627708 Bijl01 Warmteprogramma gemeente Venlo.pdf
Tekst van het document
er zou MT -
restwarmte verreweg het voordeligst zijn, echter is de toekomstzekerheid van deze levering erg onzeker, dit moet als eerst onderzocht worden. Een grootschalig warmtenet moet waarschijnlijk op basis van WKO
-systemen.
Omdat in Rosarium, Q4 en Winkelcentrum al veel warmtepompen zijn geïnstalleerd en veel utiliteit (winkels) zit zullen we hier niet starten. Als startbuurt zal er dus voor Binnenstad Noord eerst onderzocht worden hoe haalbaar een warmtenet is. De uitvoering
-
van dit
onderzoek willen we voor 2030 starten. Tenslotte zien we Craneveld, Withuis en ’t Zand als goede opties omdat hier wel veel corporatiebezit aanwezig is. In Venlo
-Noord is ook
nieuwbouw voorzien, concrete plannen van woningcorporatie Woonwenz ligge rond de 80 woningen in Craneveld en voor 70 woningen op het Canon
n er voor
-terrein net ten
noorden van buurt ’t Zand. Ook de grootschalige nieuwbouwplannen van de gemeente op het Canon -terrein bieden mogelijk kansen voor een warmtenet.
Warmteprogramma
Gemeente Venlo
72
Cluster Tegelen
Figuur 18 . Cluster Tegelen
Het derde cluster ligt rondom Tegelen. We zien kansrijke opties voor warmtenetten in de buurten Nieuwe -Steyl, Lage Heide, Tegelen
-Centrum en Kloosterdorp. Wel is de keuze voor
een warmtenet hier minder zeker dan in andere clusters omdat de kosten van alter dicht bij elkaar liggen. In Nieuwe
natieven
-Steyl, Tegelen -Centrum en Lage Heide bevindt zich veelal
oude bouw (bouwjaar van voor 1965) en veel corporatiebezit. De corporaties zijn hier bezig met isolatiemaatregelen en verbetertrajecten. Hierdoor worden LT
-warmtenetten
haalbaarder , maar zal er ook concurrentie zijn van de elektrische warmtepomp.
Warmteprogramma
Gemeente Venlo
73
We starten de clusteraanpak met voorbereiding om te kijken in welke buurt de kansen van slagen het hoogst zijn. Dit zal moeten leiden tot een uitvoeringsplan in Nieuw Kloosterdorp, Tegelen -Centrum of Lage Heide. Nieuw
-Steyl,
-Steyl en Lage Heide liggen aan
de
rand en zijn iets kleiner dan de kernbuurten, ook ligt hier relatief veel corporatiebezit en liggen de MT -bronnen aan de rand van deze gebieden. Tegelijkertijd zijn Tegelen en Kloosterdorp dichtbebouwd en kan de benodigde schaalgrootte makkelijk
-Centrum er bereikt
worden, ook is hier nog niet geconcretiseerde nieuwbouw voorzien. Hier moet onder andere wel onderzocht worden hoe haalbaar isolatie is en dus LT
-warmtelevering. Het warmtenet
kan langzamerhand naar de andere buurten uitgebreid worden. Cluster Blerick
Figuur 19 . Cluster Blerick
Warmteprogramma
Gemeente Venlo
74
Het vierde warmtenetcluster ligt rondom de wijk Blerick. Deze buurten liggen ten Noordwesten van de Maas. Het gaat met name om de drie buurten Molenbossen, Blerick Centrum en Hazenkamp. We gaan uit van een LT
-
-bron en een MT -net. Concreet wordt hier
aquathe rmie uit de Maas met een opwaardering van een collectieve warmtepompen voorzien. Eventueel kan dit warmtenet uitgebreid worden naar buurten waar nu nog meerdere oplossingen staan als eindoplossing. Dit zijn de buurten Vastenavondkamp
-Zuid,
Annakamp -West, V ossener -Centrum, Vossener -Noord, Vossener -Zuid en zonneveld. In Molenbossen en in Hazenkamp is een duurzaam warmtenet het meest kansrijk omdat er een hoge warmtedichtheid én veel corporatiebezit is. We starten daarom voor 2030 met het uitvoeren van een onderzoek naar de haalbaarheid en het draagvlak van een warmtene
t in
Hazenkamp. Wanneer blijkt dat er draagvlak is voor dit warmtenet en het warmtenet eindgebruikers een concurrerende duurzame warmtevoorziening biedt, zetten we een vervolgstap in het proces. In Molenbossen is al een warmtenet aanwezig waar veruit de me este woningen op zijn aangesloten, echter wordt deze nog gevoed met een warmtekrachtkoppeling op aardgas, in 2023 leverde dit een CO2
-besparing van bijna 45%
ten opzichte van een cv -ketel op aardgas. Als uitbreidingsbuurt zal er onderzocht worden hoe deze buurt kan verduurzamen. Eventuele uitbreiding zijn onzekerder dan in andere buurten. In deze wijken lijkt het vooralsnog niet voordelig om een grootschalig warmtenet aan te leggen, zoals te zien aan de eindoplossing voor 2050. Eventueel kan dit in de toeko mst wel rendabel worden als expertise toeneemt en kostendaling ontstaat. Aan de noordkant van dit cluster is beperkte nieuwbouw voorzien.
Warmteprogramma
Gemeente Venlo
75
Kazernekwartier
Figuur 20 . Cluster Kazernekwartier
Het laatste warmtenetcluster omvat de buurten Kazerneterrein en Ubroek. In beide buurten bevinden zich nog nagenoeg geen woningen. In dit gebied zijn echter grootschalige nieuwbouw projecten gepland en voorzien. Op de tweede fase van het KazerneKwartier wordt nog een fors aantal woningen gebouwd. Dit biedt enorme kansen om gelijktijdig een warmtenet aan te leggen gebaseerd op WKO systemen of TEO. LT
-warmte kan goed
gebruikt worden in deze goed geïsoleerde huizen. De eerste fase is gestart en ondanks signifi cante inspanningen is hier gekozen voor een individuele warmteoplossing.
Warmteprogramma
Gemeente Venlo
76
In Ubroek en de nabijgelegen buurt Horsterweg ligt veel kleinschalige utiliteit en een aantal woningen. Ook is er extra nieuwbouw van ongeveer 600 woningen voorzien in deze omgeving. Dit kan bijvoorbeeld in het zuidelijk deel van Ubroek tegen het Kazernete
rrein aan
ontwikkelt worden. Eventueel kunnen later de utiliteit en de woningen langs de Horsterweg aangesloten worden op het warmtenet. Ook is het afhankelijk van de maatwerk aanpak in de rest van de Trade Port welke koppelkansen bestaan. De kans dat er g
rootschalige (LT -)
restwarmte beschikbaar komt lijkt klein, vanwege de grotere afstanden en beperkte warmtevraag van distributiecentra lijkt een grootschalig warmtenet vooralsnog ook niet logisch in de rest van de Trade Port. Wel kan potentieel nabijgelege
n kleinschalige industrie
mogelijk gekoppeld worden aan een eventueel toekomstig warmtenetcluster.
Warmteprogramma
Gemeente Venlo
77
9
BIJLAGE IV: TUSSENDOELSTELLINGEN
Aantal buurten: 112 Bron
Huidig
2035
2040
2045
2050
WEQ* Venlo
Startanalyse
72306
81221
82956
82956
82956
Woningen Venlo
Startanalyse
47638
56553
58288
58288
58288
+data nieuwbouw
Bron
Huidig
2035
2040
2045
2050
Klimaatmonitor
12%
32%
65%
87%
100%
Klimaatmonitor
8807
23136
47125
62307
71967
Data gemeente
4
35
73
112
112
Data gemeente
1
14
35
73
112
CBS
573
3807
8759
14650
14650 -
Hoofddoelstelling WEQ aardgasvrij (relatief) WEQ aardgasvrij (absoluut) Tussendoelstellingen Buurten waar een uitvoeringsplan klaarligt Buurten waar de randvoorwaarden zijn geregeld Aanvullende indicatoren Woningen
27898
aangesloten op warmtenet aansluiting Aardgasverbruik
Klimaatmonitor
41
21
6
6
0
Klimaatmonitor
260
160
69
37
0
woningen (miljoen m3) CO2 -uitstoot woning en utiliteit (kton) *een woningequivalent (WEQ) drukt de warmtevraag uit van een woning of 130 m² utiliteitsgebouw
Warmteprogramma
Gemeente Venlo
78
10
BIJLAGE V: VERGELIJKING WARMTEPROGRAMMA EN TRANSITIEVISIE
In deze bijlage maken we een vergelijking tussen het Warmteprogramma en de voorloper van het Warmteprogramma, de Transitievisie Gebouwde Omgeving 2.0. Dit doen we op basis van de techniek die wordt gekozen in de buurten. We zien dat de gehanteerde categorieën verschillen tussen de verschillende documenten. In beide documenten zien we dat de buurten rondom het centrum en rondom Tegelen een grote potentie hebben voor warmtenetten. De potentie voor warmtenetten lijkt groter d
an in
de Transitievisie Gebouwde Omgeving 2.0. Dit komt omdat kleinschalige warmtenetten nu ook zijn meegenomen. We zien voornamelijk verschillen in de buurten die meer in het buitengebied liggen. In de Transitievisie Gebouwde Omgeving 2.0 worden deze buurten aangeduid als (zeer) waarschijnlijk volledig op elektriciteit. In het Warmteprogramma zien we dat er voor dez
e
buurten meer onderscheid wordt gemaakt. Een aantal buurten krijgt ook een volledig elektrische warmtepomp (blauw). In buurten met veel utiliteit wordt concluderen we dat maatwerk geboden is door de specifieke energievraag (donker grijs), daarnaast wordt
voor
een groot aantal buurten de keuze uitgesteld tot na 2035 (licht grijs).
Figuur 21 . Oplossingen per buurt Warmteprogramma (2025)
Warmteprogramma
Gemeente Venlo
79
Figuur 22 . Warmteoplossingen transitievisie gebouwde omgeving 2.0 (2023)
10.1
EVALUATIE TRANSITIEVISIE GEBOUWDE OMGEVING 2.0
De Transitievisie Gebouwde Omgeving 2.0 (2023) markeert een belangrijke stap in de overgang naar een aardgasvrije gebouwde omgeving in 2050. Deze geactualiseerde visie bouwt voort op de oorspronkelijke versie uit 2021, maar brengt cruciale veranderingen me
t
zich mee om beter in te spelen op de actuele uitdagingen en kansen.
Warmteprogramma
Gemeente Venlo
80
Een van de meest significante aanpassingen in de 2023
-versie is de herziening van
warmteoplossingen per buurt. Zo is er opnieuw gekeken naar de potentie van warmtenetten in de gemeente Venlo. Hierbij zijn de keuzes beter afgestemd op veranderende energiepr ijzen en investeringskosten, waardoor ze beter aansluiten bij de actuele economische omstandigheden. Daarnaast is de aanpak verbreed van een wijkgerichte focus naar een stadsbrede en doelgroepgerichte strategie. De visie van 2023 legt ook sterk de nadruk o p spijtvrije maatregelen, zoals isolatie en het gebruik van hybride warmtepompen, die ongeacht de uiteindelijke warmteoplossing effectief blijven. Verder biedt de visie meer gerichte ondersteuning aan kwetsbare groepen, zoals Verenigingen van Eigenaren (Vv
E’s)
en huishoudens met lagere inkomens. De Transitievisie 2.0 legt enkele belangrijke uitgangspunten vast die bijdragen aan een succesvolle warmtetransitie. Allereerst staat energiebesparing centraal als kernstrategie. Bijvoorbeeld woningisolatie verlaagt niet alleen direct de energielasten van
inwoners, maar
het maakt ook de woningvoorraad geschikt om in de toekomst van het aardgas af te gaan (aardgasvrij -ready). Daarnaast hanteert de visie een adaptieve aanpak, waarbij beslissingen stapsgewijs worden genomen om ruimte te bieden voor nieuwe ontw
ikkelingen,
zoals technische innovaties en wijzigingen in wetgeving, bijvoorbeeld bij de ontwikkeling van een warmtenet. Ook is er een sterke sociale focus. De visie schenkt extra aandacht aan energiearmoede door kwetsbare groepen, zoals huishoudens met la
ge inkomens, te
ondersteunen met gerichte maatregelen. Inwoners worden actief betrokken via een participatieve aanpak, met wijkbijeenkomsten en toegankelijke hulpmiddelen zoals gratis energieadvies en energievouchers. Tot slot wordt praktijkleren ingezet o
m continu te
verbeteren. Concrete projecten zoals onder andere het warmtenet in Hagerhof en de stadsbrede isolatieaanpak leveren waardevolle inzichten en resultaten op.
Warmteprogramma
Gemeente Venlo
81
11
BIJLAGE VI: PARTICIPATIEVERSLAG
Een belangrijk onderdeel bij het opstellen van het Warmteprogramma is participatie. Bewoners, maatschappelijke organisaties en andere belanghebbenden zijn actief betrokken bij de totstandkoming van het Warmteprogramma. In
Tabel 3 is weergegeven welke partijen
betrokken zijn, op welk niveau en op welke moment. Feedback is opgehaald via interviews, werkgroepen en een ter inzagelegging. Tabel 3. Participatiemomenten betrokkenen
Betrokkenen
Participatieniveau
Participatiemomenten
Bewoners en
Informeren, consulteren
•
Bewonerspeiling
Woningcorporaties en
Informeren, consulteren,
netbeheerder
Coproduceren
• •
Interviews 3 werkgroepen
Overige externe partners
Informeren, consulteren
• •
Interview Energiecoöperatie Samenstroom Interview Team Goede Buren
ondernemers
gemeente Gemeenteraad
Informeren, Consulteren
•
Raadsconsultatie
College van
Informeren, Consulteren
Burgemeester en
Instemmen
• •
Themabijeenkomst Collegevoorstel
Informeren, consulteren
•
Interview afdeling Realisatie en Beheer Openbare Ruimte Interview afdeling Wonen Interview afdeling Economie
Wethouders Interne afdelingen
• •
Warmteprogramma
Gemeente Venlo
82
11.1
FEEDBACK EN VERWERKING
- INTERVIEWS
Voor de totstandkoming van dit Warmteprogramma zijn we in gesprek gegaan met betrokkenen. De opgehaalde inzichten en aandachtspunten en de verwerking daarvan staan hieronder beschreven.
Interview
Datum
Feedback
Verwerking
Woonwenz
14 april
1.
1.
Doel: kennismaking,
2025
Aandachtspunten: betaalbaarheid, praktische uitvoerbaarheid . Inzicht over gewenste mate van betrokkenheid bij opstellen Warmteprogramma. Aandachtspunten: betaalbaarheid, kosteneffectief verduurzamen (bv door koppelkansen te benutten / stapsgewijze verduurzaming mogelijk te maken). Inzicht over gewenste mate van betrokkenheid bij opstellen Warmteprogramma.
1.
Aandachtspunt: maak Warmteprogramma concreet Inzicht over gewenste mate van betrokkenheid bij opstellen Warmteprogramma.
1.
Aandachtspunten: schaarse ruimte en het belang van netbewust bouwen. Inzicht over gewenste mate van betrokkenheid bij opstellen Warmteprogramma.
3.
terugblik TV GO 2.0 en
2.
delen wensen en zorgen t.a.v. Warmteprogramma. Antares
16 april
Doel: kennismaking,
2025
1.
terugblik TV GO 2.0 en delen wensen en zorgen t.a.v. Warmteprogramma.
2.
Wonen Limburg
22 april
Doel: kennismaking,
2025
terugblik TV GO 2.0 en
1. 2.
delen wensen en zorgen t.a.v.
2.
2.
2.
Warmteprogramma.
Enexis
14 april
Doel: kennismaking,
2025
terugblik TV GO 2.0 en delen wensen en zorgen t.a.v. Warmteprogramma.
Warmteprogramma
Gemeente Venlo
1.
2.
4.
Meegenomen bij het formuleren van de leidende principes, zie hoofdstuk 2. Meegenomen bij de totstandkoming van het Warmteprogramma.
Meegenomen bij het formuleren van de leidende principes (hoofdstuk 2), het bepalen van mogelijke oplossingsrichtingen (3.3) en het maken van samenwerkingsafspraken (3.2). Meegenomen bij de totstandkoming van het Warmteprogramma. Gehoor aan weggegeven door heldere WAT kaarten te maken voor 2035 en 2050 en een fasering. Meegenomen bij de totstandkoming van het Warmteprogramma.
Meegenomen bij het formuleren van de leidende principes, zie hoofdstuk 2. Meegenomen bij de totstandkoming van het Warmteprogramma.
83
Bewonerspeiling onder
April -
450 bewoners
mei
Doel: Inzicht in de
2025
1.
ondersteuning die woningeigenaren wensen te krijgen bij het
2.
verduurzamen van hun huis. De vragenlijst is verspreid via meerdere kanalen om een brede
3.
en diverse respons te waarborgen.
Inzicht: De bewonerspeiling laat zien dat 25 tot 30% van de respondenten zou willen verduurzamen, bijvoorbeeld door het plaatsen van een warmtepomp of door het isoleren van de woning. Inzicht: 34% van de ondervraagden geeft aan bekend te zijn met de regeling Duurzaam Bouwloket. Inzicht: 25% van de ondervraagden geeft aan bekend te zijn met de subsidieregeling voor warmtepompen.
De inzichten hebben bijgedragen aan besluiten over het al dan niet continueren van bestaande regelingen. Als gemeente hebben we besloten door te gaan met zowel de subsidieregeling voor warmtepompen als met het stimuleren van isolatie via het Duurzaam Bouwl oket. We zetten daarbij in op het bereiken van meer bewoners, onder andere via gemeentebrede communicatie en gerichte acties in specifieke buurten. Lees meer hierover in hoofdstuk 4.
Energiecoöperatie
27
Samenstroom
februari
Doel: inzicht verkrijgen in
2025
de mogelijkheden om
1.
2.
energie coöperaties beter te benutten bij het verduurzamen van de
Aandachtspunt: er is momenteel onbenut potentieel van opgeleide energiecoaches. Aandachtspunt: er is kenbaar gemaakt dat de coöperatie zoekt naar duidelijkheid over de rol van de gemeente en een mogelijke samenwerking.
1.
Aandachtspunt: de ervaring van Team Goede Buren is dat voornamelijk oudere mensen en jonge, bewuste huiseigenaren gebruik maken van het gratis energieadvies. Aandachtspunt: Energiearme huishoudens en huurders worden nauwelijks bereikt, mede doordat mensen zichzelf moeten aanmelden.
In stimuleringsbeleid rondom het
gebouwede omgeving.
Team Goede Buren
28
Doel: inzicht verkrijgen in
maart
hoe verschillende
2025
1.
doelgroepen kunnen worden bereikt. 2.
2.
Bij de operationalisering van het Warmteprogramma wordt rekening gehouden met de beschikbare capaciteit aan energiecoaches. In het programma wordt beschreven hoe we als gemeente de samenwerking met bottom -up initiatieven voor ons zien. Zie hiervoor 4.2.3.
programma verduurzaming gebouwde omgeving wordt meegenomen dat sommige doelgroepen tot op heden minder goed bereikt zijn en dat er extra inzet nodig is om deze doelgroepen wel te bereiken. Dit aandachtspunt benoemen we in hoofdstuk 4 en nemen we mee bij het operationaliseren van het Warmteprogramma.
Gemeentelijke afdeling
26 juni
Realisatie en Beheer
2025
Openbare Ruimte
1.
2.
Doel: inzicht verkrijgen in de werkwijze van deze afdeling en mogelijke koppelkansen met de
Aandachtspunt: we moeten meer gebiedsgericht gaan werken. Aandachtspunt: beheer kijkt op straatniveau, terwijl Warmteprogramma op buurtniveau kijkt en woningcorporaties op complexniveau.
De aandachtspunten zijn meegenomen bij het onderdeel Sturing en Samenwerking, 3.2. Geïdentificeerde koppelkansen staan ook beschreven in bijlage II.
energie - en warmtetransitie.
Warmteprogramma
Gemeente Venlo
84
Gemeentelijke afdeling
26 juni
Wonen
2025
3.
Aandachtspunt: we merken dat planningen (bv met Enexis) steeds slechter op elkaar aansluiten.
1.
Aandachtspunt: voor opstellen van de woningbouwplannen is er te weinig zicht op de haalbaarheid van warmtenetten. Aandachtspunt: willen we naar collectieve oplossingen dan zullen we de voordelen en het belang van collectieve oplossingen beter moeten benadrukken. Aandachtspunt: voor een collectieve oplossing heb je een grootschalige aansluiting van Enexis nodig. Die aansluiting is op dit moment niet altijd beschikbaar.
1.
Aandachtspunt: voor gebieden waar zich veel utiliteit en industrie bevindt is een maatpakaanpak nodig. Aandachtspunt: Er mist nog veel informatie van bedrijven terreinen. Hier wordt komend jaar een slag mee geslagen Aandachtspunt: Er zijn wel al veel bottom -up initiatieven, maar hier is nog geen eenduidig beleid voor vanuit de gemeenten. Het zou fijn zijn om dit in het Warmteprogramma mee te nemen.
1.
Doel: inzicht verkrijgen in de ontwikkelingen binnen deze afdeling 2.
(met name nieuwbouw) en mogelijke koppelkansen met de energie - en warmtetransitie.
3.
Gemeentelijke afdeling
8 juli
Economie
2025
1.
Doel: inzicht verkrijgen in de ontwikkelingen
2.
binnen deze afdeling (met name gericht op utiliteit en industrie) en mogelijke koppelkansen met de energie - en warmtetransitie.
Warmteprogramma
Gemeente Venlo
3.
2.
3.
2.
3.
Het Warmteprogramma en de ontwikkeling bij Hagerhof biedt een stappenplan welke onderzoeken gedaan moeten worden om de haalbaarheid van een warmtenet te toetsen. Het Warmteprogramma gaat in op de voordelen van collectieve oplossingen, maar benadrukt ook dat haalbaarheid situatieafhankelijk is en daarom per locatie moet worden onderzocht. Enexis onderschrijft de toegevoegde waarde van warmte. Afspraken hierover met Enexis staan beschreven in 3.2. Meegenomen, zie 4.2.3. De koppelkansen tussen economische ontwikkelingen en de energie - en warmtetransitie uitvoerig beschreven in bijlage II. We werken in het Warmteprogramma met typologieën, zie 4.2.3. Beleid t.a.v. bottom -up initiatieven staat beschreven in 4.2.3.
85
11.2
FEEDBACK EN VERWERKING
– WERKGROEP
Tot drie keer toe zijn de gemeente, de woningcorporaties Antares en Woonwenz en netbeheerder Enexis bij elkaar gekomen. De opgehaalde feedback per sessie staan hieronder weergegeven, even als de verwerking van deze feedback in het Warmteprogramma.
Werkgroep 1 Datum: 15 mei 2025 Doel: inventariseren uitgangspunten en besliscriteria, reflecteren op uitkomsten technische analyse Opgehaalde feedback
Verwerking
1.
1.
2. 3. 4. 5.
6.
Betaalbaarheid van groot belang, voor zowel de eindgebruiker als de woningcorporatie. Zorgen over de praktische uitvoerbaarheid. Schaarse ruimte is aandachtspunt. Noodzaak om netbewust te bouwen wordt door alle partijen onderkend. De verschillen tussen de tijdslijnen van woningcorporaties en Enexis zijn een aandachtspunt. De verschillende werkwijzen zijn een aandachtspunt. Zo werken woningcorporaties op complexniveau, Enexis op buurtniveau, en de gemeente zowel op buurtniveau als straatniveau (afdeling beheer en onderhoud).
2.
3. 4. 5.
Meegenomen bij het formuleren van de leidende principes, zie hoofdstuk 2. Meegenomen bij het formuleren van de leidende principes en hoofdstuk 3.2, Sturing en Samenwerking. Meegenomen bij het formuleren van de leidende principes, zie hoofdstuk 2. Meegenomen in hoofdstuk 3.2, Sturing en Samenwerking. Meegenomen in hoofdstuk 3.2, Sturing en Samenwerking.
Werkgroep 2 Datum: 4 juni 2025 Doel: bespreken WAT -kaart en concept fasering Opgehaalde feedback
Verwerking
1.
1.
2. 3.
Zorgen over haalbaarheid van de fasering in het kader van tijd en kosten. Technische en financieel haalbaarheid van warmtenetten wordt in twijfel getrokken. Aanvullende informatie over de context van specifieke buurten en planningen.
2. 3.
Warmteprogramma
Gemeente Venlo
Het Warmteprogramma beschrijft een rol voor hybride als tussenoplossing. Daarnaast maken we afspraken over de timing van complexen en clusters. Zie hiervoor ook hoofdstuk 3.2, Sturing en Samenwerking. Financiële haalbaarheid van warmtenet wordt later per locatie onderzocht. Meegenomen bij het bepalen van de beoogde oplossingsrichting en fasering.
86
Werkgroep 3 Datum: 15 september 2025 Doel: validatie WAT -kaart en fasering, samenwerkingsafspraken en overlegstructuren Opgehaalde feedback
Verwerking
1.
1.
2. 3.
Woningcorporaties zijn bezig met een routekaart Partijen zien nut en noodzaak van een werkgroep in. Capaciteit bij gemeente, Enexis en woningcorporaties is aandachtspunt voor uitvoering Warmteprogramma
2. 3.
Meegenomen in hoofdstuk 3.2, Sturing en Samenwerking. Meegenomen in hoofdstuk 3.2, Sturing en Samenwerking. De eerste stap is helder krijgen welke capaciteit de komende jaren nodig is; het Warmteprogramma ondersteunt hierbij.
O plossing
Beschrijving
Doelbereik
Beoogde impact
Energiehubs
Lokale knooppunten voor
Verminderen
Ontlast energienet,
opwekking, opslag en
piekbelastingen,
stimuleert bewezen
distributie van energie
versterken lokale
innovatie zoals elektrische
economie
mobiliteit, bevordert lokale economische groei.
Slimme
Decentrale systemen
Balans vraag en
Verkleint afhankelijkheid
energieopslag
zoals buurtbatterijen en
aanbod, vergroten
van centrale netwerken,
grootschalige accu’s
leveringszekerheid
maakt lokaal opgewekte energie efficiënter inzetbaar.
Duurzame
Verlagen
Ondersteunt ontlasting net
warmtevoorzieningen
energievraag,
oplossing voor verwarming
gekoppeld aan lokale
efficiënte
van woonwijken en
elektriciteitsopwekking
warmtelevering
bedrijventerreinen.
Zonneparken
Groene bufferzones en
Verminderen
Verbetert landschappelijke
met integratie
waterdoorlatende
hittestress,
waarde, ondersteunt
infrastructuur rondom
verhogen
ecologie en verhoogt
zonneparken
biodiversiteit
acceptatie van duurzame
Warmtenetten
energieprojecten. Vraagsturing
Technologieën om
Stabiliseren
Voorkomt overbelasting van
energievraag af te
netwerkbelasting
het energienet, verbetert
stemmen op
efficiëntie en
beschikbaarheid
betrouwbaarheid van energievoorziening.
Warmteprogramma
Gemeente Venlo
87
Samenwerking
Regionale afstemming
Schaalvoordelen,
Realiseert het opschalen
RES
rondom
kennisdeling
van successen onderling.
congestieproblematiek en
We werken verder samen
nieuwe beproefde
met de RES zodat goede
methodes
toetsing mogelijk wordt gemaakt voor energieopslag systemen in de nabije toekomst.
Warmteprogramma
Gemeente Venlo
88
Warmteprogramma
Gemeente Venlo
89