CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

Totaaloverzicht antwoorden Kadernota 2027

Gemeenteraad 7 juli 2026, gemeente VenrayBij agendapunt: Vragen kadernota 202720.016 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

VRAGEN KADERNOTA Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Het jaar 2025 was ook al beleidsarm. Nu voor 2027 ook? Wordt de kadernota bijgesteld nadat de raad en het college hun ambities hebben aangegeven?

SP

Technisch 1.

2.

3.

Brief

Brief

Brief

3

3

3&

Politiek

Technisch

Technisch

10

4.

Brief

3

Politiek

Antwoord: In 2025, en ook voor 2026, is het VNG-advies gevolg om in afwachting van maatregelen vanuit het rijk meerjarig de tekorten zichtbaar te maken en nog geen ombuigingen in gang te zetten. De voorgaande jaren zijn daarmee naar de mening van het college dus niet beleidsarm geweest. De Kadernota 2027 wordt aangeboden als richtinggevend document voor de op te stellen programmabegroting 2027. De ambities die door de raad en het college worden aangegeven worden verwerkt in de Programmabegroting 2027. In het persbericht van 12 mei 2026 wordt gesproken over een tekort van circa € 1,5 miljoen in 2027, terwijl in de kadernota een tekort van € 1,906 miljoen wordt genoemd. Kan het college toelichten waardoor dit verschil ontstaat en welk bedrag als uitgangspunt moet worden gehanteerd? Antwoord: In het persbericht is per abuis het getal opgenomen waar alleen de voorgestelde raadsbesluiten zijn meegenomen van mei/juni 2026. In de kadernota staat het juiste bedrag genoemd van 1,906 miljoen. Kan het college inzichtelijk maken welke posten verantwoordelijk zijn voor de ontwikkeling van het tekort van € 1,906 miljoen in 2027 naar € 9,774 miljoen in 2030? | Eerlijk Venray Antwoord: Op pagina 10 is het verloop vanaf de primaire begroting 2026 opgenomen, de toelichting daarop staat daaronder.

De grootste ontwikkelingen waardoor het tekort meerjarig oploopt betreft voornamelijk autonome ontwikkelingen zoals prijsstijgingen en de ontwikkelingen met betrekking tot de algemene uitkering. De financiële uitdagingen waarmee Venray wordt geconfronteerd, waaronder lagere rijksbijdragen, zijn niet nieuw. Waarom is het ondanks deze bekende ontwikkelingen niet gelukt om het oplopende tekort van € 9,8 miljoen in 2030 verder te beperken? Antwoord: Het oplopende tekort wordt inderdaad voor een groot deel veroorzaakt door lagere rijksbijdragen (algemene uitkering). Met het eerdere actieplan sluitende begroting 2026 zijn maatregelen genomen waarmee de begroting 2026 sluitend was voor de eerst twee jaren.

Pagina 1 van 49

Eerlijk Venray

Eerlijk Venray

Eerlijk Venray

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Technisch

5.

6.

7.

8.

Brief

Brief

Brief

Algemee n

3

3

3

Div

Technisch

Technisch

Technisch

Technisch

Volgens de begrotingsadviezen van de VNG zijn nog geen verregaande maatregelen ingezet en blijven de gemeenten via de VNG in gesprek met het Rijk over een eerlijke verdeling van taken en middelen. In navolging van de raadsmotie “Opvolging actieplan sluitende begroting 2027” is op 2 april 2026 aan de raad het rapport “Ruimte om te kiezen” voorgelegd. Hierin is inzichtelijk gemaakt waar voor de raad ruimte zit om inhoudelijke keuzes te maken en welke gevolgen dit heeft. Op basis van dit rapport kan richting gegeven worden voor de inhoudelijke keuzes die gemaakt moeten gaan worden om tot een structureel sluitende begroting te komen. In het overzicht van “resultaat begroting 2026” is een totaal saldo van 3.969 mln opgenomen, terwijl in het meerjarenperspectief 2026-2030 een resultaat van 2.775 mln is opgenomen. Dit is verwarrend; het verschil is de raadsbesluiten van mei/juni met een totaal van -1.194 mln. Waarom is ervoor gekozen om twee verschillende bedragen als totaal te laten zien? Antwoord: In het hoofdstuk meerjarenperspectief is al rekening gehouden met de raadsnota ODNML die ter besluitvorming ligt bij de raad op 30 juni. In de aanbiedingsbrief wordt in de eerste tabel geen rekening gehouden in de doortelling met deze post. In het meerjarenperspectief onder deze tabel juist wel.

Hiervoor is gekozen om te laten zien wat het daadwerkelijke meerjarenperspectief gaat zijn inclusief de raadsnota ODNML. Opmerking: Het is verwarrend in de tabel op pagina 3 ‘’Voorgestelde raadsbesluiten mei/juni 2026’’ als rij boven het totaal staat, en niet eronder zoals op pagina 10, want deze is niet in totaal saldo meegenomen, maar wel in meerjarenperspectief 2026-2030 voor jaar 2026 in de tabel eronder (2.5775.000 euro). Antwoord: Zie antwoord op vraag 5. Moet het bij ambities niet zijn: De begroting 2027 en het meerjarenperspectief 2027-2030 vormen daarmee een belangrijk moment……enz. Antwoord: Nee want het betreft de bijstellingen van de huidige begroting 2026 en het meerjarenperspectief 2027-2030. We lezen in zijn algemeenheid dat er veel zaken worden bijgesteld op basis van onderuitputting/ onderbesteding. Komt dit omdat er te ruim is begroot, of omdat zaken niet ter uitvoering komen? (Indien het antwoord beide is kan er dan aangegeven worden voor welke zaken te ruim begroten de oorzaak is en voor welke zaken het niet tot uitvoering komen betreft) Antwoord: In het kader van het actieplan sluitende begroting 2026 is een analyse gemaakt van de budgetten waar al meerdere jaren sprake is van zgn. onderuitputting. Het resultaat hiervan is

D66

GroenLinksPvdA

GroenLinksPvdA

BBB

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Technisch

9.

Algemee

6

Politiek

n

10.

Algemee

17

Politiek

n

11.

12.

MJP

MJP

10

11

Technisch

Technisch

verwerkt in de Kadernota 2026. In het kader van de motie ‘Opvolging actieplan sluitende begroting 2027’ is deze analyse nogmaals uitgevoerd op basis van de bevindingen ten tijde van de jaarrekening 2025. Dit heeft geresulteerd in de lijst zoals gepresenteerd in bijlage 6. In de meeste gevallen betreft het budget dat op basis van de realisatie van de afgelopen jaren naar beneden bijgesteld kan worden. Voor de toelichting per onderdeel verwijzen we naar de tekstuele toelichting op pagina 72 t/m 74. 2. Positieve resultaat nu al ten gunste brengen van resultaat 2026? Is het niet zinvoller om resultaat beschikbaar te houden voor ontwikkelingen 2e helft 2026? Antwoord: De term ‘resultaat 2026’ betreft het verschil tussen de begrote lasten en baten in de (gewijzigde) begroting. Ontwikkelingen met financieel resultaat worden via raadsbesluiten ten laste of ten gunste van het resultaat van de begroting gebracht. Het begrotingsresultaat voor 2026 is op dit moment positief en is via raadsbesluiten beschikbaar voor ontwikkelingen in de 2e helft van 2026. De investeringen 2027 en 2028-2030 leiden (daarna) tot exploitatielasten. In hoeverre is inzake de afschrijvingen (in de exploitatielasten) gekeken naar looptijd (jaren van afschrijving) en restwaarde van de investering.

Als hiernaar gekeken is en indien dit tot nieuwe inzichten, langere afschrijvingskosten of lagere afschrijvingsmethodes/afschrijvingsbedragen heeft geleid, is dit afgestemd met de controlerend accountant en wat was zijn/haar visie op deze uitkomsten? Als niet gekeken en/of afgestemd met de accountant is, wordt dit alsnog overwogen? Antwoord: Er is wel rekening gehouden met de looptijd, maar niet met de restwaarde. Over de restwaarde is afstemming met de accountant geweest. Zij geven aan dat er nog geen duidelijke wet- & regelgeving over is, waardoor ze het op dit moment sterk afraden om de methode met restwaarde toe te passen. In de tekst onder kopje ‘’Raadsbesluiten tot en met maart 2026’’ staat dat er in april geen raadsvergaderingen zijn geweest. Dit klopt niet, want er is een vergadering geweest op 14 april. Wordt hier bedoeld dat er geen raadsvergaderingen waren met besluiten die impact hadden op het budget? Antwoord: Het is een juiste conclusie dat er in april geen raadsvergaderingen waren met besluiten die impact hadden op het budget. Waarom ontvangt wijkgebouw ’t Stekske jaarlijks een instandhoudingsvergoeding van circa € 19.000, en op basis van welk beleid of besluit is deze vastgelegd? Antwoord:

Venray Lokaal

VVD-Venray

GroenLinksPvdA

CDA

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Technisch

13.

14.

15.

MJP

MJP

MJP

11

11

11

Technisch

Technisch

Technisch

Het toekennen van de instandhoudingsvergoeding is gebaseerd op het gegeven dat het vastgoed eigendom is van de Gemeente Venray. Het programma 'Schoon door de Poort’ is beëindigd en de raad heeft op 24 februari jl. besloten om de wijkgebouwen in de kern Venray (zoals ’t Stekske) aan te laten sluiten bij de opdracht ‘Visie op maatschappelijke accommodaties’. Dit houdt in dat de gemeente Venray eigenaar is en blijft van Kruidenlaan 161. Via de instandhoudingsvergoeding heeft de Gemeente Venray het uitvoeren van het planmatige eigenaarsonderhoud belegd bij de Stichting en ook de financiële onderhoudsvoorziening. Deze exploitatie past bij vergelijkbare exploitaties waarin gemeentelijk vastgoed betrokken is. Het besluit is vastgelegd in een collegebesluit genomen op 7 april 2026 (echter niet openbaar i.v.m. vertrouwelijke bedrijfsgegevens). Waarom stijgen de kapitaallasten door de aansluiting met iFinanciën in 2030 met € 1,15 mln? Welke concrete investeringen en mutaties liggen hieraan ten grondslag? Antwoord: Kapitaallasten door aansluiting iFinanciën (1e Bijstelling): In 2025 is gestart met een nieuwe financiële applicatie. Gedurende het jaar is vastgesteld dat de berekening van de kapitaallasten niet volledig juist was. Zo werd onder andere het jaar 2030 niet meegenomen in de berekeningen. Dit probleem is begin 2026 opgelost.

Als gevolg hiervan zijn de kapitaallasten voor het jaar 2030 niet opgenomen in de Begroting 2026, maar pas verwerkt in de 1e Bijstelling 2026. De kapitaallasten zijn inhoudelijk niet gewijzigd, maar doordat deze nu alsnog zijn opgenomen, wordt het verschil ten opzichte van de Begroting 2026 zichtbaar. Dit betreft alle investeringen. Wat is de reden dat de kapitaallasten stijgen door de aansluiting met IFinancien? Antwoord: Investeringen - Kapitaallasten aansluiting iFinanciën (1e Bijstelling): De kapitaallasten zijn inhoudelijk niet gewijzigd, maar doordat deze pas bij de 1e Bijstelling 2026 zijn opgenomen in plaats van bij de Begroting 2026, wordt het verschil hier zichtbaar. Gedurende het jaar 2025 is namelijk vastgesteld dat de berekening van de kapitaallasten niet volledig juist was. Zo werd onder andere het jaar 2030 niet meegenomen in de berekeningen. Dit probleem is begin 2026 opgelost. Waarom zijn de kosten voor de regiovisie “Samen voor veilig” in 2026 nog beperkt, terwijl deze vanaf 2027 sterk toenemen? Welke concrete activiteiten en structurele verplichtingen liggen hieraan ten grondslag? Antwoord: De begroting voor de regionale aanpak GiA is voor 2026 in twee delen besloten, een keer in november 2025 (vaststellen regionale begroting GiA 2026) en een keer in februari 2026 (Raadsvoorstel Samen voor veilig).

In november 2025 is besloten over (onder andere) de subsidie aan veilig thuis Noord en Midden-Limburg, de vrouwenopvang en een aantal andere

CDA

VVD-Venray

CDA

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Technisch

16.

MJP

11

Technisch

partijen (wettelijk verplichte taken, € 281.539), daarnaast hebben we betaald voor projecten en ontwikkelingen die al liepen en voortgezet moesten worden. In februari 2026 hebben we een meerjarig, regionaal beleidsplan vastgesteld waarin voor 2026 een aantal aanvullende kosten werden opgenomen (€ 71.088) en voor 2027 en verder ook weer de wettelijk verplichte taken en de werkelijke start van de uitvoering van Samen voor veilig werden opgenomen (€ 437.796). De kosten voor 2027 en verder stijgen, dit is voornamelijk te verklaren door de indexatie en CAO-loonstijgingen van de verschillende partijen die wettelijk verplichte taken uitvoeren. Er worden in de kadernota verschillende kapitaallasten gebruikt. Dit is verwarrend. Kan het verschil tussen de beide varianten van kapitaallasten worden toegelicht? Daarnaast staat hier eerst in daling van het bedrag in 2026, waarna een stijging in de jaren daarop plaatsvindt. Met een bedrag van 1.1 mln in 2030. Waardoor worden deze stijgingen veroorzaakt? En waarom valt deze in 2030 ruim 1.1 mln hoger uit?

D66

Antwoord: Normaal gesproken worden kapitaallasten één keer per P&C product opgenomen. In dit geval zijn er meerdere posten zichtbaar. Dit komt doordat zowel de 1e Bijstelling als de Kadernota in het boekwerk zijn opgenomen. Daarnaast hebben nog een aansluiting moeten maken met de nieuwe financiële applicatie iFinanciën. Er is bewust voor gekozen om de verschillende kapitaallasten apart op te nemen. Investeringen - Kapitaallasten aansluiting iFinanciën: In 2025 is gestart met een nieuwe financiële applicatie. Bij de inrichting van de module Vaste Activa is vastgesteld dat de berekening van de kapitaallasten niet volledig juist was. Zo werd onder andere het jaar 2030 niet meegenomen in de berekeningen. Dit probleem is begin 2026 opgelost. Als gevolg hiervan zijn de kapitaallasten voor het jaar 2030 niet opgenomen in de Begroting 2026, maar pas verwerkt in de 1e Bijstelling 2026. De kapitaallasten zijn inhoudelijk niet gewijzigd, maar doordat deze nu alsnog zijn opgenomen, wordt het verschil hier zichtbaar. Investeringen - Kapitaallasten (1e Bijstelling): Naast deze correctie zijn de kapitaallasten na actualisatie opgenomen. Bij de 1e Bijstelling wordt de planning van de investeringen opnieuw beoordeeld. Hierbij worden ook investeringen die in 2025 zijn afgerond, financieel afgesloten en komt het restant te vervallen. De kapitaallasten worden hierdoor lager.

17.

MJP

11

Technisch

Kapitaallasten nieuwe investeringen (Kadernota 2027) Als laatste zijn de kapitaallasten van de nieuwe investeringen opgenomen. Deze afschrijvingen starten pas in 2027 of later. Voor wanneer staat de sloop van het Roekenbosch gepland? Lopen er nog bezwaren die de sloop kunnen vertragen?

GroenLinksPvdA

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Technisch

18.

MJP /

11/5

Bijlage

9

Technisch

3,

19.

MJP

12-

Politiek

13

20.

MJP

12

Politiek

Antwoord: Volgens het raadsbesluit van 12 februari 2019 loopt de erfpachtovereenkomst voor Het Roekenbosch op 31 december 2029 definitief af. Tot die tijd mogen 18 resterende eigenaren van vakantiewoningen op het park recreatief gebruik maken van die woningen. De directie heeft de opdracht om het terrein uiterlijk begin 2030 leeg aan de gemeente over te dragen. Op dit moment zien wij geen reden om van die termijn af te wijken. Waarom worden de sloopkosten van het Roekenbosch door de gemeente gedragen en op basis van welke verplichting is dit? Antwoord: Gemeente en de directie van Het Roekenbosch zijn in 2019 overeengekomen dat de gemeente bijdraagt in de sloopkosten. Dat doen we door de geheven verblijfsbelasting op Het Roekenbosch van 15 april 2019 tot en met 15 april 2024 terug te storten naar de directie van het Roekenbosch. Vanaf 16 april 2024 worden de inkomsten uit de verblijfsbelasting gestort in een voorziening. Het saldo van die voorziening wordt aan het eind van de looptijd van dit traject uitgekeerd aan de directie van Het Roekenbosch, maar alleen als de directie alle gemaakte afspraken is nagekomen.

Op welke beleidsterreinen verwacht het college dat inwoners, verenigingen en maatschappelijke organisaties de gevolgen gaan merken van de structurele keuzes die nodig zijn om vanaf 2028 tot een sluitende begroting te komen? Antwoord: Op dit moment zijn er nog geen voorgenomen maatregelen. In het rapport ‘Ruimte om te kiezen’ dat op 2 april aan de raad is aangeboden is opgenomen welke keuzes gemaakt zouden kunnen worden en welke gevolgen dit heeft. De uitgangspunten en keuzes landen in het collegeprogramma en worden voorgelegd aan de raad in de P&C cyclus. Er wordt (“positieve effecten – korte termijn”) melding gemaakt van uitstel van ingrijpende bezuinigingen, uitstel van ingrijpende maatregelen in de WMO en onzekerheid of besparingen haalbaar zijn. - welke bezuinigingen worden uitgesteld en is eventueel overwogen deze bezuinigingen toch reeds in te zetten met het oog op het ravijn? Zo ja, waar zien wij deze bezuinigingen, zo neen; waarom niet? - welke maatregelen in de WMO zijn uitgesteld en welke acties/ zijn of worden ondernemen ter voorbereiding op de maatregelen die WMO gaan raken? - is de mate van onzekerheid cq het risico (bij benadering) te kwantificeren en welke acties/ingrepen/bezuinigingen zijn of worden voorbereid om (op enigerlei wijze) aan deze onzekerheden het hoofd te bieden Antwoord:

CDA

Eerlijk Venray

VVD-Venray

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Technisch

21.

22.

23.

24.

MJP

MJP

MJP

MJP

13

13

13

13

technisch

Technisch

Technisch

Technisch

De ingrijpende bezuinigen betreffen maatregelen vanuit het Rijk. Het Rijk wil binnen de Wmo al enige jaren inzetten op het afschaffen van het abonnementstarief en het invoeren van een inkomensafhankelijke bijdrage voor diverse Wmo-maatwerkvoorzieningen. Het is wettelijk niet mogelijk om deze voorgenomen bezuinigen toch in te zetten. Zijn alle financiële gevolgen ten behoeve van de overgang van RUD naar ODNMLB verwerkt in de kadernota, is hierbij ook rekening gehouden met lagere directe personele kosten ten gevolge van de ODNML. Antwoord: Ja, de formatie voor VTH is, overeenkomstig de overdracht van mensen naar de ODNML, verlaagd Waarom leidt de overgang van RUD naar ODNML tot een structurele kostenstijging tot circa € 1,7 mln per jaar? Welke concrete uitbreidingen in taken, capaciteit en organisatie liggen hieraan ten grondslag? Antwoord: De ODNML is, in tegenstelling van de RUD, een fysieke dienst. Hiermee neemt de overhead flink toe. De ODNML zal alle milieutaken, na verloop van tijd, 100% oppakken. De laatste jaren kwamen we zelf niet toe aan een aantal onderdelen van het takenpakket. Van de zaken die we oppakte konden we 80% van de taken uitvoeren.

Kosten ODNML zullen fors gaan stijgen; is het verschuivingseffect (diensten/fte’s eerst in eigen huis die verplaatst zijn naar de fysieke en externe omgevingsdienst) in deze kostenontwikkeling meegenomen en in welke mate leiden (hebben) deze tot een (mogelijke) demping van de stijging (geleid). Antwoord: De kosten die we besparen doordat personeel is overgegaan naar de ODNML vinden we terug in de vermindering van de loonkosten binnen VTH. Overgang RUD-> ODNML 1 Draagt de overheid bij aan de extra kosten? 2 Wat zijn de netto extra lasten voor de gemeente als je de mindere FTE inzet meerekent? Antwoord: 1. Voor de incidentele kosten voor het oprichten van de ODNML heeft de overheid een bijdrage geleverd. De vaste kosten voor de dienst wordt geheel door de regio betaald.

Venray Lokaal

CDA

VVD-Venray

VVD-Venray

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Technisch 2. Bedragen x € 1.000

25.

Reserve

14

Technisch

positie en ndsver mogen Reserve

14-

positie

15

Technisch

en weersta ndsver mogen

27.

Reserve positie en weersta ndsver mogen

2027

2028

2029

2030

Jaarlijkse bijdrage ODNML Jaarlijkse bijdrage RUD Verhoging bijdrage

1.776 150 1.626

2.333 204 2.129

2.470 209 2.261

2.608 213 2.394

2.653 218 2.435

Personele consequenties

-432

-617

-654

-684

-715

Wijziging begroting 1.194 1.512 1.608 1.710 1.720 Tabel 2.1: Risicoreserve grondbedrijf neemt af in de komende jaren. Wordt de reserve ingezet voor grondaankoop, moet er aanspraak worden gemaakt op de reserve, of is er een andere verklaring voor de afname van de reserve?

GroenLinksPvdA

Antwoord: De risicoreserve wordt niet ingezet ten behoeve van grondaankopen. De afnames heeft betrekking op algemene kosten van het grondbedrijf die niet toe te rekenen zijn naar een specifieke grondexploitatie (in voorbereiding)

weersta

26.

2026 (9 mnd)

14

Politiek

Welke risico’s verklaren de stijging van het totale risicoprofiel van circa € 4,5 miljoen in 2026 naar circa € 11,5 miljoen in 2030? Antwoord: De algemene risico’s nemen in absolute zin niet toe. Daarentegen nemen de algemene risico’s na correctie wel flink toe. Dit komt vooral omdat risico’s in de toekomst minder binnen de exploitatie kunnen worden opgevangen aangezien we te maken hebben met een toekomstig begrotingstekort. De risico's in het grondbedrijf nemen wel toe in absolute zin. Dit wordt vooral veroorzaakt door het actievere grondbeleid dat we zijn gaan voeren, met name om onze woonopgave te kunnen realiseren De geschatte omvang van de risico’s neemt toe. Hoe wordt zorgt het college ervoor dat dit niet leidt tot meer bestuurlijke en juridische risico's? Antwoord: Vanuit het risicobeleid dat in 2023 is geactualiseerd is er meer aandacht gekomen voor risicomanagement binnen onze organisatie. Hierbij gaat het om het continu in beeld hebben, beoordelen en beheersen van risico’s, waaronder dus ook onze bestuurlijke en juridische risico’s. Dit laatste doen we door beheersmaatregelen te nemen waar dat relevant is. Een belangrijk aspect van risicomanagement binnen onze organisatie is het vergroten van het risicobewustzijn.

Eerlijk Venray

Samenwerkin g Venray

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Is, gegeven het ravijnjaar en gegeven de datering, een actualisatie van het risicobeleid (2023) niet wenselijk? Graag de visie van college/portefeuillehouder. Is een (nieuwe) visie op het weerstandsvermogen en de weerstandscapaciteit niet wenselijk cq noodzakelijk? Is er mogelijk in het kader van het ravijnjaar reeds een (aanzet van) een (nieuwe) visie op dit thema?

VVD-Venray

Technisch 28.

Reserve

14

Politiek

positie en weersta ndsver mogen

29.

Reserve

14-

positie

15

Politiek

en weersta ndsver mogen

30.

Reserve

14,

positie

15

en weersta ndsver mogen

T

Antwoord: Het risicobeleid 2023 voldoet in onze ogen nog steeds om het risicomanagement binnen onze organisatie verder te implementeren en te optimaliseren. Dus een actualisatie van het risicobeleid is wat ons betreft op dat punt niet noodzakelijk. Wij zien daarnaast geen aanleiding om uitgangspunten rondom ons weerstandsvermogen aan te passen. We zien weliswaar dat de weerstandsratio naar de toekomst toe flink terugloopt, maar deze is in de raming voor 2030 met 5,32 nog altijd ruim boven de norm van 1,0. Waarom kiest het college ervoor de algemene reserve van circa € 54 miljoen gedurende de planperiode grotendeels ongemoeid te laten, terwijl de begrotingstekorten oplopen van € 1,9 miljoen in 2027 naar € 9,8 miljoen in 2030? Welke mogelijkheden ziet het college om deze reserve tijdelijk of gedeeltelijk in te zetten om de financiële druk op inwoners, verenigingen en maatschappelijke voorzieningen te beperken en welke afwegingen liggen hieraan ten grondslag? Antwoord: Allereerst is de algemene reserve niet volledig vrij aanwendbaar. Dit onder andere omdat er nog toekomstige claims op rusten waarover eerder al besloten is en omdat een deel beschikbaar moet zijn als weerstandsvermogen voor risico’s. Daarnaast wordt inzet van het vrij aanwendbare deel door onze provinciaal toezichthouder alleen onder strikte voorwaarden toegestaan.

Maximaal 10% van het vrij aanwendbare deel mag dan ingezet worden als structureel dekkingsmiddel, wat ultimo 2027 neer komt op circa € 5,4 mln. Meerjarig daalt dit bedrag als de reserve wordt ingezet om de begroting sluitend te maken. Tot slot is deze inzet niet duurzaam (structureel) mogelijk. Het college is van mening dat gezocht moet worden naar een duurzame oplossing van de oplopende begrotingstekorten. Het weerstandsvermogen neemt af. Algemene risico’s en risico’s grondbedrijf nemen toe. De algemene reserve blijft, zo wordt gesteld, gelijk. Zijn er alternatieve onderbouwde analyse’s gemaakt waarin een (mogelijke) daling van de Alg. Reserve (Ravijnjaar?) en/of het optreden van omvangrijkere risico’s optreden gemaakt? Zo ja, wat laten deze analyse’s zien (risico en kans dat dit risico zich als alternatief voordoet) en zo neen, waarom zijn deze alternatieve analyse’s niet gemaakt. Antwoord: Wij brengen periodiek onze actuele risico's zo compleet mogelijk in beeld en proberen de omvang van deze risico's zo goed mogelijk te kwantificeren (kans x impact). Dit gebeurt met de kennis van dat moment. In onze risicoanalyses gaan we dus uit van het meest waarschijnlijke

Eerlijk Venray

VVD-Venray

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

scenario. Verder hebben we geen rekening gehouden met eventuele dekking van toekomstige begrotingstekorten uit de algemene reserve. Deze keuze is tot op heden nog niet gemaakt en kan ook alleen als voldoende weerstandscapaciteit resteert. Waarom staan er nihilbedragen onder het kopje opvangen risico’s in exploitatie?

VVD-Venray

Technisch

31.

Reserve

15

T

positie en weersta ndsver mogen 32.

Reserve

15

technisch

positie weersta ndsver mogen Leven

Venray Lokaal

Antwoord: Deze bestaan uit egalisatiereserves, bestemmingsreserves dekking kapitaallasten en overige bestemmingsreserves. In de jaarrekening 2025 is op pagina 159 een actueel overzicht opgenomen van de reserves. In dit overzicht is een verdere uitsplitsing gemaakt, waarmee het doel van de reserve wordt aangeduid.

en

33.

Antwoord: Volgens het vastgestelde risicobeleid, worden een aantal correcties toegepast op het ingeschatte risicobedrag. Eén van de correcties betreft het kunnen opvangen risico’s binnen de lopende exploitatie. Volgens het risicobeleid nemen we 50% van het gemiddelde jaarrekeningsaldo van de afgelopen 4 jaar mee in de berekening van het weerstandsvermogen. Doordat we vanaf 2027 te maken hebben met een geraamd begrotingstekort is er vanaf 2028 geen sprake meer van een gemiddeld positief jaarrekeningsaldo over de afgelopen 4 jaar. Waaruit bestaan de bestemmingsreserves precies, aangezien deze geoormerkt zijn? Waarvoor worden deze tot 2030 ingezet?

18

Politiek

“wij zetten vol in op preventie” Welke concrete preventieve acties heeft het college hier concreet voor ogen? “Beroep doen op eigen kracht en omgeving” Prima! Betekend dit ook de inzet van eigen (financiële) middelen? (niet iedereen heeft bijvoorbeeld hulp nodig bij de aanschaf van een scootmobiel) Antwoord: Door ons zoveel mogelijk te richten op de omgeving van onze inwoners en hun sociale basisinfrastructuur, deze te versterken én te verduurzamen, dragen we bij aan het zo gezond en prettig wonen in Venray waarmee het beroep op zorg wordt uitgesteld of voorkomen. Concrete voorbeelden hiervan zijn bijvoorbeeld de inzet van de dorpsondersteuners, de inzet van de Specialist Ondersteuner Jeugdhulp (SOJ) bij de huisarts, inzet van op Welzijn op Recept, inzet van diverse activiteiten van Venray Dementie Vriendelijk, Automaatje, Kei gezond, extra inzet van de preventiemedewerkers van Vincent van Gogh op middelengebruik. Maar ook op een andere manier kijken naar vraagstukken zoals inzetten op Valpreventie of Krachtig ouder worden. Het is op dit moment binnen de Wmo wettelijk nog niet toegestaan om inkomensgegevens op te vragen om zo de financiële draagkracht vast te stellen en/of onze inwoners te vragen deze vanuit de eigen middelen te bekostigen.

VVD-Venray

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Politiek

Welke concrete stappen worden gezet om Venray als kenniscentrum psychiatrie te positioneren?

Samenwerkin g Venray

Politiek

Antwoord: In de kadernota is hier momenteel niets over opgenomen. Welke uitgangspunten hanteert het college om te voorkomen dat de maatregelen die nodig zijn om de oplopende begrotingstekorten van € 1,9 miljoen in 2027 tot € 9,8 miljoen in 2030 terug te dringen, onevenredig terechtkomen bij inwoners die afhankelijk zijn van gemeentelijke ondersteuning, voorzieningen en regelingen?

Technisch 34.

35.

Leven

Leven

18

1820

36.

37.

38.

Leven

Leven

Leven

17

19

19

Technisch

Technisch

Technisch

Antwoord: De uitgangspunten en keuzes landen in het collegeprogramma 2026-2030 en worden voorgelegd aan de raad in de P&C cyclus. In 2030 is 2x zoveel geld nodig voor programma Leven. Waardoor komt dit? Antwoord: In 2027 en verdere jaren betreft dit de bijdrage voor het Regionaal budget Jeugd preventie, vroeg signalering en versterken omgeving. Dit is één nieuw budget aanvraag binnen het programma Leven onderdeel Jeugd. In 2030 betreft dit ook de kosten voor de noodlokalen De Kruudwis (deze beginnen pas in 2029), deze komen er vanaf 2029 bovenop. Dit is ook één nieuw budget aanvraag binnen het programma Leven onderdeel Onderwijs. Beide aanvragen betreffen dus een onderdeel van het Programma Leven. Zie hier ook pag. 47 voor nadere uitsplitsing. Welke structurele en incidentele kosten worden vanaf 2027 geraamd voor Werkstart Venray en de nieuwe lokale uitvoering van de Wsw en Participatiewet? Antwoord: Op dit moment wordt ervanuit gegaan dat de kosten voor de nieuwe uitvoering van de WSW (Werkbedrijf Venray) en voor de Participatiewet (Werkstart) kunnen worden gedekt uit de beschikbare incidentele en structurele middelen zoals die nu in de meerjarenbegroting zijn opgenomen. In de verdere uitwerking van de beide projecten en de rapportage daarover worden de financiële gevolgen meegenomen. Wat is de stand van zaken m.b.t.

Werkstart Venray? Wanneer wordt de raad erbij betrokken? Antwoord: Werkstart Venray bevindt zich momenteel in de verdiepingsfase. In deze fase worden de inhoudelijke bouwstenen, het proces en de mogelijke scenario’s voor inrichting verder geconcretiseerd. Parallel hieraan worden gesprekken gevoerd met interne teams en externe partners, zoals werkgevers en onderwijsinstellingen, om te komen tot een gedragen en uitvoerbare inrichting. Dit ter voorbereiding op het implementatieplan dat ter besluitvorming zal

Eerlijk Venray

SP

Eerlijk Venray

GroenLinksPvdA

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Technisch

39.

Leven

19

worden voorgelegd. De gemeenteraad wordt voorafgaand aan de geplande besluitvorming betrokken. Daarnaast wordt de gemeenteraad meegenomen in de ontwikkelingen via een openbare voortgangsrapportage in de maanden april en oktober. Welke concrete voordelen verwacht het college voor inwoners met een afstand tot de arbeidsmarkt van Werkstart Venray ten opzichte van de huidige situatie?

Politiek

• • • • • •

40.

41.

Leven

Leven

19

19

Politiek

Technisch

Antwoord: Werkstart beoogt de volgende concrete voordelen voor inwoners: een individueel oriëntatieprogramma met onder andere trainingen en workshops integraal maatwerk, met aandacht voor verschillende leefgebieden gestroomlijnde leer- en ontwikkelroutes op verschillende branches ontwikkeling via praktijkgerichte leer- en ontwikkelroutes minder versnippering in ondersteuning en trajecten betere aansluiting op de vraag van werkgevers Inwoners kunnen zich hierdoor ontwikkelen, stappen zetten richting participatie en duurzaam uitstromen naar werk. Door de samenhangende en ontwikkelgerichte aanpak binnen Werkstart wordt de aansluiting tussen inwoners en de arbeidsmarkt versterkt. Bij de verdere uitwerking van Werkstart Venray en de lokale uitvoering van de Wsw en Participatiewet, is het college voornemens de projecten Lifehammer en Vencom voort te zetten? Zo ja, op welke wijze worden deze activiteiten behouden in de nieuwe organisatie? Zo nee, welke argumenten liggen hieraan ten grondslag? Daarnaast vernemen wij van medewerkers dat juist deze projecten momenteel goede resultaten opleveren op het gebied van omzet, werkgelegenheid, ontwikkeling van medewerkers en werkzaamheden voor de doelgroep.

Op welke wijze worden deze resultaten meegewogen bij de besluitvorming? Antwoord: De genoemde projecten vallen niet onder de verdere uitwerking van Werkstart (Participatiewet), maar vallen onder Werkbedrijf Venray B.V. Binnen Werkbedrijf Venray B.V. wordt voor de uitvoering van de WSW gekeken naar opdrachtgevers die passend werk kunnen bieden aan de doelgroep. Op dit moment worden gesprekken gevoerd met zowel de huidige opdrachtgevers van NLW als nieuwe opdrachtgevers om te kijken welke mogelijkheden zij kunnen bieden en onder welke voorwaarden. Goede resultaten van huidige opdrachtgevers maken hier onderdeel van uit. Het uitgangspunt is én blijft passend werk voor de doelgroep. Wat is de te verwachte impact op zowel ambtelijke capaciteit als financieel door het extra moeten inzetten op het terrein van taal, begeleiding naar werk, huisvesting, etc. door het vervallen van de huidige richtlijn waaronder de Oekraïense vluchtelingen vallen? En wat betekent dit voor deze vluchtelingen voor de korte en lange termijn? Antwoord:

Eerlijk Venray

Eerlijk Venray

D66

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Technisch

42.

43.

44.

45.

Leven

Leven

Leven

Leven

20

20

20

13 / 18

Technisch

Technisch

technisch

Politiek

Er is bij de kadernota uitgegaan van beëindiging van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming (RTB) per 5 maart 2027. Inmiddels hebben we ook weer signalen ontvangen dat er een mogelijkheid is dat de RTB toch wordt verlengd. Het ministerie bekijkt nog welke consequenties de beëindiging van de RTB heeft en veel vragen behoeven nog verdere uitwerking door de verschillende betrokken ministeries. De regiovisie Jeugd moet voor 1 januari 2027 aan de gemeenteraden ter besluitvorming worden voorgelegd. Wanneer wordt deze regiovisie aan de gemeenteraad voorgelegd? Antwoord: De regiovisie Jeugd moet wettelijk uiterlijk per 1 januari 2027 zijn vastgesteld. We zijn gestart maar deze termijn blijkt regionaal niet haalbaar. Daarbij speelt dat onderdelen van de regiovisie, waaronder het format en de nadere uitwerking van verplichte onderdelen, landelijk nog in ontwikkeling zijn. De jeugdregio Noord-Limburg streeft er daarom naar de regiovisie zo spoedig mogelijk na 1 januari 2027 aan de gemeenteraad voor te leggen, en uiterlijk vóór 1 juli 2027. Deze tijd wordt benut om de regiovisie zorgvuldig uit te werken en dit te doen in samenspraak met o.a. jeugdigen, het onderwijs, verwijzers en ervaringsdeskundigen. Zodat de gemeenteraad een goed onderbouwd en gedragen voorstel kan vaststellen. Regiovisie jeugd (voor 01.01.2027); wanneer zou deze volgens het college op de agenda van de Raad komen.

Daar waar de Raad regie wil houden op haar agenda; is het raadzaam dit te weten om te bezien wat dit voor verdere/andere dossiers betekent. De Raad wil graag in control blijven op klaar uitpakkende; vandaar. Antwoord: De verwachting is dat de regiovisie Jeugd uiterlijk vóór 1 juli 2027 ter besluitvorming aan de gemeenteraad wordt voorgelegd. Regiovisie Jeugd: te lezen valt dat gemeenteraden voor 1-1-2027 de nieuwe Regiovisie Jeugd dienen vast te stellen. Wat is hier de stand van zaken? Antwoord: De voorbereiding van de regiovisie Jeugd is gestart. De wettelijke termijn van vaststelling vóór 1 januari 2027 blijkt regionaal echter niet haalbaar. De jeugdregio Noord-Limburg streeft er daarom naar de regiovisie zo spoedig mogelijk na 1 januari 2027 aan de gemeenteraad voor te leggen, en uiterlijk vóór 1 juli 2027. Dit is nodig om de regiovisie zorgvuldig uit te werken en in afstemming met de betrokken gemeenten en partners tot stand te brengen. In hoeverre is de gemeente Venray de afgelopen jaren voortvarend aan de slag gegaan met de hervormingsagenda jeugd? Antwoord: De gemeente Venray is de afgelopen jaren actief aan de slag met de Hervormingsagenda Jeugd,

D66

VVD-Venray

Venray Lokaal

VVD-Venray

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Technisch zowel lokaal als regionaal. De inzet richt zich met name op het versterken van preventie, de leefomgeving van jeugdig en bouwen aan een integrale toegang, om zwaardere jeugdhulp waar mogelijk te voorkomen. In dat kader zijn in 2025 meerdere initiatieven gestart, zoals de pilot SWITCH (jeugdprofessional in school), de toepassing van de JIM-aanpak (Jouw Ingebrachte Mentor) en een pilot hoogbegaafdheid waarin jeugdhulp en onderwijs integraal samenwerken. Daarnaast wordt regionaal ook samengewerkt aan de uitvoering van de Hervormingsagenda. Zo is eind 2025 een conceptanalyse opgesteld en wordt met instrumenten zoals het afwegingskader onderwijs–jeugdhulp gewerkt aan heldere rolverdeling en passende ondersteuning. Hiermee is een goede basis gelegd. Tegelijkertijd vraagt de Hervormingsagenda Jeugd om een meerjarige doorontwikkeling, waarbij ook nog wordt gewerkt aan verdere borging, waaronder een structureel financieel kader. Tot welke ingrijpende keuzes is het college bereid in het kader van de voorgenomen rijksbezuinigingen in de WMO?

46.

Leven

18-

Technisch

20

47.

Leven

20

Technisch

Antwoord: De kaders en verdere uitwerking van de voorgenomen rijks bezuinigingen binnen de Wmo zijn op dit moment nog niet bekend. Zo geeft het Rijk aan de Hulp bij het Huishouden per 2029 volledig te willen afschaffen maar spreekt het ook over de invoering van een vangnet voor Hulp bij het Huishouden voor mensen die het niet zelf kunnen regelen. Wanneer de wettelijke kaders bekend zijn kunnen er pas keuzes worden voorgelegd aan de Raad. Welk financieel risico loopt Venray als de Hervormingsagenda Jeugd onvoldoende besparingen oplevert? Antwoord: Als de Hervormingsagenda Jeugd minder besparingen oplevert dan verwacht, bestaat het risico dat de uitgaven aan jeugdhulp structureel hoger blijven dan begroot. Dit kan extra druk geven op de gemeentelijke begroting en vraagt mogelijk om aanvullende financiële keuzes. In de gemeente Venray zetten we daarom in op preventie, een sterke sociale basis en een goed functionerende integrale toegang om de instroom in zwaardere jeugdhulp te beperken. Tegelijkertijd worden de uitgaven nauwlettend gevolgd en wordt waar nodig bijgestuurd. Daarbij is van belang dat de onafhankelijke deskundigencommissie begin 2027 een zwaarwegend advies uitbrengt over de voortgang van de Hervormingsagenda en de ontwikkeling van de uitgaven. Dit advies geeft richting aan het meerjarig financieel perspectief en wordt betrokken bij verdere besluitvorming.

Inkomsten uit het surplus Beschermd Wonen: Welke wisselende parameters zorgen er voor dat Venray in 2027 € 70.000 minder ontvangt? Antwoord:

Samenwerkin g Venray

GroenLinksPvdA

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Technisch

De hoogte van het surplus wordt bepaald door een verdeelsleutel, waarbij het aantal EPA-patiënten voor 50% meetelt. Voor 2027 wordt gekeken naar het gemiddelde over 2022– 2024. In die jaren lag het aantal EPA-patiënten administratief lager door een wijziging in de registratie (invoering zorgprestatiemodel). Daardoor is de groep tijdelijk onderschat. Omdat Venray relatief veel EPA-patiënten heeft, werkt deze onderschatting hier extra door. Hierdoor valt het aandeel voor Venray in 2027 lager uit, wat het verschil van €70.000 verklaart. Door een wijziging in registratie van EPA-patiënten wordt een verbeterde berekening gebruikt, waardoor dit effect vanaf 2028 naar verwachting weer (deels) verdwijnt. TAK. Waar is het bedrag van € 55.000 als gemeentelijke bijdrage op gebaseerd?

GroenLinks-

Technisch

Antwoord: De gevraagde Venrayse bijdrage van € 55.000 voor het Team Arbeidsmigranten in een Kwetsbare positie (TAK) is een eerste raming op basis van de kosten van het TAK tijdens de pilotperiode. Uitgegaan is van 4,4 fte (straathoekwerk, coördinator, schakelfunctionaris en ondersteuner). Inmiddels ligt er een definitief voorstel ter besluitvorming voor (eind juni 2026) waarin de formatie voor de schakelfunctionaris (1 fte) is geschrapt. Gemeenten dienen deze rol (verbinding leggen met o.a. werkgevers, inleners, huisvesters) naar behoefte in eigen huis te organiseren. Dit betekent dat de gevraagde bijdrage aan de gemeente Venray naar beneden is bijgesteld naar € 34.759. Hoe komt het dat er een onderbesteding is geweest op algemeen maatschappelijk werk?

Technisch

48.

49.

50.

Leven

Leven

Leven DP1.1

20

28

28

Politiek

Antwoord: Het budget algemeen maatschappelijk werk is een misleidende benaming, dit budget is bestemd voor het verstrekken van subsidies op grond van de subsidieregeling Ondersteuning en Zorg (subsidies voor KBO’s, inloop, dorpsondersteuner, slachtofferhulp enz). Ondanks publiciteit voor het aanvragen van eenmalige subsidies bleef dit budget onderbenut, daarom is dit budget naar beneden bijgesteld. Algemeen maatschappelijk werk. Is het wel verstandig om dit budget naar beneden bij te stellen. We gaan korten op gevoelige onderwerpen die de zwakkeren in de samenleving raken. Als straks het budget ontoereikend is dan zal het lastig zijn om het budget te verhogen. Antwoord: Het budget algemeen maatschappelijk werk is een misleidende benaming, dit budget is bestemd voor het verstrekken van subsidies op grond van de subsidieregeling Ondersteuning en Zorg (subsidies voor KBO’s, inloop, dorpsondersteuner, slachtofferhulp enz). Ondanks publiciteit voor het aanvragen van eenmalige subsidies bleef dit budget onderbenut, daarom is dit budget naar beneden bijgesteld.

PvdA

SP

SP

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Waarom loopt de correctie op de OVA-index binnen de regionale jeugdzorg (MGR) op tot circa € 875.000 in 2030? In hoeverre betreft dit een eenmalige correctie of structurele kostenstijging?

CDA

Technisch 51.

Afwijkin

27

Technisch

gen, Leven

52.

Bijstellli

29

Technisch

ngen, Leven

Antwoord: Dit betreft een structurele kostenstijging. De inkooporganisatie (MGR) rekent de definitieve samengestelde OVA-index (5,13%) door, in onze begroting is vorig rekening gehouden met de OVA-index (4,24%) en niet de samengestelde. De correctie vindt in deze wijziging plaats en betreft een cumulatieve opstapeling van de indexkosten. Er wordt voorgesteld om het subsidieplafond voor Stichting BibloNu te verhogen naar 1.442 mln om de subsidie juridisch rechtmatig te maken. In de toelichting bij de bijstellingen staat dat het bedrag binnen de begroting is gedekt en het bedrag voor 2026 met 17.000 naar beneden is bijgesteld. Hoe is dit bedrag binnen de begroting gedekt? Hoe verhoudt deze bijstelling zich tot het bedrag van 1.442 mln (m.a.w. eerst gaan we verhogen, daarna verlagen)?

D66

Antwoord: De totale subsidie aan BiblioNu werd in voorgaande jaren verleend via meerdere beschikkingen. Het betrof hier beschikkingen vanuit meerdere budgetten (cultuur, participatie en onderwijs). Vanaf 2026 wordt de totale subsidie aan BiblioNu verleend met 1 beschikking. Dit betekent dat we de subsidies voor BiblioNu vanuit cultuur, participatie en onderwijs samenvoegen en in 1 keer verlenen. Hiermee wordt de administratieve last voor zowel de gemeente als BiblioNu verlaagd. Om rechtmatig de subsidie te verlenen moet daarom het subsidieplafond worden verhoogd.

53.

Bijstellin

31

Technisch

gen, Leven

54.

Bijstellin gen, Leven

27

Technisch

Tegelijkertijd wordt het budget omlaag bijgesteld met 17.000. De oorspronkelijke kostenraming heeft plaatsgevonden tijdens de voorbereiding van het meerjarenbeleidsplan bibliotheekwerk. Het omlaag bijstellen van het budget met 17.000 is tot stand gekomen door voortschrijdend inzicht over de daadwerkelijke kosten van het bibliotheekwerk. Verschuiving periode terugbetalingsverplichting lening Continuïteitsplan…: Waarom staat deze niet in de tabel op pag. 27 vermeld? Antwoord: Dit betreft een mutatie in de reserve, die geen resultaat tot gevolg heeft, deze wijziging komt daardoor niet terug in de tabel op pagina 27. Uit deze post blijkt dat er sprake is van een voorfinanciering aan het ’t Nest. Waarvoor dient deze voorfinanciering? Wanneer is die toegekend? En is er eventueel een RIB of anderszins informatiedocument van? Antwoord: Vanuit het Integraal Huisvestingsplan Onderwijshuisvesting streven we als gemeente naar integrale kindcentra. Dat betekent dat kinderopvang integraal wordt meegenomen bij de

SP

D66

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Technisch

55.

Bijstellin

30

technisch

gen, Leven 56.

Bijstellin

27

Technisch

gen, Leven

57.

Bijstellin gen, Leven

27

Technisch

realisatie van nieuwe scholen. Deze kinderopvang wordt door gemeente voorgefinancierd aangezien dit geen gemeentelijke taak is, maar is budgetneutraal voor de gemeentelijke begroting. De kosten van deze voorfinanciering worden namelijk via een huurconstructie bij ’t Nest in rekening gebracht. Over de door u aangehaalde post betreft de kinderopvang bij de nieuwbouw voor JKC Talententuin die momenteel wordt gebouwd in Noord-West (oplevering medio 2027). De gemeenteraad heeft daartoe een besluit genomen op 27 juni 2024. Gezien het feit dat ’t Nest een deel van de voorfinanciering direct zelf voor haar rekening gaat nemen, is de hoogte van de voorfinanciering door gemeente nu aangepast. Heeft de verschuiving van het haalbaarheidsonderzoek IHP Eigenwijs (Oirlo) van 2029 naar 2028 invloed op andere onderdelen binnen het IHP. Antwoord: Nee, de verschuiving is niet van invloed op andere onderdelen. Wat betekent het wegvallen van € 70.000 inkomsten uit beschermd wonen voor de dienstverlening? Antwoord: Venray ontvangt €70.000 minder uit het regionale surplus Beschermd Wonen. Dit heeft echter geen gevolgen voor de dienstverlening. Het surplus is namelijk structureel hoger dan de kosten die wij hier lokaal uit betalen. Ook met deze lagere bijdrage blijft er voldoende budget om de huidige ondersteuning te blijven bieden.

In de kadernota wordt de budgetverlaging Wmo beschermd wonen van €437.000 tot €650.000 per jaar opgevoerd als onderdeel van het actieplan sluitende begroting. Tegelijkertijd stelt de nota dat het surplus uit MGR-module 2 voortaan niet meer als surplus wordt opgenomen. Kan het college toelichten wat er concreet met de inkomstenkant van dit surplus gebeurt? Verdwijnen de inkomsten eveneens uit de begroting. Zo ja, wat is dan het netto-effect op het begrotingsresultaat? En hoe verhoudt de separaat gemelde €70.000 minder inkomsten beschermd wonen in 2027 zich tot deze budgetverlaging?" Antwoord: Het surplus uit MGR-module 2 verdwijnt niet: deze inkomsten ontvangt Venray nog steeds. Wat verandert, is de manier waarop dit in de begroting wordt verwerkt. Voorheen werd het overschot apart zichtbaar gemaakt als surplus. Voortaan wordt dit direct opgenomen in de reguliere begroting. Per saldo verandert er dus niets aan de inkomsten zelf en dit heeft op zichzelf geen negatief netto-effect op het begrotingsresultaat. Dit staat los van de €70.000 lagere inkomsten in 2027; dat betreft een daadwerkelijk lager bedrag door de regionale verdeelsleutel en is geen administratieve wijziging.

Venray Lokaal

Samenwerkin g Venray

D66

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Welke financiële gevolgen verwacht het college als het Rijk vanaf 2029 fors kort op huishoudelijke hulp?

Samenwerkin

Technisch 58.

Bijstellin

27

Technisch

gen, Leven

59.

Bijstellin

27

Technisch

gen, Leven

60.

Bijstellin

29

Technisch

gen, Leven

61.

Bijstellin

29

Technisch

gen, Leven

62.

Bijstellin gen, Leven

29

technisch

Antwoord: Het Rijk is voornemens om per 1-1-2029 de Hulp bij het Huishouden af te schaffen, dit betekent landelijk een uitname uit het gemeentefonds van 1,4 miljard. Tegelijkertijd wil het Rijk een vangnet Hulp bij het Huishouden invoeren voor mensen die het niet zelf kunnen regelen van landelijk 430 miljoen. Het is ons op dit moment nog niet bekend wat het Rijk bedoelt met het “niet zelf kunnen regelen” waardoor het op dit moment nog niet mogelijk is om een inschatting te maken van eventuele financiële gevolgen. Waarvoor wordt het werkbudget van € 46.000 concreet ingezet bij het opstellen van de maatschappelijke visie op accommodaties en welke producten of resultaten levert dit op voor de raad? Antwoord: Vanuit dit werkbudget is een bureau in de arm genomen om conform de opdrachtomschrijving een visie op ontmoeten en accommodatiebeleid op te stellen. Volgens planning worden beide producten in het vierde kwartaal van 2026 ter vaststelling aangeboden aan de raad. Voor het opstellen van een maatschappelijk visie op accommodaties wordt een werkbudget voor inhuur van 46.000 gevraagd. Waarom wordt er hier gekozen voor inhuur? Antwoord: Om meerdere redenen is er gekozen voor het inhuren van een bureau: expertise en interne beleidscapaciteit in combinatie met te behalen deadline. Visie accommodaties. De inzet van een extern bureau leidt tot kosten.

Waarom wordt niet gewerkt met eigen mensen? Antwoord: Om meerdere redenen is er gekozen voor het inzetten van een extern bureau: expertise en interne beleidscapaciteit in combinatie met te behalen deadline. In de stukken lezen we dat er sprake is van structurele onderuitputting bij accommodatie buitensport. -Waar kan dit bedrag precies voor worden ingezet? -Welke bijdrage wordt van sportclubs/derden gevraagd? -Zijn er signalen van achterstalligheid van accommodaties bij sportclubs? -Zijn er binnen de sport potjes waar structureel meer aanvraag is dan budget? -Hoe zit het met de budgetten voor binnensport accommodatie? -Hebben wij inzicht in de behoefte aan binnensportaccommodaties en de beschikbare capaciteit? Zo ja, in hoeverre sluiten vraag en aanbod op elkaar aan? Zo nee, hoe bepalen we of er in

g Venray

CDA

D66

VVD-Venray

Venray Lokaal

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Technisch Venray voldoende binnensportaccommodaties beschikbaar zijn? Oftewel, vormt de beschikbaarheid van binnensportaccommodaties geen belemmering voor inwoners om te sporten en bewegen.

63.

Bijstellin gen, Leven

29

Technisch

Antwoord: -Waar kan dit bedrag precies voor worden ingezet? Vanuit het budget accommodatie buitensport kunnen alle sportverenigingen die genoemd worden in onze beleidsnota accommodatiebeleid sport en jeugd een beroep doen. Het budget kan ingezet worden voor de realisatie en instandhouding van accommodaties. -Welke bijdrage wordt van sportclubs/derden gevraagd? Voor noodzakelijke voorzieningen hanteren wij een verdeling van 1/3 voor rekening van de sportvereniging en 2/3 voor rekening van de gemeente. -Zijn er signalen van achterstalligheid van accommodaties bij sportclubs? Momenteel zijn er geen signalen bekend van achterstalligheid binnen de accommodaties van sportclubs. In 2024 zijn er nieuwe onderhoudsplannen vastgesteld voor deze accommodaties waarop de instandhoudingsvergoedingen aan de beherende stichtingen of verenigingen zijn herijkt. -Zijn er binnen de sport potjes waar structureel meer aanvraag is dan budget? Wanneer er meer vraag komt dan dat er budget beschikbaar is wordt dit meegenomen in de MUIP voor het jaar erna of vragen we de Raad toestemming via een apart voorstel. -Hoe zit het met de budgetten voor binnensport accommodatie? Wij hebben voor het beheer van onze binnensport accommodaties een contract afgesloten met Optisport voor beheer en onderhoud. Op dit moment loopt er een nieuwe aanbesteding voor onze binnensport accommodaties.

Gymzaal Christoffel is hierop een uitzondering. Zij ontvangen een verzelfstandigingsvergoeding voor hun binnensport accommodatie. Vanaf 2027 zal de Gemeente zelf de budgetten aanleggen en beheren voor meerjarig en planmatig onderhoud. -Hebben wij inzicht in de behoefte aan binnensportaccommodaties en de beschikbare capaciteit? Zo ja, in hoeverre sluiten vraag en aanbod op elkaar aan? Zo nee, hoe bepalen we of er in Venray voldoende binnensportaccommodaties beschikbaar zijn? Oftewel, vormt de beschikbaarheid van binnensportaccommodaties geen belemmering voor inwoners om te sporten en bewegen. Er wordt jaarlijks een inventarisatie gedaan onder de sportverenigingen om de behoefte aan binnensportaccommodaties op te halen. Er is tot nu toe voldoende beschikbare capaciteit. Er is soms onvoldoende bereidheid van de sportverenigingen om te schuiven in de wenselijke uren wat wordt vertaald als onvoldoende beschikbare capaciteit. Onderuitputting buitensport. Zou hier mogelijk moeten worden nagedacht over het accommodatiebeleid en de wens om Padel toe te voegen. Zo ja, wat zijn de effecten met dit in het achterhoofd voor het budget? Antwoord:

VVD-Venray

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Technisch

64.

Bijstellin

29

gen,

Technisch/poli tiek

Leven

65.

Bijstellin

29

technisch

gen, Leven

66.

Bijstellin gen, Leven

30

Technisch

De onderuitputting van dit budget is te minimaal om het toevoegen van padel uit te compenseren. Bij elke padelbaan die wordt toegevoegd gaat het om een eenmalige investering van € 53.333 (gemiddeld kost het aanleggen van een padelbaan € 80.000 waarvan 2/3 voor rekening van de gemeente komt). Meerjarig moet rekening worden gehouden met eens in de acht jaar een bedrag van € 12.100 per padelbaan voor onderhoud en renovatie. Begrijpen wij het goed dat de OVA-index er voor zorgt dat het subsidiebedrag van Stichting Odapark en van het Venrays Museum meerjarig naar beneden is bijgesteld? Graag een toelichting hier op. Antwoord: Beide cultuurpijlers hebben een subsidieaanvraag ingediend met een lagere indexering dan de OVA-index. Het toekennen van een subsidie hoger dan de aanvraag is niet mogelijk. De cultuurpijlers zijn meerdere keren gewezen op het toepassen van de juiste index. Ook voor de aanvraag 2027 hebben we de cultuurpijlers nogmaals gewezen op het toepassen van de juiste index. Op basis van de aanvragen die we tot nu toe hebben ontvangen zien we dat de juiste index is toegepast. Voor de begroting en het meerjarenperspectief wordt uitgegaan van het toegekende subsidiebedrag in het jaar daarvoor. Dus de subsidie 2026 wordt geïndexeerd met de OVA-index voor 2027. Een lagere toekenning werkt dus ook meerjarig door. Wat is de oorzaak van de lagere subsidieaanvraag van St.

Odapark en het Venrays Museum voor 2026? Antwoord: Beide cultuurpijlers hebben een subsidieaanvraag ingediend met een lagere indexering dan de OVA-index. Het toekennen van een subsidie hoger dan de aanvraag is niet mogelijk. De cultuurpijlers zijn meerdere keren gewezen op het toepassen van de juiste index. De verhoogde kosten van de regionale inkoop jeugdzorg laten een grote stijging door de jaren zien. Waardoor wordt de stijging door de jaren heen veroorzaakt? Wat zijn maatregelen waardoor we deze stijgingen kunnen dempen? Antwoord: De stijging van de kosten voor regionale inkoop van jeugdzorg wordt door meerdere factoren veroorzaakt. In de eerste plaats spelen prijsindexering en stijgende personeelskosten een belangrijke rol. Daarnaast dienen we als gemeenten reële tarieven te betalen aan zorgaanbieders, wat eveneens tot hogere uitgaven leidt. Ook zien we dat de aard en complexiteit van hulpvragen in de jeugdzorg toenemen, waardoor vaker zwaardere en daarmee duurdere vormen van ondersteuning noodzakelijk zijn. Om de kostenontwikkeling te dempen, zetten we in op versterking van de preventie en de sociale basis. Door tijdig passende ondersteuning te bieden en problemen vroeg te signaleren, beogen we escalatie en daarmee de inzet van zwaardere jeugdhulp zoveel mogelijk te voorkomen.

Deze aanpak moet er op termijn aan bijdragen dat de vraag naar intensieve en kostbare zorg afneemt.

GroenLinksPvdA

Venray Lokaal

D66

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Bij de participatie-IOAW staat dat het budget om basis van ervaringen van meerdere jaren in combinatie met actuele boekingen hoger is voor de daadwerkelijke kosten. Er staat tegelijk – tegenstrijdig – dat het budget daarom éénmalig kan worden bijgesteld met 35.000. Waarom kan het budget maar éénmalig worden bijgesteld, terwijl meerdere jaren aan ervaring laten zien dat een dergelijk budget niet noodzakelijk is?

D66

Technisch 67.

Bijstellin

30

Technisch

gen, Leven

68.

Bijstellin

31

Politiek

gen, Leven

69.

Bijstellin

31

technisch

gen, Leven 70.

Bijstellin

31

Politiek

gen, Leven

71.

Leven

20

Technisch

Antwoord: Dit betreft een bijstelling op basis van de te verwachten inkomsten vanuit terugvordering/verhaal. Dit zijn dus geen kosten. Met het oog op aankomende wetswijzigingen is ervoor gekozen het budget éénmalig bij te stellen Daarnaast kunnen de komende wetswijzigingen Wet handhaving sociale zekerheid en Participatiewet in Balans effect hebben op het terugvorderingsbeleid. `Hoe is die grote reservepositie van Stichting Leergeld ontstaan? Waren er minder aanvragen? Had de Stichting niet de capaciteit om aan alle aanvragen te voldoen? Graag uitleg. Antwoord: De reden van de grotere reserveopbouw bij Stichting Leergeld is te danken aan meer donaties, sponsorgelden en landelijke bijdragen. Wat is de oorzaak van de grotere reserveopbouw bij Stichting Leergeld in de afgelopen jaren? Antwoord: Zie antwoord bij vraag 68. Stichting leergeld. Op welke wijze wordt in het kader van subsidie-verstrekking bewaakt dat subsidie-ontvangers niet te veel ontvangen waardoor terugvordering cq inkorting nodig is. Dient een subsidie-ontvanger niet spontaan en actief melding te maken van en actief en spontaan terug te storten als hij niet voldoet aan de voorwaarden. Ziet het college in het gegeven dat een subsidie-ontvanger te veel ontvangt en daarop zelf geen actie onderneemt een mogelijk risico dat subsidie-gelden daardoor verloren dreigen te raken.

Zo ja, hoe wordt dit risico geadresseerd? Antwoord: De regels en richtlijnen rondom de opbouw van reserves zijn vastgelegd in ons subsidiebeleid. Middels de jaarlijkse subsidieverantwoording en tussentijdse accountgesprekken met subsidieontvangers wordt bewaakt dat subsidiegelden niet verloren gaan. In het geval van de casus Leergeld was er formeel gezien nog geen sprake van overschrijding van de toegestane reservepositie. Na de toekenning voor het jaar 2026 heeft de Stichting Leergeld proactief melding gemaakt van de verwachte reservepositie en inzet daarvan. Daaropvolgend is een herziene beschikking verstuurd. Bij zorg en veiligheid wordt gesproken over POK gelden, wat zijn deze POK gelden?

GroenLinksPvdA

Venray Lokaal

VVD-Venray

BBB

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Antwoord: De afkorting ‘POK’ verwijst naar de Parlementaire Ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag. De zogenoemde POK-gelden zijn rijksmiddelen die voortkomen uit de aanbevelingen van deze commissie. Deze middelen zijn vanaf 2021 tot en met 2027 beschikbaar gesteld om onder meer de dienstverlening aan inwoners in kwetsbare posities te verbeteren. Een deel van deze gelden wordt specifiek ingezet voor het versterken van de Zorg- en Veiligheidshuizen, onder andere bij de aanpak van personen met verward of risicovol gedrag, de doorontwikkeling van de levensloopaanpak, het uitbreiden van personele capaciteit en expertise, en het verbeteren van gegevensdeling en samenwerking. Het Zorg- en Veiligheidshuis NoordLimburg heeft met instemming van de stuurgroep deze middelen de afgelopen jaren ingezet voor het Team Arbeidsmigranten in een Kwetsbare positie (TAK). Welke resultaten zijn tot nu toe bereikt met Preventie met Gezag?

Samenwerkin

Technisch

72.

73.

Leven,

47-

muip

48

Leven,

48

muip

Technisch

Politiek

Antwoord: Als pijler II-gemeente gebruikt Venray de rijksmiddelen voor interventies die bewezen effectief zijn. Het doel is om jongeren die dreigen af te glijden naar criminaliteit weer perspectief te bieden. Tot en met nu zijn verschillende interventies uitgevoerd. Zo zijn 17 jongeren individueel begeleid, waarvan 7 trajecten inmiddels succesvol zijn afgerond. Ook is een groepsaanpak ingezet waaraan circa 15 jongeren deelnemen. Daarnaast is geïnvesteerd in het vergroten van kennis en vaardigheden van professionals. Zij krijgen zo beter inzicht in de leefwereld van jongeren. Tot nu toe zijn er meer dan 50 professionals getraind op de thema’s straatcultuur en criminele uitbuiting. Ook heeft Bureau Beke het onderzoek ‘Opgroeien in Venray’ uitgevoerd. Dit onderzoek kijkt verdiepend naar jeugdcriminaliteit in Venray, zoals de omvang, kenmerken en de omstandigheden waarin jongeren opgroeien. Het rapport wordt in de zomer van 2026 verwacht. Samen met kinderopvang, basisonderwijs, voortgezet onderwijs, MBO en andere partners wordt gewerkt aan een doorlopende leerlijn om de weerbaarheid van jongeren te vergroten. Verder is de lokale aanpak van risicojongeren versterkt. In de praktijk blijkt dat jongeren vaak pas in beeld komen als problemen al groot zijn. Daarom is extra ingezet op vroeg signalering.

Dit gebeurt onder andere via het Jeugd Preventie Overleg, waarin wordt samengewerkt met partners en onderwijs. In 2026 worden deze activiteiten voortgezet. Daarnaast start een proef met een jeugd- en veiligheidsjongerenwerker. Deze richt zich specifiek op risicojongeren en werkt hierbij samen met onder andere jongerenwerk en jeugdboa’s. Ook wordt het programma Halt op School uitgebreid om de preventieve inzet binnen het Raayland College te versterken. Het budget dat wordt ieder jaar moet worden gereserveerd in het kader van het regionaal beleidsplan jeugd is gebaseerd op een beleidsplan dat uit 2022 komt en die geen einddatum kent. De uitgaven worden straks structureel in de begroting opgenomen. Wordt en hoe is er gekeken naar de doelmatigheid van het beleidsplan en het daarmee samenhangend budget? Wanneer wordt dit beleidsplan geactualiseerd of vernieuwd?

g Venray

D66

Nr

P/H/B

Blz

Politiek /

Vraag

partij

Technisch

74.

75.

76.

Wonen

Wonen

Wonen

21

21

21

Technisch

Technisch

Technisch

Antwoord: Het regionale beleidsplan jeugd wordt geactualiseerd en krijgt de vorm van een regionale visie Jeugd. Daarbij wordt ook gekeken naar doelmatigheid van de huidige inzet en de bijbehorende middelen. De nieuwe regiovisie Jeugd wordt uiterlijk voor 1 juli voorgelegd aan de gemeenteraden van Noord-Limburg. Herziening omgevingsvisie. Daar de Raad in control wil zijn op haar agenda en gegeven de gestelde deadlines; welke tijdslijnen heeft het college in gedachte opdat we daar als Raad een gedachte kunnen vormen over de totaalagenda van de Raad. Antwoord: Voor de omgevingsvisie is een globale planning gemaakt die nog niet gedeeld is met het college en raad. We willen dit invullen in overleg met het nieuwe college en uw raad. Ambtelijk is het voorstel nu het proces in 2 onderdelen te verdelen waarin uw raad op verschillende manieren betrokken wordt: 1. Inventarisatie en scenario’s leiden tot een ‘koers voor de omgevingsvisie’ – vast te stellen door de raad in Q1 2027. Geplande data om voorafgaand met de gemeenteraad te spreken zijn daarbij 29 september en 17 november in beeldvormende bijeenkomsten. 2. Opstellen samenhangende omgevingsvisie op basis van de koers – vast te stellen door de raad in Q4 2027, hierover moet nog een nadere planning worden gemaakt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17093927/2