Boekwerk Kadernota 2027 inclusief 1e bijstellingen 2026 def
Tekst van het document
Kadernota 2027
Gemeente Venray 12-05-2026
2
Aanbiedingsbrief Wij bieden u hierbij de kadernota 2027 aan. Net als ieder jaar gebruiken we het voorjaar voor het opstellen van een kadernota, met daarin een beeld van de huidige financiële situatie van Venray en de belangrijkste kaders voor de begroting 2027 die in het najaar wordt gepresenteerd. Onzekere tijden We bevinden ons in een periode van snelle veranderingen, waarin internationale en nationale ontwikkelingen elkaar in hoog tempo opvolgen. De geopolitieke situatie brengt onzekerheden met zich mee die geleidelijk ook voelbaar worden in de samenleving, terwijl de exacte doorwerking op de langere termijn nog moeilijk te voorspellen is. Het nieuwe kabinet, dat in februari van dit jaar is aangetreden, staat voor de opgave om binnen deze dynamiek koers te bepalen en te komen tot een structureel houdbare rijksbegroting. De keuzes die daarbij worden gemaakt, zullen naar verwachting ook hun weerslag hebben op de gemeentefinanciën. Tegelijkertijd blijven voor gemeenten belangrijke opgaven actueel, zoals de stijgende kosten in het sociaal domein, energie- en brandstofprijzen, netcongestie, de woningbouwopgave en de gevolgen van de herijking van het gemeentefonds. Deze ontwikkelingen vragen om zorgvuldige en structurele afwegingen. Ambities Op 19 maart van dit jaar hebben de gemeenteraadsverkiezingen plaatsgevonden.
Op het moment van vaststelling van deze kadernota zijn de gesprekken over een nieuw coalitie- of bestuursakkoord voor de periode 2026-2030 nog gaande, waardoor deze kadernota een beleidsarm karakter heeft en aansluit bij het collegeprogramma 2022-2026. Voor de komende jaren zijn nog geen nieuwe ambities toegevoegd. Tegelijkertijd vraagt de provinciaal toezichthouder nadrukkelijk om een duurzaam evenwicht tussen ambities en beschikbare middelen. De begroting 2026 en het meerjarenperspectief 2026-2030 vormen daarmee een belangrijk moment voor de raad om, in dat licht, richtinggevende en structurele keuzes te maken. Het verloop van de begroting 2026 en het meerjarenperspectief 2026-2030: Resultaat begroting 2026
(x € 1.000)
Begroting 2026
1.019
Resultaat primaire begroting Wijzigingen 2e bestuursrapportage 2025
257
Wijzigingen vóór 1e bestuursrapportage 2026
298 2.396
Wijzigingen 1e bestuursrapportage 2026
0
Kadernota 2027 Voorgestelde raadsbesluiten mei/juni 2026
-1.194
Totaal Saldo
3.969
Kadernota 2027 Meerjarenperspectief 2026-2030
(x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
2030
2.775
-1.906
-7.157
-9.231
-9.774
Zoals in de begroting 2026 al zichtbaar was, hebben we vanaf 2027 te maken met een structureel tekort in onze begroting. Dit ondanks het feit dat we een beleidsarme kadernota voorleggen. Nieuwe ambities voor de komende raadsperiode zijn hier dus nog niet in verwerkt. In navolging van de raadsmotie “Opvolging actieplan sluitende begroting 2027” is op 2 april 2026 aan de raad het rapport “Ruimte om te kiezen” voorgelegd. Hierin is inzichtelijk gemaakt waar voor de raad ruimte zit om inhoudelijke keuzes te maken en welke gevolgen dit heeft. We vragen u om deze kadernota als richtinggevend uitgangspunt vast te stellen voor nadere uitwerking in de Programmabegroting 2027-2030. We vragen daarbij ook om richting te geven aan de inhoudelijke keuzes die gemaakt moeten gaan worden om uiteindelijk tot een structureel sluitende begroting te komen.
3
We danken u voor uw betrokkenheid en zien uit naar de dialoog hierover.
Het college van burgemeester en wethouders van gemeente Venray.
4
5
Vaststellingsbesluit De raad van de gemeente Venray, Gelezen het advies van B&W van 12 mei 2026. Besluit: Besluit inzake 1e bijstellingen 2026: 1. In te stemmen met de 1ste bijstellingen en de daarin opgenomen, financiële en administratieve mutaties in de exploitatie en investeringsbudgetten, reserves en voorzieningen; 2. Akkoord te gaan met het positieve resultaat 2026 van € 2.396.000 voortvloeiend uit de 1e bijstellingen 2026 en dit ten gunste te brengen van het resultaat 2026; 3. Het resultaat uit deze 1e bijstellingen over de jaren 2027 tot en met 2030 te verwerken in de meerjarenbegroting. 4. Het subsidieplafond BiblioNu 2026 vast te stellen op € 1.442.227. Besluit inzake kadernota 2027: 1. Vaststellen van de kadernota 2027, inclusief het Meerjarig Uitgaven- en Investeringsplan (MUIP) 2027-2030 als richtinggevend kader voor de Programmabegroting 2027-2030.
Aldus besloten in de openbare vergadering van 8 juli 2026.
, raadsgriffier
6
7
Inhoud Kadernota 2027 ...................................................................................................................1 Aanbiedingsbrief ..................................................................................................................3 Vaststellingsbesluit ...............................................................................................................6 Inhoud ................................................................................................................................8 Leeswijzer ...........................................................................................................................9 1. Financieel meerjarenperspectief ....................................................................................... 10 1.1 Meerjarenperspectief inclusief MUIP ............................................................................. 10 1.2 Huidig verwacht resultaat ........................................................................................... 10 1.3 Ontwikkelingen ......................................................................................................... 13 2. Reservepositie en weerstandsvermogen ............................................................................
14 2.1 Weerstandsvermogen ................................................................................................ 14 2.2 Risico's..................................................................................................................... 15 2.3 Reservepositie .......................................................................................................... 15 3. Programma's.................................................................................................................. 17 Programma 1 Leven ........................................................................................................ 18 Programma 2 Wonen ....................................................................................................... 21 Programma 3 Werken ...................................................................................................... 24 Programma 4 Besturen .................................................................................................... 25 4. De 1e bijstellingen 2026 .................................................................................................. 26 Actueel financieel beeld na bijstellingen ............................................................................. 26 Financiële afwijkingen......................................................................................................
27 Verloop investeringen ...................................................................................................... 36 Majeure projecten ........................................................................................................... 37 Bijlagen ............................................................................................................................ 47 Bijlage 1. Totaaloverzicht MUIP-aanvragen......................................................................... 47 Bijlage 2. Uitgangspunten meerjarenbegroting 2026-2030 ................................................... 54 Bijlage 3. Reserves en voorzieningen ................................................................................. 59 Bijlage 4. Mutaties investeringsbudgetten .......................................................................... 60 Bijlage 5. Lijst met afkortingen ......................................................................................... 64 Bijlage 6. Financiële gevolgen actieplan sluitende begroting ................................................. 72
8
Leeswijzer Voor u ligt de kadernota 2027, inclusief het Meerjaren Uitgaven en Investeringsplan 2027-2030 (MUIP) . De kadernota dient als richtinggevend kader voor de op te stellen Programmabegroting 2027-2030. De bestuursrapportage en de rapportage majeure projecten zijn geïntegreerd in de kadernota. De 1e bijstellingen 2026 zijn nader toegelicht in hoofdstuk 4 van deze kadernota. Door de automatische koppeling tussen LIAS onderdeel financieel management en LIAS onderdeel document management worden tekstuele en financiële onderbouwingen (begrotingswijzigingen) direct opgenomen in de kadernota. Hierdoor kunnen dezelfde toelichtingen voorkomen in de verschillende deelprogramma's. In het overzicht van de financiële afwijkingen op programmaniveau kan het onderwerp van de begrotingswijziging meerdere keren voorkomen echter kan de financiële invloed (positief en negatief) per deelprogramma verschillen. Deze kadernota kent de volgende opzet: Hoofdstuk 1:
Weergave toelichting op het financiële meerjarenperspectief voor 2026-2030.
Hoofdstuk 2:
Weergave van de (meerjarige) ontwikkeling van de reservepositie en het weerstandsvermogen.
Hoofdstuk 3:
Per programma een beschrijving van activiteiten om de gestelde doelen te kunnen realiseren.
Hoofdstuk 4:
1e bijstellingen 2026 en majeure projecten.
Bijlage 1:
Totaaloverzicht MUIP 2027-2030.
Bijlage 2:
Uitgangspunten meerjarenbegroting 2027-2030.
Bijlage 3:
Reserves en Voorzieningen.
Bijlage 4:
Mutaties investeringsbudgetten.
Bijlage 5:
Lijst met afkortingen.
Bijlage 6:
Financiële gevolgen actieplan sluitende begroting.
De bedragen in de tabellen zijn in € 1.000 tenzij anders is vermeld.
9
1. Financieel meerjarenperspectief 1.1 Meerjarenperspectief inclusief MUIP Inleiding
In de aanbiedingsbrief is de huidige financiële situatie op hoofdlijnen toegelicht. Hieronder wordt het huidig verwachte verloop van het meerjarenperspectief 2026 – 2030 getoond. Voor een nadere inhoudelijke toelichting op het meerjarenperspectief verwijzen wij u naar onderdeel 1.2 tot en met 1.3. Kadernota 2027
(x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
2030
1.019
159
-5.034
-6.313
-16.528
0
0
0
0
0
2e berap 2025
257
771
756
863
499
Raadsbesluiten tot en met maart 2026
298
-284
-285
-637
-1.383
1e Berap 2026
2.396
-374
-413
-874
9.858
Huidig verwacht resultaat
3.969
271
-4.978
-6.961
-7.555
0
-282
-336
-250
-275
3.969
-11
-5.314
-7.211
-7.830
0
-382
-235
-310
-225
Meerjarenperspectief incl. MUIP
3.969
-394
-5.549
-7.521
-8.054
Voorgestelde raadsbesluiten mei/juni 2026
-1.194
-1.512
-1.608
-1.710
-1.720
Meerjarenperspectief 2026-2030
2.775
-1.906
-7.157
-9.231
-9.774
Begrotingsresultaat begroting 2026 - 2030 Post onvoorzien begroting 2026 - 2030
Kadernota 2027 Geactualiseerd meerjarenperspectief Totaal nieuwe MUIP aanvragen
1.2 Huidig verwacht resultaat
Onderstaand wordt het huidig verwacht resultaat zoals vermeld in het meerjarenperspectief 20262030 (zie 1.1.) nader toegelicht. Begrotingsresultaat begroting 2026-2030. Dit betreft het begrotingsresultaat 2026-2030 na vaststelling van de programmabegroting 20262029 door de raad op 4 november 2025. Post onvoorzien. In overeenstemming met de financiële verordening (artikel 212) is de post onvoorzien bepaald op € 0. Vanwege wet- en regelgeving is het noodzakelijk om deze zichtbaar te maken. 2e berap 2025. De 2e bestuursrapportage 2025 is vastgesteld in de raad van 9 december 2025. Raadsbesluiten tot en met maart 2026. Hieronder is een specificatie opgenomen van de door uw raad tot en met 31 maart 2026 genomen besluiten die financiële gevolgen hebben voor het meerjarenperspectief. In april 2026 hebben geen raadsvergaderingen plaatsgevonden. De administratieve wijzigingen die geen financiële consequenties hebben worden, in tegenstelling tot eerdere verantwoordingsdocumenten, zichtbaar gemaakt. Dit komt door de automatische koppeling met de financiële gegevens.
10
Kapitaallasten nieuwe investeringen Dit betreffen de investeringen Haven Wanssum 2026 en WRP 2026-2029 waarvan de kapitaallasten meerjarig zijn berekend. Voor 2027 € 87.105, voor 2028 € 176.631, voor 2029 € 263.736 en voor 2030 € 350.840. Dit betreft een verwerking op basis van de raadsbesluiten van 9 december 2025. Kapitaallasten Dit betreffen de kapitaallasten uit de vaste activamodule van Ifinanciën. Investeringen - Kapitaallasten aansluiting iFinanciën De kapitaallasten worden voor 2026 € 371.906 lager, voor 2027 € 124.060 hoger, voor 2028 €53.338 hoger, 2029 € 399.800 hoger en voor 2030 € 1.154.422 hoger.
2026
2027
2028
2029
2030
0
0
0
0
0
-18
-18
-19
-19
-20
0
0
0
0
0
372
-124
-53
-400
-1.154
Kapitaallasten
0
175
112
112
112
Kapitaallasten nieuwe investeringen
0
-87
-177
-264
-351
Omgeving
0
0
0
0
0
Opdrachtverlening extern onderzoek Loobeek
-25
0
0
0
0
Vaststellen Huisvestingsverordening
-15
-31
-31
-31
-31
Vaststellen Regiovisie Samen voor veilig
-71
-303
-309
-315
-321
Vervangen meubilair raadsopstelling
0
-2
-2
-2
-1
Vervanging meubilair raadsopstelling - Kapitaallasten
0
-14
-14
-14
0
Voorziening Sloopkosten Roekenbosch
55
34
32
33
34
WRP 2026-2029, rente en voorziening
0
87
174
261
348
298
-284
-285
-637
-1.383
Specificatie Raadsbesluiten
(x € 1.000)
B&W nota sociaal domein septembercirculaire 2025 DP1.1 - Instandhoudingsvergoeding wijkgebouw 't Stekske HRM - diverse adm. wijzigingen Investeringen - Kapitaallasten aansluiting iFinanciën
Totaal raadsbesluiten t/m maart 2026
1e berap 2026. De bijstellingen van de 1e bestuursrapportage 2026 zijn tekstueel en financieel nader toegelicht in hoofdstuk 4. Vanaf de kadernota 2025 is in overleg met de auditcommissie besloten om alleen op totaalniveau een overzicht van de financiële afwijkingen inzichtelijk te maken. Kadernota 2027 Ontwikkelingen. Een aantal ontwikkeling zijn bekend maar doorlopen het bestuurlijke besluitvormingsproces. Vanwege het inzicht en de benodigde strakkere financiële sturing is ervoor gekozen om deze voorstellen inzichtelijk te maken. Bijdrage Functioneel Leeftijdsontslag regeling (FLO) Veiligheidsregio Limburg-Noord (VRLN) Veiligheidsregio Limburg-Noord (VRLN) kent op basis van de CAO veiligheidsregio’s een regeling voor vroegpensioen voor repressieve brandweermedewerkers binnen de 24 uurs diensten van de kazernes Roermond en Venlo in een ambtelijke aanstelling. Deze regeling heet de Functioneel Leeftijdsontslag regeling, afgekort de FLO-regeling. Deze regeling stelt hen in staat om eerder te stoppen met werken dan de reguliere pensioenleeftijd met behoud van een gedeeltelijke uitkering. Besluitvorming verwacht in september 2026 of het positief jaarrekeningresultaat 2025 van de VRLN wordt ingezet om deze kosten te dekken. De inschatting is dat het gaat om een bedrag van € 80.000.
11
Concept begroting 2027 & meerjarenperspectief 2028-2030 van Omnibuzz Op basis van de aangeleverde concept begroting 2027 & meerjarenperspectief 2028-2030 wordt een hogere bijdrage verwacht voor de gemeente Venray. De hogere kosten en hogere eigen bijdrage worden met deze wijziging verwerkt. Per saldo betreft dit een bedrag van € 23.000 voor 2027 oplopend tot € 45.000 in 2030. Kadernota 2027 Veiligheidsregio Limburg-Noord Bij de behandeling van de kadernota 2026 en begroting 2026 hebben gemeenten duidelijk aangegeven een beleidsarme meerjaren begroting te verwachten. Voor de kadernota 2027 betekent dit dat alleen autonome ontwikkelingen opgenomen zijn. Dit betreft kostenontwikkelingen als gevolg van loon- en prijsstijgingen én reeds door het bestuur genomen besluiten. De loonkostencompensatie is gebaseerd op de verwachte ontwikkeling van de loonkosten in de publieke sector in de Macro Economische Verkenning (MEV) van het Centraal Planbureau (cijfer september T-2), zijnde 4,2% voor 2027 en voor de ontwikkeling van de materiële kosten wordt in de systematiek uitgegaan van de Index Materiële Overheidsconsumptie (IMOC) uit de MEV, zijnde 2,1% voor 2027. Dit betekent een bedrag van € 239.000.
Ontwerpbegroting 2027-2030 Modulaire Gemeenschappelijke Regeling (MGR) Op basis van de aangeboden Ontwerpbegroting 2027-2030 van de Modulaire Gemeenschappelijke Regeling (MGR) vindt bijstelling plaats voor de uitvoeringskosten van module 1 en 2 en verdeling saldo regionale begroting Beschermd Wonen. Per saldo een voordeel van € 61.150. Gemeentefonds Voorjaarsnota 2026 Rijk De Voorjaarsnota van het Rijk geeft tijdelijke financiële verlichting, maar laat tegelijk zien dat de structurele financiële positie van gemeenten en dus ook van Venray kwetsbaar blijft. Dat vraagt om een zorgvuldige afweging door de gemeenteraad en het college. Positieve effecten (korte termijn) 1. Minder scherpe terugval in 2026 Het Rijk dempt het zogeheten ravijnjaar 2026 door extra middelen aan het gemeentefonds toe te voegen. Hierdoor valt het financiële tekort in 2026 minder diep uit dan eerder voorzien. Voor Venray betekent dit dat acute, ingrijpende bezuinigingen in 2026 deels kunnen worden voorkomen of uitgesteld. 2. Compensatie voor loon- en prijsstijgingen Gemeenten krijgen extra middelen om hogere kosten (bijvoorbeeld voor personeel en inkoop) op te vangen. Dit helpt Venray om bestaande voorzieningen in stand te houden, zonder direct te hoeven snijden in kwaliteit of toegankelijkheid. 3.
Tijdelijke steun bij jeugdzorg Het Rijk neemt een deel van de huidige tekorten in de jeugdzorg voor zijn rekening in de jaren tot en met 2027. Hierdoor ontstaat financiële rust op korte termijn, terwijl wordt gewerkt aan hervormingen in de jeugdzorg. 4. Uitstel van enkele rijksmaatregelen Enkele maatregelen in de Wmo zijn uitgesteld, waardoor bijbehorende kortingen nog niet direct ingaan. Dit geeft Venray extra tijd om zich voor te bereiden op toekomstige veranderingen. Negatieve effecten en risico's (middel- en lange termijn) 1. Structurele tekorten blijven bestaan De extra middelen lossen het probleem niet structureel op. Vanaf 2027, en zeker vanaf 2028, nemen de tekorten weer toe. Zonder aanvullende keuzes ontstaat het risico dat Venray structureel meer uitgeeft dan zij ontvangt. 2. Zwaardere opgave jeugdzorg vanaf 2028 Vanaf 2028 verwacht het Rijk grotere besparingen van gemeenten op de jeugdzorg. Het is onzeker of deze besparingen in de praktijk haalbaar zijn. Dit vormt een groot financieel risico, omdat Jeugdzorg een wettelijke taak is en kosten moeilijk te beïnvloeden zijn. 3. Grote korting vanaf 2029 (huishoudelijke hulp) Vanaf 2029 wil het Rijk een zeer omvangrijke korting doorvoeren op middelen voor huishoudelijke hulp binnen de Wmo.
12
Dit kan Venray dwingen tot ingrijpende keuzes over ondersteuning van kwetsbare inwoners of tot extra financiële inzet vanuit eigen middelen. 4. Toenemende onzekerheid voor planning Veel besluiten van het Rijk zijn tijdelijk of nog niet definitief. Dit maakt het voor Venray lastig om betrouwbare meerjarenramingen te maken en vraagt om voorzichtig financieel beleid. Specificatie ontwikkelingen besluiten 2026
(x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
2030
Bijdrage Functioneel Leeftijdsontslag regeling (FLO) Veiligheidsregio Limburg-Noord (VRLN)
0
-82
-135
-53
-53
Concept begroting 2027 & meerjarenperspectief 2028-2030 van Omnibuzz
0
-23
-24
-19
-45
Kadernota 2027 Veiligheidsregio Limburg-Noord (VRLN)
0
-239
-238
-239
-238
Ontwerpbegroting 2027-2030 Modulaire Gemeenschappelijke Regeling (MGR)
0
61
61
61
61
Totaal specificatie ontwikkelingen besluiten 2026
0
-282
-336
-250
-275
Voorgestelde raadsbesluiten mei/juni 2026 Tegelijkertijd met het samenstellen en het besluitvormingsproces van de kadernota 2027 worden reguliere raadsvoorstellen behandeld in het college en in de raad. Overgang van RUD naar ODNML In 2024 is de keuze gemaakt om de RUD Limburg Noord om te vormen naar een Omgevingsdienst die voldoet aan de landelijke robuustheidscriteria voor de milieu uitvoeringstaken. In 2025 is een bedrijfsplan uitgewerkt door een projectteam. Om voldoende zicht te krijgen op de meer structurele consequenties en risico’s op personeel, organisatorisch en financieel vlak is ervoor gekozen om pas in mei 2026 naar de raad te gaan met de definitieve financiële vertaling van de overgang per 1-4-2026. Wel is al eerder bij de kadernota 2026 en begroting 2026 bij de ontwikkelingen aangegeven dat de kosten voor de nieuwe ODNML fors zouden gaan stijgen. Hiervan is de volgende specificatie gemaakt: Specificatie voorgestelde raadsbesluiten mei/juni 2026
(x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
2030
Overgang van RUD naar ODNML
-1.194
-1.512
-1.608
-1.710
-1.720
Totaal voorgestelde raadsbesluiten mei/juni 2026
-1.194
-1.512
-1.608
-1.710
-1.720
1.3 Ontwikkelingen
Overige ontwikkelingen 2026-2030 Totaal nieuwe Meerjarig Uitgaven en Investeringsprogramma (MUIP) 2027-2030 In de Kadernota vinden ontwikkelingen hun plek. Dit zijn ontwikkelingen die nog niet financieel vertaald zijn in de meerjarenbegroting en die via het MUIP worden ingediend. Bij de vaststelling van de programmabegroting 2027 worden de aanvragen die opgenomen staan voor de jaarschijf 2027 definitief. Indien er in de periode van nu tot aan de vaststelling van de programmabegroting 2027 andere inzichten ontstaan, kan dit aanleiding zijn tot herprioritering. In de programma’s van deze kadernota 2027 wordt op hoofdlijnen inzicht gegeven in de MUIPaanvragen. In bijlage 1 is een totaaloverzicht MUIP-aanvragen opgenomen waarbij de afzonderlijke MUIP-aanvragen financieel inzichtelijk zijn gemaakt en toegelicht. In voorgaande jaren zijn de incidentele lasten ten laste van de vrije ruimte in de algemene reserve gebracht. In deze kadernota wordt dit ook weer voorgesteld. Het doel van de algemene reserve is onder meer deze in te zetten ter dekking van incidentele lasten.
13
2. Reservepositie en weerstandsvermogen Inleiding
In deze paragraaf wordt een toelichting gegeven op het weerstandsvermogen: het vermogen van de gemeente om substantiële tegenvallers op te vangen zonder dat het bestaande beleid daarvoor moet worden aangepast. Hiervoor is inzicht vereist in de omvang van de aanwezige reserves (weerstandscapaciteit) en in de risico's. Bij de berekening van risico’s hanteren we een bestendige gedragslijn: de concreet aanwijsbare en kwantificeerbare risico’s worden meegenomen. Er zijn dus diverse risico’s die we wel kunnen benoemen, maar waarvan de omvang niet bekend is en/of de kans op manifesteren zeer ongewis is. Derhalve moeten de uitkomsten als richtinggevend worden geïnterpreteerd.
2.1 Weerstandsvermogen Op 31 oktober 2023 werd door de raad het geactualiseerde risicobeleid vastgesteld. In dit nieuwe risicobeleid is de minimumwaarde van het weerstandsvermogen op 1,0 gesteld. Dat wil zeggen dat de berekende risico’s in ieder geval zijn afgedekt door de aanwezige weerstandscapaciteit. Hiermee sluiten we aan bij de adviezen van de provinciaal toezichthouder. Daarnaast streven we een minimale omvang van de weerstandscapaciteit na van 10% van de jaarexploitatie. Op basis van de geraamde jaarlasten (excl. mutaties reserves) kan de minimale weerstandscapaciteit per boekjaar anders zijn, overeenkomstig de lasten in de verschillende jaarschijven. Op basis van deze uitgangspunten verwachten we in deze Kadernota 2027 onderstaande ontwikkeling van de weerstandscapaciteit. Stand ultimo
2026
2027
2028
2029
2030
Algemene reserve
54.694
54.694
54.694
54.694
54.694
Risicoreserve grondbedrijf
7.188
6.999
6.806
6.609
6.408
Weerstandscapaciteit
61.882
61.693
61.500
61.303
61.102
Algemene risico's
2.672
4.315
6.309
6.916
6.888
Risico's grondbedrijf
1.809
2.543
3.277
3.962
4.597
Risico's
4.481
6.858
9.586
10.878
11.485
Vrije ruimte
57.401
54.835
51.914
50.425
49.617
- Algemeen
52.022
50.379
48.385
47.778
47.806
- Grondbedrijf
5.379
4.456
3.529
2.647
1.811
Weerstandsvermogen
13,81
9,00
6,42
5,64
5,32
(bedragen x € 1.000)
Tabel 2.1. opbouw weerstandsvermogen Definitie weerstandsvermogen: bedrag weerstandscapaciteit delen door bedrag risico’s Het totale weerstandsvermogen neemt in de planperiode af, maar blijft nog ruim boven de minimale grens van 1,0. We zien dat de weerstandscapaciteit de komende jaren vrij constant blijft terwijl de geschatte omvang van onze risico's verder toeneemt in de loop van de jaren.
14
2.2 Risico's Stand ultimo
2026
2027
2028
2029
2030
7.530
7.223
6.973
6.704
6.724
Risico's doen zich niet in 1 jaar voor
-1.882
-1.806
-1.743
-1.676
-1.681
Niet geïdentificeerde risico's
1.834
1.867
1.846
1.888
1.845
Opvangen risico's in exploitatie
-4.809
-2.968
-767
0
0
Totaal algemene risico's na correctie
2.672
4.315
6.309
6.916
6.888
Risico's grondbedrijf
1.809
2.543
3.277
3.962
4.597
Totaal risico's
4.481
6.858
9.586
10.878
11.485
(bedragen x € 1.000) Totaal algemene risico's Correcties cf risicobeleid:
De algemene risico’s zijn in beeld gebracht en financieel vertaald. Deels is dit gedaan op basis van een risico-inschatting (kans x impact). Daarnaast zijn, conform het vastgestelde risicobeleid, een aantal correcties toegepast. De risico's voor het Grondbedrijf zijn daarnaast apart in beoordeeld. Het overzicht laat zien dat de algemene risico's na correctie toenemen. Dit wordt vooral veroorzaakt door de begrotingstekorten vanaf 2027, waardoor er minder ruimte is om risico's binnen de exploitatie op te vangen. Verder zien we dat de risico's in het grondbedrijf ook toenemen. Dit wordt vooral veroorzaakt door het actievere grondbeleid dat we zijn gaan voeren, met name om onze woonopgave te kunnen realiseren.
2.3 Reservepositie
De stand van de reserves ontwikkelt zich als volgt: Stand ultimo
2026
2027
2028
2029
2030
Algemene reserve (vrij)
54.694
54.694
54.694
54.694
54.694
Risicoreserve grondbedrijf
7.188
6.999
6.806
6.609
6.408
T.b.v. bepaling weerstandsvermogen
61.882
61.693
61.500
61.303
61.102
Bestemmingsreserves algemeen
17.481
16.114
14.949
14.438
13.396
Bestemmingsreserve grondbedrijf
4.747
4.747
4.747
4.747
4.747
Tekort/overschot streefwaarde
84.110
82.554
81.196
80.488
79.245
(bedragen x € 1.000)
De totale waarde van de reserves blijft in de planperiode nagenoeg gelijk. Bestemmingsreserves zijn geoormerkt maar kunnen na raadsbesluit anderszins bestemd worden. Voor de beoordeling van de reservepositie worden de bestemmingsreserves aangemerkt als onderdeel van het eigen vermogen. Deze maken echter geen deel uit van de weerstandscapaciteit. Algemene dienst Stand ultimo
2026
2027
2028
2029
2030
54.694
54.694
54.694
54.694
54.694
-
-
-
-
-
54.694
54.694
54.694
54.694
54.694
(bedragen x € 1.000) Algemene reserve (adm) saldo 1-1 MUIP 2027 Algemene reserve (vrij)
15
In bovenstaande tabel is als beginstand 2026, uitgegaan van de (administratieve) stand van de algemene reserve op balansdatum 31 december 2025. Grondbedrijf Stand ultimo
2026
2027
2028
2029
2030
Saldo per 1-1
7.669
7.188
6.999
6.806
6.609
Winstnemingen
0
0
0
0
0
Onttrekkingen
-481
-189
-193
-197
-201
Saldo per 31-12
7.188
6.999
6.806
6.609
6.408
(bedragen x € 1.000)
De winstnemingen en bijdragen zijn gebaseerd op de geactualiseerde exploitatieberekeningen bij de Programmaverantwoording 2025. Er is rekening gehouden met tussentijdse winstnemingen gebaseerd op het principe dat de negatieve boekwaarde groter is dan de gecalculeerde nog te maken kosten. Eventuele toekomstige vertragingen in de uitvoering van exploitaties kunnen grote invloed hebben op de bovenstaande cijfers.
16
3. Programma's Inleiding programma's In deze kadernota komen de speerpunten van het collegeprogramma 2022-2026 tot uiting. Per programma lichten we onze ambities kort toe en beschrijven we aan welke speerpunten uit het collegeprogramma een bijdrage wordt geleverd. Ontwikkelingen De raad is tussentijds middels raadsinformatiebrieven geïnformeerd over specifieke ontwikkelingen. Daarnaast benoemen we per programma eventuele nieuwe ontwikkelingen vanaf 2026 waar we als gemeente mee te maken gaan krijgen en die belangrijk en relevant zijn om daar te benoemen. Financiële gevolgen In het kader van het Meerjarig Uitgaven en InvesteringsPlan 2027-2030 heeft een inventarisatie plaatsgevonden van alle investeringen en exploitatie uitgaven welke voor de komende vier jaar noodzakelijk zijn. Een uitgebreide financiële uiteenzetting met onderbouwing is opgenomen in bijlage 1. Totaal overzicht MUIP-aanvragen 2027-2030. Hieronder treft u het totaaloverzicht aan van de financiële gevolgen per programma van de MUIPaanvragen. Voor een nadere inhoudelijke toelichting verwijzen wij u naar de (deel)programma’s. Deze financiële gevolgen zijn verwerkt in het meerjarenperspectief in hoofdstuk 1. Het overzicht toont de toe- of afname van de exploitatielasten ten opzichte van de huidige begroting 2026-2029.
Door de actualisering van de bestaande MUIP-aanvragen qua fasering of investeringsbedrag ontstaan mutaties ten opzichte van de exploitatielasten die in de huidige begroting 2026-2029 zijn opgenomen.
Programma Omschrijving Bedragen x € 1
Investering 2027
2028 2030
CP01
Leven
CP02
Wonen
CP03
Werken
CP04
Besturen
TCP01
Leven (Projecten)
50.452
3.992.920
TCP02
Wonen (Projecten)
896.700
970.505
TCP03
Werken (Projecten)
2.044.812
TCP04
Besturen (Projecten)
Totalen
Exploitatielasten 2027
2028
2029
2030
79.350
83.420
156.420
163.919
79.748
79.032
78.316
302.750
72.133
74.810
-17.628
140.200
101.900
3.132.164
5.065.325
382.100
235.300
310.262
224.607
3.132.164
5.065.325
382.100
235.300
310.262
224.607
Mutaties reserves Totalen inclusief reserves
17
Programma 1 Leven Ambities In het collegeprogramma 2022-2026 is de volgende ambitie voor het programma Leven vastgelegd: “Wij geloven in het uitgangspunt dat voorkomen beter is dan genezen, dus zetten wij vol in op preventie. Wij werken aan een inclusieve Venrayse samenleving waarin iedereen naar vermogen mee kan doen. Wij doen een beroep op onze inwoners, hun omgeving én onze partners zoals (zorg)aanbieders om eigen verantwoordelijkheden te nemen en de eigen krachten in te zetten. Belemmeringen die het meedoen in de weg staan nemen wij zoveel mogelijk weg. Wij bieden ondersteuning aan onze inwoners die dat echt nodig hebben.” Het programma Leven draagt bij aan de volgende speerpunten uit ons collegeprogramma: - Kadernota Sociaal domein - Gezondheid (inclusief sport) en Zorg - Onderwijsbeleid - Kunst & Cultuur - Inclusieve samenleving - Preventie - Accommodaties, subsidies en onderwijshuisvesting - Wonen en zorg (bijzondere doelgroepen) - Vangnet Ontwikkelingen Nieuw kabinet In het coalitieakkoord Aan de slag heeft het nieuwe kabinet een aantal beleidskeuzes geformuleerd die het sociaal domein de komende jaren gaan raken. Zo maakt het nieuwe kabinet een koppeling tussen gezondheid, welzijn en sociale basis en benoemt dit als een nadrukkelijke opgave. Zo zet het kabinet ook in op een vereenvoudiging van het sociaal stelsel.
Het systeem van toeslagen en belastingen wordt gewijzigd. Streven is om toeslagen onder de SUWI-wetgeving te laten vallen, wat gegevensuitwisseling met gemeenten voor proactieve dienstverlening kan vergemakkelijken. Een eenvoudig sociaal zekerheidsstelsel is een kernpunt, waarbij het kabinet het stelsel wil vereenvoudigen. Er komt ook een vaste betaaldag voor alle inkomensondersteunende regelingen. Met gemeenten samen wordt gewerkt aan uniformering van gemeentelijke aanvullende regelingen. Ook vinden er bezuinigingen en aanpassingen in de sociale zekerheid plaats zoals verkorting van de WW van twee naar één jaar en aanpassing van het arbeidsongeschiktheidsstelsel. Ook wordt gesproken over uniformering van het gemeentelijke reintegratiebeleid en blijft de taaleis onderdeel van de Participatiewet. Er komt aandacht voor leven lang ontwikkelen, om mensen inzetbaar te houden bij technologische en demografische veranderingen. Werkgevers krijgen meer verantwoordelijkheid voor randvoorwaarden, zoals huisvesting van arbeidsmigranten. In overleg met gemeenten wil het nieuwe kabinet werken aan een basisniveau van aanvullende gemeentelijke regelingen zodat iedereen kan rondkomen. Waarbij ook het aanbod en de aanvraag van regelingen overzichtelijker worden.
Rondom inburgering en asiel blijft de spreidingswet het uitgangspunt voor een rechtvaardige verdeling, terwijl statushouders via een zogenoemde startbaan hun integratie en werk vanaf dag één combineren en er meer gebruik wordt gemaakt van Ervaringscertificaten. Vrouwen in statushoudergezinnen moeten ook solliciteren als zij een uitkering ontvangen om hun economische zelfstandigheid te vergroten. Gemeenten blijven een centrale rol houden in de uitvoering van inburgering, binnen een vereenvoudigd stelsel waarin de Participatiewet en Inburgeringswet beter op elkaar aansluiten. Oekraïense vluchtelingen krijgen in 2027 een tijdelijke verblijfsstatus. Er worden afspraken gemaakt met gemeenten voor het creëren van flexibele woonruimte voor statushouders en Oekraïense vluchtelingen. Wanneer deze voldoende aanwezig is wil de nieuwe regering af van voorrang voor statushouders op sociale huurwoningen. Ook binnen de zorg wil het nieuwe kabinet bezuinigen en hervormen. Er komen besparingen in de tarieven voor het volledig pakket thuis (VPT) en door het beleid om wonen en zorg verder te scheiden. Dit kan directe gevolgen hebben voor de Wmo en het beroep wat wordt gedaan op onze sociale basis omdat onze kwetsbare inwoners met een zware en vaak complexe zorgvraag langer thuis moeten blijven wonen maar met lagere tarieven sneller een beroep kunnen gaan doen op de Wmo en de sociale basis.
Ook bestaat het voornemen om de huishoudelijke hulp vanaf 2029 niet meer vanuit de Wmo te vergoeden. Daarnaast moeten inwoners met wijkverpleging en forensische zorg voortaan een eigen bijdrage betalen wat kan gaan leiden tot zorgmijding.
18
Van de andere kant wil het nieuwe kabinet meer inzet op preventie en het sociaal domein om mensen te helpen gezonder te leven, wat de zorgvraag moet doen afnemen. Dit betekent voor de gemeente weer extra inzet met bijbehorende uitgaven. De Hervormingsagenda Jeugd wordt voortgezet. Maar de nieuwe coalitie veranderd niets aan de bezuiniging van 500 miljoen die in de huidige begroting staat, wat inhoudt dat er een eigen bijdragen in de jeugdzorg zal worden ingevoerd. Samenvattend veel plannen die een impact kennen voor het sociaal domein en waarvan de uitwerking nog onzeker is. Uitvoering Wsw en Participatiewet Ontvlechting NLW Doel van de opdracht Ontvlechting NLW is om, op basis van het beslisdocument over de ontvlechting van NLW, samen met de gemeenten Horst aan de Maas en Peel en Maas ervoor te zorgen dat eind 2026 zowel de NLW NV als de GR NLW 'leeg' zijn. De feitelijke ontbinding van de NV en de GR zal in de loop van 2027 plaatsvinden. Iedereen op z’n plek Nadat begin vorig jaar de drie gemeenten hebben besloten om te stoppen met NLW, zetten we in op het opzetten van een nieuwe organisatievorm die duurzaam kan voorzien in passende werkplekken voor alle doelgroepmedewerkers. Vanaf 2027 wordt gewerkt aan de duurzame inzetbaarheid en verdere ontwikkeling van de doelgroepmedewerkers in de nieuwe situatie (zonder NLW).
Werkstart Venray Werkstart Venray wordt ontwikkeld voor de geoptimaliseerde uitvoering van de Participatiewet vanaf 1 januari 2027. In 2026 wordt gewerkt aan een implementatieplan waarin keuzes worden voorbereid over uitvoeringsmodel, samenwerking, locatie en financiële onderbouwing. Besluitvorming over de definitieve inrichting vindt plaats eind 2026. Vanaf 2027 wordt de nieuwe werkwijze geïmplementeerd. Voor 2027 wordt rekening gehouden met: • Structurele uitvoeringsmiddelen voor Werkstart Venray; • Mogelijke incidentele aanloopkosten; • Samenhang met de doorontwikkeling van de Integrale Toegang. De exacte financiële consequenties worden uitgewerkt bij het raadsvoorstel over het implementatieplan. Werkstart Venray draagt bij aan duurzame uitstroom, versterking van arbeidsparticipatie en een toekomstbestendige inrichting van de Participatiewet in Venray. Oekraïne Vluchtelingen uit Oekraïne hebben verblijfsrecht in Nederland onder de Europese Richtlijn Tijdelijke Bescherming (RTB) tot en met 4 maart 2027. Per die datum eindigt ook de richtlijn en komen vluchtelingen uit Oekraïne in aanmerking voor een tijdelijk verblijfsvergunning die drie jaar geldig is. Hier horen op termijn rechten, plichten en voorzieningen die vergelijkbaar zijn met andere inwoners van Nederland bij.
Op de lange termijn is de inzet van de Nederlandse regering gericht op vrijwillige terugkeer en wederopbouw. Ook in Venray vangen we momenteel vluchtelingen op en hoewel het kabinetsbeleid nog verder uitwerking behoeft is de verwachting dat het vervallen van de richtlijn grote gevolgen kan hebben voor de gemeentelijke inzet op het terrein van taal, begeleiding naar werk, huisvesting etc. Armoede en schulden Het Beleidsplan Aanpak van Armoede en Schulden vastgesteld op 9 mei 2023 kent een looptijd tot en met 2027. Het plan richt zich op het voorkomen en verminderen van armoede en problematische schulden door middel van preventie, maatwerk en een integrale aanpak, inclusief een specifiek meedoenbudget voor volwassenen en kinderen. In 2027 zal het huidig plan worden geëvalueerd en een nieuw beleidsplan worden opgesteld. Dbos (De bibliotheek op school) Tijdens de behandeling van het meerjarenbeleidsplan bibliotheekwerk Venray 2026-2029 in de raadsvergadering van 23 september 2025 is een amendement aangenomen waarin het college is opgedragen om in 2026 de voorbereidingen te treffen voor een voorstel over de structurele invoering van De Bibliotheek op School, en dit aan de raad voor te leggen zodra duidelijkheid
19
bestaat over de structurele rijksmiddelen en de bijdragen van scholen en bibliotheek, zodat de lasten niet eenzijdig bij de gemeentebegroting komen te liggen. Op dit moment is het wetsvoorstel nog in behandeling en is ook een AMvB in consultatie die nader ingaat op de vormvereisten van het beleidsplan. In het gewijzigde wetsvoorstel is een aanvullend artikel opgenomen over leesbevordering. De verantwoordelijkheid hiervoor ligt bij het onderwijs en het bibliotheekwerk. Financiering zou plaatsvinden via een nog op te stellen subsidieregeling. De opzet en vorm van de regeling zijn nog onduidelijk en de verwachting is dat deze duidelijkheid niet op korte termijn verkregen wordt. In het kader van een integrale afweging is ervoor gekozen om de eenmalige en structurele kosten wel inzichtelijk te maken. De hoogte van de subsidie blijft vooralsnog onduidelijk maar wel is duidelijk dat deze subsidie niet boven op de al verstrekte bijdrage van het onderwijs komt maar in plaats van. Hervormingsagenda Jeugd De Hervormingsagenda Jeugd wil de zorg voor jeugd verbeteren en financieel houdbaar maken. Gemeenten hebben de opdracht om hun sociaalpedagogische basis te versterken, stevige lokale teams neer te zetten en de inzet van jeugdhulp terug te dringen.
Deze beweging wordt versterkt door het wetsvoorstel Reikwijdte Jeugdwet, waarin scherper wordt afgebakend welke vormen van ondersteuning onder de Jeugdwet vallen en waarin het werken met stevige lokale teams wettelijk wordt verankerd als eerste aanspreekpunt voor jeugdigen en gezinnen. In januari 2027 zal de Deskundigencommissie Hervormingsagenda Jeugd een eindadvies uitbrengen over de voortgang en effect van de Hervormingsagenda Jeugd en de uitgavenontwikkeling in de jeugdzorg. Hierin zullen ze ook een advies uitbrengen over het meerjarig financieel kader voor de jeugdzorg. Regiovisie Jeugd De nieuwe Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg (2026) bevat de eis om een regiovisie Jeugd vast te stellen, waarin uitvoering wordt gegeven aan de wettelijke verplichtingen rondom regionale samenwerking van specialistische jeugdzorg. De regiovisie Jeugd wordt dan de opvolger van het regionaal beleidsplan Jeugd Noord-Limburg 2022 e.v. De gemeenteraden dienen voor 1-1-2027 de nieuwe regiovisie Jeugd vast te stellen. Inkomsten uit het surplus Beschermd Wonen Gemeenten in de regio Noord- en Midden-Limburg werken samen op het gebied van Maatschappelijke Opvang, Beschermd Wonen, Bemoeizorg en OGGZ-Preventie. De inkoop van deze producten vindt plaats in onze Modulaire gemeenschappelijke regeling via een aparte module (module 2 MGR).
Na verrekening van alle inkomsten en uitgaven binnen module 2 blijft er een bedrag over wat op basis van een verdeelsleutel, welke gebaseerd is op overeengekomen parameters, wordt verdeeld. Omdat de parameters per jaar kunnen wisselen laten de inkomsten ook een wisselend beeld zien. In het jaar 2027 ontvangt Venray € 70.000 minder aan inkomsten. Regiovisie Meedoen en Wonen Los van de inkoop in module 2 is er ook een beleidsmatige samenwerking. De huidige regiovisie Meedoen en Wonen welke loopt tot en met 2026 wordt momenteel geactualiseerd en uiterlijk in Q2 van 2027 aangeboden via de colleges aan de gemeenteraden. Zorg en Veiligheid Het coalitieakkoord ‘Aan de slag’ investeert in het voorkomen van overlast door mensen met verward of onbegrepen gedrag beter te helpen. De burgemeester krijgt meer mogelijkheden om in te grijpen door middel van bemoeizorg. Ook wordt ingezet op het realiseren van meer crisisplekken. Het regionale programma Grip op Onbegrip Noord- en Midden-Limburg sluit hierop aan o.a. met de inzet en doorontwikkeling van het Maatschappelijk Interventie Team. Dit gebeurt met incidentele middelen tot eind 2027. Vanaf 2028 volgt er structurele financiering vanuit de rijksoverheid. De vorm en omvang is vooralsnog niet bekend.
Onder de vlag van het Zorg- en Veiligheidshuis helpt een Team Arbeidsmigranten in een Kwetsbare positie (TAK) EU arbeidsmigranten, die dakloos zijn of dat dreigen te raken door hen op te sporen, te begeleiden naar werk en huisvesting of terugkeer naar land van herkomst. Het TAK is tot eind 2026 gefinancierd door de gemeente Venlo en met inzet van POK gelden. Op basis van een evaluatie volgt in Q2 van 2026 een voorstel richting het college om het TAK vanaf 2027 te continueren en hieraan financieel bij te dragen met een bedrag van om en nabij € 55.000.
20
Meerjarig uitgaven en investeringsplan (MUIP) Lasten MUIP (x € 1.000)
2027
2028
2029
2030
Deelprogramma: Omgeving Vangnet Totaal
-79 0 -79
-83 0 -83
-156 0 -156
-164 0 -164
Programma 2 Wonen
Ambities In het collegeprogramma 2022-2026 is de volgende ambitie vastgelegd voor het programma Wonen: “De behoefte aan woningen groeit en daarom zetten wij in op het bouwen van goede en voldoende woningen voor al onze inwoners. Daarnaast werken we de komende jaren aan het minimaal behouden en waar nodig en mogelijk verbeteren van de kwaliteit van onze leefomgeving. Wij zetten stappen vooruit om onze woon- en leefomgeving duurzamer, veiliger en gezonder te maken. Wij bouwen verder op de uitgangspunten die door de gemeenteraad zijn vastgesteld binnen de omgevingsprogramma’s Wonen, Landelijk Gebied en Venray Vergroent.” Het programma Wonen draagt bij aan de volgende speerpunten uit ons collegeprogramma: - Omgevingswet - Omgevingsprogramma "Wonen" - Huisvesting internationale werknemers - Woonomgeving - Vliegbasis de Peel - Veiligheid - Vergunningsverlening, toezicht en handhaving - Omgevingsprogramma "Landelijk gebied" - Omgevingsprogramma "Venray Vergroent" (energietransitie, circulaire economie en klimaatadaptatie) Ontwikkelingen Omgevingswet Sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet staat de gemeente Venray voor een nieuwe fase: de praktische doorontwikkeling van de planketen.
Waar de eerste periode vooral gericht was op implementatie en het op orde krijgen van de basis, verschuift de aandacht nu naar het structureel borgen van kwaliteit, het nader uitwerken van openstaande punten en het verder versterken van de samenwerking tussen alle betrokken partijen in de keten. We gaan aan de slag met het opstellen van de nodige instrumenten, zoals o.a. omgevingsvisie, omgevingsprogramma's en het omgevingsplan. Herziening omgevingsvisie Met de invoering van de Omgevingswet is elke gemeente verplicht om uiterlijk op 1 januari 2027 een omgevingsvisie te hebben vastgesteld die voldoet aan de inhoudelijke wettelijke eisen. Vooruitlopend hierop heeft de gemeente Venray al in november 2021 een eerste omgevingsvisie vastgesteld; deze is in december 2023 geactualiseerd. Deze omgevingsvisie heeft nog de status van structuurvisie onder de Wet Ruimtelijke Ordening maar voldoet wel aan de inhoudelijke wettelijke eisen. Bij de vaststelling van de Omgevingsvisie is afgesproken dat de visie jaarlijks wordt gemonitord en dat er minimaal éénmaal per vier jaar een integrale herziening plaats vindt, bij voorkeur in het jaar na de gemeenteraadsverkiezingen, daarnaast moet de herziene omgevingsvisie technisch voldoen aan de technische eisen uit de wet. Deze slag maken we in 2026 en 2027, in samenspraak met de raad.
Volkshuisvestingsprogramma In 2025 is het woningbehoefteonderzoek opgeleverd. 2026 staat in het teken van het opstellen van het Volkshuisvestingsprogramma, naar aanleiding van de ontwikkelingen op de woningmarkt, de wet Versterking Regie Volkshuisvesting en het aflopende Omgevingsprogramma Wonen. De invulling en uitwerking van het Volkshuisvestingsprogramma gaan gepaard met financiële middelen die al zijn verleend. De uitvoering van het programma is vooraf niet in te schatten. Het is nu nog
21
onduidelijk hoeveel financiële middelen benodigd zijn voor de uitvoering, omdat dit te maken heeft met de keuzes die gemaakt worden in bijvoorbeeld de beleidsinstrumenten. (Huisvesting) Internationale Werknemers integraal beleid "gewoon zoals het hoort" In het collegeprogramma 2022-2026 Samen maken we Venray! is vastgelegd dat internationale werknemers essentieel zijn voor de economische ontwikkeling van Venray en dat (tijdelijke) huisvesting een belangrijk aandachtspunt is. Het Integraal beleid Internationale Werknemers 20242030 is op 12 december 2023 door de raad vastgesteld. Het integraal beleid "gewoon zoals het hoort" wordt in 2026 geëvalueerd. De aanbevelingen die hier uitkomen kunnen in 2027 invloed hebben op de begroting. Energie-infrastructuur De energievoorziening zal de komende jaren veranderen. En dit moet ook, want we gaan over van fossiele brandstoffen naar hernieuwbare energie om klimaatverandering tegen te gaan. Er komen meer elektrische auto’s en warmtepompen, en we wekken elektriciteit meer lokaal en hernieuwbaar op. Naast deze veranderingen komen er ook nog nieuwe elektriciteitsvragers bij, vanuit de woningbouwopgave en economische ontwikkelingen bijvoorbeeld. Dit vraagt veel van het elektriciteitsnet. De beperkte beschikbaarheid op het elektriciteitsnet, met als gevolg netcongestie houdt zeker nog 10-15 jaar aan.
De verwachting dat in 2030-2032 het hoogspanningsnet is verzwaard en er capaciteit vrijkomt voor de lagere netten. De uitrol van netverzwaring van de laagspanningsnetten loopt nog langer door: De komende jaren moet 1 op de 3 straten open om meer elektriciteitskabels en verwacht Enexis het aantal elektriciteitshuisjes te moeten verdubbelen. De elektrificatie die gaande is in combinatie met de kwaliteit van het net dwingt ons om bij nieuwe (ruimtelijke) plannen en projecten netbewuste keuzes maken (energieplanologie). Het beschikbaar krijgen van aansluitcapaciteit voor onze ruimtelijke en economische plannen is nu en de komende jaren geen vanzelfsprekendheid meer. Vanaf 2026 is het ACM-prioriteringskader (Autoriteit Consument & Markt) van toepassing. Dit betekent dat de aansluitcapaciteit voor woonprojecten niet meer door Enexis gereserveerd mag worden, maar op maatschappelijke urgentie wordt toebedeeld. Overigens is het vrijvallen van netcapaciteit de komende jaren nog erg onzeker. In 2027 acteren we dus volledig conform dit onlangs vastgestelde prioriteringskader. Daarnaast gaat het energiesysteem van de toekomst er anders uitzien (denk aan duurzame energieopwekking, warmtenetten, groen gas en opslag in batterijen bijvoorbeeld) en daarvoor is fysieke ruimte nodig.
De benodigde nieuwe energie-infrastructuur moet een volwaardig onderdeel worden van een goede integrale afweging voor elke nieuwe ontwikkeling, net zoals natuur, voorzieningen, mobiliteit etc. dit ook al zijn. Warmteprogramma Doel is om eind 2026 het Warmteprogramma door het college te laten vaststellen. Vanaf 2027 gaan we dus de acties uit het programma implementeren. Denk aan de inzet met het verder ondersteunen van isolatie-acties en de uitrol van (hybride) warmtepompen. Dit uiteraard op plekken waar de energetische kwaliteit van de woningen het meest urgent is en zo mogelijk op een netbewuste wijze. Voor grootschaliger uitrol van warmtepompen zijn we immers mede afhankelijk van het feit dat het net ervoor klaar is. Wat betreft de nieuwbouw ligt de uitdaging erin om te schakelen op netbewuste gebiedsontwikkeling met als doel zoveel mogelijk woningen bouwen tegen een zo beperkt mogelijke aansluiting op het elektriciteitsnet. Duurzame energie opwekking De wijze van invulling van de opgave voor hernieuwbare opwek wordt in 2026 heroverwogen, zodat er in 2027 nieuwe kaders voor liggen. Naast afnamecongestie ontstaat in de zomer namelijk steeds vaker invoedingscongestie door de groei van duurzame energieopwek. Het uitsluitend koppelen van opwek aan het energienet is daardoor minder vanzelfsprekend.
Het is wenselijk om bestaande en nieuwe opwek zoveel mogelijk te verbinden met direct gebruik in de omgeving. Tegelijkertijd is de hoeveelheid stroom die via kabels kan worden getransporteerd beperkt. Daarom is het belangrijk ook andere energiedragers te ontwikkelen, zoals groen gas, waterstof en warmteopslag. Dit draagt bij aan een stabieler energiesysteem en maakt uitbreiding van duurzame energie beter mogelijk. Na-isolatie en Soortenmanagementplan
22
In 2026 wordt er gewerkt aan het opstellen van een soortenmanagementplan ten behoeve van de bescherming van beschermde gebouw-bewonende soorten tijdens het na-isoleren van gebouwen. In 2027 wordt hiervoor een gebiedsvergunning aangevraagd. Hiermee kunnen spouwmuren, daken en kozijnen na-geïsoleerd worden onder bepaalde voorwaarden waardoor benodigde quick-scan flora en fauna niet meer nodig is. Hiermee zorgen we ervoor dat inwoners van de gemeente Venray hun woningen kunnen verduurzamen en daarbij de populaties vleermuizen, huismussen en gierzwaluwen niet afnemen door het aanbieden van alternatieve verblijfsplaatsen en het verbeteren van de leefomgeving. De verwachting is dat een deel van de kosten voor de gemeente zijn. Veiligheid Het coalitieakkoord ‘Aan de slag’ investeert fors in veiligheid gericht op operationele kracht en lokale veiligheid. Belangrijke speerpunten zijn de harde aanpak van (hard)drugs en strijd tegen femicide en eergerelateerd geweld. Het experiment met de gesloten cannabisketen wordt voortgezet en er komt meer aandacht voor denormalisering van het gebruik van (hard)drugs en een strengere aanpak van de handel. Ook wordt ingezet op versterken van de weerbaarheid, het versterken van de aanpak van (online) radicalisering en extremisme en het tegengaan van de dreiging tegen de democratische rechtstaat door de georganiseerde en ondermijnende criminaliteit.
Veel thema's waar we in de gemeente Venray in samenwerking met (veiligheids)partners al inzet op hebben. Op onderdelen zal naar aanleiding van het landelijke akkoord de inzet geïntensiveerd moeten worden. Het programma Preventie met Gezag voorkomt dat jongeren na een eerste misstap doorgroeien in een criminele carrière. De gemeente Venray zit in de 2e schil van het programma dat loopt tot juli 2027. Inmiddels is er toestemming vanuit het Ministerie van JenV dat de incidentele gelden tot eind 2027 ingezet mogen worden voor evidenced based interventies in de aanpak c.q. het voorkomen van jeugdcriminaliteit. Goed werkende interventies moeten vanaf 2028 met reguliere middelen en capaciteit geborgd worden. Er is wetgeving in voorbereiding die ziet op een stelselherziening voor de antidiscriminatievoorzieningen (ADV) in Nederland. Er wordt gestreefd naar één landelijke organisatie met plaatselijke loketten voor het behandelen van discriminatiemeldingen uiterlijk 1 januari 2028, gefinancierd door de rijksoverheid. Daarmee eindigt de wettelijke taak voor gemeenten om een ADV te organiseren en ontvangen gemeenten ook geen bijdrage meer hiervoor via het gemeentefonds. Op dit moment is niet helder of gemeenten een wettelijke taak blijven houden in de brede preventie van discriminatie en voor deze taak wel financiële middelen blijven ontvangen.
Meerjarig uitgaven en investeringsplan (MUIP) Lasten MUIP (x € 1.000)
2027
2028
2029
2030
Deelprogramma: Woningbouw Woonomgeving Veiligheid en handhaving Natuur, landschap en plattelandsontwikke Duurzaamheid Totaal
0 0 0 0 0 0
0 0 0 0 0 0
0 0 0 0 0 0
0 0 0 0 0 0
23
Programma 3 Werken Ambitie In het collegeprogramma 2022-2026 is de volgende ambitie vastgelegd voor het programma Werken: “Wij blijven ons onverminderd inzetten voor een welvarend Venray. Aantrekkelijk om te wonen, werken, leren en recreëren. Hier hoort een gezonde en toekomstbestendige economie en een goede bereikbaarheid van Venray via weg, spoor, water en de digitale snelweg bij. Wij vinden het belangrijk dat sectoren en bedrijven in Venray duurzaam kunnen blijven innoveren en ontwikkelen. Steeds meer ontwikkelingen op het gebied van economie, arbeidsmarkt, kennisinfrastructuur en mobiliteit zijn niet langer lokaal. Daarom is en blijft onze ambitie om ook in regionaal verband actief te zijn. We profileren Venray, juist via die sectoren die bijdragen aan de richting die we voor de toekomst van Venray willen bereiken. Verder is het onze ambitie om als Venray voor bedrijven herkenbaar en aantrekkelijk te blijven als vestigingsplaats, zeker voor de bestaande Venrayse bedrijven.” Het programma Werken draagt bij aan de volgende speerpunten uit ons collegeprogramma: - Bedrijven en arbeidsmarkt - Kennis en innovatie - Centrumontwikkeling - Vrijetijdseconomie - Mobiliteit - Infrastructuur Ontwikkelingen Programma's economie en mobiliteit In 2025 en 2026 zijn de programma's economie en mobiliteit vastgesteld. De focus ligt op de uitvoering van deze programma's.
Meerjarig uitgaven en investeringsplan (MUIP) Lasten MUIP (x € 1.000)
2027
2028
2029
2030
Deelprogramma: Economische ontwikkeling Mobiliteit en infrastructuur Totaal
0 0 0
0 -80 -80
0 -79 -79
0 -78 -78
24
Programma 4 Besturen Ambities In het collegeprogramma 2022-2026 was de volgende ambitie vastgelegd voor het programma Besturen: “In contact met onze inwoners, onze lokale en regionale partners, gebruiken wij een open en transparante bestuursstijl. Samen komen we verder: Inwoners, bedrijven, maatschappelijke organisaties, medeoverheden. Zeker met het oog op alle ontwikkelingen die we hiervoor beschreven. Waar nodig nemen wij, als tweede stedelijke kern in Noord-Limburg, het voortouw. Het verbeteren van de dienstverlening naar onze inwoners is een van de uitdagingen voor de komende jaren. Ook willen we de kwaliteit van onze ambtelijke organisatie behouden. Dit met het oog op de toenemende krapte op de arbeidsmarkt.” Het programma Besturen draagt bij aan de volgende speerpunten: - Bestuursstijl - Inwonersparticipatie, zelfsturing en vitale gemeenschappen - Regionale samenwerking - Dienstverlening - Organisatie - Financieel beleid Ontwikkelingen Functioneringssysteem HR21 De gemeente Venray heeft besloten per 1 januari 2027 het gemeentelijke functiewaarderingssysteem HR21 in te voeren. Met HR21 beschikt de organisatie over een transparant en toekomstbestendig systeem dat aansluit op ontwikkelingen in de sector en de arbeidsmarkt. De invoering van HR21 kan gevolgen hebben voor de personeelskosten. Deze worden in 2026 verder uitgewerkt en meegenomen in de begroting 2027 en verder.
Meerjarig uitgaven en investeringsplan (MUIP) Lasten MUIP (x € 1.000)
2027
2028
2029
2030
Deelprogramma: Bestuur Dienstverlening en bedrijfsvoering Financiën Totaal
0 -200 -103 -303
0 -16 -56 -72
0 -22 -53 -75
0 -27 45 18
25
4. De 1e bijstellingen 2026 Actueel financieel beeld na bijstellingen Onderstaand actueel financieel beeld is de stand medio april 2026. Dit betreft een momentopname. Tot het einde van het jaar kunnen nog verschillen optreden. Deze zullen worden opgenomen in de 2e bijstellingen of de jaarrekening 2026. Bij significante wijzigingen zullen we u proactief informeren door middel van een raadsinformatiebrief. Mutaties in begrotingsresultaat Het betreft een overzicht van de bedragen ten laste of ten gunste van het begrotingsresultaat gebracht voor de jaren 2026 en verder. Om tegemoet te komen aan het budgetrecht van uw raad is een overzicht op programmaniveau opgenomen van het totaal van alle bij de 1e bestuursrapportage 2026 voorgestelde begrotingswijzigingen ten laste of ten gunste van het resultaat. Programma
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Programma 1 Leven
2.264
-40
-76
-425
-847
Programma 2 Wonen
27
18
19
19
20
Programma 3 Werken
784
121
173
85
59
Programma 4 Besturen
-495
-260
-290
-290
10.651
Subtotaal
2.580
-160
-174
-610
9.882
Mutaties reserves
-184
-214
-240
-264
-25
Begrotingsresultaat
2.396
-374
-413
-874
9.858
26
Financiële afwijkingen Financiële afwijkingen
(x € 1.000)
Lasten 2026
Baten 2026
Lasten 2027
Baten 2027
Lasten 2028
Baten 2028
Lasten 2029
Baten 2029
Lasten 2030
Baten 2030
DP1.1 - Algemeen maatschappelijk werk
10
0
10
0
10
0
11
0
11
0
DP1.1 - Modulaire Gemeenschappelijke Regeling (MGR)
-15
683
0
0
0
0
0
0
0
0
DP1.1 - Onderuitputting accommodatie buitensport
20
0
20
0
21
0
21
0
22
0
DP1.1 - Onderuitputting leerlingenvervoer
20
0
20
0
20
0
20
0
20
0
DP1.1 - Regiogelden cultuur
-77
77
-77
77
-77
77
-77
77
-77
77
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
DP1.1 - Stand van zaken Maatschappelijke visie op accommodaties
-46
0
0
0
0
0
0
0
0
0
DP1.1 - Stichting BiblioNu
17
0
0
0
0
0
0
0
0
0
DP1.1 - Stichting St. Odapark
3
0
3
0
3
0
4
0
4
0
DP1.1 - Venrays Museum
5
0
5
0
6
0
6
0
6
0
DP1.1 - Verlaging voorfinanciering 't Nest
0
0
6
-17
6
-17
6
-17
5
-17
DP1.1 - Verschuiving haalbaarheidsonderzoek IHP Eigenwijs (Oirlo) van 2029 naar 2028
0
0
0
0
-30
0
30
0
0
0
DP1.2 - Bijzondere bijstand
20
0
20
0
21
0
21
0
22
0
DP1.2 - Bijzondere bijstand (wijziging participatiewet)
53
0
54
0
55
0
57
0
58
0
DP1.2 - Jeugd Bovenregionale kosten jeugdvoorzieningen
67
0
74
0
77
0
81
0
84
0
DP1.2 - Jeugd Corr ova-index mgr
-146
0
-305
0
-479
0
-669
0
-875
0
DP1.2 - Participatie-IOAW-IOAZ-BBZ 2004
500
0
0
0
0
0
0
0
0
0
DP1.2 - Participatie-IOAW-IOAZ-BBZ-2004 (verhaal/terugvordering)
0
35
0
0
0
0
0
0
0
0
DP1.2 - Sociale werkvoorziening
109
-98
98
-98
98
-98
98
-98
98
-98
DP1.2 - Sociale werkvoorziening (verdeelsleutel)
300
0
0
0
0
0
0
0
0
0
DP1.2 - Stichting Leergeld
150
0
0
0
0
0
0
0
0
0
DP1.2 - Wet inburgering
182
-182
186
-186
190
-190
195
-195
199
-199
DP1.2 - WMO beschermd wonen
650
0
437
0
717
0
633
0
568
0
DP1.2 - WMO Corr ova-index mgr
-49
0
-102
0
-160
0
-224
0
-293
0
DP1.2 - WMO hulp bij het huishouden
-180
0
-245
0
-316
0
-394
0
-477
0
DP2.1 - Subsidieregel verhuisvouchers
-450
450
0
0
0
0
0
0
0
0
DP2.2 - Onderuitputting klussen OMOP
25
0
26
0
26
0
27
0
27
0
DP2.2 - Verkoop privaatrechtelijke woning
1
-7
1
-7
1
-7
1
-7
1
-7
DP2.3 - Aanpak illegale werkzaamheden
-30
0
0
0
0
0
0
0
0
0
DP2.3 - Evenementen energiekosten
-15
0
-15
0
-16
0
-16
0
-16
0
DP2.3 - Evenementen opbrengst leges
0
7
0
7
0
8
0
8
0
8
DP2.3 - Onderuitputting accommodatie brandweerkazerne
20
0
20
0
21
0
21
0
22
0
DP1.1 - Regionale begroting aanpak Geweld in Afhankelijkheidsrelaties 2026
27
DP2.3 - Systeem Khonraad
-25
0
-26
0
-26
0
-27
0
-27
0
DP2.3 - Terrassen gebruik gemeentegrond
0
12
0
12
0
13
0
13
0
13
DP3.1 - Onderuitputting economische ontwikkeling
25
0
26
0
26
0
27
0
27
0
DP3.1 - Onderuitputting Venray Bloeit
15
0
15
0
16
0
16
0
16
0
DP3.2 - Onderuitputting Kuntswerken en duikers
0
0
25
0
26
0
26
0
27
0
DP3.2 - Onderuitputting openbare verlichting
30
0
31
0
31
0
32
0
33
0
DP4.1 - Bestuurlijke samenwerking
8
0
8
0
8
0
9
0
9
0
DP4.1 - Uitslagenavond gemeenteraadsverkiezingen
-10
0
0
0
0
0
0
0
0
0
DP4.2 - AI-ondersteuning KCC
-200
200
0
0
0
0
0
0
0
0
DP4.2 - Applicatie Suites van het sociaal domein
-30
0
-30
0
-30
0
-30
0
-30
0
DP4.2 - Basisregistratie personen
-3
0
0
0
0
0
0
0
0
0
-280
0
-286
0
-291
0
-297
0
-303
0
-9
0
-10
0
-10
0
-10
0
-10
0
DP4.2 - Personeelslasten DP4.2 - Verordening en instellingsbesluit Commissie bezwaarschriften gemeente Venray DP4.3 - Frictiegelden personeel
-184
0
-214
0
-240
0
-264
0
0
0
DP4.3 - Mutatie gemeentefonds 2030
0
0
0
0
0
0
0
0
0
10.945
DP4.3 - Reclamebelasting nieuwe uitvoering
-5
0
-5
0
-5
0
-5
0
-5
0
Grondbedrijf 1e berap 2026
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
741
0
66
0
103
0
18
0
-9
0
1.217
1.178
-163
-211
-199
-215
-656
-218
-865
10.723
Kapitaallasten Totalen
( - is nadeel)
Totalen saldo
( - is nadeel)
2.396
-374
-413
-874
9.858
Indexering Indien sprake is van structurele bijstellingen wordt standaard rekening gehouden met indexering. Dit is zichtbaar in de financiële tabel hierboven en wordt verder niet toegelicht bij de tekstuele financiële afwijkingen. Is sprake van structurele verschillen anders dan indexering, dan wordt dit wel tekstueel toegelicht. Tekstuele financiële afwijkingen DP1.1 - Algemeen maatschappelijk werk We zien voorgaande jaren een onderbesteding op dit budget. Het structureel naar beneden bijstellen met € 10.000 van dit budget is realistisch gezien de lagere uitgaven in voorgaande jaren. DP1.1 - Modulaire Gemeenschappelijke Regeling (MGR) Op basis van de aangeboden Ontwerpbegroting 2027-2030 incl. 1e begrotingswijziging 2026 van de Modulaire Gemeenschappelijke Regeling (MGR) vindt voor 2026 bijstelling plaats voor de uitvoeringskosten van module 1 en 2 en verdeling saldo regionale begroting Beschermd Wonen. Per saldo een voordeel van € 668.246.