3. (RVE) HIOR Vijfheerenlanden.pdf
Tekst van het document
Type
• Historische verblijfsgebieden: dikformaat. • Moderne verblijfsgebieden: keiformaat.
Kleur
• Vrij (maar geen geel).
Details
• Rijbaan aanleggen in keperverband.
inrichting
• In historische verblijfsgebieden waar de rijbaan grenst aan een natuursteen trottoirband, aan
Referentiebeeld rijbaan (historische) verblijfsgebieden
beide zijden van de rijbaan vijf strekken toepassen in type waalformaat en materiaal en kleur van de rijbaan. Deze goot dient voor de straatkolken. • In moderne verblijfsgebieden aan beide zijden van de rijbaan één strek toepassen in materiaal, type en kleur van de rijbaan. Hier worden trottoirkolken toegepast. • Geen lengtemarkering toepassen. Gebruik
• (Brom)fietsverkeer op de rijbaan. Voetgangers maken gebruik van een trottoir.
Maatvoering
• Rijbaan tonrond of onder afschot aanleggen conform CROW-richtlijnen.
Referentiebeeld rijbaan (moderne) verblijfsgebieden (let op: detaillering parkeervakken is afwijkend)
• Zoveel mogelijk hemelwater oppervlakkig afwateren, indien dit niet mogelijk is afwateren via kolken. • Rijbaan en bochten moeten minimaal zodanig gedimensioneerd zijn dat hulpdiensten en huisvuilophaalwagen ongehinderd en zonder obstakels van de weg gebruik kunnen maken. • Kruisingen gelijkwaardig uitvoeren met een snelheidsverlagende voorziening in de vorm van een plateau (zie onderdeel ‘drempels en plateaus’) of streetprint, volgens de eisen van Duurzaam Veilig. • Maatvoering conform landelijke normen en richtlijnen erftoegangsweg (30 km/u) (CROW, Standaardnormen en andere geldende voorschriften).
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
35
3. 3.1. 2. 2 Verb ijfs g eb ied en (Tech n iek) 3. VERHARDINGEN WOONGEBIEDEN
BEELD
3.3 VERHARDINGSTYPEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
WERKGEBIEDEN
3.3.1 RIJBAAN HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
RIJBAAN - TECHNISCHE UITWERKING Eisen materiaal
• TBS type 313 Vepro (o.g.) met opschrift VW of RW in putrand.
• KOMO certificaat; • NL-BSB certificaat voor straatbakstenen.
Hemelwater
Putafdekking
Riolering
• Stelsel is bij voorkeur gesitueerd onder het midden van
DWA/HWA
de rijbaan. • Hoofdstuk riolering
• Hemelwater zoveel mogelijk oppervlakkig afwateren. • Banden Kaderstellende
Goot en kolken
• In historische verblijfsgebieden waar de rijbaan grenst
• Zie algemene pagina.
documenten
aan een natuursteen trottoirband, aan beide zijden van de rijbaan vijf strekken toepassen in type waalformaat en materiaal en kleur van de rijbaan. Deze goot dient voor de straatkolken. • In moderne verblijfsgebieden aan beide zijden van de rijbaan één strek toepassen in materiaal, type en kleur van de rijbaan. Hier worden trottoirkolken toegepast. • Kolken Fundering
• Standaard opbouw: • Straatlaag van brekerzand dikte 0,05 m;
5 strekken
trottoirband
elementenverharding
• Ongebonden steenmengsel puingranulaat 0/31,5 mm, dikte 0,35 m; • Geogrid, Tensar TriAx TX 160 of Tensar Bi-axiale grid; • Cunetzand, laagdikte 0,40 m; • Oorspronkelijke grondslag. • De opbouw van de fundering moet bepaald worden door middel van berekeningen op basis van aslast, frequentie, prognoses, bodem-opbouw, profiel en wegclassificatie.
trottoir
rijbaan
brekerzand = 0,05 m puingranulaat 0/31,5 = 0,35 m geogrid cunetzand = 0,4 m min = 0,3 m
• De funderingsconstructie minimaal 0,30 m onder de band/ asfalt-/betonverharding laten doorlopen. Opbouw fundatie rijbaan verblijfsgebied bij gebruik van kolken
Rijbaan historische verblijfsgebied
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
36
3. 3.1. 3 Werkg eb ied en 3. VERHARDINGEN WOONGEBIEDEN BEELD
3.3 VERHARDINGSTYPEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
WERKGEBIEDEN
3.3.1 RIJBAAN HOOFDINFRASTRUCTUUR
3. 3.1. 3.1 Werkg eb ied en (B eeld ) WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
RIJBAAN Materiaal
• Hoofdstructuur: asfalt • Secundaire structuur: betonstraatsteen.
Type
• Keiformaat.
Kleur
• Aansluiten bij omgeving.
Details
• Minimale breedte rijstrook: 6 meter. • Rijbaan aanleggen in keperverband.
Referentiebeeld rijbaan werkgebieden
• Aan beide zijden van de weg twee strekken in hetzelfde materiaal, type en kleur als de rijbaan. • Rijbaan tonrond of onder afschot aanleggen conform CROW-richtlijnen. • Zoveel mogelijk hemelwater oppervlakkig afwateren, indien dit niet mogelijk is afwateren via kolken. • Rijbaan en bochten moeten minimaal zodanig gedimensioneerd zijn dat hulpdiensten en huisvuilophaalwagen ongehinderd en zonder obstakels van de weg gebruik kunnen maken. • Geen lengtemarkering toepassen. • (Brom)fietsverkeer op de rijbaan. Voetgangers maken gebruik van een trottoir. • Maatvoering conform landelijke normen en richtlijnen (CROW publicaties, Standaardnormen en andere geldende voorschriften).
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
37
3. 3.1. 3. 2 Werkg eb ied en (Tech n iek) 3. VERHARDINGEN WOONGEBIEDEN
BEELD
3.3 VERHARDINGSTYPEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
WERKGEBIEDEN
3.3.1 RIJBAAN HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
RIJBAAN, HOOFDSTRUCTUUR - TECHNISCHE UITWERKING (1/2) Eisen materiaal
• Standaard opbouw:
Fundering
• Asfalt:
• Deklaag (surf) van SMA 0/6 of 0/8 dikte 0,03 m; • Tussenlaag (bind) van OAB 0/16 dikte 0,06 m; • Onderlaag (base) van STAB 0/22 dikte 0,08 m;
• Standaard RAW bepalingen Asfaltmengsels volgens CE normering en de NEN-EN 13108.
• Ongebonden steenmengsel puingranulaat 0/31,5
• Typen/samenstelling/functionele eigenschappen van
mm dikte 0,35 m;
de mengsels zijn afhankelijk van de ondergrond,
• Geogrid, bv Tensar SS 30;
wegcategorie en verkeersbelasting.
• Cunetzand, laagdikte 0,5 m; • Oorspronkelijke grondslag.
• (Producenten zijn, binnen de randvoorwaarden van NEN-EN
• De opbouw van de fundering moet bepaald worden
13108-1 Asfaltbeton, vrij asfaltbetonmengsels voor een bepaald toepassingsgebied te ontwerpen. Er bestaat geen nauw omschreven
door middel van berekeningen op basis van aslast,
gebied voor de korrelverdeling en de bindmiddel hoeveelheid voor de
frequentie, prognoses, bodem-opbouw, profiel en
mengsels in NEN-EN 13108-1.De samenstelling van het mengsel wordt
wegclassificatie.
bepaald op basis van de functionele eigenschappen. Van dit mengsel, beschreven als de in te wegen doelsamenstelling, bepaald hij de eigenschappen volgens NEN-EN 13108-20 Typeonderzoek)
Hemelwater
Goot en kolken
Riolering
• Stelsel is bij voorkeur gesitueerd onder het midden van
DWA/HWA
de rijbaan. • Riolering
• Hemelwater zoveel mogelijk oppervlakkig afwateren.
Kaderstellende
• Banden
documenten
• Zie algemene pagina.
• Bij een rijbaan grenzend aan het trottoir wordt langs de rijbaan twee strekken en trottoirkolken toegepast. • Bij een rijbaan grenzend aan parkeerplaatsen wordt langs de rijbaan een parkeergoot van 5 strekken met straatkolken toegepast. • Kolken
2 strekken
trottoirband
elementenverharding
trottoir
rijbaan
asfalt = 0,17 m puingranulaat 0/31,5 = 0,35 m geogrid
Putafdekking
• TBS type 313 Vepro (o.g.) met opschrift VW of RW in putrand.
cunetzand = 0,5 m
Opbouw fundatie rijbaan werkgebied hoofdstructuur bij gebruik van kolken HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
Rijbaan werkgebied primair
38
3. VERHARDINGEN WOONGEBIEDEN
BEELD
3.3 VERHARDINGSTYPEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
WERKGEBIEDEN
3.3.1 RIJBAAN HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
RIJBAAN, SECUNDAIRE STRUCTUUR TECHNISCHE UITWERKING (2/2) Eisen materiaal
Putafdekking
• TBS type 313 Vepro (o.g.) met opschrift VW of RW in putrand.
• KOMO certificaat; • NL-BSB certificaat voor straatbakstenen
Riolering
• De wegfundering en de verharding dienen vervaardigd
DWA/HWA
• Stelsel is bij voorkeur gesitueerd onder het midden van de rijbaan. • Riolering
te worden van materialen die na verwijdering opnieuw gebruikt kunnen worden als (secundaire) bouwstof. Kaderstellende Hemelwater
• Hemelwater zoveel mogelijk oppervlakkig afwateren.
• Zie algemene pagina.
documenten
• Banden Goot en kolken
• Bij een rijbaan grenzend aan het trottoir wordt langs de rijbaan twee strekken en trottoirkolken toegepast. • Bij een rijbaan grenzend aan parkeerplaatsen wordt langs de rijbaan een parkeergoot van 5 strekken met straatkolken toegepast. • Kolken
Fundering
• Standaard opbouw: • Straatlaag van brekerzand dikte 0,05 m; • Ongebonden steenmengsel puingranulaat 0/31,5 mm, 2 strekken
trottoirband
dikte 0,35 m; elementenverharding • Geogrid, Tensar TriAx TX 160 of Tensar Bi-axiale grid;
trottoir asfalt = 0,17 m puingranulaat 0/31,5 = 0,35 m geogrid cunetzand = 0,5 m
rijbaan • Cunetzand, laagdikte 0,50 m;
• Oorspronkelijke grondslag. • De opbouw van de fundering moet bepaald worden door middel van berekeningen op basis van aslast, frequentie, prognoses, bodem-opbouw, profiel en wegclassificatie.
2 strekken
trottoirband
elementenverharding
trottoir
rijbaan
brekerzand = 0,05 m puingranulaat 0/31,5 = 0,35 m geogrid cunetzand = 0,5 m
• De funderingsconstructie minimaal 0,30 m onder de band/ asfalt-/betonverharding door laten doorlopen. HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
Rijbaan werkgebied primair
Opbouw fundatie rijbaan werkgebied secundaire structuur bij gebruik van kolken
Rijbaan werkgebied secundair
39
3. 3.1. 4 Hoofd in fra s t ru ct u u r 3. VERHARDINGEN WOONGEBIEDEN BEELD
3.3 VERHARDINGSTYPEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
3. 3.1. 4.1 Hoofd in fra s t ru ct u u r
3.3.1 RIJBAAN
(B eeld ) WERKGEBIEDEN
HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
RIJBAAN Materiaal
• Toplaag: asfalt. • De opbouw van de fundering en de toplaagconstructie moeten bepaald worden door middel van berekeningen op basis van aslast, frequentie, prognoses, bodem-opbouw, profiel en wegclassificatie. • Op een aantal locaties in de gemeente Vijfheerenlanden moet geluidreducerend asfalt toegepast worden. Betreffende locaties zijn bekend bij de gemeente Vijfheerenlanden.
Type
• Gecertificeerde materialen met partijverklaringen en -keuringen en vooronderzoeken die de
Referentiebeeld rijbaan hoofdinfrastructuur
kwaliteit aantonen (technisch en milieukundig). • Kwaliteit volgens de geldende landelijke normen voor toepassing in woongebieden. Kleur
• Zwart
Details
• Aan beide zijden van de rijbaan goottegels toepassen. • Rijbaan tonrond of onder afschot aanleggen conform CROW-richtlijnen. • Zoveel mogelijk hemelwater oppervlakkig afwateren, indien dit niet mogelijk is afwateren via kolken. • Rijbaan en bochten moeten minimaal zodanig gedimensioneerd zijn dat hulpdiensten en huisvuilophaalwagen ongehinderd en zonder obstakels van de weg gebruik kunnen maken.
Referentiebeeld rijbaan hoofdinfrastructuur
• Lengtemarkering toepassen (zie onderdeel ‘wegmarkering’). • Bromfietsverkeer op de rijbaan. Fietsverkeer maakt gebruik van een (bij voorkeur) vrijliggend fietspad (zie onderdeel ‘fietspad hoofdstructuur’). Voetgangers maken gebruik van een trottoir. • Maatvoering conform landelijke normen en richtlijnen gebiedsontsluitingsweg (50 km/u) (CROW, Standaardnormen en andere geldende voorschriften).
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
40
3. 3.1. 4. 2 Hoofd in fra s t ru ct u u r (Tech n iek) 3. VERHARDINGEN WOONGEBIEDEN
BEELD
3.3 VERHARDINGSTYPEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
WERKGEBIEDEN
3.3.1 RIJBAAN HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
RIJBAAN - TECHNISCHE UITWERKING Eisen materiaal
• Standaard fundering:
Fundering
• Standaard asfalt;
• Deklaag (surf) van SMA 0/6 of 0/8 dikte 0,03 m; • Tussenlaag (bind) van OAB 0/16 dikte 0,06 m; • Onderlaag (base) van STAB 0/22 dikte 0,08 m;
• Standaard RAW bepalingen Asfaltmengsels volgens CE normering en de NEN-EN 13108. • Typen/samenstelling/functionele eigenschappen van
• Geluidreducerend asfalt;
• overeenkomstig AC11 surf 11 DL-IB echter met geluidsreductie. De geluidsreductie (Cwegdek) voor lichte voertuigen bij 50km/u bedraagt minimaal 4 db(A) volgens het overzicht op www.stillerverkeer.nl
de mengsels zijn afhankelijk van de ondergrond, wegcategorie en verkeersbelasting. • (Producenten zijn, binnen de randvoorwaarden van NEN-EN
• Ongebonden steenmengsel puingranulaat 0/31,5
13108-1 Asfaltbeton, vrij asfaltbetonmengsels voor een bepaald toepassingsgebied te ontwerpen. Er bestaat geen nauw omschreven
mm dikte 0,35 m;
gebied voor de korrelverdeling en de bindmiddel hoeveelheid voor de
• Geogrid, bv Triax TX 160;
mengsels in NEN-EN 13108-1.De samenstelling van het mengsel wordt
• Cunetzand, Laagdinkte 0,7 m;
bepaald op basis van de functionele eigenschappen. Van dit mengsel,
• Oorspronkelijke grondslag.
beschreven als de in te wegen doelsamenstelling, bepaald hij de
• De opbouw van de fundering en de toplaagconstructie
eigenschappen volgens NEN-EN 13108-20 Typeonderzoek)
Hemelwater
moeten bepaald worden door middel van berekeningen
• Hemelwater zoveel mogelijk oppervlakkig afwateren.
op basis van aslast, frequentie, prognoses, bodem-
• Banden Goot en kolken
opbouw, profiel en wegclassificatie.
• Langs de rijbaan worden aan beide zijden goottegels
Kaderstellende
toegepast.
documenten
• Zie algemene pagina.
• Bij een rijbaan grenzend aan een trottoirband wordt een rij met goottegels en trottoirkolken toegepast. • Kolken Putafdekking
• TBS type 313 Vepro (o.g.) met opschrift VW of RW in putrand.
Riolering
• Stelsel is bij voorkeur gesitueerd onder het midden van
DWA/HWA
de rijbaan.
goottegel
steunrug stelspecie fietspad
berm
rijbaan
asfalt = 0,17 m puingranulaat 0/31,5 = 0,35 m geogrid cunetzand = 0,7 m
• Riolering min 0,3 m
Opbouw fundatie rijbaan hoofdinfrastructuur bij gebruik van kolken
41
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
rijbaan hoofdstructuur
3. 3.1. 5 Wijkin fra s t ru ct u u r 3. VERHARDINGEN WOONGEBIEDEN BEELD
3.3 VERHARDINGSTYPEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
3. 3.1. 5 .1 Wijkin fra s t ru ct u u r
3.3.1 RIJBAAN
(B eeld ) WERKGEBIEDEN
HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
RIJBAAN Materiaal
• Toplaag: asfalt. • De opbouw van de fundering en de toplaagconstructie moeten bepaald worden door middel van berekeningen op basis van aslast, frequentie, prognoses, bodem-opbouw, profiel en wegclassificatie. • Op een aantal locaties in de gemeente Vijfheerenlanden moet geluidreducerend asfalt toegepast worden. Betreffende locaties zijn bekend bij de gemeente Vijfheerenlanden.
Type
• Gecertificeerde materialen met partijverklaringen en -keuringen en vooronderzoeken die de
Referentiebeeld rijbaan wijkinfrastructuur
kwaliteit aantonen (technisch en milieukundig). • Kwaliteit volgens de geldende landelijke normen voor toepassing in woongebieden. Kleur
• Zwart.
Details
• Aan beide zijden van de rijbaan drie strekken toepassen in grijze betonstraatsteen, keiformaat. • Rijbaan tonrond of onder afschot aanleggen conform CROW-richtlijnen. • Zoveel mogelijk hemelwater oppervlakkig afwateren, indien dit niet mogelijk is afwateren via kolken. • Rijbaan en bochten moeten minimaal zodanig gedimensioneerd zijn dat hulpdiensten en huisvuilophaalwagen ongehinderd en zonder obstakels van de weg gebruik kunnen maken.
Referentiebeeld rijbaan wijkinfrastructuur (let op: plateau is afwijkend)
• Geen lengtemarkering toepassen. • Kruisingen gelijkwaardig uitvoeren met een snelheidsvertragende voorziening in de vorm van een plateau (zie onderdeel ‘drempels en plateaus’) of streetprint, volgens de eisen van Duurzaam Veilig. • (Brom)fietsverkeer op de rijbaan. Voetgangers maken gebruik van een trottoir. • Maatvoering conform landelijke normen en richtlijnen erftoegangsweg (30 km/u) (CROW, Standaardnormen en andere geldende voorschriften).
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
42
3. 3.1. 5 . 2 Wijkin fra s t ru ct u u r (Tech n iek) 3. VERHARDINGEN WOONGEBIEDEN
BEELD
3.3 VERHARDINGSTYPEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
WERKGEBIEDEN
3.3.1 RIJBAAN HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
RIJBAAN - TECHNISCHE UITWERKING Eisen materiaal
• Standaard opbouw bij asfalt:
Fundering
• Standaard asfalt;
• Deklaag (surf) van SMA 0/6 of 0/8 dikte 3 cm; • Tussenlaag (bind) van OAB 0/16 dikte 6 cm; • Onderlaag (base) van STAB 0/22 dikte 8 cm;
• KOMO certificaat; • NL-BSB certificaat voor straatbakstenen
• Geluidreducerend asfalt;
• Standaard RAW bepalingen Asfaltmengsels volgens CE
• overeenkomstig AC11 surf 11 DL-IB echter met geluidsreductie. De geluidsreductie (Cwegdek) voor lichte voertuigen bij 50km/u bedraagt minimaal 4 db(A) volgens het overzicht op www.stillerverkeer.nl
normering en de NEN-EN 13108. • Typen/samenstelling/functionele eigenschappen van de mengsels zijn afhankelijk van de ondergrond,
• Ongebonden steenmengsel puingranulaat 0/31,5
wegcategorie en verkeersbelasting.
mm dikte 0,35 m;
• (Producenten zijn, binnen de randvoorwaarden van NEN-EN 13108-1 Asfaltbeton, vrij asfaltbetonmengsels voor een bepaald
• Geogrid, bv Triax TX 160;
toepassingsgebied te ontwerpen. Er bestaat geen nauw omschreven
• Cunetzand, laagdikte 0,5 m;
gebied voor de korrelverdeling en de bindmiddel hoeveelheid voor de
• Oorspronkelijke grondslag.
mengsels in NEN-EN 13108-1.De samenstelling van het mengsel wordt
• Standaard opbouw bij elementen verharding:
bepaald op basis van de functionele eigenschappen. Van dit mengsel,
• Straatlaag van brekerzand dikte 0,05 m;
beschreven als de in te wegen doelsamenstelling, bepaald hij de
• Ongebonden steenmengsel puingranulaat 0/31,5
eigenschappen volgens NEN-EN 13108-20 Typeonderzoek)
Hemelwater
• Hemelwater zoveel mogelijk oppervlakkig afwateren.
Goot en kolken
• Bij een rijbaan grenzend aan trottoir worden minimaal
mm, dikte 0,35 m; • Geogrid, Tensar Triax TX 160; • Cunetzand, laagdikte 0,50 m; • Oorspronkelijke grondslag
twee strekken en trottoirkolken toegepast. • Bij een rijbaan grenzend aan parkeerplaatsen wordt een parkeergoot van 5 strekken en straatkolken toegepast. • Kolken
Kaderstellende
• Zie algemene pagina.
documenten 2 strekken
trottoirband
Putafdekking
• TBS type 313 Vepro (o.g.) met opschrift VW of RW in putrand.
Riolering
• Stelsel is bij voorkeur gesitueerd onder het midden van
DWA/HWA
de rijbaan. • Riolering
elementenverharding
trottoir
rijbaan
asfalt = 0,17 m puingranulaat 0/31,5 = 0,35 m geogrid cunetzand = 0,5 m
Standaard opbouw fundatie rijbaan in asfalt.
43
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
Rijbaan werkgebied primair
3.3.2 Fietspad 3. VERHARDINGEN WOONGEBIEDEN BEELD
3.3 VERHARDINGSTYPEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
WERKGEBIEDEN
3.3.2 FIETSPAD HOOFDINFRASTRUCTUUR
3. 3. 2.1 F iet s pa d (B eeld ) WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
FIETSPAD Materiaal
• Asfalt. • Indien de toepassing van asfalt op bepaalde plaatsen niet mogelijk is, bijvoorbeeld door de ligging van kabels en leidingen, dan rode betontegels (30x30 cm) toepassen, mits in goede constructie gelegd.
Type
• Gecertificeerde materialen met partijverklaringen en -keuringen en vooronderzoeken die de kwaliteit aantonen (technisch en milieukundig).
Kleur
• Rood.
Details
• Fietspad bij voorkeur scheiden van de rijbaan door een minimaal 1 meter brede groenstrook.
Referentiebeeld vrijliggend fietspad langs hoofdinfrastructuur
Indien dit niet mogelijk is zullen fietspaden aanliggend aan de rijbaan aangelegd moeten worden in verband met de breedte van het profiel. Indien het wegprofiel het ook niet toelaat om een aanliggend fietspad te realiseren, dient een fietssuggestiestrook of fietsstrook toegepast te worden. Bij de detaillering van het fietspad tijdens reconstructie van deze wegen is maatwerk noodzakelijk. • Fietspad tonrond of onder afschot aanleggen. • Zoveel mogelijk hemelwater oppervlakkig afwateren, indien dit niet mogelijk is afwateren via kolken.
Referentiebeeld vrijliggend fietspad
• Kruising met ander fietspad gelijkvloers en gelijkwaardig uitvoeren. • Kruising met een rijbaan gelijkvloers en met voorrangsmaatregel en/of snelheidsverlagende voorziening uitvoeren. Bij voorkeur hebben fietsers voorrang, tenzij niet anders mogelijk is. • Ontwerp en aansluiting fietspaden zodanig maken dat geen aanvullende voorzieningen, zoals paaltjes, nodig zijn. • Fietspad zodanig ontwerpen dat met een klein voertuig zonder belemmeringen en obstakels gestrooid kan worden. • Maatgeving conform maatgevend voertuig, in overleg met brandweer/buitendienst (strooien).
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
44
3. VERHARDINGEN WOONGEBIEDEN
BEELD
3.3 VERHARDINGSTYPEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
WERKGEBIEDEN
3.3.2 FIETSPAD
3. 3. 2. 2 F iet s pa d (Tech n iek)
HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
FIETSPAD - TECHNISCHE UITWERKING Eisen materiaal
Hemelwater
• Hemelwater zoveel mogelijk oppervlakkig afwateren. • Banden
• Standaard RAW bepalingen Asfaltmengsels volgens CE normering en de NEN-EN 13108.
Kolken
• Bij fietspaden grenzend aan het trottoir worden
• Typen/samenstelling/functionele eigenschappen van
trottoirkolken toegepast. Kolken
de mengsels zijn afhankelijk van de ondergrond,
• Bij vrijliggende fietspaden worden geen kolken
wegcategorie en verkeersbelasting.
toegepast, het fietspad watert af in de naastgelegen groene berm.
• (Producenten zijn, binnen de randvoorwaarden van NEN-EN 13108-1 Asfaltbeton, vrij asfaltbetonmengsels voor een bepaald toepassingsgebied te ontwerpen. Er bestaat geen nauw omschreven gebied voor de korrelverdeling en de bindmiddel hoeveelheid voor de
Putafdekking
• TBS type 313 Vepro (o.g.) met opschrift VW of RW in putrand.
mengsels in NEN-EN 13108-1.De samenstelling van het mengsel wordt bepaald op basis van de functionele eigenschappen. Van dit mengsel,
Fundering
beschreven als de in te wegen doelsamenstelling, bepaald hij de
Kaderstellende
eigenschappen volgens NEN-EN 13108-20 Typeonderzoek)
documenten
• Zie algemene pagina.
• Standaard opbouw bij elementen verharding: • Cunetzand, laagdikte 0,40 m; • Oorspronkelijke grondslag. • Standaard opbouw bij asfalt: • Deklaag (surf) SMA-NL 11A 70/100, Kleur Tillrood
steunrug stelspecie fietspad
berm asfalt = 0,17 m
puingranulaat 0/31,5 = 0,35 m geogrid cunetzand = 0,7 m
met zwarte bitumen 3 cm; goottegel • Onderlaag (bind) van OAB 0/16 dikte 6 cm; rijbaan
• Ongebonden steenmengsel puingranulaat 0/31,5 mm dikte 0,30 m; • Geogrid, bv Triax TX 160; • Cunetzand, laagdikte 0,3 m; • Oorspronkelijke grondslag.
Kabelsmin en0,3 m
• Het kan voorkomen dat het tracé onder het fietspad is
leidingen
gesitueerd. Dan worden er rode betontegels (30x30 cm)
trottoirband trottoir fietspad
asfalt = 0,09 m
berm
puingranulaat 0/31,5 = 0,3 m geogrid cunetzand = 0,3 m min 0,3 m
toegepast, mits in goede constructie gelegd.
fietspad hoofdstructuur
Standaard opbouw fundatie vrijliggend fietspad in hoofdinfrastructuur
rijbaan hoofdstructuur HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
45
3.3.3 Trottoir 3. VERHARDINGEN WOONGEBIEDEN BEELD
3.3 VERHARDINGSTYPEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
3.3.3 TROTTOIR
WERKGEBIEDEN
HOOFDINFRASTRUCTUUR
2. 3. 3.1 Trot t oir Woon /werk/wijkin fra s t ru ct u u r (B eeld ) WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
TROTTOIR Materiaal
• Beton.
Type
• Trottoirtegel 30x30x6 cm. • Ter plaatse van inritten: trottoirtegel 30x30x8 cm.
Kleur
• Grijs.
Details
• Alle trottoirs in halfsteensverband aanleggen, dwars op de looprichting (lintlagen voorkomen).
Referentiebeeld trottoir (let op: detaillering rijbaan is afwijkend)
• Trottoirs naast particulier terrein op één oor naar de weg aanleggen. • Zoveel mogelijk hemelwater oppervlakkig afwateren richting openbare groen stroken. • Overige trottoirs tonrond aanleggen. • Afmetingen conform ASVV 2012.
Referentiebeeld vrijliggend trottoir
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
46
3. VERHARDINGEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
WOONGEBIEDEN BEELD
3.3 VERHARDINGSTYPEN
3.3.3 TROTTOIR
WERKGEBIEDEN
HOOFDINFRASTRUCTUUR
3. 3. 3. 2 Verb lijfs g eb ied en (B eeld ) WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
TROTTOIR Materiaal
• Historische verblijfsgebieden: gebakken klinker. • Moderne verblijfsgebieden: beton met een toeslag van basaltine.
Type
• Historische verblijfsgebieden: waalformaat. • Moderne verblijfsgebieden: betontegel 30x30x6 cm. Ter plaatse van inritten: trottoirtegel 30x30x8 cm.
Kleur
• Historische verblijfsgebieden: vrij (passend bij de rijbaan).
Referentiebeeld trottoir historische verblijfsgebieden
• Moderne verblijfsgebieden: grijs. Details
• Alle trottoirs in halfsteensverband aanleggen, dwars op de looprichting. • Trottoirs naast particulier terrein op één oor naar de weg aanleggen. • Zoveel mogelijk hemelwater oppervlakkig afwateren richting openbare groen stroken. • Overige trottoirs tonrond aanleggen. • Afmetingen conform ASVV 2012.
Referentiebeeld trottoir historische verblijfsgebieden
Referentiebeeld trottoir moderne verblijfsgebieden HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
47
3. 3. 3.1,2 Trot t oir (Tech n iek) 3. VERHARDINGEN WOONGEBIEDEN
BEELD
3.3 VERHARDINGSTYPEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
WERKGEBIEDEN
3.3.3 TROTTOIR HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
TROTTOIR - TECHNISCHE UITWERKING Eisen materiaal
berm
berm
cunetzand = 0,3 m min 0,1 m
• Standaard opbouw: • Verhardingslaag;
gazonband
gazonband
• KOMO certificaat; • NL-BSB certificaat voor straatbakstenen
Fundering
trottoirtegels
Standaard opbouw fundatie vrijliggend trottoir
• Cunetzand, laagdikte 0,30 meter;
vrijliggend trottoir
• Oorspronkelijke grondslag
trottoirtegels
gazonband
gazonband trottoirtegels berm gazonband
Kabels en
• Het kabel- en leidingentracé wordt in het algemeen en
leidingen
bij voorkeur in het trottoir gesitueerd.
tzand = 0,3 m berm min 0,1 m netzand = 0,3 m
berm
gazonband
• Details over kabels en leidingen tracé, zie Handboek berm
kabels en leidingen Vijfheerenlanden.
min 0,1 m
trottoirtegels trottoirband
opsluitband
1 strekken
trottoirtegels
trottoirband
opsluitband
1 strekken rijbaan
cunetzand = 0,3 m
rijbaan
cunetzand = 0,3 m
vrijliggend trottoir vrijliggend Hemelwater trottoir
• Hemelwater zoveel mogelijk oppervlakkig afwateren.
Standaard opbouw fundatie trottoir
trottoir
• Banden Kolken
trottoirkolken toegepast. De trottoirkolk wordt in de trottoirband geplaatst. Kolken Kaderstellende
trottoir
• Bij een rijbaan grenzend aan het trottoir worden
• Zie algemene pagina.
documenten
enkele strek opsluitband enkele strek
klinkers
opsluitband
trottoirband 5 strekken
klinkers
cunetzand = 0,3 m cunetzand = 0,3 m
trottoirband 5 strekken rijbaan rijbaan
Standaard opbouw fundatie trottoir in historisch verblijfsgebied
48
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
trottoir historisch verblijfsgebied
3.3.4 Parkeren 3. VERHARDINGEN
3. 3. 4.1 Woon g eb ied en /verb lijfs g eb ied en /
3.3.4 PARKEREN
3.3 VERHARDINGSTYPEN
h oofd in fra s t ru ct u u r/wijkin fra s t ru ct u u r (B eeld ) WOONGEBIEDEN BEELD
VERBLIJFSGEBIEDEN
WERKGEBIEDEN
HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
GROENE PARKEERPLEKKEN In verband met klimaaradaptatie beoogt de gemeente Vijfheerenlanden oplossingen die het gebruik van verharding verminderen zodat hemelwater direct kan infiltreren. Bijkomend voordeel dat er meer groen in de stedelijke omgeving komt wat voor verkoeling zorgt. De ontwikkeling van systemen en bestrating om groene parkeerplekken te realiseren heeft de afgelopen tijd een vlucht genomen. Veel van deze ontwikkelingen zitten nog in de pilotfase om te zien wat de uitkomsten bij langdurig gebruik zijn. Ook binnen de gemeente Vijfheerenlanden zijn verschillende pilotprojecten. Details
• Waar mogelijk groene parkeerplekken toepassen.
Pilotproject groene parkeerplekken in Leerdam
• Groene parkeerplekken alleen toepassen waar het gebruik het toelaat. • De kwaliteit en opbouw van de ondergrond moet voldoende zijn om de groene parkeerplekken te laten slagen. In huidige situaties verdient dit extra aandacht. • Het toepassen van groene parkeerplekken altijd afstemmen met de afdeling beheer. • Hieronder staan 3 voorbeelden, varianten en nieuwe ontwikkelingen zijn bespreekbaar. • Indien groene parkeerplekken niet mogelijk zijn gelden de standaard eisen voor parkeerplekken welke beschreven zijn op de volgende pagina’s.
Diversiteit voor groene parkeerplekken.
Groene parkeerplekken met brede uitstapstrook
2,5m
P
P
2,5m
P
P
Totaal gras met eventueel onzichtbare versteviging.
P
2,5m 2,5m
PP
P
2,5m
2,5m 2,5m
2,5m
2,5m
P
Uitstapstrook + gras met eventueel onzichtbare versteviging.
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
Verharde parkeerplek met onder de auto een strook gras.
49
3. VERHARDINGEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
WOONGEBIEDEN BEELD
3.3 VERHARDINGSTYPEN WERKGEBIEDEN
3.3.4 PARKEREN HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
PARKEREN Materiaal
• Gebakken klinker of betonstraatsteen. Zie schema op volgende pagina. • Vakmarkering: witte betonstraatsteen.
Type
• Keiformaat.
Kleur
• Zwart of afwijkend van rijbaan (maar geen geel). Zie schema op volgende pagina. • Wit als markering.
Details
Referentiebeeld parkeren
• Bestraten in elleboogverband. • Parkeergoot van 5-7 strekken (afhankelijk van type straatkolk) toepassen in materiaal, type en kleur van de parkeervakken. • Aan de buitenzijde van de parkeervakken één strek toepassen in materiaal, type en kleur van de parkeervakken. • Zoveel mogelijk hemelwater oppervlakkig afwateren richting groene vakken, indien dit niet mogelijk is afwateren richting de rijbaan. • In verband met het onderhoud worden langsparkeervakken afgerond met een hoek van 45°. • Trottoir aan buitenzijde van het parkeervak aanleggen. • Bij haaksparkeren aansluitend aan trottoir: trottoirband 0,5 m terugleggen en trottoir doorstraten (parkeervak is 4,5 m excl. goot).
Referentiebeeld parkeren
• Bij haaksparkeren aansluitend aan gazon: buiten de trottoirband (zowel aan de achterkant als aan de zijkanten van de parkeervoorziening) één strook betontegels 40x60 cm (grijs) aanleggen met daarbuiten een opsluitband (6 cm). • Binnen een parkeerverbod(zone) moeten de parkeerplaatsen aangeduid worden met een P-tegel en bij parkeerterreinen met bord E04 van het RVV-1990. • In woonerven moeten de parkeerplaatsen worden aangeduid met een P-tegel of een P-bord. • Maatvoering conform landelijke normen en richtlijnen (CROW).
Referentiebeeld parkeren HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
50
3. VERHARDINGEN WOONGEBIEDEN BEELD
3.3 VERHARDINGSTYPEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
WERKGEBIEDEN
3.3.4 PARKEREN HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
COMBINATIE A
COMBINATIE B
COMBINATIE C
COMBINATIE D
RIJBAAN* (keiformaat, keperverband)
PARKEREN (keiformaat, elleboogverband)
Betonklinker nieuw
Betonklinker nieuw
Kleur: vrij (geen geel)
Kleur: zwart
Betonklinker nieuw
Gebakken klinker hergebruik
Kleur: vrij (geen geel)
Kleur: afwijkend van rijbaan
Betonklinker nieuw
Gebakken klinker nieuw
Kleur: vrij (geen geel)
Kleur: afwijkend van rijbaan
Gebakken klinker nieuw
Gebakken klinker nieuw
Kleur: vrij (geen geel)
Kleur: afwijkend van rijbaan
Referentiebeeld parkeren hoofd- en wijkinfrastructuur
* Kruisingsvlakken sluiten qua kleur aan bij de kleur van het trottoir. Zie voor kruisingen ook het onderdeel ‘Drempels en plateaus’. Mogelijke combinaties van materialen
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
51
3. 3. 4. 2 werkg eb ied en (B eeld ) 3. VERHARDINGEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
WOONGEBIEDEN BEELD
3.3 VERHARDINGSTYPEN WERKGEBIEDEN
3.3.4 PARKEREN HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
PARKEREN Materiaal
• Betonstraatsteen.
Type
• Keiformaat.
Kleur
• Donkergrijs. • Wit als markering
Details
• Bestraten in elleboogverband.
Referentiebeeld parkeren werkgebieden
• Parkeergoot van 5-7 strekken (afhankelijk van type straatkolk) toepassen in materiaal, type en kleur van de parkeervakken. • Aan de buitenzijde van de parkeervakken één strek toepassen in materiaal, type en kleur van de parkeervakken. • Zoveel mogelijk hemelwater oppervlakkig afwateren richting groene vakken, indien dit niet mogelijk is afwateren richting de rijbaan. • In verband met het onderhoud worden langsparkeervakken afgerond met een hoek van 45°. • Trottoir aan buitenzijde van het parkeervak aanleggen. • Bij haaksparkeren aansluitend aan trottoir: trottoirband 0,5 m terugleggen en trottoir doorstraten (parkeervak is 4,5 m excl. goot). • Bij haaksparkeren aansluitend aan gazon: buiten de trottoirband (zowel aan de achterkant als aan de zijkanten van de parkeervoorziening) één strook betontegels 40x60 cm (grijs) aanleggen met daarbuiten een opsluitband (6 cm). • Maatvoering conform landelijke normen en richtlijnen (CROW). • Binnen een Parkeerverbod(zone) moeten de parkeerplaatsen aangeduid worden met een P-tegel en bij parkeerterreinen met bord E04 van het RVV-1990.
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
52
3. 3. 4.1.1 Woon g eb ied en /verb lijfs g eb ied en / 3. VERHARDINGEN
3.3 VERHARDINGSTYPEN
h oofd in fra s t ru ct u u r/wijkin fra s t ru ct u u r
3.3.4 PARKEREN
(Tech n iek) VERBLIJFSGEBIEDEN
WOONGEBIEDEN
BEELD
WERKGEBIEDEN
HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
PARKEREN - TECHNISCHE UITWERKING Eisen materiaal
• KOMO certificaat;
trottoirband
enkele strek
• NL-BSB certificaat voor straatbakstenen elementenverharding
trottoir
Fundering
rijbaan
• Onder het parkeervlak dezelfde funderingsconstructie
brekerzand = 0,05 m toepassen puingranulaat 0/31,5 = 0,25 m als onder de aanliggende rijbaan. geogrid cunetzand = 0,4 m
Kabels en
• Tracé is bij voorkeur onder het trottoir gesitueerd.
leidingen
• Details over kabels en leidingen tracé, zie Handboek min = 0,3 m
kabels en leidingen Vijfheerenlanden. Hemelwater
parkeergoot
trottoirband
1 strek in hetzelfde materiaal rijbaan
trottoir parkeren
rijbaan
brekerzand = 0,05 m puingranulaat 0/31,5 = 0,25 m geogrid cunetzand = 0,4 m
min = 0,3 m
Standaard opbouw fundatie doortrekken onder parkeervlak
• Hemelwater zoveel mogelijk oppervlakkig afwateren. • Banden
Kolken
• Bij een rijbaan grenzend aan parkeren wordt een parkeergoot met straatkolken toegepast. • Afmetingen van de parkeergoot worden genoemd in de technische uitwerking van de betreffende rijbaan.
Kaderstellendetrottoirband • Zie algemene pagina.
enkele strek
documenten
elementenverharding
cunetzand = 0,3 m
brekerzand = 0,05 m puingranulaat 0/31,5 = 0,25 m geogrid cunetzand = 0,4 m
enkele VIJFHEERENLANDEN strek HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), trottoirband elementenverharding
53
3. 3. 4.1. 2 werkg eb ied en (Tech n iek) 3. VERHARDINGEN WOONGEBIEDEN
BEELD
3.3 VERHARDINGSTYPEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
3.3.4 PARKEREN
WERKGEBIEDEN
HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
PARKEREN - TECHNISCHE UITWERKING Eisen materiaal
• KOMO certificaat; • NL-BSB certificaat voor straatbakstenen
Fundering
• Secundaire structuur: • Onder het parkeervlak dezelfde funderingsconstructie toepassen als onder de aanliggende rijbaan. • Hoofdstructuur: • Standaard opbouw: • Verhardingslaag – elementen • Straatlaag van brekerzand dikte 0,05 m; • Ongebonden steenmengsel puingranulaat 0/31,5 mm, dikte 0,35 m; • Geogrid, Tensar Triax TX 160; • Cunetzand, laagdikte 0,50 m; • Oorspronkelijke grondslag
Hemelwater
• Hemelwater zoveel mogelijk oppervlakkig afwateren. • Banden
Kolken
• Bij een rijbaan grenzend aan parkeren wordt een parkeergoot met straatkolken toegepast. • Afmetingen van de parkeergoot worden genoemd in de technische uitwerking van de betreffende rijbaan.
Kaderstellende
• Zie algemene pagina.
documenten
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
54
3.3.5 Oppervlakkig afwateren 3. VERHARDINGEN
3.3 VERHARDINGSTYPEN
3.3.5 OPPERVLAKKIG AFWATEREN 3. 3. 5 .1 Woon g eb ied en /Werkg eb ied en /
WOONGEBIEDEN BEELD
VERBLIJFSGEBIEDEN
WERKGEBIEDEN
HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
Hoofd in fra s t ru ct u u r/Wijkin fra s t ru ct u u r (B eeld )
TECHNIEK
OPPERVLAKKIG AFWATEREN VAN HEMELWATER De gemeente Vijfheerenlanden is voorstander van het oppervlakkig laten afstromen van hemelwater via groenstroken, bermen, wadi’s en greppels richting het oppervlakte water. Details
• Hemelwater zoveel mogelijk oppervlakkig afwateren, via groene bermen naar het oppervlakte water. De kwaliteit en inrichting van het groen moet hiervoor voldoende zijn. In huidige situaties verdient dit extra aandacht. • Groen en groene bermen liggen minimaal 5 cm lager dan de band i.v.m. een goede afstroom van het hemelwater.
Molgoot die afwatert in wadi
• Verlaagde banden toepassen. • Banden met openingen op regelmatige afstanden. • Hemelwater van particulire terreinen zoveel mogelijk infiltreren op eigen terrein of bufferen in een regenton. Alleen bij hoge uitzondering naar gemeentelijk riool. • Voor de afmetingen van de banden gelden de eisen op de volgende pagina’s. • Indien oppervlakkig afwateren van hemelwater niet mogelijk is gelden de standaard eisen voor banden, goten en kolken welke beschreven zijn op de volgende en vorige pagina’s.
Meest voor komende mogelijkheden voor oppervlakkig afwateren van hemelwater. Meerder oplossingen zijn mogelijk.
Afstroom zonder opstakels het groen in
Afstroom via opening in band
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
Afstroom via molgoot naar opening in band
Hemelwater vanaf dakvlak loopt via een gootje door trottoir naar de wadi.
Afstroom via molgoot naar opening in band
55
3.3.6 Banden 3. VERHARDINGEN
3.3 VERHARDINGSTYPEN
3.3.6 BANDEN 3. 3.6 .1 Woon g eb ied en /Werkg eb ied en /
WOONGEBIEDEN BEELD
VERBLIJFSGEBIEDEN
WERKGEBIEDEN
HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
Hoofd in fra s t ru ct u u r/Wijkin fra s t ru ct u u r (B eeld )
BANDEN Materiaal
• Beton.
Type
• Trottoirband 13/15x25 cm. • Opsluitband 15x25 cm (in woonerf, in plaats van trottoirband). • Inritband 13/15 cm. • Gazonband 10x15 cm. • Trottoirbanden 58/60x25 cm (als uitstapstrook of doorsteek tussen parkeervak en groenvak)
Kleur
• Grijs.
Details
• Bij bochten in de weg: gebogen band met bochtstraal.
Detail trottoirband (let op: rijbaan is afwijkend)
• Bochtstralen conform maatgevend voertuig. • Mindervalide inritten binnen bochtstralen in de rechtstand plaatsen. • Ter plaatse van inritten worden inritbanden geplaatst (met uitzondering van de woonerven). • In woonerven wordt in plaats van een trottoirband een opsluitband 15x25 cm met gewassen deklaag toegepast. • Maatvoering conform landelijke normen en richtlijnen (CROW en RAW).
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
56
3. 3.6 . 2 Verb lijfg eb ied en 3. VERHARDINGEN WOONGEBIEDEN BEELD
3.3 VERHARDINGSTYPEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
3.3.6 BANDEN
WERKGEBIEDEN
HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
BANDEN Type
• Historische verblijfsgebieden 1*: natuursteenband 20x30 cm (hxb). Lengte: variabel tussen 80 en 150 cm. Voorzien van anti-slipstrook van 5 cm breed. • Historische verblijfsgebieden 2*: trottoirband 28/30x24 cm (bxh). Lengte: 100 cm. • Moderne verblijfsgebieden: trottoirband 13/15x25 cm, inritband 13/15 cm, gazonband 10x15 cm, RWS banden toegestaan.
Materiaal
• Historische verblijfsgebieden 1*: hardsteen. • Historische verblijfsgebieden 2*: beton in hardsteen uitvoering.
Referentiebeeld hardsteen banden (hist. verblijfsgeb. 1)
• Moderne verblijfsgebieden: beton met een toeslag van basaltine. Kleur
• Historische verblijfsgebieden 1 en 2*: hardsteen. • Moderne verblijfsgebieden: grijs/basaltine.
Details
• Bij bochten in de weg: gebogen band met bochtstraal. • Bochtstralen conform maatgevend voertuig. • Mindervalide inritten binnen bochtstralen in de rechtstand plaatsen. • Ter plaatse van inritten worden inritbanden geplaatst. • Maatvoering conform landelijke normen en richtlijnen (CROW en RAW).
Referentiebeeld betonbanden hardsteenkleur (hist. verblijfsgeb. 2)
* Historische verblijfsgebieden 1: hoofdstructuur centrum Leerdam. Historische verblijfsgebieden 2: overige historische verblijfsgebieden.
Referentiebeeld betonbanden met basaltine (mod. verblijfsgeb.) HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
57
3.4 Verkeersvoorzieningen 3. VERHARDINGEN
3.4 VERKEERSVOORZIENINGEN
3.4.1 DREMPELS EN PLATEAUS
3.4.2 WEGMARKERING
3.4.3 BUSHALTE
3.4.4 VISUEEL GEHANDICAPTEN
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
58
3.4.1 Drempels en plateaus 3. VERHARDINGEN WOONGEBIEDEN BEELD
3.4.1 DREMPELS EN PLATEAUS
3.4 VERKEERSVOORZIENINGEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
WERKGEBIEDEN
HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
DREMPELS EN PLATEAUS Type
• Aansluiten bij het formaat van de rijbaan (dikformaat of keiformaat).
Materiaal
• Ter plaatse van op- en afrit van drempel of plateau: betonstraatsteen. • Drempel- of plateauvlak: gelijk aan materiaal trottoir: • betonstraatsteen wanneer trottoir is uitgevoerd in betontegels 30x30 cm; • gebakken klinkers wanneer trottoir is uitgevoerd in gebakken klinkers.
Kleur
• Ter plaatse van op- en afrit van drempel of plateau: zwart (kleurecht) en wit. • Drempel- of plateauvlak: gelijk aan kleur van trottoir.
Details
• In principe worden geen drempels toegepast. Terughoudend omgaan met verhoogde voetgangersoversteekplaatsen. • Indien drempel in hoofdinfrastructuur noodzakelijk is, dan asfaltdrempel toepassen. • Indien noodzakelijk: afzetpalen plaatsen op het trottoir, ter bevordering van de veiligheid van voetgangers. • Maatvoering conform ASVV 2012 en landelijke normen en richtlijnen (CROW en Duurzaam
Schematisch overzicht plateaukruising van woonstraat en wijkinfrastructuur
Veilig). • In verband met waterberging is gemotiveerd afwijken van deze voorschriften mogelijk.
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
59
3. VERHARDINGEN WOONGEBIEDEN BEELD
3.4.2 WEGMARKERING
3.4 VERKEERSVOORZIENINGEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
WERKGEBIEDEN
HOOFDINFRASTRUCTUUR
3.4.2 Wegmarkering
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
WEGMARKERING Type / kleur
• Asfaltverharding: reflecterende markering; • Elementenverharding: wit.
Materiaal
• Asfaltverharding: thermoplastisch markeringsmateriaal, of koudplast nabij woningen in verband met geluidshinder. • Elementenverharding: betonstraatsteen.
Details
• Markering alleen toepassen uit verkeerskundig motief.
Referentiebeeld markering op asfaltverharding
• Overgang van 50 km/u-weg naar 30 km/u zone aangeven met inritblokken in plaats van wegmarkering. • Maatvoering conform landelijke normen en richtlijnen (CROW en WVR).
Referentiebeeld markering in elementenverharding
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
60
3.4.3 Bushalte 3. VERHARDINGEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
WOONGEBIEDEN BEELD
3.4.3 BUSHALTE
3.4 VERKEERSVOORZIENINGEN WERKGEBIEDEN
HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
BUSHALTE Kleur
• Blokmarkering: zwart en wit.
Materiaal
• Beton.
Details
• Conform normen en richtlijnen van CROW (ASVV 2012 en CROW publicatie 233: ‘Handboek halteplaatsen’). Referentiebeeld bushalte
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
61
3. VERHARDINGEN WOONGEBIEDEN BEELD
3.4.4 VISUEEL GEHANDICAPTEN
3.4 VERKEERSVOORZIENINGEN
VERBLIJFSGEBIEDEN
WERKGEBIEDEN
3.4.4 Visueel gehandicapten
HOOFDINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
VOORZIENINGEN VOOR VISUEEL GEHANDICAPTEN Type
• Geleidelijntegels: 30x30x6 cm. • Noppentegels: 30x30x6 cm.
Materiaal
• Beton
Kleur
• Wit.
Details
• De invulling van de routes voor visueel gehandicapten geschiedt op basis van overleg met het
Referentiebeeld geleidelijntegels en noppentegels
Gehandicaptenplatform. • Ontwerp conform “Handboek voor Toegankelijkheid”. • Ontwerp conform ASVV en CROW-richtlijnen.
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
62
4. Straatmeublilair en Bebording INHOUDSOPGAVE
INLEIDING
VERHARDINGEN
STRAATMEUBILAIR EN BEBORDING
4 ST RAATMEUBILAIR EN BEBORDING
GROEN
WATER
RIOLERING
Dit hoofdstuk heeft betrekking op alle straatmeubilair en bebording in de openbare ruimte. Het hoofdstuk begint met een algemene paragraaf 4.1 waarbinnen de kaderstellende documenten voor het straatmeubilair en bebording worden omschreven. Daarnaast wordt toegelicht op welke manier de verschillende inrichtingselementen samen één herkenbare familie vormen. In paragraaf 4.2 komen alle soorten straatmeubilair aan bod: banken, openbare verlichting, fietsenrekken, fietssluizen, afzetpalen, plantsoenafscheiding, hekwerken, afvalbakken en ondergrondse afvalinzameling. Hier is een onderscheid gemaakt tussen de verblijfsgebieden en worden de beeldende en technische eisen behandeld. In paragraaf 4.3 worden alle soorten bebording uitgewerkt, namelijk: straatnaamborden, verkeersborden, attentieborden, ANWB bewegwijzering, parkeerverwijzing, objectbewegwijzering en flespalen.
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
63
4.1 Algemeen 4.1 ALGEMEEN
4. STRAATMEUBILAIR EN BEBORDING 4.1.1 KADERSTELLENDE DOCUMENTEN
4.1.2 ALGEMENE ONTWERPEISEN
4.1.1. Kaderstellende documenten
KADERSTELLENDE DOCUMENTEN
Kaderstellende documenten zijn de documenten die
ASVV 2012
in de gemeente Vijfheerenlanden. Deze documenten
CROW-publicatie 188 Richtlijn beheer en onderhoud verkeerstekens
bestaan uit landelijke, provinciale en gemeentelijke
CROW-publicatie 222 Richtlijn bewegwijzering
richtlijnen en zijn een aanvulling op de informatie die
CROW-publicatie 262 Richtlijn toeristische bewegwijzering
in dit technische HIOR staat beschreven.
leidend zijn voor het ontwerp van de openbare ruimte
NVV Bordenboek (VNVF) RVV 1990/BABW (Reglement verkeersregels en verkeerstekens) Wet milieubeheer NSVV “Richtlijn Openbare Verlichting 2011 FietsParKeur-keurmerk
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
64
4.1.2. Algemene ontwerpeisen 4.1 ALGEMEEN
4. STRAATMEUBILAIR EN BEBORDING 4.1.1 KADERSTELLENDE DOCUMENTEN
4.1.2 ALGEMENE ONTWERPEISEN
Algemene ontwerpeisen Om de eenheid in het straatbeeld te bevorderen en een herkenbare uitstraling neer te zetten is er naar gestreefd om een familie van standaard straatmeubilair neer te zetten. Niet alle inrichtingselementen hoeven hetzelfde te zijn, als ze maar overeenkomstige elementen hebben die ervoor zorgen dat ze bij elkaar passen. Elementen die bijdragen aan eenheid en herkenbaarheid zijn bijvoorbeeld kleur en materiaal. Het standaard straatmeubialir in de gemeente Vijfheerenlanden kenmerkt zich door de relatief eenvoudige vormgeving. Het meubilair voegt kwaliteit toe aan de omgeving, maar geeft geen overheersend beeld. De nieuwe standaard kleur is dennengroen (RAL 6009). Niet op alle plekken hoeft het standaard meubilair gebruikt te worden. Bijvoorbeeld in historische of moderne verblijfsgebieden kan er onderbouwd afgeweken worden van de standaard. Dit gebeurt natuurlijk in goed overleg met de beheerder. Het dan voorgestelde meubilair wordt afgestemd op het gebruik en de uitstraling en beoogde sfeer van de omgeving.
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
65
4.2 Straatmeubilair 4. STRAATMEUBILAIR EN BEBORDING
4.2 STRAATMEUBILAIR
4.2.2 OPENBARE VERLICHTING
4.2.3 FIETSENREKKEN
4.2.4 FIETSSLUIZEN
4.2.5 AFZETPALEN
4.2.6 BOOMBEUGELS
Plantsoenhekwerk
BASIS Beveiligingsniveau
Vormgeving BASIS
Vormgeving BASIS
Spijlenhekwerk
4.2.1 BANKEN
Basis
BASIS Beveiligingsniveau
Barrière
SPECIAAL Beveiligingsniveau
Vormgeving BASIS
Vormgeving SPECIAAL
4.2.7 HEKWERKEN Zeus
4.2.8 AFVALBAKKEN
Bescherming en beveiliging in een zeer representatieve vorm heeft een naam: het Heraclesspijlenhekwerk. Met dit product van Heras bakent u uw terrein af met een kwalitatief hoog-
BASIS
Beveiligingsniveau
waardig hekwerk, waarin veiligheidsaspecten oersterk, stijlvol en strak geprofileerd zijn.
ving PECIAAL
ving PECIAAL
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
Delta
4.2.9 ONDERGRONDSE AFVALINZAMELING
Molestvrij: door blinde Atlas verbinding
Heracles
66
4.2.1 Banken 4. STRAATMEUBILAIR EN BEBORDING WOONGEBIEDEN BEELD
VERBLIJFSGEBIEDEN
4.2 STRAATMEUBILAIR WERKGEBIEDEN
4.2.1. BANKEN
HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
4. 2.1.1. woon , werk h oofd en wijk 4. 2.1.1.1 woon , werk, h oofd en wijk b eeld
TECHNIEK
BANKEN Type
• Parkbank Tamar
Materiaal
• Bank: staal verzinkt en dubbellaags gecoat • Poten: beton.
Kleur
• Dennengroen (RAL 6009)
Details
• Plaatsing in verharding.
Referentiebeeld bank
• Bij de plaatsing rekening houden met: verkeersveiligheid, gehandicapten, voorkomen van aanrijschade en onkruidbestrijding/maaien.
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
67
4. 2.1.1. 2 woon , werk, h oofd wijk t ech n iek 4. STRAATMEUBILAIR EN BEBORDING WOONGEBIEDEN
BEELD
VERBLIJFSGEBIEDEN
4.2 STRAATMEUBILAIR WERKGEBIEDEN
4.2.1. BANKEN
HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
BANKEN - TECHNISCHE UITWERKING Eisen materiaal
• Hout, FSC-keurmerk; • Metaal, thermisch verzinkt en gepoedercoat;
1,6 m
• Beton, KOMO keurmerk is wenselijk. hoekband 0,3 x 0,3 m
Afmetingen
• Zithoogte volgens ASVV.
Fundering
• De fundering bestaat uit 2 losse betonpoeren waar de
Plaatsing
1,05 m 3,9 m
parkbank
bank volgens voorschrift van de leverancier op wordt
afvalbak Bammens Capitole
bevestigd.
tegels 0,3 x 0,3 x 0,045 m met voegnokken opsluitband 0,1 x 0,2 m
• Plaatsing in verharding; • Indien banken gesitueerd zijn in gras dient hiervoor een plateau gestraat te worden van minimaal 3 bij 1,5 meter; • Alle straatmeubilair rondom straten met pastegels,
steunrand 0,4 m
zand voor zandbed
0,205 0,3 m
3,9 m 4,7 m
om het ontstaan van onkruid te voorkomen. Indien pastegels niet leverbaar zijn, de verhardingselementen op maat maken of zagen; • Tegels dienen afgevoegd te worden met polimeerzand. De tegels dienen hiervoor geschikt te zijn. • Bij de plaatsing rekening houden met: verkeersveiligheid, gehandicapten, voorkomen van aanrijschade en onkruidbestrijding/maaien. Kaderstellende
• Zie algemene pagina
documenten
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
68
4. 2.1. 2. verb ijfs g eb ied 4. STRAATMEUBILAIR EN BEBORDING WOONGEBIEDEN BEELD
VERBLIJFSGEBIEDEN
4.2 STRAATMEUBILAIR WERKGEBIEDEN
4.2.1. BANKEN
HOOFDINFRASTRUCTUUR
4. 3. 2.1. 2.1 verb lijfs b eeld
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
BANKEN Materiaal
• Historische verblijfsgebieden: stalen onderstel (thermisch verzinkt en gepoedercoat) met zitting en leuning van FSC-gecertificeerd hardhout (Camaru of gelijkwaardig). Bevestigd op betonfundatie. • Moderne verblijfsgebieden: staal, gepoedercoat.
Type
• Historische en Moderne verblijfsgebieden: Type bank dient passend te zijn bij uitstraling van het gebied.
Kleur
• Zwart (RAL 9005), met uitzondering van houten delen.
Details
• Plaatsing in verharding.
Referentiebeeld bank historische verblijfsgebieden
• Bij de plaatsing rekening houden met: verkeersveiligheid, gehandicapten, voorkomen van aanrijschade en onkruidbestrijding/maaien.
Referentiebeeld bank moderne verblijfsgebieden
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
69
0,55 m
4. STRAATMEUBILAIR EN BEBORDING WOONGEBIEDEN
BEELD
VERBLIJFSGEBIEDEN
4.2 STRAATMEUBILAIR WERKGEBIEDEN
4. 2.1. 2. 2 verb lijf t ech n iek
4.2.1. BANKEN
HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
BANKEN - TECHNISCHE UITWERKING Eisen materiaal
• Hout, FSC-keurmerk; • Metaal, thermisch verzinkt en gepoedercoat; • Beton, KOMO keurmerk is wenselijk.
Afmetingen
• Zithoogte volgens ASVV. betonvoet niet zichtbaar
Fundering
• Banken in verblijfsgebieden worden bevestigt op een betonfundatie. Deze worden bij de bank mee besteld
tegels
en volgens voorschrift van de leverancier geplaatst; • Tussen de betonfundatie en bestrating komt minimaal een zandbed van 5 cm. Plaatsing
betonvoet
• Plaatsing in verharding; • Indien banken gesitueerd zijn in gras dient hiervoor een plateau gestraat te worden van minimaal 3 bij 1,5 meter; • Alle straatmeubilair rondom straten met pastegels, om het ontstaan van onkruid te voorkomen. Indien
Tekening bank in verharding. Betonvoet is niet zichtbaar doordat bestrating wordt doorgestraat tot poot van bank De afmetingen in deze tekening kunnen afwijken i.v.m. verbeteringen die de leverancier kan doorvoeren.
pastegels niet leverbaar zijn, de verhardingselementen op maat maken of zagen. • Bij de plaatsing rekening houden met: verkeersveiligheid, gehandicapten, voorkomen van aanrijschade en onkruidbestrijding/maaien; Kaderstellende
• Zie algemene pagina.
documenten
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
70
4.2.2 Openbare verlichting 4. STRAATMEUBILAIR EN BEBORDING WOONGEBIEDEN BEELD
VERBLIJFSGEBIEDEN
4.2 STRAATMEUBILAIR WERKGEBIEDEN
4.2.2 OPENBARE VERLICHTING
HOOFDINFRASTRUCTUUR
4. 2. 2.1 Woon g eb ied (b eeld )
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
OPENBARE VERLICHTING Type
• Langs rijbaan; • 6 meter aluminium mast met HDPE grondstuk met of zonder uithouder voorzien van diepstralend armatuur. • Langs voetpaden, groenstroken en parken; • 4 meter aluminium paaltop mast met HDPE grondstuk voorzien van rondstralend kegel armatuur. • Langs achterpaden; • 4 meter aluminium paaltopmast met HDPE grondstuk voorzien van plat armatuur.
Materiaal
Referentiebeeld met de klok mee, Lightronic Brisa, Schreder Teceo S en Schreder Piano mini
• Armatuur: standaard grijs • Mast: standaard aluminium paaltop mast of mast met uithouder van 750 mm Tenzij voor de wijk een kleurkeuze is bepaald dan volgt het armatuur en de mast deze keuze.
Kleur
• Armatuur: standaard grijs. • Mast: standaard aluminium Tenzij voor de wijk een kleurkeuze is bepaald dan volgt het armatuur en de mast deze keuze.
Details
• De hoeveelheid led’s en mast afstanden dienen bepaald te worden door opstellen van een verlichtingsplan dat voldoet aan de richtlijnen van de NPR13201. • Aanvullend dienen de armaturen uitgevoerd te worden met Zhaga connector en CityTouch module zodat de armaturen op afstand te benaderen zijn. • Openbare verlichting altijd plaatsen in openbare grond. • Openbare verlichting bij voorkeur plaatsen in verharding. • Bij voorkeur geen verlichting aan gevels plaatsen.
Referentiebeeld met de klok mee, Lightronic Prunus, Schreder Alura, Schreder Frisa, Philips BDS 711.
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
71
4. 2. 2. 2 verb lijfs g eb ied (b eeld ) 4. STRAATMEUBILAIR EN BEBORDING WOONGEBIEDEN BEELD
VERBLIJFSGEBIEDEN
4.2 STRAATMEUBILAIR WERKGEBIEDEN
4.2.2 OPENBARE VERLICHTING
HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
OPENBARE VERLICHTING Type
• Historische verblijfsgebieden: • Gietijzeren mast en nostalgisch armatuur in led uitvoering. • Boogmast voorzien van nostalgisch hangend armatuur in led uitvoering. • Rechte mast (4,0 m) voorzien van decoratief armatuur. • Moderne verblijfsgebieden: • Rechte mast (4,0 m) voorzien van strak armatuur.
Materiaal
• Historische verblijfsgebieden: gietijzeren. • Moderne verblijfsgebieden: mast aluminium (gepoedercoat). Armatuur van spuitgietaluminium (gepoedercoat) en lichtkap van metacrylaat of gegoten polycarbonaat (transparant).
Kleur
• Armatuur en mast: zwart (RAL 9005).
Details
• Lichtpunthoogte: 4 meter.
Referentiebeeld historische verblijfsgebieden. v.l.n.r, Valentino, Albany, Isla of Stylage (Schreder) of gelijkwaardig.
• Vuistregel bij plaatsing: wegbreedte = lichtmasthoogte. Hart-op-hart afstand tussen de lichtmasten = lichtmasthoogte x 4. • Plaatsing masten: 0,30 m achter de band (band niet meegerekend). • De lichtmasten zodanig plaatsen dat aanrijschade wordt voorkomen en de lichtmasten geen obstakels vormen bij in- of uitritten. • Plaatsing conform de richtlijnen van de NSVV (“Richtlijn Openbare Verlichting 2011”).
Referentiebeeld moderne verblijfsgebieden v.l.n.r, Lightronic Prunus, Philips Metronomis , Schreder Alure Led, Schreder Zylindo HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
72
4. 2. 2. 3 werkg eb ied (b eeld ) 4. STRAATMEUBILAIR EN BEBORDING WOONGEBIEDEN BEELD
VERBLIJFSGEBIEDEN
4.2 STRAATMEUBILAIR WERKGEBIEDEN
4.2.2 OPENBARE VERLICHTING
HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
OPENBARE VERLICHTING Type
• Diepstralend LED armatuur, bijvoorbeeld Schreder, Teceo. Voorzien van 8 meter paaltop mast of met uithouder. De mast dient voorzien te zijn van HDPE grondstuk.
Materiaal
• Armatuur: standaard grijs • Mast: standaard aluminium, Tenzij voor de wijk een kleurkeuze is bepaald dan volgt het armatuur en de mast deze keuze.
Kleur
• Armatuur: standaard grijs.
Referentiebeeld diepstralend armatuur Teceo.
• Mast: standaard aluminium Tenzij voor de wijk een kleurkeuze is bepaald dan volgt het armatuur en de mast deze keuze. Details
• De hoeveelheid led’s en mast afstanden dienen bepaald te worden door opstellen van een verlichtingsplan dat voldoet aan de richtlijnen van de NPR13201. • Aanvullend dienen de armaturen uitgevoerd te worden met Zhaga connector en CityTouch module zodat de armaturen op afstand te benaderen zijn.
Referentiebeeld mast met enkelvoudige uithouder (lengte = 0,75 m, tilt 5°). HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
73
4. STRAATMEUBILAIR EN BEBORDING WOONGEBIEDEN BEELD
VERBLIJFSGEBIEDEN
4.2 STRAATMEUBILAIR WERKGEBIEDEN
4.2.2 OPENBARE VERLICHTING
HOOFDINFRASTRUCTUUR
4. 2. 2. 4 Hoofd in fra (b eeld )
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
OPENBARE VERLICHTING Type
• De herkenbaarheid zal worden bepaald door stijlvolle verlichting die net even anders is dan de standaard verlichting. • Armatuur is een strak en plat model • Afhankelijk van de situatie kan er gekozen worden voor gebogen of rechten masten. • Afhankelijk van de situatie een model met enkele of dubbele uithouder toepassen.
Materiaal
• Armatuur: aluminium, gepoedercoat. • Mast: aluminium, gepoedercoat.
Kleur
• De kleurstelling van het armatuur en de mast zijn afhankelijk van de kleurstelling van de wijk die ontsloten wordt.
Details
• De hoeveelheid led’s en mast afstanden dienen bepaald te worden door opstellen van een verlichtingsplan dat voldoet aan de richtlijnen van de NPR13201. • Aanvullend dienen de armaturen uitgevoerd te worden met Zhaga connector en CityTouch module zodat de armaturen op afstand te benaderen zijn. • De masten dienen geschikt te zijn voor het plaatsen van lichtmastbakken en/of bloembakken. Referentiebeeld mast Hestia met enkele uithouder
Referentiebeeld armatuur Teceo (let op: mast is afwijkend) HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
Referentiebeeld mast Hestia met dubbele uithouder
74
4. 2. 2. 5 wijkin fra (b eeld ) 4. STRAATMEUBILAIR EN BEBORDING WOONGEBIEDEN BEELD
VERBLIJFSGEBIEDEN
4.2 STRAATMEUBILAIR WERKGEBIEDEN
4.2.2 OPENBARE VERLICHTING
HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
OPENBARE VERLICHTING Type
• Diepstralend led armatuur (bv Lightronic Brisa, Schreder Teceo S, Schreder Piano Mini) met paaltop mast of mast met uithouder voorzien van HDPE grondstuk. • Mastlengte 6 tot 8 meter
Materiaal
• Armatuur: standaard grijs • Mast: standaard aluminium, Tenzij voor de wijk een kleurkeuze is bepaald dan volgt het armatuur en de mast deze keuze.
Kleur
Referentiebeeld diepstralend armatuur Lightronic Brisa
• Armatuur: standaard grijs. • Mast: standaard aluminium Tenzij voor de wijk een kleurkeuze is bepaald dan volgt het armatuur en de mast deze keuze.
Details
• De hoeveelheid led’s en mast afstanden dienen bepaald te worden door opstellen van een verlichtingsplan dat voldoet aan de richtlijnen van de NPR13201. • Aanvullend dienen de armaturen uitgevoerd te worden met Zhaga connector en CityTouch module zodat de armaturen op afstand te benaderen zijn.
HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
75
4. STRAATMEUBILAIR EN BEBORDING
4.2 STRAATMEUBILAIR
4.2.2 OPENBARE VERLICHTING
4. 2. 2. 2.1 open b a re verlich t in g (Tech n iek)
WOONGEBIEDEN
BEELD
VERBLIJFSGEBIEDEN
WERKGEBIEDEN
HOOFDINFRASTRUCTUUR
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
OPENBARE VERLICHTING - TECHNISCHE UITWERKING Eisen materiaal
Aansluiting
• De gemeente Vijfheerenlanden heeft geen eigen electra netwerk voor openbare verlichting. Het netwerk is in eigendom en beheer van Stedin.
• Het materiaal is per gebied verschillend en wordt in het betreffende hoofdstuk genoemd.
Kaderstellende
• Zie algemene pagina.
documenten Eisen licht
• Alle nieuwe armaturen zijn LED. • De eisen die worden gesteld aan openbare verlichting kunnen in de jaren en per gebied en straat verschillen. Hierdoor is het maken van een lichtberekening wenselijk.
Fundering
• De masten worden in de grond gezet. De diepte is afhankelijk van het type mast dat gebruikt wordt; • Masten krijgen een grondstuk beschermer.
Plaatsing
• Openbare verlichting altijd plaatsen in openbare min. 0,3 m grond.
• Bij voorkeur in verharding; eigendom Gemeente Leerdam
min. 0,3 m eigendom Gemeente Leerdam
• Bij voorkeur geen verlichting aan gevels plaatsen. • Plaatsing masten, 0,30 m achter de band (band niet meegerekend); • Vuistregel bij plaatsing; hart-op-hart afstand tussen de Zekering = overname punt
Zekering = overname punt
lichtmasten = lichtmasthoogte x 4; • Vuistregel bij plaatsing; wegbreedte = lichtmasthoogte; • Vuistregel bij plaatsing langs hoofdstructuur; lichtpunt
eigendom netwerk beheerder
op ¼ van de wegbreedte boven de weg; • De lichtmasten zodanig plaatsen dat aanrijschade
eigendom netwerk beheerder
wordt voorkomen en de lichtmasten geen obstakels vormen bij in- of uitritten. Plaatsing lantaarnpaal in trottoir. HANDBOEK INRICHTING OPENBARE RUIMTE (BEELD & TECHNIEK), VIJFHEERENLANDEN
76
4.2.3 Fietsenrekken 4. STRAATMEUBILAIR EN BEBORDING WOONGEBIEDEN BEELD
VERBLIJFSGEBIEDEN
4.2 STRAATMEUBILAIR WERKGEBIEDEN
4.2.3 FIETSENREKKEN
HOOFDINFRASTRUCTUUR
4. 2. 3.1.1 B eeld
WIJKINFRASTRUCTUUR
TECHNIEK
FIETSENREKKEN Type
• Verblijfsgebieden: Passend bij gebied. • Bushaltes: Fietsbeugel TuliP (uitvoering die ook bestemd is voor fietskratten). • Overige gebieden: Fietsaanleunbeugel eventueel met tussenbuis; buisdikte 41,5 mm, hoogte beugel: 110 cm, lengte beugel: 90 cm.