CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische en politieke vragen kadernota 2024 (2)

Gemeenteraad 4 juli 2023, gemeente VenrayBij agendapunt: Vragen over de kadernota15.476 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Beantwoording Technische en politieke vragen KADERNOTA 2024

Burgemeester en wethouders van Venray, 20 Juni 2023

Inhoudsopgave Blok 1. Algemeen Blok 2. Financieel Meerjarenperspectief 2024-2028 Blok 3. Programma’s Blok 4. Bijlage 1. Totaaloverzicht MUIP-aanvragen Blok 5. Bijlage 2. Uitgangspunten meerjarenbegroting 2024-2028 Blok 6. Bijlage 3. Stelpost inflatie Blok 7. Bijlage 4. Mutaties investeringsbudgetten

pag. 2 pag. 2 pag. 5 pag. 22 pag. 27 pag. 28 pag. 29

Geachte leden van de raad, In de bijgaande notitie geven wij antwoord op de technische en politieke vragen over de kadernota 2024. We hebben dit gedaan door uw vragen in te delen via het zgn. blokschema dat gebaseerd is op de indeling uit onze kadernota.

1

BLOK 1. Algemeen CDA pag 4

Coalitieprogramma: Er staat beschreven dat er voorlopig minder ambities met structurele financiële gevolgen opgepakt kunnen worden om ook vanaf 2026 een sluitende begroting te presenteren. Worden er zaken uit het coalitieprogramma/collegeprogramma geschrapt of versoberd? Zo ja, welke zijn dit dan? Zo nee, wat heeft u dan hiermee bedoeld?

Antwoord: Er worden geen zaken uit het coalitieprogramma/collegeprogramma geschrapt of versoberd. Het betreft hier alleen nieuwe ambities. Het is onduidelijk hoe de bekostiging van de gemeenten in de toekomst eruit gaat zien. Op dit moment zien we dat we veelal incidentele middelen krijgen. We kunnen hiermee echter niet structurele uitgaven doen. We worden hierdoor beperkt in structurele ambities. Incidentele opgaven en uitgaves zijn wel mogelijk indien we voldoende middelen hebben in de algemene reserves en houden. De ambities vanuit het coalitieprogramma/collegeprogramma blijven gehanteerd.

BLOK 2. Financieel Meerjarenperspectief 2024-2028 CDA pag 14

Veiligheidsregio: We lezen dat de stijging in materiele kosten voor de Veiligheidsregio vermoedelijk wordt gecompenseerd door de gemeentefondsuitkering. Hoe concreet is dit en wat is het financiële effect hiervan?

Antwoord: Er wordt via de meicirculaire een compensatie ontvangen voor de prijsstijgingen voor de veiligheidsregio, maar conform onze systematiek in de “overall” begroting van de gemeente Venray verwerkt. CDA pag 16

Ontheemden: Hoe groot is de reserve nog die u heeft voor opvang ontheemden na de onttrekking van 625.000 euro?

Antwoord: Door de onttrekking van het batig saldo voor de opvang van vluchtelingen uit Oekraïne ter grootte van € 625.000 wordt de reserve voor de opvang van ontheemden € 625.000. Worden de kosten van de opvang voor de asielzoekers en Oekraïense vluchtelingen volledig door het Rijk gedekt? Antwoord: Opvang van asielzoekers in evenementenhal wordt door COA zelf geëxploiteerd. Ze dragen dan ook de directe kosten. Kosten die door de gemeente worden gemaakt (met name inzet ambtelijke uren en extra inhuur straatcoaches) worden bij COA gedeclareerd en door COA betaald. De kosten voor de opvang van vluchtelingen uit Oekraïne worden volledig vergoed op basis van normbedragen per beschikbaar gesteld opvangbed en de kosten voor de realisatie van de opvang. Mocht het normbedrag niet toereikend zijn dan wordt het meerdere ook vergoed op basis van de daadwerkelijke kosten. Wat zijn de kosten en de verschillende kostensoorten voor het huisvesten van ontheemden? Zit er een verschil tussen statushouders, asielzoekers en vluchtelingen uit Oekraïne?

2

Antwoord: Voor asielzoekers is de kostenplaats 66331 en voor vluchtelingen uit Oekraïne is er een aparte kostenplaats 66332. Beide kostenplaatsen sluiten in 2022 met een positief saldo, aangezien alle kosten door het COA, dan wel het Rijk zijn vergoed. De huisvesting van statushouders is een reguliere taak waarbij we als gemeente de te huisvesten statushouders door krijgen van Coa en deze doorverwijzen naar Wonen Limburg. GL pag 15

Weerstandscapaciteit: Weerstandscapaciteit van 27 naar 15 miljoen in 2027: door eenmalige bijdragen uit algemene reserve?

Venray pag 15 Weerstandsratio: Lokaal De weerstandsratio daalt flink binnen de periode 2023–2027. Is dit op basis van de €12 miljoen aan eenmalige aanwendingen uit de Algemene Reserve? Graag toelichting en tevens uitsplitsing van de €12 miljoen aan eenmalige aanwendingen. Antwoord: De weerstandscapaciteit wordt bepaald door de omvang van de algemene reserve en de risicoreserve grondbedrijf. De afname van de weerstandscapaciteit wordt voornamelijk veroorzaakt door een daling van de beschikbare (vrije) algemene reserve in de komende planperiode: het verloop van de mutaties in de algemene reserve is weergegeven in de tabel op pagina 16 (berekening algemene reserve). Naast de raadsbesluiten die t/m mei 2023 zijn genomen (€ 6,902 milj.) zijn de onttrekkingen, zoals genoemd in de 1 e bijstelling 2023 (€ 3,471 milj.), alsook de aanvragen uit de MUIP 2024 (€ 6,526 milj. voor De Schòl, MFC Wanssum en Jera) de grootste mutaties. De overige mutaties zijn eveneens in deze tabel gespecificeerd opgenomen. Het bedrag van € 12 miljoen is dus een combinatie van toevoegingen en diverse onttrekkingen aan de algemene reserve. Bij de berekening van de weerstandsratio wordt ook rekening gehouden met het verloop van de risico’s in de planperiode: ook deze risico’s zijn inzichtelijk gemaakt en zijn terug te vinden onder 2.2 op pagina 15.

PVDA pag 15 Weerstandscapaciteit: De minimale weerstandscapaciteit voor 2024 wordt bekeken. Betekent dat we in de begroting 2024 een minimale weerstandscapaciteit van ongeveer € 15 mln. Mogen verwachten? Antwoord: In het huidige risicobeleid is de minimale weerstandscapaciteit vastgesteld op 12 mln. zijnde circa 10% van de exploitatie. Daarnaast is de weerstandsratio bepaald op 1,0. Bij de actualisering van het risicobeleid wordt nader afgewogen welke normen noodzakelijk zijn. Venray pag 13 Financieringssystematiek: Lokaal Bij de nieuwe financieringssystematiek 2027 wordt een bedrag van €2,0 miljoen genoemd in de tabel, en in de tekst een bedrag van €2,2 miljoen. Wat is correct? Antwoord: Het bedrag voor de nieuwe financieringssystematiek zoals weergegeven in de tabel is afgerond op miljoenen. Het juiste bedrag is €2,2 miljoen. Venray pag 15 OZB: Lokaal We zien dat de OZB stijging 70% is, hetgeen in absolute euro's voor de inwoners nog meer zal zijn in verband met stijgende huizenprijzen. Dit wordt in verband gebracht met de inflatie. We leven in tijden waarin de inwoner al veel extra kosten maakt. Waarom is deze keuze gemaakt? Wat is de consequentie als de stijging minder hoog zou zijn? Antwoord: Het is onduidelijk waar de OZB stijging van 70% in de kadernota wordt genoemd en hier kan geen antwoord op worden gegeven. Het verzoek om deze vraag nader te duiden.

Wel is in het coalitieakkoord 2022-2026 vastgelegd dat als uitgangspunt voor de OZB maximaal jaarlijks de inflatiecorrectie wordt gekozen. Het voorstel is voor de begroting 2024 de 3

uitgangspunten bij deze kadernota voor de prijsontwikkeling (bijlage 2.1 van de kadernota) te volgen. Hierin wordt voorgesteld om voor het jaar 2024 uit te gaan van de basisraming van het CPB, waarbij de prijs materiële overheidsconsumptie (imoc) voor het jaar 2023 op 3,9% ligt. Zie pagina 51van de kadernota. VVD pag 15

Risico’s grondbedrijf: Risico’s op het grondbedrijf zijn t/m 2027 hetzelfde, terwijl er ingezet gaat worden op een ander grondbeleid. Moeten de hiermee gemoeide toegenomen risico’s ook meegenomen worden? (geactualiseerd risicobeleid najaar 2023 vaststellen. Hoe verhoud deze beleidswijziging tot deze kadernota? (bv aanpassing bestemmingsreserve?)

Antwoord: De berekende risico’s van het Grondbedrijf zijn nog gebaseerd op de huidige nota Grondbeleid en de huidige en toekomstige grondexploitaties. De nieuwe nota Grondbeleid staat gepland voor vaststelling in de raad in het 4e kwartaal van 2023, eventuele financiële gevolgen (waaronder de risico’s) zullen onderdeel zijn van de raadsnota. Na vaststelling van de nota zullen deze financiële gevolgen ook worden meegenomen in de berekening bij de risicoreserve van het Grondbedrijf. VVD pag 13

LPO: “Extra groei LPO vanaf 2023” LPO staat niet in de afkortingenlijst. Wat houdt dit in? Wat betekent LPO, en hoe deze paragraaf daarmee te duiden?

Antwoord: LPO staat voor de Loon- en prijsontwikkeling/index. Het LPO-deel van het accres (groei gemeentefonds) is de compensatie voor de loon- en prijsstijging van de gemeenten. Dit gebeurt op basis van het Centraal Economisch Plan van het Centraal Planbureau, dat elk voorjaar verschijnt. VVD pag 14

NLW: NLW: wat wordt de financiële impact op begroting per jaarschijf van de twee nieuwe opdrachten die zijn geformuleerd door de gemeenten? We zien dit niet “terug” in als afzonderlijke post, of is dit verdisconteerd onder risico’s SD op blz. 15?

Antwoord: Het is nog niet mogelijk om de financiële impact van de twee opdrachten te duiden. De opdrachten bevinden zich nog in een conceptfase en moeten daarna nog worden uitgewerkt. De risico’s, zoals op dit moment bekend, zijn opgenomen onder verbonden partijen op blz. 15 en bestaat uit twee onderdelen. Enerzijds het risico m.b.t. de in het verleden verstrekte lening vanwege de verzelfstandiging en anderzijds het risico m.b.t. het tekort van de NV.

Risico-gebied

1.3 1.3

NLW-lening NLW-exploitatie

Verbonden partijen

totale risico met

Maximum

Kans dat

risicobedrag

risico

Risico

doorloop voor

in €

zich

max.risico

4 jaar

voordoet

x kans

1.695.000 1.250.000

aantal jaren

25

423.750

1

423.750

75

937.500

1

937.500

4

Blok 3. Programma’s Programma 1 Leven CDA pag 18

Inclusie: Inclusie, en daarmee de inclusie agenda is een belangrijk speerpunt voor uw college. Is er een projectleider geworven en aangesteld voor de inclusie agenda? Zo ja, sinds wanneer en zo nee, waarom niet?

Antwoord: Ja, er is een projectleider geworven voor 4 uur per week voor de komende 2 jaar. Zij is al gestart. CDA pag 18

COC: 1. Op de Facebook pagina van COC Limburg-Venray (voorheen Coming inn) lezen wij dat het lastig is om subsidie van de gemeente Venray aan te trekken. Klopt dit? Zo ja, wat maakt dit een lastig verhaal? 2. Wat is er met de subsidie gedaan die in 2018 is overgemaakt aan de toenmalige stichting Coming inn? Welke effecten zijn hiermee bereikt?

Antwoord: 1. De stichting heeft een projectplan ingediend met als doel om subsidie aan te vragen. Er is daarop extra informatie opgevraagd aan de stichting, waaronder een begroting. Daarna kan de aanvraag pas beoordeeld worden. 2. Destijds is er een opstartsubsidie verleend voor het oprichten van de stichting Coming Inn. Deze stichting heeft tot doel de belangen van de LHBTI gemeenschap in Venray te behartigen, alsmede het bevorderen van acceptatie en tolerantie van LHBTI buiten de gemeentegrenzen. De verantwoording van de kosten van de oprichting alsmede een aantal activiteiten is ingediend. De effecten die hiermee zijn bereikt zijn voornamelijk het vergroten van de informatie over en acceptatie van LHBTI in Venray en het bevorderen van een inclusieve samenleving. CDA pag 18

Jeugdzorg: 1.Welke maatregelen heeft u genomen om binnen de jeugdzorg te normaliseren en de zorg af te bakenen? 2.Aanvulling op hierboven: welke effect heeft dat gegeven op de uitgaven binnen de jeugdzorg? 3. In de hervormingsagenda jeugd staan maatregelen om de jeugdzorg te verbeteren en de kosten te verlagen. Dit zou op 1 januari 2022 afgerond zijn. Wat is naast het financiële aspect de reden dat de uitvoering vertraging oploopt?

Antwoord: 1. In de gemeente Venray zijn we bezig met het uitvoeren van de maatregelen uit de Hervormingsagenda Jeugd. Enkele maatregelen zijn nog niet gestart, omdat deze eerst nader geconcretiseerd moeten worden (bijvoorbeeld regionalisering en toekomstscenario kind- en gezinsbescherming). Hierbij enkele voorbeelden, waarmee we al aan de slag zijn gegaan: • Pilot Specialistische Ondersteuner Jeugd (SOJ) bij de huisartsen als gemeentelijke toegang (variant POH jeugd-GGZ, WO-professional die geen langdurige begeleiding biedt). • BSO+ Een buitenschoolse opvang (BSO) is een reguliere voorziening voor kinderopvang van schoolgaande kinderen. Door extra ondersteuning toe te voegen aan een reguliere BSO, wordt deze ook toegankelijk voor kinderen met extra ondersteuningsbehoefte. Dit zijn kinderen die nu vaak gebruik maken van een maatwerkvoorziening omdat een reguliere BSO onvoldoende ondersteuning biedt. • Centering zwangerschap en ouderschap Een groepsgerichte vorm van verloskundige en consultatiezorg om het ouderschap te versterken (een samenwerking tussen het medisch en het sociaal domein). • Jeugdhulp en opvoedondersteuning 5

De gezinscoaches zijn een algemene voorziening die kinderen en gezinnen ondersteunen bij (lichte) opvoed- en opgroeivraagstukken. Regionaal hebben we maatwerkvoorzieningen jeugdhulp ingekocht. Een maatwerkvoorziening gericht op lichte opvoedondersteuning is ondergebracht bij de gezinscoaches als algemene voorziening om het gezin tijdelijk preventief te ondersteunen. 2. Het is lastig om per maatregel aan te geven wat het effect is op de uitgaven binnen de jeugdzorg. Zo heeft corona o.a. impact gehad op de maatregelen. Alleen voor de pilot SOJ wordt op korte termijn een eerste evaluatie opgesteld, waarin we een inschatting geven over de besparing van deze maatregel. In de raadsmonitor sociaal domein kunt u de gerealiseerde kosten terugvinden van de uitgaven jeugdzorg. 3. De oorzaak van de vertraging van de Hervormingsagenda Jeugd is financieel gedreven. De gemeenten en het rijk hebben de afgelopen jaren intensief gesproken over de stijgende vraag en de kosten van de jeugdhulp. Uiteindelijk hebben gemeenten in 2021 een arbitrageprocedure gestart omdat er geen overeenstemming kon worden bereikt over de financiële tekorten. Hier is een advies uit voort gekomen van de Commissie van wijzen dat het Rijk en gemeenten oproept om maatregelen te nemen om de jeugdzorg kwalitatief te verbeteren en gelijktijdig het stelsel financieel houdbaar te maken (juni 2021).

De eerste vertraging wordt veroorzaak door de bezuiniging die van €511 miljoen die is opgenomen in het regeerakkoord (januari 2022). Gemeenten kwamen in verzet en wilden niet meer met het Rijk praten over de hervormingen in de jeugdzorg. Na enkele maanden zijn de voorgenomen bezuinigingen van de baan. In ieder geval komt de bezuiniging niet voor rekening van de gemeenten, maar wordt het een Rijksverantwoordelijkheid. Daarna lopen de onderhandelingen eind 2022 weer stuk tussen het Rijk en de VNG over het financieel kader. Met name het ontbreken van voldoende garanties van het Rijk aan gemeenten als de tekorten in de jeugdhulp blijven bestaan. In april 2023 wordt uiteindelijk een principeakkoord bereikt over het financieel kader bij de Hervormingsagenda Jeugd. Dit kader en de inhoudelijke agenda liggen ter besluitvorming voor tijdens de Algemene Ledenvergadering (ALV) van de VNG op 14 juni a.s. Uiteraard zijn er tijdens de onderhandelingen ook inhoudelijke discussies en dialogen gevoerd over de inhoud van de Hervormingsagenda Jeugd, maar dit is niet de oorzaak voor de vertraging. D66 pag 18

Hervormingsagenda Jeugd: Hervormingsagenda Jeugd: Er worden flinke bezuinigingen verwacht vanuit het rijk op jeugdzorg. Hoe zullen die bezuinigingen worden opgevangen in Venray? Daarnaast zal een commissie met terugwerkende kracht een zwaarwegend oordeel geven over de vraag wie verantwoordelijk is voor de tekorten (financiën) in 2023 en 2024. Hebben we als gemeente een reserve opgebouwd om de eventuele tekorten die bij ons neergelegd worden op te vangen? Wat zijn maatregelen die wij als gemeente gaan doorvoeren om de jeugdzorg te verbeteren, zodat jeugd die hulp nodig heeft ook de juiste hulp kan krijgen en de wachtlijsten niet nóg langer worden? Welke financiële gevolgen worden hierbij verwacht?

Antwoord: 1. In onze begroting hebben we meerjarig rekening gehouden met de bezuinigingen (realistisch begroten). Dat de besparingsopgave tot en met 2025 is bevroren, heeft tot gevolg dat we in 2024 en 2025 een voordeel (minder bezuinigingen) hebben. Het is onduidelijk wie verantwoordelijk is voor de tekorten in de jeugdzorg vanaf 2026. Een deskundigencommissie zal met terugwerkende kracht een zwaarwegend oordeel geven over de vraag wie verantwoordelijk is voor tekorten op de lange termijn. Wanneer de verantwoordelijkheid wordt neergelegd bij de gemeenten, dan bekijken we of het binnen het sociaal domein opgevangen kan worden. Mocht dit niet mogelijk zijn, dan wordt er breder gekeken. 2. In de gemeente Venray hebben wij geen reserve voor het sociaal domein. Met de vaststelling van de kadernota sociaal domein in 2019 hebben we de reserve sociaal domein per 31 december 2019 op laten gaan in de algemene reserve. Belangrijkste argument was indertijd het overhevelen van de budgetten naar de algemene uitkering en het uitgangspunt 6

realistisch begroten. In ons weerstandsvermogen hebben we rekening gehouden met een mogelijke overschrijding van budgetten binnen het sociaal domein. 3. In de gemeente Venray zijn we bezig met het uitvoeren van de maatregelen uit de Hervormingsagenda Jeugd. Enkele maatregelen zijn nog niet gestart, omdat deze eerst nader geconcretiseerd moeten worden (bijvoorbeeld regionalisering en toekomstscenario kind- en gezinsbescherming). Hierbij enkele voorbeelden, waarmee we al aan de slag zijn gegaan: • Pilot Specialistische Ondersteuner Jeugd (SOJ) bij de huisartsen als gemeentelijke toegang (variant POH jeugd-GGZ, WO-professional die geen langdurige begeleiding biedt). • Een buitenschoolse opvang + (BSO+) is een reguliere voorziening voor kinderopvang van schoolgaande kinderen. Door extra ondersteuning toe te voegen aan een reguliere BSO, wordt deze ook toegankelijk voor kinderen met extra ondersteuningsbehoefte. Dit zijn kinderen die nu vaak gebruik maken van een maatwerkvoorziening omdat een reguliere BSO onvoldoende ondersteuning biedt. • Centering zwangerschap en ouderschap Een groepsgerichte vorm van verloskundige en consultatiezorg om het ouderschap te versterken (een samenwerking tussen het medisch en het sociaal domein).

• Jeugdhulp en opvoedondersteuning De gezinscoaches zijn een algemene voorziening die kinderen en gezinnen ondersteunen bij (lichte) opvoed- en opgroeivraagstukken. Regionaal hebben we maatwerkvoorzieningen jeugdhulp ingekocht. Een maatwerkvoorziening gericht op lichte opvoedondersteuning is ondergebracht bij de gezinscoaches als algemene voorziening om het gezin tijdelijk preventief te ondersteunen. Het is lastig om per maatregel aan te geven wat het effect is op de uitgaven binnen de jeugdzorg. Zo heeft corona ook een impact gehad op de maatregelen. Voor de pilot SOJ wordt op korte termijn een eerste evaluatie opgesteld, waarin we een inschatting geven over de besparing van deze maatregel. Daarbij is het ook nog onduidelijk wie verantwoordelijk wordt voor de tekorten in de jeugdzorg op de lange termijn (vanaf 2026). PVDA pag 18 Hervormingsagenda jeugd: In de kadernota staat dat een deskundigencommissie met terugwerkende kracht een zwaarwegend oordeel gaat geven over de vraag wie verantwoordelijk is voor tekorten.

Betekent dit dat gemeente mogelijk alsnog een navordering kunnen verwachten? Wat is dan het financiële risico voor Venray? Antwoord: Over de risicoverdeling indien er na uitvoering van de maatregelen toch tekorten resteren, zijn tussen rijk en VNG de volgende principes afgesproken: 1.Gemeenten en rijk zijn verantwoordelijk voor het uitvoeren van de maatregelen waarop zij kunnen sturen. Indien zij dit niet of niet geheel doen, dan ligt het financiële risico naar rato van geleverde inspanning bij henzelf. 2.Gemeenten zijn verantwoordelijk voor een doelmatige en doeltreffende uitvoering van de Jeugdwet. 3.Gemeenten dragen de financiële verantwoordelijkheid voor bovenwettelijke initiatieven. 4.Onvoorziene omstandigheden en autonome groei vallen onder verantwoordelijkheid van het rijk. Er wordt een deskundigencommissie ingericht. Zij geeft met terugwerkende kracht tot 2023 een zwaarwegend oordeel over de vraag welke partij verantwoordelijk is voor het dekken van tekorten. De commissie doet begin 2025 uitspraak over de jaren 2023 en 2024 en kijkt dan ook naar de jaren daarna. Begin 2028 doet zij uitspraak over de jaren 2025 tot en met 2027. Bij haar weging sluit de commissie aan op de hierboven vermelde principes voor de risicoverdeling. Wat de uitkomst van de commissie van deskundigen betreft, daar kunnen we nu nog niet op vooruitlopen. We begroten reëel.

Dat betekent dat eventuele tekorten ook ten laste komen van het boekjaar waarin de activiteiten hebben plaatsgevonden. Daarnaast hebben we in onze risicoparagraaf rekening gehouden met eventuele tekorten in het sociaal domein. Nu ook grotendeels de inhoudelijke hervormingsagenda duidelijk is kunnen we maatregelen verder oppakken. Met een deel van de maatregelen zijn we zelfs al gestart. Via de begroting 2024 zijn 7

we voornemens een beroep te doen op aanvullende middelen voor de uitrol van de hervormingsagenda. CDA pag 18

Leefbaarheid, burgerparticipatie: 1.Wij lezen nergens in de Kadernota iets over leefbaarheid of burgerparticipatie. De woorden komen geen een keer voor, terwijl het een van uw speerpunten zou zijn voor de komende jaren. Het afgelopen jaar hebben verschillende burgerinitiatieven de raad gepasseerd waar vrijwilligers keihard aan hadden gewerkt. Welke concrete acties heeft u als college ondernomen de afgelopen om leefbaarheid, met name in de kleine kernen te bevorderen?

Antwoord: Inwonersparticipatie en leefbaarheid staan standaard op de agenda van verschillende disciplines in het gemeentehuis. Het onderhouden en verbeteren van de leefbaarheid is niet alleen een taak van de gemeente maar ook van onze inwoners. De gemeente faciliteert de wijk- en dorpsraden en andere bewonersgroepen bij ideeën en plannen met een collectief doel. Een voorbeeld is de onlangs opgezette wijkmoestuin in Landweert. Vanuit het dorpsradenoverleg (DRO) zijn diverse werkgroepen actief die zich bezighouden met thema’s zoals wonen (o.a. woningbouw), zorg (o.a. dorpsondersteuner) en kerkgebouwen. Daarnaast is er een separate werkgroep Samen Leven, Samen Leren die met thema’s aan de slag zijn. Enkele thema’s zijn dezelfde als die van het DRO zodat efficiënt kan worden samengewerkt. Ook wordt een praktische leidraad voor participatie uitgewerkt zodat inwoners weten waar ze met een idee voor hun wijk of dorp terecht kunnen. 2. Verschillende gemeenschapshuizen hebben afgelopen jaar hun nieuwe plannen gepresenteerd in het kader van schoon door de poort. Wordt er in de kadernota rekening gehouden met gemeenschapshuizen die mogelijk nog gaan komen? Antwoord: Op basis van eerder aangeleverde ondernemingsplannen is in 2016 door de Raad een raamkrediet vastgesteld. Mocht er geen plan zijn ingediend dan is een ambtelijke inschatting gemaakt.

In het geval dat een hogere financiële bijdrage aan de gemeente wordt gevraagd, neemt de Raad hierover een besluit. Het college komt conform het beleid met een voorstel of en zo ja hoe de extra dekking in de programmabegroting gevonden kan worden. CDA pag 18

NLW: 1.Wat is de tijdlijn voor uw lange termijn voor de NLW? 2.Wat zijn de investeringen die de NLW de komende jaren nog doet in de organisatie? Bijvoorbeeld de geplande investeringen uit het koers/visie document. 3.Het tekort van 250.000 euro van 2022 voor de NLW wordt naar 2023 overgebracht. Is dit volgens u voldoende om de tekorten te dekken? 4.Er wordt gezegd dat in de risicoberekening rekening gehouden is met de ontwikkelingen die spelen rondom de NLW. Bedoelt u hiermee de huidige tekorten of bent u voornemens de NLW in de toekomst helemaal af te bouwen of te versoberen? 5.De verhoging wettelijk minimumloon heeft een negatieve doorwerking omdat het rijk gedeeltelijk compenseert. Hoeveel procent wordt er door het rijk gecompenseerd en wanneer kunt u hier een volledig beeld voor geven?

Antwoord: 1. Inzet is om de uitwerking van de lange termijnopdracht rond de zomer 2024 afgerond te hebben. Besluitvorming volgt dan direct na de zomervakantie. 2. De investeringen vormen nog onderwerp van gesprek en maken onderdeel uit van de korte termijnopdracht. 3. Primair worden het eerder beschikbaar gestelde transitiebudget ingezet ter dekking van het tekort 2023. Uit deze middelen worden ook de door u bij vraag 2 gestelde investeringen gefinancierd. Het restant dient dan ter dekking van het tekort. Zoals aangegeven in de kadernota is er bij de 2de Berap een nieuw ijkmoment waarbij we meer zicht hebben op de ontwikkeling van de bedrijfsvoering. Op dit moment loopt de NV iets achter op de vastgestelde begroting 2023. 4. In de risicoberekening is rekening gehouden met twee onderdelen. De in het verleden verstrekt lening voor verzelfstandiging en anderzijds het tekort bij de NV. 8

5. Aangegeven is dat er nog geen zekerheid is over een volledige compensatie van de stijging van het wettelijk minimumloon. Met de meicirculaire 2023 is die duidelijkheid wel gegeven. Dat beeld laat zien dat de stijging gecompenseerd wordt door de aanvullende middelen vanuit het rijk. De compensatie heeft overigens geen gevolgen voor het geraamde tekort van de NV aangezien in de begroting reeds was uitgegaan van volledige compensatie. Als laatste stijgt het wettelijk minimumloon per 1 juli 2023 met 3,13%. Hiervoor is nog geen compensatie in het vooruitzicht gesteld. In de septembercirculaire zal moeten blijken of ook deze stijging wordt gecompenseerd. CDA pag 19

Dorpsondersteuner: 1.U gaat de pilot van de dorpsondersteuner in Ysselsteyn nog evalueren, terwijl u al aan kunt geven dat dit succesvol is geweest. Bent u bereid een dorpsondersteuner in meerdere dorpen aan te stellen en zijn die middelen er al? Waarom gaat u dit pas in 2024 een vervolg geven? 2.Aanvulling op hierboven: zo ja, wat zijn de effecten en kosten als we dit vertalen naar andere dorpen en wijken? 3. In hoeverre is het inzetten van een dorpsondersteuner dubbelop met de taken die we als gemeente Venray bij Synthese neerleggen voor het welzijnswerk? En wat betekent dit dan voor de lange termijn?

Antwoord: 1. Inmiddels is de pilot dorpsondersteuner Ysselsteyn geëvalueerd. Deze evaluatie gaan we als basis gebruiken om algemeen beleid vast te stellen voor het subsidiëren van de dorps/wijkondersteuners in heel Venray. Om geen willekeur te krijgen zijn een aantal eenduidige criteria dus van belang. Maar ook van belang is het financieel aantoonbaar maken van de meerwaarde van de inzet van dorps/wijkondersteuner en het goed laten aansluiten bij de nieuwe toegang. De laatste 2 items vergen meer onderzoekstijd. Ook vragen wij van de dorpen/wijken om hierin zelf het initiatief te nemen en met een plan van aanpak te komen. 2. Op dit moment is nog niet bekend wat de effecten en kosten zijn als we dit naar andere dorpen en wijken vertalen. 3. De dorpsondersteuner en het welzijnswerk zijn aanvullend op elkaar en kunnen elkaar versterken. Wat dit uiteindelijk betekent voor de langere termijn is nu nog onbekend. Eén van de voorwaarden die we in ieder geval gaan stellen is dat we ieder jaar met de dorps/wijkondersteuners en het dorp/wijk om de tafel gaan zitten om samen de functie van dorps/wijkondersteuner door te ontwikkelen naar behoefte en voortschrijdend inzicht en de aantoonbare meerwaarde. PVDA pag 19 SPUK-Bieb regeling: Er worden plannen gemaakt m.b.t. het herstellen, versterken en het toekomstgericht maken van bibliotheekvoorzieningen.

Daar is de eenmalige specifieke uitkering lokale bibliotheekvoorziening volgens ons voor bedoeld. Is het college van plan om in ieder geval voor het jaar 2024 een aanvraag voor deze SPUK-Bieb regeling in te dienen. Zo Nee, wat is dan de reden dat u ook voor het jaar 2024 geen aanvraag voor deze regeling indient? Antwoord: In de raadsvergadering van 9 mei zijn vragen gesteld over de Regeling eenmalige specifieke uitkeringen en subsidies lokale bibliotheekvoorzieningen. Zoals aangegeven houden we de optie nog open om voor 2024 wel een aanvraag in te dienen. Dit standpunt is nog niet gewijzigd. CDA pag 19

Venray beweegt: 1.Structureel wordt meer geld besteed aan gezondheid en de versterkte omgeving. Het blijft vrij vaag wat u dan precies gaat doen, u benoemt alleen Venray beweegt. Wat gaat er extra gebeuren met deze extra middelen? 2.Betekent dit een uitbreiding van Venray Beweegt? 3.Zijn er effecten bekend van inzet van Venray Beweegt? Zo ja, zouden we die graag ontvangen.

Antwoord: 1. De extra middelen (specifieke uitkering) moeten ingezet worden op de hoofdthema’s Sport en Bewegen, Gezondheid en de Sociale Basis. Binnen deze drie thema’s is door het Rijk een aantal onderdelen benoemd waar de gemeenten mee aan de slag moeten gaan. Voor het hoofdthema Sport en Bewegen is dat de uitvoering van het lokaal sportakkoord en de brede regeling combinatiefuncties. Voor het hoofdthema Gezondheid en sociale basis is dat het terugdringen 9

gezondheidsachterstanden, kansrijke start, mentale gezondheid, aanpakovergewicht en obesitas, valpreventie, leefomgeving, opgroeien in een kansrijke omgeving (middelengebruik), vroegsignalering alcoholproblematiek, versterken sociale basis, mantelzorg, één tegen eenzaamheid en welzijn op recept. Daarnaast wil het Rijk inzet op versterking kennisfunctie GGD en coördinatie regionale aanpak preventie. 2. Dit betekent geen uitbreiding van Venray Beweegt. 3. Het is erg lastig om de effecten van Venray Beweegt aan te tonen met indicatoren of om überhaupt indicatoren te bepalen. We kijken daarom meer naar de activiteiten en de tevredenheid van het maatschappelijk middenveld. CDA pag 19

Omgekeerde verordening: Momenteel werkt u aan de omgekeerde verordening. In hoeverre geeft deze wijze van de nieuwe verordening geen juridische knelpunten t.o.v. landelijke wet- en regelgeving? Worden in dit voorstel ook de (voordelige) ambtelijke effecten van de nieuwe werkwijze meegenomen?

Antwoord: Een omgekeerde verordening gaat uit van de hulpvraag van onze inwoner. De nieuwe verordening wordt juridisch getoetst zodat ook voldaan wordt aan landelijke wet- en regelgeving. Het verwachtte voordeel is dat we als organisatie nog integraler gaan werken. Dit levert vooral een voordeel op voor onze inwoner. De inwoner is beter en sneller geholpen. GL pag 19

Omgekeerde verordening: Omgekeerde verordening: wanneer zijn de voorbereidingen klaar? Kan al concreet worden aangegeven wanneer in 2024 gestart wordt met omgekeerde verordening?

Antwoord: We zijn gestart met de voorbereidingen. De planning is dat de omgekeerde verordening per 1 juli 2024 in werking treedt. CDA pag 20

Jera: De totale investering van de JERA bedraagt 1.752.900,00 euro en wordt als exploitatielast in 2024 geboekt. Dit terwijl MFC de Schol en MFC Wanssum deels als investering- en exploitatielasten worden gezien. Waar zit het verschil in?

Antwoord: Zowel de JERA, als MFC de Schol en MFC Wanssum worden ten laste gebracht van de algemene reserve (dezelfde financiële afwikkeling). Doordat in het verleden een raamkrediet/investeringsbudget is gereserveerd voor de 2 schoon door de poort projecten, zijn hier al exploitatielasten voor opgenomen in de begroting. Deze exploitatielasten zijn niet meer nodig en worden vrijgegeven. Het negatieve bedrag wat vermeld staat op de exploitatielasten is een voordeel (pagina 42). CDA pag 22

Focus/Spectrum: Kunt u toelichten hoe wij de extra infrastructurele maatregelen in 2025 van 188.868 euro voor Focus/Spectrum moeten lezen? Komt dit nog naar de gemeenteraad?

Antwoord: Met het raadsbesluit van 30 juni 2022 is er een bedrag van 230.000 euro opgenomen in de begroting als investering voor werkzaamheden op het nieuwe terrein rondom de nieuwbouw van Focus Spectrum. Een onderdeel daarvan betreft het plaatsen van een nieuwe transformator, die als vervanging geld voor de transformator die momenteel in de te slopen opstallen van het Raayland College zit. Deze vervanging diende voorafgaand aan de sloop uitgevoerd te worden. Daarom is een deel van de middelen naar 2023 verschoven. In 2025 resteert daardoor een bedrag van 188.868 euro voor werkzaamheden op het terrein zoals opstelplaatsen taxi’s en inrichting park. Via de eerste Berap 2023 wordt deze aanpassing van de bestaande middelen voorgelegd aan de raad. CDA pag 23

Volwasseneducatie: Wat wordt er met het bedrag voor volwasseneducatie gedaan? Wijkt dit af van andere jaren? Ligt hier een plan voor? 10

Antwoord: Het bedrag voor volwasseneneducatie wordt ingezet voor Nederlandse Taallessen voor volwassenen en hiermee ook voor de aanpak van laaggeletterdheid. Dit voor zowel de NT1 doelgroep (Nederlands als moedertaal) als de NT2 doelgroep (Nederlands als tweede taal). De inzet van deze middelen wijkt niet af van andere jaren. In Juli 2022 zijn het regionaal beleidsprogramma laaggeletterdheid en het hierbij behorende uitvoeringsprogramma vastgesteld door het college en is uw Raad hierover geïnformeerd middels een raadsinformatiebrief (2022-035 RIB Regionaal beleidsprogramma laaggeletterdheid Gemeente Venray (raadsinformatie.nl). CDA pag 42

Tennisbanen: In de toelichting op de aanvraag voor nieuwe tennisbanen wordt gesproken over een samenwerking en wellicht zelfs al een fusie. Beide tennisverenigingen in Venray hebben op dit moment een eigen bestaand park. Wordt er met deze investering een park uitgebreid of meerdere? Kunt u dit toelichten, ook hoe wij dit moeten zien ten aanzien van het accommodatiebeleid wat nog steeds niet is uitgewerkt

Antwoord: De tennisverenigingen in de kern van Venray onderzoeken momenteel de mogelijkheden van een fusie en het samengaan in één nieuw tennispark. Dit is een initiatief van de tennisverenigingen zelf en staat los van de uitwerking van het accommodatiebeleid. Pas als uit dit onderzoek blijkt dat het samengaan niet haalbaar is, zal er een investering in de bestaande parken plaatsvinden, teneinde kapitaalvernietiging te voorkomen. De aanvragen voor een investering op de bestaande sportparken is gedaan op basis van het huidige accommodatiebeleid. En wordt met het afwegingskader beoordeeld. CDA pag 42

Judo: Wij lezen een eenmalige bijdrage aan het WK Judo aangepast sporten. Is er ter onderbouwing van dit bedrag en het evenement een plan ingediend zodat we een beeld krijgen wat we hiervoor in Venray kunnen verwachten? Neem als voorbeeld de ingediende plannen voor de ter beschikking stelling van de subsidie voor de Binckbank Tour.

Antwoord: Er is een projectplan ingediend voor het WK Judo aangepast sporten in Venray, waarin doelstellingen en activiteiten voor dit toernooi in Venray duidelijk verwoord zijn. We kunnen u desgewenst dit plan opsturen. GL pag 18

WMO: Die vergrijzing zal ook voor ons als gemeenten gevolgen hebben voor de uitgaven in de Wmo. Welke gevolgen?

Antwoord: We hebben te maken met een aantal ontwikkelingen: • dubbele vergrijzing; • langer zelfstandig blijven wonen van ouderen; • afname van beschikbare mantelzorgers. We zien een stijging van het aantal inwoners, met name ouderen, wat gebruik maakt van de Wmo. Daarom is binnen de Wmo ook in een meerjarige stijging van de budgetten voorzien in tegenstelling tot stabilisatie van bijvoorbeeld de participatiewet en de jeugdwet. Op dit moment is de stijging het meest zichtbaar binnen de hulp bij het huishouden en de woningaanpassingen. GL pag 20

Geopark: Convenant Geopark: “De Unesco status genereert extra middelen voor het behoud van deze bijzondere natuurlijke waarden en vergroot ook de toeristische aantrekkingskracht van onze regio.” Hoeveel extra middelen? Wat levert de extra toeristische aantrekkingskracht naar verwachting op?

Antwoord: Hoeveel extra middelen de Unesco status oplevert is niet bekend, wel is bekend dat projecten die deze status krijgen aanzienlijke extra middelen tegemoet kunnen zien. Wat de extra toeristische aantrekkingskracht exact oplevert is ook lastig te kwantificeren. Dit drukt zich uit in 11

extra overnachtingen, extra bestedingen bij lokale ondernemers etc. en levert daarmee een bijdrage aan de lokale economie. GL pag 21

GOA: waar is dit toegekende geld aan besteed/gaat het aan besteed worden?

Antwoord: De middelen voor het gemeentelijk onderwijsachterstandbeleid worden besteed aan het terugdringen van onderwijsachterstanden bij kinderen in de leeftijd van 2,5 tot 6 jaar. In de praktijk betekent dit het onder andere wordt besteed aan subsidie voor de kinderopvang om een programma voor voorschoolse educatie (VE) aan te bieden aan kinderen van 2,5 tot 4, de inzet van een voorschools IB-er en subsidie voor het onderwijs om kinderen in groep 1 en 2 met een VVE-indicatie extra te ondersteunen, zoals allemaal opgenomen in het beleidsplan Peuteropvang en Voor- en vroegschoolse educatie 2023-2026. GL pag 22

Onderwijs: Huisvesting primair onderwijs (inflatie): hoeveel hoger is de index?

Antwoord: De index verschilt per schoolgebouw en gymaccommodatie omdat de diverse verhuurders verschillende indexeringen hanteren. Voor de meeste gebouwen en accommodaties is deze circa 10% hoger dan geraamd. Venray

Lokaal pag 19

SPUK aanvragen: Er zijn diverse SPUK–aanvragen vanuit Venray. Wanneer doen we wel of geen aanvragen? Op basis van welke criteria wordt deze afweging gemaakt? VL ziet dat gezond & leven wél is aangevraagd en bibliotheek niet. Dit is wel in de raad toegevoegd, wij zijn benieuwd hoe er gewogen wordt. Wie ontvangt de SPUK-educatie vanuit Venlo?

Antwoord: Vooraf is het goed om ons te realiseren dat er regelingen zijn die automatisch vanuit rijkswege worden toegekend en regelingen waarvoor een aanvraag noodzakelijk is. Bij een aanvraag voor een SPUK wordt primair altijd de afweging gemaakt hoe groot de kans is dat een aanvraag wordt gehonoreerd. Dit ook in verband met de tijd die aanvraag en verantwoording kost. Daarbij zijn o.a. de volgende onderdelen van belang: • In hoeverre draagt het bij aan het gemeentelijk doel? • De hoogte van het te ontvangen bedrag • De criteria om in aanmerking te komen voor een subsidie • De criteria voor verantwoording • Incidentele middelen versus structurele middelen De uitkomst van de weging kan dus per regeling verschillen. Bij de beantwoording gaan we er van uit dat u doelt op de uitkering volwasseneneducatie (WEB). De gemeente Venlo fungeert als contactgemeente voor de arbeidsmarktregio en ontvangt deze middelen voor de arbeidsmarktregio. Een deel wordt ingezet voor de regionale inkoop van educatie en een deel is vrij besteedbaar door de individuele gemeenten voor lokale initiatieven. VVD pag 20

Veiligheidsregio: Kosten Veiligheidsregio: in tekst lezen we stijgingspercentages: 3.3+5.9= 9.2%. Stijging is totaal: 668K op de totaal 4962000,- en dat is 13%, géén 9.2%. Hoe verhouden die getallen zicht tov elkaar. 668K vs 456K (= 9.2% van 4962000) Waar komt dit verschil vandaan?

Antwoord: De mutatie van 668K heeft betrekking op de aanpassing van onze begroting voor 2023 en ook meteen voor 2024 en verder. Wij sluiten onze begroting van de gemeente Venray aan op de begroting van de Veiligheidsregio. M.a.w. wat zij aangeven komt bij ons in de begroting te staan. Dus eerst is de correctie in 2023 meegenomen en deze wijzigt structureel in 2024 en verder. Het percentage van 9,2% heeft betrekking op de begroting 2024 en verder van de Veiligheidsregio. De genoemde 668K heeft betrekking op de wijzing van het jaar 2023 en de jaren 2024 en verder. Dus de 9,2% is hier een onderdeel van. Overigens heeft het percentage betrekking op de totale bijdrage aan de Veiligheidsregio (alle 3 de onderdelen). 12

Wellicht om duidelijk antwoord te geven hoe de 668K is opgebouwd, wil ik verwijzen naar de begroting van de Veiligheidsregio. Hierin staat op blz 54 onderdeel 2 Gemeentelijke bijdrage voor venray: Een bijdrage voor 2023 van € 5.078.000 naar vervolgens € 5.747.000 in 2024. Het verschil 668K betreft de wijziging. VVD pag 20

Brandweer: Waarom is gekozen voor een onderverdeling van dit onderwerp bij 3 programma’s? Brandweer in programma’s: Leven wonen en Besturen Leven.

Antwoord: Dit heeft te maken met onze eigen programma indeling naar de diverse programma’s die door onze raad is vastgesteld. Als voorbeeld Brandweer is bij ons ondergebracht onder programma 2. VVD pag 20

Wonen:

Hoe verhoudt de 668K genoemd op blz 20 zicht tot de getallen in de tabel op blz 23? Antwoord: Het bedrag op blz 23 is een gedeelte van de wijziging van 668K, in dit geval alleen dat gedeelte wat thuis hoort in programma 1. VVD pag 26

De Peel: De Peel: Project energieke gebiedsontwikkeling de Peel. 50.000 subsidie. Wat gaan we doen binnen dit project? (onderdeel van de investeringsagenda Noord Limburg)

Antwoord: In het collegeprogramma 2022-2026 is in het hoofdstuk duurzaamheid opgenomen dat in het kader van de regionale opgave voor opwekking van duurzame energie (RES NML), onderzoeken plaatsvinden naar de mogelijkheden voor grootschalige energielandschappen op regionale schaal om daarmee onze doelstellingen te bereiken. Dit doen we onder andere door te kijken naar drie grote opweklocaties in de regio waarvan één in Venray/Horst aan de Maas. Gezien de veelheid van opgaven voor het landelijke gebied pakken we dit op vanuit een integrale benadering en kijken daarvoor naar kansen en mogelijkheden om duurzame energieopwekking, recreatie, toerisme, natuur, waterbeheer en landbouw (innovatieve vormen en transitie) zodanig te integreren dat ze elkaar versterken. Begin 2023 is gestart met een verkenning van deze ‘energieke gebiedsontwikkeling’ in Venray, in afstemming met eenzelfde ontwikkeling in Horst aan de Maas; die wordt vervolgd door een gezamenlijke energieke gebiedsvisie.

Programma 2 Wonen CDA pag 24 Wonen:

1.Onlangs schreef u dat er in Venray de afgelopen tijd 260 woningen bij zouden zijn gekomen. Wij zien graag de specificatie waar deze woningen zijn gerealiseerd. 13

2.Welke concrete harde bouwplancapaciteit ligt klaar voor Venray? Zowel per capaciteit in de dorpen als in de wijken en Venray Centrum. Antwoord: 1. In de Raadsinformatiebrief van 23 mei is de gemeenteraad geïnformeerd over het meerjarig woningbouwprogramma 2023-2035. Hierbij zat een bijlage (als onderdeel van de rapportage) met een overzicht van alle gebouwde woningen per kern/dorp, type woning (huur/koop) en prijssegment (sociaal/middel/duur). Wij verwijzen u graag naar deze brief. 2. Volgens het meerjarig woningbouwprogramma 2023-2035 bedroeg de harde plancapaciteit in het eerste kwartaal van 2023 in totaal 338 woningen waarvan 187 in Venray en 151 in de dorpen. Venray pag 24 Huisvestingsbeleid internationale medewerkers: Lokaal Huisvestingsbeleid internationale medewerkers: a. Hebben we inmiddels alle plekken in beeld waar arbeidsmigranten worden gehuisvest? b. Is er al een nachtregister beschikbaar en de daarbij behorende gevolgen (zoals het heffen van verblijfsbelasting c. Is in beeld of deze locaties aan de passende SNF-norm voldoen? Zo nee, wanneer is dit gepland? Antwoord: a. Er wordt in juni een RIB met openbare en vertrouwelijk bijlagen gestuurd. In één bijlage zijn de locaties die vergund zijn benoemd. In een vertrouwelijke bijlage staan de onvergunde locaties benoemd. b.

Een inventarisatie en onderzoek heeft plaatsgevonden maar de mogelijkheden tot het invoeren van een digitaal nachtregister. Op dit moment vindt de systeem, software en internetaanpassingen plaats en wordt de testfase opgestart. Na de testfase zal in de loop van de rest van het jaar het digitaal nachtregister uitgerold worden. c. Voor de vergunde locaties is dit in beeld. Bij vergunningverlening toetsen we aan de veiligheidseisen uit het bouwbesluit, het bestemmingsplan, de tijdelijke notitie uitgangspunten huisvesting arbeidsmigranten en de afspraken uit het samenwerkingsakkoord 2022-2026. In die laatste zijn de SNF-normen benoemd. Voor de onvergunde locaties weten we op dit moment niet of deze aan de verschillende eisen voldoen. Met de huidige handhavingscapaciteit richten we ons op het controleren op meldingen of op situaties waar we een vermoeden van onveilige of ongezonde huisvestingssituaties hebben. In Q4 verwachten wij u een Integraal beleid internationale werknemers voor te leggen. Een belangrijk onderdeel daarvan betreft zowel de eisen aan de huisvesting, als de benodigde capaciteit voor goede handhaving. VVD pag 25

Energiearmoede: Aanpak energiearmoede, wat is er gedaan / gaat er gedaan worden met de 903K van het rijk, en kunnen we in juli 2024 hier dan ook een juiste verantwoording voor afleggen?

Antwoord: 1. Zoals uw raad op 29 november 2022 in een RIB is geïnformeerd over de besteding van de SPUK gelden energiebesparende maatregelen voor doelgroep energiearmoede, vindt op dit moment de uitvoering daarvan plaats. We gaan ervan uit dat ongeveer de helft van het subsidiebedrag zal worden besteed aan de subsidiering van kleine maatregelen of de vervanging van oud witgoed door nieuwe energiezuinige apparaten. Dit hangt af van de respons van de doelgroep en de verzilvering van de verstrekte vouchers. Tot nu toe hebben ca 850 klanten een witgoed Kadokaart (voucher) aangevraagd en ongeveer 130 kleine maatregelen. Het restant budget willen we gaan inzetten voor isolatiemaatregelen aan woningen uit de doelgroep (dus mensen met energietoeslag en een eigen woning). Dat zijn er circa 40 à 50. Verder kunnen klanten gebruik maken van een Bespaarcoach aan huis. Over dit alles wordt regelmatig gecommuniceerd met de doelgroep. 2. De SISA-verantwoording van de SPUK subsidie vindt in het eerste kwartaal van 2025 plaats. Eind december 2024 loop de regeling af. VVD pag ?

Capaciteit handhaving: De extra ingezette/ toebedeelde capaciteit voor handhaving en toezicht (Extra BOA’s) , waar kunnen we die in (geld, formatieplaatsen) terugvinden? 14

Antwoord: Het collegeprogramma 2022-2026 is opgenomen in de begroting 2023 en de meerjarenbegroting 2024-2026. In het Collegeprogramma 2022-2026 is op bladzijde 15 en 28 het volgende opgenomen:

VVD pag 27

Woonomgeving:

15

Wat is het deelprogramma “Woonomgeving”- lasten komende vier jaren MUIP zijn €0 – staat in de kadernota als programma er staat verder niets in de kader nota. Hoe verhoudt zich dit tot blz 28 van het college programma waar wel kosten zijn opgenomen in dit programma? Waar kunnen we deze terug vinden in de kadernota? Antwoord: Voor het deelprogramma Woonomgeving zijn geen extra gelden aangevraagd via de MUIP. De bedragen genoemd in het collegeprogramma zijn reeds (meerjarig) opgenomen en komen niet terug in de Kadernota.

Programma 3 Werken CDA pag 28

Landbouw/Stikstof: 1.Wij lezen in de Kadernota nergens iets terug over de ontwikkelingen binnen de landbouw/stikstofcrisis. De twee woorden worden zelfs niet eens genoemd. Is hiermee al iets te zeggen over de urgentie/prioriteit die u aan dit thema geeft? 2.Voert u nog steeds gesprekken met de delegatie namens het landbouwprotest van vorig jaar? Zo ja, wat is uit deze gesprekken voortgekomen en zo nee, waarom niet meer? 3.Wat heeft u tot dusver gedaan als voorbereiding op de middelen uit het stikstoffonds voor ondernemers in het buitengebied? 4.Voor de nieuwe opkoopregeling die eraan zit te komen moeten ondernemers voor een bepaalde datum tekenen waarbij ook duidelijkheid vanuit de gemeente moet zijn. Is de gemeente hierop voorbereid? Kan de gemeente vervangende vergunningen tijdig afgeven? 5.Is onteigening voor het college van B&W een middel die men noodzakelijkerwijs in zal zetten om stikstofreductie te realiseren? Werkt u daaraan mee als het Rijk daarmee komt?

Antwoord: 1. Gemeente Venray heeft in haar Omgevingsvisie de ambities en doelen gesteld. Hoe deze doelen en ambities nagestreefd worden staat in het omgevingsprogramma. De rol van de gemeente in het stikstofdossier wordt grotendeels bepaald door de richting/koers die het Rijk en de provincie gaat nemen in het Provinciaal programma landelijk gebied en het ruimtelijk voorstel en -arrangement. Deze rol is vooral uitvoerend (toekomstperspectief stoppende locatie, bestemmingsplan/intrekken vergunningen/meldingen, etc). Verder zal het Rijk samen met de agrarische sector ook een koers uitzetten in het landbouwakkoord. Zowel bij het stikstofdossier als het landbouwakkoord zal de gemeente een uitvoerende rol hebben. Zij zal deze rol zo goed mogelijk uitvoeren omdat daarmee ook de doelen uit de Omgevingsvisie worden gerealiseerd. 2. Na het landbouwprotest zijn gesprekken gestart tussen de sector en de gemeente Venray. De gesprekken zijn overgedragen aan de LLTB en gemeenten. Tussen de LLTB en de gemeente vindt nog steeds afstemming plaats, zoals ook voorheen. 3. Het Rijk heeft aangegeven meer regie te willen gaan nemen in het ruimtelijke spoor. Dit pakt zij samen met de provincies op. Dit geldt dus ook voor de het stikstoffonds (het fonds gekoppeld aan de doelen van het Nationaal Programma Landelijk Gebied).

Rechtstreeks als een gemeente kun je op dit moment geen aanspraak maken op dit fonds. Dit gebeurd via het Provinciaal Programma Landelijk Gebied, waar de provincie de regie heeft. Als gemeente zijn we bij dit proces wel aangehaakt (zowel ambtelijk als bestuurlijk). Dit geldt ook voor het Novex-gebied de Peel. De raadswerkgroep wordt hierover frequent geïnformeerd. Tevens heeft de gemeente alleen een uitvoerende rol in de opkoopregeling. Ter voorbereiding van de opkoopregeling wordt organisatorisch voorbereiding getroffen. 4. De regels voor de LBV en LBV+ regels 12 juni bekend geworden. De ondernemers kunnen zich inschrijven tot 1 januari 2024. Vervolgens ontvangen zij een beschikking (een besluit of zij in de regeling wel of niet mee kunnen doen). De termijnen wanneer het bedrijf moet stoppen, de vergunning moet intrekken etc. zijn bekend. De ondernemer kan van de gemeente duidelijkheid krijgen over alternatieve mogelijkheden door het indienen van een principeverzoek. Als reactie hierop ontvangt hij of zij een principebesluit van de gemeente. Dit principebesluit is de onderbouwing waarop een ruimtelijke procedure of vergunningaanvraag in gang gezet kan worden. De procedure voor een omgevingsplan hoeft niet tijdens de doorlooptijd van de regeling te worden afgerond. Het is wel noodzakelijk dat de ondernemer de huidige vergunningen binnen de daarvoor 16

gestelde termijnen heeft ingetrokken en ook de gebouwen gesloopt heeft binnen de termijnen. De regeling zal druk zetten op de ambtelijke organisatie en de beschikbare capaciteit. Op managementniveau zijn de teamleiders met elkaar in gesprek om hier stappen in te zetten. De hoeveelheid stoppers bepaald welke maatregelen er genomen moeten worden. Het rijk stelt gelden beschikbaar voor de gemeenten voor de uitvoering (SPUK gelden), echter dat wil niet zeggen dat de capaciteit geregeld is. Beschikbare capaciteit is bij alle gemeenten (en andere partijen zoals adviesbureaus) een groot probleem. Dit is ook via de VNG met het Rijk gedeeld. Daar komt bij dat juist tijdens de uitvoering van deze regeling de Omgevingswet van kracht is. Ondanks alle voorbereiding zal hier extra werk ontstaan omdat veel procedures nog onder de huidige wet worden opgestart. 5. Onteigening voor stikstofreductie is geen instrument dat toegepast kan worden door de gemeente. Op dit moment koerst het Rijk op vrijwillige opkoop en bronaanpak. Daarom is onbekend wat de rol van de gemeente zal zijn als het Rijk wel stappen zet om over te gaan tot onteigenen. CDA pag 28

Ondernemers: Is op de gemeente bekend bij welke ondernemers sprake is van plannen voor de toekomst om te blijven ondernemen en welke twijfelen? Bent u met deze ondernemers in gesprek in hoeverre u hen kan helpen een nieuw toekomstperspectief uit te werken, al dan niet agrarisch?

Antwoord: De uitvoeringsteams van het rijk of de provincie gaan in gesprek met veehouderijen die informatie willen of zich aanmelden voor de LBV en LBV+ regeling (landelijke beëindigingsregeling varkenshouderij). De gemeenten (ook via VNG) geven aan dat deze teams ook contact moeten zoeken met de gemeenten. Vanuit de gemeente kunnen (agrarische) ondernemers in gesprek met de (agrarische) bedrijfscontactfunctionaris. Er vinden voortdurend gesprekken plaats met ondernemers over de toekomst van hun locaties. Er is geen totaal beeld welke ondernemers willen blijven ondernemen en welke ondernemers twijfelen, stoppen of omschakelen. Het toekomstperspectief van een ondernemer is afhankelijk van veel factoren, zoals mogelijkheden, persoonlijke ambities, opvolging, markt, nieuwe markten, etc. Van invloed zijn ook de mogelijkheden die het Provinciaal Programma Landelijk Gebied, het ruimtelijk voorstel en het landbouwakkoord gaan bieden. CDA pag 28

Starters: 1.Wij horen geluiden dat Starter van het Kwartaal geen doorgang meer krijgt omdat gemeenten hier de stekker uit hebben getrokken. Klopt dit? Zo ja, waarom? Kunt u dit toelichten 2.Waarom heeft de gemeente Venray zich ook teruggetrokken uit het Starterscentrum? 3.Terugtrekkende bewegingen maken is gemakkelijk, maar over welke economische agenda beschikt u om wel een impuls te geven aan de aantrekkelijkheid van Venray voor starters? Welke acties voert u daarvoor uit?

Antwoord: 1. De Starter van het Kwartaal verkiezing is een gezamenlijk project van de Rabobank, de gemeenten Horst aan de Maas en Venray en het bedrijfsleven. Horst aan de Maas wilde het project niet voortzetten in 2023. 2022 is hiermee het laatste jaar binnen de huidige samenwerkingsvorm. Belangrijkste reden hiervoor is het feit dat het al enkele jaren lastig is om voldoende “geschikte” kandidaten te vinden. Wij zijn inmiddels in gesprek met Horst aan de Maas, ondernemers uit beide gemeenten en de Rabobank over een nieuwe opzet, vooral gericht op het promoten van jong innnovatief ondernemerschap in onze contreien. 2. De samenwerking tussen de gemeente Venray en het StartersCentrum liep tot 1 januari 2023. Eind 2022 heeft het StartersCentrum in het kader van de Investeringsagenda Noord-Limburg een verzoek ingediend om hun diensten over de hele regio uit te rollen. Dit verzoek had bij enkele gemeenten en de provincie Limburg geen draagvlak. Op basis hiervan én het feit dat er onzekerheid bestond over de personele inzet vanuit het StartersCentrum (als gevolg van uitval dan wel vertrek enkele adviseurs) is besloten om de samenwerking vooralsnog te beëindigen. Dit wil niet zeggen dat het StartersCentrum 17

volledig uit beeld is. Op korte termijn willen wij namelijk starten met het opstellen van een Programma Economie. Starters-/ondernemersondersteuning krijgt hierin een prominente plek. Mogelijk is dit aanleiding om opnieuw met het StartersCentrum in gesprek te gaan. Bij de totstandkoming van het Programma Economie wordt de raad nauw betrokken. 3. Zoals hierboven aangegeven starten wij op korte termijn met het opstellen van een Programma Economie (conform de programma’s Wonen, Landelijk gebied en Venray Vergroent). Ondernemersondersteuning in de brede zin van het woord is hier onderdeel van. Vanuit het programma wordt bezien met welke partners we gaan samenwerken om ondernemers zo goed mogelijk te kunnen ondersteunen en het vestigingsklimaat in Venray te optimaliseren. In dat kader wordt de komende maanden ook de structuur van en samenwerking binnen Venray Bloeit geëvalueerd. Deze evaluatie is in het najaar gereed en vormt de basis voor de toekomst van Venray promotie. CDA pag 28

Centrum: 1. Wat is de stand van zaken rondom u wens om meer vernieuwing in het centrum te genereren en de regie terug te pakken rondom het centrum? Tot welke ontwikkelingen heeft dat de afgelopen tijden geleid? 2.In de Kadernota wordt met geen woord gerept over centrumontwikkeling. Waarom niet? Houdt u geen rekening met toekomstige middelen voor uw zogenoemde vernieuwing?

Antwoord: 1. Deze vernieuwing vindt op meerdere fronten plaats. Zo is de verbouwing van het voormalig AH gestart (verplaatsing van de bibliotheek) en vindt transformatie plaats van winkelpanden naar woningen (diverse woningbouwprojecten o.a. voormalig pand Winkel van Sinkel, pand Bristol, in de Hofstraat en Poststraat). Ook de samenwerking met onze partners wordt vernieuwd. Het aanjaagteam Centrum heeft haar activiteiten beëindigd; echter de inzet van stichting Streetwise is onlangs verlengd. Tevens willen we onze regierol herijken in het licht van de geplande evaluatie van Venray Bloeit dit najaar. 2. Op dit moment zijn nog middelen beschikbaar vanuit o.a. de stimuleringsverordening Centrumvisie. Deze regeling loopt nog tot 31 dec. 2023 en zal dit najaar worden geëvalueerd. Aan de hand van deze evaluatie zal een vervolgvoorstel voor centrumontwikkeling worden voorgelegd aan de raad en zal indien nodig, om extra middelen worden gevraagd. CDA pag 30

Fietspad Leunen/Castenray: Door wethouder van Daal is ons toegezegd dat er in de eerste helft van 2023 een plan zou liggen met een aantal varianten voor een duurzame oplossing voor het slechte fietspad tussen Leunen/Castenray. Waarom is dat er nog niet? Wordt in deze Kadernota rekening gehouden met extra middelen die hiermee gemoeid zouden gaan? Wanneer kunnen we het plan verwachten?

Antwoord: : Het fietspad Leunen/Castenray is jarenlang hersteld, maar dient nu grondig gerenoveerd te worden. Daarvoor wordt een aantal scenario’s uitgewerkt. Dit is een complexe materie omdat er meerdere gemeentelijke disciplines bij betrokken zijn (Verkeer, Bomen, Wegen, Riolering). Tevens bevatten scenario’s grondaankopen, waardoor onzekerheden ontstaan. Dit en het grote aantal civieltechnische en andere projecten met urgentie (Schoon door de poort, ontheemden, sloop Raayland) die onder handen zijn heeft voor vertraging gezorgd. We verwachten dat we de scenario’s in het vierde kwartaal van 2023 aan de Raad te kunnen voorleggen, inclusief de middelen die daarmee gemoeid zijn. We gaan er in elk geval van uit dat dit een forse investering zal vragen. Hiervan is nu 2M in de begroting opgenomen. GL pag 29

Openbare Verlichting Wat is het energieverbruik per soort lamp, gelet op overschakeling naar LED?

Antwoord: Het energieverbruik per lamp is heel erg lastig aan te geven omdat er in meer dan 10.000 armaturen, meer dan 250 verschillende specificaties zitten. Wel is aan te geven dat het energiegebruik van LED lampen t.o.v. conventionele verlichting in de meeste gevallen 18

gehalveerd wordt. Op dit moment is het gemiddelde energieverbruik per lamp ongeveer 30 Watt. PVDA pag 29 Verband aanpassen snelheid en openbare verlichting: Vanwege het omzetten van de snelheid van 50 naar 30km per uur in de bebouwde kom moeten er nieuwe lichtmasten geplaatst worden. Graag een toelichting op het verband tussen het aanpassen van de snelheid en nieuwe lichtmasten. Antwoord: De inrichting van een wijk ontsluitingsweg (WOW)-50 is anders dan een WOW-30. Om de weg binnen de bebouwde kom verkeersveiliger te maken zijn er andere ontwerpprincipes. Door het toepassen van lichtmasten van 4 meter hoog wordt de weg optisch versmald en zal de snelheid lager worden. Op dit moment staan er op dergelijke wegen masten van 6,5 en 8 meter die we dan niet op die plaats kunnen hergebruiken.

Programma 4 Besturen CDA pag 31 Bestuur:

1.In de Kadernota lezen wij niets terug over bestuurscultuur, daar waar u zo graag verandering in aanbrengt. Wat zijn uw concrete acties hiervoor het komende jaar? 2.Wat is nu de status van de stichting ‘Wat kies Jij?’ die zichzelf blijkbaar zou hebben opgeheven? 3.Waarom wordt er in de Kadernota nog gesproken over een regionale bijdrage aan deze stichting?

Antwoord: Ad 1: Ons college (in het collegeprogramma) en ook de raad (in het samenwerkingsakkoord) hebben aangegeven te streven naar een nieuwe bestuurscultuur. Het gaat om houding en gedrag. We handelen integer, transparant en zijn bereikbaar en aanspreekbaar. We doen wat we afgesproken hebben, daarmee zijn we betrouwbaar. Dat is een continu proces van ontwikkeling waaraan we dagelijks invulling proberen te geven. Als onderdeel van de nieuwe bestuurscultuur hebben we ook de samenwerking met de raad genoemd. De nieuwe bestuurscultuur is er een van scherpte en reflectie. Uw raad mag ons er op aanspreken als u ziet wanneer we het beter kunnen doen. Wij willen samen met uw raad op constructieve wijze zo de focus houden op het algemeen belang. Doen we dan niets concreets? Jawel, we werken aan een kader voor inwonersparticipatie en overheidsparticipatie. We onderzoeken de mogelijke meerwaarde van het ‘Uitdaagrecht’, waarbij inwoners taken van de gemeente over mogen nemen als zij denken het slimmer, beter, goedkoper te kunnen doen. We hebben het ‘Kader Omgevingsdialoog’ herijkt. We betrekken bewoners bij de inrichting van hun directe leefomgeving. En boven alles geldt voor cultuurverandering: “The proof of the pudding is in the eating”. Ad 2 en 3: Het bestuur van de Stichting Wat Kies Jij (WKJ) heeft vorig jaar te kennen gegeven op te stappen per einde looptijd subsidie Regiodeal.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12923768/1