CConstaterende datVijfheerenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

11. 9AZ) Haalbaarheid en betaalbaarheid Utrecht_definitief concept.pdf

Raadsvergadering Vijfheerenlanden 4 november 2021, gemeente VijfheerenlandenBij agendapunt: Categorie I: schriftelijke mededelingen van college of griffie10.166 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

29 | HAALBAARHEID EN BETAALBAARHEID VAN DE ENERGIETRANSITIE IN UTRECHT

7.2

COLLECTIEVE AANPAKKEN Met de komst van de nieuwe maatwerklening in het Warmtefonds wordt het voor alle huishoudens, die onderdeel zijn van een wijkaanpak of eigenaar zijn van een uitgeponde woning binnen een renovatieproject van de woningcorporatie, financieel mogelijk om te participeren. Maar we kunnen er niet zondermeer vanuit gaan dat (deze) woningeigenaren die mogelijkheid ook daadwerkelijk zullen benutten. Net zo min als dat we er in zijn algemeenheid vanuit kunnen gaan dat huishoudens met financieringsruimte deze ook daadwerkelijk zullen inzetten voor het verduurzamen van de woning. Daarvoor zijn de eerste ervaringen binnen de pilots aardgasvrije wijken (Programma Aardgasvrije Wijken) tot nog toe te weerbarstig (zie ook paragraaf 1.3). De resultaten van deze pilots, in termen van het aantal woningen dat aardgasvrij is gemaakt, is tot nog toe beperkt. Een recente studie van het Sociaal Cultureel Planbureau laat zien dat slechts 6 procent van de woningeigenaren staat te popelen om van het aardgas af te gaan. Deze ‘overtuigde voorlopers’ zijn hoog opgeleid, hebben geen geldzorgen en zijn zelfverzekerd over de technische opties. Er is een veel grotere groep ‘twijfelaars’ (19%) en ‘aarzelende achterblijvers’ (25%) 24. Meer kennis is nodig over hoe om te gaan met verschillende uitgangsposities van huishoudens binnen collectieve aanpakken.

En hoe verschillende typen huishoudens te bereiken en te betrekken. De beslissing om mee te (kunnen) doen, is immers voor een belangrijk deel afhankelijk van de individuele woningeigenaar zelf. En ook voor renovatieprojecten van woningcorporaties is instemming van 70 procent van de huurders vereist. Daarbij zijn persoonsgebonden kenmerken en afwegingen binnen huishoudens belangrijk. Die zijn veelal niet technisch van aard en komen niet voort uit duurzaamheidsmotieven 25. Het gaat dan bijvoorbeeld om motieven die liëren aan het comfort van de woning , de leeftijd van de bewoners – “Het zal mijn tijd wel duren” – of om het (gebrek aan) vertrouwen in aanbieders, de woningcorporatie of de gemeente.

7.3

ROL VAN DE PROVINCIE Gemeenten hebben als regisseurs van de wijkaanpakken een belangrijke rol toebedeeld gekregen maar worstelen vaak nog met de praktische invulling daarvan. De vraag is of zij voldoende toegerust zijn om de regierol bij het vormgeven van de wijkaanpakken goed vorm te geven én of zij daarbij in staat zijn om voldoende rekening te houden met verschillen tussen huishoudens. Zodat de transitie voor iedereen haalbaar en betaalbaar verloopt. Op het lokale niveau is deze opgave veelal beleidsmatig nog niet goed uitgewerkt, organisatorisch niet goed ingebed (onvoldoende capaciteit) en/of voorzien van voldoende budget. Voor veel (en zeker voor de kleinere) gemeenten is het lastig om aan te haken op de kennisagenda die landelijk in ontwikkeling is. De provincie zou daar een sleutelrol in kunnen vervullen, door op regionaal niveau praktijkgerichte kennis te helpen opbouwen én te ontsluiten. Dit in aansluiting op en als schakel tussen landelijke ontwikkelingen en gemeentelijke initiatieven.

24 SCP (2020) Op weg naar aardgasvrij wonen. De energietransitie vanuit burgerperspectief. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau 25 Breukers, S.et al.(2020) Energietransitie: wie kunnen, willen en mogen er mee doen? Geaccepteerd voor publicatie in Beleid en Maatschappij (BenM)

HAALBAARHEID EN BETAALBAARHEID VAN DE ENERGIETRANSITIE IN UTRECHT | 30

RESULTATEN ANALYSES HAALBAARHEID EN BETAALBAARHEID Tabel 1

Aandelen huishoudens die de investering niet op kunnen opbrengen totaal huishoudens tot € (met koopwoning) 5.000

tot € 12.500

tot € 25.000

tot € 40.000

tot € 65.000

Totaal

7,7%

5,9%

9,3%

10,8%

12,1%

waarvan betaalbaarheid en haalbaarheid een probleem

20,8%

25,7%

20,6%

19,1%

18,1%

Leeftijd 35 jaar of jonger

11,1%

9,5%

8,5%

6,8%

6,4%

6,1%

36 tot 55 jaar

41,8%

40,4%

40,8%

29,1%

26,4%

23,5%

56 tot 75 jaar

36,4%

23,7%

26,0%

18,6%

16,8%

15,1%

ouder dan 75 jaar

10,7%

26,4%

24,7%

45,5%

50,4%

55,2%

loon

62,8%

44,4%

42,2%

30,9%

28,3%

25,6%

zelfstandige

8,2%

13,0%

14,6%

9,9%

8,8%

7,7%

uitkering

2,4%

5,2%

5,7%

4,3%

4,0%

3,8%

pensioen

25,2%

32,2%

30,7%

49,8%

54,4%

58,7%

overig

1,4%

5,2%

6,8%

5,1%

4,5%

4,2%

geen

87,7%

83,0%

82,6%

84,5%

85,3%

85,7%

met

12,3%

17,0%

17,4%

15,5%

14,7%

14,3%

Uitgeponde woning

8,3%

8,5%

8,2%

8,5%

8,5%

8,4%

Slechte woning

27,2%

33,0%

33,6%

33,2%

33,1%

33,1%

Inkomstenbron

Migratieachtergrond

Tabel 2

Aantallen huishoudens die de investering niet op kunnen brengen totaal huishoudens tot € (met koopwoning) 5.000

tot € 12.500

tot € 25.000

tot € 40.000

tot € 65.000

Totaal

27.100

20.500

32.500

37.700

42.500

waarvan betaalbaarheid en haalbaarheid een probleem

5.600

5.300

6.700

7.200

7.700

Leeftijd 35 jaar of jonger

39.000

2.600

1.700

2.200

2.400

2.600

36 tot 55 jaar

146.400

10.900

8.400

9.500

9.900

10.000

56 tot 75 jaar

127.300

6.400

5.300

6.100

6.300

6.400

ouder dan 75 jaar

37.500

7.200

5.100

14.800

19.000

23.500

loon

219.900

12.000

8.700

10.100

10.700

10.900

zelfstandige

28.900

3.500

3.000

3.200

3.300

3.300

uitkering

8.500

1.400

1.200

1.400

1.500

1.600

pensioen

88.400

8.700

6.300

16.200

20.500

24.900

overig

4.900

1.400

1.400

1.700

1.700

1.800

geen

307.300

22.500

16.900

27.500

32.200

36.400

met

42.900

4.600

3.600

5.000

5.500

6.100

Uitgeponde woning

29.100

2.300

1.700

2.700

3.200

3.600

Slechte woning

95.300

8.900

6.900

10.800

12.500

14.100

Inkomstenbron

Migratieachtergrond

31 | HAALBAARHEID EN BETAALBAARHEID VAN DE ENERGIETRANSITIE IN UTRECHT

Tabel 3 Huishoudens waarvoor de energierekening niet betaalbaar is Totaal huishoudens Totaal

604,600

Huishoudens waarvoor betaalbaarheid een probleem is 11.1%

67,300

hoge energierekening

6.5%

39,200

bestedingsrisico

7.9%

47,500

Woningeigendom huur

254,400

42.1%

79.1%

53,300

koop

350,200

57.9%

20.9%

14,000

35 jaar of jonger

113,100

18.7%

36.7%

24,700

36 tot 55 jaar

223,800

37.0%

25.5%

17,200

56 tot 75 jaar

197,400

32.6%

24.8%

16,700

ouder dan 75 jaar

70,200

11.6%

13.0%

8,800

loon

307,800

50.9%

30.3%

20,400

zelfstandige

35,800

5.9%

8.1%

5,500

uitkering

47,200

7.8%

25.1%

16,900

pensioen

141,100

23.3%

22.1%

14,800

overig

73,200

12.1%

14.4%

9,700

geen migratieachtergrond

480,100

79.4%

66.5%

44,700

met migratieachtergrond

124,500

20.6%

33.5%

22,600

Uitgeponde woning

29,100

8.3%

14.6%

2,400

Slechte woning

157,000

26.0%

38.6%

26,000

Stadsverwarming

77,400

12.8%

13.9%

14,800

Leeftijd

Inkomstenbron

Migratieachtergrond

HAALBAARHEID EN BETAALBAARHEID VAN DE ENERGIETRANSITIE IN UTRECHT | 32

Voor meer informatie over dit onderzoek en voor data op gemeenteniveau: energietransitie@provincie-utrecht.nl

Provincie Utrecht Postbus 80300, 3508 TH Utrecht T 030 25 89 111 40 | PROGRAMMAPLAN ENERGIETRANSITIE 2020-2025

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vijfheerenlanden&id=c9fad3e6-0a7c-465c-b36d-38d767fc2b6f