons gebied naar een aantrekkelijk, vitaal en toekomstbestendig landschap. Deze landschapsvisie gebruiken we om richting te geven aan ontwikkelingen in het buitengebied. De visie gaat ons helpen om keuzes te maken.
We staan voor grote opgaven op het gebied van doorontwikkeling van de landbouw, bodemdaling, toekomstbestendig waterbeheer, energietransitie, recreatie en biodiversiteit. Visievorming is nodig om antwoord te geven op de grote vragen van deze tijd, voor een stip op de horizon, een wervend toekomstperspectief voor het buitengebied. Ik ben trots op ons gebied. Deze trots voel ik ook bij onze inwoners, agrariërs en ondernemers. Het is geen gemakkelijke opgave, maar ons eeuwenoude open landschap biedt ons anno 2021 unieke kansen om
Alleen samen kunnen we dit realiseren. Samen met inwoners, agrariërs, ondernemers en andere betrokkenen, zoals het waterschap, de LTO en de agrarische natuurvereniging. Ik ben trots op de verbondenheid in ons gebied en kijk vol enthousiasme uit naar een goede samenwerking. Ik wens u veel leesplezier en inspiratie toe voor de toekomst van ons mooie buitengebied! Ik sluit af met het beroemde gedicht van Hendrik Marsman uit 1936 ‘Herinnering aan Holland’. Dit gedicht beschrijft beeldend het Nederlandse landschap en de eeuwige strijd tegen het water.
Maks van Middelkoop Wethouder Duurzaamheid/Landbouw
5
6
SAMENVATTING Het buitengebied van de Vijfheerenlanden is een prachtig, typisch Hollands landschap. We staan in het buitengebied voor grote opgaven waaronder een omvangrijke transitie van de landbouw, een energietransitie en klimaatadaptie die samen komen met de specifieke gebiedsopgaven zoals de bodemdaling in het veen en de zorg voor de weidevogels en biodiversiteit. Voor een duurzame toekomst is naast duurzame voedselproductie ook de zorg voor de kwaliteit van de bodem, het grondwater, de biodiversiteit en het landschap essentieel. Het buitengebied van Vijfheerenlanden is toe aan een nieuwe grote stap. Het toekomstbeeld voor 2040 gaat uit van een landschap waarin agrarische productie wordt gecombineerd met het realiseren en behouden van een gezonde bodem, schoon water, schone lucht, hoge mate van biodiversiteit en een aantrekkelijk landschap. Het buitengebied van Vijfheerenlanden is veranderd in een veelkleurig landschap. Door een nieuwe balans tussen landbouw, klimaatadaptatie, natuur, biodiversiteit, water, recreatie, energie, cultuurhistorie en de verschillende belangen is een aantrekkelijk, vitaal en toekomstbestendig landschap ontstaan waar de boeren en bewoners van Vijfheerenlanden trots op zijn en zich sterk verbonden mee voelen.
Doel van de visie
Totstandkoming van de visie
Er komen diverse opgaven op ons buitengebied af. Deze landschapsvisie is de eerste stap in het komen tot een beleid gericht op een goede balans tussen landbouw, natuur, waterbeheer, bodemdaling, recreatie, het opwekken van duurzame energie en alle andere belangen die spelen in het landelijk gebied. Deze landschapsvisie is ervoor bedoeld om al deze ontwikkelingen op elkaar af te stemmen en ervoor te zorgen dat de kwaliteiten van het landschap daarbij behouden of versterkt worden. De visie is een kader voor de uitwerking van het omgevingsbeleid van de gemeente en voor de toetsing van ruimtelijk plannen en projecten. Het uiteindelijke doel is het ontwikkelen van een aantrekkelijk, vitaal en toekomstbestendig buitengebied in Vijfheerenlanden. De visie legt geen ontwikkelingen vast, maar inspireert en nodigt particulieren, organisaties en (andere) overheden uit te komen met passende initiatieven en investeringen.
Om te komen tot de visie is een analyse gemaakt van de ontstaansgeschiedenis en is het huidige karakter van het buitengebied beschreven: wat zijn waardevolle kwaliteiten en wat zijn de aandachtspunten en opgaven die er nu spelen en op het gebied afkomen? Zaken zoals aanwezige landschapstypen, bodemsoorten, bestaande functies en bodemdaling zijn in kaart gebracht. Vervolgens is een uitgebreide beleidsanalyse uitgevoerd naar relevant beleid en visies over de thema’s landschap, landbouw, klimaat en economie. Hiervoor is lokale input gebruikt, maar ook regionaal en landelijk beleid. Tegelijkertijd is een participatieproces doorlopen met de partners in het gebied: de Streekhouders. Samen met de streekhouders zijn eerst de aanwezige kwaliteiten en knelpunten benoemd en is nagedacht over kansen en bedreigingen. Deze inbreng is samen met de gebiedsanalyse, het vigerend beleid en onderzoeken vertaald in zes kaarten met de koers per thema en de integrale landschapsvisiekaart. 7
Landschapsvisie buitengebied Vijfheerenlanden In deze landschapsvisie doen we een voorstel voor de ontwikkelrichting (koers) voor de lange termijn voor het buitengebied van Vijfheerenlanden: welke koers gaan we varen op weg naar 2040, wat is onze stip op de horizon? Uitgangspunt voor de koers voor de komende jaren is het behouden en waar mogelijk versterken van de bestaande kwaliteiten. Daarbij is het belangrijk op een goede manier in te spelen op de verschillende maatschappelijke trends, ontwikkelingen en andere aandachtspunten. De Landschapsvisie formuleert onze belangrijkste ambities voor het buitengebied aan de hand van een zestal thematische principes en uitgangspunten: 1. Sterke, toekomstbestendige landbouw: de landbouw blijft ook in de toekomst de belangrijkste drager van ons landelijk gebied. De ambitie is een transitie naar een duurzame en volhoudbare inrichting en beheer van het landelijk gebied en de landbouw in 2040 - met een goed perspectief voor de boer, ruimte voor planten en dieren en met een lage belasting van de omgeving en het klimaat. Met als basis een gezond natuurlijk bodem- en watersysteem. Daarbij kan het gaan om innovaties en technische oplossingen om nadelige effecten van de (reguliere) bedrijfsvoering te verkleinen. Waar mogelijk gaan we een stap verder en gaan we samen op zoek gaan naar (nieuwe) duurzame verdienmodellen en koppelkansen.
Samenwerking met provincie en waterschap is daarbij essentieel. Er zijn verschillende mogelijkheden om hier te komen die kansrijk zijn in Vijfheerenlanden en waar we ruimte aan bieden:
8
1. 2. 3. 4.
natuurinclusieve kringlooplandbouw; innovatieve vormen van ‘nat’ agrarisch gebruik; agroforestry; landbouwproductie in combinatie met landschapsverbetering; 5. boeren belonen voor ecosysteemdiensten; 6. verduurzaming en continuïteit in de fruitteelt; 7. op naar plattelandsbedrijvigheid. 2. Robuuste en gevarieerde natuur: de aanwezigheid van een gevarieerde en robuuste natuur is noodzakelijk voor een gezonde leefomgeving en versterkt de landbouwkundige en de recreatieve waarde van het gebied. De uiterwaarden van de Lek en Linge zijn van groot belang voor de natuur. We willen ‘buitendijkse natuur verbinden en versterken’, zodat zoveel mogelijk aaneengesloten natuurgebieden ontstaan langs de rivieren, met een natuurlijk systeem en bijbehorende dynamiek. Daarnaast is het ‘verbinden en versterken van binnendijkse natuur’ een ambitie. Ook de binnendijkse landschappen van Vijfheerenlanden bieden een grote verscheidenheid aan flora en fauna. Uitgangspunt is het ontwikkelen van gebiedseigen of kenmerkende natuurtypen. We hebben de ambitie (lokale) ecologische verbindingen te doen ontstaan: tussen de Zouweboezem en de Viaanse grienden; aansluitend daarop zuidelijk langs Vianen (‘van Lek tot Lek’) en langs de Diefdijk (tussen de Lek en de Linge).
3. Klimaatbestendig en waterrobuust: Het ‘klimaatbestendig worden en het zoveel mogelijk tegengaan van klimaatverandering’ pakken we waar mogelijk in regionaal verband op. In 2050 willen wij als gemeente een klimaatbestendig, adaptief en robuust bodem- en watersysteem hebben in ons buitengebied. In het landschap bieden we ruimte aan innovatieve maatregelen en experimenten die hieraan bij kunnen dragen zoals: verhogen van waterpeilen, vastleggen van CO2 en creëren van schaduwrijke plekken. De mate waarin de ‘bodem’ daalt varieert per gebied. Het is daarom belangrijk maatwerk te leveren per bodemtype. Door de ligging tussen de grote rivieren is ‘waterveiligheid’ een belangrijk aandachtspunt. In overleg met partners zoeken we bij dijkverbeteringen ook in de toekomst naar mogelijkheden om deze te combineren met dynamische (rivier) systeemmaatregelen, versterking van ruimtelijke kwaliteiten en andere opgaven. 4. Energie uit het gebied: We willen dat Vijfheerenlanden in 2050 energieneutraal is. De strategie hiervoor is om ten eerste flink energie te besparen. Daarnaast is het van belang dat de resterende energievraag wordt opgewekt met duurzame technieken. Interessant is dat het opwekken van duurzame elektriciteit in het gebied een financiële drager kan zijn voor bijvoorbeeld de beoogde transities in de landbouw, natuurontwikkeling en landschapsversterking.
In het kader van de RES zetten we voor de periode tot 2030 maximaal in op zonnepanelen op daken, waarmee we de opgave gedeeltelijk kunnen realiseren. Daarnaast zijn er tot 2030 naar verwachting drie extra (grote) windturbines nodig (naast de drie bestaande windturbines nabij Autena) om de tussentijdse
doelstelling voor 2030 te halen of vele kleinere windturbines ten behoeve van lokaal gebruik. Voor de langere termijn (2030-2050) gaan we op zoek naar aanvullende innovatieve maatregelen, zoals zon op de (agrarische) daken en kleine windturbines bij agrarische bedrijven. Met het toepassen van zonneakkers zijn we terughoudend. Voorwaarden zijn in alle gevallen een goede landschappelijke inpassing en meervoudig ruimtegebruik en een bijdrage aan de landschapskwaliteit. 5. Ruimte voor recreatie: Vijfheerenlanden biedt ‘rust en ruimte in een dichtbevolkte regio’. Een mooi landschap is in de eerste plaats waardevol voor bewoners van Vijfheerenlanden, maar ook recreanten en toeristen van buiten de gemeente kunnen er van genieten. Een ‘gevarieerd recreatieaanbod’ kan de aantrekkingskracht vergroten. We willen particulieren de ruimte geven om het aanbod van dagrecreatieve activiteiten en verblijfsrecreatieve voorzieningen mits deze passen in het landschap - te vergroten. Met ‘gebiedspromotie’ willen we ervoor zorgen dat de recreatieve trekkers goed bekend zijn in de regio en daarbuiten. 6. Het landschap ontsloten: we willen de kernen via logische, veilige en aantrekkelijke groene wandelen fietsroutes verbinden met het landschap van de uiterwaarden van de Lek en Linge en met de Vijfheerenlandse polders.
We streven naar het opheffen van barrières in recreatieve routes , zodat een aantrekkelijk en samenhangend recreatief netwerk ontstaat. Wanneer mogelijkheden zich voordoen willen we ontbrekende schakels in routestructuren van de stad naar het platteland toevoegen. Ook zetten we in op het toevoegen van nieuwe fiets-, wandel- en vaarverbindingen.
9
10
Deelgebieden
Uitvoeringsperspectief
De thematische principes en uitgangspunten zijn verder integraal uitgewerkt voor de verschillende deelgebieden binnen de gemeente met een eigen karakter. Samen vormen de deelgebieden
In het laatste hoofdstuk wordt een eerste indicatie gegeven voor de manier waarop deze landschapsvisie uitgevoerd kan worden. De rolneming van de gemeente Vijfheerenlanden wordt beschreven, de partners die nodig zijn bij de uitvoering en een eerste schets van de uitwerking van de visie in concrete projecten en maatregelen en financiering. De landschapsvisie is een belangrijke bouwsteen voor de (in 2022) op te stellen Omgevingsvisie Vijfheerenlanden. De bedoeling is om na vaststelling van de landschapsvisie een meer concreet uitvoeringsprogramma op te stellen, waarin ook de personele en budgettaire consequenties worden aangegeven. Het uitvoeringsprogramma zal dan ook in de beleidscyclus van de omgevingsvisie worden geformaliseerd.
het landschappelijk raamwerk dat de basis vormt voor toekomstige ontwikkelingen in het buitengebied van Vijfheerenlanden. We onderscheiden de volgende deelgebieden met elk een eigen karakter: • • • • • •
uiterwaarden; stroomruggen; halfopen griendenlandschap; veenweidelandschap met rivierinvloeden; stads- en dorpsranden; linten.
Van elk deelgebied zijn de karakteristieken beschreven die samen de huidige identiteit vormen. Vervolgens beschrijven we de koers op hoofdlijnen op weg naar 2040: hoe willen we de bestaande kwaliteiten van het deelgebied behouden en versterken, en welke typen ontwikkelingen kunnen daaraan bijdragen, rekening houdend met de thematische principes en uitgangspunten? Hiermee hopen we inwoners en partijen te stimuleren met passende initiatieven te komen.
11
Vitaal en veelkleurig landschap met meerwaarde Het is 2040. De zon komt op en de weidevogels ontwaken in het open weidelandschap van Vijfheerenlanden. Gruttooo, gruttooo! Een heerlijk getetter, een feest om te horen! Ze gaan op zoek naar insecten en hoeven daar niet lang voor te zoeken, want in de kruidenrijke weilanden zoemt het. Ook de grazende koeien genieten van de bloemrijke weilanden en het afwisselende menu. In de zomer staan de Blaarkoppen op de natuurrijke graslanden in de uiterwaarden. Hier kun je (net als de rivier) heerlijk ‘traag door oneindig laagland’ wandelen. ’s Winters vangen de uiterwaarden overtollig regen- en smeltwater op. In elk jaargetijde bieden de dynamische uiterwaarden dan ook een andere beleving. Achter de versterkte bloemdijken liggen de prachtige hoogstamboomgaarden en zijn er verschillende akkers op de stroomruggen uitgegroeid tot voedselbossen met een diversiteit aan peren, noten, pruimen en bessenstruiken. De bossen worden afgewisseld met bloemrijke weides en natuurrijke akkers met oude gewassen zoals hennep. Het is de plek waar de buurt, stedelingen en recreanten kunnen proeven en snoepen van bessen en frambozen, aardbeien kunnen plukken en peren, pruimen en noten kunnen verzamelen. Tot diep in de herfst zijn de voedselbossen vruchtdragend. In de winter vormt de kunst van het snoeien
12
een jaarlijks terugkerend ritueel, want snoei geeft groei en een steeds rijkere oogst. De bodems van de voedselbossen houden het regenwater vast als een spons. Het halfopen griendenlandschap is versterkt met nieuw bos, met een grote rijkdom aan flora en fauna. Het is een blauw dooraderd klimaatbos met hoge natuur- en recreatiewaarden tussen de stroomruggen langs de Lek, de Diefdijk en het open veenweidelandschap. Het gebied is een proeftuin voor verschillende vormen van natte natuurontwikkeling, natte teelten en bosbouw. Hier worden de mogelijkheden onderzocht hoe nieuw bos als zoetwaterbuffer en als bouwmateriaal kan werken en er wordt geëxperimenteerd met innovatieve natte teelten, zoals Kleine en Grote lisdodde, Azolla, et cetera. Tussen de natte broekbossen en grienden grazen blaarkoppen en schapen, die kleiner zijn en ‘lichter’ op de poten staan op deze drassige weiden. Van november tot april, wanneer de wilgen geen blad dragen, zijn de griendwerkers met het hakmes aan de slag. In het voorjaar keert de rust weer. Op verschillende plekken liggen er grote stapels geoogst griendhout, klaar om lokaal verwerkt te worden tot manden, hoepels van tonnen, oeverbeschoeiing, maar ook voor het vlechten van matten ter versteviging van dijken.
Het buitengebied van Vijfheerenlanden is veranderd in een veelkleurig landschap waar een reeks van belevingen mogelijk is, een landschap met meerwaarde.
VERGEZICHT 2040
Nieuwe balans in het buitengebied In 2040 is het buitengebied van Vijfheerenlanden gebaseerd op een robuust watersysteem en een veerkrachtige bodem. Het watersysteem deint met de seizoenen mee en het peilbeheer is gedifferentieerd en flexibel en afgestemd op basis van de verschillen in de bodemopbouw. Dit levert een veelkleurig en toekomstbestendig landschap op met verschillende vormen en intensiteiten van landgebruik. Het is een landschap met nieuwe smaken, geuren en geluiden, waarin agrarische productie gecombineerd wordt met de productie van een gezonde bodem, schoon water, schone lucht, een hoge biodiversiteit en een aantrekkelijk landschap. In 2040 is landbouw nog steeds een belangrijke drager in het gebied. De vorm van landbouw is wel anders dan twintig jaar geleden: de boeren in het gebied hebben een transitie gemaakt naar natuurinclusieve landbouw. Ze experimenteren met innovatieve vormen van ‘nat’ agrarisch gebruik, nieuwe bossen en boeren worden beloond voor ecosysteemdiensten. Meer boeren hebben de transitie van agrarische productiebedrijvigheid naar bredere plattelandsbedrijvigheid gemaakt. Bewoners zien dat de boeren tevreden hun duurzaam geproduceerde lokale energie benutten ten behoeve van hun bedrijfsvoering en energie leveren aan de inwoners van de omliggende dorpen en steden. Het
buitengebied is niet alleen een landbouwgebied, maar een landschap waar landbouw, natuur, water, cultuurhistorie, recreatie, toerisme, energie, wonen, werken en zorg met elkaar verbonden zijn en elkaar versterken. De beleving vanuit boeren, inwoners en bezoekers wordt gevoeld als een warme landschapsdeken die uitnodigt om er intens in op te gaan. Boeren genieten van alles wat de natuur hen biedt en maken dankbaar gebruik van de eindeloze kringloop van al hetgeen hun bedrijfsvoering oplevert. Door dat de boeren hun bedrijfsvoering zorgvuldig afstemmen op de ontwikkeling van de natuur, groeit de biodiversiteit in de regio weer naar het niveau van de vorige eeuw. Door mozaïekbeheer met flexibel peilbeheer, gespreid maaien en weidegang ontstaan er mogelijkheden voor vernatting op perceelsniveau. De boer beweegt mee met de seizoenen. Riet en wilgentenen uit het buitengebied worden als strooisellaag gebruikt in de moderne (pot) stallen. Voedselbossen, klimaatbossen en nieuwe natte teelten verrijken het landschap. De innovatiekracht in het gebied is groot. Boeren werken integraal samen met het waterschap, de provincie, gemeente en inwoners aan een toekomstbestendig buitengebied waarin landbouwproductie wordt gecombineerd met landschapskwaliteiten. Er is - om in de termen van Panorama Nederland (2018) te spreken - sprake van een New Deal tussen boer en maatschappij,
13
waarbij de voedselproductie weer in evenwicht is met andere maatschappelijke belangen en met de natuur. De opbrengsten van de New Deal zijn aanzienlijk: een eerlijk inkomen voor de boeren, schoon water en een schone lucht, een gezonde bodem, meer biodiversiteit en een aantrekkelijk landschap, gezond voedsel en uiteindelijk ook een gezonde mens. Door een nieuwe balans tussen landbouw, klimaatadaptatie, natuur, biodiversiteit, water, recreatie, energie met aandacht voor de overgang stadland, cultuurhistorie en de verschillende belangen is een aantrekkelijk, vitaal en toekomstbestendig landschap ontstaan waar de boeren en bewoners van Vijfheerenlanden trots op zijn.
Stad en land verbonden Met alle cultuurhistorisch-landschappelijke waarden is het haast niet voor te stellen dat de gemeente Vijfheerenlanden onderdeel is van de drukke Metropoolregio Utrecht. Met een grootstedelijk gebied in de buurt zijn veel voorzieningen relatief dichtbij. Het landschap vormt de onderscheidende kwaliteit die er voor zorgt dat veel mensen hier willen wonen, werken en recreëren, in een gezonde groene omgeving. De stad en het landschap hebben elkaar nodig, bijvoorbeeld in de energieopgave van de steden en dorpen in de omgeving. In een aantal stads- en dorpsranden zijn door lokale initiatiefnemers kleinschalige zonneakkers landschappelijk
14
ingepast, waar duurzame energie wordt opgewekt voor de lokale energiebehoefte. Tussen en rond de zonnepanelen is voldoende ruimte voor bloemrijk grasland en natuurlijke wateren, waar dieren als ringslang en heikikker een leefgebied hebben. De verbinding tussen stad en platteland is sterk. Er zijn steeds meer kansen voor boeren om in de nabije omgeving af te zetten. Bijna iedereen in en rond Vijfheerenlanden koopt lokale producten en betaalt daar een eerlijke prijs voor. Ook kunnen mensen uit dorp of stad een ommetje maken vanuit huis door het buitengebied. Zo kunnen ze even buiten zijn, ontspannen en genieten van de rust en de verbinding voelen met het rijke en biodiverse landschap van de polders en de rivieren. De polders zijn doorregen met kleinschalige boerderijlinten die de rivierstadjes en dorpen verbinden. De boerderijen, gelegen tussen de velden aan de linten, liggen er welvarend bij. Op de gastvrije agrarische bedrijven worden streekproducten verkocht, kunnen bedrijven bezocht worden en zijn er mogelijkheden om kort of wat langer te verblijven in het landschap van Vijfheerenlanden. Vijfheerenlanden is een aantrekkelijk, waardevol landschapsinclusief landbouwgebied, sterk verbonden met de bewoners van het omliggende stedelijk gebied. Boeren verdienen niet alleen hun geld meer met de productie van melk, fruit of de teelt van gewassen.
Een deel van hun inkomsten komt uit de productie van energie, het onderhouden van het landschap
en de natuur en het bieden van ervaringen aan mensen van binnen en buiten het gebied. Vijfheerenlanden biedt in 2040 een levendig buitengebied met voldoende aanbod aan recreatieve activiteiten, zowel langs de rivier als op het platteland. Bezoekers genieten van de rust, de ruimte en het afwisselende aanbod voor een dagje uit of een korte vakantie. Het recreatieve netwerk met langzaamverkeersverbindingen over land en water is verbeterd. De waterbus is doorgetrokken met extra stops, er is een snelfietsroute vanuit Gorinchem via Meerkerk en Vianen naar Utrecht gerealiseerd en het fietsrondje Dijkring 16 is een aantrekkelijke, groene fietsroute geworden. Via groene verbindingen vanuit de kernen zijn de uiterwaarden van de Lek en de Linge en het binnendijkse polderlandschap goed bereikbaar. De waterfronten en de historische steden Leerdam, Vianen en Ameide zijn toeristische knooppunten die druk worden bezocht en als uitvalsbasis worden gebruikt voor fiets- en wandeltochten in de omgeving. Vianen is het stedelijke bruggenhoofd van de Utrechtse regio en is met knooppunt(en) van hoogwaardig openbaar vervoer (HOV) een opstappunt voor reizigers uit het zuiden met bestemmingen in het stedelijk gebied van Utrecht.
en andere maatschappelijke activiteiten. De ondernemers en bewoners zijn zeer creatief in het bedenken van nieuwe ideeën als ergens vraag naar is. Hieruit komen steeds nieuwe dingen naar voren. Bedrijfsvoeringen worden aangepast aan de nieuwste trends en er worden bewonersinitiatieven ontplooid. Aanbieders zijn goed van elkaar op de hoogte van wat ze in het landelijk gebied leveren. Hierdoor voorkomen ze dat ze allemaal hetzelfde doen, wat heeft geresulteerd in een afwisselend aanbod. Ze kopen de producten bij elkaar in en verwijzen mensen naar elkaar door. Op deze manier is een plattelandsketen gevormd en verdienen meerdere aanbieders iets aan dezelfde klant. Dit is een goede stimulans voor de plattelandseconomie. Op deze manier wordt geld in het gebied verdiend, waarmee het landelijk gebied wordt onderhouden. Het motto van inwoners, ondernemers, organisaties uit het gebied en de gemeente is dat we elkaar nodig hebben om ons voortdurend aan te kunnen passen aan nieuwe omstandigheden, ontwikkelingen en kennis. Samen zijn we slimmer en sterker. Nieuwe vormen van samenwerking moeten we blijvend onderzoeken en stimuleren. De toekomst van het buitengebied is de toekomst van ons allemaal!
Naast de recreatiebehoefte is er ook voldoende ruimte in het buitengebied van Vijfheerenlanden voor andere vragen uit de stad. Er zijn bijvoorbeeld zorgfuncties, leerbedrijfjes
15
16
1. INLEIDING
17
18
1
INLEIDING
1.1 Doel van de landschapsvisie Waarom een landschapsvisie? Het landelijk gebied is dynamisch en veelkleurig. Er gebeurt enorm veel tegelijk: er is veel agrarische bedrijvigheid, er wordt gerecreëerd en het is leefgebied van flora en fauna. Tegelijk komen er diverse opgaven op ons buitengebied af. Met deze landschapsvisie willen we komen tot een beleid gericht op een goede balans tussen landbouw, natuur, waterbeheer, bodemdaling, recreatie, het opwekken van duurzame energie en alle andere belangen die spelen in het landelijk gebied. Het uiteindelijke doel is het ontwikkelen van een aantrekkelijk, vitaal en toekomstbestendig buitengebied in Vijfheerenlanden. De landschapsvisie bevat - naast een visie - een actieplan met een eerste aanzet tot een uitvoeringsprogramma dat moet bijdragen aan het daadwerkelijk realiseren van de visie. De landschapsvisie is een belangrijke bouwsteen voor de (in 2022) op te stellen Omgevingsvisie Vijfheerenlanden. Het uitvoeringsprogramma zal dan ook in de omgevingsvisie worden geformaliseerd.
Inspireren en uitnodigen De landschapsvisie schetst een richting voor de toekomstige ontwikkeling van het landelijk gebied. Die richting (koers) is niet in steen gegoten. Er blijft ruimte voor flexibiliteit en aanpassingen richting 2040. De visie legt dan ook geen ontwikkelingen vast, maar inspireert en nodigt agrariërs, particulieren, organisaties en (andere) overheden uit te komen met passende initiatieven en investeringen. Met de landschapsvisie willen we vooral enthousiasmeren, verleiden en inspireren. Initiatiefnemers krijgen (indien gewenst) meer ontwikkelruimte op voorwaarde dat hun initiatief bijdraagt aan de gewenste inrichting en kwaliteit van het deelgebied (‘ja, mits’). Om inhoudelijk richting te geven aan bestaande en toekomstige initiatieven hebben we onze belangrijkste ambities voor het buitengebied aan de hand van een zestal thematische principes en uitgangspunten beschreven (zie hoofdstuk 4). Deze ambities hebben we (in hoofdstuk 5) uitgewerkt in een landschappelijk raamwerk van deelgebieden met een eigen karakter (op basis van de landschapstypen). Hierbij hebben we per deelgebied de gewenste koers (ontwikkelrichting) op weg naar 2040 beschreven, waarbij we hebben aangegeven welke typen ontwikkelingen aan die koers kunnen bijdragen. Het landschappelijk raamwerk zal onderdeel worden van de omgevingsvisie.
19
1.2 Relatie met ander beleid De landschapsvisie gaat in op hoe om te gaan met het landelijke buitengebied. De opgaven die in deze visie aandacht krijgen zijn gevoed door landelijke, provinciale, regionale en lokale beleidsstukken op het gebied van landschap, landbouw en natuur. Vanuit de Rijksoverheid wordt er in de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) en het Klimaatakkoord urgentie gecreëerd voor een aantal grote opgaven die relevant zijn voor het Nederlandse buitengebied en de Nederlandse landbouw. Hier is door het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit verder richting aan gegeven in de visie op kringlooplandbouw ‘Landbouw, Natuur en Voedsel: Waardevol en Verbonden’. Op provinciaal niveau geven de omgevingsvisies van de provincies Utrecht en Zuid-Holland richting. Ook het Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP) van de U10 schept urgentie op de vraagstukken die in deze visie behandeld worden. Bij het opstellen van de landschapsvisie zijn deze en vele andere relevante regionale beleidsstukken gebruikt om koers te bepalen. Daarnaast zijn ook beleidsvisies van belangenverenigingen en andere belanghebbenden meegenomen als input voor deze visie. In gemeente Vijfheerenlanden spelen naast het behoud en versterken van natuur en landschap ook andere opgaven. Zaken als wonen, werken en mobiliteit behoeven ook aandacht.
Echter, deze ontwikkelingen vinden voornamelijk plaats in het stedelijk gebied. Dat is geen onderdeel van deze landschapsvisie. De verbinding tussen de verschillende visies wordt uiteindelijk gelegd in de omgevingsvisie Vijfheerenlanden.
1.3 Interactief proces In een compact en interactief proces hebben we samen met verschillende partijen uit het buitengebied gesproken om te komen tot een breed gedragen landschapsvisie. In de streek is veel deskundigheid aanwezig. Mensen uit de streek kennen het gebied als geen ander, weten wat de specifieke kwaliteiten zijn, waar welke knelpunten spelen en waar kansen liggen om tot oplossingen te komen. Deze deskundigheid is aangewend om tot een gedragen plan te komen dat kan rekenen op draagvlak en uitvoeringsbetrokkenheid. Tijdens een viertal online ‘ontmoetingstafels’ begin 2021 hebben we met agrariërs, bewoners, ondernemers en initiatiefnemers in het gebied (ook wel ‘streekhouders’ genoemd) en andere betrokkenen (zoals het waterschap, de LTO en de agrarische natuurvereniging) van gedachten gewisseld. Het doel was zoveel mogelijk lokale kennis en informatie te 20
Om ons voortdurend aan te kunnen passen aan nieuwe omstandigheden, ontwikkelingen en kennis hebben we elkaar nodig (kennis, middelen, kansen koppelen, etc.). Samen zijn we slimmer en sterker om zowel de strategie te bepalen evenals deze in de praktijk tot uitvoering te brengen.
verzamelen. Er is gesproken over de opbouw en kwaliteiten van het landschap en over de belangrijke aandachtspunten en grote opgaven die op ons af komen en hoe we daarop kunnen inspelen. Gezamenlijk hebben we gezocht naar mogelijke oplossingsrichtingen en hebben we koppelkansen in beeld gebracht. Ook is de gemeenteraad in februari 2021 via een Vijfherenlandenplein zelf in gesprek gegaan met de verschillende streekhouders. Tijdens die avond is in co‐creatie met elkaar van gedachten gewisseld en gesproken over de actuele thema’s, zoals natuur, water/bodem, landbouw en recreatie, die van invloed zijn op de verandering en toekomst van het buitengebied. Parallel heeft participatie over duurzame opwekking van energie (windmolens en zonne-energie) plaatsgevonden. Er heeft een VHLplein plaatsgevonden en een informatief webinar. Tot eind april kon men meedenken via een enquête over het gebruik van zonneakkers en windturbines en aangeven welke locaties men hiervoor geschikt en minder geschikt vindt. De resultaten hiervan zijn als input meegenomen bij het opstellen van de landschapsvisie. Aan de hand van alle waardevolle ideeën, wensen en opgaven die zijn meegegeven, hebben wij de onderscheidende kwaliteiten en identiteiten van het buitengebied, maar ook de specifieke vraagstukken voor de toekomst in beeld gebracht.
In het voorjaar van 2021 is de landschapsvisie verder uitgewerkt tot een toe¬komstperspectief voor het buitengebied met daarin de koers voor de toekomst. De ontwerp-landschapsvisie is tot slot begin september 2021 gepresenteerd via het Vijfherenlandenplein en besproken in de vergadering van de Commissie Ruimte, Verkeer en Economie op 13 september 2021. Ook is er een terugkoppeling gegeven aan de diverse streekhouders. Op diverse punten is de landschapsvisie vervolgens aangepast en verder uitgewerkt tot voorliggende landschapsvisie voor het buitengebied van de Vijfheerenlanden met bijbehorend uitvoeringsperspectief, als één van de bouwstenen van de omgevingsvisie. Net zoals de visievorming, zullen ook de uitwerking van de visie en uitvoering van concrete maatregelen steeds in samenwerking met alle betrokken partijen plaatsvinden. Dit wordt toegelicht in hoofdstuk 7.
21
22
1.4 Opbouw landschapsvisie De landschapsvisie is als volgt opgebouwd. In hoofdstuk 2 vindt u een beschrijving van de kracht van het buitengebied: wat is karakteristiek voor het buitengebied van Vijfheerenlanden en waarom is dat bijzonder? In dit hoofdstuk geven we een overzicht van de belangrijkste kwaliteiten. Deze kwaliteiten willen we voor een groot deel behouden en vormen daarom het vertrekpunt op weg naar de toekomst. Ook geven we een overzicht van de historische ontwikkeling van het gebied, om te laten zien dat het gebied altijd al in ontwikkeling is geweest. In hoofdstuk 3 beschrijven we de belangrijkste aandachtspunten en ontwikkelingen voor het gebied. Welke zaken kunnen nog worden verbeterd en met welke trends en ontwikkelingen die invloed kunnen hebben op onze kwaliteiten (denk bijvoorbeeld aan bodemdaling, de energietransitie, de achteruitgang van de biodiversiteit en de toenemende vraag naar recreatiemogelijkheden) moeten we de komende jaren rekening houden? Deze ontwikkelingen hebben hoe dan ook een effect op het landschap. Als we er niet adequaat op reageren. zullen de kwaliteiten die zo gewaardeerd worden in het gebied teruglopen.
In hoofdstuk 4 beschrijven we de visie voor de lange termijn: in welke richting willen we dat het buitengebied zich gaat ontwikkelen op weg naar het jaar 2040, wat is onze stip op de horizon? In dit hoofdstuk beschrijven we de belangrijkste ambities voor zes thema’s. In hoofdstuk 5 werken we ambities op de verschillende thema’s integraal uit voor verschillende deelgebieden met een eigen karakter. Voor elk deelgebied beschrijven we eerst de huidige kenmerken en geven we vervolgens aan hoe we de koers richting 2040 vorm willen geven en welke ontwikkelingen daarbij passen. In hoofdstuk 6 treft u de visiekaart. Op deze kaart ziet u de belangrijkste ambities, kansen en projecten voor/in het buitengebied, zoals die benoemd zijn in hoofdstukken 4 en 5. Tot slot vindt u in hoofdstuk 7 een toelichting op hoofdlijnen op de manier waarop we onze visie tot uitvoering willen brengen. Het uitvoeringsprogramma zal op een later moment in de omgevingsvisie worden geformaliseerd.
23
24
2. DE KRACHT VAN HET BUITENGEBIED
25
26
2
DE KRACHT VAN HET BUITENGEBIED
Een prachtig, typisch Hollands landschap met grote opgaven op het gebied van doorontwikkeling van de landbouw, bodemdaling, toekomstbestendig waterbeheer, energietransitie, recreatie en biodiversiteit Een belangrijk doel van de landschapsvisie is de kracht van ons buitengebied in de toekomst te behouden en waar mogelijk te versterken. In dit hoofdstuk beschrijven we de belangrijkste kwaliteiten van het buitengebied. Deze kwaliteiten vormen een belangrijk vertrekpunt voor de koers op weg naar 2040. Daarbij kijken we ook naar de positie in de regio.
Rust en ruimte in een dichtbevolkte regio De diversiteit aan fraaie landschappen en natuur maken ons buitengebied aantrekkelijk voor recreatie. Dat in combinatie met het feit dat ons buitengebied goed bereikbaar is vanuit de regio en vanuit andere delen van de Randstad, maakt het gebied in potentie tot een belangrijke recreatieve trekker. Ons landelijk gebied biedt een goed tegenwicht aan de verstedelijking in de regio: het is een geschikte plek om te ontsnappen aan de hectiek van het dagelijks leven in de stad.
Afwisselend historisch landschap Vijfheerenlanden beschikt over een grote variatie aan landschapstypen met elk een eigen identiteit. De afwisseling van weidse vergezichten en meer besloten en kleinschalige landschappen maakt ons buitengebied heel aantrekkelijk. Dat geldt ook voor de afwisseling van agrarische landschappen met plekken met een meer natuurlijk karakter. De ontstaansgeschiedenis van het landschap is nog duidelijk herkenbaar, met representatieve elementen uit verschillende perioden. De bebouwingslinten zijn dragende structuren binnen het gebied.
27
Rijke cultuurhistorie Het buitengebied is rijk aan historische landschapselementen en structuren, zoals tiendwegen, voormalige hennepakkers, achterkaden en dijken, eendenkooien en wielen. Bovendien beschikt het gebied over verschillende kenmerkende historische gebouwen. Zo zijn er verschillende oude molenplaatsen, historische boerderijen, een steenfabriek, het Dijkhuis te Ameide en het Dordtse Huis aan de Diefdijk. Rondom de Diefdijk ligt het oude militaire landschap van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Naast de hoge Diefdijk zelf zijn Fort Everdingen, het inundatiekanaal, groepsschuilplaatsen en kazematten (oostzijde) en relicten van een batterij (westzijde) nog duidelijk herkenbaar. Vianen en Ameide zijn van oorsprong kasteelstadjes.
Variatie aan natuurtypen In het gebied zijn verschillende waardevolle natuurgebieden aanwezig die van Europees belang zijn (Natura 2000). De uiterwaarden van de Lek herbergen bijzondere stroomdalgraslanden, hooilanden en zachthoutooibossen die onder meer van belang zijn voor de kamsalamander. In natuurgebied de Zouweboezem wisselen graslanden, open water, zeggemoerassen, wilgengrienden en elzenbroekbossen elkaar af. Dit unieke landschap biedt onder andere ruimte aan moerasvogels, zoals de purperreiger, en is van belang voor verschillende vissen. Het Lingegebied en de Diefdijk-Zuid zijn ook Natura 2000-gebieden met bijzondere kalkmoerassen, zachthoutooibossen, meren en hooilanden. Buiten de Natura 2000-gebieden zijn er ook natuurgebieden van nationaal belang aanwezig; deze zijn onderdeel van het Natuurnetwerk Nederland (NNN, de voormalige ecologische hoofdstructuur). Tot het NNN behoren grote delen van de uiterwaarden van Lek en Linge, het halfopen griendenlandschap nabij Vianen, de Huibert (wetering) met kade en enkele weides en plassen. Daarnaast zijn grote delen van het buitengebied waardevol voor weidevogels.
28
Recreatieve waarden Het landschap, de natuur en de cultuurhistorie maken ons buitengebied tot een aantrekkelijke plek voor extensieve, op beleving van natuur- en landschapsschoon gerichte vormen van recreatie. Er zijn verschillende aantrekkelijk fiets- en wandelroutes met lange doorgaande lijnen. Het waterrijke karakter biedt mogelijkheden om het landschap vanaf het water te beleven en recreatieplassen Everstein en De Put bieden ruimte aan watersport en verblijfsrecreatie. Er zijn in het gebied verschillende landwinkels die streekproducten verkopen en er is (kleinschalige) verblijfsrecreatie aanwezig, zoals kleine campings in de uiterwaarden van de Lek.
Economische waarden Het gebied heeft ook een economische waarde. De landbouw is een belangrijke drager in het gebied, er wordt zowel voor de wereldmarkt als voor de lokale markt geproduceerd. In het open veenweidelandschap zijn voornamelijk melkveehouderijen aanwezig, terwijl op de (veen) stroomruggen ook veel fruitteelt plaatsvindt. Ook de recreatiesector is van belang voor de economie van het gebied.
29
De ontwikkeling van het landschap door de tijd: van het verleden, naar het heden, naar de toekomst
sporen van menselijke beïnvloeding te zien. Ingrepen in de waterhuishouding, percelering en de ontsluiting van het landschap door infrastructuur.
Wildernis
In de naoorlogse periode neemt de stedelijke ontwikkeling een grote vlucht en de uitbreidingen van de woongebieden en bedrijventerreinen vergen veel ruimte van het buitengebied. Ook de opkomst van de auto en de uitbreiding van het wegennet zorgen voor een extra ruimtevraag. De jaren na de Tweede Wereldoorlog worden gekenmerkt door mechanisatie en schaalvergroting in de landbouw. Er vindt ruilverkaveling plaats en er wordt een ruilverkavelingsplan opgesteld. Hierin wordt gezocht naar een evenwicht tussen de agrarische belangen en de waarden van natuur en landschap.
Zo een 1000 jaar geleden is het gebied van de huidige gemeente Vijfheerenlanden een wildernis van moerasbos op een dik veenpakket, dat onder invloed staat van de rivieren. Deze wildernis wordt in 1200 omdijkt en tussen 1000 en 1300 ontgonnen. Daarmee ontstaan de contouren van de Vijfheerenlanden van vandaag de dag.
Ontwikkeling grondgebruik In de hierop volgende eeuwen worden de hogere gronden langs de Lek en Linge in gebruik genomen. Daarna volgt het deel van het middengebied langs de veenstromen en vervolgens de rest van het middengebied. De meest regelmatige ontginningen (cope-ontginningen) bevinden zich in het centrale deel van de veengebieden. Tussen de rechthoekige ontginningsblokken bevinden zich kleinere ontginningen met afwijkende vormen. In de strijd tegen het water staan vrijwel alle boerderijen op door de mens opgeworpen hoogten (woonheuvels). Aanvankelijk is het gebied ontgonnen ten behoeve van akkerbouw, maar door de ontginning klinkt het veen steeds verder in, waardoor het gebied te nat wordt voor akkerbouw. Noodgedwongen schakelt men over op veeteelt en hennepteelt. De veeteelt is nog steeds een belangrijk middel van bestaan maar de hennepteelt loopt in de negentiende eeuw op zijn eind. De hennepakkers worden omgezet in weiland. In Vijfheerenlanden is de griendcultuur een belangrijke bron van inkomsten. Op de hoger gelegen stroomruggen leent de zandige bodem zich goed voor fruitteelt. In 1921 is het middeleeuwse landschap nog steeds goed te herkennen, ook al is dit veranderd van een wild en natuurlijk landschap tot een cultuurlandschap. Er zijn
30
Typisch Hollands cultuurlandschap Wanneer men het kaartbeeld van 1921 vergelijkt met de kaart van 2021 dan blijkt dat, onder druk van de verstedelijking, langs de randen van het gebied de ontwikkelingen ingrijpend zijn geweest. Maar de kaartvergelijking laat vooral zien dat buiten die randzones de veranderingen voor Nederlandse begrippen uitzonderlijk beperkt zijn. De kavelstructuur is nauwelijks veranderd, slootdempingen hebben bijna niet plaatsgevonden, de ‘korrel’ van het landschap is wat grover geworden, maar de structuur van het landschap is nagenoeg onaangetast. Kortom, Vijfheerenlanden heeft een landschap waarin de ontstaansgeschiedenis nog duidelijk herkenbaar is.
Samenhang landschap, grondgebruik en biodiversiteit Daarentegen is het grondgebruik binnen het landschappelijk raamwerk door de jaren heen wel sterk veranderd. Landbouw en natuur zijn steeds verder uit elkaar komen te liggen. Eeuwenlang was het landschap open en grazig door intensief gebruik van het voorste deel van het land dichtbij de boerderijen en extensief landgebruik (hooiland) op het achterste
deel van de langgerekte kavels. Echter, vanaf het begin van de 20e eeuw is het landbouwkundig gebruik in stappen steeds verder geïntensiveerd tot een vrij egaal grond- en landgebruik. De ruimtelijke en biotische variatie van het voorheen rijke boerenland is hierdoor sterk achteruitgegaan. Het intensiever worden van de landbouw en het steeds verder verlagen van de waterpeilen hebben geleid tot een eentonig landschap met relatief weinig natuurwaarden. Het behouden van het grootschalige agrarisch productielandschap in de polder vereist het blijven verlagen van de waterpeilen. Dit leidt tot een vicieuze cirkel van peilverlaging en bodemdaling. Deze beweging is niet vol te houden aangezien het leidt tot verlaging van bodemkwaliteit door verzilting of verdroging en schade aan infrastructuur, bebouwing en natuur. Bovendien zorgt het voor enorme uitstoot van broeikasgassen. Om te voorkomen dat we een onbruikbaar landschap krijgen, moet de bodemdaling worden gekeerd. Maatregelen zijn nodig om de bodemdaling (zoveel mogelijk) te stoppen. Naast technische innovaties zijn nieuwe vormen van natte teelten, natuurontwikkeling en recreatie daarin onmisbaar. Begin jaren negentig begint een aantal pionierende boeren in Vijfheerenlanden met natuur- en landschapsbeheer.
Steeds meer boeren stappen over op vernatting van de weilanden, onder andere door plas-dras natuur te creëren door stukken polder (deels) onder water te zetten. Het tij begint te keren: er wordt gezocht naar nieuwe manieren om natuur en landbouw te verbinden. Er zijn veel kansen voor vergroting van
de biodiversiteit op boerenland, mits er een redelijk evenwicht is met het verdienvermogen voor de boeren.
Op weg naar de toekomst De boeren in Vijfheerenlanden hebben hun bedrijfsvoering door de jaren heen aangepast aan de steeds natter wordende omstandigheden in de polder. Van akkerbouwers zijn ze melkveehouders geworden. Daarbij hebben ze steeds ingespeeld op veranderende wensen uit de maatschappij en de mogelijkheden die er voor de handel en economie waren. Steeds weer hebben de boeren de kansen en mogelijkheden benut en adaptief ingespeeld op de situatie van het landschap. Ook nu is het nodig om te veranderen. Niets doen is in ieder geval géén optie. We staan in het buitengebied voor grote opgaven waaronder een omvangrijke transitie van de landbouw, een energietransitie en klimaatadaptie die samen komen met de specifieke gebiedsopgaven zoals de bodemdaling in het veen en de zorg voor de weidevogels en biodiversiteit. Voor een duurzame toekomst is naast duurzame voedselproductie ook de zorg voor de kwaliteit van de bodem, het grondwater, de biodiversiteit en het landschap essentieel. Het buitengebied van Vijfheerenlanden is toe aan een nieuwe grote stap.
31
1815 - Natuurlijk landschap: moerasbos
32
1925 - Cultuurlandschap: rijk boerenland
2021 - Huidig landschap: grootschalig en monotoon agrarisch productielandschap
33
34
3. AANDACHTSPUNTEN EN ONTWIKKELINGEN
35
36
3 AANDACHTSPUNTEN EN ONTWIKKELINGEN De kwaliteiten, zoals die in het vorige hoofdstuk staan beschreven, laten zien dat er veel is om trots op te zijn! Het buitengebied is mooi zoals het nu is. Echter, het voor de toekomst behouden van deze kwaliteiten is niet vanzelfsprekend. En om te behouden is soms ook verandering noodzakelijk. Bestaande aandachtspunten, autonome ontwikkelingen en maatschappelijke trends maken het noodzakelijk mee te bewegen en te blijven werken aan kwaliteit en leefbaarheid. Ze vormen soms bedreigingen, maar bieden gelukkig vaak ook kansen voor verbetering. Tijdens de ontmoetingstafels zijn deze opgaven ook naar voren gekomen en hebben we hier uitgebreid over gesproken met de ‘streekhouders’. We willen in deze landschapsvisie aangeven hoe we kunnen inspelen op de verschillende ontwikkelingen, zodat we voorbereid zijn op de toekomst en ons buitengebied kunnen blijven verbeteren. In dit hoofdstuk geven we daarom een overzicht van de belangrijkste aandachtspunten en ontwikkelingen waar we rekening mee moeten houden in de visie.
Bodemdaling Één van de belangrijkste aandachtspunten in het gebied is bodemdaling. Bodemdaling treedt vooral in veengebieden op en is een gevolg van het gecontroleerd laag houden van de waterstanden (drooglegging), veelal ten behoeve van de landbouw. Hierdoor klinken de slappe veenbodems in en oxideert de organische stof met bodemdaling als gevolg. Daarop moet het waterpeil verder worden verlaagd (peilindexatie), waardoor de bodem vervolgens weer verder daalt. De bodemdaling heeft negatieve gevolgen voor de landbouw en leidt tot problemen voor de eigenaren van aanwezige bebouwing en infrastructuur. Bovendien zijn er kosten voor de waterbeheerder die steeds het waterpeil moet aanpassen. Er zijn ook negatieve effecten op de natuur doordat het grondwater vanuit natuurgebieden naar de lager gelegen, dalende landbouwgebieden wegzijgt waardoor verdroging op kan treden. En er zijn effecten op het klimaat doordat bij de afbraak van het veen broeikasgassen (vooral CO2) vrijkomen. Deze zaken leiden tot hoge maatschappelijke kosten. De combinatie van bodemdaling en zeespiegelstijging leidt bovendien tot verhoogde risico’s op overstromingen.
Afname biodiversiteit Een ander belangrijk aandachtspunt is de afname van de biodiversiteit. Vooral in de agrarische gebieden neemt het aantal weidevogels, bijen, vlinders en kleine zoogdieren al decennia sterk af. De afgelopen eeuw zijn (landelijk) de populaties boerenlandvogels met maar liefst 85% achteruit gegaan en de populaties graslandvlinders met 80%. Het aantal (wilde) bijen, zweefvliegen en andere bestuivende insecten daalt ook hard. Van de 360 37
soorten bijensoorten in Nederland dreigt meer dan de helft te verdwijnen. Deze afname zet nog altijd door. Dit is voornamelijk het gevolg van het intensiever worden van de landbouw: ontwatering, verzuring en vermesting door stikstof (ook in de omliggende natuurgebieden), intensief maaibeheer, het gebruik van insecticiden, het verdwijnen van landschapselementen en de monoculturen (o.a. Engels raaigras en maïs) zijn funest voor veel dier- en plantensoorten. Ook de toenemende recreatiedruk en verstoring draagt bij aan de afname van biodiversiteit. De afnemende biodiversiteit heeft (ook) een negatief effect op de landbouw als insecten die belangrijk zijn voor de bestuiving van voedselgewassen (o.a. in de fruitteelt) verdwijnen.
Waterveiligheid en klimaatadaptatie De gevolgen van de klimaatverandering zijn ook in Vijfheerenlanden te merken. Extreme regenbuien kunnen wateroverlast veroorzaken en periodes van droogte zijn nadelig voor de landbouw en de natuur. Water aanvoeren en vasthouden wordt belangrijker dan water afvoeren. De steeds lagere ligging van grote delen van ons buitengebied en de strikt geregelde waterpeilen maken het watersysteem kwetsbaar. De lage ligging maakt het gebied ook gevoelig voor overstromingen. Er is daarnaast aandacht nodig voor zwemwaterlocaties ten aanzien van de waterkwaliteit en veiligheid. Droogte kan leiden tot lage waterstanden in de rivieren en verzilting. Bovendien is er door de stijgende temperaturen en langere periodes van hitte een risico op hittestress voor mens, vee en gewassen (bijvoorbeeld zonnebrandschade bij fruit) in het buitengebied.
Transities in de landbouw Doordat er vanuit de markt gevraagd wordt om lagere prijzen vindt een steeds verdere schaalvergroting plaats in de landbouw. Land van verschillende bedrijven wordt samengevoegd in één groter bedrijf, dat door zijn grootte ook bij lagere prijzen nog rendabel kan zijn. Hierdoor blijven steeds minder agrariërs over en komt de agrarische bedrijfsbebouwing van de stoppende bedrijven vrij. Dat geldt zowel voor (melk)veehouderijen als voor akkerbouwers en fruittelers. Dit vraagt om nieuwe functies voor de vrijkomende erven en bebouwing. De landbouw is zeer efficiënt geworden met een hoge voedselproductie als gevolg. Maar dat heeft ook een keerzijde. Zo zijn er negatieve effecten
38
op de biodiversiteit (zie hierboven), het landschap (verdwijnen van landschapselementen als hagen en struwelen), de luchtkwaliteit, de gezondheid (bestrijdingsmiddelen), de bodemvruchtbaarheid (wat een bedreiging vormt voor de toekomst van de landbouw), het klimaat en het watersysteem (zie hierboven onder ‘bodemdaling’). Bij het intensiveren van de bedrijfsvoering (waarbij vooral de kwantiteit van de productie belangrijk is) wordt via innovatie en technische oplossingen gewerkt aan het verkleinen van de nadelige effecten. Daarnaast is er de laatste jaren een trend zichtbaar van omschakeling naar duurzame en meer extensieve vormen van landbouw. Bij de extensieve bedrijfsvoering (waarbij vooral de kwaliteit van de productie belangrijk is) is vaak veel aandacht voor een multifunctionele bedrijfsvoering. Bij deze ‘verbrede landbouw’ worden bijvoorbeeld combinaties gemaakt met natuurbeheer, recreatie, educatie en/of zorgfuncties. Ook de verbinding tussen stad en platteland wordt sterker, er zijn steeds meer kansen om producten in de nabije omgeving af te zetten (korte ketens), wat duurzamer is en een betere prijs kan opleveren voor de boer. Rijk en provincie zetten nadrukkelijk in op een omschakeling naar een landbouwsector met economisch rendabele bedrijven die circulair, natuurinclusief, klimaatneutraal, diervriendelijk zijn, en die dicht bij de inwoners staan.
Dankzij de lichte rivierklei kwam eind 19e eeuw de fruitteelt in Vijfheerenlanden op: langs de (rivier)dijken en op de stroomruggen. Tot de jaren 70 van de vorige eeuw werden in hoogstamboomgaarden appels, peren, kersen en pruimen geteeld. Tegenwoordig zijn die nagenoeg geheel vervangen door laagstambomen. De continuïteit in de fruitteeltsector staat onder druk. Veel fruittelers bezinnen zich over de toekomst in verband met de magere prijsvorming, een krimpende markt en de veranderde marktverhoudingen. Verder spelen de effecten van de klimaatveranderingen (o.a. droogte, gebruik gewasbescherming, afname biodiversiteit) de sector steeds meer parten. Voor fruittelers (en akkerbouwers) is er bovendien steeds vaker een tekort aan seizoenskrachten/plukkers. Deze trend lijkt zich de komende jaren door te zetten. Het wordt steeds moelijker om personeel (veelal uit Oost-Europa) te krijgen voor de plukperiode. Goede huisvesting van arbeidsmigranten draagt er aan bij dat personeel het volgende jaar terugkeert op een bedrijf.
39
Bosuitbreiding Het Rijk en de provincie Utrecht werken aan een bomenstrategie om uitdagingen van klimaatverandering en afname van biodiversiteit het hoofd te bieden. Ook is er door de provincie Utrecht een bomenactieplan opgesteld dat uitgaat van het aanplanten van 600.000 nieuwe bomen voor 2023. Dit betekent dat er meer bomen in steden, dorpen, landelijk gebied en natuurgebieden moeten komen. Bovendien is een zorgvuldige afweging bij boskap nodig en zal deze te allen tijde gecompenseerd moeten worden.
Energietransitie De energievoorziening in Nederland moet in 2050 duurzaam en CO2-neutraal zijn. Dit doel kan behaald worden door te besparen op energieverbruik, alsmede door zoveel mogelijk duurzame energie op te wekken. Ten behoeve van de energietransitie werken we samen binnen de regio U10 aan de Regionale Energie Strategie (RES). In de eerste helft van 2021 is de RES 1.0 opgesteld, waarin zoekgebieden zijn opgenomen voor windturbines en zonneakkers. Landelijk is de opgave voor 2030 vastgesteld om 35 TWh op land te wekken, voornamelijk met windturbines, zonnepanelen op grote daken en grond-/watergebonden zonneakkers. De regio U10 wil tot 2030 1,8 TWh bijdragen. De bijdrage van de gemeente Vijfheerenlanden hierin bedraagt 0,072 TWh. Dit is een haalbaar doel voor onze gemeente dat is opgebouwd uit een deel dat wordt opgewekt met de al bestaande drie windturbines nabij Autena en de bestaande grotere zonnedaken (samen goed voor 0,039 TWh). De gemeenteraad heeft in 2020 besloten om met windturbines het resterende deel van 0,033 TWh op te wekken en daarnaast vooral in te zetten op zonnepanelen op (grote) daken. Dit wordt momenteel verder onderzocht. Voor de periode na 2030 zullen we op zoek moeten naar aanvullende manieren/gebieden om energie duurzaam op te wekken met zonnepanelen op daken en/ of (kleine) windturbines.
Er zijn daarbij koppelkansen met landbouw, landschapsontwikkeling, waterberging, recreatie en het verhogen van de biodiversiteit.
40
Verschuiving in de recreatie De vraag naar rust en ruimte neemt toe en daarmee ook de vraag naar natuurgebieden en aantrekkelijke landschappen met recreatieve fiets-, wandel- en kanoroutes. Met de toenemende recreatiedruk wordt het belang van een vitaal en toegankelijk groen gebied rond dorpen en steden van steeds groter belang, waarbij het een uitdaging is om de kwaliteit te behouden. De vraag naar bijzondere verblijfsrecreatie, kwaliteitshoreca en recreatief en thematisch winkelen neemt ook toe.
Bereikbaarheid De mobiliteit neemt toe; mensen verplaatsen zich meer en over grotere afstanden. De druk op de wegen, het openbaar vervoer en de fietspaden blijft toenemen. Er is steeds meer snelfietsverkeer op de weg te vinden. De leefbaarheid in de bebouwingslinten in het buitengebied staat onder druk door sluipverkeer, landbouwverkeer en recreatief verkeer. Bovendien bestaat op sommige plekken een spanningsveld tussen deze drie typen van verkeer.
Stads- en dorpsranden De randen van de woonkernen zijn gevoelig voor ‘verrommeling’ met allerlei verschillende (‘rode’/’stedelijke’) functies. De stad-landrelaties en -verbindingen zijn niet altijd optimaal, bijvoorbeeld in Vianen en Leerdam. Bij eventuele toekomstige ontwikkelingen in de stads- en dorpsranden is het van belang dat deze goed worden ingepast in het landschap en dat er een goede overgang is tussen het stedelijk woongebied en het buitengebied.
Woningbouw Landelijk speelt een grote woningbouwopgave. In eerste instantie moet deze binnenstedelijk worden opgelost, maar de vraag is of we in Vijfheerenlanden ook ruimte willen bieden voor uitbreidingen buiten het bestaand stedelijk gebied. Dit maakt vooral de stads- en dorpsranden tot een gebied waar uitspraken over woningbouw moeten worden gedaan. Hetzelfde geldt voor vrijkomende agrarische erven. Woningbouw kan bijdragen aan kwaliteitsverbetering: (hoe) kan woningbouw bijdragen aan kwaliteitsverbetering en aan de bovengenoemde opgaven die er liggen in de stads- en dorpsranden en het buitengebied? Keuzes ten aanzien van woningbouw zullen gemaakt moeten worden in de gemeentebrede omgevingsvisie.
41
42
4. LANDSCHAPSVISIE
43
44
4
LANDSCHAPSVISIE
In deze landschapsvisie doen we een voorstel voor de ontwikkelrichting (koers) voor de lange termijn voor het buitengebied van Vijfheerenlanden: welke koers gaan we varen op weg naar 2040, wat is onze stip op de horizon? Uitgangspunt voor de koers voor de komende jaren is het behouden en waar mogelijk versterken van de bestaande kwaliteiten, zoals beschreven in hoofdstuk 2. Daarbij is het belangrijk op een goede manier in te spelen op de verschillende maatschappelijke trends, ontwikkelingen en andere aandachtspunten die we beschreven hebben in hoofdstuk 3. Hieronder beschrijven we eerst onze belangrijkste ambities voor het buitengebied aan de hand van een zestal thematische principes en uitgangspunten: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Sterke, toekomstbestendige landbouw Robuuste en gevarieerde natuur Klimaatbestendig en waterrobuust Energie uit het gebied Ruimte voor recreatie Het landschap ontsloten
In hoofdstuk 5 werken we deze thema’s verder uit voor verschillende deelgebieden binnen de gemeente.
45
Sterke, toekomstbestendige landbouw Landschapstypen:
46
Ruimte voor (circulaire, natuurinclusieve, klimaatbestendige) landbouw:
Uiterwaarden
Fruitteelt
Stroomruggen
Akkerbouw
Halfopen griendenlandschap
Agroforestry
Veenweidelandschap
Grienden en broekbossen
Veenstroomruggen
Natte teelten
Bodemdalingsgevoelige gebieden
Melkveehouderij
4.1 Sterke, toekomstbestendige landbouw De landbouw blijft ook in de toekomst de belangrijkste drager van ons landelijk gebied. Er is in de afgelopen jaren steeds meer aandacht voor kwaliteit in de landbouw. Rijk en provincie hebben nadrukkelijk een transitie naar verduurzaming van de landbouw ingezet. Deze transitie naar een sterke en toekomstbestendige landbouw in 2040 - met een goed perspectief voor de boer, ruimte voor planten en dieren en met een lage belasting van de omgeving en het klimaat - zal ook doorwerken in Vijfheerenlanden. We gaan daarom in gesprek met onze agrariërs om te bespreken wat zij nodig hebben om deze omslag te maken en hoe we ze daarbij kunnen ondersteunen. Daarbij kan het gaan om innovaties en technische oplossingen om nadelige effecten van de (reguliere) bedrijfsvoering te verkleinen, zoals het zoveel mogelijk sluiten van de stikstofkringloop op melkveehouderijen. Waar mogelijk gaan we een stap verder en gaan we samen op zoek naar (nieuwe) duurzame verdienmodellen en koppelkansen. Samenwerking met provincie en waterschap is daarbij essentieel. Er zijn verschillende mogelijkheden die we in dit hoofdstuk nader toelichten: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.