CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

03 Bp Roerdomp 6-14 - Toelichting

Gemeenteraad 15 februari 2022, gemeente VenrayBij agendapunt: Bestemmingsplan Roerdomp 6-14 Castenray19.131 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

7.2

Handhaving

Sinds 1 april 2005 werkt de gemeente Venray samen met de gemeente Horst aan de Maas als het gaat om handhaving. Onder deze samenwerking valt niet alleen de uitvoering, maar ook alle juridische, administratieve en beleidsmatige ondersteuning. In 2012 is het eerste integraal handhavingsbeleid in werking getreden. Inmiddels is het Beleidsplan VTH Horst aan de Maas 2017-2020 in werking getreden. De gemeenten Horst aan de Maas en Venray voeren hun handhavingstaken uit op basis van de volgende visie: de gemeenten Horst aan de Maas en Venray stellen een gezonde, veilige, leefbare en groene leefomgeving centraal. Handhaving is één van de middelen om de kwaliteit van wonen, leven en werken te behouden en te versterken. Het bestuur streeft naar een gestructureerd en integraal handhavingsbeleid, waarbij preventief belang voorop staat. De betrokkenheid en het eigen verantwoordelijkheidsbesef van de burgers, bedrijven en instellingen moeten daarbij worden vergroot. Als de preventieve inzet (informatievoorziening) niet werkt en het geschonken vertrouwen wordt beschaamd, volgt daadwerkelijk handhavend optreden. Zo krijgt iedereen de aanpak die hij/zij verdient. In dit integrale handhavingsbeleid is één van de speerpunten hoe in de economische situatie van de afgelopen jaren met minder middelen net zo veel of meer aan handhaving gedaan kan worden.

In dit kader zijn de volgende uitgangspunten geformuleerd: 1. appelleren aan de eigen verantwoordelijkheid; 2. preventie gaat boven repressie; 3. draagvlak creëren; 4. servicegericht handelen, en 5. alleen noodzakelijke en handhaafbare kaders stellen. 1.

2.

“Appelleren aan eigen verantwoordelijkheid” wil zeggen dat de verantwoordelijkheid bij de burgers, bedrijven en instellingen terecht komt, dit is ten slotte ook waar hij thuishoort. Dit vergt wel een bepaald vertrouwen van de gemeente over de burgers, bedrijven en instellingen binnen hun gemeente. Wordt dit vertrouwen geschaad dan treedt de gemeente consequent hard op. Er kan nu meer op risicogroepen of zwakke schakels ingezet worden, de capaciteit van de handhaving is dus beter in te delen en kan efficiënter gebruikt worden. ''Preventie gaat boven repressie'' wil zeggen dat meer aandacht besteed wordt aan het voorkomen van overtredingen dan het aanpakken van bestaande overtredingen. Hierdoor hoeven er niet zoveel tijdrovende en geldverslindende,

Vastgesteld

42

3.

4.

5.

bestuursrechtelijke procedures doorlopen te worden. Er wordt dus met zo min mogelijk inzet zoveel mogelijk resultaat behaald. Verder is “draagvlak creëren” een van de uitgangspunten. Dit houdt in dat er duidelijk over handhaving wordt gecommuniceerd en dat er ook daadwerkelijk gedaan wordt wat er gezegd wordt. Belangrijk is ook om dingen die spelen bij burgers, ondernemers, instellingen, scholen en verenigingen mee te nemen in het uitvoeringsprogramma en dat rechtsgelijkheid wordt nagestreefd. Het vierde uitgangspunt is “servicegericht handelen”. Dit houdt in dat de overheid zich dienstbaar opstelt. De gemeente denkt mee en speelt in op ongewenste situaties. Ook is de gemeente 24 uur per dag bereikbaar. Zo wordt een gevoel van veiligheid en een leefbare omgeving gecreëerd. Er is dus meer aandacht nodig voor de aanpak van overlastfeiten in de openbare ruimte. Het laatste uitgangspunt is “alleen noodzakelijke en handhaafbare kaders stellen”. Er worden dus alleen besluiten genomen en regels ingesteld die ook daadwerkelijk handhaafbaar zijn. Overbodige regels worden geschrapt om alles overzichtelijk te houden en er wordt zorg gedragen voor voldoende deskundige capaciteit, op deze manier kan gedogen geminimaliseerd worden.

Bij handhaving staat de nalevingsstrategie centraal. Hierin is opgenomen welke activiteiten worden ondernomen om te komen tot naleving van de regels. De nalevingsstrategie kan op zijn beurt worden onderverdeeld in de volgende strategieën: 1. preventiestrategie; 2. toezichtstrategie; 3. sanctiestrategie, en 4. gedoogstrategie. Vaak wordt er gekozen voor een combinatie van deze strategieën om het resultaat te vergroten. Bij deze strategieën passen verschillende handhavingsinstrumenten. Onder de preventieve handhavingsinstrumenten vallen onder andere deregulering, kritisch zijn op het formuleren van regels, handhaafbaarheid van de regels en communicatie en voorlichting. De regels moeten bekend zijn bij de doelgroep, er dient dus duidelijk gecommuniceerd te worden over handhavingsactiviteiten en de gemeentelijke prioriteiten. Naast de preventieve handhavingsinstrumenten zijn er ook nog de repressieve handhavingsinstrumenten. Dit zijn onder andere het betalen van een dwangsom, bestuursdwang en intrekking van begunstigde beschikking. Bij een dwangsom wordt er een geldbedrag per overtreding of tijdseenheid dat de overtreding voortduurt betaald aan de gemeente. Bestuursdwang houdt in dat een overtreding op kosten van de overtreder ongedaan gemaakt wordt. Als laatste kan een begunstigde beschikking worden ingetrokken, op deze manier wordt een activiteit juridisch onmogelijk gemaakt.

Het kan hierbij ook gaan om een gedeeltelijke ontheffing. Vaak volgt op het intrekken van een begunstigde beschikking nog het opleggen van een dwangsom of bestuursdwang. Naast bestuursrechtelijk aanpakken van overtreders kan het soms ook de voorkeur hebben om een overtreder strafrechtelijk aan te pakken. Op deze manier kunnen de vaak langdurende juridische procedures die gemoeid zijn met de bestuursrechtelijk aanpak ontlopen worden. Bij strafrechtelijke aanpak moet gedacht worden aan bestuurlijke strafbeschikking en een proces-verbaal. Wanneer er een privaatrechtelijke overeenkomst met de gemeente is aangegaan kan ook voor de privaatrechtelijke worden gekozen. Hierbij gaat, wanneer het mogelijk is, de bestuursrechtelijke aanpak wel voor. Ten slotte kan er voor een gedoogbeschikking gekozen worden. Dit gebeurt uitsluitend voor gevallen die veroorzaakt zijn door onvoorziene omstandigheden of overgangssituaties.

Vastgesteld

43

7.3

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

De procedures voor vaststelling van een bestemmingsplan zijn door de wetgever geregeld. Aangegeven is dat tussen gemeente en verschillende instanties overleg over het plan moet worden gevoerd alvorens een ontwerpbestemmingsplan ter visie gelegd kan worden. Bovendien is het noodzakelijk dat belanghebbenden de gelegenheid hebben om hun visie omtrent het plan te kunnen geven. Pas daarna kan de wettelijke procedure met betrekking tot vaststelling van het bestemmingsplan van start gaan. Omgevingsdialoog In het kader van de omgevingsdialoog heeft initiatiefnemer de dorpsraad ingelicht, alsmede de naaste buren van het plan aan de Roerdomp 4 en 14 alsmede de buren aan de Gerit Artstraat 2, 4, 6 en 8. Sinds een jaar staat er ook al een reclamebord op straat waarop de verkavelingswijze is aangegeven. Op beiden initiatieven zijn geen reacties binnengekomen bij initiatiefnemer en / of gemeente. Vooroverleg Artikel 3.1.1 van het Besluit geeft aan dat het college van Burgemeester van Wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan, waar nodig, overleg dienen te plegen met betrokken instanties. Om die reden is onderhavig bestemmingsplan voorgelegd aan de provincie Limburg en Waterschap Limburg.

Alle overlegpartners zijn akkoord gegaan met onderhavig bestemmingsplan De provincie Limburg geeft in de mail van 27 september 2021 aan: ‘Het plan is beoordeeld op de adequate doorwerking van de provinciale belangen. De beoordeling van het plan geeft geen aanleiding tot het maken van opmerkingen. Indien u dit plan op deze wijze voortzet, zal er geen aanleiding zijn om in de verdere procedure van het plan een zienswijze in te dienen. Tot slot merkt de provincie op dat de toelichting bij het plan bevat een beschrijving van hoe het plan zich verhoudt tot het vigerende provinciale beleid. Tegen de achtergrond van de voorziene vaststelling Omgevingsverordening Limburg (in beginsel december 2021, inwerkingtreding gelijktijdig met invoering Omgevingswet) verzoekt de provincie om in de toelichting bij het plan ook een doorkijk te geven naar de wijze waarop het plan binnen de nieuwe Omgevingsverordening past”. Naar aanleiding van bovenstaande mail is het planvoornemen getoetst aan de Provinciale Omgevingsvisie Limburg en aan de Ontwerp Omgevingsverordening. Uit de toetsing blijkt dat het initiatief passend is binnen deze beleidsstukken. Het waterschap Limburg geeft in de mail van 4 oktober 2021 aan: ‘De capaciteit van de wadi is berekend op de totale woonwijk.

Aangezien het een project betreft dat loopt sinds 2012 is vermoedelijk rekening gehouden met de normen voor hemelwaterberging die toen golden. In de toelichting wordt 40 mm per m2 verhard oppervlak genoemd, vermoedelijk is dit ook de capaciteit van de wadi. De huidige norm die wij hanteren voor de hemelwaterberging is 100 mm per m2 verhard oppervlakte. Aangezien dit een lang lopend project is zijn wij voor dit plan akkoord hiermee. Wij adviseren echter, indien het past binnen het plan, de waterbergingsopgave zoveel mogelijk conform 100 mm per m2 uit te voren. Daarnaast dient er zorg gedragen te worden dat het water dat in de wadi terecht komt niet zo maar afstroomt naar de aanwezige beken’. De norm van het waterschap betreft een advies en geen eis. Pas als de infiltratievoorziening loost op oppervlaktewater gelden de normen van het waterschap (100 mm in 24 uur). Aangezien met onderhavig plan geen sprake is van een infiltratievoorziening die loost op oppervlaktewater wordt de eis van de gemeente Venray gehanteerd. Zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan heeft van 19 november 2021 tot en met 30 december 2021 voor eenieder ter inzage gelegen. . Er zijn tegen het ontwerpbestemmingsplan geen zienswijzen ingediend. Vastgesteld

44

8.

PROCEDURE

De Wet ruimtelijke ordening (Wro) is in werking getreden met ingang van 1 juli 2008. De wettelijke procedure start met het moment van ter inzage legging van het ontwerp bestemmingsplan. De procedure ziet er als volgt uit: ▪ Openbare kennisgeving van het ontwerp bestemmingsplan; ▪ Terinzagelegging van het ontwerp en bijbehorende stukken gedurende 6 weken; ▪ Gedurende de termijn van terinzagelegging kunnen door een ieder schriftelijk of mondeling zienswijzen worden ingebracht; ▪ Vaststelling van het bestemmingsplan door de gemeenteraad; ▪ Algemene bekendmaking van het bestemmingsplan door terinzagelegging met voorafgaande kennisgeving en toezending aan gedeputeerde staten en betrokken rijksdiensten, waterschappen en gemeenten: binnen 2 weken dan wel, indien gedeputeerde staten of de inspecteur zienswijzen hebben ingebracht of het bestemmingsplan gewijzigd is vastgesteld, binnen 6 weken na vaststelling; ▪ Mogelijkheid tot beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen 6 weken na bekendmaking voor belanghebbenden; ▪ Inwerkingtreding op de dag na afloop van de beroeps/inwerkingtreding termijn, zijnde 6 weken na de bekendmaking, tenzij binnen deze termijn een verzoek om een voorlopige voorziening is ingediend bij de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Indien beroep wordt ingediend, dat kan te allen tijde een voorlopige voorziening worden ingediend.

Vastgesteld

45

Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.

Berekening Bestaande situatie en Beoogde situatie Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens

Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. RsjiSd3ehJxM (26 oktober 2021) pagina 1/7

Resultaten

Contact

Activiteit

Rechtspersoon

Inrichtingslocatie

Bureau Leefomgeving

Schoolstraat 7, 5961EE Horst

Omschrijving

AERIUS kenmerk

Roerdomp ong. Castenray

RsjiSd3ehJxM

Datum berekening

Rekenjaar

Rekenconfiguratie

26 oktober 2021, 08:47

2020

Berekend voor natuurgebieden

Totale emissie

Situatie 1

Situatie 2

Verschil

NOx

16,16 kg/j

17,64 kg/j

1,49 kg/j

NH3

< 1 kg/j

< 1 kg/j

< 1 kg/j

Resultaten

Natuurgebied

Hectare met hoogste verschil (mol/ha/j)

Uw berekening heeft geen verschillen opgeleverd boven 0,00 mol/ha/jr.

Toelichting

Herverkavelen bouwkavels

Resultaten

Bestaande situatie Beoogde situatie

RsjiSd3ehJxM (26 oktober 2021) pagina 2/7

Resultaten

Locatie Bestaande situatie

Emissie Bestaande situatie

Bron Sector

Oude situatie Plan | Plan

Verkeer Wegverkeer | Binnen bebouwde kom

Resultaten

Bestaande situatie Beoogde situatie

Emissie NH3

Emissie NOx

-

15,15 kg/j

< 1 kg/j

1,00 kg/j

RsjiSd3ehJxM (26 oktober 2021) pagina 3/7

Resultaten

Locatie Beoogde situatie

Emissie Beoogde situatie

Bron Sector

Nieuwe situatie Plan | Plan

Verkeer Wegverkeer | Binnen bebouwde kom

Resultaten

Bestaande situatie Beoogde situatie

Emissie NH3

Emissie NOx

-

16,46 kg/j

< 1 kg/j

1,19 kg/j

RsjiSd3ehJxM (26 oktober 2021) pagina 4/7

Resultaten

Emissie (per bron)

Naam Locatie (X,Y)

Bestaande situatie

NOx

Sector

Categorie

Omschrijving

Woningen (nieuwbouw): Vrijstaande woning

Vrijstaande woning

Naam Locatie (X,Y) NOx NH3

Resultaten

Oude situatie 199941, 388945 15,15 kg/j

Eenheden Stof

Emissie

5,0 NOx

15,15 kg/j

Verkeer 200063, 388939 1,00 kg/j < 1 kg/j

Soort

Voertuig

Aantal voertuigen Stof

Emissie

Standaard

Licht verkeer

21,5 / etmaal NOx NH3

1,00 kg/j < 1 kg/j

Bestaande situatie Beoogde situatie

RsjiSd3ehJxM (26 oktober 2021) pagina 5/7

Resultaten

Emissie (per bron)

Naam Locatie (X,Y)

Beoogde situatie

NOx

Sector

Categorie

Omschrijving

Woningen (nieuwbouw): Vrijstaande woning Woningen (nieuwbouw): Tweeonder-één-kap

Eenheden Stof

Emissie

Vrijstaande woning

4,0 NOx

12,12 kg/j

Halfvrijstaande woningen

2,0 NOx

4,33 kg/j

Naam Locatie (X,Y) NOx NH3

Resultaten

Nieuwe situatie 199941, 388945 16,46 kg/j

Verkeer 200063, 388939 1,19 kg/j < 1 kg/j

Soort

Voertuig

Aantal voertuigen Stof

Emissie

Standaard

Licht verkeer

25,4 / etmaal NOx NH3

1,19 kg/j < 1 kg/j

Bestaande situatie Beoogde situatie

RsjiSd3ehJxM (26 oktober 2021) pagina 6/7

Resultaten

Disclaimer

Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.

Rekenbasis

Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2020_20210525_2040287d5b Database versie 2020_20210713_c09c249ebe Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/release/aerius-calculator-2020

Resultaten

Bestaande situatie Beoogde situatie

RsjiSd3ehJxM (26 oktober 2021) pagina 7/7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11002759/1