CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

080 Bijl01 BP toelichting.pdf

Raadsvergadering 25 september 2024, gemeente VenloBij agendapunt: 6.5: Vaststellen bestemmingsplan Dijkversterking -verlegging Arcen (RV080)29.065 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Inhoudsopgave

2

Toelichting

3

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Algemeen 1.2 Plangebied 1.3 Geldende bestemmingsplannen 1.4 Leeswijzer

5 5 10 13 21

Hoofdstuk 2 Planbeschrijving 2.1 Ontstaansgeschiedenis 2.2 Bestaande situatie 2.3 Toekomstige situatie

23 23 26 31

Hoofdstuk 3 Beleid 3.1 Rijksbeleid 3.2 Provinciaal beleid 3.3 Beleid waterschap 3.4 Gemeentelijk beleid

53 53 58 64 67

Hoofdstuk 4 Randvoorwaarden en onderzoek 4.1 Milieu 4.2 Waarden 4.3 Waterparagraaf

69 69 77 100

Hoofdstuk 5 Juridische aspecten 5.1 Algemeen 5.2 Regels en verbeelding

121 121 121

Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid 6.1 Financiële uitvoerbaarheid 6.2 Grondverwerving 6.3 Financieel nadeel 6.4 Conclusie

127 127 127 127 128

Hoofdstuk 7 Overleg en inspraak 7.1 Overleg ex artikel 3.1.1 Bro 7.2 Terinzagelegging ontwerpbestemmingsplan

129 129 129

Toelichting

3

4

Hoofdstuk 1 Inleiding Voorliggend rapport betreft het bestemmingsplan "Dijkversterking en -verlegging Arcen" van de gemeente Venlo.

1.1 Algemeen 1.1.1 Aanleiding Om te borgen dat Nederland nu en in de toekomst beschermd is tegen overstromingen, is wettelijk vastgelegd dat primaire waterkeringen periodiek worden gecontroleerd. Primaire waterkeringen die niet op orde zijn, worden versterkt. Afspraken over welke primaire waterkeringen wanneer aangepakt worden, leggen het Rijk en de waterschappen gezamenlijk vast in het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP). Het HWBP wordt jaarlijks geactualiseerd en steeds voor een periode van zes jaar opgesteld, met een doorkijk naar twaalf jaar. Het doel van het huidige programma is het op orde krijgen van de primaire waterkeringen die in de afgelopen en lopende toets/beoordelingsronde zijn afgekeurd. Waterschap Limburg (WL) is verantwoordelijk voor de hoogwaterbescherming in het door haar beheerde gebied. Ze werkt daarbij nauw samen met partners als het Rijk, Provincie Limburg, betrokken gemeenten en naastgelegen waterschappen. Na de hoge rivierwaterstanden in 1993 en 1995 zijn in het beheergebied van WL in snel tempo Maaskades aangelegd die als nooddijk fungeerden met een overstromingskans van circa 1/50 per jaar. Deze Maaskades zouden deels een tijdelijke functie hebben en vooruitlopend op rivierverruiming hoogwaterbescherming bieden tegen de hoge rivierwaterstanden zoals deze in 1993 en 1995 optraden.

De Maaskades zijn in de Waterwet (2009) opgenomen als priamiare waterkeringen. Op 1 januari 2017 is de Waterwet gewijzigd. Er zijn nieuwe wettelijke normen voor hoogwaterveiligheid in werking getreden. Voor ieder dijktraject bestaan de wettelijke normen uit twee delen, beide uitgewerkt in een overstromingskans per jaar. Ten eerste de signaleringswaarde, de overstromingskans per jaar die de beheerder het sein geeft dat de waterkering op termijn versterkt moet worden. Daarnaast de ondergrens, de overstromingskans per jaar waarop het dijktraject gedurende de gehele levensduur ten minste berekend moet zijn. Voor dijktraject Arcen betreft dit een signaleringswaarde van 1/300 per jaar en een ondergrens van 1/100 per jaar. Na dijkverbetering dient de waterkering gedurende de gehele levensduur in ieder geval veiliger te zijn dan de ondergrenswaarde. Op basis van de nieuwe normen voor hoogwaterbescherming in de Waterwet zijn veel dijken in het beheergebied van Waterschap Limburg afgekeurd op hoogte en sterkte. In 2016 heeft het Waterschap een dijkverbeteringsprogramma opgestart om diverse dijktrajecten in de Noordelijke Maasvallei te verhogen en te versterken. Deze dijkverbeteringen zijn opgenomen in het landelijke Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP).

Waterschap Limburg, Rijkswaterstaat, provincie Limburg, ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, gemeente Beesel, gemeente Bergen, gemeente Leudal, gemeente Maasgouw, gemeente Peel en Maas, gemeente Roermond en gemeente Venlo hebben samen de Stuurgroep HWBP Noordelijke Maasvallei opgezet. Deze Stuurgroep adviseert de bevoegde bestuursorganen met betrekking tot de te nemen besluiten. De doelstelling van het dijkversterkingsprogramma is primair: het verbeteren van de waterveiligheid in de Maasvallei (versterkingsopgave). De secundaire doelstelling is het versterken van gebiedskwaliteiten (opgave ruimtelijke kwaliteit). Deze doelstellingen zijn van alle betrokken partners binnen de Stuurgroep HWBP Noordelijke Maasvallei.

5

Figuur 1: Locaties dijkversterkingen Waterschap Limburg in het Hoogwaterbeschermingsprogramma.

1.1.2 Doelstelling Het project Arcen geeft invulling aan de doelstellingen vanuit verschillende programma's. Allereerst maakt het onderdeel uit van het Hoogwaterbeschermingsprogramma( HWBP Noordelijke Maasvallei). Het project heeft daarnaast extra opgaven meegekregen: de systeemopgave (vanuit het Deltaprogramma Maas) en de beekherstelopgave (vanuit de Europese Kaderrichtlijn Water).

6

1.1.2.1

Hoogwaterbeschermingsopgave

In 1993 en 1995 vonden er overstromingen plaats in het stroomgebied van de Maas. Om nieuwe overstromingen te voorkomen zijn er in 1996 onder de noodwet keringen aangelegd op verschillende plekken langs de Maas. De veronderstelling was dat dit tijdelijke maatregelen waren, maar de keringen blijken blijvend nodig te zijn. In 2005 hebben de keringen langs de Maas de wettelijke status “primaire (water)keringen” gekregen. In 2010 zijn de keringen in Limburg getoetst en voor een groot deel afgekeurd. De afgekeurde Limburgse keringen zijn ingebracht bij het landelijke Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP). Sinds de Waterwet op 1 januari 2017 is gewijzigd zijn er nieuwe wettelijke normen voor hoogwaterveiligheid in werking getreden. In 2050 moeten alle primaire waterkeringen voldoen aan deze normen. Voor ieder dijktraject bestaan de wettelijke normen uit twee delen, beide uitgewerkt in een overstromingskans per jaar. Ten eerste wordt er een signaleringswaarde gehanteerd: de overstromingskans per jaar die de beheerder het sein geeft dat de waterkering op termijn versterkt moet worden (voor Arcen is dit 1/300e per jaar). Daarnaast wordt er een ondergrens vastgesteld: de overstromingskans per jaar waarop het dijktraject gedurende de gehele levensduur ten minste berekend moet zijn (voor Arcen is dit 1/100e per jaar).

Na een dijkverbetering dient de waterkering gedurende de gehele levensduur in ieder geval veiliger te zijn dan de ondergrenswaarde. De huidige kering in het dijktraject Arcen is 5.103 meter lang en is afgekeurd op de vereiste hoogte over het gehele traject, kwel en piping. Om te kunnen voldoen aan de ter plaatse berekende hoogteopgave van de kering van 17,40 meter tot 18,10 meter +NAP dient de duigie kering opnieuw te worden ontworpen. Rekening houdend met de andere opgaven (hierna verder toelgelicht) wordt de hoogwaterbeschermingsopgave ingevuld door de bestaande waterkering geheel te vervangen en met name in het noordelijke deel dichter tegen de bebouwde kom van Arcen te leggen (systeemopgave). In Arcen-Midden wordt de waterkering uitgevoerd als een glazen wand óf als een zelfsluitende kering. In Arcen-Noord en Arcen-Zuid wordt een ‘groene’ kering van grond aangelegd die aansluit op de hoge gronden aan de rand van het Maasdal. Op een aantal plaatsen worden coupures aangelegd die bij hoogwater worden gesloten. Op maatwerklocaties en langs de kasteeltuin wordt geen groene kering aangelegd maar een verticale constructie (keermuur). In de planuitwerkingsfase is dit tracé nader uitgewerkt en geoptimaliseerd tot een referentieontwerp voor de waterkering dat de basis is voor de juridische procedures en de realisatiefase.

1.1.2.2

Systeemopgave

Naast de versterkingsopgave heeft Waterschap Limburg een extra opgave meegekregen vanuit het Deltaprogramma Maas: de systeemopgave. Versterking van de bestaande dijktrajecten betekent namelijk dat ruimte van de rivier verloren gaat: een aanzienlijk deel van het rivierbed komt dan achter de nieuwe primaire kering te liggen. In de huidige situatie zijn de gronden binnendijks namelijk aangewezen als bergend regime voor de Maas. Om zoveel mogelijk rivierbed te behouden en de stijging van de waterstand te compenseren, zijn zogeheten ‘systeemmaatregelen’ nodig. Hierbij kan gedacht worden aan een dijkteruglegging en retentiemaatregel die de afvoer- en bergingscapaciteit van het riviersysteem vergroten en daarmee hoogwaterstanden verlagen en piping voorkomen. In de verkenningsfase (zie ) zijn verschillende tracés voor de primaire waterkering onderzocht en vergeleken. Dit heeft geleid tot een bestuurlijk vastgesteld tracé voor de nieuwe primaire waterkering (zie figuur 2), waarbij de systeemopgave wordt gerealiseerd in het noordelijke deeltraject tussen de dorpskern van Arcen en het brouwerijcluster. De dijk zal gedeeltelijk landinwaarts verlegd worden om zoveel mogelijk ruimte voor de rivier te behouden. Hiermee worden tevens keringen die niet optimaal in het rivierbed zijn gelegen alsnog op een betere locatie neergelegd.

7

Figuur 2: Het nieuwe dijktraject Arcen met dijkvaknummers en de onderverdeling in de deelgebieden Zuid, Midden en Noord.

1.1.2.2.1

Verkenning op hoofdlijnen

Tussen 2018 en 2020 heeft in het kader van het dijkversterkings- en verleggingsproject Arcen een trechteringsproces plaatsgevonden: de verkenning. Adviseurs, bestuursorganen en belanghebbenden zijn tijdens de verkenning in de gelegenheid gesteld om te adviseren en te reageren over de reikwijdte en het detailniveau van het op te stellen MER. Op basis van de adviezen en reacties is het milieueffectrapport (MER) Fase 1 opgesteld. Het MER Fase 1 richtte zich op de beoordeling van de mogelijke alternatieven voor de versterkingsopgave, de systeemopgave en de beekherstelopgave. De eerste effectbeoordelingen zijn middels verschillende bijeenkomsten besproken met de omgeving. Tevens zijn er ontwerpsessies gehouden met de omgeving, direct betrokkenen en bevoegde gezagen voor de ligging van de waterkering, de beek rondom de watermolen en de systeemmaatregel. Mede op basis van het MER Fase 1 is in de verkenningsfase een voorkeursalternatief (VKA) gekozen. Deze is opgenomen in de Ontwerpnota VKA en vervolgens ter vaststelling aan bestuur van waterschap Limburg voorgelegd. Daarna zijn de Ontwerpnota VKA en het MER Fase 1, ter inzage gelegd. Met inachtneming van zienswijzen, het advies van de Commissie m.e.r. en overige adviezen, heeft Waterschap Limburg in 2020 het voorkeursalternatief (VKA) vastgesteld.

De keuze voor het VKA is in een aparte notitie afgewogen en beschreven: de vastgestelde Nota Voorkeursalternatief Arcen. Met de publicatie van deze nota is de

8

verkenningsfase afgerond. Het VKA uit de verkenningsfase vormt de basis voor de huidige planuitwerkingsfase. De afwegingen die in de verkenning gemaakt zijn, zijn uitgebreid beschreven in het MER Fase 1. De afweging is gebaseerd op een integraal afwegingskader dat bij alle projecten binnen het HWBP Noordelijke Maasvallei wordt toegepast. Het integraal afwegingskader is gebaseerd op vigerend beleid van het waterschap.

1.1.2.3

Beekherstelopgave

Met de derde doelstelling van het project Arcen wordt invulling gegeven aan opgaven uit de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW). De KRW is een richtlijn die moet leiden tot verbetering van de chemische en ecologische kwaliteit van oppervlaktewateren. Het doel van de KRW is dat uiterlijk in 2027 al het water in de EU-lidstaten schoon en gezond is. Binnen het project Arcen geldt alleen een herstelopgave voor de Lingsforterbeek. De benedenloop van de Lingsforterbeek voldoet namelijk niet aan de functie ‘natuurbeek’ zoals vastgelegd in Provinciaal Waterplan 2016-2021 en niet aan de criteria die gelden vanuit de KRW. De natte ecologische verbinding tussen de Maas en het achterland functioneert niet door barrières voor vismigratie bij de beekmonding en de Wijmarsche watermolen. Mede naar aanleiding van de ontvangen zienswijzen op het ontwerpbestemmingsplan en aanvullend overleg met Stichting Het Limburgs Landschap en de gemeente Venlo is besloten om het initiele maatregelontwerp voor beekherstel/vispassage nabij de Wijmarsche watermolen te heroverwegen en een alternatieve oplossing met minder benodigd watervolume te beschouwen.

In verband met het niet tijdig gereed zijn van een nieuw ontwerp voor de vispassage, inclusief het overleg en de afstemming met Stichting het Limburgs Landschap en de gemeente Venlo maakt de vispassage thans geen onderdeel uit van voorliggende planologische procedure. Er wordt een nieuw ontwerp met een nieuwe, op zichzelf staande besluitvormingsprocedure voorbereid waarbij ook wordt ingegaan op de mogelijke (regionale) veranderingen in de waterhuishouding en de mogelijke effecten op de grachten van de kasteeltuin en de fundaties van de watermolen en het molenhuisje.

1.1.2.4

Ruimtelijke kwaliteitsopgave

Naast de waterveiligheidsopgave geldt als secundaire doelstelling de versterking van de ruimtelijke kwaliteit. Deze versterking van de ruimtelijke kwaliteit wordt meegenomen in de ontwerpopgave. De secundaire doelstelling voor het HWBP Noordelijke Maasvallei is het versterken van de gebiedskwaliteiten in de Noordelijke Maasvallei. De technische versterkingsopgave van de dijktrajecten in de Maasvallei resulteert in ruimtelijke ingrepen in het landschap. De totstandkoming van meerwaarde op het gebied van ruimtelijke kwaliteit vergt gezien de opgave van het programma (HWBP Noordelijke Maasvallei) een inspanning en eensgezindheid van alle betrokkenen. Daarbij is het belangrijk dat er op hoofdlijnen overeenstemming is over welke specifieke ruimtelijke kwaliteiten resultaat worden van dit programma. Deze kwaliteiten zijn verwoord in leidende principes, die handvatten bieden voor kwalitatief goede, doelgerichte en duurzame waterveiligheidsmaatregelen voor de korte en lange termijn. Daarmee zijn deze principes noodzakelijk voor de integrale afweging van voorkeursalternatieven. De 5 leidende principes zijn: Landschap leidend; Vanzelfsprekende dijken; Contact met de Maas; Welkom op de dijk; Fundament en katalysator voor ontwikkeling.

Voor een toelichting van de Principes wordt verwezen naar het document “Visie & Leidende Principes Ruimtelijke Kwaliteit, voor het Hoogwaterbeschermingsprogramma noordelijke Maasvallei, April 2019”. De leidende principes blijven gedurende het programma toetssteen voor de ruimtelijke kwaliteit van alle dijktrajecten binnen het programma. 1.1.2.4.1

Meekoppelkansen

Tot slot is er nog sprake van verschillende meekoppelkansen die bijdragen aan de doelstelling voor het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit van het gebied. In de planuitwerkingsfase worden diverse wensen vanuit de omgeving meegenomen in het referentieontwerp: Dubbelzijdig Fietspad vanaf zuidelijke molenvijver direct aan de nieuwe dijk gelegen bij de Schans tot de provinciale weg; Het verplaatsen van de bebouwde kom bij de Schans gecombineerd met een 30 kilometer-plateau en fietsoversteekplaats; Het parkeerterrein tegenover MFA uitbreiden met 7 parkeerplaatsen;

9

Het herinrichten van het Schanstorenplein, inclusief terugbrengen oude gracht en suggestie van een brug in combinatie met de nieuwe te plaatsen kering met diverse wandelroutes; Het herinrichten/verbeteren van de Burgemeester Linderspromenade inclusief de nieuwe kering (landschappelijk, cultuurhistorisch passend); Het duiden op verschillende plekken van de landschappelijk cultuurhistorische waarde van het gebied gecombineerd met de dijkversterking-, of verlegging; Passantenhaven (optioneel).

1.1.3 Het planproces Het HWBP werkt aan de hand van een systematiek die ontleend is aan de werkwijze uit het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT). Dit betekent dat de volgende fasen doorlopen worden: de voorverkenning, de verkenning, de planuitwerking en de realisatie. Het project bevindt zich op het moment van schrijven in de planuitwerkingsfase.

De voorverkenning is gericht op het bepalen van de opgaven van een dijkversterkings- en/of verleggingsproject. Bij de start van de verkenningsfase zijn mogelijke oplossingsrichtingen bepaald en geselecteerd. De verkenningsfase richt zich op het – samen met betrokken stakeholders - verkennen van de mogelijke oplossingsrichtingen en eindigt met de keuze van een voorkeursalternatief. Het voorkeursalternatief is de bestuurlijke voorkeur voor het tracé en het type waterkering. Dit voorkeursalternatief wordt opgenomen in een nota voorkeursalternatief en ter vaststelling aan het Dagelijks Bestuur van het Waterschap Limburg voorgelegd. Op 30 juni 2020 is de Nota dijkverbetering, systeemmaatregel en beekherstel Voorkeursalternatief DT65 Arcen vastgesteld. In de planuitwerkingsfase worden het voorkeursalternatief en eventuele restpunten verder geoptimaliseerd tot een referentieontwerp, dat de basis is voor de juridische procedures en de realisatiefase. Het referentieontwerp wordt vastgelegd in het Projectplan Waterwet, het Besluit Leggerwijziging en het bestemmingsplan. Het Projectplan Waterwet wordt door het Dagelijks Bestuur namens het Algemeen Bestuur van het waterschap vastgesteld en ter visie gelegd, met gelegenheid om zienswijzen in te dienen.

Na verwerking van de zienswijzen in het Projectplan wordt dit door het Dagelijks Bestuur namens het Algemeen Bestuur van het waterschap vastgesteld en ter goedkeuring aan Gedeputeerde Staten van de provincie Limburg voorgelegd. Na goedkeuring wordt het Projectplan ter inzage gelegd en is er gelegenheid om beroep in te stellen. Parallel aan de voorbereiding van het Projectplan vindt de voorbereiding van de realisatie plaats. Het referentieontwerp wordt op onderdelen, voor de uitvoering, nog nader uitgewerkt. Een nadere uitwerking dient te passen binnen het ruimtebeslag dat wordt vastgelegd op de kaarten en dwarsprofielen bij het Projectplan Water, het Besluit Leggerwijziging. Nadat het Projectplan in werking is getreden of onherroepelijk is, start de uitvoering van de werkzaamheden, conform het goedgekeurde Projectplan Waterwet. Het verleggen van de waterkering maakt het noodzakelijk om ook het huidige bestemmingsplan te herzien. Het bestemmingsplan wordt namens de gemeenteraad van Venlo door het College van Burgemeester en Wethouders vrijgegeven voor tervisielegging, met gelegenheid om zienswijzen in te dienen. Deze zienswijzen kunnen aanleiding zijn om plannen te herzien. Na verwerking van de zienswijzen in het bestemmingsplan wordt het definitieve bestemmingsplan en de nota met antwoorden op zienswijzen ter vaststelling aan de gemeenteraad van Venlo aangeboden.

Na vaststelling wordt het plan ter inzage gelegd en is er gelegenheid om beroep in te stellen.

1.2 Plangebied 1.2.1 Arcen Het plangebied betreft de dorpskern Arcen en het buitengebied ten noorden en ten zuiden van de dorpskern en is gelegen aan de oostoever van de rivier de Maas in de luwte van de Maas en de Duitse grens, zie figuur 3. Arcen heeft bijna 2.700 inwoners en ligt sinds 2010 in de gemeente Venlo.

10

Figuur 3: uitsnede topografischekaart ter hoogtevan Arcen en omgeving. De rode stippellijn geeft het tracé van de nieuwe keringschematischweer. De blauwe stippellijn geeft het tracé van de huidige kering shematisch weer.

Binnen het plangebied vormt de oude dorpskern van Arcen de belangrijkste woonkern, die over een lengte van ongeveer 700 meter rechtstreeks aan de Maas grenst. Dit waterfront bestaat uit het Schanstorenplein, de Burgemeester Linderspromenade met de naastgelegen tuinen en terrassen van bewoners en bedrijven aan de Maasstraat en Raadhuisplein. Het gebied is rijk aan erfgoed met onder meer de historische dorpskern, kasteeltuinen, Wijmarsche watermolen, Schanstoren en de Hertog Jan Brouwerij. In het projectgebied liggen diverse doorgaande fiets- en wandelroutes die aansluiten op twee veerdiensten (voet- en fietsveer Arcen-Lottum en de autoveer Arcen-Broekhuizen) en de natuurgebieden ten zuiden en oosten van Arcen (respectievelijk Barbara's Weerd en Maasduinen). Ten noorden van de dorpskern en om het brouwerijcluster ligt een landbouwgebied met grasland, akkerbouwpercelen, een kassencomplex en paardenhouderijen.

11

1.2.2 Huidige kering De huidige kering dijktraject Arcen is in 1996 aangelegd binnen het programma Deltaplan Grote Rivieren. Na de hoogwaters van 1993 en 1995 is op perceelniveau maatwerk geleverd bij het inpassen van de kering. Een deel (700 meter) van de kering loopt door de achtertuinen van bewoners. Daarnaast bestaat de kering in het dorp op een aantal plekken uit bebouwing en/of is de kering onderdeel van een woning, appartementencomplex of horecagelegenheid. In totaal beslaat de lengte van het traject 5.103 meter, bestaande uit gronddijken (2.882 m), keermuren (632 m), tijdelijke keringen (1.290 m) en demontabele keringen (299 m). De demontabele kering loopt door een deel van de achtertuinen van de bewoners langs de Maas en door Brasserie Alt Arce. De tijdelijke kering bestaat uit het plaatsen van zandzakken (zogenaamde ”big-bags”) op twee locaties in Arcen tijdens extreme hoogwaterstanden. Deze locaties bevinden zich op het plein rond de schanstoren, de Schans tussen de Wijmarsche watermolen en de provinciale weg. De huidige overschrijdingskans is 1/50e per jaar. Na toetsing van 4.325 m is de kering afgekeurd op de vereiste hoogte over het gehele traject, kwel en piping. Gemiddeld liggen de waterkeringen circa 1 tot 1.6 m te laag. Zie figuur 4 voor de ligging van de huidige kering in het plangebied.

12

Figuur 4: tracé huidige kering in het plangebied .

1.3 Geldende bestemmingsplannen Op het grondgebied van de gemeente Venlo gelden ter hoogte van onderhavig project de volgende juridisch-planologische kaders: Naam plan Bestemmingsplan Buitengebied Beheersverordening Arcen Dorp

Datum vaststelling 28 mei 2009 27 januari 2016

Status Geheel onherroepelijk Geheel onherroepelijk

13

Onderstaand wordt achtereenvolgend ingegaan op het geldende bestemmingsplan en de geldende beheersverordening.

1.3.1 Buitengebied Voor het gehele buitengebied van Arcen is het bestemmingsplan 'Buitengebied' van toepassing, zoals onherroepelijk vastgesteld door de gemeenteraad van Venlo op 28 mei 2009. Het plangebied van het voorliggend bestemmingsplan omvat het deel van het plangebied van betreffend bestemmingsplan, zoals weergegeven op figuur 5.

14

Figuur 5: uitsnede verbeelding bestemmingsplan 'Buitengebied' met het huidige dijktraject (donkerblauw gestippeld) en het nieuwe dijktraject verdeeld over de trajecten Noord (blauwe lijn) en Zuid (groene lijn) weergegeven.

15

1.3.1.1

Enkelbestemming

Op basis van het bestemmingsplan 'Buitengebied' gelden voor het plangebied de enkelbestemmingen 'Natuurgebied' (art. 4), 'Bosgebied' (art. 5), 'Agrarisch gebied met natuurwaarden' (art. 6), (art. 4), 'Agrarisch gebied met landschappelijke waarden' (art. 7), 'Waterdoeleinden' (art. 12), 'Verkeersdoeleinden' (art. 14), 'Agrarische bedrijfsdoeleinden' (art. 15). en Bedrijfsdoeleinden (art. 16). Deze bestemmingen worden navolgend beschreven. Natuurgebied De voor 'Natuurgebied' aangewezen gronden zijn voornamelijk bestemd voor de instandhouding, herstel en/of ontwikkeling van de aanwezige waarden ten aanzien van natuur, landschap, cultuurhistorie, waterhuishoudkundige voorzieningen en water en watergangen met een zo sterk mogelijk ecologische en ruimtelijk-structurele samenhang, extensief recreatief medegebruik en wegen, verharde en onverharde paden. Binnen de bestemming zijn aan de enkelbestemming ondergeschikte bouwwerken, geen gebouw zijnde toegestaan mits de hoogte niet meer bedraagt dan 2,50 meter. Bosgebied De voor 'Bosgebied' aangewezen gronden zijn voornamelijk bestemd voor de instandhouding, herstel en/of ontwikkeling van de aanwezige waarden ten aanzien van natuur, landschap, cultuurhistorie, waterhuishoudkundige voorzieningen en water en watergangen, extensief recreatief medegebruik en wegen, verharde en onverharde paden.

Binnen de bestemming zijn aan de enkelbestemming ondergeschikte bouwwerken, geen gebouw zijnde toegestaan mits de hoogte niet meer bedraagt dan 2 meter. Agrarisch met natuurwaarden De voor 'Agrarisch met natuurwaarden' aangewezen gronden zijn voornamelijk bestemd voor een duurzame agrarische bedrijfsvoering, de instandhouding, herstel en/of ontwikkeling van de aanwezige waarden ten aanzien van natuur, landschap, cultuurhistorie, waterhuishoudkundige voorzieningen en water en watergangen, behoud, bescherming en herstel va nde cultuurhistorische waarden, extensief recreatief medegebruik en wegen, verharde en onverharde paden. Binnen de bestemming zijn aan de enkelbestemming ondergeschikte bouwwerken, geen gebouw zijnde toegestaan mits de hoogte niet meer bedraagt dan 2 meter.

Agrarisch gebied met landschappelijke waarden De voor 'Agrarisch gebied met landschappelijke waarden' aangewezen gronden zijn voornamelijk bestemd ten behoeve van een duurzame agrarische bedrijfsvoering, het behoud, bescherming en herstel van de cultuurhistorische waarden ten aanzien van de op de verbeelding aangegeven 'rijksmonument' of 'beeldbepalend bouwwerk', instandhouding, herstel en/of ontwikkeling van de aanwezige waarden ten aanzien van natuur, landschap, cultuurhistorie, waterhuishoudkundige voorzieningen en water en watergangen, extensief recreatief medegebruik en wegen, verharde en onverharde paden. Binnen de bestemming zijn aan de enkelbestemming ondergeschikte bouwwerken, geen gebouw zijnde toegestaan mits de hoogte niet meer bedraagt dan 2,50 meter. Waterdoeleinden De voor 'Waterdoeleinden' aangewezen gronden zijn bestemd voor water, waterpartijen, waterlopen en dergelijke alsmede voor waterhuishoudkundige doeleinden. Binnen de bestemming mogen alleen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd welke noodzakelijk zijn voor het beheer en onderhoud van de watergang met een maximale hoogte van 3 meter. Verkeersdoeleinden De voor 'Verkeersdoeleinden' aangewezen gronden zijn bestemd voor interregionale wegen, lokale verharde wegen, fietspaden, parkeerterreinen en groenvoorzieningen.

Binnen de bestemming mogen gebouwen ten behoeve van openbare nutsvoorzieningen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, waaronder bewegwijzering, abri's, verlichtingsarmaturen, telefooncellen, apparatenkasten voor telecommunicatiemasten worden gebouwd. Voor de bouwwerken geldt een maximale hoogte van 3 meter en een

16

oppervlakte van maximaal 6m². Voor verlichtingsarmaturen en bewegwijzering geldt een bouwhoogte van maximaal 9 meter. Agrarische bedrijfsdoeleinden De voor 'Agrarische bedrijfsdoeleinden' aangewezen gronden zijn bestemd voor de uitoefening van een agrarisch bedrijf en behoud, bescherming en herstel van de cultuurhistorische waarden ten aanzien van de op de verbeelding aangegeven rijksmonument en beeldbepalend bouwwerk. Binnen de bestemming mogen gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd ten dienste van de bestemming. Bedrijfsdoeleinden De voor 'Bedrijfsdoeleinden' aangewezen gronden zijn bestemd voor de uitoefening van bedrijven en behoud, bescherming en herstel van de cultuurhistorische waarden ten aanzien van de op de verbeelding aangegeven rijksmonument en beeldbepalend bouwwerk. Binnen de bestemming mogen gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd onder de voorwaarden als opgenomen op de plankaart.

1.3.1.2

Dubbelbestemming

Verder gelden voor het plangebied de volgende dubbelbestemmingen 'Stroomvoerend rivierbed' (art. 20), 'Waterbergend rivierbed' (art. 21) en ter plaatse van de huidige waterkering de dubbelbestemming 'Waterkering' (art. 22). Stroomvoerend rivierbed De voor 'Stroomvoerend rivierbed' aangewezen gronden zijn mede bestemd voor primair de afvoer en doorstroming van rivierwater en secundair voor de doeleinden van de enkelbestemmingen waar de dubbelbestemming mee samenvalt. Binnen de bestemming gelden specifieke bouwvoorschriften voor riviergebonden activiteiten en niet-riviergebonden activiteiten, waabij deze activiteiten moeten voldoen aan voorwaarden ter waarborging van het veilig functioneren van de rivier. Waterbergend rivierbed De voor 'Waterbergend rivierbed' aangewezen gronden zijn mede bestemd voor primair de berging van rivierwater en secundair voor de doeleinden van de enkelbestemmingen waar de dubbelbestemming mee samenvalt. Binnen de bestemming gelden bouwvoorschriften onder voorwaarden dat dit niet ten koste gaat van het waterbergend vermogen en de afvoercapaciteit van de betreffende gronden. Waterkering De voor 'Waterkering' aangewezen gronden zijn primair bestemd voor waterhuishoudkundige doeleinden gericht op het keren van water bij hoge afvoeren van de rivier de Maas.

Bij de gronden met deze doeleinden zijn inbegrepen groene waterkeringen (aarden wallen) en harde kademuren, eventueel met de mogelijkheid van passage (coupures) en/of aanvullende verhoging met schotten, alsmede beschermingszones, calamiteitenstroken, inspectiepaden en kwelsloten. Anders dan ten behoeve van deze bestemming mag niet worden gebouwd. Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouw zijnde, geldt dat de hoogte van deze bouwwerken maximaal 3 meter mag bedragen.

1.3.2 Arcen Dorp Voor het stedelijk gebied van Arcen is de beheersverordening 'Arcen Dorp' van toepassing, zoals vastgesteld door de gemeenteraad van Venlo op 27 januari 2016. Het plangebied van het voorliggend bestemmingsplan omvat het deel van het plangebied van betreffend bestemmingsplan, zoals weergegeven op figuur 6.

17

Figuur 6: Uitsnede verbeelding Beheersverordening'Arcen Dorp' met het huidige dijktraject (donkerblauw gestippeld) en het nieuwe dijktraject van trajectdeel Midden (rode lijn) weergegeven.

1.3.2.1

Enkelbestemming

Op basis van de beheersverordening 'Arcen Dorp' gelden voor het plangebied de enkelbestemmingen 'Bos' (art. 4), 'Detailhandel' (art. 5), 'Gemengd' (art. 6), 'Groen' (art. 7), 'Kasteel en kasteeltuinen' (art. 9), 'Natuur' (art. 11), 'Verkeer' (art. 13), 'Water' (art. 14) en 'Wonen' (art. 15). Deze bestemmingen worden navolgend beschreven. Bos De voor 'Bos' aangewezen gronden zijn bestemd voor de bescherming en instandhouding van bos en voor waterhuishoudkundige voorzieningen, waaronder (ondergrondse) waterbergings- en infiltratievoorzieningen, met

18

daaraan ondergeschikt de instandhouding van oppervlaktewater, extensief recreatief medegebruik en paden. Binnen de bestemming mogen geen gebouwen worden gebouwd. Voor bouwwerken, geen gebouw zijnde, geldt een maximale bouwhoogte van 2 meter. Detailhandel De voor 'Detailhandel' aangewezen gronden zijn voornamelijk bestemd voor detailhandel met uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'supermarkt': een supermarkt, ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning': een bedrijfswoning, waterhuishoudkundige voorzieningen en (ondergrondse) waterbergings- en infiltratievoorzieningen, met daaraan ondergeschikt: wegen en paden, groenvoorzieningen en parkeervoorzieningen. Binnen de bestemming zijn gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde, ten dienste van de in de bestemming beschreven functies toegestaan.

Gemengd De voor 'Gemengd' aangewezen gronden zijn voornamelijk bestemd voor wonen op de verdieping(en), aan huis gebonden beroepen en kleinschalige bedrijfsactiviteiten aan huis, zoals vermeld in Bijlage 2 Lijst aan huis gebonden bedrijven, tuinen, erven en onbebouwde erven, waterhuishoudkundige voorzieningen alsmede (ondergrondse) waterbergings- en infiltratievoorzieningen, ter plaatse van de aanduidingen 'wonen', 'bed & breakfast', 'detailhandel', 'dienstverlening', 'horeca', 'maatschappelijk', 'bedrijf' en 'cultuurhistorische waarden' respectievelijk: wonen op de begane grond, een bed and breakfast, detailhandel (m.u.v. supermarkten), dienstverlening en kantoren, horecabedrijven in horecacategorie 1, 2, 3 en 5 alsmede een zalencentrum/zaalverhuur, maatschappelijke voorzieningen, bedrijfsmatige activiteiten zoals genoemd in Bijlage 1 Lijst van Bedrijfsactiviteiten onder de categieën 1 en 2 en tevens voor de instandhouding en bescherming van de cultuurhistorisch waardevolle bebouwing. Met daaraan ondergeschikt: wegen en paden, groenvoorzieningen en parkeervoorzieningen. Binnen de bestemming zijn gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde, ten dienste van de in de bestemming beschreven functies toegestaan.

Groen De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor groenvoorzieningen, speelvoorzieningen, bermen en beplanting, ter plaatse van de aanduidingen 'specifieke vorm van groen - kapel' en 'cultuurhistorische waarden', respectievelijk: een kapel en tevens voor de instandhouding en bescherming van de cultuurhistorisch waardevolle bebouwing en (groene) inrichting van de gronden en waterhuishoudkundige voorzieningen, waterlopen en waterpartijen, alsmede (ondergrondse) waterbergings- en infiltratievoorzieningen. Met daaraan ondergeschikt: paden, verhardingen, parkeervoorzieningen, hondenuitlaatplaatsen, kunstwerken. Met de daarbijbehorende: voorzieningen van algemeen nut. Binnen de bestemming zijn gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde, ten dienste van de in de bestemming beschreven functies toegestaan.

Kasteel en kasteeltuinen De voor 'Kasteel en kasteeltuinen' aangewezen gronden zijn bestemd voor de instandhouding, herstel en ontwikkeling van de landschappelijke en cultuurhistorische waarden van het kasteel en de omliggende kasteeltuinen, recreatieve voorzieningen in de vorm van de recreatieve exploitatie van het kasteel en de kasteeltuinen, detailhandel, horeca en kantoorfuncties ten dienste van de recreatieve voorzieningen, groenvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen, alsmede (ondergrondse) waterbergings- en infiltratievoorzieningen en de instandhouding en bescherming van de cultuurhistorisch waardevolle bebouwing. Met daaraan ondergeschikt: wegen en paden. Binnen de bestemming zijn gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde, ten dienste van de in de bestemming beschreven functies toegestaan. Natuur De voor 'Natuur' aangewezen gronden zijn bestemd voor instandhouding, herstel en ontwikkeling van de abiotische, natuurlijke, landschappelijke en cultuurhistorische waarden en waterhuishoudkundige voorzieningen alsmede (ondergrondse) waterbergings- en infiltratievoorzieningen. Met daaraan ondergeschikt: agrarisch medegebruik, instandhouding van het oppervlaktewater, extensief recreatief medegebruik en paden.

19

Binnen de bestemming zijn aan de enkelbestemming ondergeschikte bouwwerken, geen gebouw zijnde toegestaan mits de hoogte niet meer bedraagt dan 2 meter. Verkeer De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor wegen, straten en paden met hoofdzakelijk een verkeersfunctie, voet- en rijwielpaden, groenvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen, waterlopen en waterpartijen, alsmede (ondergrondse) waterbergings- en infiltratievoorzieningen, parkeervoorzieningen, ter plaatse van de aanduiding 'garagebox': garageboxen, waarbij wordt gestreefd naar een inrichting hoofdzakelijk gericht op de afwikkeling van het doorgaande verkeer. Met daaraan ondergeschikt: bermen en beplanting, straatmeubilair en kunstwerken. met de daarbij behorende: voorzieningen van algemeen nut en waterstaatkundige kunstwerken (bruggen, sluizen, waterkeringen, voorzieningen ten behoeve van veerdiensten, aanlegsteigers, kades en dergelijke). Binnen de bestemming zijn alleen gebouwen ten behoeve van voorzieningen van algemeen nut en/of wegbeheer en/of garageboxen en bouwwerken, geen gebouw zijnde, toegestaan. Water De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor waterberging, waterhuishouding en ecologische natuurwaarden, waterlopen en daarbij behorende oevervoorzieningen en kruisingen en overbruggingen ten behoeve van verkeersdoeleinden.

Met de daarbij behorende waterstaatkundige kunstwerken (bruggen, sluizen, waterkeringen, voorzieningen ten behoeve van veerdiensten, aanlegsteigers, kades en dergelijke). Binnen de bestemming zijn aan de enkelbestemming ondergeschikte bouwwerken, geen gebouw zijnde toegestaan mits de hoogte niet meer bedraagt dan 3 meter. Voor lichtmasten, vlaggenmasten en kunstwerken bedraagt de bouwhoogte niet meer dan 12 meter. Wonen De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: wonen, tuinen, erven en onbebouwde erven, waterhuishoudkundige voorzieningen alsmede (ondergrondse) waterbergings- en infiltratievoorzieningen, aan huis gebonden beroepen en kleinschalige bedrijfsactiviteiten aan huis, zoals vermeld in Bijlage 2 Lijst aan huis gebonden bedrijven en ter plaatse van de aanduidingen 'bed & breakfast', 'detailhandel', 'dienstverlening', 'kantoor', 'specifieke vorm van detailhandel - vloerenwinkel', 'nutsvoorziening' en 'cultuurhistorische waarden' respectievelijk: een bed and breakfast, detailhandel (m.u.v. supermarkten), dienstverlening, een kantoor, een showroom voor vloeren, een nutsvoorziening in de vorm van een rioolgemaal en tevens voor de instandhouding en bescherming van de cultuurhistorisch waardevolle bebouwing. Met de daarbij behorende: hoofd- en bijgebouwen, aan- en uitbouwen, bouwwerken, geen gebouw zijnde.

Binnen de bestemming zijn gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde, ten dienste van de in de bestemming beschreven functies toegestaan.

1.3.2.2

Dubbelbestemming

Verder gelden voor het plangebied de volgende dubbelbestemmingen 'Leiding - Riool' (art. 16), 'Waarde Cultuurhistorie 1 t/m 4 (art. 17 t/m 20), 'Waterstaat - Stroomvoerend rivierbed' (art. 21), 'Waterstaat Waterbergend rivierbed' (art. 22) en 'Waterstaat - Waterkering' (art. 23) en Waterstaat - Waterlopen (art. 24). Leiding - Riool De voor 'Leiding - Riool' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor de aanleg, instandhouding en bescherming van een rioolleiding. Anders dan ten behoeve van deze bestemming mag niet worden gebouwd. Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouw zijnde, geldt dat de hoogte van deze bouwwerken maximaaol 3 meter mag bedragen. Waarde - Cultuurhistorie1 t/m 4 De voor 'Waarde – Cultuurhistorie 1', 'Waarde – Cultuurhistorie 2', 'Waarde – Cultuurhistorie 3' en 'Waarde – Cultuurhistorie 4' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor de bescherming en het behoud van de op en/of in deze gronden voorkomende cultuurhistorische waarden en archeologische waarden. Bebouwing is toegestaan, waarbij de oppervlaktegrens van het bouwplangebied en de ingreepdiepte onder het maaiveld leidend is met betrekking tot de noodzaak een archeologisch onderzoek uit te voeren.

20

Waterstaat - Stroomvoerend rivierbed De voor 'Waterstaat - Stroomvoerend rivierbed' aangewezen gronden zijn, , behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor een stroomvoerende functie. Voor zover sprake is van overlap met andere dubbelbestemmingen, geldt het bepaalde in artikel 'Waterstaat - Stroomvoerend rivierbed'. Binnen de bestemming gelden specifieke bouwvoorschriften voor riviergebonden activiteiten en niet-riviergebonden activiteiten, waarbij deze activiteiten moeten voldoen aan voorwaarden ter waarborging van het veilig functioneren van de rivier. Waterstaat - Waterbergend rivierbed De voor 'Waterstaat - Waterbergend rivierbed' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor een stroomvoerende functie. Voor zover sprake is van overlap met andere dubbelbestemmingen, geldt het bepaalde in artikel 'Waterstaat - Waterbergend rivierbed'. Binnen de bestemming gelden bouwvoorschriften onder voorwaarden dat dit niet ten koste gaat van het waterbergend vermogen en de afvoercapaciteit van de betreffende gronden. Waterstaat - Waterkering De voor 'Waterstaat - Waterkering' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, tevens bestemd voor het beheer en onderhoud van de waterkering.

Anders dan ten behoeve van deze bestemming mag niet worden gebouwd, tenzij kan worden aangetoond dat de waterkering doelmatig kan blijven functioneren. Waterstaat - Waterlopen De voor 'Waterstaat - Waterlopen' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, tevens bestemd voor de bescherming en het onderhoud van water en watergangen. Anders dan ten behoeve van deze bestemming mag niet worden gebouwd, tenzij kan worden aangetoond dat de watergang doelmatig kan blijven functioneren.

1.3.3 Conclusie bestemmingsplannen De aanleg van een nieuw dijktraject en het herinrichten van de benedenbeloop van de Lingsforterbeek is op grond van de huidige juridisch-planologische kaders niet toegestaan. Daarnaast komt de status van de huidige kering, als zijnde primaire kering, te vervallen. Deze status wordt aan het nieuwe dijktraject toegekend. De bij de status van primaire kering behorende juridisch-planologische aanduiding (dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterkering') met bijbehorende regels dient als gevolg van de voorgenomen wijzigingen ook te worden aangepast, waarbij deze dubbelbestemming voor de huidige kering komt te vervallen en wordt toegekend aan het nieuwe dijktraject. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in een actueel en passend juridisch-planologisch toetsingskader teneinde het planvoornemen mogelijk te maken.

1.4 Leeswijzer De planbeschrijving van het planvoornemen is opgenomen in hoofdstuk 2 van deze toelichting. Hoofdstuk 3 bevat het beleids- en wettelijk kader voor de ontwikkeling. In het kader van de planvorming zijn diverse onderzoeken uitgevoerd. Een samenvatting en de relevantie van deze onderzoeken voor dit bestemmingsplan zijn verwoord in hoofdstuk 4. Hoofdstuk 5 bevat een toelichting op het juridisch plan en gaat in op de regels en de verbeelding van het plan.

21

22

Hoofdstuk 2 Planbeschrijving In dit hoofdstuk komt de beschrijving van het feitelijke planvoornemen aan bod. Achtereenvolgens: randvoorwaarden en uitgangspunten, hoofdstructuur, inrichtingsschets/stedenbouwkundig plan, beeldkwaliteitplan, beheer en ontwikkeling, ruimtebalans, duurzaam bouwen en een toetsing van het plan aan het beleidskader.

2.1 Ontstaansgeschiedenis 2.1.1 Ontwikkeling in hoofdlijnen De onstaansgeschiedenis van Arcen gaat terug tot het jaar 1100. De bewoningsgeschiedis van het gebied rond de Maas gaat nog verder terug. Zo wijst een grafveld op de Hamert, nabij de noordgrens van Arcen, op bewoning in de 6de eeuw voor Christus. In de Romeinse tijd liep op de oostoever van de Maas vermoedelijk een weg naar Nijmegen. Ten noorden van Arcen ligt een Romeinse villa op 'De Steening', die mogelijk met deze weg verbonden was. In de 14de eeuw was Arcen een belangrijke havenplaats, met stapelrecht op de Maas. Dat betekent dat bepaalde goederen die per schip over de Maas werden vervoerd, eerst in Arcen moesten worden opgeslagen en te koop worden aangeboden alvorens het per schip door mocht varen. De plaatsen van het oude graafschap Gelder maakten daar dankbaar gebruik van. Naast stadsrechten kreeg Venlo in 1343 het stapelrecht op de Maas. Dit zou het einde hebben betekent van de Arcense handel, ware het niet dat geen van de betrokkenen meewerkte aan de verplaatsing van de handel van Arcen naar Venlo en alles dus bij het oude bleef. Dit zou tot het jaar 1586 duren. In dat jaar is Arcen door de Venlonaren platgebrand. In de Late Middeleeuwen stond in het Sijzenbroek een toren, die kan worden beschouwd als een voorganger van het huidige Kasteel Arcen.

Na de vrede van Munster (1648) werd een aanvang gemaakt met de bouw van het nu nog bestaande kasteel. De bouw werd pas in 1763 voltooid door Christiaan van Gelre. Het kasteel en het dorp liggen in een gebied waar in de loop der tijd veel oorlogen uitgevochten zijn en zij hoorden daardoor afwisselend tot verschillende landen en/of regeerders. Mogelijk dat Arcen om die reden al heel vroeg omwalling en grachten had. Zowel het jaartal van de oprichting als van slechting van de verdedigingswerken is onduidelijk. Bekend is dat de omwalling reeds in de 15e eeuw rond Arcen lag en er waarschijnlijk nog voor een deel rond 1770 aanwezig was. De restanten van de Schanstoren zijn resten van de hoektoren van de tolvesting en de Kurversgraaf is een overblijfsel van de voormalige gracht. De straatnamen Schans, Wal en Graaf verwijzen nog naar de vroegere omwalling.

2.1.2 Ruimtelijke ontwikkeling in historisch perspectief Uit een analyse van historisch kaartmateriaal komt naar voren dat de structuur van het oude dorp en het historische patroon van landwegen in belangrijke mate bepalend is voor de structuur van het huidige dorp.

23

De hierboven weergegeven kaartbeelden laten de ruimtelijke ontwikkeling van Arcen vanaf het begin van de 19e eeuw zien. Het ruimtelijk/stedenbouwkundig beeld wordt duidelijk bepaald door de Markt (het huidige Raadhuisplein), de Maasstraat en de Kerkstraat. Tot in de 20e eeuw bleef de omvang van het dorp binnen die van de vroegere omwalling, dat wil zeggen binnen het gebied begrensd door de Kurversgraaf, de Wal, de Graaf en de Maas. De Markt is vanouds het centrum van het dorp. Opvallend is de oude verbinding tussen het kasteel en de kerk over de Wal, waar ook het raadhuis een plaats had. Midden 20e eeuw is het huidige raadhuis aan de Markt (het Raadhuisplein) gebouwd. Het kasteel ligt afzijdig van het dorp. In het begin van de 19e eeuw was dat anders. De Lingsforterweg, de verbinding met Walbeck en Straelen, was toen ook vanuit het zuiden komend de hoofdtoegang tot het dorp. De Schans speelt in de huidige ruimtelijk/stedenbouwkundige structuur van het dorp ook een belangrijke rol. In het midden van de vorige eeuw verschijnt op het tracé van de huidige Schans een afsnijding, die een rechtstreekse

24

verbinding geeft met de toenmalige Markt. Waarschijnlijk is de komst van het voetveer in de omgeving van de Schanstoren daar de oorzaak van. Na de komst van de stoomtram tussen Venlo en Nijmegen, die over de Schans voerde, is de Schans een belangrijke toegang tot het dorp geworden. Naar het noorden is de Boerenweg - na de Maasstraat - van oudsher het meest belangrijk. Uit het kaartbeeld van het midden van de vorige eeuw valt op te maken dat er vanaf het zuiden via de Lingsforterweg, de Wal en de Trip een verbinding was naar het noorden richting huidige Maasstraat. De verbinding tussen Trip en Maasstraat is op recentere kaarten niet meer terug te vinden. Tenslotte is zichtbaar dat het Burgemeester Gubbelsplein pas na de Tweede Wereldoorlog is ontstaan. De oorspronkelijke kerk was gelegen aan de Kerkstraat en was omgeven door het kerkhof. Deze kerk is in de Tweede Wereldoorlog verwoest, waarna de huidige kerk meer centraal in de open ruimte van het huidige Burgemeester Gubbelsplein is geplaatst. Figuur 7 geeft de in cultuurhistorisch opzicht belangrijkste ruimten en structuurlijnen weer.

Figuur 7: Afbeelding kaart cultuurhistorie(bron: toelichtingbestemmingsplan 'Arcen Dorp 2005').

2.1.3 Monumenten Het plangebied grenst aan de volgende rijks- en gemeentelijke monumenten: Rijksmonumenten

25

Woonhuis (Schans 1): woonhuis met aan de straat een gezwenkte topgevel, tandlijsten en het ankerjaartal 1737 (nummer 2 op figuur 7). Schanstoren (Schans 18): overblijfsel van een sterkte aan de Maas, bestaande uit een vierkante traptoren en enig aansluitend muurwerk met zijkant van een poortdoorgang, XIV of XV (nummer 1 op figuur 7). Kasteel Arcen (Lingsforterweg 26): complex van in gracht gelegen herenhuis, met twee haakvormige bijgebouwen (poortgebouw en koetshuis), bakstenen toegangsbrug, losse schuur buiten de omgrachting, tuinpaviljoen aan het einde van een zichtas en historische tuin- en parkaanleg (nummer 4 op figuur 7). Schans- of Wymarsche molen (Schans 20a): watermolen met scheprad, gebouwen en woonhuis (nummer 5 op figuur 7). Gemeentelijke monumenten Raadhuis Arcen en Velden (Raadhuisplein 1); Woonhuis (Raadhuisplein 11-12);

2.2 Bestaande situatie 2.2.1 Wonen en werken Arcen is gelegen aan de oostoever van de rivier de Maas in de luwte van de Maas en de Duitse grens. Het dorp heeft bijna 2.700 inwoners en ligt sinds 2010 in de gemeente Venlo. Binnen het plangebied vormt de oude dorpskern van Arcen de belangrijkste woonkern, die over een lengte van ongeveer 700 m rechtstreeks aan de Maas grenst. Dit waterfront bestaat uit het Schanstorenplein, de Burgemeester Linderspromenade met de naastgelegen tuinen en terrassen van bewoners en bedrijven aan de Maasstraat en Raadhuisplein. Arcen is na Valkenburg de tweede toeristische trekpleister en ontvangt jaarlijks tussen 500.000 en 800.000 toeristen voor eendaags of meerdaags bezoek of verblijf. Het gebied is rijk aan erfgoed met onder meer de historische dorpskern, kasteeltuinen, Wijmarsche watermolen, Schanstoren en de Hertog Jan Brouwerij. In het projectgebied liggen diverse doorgaande fiets- en wandelroutes die aansluiten op twee veerdiensten (voet- en fietsveer Arcen-Lottum en de autoveer Arcen-Broekhuizen) en de natuurgebieden ten zuiden en oosten van Arcen. Ten noorden van de dorpskern en om het brouwerijcluster ligt een landbouwgebied met grasland, akkerbouwpercelen, een kassencomplex en paardenhouderijen.

2.2.2 De Maas De relatief smalle Maasvallei ter plaatse van Arcen heeft veel hoogteverschillen, gerelateerd aan de geschiedenis van de Maas (zie figuur 8). De rivier heeft zich in fasen in het landschap ingesneden waarbij karakteristieke Maasterrassen zijn ontstaan. Door het opwaaien van het rivierzand in de laatste ijstijd zijn langs de Maas de Maasduinen afgezet. In de Maasvallei zijn ook de laagten herkenbaar die door de oude Maasarmen zijn ingesleten. Zowel aan de oost- als westzijde van Arcen is een laagte van voormalige Maasarmen zichtbaar, met de dorpskern Arcen en het brouwerijcluster op een natuurlijke hoogte.

26

Figuur 8: hoogtekaart dijktraject Arcen.

De Maas behoort ter hoogte van het projectgebied tot het stuwpand Sambeek, welke bij de stuw van Sambeek een streefpeil heeft van 1110 cm +NAP. De kenmerkende laagwaterafvoeren voor dit stuwpand zijn <1105 cm +NAP en voor de hoogwaterstanden is dit >1430 cm +NAP. Bij hoogwater kan het dorp overstromen. Dit is terug te zien in diverse hoogwatermarkeringen in het dorp en op de hoogtekaart van dit gebied, waarbij het grootste gedeelte van de kern in het lagere (blauwe) gebied ligt. Sinds de aanleg van de noodkades in 1996 wordt het dorp beschermd tot een bepaald afvoerniveau. Daarboven beginnen deze te overstromen en kan de Maas de gehele breedte van het rivierbed benutten. De Maas heeft verschillende functies; zo geldt de Maas als hoofdvaarweg voor de beroepsvaart. Het gedeelte van de Maasroute bij Arcen is geschikt voor klasse Vb-schepen. Ook vindt er recreatievaart plaats en heeft de Maas een natuurfunctie.

27

2.2.3 De waterkering De huidige kering dijktraject Arcen is in 1996 aangelegd binnen het programma Deltaplan Grote Rivieren (zie figuur 9). Na de hoogwaters van 1993 en 1995 is op perceelniveau maatwerk geleverd bij het inpassen van de kering. Een deel (700 meter) van de kering loopt door de achtertuinen van bewoners (zie figuur 10). Daarnaast bestaat de kering in het dorp op een aantal plekken uit bebouwing en/of is de kering onderdeel van een woning, appartementencomplex of horecagelegenheid. In totaal beslaat de lengte van het traject 5.103 meter, bestaande uit gronddijken (2.882 m), keermuren (632 m), tijdelijke keringen (1.290 m) en demontabele keringen (299 m). De demontabele kering loopt door een deel van de achtertuinen van de bewoners langs de Maas en door Brasserie Alt Arce. De tijdelijke kering bestaat uit het plaatsen van zandzakken (zogenaamde ”big-bags”) op twee locaties in Arcen tijdens extreme hoogwaterstanden. Deze locaties bevinden zich op het plein rond de schanstoren, de Schans tussen de Wijmarsche watermolen en de provinciale weg. De huidige overschrijdingskans is 1/50e per jaar. Na toetsing van 4.325 m is de kering afgekeurd op de vereiste hoogte over het gehele traject, kwel en piping. Gemiddeld liggen de waterkeringen circa 1 tot 1,5 m te laag.

Figuur 9: huidig dijktraject Arcen.

28

Figuur 10: de demontabele kering door de achtertuinen van adressen aan de Maasstraat in Arcen.

2.2.4 Diverse beken In het plangebied liggen vier beken: in het zuiden de Lingsforterbeek en de Lommerbroeklossing, en in het noorden de Boerenhuizenlossing en de Rode Beek (zie figuur 11).

29

Figuur 11: de beeklopen rondom Arcen.

Het bovenstroomse deel van de Lingsforterbeek op het hoogterras is in 2013 heringericht. De beek stroomt vervolgens het Maasdal in en loopt langs de bebouwde kom van Arcen. Ze is hier door een oude Maasmeander naar de Wijmarsche watermolen geleid. De stroomsnelheid in de benedenloop is relatief hoog. De beek passeert de huidige waterkering via een duiker met gemaal om vervolgens via de watermolen uit te monden in de Maas. De beek is waarschijnlijk eeuwen geleden verlegd een aangepast om de grachten van kasteel Arcen en de watermolen te voorzien van water. De Wijmarsche watermolen kan nog steeds worden aangedreven door de Lingsforterbeek. Deze functie als watertoevoer voor de watermolen bij het kasteel van Arcen bestaat al eeuwen en is van grote cultuurhistorische waarde. De Lingsforterbeek is in het Provinciaal Waterplan 2016-2021 aangemerkt als natuurbeek. De Lommerbroeklossing wordt gevoed door het laaggelegen natuurgebied het Lommerbroek in het Natura 2000-gebied Maasduinen. De beek kruist de provinciale weg N271, de kasteeltuinen en de Schans en mondt via een voormalige molenvijver uit in het benedenstroomse deel van de Lingsforterbeek. Zowel de Lingsforterbeek als de Lommerbroeklossing lozen in geval van hoogwater op de Maas via een pomp op de Maas.

De Boerenhuizenlossing ontspringt aan de rand van het Maasdal ten oosten van Arcen en stroomt door de oude Maas-arm richting de rotonde bij Hotel Rooland om daarna via winterbed uit te monden in de Maas. Het beekdal bevindt zich in een van nature ondiepe kwelgeul waar zijwaarts afstromend helder grondwater (kwelwater) aan het oppervlak komt. In geval van hoogwater wordt het beekwater via een tijdelijke pompinstallatie bij de rotonde geloosd. De Rode Beek is een kleine terrasbeek die ontspringt op het Maasterras ten noorden van Arcen nabij het voormalige heidegebied Klein Ven, nu bekend als recreatiegebied Klein Vink. De Rode Beek kruist de N271 en mondt evenals

30

de Boerenhuizenlossing uit in het winterbed van de Maas. In 2010 is het mondingsgebied heringericht als een doorstroommoeras.

2.3 Toekomstige situatie Op figuur 12 is het toekomstige tracé van de waterkering weergegeven. Deze sluit zowel ten zuiden als ten noorden van de kern Arcen aan op de hoge gronden van het Maasterras. Het dijktracé volgt een doorgaande lijn in het landschap en is onderverdeeld in 9 dijkvakken. Er wordt onderscheid gemaakt in: het zuidelijke tracé, onderverdeeld in de dijkvakken 1 tot en met 5, inclusief maatwerkoplossing Lomm, en; het midden tracé, onderverdeeld in dijkvakken 6 en 7, en; het noordelijke tracé, bestaande uit de dijkvakken 8 en 9. Ook de bescherming van Hotel Rooland behoort, als maatwerkoplossing, nog tot dijkvak 9. Naast de hoofdindeling in dijkvakken wordt voor enkele dijkvakken een verdere onderverdeling gehanteerd, zoals bijvoorbeeld dijkvak 1 in 1a en 1b. Dit is gedaan wanneer er sprake is van een sterk afwijkende ontwerpopgave binnen dezelfde landschappelijke eenheid. De dijkvakken zijn weergegeven in figuur 12. In de hiernavolgende paragrafen wordt de toekomstige situatie per deelgebied en per dijkvak nader beschreven en ondersteund met uitsneden van het inrichtingsplan. Het inrichtingsplan is als bijlage 1 bij voorliggende toelichting te raadplegen.

Figuur 12: Dijkvakken en zones binnen de deelopgave Arcen-Zuid, Arcen-Midden en Arcen-Noord.

2.3.1 Arcen-Zuid Het gebied Arcen-Zuid met dijkvakken 1 tot en met 5 ligt ten zuiden van het centrum van Arcen en loopt om de zuidkant van de Kasteeltuinen. De volgende wijzigingen zijn hier voorzien: Dijkvak 1a: nieuw dijktraject aanleggen; Dijkvak 1b: 1. nieuw dijktraject aanleggen; 2. aanpassingen aan de Lommerbroeklossing (dubbele afsluiter); Dijkvak 2: nieuw dijktraject aanleggen; Dijkvak 3: 1. verplaatsing dijktraject; 2. realisatie dubbele afsluiters en pomplocatie. Dijkvak 4: nieuw dijktraject aanleggen; Dijkvak 5: nieuw dijktraject aanleggen. Het doel van deze aanpassingen zijn als volgt: Het versterken van dijkring 65 Arcen zorgt voor het leggen van nieuwe dijktrajecten en het verplaatsen van huidige dijktrajecten. Realiseren van de KRW-opgave voor de Lingsforterbeek.

31

Maatwerkoplossing Lomm In aanvulling op het voorgaande is in het najaar van 2023 en het voorjaar van 2024 een intensief overleg gevoerd met Waterschap Limburg, Gemeente Venlo en Rijkswaterstaat inzake een aanvullende maatwerkoplossing langs de provinciale weg (N271) tussen Arcen en Lomm. Bij verhoogde waterstanden op de Maas wordt in de huidige situatie in overeenstemming met het Actieplan Hoogwater van Waterschap Limburg een noodkering aangelegd met een kerende hoogte van NAP + 17,0 meter. Het aanbrengen van een noodmaatregel is een zeer arbeidsintensieve, mensafhankelijke operatie met een hoge faalkans, die door de betrokken partijen, waterschap Limburg, Gemeente Venlo en het Ministerie van Defensie, als ongewenst wordt gezien en moet worden voorkomen. Door de geplande dijkverlegging en het vervallen van de noodkering ontstaan er plekken waar het rivierwater vanaf circa NAP + 16,85 meter over de weg gaat stromen richting het Lommersbroek en daarom is een aanvullende maatwerkoplossing overeengekomen (zie figuur 13). Deze maatwerkoplossing heeft geen aanpassing van het vigerend planologisch regime tot gevolg. De overeengekomen oplossing betreft: a. het aanbrengen van een zelfstandig kerende keerwand- of L-wandconstructie (met een hoogte van circa 65 cm) net buitendijks van het bestaande fietspad om de bomen niet te beïnvloeden; b.

het verhogen van het fietspad (met circa 10 à 20 cm) door het verwijderen van de betonverharding, het aanvullen van de fundering en opnieuw aanbrengen van de betonverharding op het fietspad langs de N271.

32

Figuur 13: Impressie overeengekomenmaatwerkoplossing Lomm.

Hieronder worden de ontwerpen van de diverse dijkvakken (waterkeringen) beschreven en weergegeven. Arcen-Zuid, dijkvak 1a

33

Figuur 14: Inrichtingsplan van dijkvakken 1a en 1b, gelegen aan de oostzijde van de N271.

De nieuwe kering wordt als onderdeel opgenomen van het bosgebied van de Maasduinen. Om dit te kunnen realiseren wordt de kering als een hoge grondoplossing ontworpen met een minimale overhoogte van 1,00 meter ten opzichte van de berekende kerende hoogte (NAP +18 meter; levensduur 50 jaar). Daarnaast krijgt de kering variërende flauwe taluds. De nieuwe kering sluit aan op het reliëf in de omgeving en kan weer worden beplant zoals weergegeven in figuur 14. De N271 wordt tot op gelijke hoogte opgehoogd om zo aan te sluiten op dijkvak 1b.

Figuur 15: Dwarsprofiel Arcen-Zuid, dijkvak 1a.

Arcen-Zuid, dijkvak 1b Langs de N271/parallelweg wordt de kering ontworpen als één samenhangend muurelement. De keermuur heeft een hoogte van NAP +18,3 meter, waarbij een levensduur van 100 jaar geldt. De constructie bestaat uit een kwelscherm waarover aan de buitenzijde van de kering (zijde N-weg) bekleding wordt aangebracht (zie figuur 16). Daarnaast worden er aanpassingen gedaan aan de Lommerbroeklossing om deze te kunnen afsluiten bij een hoogwater in de Maas. Zo kan voorkomen worden dat Maaswater achterlangs, via de Lommerbroeklossing Arcen, in stroomt. De Lommerbroeklossing zal de dijk kruisen direct benedenstrooms van de N271. Deze kruising met de dijk krijgt een diameter van 1.000 millimeter. De duiker wordt verzien van een dubbele afsluiter.

34

Figuur 16: Dwarsprofiel Arcen-Zuid, dijkvak 1b.

Arcen-Zuid, dijkvak 2

35

Figuur 17: Inrichtingsplan van dijkvak 2

Dijkvak 2 begint bij de N271 en loopt tot nabij de zuidzijde van de kasteelgrachten. Ten zuiden van de Kasteeltuinen is de kering een voortzetting van dijkvak 1b. Met andere woorden, wordt de kering gevormd door een keermuur met kerende hoogte van NAP +18,3 meter (zie ook de toelichting op 1b hierboven). De levensduur van deze keermuur is 100 jaar. Ter hoogte van de weg Schans komt een coupure voor de weg. De hoogte van de coupure is NAP +18,3 meter, waarbij de levensduur van 100 jaar geldt. De drempel van de coupure is gelijk aan het sluitpeil (NAP +16,7 meter). Dit sluitpeil ligt hoger dan andere coupures (NAP +16,2 meter), zodat de weg langer bereikbaar blijft bij een aankomend hoogwater. Langs de Schans zal een dubbelfietspad van 3 meter worden aangelegd. Ook deze krijgt een coupure. Aan de westzijde sluit de coupure aan op de groene dijk (zie figuur 17). De dijk krijgt een kerende hoogte van NAP +18,05 meter (levensduur 50 jaar). De groene dijk krijgt een beheeroprit (helling 1:10) richting het zuiden. De vleugelwand van de coupure steekt door in het dijklichaam om een goede overgangsconstructie te garanderen. Het slanke tracé van de groene kering richting het noorden wordt zo dicht mogelijk langs de Schans gesitueerd. Hierbij wordt rekening gehouden met de kroonprojectie van de te handhaven bomen en de aanleg van het vrij liggende

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/307/documents/20261