CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

Boekwerk Jaarverslag en jaarrekening 2023 def

Gemeenteraad 27 juni 2024, gemeente VenrayBij agendapunt: Jaarverslag en jaarrekening 202330.611 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Repressief

Repressief

Repressief

6,53

10,55

9,65

Verbonden partijen De volgende verbonden partijen leveren een bijdrage aan de vastgestelde doelstellingen van dit deelprogramma. -NV Bank Nederlandse Gemeenten -CSV Amsterdam BV -Publiek Belang Electriciteitsproductie BV Wat hebben we daarvoor gedaan? In de onderstaande tabel zijn alle actiepunten voor de komende jaren, zoals die voortvloeien uit de bovenstaande activiteiten, opgenomen. Elke activiteit is nader toegelicht en is aangegeven in welk jaar dit wordt opgepakt. Activiteit Gereed Toelichting Voortin gang Actueel Actualiseren van de (financiële) 2025 beleidsnota's

In december 2022 is door de raad het geactualiseerde beleid reserves en voorzieningen vastgesteld. De financiële verordeningen (212, 213 en 213a) zijn geactualiseerd en vastgesteld door de raad in december 2023. De budgethoudersregeling is in concept gereed en wordt momenteel verder afgestemd om daarna ter besluitvorming te worden gebracht. De actualisatie van het beleid oninbare vorderingen, de nota misbruik en oneigenlijk gebruik en het beleid verbonden partijen wordt in Q2-2024 opgepakt.

85

Programma 4: Wat heeft het gekost? Bedragen x € 1.000

Begroting Begroting na primair 2023 wijziging 2023

Rekening 2023

Saldo 2023

Programma 4 Besturen DP41 Bestuur

5.169

4.827

4.397

430

DP42 Dienstverlening en bedrijfsvoering

22.318

23.948

22.957

992

DP43 Financiën Totaal Lasten excl. reserves

4.788

2.474

2.111

363

32.275

31.249

29.465

1.784 0

DP42 Dienstverlening en bedrijfsvoering

78

78

78

DP43 Financiën

422

690

690

0

Totaal Lasten reserves

500

768

768

0

Totaal Lasten

32.775

32.017

30.233

1.784

DP41 Bestuur

0

0

30

30

DP42 Dienstverlening en bedrijfsvoering

617

571

978

407

DP43 Financiën

100.290

104.324

107.410

3.086

Totaal Baten excl. reserves

100.907

104.895

108.417

3.522

DP41 Bestuur

1.489

657

657

0

DP42 Dienstverlening en bedrijfsvoering

1.387

2.137

1.541

-596

974

1.442

1.126

-315

3.850

4.236

3.324

-912

104.757

109.131

111.742

2.611

71.983

77.114

81.509

4.395

DP43 Financiën Totaal Baten reserves Totaal Baten Totaal Programma 4 Besturen Bedragen x € 1.000

Begroting Begroting na primair 2023 wijziging 2023

Rekening 2023

Saldo 2023

Besturen DP41 Bestuur

-5.169

DP42 Dienstverlening en bedrijfsvoering

-21.701

DP43 Financiën

95.503

Totaal Saldo excl. reserves

-4.827

-4.368

460

-23.377

-21.979

1.398

101.850

105.299

3.448

68.632

73.646

78.952

5.307

DP41 Bestuur

1.489

657

657

0

DP42 Dienstverlening en bedrijfsvoering

1.309

2.059

1.463

-596

552

752

437

-315

DP43 Financiën Totaal Saldo reserves Totaal Programma 4 Besturen

3.351

3.468

2.556

-912

71.983

77.114

81.509

4.395

De analyse betreffende de afwijking begroting na wijziging ten opzichte van de realisatie is opgenomen in de jaarrekening onder paragraaf 2.3 Recapitulatie baten en lasten.

86

1.2 PARAGRAFEN

Inleiding Paragrafen In afzonderlijke paragrafen worden beleidslijnen vastgelegd met betrekking tot een aantal overstijgende thema’s. Een zevental paragraaf zijn verplicht gesteld, namelijk: A. Lokale heffingen. B. Weerstandsvermogen en risicobeheersing. C. Onderhoud van kapitaalgoederen. D. Financiering. E. Bedrijfsvoering. F. Verbonden partijen. G. Grondbeleid. Daarnaast zijn een aantal andere onderwerpen ook als paragraaf toegevoegd, namelijk: H. Investeringen. I. Openbaarheidsparagraaf Wet open overheid. De specifieke paragrafen betreffen een dwarsdoorsnede van de diverse programma's Leven, Wonen, Werken en Besturen en hun bijbehorende deelprogramma's zoals vermeld in onderdeel 1.1 van de programmaverantwoording 2023.

87

Paragraaf A. Lokale heffingen De gemeentelijke belastingen bestaan uit algemene belastingen, bestemmingsheffingen en retributies (rechten en leges). 1. De algemene belastingen komen ten goede aan algemene middelen van de gemeente. De gemeenteraad kan bepalen waarvoor deze opbrengsten worden ingezet. Onder de algemene belastingen vallen bijvoorbeeld de OZB, verblijfsbelasting en de hondenbelasting. 2. De retributies vallen uiteen in rechten en leges. • Voor rechten geldt dat de gemeente niet meer mag heffen dan de begrote kosten die gedekt worden met deze heffing. Voorbeelden hiervan zijn de rioolheffing en de afvalstoffenheffing, die worden gebruikt voor doeleinden met een duidelijk algemeen belang. •

De belangrijkste retributies zijn de leges, vergoedingen voor een bij de gemeente aangevraagde dienst. Deze dienst is veelal persoonsgebonden of bedrijfsgebonden. Zo betalen inwoners van de gemeente een bijdrage voor het aanvragen van een paspoort of vergunning. Ook voor de leges geldt dat deze niet meer dan kostendekkend mogen zijn.

In deze paragraaf zal worden ingegaan op de navolgende onderdelen: 1. De gerealiseerde inkomsten. 2. Het gerealiseerde beleid ten aanzien van de lokale heffingen. 3. Een overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen (belastingen, leges en rechten). 4. De lokale lastendruk. 5. Het gerealiseerde kwijtscheldingsbeleid. 1. De gerealiseerde inkomsten Op basis van het belastingscenario zijn voor 2023 de volgende opbrengsten gerealiseerd. Omschrijving (bedragen x € 1.000)

Onroerende zaakbelastingen

Rekening 2022

Begroting na wijziging 2023

Rekening 2023

Verschil

15.460

15.970

16.187

217

- opbrengst gebruikers niet-woning

3.563

3.673

3.794

121

- opbrengst eigenaren niet-woning

5.201

5.414

5.428

15

- opbrengst eigenaren woning

6.696

6.885

6.965

81

0

-1

-1

1

Afvalstoffenheffing

4.379

5.124

4.883

-241

- afvalstoffenheffing opbrengst

4.512

5.289

5.078

-210

- kwijtscheldingen

-133

-165

-196

-31

Rioolheffing

4.551

4.628

4.737

109

- opbrengst

4.618

4.705

4.805

100

- kwijtscheldingen

-66

-78

-68

10

Rioolaansluitrecht

66

36

99

63

630

572

741

169

1.971

2.047

2.112

65

325

392

344

-48

16

30

21

-10

- kwijtscheldingen

(Water)verblijfsbelasting Leges Parkeerbelasting Marktgelden Lijkbezorgingsrechten Havengelden

55

41

73

32

178

190

194

4

BIZ smakterheide

98

91

98

7

Reclamebelasting

116

126

114

-12

27.845

29.246

29.602

355

Totaal

2. Het gerealiseerde beleid ten aanzien van de lokale heffingen 2.a. Rijksbeleid Wetsvoorstel Wet Herwaardering proceskostenvergoedingen WOZ

88

De Eerste Kamer heeft ingestemd met het wetsvoorstel dat de proceskosten en immateriële schadevergoeding voor WOZ en BPM matigt. De wet is op 1 januari 2024 in werking getreden. Het wetsvoorstel is een reactie op de signalen vanuit onder meer de Belastingdienst en de rechtspraak over de hoge instroom van WOZ-zaken die worden ingediend door no-cure-no-paygemachtigden. De effecten van deze maatregel zijn nog zeer onduidelijk en op voorhand is het de vraag of dit een maatregel is die erg effectief is in het beteugelen van de no-cure-no-pay bureaus. De belangrijkste wijzigingen zijn: • De proceskostenvergoedingen voor WOZ-zaken wordt verlaagd door vermenigvuldiging met de factor 0,25 als de bestreden beschikking wordt vernietigd of gewijzigd. Voor overige gevallen worden de proceskostenvergoedingen verlaagd door vermenigvuldiging met de factor 0,10. • De hoogte van de immateriële schadevergoedingen bij WOZ-zaken worden verlaagd van € 500 naar € 50 per halfjaar waarmee de redelijke termijn wordt overschreden. • Uitbetalingen die voortvloeien uit een beslissing op bezwaar of een uitspraak in een beroepsprocedure vinden uitsluitend plaats op een bankrekening die op naam staat van de belanghebbende.

• De wijzigingen die zien op het toekennen van proceskostenvergoedingen en de hoogte van de immateriële schadevergoeding bij overschrijding van de redelijke termijn vinden voor het eerst toepassing met betrekking tot een bezwaar tegen een na 1 januari 2024 bekendgemaakt besluit en voor een beroep, hoger beroep, verzet, beroep in cassatie tegen of een verzoek om herziening van een na 1 januari 2024 bekendgemaakte beslissing of uitspraak. Onderzoek naar lager ozb-tarief voor o.a. sportaccommodaties Gemeenten maken op dit moment geen gebruik van de regeling om een lager ozb-tarief te gebruiken voor instellingen die het sociaal belang behartigen (artikel 220f lid 2 Gemeentewet). In de wet is niet beschreven welke instellingen dat precies zijn. Het is oorspronkelijk bedoeld voor instellingen als sportaccommodaties, dorpshuizen en lokale muziekverenigingen, maar in theorie kunnen dat ook ziekenhuizen en cafés zijn. Het is niet de bedoeling dat zij beroep op deze regeling doen. De conclusie was dat een wetswijziging noodzakelijk is om dit goed te regelen. Opnieuw vond in 2021 een gesprek plaats tussen BZK, gemeenten en de VNG. Daaruit volgde dat gemeenten geen behoefte hebben aan aanvullende maatregelen. Ze zijn tevreden over instrumenten als subsidieverstrekking of ozb-vrijstelling om instellingen van sociaal belang tegemoet te komen.

In 2022 gaf de toenmalige minister van BZK opdracht tot een extern onderzoek. Uit het onderzoek blijkt dat geen van de onderzochte aanpassingen van/of alternatieven voor de regeling leidt tot een volledig bevredigende oplossing voor de uitvoerings- en toepassingsvraagstukken. De minister van BZK laat weten in een brief aan de tweede kamer (22 december 2023) dat het onderwerp controversieel is verklaard, waardoor hij niet ingaat op de conclusies van het onderzoek. De Tweede Kamer is nu aan zet. 2.b. Gemeentelijk beleid Omgevingswet Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging (WKB) in werking getreden. Deze wetten hebben gevolgen voor de leges. Zo mogen er na de inwerkingtreding van de Omgevingswet leges geheven worden op milieubelastende activiteiten en vervallen er door de invoering van de WKB leges (inkomsten). In dit kader is de legesverordening aangepast en in de raadsvergadering van december 2023 vastgesteld door de gemeenteraad. Uitbreiding digitaal belastingportaal E-loket Om de dienstverlening voor de burgers en ondernemers te optimaliseren maakt de gemeente Venray sinds 2020 gebruik van een digitaal belastingportaal voor het regelen van gemeentelijke belasting zaken. De klant kan via het E-loket belangrijke informatie raadplegen zoals de aanslag, openstaand saldo, kopie aanslagbiljet en een taxatieverslag downloaden.

De gemeente Venray wil deze dienstverlening verder uitbouwen in de toekomst. In dit kader is in 2023 er de mogelijkheid bijgekomen om digitaal een bezwaarschrift in te dienen. In 2024 zal het belastingportaal verder worden uitgebreid met onder andere de mogelijkheid om digitaal een kwijtscheldingsverzoek in te dienen. Digitaal nachtregister Vanaf 1 januari 2024 kan de ondernemer aangifte doen van de verblijfsbelasting via het Digitaal Nachtregister (DNR). Het DNR is overal en altijd gratis online te gebruiken via een pc, tablet of mobiele telefoon. Hier registreert de ondernemer veilig en online alle benodigde gegevens van zijn 89

gasten. Het DNR helpt om makkelijk, snel en volgens de wet- en regelgeving (art. 438, wetboek van strafrecht) te registeren wie er verblijft. 3. Een overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen (belastingen, leges en rechten) 3a. Kostendekkende leges en rechten In de begroting en jaarrekening wordt een overzicht van baten en lasten opgenomen voor heffingen waarbij sprake is van het verhalen van kosten. Dit geldt voor de volgende leges, heffingen en rechten: - afvalstoffenheffing - rioolheffing - rioolaansluitrecht - leges - marktgelden - havengelden - lijkbezorgingsrechten De overige belastingen, OZB, (water)toeristenbelasting en parkeerbelasting zijn algemene belastingen en gaan naar de algemene middelen van de gemeente en kunnen door de gemeente vrij besteed worden. De reclamebelastingen BIZ Smakterheide zijn doelbelastingen. De voorwaarden m.b.t. kostendekkendheid gelden niet voor de overige- en doelbelastingen. Afvalstoffenheffing 2023 is het eerste volledige jaar waarin we opereerden met ons nieuwe inzamelsysteem. De inwoners boden ook in 2023 minder restafval aan. Gemiddeld per huishouden slechts 4,5 ledigingen van de grijze restafvalcontainer over het hele jaar. Ook bewoners van flats en appartementen weten de GFT+E container goed te vinden en stortten minder vaak op de ondergrondse restafvalcontainer dan van tevoren ingeschat.

Verder hebben we te maken met een stijgend aantal huishoudens waarvan de afvalstoffenheffing kwijtgescholden wordt. Deze ontwikkelingen leidden tot een financiële tegenvaller als het gaat om inning van de heffingen. Verder zijn de kosten voor de papierinzameling flink gestegen. Dit komt door de lage papierprijs die geheel 2023 heeft aangehouden, alsook een hoge indexering van de kosten voor de inzamelaar. Daarnaast hebben we onverwachte kosten gemaakt voor een juridisch geschil met de leverancier van de GFT+E zuilen. Deze tegenvallers werden ruimschoots gecompenseerd door meevallers in de verwerkingskosten op de milieustraat. Onder andere zijn de verbrandingskosten van grof restafval gedaald. Verder hoefden we gereserveerde gelden voor afgekeurd GFT+E en PMD niet te gebruiken, wat zowel voor de portemonnee als het milieu goed nieuws is. Uiteindelijk wijkt het financiële resultaat van 2023 iets in positieve zin af van de begroting 2023. Tarieven afvalstoffenheffing Basis voor de afvalstoffenheffing zijn de kostendekkende tarieven. Deze zijn vastgesteld op basis van begrote kosten voor het inzamelen en verwerken van afval en de begrote opbrengsten voor het verwerken van sommige grondstoffen. Afvalstoffenheffing (bedragen x € 1,00) Vast tarief zonder korting

2022

2023 %daling/stijging

174,12

209,28

17%

container van 40 ltr.

2,68

2,81

5%

container van 60 ltr. container van 80 ltr.

4,02 5,36

4,22 5,62

5% 5%

container van 140 ltr. container van 240 ltr.

9,37 16,07

9,84 16,87

5% 5%

volume van 60 ltr. ondergronds

4,02

4,22

5%

Gemiddelde afvalstoffenheffing 1

239,71

258,48

Restafval

1 In 2022 basistarief = 7 x lediging 140 lt restafval In 2023 basistarief = 5 x lediging 140 lt restafval

Berekening kostendekkendheid afvalstoffenheffing Bedragen x € 1,Kosten incl. (omslag)rente excl. kwijtscheldingen

-4.265.948 90

Kosten kwijtscheldingen

-195.809

Kosten uitvoering kwijtscheldingen

-38.615

Inkomsten excl. heffingen

582.186

Mutatie voorziening egalisatie afvalstoffenheffing

-131.468

Netto kosten

-4.049.654

Toe te rekenen kosten: Overhead incl. (omslag)rente

-361.852

BTW

-666.937

Totale kosten

-5.078.442

Opbrengst heffingen: vastrecht

3.946.990

Opbrengst heffingen: variabel recht

1.131.452

Netto opbrengst heffingen

5.078.442

Onttrekking voorziening egalisatie afvalstoffenheffing (verrekend als korting op vastrecht)

0

Totale opbrengst heffingen

5.078.442

Dekking

100%

Rioolheffing en riolering De gemeente Venray heft rioolheffing om de kosten van de riolering, gedefinieerd in de drie zorgplichten (hemelwater, grondwater en afvalwater) te kunnen betalen. Er is gekozen voor een 100% kostendekkende rioolheffing. Dit betekent dat alle kosten gedekt worden door de rioolheffing. Er is geen bijdrage vanuit de algemene middelen aan het product riolering. In het navolgende overzicht zijn de tarieven voor de rioolheffing 2023 opgenomen. Deze zijn in de raadsvergadering van december 2022 vastgesteld. Tarieven Rioolheffing en riolering

eigenaar / Niet gebruiker afgekoppeld

Niet afgekoppeld

Afgekoppeld

Afgekoppeld %

2022

2023

2022

2023

basisheffing vastrecht rioolheffing

Eig.

€ 94,36

€ 97,88

€ 94,36

€ 97,88 3,6%

afvoerheffing afvalwater méérpersoonshuishouden (W)

Gebr.

€ 127,32

€ 132,12

€ 127,38

€ 132,12 3,6%

afvoerheffing afvalwater éénpersoonshuishouden (W)

Gebr.

€ 63,60

€ 66,12

€ 63,60

€ 66,12 3,8%

afvoerheffing afvalwater per eenheid van 500 m³ (N-W)

Gebr.

€ 127,32

€ 132,12

€ 127,32

€ 132,12 3,6%

afkoppeling hemelwater woningen

Eig.

€ 14,15

€ 14,68

€ 0,00

€ 0,00 3,6%

afkoppeling hemelwater (N-W) per eenheid Eig. van 200 m²

€ 14,15

€ 14,68

€ 0,00

€ 0,00 3,6%

91

Als huishoudens besluiten af te koppelen betekent dit minder investeringen voor de gemeente en daarmee vervalt het onderdeel afkoppeling hemelwater (woningen / niet-woningen) voor de aanslagoplegging. In de verordening rioolheffing wordt onderscheid gemaakt tussen rioolheffing voor eigenaren, de zogenaamde aansluitheffing, en een rioolheffing voor gebruikers. Deze laatste wordt onderverdeeld in eenpersoonshuishoudens, meerpersoonshuishoudens en bedrijven. Voor bedrijfsmatige lozingen, dus ook voor tijdelijke bemalingen, geldt een tarief per 250 m³ geloosd afvalwater. Dit tarief is gelijk aan het tarief voor een meerpersoonshuishouden. In het GRP is de heffing als volgt onderverdeeld: De totale heffing voor een meerpersoonshuishouden met hemelwaterafvoer was in 2023 (de basisheffing) € 244,70. Het vastrecht afvalwater, het vastrecht hemelwater en het afvoerrecht hemelwater zijn een bepaald % van de rioolheffing. Het afvoerrecht afvalwater is dan het restant. Onderverdeling heffing GRP vastrecht afvalwater (20% van totale heffing)

€ 48,94

afvoerrecht afvalwater per eenheid van 500 m³

€ 132,14

vastrecht hemelwater (20% van totale heffing)

€ 48,94

afvoerheffing hemelwater per eenheid van 200 m²

€ 14,68

De rioolheffing is in vier delen gesplitst: - aansluitheffing afvalwater (basisheffing vastrecht rioolheffing) Deze geld in principe voor ieder aangesloten pand in de gemeente. Deze heffing wordt bij de eigenaar van het pand in rekening gebracht, want de eigenaar is de enige die invloed heeft op het aanleggen van een rioolaansluiting. In het GRP is vastgesteld dat de hoogte 20% van de basisheffing bedraagt. - afvoerheffing afvalwater Deze is gekoppeld aan het aantal lozingseenheden (niet-woningen, gebaseerd op het drinkwatergebruik) of het aantal bewoners van de woning (één of meerpersoonshuishouden). Deze heffing wordt bij de gebruiker in rekening gebracht. Die kan namelijk, binnen zekere grenzen, de hoeveelheid afvalwater bepalen. - vastrecht hemelwater Dit is een vast, niet variabel recht. Hiermee worden de kosten gedekt die worden gemaakt voor de voorzieningen in openbaar gebied ten behoeve van de inzameling en afvoer van hemelwater. In het GRP is de hoogte vastgesteld op 20 van de basisheffing. - afvoerheffing hemelwater De hoogte van deze heffing wordt bepaald door het op de riolering aangesloten oppervlak. Door af te koppelen kunnen particulieren deze heffing tot nul terugbrengen. Berekening kostendekkendheid rioolheffing Kosten incl. (omslag)rente exclusief kwijtscheldingen

Bedragen x € 1,-3.104.428

Kosten kwijtscheldingen Kosten uitvoering kwijtscheldingen

-68.048 -32.692

Inkomsten excl.heffingen

31.912

Mutatie voorziening egalisatie riolering Netto kosten

-801.848 -3.975.104

Toe te rekenen kosten: Overhead incl. (omslag)rente

-396.489

BTW

-433.395

Totale kosten

-4.804.988

92

Eigenaar

Gebruiker

70%

30%

Totale kosten gesplitst

-4.804.988

-3.365.432 -1.439.556

Opbrengst heffingen

4.804.988

3.365.432

1.439.556

100%

100%

Dekking

Rioolaansluitrecht Voor het tot stand brengen van een individuele aansluiting op het gemeentelijke rioolstelsel wordt een bedrag in rekening gebracht. Dit bedrag is van een aantal factoren afhankelijk. Bijvoorbeeld de afstand van de perceelsgrens tot het riool, of er wordt aangesloten op een vrijverval of drukrioleringstelsel. Deze kosten worden doorberekend aan de aanvrager van de aansluiting. Streven is om deze kosten zoveel mogelijk kostendekkend te laten zijn. De kostendekkendheid staat o.a. als gevolg van de stijgende inflatie en een toename in het aantal drukriool aansluitingen onder druk. Berekening kostendekkendheid rioolaansluitrecht Bedragen x € 1,Kosten incl. (omslag)rente Inkomsten excl.heffingen

-16.556 0

Netto kosten

-16.556

Toe te rekenen kosten: Overhead incl. (omslag)rente BTW

0 -3.477

Totale kosten

-20.033

Opbrengst heffingen

98.983

Dekking

494%

Leges Leges zijn verschuldigd voor verstrekte diensten en worden geheven om de verschillende taken te bekostigen. Bijvoorbeeld het in behandeling nemen van een aanvraag voor een paspoort of rijbewijs. Ook zijn er leges verschuldigd voor het in behandeling nemen van een omgevingsvergunning, een evenementenvergunning of een drank- en horecavergunning. De opbrengsten uit de heffing van leges worden gebruikt om de kwaliteit van de verstrekking te waarborgen en om personeels-, huisvesting- en materiaalkosten te dekken. De opbrengst uit de leges mag de totale kosten niet overtreffen. Leges verordening (x € 1)

Lasten taakvelden

Overhead

Totale lasten

BCF BTW

Andere inkomsten

Leges

KostendekTotale baten kendheid

Titel 1 Algemene dienstverlening 1.1 Burgerlijke Stand

127.863

82.092

0

209.955

0

37.781

37.781

18%

1.2 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart

294.814

151.276

0

446.089

0

217.615

217.615

49%

1.3 Rijbewijzen

143.382

68.771

0

212.153

0

159.115

159.115

75%

1.4 GBA

138.735

110.488

0

249.223

0

17.744

17.744

7%

1.5 Naturalisatie en optieverklaring

N.v.t.

1.6 Wet bescherming persoonsgegevens

N.v.t.

1.7 Bestuursstukken

N.v.t.

93

1.8 Vastgoedinformatie 1.9 Overige publiekszaken 1.10 Reproductiekosten

0

0

0

0

0

0

0

0%

84.879

48.635

0

133.515

0

16.862

16.862

13%

482

516

0

998

0

86

86

9%

1.11 Huisvestingswet

Gratis

1.12 Leegstandwet 1.13 Gemeentegarantie

Gratis 0

0

0

0

0

0

0

0%

2.186

2.633

0

4.819

0

0

0

0%

1.15 Kansspelen

0

0

0

0

0

0

0

0%

1.16 Telecommunicatie

0

0

0

0

0

0

0

0%

1.17 Verkeer en vervoer

1.338

1.336

0

2.674

0

1.143

1.143

43%

0

0

0

0

0

0

0

0%

1.14 Winkeltijdenwet

1.18 Diversen

Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving / omgevingsvergunning 2.2 Vooroverleg / beoordelen concept omgevings- vergunningsaanvraag

130.537

100.160

0

230.697

0

213.739

213.739

93%

2.3-2.6 Omgevingsvergunning

488.857

350.748

0

839.606

0

1.230.249

1.230.249

147%

2.7 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project

712

645

0

1.357

0

0

0

0%

2.8 Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten

35.034

28.913

0

63.946

0

0

0

0%

Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijnen 3.1 Horeca

70.172

79.949

0

150.121

0

34.077

34.077

23%

3.2 Evenementen

69.775

71.714

0

141.490

0

0

0

0%

0

0

0

0

0

0

0

0%

3.3 (Markt)standplaatsen

Gratis

3.4 Huisvestingswet 3.5 Sexbedrijven

0

0

0

0

0

0

0

0%

0

0

0

0

0

0

0

0%

9.424

8.697

0

18.121

0

1.524

1.524

8%

0

0

0

0

0

0

0

0%

3.6 Vervallen 3.7 Vergunning voor het aanleggen, stoken of hebben van vuur in de openlucht 3.8 Brandbeveiligingsverordening 3.9 Muziekvergunning

10.341

2.065

0

12.407

0

4.811

4.811

39%

3.11 Niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

0

0

0

0

0

0

0

0%

3.12 Exploitatie vergunning

0

0

0

0

0

0

0

0%

3.10 Kinderopvang

Kruissubsidiëring vindt plaats binnen en tussen de diverse titels. Een verwacht overschot bij de ene activiteit wordt gebruikt voor de dekking van een verwacht tekort bij een andere activiteit/Een overdekking binnen de ene groep diensten wordt gebruikt voor onderdekking van een andere groep diensten. Marktgelden Elke standplaatshouder op de markt dient jaarlijks marktgeld te betalen. Hiervoor worden onder meer de kramen, stroom, schoonmaak en verkeersmaatregelen gerealiseerd, alsmede de inzet van de marktmeester. De hoogte van het marktgeld wordt berekend aan de hand van strekkende meters van de kramen. Het marktgeld wordt verhoogd als er stroom wordt afgenomen, afhankelijk van de capaciteit van de aansluiting. Havengelden Voor elk schip dat de haven van Wanssum aandoet (liggeld of laden/lossen) is havengeld verschuldigd. Dit is vastgelegd in de havengeldverordening. De havengeldverordening is afgestemd op de actuele activiteiten in de haven van Wanssum. In deze op maat gesneden verordening is daarom een gedifferentieerde tariefstelling opgenomen voor containerschepen en bulkschepen. Er is een tarief voor bulkschepen, gebaseerd op max. laadvermogen van het schip. Voor containerschepen geldt een tarief per geloste standaard container. Schepen met een Green Award certificering krijgen 15% korting op de tarieven.

De tarieven gingen ten opzichte van 2022 met iets meer dan 2% omhoog.

94

Met de opbrengst worden de kosten betaald die de gemeente maakt om de havenvoorzieningen goed te beheren en te onderhouden. De tarieven mogen maximaal kostendekkend zijn. De havengelden zijn uit concurrentie overwegingen niet kostendekkend. Kortheidshalve wordt verwezen naar het "Beheerplan haven Wanssum 2022". Berekening kostendekkendheid havengelden Bedragen x € 1,Kosten incl. (omslag)rente

-474.077

Inkomsten excl.heffingen

6.260

Mutatie voorziening egalisatie industriehaven

0

Netto kosten

-467.817

Toe te rekenen kosten: Overhead incl. (omslag)rente

-26.984

BTW

0

Totale kosten

-494.801

Opbrengst heffingen

193.851

Dekking

39%

Lijkbezorgingsrechten Venray heeft één gemeentelijke begraafplaats: Boschhuizen. Voor het gebruik van deze begraafplaats worden begraafrechten geheven. Er zijn verschillende tarieven. Zo betaalt men bijvoorbeeld voor het recht op een eigen graf voor een bepaalde periode, het bijzetten van urnen en asbussen of het verstrooien van as. In Venray zijn de legestarieven voor de kosten van begraven in 2020 onderzocht en kostendekkend gemaakt met ingang van 1-1-2021. Vanwege specifieke regelgeving en omstandigheden is de totale exploitatie van de begraafplaats niet kostendekkend. Beleid/uitgangspunten algemene begraafplaats Sinds 1972 heeft Venray een algemene begraafplaats. In 1973 en 1974 zijn hier de graven van de Petrus Banden Kerk (katholieke begraafplaats) naar over gebracht. Dit is het begin geweest van de algemene begraafplaats. De graven van de kerk zijn geplaatst in het zogenaamde vak O. Dit vak heeft een aparte status binnen de begraafplaats. Het college van burgemeester en wethouders heeft op 26 juni 2018 de notitie ontwikkeling vak O Begraafplaats Boschhuizen vastgesteld. In deze notitie is besloten om vanaf 26 juni 2018 geen leges meer te heffen over de bestaande graven in vak O. Ook is besloten dat er geen (bij)begravingen, dan wel (bij)plaatsingen van urnen worden toegestaan. Leges verordening (x € 1) Lijkbezorgingsrechten

Lasten taakvelden 180.070

Overhead 11.410

Totale lasten

BCF BTW 0

191.480

Andere inkomsten

Leges 0

44.939

KostendekTotale baten kendheid 44.939

23%

3b. Algemene belastingen Onroerendezaakbelastingen (OZB) Iedere eigenaar van een onroerende zaak, zoals een woning of niet-woning is belastingplichtig in het kader van de OZB. Een gebruiker van een onroerende-zaak zijnde niet-woning is ook belastingplichtig in het kader van de OZB. Dit met uitzondering van het woondeel van een nietwoning. Voor de inkomstenraming OZB geldt als algemeen uitgangspunt een constante omvang van de opbrengst van de OZB en een jaarlijkse aanpassing van de OZB tarieven. In het coalitieakkoord 2022-2026 is vastgelegd dat als uitgangspunt voor de OZB de jaarlijkse inflatiecorrectie wordt gekozen. Conform de begroting is voor 2023 het inflatiepercentage van 2,3 % toegepast. (Water)verblijfsbelasting Belast is een overnachting in vakantieonderkomens, mobiele kampeeronderkomens, niet-beroepsmatig verhuurde ruimten, vaste standplaatsen en logiesverblijven. De aanslag toeristenbelasting

95

wordt opgelegd aan de hotelier, pensionhouder, campinghouder etc., maar ook op locaties waar buitenlandse werknemers verblijven. De toeristen zelf ontvangen geen aanslag, maar zien het bedrag meestal wel op de rekening. De stijging van het tarief wordt pas doorgevoerd, zodra het tarief afgerond kan worden op 5 cent. Uitgangspunt is een aanpassing van de tarieven met het geldende CPB inflatiepercentage. Voor 2023 is uitgegaan van een inflatiepercentage van 2,30%. Het tarief voor de (water)verblijfsbelasting 2023 is ten opzichte van 2022 hierdoor gelijk gebleven. 2022

2023

2024

2025

2026

2027

2,30%

3,90%

1,60%

1,60%

1,60%

berekend tarief

1,30

1,33

1,38

1,40

1,43

1,45

werkelijk tarief

1,30

1,30

1,35

1,40

1,40

1,45

inflatiepercentage

Parkeerbelasting De parkeerbelasting geldt voor de afgesloten parkeerterreinen Blekersveld, Raadhuisplein en de parkeergarage De Gouden Leeuw. De tarieven voor 2023 zijn gelijk gebleven aan de tarieven 2022. Reclamebelasting De reclamebelasting kennen we in Venray sinds 2009 en is bedoeld om de lokale economie (in)direct te stimuleren en is daarbij alleen van toepassing op het centrumgebied. Deze belasting wordt elk jaar geheven ter zake van openbare aankondigingen zichtbaar vanaf de openbare weg. De opbrengst hiervan komt na aftrek van de inningskosten toe aan de ondernemersvereniging Venray Centraal. Deze kan daarmee haar promotionele acties, de organisatie van speciale events, alsmede sfeerbevordering (zoals middels de Kerstverlichting) bekostigen. De tarieven worden ieder jaar afgestemd met de Ondernemersvereniging Venray Centraal. De gemeente int de jaarlijkse bijdragen en betaalt deze, onder inhouding van de inningskosten, uit als subsidie aan de Ondernemersvereniging Venray Centraal. 2022

2023 %

voor een reclameobject met een oppervlakte tot 0,5 m²:

475

475

0,00%

voor een reclameobject met een oppervlakte van 0,5 m² tot 2,5 m²:

600

600

0,00%

voor een reclameobject met een oppervlakte van 2,5 m² tot 5 m²:

675

675

0,00%

voor een reclameobject met een oppervlakte van 5 m² tot 10 m²:

750

750

0,00%

voor een reclameobject met een oppervlakte vanaf 10 m²:

825

825

0,00%

BIZ-Smakterheide Op grond van de wet op de Bedrijven–Investerings-Zones (BIZ) is het mogelijk om binnen een nader af te bakenen gebied (zoals een bedrijventerrein) alle ondernemers gezamenlijk mee te laten betalen aan de kwaliteitsverbetering van hun bedrijfsomgeving. Daarbij gaat het dan om activiteiten gericht op het bevorderen van de veiligheid of verbeteringen van de openbare ruimte in het betreffend gebied. Hiermee wordt het “freeriders” gedrag voorkomen. Sinds 2012 is een BIZ actief op bedrijventerrein Smakterheide. De gemeente int de jaarlijkse bijdragen en betaalt deze, onder inhouding van de inningskosten, uit als subsidie aan de Ondernemersvereniging Smakterheide. De tarieven worden ieder jaar afgestemd met de ondernemersvereniging en zijn ten opzichte van 2022 gelijk gebleven. 2022

2023

WOZ-waarde lager dan € 250.000

250

250

WOZ-waarde vanaf € 250.000 en lager dan € 1.000.000

500

500

WOZ-waarde vanaf € 1.000.000 en lager dan € 5.000.000

1000

1000

WOZ-waarde vanaf € 5.000.000

1500

1500

4. De lokale belastingdruk Belastingdruk woningen: In de Programmabegroting is aangegeven dat het belastingniveau een reële bijdrage moet leveren aan de gestelde ambities. Het streven naar een belastingdruk (uitgedrukt via het belastingpakket OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffingen) die per meerpersoonshuishouden zoveel mogelijk gelijk

96

aan of onder het gemiddelde van de provincie Limburg ligt. Dat deze doelstelling is behaald blijkt uit de door de provincie Limburg verstrekte cijfers. Uit onderstaande overzichten blijkt dat de gemeente Venray tot de “relatief” goedkope gemeenten in Limburg hoort (bron: Provincie Limburg) met een gemiddelde lastendruk voor een huishouden (eigenaar en gebruiker) van € 865,57 en een lastendruk voor een huurder (gebruiker) van € 390,60. De gemiddelde lastendruk per huishouden (eigenaar en gebruiker) in de provincie Limburg is gestegen met 2,77% en bedraagt € 876,89 en de gemiddelde lastendruk voor de huurder (gebruiker) is gestegen met 3,32% en bedraagt € 383,44. De belastingdruk voor het belastingpakket 2023 per huishouden van OZB eigenaar (woonruimten, dus zonder bedrijven), rioolheffing en afvalstoffenheffing in vergelijking met regionale cijfers (Provincie Limburg) geeft het volgende beeld te zien:

97

98

4] Bron: belastingoverzicht 2023 Limburgse gemeenten uitgegeven door provincie Limburg Belastingdruk gemeente Venray per huishouden en bedrijf Artikel 16 lid 5 van de financiële verordening (ex artikel 212 Gemeentewet) geeft aan dat het college bij de jaarrekening verslag doet van de ontwikkeling van de lokale lastendruk voor éénpersoonshuishouden, meerpersoonshuishouden en bedrijven. Eénpersoonshuishoudens

WOZ-waarde

2021

2021

2022

2022

2023

2023

raming

realisatie

raming

realisatie

raming

realisatie

240.800,00 243.100,00 265.300,00 264.400,00 301.700,00 304.687,00

Lastendruk 99

OZB eigenaar

333,27

336,45

341,18

340,02

347,26

350,69

Rioolheffing eigenaar

104,61

104,61

108,51

108,51

112,56

112,56

Rioolheffing gebruiker

61,40

61,40

63,60

63,60

63,60

63,60

Afvalstoffenheffing

188,70

188,70

222,56

222,56

268,36

268,36

Totaal

687,98

691,16

735,85

734,69

791,78

795,21

Noot: voor 2021 is uitgegaan van een vast tarief vermeerderd met 13 ledigingen bij de ondergrondse voorziening. Meerpersoonshuishoudens

WOZ-waarde

2021

2021

2022

2022

2023

2023

raming

realisatie

raming

realisatie

raming

realisatie

240.800,00 243.100,00 265.300,00 264.400,00 301.700,00 304.687,00

Lastendruk OZB eigenaar

333,27

336,45

341,18

340,02

347,26

350,69

Rioolheffing eigenaar

104,61

104,61

108,51

108,10

112,56

112,56

Rioolheffing gebruik

122,79

122,79

127,32

127,32

132,12

132,12

Afvalstoffenheffing

219,01

219,01

239,71

239,71

258,48

258,48

Totaal

779,68

782,86

816,72

815,15

850,42

853,85

Noot: voor 2021 is uitgegaan van een vast tarief vermeerderd met 7 ledigingen van 140 liter container Restafval en 3 ledigingen van containers van 140 liter GFT. voor 2022 is uitgegaan van een vast tarief vermeerderd met 7 ledigingen van 140 liter container Restafval. voor 2023 is uitgegaan van een vast tarief vermeerderd met 5 ledigingen van 140 liter container Restafval Bedrijven

WOZ-waarde

2021

2021

2022

2022

2023

2023

raming

realisatie

raming

realisatie

raming

realisatie

566.000,00 583.200,00 583.500,00 591.000,00 594.100,00 616.573,00

Lastendruk OZB eigenaar

1.714,98

1.767,10

1.791,93

1.814,96

1.856,56

1.926,79

OZB gebruiker

1.364,06

1.405,51

1.423,74

1.442,04

1.474,56

1.530,33

104,61

104,61

108,51

108,51

108,51

108,51

Rioolheffing eigenaar Rioolheffing gebruiker Totaal

122,79

122,79

127,32

127,32

127,32

127,32

3.306,44

3.400,01

3.451,50

3.492,83

3.566,95

3.692,95

5. Het gerealiseerde kwijtscheldingsbeleid Burgers die de aanslag niet kunnen betalen, kunnen in aanmerking komen voor kwijtschelding. Handmatige- en geautomatiseerde kwijtschelding Kwijtschelding vindt enerzijds plaats door middel van een toetsing door de Stichting Inlichtingenbureau van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Dit bureau voert geautomatiseerde bestandsvergelijkingen uit, waardoor de kwijtschelding eenvoudiger en geautomatiseerd toegekend kan worden. Anderzijds wordt ook nog een aanzienlijk aantal verzoeken tot kwijtscheldingen handmatig beoordeeld en afgehandeld. 100% Norm De raad heeft in het verleden besloten de regeling voor kwijtschelding zo ruim mogelijk toe te passen. Het normbedrag voor levensonderhoud is toen vastgesteld op 100% van de bijstandsnorm. Het gehanteerde normbedrag is het maximale bedrag dat gemeenten mogen hanteren volgens de Invorderingswet 1990 en de daarbij behorende uitvoeringsregeling. Waarbij wordt uitgegaan van het vermogensbegrip van art. 34 van de Participatiewet. Daarnaast is conform het raadsbesluit van 31 januari 2023, met terugwerkende kracht, de maximale verruiming van de kwijtschelding vermogensnorm doorgevoerd..

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14151606/1