CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

395033 Bijl01 Kadernota 2026.pdf

Raadsvergadering 14 mei 2025, gemeente VenloBij agendapunt: 4.1: Kadernota 2026 (395033)23.276 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

1| KADERNOTA 2026

Voorwoord Voor u ligt de kadernota 2026. Dit is de eerste stap op weg naar de begroting 2026-2029. Het doel van de kadernota is zorgen dat u voor de begrotingsvoorbereiding uw verwachtingen en kaders met ons kunt delen voor de conceptbegroting 2026-2029. U kunt aangeven wat u, gezien de maatschappelijke context en opgaven, graag verwerkt ziet in begrotingsvoorstellen en met welke inhoudelijke en financiële uitgangspunten wij daarbij rekening moeten houden. Uiteraard tegen de achtergrond van de strategische koers van de stad en de organisatie voor de komende jaren. Het document en het proces rondom de kadernota is dit jaar veranderd. Voorheen kreeg u omgevingsanalyse in februari als apart document. Vanaf deze cyclus is deze, zoals gewenst, geïntegreerd in de kadernota. Zo kunt u het omgevingsbeeld beter verbinden met uw wensen en ambities. Verder is het omgevingsbeeld ook meer actueel, aangezien we het een maand later opleveren. Een kadernota hoeft meerjarig in financiële zin (nog) niet sluitend te zijn. Bij een begroting moet dat wel. Wel moet er een reëel inhoudelijk en financieel perspectief worden vastgesteld. Op basis hiervan kunnen wij u in het najaar een sluitende begroting presenteren. Wij nodigen u uit om uw wensen en bedenkingen kenbaar te maken. In deze kadernota staan per programma de belangrijkste kaders.

Deze zijn gekoppeld aan de ambities in de strategische visie en het stedelijk beleid. Deze verbinden we aan de indicatoren in Meetbaar Venlo zodat u een goed beeld krijgt van de relevantie van het kader voor de strategische koers van Venlo. Werken met programma's betekent focussen op hetgeen bijdraagt aan de realisatie van de gemeentelijke ambities zoals verwoord in Venlo 2040. Het gaat gemiddeld genomen goed met onze gemeente en onze inwoners. Een groot aantal indicatoren laten een gunstige ontwikkeling zien. Maar er zijn nog steeds voldoende opgaven en uitdagingen die onze aandacht en onze inzet verlangen. Welke dat precies zijn en hoe we dat willen doen is onderwerp van debat in ons college en in uw raad. Deze kadernota is beleidsarm en gaat niet over het huidige en door de gemeenteraad vastgestelde beleid. Nieuwe beleidskeuzes worden niet voorgesteld, met uitzondering van die opgaven die door de wetgever aan ons worden opgelegd. Wij zien uit naar die gedachtewisseling en wensen u veel leesplezier toe.

Het college van burgemeester en wethouders

2| KADERNOTA 2026

Inhoudsopgave Voorwoord ........................................................................................................... 2 Inhoudsopgave ................................................................................................... 3 Inleiding ................................................................................................................ 4 Omgevingsanalyse............................................................................................. 7 Inhoudelijke en financiële kaders ................................................................. 29 Kaders per programma .................................................................................. 40 Programma 1 Gezond en actief Venlo ...........................................................................41 Programma 2 Leefbaar Venlo .........................................................................................47 Programma 3 Grenzeloos Venlo .....................................................................................53 Programma 4 Welvarend Venlo ......................................................................................56 Programma 5 Centrumstad Venlo ..................................................................................61 Programma 6 Circulaire en duurzame hoofdstad ........................................................65

Bedrijfsvoering ................................................................................................. 67

3| KADERNOTA 2026

Inleiding De kadernota 2026 biedt u de mogelijkheid om de kaders te stellen ten behoeve van de laatste begroting die door ons tijdens deze coalitieperiode wordt voorbereid. Een begroting ter voorbereiding van 2026, het inmiddels al vaak aangehaalde ravijnjaar. Het is het jaar waarin, als gevolg van uitgebleven financiering door het Rijk, veel gemeenten noodgedwongen stevig hun broekriem moeten aanhalen. Hoewel we hierop in Venlo tijdig hebben geanticipeerd, gaat deze ontwikkeling helaas ook niet helemaal ongemerkt aan ons voorbij. U heeft immers besloten om op basis van het ‘Scenario van hoop’ bestuurlijke keuzes afhankelijk te maken van eventuele Rijksmiddelen. Vooralsnog ontbreekt dat perspectief en daarmee ruimte voor nieuw beleid. We leggen daarom met deze kadernota de nadruk expliciet op de uitvoering van reeds gemaakte keuzes. Tegelijkertijd realiseren wij ons ook dat er in het voorjaar van 2026 een nieuwe coalitie zal aantreden die we noch inhoudelijk voor de voeten willen lopen, noch financieel willen opzadelen met een ongedekte erfenis. Het college wil de bestuursperiode afsluiten met een solide huishouding en een coalitieprogramma dat in de afronding zit. De afgelopen jaren hebben wij de basis op orde gebracht en samen met u kunnen investeren in die activiteiten en projecten die ons dichter bij de ambities uit Venlo 2040 brengen.

Tegelijkertijd hebben we onze ogen niet gesloten voor hetgeen er om ons heen in de gemeente Venlo gebeurt. Voor wat betreft de landelijke ontwikkelingen attenderen wij u in het bijzonder op de actuele gesprekken tussen de VNG en het kabinet over de bekostiging van de jeugdzorg en (de effecten van de) nieuwe financieringssystematiek van het gemeentefonds. Eventuele resultaten daarvan zullen mogelijk zichtbaar worden in de voorjaarsnota van het Rijk en vertaald worden in de meicirculaire van het gemeentefonds. Na het aantreden van het kabinet Schoof afgelopen zomer zijn er door de sector gemeenten immers met het Rijk veel en intensieve gesprekken gevoerd over financiële compensatie voor in het bijzonder de taken op het gebied van jeugd en ten aanzien van de effecten van de stelselwijziging van het gemeentefonds. Tot op heden echter nog zonder resultaat. De geopolitieke ontwikkelingen zijn buitengewoon uitdagend en hebben effect op Venlo en daarmee indirect ook op onze huishouding. Dat geldt natuurlijk in de eerste plaats voor de inmiddels langdurige opvang van vluchtelingen uit Oekraïne, maar ook voor hetgeen de recente handelsbarrières van de Amerikaanse regering mogelijk betekenen voor de afzetmogelijkheden en werkgelegenheid van onze maakindustrie, ons agricluster en onze logistieke bedrijvigheid.

De nationale economie verkeert op dit moment in een fase van zwakke groei, de werkloosheid loopt licht op en het kabinet moet -afgezien van de nood bij gemeenten- ingewikkelde keuzes maken ten aanzien van extra financiële wensen op het gebied van onder andere defensie, energie en wonen. Daarnaast zijn wij benieuwd naar de effecten van de hoger onderwijsplannen van het kabinet en de effecten die dit mogelijk heeft op het in onze gemeente aanwezige onderwijsaanbod. De voorjaarsnota van het kabinet, zoveel is duidelijk, zal hier naar verwachting mogelijk meer duidelijkheid over geven. De Venlose bevolking groeide het afgelopen jaar per saldo met 264 inwoners tot 104.057. Dit komt vooral door migratie, aangezien er meer mensen verhuisden naar Venlo dan eruit vertrokken. Mede 4| KADERNOTA 2026

daardoor verjongt onze stad, maar vergrijzing blijft een belangrijk thema. Inmiddels is bijna een kwart van de inwoners ouder dan 65 jaar en dit percentage zal naar verwachting verder stijgen. Desondanks blijft ook het aandeel jongeren stabiel rond de 25%. De arbeidsmarkt in Venlo en Noord-Limburg staat onder druk.

Er zijn te weinig werkzoekenden voor het aantal openstaande vacatures, vooral in de zorg, techniek en het onderwijs. Dit wordt versterkt door de uitstroom van oudere werknemers en een afnemende instroom van jong talent. Europese arbeidsmigratie compenseert deels, maar lost het probleem niet volledig op. Een goed onderwijsaanbod en een aantrekkelijke woon- en leefomgeving blijft daarmee van groot belang om mensen te boeien en te binden aan Venlo.

Natuurlijk hadden we en hebben we oog voor de huishoudens die het om het voor wat dan reden ook financieel minder ruim hebben. De afgelopen jaren hebben we ons met name voor hen ingezet en onderzoeken we de mogelijkheden om het bereik van onze instrumenten (nog) verder te verbeteren.

Om de uitdagingen op de arbeidsmarkt en binnen de gemeentelijke organisatie aan te pakken, zet Venlo in op talentwerving, behoud van medewerkers en innovatie. Ook digitalisering en technologie spelen een steeds grotere rol in de manier waarop werk georganiseerd wordt. Strategische keuzes zijn noodzakelijk om Venlo toekomstbestendig te houden. Reeds eerder hebben wij u geïnformeerd over de kansen die wij zien ten aanzien van de recente ontwikkelingen rondom Eindhoven. Het technologiecluster met zijn ruim 5.000 hightech- en ITbedrijven slaat haar vleugels uit en biedt daarmee ontwikkelmogelijkheden voor steden als Weert, Venlo en Helmond, zowel wat betreft woningbouw als voor de ontwikkeling van de stedelijke voorzieningen. In 2024 hebben we daarmee een start gemaakt en we verwachten dat deze ontwikkeling zich zeker nog tot ver in het komende decennium zal uitstrekken. We zien kansen om een stevige impuls te geven aan de realisatie van woningen binnen onze gemeente. Met name grootschalige woningbouw op een beperkt aantal, met het openbaar vervoer goed bereikbare, binnenstedelijke locaties. Daarnaast zien wij mogelijkheden om, naar lokale behoefte, ook in de kleinere kernen woningbouw mogelijk te maken. Het behoeft geen betoog dat tegen de achtergrond van onze demografische uitdagingen- de eventuele aanwas van inwoners die hiervan het gevolg zal zijn meer dan welkom is.

Zo behouden we draagvlak voor onze voorzieningen en voldoende arbeidskrachten voor onze regionale economie en publiek gefinancierde diensten. Afgezien van dit nieuwe perspectief geven wij uiteraard uitvoering aan de projecten en ontwikkelingen die al in gang zijn gezet. Ontwikkelingen zoals het Kazernekwartier, de ondertunneling van de Vierpaardjes, de herontwikkeling in Venlo-Noord, de doorontwikkeling van de Brightlands-campus en de herontwikkeling van de Geresstraat zijn van groot belang. Met onze buurgemeenten bereiden we de actualisatie van de regionale strategische visie en de vorming van een gemeenschappelijke regeling voor. Dit proces dient te zijn voltooid voorafgaand aan de raadsverkiezingen in maart volgend jaar. Zoals gerefereerd, 2026 wordt in veel opzichten een buitengewoon uitdagend jaar. Niet alleen vanwege de gemeenteraadsverkiezingen, maar ook vanwege de context waarbinnen deze plaats 5| KADERNOTA 2026

vinden. Venlo staat er goed voor, zowel inhoudelijk als financieel. We hebben onze eigen koers gekozen en met succes. De stad groeit en met haar inwoners gaat het gemiddelde genomen goed. En hoewel er voldoende maatschappelijke uitdagingen zijn, biedt Venlo volop kansen om het leven van onze inwoners nog mooier, beter en gezonder te maken! De inhoudelijke en financiële kaders die u in deze kadernota aantreft beogen u en ons houvast te geven bij de voorbereiding van en de afwegingen rondom de programmabegroting. Algemeen geformuleerde kaders die aansluiten bij onze strategische koers en een vertaling daarvan in de afzonderlijke programma's. Wij kijken uit naar de behandeling van deze kadernota in uw raad.

6| KADERNOTA 2026

Omgevingsanalyse Bevolking Groeiende en veranderende bevolking In 2024 steeg het aantal inwoners in Venlo met 264 personen van 103.793 naar 104.057. Dit is een toename van 0,26%. Dit ligt lager dan de gemiddelde bevolkingsgroei van ongeveer 350 personen per jaar in de afgelopen vijf jaar. Dit was ook lager dan de ontwikkeling van de Nederlandse bevolking. Die was met een groei van 0,57% in relatieve zin twee keer zo hoog. Nog steeds is dit, gegeven de eerdere bevolkingsprognoses, een positieve ontwikkeling. Want in de omgevingsanalyse 2022 stond dat 'de meest recente beleidsarme prognose van ABF Research/ Primos een ontwikkeling laat zien naar een piek van ruim 104.000 inwoners in 2035, gevolgd door een geleidelijke afname’. Daarbij merkten we destijds al op dat ‘nieuwe initiatieven, bestuurlijke keuzes en autonome ontwikkelingen uiteindelijk bepalender zullen blijken te zijn’. Zie daar, het effect van autonome ontwikkelingen en ingezet beleid.

Bevolkingsgroei vooral door migratie Het afgelopen jaar werden 881 baby’s geboren, zes meer dan een jaar eerder. Het aantal sterfgevallen was 1056, iets minder dan een jaar eerder (1078). Het sterfteoverschot was daarmee ook lager, namelijk 175 (2023: 203). Per saldo is de bevolkingsgroei dus –net zoals in de afgelopen jaren- te danken aan een migratieoverschot. Het migratieoverschot was in 2024 (+439) lager dan in 2023 (+670). Nieuwe inwoners kwamen vaker uit andere Nederlandse gemeenten en minder van buiten Nederland. In 2024 was er een binnenlands migratieoverschot van +146 (2023: -50). Het immigratiesaldo bedroeg het afgelopen jaar +293. Dat is fors lager dan een jaar eerder (+588).

Venlo verjongt Venlo verjongt door deze verhuizingen. De nieuwvestigers binnen onze gemeente zijn gemiddeld ruim een half jaar jonger dan de vertrekkers. De gemiddelde leeftijd is mede daardoor het afgelopen jaar afgenomen naar 44,5 jaar. Daarnaast biedt de gemeente Venlo voldoende mogelijkheden om een deel van de overloop uit de Brainport-regio in onze gemeente op te vangen en hiermee een groeiversnelling te realiseren.

De bevolking vergrijst, maar ontgroent niet Er is verder sprake van een sterk vergrijzende bevolking. Op dit moment is 23,1% van de Venlose bevolking ouder dan 65 jaar. Vergeleken met tien jaar geleden is dat verhoudingsgewijs de helft meer (2015: 15,3%). In 2040 is dit naar verwachting bij ongewijzigd beleid zelfs 27,7%. Venlo is binnen de groep grootste Nederlandse gemeenten op dit moment al de op vier na meest vergrijsde gemeente. Dit heeft gevolgen voor ons aanbod aan voorzieningen voor deze groep inwoners. Tegelijkertijd ontgroent onze bevolking niet in dezelfde mate. Het aandeel inwoners tot 24 jaar schommelt de afgelopen tien jaar namelijk rond de 25%. 7| KADERNOTA 2026

Europese immigratie Naast de vergrijzing speelt immigratie een belangrijke rol in de bevolkingsontwikkeling van NoordLimburg. In 2023 (en naar verwachting 2024) kwamen er meer dan 2.000 migranten naar NoordLimburg. Die kwamen voornamelijk uit Europa. Dit compenseert daarmee voor een deel de natuurlijke bevolkingsafname. Het lost het probleem van de krapte op de arbeidsmarkt niet volledig op. Immigranten komen om verschillende redenen naar Nederland. Bijvoorbeeld voor werk, gezinshereniging, studie of asiel. De arbeidsparticipatie onder deze groepen verschilt sterk. Arbeidsmigranten zijn doorgaans snel aan het werk. Asielmigranten en gezinsmigranten werken minder vaak.

De gezondheid van inwoners verbetert Naast de zorgopgave is er een bredere uitdaging om de gezondheid van alle inwoners te verbeteren. Uit stadspeilingen blijkt dat Venlonaren steeds meer bewegen. 63,7& van de inwoners haalt inmiddels de Nederlandse Norm Gezond Bewegen. Dit is meer dan 2021. Ook de fitnorm is met 3% gestegen. Toch blijft er werk aan de winkel. Het percentage Venlonaren dat lid is van een sportvereniging blijft achter bij het landelijke en Limburgse gemiddelde, ondanks stabilisatie van het ledenaantal [8]. Verder zijn er in de regio veel mensen met overgewicht. De helft van de volwassenen en een kwart van de jongeren tussen 18 en 24 jaar kampt met overgewicht. Mentale gezondheid is een groeiend aandachtspunt, vooral onder jongeren. Uit de gezondheidsmonitor blijkt dat slechts 55% van de jongvolwassenen zijn mentale gezondheid als (zeer) goed beoordeelt. Dit betekent dat 45% hier problemen ervaart. Dit percentage is de afgelopen jaren verslechterd. Dit komt onder meer door de coronapandemie. Ondertussen staat de preventieve rol van de GGD onder druk. Door te weinig capaciteit ontstaan er langere wachttijden bij jeugdconsultatiebureaus. Hierdoor komen preventieve signalering en begeleiding in gevaar.

Meer daklozen, waaronder internationale werknemers Het aantal daklozen in Venlo is de afgelopen jaren toegenomen. Dit zien we niet alleen in Venlo, recente cijfers van het CBS (monitor dakloosheid) laten ook landelijk een stijging van de doelgroep en problematiek zien. De problematiek en impact daarvan is ook in het Venlose straatbeeld zichtbaar. Een belangrijk aandeel in deze groep wordt gevormd door internationale werknemers. Op jaarbasis spreekt de stichting Barka, die hulp biedt aan deze groep, in Venlo ongeveer 200 tot 275 dakloze personen, waarvan ongeveer 40 tot 50% daadwerkelijk geholpen wordt in het vinden van werk, terugkeer naar land van herkomst, of op een andere manier geholpen wordt in het bevorderen van hun zelfredzaamheid. De inschatting is dat het aantal dakloze internationale werknemers in de gemeente Venlo tussen de 40 en 75 ligt.

8| KADERNOTA 2026

Wonen In 2024 zijn er weinig grote nieuwbouwprojecten opgeleverd in de gemeente Venlo. Na een lange periode waarin de woningvoorraad gering groeide (of zelfs kromp) is de woningvoorraad in Venlo in de afgelopen tien jaar gestaag gegroeid, met een voorlopige groeipiek in 2023 (433 woningen). Het afgelopen jaar viel met een (voorlopige) netto-toename van 151 woningen wat tegen. De verwachting is dat dit een tijdelijk dip is. Dit is overigens in heel Nederland zichtbaar. Voor 2025 worden verschillende grotere projecten verwacht, zoals de realisatie van 96 tijdelijke woningen aan de Daelweg, het eerste deel van Boschkamp met ongeveer 70 woningen, 34 woningen en appartementen aan de Spechtstraat, en 34 appartementen aan de Stadsmuur. Momenteel zitten we in een tussenfase: we ronden grote meerjarige projecten af, zoals Q4, Vilgert, Meulenveld en Nieuw Stalberg. Deze projecten komen uit de periode waarin onze regio nog een anticipeerregio was en we de overcapaciteit van de planvoorraad moesten reduceren. Daarna ontstond er weer ruimte voor nieuwe projecten. Nu beginnen de nieuwe grote gebiedsontwikkelingen vorm te krijgen, zoals het Kazernekwartier en het Veilingterrein. Daarnaast zijn er diverse andere ontwikkelingen met behoorlijke aantallen, zoals de Venlonazaal, en ook in de kleinere kernen binnen de gemeente Venlo.

Het aantal woningsplitsingen en -omzettingen is het laagste in jaren. Waarschijnlijk komt dit door de minder gunstige context voor particuliere huurappartementen, zoals hogere bouwkosten, hogere rentetarieven, de aanpassing van box 3 en mogelijk ook de opkoopbescherming, die woningen beschermt tegen splitsingen. Er liggen nog kansen voor wonen boven winkels, met name in de Venlose binnenstad. Verder zijn er nog een aantal sloopprojecten, aangezien er diverse herstructureringen op de planning staan.

Ontwikkeling regionale woningmarkt De regionale woningmarkt in Noord-Limburg is krapper geworden. In 2022 en 2023 was het iets ruimer geworden. Woningen staan gemiddeld twee maanden te koop en het gemiddelde aanbod per woningzoekende is met 2,2 woningen zeer mager.

De gemiddelde woningprijs in Noord-Limburg steeg in het laatste kwartaal van 2024 naar € 430.000. De prijzen zijn 12% hoger vergeleken met hetzelfde kwartaal een jaar eerder. Landelijk stegen de

9| KADERNOTA 2026

woningprijzen in diezelfde periode met 11,5%. Er is nog steeds een grote behoefte aan woningen. Betaalbaarheid speelt hierbij een steeds grotere rol. Binnen het thema wonen zijn de volgende opgaven van belang: Adaptief woonprogramma: Het is nodig om adaptieve woonprogramma's te ontwikkelen die

•

inspelen op de veranderende behoeften van diverse doelgroepen. Door woningen flexibel en aanpasbaar te ontwerpen verhoogt dit de duurzaamheid en exploitatieperiode van de woningvoorraad. Ook zorgt het voor een efficiëntere toewijzing en doorstroming. Woonzorgvisie: De vergrijzing in Nederland vraagt om een verfijnde woonzorgvisie die met een

•

evenwichtige woningprogrammering voor ouderen en andere aandachtsgroepen. Het opstellen en verder verfijnen van deze visie geeft meer inzicht in de balans tussen nieuwbouw, transformatie en doorstroming, afgezet tegen doelgroepen op wijk- en/of buurtniveau. Een integrale woonzorgvisie helpt lokale opgaven in kaart te brengen. Ook helpt het bij het vertalen hiervan naar concrete ambities en uitvoeringsprogramma's. Vanuit een regionaal perspectief is er een groeiende bestuurlijke urgentie nodig gericht op een eerlijke verdeling om de druk op gemeenten evenwichtig te verdelen.

Daklozen Venlo is niet uniek; ook grote steden zoals Amsterdam en Rotterdam kampen met het probleem van daklozen. Sommige arbeidsmigranten raken dakloos en willen niet terug naar hun land. De overlast door hen en mensen met verward gedrag overlapt deels. Landelijk steeg het aantal meldingen in tien jaar van 80.000 naar 140.000 per jaar. Hoewel er recent een lichte daling is, blijft de impact groot en vraagt het om blijvende aandacht van de gemeente en politie.

2018

Overla

2023

2024

Venl

Eindhov

Rotterd

Venl

Eindhov

Rotterd

Venl

Eindhov

Rotterd

o

en

am

o

en

am

o

en

am

328

912

1735

622

2476

4017

483

1873

4210

693

2579

4804

909

3223

8628

774

2901

8909

st dakloz en Overla st verwar de person en Tabel: politieregistraties 2018, 2023 en 2024 Overlast daklozen en verwarde personen in drie gemeenten

10| KADERNOTA 2026

Ontwikkelstrategie Het Rijk benoemt Noord-Limburg als stimuleringsregio in het Voorontwerp van de Nota Ruimte. Dit komt door de strategische ligging ten opzichte van economisch dynamische gebieden. De Brabantse Stedenrij, Regio Arnhem-Nijmegen en de Zuidelijke Randstad worden ook als stimuleringsregio gezien. Het Rijk wil dat deze regio’s zich ontwikkelen naar meer complete regio’s met een evenwichtige mix aan wonen, werken, voorzieningen en groen. Deze regio’s liggen centraal in het stedelijk netwerk en er is een sterke mix van wonen en werken en aanwezigheid van hoger onderwijs. Er is nu al autonome groei. Deze regio’s zijn daarom ook logische plekken voor woningbouw. Hier moet vaak meer ingezet worden op economische ontwikkeling om in balans te blijven groeien.

De stedelijke druk is al voelbaar vanuit Eindhoven (Brainport regio), Nijmegen en Duitsland. De Brainportregio is een unieke economische regio. Er is een ruimtelijke schaalsprong nodig voor werken en wonen voor de verdere economische ontwikkeling, de economische veiligheid van Nederland en de strategische autonomie van Europa. Hiervoor is in 2022 al een pakket maatregelen van € 1,6 miljard tussen Rijk en regio afgesproken. Hierdoor kan de regio een ruimtelijke schaalsprong maken met functies voor een goede bereikbaarheid van de economische toplocaties en voldoende betaalbare woningen. Er zijn nieuwe ontwikkelingen voor de microchipsector. We moeten aanvullende afspraken maken over de bekostiging en uitvoering van de volgende fase van de agenda. Dit gaat over talentontwikkeling, mobiliteit, woningbouw en netcongestie. In totaal trekken Rijk, regio en bedrijfsleven tot en met 2030 € 2,51 miljard uit. In de Brainport regio komen er 62.000 woningen bij. Twee derde nog vóór 2030. Ook komen er minstens 72.000 banen bij. Dit komt mede door de impulsen van de rijksoverheid. Hierdoor staan de arbeidsmarkt en woningmarkt enorm onder druk. Voor alle opgaven in de regio Eindhoven heeft het Algemeen Bestuur (AB) van Metropool Regio Eindhoven (MRE) besloten om te onderzoeken of samenwerking met rond de regio Eindhoven meerwaarde heeft. Ook de samenwerking met Venlo wordt onderzocht.

De verkenning is inmiddels gestart.

Klimaatopgave en verduurzaming gebouwde omgeving Aardgasvrij en volle stroomnetten Het Nederlandse elektriciteitsnet raakt overbelast, waardoor nieuwe aansluitingen voor woningen, bedrijven en duurzame projecten stagneren. Dit remt de energietransitie, vooral in Venlo, waar 95% van de woningen van vóór 2010 dateert en het stroomverbruik per woning hoger ligt dan gemiddeld. Zonder netwerkuitbreiding en slimme oplossingen, zoals opslag en vraagsturing, komt verduurzaming in het gedrang en dit heeft ook effect op bedrijven en woningbouw. Veel gemeenten onderzoeken daarom een publiek warmtebedrijf als alternatief. Warmtenetten verlagen de piekbelasting van warmtepompen, wat ruimte op het net creëert. De aankomende Wet Collectieve Warmtevoorziening (WCW) stimuleert deze ontwikkeling en sluit aan bij gemeentelijke ambities voor een toekomstbestendige energievoorziening.

11| KADERNOTA 2026

Naast uitdagingen biedt de energietransitie ook kansen. Netwerkuitbreidingen kosten tijd, maar innovatieve technologieën kunnen congestie verlichten. Batterijopslag, slimme netwerken en decentrale energiehubs stemmen opwekking en verbruik beter op elkaar af. Ook nieuwe regelgeving, zoals prioriteringskaders voor netgebruik, kan lokaal oplossingen versnellen. Door deze mogelijkheden te benutten, houden we de energietransitie in beweging.

Drinkwaterbeschikbaarheid onder druk Door klimaatverandering en bevolkingsgroei staat de drinkwatervoorziening in Nederland steeds verder onder druk. De afgelopen jaren is er fors meer water verbruikt. Naar verwachting wordt het tegen 2030 met 100 miljoen m³ uitgebreid. Tegelijkertijd daalt de grondwaterstand als het langere periodes droog is. Drinkwaterbedrijven, waaronder WML in Limburg, waarschuwen dat zonder extra maatregelen tekorten dreigen. Op sommige plekken in Nederland kunnen er al vóór 2030 drinkwatertekorten ontstaan. Door veranderingen in het klimaat zijn er langere droge periodes en dalende grondwaterstanden. En een groeiende economie en demografische ontwikkelingen zorgen voor een stijgend waterverbruik. Dit zet de drinkwatervoorziening onder druk. Verder hebben drinkwaterbedrijven te maken met beperkte capaciteit. Hierdoor is het een uitdaging om voldoende bronnen en infrastructuur beschikbaar te houden. Er zijn kansen om slimmer met water om te gaan. Innovaties op het gebied van waterbesparing in huishoudens en de industrie kunnen het verbruik aanzienlijk verlagen. Ook regenwateropvang en hergebruik helpen bij een verminderde afhankelijkheid van drinkwater. Daarnaast kunnen nieuwe regelgeving en investeringen in waterinfrastructuur samenwerking stimuleren en duurzame oplossingen versnellen.

De uitdagingen zijn groot, maar met de juiste maatregelen en innovaties kunnen we werken aan een robuuste en toekomstbestendige watervoorziening.

Versnellen van de energietransitie Nederland wil een CO₂-reductie van 55% in 2030. Dit staat in de Europese Green Deal en het Klimaatakkoord. Dit betekent een versnelde afbouw van fossiele brandstoffen en groei van hernieuwbare energie. Geopolitieke ontwikkelingen en stijgende energieprijzen versnellen deze transitie. De uitdaging ligt vooral in de betaalbaarheid en haalbaarheid. Door elektrificatie van vervoer en industrie is er meer vraag naar elektriciteit, maar netcongestie en complexe vergunningsprocedures voor wind- en zonneparken zorgen voor vertraging. Door verschillende duurzame energiebronnen, zoals wind en zon, te combineren en in lokale energiehubs vraag en aanbod beter af te stemmen, kunnen we deze uitdagingen deels opvangen. Om de klimaatdoelen te halen moeten woningen, bedrijven en infrastructuur sneller verduurzamen. Tegelijkertijd groeit de energievraag sneller dan het aantal hernieuwbare energiebronnen. Dit maakt de overgang naar een duurzame energievoorziening lastig. Daarnaast zorgen netcongestie en hoge kosten ervoor dat grote duurzame energieprojecten niet altijd haalbaar zijn. Toch zijn er volop kansen om de energietransitie te versnellen. Innovaties zoals waterstof en geavanceerde energieopslag kunnen helpen om het energiesysteem flexibeler en duurzamer te 12| KADERNOTA 2026

maken. Ook regionale energiehubs en lokaal eigendom van energieprojecten helpen bij een inclusieve verduurzaming. Bovendien bieden Europese en landelijke subsidies financiële ruimte om sneller te investeren in duurzame oplossingen. Door deze mogelijkheden te benutten, kunnen we stappen zetten richting een toekomstbestendige energievoorziening. Het is daarbij belangrijk dat iedereen aan deze transitie kan meedoen, ongeacht de financiële en sociale positie.

Voorbereiding op extreem weer De gevolgen van klimaatverandering worden steeds zichtbaarder. In de zomer van 2021 werd Limburg getroffen door extreme wateroverlast. Er was grote schade. We zien vaker lange periodes van hitte, droogte en het verminderen van de biodiversiteit. Hierdoor komen de natuur en stedelijke gebieden onder druk te staan. Het wordt steeds belangrijker om onze stad en infrastructuur zoveel mogelijk klaar te maken voor deze veranderingen. Landelijk zetten steeds meer gemeentes in op waterberging, meer groen in de stad, minder verharding , klimaat- en natuur inclusief bouwen voor een klimaatbestendige stad. Stedelijke gebieden warmen steeds sneller op. Dit heeft gevolgen voor de leefbaarheid en de gezondheid van bewoners. Extreme regenval en droogte zorgen voor meer wateroverlast, schade en druk op de biodiversiteit. Toch ontbreekt het vaak aan urgentie, bewustzijn en voldoende financiering, waardoor de uitvoering van adaptieve maatregelen langzaam gaat. Toch zijn er volop kansen om de stad beter bestand te maken tegen klimaatverandering. Slimme ruimtelijke planning, ontstenen en meer groen kunnen hittestress, droogte en wateroverlast helpen verminderen. Daarnaast bieden innovatieve wateropvangsystemen een oplossing om piekbuien beter op te vangen en water slimmer te benutten. Ook zijn er Nationale en Europese subsidies.

Deze maken het mogelijk om klimaatadaptatieprojecten sneller van de grond te krijgen. Door deze mogelijkheden te benutten, kunnen we werken aan een klimaatbestendige en leefbare omgeving.

Nieuw gebruik van grondstoffen Nederland wil in 2050 volledig circulair zijn. Dit betekent dat we grondstoffen steeds opnieuw gebruiken en dat er zo weinig mogelijk afval is. De bouwsector, industrie en consumenten zijn hierbij belangrijk. Steeds meer bedrijven in Nederland stappen over op circulaire productiemodellen. Er zijn nog grote uitdagingen. In 2023 bleek uit CBS-cijfers dat slechts 24% van de gebruikte materialen in Nederland afkomstig is uit recycling. Aangezien grondstoffen niet onuitputtelijk zijn, is meer hergebruik noodzakelijk. De rest bestaat uit nieuwe grondstoffen. Dit geeft druk op het milieu. Veel sectoren zijn nog sterk afhankelijk van nieuwe, niet-duurzame grondstoffen. Hierdoor gaat de overgang naar een circulaire economie langzaam. Ook sluit de huidige wet- en regelgeving niet altijd goed aan op circulaire initiatieven, waardoor duurzame innovaties moeilijk schaalbaar zijn. Toch zijn er belangrijke kansen om deze transitie te versnellen. De opkomst van circulaire bouwtechnieken helpt om materiaalgebruik en afval te verminderen. Hergebruik en reparatie sparen grondstoffen en zorgen voor nieuwe werkgelegenheid. Daarnaast zorgt strengere Europese regelgeving ervoor dat producenten steeds vaker circulaire modellen moeten toepassen. Door deze 13| KADERNOTA 2026

ontwikkelingen te omarmen, kunnen we stap voor stap toewerken naar een duurzamer en toekomstbestendig economisch systeem.

Arbeidsmarkt energietransitie en nieuwe vaardigheden Er zijn nieuwe vaardigheden en vakmensen nodig voor de energietransitie en circulaire economie. De vraag naar technisch geschoold personeel in installatietechniek, duurzame bouw en energietechnologie stijgt alleen maar meer. Maar er zijn nu al tekorten in deze sectoren. Dat belemmert de groei. Het regionaal en lokaal stimuleren van dergelijke arbeidskrapte en bijscholing mogelijkheden worden steeds belangrijker om de toenemende tekorten af te remmen. Toch zijn er mogelijkheden om deze uitdagingen aan te pakken. Omscholingstrajecten en praktijkgerichte opleidingen kunnen helpen bij het tekort aan technisch personeel. Door nauwere samenwerking tussen bedrijven en onderwijsinstellingen kan het onderwijs beter aansluiten op de behoeften van de arbeidsmarkt. Bovendien maken digitale en modulaire leertrajecten het steeds eenvoudiger om nieuwe vaardigheden op te doen. Hierdoor kunnen meer mensen de overstap naar de techniek maken. Met de juiste aanpak en investeringen ligt hier een kans om de sector toekomstbestendig te maken.

Economie Economische ontwikkeling De Nederlandse economie heeft een aantal magere kwartalen achter de rug. Na de coronacrisis was er eerst herstel. Daarna kwam de oorlog in Oekraïne. Dit veroorzaakte inflatie, waardoor mensen minder te besteden hadden. Vanaf 2022 stagneerde de wereldhandel en stegen de energieprijzen. De economische productie is vanaf eind 2022 licht gedaald, maar de werkloosheid is nauwelijks opgelopen. De Europese inflatie daalt traag, de Nederlandse inflatie loopt weer iets op. Dit komt onder meer doordat de hoge loonstijging aanhoudt. De prijzen van goederen stijgen niet meer. De prijzen van arbeidsintensieve diensten blijven nog langer hoog doordat de hogere lonen daar nog in doorwerken. De inflatie komt ook door de hogere huren (de maximale huurverhoging is gekoppeld aan de loongroei), hoge voedselprijzen en de verhoging van de tabaksaccijns. In 2025 vermindert de druk vanuit lonen en voedselprijzen en komt de inflatie uit op 3,2%. De reële lonen liggen nog wat onder het niveau van 2021. Nieuwe cao’s afgesloten compenseren de eerdere oploop van de prijzen. Hierdoor stegen de contractlonen in de marktsector in 2024 van 6,4%. Dit jaar zwakt die groei af naar 4,2%. De lonen liggen daarmee in beide jaren duidelijk boven de inflatie. Hogere lonen en een aantrekkende wereldhandel zorgden voor een gematigd groeitempo in 2024.

De loonstijging kwam na de inflatiepiek. Daardoor hebben huishoudens dit jaar en volgend jaar meer te besteden. Meer besteden zorgt dat de economische activiteit weer gematigd groeit, al sparen mensen ook meer.

14| KADERNOTA 2026

De Nederlandse economie zit in een fase van laagconjunctuur. Alle relevante indicatoren zitten onder de langjarige trend, behalve de huizenprijzen. Vooral de indicatoren voor de arbeidsmarkt en de productie stagneren verder. We zien licht herstel bij de investeringsvolumes en de export. Dat is belangrijk voor Venlo met een relatief grote maakindustrie en logistieke sector. Ook voor de komende jaren blijft het economisch beeld positief, maar ook zeer gematigd. De magere kwartalen die achter ons liggen hebben nog invloed op de economische ontwikkeling van 0,6% in 2024. Het herstel zien we naar verwachting in 2025 duidelijker met een bbp-groei van 1,6%. Naar verwachting trekken ook de investeringen weer aan. De betere vooruitzichten voor bedrijven betekenen dat ook de investeringen in 2025 weer bijdragen aan de groei, nadat ze in 2023 een aantal kwartalen stevig afnamen. De overheidsfinanciën zijn op orde, de staatsschuld bescheiden en de overheidsinvesteringen blijven naar verwachting ook de komende jaren groeien. Het internationale beeld is grillig. Er is een wat aantrekkende groei in de eurozone en een vertragende groei in de VS. Het CPB verwachtte afgelopen najaar nog dat de wereldhandel zou aantrekken. Het is onduidelijk wat de huidige ontwikkelingen betekenen voor de handelsbetrekkingen tussen de afzonderlijke economische regio's.

Het is duidelijk dat er inmiddels een meer dan stevige internationale koersverschuiving is. Actueel zijn uiteraard de import- en exporttarieven die door de afzonderlijke economische regio’s en landen aan elkaar zijn en worden opgelegd. Daarnaast is het nog onduidelijk wat het effect zal zijn van de enorme investeringen die zijn aangekondigd in de Europese defensie. Enerzijds betekent dit naar verwachting een budgettaire uitdaging voor overheden, anderzijds mogelijk een stimulering van een belangrijk deel van de Europese maakindustrie.

In de Economische Visie Venlo 2030 is de focus verschoven van pure economische groei naar het versterken van de brede welvaart in Venlo. Het idee dat de regio structureel achterblijft, is inmiddels 15| KADERNOTA 2026

achterhaald. In de periode 1996-2023 groeide de economie in Noord-Limburg gemiddeld net zo hard als in andere regio’s. Dat komt mede doordat we vlakbij Brainport Eindhoven zitten en de steeds betere samenwerking tussen onderwijsinstellingen en het bedrijfsleven. Voor 2025 is de verwachting dat de regionale economische groei iets lager uitvalt dan het landelijk gemiddelde. Dit komt door de sterke exportafhankelijkheid van de regio en met de blijvende krapte op de arbeidsmarkt.

Gerealiseerde en verwachte economische groei per arbeidsregio in procenten. Noord-Limburg maakte de afgelopen jaren een sterke toename van brede welvaart door. Er waren maar twee andere regio’s in Nederland tussen 2013 en 2022 die een grotere vooruitgang lieten zien. De regio staat nu in de middenmoot en staat op de 21e plaats van de 40 Nederlandse regio’s. Hiermee hebben we omliggende regio’s ingehaald. De economische groei hielp mee aan deze stijging van brede welvaart. Landelijk wordt circa 28% van de brede welvaart toegeschreven aan economische ontwikkeling. Toch staat de brede welvaart in Noord-Limburg onder druk door uitdagingen zoals de krappe woningmarkt en de gevolgen van vergrijzing. Deze factoren beïnvloeden niet alleen de economie, maar ook het welzijn, de gezondheid, sociale contacten en maatschappelijke betrokkenheid.

16| KADERNOTA 2026

Aandacht voor de regio Het beleid van het kabinet heeft veel invloed op de regio Venlo. Vooral door initiatieven die gericht zijn op grensoverschrijdende samenwerking en regionale versterking. De coördinerende rol van de minister van BZK is met het aantreden van het kabinet Schoof groter geworden waar het gaat om ontwikkeling van regio’s. Het programma 'Regio's aan de Grens' is geïntroduceerd om de samenwerking tussen Nederland en de buurlanden te versterken. Dit wordt voortgezet. Dit geldt ook voor het toekennen van de regiodeals. Noord-Limburg begint in 2026 aan de uitvoering van de tweede regiodeal. Met de projecten onder de regiodeals worden regionale uitdagingen aangegaan en gezamenlijke kansen benut om de regio te versterken. In de toetsing van beleidsmaatregelen kwam meer aandacht (Leidraad Grenseffecten) voor grensregio’s waar beleidsmaatregelen anders kunnen uitpakken dan in anderen delen van Nederland. De zogenaamde grenseffecten. Ook is er na het rapport Elke Regio Telt! meer aandacht van het Rijk voor de specifieke uitdagingen in grensregio’s, zoals bevolkingsdaling en het behoud van voorzieningen. Venlo is als een van de elf experimenteerregio’s in gesprek hierover het Rijk. De minister van BZK kondigde een Nationaal Programma Vitale Regio’s (NPVR) aan. De financiering van de uitvoering hiervan is op dit moment nog onduidelijk.

Culturele infrastructuur We zien dat weer meer mensen culturele organisaties bezoeken. Het aantal bezoekers zit bijna op het niveau van vóór de Coronapandemie (2019). Ook veel mensen bezoeken de Venlose culturele instellingen. De afgelopen jaren hebben we geïnvesteerd in het solide maken en houden van de culturele basisinfrastructuur. Dit was nodig. We zien dat instellingen nog steeds met moeite hun begroting sluitend kunnen maken. Bij de podiuminstellingen komt dit onder meer door de sterk gestegen personeelskosten en de tegenvallende inkomsten uit horeca. Dit is een landelijke trend. De marges worden steeds kleiner door accijnsverhogingen en prijsverhogingen van leveranciers. Specifieke uitkeringen stelden ons in staat om cultuur in te zetten om jongeren weerbaarder te maken. In Venlo is hiervoor het programma ‘We are Today ’ (WAT) ontwikkeld. Dit programma is zeer succesvol. Jongeren komen uit hun isolement en maken nieuwe samenwerkingsverbanden. Dit leidt tot nieuwe, zelf ontwikkelde, vormen van cultuur in de stad en zorgt voor saamhorigheid.

Zorg Transformatie van zorg naar gezondheid De zorg in Nederland staat voor grote uitdagingen. Tot 2050 krijgen we te maken met drie belangrijke opgaven: 1. Zorgen voor toegankelijke en kwalitatieve zorg en ondersteuning. 2. Het verbeteren van de gezondheid van álle inwoners. 3. De impact van klimaatverandering op gezondheid en leefomgeving.

17| KADERNOTA 2026

Toegankelijke en kwalitatieve zorg onder druk De zorgvraag in Nederland blijft de komende jaren groeien. Dit komt vooral door de vergrijzing en de toename van chronische aandoeningen. In Venlo wordt bijvoorbeeld verwacht dat het aantal mensen met dementie stijgt van 2.000 naar 2.500 in 2030. Dit is een bovengemiddelde toename ten opzichte van het landelijke cijfer. Ook komen er meer inwoners met chronische aandoeningen in NoordLimburg. Naar verwachting komen er tot 2030 zo’n 5.500 patiënten bij.

Verder is er sprake van een steeds complexere zorgvraag. Dit komt mede door sociale problematiek en een slechtere algemene gezondheid. Dit zet de toegankelijkheid en betaalbaarheid van de zorg onder druk. De landelijke akkoorden zoals het Integraal Zorgakkoord, het Gezond en Actief Leven Akkoord en het Ouderenakkoord zijn bedoeld om de zorg toekomstbestendig te maken. Maar de uitvoering is lastig door een aanhoudend personeelstekort. Dit zorgt voor langere wachttijden en minder beschikbare ondersteuning voor inwoners.

Ook mantelzorg en vrijwilligerswerk, beide cruciale pijlers binnen de zorg, nemen af. Nu zijn er 15 potentiële mantelzorgers per hoogbejaarde beschikbaar. Dit daalt in 2040 naar slechts zes. Ook staan sociale cohesie en onderlinge betrokkenheid onder druk door maatschappelijke polarisatie.

Een andere randvoorwaarde voor een gezonde samenleving is bestaanszekerheid. De Commissie Sociaal Minimum stelde in 2023 vast dat het landelijke sociaal minimum voor veel huishoudens onvoldoende is om rond te komen. Ondanks landelijke regelingen hebben veel huishoudens structureel € 200 tot € 500 per maand te weinig. Dit laat zien hoe belangrijk lokale ondersteuning is.

De staat van de jeugd en jeugdzorg Veel jongeren groeien op zonder noemenswaardige problemen. 83% van de jongeren onder de 23 jaar ervaart zijn of haar gezondheid als (zeer) goed. Toch stijgt de zorgvraag binnen de jeugdzorg. In Venlo ontvangt 14,1% van de jongeren jeugdzorg. Dit is meer dan het landelijke gemiddelde van 13,5%. Vooral gespecialiseerde zorg zoals jeugdhulp met verblijf, jeugdbescherming en jeugdreclassering komt relatief vaker voor in Venlo. Dit heeft mede te maken met de wijziging van het woonplaatsbeginsel in de Jeugdwet. Hierdoor zijn gemeenten verantwoordelijk geworden voor langdurige jeugdzorg, zoals pleegzorg. Daarnaast maken meer jongeren gebruik van ambulante hulp. Dit komt doordat het beleid stuurt op minder verblijfszorg en meer ondersteuning thuis. Hierdoor is er intensievere zorg voor jeugdigen met zwaardere problematiek. De kosten worden ook hoger. Dit komt omdat er meer cliënten gebruik van maken en door hogere tarieven en loonindexeringen in de zorgsector. Ook zijn er personeelstekorten in de jeugdzorg, vooral op het gebied van regiebehandelaren. Hierdoor lopen de wachttijden op en duren behandeltrajecten langer. Uit signalen blijkt dat bijna een derde van de zorginstellingen in financieel zwaar weer verkeert. Dit is vooral zo in de jeugdzorg met verblijf, gehandicaptenzorg en ouderenzorg.

18| KADERNOTA 2026

Naast zorginhoudelijke problemen zijn er ook maatschappelijke uitdagingen voor jongeren. Er zijn vaker complexe problematieken zoals psychiatrische aandoeningen, gedragsproblemen, schooluitval en economische problematiek. In het schooljaar 2023-2024 nam de druk op het gespecialiseerd onderwijs in Venlo toe, met wachttijden en beperkte doorstroommogelijkheden naar speciaal onderwijs en praktijkonderwijs. Hierdoor wordt de druk op het reguliere onderwijs groter en dit kan verzuim en extra jeugdzorgvragen veroorzaken. Het aantal meldingen van ongeoorloofd schoolverzuim steeg in 2022-2023 naar 956. Dit is een toename van 113 meldingen ten opzichte van vorig jaar. Opvallend is dat het aantal meldingen steeg, terwijl het aantal verzuimende leerlingen ongeveer gelijk bleef. Dit wijst op een intensiever probleem bij een kleinere groep jongeren. Volgens de deskundigencommissie Hervormingsagenda Jeugd is de Hervormingsagenda Jeugd een noodzakelijke stap. Maar het is niet voldoende om de jeugdzorg structureel te verbeteren. De oplossing moet niet alleen in de zorgsector gezocht worden, maar vooral in het gezin, op school en in de samenleving.

Arbeid Krappe regionale arbeidsmarkt Deze demografische ontwikkeling betekent dat het aandeel van de Venlose bevolking dat beschikbaar is voor betaald werk is gedaald en naar verwachting verder zal dalen. De groeiende bevolking en meer dan gemiddelde (ten opzichte van Nederland) toegenomen arbeidsparticipatie remt dit weer. De verhouding werkenden-niet werkenden groeide in de afgelopen 10 jaar van 67,7% naar 72,4%. Op landelijk niveau is er een kleinere toename van 67,9% naar 70,3%.

In verschillende sectoren veel vacatures De arbeidsmarkt in Noord-Limburg staat onder druk, ondanks de economische laagconjunctuur. Dat is ook zo in andere regio's. Er zijn te weinig werkzoekenden voor het aantal vacatures. Dit geldt in verschillende sectoren. In 2022 was dit probleem het grootst. De afgelopen tijd is het iets beter, maar blijft lastig. Dit blijkt uit de spanningsindicator. Deze meet de verhouding tussen openstaande vacatures en beschikbare werkzoekenden. De vraag naar personeel blijft hoog. Dit komt deels doordat oudere werknemers met pensioen gaan, en er onvoldoende nieuwe arbeidskrachten bij komen. In de komende jaren bereiken ongeveer 63.600 mensen tussen de 50 en 65 jaar in Noord-Limburg de pensioengerechtigde leeftijd. Er zijn niet genoeg jongere werkenden die hun plek innemen. Hierdoor neemt de potentiële beroepsbevolking af. Dit versterkt de krapte op de arbeidsmarkt verder. Dit geldt vooral voor sectoren waarin al langer een tekort aan personeel is, zoals de zorg, het onderwijs en de techniek. In de zorg zijn vooral verzorgenden, verpleegkundigen en specialisten in de geestelijke gezondheidszorg hard nodig. De technische sector heeft te weinig mbo-opgeleide vakmensen, zoals machinemonteurs, elektriciens, loodgieters en installateurs. In het onderwijs zijn leerkrachten nodig in het basisonderwijs en docenten in het voortgezet onderwijs.

De ICT-sector blijft, ondanks een afname in de groei, kampen met een tekort aan programmeurs, cybersecurityspecialisten en IT-analisten. 19| KADERNOTA 2026

Verschillende aanpakken tegen krapte op de arbeidsmarkt Om de krapte op de arbeidsmarkt tegen te gaan, worden verschillende strategieën ingezet. Bijvoorbeeld omscholing en bijscholing. Er is steeds meer aandacht voor praktijkgerichte opleidingen en levenslang leren. Zo kunnen werkzoekenden sneller inspelen op de veranderende arbeidsmarkt. Verder zet de industrie steeds meer in op automatisering en digitalisering om het tekort aan arbeidskrachten te compenseren. Werkgevers investeren in technologische innovaties die de productiviteit verhogen en hen minder afhankelijk maakt van menselijke arbeid. Ook wordt er gekeken naar het verhogen van de arbeidsparticipatie, bijvoorbeeld door deeltijdwerkers en ouderen te stimuleren om meer uren te werken of langer te blijven werken. Uit onderzoek blijkt dat steeds meer 67-plussers doorwerken. Dit is vaak in deeltijd. Zij kunnen zo een bijdrage leveren aan het verminderen van de krapte. Werkgevers moeten dan wel bereid zijn om flexibele werkregelingen te faciliteren.

Kraptemonitor Noord-Limburg, 4e kwartaal 2024 De verwachting is dat –als gevolg van de conjunctuur- het aantal faillissementen, ontslagen en WWuitkeringen de komende tijd zal oplopen. Vooral in sectoren met grote maatschappelijke opgaven, zoals de zorg, het onderwijs, de overheid, ICT en techniek, blijft de krapte echter een structureel probleem.

20| KADERNOTA 2026

Daarom zijn strategische beleidsmaatregelen nodig om de structurele tekorten in de regio aan te pakken. Dit vraagt investeringen in onderwijs en scholing, technologische innovaties, migratiebeleid en maatregelen om de arbeidsparticipatie te verhogen.

Arbeidsmigratie Het kabinet zet in op een selectiever en gerichter arbeidsmigratiebeleid. Venlo volgt dit thema en de mogelijke effecten van deze nieuwe koers op de voet vanwege de impact ervan op de regio NoordLimburg. Dit lijkt aan te sluiten bij de economische visie van Venlo ‘Van volume naar waarde’. We zijn vooral scherp op de uitwerking van het nieuwe beleid, het tegengaan van misstanden en het voorkomen van dakloosheid.

Arbeidsmarktontwikkelingen en de gemeente Venlo als werkgever Ook de gemeente Venlo moet meer inspanningen op het gebied van werving en behoud van personeel doen. Want ook Venlo kampt met een structurele krapte op de arbeidsmarkt. Ook voor gemeenten is er een krappe arbeidsmarkt. Bepaalde functies zijn moeilijk te vervullen. Dat maakt dat we veel gebruik maken van inhuur/ collectief geheugen. Uit de Personeelsmonitor 2023 blijkt dat met name bepaalde functiegebieden moeilijk vervulbaar zijn. Dit zijn:

Personeelsmonitor sector gemeenten 2023 (editie 2024 verschijnt in juni 2025) -

Juridische vacatures worden in Venlo nog relatief goed vervuld. Dit is bij andere gemeenten niet zo. Het kan zijn dat in de toekomst voor Venlo ook lastig wordt, vooral in juridische specialisaties binnen het omgevingsrecht en bestuursrecht.

-

Voor specialistische functies in het sociaal domein en de zorg geldt dat er veel vraag is naar medewerkers in het sociaal domein, zoals jeugdzorgmedewerkers en consulenten voor sociale voorzieningen. Door de toenemende zorgvraag en complexe casuïstiek is de werkdruk in deze sector hoog. Hierdoor worden vacatures moeilijk ingevuld.

-

Het aantrekken van ervaren managers en hoofden blijkt een uitdaging. Vooral in beleidsmatige en technische vakgebieden. Dit komt door hoge eisen en beperkte doorstroom.

21| KADERNOTA 2026

We moeten scherp inspelen op de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt en strategische keuzes maken voor de toekomst.

Voor de gemeente Venlo is het nodig om strategische keuzes te maken om een toekomstbestendige organisatie te waarborgen. Het gaat om korte- en langetermijnmaatregelen op het gebied van werving, behoud en ontwikkeling van personeel. -

Binnenhalen en binden van talent: Venlo moet zich duidelijker profileren als een aantrekkelijke werkgever (employer branding). Actief werven, gerichte en eenduidige arbeidsmarktcommunicatie kan (latent) werkzoekenden enthousiast maken. Samenwerking met onderwijsinstellingen en regionale bedrijven kan helpen om jonge professionals te interesseren voor een loopbaan bij de gemeente.

-

Boeien, behouden en bewegen: Medewerkers behouden is minstens zo belangrijk als nieuwe collega’s aantrekken. Dit kan door aandacht voor werkplezier en vitaliteit, leren en ontwikkelen, doorgroeimogelijkheden en een gezonde werk-privébalans. (Strategische) personeelsplanning helpt om de personeelsbehoefte in beeld te krijgen, kan helpen bij interne doorstroming van personeel en helpt vooruit te plannen bij personeel dat vertrekt.

-

Werk anders organiseren: Slimmer gebruik van technologie en innovatie: Digitalisering en automatisering kunnen werkdruk verminderen bij moeilijk vervulbare functies en zorgen voor meer effectiviteit en efficiëntie. Denk aan AI, robotisering en datagedreven besluitvorming in beleidsontwikkeling en dienstverlening. Medewerkers kunnen zich dan meer richten op complexe taken waar menselijke expertise nodig is.

Bijstandsontwikkeling Het aantal inwoners dat voor hun inkomen afhankelijk is van de gemeente Venlo daalde de afgelopen jaren. Maar nu zien we een geleidelijke stijging, met name bij de kortdurende (<6 maanden) en langdurige werkloosheid (>10 jaar). Ontwikkeling bestand bijstandsgerechtigden in de gemeente Venlo op leeftijd

Ontwikkeling bestand bijstandsgerechtigden in de gemeente Venlo op duur.

De ontwikkeling van de kortdurende inkomensondersteuning hangt waarschijnlijk samen met de actuele conjuncturele zwakte en de netto-instroom van vluchtelingen. Vluchtelingen hebben over het 22| KADERNOTA 2026

algemeen enige tijd nodig om zich aan te passen aan de Nederlandse samenleving en de arbeidsmarkt. Het groeiende aantal inwoners dat langer dan 10 jaar van inkomensondersteuning afhankelijk is, is vooral uitdagend. De groep oudere inwoners (58+) met een bijstandsuitkering groeit al langer. Waarschijnlijk komt dit mede door de verhoging van de AOW-gerechtigde leeftijd.

Onderwijs en opleidingen Kennisinfrastructuur en internationale studenten Het kabinet Schoof kondigde brede bezuinigingen aan op onderwijs, waaronder op de instroom van internationale studenten. De nieuwe wet Internationalisering in Balans kan nadelige gevolgen hebben voor de kennisinfrastructuur in Noord-Limburg. We zetten onze gezamenlijke lobby hierop voort.

Minder MBO-studenten zijn een uitdaging voor de regionale economie. Jongeren trekken vaak weg om elders te studeren en keren daarna niet terug om in Noord-Limburg te wonen en te werken. Het wordt steeds belangrijker om jongeren aan de regio te binden. Investeringen in onderwijs en kennisinfrastructuur, zoals de samenwerkingen met UM, HAS, Fontys, Gilde Opleidingen en Brightlands Campus Greenport Venlo, spelen hierin een cruciale rol. Het plan van het kabinet om het aantal internationale studenten te verminderen, is een risico. Deze groep levert een belangrijke bijdrage aan de kenniseconomie van de regio.

Jaarlijkse vervangings- en uitbreidingsvraag naar opleidingsvraag tot 2028 Noord-Limburg Om de regio toekomstbestendig te houden, is innovatie essentieel. Dit betekent investeren in start- en scale-ups, het ontwikkelen van nieuwe businessmodellen en het versterken van de samenwerking tussen bedrijven en onderwijsinstellingen. De Brightlands Campus Greenport Venlo speelt hierin een sleutelrol. Digitalisering, AI en robotisering gaan de regionale economie en arbeidsmarkt ingrijpend veranderen. Deze technologieën kunnen de productiviteit verhogen. Zo kunnen ze bijdragen aan economische groei en brede welvaart, ook bij een krimpende beroepsbevolking. Dit geldt vooral voor sectoren zoals de agrarische sector, maakindustrie, logistiek en zorg. Tegelijkertijd zullen routinematige en administratieve functies verdwijnen en nieuwe banen ontstaan zoals dataanalisten, AI-specialisten en robottechnici. Dit vraagt om nieuwe en hogere opleidingseisen, nieuwe vaardigheden en een mentaliteit van levenslang leren. Er wordt gewaarschuwd voor een mogelijke tweedeling op de arbeidsmarkt. Er kan een kloof ontstaan tussen de vaardigheden die werknemers hebben en de vaardigheden die nodig zijn in een steeds verder gedigitaliseerde economie. 23| KADERNOTA 2026

Ondermijning Onze gemeente ligt strategisch aan de Duitse grens en met logistieke hubs zoals Tradeport Venlo. Hierdoor zijn we ook kwetsbaar voor drugshandel en internationale doorvoer van verdovende middelen. Jongeren komen steeds vaker in aanraking met drugscriminaliteit. Dit komt ook omdat drugsgebruik normaler wordt gevonden. Nieuwe Psychoactieve Stoffen (NPS) winnen terrein, terwijl we nog niet weten wat de risico’s en omvang zijn. Vanaf 1 juli 2025 worden deze synthetische drugs verboden. De binnenlandse hennepteelt wordt minder. De handel in cocaïne en XTC blijft lucratief. In Noord-Limburg zijn de meeste signalen van arbeidsuitbuiting in de provincie. Door arbeidsmarktkrapte en steeds meer vluchtelingen neemt de kwetsbaarheid van arbeidsmigranten toe. Dit werkt misstanden in de hand. Binnen het sociaal domein neemt de kans van ondermijning toe door bezuinigingen en systeemkwetsbaarheden. Criminelen misbruiken dit door bijvoorbeeld valse diploma’s en certificaten te gebruiken in de zorgsector. Jongeren in Limburg lopen meer risico op ondermijnende criminaliteit. Ze worden gelokt door snel geld verdienen en wantrouwen in de overheid. Uit onderzoek blijkt dat zij vaker zware delicten plegen dan lichtere vergrijpen. Daarnaast groeit het aantal jonge cybercriminelen; bijna de helft van de verdachten is onder de 22 jaar.

De FIOD signaleert een nieuw fenomeen waarbij jongeren in groepsverband BTW-fraude plegen, met grote financiële schade als gevolg.

Digitalisering en technologisering Werk Anders Organiseren met AI en Robotisering Binnen de publieke sector is het nodig om werk anders te organiseren. AI en robotisering bieden hierbij kansen. Automatisering kan routinematige administratieve taken overnemen. Dan kunnen medewerkers zich richten op complexere vraagstukken. Denk aan AI-gestuurde gegevensverwerking, chatbots voor klantcontact en data-analyse voor de ondersteuning van beleid. Deze innovaties verlagen de werkdruk en verhogen de effectiviteit van gemeentelijke organisaties, ondanks de krappe arbeidsmarkt.

Desinformatie, Misinformatie en Nepnieuws Desinformatie en nepnieuws zijn een groeiende uitdaging voor gemeenten. Misleidende informatie kan het vertrouwen van burgers ondermijnen, gemeenschappen polariseren en het uitvoeren van beleid lastiger maken. Om dit tegen te gaan, moeten gemeenten actief betrouwbare informatie verspreiden, mediawijsheid bevorderen en samenwerken met media, techbedrijven en andere partners om desinformatie effectief aan te pakken. In juni 2024 presenteerde het kabinet een reeks nieuwe maatregelen om desinformatie te bestrijden. Dit zijn een intensieve samenwerking tussen overheid, media en technologiebedrijven, de oprichting van een speciaal team voor de detectie en bestrijding van desinformatiecampagnes en de ontwikkeling van educatieve programma’s en voorlichtingscampagnes voor burgers. Daarnaast wordt ingezet op meer transparantie over de algoritmes van sociale mediaplatforms en een 24| KADERNOTA 2026

versterking van de wetgeving om effectiever te kunnen optreden. Deze aanpak vergroot de digitale weerbaarheid van zowel gemeenten als inwoners. Hiermee kan de impact van nepnieuws beter worden beperkt.

Technologie Inzetten voor Maatschappelijke Opgaven Innovaties zoals AI, data, sensortechnologie en smart city-oplossingen spelen een steeds grotere rol bij het optimaliseren van beleid en dienstverlening binnen gemeenten. Denk aan 3D-geodata voor ruimtelijke ordening of slimme sensoren voor mobiliteit en veiligheid. Door technologie strategisch in te zetten, kunnen lokale overheden maatschappelijke uitdagingen effectiever aanpakken.

Digitale Weerbaarheid en Digitale Autonomie Het Cybersecuritybeeld Nederland 2024 en de Nederlandse Cybersecurity Strategie benadrukken het belang van digitale weerbaarheid. Hoewel digitalisering veel voordelen biedt, zijn er ook risico’s. Denk aan cyberdreigingen en dat we meer afhankelijk worden van buitenlandse technologie. Voor de digitale veiligheid zet het kabinet in op het versterken van digitale vaardigheden binnen overheden en bij inwoners, een intensievere samenwerking tussen publieke en private partijen en meer onderzoek en innovatie op het gebied van cybersecurity. Met deze maatregelen werken we aan een veilige en toekomstbestendige digitale samenleving.

Wetgeving Op dit moment zijn de volgende wetswijzigingen in 2026 bekend. Komende maanden volgen er meer.

Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (1-1-2026) Dit wetsvoorstel wijzigt bepalingen in de Algemene wet bestuursrecht (Awb) over elektronisch bestuurlijk verkeer. Door de WMEBV krijgen burgers en ondernemers het recht om digitaal met de overheid te communiceren. De gemeente moet de digitale kanalen aanwijzen die burgers en ondernemers daarvoor kunnen gebruiken. Bij het gebruik van de digitale weg gelden nieuwe waarborgen, zoals notificatie, ontvangstbevestiging en termijnverlenging bij storing. Ook wordt de overheid verplicht om passende ondersteuning te bieden bij bestuurlijk verkeer. Deze ondersteuning moet zijn afgestemd op de aard van de dienstverlening en de doelgroepen.

Archiefwet 2021 (2026, exacte datum niet bekend) In de Archiefwet staat dat de overheid haar informatie op een goede manier moet bewaren. Dat is belangrijk voor de bedrijfsvoering van de overheid zelf en ook voor publieke verantwoording, rechtsvinding en vanuit cultuur-historisch perspectief. De huidige wetgeving gaat vooral over papier. De Archiefwet wordt aangepast aan digitale ontwikkelingen. Zo wordt voortaan zowel papieren als digitale overheidsinformatie duurzaam bewaard.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/888/documents/22428