CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 17 Notitie plan-mer-beoordeling

Gemeenteraad 23 september 2025, gemeente VenrayBij agendapunt: TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22c, Nieuw Medisch Centrum Venray24.245 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum In de Wieën te Venray

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum In de Wieën te Venray

Rapportnummer:

TON240021.001.001/EVO

Opsteller:

E. van Overbeek, K. Albers

Status:

definitief

Datum:

25 juni 2024

Pouderoyen Tonnaer is een handelsnaam van Tonnaer Adviseurs in Omgevingsrecht B.V. St. Stevenskerkhof 2 6511 VZ Nijmegen T (024) 322 45 79 info@pouderoyentonnaer.nl pouderoyentonnaer.nl

Op onze dienstverlening zijn de DNR 2011 van toepassing die u vindt op pouderoyentonnaer.nl

TON240021.001.001/EVO

Inhoud 1

Inleiding .............................................................................................................. 4 1.1 Aanleiding ............................................................................................................................... 4

2

Wettelijk kader ................................................................................................... 5 2.1 Plan-m.e.r.-beoordeling ......................................................................................................... 5 2.2 Procedure plan-m.e.r.-beoordeling ........................................................................................ 6 2.3 Inhoud van de plan-m.e.r.-beoordeling ................................................................................. 6

3

Kenmerken van het plan ..................................................................................... 8 3.1 Doel van het omgevingsplan .................................................................................................. 8 3.2 Omvang van het plan.............................................................................................................. 8 3.3 Plaats van het plan ................................................................................................................. 9 3.4 Kenmerken van het gebied................................................................................................... 11

4

Bestaande situatie ............................................................................................ 13

5

Milieueffecten .................................................................................................. 15 5.1 Inleiding ................................................................................................................................ 15 5.2 Verkeer ................................................................................................................................. 15 5.3 Luchtkwaliteit ....................................................................................................................... 16 5.4 Geur ...................................................................................................................................... 20 5.4.1

Woon- en leefklimaat ...................................................................................................................... 20

5.4.2

Omgekeerde werking ...................................................................................................................... 23

5.5 Natuur................................................................................................................................... 24 5.5.1

Natura2000 ...................................................................................................................................... 24

5.5.2

Natuurnetwerk ................................................................................................................................ 26

5.5.3

Flora en fauna .................................................................................................................................. 27

5.5.4

Houtopstanden ................................................................................................................................ 29

5.6 Geluid ................................................................................................................................... 29 5.6.1

Gevelbelasting nieuw medisch centrum .......................................................................................... 29

5.6.2

Indirecte akoestische effecten......................................................................................................... 31

5.7 Gezondheid en veehouderijen ............................................................................................. 31 5.8 Externe veiligheid ................................................................................................................. 35

2

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

5.9 Bodem .................................................................................................................................. 37 5.10 Water .................................................................................................................................... 39 5.11 Archeologie en cultuurhistorie ............................................................................................. 42 5.12 Klimaat .................................................................................................................................. 43 5.13 Molenbiotoop ....................................................................................................................... 44

6 Samenvatting en conclusies .................................................................................. 46 Bronnen .................................................................................................................. 50 Bijlagen ................................................................................................................... 51

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

1 Inleiding 1.1

Aanleiding

Het VieCuri Medisch Centrum wil in Venray op de locatie In de Wieën, ter plaatse van de huidige softbal-/honkbalvelden, een nieuwe ziekenhuisvoorziening realiseren. Het nieuwbouwplan is nog niet concreet uitgewerkt. Op basis van de (voormalige) bestemmingsplannen voor de kern Venray en de N270 hebben de gronden de bestemmingen ‘Recreatie’, ‘Verkeer’ en ‘Groen’ in combinatie met de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 4’. Daarnaast zijn de gebiedsaanduidingen ‘overige zone – radarverstoringsgebied’ en ‘vrijwaringszone – molenbiotoop’ van toepassing. Deze bestemmingsplannen zijn met het inwerkingtreden van de Omgevingswet op 1 januari 2024 van rechtswege opgegaan in het tijdelijke deel van het omgevingsplan. Ter plaatse van het plangebied is de realisatie van een ziekenhuisvoorziening planologisch niet toegestaan. Daarom moet het omgevingsplan gewijzigd worden. Omdat er nog geen concreet bouwplan is, zal het nieuwe omgevingsplan(deel) kaderstellend zijn. Gekozen wordt voor een TAM-IMRO omgevingsplan (afgekort: TAM-omgevingsplan). Dit is een tijdelijk alternatief voor gemeenten. Het TAM-omgevingsplan is een nieuw juridisch kader op basis van oude techniek (de oude uitwisselingsstandaard IMRO en de oude voorziening Ruimtelijkeplannen.nl). Juridisch moet wel worden voldaan aan de regels van de Omgevingswet.

Figuur 1: Voormalige bestemmingsplannen ‘Kern Venray’ en N270 via Venray’ met begrenzing plangebied (rode contour, indicatief)

Voor een kaderstellend TAM-Omgevingsplan moet een plan-m.e.r.-beoordeling uitgevoerd worden. Deze notitie voorziet in alle informatie die hiervoor nodig.

4

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

2 Wettelijk kader 2.1

Plan-m.e.r.-beoordeling

In artikel 16.36 van de Omgevingswet staat geregeld dat een plan-m.e.r.-plichtig is als: • het plan het kader vormt voor later te nemen besluiten voor projecten die worden genoemd in Bijlage V van het Omgevingsbesluit, maar die niet project-m.e.r.-plichtig zijn; • als voor het plan bij de voorbereiding een passende beoordeling moet worden gemaakt vanwege Natura2000-activiteiten. Hierop geldt een uitzondering: als sprake is van een klein gebied op lokaal niveau en de gemeente het bevoegd gezag is, kan een plan-m.e.r.-beoordeling gemaakt worden (dit is geregeld in artikel 16.36 lid 3 en 4 van de Omgevingswet). Op basis hiervan wordt beoordeeld of het omgevingsplan aanzienlijke milieueffecten kan hebben. Europese jurisprudentie geeft een eerste inkleuring van het begrip 'klein gebied'. Het Hof concludeerde dat de grootte van het betrokken gebied, vergeleken met die van dat grondgebied, klein moet zijn. Als uit de plan-m.e.r-beoordeling volgt dat aanzienlijke milieueffecten kunnen optreden moet alsnog een plan-MER opgesteld worden. Afkortingen: m.e.r. = de procedure voor milieueffectrapportage MER = het milieueffectenonderzoek / het rapport

Het omgevingsplan maakt een nieuwe ziekenhuisvoorziening mogelijk en is daarmee kaderstellend voor besluiten over stedelijk ontwikkelingsproject (J11 in bijlage V van het Omgevingsbesluit). Een stedelijk ontwikkelingsproject is een ruim begrip, waaronder ook ziekenhuizen vallen (volgens de nota van toelichting bij Bijlage V van het Omgevingsbesluit; toelichting op projecten). Tot een stedelijk ontwikkelingsproject worden ook alle voorzieningen gerekend die moeten worden getroffen voor het project, zoals aanleg van infrastructuur. Voor het uitvoeren van de m.e.r.beoordeling voor een stedelijk ontwikkelingsproject moet bekeken worden of er ten opzichte van de huidige functie van het plangebied (in dit geval een sportpark) per saldo aanzienlijke negatieve milieueffecten kunnen zijn. Het betreft een lokaal, gemeentelijk plan voor een klein plangebied in verhouding met het totale grondgebied van de gemeente Venray, wordt voor het omgevingsplan een plan-m.e.r.-beoordeling uitgevoerd. Deze notitie voorziet in alle informatie die nodig is voor het bevoegd gezag om te beslissen of een planMER noodzakelijk is.

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

2.2

Procedure plan-m.e.r.-beoordeling

De voorgenomen plan-mer-beoordeling kent 2 verplichte stappen. Stap 1: bevoegd gezag beoordeelt de effecten De gemeente beoordeelt de effecten van het omgevingsplan om te bepalen of een plan-m.e.r. moet worden doorlopen. Als het plan geen aanzienlijke effecten voor het milieu kan hebben, volgt geen plan-milieueffectrapportage. Voor deze beslissing raadpleegt de gemeente ook andere bestuursorganen en wettelijke adviseurs. Stap 2: Bevoegd gezag motiveert de keuze in plan of programma De gemeente motiveert in het omgevingsplan dat er geen plan-milieueffectrapportage nodig is (artikel 11.1, lid 1, Omgevingsbesluit). Let op: Er is geen bezwaar of beroep mogelijk tegen de m.e.r.-beoordelingsbeslissing dat een planMER niet nodig is (artikel 6:3 Awb). Er is wel inspraak mogelijk op het omgevingsplan, waar de plan-m.e.r.-beoordeling bij hoort. Tegen het omgevingsplan staat ook beroep open voor belanghebbenden.

2.3

Inhoud van de plan-m.e.r.-beoordeling

De inhoud en diepgang van de plan-m.e.r.-beoordeling is afgestemd op de aard, omvang en gevoeligheid van het omgevingsplan. Bij de plan-m.e.r.-beoordeling moet rekening gehouden worden met de criteria van bijlage II bij de SMB-richtlijn (Europese richtlijn 2001/42/EG). De 2 hoofdcriteria in een plan-mer-beoordeling zijn: 1. de kenmerken van het plan of programma 2. de kenmerken van de effecten en van de gebieden die kunnen worden beïnvloed Deze zijn aangevuld met de volgende subcriteria. 1. Kenmerken van het plan • de mate waarin het plan een kader is voor de ligging, aard, omvang en gebruiksvoorwaarden voor het project. En voor de toewijzing van hulpbronnen. • de mate waarin het plan andere plannen en programma's beïnvloedt, inclusief de plannen die deel zijn van een hiërarchisch geheel. • de relevantie van het plan voor de integratie van milieuoverwegingen, vooral met het oog op de bevordering van duurzame ontwikkeling. • milieuproblemen die relevant zijn voor het plan. • de relevantie van het plan voor de toepassing van de milieuwetgeving van de gemeenschap. Bijvoorbeeld plannen in verband met afvalstoffenbeheer of waterbescherming. 2.

Kenmerken van de effecten • de waarschijnlijkheid, duur, frequentie en omkeerbaarheid van de effecten • de cumulatieve aard van de effecten • de grensoverschrijdende aard van de effecten • de risico's voor de menselijke gezondheid of het milieu (bijvoorbeeld door ongevallen)

6

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

• •

de orde van grootte en het ruimtelijk bereik van de effecten (geografisch gebied en omvang van de bevolking die getroffen kan worden de waarde en kwetsbaarheid van het gebied dat kan worden beïnvloed, gelet op: o bijzondere natuurlijke kenmerken of cultureel erfgoed o de overschrijding van de milieukwaliteitsnormen of van grenswaarden o intensief grondgebruik o de effecten op gebieden en landschappen die door een lidstaat, door de gemeenschap, dan wel in internationaal verband als beschermd gebied zijn erkend.

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

3 Kenmerken van het plan 3.1

Doel van het omgevingsplan

VieCuri wil het huidige medisch centrum aan de Merseloseweg 130 in Venray verplaatsen naar het honkbalveld van sportcomplex De Wieën op de hoek In de Wieën/Leunseweg in Venray. Het huidig medisch centrum voldoet niet meer aan de wensen en eisen van deze tijd. Daarnaast is er vanuit de politiek en zorgverzekeraars een onmiskenbare trend waarneembaar om de zorg rondom de patiënt te optimaliseren en efficiënter te maken. Ook vanwege de vergrijzing is het noodzakelijk om de toenemende vraag in de toekomst goed op te kunnen blijven vangen. Dit vraagt om een intensievere samenwerking tussen diverse zorgpartijen. De zorgfunctie van het medisch centrum voor Venray krijgt daarbij een andere invulling en zal gericht zijn op (uitsluitend) poliklinische zorg. Hiervoor zijn inmiddels de operatiekamers en intensive care verplaatst naar Venlo. Een medische zorg in de vorm van een medisch centrum is en blijft wenselijk in de regio Venray om daarmee de zorg rondom patiënten dichtbij de dagelijkse omgeving te organiseren. Om op het sportcomplex een nieuw medisch centrum planologisch mogelijk te maken is een ruimtelijke procedure noodzakelijk. Omdat het plan nog onvoldoende concreet is en flexibiliteit gewenst is, wordt het tijdelijke deel van het omgevingsplan gewijzigd.

3.2

Omvang van het plan

Er is nog geen concrete inrichtingstekening met de beoogde inrichting van het plangebied. Het omgevingsplan voorziet in de (planologisch-juridische) kaders, waarbij voorzien wordt in de benodigde en gewenste flexibiliteit op basis waarvan het plan verder uitgewerkt kan worden. Het nieuwe medisch centrum zal gasloos worden uitgevoerd en bestaat uit een gebouw met een footprint van maximaal 2.500 m2 in maximaal drie bouwlagen (maximaal 7.500 m2), met daar bovenop ruimte voor de benodigde technische installaties. Om deze installaties aan het zicht te onttrekken wordt voorzien in een bouwhoogte van maximaal 13 meter. Het bouwvlak waar het gebouw gerealiseerd moet worden is zoveel mogelijk in het oostelijk deel van het plangebied gesitueerd, aan de achterzijde van het naastgelegen MC Wieënhof (gezondheidscentrum). De overige gronden binnen het plangebied zijn nodig voor de ontsluiting, weg- en parkeervoorzieningen, groenvoorzieningen en een waterhuishoudkundige voorziening.

Figuur 2: Schets uit de uitgevoerde massastudie: de gekozen variant voor de situering van het gebouw aan de oostzijde (indicatief)

8

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

Het plangebied wordt aan twee zijden ontsloten: • via de zuidzijde door een in- en uitrit die via In de Wieën aangesloten wordt op de bestaande oprit naar de provinciale weg N270 (Deurneseweg). VieVuri gaat zich inspannen om de in- en uitrit zodanig te situeren dat er geen bomen gekapt hoeven te worden en dat met name de bestaande bomenrij langs de oprit gehandhaafd kan blijven; • via de oostzijde en het bestaande parkeerterrein, met een uitrit op de Leunseweg.

3.3

Plaats van het plan

Het plangebied ligt in de bebouwde kom van Venray op de hoek In de Wieën/Leunseweg, nabij de op- en afritten van de provinciale weg N270 (Deurneseweg). Momenteel is het plangebied in gebruik als sportcomplex, in het bijzonder als honkbalveld. Het plangebied is kadastraal bekend als gemeente Venray, sectie L, perceelsnummer 5640 (ged) en sectie N, perceelnummer 2078 (ged). Het oppervlak van het plangebied bedraagt ongeveer 1,8 - 2,0 ha.

Figuur 3: Topografische kaart met aanduiding ligging planlocatie

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

Figuur 4: Luchtfoto’s met aanduiding plangebied (bron: Slagboom en Peeters, Obliekviewer)

Locatie-onderzoek Voor het nieuwe medisch centrum is een locatieonderzoek uitgevoerd. In dit locatieonderzoek zijn in totaal 10 locaties in ogenschouw genomen. Deze locaties zijn beoordeeld op een groot aantal aspecten in de vorm van een matrix: • fysiek voldoende ruimte; • eigendomssituatie/verwervingsmogelijkheid; • bestaande opstellen en transformatie mogelijkheid; • bestemmingsplan mogelijkheden (thans tijdelijk omgevingsplan); • komst VieCuri - kwaliteit omgeving (groen, monumentaal, etc.); • bereikbaarheid vanaf A73 - Venray (auto); • bereikbaarheid overig verkeer (fiets o.a.); • zichtbaarheid; • extra benodigde investeringen vastgoed • extra benodigde investeringen infrastructuur; • verbinding met zorginfrastructuur Venray.

10

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

Matrix beoordeling locaties

Uit de beoordeling van de locaties is gebleken dat de locatie ‘sportvelden De Wieën’ het beste scoort. In overleg met de gemeente is besloten om op deze locatie het nieuwe medisch centrum te gaan realiseren en is een overeenkomst (met ontbindende voorwaarden) gesloten tussen de gemeente Venray en VieCuri gesloten over de verwerving van de gronden.

3.4

Kenmerken van het gebied

Ten noorden en westen van het plangebied liggen sportvelden. Aan de zuidzijde bevindt zich de provinciale weg N270 (Deurneseweg). Ten oosten bevindt zich het gezondheidscentrum MC Wieënhof en de Leunseweg. Het plangebied bestaat in de bestaande situatie uit meerdere elementen: sportveld (honkbalterrein, bestaande uit gras en deels gravel en enkele bakstenen dug-outs), een (geasfalteerd) parkeerterrein, een bomenrij (lindes) en een deel van een weg (In de Wieën) inclusief aangrenzende wegbermen. De sportvelden zijn afgerasterd middels gaashekwerk. Binnen het plangebied en in de directe omgeving van het plangebied zijn geen beschermde natuurgebieden aanwezig. Binnen het plangebied geldt een hoge archeologische verwachtingswaarde. Binnen het plangebied liggen geen AMK-terreinen of monumenten. In de omgeving van het plangebied liggen enkele aardgastransportleidingen. Het plangebied ligt binnen de invloedssfeer van een transportroute voor gevaarlijke stoffen (N270). Het plangebied ligt circa 1 km ten zuiden van de bebouwde kom aan de N270. Aan zuidzijde van de N270 ligt het vee-rijke buitengebied rondom de kern Leunen. Het varkensbedrijf Enge Steeg 1 ligt op ca. 185 meter afstand. In de omgeving liggen op grotere afstand nog meer veehouderijen. Op 1 km afstand worden op de veehouderij Weideweg 7 geiten gehouden.

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

Figuur 5: Ligging vergunde veehouderij in omgeving van het plangebied (mei 2024)

12

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

4 Bestaande situatie Het plangebied bestaat in de bestaande situatie uit meerdere elementen: sportvelden (bestaande uit voornamelijk gras en deels gravel), een (geasfalteerd) parkeerterrein, een bomenrij (lindes) en een deel van een weg (In de Wieën) inclusief aangrenzende wegbermen. Behalve enkele bakstenen dug-outs is binnen de projectlocatie geen bebouwing aanwezig. De sportvelden zijn afgerasterd middels gaashekwerk. Zie ook de luchtfoto’s in paragraaf 3.3.

Figuur 6: Streetview t.p.v. In de Wieën ter hoogte van het plangebied (bron: Google Streetview)

Figuur 7: Foto’s planlocatie, met de klok mee: huidig sportveld met dug-outs, MC Wieënhof, parkeerplaats en de weg In de Wieën (bron: Quickscan Wet natuurbescherming, Econsultancy)

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

Door de ligging van het plangebied aan de provincialse weg N270 (Deurneseweg) en de Leunseweg grenst het plangebied aan belangrijke ontsluitings- en uitvalswegen binnen de gemeente Venray en de kern Venray in het bijzonder. Autonome ontwikkeling ‘Via Venray’ ‘Via Venray’ betreft een serie economische maatregelen waaronder de verkeerskundige aanpassing van de N270 ten zuiden van Venray tussen de Langstraat (westzijde) en de Monseigneur Hanssenstraat (oostzijde in Oostrum). Bij het plangebied ligt de bestaande ongelijkvloerse aansluiting N270 – Leunseweg. In het kader van project ‘Via Venray’ wordt de rotonde omgebouwd naar een kruising met verkeerslichten. De aansluiting van de Leunseweg op de N270 is één van de drukste kruispunten in Venray. Door de ombouw van de bestaande rotonde naar een kruising met verkeerslichten, wordt de verkeersafwikkeling op dit punt verbeterd ten opzichte van de bestaande rotonde. Wel blijft het knelpunt dat deze aansluiting in de avondspits van 2030 ook met de nieuwe verkeerslichten tegen de capaciteitsgrenzen zit. Binnen ‘Via Venray’ is geconcludeerd dat verkeerslichten op deze locatie de beste mogelijkheid is om het verkeer af te wikkelen, ondanks dat in de avondspits van 2030 de capaciteitsgrenzen bereikt worden. (Bron: Royal HaskoningDHV, Memo Ontsluitingsvarianten VieCuri Venray, BI3353-MI-NT-220304-1023, 3 maart 2022)

14

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

5 Milieueffecten 5.1

Inleiding

In dit hoofdstuk worden de kenmerken van de effecten beschreven en wordt per relevant milieuaspect ingegaan op de milieueffecten van het plan. Deze worden vergeleken met de bestaande milieusituatie. Op grond van de te verwachten verandering wordt beoordeeld of er per saldo aanzienlijke milieueffecten kunnen optreden, waarvoor het opstellen van een MER noodzakelijk is.

5.2

Verkeer

Royal HaskoningDHV heeft drie ontsluitingsvarianten onderzocht (Royal HaskoningDHV, Memo Ontsluitingsvarianten VieCuri Venray, BI3353-MI-NT-220304-1023, 3 maart 2022). Bij het onderzoek naar de ontsluiting van het nieuwe medisch centrum is gebruik gemaakt van het statische verkeersmodel ‘Noord Limburg’. In het verkeersmodel is in het Prognosejaar 2030 een variant gemaakt waarbij het ziekenhuis op huidige locatie aan de Merseloseweg verplaatst is naar de beoogde locatie In de Wieën. In overleg met VieCuri, gemeente Venray, Provincie Limburg en Goudappel Coffeng zijn drie ontsluitingsvarianten voor de nieuwe locatie bepaald. Het verkeerskundig effect en de haalbaarheid van de ontsluitingsvariant is middels een dynamische verkeerssimulatie in beeld gebracht. Variant 1+ scoort het minst slecht: IN via In de Wieën en UIT via In de Wieën (VRI) en Leunseweg. Bij Variant 1+ is de VRI regeling zo ontworpen dat op de uitrit van het parkeerterrein op de Leunseweg alleen uitrijden mogelijk is. Dit betekent dat ook het verkeer naar MC De Wieënhof gebruik moet gaan maken van de nieuwe inrit van VieCuri via In de Wieën. De optie om ook inrijden op de Leunseweg toe te staan is onderzocht, maar is niet wenselijk.

Figuur 8: Situatieschets Variant 1+ (bron: Memo ontsluitingsvarianten Royal HaskoningDHV)

Met de realisatie van VieCuri zal in 2030 de verkeersruimte volledig benut zijn. Zou blijken dat de ontwikkeling uiteindelijk meer verkeer genereert dan nu gedacht wordt of dat het prognosejaar te lage verkeersaantallen heeft berekend dan heeft dit direct negatieve invloed op de afwikkeling op het kruispunt N270 – Leunseweg en deze hoek van de ‘Via Venray’. De verkeersproductie voor het ziekenhuis op de nieuwe locatie is in het verkeersmodel opgenomen met in circa 1.700 mvt/etmaal, volgens opgave van VieCuri.

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

5.3

Luchtkwaliteit

Voor het planvoornemen is luchtkwaliteitsonderzoek uitgevoerd (Onderzoek luchtkwaliteit Nieuw Medisch Centrum Zuidsingel te Venray, rapportnummer 10686.007 versie D2, Econsultancy B.V., 26 april 2024). De Wet milieubeheer vormt met titel 5.2 ‘Luchtkwaliteitseisen’ het wettelijk kader voor de beoordeling van de luchtkwaliteit. Een plan is conform artikel 5.16 toelaatbaar indien deze: • niet resulteert in een overschrijding van een grenswaarde; • niet resulteert in een verslechtering van de luchtkwaliteit; • niet in betekenende mate bijdraagt aan de luchtverontreiniging; • is opgenomen in, of past binnen het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit. Besluit- en regeling niet in betekenende mate bijdragen (NIBM) Sinds 15 november 2007 zijn bepalingen met betrekking tot de luchtkwaliteitseisen opgenomen in de Wet milieubeheer (hoofdstuk 5 titel 2 Wm). In titel 5.2 staat een kader opgenomen waaraan de toelaatbaarheid van een project kan worden getoetst. Op basis van artikel 5.16, eerste lid geldt dat een project onder andere toelaatbaar is indien deze ‘niet in betekenende mate’ (NIBM) bijdraagt aan de concentratie in de buitenlucht van een stof waarvoor in bijlage 2 een grenswaarde is opgenomen. In het besluit NIBM staat vermeld dat een project NIBM is bij een toename van maximaal 3% van de grenswaarde (zijnde 1,2 μg/m³) voor de jaargemiddelde concentratie NO2 en PM10.

Wanneer een project als NIBM kan worden beschouwd, vormt de luchtkwaliteit in beginsel geen belemmering voor de doorgang van dat project. Met de ‘Regeling niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen) zijn categorieën aangewezen die in elk geval NIBM bijdragen aan de concentraties in de buitenlucht. Aangezien een ziekenhuisvoorziening niet binnen de aangewezen categorieën valt, zal voor de toetsing aan de luchtkwaliteit worden aangesloten bij het Besluit NIBM. Evenwichtige toedeling van functies aan locaties In het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties wordt tevens onderzocht wat de luchtkwaliteit is ter plaatste van de voorgenomen ontwikkeling en of er sprake is van een dreigende normoverschrijding. In de Wet milieubeheer zijn grenswaarden opgenomen voor zwaveldioxide, stikstofdioxide en stikstofoxiden, fijn stof, lood, koolmonoxide en benzeen. Hiervan zijn voor het planvoornemen de grenswaarden voor stikstofdioxide NO2 (jaargemiddelde), fijn stof PM10 (jaar- en daggemiddelde) en zeer fijn stof PM2,5 (jaargemiddelde) van belang, aangezien het plan resulteert in een toename van verkeersbewegingen, maar ook vanwege de aanwezigheid van veehouderijen binnen een straal van 250 meter van het plangebied. Gezondheidskundige advieswaarden De wettelijke normen (EU-grenswaarde) voor o.a.

fijn stof (PM10), zeer fijn stof (PM2,5) en stikstofdioxiden (NO2) in de Wet milieubeheer liggen hoger dan de gezondheidskundige WHOadvieswaarden, zie tabel 1. De Europese grenswaarden voor de luchtkwaliteit zijn bedoeld om de gezondheid van de bevolking te beschermen. De WHO-richtlijnen zijn bedoeld voor beleidsvorming en om beleidsopties voor luchtkwaliteitsbeheer te ondersteunen. De EU-grenswaarden is een compromis tussen wat vanuit gezondheidsperspectief wenselijk is, wat technisch mogelijk is en wat economisch en politiek haalbaar is.

16

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

De gemeente Venray is aangesloten bij het Schone Lucht Akkoord. Een van de afspraken is dat partijen toewerken naar de WHO-advieswaarden uit 2005, in het jaar 2030. De advieswaarde in 2005 voor de jaargemiddelde concentratie PM10 was 20 µg/m3, voor PM2,5 10 µg/m3 en voor jaargemiddelde NO2 40 µg/m3. Voor fijnstof zijn in 2021 deze advieswaarden aangescherpt. Tabel 1: Toetsingskaders, normstellingen en advieswaarden fijn stof (PM10), zeer fijnstof (PM2,5) en stikstofdioxiden (NO2)

PM10

Jaargemiddelde concentratie

40 µg/m3

EU-grenswaarde / Wm

PM10

24-uurgemiddelde (mag maximaal 35 keer per jaar

50 µg/m3

EU-grenswaarde /Wm

worden overschreden) Vertaling EU-norm max 35 overschrijdingsdagen 24-

31,2 µg/m3

uurgemiddelde naar jaargemiddelde Jaargemiddelde concentratie

15 µg/m3

WHO advieswaarde

24-uurgemiddelde (3 a 4 overschrijdingen per jaar)

45 µg/m3

WHO advieswaarde

PM2,5

Jaargemiddelde concentratie

25 µg/m3

EU-grenswaarde / Wm

PM2,5

Jaargemiddelde concentratie

20 µg/m3

Indicatieve

PM2,5

Jaargemiddelde concentratie

5 µg/m3

WHO advieswaarde

PM2,5

24-uurgemiddelde (3 a 4 overschrijdingen per jaar)

15 µg/m3

WHO advieswaarde

NO2

Jaargemiddelde

40 µg/m3

EU-grenswaarde / Wm

NO2

Uurgemiddelde (mag maximaal 18 keer per jaar

200 µg/m3

EU-grenswaarde / Wm

PM10 PM10

EU-grenswaarde

worden overschreden) NO2

Jaargemiddelde

10 µg/m3

WHO-advieswaarde

NO2

24-uurgemiddelde (3 a 4 overschrijdingen per jaar)

25 µg/m3

WHO-advieswaarde

Als de luchtkwaliteit aan de PM10 normen voldoet, dan geldt dit ook voor de PM2,5 normen. Uit onderzoek van RIVM blijkt dat bij een PM10-concentratie lager dan 32,5 μg/m3 de kans op een overschrijding van de PM2,5 norm kleiner dan 1% is. Achtergrondconcentraties Met behulp van het Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit (CIMLK) is beoordeeld of er ter plaatse van het te ontwikkelen medisch centrum sprake is van een (dreigende) overschrijding van luchtverontreinigende stoffen (Rijksoverheid, CIMLK, monitoringsronde 2023, peiljaar 2025 en 2030, verkregen op 28 mei 2024, via https://www.cimlk.nl/kaart). Hiervoor zijn de dichtstbijzijnde rekenpunten met de hoogste waardes geraadpleegd (Rekenpunt ID: 69543 en 69545 aan de Deurneseweg en 70221 aan de Leunseweg, verkregen op 12-10-2022). Tabel 2: Concentraties monitoringsronde 2023, monitoringsjaar 2025 en 2030 (CIMLK)

2025

2030

NO2 concentratie

16,4 µg/m3

13,9 µg/m3

PM10 concentratie

15,7 µg/m3

14,5 µg/m3

PM10 overschrijdingsdagen

6 dagen

6 dagen

PM2,5 concentratie

8,5 µg/m3

7,4 µg/m3

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

Uit het CIMLK kan geconcludeerd worden dat ter plaatse van het plangebied geen sprake is van een (dreigende) normoverschrijding. Hier wordt ruimschoots voldaan aan de grenswaarden uit het Besluit luchtkwaliteit. De gezondheidskundige advieswaarden worden benaderd en voor wat betreft PM10 ligt de concentratie onder de gezondheidskundige advieswaarde in 2030. Er is ter plaatse van het plangebied sprake van een aanvaardvaar woon- en leefklimaat. Fijn stof door veehouderijen Het plangebied ligt nabij het vee-rijke buitengebied van Venray. De GGD hanteert ten aanzien van fijnstof PM10 uit voorzorg het advies om terughoudend te zijn met het plaatsen van gevoelige bestemmingen binnen 250 meter van een veehouderij. Op 185 meter afstand ligt de varkenshouderij Enge Steeg 1. Overige veehouderijen liggen op 1 km en verder, zie figuur 5 in paragraaf 3.4. De huidige achtergrondconcentratie fijnstof (PM10) ligt binnen het plangebied rond de 16-17 µg/m3 zonder zeezoutcorrectie (bron: Grootschalige Concentratiekaart Nederland), zie figuur 9 en tabel 2. Deze ligt ruim onder de wettelijke EU-grenswaarden en benadert de WHO-advieswaarden.

Figuur 9: Achtergrondconcentratie fijnstof PM10 (bron: GCN, 2019)

In figuur 10 is de indicatieve, cumulatieve bijdrage vanuit veehouderijen inzichtelijk gemaakt. Hieruit volgt dat de bijdrage vanuit veehouderijen ter plaatse van het plangebied minimaal is (0-1 µg/m3).

18

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

Figuur 10: Indicatieve, cumulatieve bijdrage PM10 vanuit veehouderijen

Ter plaatse van het plangebied is gezien de lage achtergrondconcentratie geen sprake van een verhoogd gezondheidsrisico ten gevolge van fijnstof (PM10) door veehouderijen. De bestaande veehouderijen vormen geen belemmering voor de beoogde planontwikkeling. Omgekeerd worden veehouderijen in de omgeving ook niet door het plan in hun ontwikkelingsmogelijkheden beperkt. Bijdrage van extra verkeer door planvoornemen Om te bepalen of de NO2- en PM10-emissie ten gevolge van een toename van verkeersbewegingen aan te merken is als ‘Niet In Betekenende Mate’, kan de NIBM-tool van het Ministerie van I&M / InfoMil gebruikt worden. De rekentool wordt jaarlijks geactualiseerd en rekent met worstcase gegevens. Dit staat nader toegelicht in de Handleiding van de NIBM-tool van InfoMil. Met de rekentool wordt het effect van de toename van verkeersbewegingen ten gevolge van de nieuwe ziekenhuis voorziening inzichtelijk gemaakt. De totale verkeersgeneratie is gebaseerd op basis van de uitgevoerde verkeersstudie, zie toelichting in paragraaf 5.2. Op basis van de verkeersstudie blijkt dat er maximaal 1.700 verkeersbewegingen per etmaal zullen plaatsvinden van en naar het nieuwe medisch centrum. Aangezien er geen cijfers bekend zijn met betrekking tot het aandeel vrachtverkeer, is er een haalbaarheidsstudie uitgevoerd met behulp van de NIBM-rekentool.

Op basis van een totale verkeersgeneratie van 1.700 verkeersbewegingen per etmaal is bepaald dat het aandeel vrachtverkeer maximaal 2,39% mag bedragen om binnen de NIBM grenzen te blijven. Deze invoergegevens en het bijbehorende resultaat is weergegeven in tabel 3. Aangezien het medisch centrum niet in 2024 gerealiseerd zal worden, is als jaar van planrealisatie 2025 gehanteerd. In 2026 e.v. dalen de maximale bijdragen door extra verkeer.

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

Tabel 3: NIBM-tool

Uit de NIBM-tool volgt dat de bijdrage van het verkeer niet in betekenende mate bijdraagt aan de verslechtering van de luchtkwaliteit indien maximaal 1.700 verkeersbewegingen per dag plaatsvinden met een aandeel vrachtverkeer kleiner dan 2,39%. Dit komt neer op afgerond 1.660 lichte verkeersbewegingen en 41 vrachtbewegingen per etmaal. Als bij de verdere planuitwerking blijkt dat de verkeersaantallen of het aandeel vrachtverkeer hoger zijn, moeten aanvullende luchtkwaliteitsberekeningen uitgevoerd worden. Gezien de lage achtergrondconcentraties ter plaatse van het plangebied en omdat het wegvallen van het bestaande aan- en afrijdende verkeer nog niet is betrokken (het verkeer van en naar de honk- en softbalvereniging HSV Royals Venray), worden er ten aanzien van luchtkwaliteit geen aanzienlijke milieueffecten verwacht ten aanzien van de aanvaardbaarheid van het woon- en leefklimaat, de omgekeerde werking en de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan.

5.4

Geur

Omdat het plangebied grenst aan het buitengebied en binnen een straal van 2 km meerdere (intensieve) veehouderijen liggen is een geuronderzoek uitgevoerd (Onderzoek geur en gezondheid veehouderijen, Pouderoyen Tonnaer, 11 juni 2024). Dit rapport is een bijlage bij de toelichting van het bestemmingsplan. 5.4.1 Woon- en leefklimaat Het plangebied ligt op meer dan 100 meter van veehouderijen en daarmee niet binnen een vaste afstandscontour van een veehouderij. Wel zijn er meerdere veehouderijen in de omgeving aanwezig waarvoor geurnormen gelden en waarvoor de geurbelasting berekend moet worden. De gemeente Venray heeft geen beleidsregel om ruimtelijke ontwikkelingen te toetsen aan een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. In de geurgebiedsvisie behorende bij de geurverordening van 2011 is wel aangegeven wat een aanvaardbaar woon- en leefklimaat is in de verschillende deelgebieden van de gemeente. De gemeenteraad moet ten aanzien van het plan beoordelen of sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Voor de beoordeling kunnen de Handreiking Wet geurhinder en veehouderij (InfoMil) en de gezondheidskundige advieswaarden van de GGD betrokken worden.

20

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

Beoordeling woon- en leefklimaat In de ‘Aanvulling op de Gebiedsvisie geurhinder en veehouderij Venray; Aanvaardbaar woon- en leefklimaat’ van 16 juni 2011 heeft de gemeente Venray vastgelegd wat ten aanzien van geur van veehouderijen aanvaardbaar is voor verschillende deelgebieden binnen de gemeente. Hierbij heeft de Handreiking Wet geurhinder en veehouderij van InfoMil als basis gediend. Tabel 4: Maximale waarden voor geurbelasting waarbij nog sprake is van aanvaardbaar woon- en leefklimaat

(bron: Aanvulling op de Gebiedsvisie geurhinder en veehouderij Venray. Aanvaardbaar woon- en leefklimaat, 16 juni 2011)

Op basis van het actuele vergunningenbestand in de gemeente Venray is de indicatieve voorgronden achtergrondbelasting berekend ter plaats van de plangebied en vertaald naar woon- en leefklimaat. Zie volgende kaarten. Deze zijn ook gebaseerd op de systematiek van de Handreiking Wet geurhinder en veehouderij. Geconcludeerd wordt dat de voorgrondbelasting van Enge Steeg 1 bepalend is voor het woon- en leefklimaat. Op basis van de berekende, vergunde geurbelasting is binnen het grootste deel van het plangebied én ter plaatse van het bouwvlak sprake van een ‘redelijk goed woon- en leefklimaat’. Op basis van het geurbeleid van de gemeente Venray is het leefklimaat binnen het bouwvlak aanvaardbaar.

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

Figuur 12: Leefklimaat o.b.v. voorgrondbelasting geur vergunde veehouderijen (bron KRD Limburg 1 mei 2024)

Figuur 13: Leefklimaat o.b.v. achtergrondbelasting geur vergunde veehouderijen (bron KRD Limburg 1 mei 2024)

22

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

De GGD hanteert als gezondheidskundige advieswaarden voor woongebieden een voorgrondbelasting van maximaal 2 Ou en een achtergrondbelasting van maximaal 5 Ou. Voor het buitengebied wordt een voorgrondbelasting van maximaal 5 Ou en een achtergrondbelasting van maximaal 10 Ou geadviseerd. Het bouwvlak is in het oostelijke deel van het plangebied gesitueerd, waar de geurbelasting het laagst is. Gezien het feit dat het plangebied in een overgangsgebied ligt tussen woongebied en buitengebied kan geconcludeerd worden dat het voorgenomen plan ook in lijn is met de gezondheidskundige advieswaarden voor geur. Te verwachten ontwikkeling van veehouderij Enge Steeg 1 De te verwachten ontwikkelingen bij veehouderijen mogen betrokken worden in de belangenafweging. Op basis van de Omgevingsverordening Limburg moeten de nog traditionele varkensstallen op Enge Steeg 1 uiterlijk in 2030 zijn voorzien van een stalsysteem met minimaal 85% ammoniakreductie. In de praktijk zal dit betekenen dat de stallen die nog niet voldoen voorzien gaan worden van gecombineerde luchtwassers. Deze investering zal - voor zover mogelijk - gepaard gaan met een uitbreiding. De veehouderij Enge Steeg 1 overschrijdt de geurnorm van 3 OU op de woonkern Leunen en mag bij uitbreiding slechts 50% van de geurwinst opvullen, waardoor de geurbelasting ook binnen het plangebied zal dalen.

De gemeente Venray neemt daarnaast deel aan het Schone Lucht Akkoord (SLA) en heeft hiervoor een uitvoeringsagenda vastgesteld. Bij een investeringsmoment van deze veehouderij kan de gemeente mogelijk aanvullende eisen stellen om de geur te reduceren. Op basis hiervan kan ingeschat worden dat gecombineerde luchtwassers met 45% geurreductie toegepast zullen worden. Mogelijk dat in de toekomst dit reductiepercentage hoger wordt. Er lopen momenteel onderzoeken naar maatregelen om de werking van dit type luchtwassers te verbeteren. Als varkenshouderij Enge Steeg 1 uiterlijk 1 januari 2030 de nog traditionele stallen gaat voorzien van gecombineerde luchtwassers, dan zal de geurbelasting binnen het plangebied dalen. Naar verwachting zullen de mogelijkheden van deze varkenshouderij om de investering gepaard te laten gaan met een schaalvergroting beperkt zijn. Dit is vooral afhankelijk van toekomstige wet- en regelgeving en op voorhand moeilijk te voorspellen. Als dit varkensbedrijf niet gaat investeren, maar besluit om te gaan stoppen (bijvoorbeeld door deelname aan een opkoopregeling), dan zal dit resulteren in een (zeer) goed leefklimaat binnen het plangebied.

5.4.2

Omgekeerde werking

Het plangebied ligt niet binnen de vergunde 14 OU contour van veehouderij Enge Steeg 1. Deze veehouderij overschrijdt in de vergunde situatie de geurnorm van 3 OU op de kern Leunen (overbelaste situatie). Het nieuwe medisch centrum wordt niet gesitueerd binnen de geurcontour van deze varkenshouderij en resulteert niet in (extra) beperkingen voor deze veehouderij. Als de gemeente bij actualisatie van het geurbeleid de geurnorm voor het plangebied wil aanscherpen dan zal de omgekeerde werking op basis van de specifieke, vergunde emissiepuntparameters berekend moeten worden. Uit de indicatieve contourenkaart kan afgeleid worden dat voor het nieuwe medisch centrum (uitgaande van het bouwvlak) een geurnorm van ongeveer 5 OU mogelijk is zonder omgekeerde werking voor deze veehouderij.

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

Figuur 14: Indicatieve geurcontouren voorgrondbelasting o.b.v. vergunde dierbezetting varkenshouderij Enge Steeg 1

5.5

Natuur

5.5.1 Natura2000 In en rond het plangebied zijn geen beschermde natuurgebieden aanwezig. Het plangebied ligt op ongeveer 3,3 km van het Natura2000 gebied Boschhuizerbergen en ongeveer 9 km van het Natura2000 gebied Maasduinen.

Figuur 15: Ligging plangebied en Natura2000 gebieden (bron: Aerius v2021)

24

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

Gezien de grote afstand van het plangebied tot Natura2000 gebieden heeft het planvoornemen alleen ten aanzien van het aspect stikstof (verzuringseffecten) mogelijke nadelige gevolgen voor Natura2000 gebieden. Het aspect stikstof moet daarom nader onderzocht worden (= voortoets). Overige effecten zoals versnippering, verstoring, verdroging etc. zijn niet aan de orde vanwege de grote afstanden. Door Pouderoyen Tonnaer is als voortoets een stikstofbeoordeling uitgevoerd voor het kaderstellende omgevingsplan (Notitie beoordeling stikstof, Pouderoyen Tonnaer, 25 juni 2024). Wettelijk kader De gebiedsbescherming in de voormalige Wet natuurbescherming en de huidige Omgevingswet implementeert onder andere de Europese Vogelrichtlijn en de Europese Habitatrichtlijn. Gebieden die worden beschermd in het kader van de Vogel- en/of Habitatrichtlijn vormen samen het Natura2000-netwerk in Nederland. Voor ieder Natura2000-gebied is een aanwijzingsbesluit opgesteld, waarin omschreven staat voor welke kwalificerende natuurwaarden (habitats en/of soorten) het gebied is aangewezen en wat de instandhoudingsdoelstellingen zijn. Voor plannen die nadelige effecten kunnen hebben op een Natura2000-gebied, dienen de effecten op de kwalificerende natuurwaarden te worden onderzocht.

Als uit een voortoets volgt dat het plan mogelijk negatieve effecten heeft voor Natura2000-gebieden dient een passende beoordeling te worden opgesteld. De bepalingen over de passende beoordeling zijn opgenomen in artikel 16.53c van de Omgevingswet. Een omgevingsplan moet, net als het huidige bestemmingsplan, passend worden beoordeeld als de ontwikkelingen die het plan mogelijk maakt significante gevolgen kunnen hebben voor een Natura 2000-gebied. Deze passende beoordeling is bedoeld om te bepalen of de voorgestelde ontwikkelingen de instandhoudingsdoelstellingen beïnvloeden. Ook in artikel 10.24 lid 1 van het huidige Besluit kwaliteit leefomgeving is bepaald dat een plan alleen wordt vastgesteld als uit een passende beoordeling de zekerheid is verkregen dat het plan de natuurlijke kenmerken van het Natura 2000-gebied niet zal aantasten. In het planspoor worden de effecten van het plan afgezet tegen de feitelijke, planologisch legale situatie ten tijde van c.q. voorafgaand aan de vaststelling van het TAM-omgevingsplan. In de huidige situatie zijn er soft-/honkbalvelden op de locatie aanwezig. Deze velden zijn toegestaan op basis van de het huidige bestemmingsplan en zijn ook als zodanig in gebruik. De soft-/honkbalvelden worden verplaatst en niet in gebruik beëindigd. In de plantoets is geen sprake van een referentiesituatie voor stikstof.

Interne saldering met de referentiesituatie is hierdoor niet mogelijk.

Inschatting van emissies planvoornemen Op basis van de huidige plangegevens zijn de emissiebronnen per fase inzichtelijk gemaakt. 1. Realisatiefase : Tijdelijke emissies door mobiele werktuigen en bouwverkeer; 2. Nieuwe gebruiksfase: • Emissies ten aanzien van verkeersgeneratie door de nieuwe functie; • Geen stookemissies, want er wordt gasloos gebouwd. Realisatiefase – mobiele werktuigen Op dit moment is er nog geen concreet bouwplan en dus ook geen specifieke informatie over de in te zetten mobiele werktuigen en hoeveelheid bouwverkeer. De emissie die vrij komen ten tijde van de bouw van het ziekenhuis zijn daarom ingeschat op basis van kengetallen. Geverifieerde kengetallen voor de bouw van ziekenhuizen zijn er niet.

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

De emissies die vrij komen in de realisatiefase zijn worstcase ingeschat op basis van kengetallen. Er zijn verschillende kengetallen in omloop. Voor het bouwplan komt een kengetal voor bedrijventerreinen het meest in de buurt: 4,69 kg NOx/100 m2. Dit is inclusief bouwrijp maken. Het ziekenhuis krijgt een footprint van 2.500 m2. De totale emissievracht voor de bouw bedraagt op basis van het kengetal 117,25 kg NOx. De bouwfase zal twee jaar in beslag nemen. Daarmee bedraagt de jaarlijkse emissievracht 58,63 kg NOx. In de realisatiefase is er ook bouwverkeer. Raming van het bouwverkeer: circa 500 zware vrachtbewegingen, 750 lichte voertuigbewegingen en 200 middelzware voertuigbewegingen. Gebruiksfase Er is sprake van een gasloos gebouw, waardoor er alleen verkeersemissies aan de orde zijn. Op basis van het verkeersmodel is de verkeerstoename bepaald op 1.700 mvt/etmaal. Het aandeel vrachtverkeer omvat 2,39%, zijnde 41 vrachtbewegingen. Resultaten Aeriusberekeningen In de tijdelijke realisatiefase en de gebruiksfase is op basis van kengetallen geen sprake van een depositietoename groter dan 0,00 mol/ha/jaar op stikstofgevoelige habitattypen in Natura2000gebieden. Daarmee zijn significante nadelige gevolgen voor de instandhoudingsdoelstellingen van Natura2000-gebieden uitgesloten.

Als in het omgevingsplan in de gebruiksregels én bouwregels gewaarborgd wordt dat er geen toename van stikstofemissie en stikstofdepositie op Natura2000 gebieden is toegestaan (zogenaamde stikstofplafondregeling), dan is het planologisch-juridisch gewaarborgd dat er geen nadelige effecten voor Natura2000-gebieden kunnen optreden. De uitgevoerde voortoets op basis van kengetallen is ten behoeve van de beoordeling van de uitvoerbaarheid van het kaderstellende TAM-omgevingsplan. Als het bouwplan concreet is uitgewerkt moet voor de omgevingsvergunning de werkelijke inzet van mobiele werktuigen en het bouwverkeer inzichtelijk gemaakt worden en de stikstofdepositie opnieuw berekend worden op basis van actuele emissiefactoren en de op dat moment actuele versie van Aerius Calculator.

5.5.2 Natuurnetwerk Het Natuurnetwerk Nederland bestaat uit bestaande en nieuw aan te leggen natuurgebieden. Het netwerk moet natuurgebieden beter verbinden met elkaar en met het omringende agrarisch gebied. Het Natuurnetwerk Nederland bestaat uit: • bestaande natuurgebieden, waaronder de 20 Nationale Parken; • gebieden waar nieuwe natuur aangelegd wordt; • landbouwgebieden, beheerd volgens agrarisch natuurbeheer; • ruim 6 miljoen hectare grote wateren: meren, rivieren, de Noordzee en de Waddenzee; • alle Natura 2000-gebieden. De provincie moet zorgdragen voor de totstandkoming en instandhouding van het Natuurnetwerk Nederland en wijzen de gebieden aan die tot dit netwerk behoren. De planologische begrenzing en beschermingsregimes van het Natuurnetwerk loopt via het traject van de provinciale ruimtelijke structuurvisies en omgevingsverordeningen.

26

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

Het Limburgs Natuurnetwerk (LNN) ligt op ruim 1 km van het plangebied. Aanzienlijke milieueffecten voor het Natuurnetwerk kunnen vanwege deze afstand worden uitgesloten. Aanvullende maatregelen ten aanzien van het LNN zijn niet aan de orde.

Figuur 16: Ligging plangebied (gele pijl) en het Natuurnetwerk Limburg (groen)

5.5.3 Flora en fauna Econsultancy heeft een flora en faunaonderzoek / soortenonderzoek verricht op de planlocatie (Quickscan Wet natuurbescherming Nieuw Medisch Centrum Venray, rapportnummer 10686.004, Econsultancy, 15 september 2022). Dit is deels een actualisatie van eerder uitgevoerd flora- en faunaonderzoek. De aanwezigheid van geschikt habitat voor de verschillende soorten en soortgroepen is weergegeven in tabel I. In de tabel is samengevat of de voorgenomen ingreep mogelijk verstorend kan werken en wat de consequenties zijn voor eventuele vervolgstappen, zoals soortgericht vervolgonderzoek of ontheffings-/vergunningstrajecten. In de tabel is ook weergegeven of maatregelen noodzakelijk zijn om overtreding voor bepaalde soortgroepen te voorkomen.

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

Tabel 5: Overzicht geschiktheid planlocatie voor soortgroepen en te nemen vervolgstappen

Bron: Quickscan Wet natuurbescherming Nieuw Medisch Centrum Venray, Econsultancy, 23 februari 2023

Uit de quickscan volgt dat een aanvullende winterinspecties naar de aanwezigheid van eventuele nestlocaties van boomvalk, havik, ransuil, torenvalk, raaf en roek, eekhoorn en naar eventuele aanwezigheid van vaste rust- en voortplantingsplaats voor (boombewonende) vleermuizen nodig is. Op 1 februari 2023 heeft deze winterinspectie plaatsgevonden (Winterinspectie jaarrond beschermde nesten, eekhoornnesten en verblijfplaatsen vleermuizen, Econsultancy B.V., rapportnummer 107686.008, 15 februari 2023). Hierbij zijn drie potentiële nesten van de boomvalk, torenvalk en ransuil waargenomen, twee eekhoornnesten en acht bomen met holtes of scheuren welke potentieel geschikt zijn als verblijfplaats voor boombewonende vleermuizen. Geadviseerd wordt om voorafgaand aan de werkzaamheden aanvullend onderzoek naar boomvalk, torenvalk, ransuil en eekhoorn uit te voeren. In de provincie Limburg wordt een vrijstellingsperiode voor de eekhoorn gehanteerd.

28

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

Afhankelijk van de precieze invulling van de voorgenomen werkzaamheden kan bepaald worden of het mogelijk is om te werken binnen de vrijstellingsperiode van de eekhoorn (maart-april en van juli t/m november). Onderzoek naar boombewonende vleermuizen is alleen nodig als de bomen met holtes en scheuren gekapt worden of als verstorende werkzaamheden in de directe omgeving van de bomen plaatsvinden. Ten aanzien van vleermuizen wordt geadviseerd om geen additionele (bouw)verlichting toe te passen (zowel tijdens de werkzaamheden als in de eindfase) richting de omliggende bomen en bebouwing. Als dit aan de orde is moet een lichtplan worden voorgelegd aan een ‘vleermuizen-kundige’ ecoloog. Als er bomen en de begroeiing daaronder worden verwijderd is naast aanvullend onderzoek naar (boombewonende) vleermuizen ook aanvullend onderzoek naar steenmarter en grote vos nodig. Als bomen en begroeiing daaronder behouden blijven is dit niet nodig. Overtredingen ten aanzien van algemene broedvogels kunnen worden voorkomen door de werkzaamheden buiten het broedseizoen (lopend globaal van maart tot half augustus) te starten. Los hiervan moet het (eventueel) verwijderen van beplanting/groen op de onderzoekslocatie volledig buiten het broedseizoen gebeuren om overtredingen te voorkomen.

Voor beschermde soorten behorend tot de overige soortgroepen zijn overtredingen wegens het ontbreken van geschikt habitat, het ontbreken van sporen en/of vanwege een vrijstelling bij ruimtelijke ontwikkeling niet aan de orde. Wel dient altijd rekening te worden gehouden met de algemene zorgplicht. 5.5.4 Houtopstanden De omgevingswet beschermt bos van minimaal 10 are en bomenrijen van minimaal 21 bomen buiten de bebouwde kom (zogenaamde 'houtopstanden'). Het is verboden deze houtopstanden geheel of gedeeltelijk te vellen zonder voorafgaande melding bij Gedeputeerde Staten van de provincie Limburg. De bomen op de planlocatie vallen niet onder de definitie houtopstanden zoals bedoeld in de wet. De houtopstanden liggen binnen de bebouwde kom, waardoor bij eventuele kap geen meldingsplicht en herplantplicht geldt. Overigens is het nog niet zeker of er daadwerkelijk bomen gekapt moeten worden.

5.6

Geluid

Het plangebied ligt niet binnen de geluidszone van een industrieterrein of spoorweg. De akoestische onderzoeken hebben alleen betrekking op wegverkeer. Door Aelmans B.V. is akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de gevelbelasting op het nieuwe medisch centrum en naar indirecte akoestische effecten door verkeer voor omliggende woningen. 5.6.1 Gevelbelasting nieuw medisch centrum In een akoestisch onderzoek (Akoestisch onderzoek berekening gevelbelasting, rapportnummer M222381.001.002.R1, Aelmans B.V.,7 juni 2024) is de geluidbelasting op de gevel (gevelbelasting) berekend ten gevolge van het omliggende wegennet en getoetst aan de normstelling uit het Besluit kwaliteit leefomgeving.

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

Ook is bepaald wat de gezamenlijke geluidbelasting ter hoogte van het nieuwbouwproject is, zodat beoordeeld kan worden of extra geluidwerende maatregelen noodzakelijk zijn. De berekeningen van de gevelbelasting zijn uitgevoerd met behulp van de rekenmethode volgens de Aanvullingsregeling geluid Omgevingswet. De geluidwering van de gevel van het te realiseren medisch centrum is niet berekend. Indien nodig zal dit deel uitmaken van een vervolgonderzoek. Resultaten provinciale weg De geluidbelasting als gevolg van wegverkeer op de N270 overschrijdt de voorkeursgrenswaarde van 48 dB op de gevels van het beoogde gebouw met maximaal 10 dB. De maximale ontheffingswaarde van 63 dB voor nieuwbouw in stedelijk gebied wordt nergens overschreden. Maatregelen om de geluidbelasting terug te brengen tot de voorkeursgrenswaarde zijn het aanleggen van een geluidwal of geluidscherm (overdrachtsmaatregelen) of het toepassen van stiller wegdek (bronmaatregel). Er zal een beschikking hogere waarde (58 dB) aangevraagd worden bij de gemeente, aangezien er overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, landschappelijke en financiële aard zijn om de geluidbelasting door overdrachts- en bronmaatregelen terug te brengen tot de voorkeursgrenswaarde.

Resultaten gemeentewegen De geluidbelasting ten gevolge van het wegverkeer op de gemeentelijke wegen overschrijdt de standaardwaarde van 53 dB op geen enkele gevel van het beoogde gebouw. Gezamenlijk geluid Het gezamenlijk geluid moet worden bepaald, aangezien er sprake is van blootstelling aan meer dan één geluidbron met een geluidbelasting boven de standaardwaarde. Het gezamenlijk geluid is de cumulatieve geluidbelasting. Als de gemeente de waarden van het gezamenlijk geluid op de gevel in het omgevingsplan vastlegt, kan in combinatie met de binnenwaarde ten behoeve van de omgevingsvergunning voor de bouwactiviteit de benodigde geluidwering van die gevel bepaald worden. Aangezien de cumulatieve geluidbelasting hoger is dan 53 dB dient er een nader onderzoek te worden uitgevoerd ter bepaling van de geluidwering van de gevel. Bij toepassing van de juiste geluidwerende materialen en maatregelen kan een binnenniveau van 33 dB gegarandeerd worden en een aanvaardbaar woon- en leefklimaat worden gewaarborgd. Tabel 6: Gezamenlijk geluid op de gevels nieuw medisch centrum

30

Notitie plan-m.e.r.-beoordeling TAM Omgevingsplan VieCuri Medisch Centrum – locatie In de Wieën in Venray

TON240021.001.001/EVO

5.6.2 Indirecte akoestische effecten Voor de ontsluiting van het nieuwe medisch centrum is het noodzakelijk om de veranderingen van de geluidniveaus op de omliggende geluidgevoelige objecten inzichtelijk te maken en te toetsen aan de geldende grenswaarden. In een akoestisch onderzoek (Onderzoek indirecte akoestische effecten, rapportnummer M222381.001.006, Aelmans B.V., 7 juni 2024) is de geluidbelasting op de gevels van omliggende geluidgevoelige objecten berekend ten gevolge van het omliggende wegennet en getoetst aan de normstelling uit het Besluit kwaliteit leefomgeving. Zodat beoordeeld kan worden of extra geluidwerende maatregelen noodzakelijk zijn. De berekeningen van de gevelbelasting zijn uitgevoerd met behulp van de rekenmethode volgens de Aanvullingsregeling geluid Omgevingswet. Uit de resultaten volgt dat sprake is van een toename van de geluidbelasting van meer dan 1,5 dB bij omliggende geluidgevoelige objecten. Dit is het gevolg van de verkeerstoename op de weg In de Wieën. Omdat maatregelen stuiten op bezwaren van financiële, stedenbouwkundige of verkeerskundige aard is de aanvaardbaarheid van het gecumuleerde geluid berekend. Hieruit blijkt dat de ontwikkeling geen effect heeft op het gecumuleerde geluid bij de omliggende geluidgevoelige objecten. Om deze reden wordt de ontwikkeling beoordeeld als aanvaardbaar.

5.7

Gezondheid en veehouderijen

Omdat het plangebied grenst aan het vee-rijke buitengebied rondom van Leunen is onderzoek gedaan naar mogelijke gezondheidseffecten door veehouderijen (Onderzoek geur en gezondheid veehouderijen, Pouderoyen Tonnaer, 11 juni 2024). Dit rapport is een bijlage bij de toelichting van het bestemmingsplan. In voorgaande paragrafen is het woon- en leefklimaat beoordeeld ten aanzien van luchtkwaliteit, geur, geluid en externe veiligheid. Hieruit volgt dat binnen het plangebied een aanvaardbaar woon- en leefklimaat gegarandeerd kan worden. De toename van verkeer door het planvoornemen heeft ook geen aanzienlijke milieugevolgen voor het woon- en leefklimaat. Ter plaatse van het plangebied is wat betreft fijn stof en geur geen sprake van een verhoogd gezondheidsrisico ten gevolge van veehouderijen in de omgeving. Naast luchtkwaliteit, geur, geluid en externe veiligheid zijn er nog enkele aspecten in relatie tot veehouderijen die nader beoordeeld moeten worden: endotoxinen en aanwezigheid van verschillende veehouderijsectoren. Endotoxinen Endotoxinen vormen een onderdeel van het fijn stof dat afkomstig is uit veehouderijen. Voor endotoxinen geldt de advieswaarde van de Gezondheidsraad van 30 EU/m3.

Er is echter nog geen landelijk toetsingskader voor endotoxinen, waardoor gebruik gemaakt moet worden van beschikbare kennisdocumenten, zoals de Notitie Handelingsperspectieven Veehouderij en Volksgezondheid: Endotoxine toetsingskader 1.0 (het voorlopig endotoxine toetsingskader). Dit Brabants kennisdocument kan gebruikt worden voor het in beeld brengen van endotoxine-risicocontouren rondom varkens- en pluimveebedrijven. In het Endotoxine toetsingskader 1.0 zijn afstanden bepaald die een te hoge blootstelling aan endotoxinen zullen voorkomen. Voor vleeskuikens, legkippen en vleesvarkens zijn afstandsgrafieken opgesteld, aan de hand waarvan op basis van de fijnstofemissie in kilogrammen per jaar kan worden bepaald welke afstand tot gevoelige objecten moet worden aangehouden (zogenaamde endotoxine risicocontouren). Buiten de risicocontouren (rekening houden met mogelijke cumulatieve effecten) is er geen sprake van een verhoogd blootstellingsrisico.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15858676/1