CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

525997 BIJL01 Bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo.pdf

Raadsvergadering 19 november 2025, gemeente VenloBij agendapunt: 6.3: Gewijzigd vaststellen bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo (Albtertushof) (525997)26.567 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Hakkesstraat-HendrikkenhofstraatVenlo Verantwoording en Status

Titel:

Bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo

Rapportnummer:

NL.IMRO.0983.BP202002ALBERTUSH-VA02

Ontwerp:

28 januari 2022

Definitief:

19 oktober 2022

Herstelbesluit:

30 september 2025

© 2025 Beusmans & Jansen, Onderzoek & Advies in Ruimtelijke Ordening Dit document is eigendom van de opdrachtgever en mag door hem gebruikt worden voor het doel waarvoor het is vervaardigd en met inachtneming van de rechten die voortvloeien uit de wetgeving op het gebied van het intellectuele eigendom. De auteursrechten van dit document blijven berusten bij Beusmans & Jansen, Onderzoek & Advies in Ruimtelijke Ordening. Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enig andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Beusmans & Jansen, Onderzoek & Advies in Ruimtelijke Ordening. Beusmans & Jansen, Onderzoek & Advies in Ruimtelijke Ordening geeft in ieder geval geen toestemming aan de opdrachtgever om dit document te gebruiken of te laten gebruiken indien facturen niet of niet volledig voldaan zijn. Alle rechten voorbehouden.

Pagina | 2

Inhoudsopgave Toelichting

5

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 1.2 1.3 1.4 1.4.1 1.4.2 1.5

Beroep en bestuurlijke lus Aanleiding en doel van het bestemmingsplan Ligging en begrenzing van het plangebied Bestemmingsplannen Bestemmingsplan bedrijventerrein Veegtes Paraplubestemmingsplannen Leeswijzer

Hoofdstuk 2 Beschrijving van het plangebied 2.1 2.2

Algemeen Ruimtelijke en functionele structuur

Hoofdstuk 3 Beleid 3.1 3.2 3.2.1 3.2.2 3.2.3 3.3 3.3.1 3.3.2 3.3.3 3.4 3.4.1 3.5 3.5.1 3.5.2 3.5.3 3.5.4 3.6

Inleiding Rijksbeleid Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte Ladder duurzame verstedelijking Besluit en Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Barro en Rarro) Provinciaal beleid Provinciale Omgevingsvisie Limburg Omgevingsverordening Limburg Beleidsnotitie huisvesting internationale werknemers Regionaal beleid Regionale Woonvisie Noord-Limburg Gemeentelijk beleid Strategische Visie Venlo 2030 Ruimtelijke Structuurvisie 2014 Beleidskader huisvesting internationale werknemers (short-stay) Venlo Bestemmingsplan Conclusie

Hoofdstuk 4 Planbeschrijving 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6

Uitgangspunten en doelstellingen van het plan Stedenbouwkundige/ruimtelijke aspecten Landschappelijke integratie en water Parkeren Duurzaamheid Lange termijn invulling

Hoofdstuk 5 Sectorale aspecten 5.1 5.1.1

Inleiding Milieueffectrapportage

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

5 5 6 6 7 7 8 10

11 11 11

14 14 14 14 14 18 18 18 19 19 21 21 22 22 23 27 31 32

33 33 36 40 41 43 43

45 45 45

Pagina | 3

5.2 5.2.1 5.2.2 5.2.3 5.2.4 5.2.5 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.7.1 5.7.2 5.8

Milieuaspecten Bodem- en grondwaterkwaliteit Geluid Luchtkwaliteit Bedrijven en milieuzoneringen Externe veiligheid Waterparagraaf Kabels en leidingen Gebiedsbescherming Soortenbescherming Archeologie en cultuurhistorie Archeologie Cultuurhistorie Verkeer

Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid 6.1 6.2

Economische uitvoerbaarheid Maatschappelijk uitvoerbaarheid

Hoofdstuk 7 Juridische toelichting 7.1 7.2 7.3

Planstukken Toelichting op de verbeelding Toelichting op de regels

Bijlagen Bijlage 1

Aanmeldnotitie MER

Bijlage 2

Besluit MERbeoordeling

Bijlage 3

Aeriusberekening

Bijlage 4

Bodemonderzoek huisvestingslocatie

Bijlage 5

Aanv. grondwa. huisvestingsloc.

Bijlage 6

Bodemonderzoek herdenkingspark

Bijlage 7

Verkeerskundig onderzoek

Bijlage 8

Akoest onderz. wegverkeerslawaai

Bijlage 9

Akoest onderz. verkeersaantr. werking

Bijlage 10

Memo woon- en leefklimaat

Bijlage 11

Quick scan externe veiligheid

Bijlage 12

Verantwoording groepsrisico

Bijlage 13

Advies Veiligheidsregio

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

46 46 47 49 51 56 58 60 61 63 66 66 70 72

74 74 74

77 77 77 77

Pagina | 4

Bijlage 14

Ecologisch onderzoek

Bijlage 15

Aanvullend ecologisch onderzoek

Bijlage 16

Archeologisch bureauonderzoek

Bijlage 17

Aanvullend archeologisch onderzoek

Bijlage 18

Landschapsintegratieplan

Bijlage 19

St Erfgoed Venlo cultuurhistorie

Bijlage 20

Verslag wettelijk vooroverleg

Bijlage 21

Inventariserend veldonderzoek proefsleuven

Bijlage 22

Nota van zienswijzen

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 5

Toelichting

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1

Beroep en bestuurlijke lus

Op 19 oktober 2022 is het bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo door de gemeenteraad vastgesteld. Tegen dat besluit is beroep aangetekend bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het beroep is behandeld tijdens de zitting op 21 februari 2025. Tijdens behandeling van dit beroep heeft de Afdeling 2 gebreken geconstateerd in het vastgestelde bestemmingsplan. De Afdeling geeft de gemeenteraad, middels een tussenuitspraak op het beroep d.d. 16 juli 2025, de gelegenheid om binnen 26 weken na verzending van de tussenuitspraak, de 2 gebreken te herstellen c.q. een nadere motivering aan te leveren. Het betreft de volgende 2 aanpassingen: 1. aan artikel 1.54 van de planregels dient de maximale verblijfsduur bij short-stay huisvesting vermeld te worden; 2. door middel van een akoestisch onderzoek dient aangetoond te worden dat ter plaatse van de huisvestingslocatie sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Verder biedt de Afdeling de gemeenteraad de mogelijkheid om, in verband met het feit dat 'resomeren' nog niet is opgenomen in de Wet op de lijkbezorging, de gevolgen van het geconstateerde gebrek ten aanzien van de functieaanduiding "specifieke vorm van maatschappelijk - resomeercentrum" te herstellen, en hiermee ook de gevolgen voor de artikelen 3.6.2, 4.5.2, 5.5.2 en 6.5.2 .

Van deze mogelijkheid heeft de gemeenteraad gebruik gemaakt door de termijn voor het uitvoeren van de landschappelijke inpassing aan te passen en de functieaanduiding "specifieke vorm van maatschappelijk - resomeercentrum" te wijzigen in de functieaanduiding "specifieke vorm van maatschappelijk - uitvaartcentrum"; een uitvaartcentrum heeft naar aard, omvang en milieugevolgen een vergelijkbare of geringere impact op de omgeving dan een resomeercentrum omdat het feitelijk een resomeercentrum of crematorium betreft zonder het onderdeel resomeren of cremeren, en onderbouwd is dat hieraan behoefte bestaat.

Onderhavige planteksten betreffen de planteksten na herstel van de door de Afdeling geconstateerde gebreken. Daar waar in de als bijlage bijgevoegde onderzoeken de term 'resomeercentrum;' vermeld is, is het onderzoek onverkort van toepassing op een 'uitvaartcentrum'.

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 6

1.2

Aanleiding en doel van het bestemmingsplan

Initiatiefnemers hebben het voornemen om de hoek Nijmeegseweg-HakkesstraatHendrikkenhofstraat te Venlo te gaan ontwikkelen. Deze ontwikkeling betreft enerzijds de huisvesting van internationale werknemers en anderzijds de ontwikkeling van ‘Plan Albertushof’. Het perceel van de Albertushof wordt gesplitst in twee delen: op het zuidoostelijke deel, ongeveer 3 ha, wordt bebouwing gerealiseerd voor het duurzaam huisvesten van internationale werknemers en het noordelijke deel zal worden getransformeerd in een herinneringspark waar mensen herinneren en herinnerd worden. Aan dit herdenkings-concept, waarin ook een uitvaartcentrum is voorzien, liggen de volgende doelstellingen ten grondslag: het behouden of terughalen van de natuur in de stad of de gemeente, passend in de omgeving; het aantrekkelijk en toegankelijk maken van een ‘stadspark’ voor burgers; het creëren van een overgangsgebied tussen wonen, werken en recreëren. In 2017 is een principeverzoek hiertoe ingediend, waarop op 8 juli 2018 een overwegend positieve reactie van het bevoegd gezag is ontvangen op basis waarvan voor deze locatie de bestemmingsplanprocedure opgestart kan gaan worden.

1.3

Ligging en begrenzing van het plangebied

Het plangebied is gesitueerd aan de hoek Nijmeegseweg-Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat te Venlo, kadastraal bekend gemeente Venlo, sectie A nummers 7561, 7584, 7585, 4198, 6307 en 2367 (totaal circa 9,2 ha) en wordt aan drie zijden omringd door de bedrijventerreinen Veegtes en Noorderpoort. Op onderstaande figuur 1 is het plangebied in blauw aangeduid.

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 7

Figuur: plangebied

1.4

Bestemmingsplannen

1.4.1

Bestemmingsplan bedrijventerrein Veegtes

Het plangebied is gelegen binnen het bestemmingsplan bedrijventerrein Veegtes, zoals vastgesteld op 28 maart 2012. Onderstaande afbeelding is een uitsnede van de verbeelding:

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 8

Figuur: uitsnede vigerende verbeelding

Binnen de bestemming Groen zijn in ieder geval geen verblijfseenheden voor internationale werknemers toegestaan en het concept is ook niet binnen de vigerende bestemmingen te realiseren. Verder volstaan de bouwvlakken niet voor de gewenste bebouwing. Het bestemmingsplan kent geen afwijkings- of wijzigingsbevoegdheden zodat alleen medewerking kan worden verleend door het vaststellen van onderhavig, op maat geredigeerd bestemmingsplan.

1.4.2

Paraplubestemmingsplannen

Op 25 november 2020 zijn twee paraplubestemmingsplannen vastgesteld. Het betreft: 1. Parapluplan reguleren onbenutte plancapaciteit wonen 2. Parapluplan kamerbewoning. 1.4.2.1 Parapluplan reguleren onbenutte plancapaciteit wonen Dit parapluplan voorziet in één eenduidige regeling voor alle digitale bestemmingsplannen binnen het stedelijk gebied van de gemeente Venlo waarin woonbestemmingen zijn opgenomen. Hiermee wordt beoogd om één uniforme regeling op te nemen voor het stedelijk gebied van de gemeente Venlo. Voor die regeling worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: Voor bestemmingen die wonen toestaan naast andere (hoofd)functies, zoals bijvoorbeeld centrum- en gemengde bestemmingen, wordt de woonfunctie - voor zover het aantal woningen niet is gemaximeerd - beperkt tot panden waarin reeds één of meer legale bestaande woningen aanwezig zijn. In die panden wordt dan nog maximaal één woning per bouwlaag toegestaan. Binnen andere bestemmingen, zoals een horeca- of detailhandelsbestemming waarbinnen een bepaalde vorm van wonen is toegestaan, wordt ook slechts nog wonen toegestaan voor zover | bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 9

reeds één of meer legale bestaande woningen aanwezig zijn. In die panden wordt dan ook nog maar maximaal één woning per bouwlaag toegestaan. Omzetting van bestaande grondgebonden woningen naar gestapelde woningen wordt uitgesloten, voor zover de geldende bestemmingsplannen daar niet in voorzien. Voor bestaande gestapelde woningbouw wordt het aantal woningen beperkt tot maximaal één per bouwlaag. Bestaande legale gestapelde woningbouwcomplexen waarin meer dan één woning per bouwlaag aanwezig is, worden niet onder het overgangsrecht gebracht. Voor dergelijke complexen mogen de bestaande woningaantallen (bij herbouw) worden gehandhaafd. Voorgaande uitgangspunten gelden niet voor bedrijfswoningen.

Binnen onderhavig bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo is geen andere reguliere woonfunctie dan de bedrijfswoning opgenomen; voor elke andere bestemming geven de regels exact aan wat hier is toegestaan en is het niet mogelijk om panden te her in te delen zodat sprake is van meerdere woningen. Van onbenutte plancapaciteit is hier ook geen sprake.

1.4.2.2 Parapluplan kamerbewoning Dit parapluplan voorziet in één eenduidige regeling voor het toestaan van kamerbewoning aan maximaal twee personen met betrekking tot de bestemming wonen voor alle digitale bestemmingsplannen binnen onderhavig plangebied om zo meer grip te krijgen op overbewoning en daarmee op de leefbaarheid in de wijken. Hiermee wordt beoogd om één uniforme regeling op te nemen voor de gehele gemeente Venlo. Voor die regeling worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: a. In plannen waarin expliciet een regeling ten aanzien van kamerbewoning is opgenomen voor maximaal 4 kamers, 4 personen, dan wel 4 huishoudens, is deze regeling beperkt tot maximaal 2 personen per woning, naast de bewoning door de rechthebbende (eigenaar/hospita). Dit geldt zowel voor woonbestemmingen als bredere bestemmingen, zoals centrum- en gemengde bestemmingen. b. Bestaande, legale situaties waarin kamerbewoning plaatsvindt door meer dan 2 personen zijn gerespecteerd. Aan de term 'bestaand' is als peildatum het moment van inwerkingtreding van dit parapluplan gekoppeld. Onder 'legaal' wordt verstaan: overeenkomstig het voorheen geldende bestemmingsplan, dan wel op basis van een daartoe strekkende omgevingsvergunning. c.

Aan bestemmingsplannen waarin geen expliciete regeling voor kamerbewoning is opgenomen binnen de woonbestemming, maar die dat impliciet wel mogelijk maakten door 'wonen' in algemene zin toe te staan, is nu wel een expliciete regeling toegevoegd (tot maximaal 2 personen). Dat geldt ook voor andere bestemmingen, waarbinnen woningen zijn toegestaan, voor zover geen sprake is van een bedrijfswoning, woonwagen of en woning op een bedrijventerrein. d. In plannen waarin een expliciet verbod op kamerbewoning is opgenomen blijft kamerbewoning uitgesloten. In die plangebieden kan altijd met een omgevingsvergunning alsnog kamerbewoning worden toegestaan, mits wordt voldaan aan het actuele beleid. Binnen onderhavig bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo is 'wonen in algemene zin' in het geheel niet toegestaan, zodat zich het probleem van kamerbewoning zich niet voordoet. Indien middels een omgevingsvergunning in afwijking van de gebruiksregels tóch

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 1 0

kamerbewoning als bijzondere woonvorm wordt aangevraagd, dan zal altijd voldaan moeten worden aan het actuele ruimtelijke en volkshuisvestelijke beleid.

1.5

Leeswijzer

Deze toelichting bestaat uit de volgende delen. Na deze inleiding volgt hoofdstuk 2 met een beschrijving van het plangebied. In hoofdstuk 3 wordt het plan getoetst aan het geldende ruimtelijke beleid. Hoofdstuk 4 bevat een beschrijving van de te regelen ruimtelijke ontwikkeling zelf. Vervolgens geeft hoofdstuk 5 inzicht in de relevante milieu-planologische aspecten. De uitvoerbaarheid is neergelegd in hoofdstuk 6 en ten slotte de juridische toelichting in hoofdstuk 7.

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 1 1

Hoofdstuk 2 Beschrijving van het plangebied 2.1

Algemeen

In dit hoofdstuk wordt de ligging van het plangebied op gemeentelijk niveau en de feitelijke situatie van het plangebied beschreven. Ook wordt er ingegaan op de aanwezige ruimtelijk-functionele structuur van het plangebied en omgeving.

2.2

Ruimtelijke en functionele structuur

Het plangebied is gelegen aan de hoek Nijmeegseweg-Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat te Venlo, kadastraal bekend gemeente Venlo, sectie A nummers 7561, 7584, 7585, 4198, 6307 en 2367 (totaal circa 9,2 ha)en wordt aan drie zijden omringd door de bedrijventerreinen Veegtes en Noorderpoort. Het gebied is bekend als Albertushof. Oorspronkelijk was Albertushof, ook wel Hendrikkenhof genoemd, een 19e-eeuwse boerderij. De boerderij werd omstreeks 1905 door de paters Dominicanen gekocht als buitenverblijf voor hun studenten. In januari 1939 werd er het missiehuis van de Zusters Dominicanessen in ondergebracht. Vanuit de oude hoeve vertrokken circa zestig zusters naar de missie in Zuid-Afrika. Daarnaast startten de zusters in Venlo in 1962 een kinderdagverblijf: de Stichting Albertuskleuterhof. Uit deze stichting ontstond in 1965 de Stichting Kindervreugd voor de opvang van verstandelijk gehandicapte kinderen. Momenteel is de hoeve omgebouwd tot een restaurant (Galerie De Hoeve) en rond 1968 is er een nieuw klooster gebouwd. Het omliggend perceel bestaat uit een bos, een tuin, een groentetuin, jonge aanplant, een in slechte staat verkerend (en inmiddels gesloopte) voormalig kinderdagverblijf, braakliggend terrein, enkele paardenweiden en een stuk landbouwgrond waar mais op werd verbouwd. In het bestaande bosgebied is het kerkhof van de congregatie en een Mariagrot gesitueerd.

Galerie De Hoeve valt buiten het te ontwikkelen project, maar zal wel als bestaande en te behouden accommodatie bij de uitvoering van het project betrokken worden. De overzichtsfoto met het plangebied rood omkaderd, ziet er als volgt uit:

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 1 2

Figuur: luchtfotomet plangebied

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 1 3

Figuur: foto's bestaande situatie

Ten noordwesten van het plangebied bevindt zich Océ, ingeklemd tussen de Maas, A67 en de Nijmeegseweg. Sinds de jaren ’70 van de vorige eeuw heeft Océ een sterke groei doorgemaakt. Aan de Nijmeegseweg (aan de zuidzijde grenzend aan het plangebied) is de Veiligheidsregio Limburg-Noord gevestigd. Hier bevinden zich onder andere de regionale brandweer, de Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de regio (GHOR), de Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD) en een opleidingscentrum met een oefenlocatie voor brandpreventie en brandbestrijding.

Het plangebied bevindt zich in de uiterste noordwestelijke hoek van bedrijventerrein Veegtes. Met de ontwikkeling van het bedrijventerrein Veegtes werd gestart in 1950 door de aanleg van de L.J. Costerstraat. De overige straten werden in 1962 aangelegd, met uitzondering van de Simon Stevinstraat (1967/1968) en de Buys Ballotstraat (1968). Op het bedrijventerrein Veegtes zijn ongeveer 140 bedrijven gevestigd met in totaal ongeveer 3500 werkzame personen. Er bevinden zich met name bedrijven in de sectoren industrie, groot- en tussenhandel, reparatie en bouw. Ook komen er logistieke bedrijven voor, naast meer publiekgerichte bedrijven (onder andere aan de Winkelveldstraat). Binnen het gebied is sprake van een zeer sterke menging van genoemde bedrijfstypen. Van clustering of concentratie is geen sprake. Noorderpoort (ten noorden van het plangebied) is een hoogwaardig kantoren- en bedrijvenpark gelegen tegen de A67. Aan de westrand van het terrein op zichtlocaties aan de Nijmeegseweg, liggen kantoorgebouwen terwijl het achterliggende deel van het bedrijvenpark een mix van functies kent waaronder ook kleinschalige, maar hoogwaardige industriële productie. Het terrein heeft een hoogwaardig karakter door de groene, rustige uitstraling. De bedrijven op het terrein verzorgen in totaal circa 700 arbeidsplaatsen.

Meer dan de helft van de werkgelegenheid wordt ingenomen door de dienstverlening. De overige werkgelegenheid is verdeeld over de sectoren; handel/ horeca, transport/communicatie en industrie.

De ontsluitingsstructuur van de bedrijventerreinen (Océ, Noorderpoort, Veegtes) vindt primair plaats via de A67, van waaruit via de Nijmeegseweg de diverse bedrijventerreindelen benaderd kunnen worden

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 1 4

Hoofdstuk 3 Beleid 3.1

Inleiding

Dit hoofdstuk geeft een beeld van de randvoorwaarden die vanuit het beleid gelden betreffende onderhavige ontwikkeling. De beleidskaders zijn op verschillende schaalniveaus beschreven. Aan bod komen het rijks-, provinciaal - en het gemeentelijk beleid.

3.2

Rijksbeleid

3.2.1

Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte

Nederland concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig. Daar streeft het Rijk naar met een krachtige aanpak die ruimte geef aan regionaal maatwerk, de gebruiker voorop zet, investeringen scherp prioriteert en ruimtelijke ontwikkelingen en infrastructuur met elkaar verbindt. Dit doet het Rijk samen met andere overheden en met een Europese en mondiale blik. Bij deze aanpak hanteert het Rijk een filosofie die uitgaat van vertrouwen, heldere verantwoordelijkheden, eenvoudige regels en een selectieve rijksbetrokkenheid. Zo ontstaat er ruimte voor maatwerk en ontwikkelingen van burgers en bedrijven. In deze structuurvisie schetst het Rijk ambities voor Nederland in 2040: een visie hoe Nederland er in 2040 voor moet staan. Deze structuurvisie geeft een nieuw, integraal kader voor het ruimtelijk en mobiliteitsbeleid op rijksniveau en vormt de 'kapstok' voor bestaand en nieuw rijksbeleid met ruimtelijke consequenties. Het Rijk is verantwoordelijk voor een goed systeem van ruimtelijke ordening inclusief zorgvuldige, transparante ruimtelijke en infrastructurele besluiten. Bij nieuwe ontwikkelingen, aanleg en herstructurering moet in elk geval aandacht zijn voor de gevolgen voor de waterhuishouding, het milieu en het cultureel erfgoed. Deze aspecten zullen in paragraaf 5.3, respectievelijk paragraaf 5.2 en 5.7 aan de orde komen.

Onderhavig plan heeft geen invloed op de beschreven doelen die het Rijk nastreeft.

3.2.2

Ladder duurzame verstedelijking

Op 1 juli 2017 is het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) gewijzigd, waarbij een nieuwe Laddersystematiek geldt. De Laddertoets moet worden uitgevoerd wanneer er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. In artikel 1.1.1 onder i van het Bro is een nadere omschrijving van het begrip stedelijke ontwikkeling vastgelegd. Als stedelijke ontwikkeling wordt genoemd: 'ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.' In het Bro is geen ondergrens voor de minimale omvang vastgelegd. Of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van de ontwikkeling in relatie tot de omgeving. Gelet op de omvang van onderhavige deelprojecten is er duidelijk sprake van een stedelijke ontwikkeling. Als een stedelijke ontwikkeling in bestaand stedelijk gebied ligt en voorziet in een behoefte dan is voldaan aan de Ladder (aldus de Afdelingsuitspraak ABRvS 20 januari 2016; | bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 1 5

ECLI:NL:RVS:2016:125). In betreffende casus was aan de gronden in het plangebied in het voorheen geldende bestemmingsplan de bestemming "Groenvoorzieningen" toegekend. De gronden waren onder meer bestemd voor groenvoorzieningen, speelvoorzieningen en voet- en fietspaden. Gelet op de ligging aangrenzend aan de woonbebouwing, gaat het hier om stedelijk groen, behorend bij een bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing. Derhalve is het plangebied bestaand stedelijk gebied in de zin van artikel 1.1.1, eerste lid, aanhef en onder h, en artikel 3.1.6, tweede lid, aanhef en onder b, van het Bro.

Behoefte aan huisvestingslocatie binnen het verzorgingsgebied De regio Noord-Limburg heeft Etil Research Group (Etil) gevraagd een onderzoek uit te voeren naar de hoeveelheid internationale werknemers die Noord-Limburg de komende vijf jaar kan verwachten en in welke sectoren, gelet op de arbeidsmarktsituatie (rekening houdend met de vraag naar arbeidskrachten en de wijze waarop de regio hierin zelf kan voorzien). E.e.a met een doorkijk naar de situatie in 2030. De Nederlandse economie is met groeicijfers van 3,2% (2018) en 2,7% (2019) op stoom. De economische hoogconjunctuur heeft tot gevolg dat de arbeidsmarkt krapper wordt. De werkloosheid in Nederland daalt in 2019 naar het laagste niveaus sinds 2001, 3.5%. Ook op de arbeidsmarkt in Noord-Limburg zijn de gevolgen van de aantrekkende economie duidelijk zichtbaar: toename arbeidsmarktspanning en een toename van het percentage bedrijven dat door een tekort aan arbeidskrachten belemmeringen ervaart in de bedrijfsvoering. In de prognose periode 2017-2022 is het aantal baanopeningen groter dan de instroom van schoolverlaters. Afhankelijk van de realisatie van de economische ambities van de regio Noord-Limburg is er eind 2022 sprake van een personeelstekort van 7.500 tot 12.500 werkzame personen. De instroom van internationale werknemers is een belangrijke optie om het in 2022 verwachte personeelstekort mede op te lossen.

Etil en het CBS constateren dat er eind 2022 in Noord-Limburg behoefte is aan 1100 tot 4800 extra internationale werknemers (t.o.v. het jaar 2017). Verder doorkijkend dan het jaar 2022 nemen de onzekerheden rondom de toekomstige behoeftes van de arbeidsmarkt en daarmee samenhangende tekorten toe. Het CPB gaat in zijn laatste lange termijnverkenning (Toekomstverkenning welvaart en leefomgeving, 2015) ervan uit dat de economische groei in Nederland tot het jaar 2030 tussen de 1%-2% bedraagt en dat er gedurende deze periode sprake is van een (beperkte) toename van de werkgelegenheid. Aanvullend zorgen de extra investeringen door de regio er voor dat er ook gedurende de periode 2022-2030 extra werkgelegenheid gecreëerd (ongeveer 5.000 extra arbeidsplaatsen) wordt. Ondanks dat het lastig is uitspraken te doen over de omvang van de benodigde instroom van internationale werknemers, zal - volgens het Etil-onderzoek - de vraag naar internationale werknemers gedurende de periode 2022-2030 zeker blijven bestaan. De onzekere factor bij het vaststellen van de hoogte van de benodigde instroom van internationale werknemers is het effect van de technologische ontwikkelingen. De extra vraag is met name gekoppeld aan de ontwikkelingen in de Greenport en heeft hiermee een sterke link met de Greenportgemeenten.

Gesprekken met bedrijven, huisvesters en uitzendbureaus wijzen er op dat dit een realistische inschatting is van de vraag. Om een substantiële bijdrage te leveren om het tekort op te lossen is de doelstelling voor Venlo om 3000 bedden te realiseren voor 2025.

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 1 6

Op basis van het Etil-onderzoek - dat is uitgevoerd op basis van de methodiek van de Ladder voor duurzame verstedelijking - kan geconcludeerd worden dat de beoogde ontwikkeling voor het tijdelijke huisvesten van internationale werknemers voorziet in een duidelijke behoefte en dat er geen sprake is van onaanvaardbare effecten op de leegstand dan wel het werk-, woon- en leefklimaat in de regio. Er is zeker sprake van een economische opgave: voorkomen dat een gebrek aan huisvesting een remmende factor is bij het aantrekken van personeel en daarmee voor economische groei en ontwikkeling. De effecten van de onderhavige ontwikkeling zijn per saldo als positief te beoordelen, omdat niet dan wel slecht gehuisveste mensen een (tijdelijke) verblijfplaats krijgen die voldoet aan de hedendaagse eisen qua inrichting, comfort en veiligheid.

Toetsing aan het beleid Het concrete project voldoet aan de uitgangspunten en voorwaarden voor een goede huisvesting voor internationale werknemers conform het Beleidskader huisvesting internationale werknemers (short stay) Venlo.

Aanvaardbaarheid van de effecten De ontwikkeling heeft duidelijke positieve effecten op het woon-, leef-en ondernemersklimaat in de regio. Veel internationale werknemers wonen nu in vakantieparken (ten koste van de recreatieve capaciteit c.q. uitstraling), op locaties zonder woonbestemming (bijvoorbeeld agrarische bedrijven) en/of in onveilige accommodaties. Behalve dat daarbij vaak sprake is van een planologisch ongewenste situatie, leiden deze woonvormen soms tot ongewenste effecten op de omgeving (overlast, samenscholing, geluidsoverlast, zwerfvuil, etc.) en moeten deze internationale werknemers relatief grote afstanden overbruggen tot winkels, scholen en andere voorzieningen. Daarbij komt dat de internationale werknemers van groot en groeiend belang zijn voor de economische bedrijvigheid in de regio Venlo. Er moet derhalve passende huisvesting worden geboden, die voldoet aan de hedendaagse eisen qua locatie, inrichting, privacy, comfort en veiligheid.

Conclusie De beoogde nieuwe, tijdelijke huisvesting van internationale werknemers in de vorm van een verblijfsgebouwen ten behoeve van maximaal 768 internationale werknemers, wordt vanuit de doelstellingen en kaders van de Ladder voor duurzame verstedelijking positief beoordeeld. Er is ruim voldoende regionale behoefte aanwezig, zowel vanuit kwalitatief als kwantitatief perspectief en er is geen sprake van onaanvaardbare effecten.

Behoefte aan uitvaartcentrum binnen het verzorgingsgebied Doordat de babyboomers de pensioengerechtigde leeftijd gaan bereiken zal het aantal ouderen in onze samenleving snel toenemen. In 2012 was nog 2,7 miljoen (16%) van de Nederlanders 65 jaar of ouder. De verwachting is dat hun aantal zal blijven groeien naar 4,7 miljoen (26%) in 2040 en dat dit aantal ouderen tot 2060 gelijk zal blijven. Hierna zal hun aantal weer afnemen. Met het stijgen van het aantal ouderen neemt ook het aantal sterfgevallen toe. Om deze reden wordt | bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 1 7

ook onderzocht in hoeverre het resomeren in Nederland binnen de mogelijkheden van de Wet op de lijkbezorging kan worden gebracht. Een resomeercentrum biedt, naast het resomeren an sich, ook de mogelijkheden die een uitvaartcentrum kent; in zoverre is de switch van het resomeercentrum naar een uitvaartcentrum neutraal ten aanzien van de behoefte aan begeleiding voor en na een uitvaart. Ook is een trend waar te nemen dat als gevolg van de ontkerkelijking men eerder kiest voor een uitvaartbijeenkomst in een uitvaartcentrum dan in kerkgebouwen met een kerkdienst. Uit cijfers van Kaski, onderzoekscentrum voor religie en samenleving, blijkt dat in de jaren ’90 nog ongeveer 70% van de uitvaarten kerkelijk was. In 2020 lag dit percentage rond de 30%, en inmiddels gaat het naar schatting om slechts 20-25%. Ook het CBS laat een duidelijke trend zien: in 2022 gaf slechts 33% van de Nederlanders aan zich nog verbonden te voelen met een kerk of religieuze gemeenschap. Dit verklaart waarom het aantal kerkelijke begrafenissen en kerkelijke crematies zo sterk is afgenomen.

Volgens de cijfers van het CBS sterven er in Venlo gemiddeld 10,5 mensen per 1000 inwoners. Op een bevolking van 103.984 personen (per 1-1-2025) zijn het jaarlijks afgerond 1040 personen die komen te overlijden en waarvoor een uitvaart geregeld moet worden. Het aantal uitvaartcentra in Venlo bedraagt 7 stuks, varierend van ZZP'ers tot de grote organisaties. Het aantal uitvaartorganisaties (groot en klein) in Nederland is in de loop van de jaren forser gestegen in vergelijking met het aantal uitvaarten. Onderstaand is de situatie in heel Nederland in 2014 en 2024 vergelijken met de Venlose situatie: jaartal

sterfgevallen per jaar (uit: CBS)

aantal uitvaartcentra (uit: KvK)

gemiddeld aantal uitvaarten per uitvaartcentrum

Nederland

2014

139.223

1867

74

Nederland

2023

169.526

2991

56

Venlo

2024

997

7

142

Hieruit kan duidelijk worden geconcludeerd dat het gemiddeld aantal uitvaarten per uitvaartcentrum binnen de gemeente Venlo substantieel groter is dan gemiddeld in Nederland. Door toevoeging van een uitvaartcentrum aan de Hakkesstraat, zou het aantal uitvaarten per centrum nog steeds bovengemiddeld zijn. Aanvullend op de Nederlandse inwoners waarvoor een uitvaart geregeld moet worden, kiezen ook Duitsers uit de grensregio er steeds vaker voor om de Nederlandse grens over te steken voor een crematie en bijbehorende afscheidsdienst in Nederland. De keuze om een overledene in Nederland te cremeren wordt vooral beïnvloed door de verschillen in wetgeving en cultuur. Een van de belangrijkste verschillen tussen Nederland en Duitsland op het gebied van cremeren betreft de opbaartermijn: waar een lichaam in Nederland tot zes dagen thuis mag worden opgebaard, mag dit in Duitsland slechts maximaal 36 uur. Daarnaast is het in Nederland gebruikelijk om een persoonlijke plechtigheid in het crematorium te houden. Nabestaanden kunnen bovendien mee tot in de ovenruimte. In Duitsland zijn beide zaken doorgaans niet mogelijk; een eventuele afscheidsdienst kan dan pas na afloop van de crematie worden gehouden, met een urn voor in de kerk. Sommige Duitsers vinden dit kil en afstandelijk en kiezen daarom voor een crematie in Nederland, inclusief plechtigheid.

In Nederland kunnen nabestaanden er bovendien voor kiezen om na afloop van de crematie de urn mee naar huis te

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 1 8

nemen, de as ergens uit te strooien of in een sieraad te verwerken. In Duitsland is dit niet toegestaan. Landelijk heerst hier 'Friedhofszwang': alle stoffelijke resten, dus ook as, dienen binnen zes weken op een begraafplaats begraven of bijgezet te worden in de urnenmuur. Het uitstrooien van de as is alleen toegestaan op begraafplaatsen waar de statuten dit toestaan. Het verwerken van de as in een sieraad mag alleen worden geregeld door de begrafenisondernemer. De algehele conclusie is, dat hiermee de behoefte aan een extra uitvaartcentrum kan worden onderbouwd. Hiermee wordt derhalve voldaan aan de ladder voor duurzame verstedelijking.

3.2.3

Besluit en Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Barro en Rarro)

In het Barro zijn een aantal onderwerpen opgenomen waarvoor het rijk uit het oogpunt van de nationale belangen in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte ruimtelijke regels stelt: rond rijksvaarwegen wordt ruimte geborgd voor de veiligheid van scheepvaart; rond de Maastakken wordt ruimte gereserveerd voor toekomstige rivierverruiming; rond verschillende hoofdwegen en op enkele locaties wordt ruimte gereserveerd voor toekomstige uitbreiding van het hoofdwegennet en hoofdspoorwegennet; op verschillende locaties wordt ruimte gereserveerd voor (kern)energiecentrales en zones onder hoogspanningsverbindingen worden gevrijwaard; de provincies wordt opgedragen de ecologische hoofdstructuur te beschermen; primaire waterkeringen buiten het kustfundament krijgen ruimtelijke bescherming; in het IJsselmeer wordt verstedelijkingsruimte beperkt mogelijk gemaakt; het erfgoed van de Stelling van Amsterdam, de Beemster, de Nieuwe Hollandse Waterlinie en de Romeinse Limes worden ruimtelijk beschermd; rond militaire radarposten worden voorwaarden gesteld aan windmolens en hoge bebouwing. Voor een aantal van de genoemde Barro-onderwerpen, waaronder de uitbreiding van het hoofdwegennet, het hoofdspoorwegennet en de militaire radars, geldt dat de regels worden uitgewerkt in de Rarro.

Op onderhavig project werken geen van de in het Barro genoemde rijksbelangen rechtstreeks door.

3.3

Provinciaal beleid

3.3.1

Provinciale Omgevingsvisie Limburg

De Omgevingsvisie is een strategische en lange termijn (2030-2050) visie op de fysieke leefomgeving en beschrijft onderwerpen zoals wonen, infrastructuur, milieu, water, natuur, landschap, bodem, ruimtelijke economie, luchtkwaliteit en cultureel erfgoed. Daarnaast worden ook de aspecten gezondheid en een gezonde leefomgeving in de Omgevingsvisie meegenomen. In de Omgevingsverordening legt de Provincie regels vast voor onder meer natuur, milieu, (grond-) water, ontgronding, wegen, ruimte (verstedelijking, woon- en werklocaties, agrarische bedrijven). De Omgevingsvisie is op 1 oktober 2021 door Provinciale Staten vastgesteld. In deze Omgevingsvisie wordt onder andere geconstateerd dat er behoefte is aan passende, en

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 1 9

mogelijk tijdelijke, huisvesting voor internationale werknemers en dat deze internationale werknemers geholpen moeten worden met geschikte huisvesting, integratie en onderwijs. Het verdient aandacht om een waardige en passende huisvestingsstrategie voor de (tijdelijke) internationale werknemers te faciliteren, die in de pas moet lopen met de keuzes voor de economische focus van de regio. De maatschappelijke acceptatie verdient hierin expliciet aandacht.

3.3.2

Omgevingsverordening Limburg

Met de komst van de Omgevingswet is een nieuwe omgevingsverordening nodig die past binnen de kaders en het instrumentarium van de Omgevingswet. Hoewel de Omgevingsverordening Limburg (2021) hoofdzakelijk een beleidsneutrale omzetting van de Omgevingsverordening Limburg 2014 is, staan er enkele nieuwe of inhoudelijk aanmerkelijk gewijzigde onderwerpen in. Het gaat hier om instructieregels aan gemeenten op het gebied van wonen, zonne-energie, na-ijlende effecten van de steenkoolwinning en huisvestingsnormen voor internationale werknemers. Deze nieuwe en gewijzigde onderdelen vinden hun oorsprong in het ontwerp van de Omgevingsvisie Limburg. Op 17 december 2021 hebben Provinciale Staten de Omgevingsverordening Limburg (2021) vastgesteld.

In artikel 12.11 ('Instructieregel toepassing SNF-normen huisvesting internationale werknemers') is ten aanzien van de huisvesting van internationale werknemers het volgende bepaald: Bij de vaststelling van een omgevingsplan dat voorziet in een functie die de tijdelijke of permanente huisvesting van internationale werknemers toestaat houdt het gemeentebestuur rekening met de normenset voor huisvesting van internationale werknemers voor het register van de Stichting Normering Flexwonen.

Deze instructieregel is in onderhavig bestemmingsplan vertaald in artikel 6.5.3 van de planregels, waarin direct verwezen wordt naar de normenset van het SNF.

3.3.3

Beleidsnotitie huisvesting internationale werknemers

In de beleidsnotitie huisvesting internationale werknemers 2016 worden de algemene uitgangspunten benoemd voor de tijdelijke huisvesting van internationale werknemers in de provincie Limburg. Kort en bondig zijn dit de volgende: Als algemeen uitgangspunt geldt het provinciale beleid zoals verwoord in het Provinciaal Omgevingsplan 2014. Voor alle huisvestingskosten geldt als basisvereiste dat tenminste wordt voldaan aan de eisen zoals opgenomen in het Bouwbesluit. Het is wenselijk dat bij plannen voor huisvesting van internationale werknemers ook een huisvestingsnorm gehanteerd wordt, zoals de uniforme huisvestingsnorm geformuleerd door Stichting Normering Flexwerken (SNF). Met betrekking tot het beheer van huisvestingslocaties dienen afspraken gemaakt en geborgd te worden tussen de gemeente en verhuurder.

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 2 0

Huisvesting van internationale werknemers moet zoveel mogelijk plaatsvinden in of nabij bestaand bebouwd gebied van steden of dorpen. Nieuwbouw buiten de reguliere woningvoorraad ten behoeve van de huisvesting van internationale werknemers is uitgesloten, tenzij het gaat om transformatie van bestaande bebouwing (sloop en vervolgens nieuwbouw op dezelfde plek). Huisvesting op recreatieterreinen is conform Omgevingsverordening Limburg 2014 niet toegestaan. Uitzondering hierop is huisvesting van internationale werknemers voor de duur van maximaal 10 jaar op óf te saneren recreatieterreinen óf te revitaliseren recreatieterreinen. Dit is tijdelijk mogelijk onder voorwaarde dat een deel van de inkomsten wordt gebruikt om de sanering of revitalisering te bekostigen. Deze voorwaarde is geborgd in de Omgevingsverordening Limburg 2014. Huisvesting van internationale werknemers kent de volgende prioritering: 1. Huisvesting binnen de reguliere woningvoorraad in of nabij bestaand bebouwd gebied van steden en dorpen. 2. Huisvesting binnen de bestaande (eventueel te saneren of transformeren) bebouwing in of nabij bestaand gebouwd gebied van steden en dorpen, indien optie 1 niet binnen de regio voorhanden is. 3. Huisvesting op bestaande (te saneren of te revitaliseren) recreatieterreinen, indien optie 1 en 2 binnen de regio niet voorhanden zijn. 4.

Bij uitzondering huisvesting in tijdelijke woonunits, indien optie 1,2 en 3 binnen de regio niet voorhanden zijn. Indien huisvesting in de reguliere woningvoorraad niet mogelijk blijkt, moet onderzocht worden of er bestaande bebouwing in of nabij bestaand bebouwd gebied van steden en dorpen beschikbaar is die geschikt gemaakt kan worden voor bewoning. Pas als blijkt dat dit ook geen mogelijkheden biedt, kan onder goede motivering per specifiek geval uitgeweken worden naar (te saneren of te revitaliseren) recreatieterreinen. Als blijkt dat huisvestingsmogelijkheden in optie 1, 2 en 3 binnen de regio niet voorhanden zijn, kan bij uitzondering uitgeweken worden naar tijdelijke woonunits.

In casu is initiatiefnemer in bezit van het SNF-keurmerk en worden de short-stay internationale werknemers binnen het plangebied ten minste conform de normen van SNF gehuisvest. Tevens is, in overleg met het bevoegd gezag, voorzien in 24/7 beheer van de huisvestingslocatie. De locatie is gevonden binnen het bestaand bebouwd gebied, voorzien van een zeer goede ontsluiting nabij de grotere uitvalswegen, maar ook op korte (loop)afstand van de primaire voorzieningen (eerste levensbehoeften). Voor de short-stay huisvesting van 768 internationale werknemers is in alle redelijkheid geen locatie te vinden waarbij volstaan kan worden met 'transformatie binnen bestaande bebouwingsmassa's'. Om te voorzien in accommodaties voor deze aantallen, welke ook nog moeten voldoen aan onder andere SNF-normen, duurzaamheidsaspecten en draagvlak, zal omwille van de financiële haalbaarheid nieuw gebouwd moeten worden. Een locatie waarop een in verval geraakt gebouw aanwezig was dat hiertoe inmiddels is gesloopt, en gelegen binnen het bestaand bebouwd gebied is in dergelijke situatie het best haalbare.

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 2 1

3.4

Regionaal beleid

3.4.1

Regionale Woonvisie Noord-Limburg

Op 23 september 2020 heeft de gemeente Venlo de nieuwe Regionale Woonvisie Noord-Limburg 2020-2024 vastgesteld. Deze woonvisie geeft richting aan het woonbeleid voor de komende 4 jaar. Het is de 2e visie die door de 8 Noord-Limburgse gemeenten in gezamenlijkheid is opgesteld. In deze visie wordt teruggekeken naar de vorige visie: waar komen we vandaan en wat willen we meenemen naar de nieuwe visie. En zijn er ook zaken die veranderd zijn? Het 'wonen' is steeds meer verweven met andere beleidsvelden in het economische én het sociaal domein. In het hoofdstuk 'analyse: trends en ontwikkelingen' wordt aangegeven wat de huishoudensontwikkeling is. Demografie blijft immers een belangrijke onderlegger voor het woonbeleid. Prognoses geven een handvat om in te spelen op de toekomstige ontwikkeling van onze bevolking. Hierbij gaat het zeker niet alleen om aantallen, maar ook om de samenstelling van onze bevolking. Uit de analyse die inzicht geeft in de sterke en zwakke segmenten van de woningvoorraad, blijkt dat de aandacht met name moet uitgaan naar de bestaande voorraad. Ook zijn allerlei trends en ontwikkelingen die de context waarbinnen wordt gewerkt, beïnvloeden en de druk op de leefbaarheid vergroten. Denk hierbij aan grote ontwikkelingen zoals de energietransitie en de vergaande extramuralisering van de zorg.

Vanuit deze analyse is er dan ook een aantal opgaven dat kan worden samengevat in: Mismatch woningbehoefte en woningvoorraad: Het gaat hierbij om zowel de bestaande woningvoorraad, als nieuwbouw. Er wordt geconstateerd dat de samenstelling van onze bevolking verandert. Men wordt ouder en er is een grote toename van het aantal 1-persoonshuishoudens. Dit brengt een andere woonvraag met zich mee. Deze vraag sluit maar deels aan op wat we in de bestaande voorraad hebben. De opgave ligt dan ook bij het aanpassen van de bestaande voorraad. De nieuwbouw die wordt toegevoegd dient toegespitst te worden op de toekomstige woningbehoefte. Hierbij wordt nog meer dan voorheen gekeken naar de kwalitatieve vraag en het bevorderen van de doorstroming op de regionale woningmarkt. Bij nieuwbouw is de kwalitatieve toets daarom leidend en in mindere mate de kwantitatieve toets. Zoektocht om alle doelgroepen een plek te geven binnen onze woningmarkt: In onze regio komen verschillende doelgroepen nadrukkelijker naar voren. Die moeten allemaal een plek krijgen binnen onze woningmarkt en maatschappij. Denk hierbij aan zorgdoelgroepen (vanuit beschermd wonen naar de reguliere woningmarkt) en internationale werknemers die zich hier voor langere tijd willen vestigen. Voor een deel zijn bijzondere doelgroepen afhankelijk van de sociale huursector. De druk op dit segment lijkt dan ook toe te nemen.

Niet alleen qua aantallen, maar juist door een concentratie van mensen die door allerlei oorzaken hun weg maar moeilijk kunnen vinden in onze maatschappij. Dit brengt druk op de leefbaarheid met zich mee. Toets aan regionale Woonvisie: De uitgangspunten van deze woonvisie betreffen: Toevoegen van woningen in principe alleen in de kernen Koppelkansen Toevoegen van woningen leidt niet tot het vergroten van het kwetsbare woningoverschot Het type toe te voegen woning moet passen binnen de kwalitatieve behoefte We streven sociaal duurzame woonconcepten na We zoeken aansluiting op de duurzaamheidsdoelen die landelijk, regionaal en lokaal gesteld

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 2 2

zijn In paragraaf 3.5.3 zal blijken op welke wijze in Venlo bijzondere aandacht uitgaat naar huisvestingslocaties voor internationale werknemers en hoe onderhavig initiatief pas in dit gemeentelijk beleid.

3.5

Gemeentelijk beleid

3.5.1

Strategische Visie Venlo 2030

De Strategische Visie Venlo 2030 vormt een afwegingskader op basis waarvan toekomstige besluiten kunnen worden afgewogen en nieuwe ontwikkelingen binnen breder perspectief kunnen worden geplaatst. In de Visie is vastgelegd hoe Venlo zich tot 2030 zal moeten ontwikkelen. Er zijn vijf thema's gekozen waarvoor een analyse voor het jaar 2010 is uitgevoerd en waarvoor de ambities voor het jaar 2030 zijn geformuleerd. Het betreft de volgende thema's: Stad van actieve mensen Innovatieve en excellente stad Venlo internationaal Centrum van de Euregio: hoofdstad en vitaal hart Veelzijdige stad in het groen In deze thema's komen individuele ontplooiing en participatie, innovatiekracht en een aantrekkelijk woonklimaat naar voren, als zijnde de belangrijkste karakteristieken voor de toekomst.

Venlo zet in op doorontwikkeling en innovatie van de economische speerpunten. De crux van de ontwikkeling schuilt in de netwerkvorming: het bijeenbrengen van bedrijven uit dezelfde en verschillende branches, intermediaire organisaties, kennisinstituten en onderwijsinstellingen, met het doel te komen tot ketenvorming. De gemeente faciliteert dit proces en is platform voor de communicatie tussen netwerkpartners. Naast productinnovatie vindt procesinnovatie plaats, waarbij met name gebruik gemaakt wordt van ketenvorming. Daarnaast kiest Venlo voor de ‘quality of life’ door fors te investeren in aanpalende vestigingsplaatsfactoren: Door de combinatie van een kwalitatief hoogwaardige binnenstad en een prachtige natuurlijke omgeving met uitstekende verbindingen maakt de stad en de regio zeer aantrekkelijk voor de eigen inwoners, maar ook voor nieuwkomers en toeristen. Educatie en kwalificatie van de beroepsbevolking zijn, naast het aantrekken van kenniswerkers van buiten de regio, speerpunt. Regionale arrangementen tussen onderwijs en bedrijfsleven stuwen de economische ontwikkeling. Een gedetailleerde kennis van de (Eu-) regionale arbeidsmarkt leidt tot een betere aansluiting van arbeidsvraag en -aanbod. De samenleving is laagdrempelig voor nieuwkomers en waardeert en stimuleert de bijdragen die zij leveren aan de regionale economie en aan de gemeenschap.

Zonder verlies van identiteit verloopt integratie in de stedelijke samenleving soepel. Nieuwe gedifferentieerde woonmilieus sluiten aan bij de behoeften die er zijn binnen de groepen nieuwkomers. Binnen het verenigingsleven ontstaan door deze aanwas nieuwe initiatieven.

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 2 3

Deze visie geeft aan dat Venlo een grote rol ziet in ontwikkeling van bedrijfstakken en hierin een voortrekkersrol ziet. In die zin past het in deze visie om aan de Hakkesstraat een extra uitvaartcentrum te realiseren, nu hiertoe ook de behoefte wordt onderkend. Op het moment dat de Nederlandse wetgeving resomeren mogelijk maakt, zou in de toekomst nog altijd kunnen worden overwogen om het uitvaartcentrum hiermee uit te breiden; hiertoe zal dan een afzonderlijke planologische procedure dienen te worden gevolgd. Ook past het in deze visie dat nieuwkomers (in casu de short stay internationale werknemers) welkom worden geheten om de arbeidsvraag die de bedrijven in Venlo hebben te vervullen. Hiervoor wordt ook verwezen naar paragraaf 3.5.3.

3.5.2

Ruimtelijke Structuurvisie 2014

Op 25 juni 2014 heeft de gemeenteraad van Venlo de Ruimtelijke Structuurvisie Venlo vastgesteld. In de structuurvisie staat de hoofdlijn van het ruimtelijk beleid voor de gemeente Venlo beschreven. Hieruit is af te leiden wat er de komende jaren op ruimtelijk gebied wel en niet mogelijk is. De ruimtelijke structuurvisie is verdeeld in vijf thema's, de zogenaamde 'majeure opgaven'. Daarnaast zijn er drie aandachtspunten geformuleerd die op elke ruimtelijke beslissing van toepassing zijn, de 'basisprincipes'. Majeure opgaven: Drukte in het ommeland: het contrast tussen buitengebied en stedelijk gebied verscherpen door het buitengebied ook daadwerkelijk als buitengebied te behandelen. Dit betekent het combineren van meerdere functies, zoals landbouw, recreatie, waterberging en natuurontwikkeling. Ruimte in de stad: het contrast tussen buitengebied en stedelijk gebied door de beschikbare ruimte in bestaand stedelijk gebied maximaal te benutten. Leven met de Maas: ruimte geven aan de rivier en haar beken om te anticiperen op klimaatverandering. Voorzieningen op maat: zorgen voor vitale en toekomstbestendige voorzieningenclusters die aansluiten bij de reële behoefte van de samenleving. Robuuste structuren: werken aan een weerbare infrastructuur voor personen- en goederenvervoer. Daarnaast vraagt het gebruik van de ondergrond en het opwekken van schone energie steeds meer aandacht.

De uitbreidingsruimte van het stedelijk weefsel van stad en dorpen is begrensd door er een 'contour' omheen te trekken. Hierbuiten worden in principe geen stedelijke functies meer toegestaan. De contouren vormen de overgangen tussen het stedelijk gebied en het buitengebied. Deze contouren zijn stadsrandzones waarin de overgang van bebouwd gebied naar het (open) landschap wordt vormgegeven. Op veel plekken rondom het stedelijk gebied is er sprake van een logische begrenzing. Indien de cultuurhistorische kwaliteiten van een gebied een verdere verdichting van het landschap niet toelaten of verdragen, zijn deze gebieden buiten de contour gelaten. In het stedelijk gebied wordt gestreefd naar maximale benutting van de bestaande beschikbare ruimte, niet om een uitbreiding daarvan. In het stedelijk gebied is door tijdelijk gebruik, hergebruik, multifunctioneel gebruik en slim slopen nog voldoende ruimte aanwezig om nieuwe initiatieven een plaats te geven. Liever wil men bestaande woningen of gebieden aanpassen,

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 2 4

dan dat er wordt uitgebreid. Ook voor kantoren, bedrijfsruimte of winkels geldt dat het bestaande of al in ontwikkeling genomen aanbod voor lange tijd voldoende is. Hoewel bekend is dat hergebruik, herstructurering en transformatie complexer en vaak kostbaarder is dan nieuwbouw, benutten we de groeiende leegstand toch voor herontwikkeling. Ruimtes die weinig gebruikt worden, kunnen intensiever gebruikt worden, verouderde en verloederende (bedrijven)terreinen kunnen worden opgewaardeerd en ‘rotte plekken’ kunnen worden aangepakt. Absolute prioriteit ligt bij hergebruik en -ontwikkeling van waardevol cultureel en religieus erfgoed, zoals boerderijen, fabriekspanden, kloosters en kerken.

Ook wordt uitgegaan van drie basisprincipes: 1. Elk initiatief dat de uitgangspunten van Cradle to Cradle (C2C) als vertrekpunt hanteert, wordt beschouwd als kansrijker. 'Grondstoffen en fossiele brandstoffen worden schaars en duur. Overschakelen op nieuwe duurzame economische modellen is daarom essentieel. Wij onderstrepen de definitie van ruimtelijke kwaliteit als toekomstwaarde, belevingswaarde en gebruikswaarde en geloven dan ook in het concept C2C. Cradle to Cradle is een innovatief economisch concept dat uitgaat van het continu opnieuw gebruiken van materialen, het gebruiken van schone energie, zuiveren van lucht, water en bodem. Wij hebben als eerste regio ter wereld C2C volledig omarmd en wij hebben in 2014 een koploperspositie in de wereld. We streven ernaar om deze leidende positie te behouden en te benutten en kiezen ervoor om in C2C te blijven investeren. We vinden als gemeente dat wij hierbij een voorbeeldfunctie hebben, en daarmee de taak om onze burgers en bedrijfsleven te inspireren en te overtuigen van de sociale, economische en ecologische meerwaarde. We kiezen ervoor om de uitgangspunten zelf praktisch toe te passen en ontwikkelen zelf een stimulerend instrumentarium.' 2. Elk ruimtelijk initiatief dat onderworpen is aan de vraag wat het betrekken van onze (Duitse) regiogemeenten kan betekenen voor dit initiatief, wordt beschouwd als kansrijker.

'Samen met onze buurgemeenten beschikken we over een groot achterland met miljoenen inwoners. Verder kijken dan onze gemeentegrenzen kan een verrijking zijn voor het ruimtelijke initiatief. Met name op het gebied van regionale spreiding en concentratie van diverse voorzieningen, bedrijventerreinen, natuur- en landschapsontwikkeling, klimaatadaptatie, (toekomstige) knelpunten op het gebied van infrastructuur en energievoorziening ligt samenwerking voor de hand, ook grensoverschrijdend! Wij kiezen ervoor om de relatie met onze Nederlandse regiogemeenten verder te intensiveren, met onze Duitse regiogemeenten willen we een constructieve relatie opbouwen.

3. Elk ruimtelijk initiatief dat zelf georganiseerd draagvlak geniet, beschouwen we als kansrijker. 'Dit houdt in dat een initiatiefnemer zelf op zoek gaat naar draagvlak in zijn of haar omgeving en daartoe allianties smeedt. Wij zijn in dat geval eerder bereid om mee te werken. Voorwaarde is uiteraard dat het initiatief, ondanks draagvlak, niet het publieke belang onevenredig schaadt. Dit betekent niet dat zomaar alles kan en mag, ook al kan er in de directe omgeving draagvlak gecreëerd worden.'

Ad 1: Het C2C-principe dient anno 2020 onlosmakelijk verbonden te zijn met elk initiatief; er dient gebruik te worden gemaakt van duurzame materialen, hergebruik van stoffen en schone

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 2 5

energie. Zowel het uitvaartcentrum als de huisvestingsbebouwing inclusief bijbehorende voorzieningen zullen C2C worden uitgevoerd, zoals ook in paragraaf 4.5 wordt aangegeven.

Ad 2: Deze grensoverschrijdende samenwerking komt erg goed tot uitdrukking in onderhavig project. Enerzijds kan het uitvaartcentrum ook een deel van de Duitse markt bedienen, omdat ook er in Duitsland andere regels gelden dan in Nederland en bewoners in de grensregio extra begeleiding nodig hebben in het kader van de mogelijkheden omtrent uitvaarten zodat de laatste wens van de overledene en de wensen van nabestaanden maximaal vormgegeven kan worden. Anderzijds is er in de regio Venlo een grote behoefte aan arbeidskrachten welke niet meer vanuit deze regio te betrekken zijn; hiervoor zal dus grensoverschrijdend gezocht moeten worden. Deze internationale werknemers zal onderdak/huisvesting geboden moeten worden. Hierin voorziet het plandeel 'huisvestingslocatie internationale werknemers'.

Ad 3: Onderhavig project kan niet los worden gezien van de omgeving en een zo groot mogelijk draagvlak is dan ook wenselijk. Op 3 juli 2018 heeft in Galerie de Hoeve te Venlo een presentatie van het project plaatsgevonden. Omwonenden en bedrijven in de directe omgeving van het terrein tussen Hakkesstraat en Hendrikkenhofstraat (bedrijventerrein Noorderpoort en Veegtes) zijn daarbij geïnformeerd over de plannen om in het gebied dat is gelegen tussen de Nijmeegseweg-Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat te Venlo huisvesting voor internationale werknemers en een herdenkingspark met het toen nog actueel zijnde resomeercentrum te realiseren. De aanwezigen hebben vragen kunnen stellen, welke ter plaatse, maar ook nadien zijn beantwoord. De informatieavond werd tevens door een vertegenwoordiger van het bevoegd gezag bijgewoond. Na deze presentatie (omgevingsdialoog) zullen meer informatiemomenten volgen, op momenten die hiervoor, gezien de stand van de procedure, geschikt worden geacht. Inmiddels is gebleken dat het resomeren (alkalische hydrolyse of watercrematie) in Nederland nog steeds geen gelegaliseerde vorm van lijkbezorging is. Om die reden is het resomeercentrum vervangen door een uitvaartcentrum. De ruimtelijke uitstraling van een uitvaartcentrum is redelijkerwijs vergelijkbaar met of zelfs beperkter dan die van een resomeercentrum.

In de ruimtelijke structuurvisie zijn voor onderhavig plangebied de volgende typeringen opgenomen:

| bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 2 6 Uitsnede uit ruimtelijke structuurvisie

Geconstateerd moet worden dat deze typeringen niet in lijn zijn met de vigerende bestemmingen, althans het behalen van de doelstellingen van de ruimtelijke structuurvisie worden door het feitelijke gebruik en de vigerende bestemmingen niet erg gestimuleerd. Echter, met de verwezenlijking van het Plan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo kan Venlo in de toekomst genieten van een groene invulling die de totale kwaliteit van het gebied duurzaam naar een nog hoger plan tilt. De parkachtige omgeving zal worden voortgezet binnen de huidige bestemming ‘Groen’, waardoor in het gebied meer kwaliteit wordt gebracht. Het Plan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo zal een gebied van grofweg 400 x 170 m bestrijken waarbinnen voornamelijk een bos-/parkachtige omgeving wordt gerealiseerd, met beperkte bebouwingsmogelijkheden. De bestaande (bestemming van) Galerie De Hoeve zal ongewijzigd blijven, evenals het cultuurhistorisch waardevolle en in het groen gelegen klooster. Ten behoeve van de realisatie van een uitvaartcentrum, zullen de bebouwingsmogelijkheden ter plaatse van het voormalige Stichting 'Kindervreugd' in noord-oostelijke richting worden verschoven en geclusterd worden met de bestaande bebouwing langs de Hakkesstraat. Ook dit nieuwe gebouw zal volledig in het groen worden ingepast en ‘cradle-to-cradle-proof’ worden uitgevoerd.

Met het nieuwe (te verplaatsen) bouwvlak ten behoeve van het uitvaartcentrum moet de bouw van de volgende gebouwen mogelijk worden gemaakt:

ontvangstruimten inclusief garderobe en toiletten

500 m2

aula's voor afscheidsdiensten

1000 m2

bezoekersruimten voor koffie, thee en broodjes

700 m2

mortuarium inclusief aflegruimte

400 m2

koelruimten en magazijn/opslagplaats

300 m2

kantooraccommodatie

200 m2

Totaal

3100 m2

Verder zal ten behoeve van het uitvaartcentrum voorzien worden in voldoende parkeergelegenheid, waarbij in ieder geval aan de CROW-richtlijnen zal worden voldaan (35 parkeerplaatsen per (deels) gelijktijdige plechtigheid). De ruimte is hiervoor ruimschoots aanwezig.

De groenstructuur ter plaatse van het plan voor de verblijfseenheden voor internationale werknemers is op dit moment van zeer lage kwaliteit. Binnen het project zal zoveel mogelijk kwaliteitsgroen worden toegevoegd, in de lijn van de structuurvisie. Hiertoe is een landschappelijk inrichtingsplan (streefbeeld) aan de planregels van onderhavig bestemmingsplan gekoppeld, waarin de natuurwaarden en de cultuurhistorie van het gebied met de versterking van de gebiedseigen beplanting in beeld wordt gebracht, en dat de onderligger zal zijn voor de versterking en het behoud van de landschappelijke kwaliteit van dit | bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo | status: vastgesteld |

Pagina | 2 7

gebied. De uitvoering en instandhouding van de landschappelijke inrichting wordt geborgd door voorwaardelijke bepalingen in de planregels.

In de structuurvisie wordt verder vermeld dat initiatieven die leiden tot diversiteit en flexibiliteit in het woningaanbod wenselijk zijn, en dat de huisvesting van (tijdelijke) internationale werknemers bijzondere aandacht verdient. Deze mensen moeten zoveel mogelijk in de reguliere woonomgeving een (tijdelijk) thuis kunnen vinden, en niet uitwijken naar verblijfsrecreatieve terreinen buiten de stad. Onderhavig initiatief past in grote lijn binnen de gedachtegang van de structuurvisie.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/893/documents/23879