CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

B1.3 - Ontwerp-Motivering TAM-omgevingsplan Eijkenhofweg 3 en 5 Veulen (V5) (geanonimiseerd)

Gemeenteraad 14 april 2026, gemeente VenrayBij agendapunt: TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab Eijkenhofweg 3 en 5 Veulen18.496 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

(geanonimise rd)

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab (geanonimiseerd) en

5 (geanonimiseerd)

Motivering

vanbuiten.

VanBuiten bv

een

(geanonimiseerd) 6093 NE (geanonimiseerd) Tel:

+31(0)475

-

49 44 07

info@bijvanbuiten.nl www.bijvanbuiten.nl IBAN: NL86 ABNA 0128 3056 KVK 91612144 btw: NL865711732B01

65

TAM-omgevingsplan Gemeente

Hoofdstuk

22ab

(geanonimiseerd) Nen

Venray

Av

Plangebied:

(geanonimiseerd) BN

Status:

Ontwerp

Zaaknummer:

BO-2024-007880/

Plan-IDN:

NL.IMRO.0984.TAM2401122ab

Datum:

20 november

2025

5

(geanonimiseerd) 51+

Z2024-00007326

5

(geanonimiseerd)

frisge blik op advies

vanbuiten. een

frisee blik op advies

Inhoudsopgave Samenvatting: 1.

situatie

nieuwe

en

situatie

21,2,

EijkenhofwegB

unne

Beschrijving

nennen

saneren

nieuwe

situatie

Eijkenhofweg 3 …

2.2.2.

Eijkenhofweg5

eenen

8

eneeeneeeneeenvenneeenvenneeenenenseenvenneeeneenneeenvenneeenenenseenvenneeen

enen

…

snee

het bel8id

unne

9

enneenenennvenenenneenvennneenvennneeneeenneenveenneenseennsenveenseenseenneenseenne

nanne

Toetsing rijksbeleid

…

annen

Nationale omgevingsvisie

3.1.2.

Ladder

voor

duurzame

8

AEDES

EENDEN

aan

8

eenneeneeenneeneeenneeneeenseenenennvenseenseenenenneenvennseenvenneenvenneeeneennenenvenneeen

….….....nnnanneennneenvennerenvennerenveneerenvennerenveneerenvenseeenveneereneenseennvenseennventennnvenseenneenteense

3.1:1;

ene

verstedelijking

…

reneennenenvenneeeneennerensenneeenvennenenvenneeeneeenseenvennseenvennseenvennevendennen

…

nnn

11

12 14 16

nesten

(NOVI)ssssarssurvssrmseeerenererndensn eens ennennerenerenenenvennereneennenenvenneeeneenneeenvenneren

16 16 17

Toetsing provinciaal beleid…

3.2.1.

Omgevingsvisie Limburg (POVI)

3:22,

Omgevingsverordening: Limburg:

3.3.

enn

Beschrijvingsstrijdigheid.srsserversererrerersenersenssrewnnseneanseendaneoebe eenen ARE G

Toetsing

32:

…

annen

2.21.

3.1.

…

Beschrijving:huidigersituatie'ssaonveresnesensnneneen seeden beten ARNO GAGE ER RRRS Eijkenhofweg3

2.3.

6

team

2.11.

2.2.

As

5

nhar

Inleiding ensaanduidine:plangebiëdsnunmmnmmmmnmeennne nennen

Huidige Zil,

3,

eeen

Inleiding 1.1.

2.

eener

gemeentelijk

Toets

beleid

…

annen

onennensernenneneernennenneenennensennenneenvenennveneenvenvenveneene

2022ssevsoerverrsrmarseranenstn sereen ee nge aR eea

aanne

reneennenenvennereneeenenenvenneeeneeensnenveeneeenvennseenvennneenvennnen

17 19 19

3.3.1.

Omgevingsvisie Venrayiurnnsersernennsernnenereennenteernd nen 19

3:32:

Ruimtelijk

3.3.3.

Kernwaarden

3.3.4.

Omgevingsprogramma Economie 2025-2028

3.3.5.

Structuurvisie

Kkwaliteitskäderssanrnermnenre

veilige- en gezonde leefomgeving …

…

venneeenn neren

neusen eerenneeerenverensneveneeven

Bijdrage Ruimtelijke Ontwikkeling

Aspecten fysieke leefomgeving

en

20

arne

…

nnn

milieus

ennennereneennerenvennereneennerenvenneeen

nanne

22 23 25

41.

Milieuzonering

4.2.

Geluid

4.3.

Luchtkwaliteit

44,

Bodem

4.5.

GeUr

4.6.

Gezondheid.reerorrwerezvervsvensennnsereveevenenvervivensvvernvvasseenudaeagvendevenvevenwevanvevavvenneenievannavandddeovenen 32

4.7.

Externe

4.8.

TEÜINBEN

4.9.

Kabels

4:10.

Water.....onnvervorrsnvervorranvervorvonneneervenvervouvbevenessvenvenvenvieveneenvenverdenvbervevenve 35

All:

Archeologiesen-cultuurhistöri®nesmonnumnnrvn

A12.

_NAtUUÊvornanvervorrenvenvorrnsvervorvonwenvorvenvervonvbevenessvonvervenvdevenenvenrendenvbervevenvevaredenve 38

413,

Verkeeren

…

annen

ennvenevenneenevenenenseenneenenensvensvenseenerenneenseenneenseenneenvensnventennnsenseenneendeenneenteenne

nev

27

wemmnmsrnenn vws

senses

onenenseneneenen

senen

25

envenenvenenvenenenvenenvenenseneneenenenvenvenenensenenvenenvenenennenenvenenn

28

…

….nnnnnnnenneenenvenseenenneeneevenseeneeneenenneenvenennvenvenenneenvenenneenvenenveeneenennvenveneenvenveneenvenvenvenveneenvenvenvenvenvenven

30

vaenveureveenn

veiligheid

…

unne

senen

vennveneeeneeeneneneneneeennvenenenneenseenneeneeenneenteenneensennneenseenneenseenneenseense

32

enen 34

veeveveerrseereevenverrienersserveenovoveverseversesarveernnernneneeerennevevenennvereenesvnenwornvsnnesernaervevivennaenvenbenosi

SM

leidINBEN

ares

ree

entesen

mtr

te

35

vers denve steven vovredenvenvenvenvenvendenve

tenere

37

steven vovrnsenvenvenvenvenvensenve

parkeren:

nnen

kansen

EEN

RR

WERCO

39

3 TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab

en 5 (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | |

vanbuiten. een

4.14.

Milieueffectenrapportage

……

nnn

frisee blik op advies

anneennernenensersneenvenneeenseenseeneennneenvennseenvennneenveenseenvennneenvennseendennnen

41

B»

Participati®rsasrvrvervensrsanrvnneersessnsrrvereenwsesesenrddnneernnwssesenevnneernnwssessacrnwenernwsnsevsnsernnneannenevesasenvenenenenn 43

6,

Financielehaalbaarheid 61,

Kostenverhaal

6:2:

Nadeelcompensatië

7.

Conclusie

8

Bijlagen

enennnnen

annees

44

vanme

evenwichtige toedeling van ends

functies

aan

locatieS

…

…

nnn

44

annneenvennereneennerenvennerenvenneneneensenen

SOEEREE

TERSTEEG

45 46

4 TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab

en 5 (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | |

vanbuiten. een

frisee blik op advies

Samenvatting (geanonimiseerd) en 5 (5814 AM) te | (geanonimiseerd) is een intensieve veehouderij gevestigd, in de vorm van |

Op de locaties

varkenshouderij. Op beide locaties zijn diverse bedrijfsgebouwen gelegen ten behoeve van het houden van varkens. Beide bedrijven zijn ingeschreven voor deelname aan de Landelijke Beëindigingsregeling Veehouderijlocatie met piekbelasting (Lbv-plusregeling), en heeft initiatiefnemer hierop een positieve beschikking ontvangen. Hiertoe is op 16 april 2024 een principeverzoek ingediend, waarbij een wijziging van een

functies op beide locaties wordt beschreven. In de gewenste situatie wordt er op deze locaties bedrijfsmatig geen vee meer gehouden en wordt er gekozen voor een alternatieve invulling. Op de locatie Eijkenhofweg 3 is in de huidige situatie reeds een akkerbouwbedrijf

aanwezig

welke

intensiveren.

De

loonwerkbedrijf

initiatiefnemer,

beoogde

het

beëindigen

activiteiten

op

de

de

van

locatie

intensieve

veehouderijtak,

Eijkenhofweg

5

akkerbouwbedrijf. De werkzaamheden van een egaliseren voor sleufsilo’s, (erf-)verhardingen en voor zowel uitgevoerd agrarische als niet-agrarische bedrijven. Initiatiefnemer te groeien op Eijkenhofweg 5, waardoor het een kleinschalig bedrijf blijft. omvatten

De

o.a.

als ook

na

nieuwe

een

het machinaal

ontwikkeling voor

aan

het

nationale

beleid,

verder

wenst

te

grondverzet- en en grondverzetloonwerkbedrijf landbouwgronden. Er wordt werk is

een

voornemens

hierin

niet verder

specifiek aan de Nationale omgevingsvisie en de belemmeringen ten aanzien van de ontwikkeling naar voren De gekomen. provinciale beleid, meer specifiek aan de Provinciale en aan de omgevingsvisie omgevingsverordening. Hieruit zijn geen belemmeringen ten aanzien van de ontwikkeling naar voren gekomen. De ontwikkeling is getoetst aan het gemeentelijke beleid, meer specifiek aan de Omgevingsvisie Venray, het Ruimtelijk kwaliteitskader en aan de Kernwaarden veilige- en gezonde leefomgeving. Hieruit zijn geen belemmeringen ten aanzien van de ontwikkeling naar voren gekomen. Ladder

is getoetst

betreffen

meer

duurzame

verstedelijking. Hieruit zijn geen ontwikkeling is getoetst aan het

ontwikkeling is getoetst aan diverse aspecten van de fysieke leefomgeving. Hieruit kan geconcludeerd worden ontwikkeling geen significante negatieve effecten heeft op de fysieke leefomgeving. Er worden immers een tweetal intensieve veehouderijen gesaneerd, wat een aanzienlijke bijdragen levert aan de verbetering van de omgevingskwaliteit. Daarbij wordt opgemerkt dat t.b.v. de soortenbescherming een QuickScan Flora en Fauna is uitgevoerd. Ten aanzien van de gebiedsbescherming is een AERIUS-berekening uitgevoerd. Beiden onderzoeken zijn als separate bijlagen bijgevoegd bij deze ruimtelijke onderbouwing. Tevens is gebleken uit deze onderzoeken, dat de beoogde ontwikkeling geen negatieve gevolgen heeft voor zowel Natura2000-gebieden en het behoud van (mogelijk beschermde of bedreigde) soorten. De

dat de nieuwe

plan, hebben meerdere contactmomenten met de gemeente Venray plaatsgevonden. gemaakt met de uitwerking van deze onderbouwing voor de fysieke initiatiefnemers de buurt hebben geïnformeerd middels een omgevingsdialoog. Hierin leefomgeving, waarop hebben zij de plannen voor beide locaties toegelicht. Een gespreksverslag is aangeleverd bij de gemeente Venray. In verband met de privacywetgeving is deze niet als separate bijlage bijgevoegd bij deze onderbouwing. Om

te

komen

tot

voornoemd

Hierna

is

een

start

Het

plan betreft een particulier initiatief. De initiatiefnemer, tevens eigenaar van de gronden en bestaande opstallen, fungeert als financiële drager van het voornemen en heeft voor de uitvoering de benodigde financiële middelen gereserveerd. De gemeente beperkt zich tot het verlenen van planologische medewerking aan de uitvoering van het plan. Voor het overige zijn er geen gemeentelijke financiën met het project gemoeid. Voorliggende onderbouwing voor de fysieke leefomgeving toedeling van functies aan locaties.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab

en 5 (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | |

toont

aan

dat

er

sprake

is

van

een

evenwichtige

vanbuiten. een

1.

Inleiding

1.1.

Inleiding en aanduiding plangebied

Op de locaties

(geanonimiseerd) en 5 (5814 AM) te | (geanonimiseerd) is een intensieve veehouderij gevestigd, in de vorm van |

varkenshouderij. Op

een

varkens. Tevens hoort kadastraal

frisee blik op advies

bekend

kadastraal bekend

er

beide locaties zijn diverse bedrijfsgebouwen bij beiden percelen een bedrijfswoning met

als gemeente

Venray, sectie

als gemeente Venray,

Beide locaties zijn in eigendom op eigen locatie worden groot

van

In de gewenste

er

sectie O

nummers

nummers

592, 1120

en

1121.

gesloten varkenshouderij, waarbij alle dieren gebracht. bedrijven zijn ingeschreven voor deelname aan de Landelijke Beëindigingsregeling Veehouderijlocatie met piekbelasting (Lbv-plusregeling), en heeft initiatiefnemer hierop een positieve beschikking ontvangen. Hiertoe is op 16 april 2024 een principeverzoek ingediend. en

vormen

een

Inmiddels zijn beide

bedrijfsmatig geen vee meer gehouden en wordt er gekozen Eijkenhofweg 3 is in de huidige situatie reeds een akkerbouwbedrijf aanwezig welke initiatiefnemer, na het beëindigen van de intensieve veehouderijtak, verder wenst te intensiveren. Er wordt ca. 40 ha aan grond bewerkt waarbij met name aardappelen en uien worden geteeld. Hiervoor wenst initiatiefnemer een loods te realiseren, als ook drijfmest van derden aan te kunnen voeren voor gebruik voor eigen gronden. Opgemerkt wordt dat er in dit plan reeds rekening is gehouden met ruimte voor de toekomst, om nog een nieuwe loods te kunnen realiseren t.b.v. het akkerbouwbedrijf. voor

De

een

situatie wordt

initiatiefnemer

O,

gelegen ten behoeve van het houden van bijgebouwen. De locatie Eijkenhofweg 3 is 856 en 857. De locatie Eijkenhofweg 5 is 734,

alternatieve

beoogde

invulling. Op

op deze

locaties

de locatie

nieuwe activiteiten op de locatie

Eijkenhofweg 5 betreffen een grondverzet- en loonwerkbedrijf. De grondverzetloonwerkbedrijf omvatten o.a. het machinaal egaliseren voor sleufsilo’s, (erf-)verhardingen en landbouwgronden. Er wordt werk uitgevoerd voor zowel agrarische als nietagrarische bedrijven. Initiatiefnemer is voornemens hierin niet verder te groeien, waardoor het een kleinschalig bedrijf blijft. Hiervoor wenst initiatiefnemer een loods te bouwen, waarvan maximaal 1.000 m? gebruikt wordt voor het grondverzet- en loonwerkbedrijf. Daarnaast dient de loods als werktuigenberging. werkzaamheden

Verder worden

van

een

opslagvakken op verharding gemaakt. In deze opslagvakken kan zand of grond afkomstig van bijvoorbeeld egalisatie projecten van het grondverzet-/ loonbedrijf worden opgeslagen. Deze zand of grond afkomstig vanuit een egalisatie-project kan weer hergebruikt worden bij een nieuw project en zal wellicht dagen of enkele weken blijven liggen. Buitenopslag wordt daarmee toegestaan, uitsluitend binnen het bouwvlak met aanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf landbouwverwante bedrijven’. er

buiten

en

enkele

—

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab

en 5 (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | |

vanbuiten. een

Hiernavolgend

wordt de

ligging van beide plangebieden

frisse blik op advies

weergegeven.

Eijkenhofweg

D.

_

Figuur

1.1.1

Ligging plangebieden (bron: pdokviewer.nl)

Bij brief van 6 mei 2024 (kenmerk Z2024-00007326) heeft de gemeente Venray kenbaar gemaakt in principe medewerking te willen verlenen aan de ontwikkelingen. Hieraan zijn een aantal voorwaarden verbonden: e

e

e

e

_ Beide locaties dienen

landschappelijk te worden ingepast, waarbij op de locatie Eijkenhofweg 3 een duidelijk ruimtelijke scheiding gecreëerd moet worden tussen het bedrijfsmatige gedeelte en het woongedeelte. Op de locatie Eijkenhofweg 5 dient de bomenrij op de rand van het verhardingsvlak robuuster te worden ingepast; _Op de locatie Eijkenhofweg 3 dient goed onderbouwd te worden waarom er drie silo's noodzakelijk zijn voor de bedrijfsvoering; Er dient inzicht te worden verschaft in de hoeveelheid afvalwater als gevolg van de akkerbouw- en loonwerkzaamheden; De verkeersaantrekkende werking en parkeersituatie (licht- en zwaar verkeer) op beide locaties dient voor

de nieuwe situatie nader te worden onderbouwd.

Hiertoe is voorliggende

onderbouwing

voor

de fysieke leefomgeving opgesteld.

en 5 TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | |

vanbuiten. een

2.

Huidige situatie en nieuwe

2.1.

Beschrijving huidige situatie

2.1.1.

Eijkenhofweg

frisee blik op advies

situatie

3

Huidige situatie de locatie Eijkenhofweg 3 wordt in de huidige situatie een intensieve veehouderij geëxploiteerd, meer specifiek een varkenshouderij. Op de locatie is een vergunning aanwezig voor het houden van 4.000 vleesvarkens in twee stallen. De vleesvarkens worden gehouden op een emissie-armsysteem, waarvoor twee mestsilo’s zijn geplaatst, die zorgen voor mestopslag na het emissie-armsysteem. Verder is er een loods voor het akkerbouwbedrijf aanwezig.

Op

feitelijke situatie is initiatiefnemer inmiddels gestopt met het houden van dieren, en liggen de stallen sinds voorjaar van 2024 leeg. In het najaar van 2024 wordt de bedrijfsbebouwing gesloopt. De loods voor het akkerbouwbedrijf blijft behouden. In de het

Figuur 2.1.1.1 Luchtfoto huidige situatie Eijkenhofweg

3

(bron: streetsmart.cyclomedia.com)

Planologische situatie De locatie is gelegen in het van rechtswege geldende tijdelijke omgevingsplan ‘Buitengebied Venray 2010’ welke is vastgesteld door de gemeenteraad op 14 december 2010. Nadien is er een eerste herziening vastgesteld op 1 november 2016 en een tweede herziening op 20 september 2017. Op 31 oktober 2023 is er een herziening op de regels van het ‘Ruimtelijk Kwaliteitskader’ vastgesteld. enkelbestemming ‘Agrarisch’ met daarin een bouwvlak met de functieaanduidingen en ‘bedrijfswoning’. Op een gedeelte van het perceel ligt de dubbelbestemming ‘Waarde 1. Als laatste is de gebiedsaanduiding ‘reconstructiewetzone Archeologie landbouwontwikkelingsgebied’ aan de gronden toegekend. De

locatie

heeft

de

“intensieve veehouderij’ —

—

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab

—

en5 (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | |

vanbuiten. een

Hiernavolgend is een ‘Buitengebied Venray

uitsnede

van

de

verbeelding

behorende

bij het geldende omgevingsplan

van

frisee blik op advies

rechtswege

2010’. E1:1 dE EE en

Buitengebied Venray 2010

el Í

1

Bestemmingsplan

Gemeente

meerkenmerken

v

\_ vastgesteld 14-12-2010 Plekinfo

-

Venray

geheel onherroepelijk in werking

Bijlagen bijregels

Regels

Gerelateerd

Overig

Bestemmingsvlakken (1)

193431,

Aarie

387540

Bouwvlakken

7

à

(1)

7

bouwvlak

Functieaanduidingen (1)

123

intensieve

z

veehouderij

Gebiedsaanduidingen (1)

[_] Figuur 2.1.1.2

Uitsnede

2.1.2.

Á

- landbouwontwikkelingsgebied

reconstructiewetzone

>

verbeelding plangebied (bron: omgevingswet.overheid.nl/regels-op-de-kaart)

Eijkenhofweg

5

Huidige situatie de locatie Eijkenhofweg 5 wordt in de huidige situatie een intensieve veehouderij geëxploiteerd, meer specifiek een varkenshouderij. Op de locatie is een vergunning aanwezig voor het houden van 476 zeugen, 80 opfokzeugen en 1.909 gespeende biggen. Deze locatie is in combinatie met Eijkenhofweg 3 een gesloten unit, waardoor alle dieren op de eigen locatie worden grootgebracht.

Op

In de

feitelijke situatie

het voorjaar

van

2024

is initiatiefnemer inmiddels gestopt met het houden

leeg.

In het najaar

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab

van

2024 is de

en 5 (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | |

van

dieren, en liggen de stallen sinds

bedrijfsbebouwing gesloopt.

vanbuiten. een

Figuur 2.1.2.1 Luchtfoto huidige situatie Eijkenhofweg

5

frisee blik op advies

(bron: streetsmart.cyclomedia.com)

Planologische situatie De locatie is gelegen in het van rechtswege geldende tijdelijke omgevingsplan ‘Buitengebied Venray 2010’ welke is vastgesteld door de gemeenteraad op 14 december 2010. Nadien is er een eerste herziening vastgesteld op 1 november 2016 en een tweede herziening op 20 september 2017. Op 31 oktober 2023 is er een herziening op de regels van het ‘Ruimtelijk Kwaliteitskader’ vastgesteld. enkelbestemming ‘Agrarisch’ met daarin een bouwvlak met de functieaanduidingen veehouderij’ en ‘bedrijfswoning’. Op een gedeelte is de dubbelbestemming ‘Waterstaat Beschermingszone watergang’ van toepassing. Als laatste is de gebiedsaanduiding ‘reconstructiewetzone landbouwontwikkelingsgebied’ aan de gronden toegekend. De

locatie

heeft

de

“intensieve

—

—

Hiernavolgend is een uitsnede van ‘Buitengebied Venray 2010’.

de

verbeelding

behorende

bij het geldende omgevingsplan

van

rechtswege

10 TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab

en5 (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | |

vanbuiten. een

frisee blik op advies

Buitengebied Venray 2010 Bestemmingsplan meer

kenmerken

Gemeente

vastgesteld

14-12-2010

Plekinfo

Regels

Agrarisch

Bouwvlakken

- geheel onherroepelijk

Bijlagen

Bestemmingsvlakken []

Venray

v

bijregels

in

werking

Gerelateerd

Overig

(1) >

(1)

bouwvlak

Functieaanduidingen (1)

L1]

(1)

[_]

7

2.1.2.2 Uitsnede

Beschrijving

2.2.1.

Eijkenhofweg

Op deze locatie

wenst

nieuwe

Op de locatie is reeds bestaat de

landbouwontwikkelingsgebied

>

situatie

initiatiefnemer het reeds aanwezige

een

het verbouwen in bezit of pacht.

werktuigenberging

aanwezig,

een

loods te bouwen

eigen bedrijf. Deze loods heeft

een

oppervlakte

wens

akkerbouwbedrijf verder voor te zetten. Het huidige agrarische producten waaronder aardappelen en uien. Het

van

om

mestsilo’s

-

3

akkerbouwbedrijf richt zich op bedrijf heeft ca. 40 ha gronden

Daarnaast

reconstructiewetzone

verbeelding plangebied (bron: omgevingswet.overheid.nl/regels-op-de-kaart)

2,2.

drietal

veehouderij

Gebiedsaanduidingen

\ Figuur

intensieve

middel

realiseren

het

plaatsen

ca.

waar

de

de

opslag

machines van

bedrijf worden gestald. agrarische producten afkomstig van het

950 m?. Tevens wenst

waarin

voor

het

initiatiefnemer op deze locatie een mineralenconcentraat van derden

mest, kunstmestvervangers aangevoerd kan worden. Deze producten worden gebruikt t.b.v. het eigen akkerbouwbedrijf. Er vinden geen mestverwerkingsactiviteiten plaats, echter bevinden zich op de locatie geen dieren meer, waardoor aanvoer van deze producten van derden noodzakelijk is. Door

te

van

voor

en

voor initiatiefnemer de mogelijkheid om zowel drijfmest te ontvangen. Dit heeft als voordeel dat er per gewas en grondsoort bekeken kan worden welke mest er aangewend moet worden. De keuze van initiatiefnemer is om in het najaar en in de winter mest aan te voeren en dit gedurende enkele maanden te mixen tot een homogeen product. Dit product, variërend van 1.000 m? tot 3.000 m?, heeft dan homogene gehaltes van bijvoorbeeld stikstof en fosfaat. Vervolgens wordt dit product middels precisiebemesting in het voorjaar aangebracht op eigen gronden. Precisiebemesting zorgt ervoor dat voedingstoffen voor planten in de juiste hoeveelheid op dejuiste plaats komt. Het bedrijf kan afhankelijk van afhankelijk van gehaltes stikstof en fosfaat in de mest tot 60 m? per hectare uitrijden. Voor de huidige omvang van het akkerbouwbedrijf, 40 ha, heeft initiatiefnemer al twee mestsilo’s nodig (60 x 40 2.400 m°). De derde silo wordt gebruikt voor de opslag van spuiwater, en kan later nog uitgereden worden. Door de mest zelfop te blijven slaan, is deze beschikbaar op het moment dat er vraag naar is, en kan er uitgereden worden wanneer het initiatiefnemer het beste past. van

van

drie

en

meerdere

spuiwater (kunstmestvervanger)

mestsilo’s

ontstaat

soorten

=

Onderstaand bouwvlak

is

een

schematische

wordt verkleind

weergave opgenomen 1,69 ha naar ca. 1,31 ha.

van

de

nieuwe

invulling

van

de

locatie.

Het

nieuwe

Opgemerkt principeverzoek destijds oppervlakte van ca. 1 ha heeft. Echter is in dit plan een doorkijk gemaakt, waarbij rekening is gehouden met het mogelijk realiseren van een extra loods in de toekomst. Hiermee wordt een doorkijk gemaakt voor de langere termijn en wordt er een duurzaam en toekomstbestendig plan opgesteld. is aangegeven

dat het

van

nieuwe

ca.

bouwvlak

wordt dat in het

een

11 TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab

en 5 (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | |

vanbuiten. frisee blik op advies

een

met aag oren Gâm lang rondom hoogbomenende ts,breed,10m Asml hah Gestueerd

12m

Bomenrij beukenhaag werktugenbergng 5m 5

4

Sortiment

7

8

tete

_

hagen en bomenrij Nederlandse

ri

naam

7

Maat ho wee

naam en

«

Aantal 25 4

Maat sono vario safi sono

Gestuoerd Haag crea sen40m lang, en woondeel

5 jm

breed,

7

75 75 75

Ì

e p

t/m

_

stuweel*

Gesitueerd zan oostrijde plangebied bij nieuwe slo lood: en

TE

Nieuwe so

eren

200m2.

haal

en

‘Wsterberging

lang, 12m hoog, 05m breed, 4st/m2 ‘Zesortimentsist

Totale hoeveelheid nieuwe

_

verharding 1570m2

1150m2 nieuwe bebouwing en 420m2 neuwewaterbestrating area 06, GHG cirea 05te “Afmetingen: 20m lang, 17m breed, 0,5m diep, taluds ‘Capac crea 16im3 bergen ‘Bergingses 10mm/m2, 15703 Kewaarde

11

paar

IN

Plantschema struweel

verschoven plantverband,

jen

Neer

zuidzijde perceel

zeen

ee

e

vanbuiten.

©

kee

©

(,N

Inpassingsplan Eijkenhofweg 3, Veulen

.

nel

*

Figuur 2.2.1.1 Schematische

weergave nieuwe

situatie

Eijkenhofweg

hi

3

Landschappelijke inpassing Het inpassingsplan richt zich op de oost- en de westzijde van het plangebied. Aan de oostzijde komt een bomenrij met beukenhaag en een struweelhaag die de bestaande en nieuwe bebouwing voor een groot deel aan het zicht onttrekt. Ten zuiden wordt op de bouwperceelsgrens een struweel gesitueerd, waarbij rekening is gehouden om in de toekomst nog een nieuwe loods te realiseren. Aan de westzijde wordt een bomenrij met beukenhaag gebruikt om een scheiding te maken tussen het bedrijf en de woning. Tussen de woning en het bedrijf worden nog 3 bomen aangeplant om de scheiding te versterken. In

het

totaal

wordt

1.570

m?

verharding aangebracht. Op basis van deze oppervlaktes is een waterbergingsplan opgesteld, welke nader wordt toegelicht in paragraaf 4.10. Tevens is het waterplan onderdeel van het landschappelijk inpassingsplan, welke is bijgevoegd als bijlage 1 bij deze ruimtelijke onderbouwing. er

aan

nieuwe

bebouwing

en

Milieuaspecten De te verwachten duurzaamheid

en

milieuaspecten worden nader beschreven adaptatie worden eveneens nader

klimaat

Eijkenhofweg

2.2.2.

in hoofdstuk 4. Aspecten beschreven

in

op het

gebied

van

paragraaf 4.15.

5

betreffen deze locatie een grondverzet-/loonwerkbedrijf. De op bij een grondverzet-/loonwerkbedrijf omvatten o.a. het machinaal egaliseren van landbouwgronden, terreinen voor sleufsilo's en (erf-)verhardingen. Er wordt werk uitgevoerd voor zowel agrarische als niet-agrarische bedrijven en hiervoor wenst initiatiefnemer een loods te realiseren. Initiatiefnemer is voornemens om niet te groeien met het grondverzet-/ loonbedrijf, waardoor een oppervlakte van 1.000 m? aan bedrijfsbebouwing voldoende is voor deze bedrijfstak. In deze loods wordt tevens een spuitplaats gerealiseerd voor het schoonspuiten van machines. De hierboven genoemde loods dient daarmee een dubbeldoel: ruimte voor het grondverzet-/ loonbedrijf als ook stalling van (landbouw-)machines. De

beoogde

werkzaamheden

nieuwe

activiteiten

behorende

12 TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab

en5 (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | |

vanbuiten. een

beperkte buitenopslag noodzakelijk. Op de verharding worden enkele opslagvakken gerealiseerd tijdelijk zand, grond en vergelijkbare materialen worden opgeslagen die vrijkomen bij de werkzaamheden. Deze materialen kunnen bij volgende projecten worden hergebruikt. Aangezien dergelijke materialen vaak onverwacht en in wisselende hoeveelheden vrijkomen, is directe en toegankelijke opslag op het eigen terrein noodzakelijk om het werkproces efficiënt te houden. Naast

de

loods

frisee blik op advies

is

een

waar

Het realiseren

gebouw voor deze materialen is niet wenselijk. Daarnaast is de opslag per definitie liggen doorgaans slechts enkele dagen tot enkele weken op het terrein, waarna ze weer worden afgevoerd of toegepast. Door de opslag te concentreren binnen het bouwvlak en de aanduiding landbouwverwante bedrijven’, blijft de ruimtelijke impact beperkt en wordt een ‘specifieke vorm van bedrijf ordelijke en overzichtelijke bedrijfsopzet gewaarborgd.

tijdelijk van

van

een

extra

aard: de materialen

—

Onderstaand

is

een

schematische

bouwvlak wordt verkleind

van

ca.

weergave

1,09 ha

de

opgenomen van ca. 0,86 ha.

nieuwe

invulling

de

van

locatie.

|

nieuwe

at

Plantschema Struweel

Bomenrijessen* Zie

en

Singel

ent

Gesitueerd aan oostzijde oprit en Buis, 10m hoh.

bestrating

waver

sortimentslijst

struweel

Bestaande

Het

naar

*

de 78m lang,

Gesitueerd rondom struweel circa

haag,

e

opslagvlakken.

Sm breed en Sm

©

©

e@

©

cntomomen

hoog.

‘Zie sortimentstisten pantschema

Opstagdkken.

Singel® aan westzijde nieuwe loods, Haag circa 70m lang en Sm breed, Zie soritmentslijt en plantschoma.

(Gesitweerd

Loods circa 1200m2’

Latijnse Fraanus Stale

me

naam emelsor

keer

Waterberging hoevesïheid verharding 3790m2 1200m2 neuwe bebouwing 2590m? nieuws bestrating Bergingseis 100mm/m2, 379e3 te bergen water

Totale

Sortiment struweel

euwe en

Kewraarde circa 6, GHG circa 06 Waterberging verdeold over twee delen. Deel

1 6äm

2

lang, Sm breed, 0,6m diep, taluds 1:1.Capacteit

Deel oppervlak Totale capaciteit

Sortiment

circa crea

219,53

720m2,0,25m diep, taluds 11. Capaciteit circa 394,5m3.

175m3

singel

lead

Gestweerd Satu, Zie

aan

15m

waterloop ten

hak.

zusden van

/

vanbuiten.

plangebied

een

Frise blik op odvies

@N

Inpassingsplan Eijkenhofweg 5, Veulen

sortimenesijst

____n ow

Figuur 2.2.2.1 Schematische

Wasplaats

weergave nieuwe

situatie

Eijkenhofweg

20

30m

__Schaal1:750{artormaat

5

landbouwmachines

Initiatiefnemer

wenst

in de

nieuwe

loods

wasplaats te realiseren voor de reiniging van machines. Bij de en het uitvoeren van uitvoering werkzaamheden, grondbewerking, egalisatie komen de machines in met gewasbeschermingswerkzaamheden bij klanten, aanraking grondresten, modder, indien van toepassing vet, olie en gewasbeschermingsmiddelen. —

Initiatiefnemer wenst

een

zoals

van

—

in de

nieuwe

loods

wasplaats voor landbouwvoertuigen te realiseren. Voor de teelt van gewassen worden gewasbeschermingsmiddelen toegepast om de gewassen te beschermen tegen ziekten, plagen en onkruid. Dit helpt om de opbrengst en kwaliteit van de gewassen te behouden, en de productiviteit van agrarische percelen te verhogen. Wanneer de gewassen met gewasbeschermingsmiddelen behandeld worden, blijven er resten van dergelijke middelen achter op de landbouwmachines. Alvorens initiatiefnemer een

13 TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab

en 5 (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | |

vanbuiten. een

andere

delen

de

landbouwgronden gaat bewerken is het van belang om deze resten van de verwijderen. Hiermee wordt voorkomen dat eventuele overgebleven resten verspreid gronden/gebieden. Dit proces vindt plaats op de hiervoor ingerichte wasplaats in de nieuwe

van

landbouwmachines worden

te

andere

naar

frisee blik op advies

loods. deze

wasplaats worden mogelijke overgebleven resten van gewasbeschermingsmiddelen van de landbouwmachines verwijderd. Het schoonspuiten van deze machines is een belangrijke stap om de verspreiding van potentieel schadelijke stoffen in het milieu te minimaliseren. Hierbij kunnen ook vet- en olieresten afgespoeld worden. Op

Aanvullend

speciale reinigingsapparatuur en opvangsystemen, zoals oliedergelijke systemen worden geleid, alvorens het in een opvangput wordt opgevangen. Met enige regelmaat wordt deze put geleegd, waarbij wordt voldaan aan de lozingsvoorschriften van de NVWA. Dit proces wordt nader beschreven en uitgewerkt in de milieuaanvraag van en

hierop

is de

wasplaats uitgerust

vetafscheiders.

Het

afvalwater

deze nieuwe

zal

met

eerst

door

loods.

Landschappelijke inpassing Het inpassingsplan richt zich voornamelijk op de oost- en zuidzijde van het perceel. Hier komt een bomenrij die loopt van de Eijkenhofweg tot aan de opslagvlakken aan de zuidzijde van het plangebied. Rondom de opslagvlakken komt een breed struweel die de vlakken volledig uit het zicht ontnemen. Aan de zuidzijde komt een bomenrij van wilgen op gepaste afstand van de Oostrumsche beek. Met deze elementen is de oost- en zuidzijde van het perceel vrijwel volledig ingepast. gerealiseerd, waardoor de loods vanaf deze zijde aan In

het

totaal

wordt

m?

aan

nieuwe

de

westzijde

wordt

een

opgaande

groenstructuur

het zicht wordt onttrokken.

verharding aangebracht. Op basis van deze oppervlaktes waterbergingsplan opgesteld, toegelicht in paragraaf 4.10. Tevens is het onderdeel van het welke is bijgevoegd als bijlage 1 bij deze ruimtelijke waterplan landschappelijk inpassingsplan, onderbouwing. er

3.990

Aan

is een

bebouwing

en

welke nader wordt

Milieuaspecten De te verwachten duurzaamheid

en

milieuaspecten worden nader beschreven klimaat adaptatie worden eveneens nader

in hoofdstuk 4. Aspecten beschreven

in

op het

gebied

van

paragraaf 4.15.

Beschrijving strijdigheid

2.3. Op basis

de locaties

Eijkenhofweg

3

en

beide locaties is een bouwvlak

5

een

agrarische functie, waarbij

er een

opgenomen.

Eijkenhofweg 3 wordt een akkerbouwbedrijf voortgezet. Dit betreft een ontwikkeling welke bij het toekomstperspectief voor het gebied op grond van het Ruimtelijk Kwaliteitskader en welke ook direct passend is binnen het Omgevingsplan. Op

de

het Omgevingsplan hebben veehouderij is toegestaan. Op

van

intensieve

locatie

aansluit

Op

de

locatie

Eijkenhofweg 5 betreft het grondverzet-/ loonbedrijf een niet-agrarisch bedrijf, zijnde een bedrijf. Dit past niet direct binnen het Omgevingsplan. Echter blijft ook deze locatie volgens het Ruimtelijke Kwaliteitskader voorbestemd voor bedrijvigheid gericht op de agrarische sector. Om op deze locatie een landbouwverwant bedrijf toe te staan, dient de functie ter plaatse gewijzigd te worden. Ook dient, in het kader van deelname aan de Lbv-plusregeling, de functieaanduiding ‘intensieve veehouderij’ van de locatie verwijderd te worden. Middels onderhavige aanvraag worden hieraan voorschriften verbonden, waarmee landbouwverwant

voldaan

kan worden

Derhalve

wordt

aan

deze voorwaarde.

opgemerkt dat voorgenomen activiteit op de locatie Eijkenhofweg 3 rechtstreeks passend is binnen het Omgevingsplan. Echter dient, om te kunnen voldoen aan de voorwaarden voor deelname aan de Lbvplusregeling, de exploitatie van een intensieve veehouderij uitgesloten te worden. Middels onderhavige onderbouwing worden daarmee maatwerkvoorschriften opgenomen, waarmee bovenstaande kan worden bewerkstelligt. De omgevingsaspecten zijn daarmee ook enkel getoetst aan de ontwikkeling op de locatie 14 TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab

en 5 (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | |

vanbuiten. een

Eijkenhofweg 5, Omgevingsplan. Bij het opstellen

daar

van

een

het

Omgevingsplan, waarbij

de

dergelijk

landbouwverwantbedrijf

niet

rechtstreeks

passend

Omgevingsplan voor de gemeente Venray worden beide locaties aanduiding ‘intensieve veehouderij’ van de locatie verdwijnt.

is

frisee blik op advies

binnen

opgenomen

het

in dit

15 TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab

en 5 (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | |

vanbuiten. een

3.

Toetsing

3.1.

Toetsing rijksbeleid

3.1.1.

Nationale

aan

frisee blik op advies

het beleid

omgevingsvisie (NOVI)

Met de Nationale omgevingsvisie (NOVI) geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomst en de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. Uitgangspunt in de nieuwe aanpak is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar

plaatsvinden, maar in samenhang. Om dit te kunnen bewerkstelligen laat het Rijk de inrichting van fysieke leefomgeving meer over aan de decentrale overheden en komt de gebruiker centraal te staan.

de

Rijk blijft verantwoordelijk voor rijksverantwoordelijkheid aan de orde zijn Het

e

e

e

u 4.

De

toekomstperspectief op en richting geven. Rijk

van

een

wil het

sturen

Daarnaast

kan

een

2050

brengt

Die komen

de NOVI samen

de

langetermijnvisie

in beeld. Op

nationale

in vier prioriteiten:

voor

op de fysieke combinaties te maken

belangen

belangen soms botsen. Het streven is om en win-win situaties te creëren, dit is echter niet altijd mogelijk. In die gevallen dienen afgewogen. Hiervoor gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes:

te worden

Combinaties in het

onze

leefomgeving

in Nederland

is

zo

groot,

dat

voor enkelvoudige functies: scheiding van functies te vaak te rigide gehanteerd. Met combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt van

verleden

maximale 2.

leefomgeving.

klimaatadaptatie en energietransitie; duurzame energie inpassen met oog voor omgevingskwaliteit. Duurzaam economisch groeipotentieel; ruimte voor overgang naar een circulaire economie. Sterke en gezonde steden en regio’s; woningbouw in een stedelijk netwerk van gezonde en groene steden. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied; landgebruik meer in balans met natuurlijke systemen (bv. kringlooplandbouw). Ruimte

druk

1.

fysieke

onderwerp nationale baten en/of lasten heeft en de doorzettingsmacht van provincies en gemeenten overstijgt, bijvoorbeeld het reserveren van ruimte voor militaire activiteiten en het stellen van opgaven in de stedelijke regio's rondom de mainports, brainports, greenports en valleys; over een onderwerp internationale verplichtingen of afspraken zijn aangegaan, bijvoorbeeld het stimuleren van of het beschermen van biodiversiteit, duurzame energie, watersysteemherstel werelderfgoed; een onderwerp provincie- of landsgrensoverschrijdend is een ofwel een hoog afwentelrisico kent ofwel in beheer bij het Rijk is. Bij dit laatste gaat het bijvoorbeeld om de hoofdnetten van weg, spoor, water en energie, maar ook de bescherming van gezondheid van inwoners is op rijksniveau relevant.

belangen

2.

de

systeem

een

Aan de hand

1.

het indien:

functies gaan

is

de

NOVI

we

naar

en

zorgvuldig gebruik

zoeken

van

ruimte.

Kenmerken

en identiteit van een gebied staan centraal: optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling, tussen concurrentiekracht en leefbaarheid, verschilt van gebied tot gebied. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in

wat de

het andere. 3.

Afwentelen het is

wordt voorkomen:

belang

dat

onze

huidige generatie

van

inwoners

van

samenleving

zoveel

mogelijk

voorziet in

zonder dat dit ten koste gaat

omgevingsvisie Onderhavig initiatief raakt geen belang op

van

mogelijkheden en behoeften toekomstige generaties.

van

de

Conclusie Nationale

nationaal

niveau, waardoor het NOVI geen belemmering oplevert.

16 TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab

en 5 (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | |

vanbuiten. frisee blik op advies

een

Ladder

3.1.2. De

Ladder

duurzame

voor

verstedelijking

verstedelijking (vaak kortweg aangeduid als Ladder) is een instructieregel voor tegengaan van leegstand. Bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen wordt beoordeeld is en of de ontwikkeling binnen het stedelijk gebied kan.

duurzame

voor

zorgvuldig ruimtegebruik of er echt behoefte

aan

en

In artikel

5.129g Besluit kwaliteit leefomgeving (Bk) staat de instructieregel dat de Ladder wordt toegepast bij wijziging van het omgevingsplan voor een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Een stedelijke ontwikkeling is de ontwikkeling of uitbreiding van een bedrijventerrein, een zeehaventerrein, een woningbouwlocatie, kantoren, een detailhandelsvoorziening of een andere stedelijke voorziening die voldoende substantieel is. Wat voldoende substantieel is, wordt niet exact vastgelegd in het Bkl. Wel heeft jurisprudentie van de Afdeling een

bestuursrechtspraak van de Raad van State ondergrenzen, maar “in beginsel’ grenzen. In

beginsel

hierin

enkele

lijnen uitgezet.

Het

gaat

daarbij

niet

om

harde

is een

plan met meer dan 11 woningen een nieuwe stedelijke ontwikkeling, dus vanaf 12 woningen. stedelijke functies in de vorm van een terrein is de ondergrens ‘in beginsel’ 500 m?. Bij toevoeging van gebouw ligt de ondergrens dus ‘in beginsel’ bij een bruto-vloeroppervlakte van minder dan 500 m?.

Bij andere een

De laddertoets die

geldt enkel voor nieuwe stedelijke ontwikkelingen. Het gaat daarbij om stedelijke ontwikkelingen planologisch beslag leggen op de ruimte. Of, als er alleen wijziging van de gebruiksfunctie andere manier wezenlijke ruimtelijke effecten heeft. Van belang is in hoeverre het initiatief:

nieuw of groter

een

is, die op

een

e

in vergelijking

e

_en

Toets

welk

met

het vorige

planologisch beslag

plan, voorziet op de ruimte

in

het

functiewijziging; plan mogelijk maakt in vergelijking een

met

het vorige

plan.

initiatief

Op de locatie Eijkenhofweg 3 wordt een akkerbouwbedrijf voortgezet en op de locatie Eijkenhofweg 5 wordt een grondverzet-/loonbedrijf gestart. Dergelijk initiatief betreft in beginsel geen stedelijke ontwikkeling. Daarnaast worden op beide locaties de beide locaties ingeperkt.

bouwvlakken verkleind.

Ook als de

toepassing is,

Ladder niet

gemotiveerd.

Deze

van

evenwichtige

omgevingsaspecten, welke nader

Daarmee worden

de

planologische bouwmogelijkheden

op

moet de evenwichtige toedeling van functies aan de locatie worden toedeling van functies aan de locatie volgt uit de beschrijving van de worden toegelicht in hoofdstuk 4.

Conclusie Ladder

voor duurzame verstedelijking Onderhavig initiatief betreft in beginsel geen stedelijke ontwikkeling. Echter, uit nadere motivatie blijkt dat er sprake is van een evenwichtige toedeling van functies op de locatie. Hierdoor vormt de Ladder geen belemmering

het initiatief.

voor

3.2.

Toetsing provinciaal beleid

3.2.1.

Omgevingsvisie Limburg (POVI)

Op

1

oktober

vastgesteld.

2021

hebben

Deze visie is op 25

de

Provinciale

oktober 2021

Staten

van

in werking

de

provincie

Limburg

de

Omgevingsvisie

Limburg

getreden.

Limburg vervangt het in 2014 vastgestelde POL2014 (Provinciaal Omgevingsplan Limburg) en strategische visie voor de lange termijn (2030-2050) op de fysieke leefomgeving. De visie gaat naast de fysieke leefomgeving ook in op aspecten zoals gezondheid, veiligheid, economie en sociale aspecten. En dat is onderlinge samenhang. De Omgevingsvisie is

een

De Omgevingsvisie voor

de

uitwerking

is een zelfbindend document van

de onderdelen

van

en

bindt daarmee

het beleid

om

enkel de provincie

bindende

regels

te

Limburg.

Als het

nodig

is

stellen, dan gebeurt dat via de

17 TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab

en 5 (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | |

vanbuiten. een

Omgevingsverordening.

frisee blik op advies

Omgevingsverordening is vastgesteld op 17 december 2021 en tegelijkertijd (01-01-2024) inwerking getreden. Hoewel de visie gaat over de periode van 2030-2050 is de Omgevingsvisie Limburg geen blauwdruk voor de toekomst. Bij (nieuwe) ontwikkelingen kan de provincie nog keuzes maken. Daarbij kiest de provincie voor maatwerk en wordt rekening gehouden met karakter en mogelijkheden van een gebied en de afwegingen van belangen op lokale schaal. Als er afwegingen gemaakt moeten worden, dan gebeurt dat op basis van de onderstaande Limburgse principes: met

De ontwerp

de Omgevingswet

1.

Streven

2.

Kenmerken

3.

Meer

4,

Zorgvuldig omgaan

De

naar

een en

stad,

meer

omgevingsvisie

e e

Wonen

gebieden

onze

ruimte

staan

centraal.

binnen

en

voorraden

diverse thema’s

in de omgevingsvisie

van

bovengronds

én

ondergronds.

of gebieden de provinciale Limburg benoemd:

rol

en

belangen.

De

volgende

leefomgeving. gezondheid. _ Cultuur, sport en erfgoed. en

Veiligheid

en

Economie.

e

Werklocaties.

e

_ Mobiliteit.

e

Energie.

e

Landbouw.

e

Water.

©

Natuur.

e

met

worden

e

e

veilige samenleving.

en

van

land.

benoemt

thema’s/gebieden e

inclusieve, gezonde

identiteit

_ Landschap. Bodem en Ondergrond.

Per thema wordt de

lange termijn ambitie gedeeld, alsmede de keuzes die de provincie hierin maakt. Twee derde Limburg landelijk gebied. Land- en tuinbouw en de vrijetijdseconomie zijn belangrijke economische factoren in het landelijk gebied. De hoger gelegen zandgronden in Noord- en Midden-Limburg en de van vormen samen het zogenaamde plateaugebieden Zuid-Limburg buitengebied. Hier liggen grote transitieopgaven in verband met de problemen rond onder andere stikstof en fijnstof. Er zijn kansen voor een breed scala aan vormen van landbouw, maar ook voor andere functies waaronder vrijetijdseconomie. In veel gevallen zal het mogelijk zijn om opgaven in samenhang op te pakken en zo win-winsituaties te creëren. Soms zullen opgaven echter met elkaar wedijveren om de beperkt beschikbare ruimte. Dat vraagt om keuzes waarbij de belangen van economie, energievoorziening, veiligheid en gezondheid, natuur en ruimtelijke kwaliteit tegen elkaar moeten worden afgewogen. Hiervoor is een gebiedsgerichte aanpak nodig waarbij ondernemers, maatschappelijke organisaties en overheden samenwerken. De Provincie wil die samenwerking stimuleren en waar nodig initiëren. is

van

Binnen

het thema

name op de ontwikkeling binnen de bestaande bedrijven, de vele blootgesteld en de grote opgaven die er liggen onder andere door het Klimaatakkoord, het Europees luchtkwaliteitsbeleid, de provinciale- en regionale energietransitie en de waterhuishouding. Als gevolg hiervan zullen een groot aantal agrariërs stoppen en komt er agrarische bebouwing vrij (VAB). Om landschappelijke kwaliteit te behouden en verrommeling te voorkomen, worden er ten aanzien van vrijkomende agrarische bebouwing (VAB's) een aantal zaken gestimuleerd:

veranderingen

e e e

‘Landbouw’

waaraan

is de focus

ondernemer

met

worden

_ Agrarisch hergebruik; _Herbestemmen

buiten

de sector;

_ Sloop (met uitzondering van beeldbepalende/ monumentale en karakteristieke bebouwing), waarbij de mogelijkheden worden bepaald door het potentieel van het vastgoed en de omgeving, vanuit het principe juiste ontwikkeling op de juiste locatie. Ook wordt sloop de nieuwe opgave om verpaupering en ondermijnende activiteiten te voorkomen. 18

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab

en 5 (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | |

vanbuiten. een

frisee blik op advies

locaties

Eijkenhofweg 3 en 5 betreffen beide VAB-locaties, die zijn vrijgekomen door deelname aan de Lbvplusregeling. Beide locaties liggen in een gebied welke voorbestemd is voor bedrijvigheid gericht op de agrarische sector, waardoor zowel het akkerbouwbedrijf als het grondverzet-/ loonbedrijf qua functie passend zijn op deze locatie. Door het toekennen van een nieuwe functie neemt tevens de kans op ondermijnende activiteiten af en De

wordt verpaupering

tegengegaan.

Het

akkerbouwbedrijf is direct passend binnen het Omgevingsplan. loonbedrijf wordt tevens aangegeven dat het plan in beginsel ruimtelijke onderbouwing voor de fysieke leefomgeving wordt aangetoond dat deze Conclusie

Voor

wat

betreft

het

aanvaardbaar is. Middels activiteit

passend

grondverzet-/ onderhavige

is op deze locatie.

Omgevingsvisie Limburg

Gelet op vorenstaande

past het initiatief binnen de reikwijdte

van

de

provinciale Omgevingsvisie.

Omgevingsverordening Limburg 2022

3.2.2. Provinciale Staten

hebben

de

Omgevingsverordening Limburg vastgesteld in de vergadering van 17 december 2021 en gewijzigd op 16 december 2022. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2024 is ook deze Omgevingsverordening Limburg het vigerend provinciaal beleid geworden. De Omgevingsverordening Limburg 2014 is per 1 januari 2024 ingetrokken. De omgevingsverordening is voor het laatst gewijzigd op 3 februari 2025. In de

Omgevingsverordening Limburg staan de provinciale regels op het gebied van milieu, provinciale wegen, (grond-)water, grond, landbouw, natuur, wonen en ruimte. De Omgevingsverordening Limburg bevat twee soorten regels: e

e

_Instructieregels gericht tot gemeenten of het waterschap. Dit zijn opdrachten aan de gemeenten en het waterschap die de gemeenten moeten verwerken in het gemeentelijk omgevingsplan en het waterschap moet verwerken in de waterschapsverordening. Pas na het verwerken van de provinciale instructieregels in het gemeentelijk omgevingsplan, of in de waterschapsverordening, krijgen deze regels effect op activiteiten van inwoners en bedrijven. Regels voor activiteiten die voor alle inwoners en bedrijven gelden, of voor specifieke doelgroepen.

Zowel de

locatie

Eijkenhofweg

3 als

Eijkenhofweg 5 zijn gelegen

binnen

een

tweetal

gebiedsaanwijzingen:

Buitengebied In de Omgevingsverordening Limburg zijn, ten aanzien voor voorgenomen activiteiten, toepassing vanwege de ligging in het buitengebied.

geen

specifieke regels van

Overstromingskansgebied C De (gemiddelde) overstromingskans binnen dit gebied is 1:25 per jaar. Deze omgevingswaarde geldt in het kader van de inspanningsverplichting voor het waterschap met het oog op de bergings- en afvoercapaciteit waarop moeten wateren zijn regionale ingericht. De norm van 1:25 betekent dat de kans per jaar 1:25 is dat er een overstroming optreedt. Conclusie

Omgevingsverordening Limburg

Gelet op vorenstaande

past het initiatief binnen de reikwijdte

van

de

provinciale Omgevingsverordening.

gemeentelijk beleid

3.3.

Toets

3.3.1.

Omgevingsvisie Venray

Op 21 december 2023 heeft de gemeente Venray de ‘Omgevingsvisie Venray 2023’ vastgesteld. In de Omgevingsvisie gaat de gemeente Venray in op de uitdagingen waar ze voor staat, en geeft de gemeente richting aan waar ze naar toe wil in de toekomst. De Omgevingsvisie vormt de ruimtelijke vertaling van de strategische

19 TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab

en 5 (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | |

vanbuiten. een

visie ‘Toekomstvisie 2030, Venray loopt voorop’. De omgevingsvisie ondernemers en verenigingen uit de gemeente Venray.

is tot stand

De gemeente wil de belangrijke waarden van Venray beschermen ambities rekening gehouden met verschillende opgaven zoals de

versterken.

gekomen

samen

met

frisee blik op advies inwoners,

Daarbij wordt aan de hand van klimaatverandering, de energietransitie en de om het tekort te lossen. woningbouw woning op Belangrijk vraagstuk daarbij is hoe de gemeente er over 10 jaar uit zal zien. De ambities spelen een rol in ontwikkelingen binnen de verschillende deelgebieden. Beide locaties zijn

gelegen

in een

gebied

dat is

aangemerkt

en

als ‘agrarisch

gebied’.

agrarisch gebied is volop in ontwikkeling. Er spelen diverse onderwerpen in het agrarisch gebied zoals ruimteclaims vanuit de en energietransitie grootschalige agrarische bedrijvigheid, leegstand, klimaatverandering. Ook spelen er maatschappelijke discussies over voedselproductie, grondgebruik en biodiversiteit. De gemeente wil in kaart brengen hoe al deze functies naast elkaar kunnen bestaan en wil daarbij gaan voor het toekomstbestendig maken van het agrarische landschap. Veiligheid en gezondheid zijn belangrijke pijlers hierin. Een gezonder woonklimaat wordt gerealiseerd door het wonen beter te scheiden van veehouderijen. Voor een agrarisch gebied in evenwicht, waar toekomstige generaties in schone lucht kunnen Het

genieten

recreëren.

en

agrarische gebied is voornamelijk in gebruik voor agrarische bedrijvigheid, waarvan een groot deel zich heeft gespecialiseerd in de veeteelt. Echter is het buitengebied aan veranderingen onderhevig, o.a. door de veranderende maatschappij en de nieuwe inzichten op het gebied van veeteelt. Dit leidt tot veel stoppende agrarische bedrijven, en daarmee veel vrijkomende agrarische bebouwing (VAB's). Daarmee ontstaat een risico op leegstand, verloedering en verrommeling. Tegelijkertijd liggen er daarbij kansen om het agrarisch gebied toekomstbestendiger te maken en duurzaam te versterken. Het

Op beide locaties blijven agrarische activiteiten plaatsvinden,

passend is binnen het deelgebied ‘agrarisch gebied’. Door het toekennen van nieuwe functies aan deze locaties, wordt leegstand, verloedering en verrommeling voorkomen en wordt de kans op ondermijnende activiteiten verkleind. Verder wil de gemeente

in het

onderhavige ontwikkeling name

geur

en

ammoniak

agrarisch gebied

worden

er

twee

afkomstig van

inzetten

op

wat

het verbeteren

van

het

woon-

en

leefklimaat.

Met

intensieve

deze

veehouderijlocaties gesaneerd, waarbij de emissie van met bedrijven, verdwijnt. Daarmee verbetert het woon- en leefklimaat.

Conclusie

Omgevingsvisie Venray 2023 van verrommeling en nieuwe invulling van locaties, dragen deze ontwikkelingen bij aan de van de omgevingsvisie. Gelet op vorenstaande past het initiatief binnen de Omgevingsvisie Venray doelstelling In

het

kader

2023.

3.3.2.

Ruimtelijk Kwaliteitskader

Aanvullend

op de Omgevingsvisie van de gemeente Venray is het Ruimtelijk Kwaliteitskader voor het gehele gemeentelijke grondgebied vastgesteld. Met dit Ruimtelijk Kwaliteitskader zijn de waarden en karakteristieken welke belangrijk zijn om te behouden, vastgesteld. Ook worden in het Ruimtelijk Kwaliteitskader randvoorwaarden gesteld waarbinnen het mogelijk is om toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk te maken.

Ruimtelijke

belevingswaarde, gebruikswaarde en toekomstwaarde. aangenaam om te ervaren (belevingswaarde). Het is ook belangrijk dat er functionele samenhang is (gebruikswaarde) en dat de ruimte duurzaam, aanpasbaar en beheerbaar is ingericht (toekomstwaarde) zodat deze kan worden doorgegeven aan toekomstige generaties. Een

kwaliteit is het

omgeving die divers is,

samenhangend geheel met

herkenbare

van

identiteit

en

Het

buitengebied is verdeeld is deelgebieden. Deze verdeling is gebaseerd op de landschappelijke structuren ook op ruimtelijke begrenzingen zoals de N270 en de A73. Per deelgebied worden de landschapstypen beschreven, de kernkwaliteiten benoemd en wordt de gewenste ontwikkelingsrichting toegelicht. maar

20 TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab

en 5 (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | |

vanbuiten. een

Beide locaties zijn

gelegen

met

aan

frisee blik op advies

deelgebied ‘Jonge Ontginningsgebieden’. Het gebied van jonge ontginningen is gelegen westzijde van de gemeente Venray. Dit landschap is het meest recent ontgonnen. Het kenmerkt zich als een gebied grootschalig agrarisch cultuurlandschap met rechtlijnige wegen- en Er enkele zeer waardevolle zijn verkavelingspatronen. open gebieden waar ook geen tot weinig bebouwing Structurerend het de in aanwezig is. landschap zijn wegen die begeleidt worden door bomenlanen. In

name

de

jonge

Verder

liggen

in het

de

ontginningsgebieden liggen linten met verschillende toekomstperspectieven. De locaties Eijkenhofweg 3 en 5 zijn gelegen binnen de bruine linten: deze gebieden zijn overwegend agrarisch en blijven naar verwachting overwegend agrarisch. Deze gebieden zijn over het algemeen wat verder van de dorpskernen gelegen. Hiermee kan worden gesteld dat de voortzetting van de agrarische activiteiten op beide locaties passend zijn binnen het Ruimtelijk Kwaliteitskader. jonge ontginningsgebieden een aantal opgaven waaraan de gemeente Venray uitstraling van het landschap een belangrijke factor om mee te nemen. Een aantal binnen de jonge opgaven ontginningsgebieden zijn onder andere landschap, natuur, water, bodem, energietransitie en landbouwtransitie. Doordat op beide locaties een intensieve veehouderij gesaneerd wordt, vindt er een aanzienlijke verbetering plaats van de omgevingskwaliteit. De emissies van geur, ammoniak en fijnstof afkomstig van deze bedrijven verdwijnen daarmee volledig en ook de uitstoot van stikstof op in de buurt gelegen Natura2000-gebieden daalt. Er wordt een nieuwe agrarische invulling gegeven aan de locaties, wat passend is binnen het gebied. Bij de oprichting van nieuwe bebouwing wordt rekening gehouden met materiaalgebruik en energietransitie. aandacht

binnen

er

besteed.

de

Ook is de

Voor wat betreft de

uitstraling van het landschap, dient rekening gehouden te worden met het in stand houden rechtlijnige geordende verkaveling. Middels het landschappelijke inpassingsplan wordt er voor gezorgd dat het perceel een robuuste uitstraling heeft door gebruik te maken van gebiedseigen beplanting. Het landschappelijk inpassingsplan is te vinden in bijlage 1 bij deze onderbouwing. van

de

en

Conclusie

Ruimtelijk Kwaliteitskader

Geconcludeerd

kan worden dat de voortzetting van de agrarische activiteiten passend is binnen het gebied. Door goede, robuuste landschappelijke inpassing wordt het geheel mooi ingepast wat bijdraagt aan de landschappelijke uitstraling. Eveneens wordt de omgevingskwaliteit aanzienlijk verbeterd doordat er een tweetal intensieve veehouderijen gesaneerd worden. Het plan is daarmee passend binnen het Ruimtelijk Kwaliteitskader. Kernwaarden

3.3.3. Centraal

wordt,

bij de en

dat

veilige- en gezonde leefomgeving

opgaven en ontwikkelingen van het landelijke gebied staat dat het buitengebied gekoesterd er voor wordt gezorgd om het goed achter te laten voor volgende generaties. Het doel van de

Venray is om een goede balans te houden tussen gezonde leefomgeving, natuur/klimaat en bedrijvigheid. En wel op zo’n manier dat ze elkaar gaan versterken. Gezondheid is een ambitie waar de gemeente binnen het landelijke gebied op in wil zetten. Dit thema raakt enorm veel inwoners, verenigingen, ondernemers en andere belanghebbenden. gemeente

Wat gemeente Venray verstaat onder jaren, is nog onvoldoende afgebakend

veilige en gezonde leefomgeving en wat de koers is voor de komende gedefinieerd. In het Omgevingsprogramma Landelijk Gebied is daarom een opdracht opgenomen om te komen tot een duiding van een veilige en gezonde leefomgeving. In fase 1 van deze opdracht is gestart met het vaststellen van de zeven hoofdthema's en vervolgens met het formuleren van de daarbij behorende kernwaarden. Na vaststelling van de kernwaarden volgt fase 2, waarin de kernwaarden verder en concreter worden uitgewerkt in keuzes, kaders en normen. Deze kaders en normen krijgen vervolgens weer een plek in onder andere het Omgevingsplan. Dit dient nog plaats te vinden. volgende zeven

De

e e

hoofdthema’s

een en

zijn reeds in fase 1 vastgesteld:

_ Aandacht voor klimaatadaptatie, groen, natuur en water; Schoon

en

veilig ontmoeten;

21 TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab

en 5 (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | |

vanbuiten. een

e

Goede

e

Gezonde

e

milieukwaliteit; en

duurzame

woningen;

_ Aantrekkelijke en gevarieerde openbare ruimte; Goede

e e

frisee blik op advies

bereikbaarheid;

_ Uitnodigen tot bewegen, spelen en sporten.

Aandacht

voor

Werken,

wonen

klimaatadaptie, groen, natuur en water en verblijven in een groene omgeving met natuur en water heeft een positieve invloed op de en mentale fysieke (lichamelijke) gezondheid. Groen en water zorgen voor rust en ontspanning en verminderen stress. Daarnaast ontstaat er in een groene omgeving minder hinder en overlast door de gevolgen van klimaatverandering. Groen en natuur vermindert overlast als gevolg van hoge temperaturen (hittestress) en vermindert wateroverlast als gevolg van hoosbuien omdat we het water beter kunnen opvangen en het water sneller de bodem

in kan trekken.

Bij de bouw of uitbreiding zeker

ook

de

bebouwing

woningen, bijgebouwen of bedrijven speelt niet alleen de bebouwing Het vergroenen van tuinen en/of daken, landschappelijk inpassen

van

leefomgeving.

of het opvangen

van

regenwater zijn manieren waarop groen

en

natuur

uitgebreid

rol

een van

kunnen

maar

nieuwe worden.

Goede milieukwaliteit Een

goede milieukwaliteit, waarin er sprake is van gezonde lucht en een acceptabel geluidniveau, draagt bij aan wonen en verblijven en heeft een positief effect op de gezondheid. Het is dan ook een belangrijk onderdeel bij de inrichting van de leefomgeving. Een goede kwaliteit van lucht en geluid werkt preventief en voorkomt direct gezondheidseffecten, beïnvloedt het klimaat positiefen biedt gebieden extra karakter, identiteit en kwaliteit. Er wordt gestreefd naar een afname van milieubelasting zodat voor iedereen sprake is van een goed prettig

woon-

leefklimaat.

en

Conclusie Kernwaarden Doordat

veilige-

van

locaties

gezonde leefomgeving veehouderij gesaneerd

en

aanzienlijke verbetering plaats omgevingskwaliteit. geur, fijnstof afkomstig van deze bedrijven verdwijnen daarmee volledig en ook de uitstoot van stikstof op in de buurt gelegen Natura2000-gebieden daalt. Dit draagt bij aan het verbeteren van het woon- en leefklimaat. Middels het landschappelijke inpassingsplan wordt er voor gezorgd dat het perceel een robuuste uitstraling heeft door gebruik te maken van gebiedseigen beplanting. Tevens wordt er aangesloten bij de reeds bestaande landschappelijke structuren. Gelet op vorenstaande past het initiatief binnen de beleidsnotitie Kernwaarden veilige- en gezonde leefomgeving. op

beide

intensieve

een

de

De

emissies

Omgevingsprogramma

3.3.4.

wordt, vindt

ammoniak

van

er

een

en

Economie 2025-2028

Omgevingsprogramma Economie 2025-2028 is vastgesteld door het college van burgemeester en van de gemeente Venray op 4 februari 2025. Dit programma is opgesteld om de economische structuur van Venray te versterken en te verduurzamen, met aandacht voor innovatie, werkgelegenheid en het Het

wethouders behoud de

van

vitaliteit

de kwaliteit van

het

buitengebied. Het beleid stimuleert economische activiteiten die bijdragen buitengebied, mits deze zorgvuldig worden ingepast in het landschap en voldoen van

het

aan aan

milieukwaliteitseisen.

Het

Omgevingsprogramma

ontwikkeling bijdraagt aan

benoemt

Versterking en verduurzaming Door de sanering

verschillende

de uitvoering

van

van

beleidsdoelen.

Hieronder

wordt

gemotiveerd

hoe

deze

dit programma.

de economische

structuur

veehouderijlocaties neemt de milieubelasting in het gebied af. Dit creëert ruimte voor een duurzamere vorm van landbouw (akkerbouw) en een ondersteunende economische activiteit (loonwerk en grondverzet) die inspeelt op de toekomstige opgaven in de landbouwtransitie. Het loonwerk- en grondverzetbedrijf voorziet (voornamelijk) in een regionale behoefte aan moderne landbouwdiensten en bodemwerkzaamheden, en draagt zo bij aan de vitaliteit van de agrarische sector in Venray en omgeving. van

de intensieve

22 TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ab

en 5 (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | |

vanbuiten. een

frisee blik op advies

Verbetering van de leefomgeving en kwaliteit van het buitengebied De beëindiging van de intensieve veehouderij draagt direct bij aan een betere milieukwaliteit door onder andere de reductie van geur- en ammoniakemissies afkomstig van beide bedrijven. Daarnaast neemt stikstofdepositie op nabijgelegen natuurgebieden af. Door nieuwe functies aan de locatie toe te kennen wordt de leefbaarheid van het buitengebied gestimuleerd. Verrommeling en leegstand wordt waar mogelijk voorkomen, en de kans op ondermijnende activiteiten wordt verkleind. Daarnaast

biedt de

herinrichting kansen om de landschappelijke kwaliteit te versterken. Dit is verder uitgewerkt in het landschappelijke inpassingsplan. Dit komt de belevingswaarde van het buitengebied ten goede en sluit aan bij het gemeentelijke streven om de leefbaarheid te verbeteren. Conclusie

Omgevingsprogramma

Gelet

vorenstaande

op

Economie

past

onderhavige

ontwikkeling

binnen

de

beleidsuitgangspunten

van

het

Omgevingsprogramma. 3.3.5.

Structuurvisie

Bijdrage Ruimtelijke Ontwikkeling

De

gemeente Venray heeft het kwaliteitsmenu uitgewerkt in de Structuurvisie “Bijdrage Ruimtelijke Ontwikkeling”, vastgesteld op 20 december 2011. Deze visie is gebaseerd op de gedachte dat ruimtelijke ontwikkelingen, zoals bouwactiviteiten, kunnen leiden tot verlies van ruimtelijke kwaliteit, en dat dit verlies gecompenseerd moet worden. Het achterliggende doel is het behoud en waar mogelijk, de versterking van de (groene) kwaliteiten van zowel het buitengebied als het stedelijk gebied. Het

stedelijk bedrijvigheid,

gebied

waarin landbouw,

bijdragen

dat

biedt

mens,

voor

natuur

het

Er wordt ruimte

principe

Tegelijkertijd en

recreatie

de

plek

is het

geboden

achterliggende een bijdrage

tevens

dit beleidsstuk

voor

hiervan wordt

nieuwe

is het

geleverd

waar

een

en

initiatieven

behoud

van

ecologisch

en

het

ontwikkelingen,

zoals

woningbouw

en

de

waardevoller

wordt

en

daardoor

meer

kwaliteit

uitbreiding van bestaande economische functies. Het draagvlak van het buitengebied, waarmee van het gebied.

economische

de leefbaarheid

aan

stedelijke

de gemeente Venray van groot belang dat het buitengebied, hoofdrol spelen, vitaal en aantrekkelijk blijft. Het beleid moet ertoe voor

buitengebied landschappelijk plant en dier.

doel

In

in

vormt

thuishoren.

regelgeving wordt ook ingegaan op de ruimtelijke kwaliteit en maatregelen die genomen Sommige maatregelen worden niet via een bijdrage voor de ruimtelijke ontwikkeling het geregeld. In bestemmingsplan ‘Buitengebied Venray 2010’, onderdeel van het tijdelijke deel van het omgevingsplan van de gemeente Venray, zijn een tweetal uitgangspunten uitgewerkt die rechtstreeks gericht zijn op het behoud van de ruimtelijke kwaliteit: 1. Hergebruik van vrijkomende agrarische bebouwing (VAB): nieuwvestiging van een niet-agrarisch bedrijf of recreatiebedrijf is alleen in een VAB toegestaan; 2. Bij uitbreiding van woningen, landbouwverwante en kleinschalige bedrijven (meer dan het maximale bebouwingsvolume) is uitbreiding op basis van een sloopregeling mogelijk. kunnen

Ter

plaatse

van

deze

en

worden.

de

ontwikkeling

wordt

allereerst

gezorgd

voor

een

goede

ruimtelijke

en

landschappelijke

inpassing in de omgeving. Indien nodig, is een aanvullende bijdrage ruimtelijke ontwikkeling vereist. Hierbij geldt dat de

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16773685/1