CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1.1 Motivering

Gemeenteraad 26 mei 2026, gemeente VenrayBij agendapunt: TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22g Ysselsteynseweg-Ringweg26.921 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

63

Afbeelding 17 Spuitvrije zones

Initiatiefnemers hebben met de eigenaren van de omliggende gronden gelegen binnen 50 meter een overeenkomst gesloten voor het opnemen van een spuitvrije zone. Met bewoners van Ringweg 14 is afgesproken dat de spuitvrije zone achter hun perceel wordt doorgetrokken. Ook wordt er op perceel Kievitsweg 11 een spuitvrije zone toegekend, dit in verband met de toekomstige ontwikkeling Kievitsweg 15, ook hiervoor is een overeenkomst getekend. Hiermee wordt uitgesloten dat op de gronden, binnen de spuitvrije zone, gewasbeschermingsmiddelen gebruikt mogen worden. Op de gronden buiten deze zone is dit wel toegestaan.

5.16 Niet-gesprongen explosieven Op vele locaties in Nederland bevinden zich nog conventionele explosieven uit de Tweede Wereldoorlog in de ondergrond, zoals niet ontplofte vliegtuigbommen (blindgangers, granaten, mijnen en (handwapen)munitie. Het gehele grondgebied van de gemeente Venray heeft in de Tweede Wereldoorlog zwaar onder vuur gelegen. Bij eventuele grondwerkzaamheden en nieuwe ontwikkelingen in het plangebied, dient er uit het oogpunt van veiligheid en zorgvuldigheid gezocht te worden naar niet gesprongen explosieven (NGE). Met behulp van het explosieven onderzoek worden de aanwezigheid en risico’s van explosieven uit de Tweede Wereldoorlog in kaart gebracht. De gemeente Venray adviseert bij grondwerkzaamheden en nieuwe ontwikkelingen een detectieonderzoek uit te (laten) voeren. Dit onderzoek dient plaats te vinden in het kader van de Arbowetgeving en is in het kader van de bestemmingsplanprocedure niet juridisch afdwingbaar. Het is echter te allen tijde de verantwoordelijkheid van de eigenaar van de grond om bij grondwerkzaamheden te zorgen voor een gezonde en veilige werkomgeving.

64

6 UITVOERBAARHEID 6.1

Financieel - economische uitvoerbaarheid

Economische uitvoerbaarheid Met deze motivering is onderbouwd dat met het voorliggende besluit tot wijziging van het omgevingsplan, in de vorm van een TAM-omgevingsplan, een evenwichtige toedeling van functies aan locaties wordt bereikt en de toegedachte functies binnen een redelijke termijn kunnen worden gerealiseerd. Voor de beëindiging van de varkenshouderij en de sloop van de bedrijfsgebouwen wordt gebruik gemaakt van de LBV+regeling. Niet alle gebouwen en bouwwerken komen echter voor deze regeling in aanmerking. Voor deze onderdelen is geen vergoeding beschikbaar via LBV+, terwijl het verwijderen ervan wel bijdraagt aan een kwalitatieve verbetering van het gebied. Daarnaast leidt het schrappen of verkleinen van bouwvlakken tot een afwaardering, omdat deze gronden hun oorspronkelijke veehouderij functie verliezen. Gezien de aanzienlijke maatschappelijke meerwaarde van het saneren van de veehouderijen, kiest de gemeente in dit specifieke geval ervoor om maatwerk toe te passen en af te wijken van het reguliere Ruimte-voor-Ruimtebeleid. Om het plan economisch uitvoerbaar te maken, worden de niet door LBV+ vergoede kosten en afwaarderingen gecompenseerd via drie woningbouwtitels.

Deze titels worden toegekend aan onderdelen die een directe maatschappelijke en ruimtelijke meerwaarde opleveren, zoals het slopen van gebouwen die geen LBV+-subsidie ontvangen en het verkleinen van bouwvlakken die anders een veehouderijfunctie zouden behouden. Door deze maatregel kan het plan zowel de maatschappelijke als ruimtelijke doelen van de gemeente realiseren, zoals het verbeteren van de leefomgeving en het verminderen van geurhinder, terwijl het financieel haalbaar blijft voor de initiatiefnemer. Op deze manier is geborgd dat het plan economisch uitvoerbaar is en tegelijkertijd bijdraagt aan de duurzame en verantwoorde versterking van het landelijk gebied rondom Ysselsteyn. Gelet hierop kan in het verlengde daarvan aangenomen worden dat realisatie economisch uitvoerbaar is. Op voorhand is er geen reden om aan te nemen dat de toegedachte functies om financiële redenen op langere termijn niet zullen worden gerealiseerd. Kostenverhaal Op grond van artikel 13.11 Omgevingswet is de gemeente verplicht tot kostenverhaal, indien sprake is van een of meerdere aangewezen bouwactiviteiten. Het gaat hier om kostenverhaalsplichtige activiteiten als genoemd in artikel 8.13 Omgevingsbesluit, (hierna "een aangewezen bouwactiviteit").

Dit houdt in dat de gemeenteraad kostenverhaalsregels dient vast te stellen in het omgevingsplan, tenzij middels gemeentelijke gronduitgifte dan wel, of in combinatie met, een anterieure overeenkomst, cofinanciering, subsidies, gemeentelijk krediet de kosten die het vanwege artikel 8.15 Ob maakt anderszins verzekerd zijn dan wel vrijstelling wordt/is verleend voor de kosten in de gevallen genoemd in artikel 8.14 Ob. Nadeelcompensatie In artikel 8.15 Ob worden de kostensoorten in de tabellen A en B van bijlage IV aangewezen als verhaalbare kostensoorten. In onderdeel A11 staat “Nadeelcompensatie aan derden als bedoeld in hoofdstuk 15 van de wet”. Nadeelcompensatie is een regeling voor schadevergoeding voor rechtmatig overheidsoptreden. Het gaat over schade boven het normale maatschappelijke risico en het bedrijfsrisico die iemand onevenredig zwaar treft. Het kan gaan om directe of indirecte schade. Directe schade is het gevolg van inperking van bestaande rechten van de eigenaar. Indirecte schade wordt veroorzaakt door activiteiten in de omgeving. In titel 4.5 Algemene wet bestuursrecht (Awb) staan de 65

grondslagen, inhoudelijke eisen en procedurele bepalingen over toekenning van nadeelcompensatie. Voor de gemeente Venray is dit uitgewerkt in de Verordening nadeelcompensatie Venray 2024.

6.2

Juridische aspecten

6.2.1 Omgevingswet Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024 zijn alle bestemmingsplannen opgegaan in één gemeentelijk ‘Omgevingsplan van rechtswege’ oftewel het tijdelijke deel van het omgevingsplan. Het omgevingsplan bestaat verder uit de Bruidsschat en een aantal gemeentelijke verordeningen. De Bruisschat betreft een aantal regels die van het rijk zijn overgegaan naar de gemeente. Deze regels zijn geland in het tijdelijke deel van het omgevingsplan van de gemeente. Het gaat onder andere om regels over bouwwerken en over milieubelastende activiteiten. Het omgevingsplan van rechtswege kan door de gemeente gewijzigd worden. De voorliggende wijziging beperkt zicht tot een locatiegericht deel van het omgevingsplan. 6.2.2 Wijziging omgevingsplan van rechtswege Het besluit tot wijziging van het omgevingsplan bestaat uit drie delen. In het eerste deel wordt gemotiveerd om welke redenen het omgevingsplan wordt gewijzigd. De voorliggende motivering betreft het eerste deel. Het tweede deel van het besluit bestaat uit de regels die deel gaan uitmaken van het omgevingsplan. Hierin wordt aangegeven op welke wijze de regels van het omgevingsplan worden aangepast. Aangegeven wordt welke regels worden toegevoegd, gewijzigd, verwijderd of vervangen door andere regels.

Verder wordt, als onderdeel van de regels, door coördinaten vastgelegd voor welke locatie(s) de regels gaan gelden. Dit wordt ook wel het werkingsgebied genoemd. Het derde deel van het vaststellingsbesluit bestaat uit aanpassingen die worden aangebracht in de geconsolideerde motivering die bij het omgevingsplan wordt gegeven.

6.3

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

6.3.1 Participatie In het kader van onderhavig planvoornemen heeft initiatiefnemer de buurtbewoners uitgenodigd voor een omgevingsdialoog. Voor deze dialoog zijn alle directe buren rondom de locaties uitgenodigd. Een lijst van genodigde, aanwezige en een verslag van de dialoog is bijgevoegd als bijlage. 6.3.2 Vooroverleg In het kader van de voorgenomen ontwikkeling is het plan aan de betrokken instanties voorgelegd. Op 30 juni is het plan provinciaal bevonden. Waterschap heeft op 28 juli per mail laten weten akkoord te zijn. Ook de veiligheidsregio heeft op 17 juli akkoord gegeven op de plannen. 6.3.3 Zienswijzen Het ontwerp tam-omgevingsplan heeft van 12 december 2025 tot en met 22 januari 2026 voor eenieder ter visie gelegen. Er is tegen het ontwerp tam-omgevingsplan één zienswijze ingediend. Deze zienswijze is beoordeeld en hebben geleid tot inhoudelijke wijzigingen c.q. aanvullingen van het tam-omgevingsplan. Een uitgebreidere behandeling van de zienswijze is opgenomen in het zienswijzenrapport, die als bijlage bij het tam-omgevingsplan is vastgesteld.

66

7

PROCEDURE

De gemeente heeft bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet een omgevingsplan met de regels voor activiteiten voor de leefomgeving. Om dit 'omgevingsplan van rechtswege' te wijzigen, volgt de gemeente een vaste juridische procedure. De procedurebepalingen staan in de Omgevingswet, het Omgevingsbesluit en de Algemene wet bestuursrecht. De van toepassing zijnde openbare voorbereidingsprocedure staat in afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. Onderhavig planvoornemen voorziet in een TAM-omgevingsplan, dit is een tijdelijke alternatieve maatregel die middels voorgaande regelgeving gepubliceerd kan worden. De procedure is in te delen in 3 procedurestappen: ▪ Vóór het ontwerp-omgevingsplan De gemeente maakt bekend dat ze het omgevingsplan gaat wijzigen en stelt eventueel een milieueffectrapport op. De gemeente geeft in het digitale gemeenteblad kennis van het voornemen om een omgevingsplan te wijzigen (artikel 3:12, Awb). In de kennisgeving staat onder andere hoe de gemeenteraad burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen bij de voorbereiding gaat betrekken. Dit heet participatie (artikelen 16.29, Ow, en 10.2, lid 1, Ob.). ▪ Ontwerp-omgevingsplan De gemeente geeft kennis van het ontwerp-omgevingsplan.

De gemeente plaatst het ontwerpbesluit integraal in het digitale gemeenteblad (artikel 10.3c, Ob) en legt het ontwerp-omgevingsplan en de bijbehorende stukken 6 weken ter inzage (artikel 3:11, Awb). Binnen 6 weken vanaf het moment van terinzagelegging van het ontwerp-omgevingsplan kan iedereen zienswijzen inbrengen. Als er tijdens de termijn van 6 weken geen zienswijzen op het ontwerpbesluit zijn gekomen, dan: doet de gemeente hiervan zo spoedig mogelijk mededeling in het elektronische gemeenteblad, en neemt de gemeente het besluit binnen 4 weken nadat de termijn voor zienswijzen is verstreken (artikel 3:18, lid 4, Awb). ▪ Vaststellen omgevingsplan De gemeenteraad stelt het omgevingsplan vast. De gemeente maakt het besluit bekend door het te publiceren in het elektronische gemeenteblad. Een wijziging van een omgevingsplan treedt in werking op de dag waarop 4 weken zijn verstreken sinds de dag waarop de gemeente het besluit bekend heeft gemaakt. De gemeente kan een later tijdstip van inwerkingtreding in het omgevingsplan opnemen. Tegen het besluit tot het wijzigen van een omgevingsplan kan rechtstreeks beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

67

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16859809/1