04 Wegenbeleidsplan Venray 2017-2019
Tekst van het document
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
2 november 2016
Wegenbeleidsplan Venray 2017-2020
Gemeente Venray Postbus 500 5800 AM Venray Samengesteld door TBH: Ing. R. (Ronald) Koerts R. (Rien) Hoefnagel Gemeente Venray: Tom Stam Martijn van den Aker
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
Wegenbeleidsplan Venray 2017-2020
Auteurs:
Ing. R. (Ronald) Koerts - TBH R. (Rien) Hoefnagel - TBH Ir. M. (Martijn) van den Aker Tom Stam – Gemeente Venray Gemeente Venray
Opdrachtondersteuning:
2
Ingenieursbureau TBH Elleboogstraat 3a 5371 LL Ravenstein
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
Samenvatting De gemeente Venray stelt iedere vier jaar een wegenbeleidsplan op, waarin richtlijnen en adviezen gegeven worden. Het voorgaande beleid, het coalitieakkoord 2014-2018, collegeprogramma en de huidige staat van de wegen is de basis voor het nieuw te vormen wegenbeleidsplan. De staat van de wegen wordt ieder jaar gemonitord. De resultaten van de laatste monitoring geven aan dat het wegenareaal van de gemeente Venray goed is. Enkele cijfers van deze laatste monitoring; 30% is “zeer goed”, 57% is “goed” en 6% is “voldoende”, 5% is “matig” en 2% is als “te slecht” aan te merken. Ongeveer 7% van het wegennet moet binnen twee jaar onderhouden worden. Dit geldt voornamelijk voor de verhardingssoort “asfaltverhardingen” in het buitengebied. Hiermee moet binnen het nieuwe wegenbeleidsplan rekening worden gehouden. In dit rapport is het basisbeleid (minimale onderhoudsplichten) uitgewerkt voor de komende jaren, met daar bovenop nog de keuze uit verschillende varianten, waarbij een keuze gemaakt kan worden tussen het verbeteren van verschillende functieonderdelen, met daarbij de bijbehorende budgetten. Deze varianten zijn; “Verschuiven technische kwaliteit zwaar belaste wegen” en “Verschuiven technische kwaliteit fietspaden”. Binnen de uitwerking van de varianten is tevens een koppeling gemaakt met andere beleidsdocumenten, welke van invloed zullen zijn op de keuze.
Met het beheersysteem voor het wegbeheer (GBI) is een financiële theoretische basisberekening gemaakt. De basisberekening zijn de onderhoudsplichten welke bij kwaliteitsniveau “B” behoren. Met de resultaten van deze berekening is een doorrekening gemaakt voor de verschillende varianten voor de planjaren 1 t/m 5 (kwalitatieve planning) en 6 t/m 10 (cyclische planning). De theoretische berekening is gebaseerd op aanlegdata van de wegen. Binnen deze theoretische berekening zijn tevens de investeringen opgenomen. Per variant is een financieel vergelijk gemaakt voor ieder jaar. De tabel hieronder illustreert de extra kosten per variant ten opzichte van de basis (huidig beleid handhaven). Uit de financiële berekening van de varianten kan geconcludeerd worden dat wanneer gekozen wordt voor variant “Zwaar belaste wegen” de budgetten vergroot moeten worden (zie groene kolom). Binnen variant “Fietspaden” ligt het benodigd en beschikbaar niet ver uiteen met de “basis” (zie figuur 1 rode kolom) gemiddeld € 100.000 euro per jaar. De bedragen zijn sterk afhankelijk van investeringen die er gedaan worden de komende jaren. Ook de goedkeuring van investeringen is sterk van invloed op uitvoerbaarheid van de genoemde ambities en werkzaamheden. Het advies is gebaseerd op het “wegnemen van knelpunten”. Daarnaast is gekeken naar “urgentie” oftewel welke wegen moeten op dit moment aandacht krijgen.
Gezien de huidige kwaliteit van het wegennet, de maatschappelijke behoeften en vanuit financieel oogpunt op langere termijn, wordt er geadviseerd het basisbeleid van variant 1 voort te zetten. Om invulling te geven aan het voort zetten van het huidige beleid, wordt een planning gehanteerd zoals opgenomen in bijlage II.
Figuur 1 Beleidsvarianten extra kosten t.o.v. de basis.
3
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
Inhoud Samenvatting....................................................................................................................................... 3 Inhoud ..................................................................................................................................................... 4 1 Introductie ....................................................................................................................................... 6 1.1 Aanleiding ................................................................................................................................ 6
2
3
4
5
1.2
Doelstellingen .......................................................................................................................... 6
1.3
Leeswijzer ................................................................................................................................ 7
Gemeente Venray............................................................................................................................ 8 2.1 Ligging en ondergronden......................................................................................................... 8 2.2
Huidige Areaal ....................................................................................................................... 11
2.3
Areaal, analyses en berekeningen ......................................................................................... 13
Huidige kwaliteit wegennet........................................................................................................... 14 3.1 Methodiek bepalen technische kwaliteit .............................................................................. 14 3.2
Overzicht kwaliteitsnormeringen .......................................................................................... 15
3.3
Resultaten monitoring technische kwaliteit ......................................................................... 16
Uitgangspunten beleidsplan wegen .............................................................................................. 19 4.1 Streefkwaliteit wegen............................................................................................................ 19 4.2
Verzorgende kwaliteit wegen................................................................................................ 19
4.3
Inrichting wegen .................................................................................................................... 19
4.4
Omgang teerhoudend asfalt ................................................................................................. 20
4.5
Omgang onverharde wegen .................................................................................................. 20
4.6
Flankerend beleid .................................................................................................................. 20
4.6.1
Bermen .......................................................................................................................... 21
4.6.2
Groen ............................................................................................................................. 21
4.6.3
Kunstwerken .................................................................................................................. 21
4.6.4
Inritten ........................................................................................................................... 22
4.6.5
Kabels en leidingen ........................................................................................................ 22
4.6.6
Riool ............................................................................................................................... 23
4.6.7
Verkeer .......................................................................................................................... 23
Financieel....................................................................................................................................... 24 5.1 Groot onderhoud/planmatig onderhoud .............................................................................. 24 4
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
5.2
Klein onderhoud/regulier onderhoud ................................................................................... 25
5.3
Overige beheeronderdelen ................................................................................................... 26
5.4
Investeringen/rehabilitatie.................................................................................................... 26
Economische levensduur................................................................................................................... 27 5.5
Resultaatgericht sturen ......................................................................................................... 28
Planning wegonderhoud ................................................................................................................... 29
6
5.6
Onderscheid vervangingsinvesteringen en onderhoudsuitgaven ......................................... 30
5.7
Financiële consequenties huidige beleid .............................................................................. 31
Beleidsvarianten en discussie........................................................................................................ 32 6.1 Beleidsvariant 1; Voortzetten huidig beleid .......................................................................... 33 6.2 Beleidsvariant 2: “Verschuiven technische kwaliteit “zwaar belaste wegen (hoofdstructuur)” .............................................................................................................................. 33 6.3
7 8
Beleidsvariant 3; Verschuiven technische kwaliteit “fietspaden”......................................... 36
Knelpunten, Risico’s ...................................................................................................................... 41 Conclusie en Advies ....................................................................................................................... 44 Bijlagen .............................................................................................................................................. 46 I.
Resultaten monitoring(en) 2009-2015 ...................................................................................... 46
II.
Gemeentelijke planning wegenonderhoud............................................................................... 49
5
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
1
Introductie
1.1
Aanleiding
Voor u ligt het nieuwe wegenbeleidsplan (2017-2020) voor het onderhoud van de wegen binnen gemeente Venray. Het wegenbeleidsplan is een leidraad waarin beleidskaders zoals streefkwaliteitsniveaus, onderhoudskosten en budgetten zijn vastgesteld. Deze kaders worden elke 4 jaar geactualiseerd aan de hand van maatschappelijke behoeften en huidige staat van het wegennet. Enkele documenten welke van invloed zijn bij het opstellen van het beleid zijn; het “coalitieakkoord 2014-2018” en “de jaarlijkse programmabegroting”. Enkele speerpunten uit deze documenten; “wegen in de hele gemeente kwalitatief op een aanvaardbaar niveau houden”, “goed monitoren van de kwaliteit van onze infrastructuur”, “voorkomen is beter dan genezen”. Wegbeheerders hebben vanuit de Wegenwet de zorgplicht over de gemeentelijke wegverhardingen. Dit betekent dat de gemeente als wegbeheerder, te allen tijde, verantwoordelijk is voor de kwaliteit (onderhoudstoestand) van de verhardingen die de gemeente in beheer heeft. Deze zorgplicht moet er aan bijdragen dat het gebruik van de wegen veilig plaats kan vinden en schades/ongevallen ten gevolge van gebreken aan de weg zoveel mogelijk worden voorkomen. Opbouw beleid Om aan de zorgplicht te kunnen voldoen moeten wegen op een bepaald kwaliteitsniveau onderhouden worden om veiligheid te kunnen garanderen.
Om tot een gegrond advies te kunnen komen zijn de afgelopen vier beleidsjaren geëvalueerd. In het vorige wegenbeleidsplan is vastgesteld, de wegen op streefkwaliteitsniveau “B” te onderhouden met uitzondering van het centrum. Dit kan ook wel gezien worden als de minimale onderhoudsplicht. Dit vormt tevens de basis van het nieuwe wegenbeleidsplan. In dit plan worden verschillende beleidsvarianten voor de komende beleidsperiode uitgelicht. Elke variant moet uitgaan van de basis (kwaliteitsniveau “B”) met daarbij een verschuiving van kwaliteiten per functieonderdeel en gebiedstype. Voor elke variant is een financieel kosten plaatje gemaakt.
1.2
Doelstellingen
De hoofddoelstelling van dit plan is om het wegenbeleid te actualiseren op de “maatschappelijke behoeften”. Daarbij is gekeken naar raakvlakken en ambities in eerder vastgestelde plannen, zoals het coalitieakkoord 2014-2018, collegeprogramma, gebiedsagenda via Venray, infraplan via Venray en het Masterplan fietsen en wandelen. Om tot een gedegen beleid te komen worden er verschillende beleidsvarianten gepresenteerd. Deze varianten geven voorstellen op welke manier het wegennet binnen de gemeente op voldoende kwaliteit gehouden kan worden en/of te verbeteren. Om inzicht te geven in de huidige situatie van het wegareaal en een doorkijk te maken naar de komende jaren, worden de volgende vragen op chronologische volgorde beantwoord.
Hoeveel oppervlakte heeft de gemeente aan wegenareaal in beheer? Hoe is de huidige kwaliteit van het wegennet van de gemeente? Zijn de benoemde kwaliteitsdoelen (streefkwaliteit) uit het voorgaande beleidsplan behaald? Welke knelpunten zijn er te benoemen in de afgelopen beleidsjaren? En op welke wijze kunnen we hiermee dit nieuwe beleid verbeteren? Welke mogelijke visie wil de gemeente nastreven voor de komende beleidsjaren? Welke kosten dient de gemeente te reserveren om het beleid uit te kunnen voeren?
6
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
1.3
Leeswijzer
Hoofdstuk 2 “Gemeente Venray” begint met een uitleg over de topografische ligging en grondgesteldheid van de gemeente Venray. Daarnaast gaat dit hoofdstuk in op de onderdelen van het wegenareaal van de gemeente. Hoofdstuk 3 “Huidige kwaliteit wegennet” geeft een beschrijving van de methodiek van monitoring met daarbij de resultaten. Hoofdstuk 4 “Uitgangspunten beleidsplan wegen” gaat in op wegenbeleidsonderdelen. Hoofdstuk 5 “Financieel” geeft een uitleg over de verschillende typen onderhoud, beschikbare budgetten met daarbij een theoretische begroting voor de komende jaren. Daarnaast wordt er ingegaan op de wijze van financiering voor de komende beleidsperiode. Hoofdstuk 6 “Beleidsvarianten” presenteert 3 verschillende beleidsvarianten met daarbij een samenvattende tabel met de financiële consequenties. Hoofdstuk 7 “Knelpunten en Aanbevelingen” geeft enkele mogelijke risico’s en knelpunten. Daarnaast worden enkele aanbevelingen voor een beleidsvariantkeuze gegeven.
7
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
2
Gemeente Venray
Dit hoofdstuk geeft een omschrijving van de fysieke omstandigheden zoals de geografische ligging, ondergronden en bereikbaarheid van de gemeente Venray. Daarnaast gaat dit hoofdstuk in op de areaalgegevens en onderverdeling (gebiedstypen, verhardingssoorten en functieonderdelen). Ook wordt er ingegaan op analyses en berekeningen welke er gedaan kunnen worden met het beheerprogramma voor het wegenareaal.
2.1
Ligging en ondergronden
De gemeente Venray wordt omsloten door een zestal gemeenten. Aan de zuidzijde grenst de gemeente aan Horst aan de Maas. Ten westen grenst de gemeente Venray aan Deurne en GemertBakel, aan de noordzijde grenst de gemeente aan Sint-Anthonis en Boxmeer. Aan de oostzijde wordt de gemeente begrensd door rivier de Maas, welke de grens vormt met de gemeente Bergen. Zie hieronder figuur 1. De gemeente Venray is verkeerskundig en geografisch goed ontsloten, middels de Rijksweg A73 en 2 provinciale wegen N270 en N277. Ondergronden De gemeente bevindt zich voornamelijk op de hoge zandgronden van Zuid-Nederland. De hoge zandgronden worden gekenmerkt door een zeer stabiele oude zandlaag. Door de stabiliteit van de ondergrond gaan de wegfunderingen gemiddeld langer mee en is er verminderd sprake van verzakkingen. De ligging van de gemeente is dus van groot belang voor het wegenonderhoud. In het vorige beleidsplan is het beheersysteem hierop aangepast. De gebieden langs de maas bestaat de ondergrond uit klei. Kleigronden hebben een lagere stabiliteit dan zandgronden. De technische levensduur is hier dus korter en de onderhoudsbehoefte in deze gebieden is groter. Een voorbeeld; Grauwacke kan in deze gebieden niet gebruikt worden en hiervoor moet een alternatief gekozen worden.
8
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
Figuur 2 Geografische ligging gemeente Venray + dorpskernen.
9
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
Figuur 2 illustreert de beheerkaart, waarop de hoofdwegen zijn weergegeven.
Figuur 2 Beheerkaart uit GBI (2016).
10
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
2.2
Huidige Areaal
Het huidige wegennet ook wel areaal genoemd dat de gemeente Venray beheert, heeft een oppervlakte van 3.800.028 m2 basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT), tabel 1. De BGT is de gedetailleerde grootschalige digitale basiskaart van Nederland. Alle fysieke objecten zoals; “gebouwen”, “wegen”, “water”, en “groen” zijn hierin opgenomen. Ten tijde van het vorige beleidsplan had de gemeente een areaal van 3.409.571 m2. Het areaal is de afgelopen vijf jaar met meer dan 10% toegenomen. De afgelopen vijf jaren, zijn er nieuwe woonwijken en industrieterreinen aangelegd. Ook dient er voor de komende beleidsjaren rekening gehouden te worden met areaalgroei. Tabel 1 illustreert de areaalgegevens van de gemeente Venray (GBI, 2016). Grafiek 1 illustreert de oppervlakte (m2) per verhardingssoort (asfalt/element) en aanlegdata van het huidige wegenareaal per periode (5 jaar). Opbouw areaal Naast de begrippenlijst wordt er binnen deze rapportage enkele begrippen gehanteerd, die hieronder zijn toegelicht. Het areaal is onderverdeeld in de volgende vier ”verhardingssoorten”; Asfaltverharding; Cementbetonverharding; Elementverharding; Onverharde wegen en half verharde wegen. Deze soorten kunnen op verschillende plaatsen voorkomen.
Er wordt dan ook een onderscheid gemaakt tussen “gebiedstypen” die elk een verschillende mate van intensiviteit kennen; Centrum; Woongebied; Hoofdstructuur (gebieds- en wijkontsluitingswegen); Bedrijventerreinen; Buitengebied intensief (hoofdwegen); Buitengebied extensief (toegangswegen); Onverhard. Binnen het wegennet zijn er ook verschillende “functieonderdelen” te benoemen; Rijbaan; Fietspaden; Voetpaden; Parkeerstroken/overige zoals bushaltes. Indien werkzaamheden worden uitgevoerd, wordt altijd gekeken naar mogelijkheden om deze integraal met andere beheerdisciplines uit te voeren (“werk met werk”). Te denken valt aan “Bermen”, “Kunstwerken”, “Riolering”, “Inritten”, “Kabels en leidingen” en Verkeersprojecten. In hoofdstuk 4 zal hierop verder worden ingegaan.
11
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
Tabel 1 Areaalgegevens gemeente Venray (GBI, 2016). Areaalgegevens Gemeente Venray Oppervlakte Gebiedstype Asfalt Elementen Cementbeton Onverhard Totaal Bedrijventerreinen 231.223 m2 44.400 m2 3.037 m2 8.536 m2 287.196 m2 Buitengebied 1.000.130 m2 69.391 m2 24.548 m2 576.739 m2 1.670.808 m2 Centrum 4.292 m2 36.723 m2 0 m2 1.211 m2 42.226 m2 Woongebied 603.388 m2 1.148.904 m2 14.670 m2 32.836 m2 1.799.798 m2 Totaal 1.839.033 m2 1.299.418 m2 42.255 m2 619.322 m2 3.800.028 m2 Grafiek 1 Aangelegde oppervlakte in m² per periode in de gemeente Venray (2016).
Oppervlakte (m2) - periode van aanleg 450.000,00 400.000,00 350.000,00 300.000,00 250.000,00 200.000,00 Element 150.000,00
Asfalt
100.000,00 50.000,00 0,00
Jaartallen tussen 5 jaar
12
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
2.3
Areaal, analyses en berekeningen
De areaalgegevens worden bijgehouden in een wegenbeheersysteem, het programma GBI van Antea BV. De areaalgegevens dienen als managementinformatie voor het berekeningsprogramma. Op basis van deze gegevens kunnen analyses en berekeningen uitgevoerd worden. Zo wordt de jaarlijkse onderhouds- en investeringsbegroting gebaseerd op deze data. Ook kan er bijvoorbeeld nauwgezet bijgehouden worden wanneer de wegen theoretisch toe zijn aan vervanging en/of onderhoud. Dit wordt berekend met de volgende data: “Jaar van aanleg”, “Verhardingssoort”, “Gebiedstype” en “Ondergrond”.
13
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
3
Huidige kwaliteit wegennet
In dit hoofdstuk wordt de huidige kwaliteit van het wegennet (areaal) binnen de gemeente Venray beschreven. Het beoordelen van de technische staat gebeurt volgens standaard methodieken.
3.1
Methodiek bepalen technische kwaliteit
Om de technische staat van de wegen te kunnen bepalen worden de wegen jaarlijks beoordeeld. De laatste monitoring heeft plaatsgevonden in juli/augustus 2015. Het beoordelen van wegen en het toekennen van een kwaliteitsniveau, wordt uitgevoerd conform CROW. De normen voor de kwaliteitstoekenning zijn aangegeven in de CROW-publicatie 323 ‘Kwaliteitscatalogus Openbare Ruimte’, hierin worden de niveaus A+, A, B, C en D aangehouden zie. tabel 2. Tabel 2 Kwaliteitsnormeringen CROW (323). CROW publicatie 323 Kwaliteitsnormeringen A+ tot en met D A+ A B C D
Zeer goed Goed Voldoende Matig Te slecht
Er is geen schade Er is enige schade De waarschuwingsgrens De richtlijn is overschreden Onderhoud binnen twee jaar noodzakelijk De richtlijn is meer dan één klasse overschreden Onderhoud achterstand
De kosten voor het onderhoud bij de verschillende niveaus is met behulp van het wegbeheerprogramma te berekenen. Het niveau bepaalt het verschil in maatregel, omvang van de maatregel en de frequentie van de maatregel. Daardoor ontstaat een differentiatie tussen de verschillende niveaus. Niveau “B”, kan gezien worden als de “waarschuwingsgrens”. Dit betekend dat de kwaliteit naar achteren zal gaan en gebreken tevoorschijn zullen komen, waardoor onderhoud ingepland moet worden. Wanneer niveau “C” ook wel interventieniveau is bereikt, is de kwaliteit volgens de normeringen niet goed genoeg meer. Er moet vanuit gegaan worden dat er niet langer gewacht kan worden met het plegen van onderhoud. Werkzaamheden dienen ingepland te worden en binnen twee jaar uitgevoerd zijn. Verdere uitstel resulteert op termijn in hogere herstel/vervang, investeringskosten.
14
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
3.2
Overzicht kwaliteitsnormeringen
In onderstaande tabel 3 de kwaliteitsnormeringen met een voorbeeld van rafeling op een asfaltweg. Op de foto’s is duidelijk het verschil van “zeer goed” en “slecht” te zien. Daarnaast zijn de aspecten waarop een weg wordt geclassificeerd aangegeven (ernst en omvang). Tabel 3Overzicht kwaliteitsnormeringen met voorbeeld.
15
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
3.3
Resultaten monitoring technische kwaliteit
In tabel 4 zijn de resultaten van de laatste monitoring weergegeven. De resultaten van de voorgaande jaarlijkse monitor momenten zijn opgenomen in bijlage 1. Tabel 4 Technische kwaliteit wegennet per verhardingssoort (juli/augustus 2015). Verhardingstype Asfalt Cementbeton Elementen Totaal wegenareaal
A+ 44% 7% 12% 30%
Kwaliteitsnormering CROW publicatie 323 A B C D 35% 10% 8% 3% 93% 0% 0% 0% 87% 0% 0% 1% 57% 6% 5% 2%
Totaal 100% 100% 100% 100%
Uit bovenstaande tabel is op te maken de kwaliteit van het wegennet van de Gemeente Venray in juli/augustus 2015. 30% is “zeer goed”, 57% is “goed”, 6% is “voldoende”, 5% is “matig” en 2% is als “te slecht” aan te merken. Ongeveer 7% van het wegennet moet binnen twee jaar onderhouden worden. Dit geldt voornamelijk voor de verhardingssoort “asfaltverhardingen” in het buitengebied. Bij “elementverharding” moet bij ongeveer 1% van het gemeentelijk wegennet vervangen/hersteld worden. Ondanks de goede resultaten moet er wel rekening gehouden worden met de wegen die nu slecht scoren. Wegen die een kwaliteitsniveau “D” behalen, dienen in het eerste planjaar onderhouden te worden. Kwaliteitsniveau “C” moet binnen twee jaar onderhouden worden. Wegen in kwaliteit “B” zullen binnen twee tot drie jaar vervallen naar niveau “C” en daarmee moet op deze wegen binnen drie tot vijf jaar onderhoud worden uitgevoerd. Ongeveer de helft van “A” zal binnen vijf jaar naar “B” en later naar “C” gaan wanneer er geen onderhoud uitgevoerd wordt. Op dit moment valt 21% van het asfalt onder niveau A. Daar zal de komende vijf jaar noodzakelijk onderhoud uitgevoerd moeten worden. Totaal oppervlakte asfalt 1.836.640 m2, het betreft hier dus om 385.694 m2 asfalt.
16
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
Figuur 4 illustreert de levenscyclus van een weg met daarbij het beheer en onderhoudsproces. Aan de linkerkant van de figuur zijn de kwaliteitsnormeringen afgebeeld. De bolle lijnen illustreren de kwaliteitsverloop van de weg. Met groot onderhoud wordt een weg van “B” weer tijdelijk richting “A” gebracht. De wegen worden onderhouden op streefkwaliteit “B”. Zoals in figuur 4 te zien is, is het niet mogelijk een weg continue op “B” te houden. Op het moment dat het “interventieniveau” is bereikt, is een grote investering (geheel vervangen) noodzakelijk. Pas bij een grote interventie komt een weg weer op niveau A/A+. Daardoor kan het voorkomen dat het gemiddelde van een bepaalde categorie hoger is dan B, ondanks dat dat het streefniveau is. De oranje lijnen illustreren de kwaliteitsverloop van een weg met streefkwaliteit “C”. Onderhoud wordt later uitgevoerd, waardoor de kwaliteit snel terugloopt en een investering eerder noodzakelijk wordt.
Figuur 4 Levenscyclus en onderhoud wegen (oranje lijnen onderhoud op niveau “C”).
17
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
Tabel 5 geeft aan de technische kwaliteit per functieonderdeel opgedeeld in gebiedstypen. De kwaliteit is over het algemeen genomen goed. Maar de functieonderdelen “Rijbaan-Asfalt Buitengebied Intensief”, “Rijbaan-Asfalt - Buitengebied Extensief”, “Fietspaden-Asfalt Buitengebied Extensief” en “Voetpaden Buitengebied Extensief” vallen in kwaliteitsklasse C. Tijdens de vorige inspectie in 2014, waren deze functieonderdelen ook op dit kwaliteitsniveau (zie bijlage I). Deze onderdelen moeten aangepakt worden. Binnen de monitoringsmomenten worden de onverharde wegen niet meegenomen. Voor deze wegen wordt een bedrag per m2 gereserveerd voor onderhoud. Hoofdstuk 4 gaat verder in op verschillende overige beheeronderdelen. Tabel 5 Technische kwaliteit per functieonderdeel en gebiedstype. TECHNISCHE KWALITEIT PER FUNCTIEONDERDEEL EN GEBIEDSTYPE CENTRU WOONGE HOOFDSTRUC BEDRIJVENTE M BIED TUUR RREIN A B A B RIJBAAN, ASFALT RIJBAAN, A+ A A+ A+ ELEMENTEN FIETSPADEN, A B A ASFALT FIETSPADEN, A A+ A ELEMENTEN
BUITENGE BIED INT C A+ B
BUITENGE BIED EXT C A+ C
A
A
VOETPADEN
A+
A
A+
A+
C
PARKEERSTROKEN / OVERIG
A
A
A
B
B
18
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
4
Uitgangspunten beleidsplan wegen
In het wegenbeleidsplan 2017-2020 wordt in de basis het huidige wegenbeleidsplan voortgezet. Verschillende beleidsuitgangspunten worden in hoofdstuk 4 nader uitgewerkt.
4.1
Streefkwaliteit wegen
In het wegenbeleidsplan 2017-2020 worden “streefkwaliteitsniveaus” gehanteerd uit het (naar beneden) bijgestelde wegen beleidsplan 2010-2015. De “streefkwaliteitsniveaus” voor de periode 2017-2020 worden weergegeven in tabel 6. Tabel 6 Streefkwaliteit per functieonderdeel en gebiedstype. STREEFKWALITEIT (PER FUNCTIEONDERDEEL EN GEBIEDSTYPE) CENTR WOONGE HOOFDSTRUC BEDRIJVENTE UM BIED TUUR RREIN RIJBAAN, ASFALT A B B B RIJBAAN, A B B B ELEMENTEN FIETSPADEN, ASFALT A B B FIETSPADEN, A B B ELEMENTEN VOETPADEN A B B PARKEERSTROKEN / B B B OVERIG
4.2
BUITENGE BIED INT B
BUITENGE BIED EXT B
B
B
B
B
B
B
B
B
B
B
Verzorgende kwaliteit wegen
Naast onderhoudsingrepen om de technische kwaliteit van de wegen te behouden, worden de wegen ook “verzorgd”. Zoals het verwijderen van veegvuil, zwerfvuil en het verwijderen van onkruid op de verharding. Bezuinigingen op vegen hebben een negatieve invloed op de levensduur van de verschillende verhardingen en zal er toe leiden dat wegen sneller naar een lager kwaliteitsniveau zullen vervallen. Hiermee wordt rekening gehouden tijdens de monitoring van de kwaliteiten, het verwachtte verval en de benodigde budgetten. Dit wordt verder gearrangeerd door “Groenbeheer”.
4.3
Inrichting wegen
De inrichting van de wegen is van grote invloed op de verkeersveiligheid. Het gedrag van weggebruikers wordt namelijk voor een deel bepaald door de inrichting van de weg. Die inrichting moet bijdragen aan het zelf verklarende karakter van de weg. Voor het gedrag en dus de verkeersveiligheid is het essentieel dat de verwachtingen van de weggebruiker nauw aansluiten bij de feitelijke situatie. Voor de inrichting van de wegen hanteert de gemeente Venray het vastgestelde kader “Toetssteen Openbare Ruimte” vastgesteld. De Toetssteen heeft als doel “het waarborgen van de kwaliteit van de openbare ruimte van de Gemeente Venray”. De Toetssteen beschrijft de uitgangspunten, randvoorwaarden, ontwerpeisen etc. waaraan de openbare ruimte minimaal moet voldoen. Voor de inrichting van wegen bij reconstructies en onderhoud is de Toetssteen de basis. De Toetssteen is te downloaden via de volgende link; https://www.venray.nl/Producten_en_diensten/Producten_op_alfabet/T_klik_hier/Toetssteen_ope nbare_ruimte
19
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
4.4
Omgang teerhoudend asfalt
In verhardingen die tot ongeveer begin jaren negentig zijn aangebracht, is veelal teerhoudend asfalt gebruikt. Bij reconstructie of vernieuwing wordt er een opbouw en samenstellingsonderzoek uitgevoerd door een gecertificeerd bedrijf. Wanneer blijkt dat er teer is verwerkt en dit vrijkomt bij onderhoudswerkzaamheden, zoals bij freeswerkzaamheden, mag dit niet hergebruikt worden. Het afvoeren van teerhoudend asfalt brengt hoge stortkosten met zich mee. Het is ongeveer een factor 5 tot 8 keer duurder dan het afvoeren van niet-teerhoudend asfalt. Bij vernieuwing wordt dit meegenomen in de M.U.I.P. aanvraag. Er is niet exact bekend waar en hoeveel van dit type asfalt zich in de asfaltwegen bevindt. Er zijn drie benaderingen ten aanzien van teerhoudend asfalt: 1. Actief: het teerhoudend asfalt in het wegennet wordt opgespoord en binnen afzienbare tijd verwijderd; 2. Per project: op projectniveau en afhankelijk van de beschikbare middelen wordt voor de komende jaarplanning een afweging gemaakt over de specifieke aanpak; 3. Passief: alleen het hoogstnoodzakelijke wordt verwijderd. Er is geen wettelijke verplichting om actief het teerhoudend asfalt te verwijderen. In het kader van het onderhoud aan de wegen wordt de projectmatige benadering gehanteerd. Jaarlijks wordt het aspect teerhoudend asfalt bekeken voor de wegen die in onderhoud worden genomen.
Is het teerhoudend asfalt in de bovenste laag aanwezig, dan wordt over het algemeen deze laag verwijderd en afgevoerd. Er is geen aanleiding om de huidige benadering te veranderen. Het behouden van dit teerhoudend asfalt in de onderlaag veroorzaakt geen extra milieubelasting. Het teer is gebonden in het asfalt en kan zich niet verspreiden in de bodem of het (grond)water. Bij groot onderhoud wordt per werk de situatie bekeken met betrekking tot het teerhoudend asfalt. Bij het verwijderen en afvoeren worden de wettelijke voorschriften voor het afvoeren van teerhoudend asfalt in acht genomen.
4.5
Omgang onverharde wegen
De onverharde wegen binnen de gemeente Venray worden onderhouden doormiddel van een jaarlijkse visuele inspectie en eventuele meldingen die middels bewoners binnen komen. Het onderhoud aan deze wegen bestaat over het algemeen uit egaliseren. Het aanvullen en dichten van grote gaten. Binnen de gemeente is hiervoor een budget per m2 gereserveerd. Aansluitingen van onverharde wegen op verharde wegen, worden veelal bij reconstructie van de hoofdweg, de eerste vijf meter mee verhard. Dit om vervuiling van de rijbaan op de verharde weg te voorkomen. Dit is vooral ter sprake in het buitengebied waar wegverbredingen zijn gepland.
4.6
Flankerend beleid
Het wegenbeleid beslaat meer dan alleen het onderhoud van wegen. Naast wegen beslaat het werkgebied ook duikers, inritten, kabels en leidingen, bermen en markeringen. Veel (dagelijks) onderhoud/klein onderhoud valt onder andere beleidsterreinen zoals groen, riolering en verkeer. Zoals eerder aangehaald, wordt er apart een bedrag per m2 gereserveerd voor onderhoud aan de hieronder uitgewerkte beheeronderdelen.
20
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
4.6.1
Bermen
Een goede kwaliteit van de bermen zijn relevant voor het veilig kunnen passeren van weggebruikers. Het is daarom belangrijk om tijdig werkzaamheden te verrichten aan de bermen. Bij het onderhoud van de bermen worden de beleidsuitgangspunten gehanteerd, die in deze paragraaf nader worden toegelicht. Onderhoud van de bermen in het buitengebied zoals het “ophogen” of “egaliseren” valt onder wegbeheer. Onderhoud van de bermen binnen de bebouwde valt onder Groenbeheer. Het maaien van de bermen in het buitengebied wordt ook door Groenbeheer uitgevoerd. In gebieden waar veel bermschades ontstaan in de eerste 60 tot 70 cm buiten de wegverharding worden de bermen verhard. Hiervoor zijn verschillende mogelijkheden zoals; “freesasfalt”, “Grauwacke”, “bermasfalt” of “grasbetontegels”. Freesasfalt en Grauwacke zijn een tijdelijke oplossing, er ontstaan op termijn bij regenachtige omstandigheden weer gaten, waardoor gevaarlijke situaties kunnen ontstaan. Bermasfalt of grasbetontegels bieden wel een definitieve oplossing. Elk jaar wordt er een aantal km voorzien van bermasfalt of grasbetontegels om een definitieve oplossing te bieden tegen gaten in de bermen. De keuze van uitvoering en materiaal is afhankelijk van de situatie.
4.6.2
Groen
Bomen langs wegen kunnen van invloed zijn op de kwaliteit van wegen en kan de veiligheid in geding brengen. Wortel opdruk is jaarlijks een grote schadepost aan wegen, voet- en fietspaden. Bomen zijn in het verleden neergezet op plekken te kort op de verharding of er zijn soorten gekozen die te groot worden voor de beschikbare ruimte. Daarnaast zijn wegen aangelegd zonder puinfundering, waardoor wortels makkelijk onder zulke wegen kunnen doordringen. De gemeente heeft de opbouw voor wegen gestandaardiseerd. Wegen en fietspaden worden bij nieuwe aanleg voorzien van een puinfundering. Ook wordt tegenwoordig bij het planten van bomen gekeken naar de uiteindelijke grootte en dus ook de benodigde ondergrondse ruimte. Waar puinfundering niet mogelijk is, maar waar wel al grote bomen staan, wordt per locatie bekeken of het plaatsen van wortelschermen zinvol is. Naast wortelschades, heeft schaduw van bomen ook een negatieve invloed op de levensduur van asfalt. Schaduw van overhangende bomen kan de levensduur van een deklaag met twee tot drie jaar verkorten. Dit komt doordat verharding in de schaduw minder snel opdroogt.
4.6.3
Kunstwerken
Onder kunstwerken wordt verstaan bruggen over water en duikers voor watergangen onder wegen door. Binnen de gemeente Venray worden de kunstwerken op dit moment beheerd door de beheerder “water en riolen”. Binnen de projecten “centrum Wanssum” en “reactivering oude Maasarm Blitterswijck”, komen er in de toekomst twee grote bruggen bij in de gemeente Venray. De komende jaren zal het “onderhoudsplan” van de bruggen (inspectie, klein onderhoud en financiële gevolgen) uitgewerkt moeten worden. Deze gevolgen worden in het volgende wegenbeleidsplan meegenomen.
21
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
4.6.4
Inritten
Inritten zijn toegangen tot percelen. De gemeente Venray maakt verschil tussen inritten naar de percelen en inritgedeeltes tussen fietspad/voetpad en de rijbaan van het achterliggende woongebied. Inritten die geen onderdeel zijn van een doorgaand trottoir moeten onderhouden worden door de eigenaar van het aanliggende perceel waartoe deze toegang geeft. Het inritgedeelte tussen fietspad/voetpad en de rijbaan wordt onderhouden door de Gemeente Venray. Duikers worden aangelegd conform de duikervergunning. De duiker moet minimaal rond 300 mm en van beton zijn. Na aanleg dient de grondeigenaar de duiker en het talud inclusief één meter sloot aan beide zijden van het aanliggend perceel onderhouden. Wanneer een bewoner of bedrijf een in/uitrit wilt maken, moet er toestemming gegeven worden door de gemeente. Dit kan via een toestemmingsformulier. Deze aanvraag wordt ook wel in/uitrit melding genoemd. Aansluitingen van onverharde wegen op verharde wegen, worden veelal bij reconstructie van de hoofdweg, de eerste vijf meter mee verhard. Dit om vervuiling van de rijbaan op de verharde weg te voorkomen. Dit komt vooral voor in het buitengebied waar wegverbredingen zijn gepland.
4.6.5
Kabels en leidingen
De nutsbedrijven hebben verschillende kabels en leidingen in de grond liggen. Deze kabels liggen geregeld onder verhardingen, zoals wegen, fietspaden en trottoirs. Per project c.q. aanvraag wordt bekeken wat de juiste oplossing voor de ligging is. Wat wel exact is vastgelegd, is de dekking en ligging van nieuwe kabels en leidingen buiten de kom. Nieuwe kabels en leidingen gelegen buiten de kom, moeten minimaal één meter vanaf de kant van de verharding gelegd worden. Kabels en leidingen moeten een minimale dekking van 60 cm te hebben. Er is voor een dekking van 60 cm gekozen om te zorgen dat kabels en leidingen bij reconstructie onder de wegconstructie blijven. Wanneer deze ondieper gelegd worden, is de kans groot dat deze verlegd moeten worden bij aanpassingen in het wegprofiel. Indien het verleggen namelijk op verzoek van de gemeente gebeurt, zoals bij herinrichtingen, zijn een deel van de kosten voor rekening van de gemeente. Dit werkt kostenverhogend bij toekomstige wegaanpassingen. Kosten voor het vervangen van gaswaterleidingen zijn deels voor rekening van de eigenaren. Komende jaren wordt de aanleg van een glasvezelnetwerk in de gemeente Venray verwacht. Dit project brengt ook kosten met zich mee, doordat gegraven moet worden in bermen en onder trottoirs, maar ook omdat kabels en leidingen dieper of verlegd moeten worden.
Daarnaast zal Watermaatschappij Limburg (WML) en Enexis de komende jaren grote lengtes leiding vervangen. Dit alles zal invloed hebben op de kwaliteit van het straatwerk. Dit komt vooral door het nazakken van de sleuven waarin de leidingen worden gelegd. Deze gevolgen kunnen verhaald worden en vallen onder de degeneratiekosten.
22
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
4.6.6
Riool
In het GRP (Gemeentelijk Rioleringsplan, 2013) wordt de keuze gemaakt voor alternatieven voor het fysiek vervangen van oude riolering. De meest gebruikte methode is “relinen”. Relinen of Relining is een rioolrenovatietechniek. Bij deze methode kunnen riolen gerenoveerd worden zonder de weg erboven open te breken. Door het aanbrengen van een kous gemaakt van polyester, naaldvilt of glasvezel wordt de riolering van binnenuit verbeterd. Deze methode zal in de komende jaren steeds meer toepassing vinden. De wegconstructie zal minder snel voor het vervangen van het riool eruit moeten. Vaak gaat het vervangen van de riolering gepaard met het vervangen en/of herstellen van onvolkomenheden in de verharding. Wanneer de verharding niet wordt aangetast kan er minder integraal worden gewerkt. Kosten voor het wegbeheer kunnen daardoor in de komende jaren toenemen, doordat er gescheiden gewerkt wordt en bijvoorbeeld de kosten voor de fundering niet meer gedeeld kunnen worden met riolering. De komende jaren gaat de gemeente aandacht besteden aan klimaatadaptatie. Hiervoor heeft de gemeente een klimaatadaptatieplan 2015 opgesteld. Om wateroverlast bij grote hoeveelheden neerslag te verminderen, zullen op verschillende locaties in Venray maatregelen uitgevoerd moeten worden.
Op een aantal locaties betekent dit, dat er onder huidige wegen voorzieningen moeten worden aangelegd om het hemelwater af te voeren of te infiltreren. Het treffen van deze voorzieningen betekent dat op sommige plekken de verharding verwijderd moet worden. Dit biedt juist weer kansen om werkzaamheden wel gezamenlijk met rioleringswerkzaamheden uit te voeren.
4.6.7
Verkeer
Op dit moment is het Venray Verkeer en Vervoersplan (VVVP) uit 2007, de Visie Wegenstructuur uit 2008 en “Verkeersvisie Wanssum-Blitterswijck-Geijsteren uit 2013 van kracht. Eind 2017/begin 2018 komt er een “Mobiliteitsplan Noord-Limburg” met een doorvertaling naar een “Mobiliteitsplan Venray”. In het “Mobiliteitsplan Venray” komt meer aandacht voor samenhangende netwerken voor autoverkeer, vrachtverkeer, fietsverkeer, landbouwverkeer en openbaar vervoer. Tot die tijd blijft het VVVP de basis voor het verkeer- en vervoerbeleid. Waar mogelijk wordt er al rekening gehouden met deze nieuwe netwerken zoals de aanleg van nieuwe wegen. De nieuwe netwerken en kwaliteitscriteria voor de verschillende wegen en wegfuncties, zijn van grote invloed op het wegonderhoud en het gewenste onderhoudsniveau. Afhankelijk van het toekomstige gebruik en de toekomstige functie kan er sprake zijn van het upgraden of downgraden van een weg. Momenteel is er nog geen zicht op de consequenties van het mobiliteitsplan op het wegenbeleidsplan. Wanneer deze consequenties helder zijn zullen deze aan de raad worden voorgelegd. Naast dit nieuwe beleid spelen er twee grote projecten: ”Via Venray” en “Gebiedsontwikkeling Ooyen Wanssum”.
Deze projecten leveren kansen op om samen te werken met provincie, aannemer, Rijkswaterstaat en waterschap, waardoor kosten op het onderhoud binnen deze gebieden bespaard kunnen worden.
23
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
5
Financieel
Dit hoofdstuk geeft het spanningsveld weer tussen de benodigde onderhoudskosten en het beschikbaar budget voor het gemeentelijke wegennet. Het eerste deel van dit hoofdstuk gaat in op de verschillende onderhoudscategorieën. Het tweede deel gaat in op de onderhoudskosten, beschikbaar budget en het spanningsveld hiertussen. Het onderhoud wordt verdeeld in 3 categorieën (onderhoud aan onverharde wegen zijn hierin niet meegenomen): Groot onderhoud/planmatig onderhoud Het groot onderhoud wordt ook wel planmatig onderhoud genoemd. Dit onderhoud wordt begroot vanuit de basisplanning , gebaseerd op de actuele onderhoudstoestand vanuit de jaarlijkse inspectie (monitoring). Klein onderhoud/regulier onderhoud Het klein onderhoud of regulier onderhoud, omvat kleinschalige onderhoudsmaatregelen, zoals herstel van schades. Dit onderhoud wordt vaak uitgevoerd wanneer er meldingen komen van burgers en/of er tijdens de jaarlijkse inspectie dusdanige gebreken naar voren komen welke urgentie behoeven. Overige beheeronderdelen Onderhoud aan bermen, markeringen en onverharde wegen worden beheert aan de hand van visuele inspecties en meldingen. Hiervoor wordt apart budget gereserveerd en valt onder “overige kosten” (zie. tabel 7). Investeringen/rehabilitatie De te reserveren vervangingsinvestering wanneer een weg gezien de hoge leeftijd opnieuw aangelegd dient te worden.
5.1
Groot onderhoud/planmatig onderhoud
Onder groot onderhoud vallen de werkzaamheden die de constructie en functionaliteit van de wegen waarborgt. Dit groot onderhoud valt binnen de levenscyclus van een weg. Aan het einde van de levenscyclus moet er een vervangingsinvestering gereserveerd worden, ook wel rehabilitatie genoemd. Deze valt niet binnen “groot onderhoud”. Het “groot onderhoud” kan op twee manieren berekend worden. Er is de “theoretische benaderingswijze”, waarbij gerekend wordt met de theoretische onderhoudsmaatregelen die uitgevoerd moeten worden tijdens de cyclus (de levensduur volgens het CROW). De CROW geeft een technische levensduur van 50 jaar aan. Het beheersysteem van Venray hanteert een gemiddelde technische levensduur van 60 jaar en 50 jaar voor de hoofdwegen (monitoring beleidsplan onderhoud wegen 2010-2015). Dit vanwege de ondergrond in de gemeente. Door de stabiele kleigrond komen verzakkingen minder vaak voor, waardoor onderhoudskosten lager worden en de levensduur langer. Voor een begroting op korte termijn is het realistischer om te kijken naar de “actuele onderhoudstoestand” van de wegen en daar het onderhoud op te baseren. Vanuit de resultaten van de jaarlijks uitgevoerde monitoring, worden de actuele schades bepaald en herstelmaatregelen 24
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
gecalculeerd. Met behulp van het wegenbeheersysteem is op basis van deze inspectiegegevens een berekening gemaakt van de onderhoudskosten. Deze begroting wordt ook wel “Basisbegroting” genoemd. Op basis van de resultaten van de laatste monitoring, is de basisbegroting gegenereerd. Vanuit de huidige schadebeelden is berekend wat de kosten voor groot onderhoud zullen zijn voor de komende 5 jaar, ook wel “kwalitatieve planning” genoemd. Het cyclisch onderhoud is een planning voor de langere termijn (6-10 jaar) en gaat uit van de theoretische technische levensduur van een weg. In de technische levensduur dient op gezette momenten een onderhoudsmaatregel genomen te worden. Deze maatregelen zijn opgesteld a.d.h.v. de streefkwaliteit van de gemeente Venray met als basis streefkwaliteit “B”. Met behulp van het beheerpakket GBI is een doorrekening voor de langere termijn gemaakt. De cyclische planning is een berekening waarin aan de hand van jaar van aanleg onderhoudsbedragen worden berekend. De hoge bedragen in de cyclische planning zijn te verklaren door aanleg data van de wegen. Veel wegen zijn aan het einde van de technische levensduur en moeten tussen 2021 en 2025 geheel vervangen worden. Op de cyclisch berekende onderhoudsbedragen, is een reductie van 8% gedaan. Deze 8 % is tot stand gekomen op basis van ervaring uit het verleden.
8% van het onderhoud zal door verkeerkundige en rioleringsingrepen komen te vervallen.
5.2
Klein onderhoud/regulier onderhoud
Het klein onderhoud betreft het kleinschalig onderhoud aan de wegen, zoals een gat in de verharding of andere qua omvang kleine gebreken. Vaak gesignaleerd door burgers of tijdens de jaarlijkse monitoring. Het klein onderhoud is een belangrijk sturingsmiddel om de wegen op het gewenste kwaliteitsniveau te houden en met name om de wegen voldoende veilig te houden voor normaal gebruik. Wanneer er gekort wordt op het budget voor groot onderhoud, zal groot onderhoud uitgesteld worden en zou het klein onderhoud langer aanhouden. Echter naar verloop zal de periode tussen onderhoudsmomenten verkleind moeten worden, om de veiligheid en kwaliteit te waarborgen. Beheerkosten voor wegen zijn afhankelijk van de grootte van het wegenareaal, verhardingssoorten, gebiedstypen/gebruik en vastgestelde kwaliteitsniveaukeuzes. De benodigde kosten voor het klein onderhoud zijn bepaald aan de hand van de “Normkosten Klein onderhoud” uit C.R.O.W. publicatie 145 ‘Beheerkosten Openbare Ruimte’. Het klein onderhoudsbedrag kan op twee manieren worden bepaald. Doormiddel van een percentage van het gemiddeld cyclisch bedrag. Het percentage verschilt per verhardingstype en per wegtype. Of doormiddel van de oppervlakte van het wegenareaal. Hiervoor wordt een vast bedrag per vierkante meter genomen. Dit bedrag verschilt per verhardingstype en per wegtype.
De gemeente Venray kiest voor de laatste manier, want dit sluit goed aan bij de huidige werkwijze
25
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
5.3
Overige beheeronderdelen
Zoals in het voorgaande hoofdstuk aangehaald vallen ook bermen, onverharde wegen en markeringen onder wegbeheer. Deze beheeronderdelen dienen ook onderhouden te worden. Hiervoor wordt apart budget gereserveerd. Deze beheeronderdelen worden jaarlijks middels verschillende visuele inspectie, geïnspecteerd door de toezichthouder civiel binnen de gemeente. Aan de hand van resultaten van de inspectie en eventuele meldingen wordt onderhoud gepleegd. In het overzichtstabel worden deze bedragen aangehaald en vallen onder “overige kosten”.
5.4
Investeringen/rehabilitatie
Naast het gepland groot en klein onderhoud, moeten wegen na het einde van de levenscyclus vervangen worden. Hiervoor moet er een vervangingsinvestering gereserveerd (rehabilitatie) worden. Figuur 5 illustreert de levenscyclus van een weg. De kromme lijnen geven aan het verval in kwaliteit per periode en de invloed van onderhoud op de kwaliteit. Het einde van de levensduur en snelheid van verval is sterk afhankelijk aan het onderhoudsinterval welke nagestreefd wordt. De gekleurde bollen lijnen laten het verloop van kwaliteit zien met onderhoudsinterval op kwaliteit B. De oranje lijnen laten zien het verloop van kwaliteit met een onderhoudsinterval op kwaliteit C.
Figuur 5 Levenscyclus en onderhoud wegen (Tijd-verval per gebiedstype). Vervangingen zijn gebaseerd op de theoretische berekeningen van het GBI maar ook op basis van de resultaten van de jaarlijkse visuele inspectie. In dit beleidsplan wordt een doorkijk gemaakt voor de benodigde investeringen gedurende de planperiode. Deze investeringen worden met de vaststelling van dit beleidsplan ook opgenomen in de begroting. Jaarlijks in de monitoring wordt een doorkijk gemaakt en worden de benodigde investeringen geactualiseerd. Deze worden dan jaarlijks verwerkt in de begroting. In tabel 8 zijn de investeringen opgenomen voor de komende jaren. Binnen de begroting die in dit wegenbeleidsplan is gepresenteerd, zijn de investeringen tot en met 2020 opgenomen. De jaren daarna (cyclische planning) zijn nog niet opgenomen in de begroting. 26
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
Tabel 8 Planjaar en investeringen wegen.
Cyclisch
Kwalitatief
Overzicht investeringen jaar
Benodigd investeringskrediet
2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025
€ 2.611.121 € 4.441.770 € 1.979.416 € 2.018.891 € 1.972.283 € 3.190.380 € 2.778.930 € 3.670.016 € 2.735.705 € 2.726.383
Economische levensduur In de “Financiële verordening gemeente Venray (01112016)”, zijn de termijnen van de economische levensduur van kapitaalgoederen opgenomen in artikel 9. Voor wegen worden de volgende termijnen gehanteerd: Wegen, straten, pleinen, rotondes, trottoirs (binnen bebouwde kom) 25 jaar. Wegen, straten, pleinen, rotondes, trottoirs (buiten bebouwde kom) 40 jaar. De economische levensduur is afhankelijk van de ligging van de weg. Deze termijnen worden niet gebruikt voor de theoretische technische levensduur van de wegen binnen het wegbeheer. De theoretische technische levensduur is afwijkend van de economische levensduur. De reden hiervoor is dat bij wegen binnen de bebouwde kom reconstructies en herinrichtingen met meer regelmaat voorkomen, dan bij wegen buiten de bebouwde kom. Hierbij is de invloed van andere beheerdisciplines zoals “riolering” en “verkeer” meer aanwezig. Wijzigingen in beleid op deze beheerdisciplines zijn van invloed op het wegbeheer. In het wegenbeleidsplan 2010-2015 is de economische levensduur aangehouden van 25 jaar voor alle wegen. Binnen dit wegenbeleidsplan zal hiervan worden afgeweken. Dit omdat uit ervaring de wegen buiten de bebouwde kom gemiddeld na 40 jaar gereconstrueerd worden. Waardoor de economische levensduur ook naar 40 jaar kan. Dit heeft een positieve uitwerking op de begroting.
27
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
5.5
Resultaatgericht sturen
De gemeente wil “in control” zijn. Hiervoor moet o.a. voor alle beleidsvelden een eenduidig antwoord worden gegeven op de vraag “wat willen we bereiken”, dus ook voor het wegenbeleidsplan. Dit vraagt om een nadere concretisering van het beleid in stuurgrootheden (indicatoren) en het vaststellen van doelwaarden. Vervolgens moet periodiek worden vastgesteld / gemonitord in hoeverre doelen daadwerkelijk worden gerealiseerd. Zo nodig moet worden bijgestuurd. De raad wordt jaarlijks hierover geïnformeerd in de begroting en de jaarrekening. Doelstellingen ten aanzien van het wegbeheer hebben een plek gekregen in verschillende bestuurlijke documenten, zoals het “coalitieakkoord 2014-2018” en “de jaarlijkse programmabegroting”. Enkele speerpunten zijn;
“wegen in de hele gemeente kwalitatief op een aanvaardbaar niveau houden”, “goed monitoren van de kwaliteit van onze infrastructuur”, “voorkomen is beter dan genezen”.
Om invulling te geven aan de speerpunten aan het wegbeheer wordt in het wegenbeleidsplan een streefkwaliteitsniveau vastgelegd. De verwachte onderhoudsmaatregelen worden berekend met het GBI programma (aanlegdatum, gebiedstype, verhardingssoort, ondergrond), beeldkwaliteit van een weg ingedeeld a.d.h.v. CROW, rijcomfort, toegankelijkheid en veiligheid. Dit om het vastgestelde streefkwaliteitsniveau te kunnen blijven nastreven. Daarnaast heeft de gemeente Venray vanuit de Wegenwet een zorgplicht over de gemeentelijke wegverharding. Deze zorgplicht moet er aan bijdragen dat het gebruik van de wegen veilig plaats kan vinden en schades/ongevallen ten gevolge van gebreken aan de weg zoveel mogelijk worden voorkomen. Indicatoren die behoren bij deze doelwaarden worden tijdens de jaarlijkse inspecties in kaart gebracht. De volgende indicatoren geven de raad inzicht in de geformuleerde doelstellingen:
Aantal vierkante meter wegareaal in de gemeente Venray? Hoeveel procent van het wegenareaal voldoet aan de streefkwaliteit, zoals vastgesteld in het Beleidsplan Onderhoud Wegen Venray 2017-2020? Hoeveel procent van het wegenareaal moet binnen vier jaar onderhouden of vervangen worden om te voldoen aan de vastgestelde streefkwaliteitsniveau? Hoeveel procent van het wegenareaal komt binnen vier jaar onder het wettelijk toegestane niveau?
28
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
Planning wegonderhoud De planning van wegenonderhoud is van invloed op enkele aspecten; de berekeningen van het GBIsysteem, de daadwerkelijke uitgevoerde onderhoudsmaatregelen, deze wordt vaak jaarlijks bijgesteld. Dit wordt gedaan aan de hand van inspecties. Daarnaast wordt bij het opstellen van een planning gekeken naar het integraal oppakken van werkzaamheden, binnen de gemeente maar ook daarbuiten. Zoals; verkeer en riool, Ooijen +Wanssum, verdubbeling spoor. Aan de hand van samenwerking en het up-to-date houden van deze gegevens wordt jaarlijks bekeken hoe het meest effectief met de budgetten kan worden omgegaan. Met de genoemde gegevens hierboven en de resultaten uit het GBI –systeem wordt globaal voor de komende 4 jaar de onderhoudswerkzaamheden ingeschat en ingepland (zie bijgevoegde bijlage II gemeentelijke planning wegenonderhoud). In het proces van de begroting en jaarrekening wordt de raad in de paragraaf kapitaalgoederen geïnformeerd over de voortgang van het geplande onderhoud en de omvang van het achterstallig onderhoud (indien hier sprake van is).
29
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
5.6
Onderscheid vervangingsinvesteringen en onderhoudsuitgaven
Het Besluit begroting en verantwoording (BBV) schrijft voor dat maatschappelijke investeringen moeten worden geactiveerd en dat onderscheid moet worden gemaakt tussen “vervangingsinvesteringen” en “onderhoudsuitgaven”. Vervangingsinvesteringen moeten worden geactiveerd en groot onderhoud komt ten laste van de “onderhoudsvoorziening”. Het onderscheid tussen een vervangingsinvestering en groot onderhoud was niet voor alle werkzaamheden uit het beheerplan ten aanzien van bestaand areaal duidelijk. Bij het opstellen van het wegenbeleidsplan is dus onderscheid gemaakt tussen “onderhoud” en “vervangingsinvesteringen”. In het huidige beleid wordt voor het wegdek op het einde van de cyclus een standaardmaatregel toegepast. Een standaardmaatregel betekent het aanbrengen van een nieuwe toplaag op de bestaande weg. In het huidige beleid zijn deze werkzaamheden aangemerkt als onderhoud, terwijl deze werkzaamheden leiden tot levensduurverlenging en zorgt er voor dat de cyclus weer opnieuw begint (zie figuur 4 levenscyclus verloop wegen). De BBV schrijft voor dat er o.a. sprake is van een investering indien de gemaakt kosten voor de werkzaamheden aan een bestaand actief leiden tot levensduurverlenging. Concreet betekent dit dat deze werkzaamheden niet mogen worden bestempeld als groot onderhoud en niet ten laste mogen komen van de onderhoudsvoorziening.
De kosten voor deze werkzaamheden moeten worden geactiveerd. In het huidige beleid zijn deze werkzaamheden bestempeld als onderhoud en zijn opgenomen in de onderhoudsvoorziening. In het nieuwe beleid worden deze kosten geactiveerd. Het gevolg hiervan is dat op korte termijn minder onderhoudsuitgaven gemaakt worden en op lange termijn betekend dit dat de kapitaallasten in de begroting toenemen. Naast bovenstaande ontwikkeling stijgen de kapitaallasten op lange termijn ook, doordat het BBV met ingang van 2017 voorschrijft dat maatschappelijke investeringen niet meer versneld afgeschreven mogen worden. In het verleden zijn maatschappelijke investeringen versneld afgeschreven. Hierdoor is de boekwaarde van maatschappelijke investeringen naar verhouding laag. Door het niet meer versneld afschrijven neemt de omvang van de boekwaarde op de balans toe. Dit betekent dat de kapitaallasten in de exploitatie gaat toenemen. De financiële consequenties in de exploitatie van de gewijzigde methode wordt weergegeven in onderstaande grafiek.
Exploitatielasten wegen oude methode (eindecyclusmaatregel als onderhoud)
miljoenen
4,50 4,25 4,00 3,75 3,50 3,25 3,00 2,75 2,50 2,25 2,00
nieuwe methode (eindecyclusmaatregel als investering)
2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025
Figuur 6 Vergelijk exploitatielasten nieuwe/oude methode. 30
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
5.7
Financiële consequenties huidige beleid
De tabel hieronder laat de beschikbare budgetten voor wegen en kapitaallasten per jaar zien. Deze bedragen zijn opgebouwd uit dotatie in de voorziening voor groot onderhoud, kapitaallasten, klein onderhoud en overige kosten. Overige kosten zijn onderhoud aan bermen etc. Het tweede deel uit de tabel laat het benodigd budget zien. Het onderste deel van de tabel laat per jaar zien of er meer of minder budget benodigd is voor het uit te kunnen blijven voeren van wegenonderhoud. Uit de tabel is op te maken, dat pas vanaf 2022 onvoldoende budget beschikbaar zal zijn, wanneer het huidige beleid wordt voortgezet. Tabel 7 Financieel overzicht (beschikbaar en benodigd) Basis, voortzetten huidige beleid. Label dotatie voorziening groot onderhoud kapitaallasten klein onderhoud overige kosten Eindtotaal
Beschikbare middelen begroting 2017 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 € 1.533.092 € 964.250 € 978.714 € 993.394 € 1.008.295 € 1.023.420 € 1.038.771 € 1.054.353 € 1.070.168 € 1.086.220 € 970.232 € 1.105.407 € 1.504.428 € 1.654.406 € 1.799.643 € 1.927.908 € 1.883.862 € 1.839.816 € 1.795.770 € 1.751.724 € 162.586 € 183.850 € 186.608 € 189.873 € 193.671 € 197.544 € 201.495 € 205.525 € 209.636 € 213.828 € 280.849 € 275.858 € 271.284 € 276.511 € 282.041 € 287.682 € 293.436 € 299.304 € 305.290 € 311.396 € 2.946.759 € 2.529.365 € 2.941.034 € 3.114.185 € 3.283.650 € 3.436.554 € 3.417.564 € 3.398.998 € 3.380.864 € 3.363.169
Label dotatie voorziening groot onderhoud kapitaallasten klein onderhoud overige kosten Eindtotaal
Benodigd budget beleidsvariant 1: "Basis" voortzetten huidig beleid 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 € 950.000 € 964.250 € 978.714 € 993.394 € 1.008.295 € 1.023.420 € 1.038.771 € 1.054.353 € 1.070.168 € 1.086.220 € 970.232 € 1.105.407 € 1.504.428 € 1.654.406 € 1.799.643 € 1.927.908 € 2.138.994 € 2.314.137 € 2.572.560 € 2.744.961 € 181.670 € 183.850 € 186.608 € 189.873 € 193.671 € 197.544 € 201.495 € 205.525 € 209.636 € 213.828 € 280.849 € 275.858 € 271.284 € 276.511 € 282.041 € 287.682 € 293.436 € 299.304 € 305.290 € 311.396 € 2.382.751 € 2.529.365 € 2.941.034 € 3.114.185 € 3.283.650 € 3.436.554 € 3.672.696 € 3.873.319 € 4.157.654 € 4.356.406
Label dotatie voorziening groot onderhoud kapitaallasten klein onderhoud overige kosten Eindtotaal
Meer of minder benodigd budget 2016 2017 € -583.092 € € € € € € 19.084 € € € € € € -564.008 € €
2018 € € € € €
2019 € € € € €
2020 € € € € €
2021 € € € € €
2022 € 255.132 € € € 255.132 €
2023 € 474.321 € € € 474.321 €
2024 € 776.790 € € € 776.790 €
2025 993.236 993.236
Wegenbeleidsplan Venray 2017 - 2020
6
Beleidsvarianten en discussie
Gezien de resultaten van de laatste technische kwaliteitsmonitoring (hoofdstuk 3) kan geconcludeerd worden dat het merendeel van het wegennet in Venray voldoet aan de streefkwaliteit uit het voorgaande wegenbeleidsplan. De opbouw in leeftijd van de wegen in de Gemeente Venray geeft een goede indicatie dat de komende jaren veel onderhoudswerkzaamheden aan de wegen moeten plaatsvinden (grafiek 1). Voor de komende beleidsperiode zijn daarom een aantal varianten opgesteld. De beleidsvarianten geven voorstellen voor een verschuiving in de technische kwaliteit van wegen en de daarbij behorende budgetten. Binnen de uitwerking van de varianten is tevens een koppeling gemaakt met andere beleidsdocumenten, welke van invloed zullen zijn op de keuze. De “basis” van elke beleidsvariant is het nastreven van de onderhoudsmaatregelen welke behoren bij streefkwaliteit “B”, waarmee wordt voortgebouwd op het vorige wegenbeleidsplan. Deze basis is noodzakelijk om aan de afspraken te voldoen welke in het coalitieakkoord 2014-2018 (p. 18) zijn vastgelegd, “onze wegen in de hele gemeente kwalitatief op een aanvaardbaar niveau houden”. Naast de basis is het mogelijk een beleidsvariant te kiezen, welke hieronder verder zijn uitgewerkt. In de varianten wordt inzichtelijk gemaakt wat de keuze betekent voor de kwaliteit van verschillende onderdelen.