motivering TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22a Hoendersveld Venray definitief
Tekst van het document
Pagina | 74
artikel 13 Algemeen gebruiksverbod: In dit artikel is het principe vastgelegd dat gebruik uitsluitend is toegestaan in overeenstemming de ter plekke toegestane functies. artikel 14 Algemene afwijkingsregels: Dit artikel bevat bepalingen ten aanzien van beperkte afwijkingen ten opzichte van de in hoofdstuk 2 toegestane functies en bouwmogelijkheden. Voor deze afwijkingen geldt een omgevingsvergunningplicht. Artikel 15 Overige regels: Dit restartikel bevat een regeling inzake het peilmoment voor regelgeving en de verhouding tussen de regels voor functies, activiteiten en (gebieds)waarden.
6.2.6 Overgangsbepalingen In hoofdstuk 5 staan de overgangs- en slotbepalingen. In artikel 16 is het overgangsrecht beschreven. Hierin wordt aangegeven wat de juridische consequenties zijn van bestaande situaties die in strijd zijn met het TAM omgevingsplan.
6.3
Nadere toelichting op de regels
Kenmerk van de Nederlandse regelgeving op het gebied van de fysieke leefomgeving is dat er sprake is van een ‘ja, mits’-principe. Het omgevingsplan geeft voor veel functies aan onder welke voorwaarden ze voorstelbaar/inpasbaar zijn binnen het werkingsgebied of specifieke deelgebieden binnen het werkingsgebied. Het omgevingsplan vormt het juridische toetsingskader dat bindend is voor de burger en overheid en geeft aan welke functies op welke locaties binnen het werkingsgebied voorstelbaar worden geacht (en onder welke voorwaarden). Binnen STOP-TPOD (de technische werkwijze voor omgevingsplannen) wordt aan regels uit het omgevingsplan zoveel mogelijk een werkingsgebied toegekend. In dit TAM-omgevingsplan is dit uitgangspunt waar mogelijk aangehouden. Alle hoofdverkeersvoorzieningen, zoals parkeerterreinen en -plaatsen, straten, wegen, in- en uitritten van het plangebied en de opstelplaatsen voor calamiteiten en afvalcontainers, zijn gelegen binnen het gebied ‘Verkeer’. Het gebied ‘Woongebied’ is toegekend aan het uitgeefbaar gebied ten behoeve van de beoogde woningen (met tuinen en erven) en de openbare ruimte die het woongebied zijn parkachtig karakter geven (m.n. voet- en fietspaden, bomen, plantsoenen en andere openbaar stedelijke groenvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen (WADI’s) en speelplekken).
Door de sterke vermenging van de woonfunctie met de groen- en waterfunctie is er niet voor gekozen om het openbare groen-blauwe binnengebied als ‘Groen’ specifiek te reguleren. In plaats daarvan is de uitvoering en instandhouding van de landschappelijke inrichting van dit groen-blauwe binnengebied - zoals aangegeven op een bij de planregels behorende inrichtingstekening - als voorwaardelijke verplichting bij de bouw- en gebruiksregels binnen het ‘Woongebied’ opgenomen. Specifieke gebiedswaarden worden in dit TAM-omgevingsplan toegekend aan gebieden waar hoge en middelhoge archeologische verwachtingen voor gelden, namelijk via de planregels voor de gebieden ‘WaardeArcheologie 2’ en ‘Waarde- Archeologie 5’. Er geldt een archeologische onderzoeksplicht bij verstoringen met een oppervlakte van meer dan 100 m2 resp. 2.500 m² per bouwperceel en een diepte van meer dan 50 cm. Er geldt in beide gevallen een bouwverbod, tenzij uit archeologisch onderzoek blijkt dat ter plaatse geen archeologische waarden onevenredig (kunnen) worden geschaad. Bouwen is wel altijd mogelijk zolang het te verstoring oppervlak niet groter is dan de genoemde 100 m 2 resp. 2.500 m² per bouwperceel.
De voor 'Waarde-Boom' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende functies en activiteiten, mede bedoeld voor het behoud, het herstel en de ontwikkeling van monumentale en waardevolle bomen die beiden vermeld staan op de gemeentelijke bomenlijst.
| motivering TAM- omgevingsplan Hoofdstuk 22a Hoendersveld Venray | status: definitief |
Pagina | 75
Voor alle planregels die in dit TAM-omgevingsplan zijn opgenomen geldt dat verwijzingen naar artikelen betekent de verwijzing naar een artikel uit dit TAM-omgevingsplan, tenzij expliciet is aangegeven dat het een artikel in het omgevingsplan van de gemeente Venray betreft. Verwijzingen in de planregels naar paragrafen betekent paragrafen in het omgevingsplan van de gemeente Venray.
| motivering TAM- omgevingsplan Hoofdstuk 22a Hoendersveld Venray | status: definitief |
Pagina | 76
7.
UITVOERBAARHEID
7.1
Economische uitvoerbaarheid
7.1.1
Financieel economische haalbaarheid
Als op voorhand duidelijk is dat de toegedachte functie om financiële redenen op langere termijn niet zal worden gerealiseerd, behoort de functie niet mogelijk te worden gemaakt. In plaats van een uitvoerbaarheidstoets bevat het Omgevingsplan eigenlijk een onuitvoerbaarheidstoets. Het omgevingsplan mag namelijk geen regels bevatten die op voorhand onuitvoerbaar zijn. Ten eerste zal worden beoordeeld of een ontwikkeling binnen een redelijke termijn uitvoerbaar is, gelet op de aard en omvang van de voorziene ontwikkeling en het gebied waar deze ontwikkeling is voorzien. Ten tweede zal worden beoordeeld of deze ontwikkeling binnen die redelijke termijn financieel haalbaar is, en zo ja, hoe de gemeenteraad dat inzichtelijk heeft gemaakt. In deze toelichting is onderbouwd dat met het voorliggende besluit tot wijziging van het omgevingsplan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties wordt bereikt en dat de toegekende functies binnen een redelijke termijn kunnen worden gerealiseerd. Gelet hierop kan aangenomen worden dat de realisatie economisch uitvoerbaar is. Op voorhand is er geen reden om aan te nemen dat de toegekende functies om financiële redenen niet binnen een redelijke termijn kunnen worden gerealiseerd.
7.1.2 Kostenverhaal Publiekrechtelijk kostenverhaal vindt in het concrete geval niet langer plaats via de omgevingsvergunning, maar door middel van een kostenverhaalsbeschikking (artikel 13.18 Ow). Ook wel de beschikking bestuursrechtelijke geldschuld genoemd. Kostenverhaal geldt voor kostenverhaalsplichtige activiteiten. Dat zijn: aangewezen bouwactiviteiten aangewezen activiteiten vanwege gebruikswijzigingen Het Omgevingsbesluit bevat relevante regels over (verplicht) kostenverhaal (zie artikel 8.13 Ob voor aangewezen activiteiten waarvoor kostenverhaal verplicht is, artikel 8.14 Ob voor de mogelijkheden om af te zien van kostenverhaal en artikel 8.15 Ob voor de kostensoortenlijst). Pas nadat is betaald, is het toegestaan de activiteiten uit te voeren (zie artikel 13.12 Ow). Eén van de bouwactiviteiten waarvoor kosten verhaald worden is de bouw van een of meer gebouwen met een woonfunctie (zie artikel 8.13 aanhef en sub a Ob). Er zijn bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet nog geen activiteiten vanwege gebruikswijzigingen aangewezen. Op grond van artikel 13.11 Omgevingswet is de gemeente verplicht tot kostenverhaal, indien sprake is van één of meerdere aangewezen bouwactiviteiten. Het gaat om zogenaamde kostenverhaalsplichtige activiteiten zoals genoemd in artikel 8.13 Omgevingsbesluit (hierna: ‘een aangewezen bouwactiviteit’).
Dit houdt in dat de gemeenteraad kostenverhaalsregels dient vast te stellen in het omgevingsplan, tenzij middels onder andere een anterieure overeenkomst de kosten die het vanwege artikel 8.15 Omgevingsbesluit maakt, anderszins verzekerd zijn dan wel vrijstelling wordt verleend voor de kosten in de gevallen genoemd in artikel 8.14 Omgevingsbesluit. De gemeente Venray heeft een anterieure overeenkomst met de initiatiefnemer gesloten. De ontwikkeling heeft voor de gemeente geen negatieve financiële gevolgen. Het kostenverhaal is hiermee gedekt.
| motivering TAM- omgevingsplan Hoofdstuk 22a Hoendersveld Venray | status: definitief |
Pagina | 77
7.1.3 Nadeelcompensatie Als er een omgevingsvergunning verleend wordt, en als op grond daarvan schade wordt veroorzaakt, dan is artikel 4.5 Awb van toepassing. Bij een wijziging van het Omgevingsplan is nadeelcompensatie niet aan de orde.
7.2
Maatschappelijke uitvoerbaarheid en procedure
7.2.1 Participatie Eventuele participatie bij omgevingsvergunningen wordt door de aanvrager gedaan voorafgaand aan de aanvraag. Artikel 7.4 Or stelt dat bij de omgevingsvergunningaanvraag wordt aangegeven of burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen bij de voorbereiding van de aanvraag betrokken zijn. Als burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen bij de voorbereiding van de aanvraag zijn betrokken, dient de aanvrager vervolgens bij de aanvraag gegevens te verstrekken hoe zij zijn betrokken en wat de resultaten daarvan zijn. Publieksparticipatie bij de totstandkoming van een wijziging van het Omgevingsplan is niet langer vrijblijvend, doch verplicht onder de Omgevingswet. Artikel 10.2 Ob bepaalt dat bij de kennisgeving van het voornemen om een omgevingsplan vast te stellen, bedoeld in artikel 16.29 Ow, wordt aangegeven hoe burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen bij de voorbereiding worden betrokken. Bij het vaststellen van een omgevingsplan wordt aangegeven hoe burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen bij de voorbereiding betrokken zijn en wat de resultaten daarvan zijn.
Indien de gemeente over een participatieverordening beschikt dient bij het vaststellen van een omgevingsplan te worden aangegeven in hoeverre aan de beleidsregels over het betrekken van burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen is voldaan. De initiatiefnemer heeft een omgevingsdialoog gevoerd met omwonenden. Het verslag is als bijlage 17 bij deze motivering gevoegd.
7.2.2 Bestuurlijk vooroverleg Gedeputeerde Staten van Limburg hebben het voorontwerp van het TAM-omgevingsplan Hoendersveld met alle bijbehorende planstukken ontvangen, zodat er een toetsing van het plan aan provinciale belangen heeft kunnen plaatsvinden. Bij schrijven van 11 januari 2025 hebben Gedeputeerde Staten zich akkoord verklaard met deze planontwikkeling. Het plan leidt niet tot strijdigheid met provinciale belangen. De provinciale reactie is als bijlage 18 bij deze motivering gevoegd.
7.2.3 Procedure Door de gemeente wordt bij een wijzigingsplan een vaste juridische procedure gevolgd, namelijk de uitgebreide openbare voorbereidingsprocedure (afdeling 3.4 Awb). De procedurebepalingen staan in de Omgevingswet (Ow), het Omgevingsbesluit (Ob) en de Awb. De procedure kan worden onderverdeeld in drie stappen: De gemeente maakt bekend dat het omgevingsplan gewijzigd wordt en stelt eventueel een milieueffectrapport op. De gemeente geeft kennis van het ontwerp-omgevingsplan en legt het ter inzage. Iedereen kan daarna zienswijzen inbrengen. De gemeente wijzigt het omgevingsplan.
| motivering TAM- omgevingsplan Hoofdstuk 22a Hoendersveld Venray | status: definitief |
Pagina | 78
Ontwerp-omgevingsplan ter kennisgeving, ter inzage en zienswijzen inbrengen Het college van burgemeester en wethouders is het bevoegd gezag. Voor de terinzagelegging wordt kennis gegeven van het ontwerp-omgevingsplan (ontwerpbesluit) in het digitale gemeenteblad (artikel 10.3c Ob). Zie ook artikel 3:12 Awb voor de inhoud van de kennisgeving. Het ontwerp-omgevingsplan en de bijbehorende stukken worden 6 weken ter inzage gelegd (artikel 3:11 Awb). Binnen deze 6 weken, vanaf het moment van terinzagelegging van het ontwerp-omgevingsplan kan iedereen zienswijzen inbrengen en dit kan schriftelijk of mondeling. Van de mondeling ingebrachte zienswijzen wordt een verslag gemaakt (artikel 3:17 Awb). Op het moment dat er tijdens de termijn van 6 weken geen zienswijzen op het ontwerpbesluit zijn gekomen, dan: wordt hier zo spoedig mogelijk mededeling van gemaakt in het digitale gemeenteblad wordt het besluit binnen 4 weken nadat de termijn voor zienswijzen is verstreken genomen (artikel 3:18, vierde lid, Awb). Het ontwerp van het TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22a Hoendersveld Venray heeft ter visie gelegen van 9 mei 2025 tot en met 19 juni 2025. Er is één zienswijze tegen dit ontwerp ingekomen. Deze zienswijze heeft geen aanleiding gegeven tot aanpassing van het TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22a Hoendersveld Venray.
Wel zijn er nog een aantal kleine omissies geconstateerd in het ontwerp-TAM-omgevingsplan. Deze zijn inmiddels hersteld. De definitieve TAM-omgevingsplan is op deze punten gewijzigd vastgesteld. De inhoud en inhoudelijke behandeling van de zienswijze alsmede de ambtshalve wijzigingen zijn opgenomen in het ‘Eindrapport zienswijzen en ambtshalve wijzigingen’ dat als bijlage 19 bij deze motivering is gevoegd. Wijziging omgevingsplan Bij de wijziging van het omgevingsplan is de Raad bevoegd, tenzij gedelegeerd aan het College. Er geldt een minimale termijn van 2 weken tussen het aflopen van de termijn voor het naar voren brengen van de zienswijzen en het vaststellen van de wijziging van het omgevingsplan (artikel 16.40, vierde lid, Ow en artikel 16.50, tweede lid, Ow). Het omgevingsplan wordt vervolgens vastgesteld. Los van de motiveringsplicht van artikel 3:46 Awb, geeft de gemeente ook aan welke rol publieksparticipatie heeft gespeeld. Hier wordt in ieder geval aangegeven: Hoe er aan publieksparticipatie is gedaan; Wat de resultaten daarvan zijn; en Hoe er invulling gegeven is aan het participatiebeleid (artikel 10.2 Ob). Tussen de vaststelling van het omgevingsplan en de bekendmaking moeten minimaal 2 weken zitten. Behalve als: Gedeputeerde Staten over het ontwerp-omgevingsplan geen zienswijzen naar voren hebben gebracht.
Er geen wijzigingen in het ontwerp-omgevingsplan zijn aangebracht. Gedeputeerde Staten hebben bepaald dat het omgevingsplan eerder ter inzage mag worden gelegd (artikel 16.77b, eerste lid, Ow). Bekendmaking, kennisgeving, terinzagelegging Het besluit wordt bekendgemaakt door het te publiceren in het elektronische gemeenteblad. Tegelijkertijd met de bekendmaking, wordt er kennis gegeven van de terinzagelegging van de bijbehorende stukken. Daarnaast wordt er een exemplaar gestuurd van het besluit aan degenen die zienswijzen over het ontwerpbesluit hebben ingediend (artikelen 3:42, 3:44, tweede lid, en 3:45 Awb). Mededeling van het besluit Tegelijkertijd met, of zo spoedig mogelijk na, de bekendmaking, wordt er in ieder geval mededeling gemaakt van het besluit aan:
| motivering TAM- omgevingsplan Hoofdstuk 22a Hoendersveld Venray | status: definitief |
Pagina | 79
Degenen die bij de voorbereiding een zienswijze hebben ingebracht; Een adviseur, als het bevoegd gezag van zijn advies afwijkt Er wordt hier ook vermeld door wie, binnen welke termijn en bij welk orgaan, bezwaar en beroep mogelijk zijn (artikelen 3:43 tot en met 3:45 Awb). Inwerkingtreding Een wijziging in het omgevingsplan treedt in werking op de dag waarop 4 weken zijn verstreken sinds de dag waarop het besluit bekend is gemaakt. Er kan ook een later tijdstip van inwerkingtreding in het omgevingsplan worden opgenomen (artikel 16.78, eerste lid, Ow). Beschikbaar stellen van het omgevingsplan De regels van het omgevingsplan worden zichtbaar in het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). De wijziging van het omgevingsplan moet digitaal worden gepubliceerd via de Landelijke voorziening bekendmaken en beschikbaar stellen (LVBB), het landelijke publicatieplatform. De regels van het omgevingsplan komen dan automatisch in het Omgevingsloket. Iedereen kan zo op een kaart zien welke regels waar gelden (artikel 20.26, eerste en tweede lid, Ow).
| motivering TAM- omgevingsplan Hoofdstuk 22a Hoendersveld Venray | status: definitief |
Pagina | 80
BIJLAGEN Bijlage 1: Bijlage 2: Bijlage 3: Bijlage 4: Bijlage 5: Bijlage 6: Bijlage 7: Bijlage 8: Bijlage 9: Bijlage 10: Bijlage 11: Bijlage 12: Bijlage 13: Bijlage 14: Bijlage 15: Bijlage 16: Bijlage 17: Bijlage 18: Bijlage 19:
inpassings-en inrichtingsplan bezonningstudie Ladder Duurzame Verstedelijking bodemonderzoeken milieutechnisch (bodem)onderzoek asbest nader bodemonderzoek akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai stikstofonderzoek en AERIUS berekening quickscan natuurwetgeving archeologisch vooronderzoek proefsleuvenonderzoek waterparagraaf advies waterschap parkeer-en verkeersonderzoek notitie M.e.r-beoordeling NGO CE vooronderzoek eindverslag OGD advies provincie eindrapport zienswijzen en ambtshalve wijzigingen
| motivering TAM- omgevingsplan Hoofdstuk 22a Hoendersveld Venray | status: definitief |