CConstaterende datVijfheerenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

3. (WOS) 6a Vijf jaar Avres Evaluatie_def (1).pdf

Raadsvergadering Vijfheerenlanden 18 maart 2021, gemeente VijfheerenlandenBij agendapunt: Categorie I: Ter afhandeling van de raad27.649 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

2.6 Gericht op ontwikkeling (extern en intern) en participatie

Daarnaast is bij schulddienstverlening zichtbaar dat schuldenproblematiek steeds complexer is geworden. Enerzijds is dit een (naijl) effect van de kredietcrisis - bijvoorbeeld (ex-)huizenbezitters en (ex-) ondernemers -, en anderzijds is dit het gevolg van maatschappelijke ontwikkelingen, waardoor ondermeer de verleidingen van het “on-line consumeren” zijn toegenomen.

Al eerder in deze paragraaf is aangegeven dat uitstroom richting betaald werk voor een deel van de doelgroep niet altijd zondermeer mogelijk is vanwege belemmeringen of beperkingen. Dergelijke belemmeringen of beperkingen kunnen divers zijn: Handicap, verslaving, gebrek aan werkervaring, onvoldoende opleiding, ongezonde levensstijl, armoede, sociaal isolement, taalachterstand of laaggeletterdheid, schulden, etc.. Het wegnemen en/of het reduceren van (de gevolgen van) belemmeringen of beperkingen kan inwoners nieuwe kansen bieden: Uiteindelijk wellicht een kans op een betaalde baan en als dat niet (direct) mogelijk is, in ieder geval een kans om (weer) te kunnen participeren in de samenleving. “Ontwikkeling” gericht op het wegnemen van belemmeringen en beperkingen en “iedereen doet mee” in het kader van maatschappelijke participatie, zijn door de wijziging van de samenstelling van de doelgroep dan ook twee belangrijke pijlers voor de dienstverlening en ondersteuning door Avres geworden. Het aantal trajecten, instrumenten en projecten gericht op ontwikkeling van mensen dat Avres de afgelopen jaren heeft gehanteerd of waarin Avres heeft geparticipeerd is divers. Van de “taalsnelweg” voor statushouders tot beweegprogramma’s en van de “Timmerwerkplaats”, via Peer-to-Peer coaching statushouders, tot het project “Jij bent in Beeld”.

In hoofdstuk 3 van deze evaluatie zal op een aantal projecten nader worden ingegaan. Bij de ontwikkeling en ook de participatie van mensen hanteert Avres drie belangrijke uitgangspunten. Het eerste uitgangspunt is “labelloos” werken. Formeel beschouwd is het vertrekpunt niet voor iedereen in de doelgroep hetzelfde. De regelgeving op grond waarvan - en daarmee ook de achtergrond/reden waarom - mensen tot de doelgroep behoren, kan sterk verschillen. Het kan bijvoorbeeld gaan om jongeren met een indicatie baanafspraak, statushouders of reguliere bijstandsgerechtigden. Een dergelijke (meer) formele grond waarom mensen tot de doelgroep behoren is voor Avres in haar dienstverlening echter niet het uitgangspunt. Avres categoriseert dan ook (vooraf) zo minimaal mogelijk in haar werkwijze en houdt zoveel als mogelijk rekening met de behoeften van inwoners met het oog op hun (individuele) ontwikkeling en participatie. Dit noemt Avres “labelloos” werken. Wel kan het zijn dat een grotere groep (van de gehele doelgroep) met een zelfde achtergrond soortgelijke behoeften heeft; dat geldt bijvoorbeeld voor statushouders en de (voormalige) Pro-VSO leerlingen.

Evaluatie Avres, november 2020

2.6.1 Ontwikkeling extern en participatie Sinds haar oprichting is de samenstelling van de doelgroep aan wie Avres haar dienstverlening en ondersteuning aanbiedt sterk veranderd. Dit had een aantal oorzaken. In de eerste plaats hadden gunstige conjuncturele ontwikkelingen een grote invloed op de samenstelling van de doelgroep. Na afloop van de kredietcrisis trok ook de arbeidsmarkt weer aan. Jongeren en mensen met een relatief korte afstand tot de arbeidsmarkt konden weer eenvoudig via werk in hun eigen levensonderhoud voorzien en hoefden niet langer meer een beroep te doen op een uitkering. Hierdoor werd het aandeel van mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt (ook) groter. In de tweede plaats werd Nederland in 2016/2017 geconfronteerd met een grote instroom van vluchtelingen. Nadat zij een verblijfsvergunning hadden gekregen, werden zij verspreid gevestigd over Nederland en konden deze statushouders een beroep doen op een bijstandsuitkering. In de derde plaats zorgde de reeds in de inleiding genoemde stelselwijziging voor een wijziging in de samenstelling van de doelgroep. Door deze stelselwijziging stopte namelijk niet alleen de instroom in de SW, maar werd ook de instroom in de Wajong vrijwel beëindigd.

Heel veel jonggehandicapten konden niet langer een beroep doen op een uitkering via het UWV, maar waren voortaan aangewezen op een bijstandsuitkering via de gemeenten. Voor de toeleiding van (met name) deze jongeren werd landelijk een nieuw instrument geïntroduceerd in het kader van de zogeheten “banenafspraak”. Onder dreiging van een boeteregime voor werkgevers, moeten de geïndiceerden voor een banenafspraak met ondersteuning van een loonkostensubsidie en jobcoaching via de gemeenten worden toegeleid naar en begeleid bij een zogeheten “garantiebaan“ in het bedrijfsleven of bij de overheid. De drie hierboven genoemde ontwikkelingen hebben er toe bijgedragen dat de samenstelling van de doelgroep voor Avres meer complex en gedifferentieerd is geworden, waarbij uitstroom richting betaald werk vanwege belemmeringen of beperkingen niet altijd eenvoudig is.

De wijziging van de samenstelling van de doelgroep bracht voor Avres twee nieuwe opgaven met zich mee. Naast de toeleiding richting werk en daarmee uitstroom uit de uitkering27) is vanaf 2016 (ook) stevig ingezet op ontwikkeling en participatie.

21

Zij krijgen in dat geval dan ook min of meer een gelijk aanbod. Uit onderzoek blijkt dat ontwikkeling en participatie met het oog op vooruitgang en meedoen in de samenleving, het beste kan plaatsvinden in de directe woon- en leefomgeving van de inwoner. Daarom biedt Avres dergelijke projecten, trajecten en instrumenten zoveel mogelijk aan in de nabijheid van inwoners. Dit tweede uitgangspunt maakt het voor Avres vervolgens ook mogelijk om een derde uitgangspunt te kunnen hanteren: samenwerking met het lokale maatschappelijke middenveld. Deze samenwerking richt zich vooral op dat deel van de doelgroep waarvoor (verdere) ontwikkeling (nog) niet (meer) mogelijk is en de ondersteuning (alleen nog) is gericht op participatie in de samenleving. Lokale vrijwilligersorganisaties, sportverenigingen, kerkgenootschappen en organisaties uit het maatschappelijk middenveld zijn instellingen die taken en functies beschikbaar hebben en waarmee voor dit deel van de doelgroep een meer actieve deelname in de maatschappij kan worden gerealiseerd en/of sociaal isolement kan worden doorbroken. Avres begeleidt de mensen zelf niet tijdens dergelijke activiteiten, maar draagt vanuit haar rol en positie als netwerkorganisatie wel zorg voor een goede overdracht.

Evaluatie Avres, november 2020

22

Bij één deel van de doelgroep staan we in deze paragraaf nog nader stil, omdat bij deze doelgroep specifiek preventie en ontwikkeling aan elkaar verbonden zijn: dat is de doelgroep van (voormalige) Pro-VSO leerlingen. Bij de stelselwijziging was de vrees dat de leerlingen afkomstig uit het Pro-Vso tussen wal en schip zouden vallen. Door beperking van de instroom in de Wajong en de afbouw van de SW, was hun perspectief op toekomstig werk en inkomen sterk afgenomen; Dit ondanks het feit dat er ook voor hen nieuwe instrumenten zoals de garantiebaan in het kader van de banenafspraak of werkplekken Nieuw Beschut28) zijn geïntroduceerd. Een alternatief zou in dat geval een uitkeringssituatie gecombineerd met de dure WMO-voorziening arbeidsmatige dagbesteding zijn. Het merendeel van de leerlingen afkomstig uit de Pro-VSO heeft echter een reële loonwaarde en kan dus aan de slag op een garantiebaan of een werkplek Nieuw Beschut, mits zij maar direct aansluitend aan hun opleiding worden opgepakt en er een intensive begeleiding op de werkplek door Jobcoaches plaatsvindt en ter ondersteuning een loonkostensubsidie aan de werkgever wordt

verstrekt. In samenwerking met het Pro-VSO onderwijs heeft Avres daarom op uitdrukkelijk verzoek van het bestuur een sluitende aanpak ontwikkeld, waarbij deze leerlingen direct na hun eindexamen in traject worden genomen en na plaatsing op traject en/of baan/werkplek een intensieve begeleiding door een Jobcoach ontvangen. Deze sluitende aanpak werkt ook preventief, niet alleen omdat de jongeren een perspectief op werk en inkomen kan worden geboden, maar ook omdat het alternatief van de dure WMO-voorziening arbeidsmatige dagbesteding op deze wijze niet langer aan de orde is. Met het oog op de structurele uitvoering van deze preventieve taak heeft het bestuur van Avres via de begroting sinds 2017 ook formatie beschikbaar gesteld. Sinds de fusie heeft Avres in totaal 61 Pro-VSO leerlingen in traject en begeleiding genomen. 2.6.2. Ontwikkeling intern Tegelijkertijd met de opgaven gericht op ontwikkeling en participatie van de doelgroep, was Avres als post-fusie organisatie ook zelf in ontwikkeling. In paragraaf 2.3 is al stilgestaan bij het herhuisvestingsplan en het gebiedsgericht werken. Ook is het aspect van de operationele outsourcing in deze evaluatie al benoemd. Uiteraard zijn na de fusie de bedrijfs- en werkprocessen tegen het licht gehouden en - waar in het licht van effectiviteit en efficiency noodzakelijk en of gewenst - zijn deze aangepast.

Zo zijn bijvoorbeeld de financiële administraties van de twee oude organisaties samengevoegd en in overeenstemming gebracht met het nieuwe BBV. Ook met betrekking tot ICT-voorzieningen is een standaardisatie doorgevoerd. Met het oog op de vorming van een nieuwe organisatiecultuur hebben de medewerkers binnen Avres diverse trainingen gevolgd. Daarnaast hebben zij uiteraard ook deelgenomen aan meer vakgerichte opleidingen om hun kennis en deskundigheid op peil te houden. Sinds 2017 beschikt Avres over één gezamenlijke ondernemingsraad, waarin zowel de belangen van de SW-medewerkers als de ambtelijk medewerkers zijn vertegenwoordigd. In 2018 is Avres gestart met een nieuw systeem van functioneringsgesprekken. Via een startgesprek en een eindgesprek met de leidinggevende staat jaarlijks de persoonlijke ontwikkeling van de medewerker centraal. Vitaliteit is uitdrukkelijk een belangrijk onderwerp in deze zogeheten ontwikkelgesprekken. Ook het Arbo-beleid heeft de afgelopen jaren een belangrijke rol gespeeld binnen de bedrijfsvoering van Avres. Zo zijn de slechte Arbo-technische omstandigheden van het pand aan de Avelingen West in Gorinchem en de Landsingshof in Giessenburg, belangrijke overwegingen geweest om over te gaan tot verkoop, respectievelijk nieuwbouw van beide locaties.

Sinds de fusie is er ook een aantal (kleinere) organisatiewijzigingen doorgevoerd; hetgeen voor de samenvoeging op papier was bedacht,

bleek namelijk in de praktijk niet altijd even effectief en efficiënt. Met name op management en in de overhead op taken is geschrapt, waardoor de vrijgevallen capaciteit kon worden ingezet ten behoeve van primaire processen. Ook is in 2017 besloten om re-integratietrajecten ten behoeve van de doelgroepen zoveel mogelijk zelf in uitvoering te

nemen in plaats van deze in te kopen bij dure re-integratiebureau’s. Via inbesteding van het re-integratiebudget is daartoe een aantal extra job-/re-integratiecoaches in dienst getreden. In onderstaande tabel wordt de formatieontwikkeling van Avres sinds de fusie weergegeven.

Tabel 1: formatieontwikkeling Avres sinds de fusie Peildatum

FTE Ambtelijk

SW in reguliere organisatie1

Totaal FTE2

1-1-2016

151

14,9

165,9

1-1-2017

160,57

12,75

173,5

1-1-2018

147,30

10,60

157,90

1-1-2019

155,49

8,45

163,84

1-1-2020

168,21

6,3

174,51

Toelichting: 1. SW in reguliere organisatie betreft reguliere bij de fusie vastgestelde formatiecapaciteit die wordt bemenst door SW–medewerkers. Bij hun vertrek, bijvoorbeeld pensionering of door toename van de arbeidsbeperking wordt beoordeeld - mede in het licht van de functie-eisen - of deze vacature kan worden vervuld door een andere SW-medewerker. Indien dat niet mogelijk is wordt deze ambtelijk ingevuld. 2. De totale formatie binnen Avres is vanaf peildatum 1 januari 2016 tot peildatum 1 januari 2020 gestegen van 165,9 Fte tot 174,51 Fte: Een toename van 8,61 Fte. Deze toename (en het verloop in eerdere jaren) is als volgt te verklaren. + 0,89 formatie voor matchmaker vanaf 2018 (met goedkeuring bestuur); + 1,56 formatie voor coach statushouders vanaf 2019 (met goedkeuring bestuur); + 0,78 formatie voor accountmanager SROI per 2020 (met goedkeuring bestuur); + 3,5 fte formatie voor aanpak Pro Vso vanaf 2017 (met goedkeuring bestuur); + 1 fte formatie communicatie i.v.m. toenemende noodzaak hiervoor; + Inbesteden re-integratieactiviteiten (heeft stijgende formatie maar dalende re-integratie-uitgaven tot gevolg) - Schrappen op formatie overhead en management

Fluctuaties in de loop van de jaren zijn daarnaast mede veroorzaakt door groei (instroom statushouders) en afname (positieve conjunctuur ontwikkeling) van het uitkeringsbestand. Avres hanteert daarvoor het zogeheten “trap op - trap af” principe op basis van de caseload. Op deze wijze kan Avres een slanke, flexibele en slagvaardige organisatie blijven.



23

Conclusie/aanbeveling (in relatie tot effectiviteit, efficiency, de menselijke maat en het proces gericht op ontwikkeling): • Avres heeft de afgelopen jaren bij de toeleiding en begeleiding van de doelgroep richting werk en participatie de ontwikkeling van inwoners centraal gesteld. Dat doet zij vooral door eerst eventuele belemmeringen en beperkingen weg te nemen en van daar uit het ontwikkelingsproces verder vorm te geven. In een dergelijk ontwikkelingsproces staat de persoonlijke behoefte van de inwoner zoveel mogelijk centraal en daarmee koppelt zij de ontwikkeling van inwoners aan de menselijke maat. Ontwikkeling vindt zoveel mogelijk plaats in de directe woon- en leefomgeving van de mensen en participatieactiviteiten kunnen bij lokale organisaties en instellingen worden uitgevoerd. • Effectiviteit tracht Avres te vergroten door aan te sluiten bij de persoonlijke behoefte van de inwoner. Een ontwikkeltraject moet passend zijn voor de inwoner, omdat dit de kans op structurele ontwikkeling vergroot. Overigens wordt daarbij de efficiency ook niet uit het oog verloren, inwoners met een soortgelijke behoefte krijgen een soortgelijk aanbod. In het kader van de effectiviteit en efficiency is ook de preventieve aanpak van de Pro Vso jongeren een voorbeeld.

Deze aanpak voorkomt dat deze jongeren tussen wal en schip vallen en hierdoor een beroep moeten doen op de veel duurdere WMOvoorziening dagbesteding.

Evaluatie Avres, november 2020

24

•  Na de fusie heeft Avres ook intern een ontwikkelingsproces doorlopen. Door herhuisvesting en lokaal en integraal werken is haar dienstverleningsconcept aangepast. Daarnaast zijn werkprocessen beoordeeld op effectiviteit en efficiency en waar noodzakelijk gewijzigd of bijgesteld. De medewerkers hebben zich de afgelopen jaren kunnen ontwikkelen via cultuur- en vakgerichte opleidingen. Met het oog op hun ontwikkeling is in 2018 ook een nieuw systeem van functioneringsgesprekken in het leven geroepen. Een effectieve en efficiënte inzet van haar formatiecapaciteit heeft Avres gerealiseerd door te schrappen in overhead en management, inbesteding van re-integratiemiddelen ten behoeve van de inzet van job-coaches en het hanteren van het trap op trap af principe in relatie tot de omvang van de doelgroep. • Het aanbieden van meer generieke ontwikkeltrajecten in plaats van deze aan te laten sluiten bij de persoonlijke behoefte van inwoners of het stopzetten van de preventieve aanpak Pro Vso zijn mogelijke besparingsopties.

2.7 De toekomst Fuseren, transformeren en de wijziging van de bestuurlijke context, dat waren de drie grote opgaven waar Avres de afgelopen vier jaar gelijktijdig mee werd geconfronteerd. Deze opgaven hadden nooit gerealiseerd kunnen worden zonder de creativiteit, innovatiekracht, flexibiliteit, betrokkenheid en bevlogenheid van de organisatie en haar medewerkers. Hoewel de genoemde opgaven inmiddels grotendeels zijn afgerond - het verder verhogen van de opbrengsten uit de netto toegevoegde waarde blijft bijvoorbeeld een uitdrukkelijk aandachtspunt - blijven er nog voldoende uitdagingen over: De verdere samenwerking tussen participatie, WMO en jeugd, de implementatie van de nieuwe Wet inburgering, die Avres per 1 juli 2021 samen met de gemeenten gaat uitvoeren; Een wijziging van de Participatiewet met ingang van 1 januari 2021, waardoor aan alle cliënten een verplicht aanbod tot ontwikkeling of participatie moet worden gedaan; en de intensivering en de uitbouw van de samenwerking met gemeenten, ketenpartners en maatschappelijke instellingen en organisaties, hetgeen uitdrukkelijk als opgave in het jaarplan voor 2021 is benoemd. Genoemde uitdagingen lagen al enige tijd in verschiet en de organisatie was al druk bezig om zich op deze nieuwe opgaven voor te bereiden. Echter tegelijkertijd verandert ook de werkelijkheid.

In februari/maart 2020 wordt de wereld, Nederland en ook Avres geconfronteerd met de gevolgen van de uitbraak van het Covid-19 virus. De corona-pandemie heeft zeer ernstige gevolgen op medisch, maatschappelijk en economisch vlak. De zorginfrastructuur komt onder druk te staan, sociale contacten worden beperkt, werkzaamheden worden stilgezet, bedrijven dreigen om te vallen en mensen komen zonder inkomen te zitten. Om de economische gevolgen van de crisis op te kunnen vangen komt de regering tot twee keer toe met een economisch nood- en ondersteuningspakket29). Avres wordt daarbij verantwoordelijk voor de zelfstandig ondernemers en voor de inwoners die geen rechten kunnen ontlenen aan een van de (andere) ondersteuningsmaatregelen. Avres anticipeert snel, nog voor de bekendmaking van het nooden ondersteuningspakket heeft zij een helpdesk ingericht, worden werkprocessen ontwikkeld en wordt er formatiecapaciteit vrijgemaakt. Hierdoor kon zij ook direct na de officiële bekendmaking van de

Tozo30)-regeling aan de slag met de afhandeling van de ingediende aanvragen. In een periode van 6 weken neemt zij ruim 1400 aanvragen in behandeling en handelt deze, getoetst op rechtmatigheid en zonder voorschotverstrekking, direct af. Zelfstandigen kunnen gemiddeld binnen twee weken beschikken over hun uitkering. In totaal worden er onder de werking van het eerste noodpakket 1739 Tozo-uitkeringen toegekend en 136 aanvragen afgewezen. De Tozo-regeling uit het eerste noodpakket wordt gevolgd door de Tozo-regeling uit het tweede noodpakket. Deze tweede Tozo-regeling kent strengere toekenningsvoorwaarden en bovendien is een aantal zelfstandigen door verruiming van de beperkende maatregelen weer aan de slag. Per 1 augustus 2020 zijn er 449 uitkeringen Tozo 2 toegekend en 51 aanvragen afgewezen. Naast deze uitkeringen levensonderhoud worden er onder de looptijd van de twee noodpakketten ook 77 aanvragen Tozo bedrijfskapitaal toegekend en 12 aanvragen afgewezen. Ook het beroep op de reguliere bijstand voor inwoners die geen rechten kunnen doen gelden op andere regelingen neemt in de periode maart tot en met juli toe. In deze maanden dienen 354 inwoners een aanvraag in. Dit is in vergelijking met het voorgaande jaar, waar in dezelfde periode 208 inwoners een aanvraag indienden, een toename met 146 aanvragen.

Ook op een ander terrein wordt Avres heel direct geconfronteerd met de gevolgen van de Corona-crisis. Door de veelal kwetsbare gezondheid van de SW-medewerkers (ook in relatie tot hun woonomgeving), de beperkende maatregelen en de afname in de opdrachtenportefeuille bij ondernemers32), komen de SW- werkzaamheden nagenoeg stil te liggen. Alleen essentiële processen en productie-activiteiten, zoals schoonmaakwerkzaamheden, groenonderhoud en het opkweken van

Omdat sociaal isolement bij de doelgroep van de SW medewerkers zonder het verrichten van hun dagelijkse werkzaamheden op de loer ligt, zet Avres via digitale communicatie en contact op afstand via jobcoaches stevig in op begeleiding en betrokkenheid. Vanaf 15 juni zijn de werkzaamheden voor de SW-medewerkers weer gefaseerd opgestart met in achtneming van bijvoorbeeld de 1,5 meter maatregel. Het grotendeels stilleggen van de SW-werkzaamheden heeft uiteraard direct gevolgen voor de opbrengsten uit de netto toegevoegde waarde voor 2020. Onzeker is nog op welke wijze - gelet op verwachte economische ontwikkelingen - zich dit in de (nabije) toekomst kan herstellen. Het Rijk compenseert de gemeenten - en daarmee ook Avres - volledig voor de uitkeringskosten Tozo. Ook de uitvoeringskosten van deze regeling worden gecompenseerd. Daarnaast heeft het Rijk toegezegd (een deel van) het verlies aan opbrengst uit de netto toegevoegde waarde te compenseren. Ook is inmiddels de aangekondigde afroming van het Buig-budget (op macro niveau) - in verband met de eerder veronderstelde gunstige conjuncturele ontwikkelingen - bevroren. Dergelijke compensatiemaatregelen acht Avres uiteraard meer dan welkom, echter de vraag is of en in hoeverre dit voldoende zal zijn met het oog op toekomstige ontwikkelingen.

Economen wereldwijd voorspellen een grote economische recessie met een fors oplopende werkloosheid. Herstel zal mede afhankelijk zijn van de ontwikkeling van een vaccin/medicijn, normalisering van de wereldhandel, groei van het consumenten- en producentenvertrouwen en het voortduren van nood- en ondersteuningsmaatregelen door overheden. De verwachting is - zeker als ondersteuningsmaatregelen van het Rijk wegvallen - dat de structurele gevolgen van de economische crisis eerst vanaf het najaar van 2020 echt zichtbaar zullen worden. Bedrijven zullen via reorganisatie afslanken of zelfs omvallen. Op dat moment zal ook de werkloosheid oplopen en zullen steeds meer mensen - na bijvoorbeeld de beëindiging van hun WW-rechten - een beroep moeten gaan doen op een bijstandsuitkering. Bijzondere aandacht daarbij geldt ook voor de zelfstandigen, die op dat moment overgeheveld zullen moeten worden van de Tozo-regeling naar de reguliere bijstand (met een strenger regime). Ook is de verwachting dat de economische crisis zal leiden tot een toename van schuldenproblematiek bij inwoners, niet alleen in aantal maar ook in complexiteit (bijvoorbeeld bij zelfstandigen).

Evaluatie Avres, november 2020

Het pro-actief en flexibel kunnen handelen, op zowel de Tozo-regeligen, als op de toename van het aantal aanvragen reguliere bijstand, is mogelijk geweest doordat de werkprocessen efficiënt waren ingericht en met name omdat de medewerkers bereid waren om veelvuldig over te werken en andere werkzaamheden te verrichtten naast of in de plaats van31) hun reguliere werkzaamheden.

kwetsbaar plantgoed op de kwekerij, vinden hun doorgang. Ook hier springen ambtelijk medewerkers van Avres naast of in plaats van hun reguliere werkzaamheden bij.

25

Avres is in het licht van deze toekomstige ontwikkelingen reeds begonnen met de ontwikkeling van een plan van aanpak. Daarbij wordt in het oog gehouden dat de toekomstige doelgroep qua achtergrond ook veelal anders is dan de samenstelling van het huidige uitkeringsbestand. Deze nieuwe doelgroep is bijvoorbeeld werkfit en heeft een relatief korte afstand tot de arbeidsmarkt. Dit vereist dan ook een eigen specifieke benadering. WIJIJ is daar een goed voorbeeld van. De bestaande doelgroep mag daarbij in het geheel van de gevolgen van en de maatregelen ter bestrijding van de corona-crisis niet uit het oog worden verloren. Voorkomen moet immers worden dat zij door deze crisis (nog) verder op afstand komt te staan. Het voorgaande neemt niet weg dat Avres vanaf nu (ook) een meer dan uitdrukkelijke focus op de (langere) termijn gevolgen van de coronacrisis zal hebben. Met de inzet van nieuwe en andere instrumenten, aanpassing van bestaande dienstverleningsconcepten en een flexibele inzet van medewerkers zal zij trachten de gevolgen van deze crisis op een juiste manier het hoofd te kunnen bieden. Bijzonder punt van aandacht blijft daarbij de werkdruk binnen de organisatie.

Evaluatie Avres, november 2020

26

5) Zie pagina 2 6) De Koepelorganisatie Divosa bijvoorbeeld acht een minimumaantal van 100.000 inwoners als gewenst. 7) Overigens is dit een risico dat ook nog heden ten dage bestaat. De huidige Participatiewet wordt (nog steeds) in medebewind met het Rijk uitgevoerd en in verband daarmee voert de accountant jaarlijks een specifieke controle uit op een rechtmatige verstrekking van de uitkeringen. 8) De IAU (Individuele Aanvullende Uitkering) en vanaf 2015 de Vangnetuikering 9) De reden van de beëindiging was drieledig: a. De bezoekfrequentie van de spreekuren was uiteindelijk miniem/nihil; b. De beschikbare ruimten binnen de gemeentehuizen, waarbij ook de veiligheid was geborgd, verdween. c. Afgeschermde ICT verbindingen ontbraken, waardoor werken op afstand inefficiënt en weinig effectief was. 10) Het pand aan de Avelingen West en de kwekerij de Landsinghof in Giessenburg. 11) Ingeschat werd dat dit minimaal een investering van €2.3 miljoen zou vergen. 12) Overigens heeft Avres nog twee kleinere panden in Gorinchem in aanhuur voor de groenploegen. 13) Onder andere: Directie, secretariaat, strategisch beleid, communicatie, P&O, financiën, I & A, facilitaire zaken. 14) Onder andere: Bezwaar en beroep, uitkeringsverstrekking, uitkeringsadministratie, handhaving, terugvordering en verhaal.

15) De uitvalbasis/terugkomlocatie heeft tot doel: het bevorderen van interne integraliteit (bijvoorbeeld afstemming uitkeringsverstrekking en schulddienstverlening); administratieve verwerking; kennisdeling; casusbespreking, inputverkrijging, beleidsontwikkeling, facilitaire en personele ondersteuning, etc.) 16) Met in achtneming van de veiligheidsvoorschriften 17) Dit vloeit voort uit de Wet Structuur Uitvoering Werk en Inkomen. 18) Zie historische terugblik 19) Zie ook paragraaf 2.3. 20) Hierdoor wordt de omvang van de doelgroep waarmee de netto toegevoegde waarde kan worden gerealiseerd ook kleiner. 21) Door de vergrijzing nemen (bepaalde) arbeidsbeperkingen veelal toe en/of vermindert de productiviteit. 22) Het Rijk en de gemeenten worden hier verder niet in zijn algemeenheid verder besproken (in de juridische en bestuurlijke context, de historische terugblik en de paragraaf “Decentraal, lokaal en integraal” is hier al bij stilgestaan). 23) Dat zijn er in aantal namelijk teveel. 24) Bijvoorbeeld vluchtelingenwerk. 25) Peer to peer betekent uit de doelgroep, voor de doelgroep. 26) De inzet van deze coaches is inmiddels structureel en door het bestuur van Avres via de begroting geaccordeerd. 27) Overigens zijn handhaving en fraudebestrijding ook belangrijke instrumenten om grip te houden op de omvang van het uitkeringsbestand.

28) In vergelijking met de SW, is het aantal beschikbare werkplekken “Nieuw beschut” beperkt tot ongeveer 1/3. 29) Het eerste noodpakket met een looptijd van 1 maart t/m 31 mei; het tweede noodpakket met een looptijd van 1 juni t/m 30 september. 30) Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers. 31) Bijvoorbeeld werkzaamheden in het kader van arbeidstoeleiding en participatie vielen door de beperkende maatregelen weg. 32) Bijvoorbeeld bij detacheringen

Hoofdstuk 3:

Werk, ontwikkeling en participatie In het vorige hoofdstuk van deze evaluatie is het transformatieproces dat Avres de afgelopen jaren heeft doorlopen meer in zijn algemeenheid beschreven. In de drie hierop volgende hoofdstukken zoomen we in op de drie beleidsvelden waarop Avres opereert. In dit hoofdstuk gaan we in op “Werk, ontwikkeling en participatie”. In hoofdstuk 4 staan we stil bij de Sociale Werkvoorziening en in hoofdstuk 5 bij het beleidsveld inkomensondersteuning. Het beleidsveld werk, ontwikkeling en participatie heeft betrekking op de doelgroep van inwoners met een uitkering. In de eerste paragraaf van dit hoofdstuk geven we een beeld van de meest belangrijke ontwikkelingen van dit bestand in de afgelopen vier jaar. In de tweede paragraaf staan we stil bij de positie van de statushouders en de inwoners/jongeren met een arbeidsbeperking. In het vorige hoofdstuk is hun specifieke positie al benoemd. In paragraaf 3.3 komt de plaatsing naar werk bij werkgevers aan de orde - via het WSP en accountmanagement. In paragraaf 3.4 gaan we in op de ontwikkelactiviteiten/-trajecten die Avres de afgelopen jaren heeft ingezet en in de laatste paragraaf van dit hoofdstuk staan we stil bij de activiteiten gericht op participatie.

economische en conjuncturele ontwikkelingen en de uit- en intredingen van deelnemende gemeenten aan de gemeenschappelijke regeling. Om het verloop van de ontwikkelingen zuiver te houden en een realistische vergelijking gedurende vier jaar mogelijk te maken, zijn de uitkeringsgerechtigden uit de gemeente Hardinxveld-Giessendam en de voormalige gemeente Lingewaal niet in de cijfers opgenomen. Dat geldt evenzeer voor de uitkeringsgerechtigden uit de voormalige gemeente Vianen. Omdat de inwoners uit deze voormalige gemeente eerst per 1 januari 2020 tot het verzorgingsgebied van Avres behoren zijn zij niet in de cijfers verwerkt. De cijfers voor de voormalige gemeenten Giessenlanden en Molenwaard en Leerdam en Zederik, zijn ondergebracht onder de naam van de heringedeelde gemeenten, respectievelijk Molenlanden en Vijfheerenlanden. Waar beschikbaar worden de cijfers afgezet tegen landelijke cijfers.

3.1 Ontwikkeling bijstandsbestand

Evaluatie Avres, november 2020

De omvang van het bijstandsbestand waar Avres voor verantwoordelijk was, is de afgelopen jaren sterk aan fluctuaties onderhevig geweest. Belangrijkste oorzaken hiervan waren de instroom van statushouders, gunstige

27

Tabel 2: bijstandsdichtheid per gemeente per 10.000 inwoners, absoluut, procentueel, t.o.v. landelijk33)

Absoluut

Procentueel

Procentueel t.o.v. landelijk

Molenlanden

112,8 (30%)

1,128

30 %

Vijfheerenlanden *)

216,2 (58%)

2,162

58 %

Gorinchem

364,7 (98%)

3,647

98 %

Nederland

373,9

3.739

100 %

Uit deze tabel wordt zichtbaar dat de omvang van het bijstandsbestand in de gemeente Molenlanden fors lager ligt (30%) ten opzichte van de landelijke bijstandsdichtheid. Ook de gemeente Vijfheerenlanden scoort aanzienlijk lager. Gorinchem zit met haar bijstandsdichtheid net iets onder het landelijke cijfer. Op regionaal niveau heeft de regio AV34) al jaren lang de laagste bijstandsdichtheid van Nederland. Het laatst gemeten cijfer35) - over 2018 - gaf een bijstandsdichtheid van 2.3 % aan. Landelijk bedroeg dit percentage toen 4.0 %.

De oorzaken van deze lage regionale bijstandsdichtheid zijn drieledig. In de eerste plaats een relatief laag verstedelijkt gebied. Daarnaast een gunstige conjuncturele ontwikkeling en tenslotte een hoge arbeidsmoraliteit. In de volgende tabel wordt het verloop van het bijstandsbestand over de afgelopen vier jaar per gemeente en Avres zichtbaar gemaakt. Dit gebeurt in absolute totalen per jaar en het verschil procentueel ten opzichte van het voorafgaande jaar. Ter vergelijking zijn ook de cijfers van Nederland opgenomen.

Tabel 3: ontwikkeling omvang bijstandsbestand 2015 -2020 absoluut en in percentages Gemeente

31-12-2015

31-12-2016

31-12-2017

31-12-2018

Gorinchem

771

824

874

6,9%

6%

-2,9%

Molenlanden

299

342

346

324

292

14%

1,1%

-6,4%

-9,9%

-2,4%

Vijfheerenlanden *)

435

478

462

451

441

6

Totaal Avres

9,9% 1505

-3,4% 1.644

-2,4% 1.682

-2,3% 1.624

1,4% 1.552

47

9,2%

2,3%

-3,5%

-4,5%

3,1%

442.380

434.490

414.070

400.500

-27.700

3,3%

-0,02%

-4,7%

-4,3%

-6,5%

Percentage Nederland

Over 4 jaar

849

819

48

-3,6%

6,2%

Evaluatie Avres, november 2020

Percentage

428.200

31-12-2019

Uit bovenstaande tabel wordt zichtbaar dat het bijstandspercentage in 2016 bij de Avres gemeenten veel sterker toenam dan het Nederlands gemiddelde (9,2% Avres t.o.v. 3,3% in Nederland). In 2017 steeg het bijstandsbestand bij Avres ook nog met ruim 2%, terwijl op landelijk niveau de omvang van het bijstandsniveau gelijk bleef. In 2018 was er sprake van een sterke afname van het bestand (-3,5%), maar deze daling lag wel een procent lager dan de landelijke daling. In 2019 was de daling net iets hoger dan het landelijk gemiddelde. Over de gehele

28

*) Cijfers Vijfheerenlanden in deze evaluatie tot en met 2019 zijn exclusief de cijfers van de voormalige gemeente Vianen.

-7

periode is de omvang van het bijstandsbestand gestegen met 3,1 % en is er alleen in Molenlanden sprake van een afname. Deze is overigens wel aanzienlijk lager dan de landelijke afname. De relatief hogere stijging van het bijstandsbestand in verhouding tot de landelijke cijfers is met name te verklaren door de relatief hogere instroom van statushouders. De gemeenten in de regio hebben relatief gezien meer statushouders opgenomen, danwel eerder

invulling gegeven aan hun taakstelling dan andere gemeenten in het land. De afname van het bestand in de latere jaren wordt veroorzaakt door de gunstige economische ontwikkelingen, echter door de samenstelling van het uitkeringsbestand - een relatief groot aandeel van statushouders die minder eenvoudig uitstromen - blijft de daling achter bij de landelijke trend36) . De stelselwijziging in verband met het

Conclusie/aanbeveling:

afschaffen van de instroom in de SW en beperking van de toegang tot de SW heeft (nagenoeg) geen invloed gehad op de omvang van het bijstandsbestand. De preventieve en sluitende aanpak voor Pro-VSO jongeren is hier de belangrijkste oorzaak van. De verdeling van de uitstroom naar werk (40%), school (5%) en handhaving (10%) is in 2019 overeenkomstig het landelijke beeld37) .

• De omvang van het bijstandsbestand is over de afgelopen vier jaar licht gestegen. Een stijging door de toename van het aantal statushouders, is gevolgd door een daling in de daarop volgende jaren door gunstige conjuncturele ontwikkelingen. De stelselwijziging heeft door de preventieve aanpak Pro- Vso leerlingen nagenoeg geen invloed gehad op de ontwikkeling van het bijstandsbestand.

• De bijstandsdichtheid ligt in alle gemeenten lager dan de landelijke bijstandsdichtheid. Op regionaal niveau is de bijstandsdichtheid het laagst van alle arbeidsmarktregio’s.

3.2 Statushouders en jongeren met een arbeidshandicap 3.2.1 Statushouders Hierboven is al aangegeven dat de instroom van statushouders een belangrijke oorzaak is van de stijging van het uitkeringsbestand in (een

aantal van) de afgelopen vier jaar. Deze stijging voor alle gemeenten gezamenlijk wordt in onderstaande tabel weergegeven.

Tabel 4: aantal statushouders (inclusief partners) absoluut in stijging in percentage t.o.v. het voorgaande jaar

2015

2016

2017

2018

2019

Totaal

298

405

427

392

327

36%

5,4%

-8,2%

-17%

% verschil t.o.v. voorgaand jaar

De instroom van de Syrische vluchtelingen in 2016 en 2017 blijkt ook uit hun aandeel in het deelbestand statushouders naar verblijfsduur. Deze groep statushouders verblijft inmiddels tussen de 3 en 5 jaar in Nederland, hetgeen ook zichtbaar wordt in onderstaande tabel.

Evaluatie Avres, november 2020

Uit deze tabel blijkt dat met name in 2016 het aantal statushouders fors is toegenomen, ook in 2017 was er nog een toename. De instroom in geheel 2016 en het eerste deel van 2017, viel toen ook samen met de piek van de vluchtelingencrisis. Het grootste deel van de huidige statushouders is afkomstig uit Syrie: 70 % . 12 % is afkomstig uit Eritrea en 6% uit Irak. In vergelijking tot landelijke cijfers ligt het aandeel van de Syrische vluchtelingen in de regio AV hoger38),

29

Tabel 5: verblijfsduur statushouders in het bijstandsbestand PERIODE DUUR

201912

< 1 kwartaal

6

tussen 1 en 2 kwartalen

12

tussen 2 en 3 kwartalen

21

tussen 3 en 4 kwartalen

9

tussen 1 en 2 jaar

58

tussen 2 en 3 jaar

46

tussen 3 en 5 jaar

158

tussen 5 en 10 jaar

30

vanaf 10 jaar en meer

4

Totaal

344

Uit tabel 4 blijkt verder dat over de jaren 2018 en 2019 samen, het aantal statushouders met ruim 25% is afgenomen, onder andere door uitstroom richting werk en verhuizingen. Toch blijft de uitstroom richting werk in vergelijking met andere gemeenten enigszins achter. Het percentage statushouders dat aan het werk was bedroeg bij Avres eind 2019 11% en landelijk lag dit percentage op 18%40). De verklaring voor dit lagere percentage ligt naar alle waarschijnlijkheid in de samenstelling van het statushoudersbestand. In vergelijking met andere gemeenten bestaat het bestand uit relatief meer gezinnen en minder alleenstaanden. Het aandeel van alleenstaanden in het bestand statushouders bedraagt bij Avres 14% en bij gemeenten van vergelijkbare grootteklasse bedraagt dit aandeel 23%41). Uit ervaring blijkt dat alleenstaanden relatief makkelijker naar werk zijn toe te leiden, maar die maken bij Avres een kleiner deel van het bestand uit.

Evaluatie Avres, november 2020

30

In hoofdstuk 2, in de paragraaf ontwikkeling, is al aangegeven dat Avres voor de doelgroep statushouders een specifieke benadering heeft, afgestemd op een min of meer soortgelijke behoefte bij hen. Door het wegnemen van belemmeringen, zoals bijvoorbeeld taalachterstand, via het project “de taalsnelweg”; het (preventief) aanleren van financiële vaardigheden; de inzet van het project EVA; en het inschakelen van taalmaatjes, tracht Avres de ontwikkeling van de groep statushouders te bevorderen en hen uiteindelijk ook richting betaald werk te laten uitstromen. Extra en specifieke inzet ten behoeve van deze doelgroep blijft evenwel noodzakelijk ook om te voorkomen dat de afstand naar werk voor deze doelgroep niet nog groter wordt. In het jaarplan voor 2021 is dit ook als actiepunt benoemd (mede in het licht van de nieuwe Wet Inburgering).

3.2.2 Jongeren met een arbeidsbeperking In paragraaf 2.6.1. is de preventieve aanpak voor leerlingen uit het Pro VSO onderwijs al aan de orde gekomen. Avres heeft de afgelopen vier jaar er voor gekozen om flink in te zetten op plaatsing van jongeren met een arbeidsbeperking. Door samenwerking met de Pro VSO scholen in de gehele regio is een sluitende aanpak ontstaan en wordt voorkomen dat deze jongeren tussen wal en schip vallen. Tijdens het traject in het kader van deze sluitende aanpak volgen de jongeren trainingen en worden zij richting een passende werkplek met loonkostensubsidie voor de werkgever toe geleid. Op de werkplek is vindt vervolgens een meer intensieve begeleiding plaats voor jongeren met een grote arbeidsbeperking en meer incidenteel voor jongeren met een kleinere arbeidsbeperking of zonder arbeidsbeperking, maar met een hoog uitvalrisico. Door deze aanpak is de kans op duurzame plaatsing op een werkplek het meest groot. De resultaten van de plaatsing van Pro Vso-leerlingen zijn uitzonderlijk goed. Vanaf 2015 tot en met 2019 zijn er 75 plaatsingen op werk gerealiseerd. Het gaat daarbij om 61 “unieke” personen; een aantal jongeren is 2 of 3 keer geplaatst, bijvoorbeeld na afloop van een tijdelijk contract. Van de 61 jongeren die aan de sluitende aanpak hebben deelgenomen ontvangen er op dit moment nog 56 actieve ondersteuning.

Dit betekent een succesvolle plaatsing op werk van ruim 90%. De 5 jongeren die Avres niet meer begeleidt, zijn zelfstandig gaan werken, verhuisd naar buiten de regio, in een hulpverleningstraject geplaatst of richting dagbesteding gegaan.

Conclusie/aanbeveling: • De stijging van het aantal statushouders is gerelateerd aan de vluchtelingencrisis. Het grootste deel van de huidige statushouders is afkomstig uit Syrië, gevolgd door Eritrea. In de laatste twee jaar is het aantal statushouders met 25 % gedaald. In vergelijking met andere gemeenten blijft de uitstroom richting werk iets achter. Een verklaring hiervoor is de samenstelling van het bestand: Avres heeft minder alleenstaande statushouders, die meer eenvoudig kunnen uitstromen. Inzet van instrumenten/projecten specifiek voor deze doelgroep draagt bij tot hun ontwikkeling, vergroot de kans op uitstroom richting werk en voorkomt dat de afstand tot werk voor hen wordt vergroot. • De preventieve aanpak voor Pro-VSO leerlingen is succesvol. Op deze wijze wordt voorkomen dat deze jongeren tussen wal en schip vallen. 61 jongeren hebben deelgenomen aan deze aanpak, waarbij voor 90 % van hen een duurzame plaatsing is gerealiseerd, •  Een besparingsoptie kan zijn om te stoppen met de specifieke benadering van de groep statushouders en de Pro Vso jongeren. Een dergelijke optie leidt op termijn echter waarschijnlijk wel tot hogere uitkeringskosten en een beroep op andere (duurdere) voorzieningen (bijvoorbeeld de WMO dagbesteding).

3.3 Plaatsing op werk

Plaatsing op werk van werkfitte werkzoekenden kan in veel gevallen direct plaatsvinden. In andere situaties is dat slechts mogelijk met een ondersteuningspakket richting de werkgever, omdat de kandidaat voor de vacature ondanks zijn werkfitte status toch (nog) enige beperkingen heeft43). De accountmanager beschikt daartoe over een aantal concrete instrumenten, zoals loonkostensubsidie - hier wordt (tijdelijk) een deel van de loonkosten vergoed in verband met verminderde productiecapaciteit van de werkzoekende -; jobcoaching - waarbij werknemers coaching op de werkplek ontvangen gedurende de eerste periode van hun dienstverband -; en jobcarving -waarbij bepaalde taken van verschillende functies worden geclusterd, waardoor een nieuwe functie ontstaat -. Ook kan ondersteuning van schulddienstverlening worden aangeboden, voor zowel Avres als UWV-klanten als dat de overgang naar werk makkelijker maakt.

Evaluatie Avres, november 2020

Om mensen aan het werk te krijgen, heeft Avres accountmanagers in dienst. Deze accountmanagers proberen inwoners die (na een ontwikkeltraject) klaar zijn voor uitstroom richting betaald werk42), op een vacature geplaatst te krijgen bij een bedrijf, maatschappelijke instelling of overheidsorganisatie. De accountmanagers werken bij hun zoektocht naar werk/vacatures samen met de accountmanagers van het UWV. De operationele aansturing van het WSP gebeurt éénduidig vanuit het UWV. Door de samenwerking en de eenduidige aansturing wordt bijvoorbeeld voorkomen dat accountmanagers uit beide organisaties op bezoek gaan bij dezelfde werkgever met dezelfde vragen of hetzelfde ondersteuningsaanbod. Bovendien Is één accountmanager per bedrijf/ ondernemer beter voor de herkenbaarheid van het WSP en draagt dit bij tot een meer vertrouwde werkrelatie tussen de accountmanager en de ondernemer. De accountmanagers werken in principe ook gebiedsgericht, tenzij specifieke branchekennis voor de werkgever noodzakelijk is. Bij hun werkzaamheden richten de accountmanagers

zich overigens niet alleen op de plaatsing van werkfitte werkzoekenden, zij betrekken daarbij ook de kansen voor en mogelijkheden van detachering van de SW-medewerkers .

31

Door de gunstige conjuncturele ontwikkelingen en het ondersteunings-instrumentarium hebben de accountmanagers de afgelopen jaren een groot aantal werkfitte werkzoekenden kunnen plaatsen op werk. De resultaten voor 2019 zijn. • Werkervaringsplaatsen: 69 • Orientatieplaatsen: 80 • Proefplaatsingen mensen met een arbeidsbeperking (doelgroepregister): 25 • Plaatsingen betaald dienstverband: 161

Conclusie/aanbeveling: • De contacten van de accountmanagers van het WSP, dragen mede door de inzet van ondersteunende instrumenten als loonkostensubsidie en jobcoaching bij tot directe plaatsing op werk van werkfitte werkzoekenden.

3.4 Ontwikkeling 3.4.1. Loonkostensubsidie en jobcoaching In paragraaf 2.6.1. is al aangegeven dat uitstroom richting betaald werk voor een deel van de doelgroep niet altijd zondermeer mogelijk is vanwege belemmeringen of beperkingen. Ontwikkeling van mensen met het oog op het wegnemen van belemmeringen of beperkingen, kan mensen evenwel naar een niveau brengen waardoor uitstroom richting betaald werk - al dan niet met ondersteuning - uiteindelijk toch mogelijk wordt.

Evaluatie Avres, november 2020

32

Avres zet met het oog op ontwikkeling van mensen en hun plaatsing diverse instrumenten in. Specifiek ter ondersteuning bij plaatsing worden de instrumenten loonkostensubsidie en jobcoaching gehanteerd. Werkgevers kunnen in aanmerking komen voor een loonkostensubsidie van de gemeente als zij mensen met een arbeidsbeperking - voor wie de gemeente verantwoordelijk is44) - in dienst nemen. Voor het verlies aan productiviteit van de werknemer met een arbeidsbeperking, kan de ondernemer een subsidie ontvangen tot maximaal 70 % van het wettelijk minimumloon. Het instrument loonkostensubsidie wordt vooral gebruikt bij plaatsing van werkzoekenden met een arbeidsbeperking in het kader van de Banenafspraak.

De garantiebanen in het kader van de banenafspraak vangen - naast het instrument Nieuw Beschut45) - sinds 2015 een groot deel van de wijziging van het sociale zekerheidsstelsel op; zij zijn daarmee een alternatief (geworden) voor instroom in de SW of de Wajong. Om in aanmerking te kunnen komen voor een garantiebaan is een indicatie noodzakelijk. Deze indicatiestelling vindt plaats via het UWV. Na het verkrijgen van de indicatie wordt de inwoner opgenomen in het zogeheten “doelgroepregister Banenafspraak”. Na melding van de geïndiceerde wordt hij of zij door Avres in een ontwikkeltraject genomen en vindt met ondersteuning van een loonkostensubsidie plaatsing bij een werkgever plaats. Veel jongeren afkomstig uit het Pro-Vso onderwijs vinden op deze wijze hun weg naar werk. De loonkostensubsidie wordt (wettelijk) gefinancierd uit de BUIG-middelen. Uiteindelijk levert deze financiering ook een besparing voor de gemeenten op. Doordat de subsidie voor een werkgever maximaal 70 % van het wettelijk minimumloon bedraagt, levert al het mindere dat aan subsidie moet worden verstrekt een besparing aan uitkeringsmiddelen op46) 47). Avres tracht in lijn met het uitgangspunt “laat de ondernemer ondernemen” zo veel mogelijk garantiebanen te realiseren buiten haar eigen infrastructuur.

Hiermee wordt niet alleen tegemoet gekomen aan de intrinsieke waardering van de werknemer, maar wordt ook een (financiële) belasting van haar infrastructuur voorkomen.

verantwoordelijk voor de begeleiding en verdere ontwikkeling; Dat is Avres omdat dit (ook) haar “core-business” is. De mate en duur van de begeleiding door de jobcoach is mede afhankelijk van de mate van arbeidsbeperking. Soms is deze intensief en meer langdurig, in andere situaties sporadisch en kortdurend.

Veelal is de inzet van een loonkostensubsidie alleen op zich onvoldoende om een structurele en langdurige plaatsing op een werkplek te kunnen realiseren. Begeleiding en coaching op de werkplek zijn daarnaast vaak noodzakelijk om de plaatsing succesvol te kunnen continueren. Avres maakt voor de begeleiding tijdens het voortraject en op de werkplek gebruik van de inzet van jobcoaches. Ook dit is in lijn met het uitgangspunt van “de ondernemer onderneemt”. De ondernemer is - behoudens productiegerichte aspecten - niet

In onderstaande tabel is een overzicht weergegeven van het aantal garantiebanen dat Avres in de afgelopen jaren heeft gerealiseerd.

Tabel 6: overzicht van het aantal gerealiseerde garantiebanen door Avres in de periode 2016-2019 Realisering baanafspraak

2016

2017

2018

2019

Doelstelling

150

234 (+84)

312 (+78)

360 (+48)

Realisatie Avres per jaar

77

87

86

62

Realisatie Avres totaal

77

164

251

313

Hierna wordt een - niet limitatief - overzicht gegeven van de ontwikkelplekken, projecten, trajecten en instrumenten die Avres de afgelopen jaren heeft gehanteerd bij de ontwikkeling van mensen.

3.4.2 Taalsnelweg De taalsnelweg naar Werk is een pilot die Avres samen met de gemeenten Gorinchem, Vijfheerenlanden en Molenlanden en vluchtelingenwerk uitvoert. Dat gebeurt onder supervisie - en met geld - van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Centraal in de nieuwe inburgeringswet van minister Koolmees - de Veranderopgave Inburgering - staat de gedachte dat nieuwkomers beter in een praktijkomgeving inburgeren. Je pikt de taal sneller op bij een integraal aanbod; bijvoorbeeld als je naast de theorie ook van alles leert op de werkvloer, als vrijwilliger actief bent of op een werkervaringsplek aan de slag bent. Dat idee is ook de basis van Taalsnelweg naar Werk. De deelnemers werken in een zeer intensief traject van vier maanden op de leslocatie naar een goed taalniveau. Vervolgens zorgt Avres ervoor dat ze, onder begeleiding, op een stageplek aan de slag kunnen. Om de taal verder in de praktijk te leren, maar ook als opstapje naar een nieuwe carrière. Onderdeel van de Taalsnelweg maakt ook het aspect ‘Omgaan met geld in Nederland’ uit, dit om statushouders zo snel mogelijk financieel zelfredzaam te maken en om schulden te voorkomen. Daarnaast is er aandacht voor beweging en sport in het programma.

Evaluatie Avres, november 2020

Jobcoaches hebben niet alleen een rol en taak bij de begeleiding en coaching op de werkplek, maar ook in het voortraject van ontwikkeling op weg naar plaatsing richting de arbeidsmarkt. Daarbij maken de jobcoaches gebruik van interne en externe ontwikkelplekken en op ontwikkeling gerichte projecten, trajecten en instrumenten. Op deze ontwikkelplekken en door middel van deze projecten, trajecten en instrumenten kunnen inwoners de (laatste) stappen zetten richting een reguliere baan. Avres heeft er voor gekozen om bij de ontwikkeling van mensen zo min mogelijk gebruik te maken van (volledige) aanbesteding of uitbesteding van de ontwikkelactiviteiten; een meer directe regie op de ontwikkeling van mensen door eigen jobcoaches - zo heeft de ervaring de afgelopen jaren geleerd - levert daarmee een hoger rendement op. Overigens betekent het voorgaande niet dat Avres bij de ontwikkeling van mensen de samenwerking met derden niet opzoekt en/of deze niet op externe locaties laat plaatsvinden; van belang is dat zij - door de inzet van eigen jobcoaches - uitdrukkelijk de regie voert op de ontwikkeling van mensen.

33

De taalsnelweg is een recent traject. Er zijn twee groepen geweest. Voor groep 1 is het traject formeel afgerond. Groep 1 kende 19 deelnemers, waarvan er 16 participeerde op verschillende niveau’s. Van de 16 hadden er 4 een betaalde baan. Dit was de situatie voordat de Coronamaatregelen werden opgelegd. Door de Corornamaatregelen heeft groep 2 maar 2 weken fysiek les gehad. Daarna is overgestapt op online lessen. 3.4.3 Matchmaker De matchmaker bezoekt jongeren zonder startkwalificatie, die langer dan een jaar van school zijn en geen (zelfstandig) inkomen hebben. De matchmaker gaat actief (outreachend) op zoek naar minder redzame jongeren tussen de 16-27 jaar. Dit gebeurt zoveel mogelijk via een persoonlijke benadering. Voor het merendeel van deze jongeren geldt dat ze veelal kwetsbaar zijn en de weg naar instanties en organisaties (voor hulp en ondersteuning) vaak niet kennen (of schuwen). Het is belangrijk om naast hen te staan, vertrouwen bij hen op te bouwen en maatwerk te bieden. De matchmaker helpt met het in kaart brengen van kansen en mogelijkheden van de jongere en ondersteunt hen bij een traject richting onderwijs of een (leer)werkplek. De matchmaker werkt intensief samen met het Regionale Meld- en Coördinatiepunt voortijdig schoolverlaten (RMC) bij de begeleiding van deze jongeren.

In 2019 draaide dit project volledig in de gemeenten Molenlanden en Gorinchem in samenwerking met RMC Zuid-Holland-Zuid. In Vijfheerenlanden wordt sinds 1 januari 2019 samengewerkt met RMC Utrecht-Zuid. In 2019 gaat het voor Molenlanden en Gorinchem om de volgende getallen:

Tabel 7: overzicht activiteiten Matchmaker

Evaluatie Avres, november 2020

34

Categorie

Gorinchem

Molenlanden

Totaal

Totaal aantal jongeren op 1-1-2019

313

227

540

Totaal aantal jongeren bereikt

112

81

193

Afgesloten

33

51

84

Totaal aantal jongeren op 31-12-2019

296

224

520

Omdat het een dynamisch bestand is (er komen constant nieuwe jongeren bij) is het totaal aantal jongeren op 1-1-2019 minus het aantal afgesloten jongeren niet gelijk aan het aantal jongeren op 31-12-2019.

3.4.4 Behouden Vaart Het project Behouden Vaart biedt leerwerktrajecten aan op diverse disciplines in de maritieme sector. In het project Behouden Vaart in Gorinchem knappen de deelnemers samen oude boten op. Op deze manier helpt het werkzoekenden om zich voor te bereiden op een baan in de maritieme wereld. Dit project is een samenwerking tussen werkgevers in de maritieme sector in de regio, Avres en de Stichting Behouden Vaart. Behouden Vaart biedt werkzoekenden een plek om competenties en vaardigheden te ontwikkelen, ervaring op te doen in een werksetting en aan taal en communicatieve vaardigheden te werken. Bovendien wordt tijdens de deelname aan het project Behouden Vaart nagegaan welke arbeidsmarktrichting voor iemand met het oog op zijn/ haar verdere ontwikkeling het meest passend is. 3.4.5 Jij bent in beeld “Jij bent in beeld’ is een project dichtbij huis voor inwoners van Molenlanden. In de Ouwe School in Nieuw Lekkerland krijgen deelnemers begeleiding bij het (weer) ontdekken van talent of dingen waar ze voldoening uit halen. Het project ‘Jij bent in

beeld’ is een op maat gemaakt programma. Elke deelnemer krijgt een programma dat past bij zijn of haar ontwikkeling. Tijdens het traject zoekt de deelnemer samen met de begeleiding naar een plek voor werkervaring. Na afloop is het resultaat voor elke deelnemer anders. De een vindt een baan of gaat aan de slag als vrijwilliger en voor een ander betekent het de eerste stap naar werk, omdat ze weer positief naar zichzelf kijken. Jij bent in beeld blijkt goed te werken. De kracht zit in de persoonlijke aanpak maar ook in de samenwerking. Vrijwilligerswerk, lokale ondernemers en maatschappelijke partners dragen allemaal bij aan een programmaonderdeel. Zij zorgen ook voor de verbinding naar de markt. Zo ontstaan er door de inzet van de deelnemers en samenwerkingspartners volop nieuwe kansen van volwaardig werk of nieuwe producten. Maar bovenal maken de deelnemers een nieuwe start in werk en ontstaat er een samenwerking die echt werkt en die in de toekomst nog beter kan worden vormgegeven, door een meer heldere rolverdeling en het kijken naar uniforme dienstverlening voor UWV, bijstand en mensen zonder uitkering. De afgelopen jaren hebben 44 mensen uit de bijstandspopulatie deelgenomen aan het project “Jij bent in beeld”. 10 mensen hebben hierdoor betaald werk gevonden en 18 van hen zijn geplaatst op een andere ontwikkelplek.

Evaluatie Avres, november 2020

3.4.5 Beweegprogramma’s Inwoners die langdurig een beroep moeten doen op een uitkering, zitten in bijna alle gevallen volledig thuis. Zij voelen zich hierdoor vaak minder fit, hebben een grotere kans op overgewicht, durven soms niet meer onder de mensen te komen of hebben last van psychische problemen. Dergelijke aspecten vergroten hun afstand tot de arbeidsmarkt en verkleinen hun kansen op uitstroom richting betaald werk. Beweegprogramma’s die mensen letterlijk in beweging brengen kunnen er in hoge mate toe bijdragen dat de mentale en fysieke gezondheid van mensen wordt verbeterd en/of dat bijvoorbeeld een sociaal isolement wordt doorbroken. Dit biedt vervolgens weer een basis voor verdere ontwikkeling richting meer arbeidsgerelateerde activiteiten en trainingen. In een beweegprogramma worden beweging, voeding en persoonlijke coaching gecombineerd binnen individuele en groepsactiviteiten. De beweegprogramma’s worden waar mogelijk zo dicht mogelijk in de woon- en leefomgeving van de inwoner aangeboden; dit verhoogt namelijk de kans op instroom in een dergelijk programma en draagt zo ook bij aan de daadwerkelijke afronding van het programma.

35

In onderstaande grafiek is van 10 mensen die meer dan twee jaar terug deelgenomen hebben aan de training hoe zij nu presteren.

Grafiek 1: overzicht van de ontwikkeling n.a.v. deelname aan beweegprogramma

Evaluatie Avres, november 2020

36

6 = scholing (bij jongeren) 5 = werk (boven de norm PW) 4 = parttime werk (met aanvulling vanuit PW) 3 = ontwikkelplek 2 = vrijwilligerswerk 1 = inactief (geen betaald werk, werk met behoud uitkering /of vrijwilligerswerk) * = verhuisd buiten regio Avres of woonplaats behoort niet langer tot werkgebied Avres

We zien dat de resultaten van de beweegtrajecten erg uiteenlopen. Soms is er sprake van uitval tijdens of na het traject door een terugval. Soms gaan mensen naar een ontwikkelplek (wat een logisch vervolg is). Soms raakt iemand uit beeld door een verhuizing. Soms zien we ook naar een periode pas een opleving. Een voorbeeld daarvan is een moeder van twee jonge kinderen die het volledige traject heeft doorlopen, daarna vrijwilligerswerk heeft gedaan en na twee jaar part-time is gaan werken. Zij gaf aan dat ze deze stap niet gemaakt zou kunnen hebben als ze in de periode dat het slecht met haar ging niet door het beweegtraject was geactiveerd. Andersom komt helaas ook voor. Iemand die tijdens het traject een stap maakt naar vrijwilligerswerk. 6 maanden na het traject aan het werk is, maar na 12 en 24 maanden inactief is.

3.4.6. Timmerwerkplaats In 2017 is in Leerdam gestart met het project de Timmerwerkplaats. Doel van het project is dat inwoners uit Vijfheerenlanden met een grote afstand tot de arbeidsmarkt werkervaring en werkritme opdoen en het vak leren. Daarnaast wordt er gekeken naar de mogelijkheden voor het vinden van een baan, weer naar school gaan, vrijwilligerswerk of anderszins participatie in de samenleving. De deelnemers ontwikkelen competenties die ze zeer goed kunnen gebruiken voor het verwerven van een baan. Ze leren hout bewerken, ontwikkelen een goed werkritme en leren in een team te werken. Een groot voordeel van dit project is dat het in Leerdam is; dat scheelt de deelnemers bijvoorbeeld reistijd. De aanpak is laagdrempelig, praktisch en echt bedoeld om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt te activeren. De begeleiding op de werkplek werkt met hen aan vaardigheden en vertrouwen en gaat met hen in gesprek over vervolgstappen na deelname aan dit project: kan een deelnemer direct doorstromen naar betaald werk of wordt eerst nog gekozen voor een vervolgtraject? Een jobcoach en een timmerman begeleiden de kandidaten. De selectie van kandidaten die voor deelname aan dit project worden uitgenodigd gebeurt in samenwerking met Stichting SamenDoen.

Naast Avres en de Stichting Samen Doen zijn ook de gemeente Vijfheerenlanden, ROC Da Vinci, het Kringloopbedrijf Leerdam en het “Pilgram initiatief” bij het project betrokken.

De mensen krijgen deskundig advies van de vrijwilligers van de stichting bij het vinden van een geschikte kledingcombinatie. De kleding die wordt aangeboden is zowel nieuw als gebruikt en van hoge kwaliteit. De mensen ontvangen via Dress for Success een basisoutfit en als het mogelijk en nodig is, wordt de nieuwe “look” compleet gemaakt met schoenen en accessoires. Voor de outfit hoeft niet te worden betaald en bovendien mogen de mensen de outfit houden. Jaarlijks koopt Avres vouchers in bij de Stichting, waarmee mensen - na doorverwijzing - een beroep kunnen doen op de dienstverlening door Dress for Succes.

3.4.8 Samenwerking met Syndion Avres biedt ondersteuning aan mensen met een achterstand op de arbeidsmarkt om betaald werk bereikbaar te maken. Dat gebeurt door de inzet van ontwikkeltrajecten, werkplekaanpassingen te regelen bij lokale ondernemers en klanten (op de werkplek) te begeleiden in hun werk. Bij Syndion kunnen mensen met een beperking vanuit arbeidsmatige dagbesteding soms doorgroeien naar regulier werk. Diagnostiek en competentietraining vanuit het test- en trainingscentrum van Syndion maken met het oog daarop maatwerk in persoonlijke begeleiding mogelijk. Ook klanten van Avres kunnen gebruik maken van dit test- en trainingscentrum om hun ontwikkelmogelijkheden in kaart te brengen. De samenwerking met Syndion is in eerste instantie verkend via een pilot. Inmiddels is de samenwerking met Syndion geïntegreerd in de aanpak van Avres en wordt in het kader van de ontwikkeling van mensen gebruik gemaakt van de inzet van gedragsdeskundigen van Syndion en (afwisselend) elkaars infrastructuur. Dee belangrijkste les die werd getrokken uit de pilot was dat klanten vaak echt maatwerk nodig hebben. Soms werkt bijvoorbeeld veel variatie in werkzaamheden goed, maar het kan juist ook averechts werken. Op werklocaties van Syndion is meer ruimte voor persoonlijke begeleiding en kunnen werkzaamheden nauwer afgestemd worden op de mogelijkheden van de klant.

De afwisseling tussen werken bij Syndion en (daarop volgend) op interne ontwikkelplekken bij Avres48), wordt als heel positief bestempeld door mensen. Daarbij wordt het verkrijgen van de juiste indicaties zoveel mogelijk naar de achterkant geschoven en wordt dit zo geruisloos mogelijk (onderling) geregeld49). Zodoende krijgt de klant alle focus. De samenwerking tussen Avres en Syndion is een schoolvoorbeeld van het afstappen van het eigen bezit van de infrastructuur en het overstappen naar het gezamenlijk gebruik

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vijfheerenlanden&id=1042802b-9160-43f4-a217-7b83d781c6f5