CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

079bijl 5 bestemmingsplan verbrede reikwijdte Tegelen toelichting.pdf

Oordeelsvormende raadsvergadering 8 december 2021, gemeente VenloBij agendapunt: 4.b: 19.45 - 20.15 uur Vaststelling Vaststelling bestemmingsplan verbrede reikwijdte Tegelen (RV 2021–79)13.714 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Bestemmingsplan - Toelichting -

Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen Gemeente Venlo

BESTEMMINGSPLAN - Toelichting -

Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen Gemeente Venlo

IDN-nummer:

NL.IMRO.0983.OPKernTegelen-VA01

Status:

vastgesteld

Datum:

22 december 2021

Locatie Nijmegen St. Stevenskerkhof 2 6511 VZ Nijmegen

Locatie Vught Parklaan 21 5261 LR Vught

024 - 322 45 79 info@pouderoyentonnaer.nl www.pouderoyentonnaer.nl

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Inleiding

5

1.1 1.2 1.3 1.4 1.5

Aanleiding en doel Juridische status en reikwijdte van het plan Voorgaande bestemmingsplannen en regelingen Leeswijzer en inhoud van de toelichting Wijze van toetsen

5 5 8 9 10

Hoofdstuk 2 Opzet van het plan en de verbeelding

11

2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7 2.8

Algemeen Indeling in gebieden Verbeelding Technische opzet Gebieden Bestaande situatie gerespecteerd Sectorale aspecten en waarden Regels

11 11 11 11 12 13 13 14

2.9

Beleidsregels

15

Hoofdstuk 3 Artikelsgewijze toelichting

17

3.1 3.2 3.3 3.4 3.5

17 17 23 25 27

Hoofdstuk 1 Inleidende regels Hoofdstuk 2 Gebiedsgerichte regels Hoofdstuk 4 Thematische regels Hoofdstuk 4 Algemene regels Hoofdstuk 5 Overgangs- en slotregels

Hoofdstuk 4 Verantwoording

29

4.1 4.2 4.3 4.4 4.5

29 29 32 32 39

Inleiding Het plangebied Toetsing aan beleid Omgevingsaspecten Participatie en procedure

Toelichting

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

3

4

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding en doel

Dit bestemmingsplan is een zogenoemd bestemmingsplan met verbrede reikwijdte, met als doel om alvast (op onderdelen) vooruit te kunnen lopen op de Omgevingswet. De gemeente Venlo heeft zich in dat kader aangemeld als deelnemer aan de achtste tranche van de Crisis- en herstelwet. De uitgangspunten voor dit plan en het verder geleidelijk uitbouwen van het plan tot een grondgebied dekkend omgevingsplan zijn opgenomen in de op 26 september 2016 vastgestelde Notitie van Uitgangspunten. Hoewel deze Notitie van Uitgangspunten in beginsel nog steeds de basis vormt voor dit plan, is het plan inhoudelijk op diverse punten gewijzigd door de actualiteit, recente beleidsmatige inzichten of vanwege de praktische toepasbaarheid.

1.2

Juridische status en reikwijdte van het plan

Dit bestemmingsplan, dat geldt voor een groot deel van Tegelen, is juridisch gezien een 'bestemmingsplan met verbrede reikwijdte' dat is gebaseerd op het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet (artikel 7g en 7c). Het plan is daartoe aangewezen als 'experiment' in het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet (achtste tranche, 5 september 2014). Dit bestemmingsplan kent daarmee een bredere reikwijdte dan alleen 'een goede ruimtelijke ordening', zodat hierin ook andere regelingen kunnen worden geïntegreerd en zodat hierin regels vanuit een breder motief kunnen worden gegeven. Deze bredere reikwijdte sluit aan bij het omgevingsplan zoals dat straks vorm krijgt onder de Omgevingswet, hoewel het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet nog geen volwaardig omgevingsplan mogelijk maakt. Waar nodig zal dit bestemmingsplan nog worden aangevuld of aangepast zodat een volwaardig omgevingsplan conform de Omgevingswet ontstaat. In onderstaande tabel wordt aangegeven welke mogelijkheden van artikel 7c van het Besluit uitvoering Crisisen herstelwet biedt in afwijking van de mogelijkheden voor een traditioneel bestemmingsplan en hoe ze worden gebruikt.

Artikel 7c lid Mogelijkheid 1 Verbreding reikwijdte plan

2

Planperiode 20 jaar

Hoe benut Regels uit verordeningen en de welstandsnota zijn geïntegreerd in dit bestemmingsplan Dit bestemmingsplan heeft een looptijd van 20 jaar. Dit hangt samen met het meer flexibele kader dat in dit plan wordt geboden voor functietoevoeging en -verandering en het verrichten van activiteiten: deze mogelijkheden zullen niet volledig binnen 10 jaar verwezenlijkt worden (geleidelijke transformatie naar de gewenste situatie zoals op kaart aangegeven). Overigens bestaat er geen verplichting om alle mogelijkheden te verwezenlijken, ook niet binnen de verlengde planperiode van 20 jaar. Het geeft de gewenste ontwikkeling van het gebied aan.

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

5

3 4

5 6

7

8

9a.1 en b

6

Voorlopige bestemming 10 Spreekt voor zich. Hieraan is geen concrete jaar toepassing gegeven in dit plan. Opname algemeen Regels uit verordeningen zijn voor zover verordenende regels mogelijk en voor zover gerelateerd aan de fysieke leefomgeving geïntegreerd in dit bestemmingsplan. Opnemen meldingsplicht Spreekt voor zich. Hieraan is geen concrete toepassing gegeven in dit plan. Uitleg regels afhankelijk In de regels is gebruik worden gemaakt van beleidsregels van open normen die in beleidsregels nader worden geconcretiseerd, bijvoorbeeld voor parkeernormen, de koppeling met het welstandsbeleid, maar ook het werken met afwegingskaders voor het toestaan van bepaalde functies c.q. functiewijzigingen is denkbaar (bv toevoegen woningen op basis van lokaal afwegingskader of beoordeling initiatieven voor ontwikkellocaties). Uitleg regels over uiterlijk In dit bestemmingsplan zijn bouwregels bouwwerken via opgenomen over het uiterlijk van welstandscriteria bouwregels met een verwijziging naar de gemeentelijke welstandsnota. Wegbestemmen onbenutte Op basis van de notitie die in maart 2017 bouwmogelijkheden leidt is opgesteld met betrekking tot de aanpak onder voorwaarden niet tot van het creëren van voorzienbaarheid, zal planschade het daarin beschreven stappenplan worden gevolgd om ongewenste onbenutte planologische rechten te kunnen laten vervallen.

Voor het vervallen van onbenutte planologische rechten mbt woningen en detailhandel is 1 jaar na vaststelling van dit plan, dan wel na beëindiging van de functie het uitgangspunt. Afwijking van Er wordt op onderdelen afgeweken van de RO-standaarden SVBP2012 om een goede balans te kunnen vinden tussen de uiteenlopende regels en onderwerpen die vanuit de verbrede reikwijdte worden geïntegreerd (en waar de SVBP2012 niet op is afgestemd), een goede digitale raadpleegbaarheid en het kunnen borgen van de juridische authenticiteit van het digitale plan

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

9a.2

9c en d

10 en 11

12

13

14

Uitvoerbaarheid hoeft niet Het plan is in beginsel beheersmatig van uitputtend te worden aard, maar biedt (met verantwoord in de omgevingsvergunning) toch ook toelichting ontwikkelruimte die passend is bij het plangebied, waarvan niet op voorhand wordt beoordeeld of deze mogelijkheden volledig uitvoerbaar zijn. Er wordt volstaan met een onderbouwing dat de mogelijkheden niet op voorhand onuitvoerbaar zijn. De nadere concretisering vindt plaats bij de daadwerkelijke invulling, waarbij wordt voorzien in een nader afwegingsmoment, gekoppeld aan een vergunningplicht. In het kader daarvan kunnen bijvoorbeeld ook onderzoeken worden gevraagd. Afwijking van Wet en Het is mogelijk hogere grenswaarden op te Besluit geluidhinder nemen in het bestemmingsplan en het onderzoek in het kader van noodzakelijke hogere grenswaarden minder gedetailleerd uit te voeren. Hiervan is geen gebruik gemaakt. Uitstel kostenverhaal Er wordt geen exploitatieplan vastgesteld tegelijk met dit bestemmingsplan. Kostenverhaal wordt uitgesteld tot de daadwerkelijke realisatie van de bouwmogelijkheden, wanneer daarvoor omgevingsvergunning wordt aangevraagd (bij voorkeur wordt dan een exploitatieovereenkomst gesloten). Dit is met name van belang voor de ontwikkellocaties en bijvoorbeeld het met omgevingsvergunning toe staan van ontwikkelingen, zoals het toevoegen van woningen op basis van een lokaal afwegingskader.

Vaststellen afwijkende Het is mogelijk om binnen het plangebied geluidsnormen gebieden aan te wijzen waarvoor hogere of juist lagere geluidsnormen gelden voor bedrijven, in afwijking van het Activiteitenbesluit. Hieraan is geen concrete toepassing gegeven in dit plan. Delegatie wijzigen Hiervan wordt geen gebruik gemaakt. Een onderdelen eventueel delegatiebesluit wordt separaat bestemmingsplan en zelfstandig vastgesteld. Omgevingsvergunning Komt op diverse plekken in het plan terug, bestemmingsplanactiviteit aangeduid als omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit.

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

7

15

16

1.3

Ruimere Het bestemmingsplan biedt, door de gegevensverstrekking bij bredere reikwijdte, een breder omgevingsvergunning voor toetsingskader dan een bestemmingsplan, afwijken van wat ook vraagt om de aanlevering van bestemmingsplan meer gegevens bij de aanvraag om een omgevingsvergunning. Dit blijkt dan uit de betreffende regels, zoals bijvoorbeeld Artikel 25, in samenhang met Artikel 26. Ruimer toetsingskader Dit bestemmingsplan biedt, door de omgevingsvergunning voor bredere reikwijdte, een breder afwijken van het toetsingskader dan een regulier bestemmingsplan bestemmingsplan.

Voorgaande bestemmingsplannen en regelingen

Voor het plangebied van het bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen gelden momenteel nog diverse bestemmingsplannen. Daarnaast worden projectbesluiten en omgevingsvergunningen integraal meegenomen. Met het vaststellen van onderhavig bestemmingsplan komen deze oudere plannen te vervallen. Het gaat hierbij om (delen van) de volgende (bestemmings)plannen:

Bestemmingsplannen Centrum Tegelen

Vaststelling 23 juni 2010

Actualisatie en reparatie Centrum Tegelen Maasveld Tegelen Noord Steyl Paraplubestemmingsplannen reguleren onbenutte capaciteit Paraplubestemmingsplannen kamerbewoning (Parapluplan plattelandswoningen Venlo)

25 september 2013 21 december 2011 21 december 2011 2 juli 2008 25 november 2020 25 november 2020 12 december 2016

Kranenbreukershuis Hoekstraat 6-10 Tegelen Schoolstraat 23, Tegelen Herziening De Nieuwe Munt Tegelen Gasthuisstraat 78 Tegelen Steylerstraat-Erkenkamp Steyl Maasveldstraat Paul Guillaumestraat Tegelen Koningstraat (ong.), Tegelen Geldersebaan 36a en 38a Roermondseweg (ong) Tegelen Reparatieplan 'Columbusweg, Ravenvennen en Paul Guillaumestraat

27 maart 2013 15 september 2015 20 april 2016 30 november 2016 25 oktober 2017 25 april 2018 19 december 2018 29 januari 2019 25 maart 2020 31 maart 2021

Daarnaast zijn de volgende via www.ruimtelijkeplannen.nl raadpleegbare projectbesluiten en omgevingsvergunningen (uitgebreide procedure, art. 2.12, eerste lid, sub a onder 3 Wet algemene bepalingen) verwerkt. NB Niet apart vermeld, maar wel verwerkt zijn diverse omgevingsvergunningen die zijn verleend met een kortere (reguliere) omgevingsvergunningprocedure, bijvoorbeeld voor een wijziging van het gebruik van

8

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

een gebouw. Deze vergunningen zijn niet raadpleegbaar via www.ruimtelijkeplannen.nl. Projectbesluiten en omgevingsvergunningen Kantoortoren A73 te Venlo Broeklaan 38 te Tegelen Broeklaan 38 Tegelen De Drink 1 te Tegelen Spoorstraat 11 Tegelen Verplaatsing frietkraam Wilhelminaplein Tegelen OV201613RIETHSTR (omgevingsvergunning Riethstraat 18) Woonzorgcomplex Paul Guillaumestraat te Tegelen 7 woningen Paul Guillaumestraat te Tegelen

Vaststelling/verleend 14 september 2010 13 juni 2011 21 januari 2014 28 juni 2011 19 december 2011 2 december 2013 23 mei 2017 19 september 2017 29 september 2017

In het bestemmingsplan worden voorts delen van verordeningen geïntegreerd die regels stellen op het gebied van de fysieke leefomgeving. Onder het huidig wettelijk kader dienen regels in bestemmingsplannen te worden opgenomen met het oog op het criterium 'goede ruimtelijke ordening'. Met de verbreding naar de gehele 'fysieke leefomgeving' ontstaat ook de mogelijkheid andere regels gericht op het beheer van die fysieke leefomgeving op te nemen in dit plan. Dat kan nu in een bestemmingsplan met verbrede reikwijdte en ook straks onder de Omgevingswet. Bij het voorgaande kan worden gedacht aan regels omtrent het gebruik van de openbare ruimte, die nu nog zijn opgenomen in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) of de Bouwverordening Venlo. In dit bestemmingsplan zijn (gedeeltelijk) geïntegreerd:

Verordening of regeling Aanwijzigingsbesluit (brom)fietsstallingsgebied Beleidsnotitie overlast (brom)fietsen Beleid informatiestandplaatsen 2010 Beleidsregels uitstalstandplaatsen Venlo 2015 Beleidsregels vaste standplaatsen 2010 Marktreglement Venlo 2015 Algemene Plaatselijke Verordening Venlo (APV Venlo) Bouwverordening Venlo

1.4

Leeswijzer en inhoud van de toelichting

Het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding met bijbehorende planregels en bijlagen. De toelichting heeft geen juridisch bindende status, maar wordt wel gebruikt om duidelijk te maken hoe de regels bedoeld zijn. Als iets niet in de regels is geregeld, maar wel in de toelichting is toegelicht, dient het bestemmingsplan te worden uitgelegd conform hetgeen in de toelichting is verwoord. Anders dan een traditioneel bestemmingsplan bestaat de toelichting vooral uit een artikelsgewijze toelichting, zoals ook bij verordeningen (en wetten) gebruikelijk is. De reden daarvoor is dat het omgevingsplan onder de Omgevingswet meer het karakter van een verordening krijgt en in beginsel niet meer op gezette tijden in zijn geheel wordt geactualiseerd. Dit bestemmingsplan met verbrede reikwijdte anticipeert daar al op.

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

9

Het beleid (dat vaak wordt samengevat in de toelichting van een bestemmingsplan, met daarbij een conclusie in hoeverre hetgeen het bestemmingsplan mogelijk maakt, past binnen dat beleid) krijgt onder de Omgevingswet een plek in de omgevingsvisie en hoeft dus niet in het omgevingsplan te worden opgenomen. Bovendien betreft het een momentopname en raakt beleid gedurende de looptijd van het plan vaak achterhaald. Voor dit bestemmingsplan met verbrede reikwijdte geldt niet het vereiste dat in de toelichting de inzichten over de uitvoerbaarheid van het plan moeten worden opgenomen. Wel dient onderzoek naar de uitvoerbaarheid uitgevoerd te worden wanneer de wet dit vereist. In dit bestemmingsplan wordt deels met een systematiek gewerkt waarin het kader voor het uitvoeren van activiteiten (incl. functieverandering of -toevoeging) wordt gegeven. Het onderzoek of aan die kaders wordt voldaan, vindt dan plaats op het moment van het verrichten van een activiteit of het verwezenljiken van een nieuwe functie c.q. op het moment dat daarvoor vergunning wordt verleend. In de toelichting zijn de sectorale (milieu)aspecten daarom slechts beknopt beschreven en onderbouwd. Overigens betreft het plan grotendeels een al ingevuld gebied, waarvoor een lagere verantwoordingsplicht geldt dan voor een nieuw te ontwikkelen gebied.

1.5

Wijze van toetsen

Als iemand een activiteit wil ondernemen, moet eerst naar de landelijke wetgeving worden gekeken (met name de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo)). Mogelijk zijn voor die activiteit landelijke regels gesteld en/of geldt een vergunning- of meldingsplicht. Vervolgens is het van belang in het bestemmingsplan te kijken. Het bestemmingsplan laat bepaalde activiteiten rechtstreeks toe en bepaalde andere activiteiten alleen na verlening van een omgevingsvergunning. De Wabo kent een omgevingsvergunningplicht voor bepaalde activiteiten, waarbij voor een aantal activiteiten geldt dat in een lokale verordening nog de daadwerkelijke vergunningplicht dient te worden opgenomen. Voorbeelden daarvan zijn de kapvergunningplicht en de inritvergunning. Voor een aantal anderen activiteiten (aanleggen en slopen) is slechts sprake van een vergunningplicht op grond van de Wabo wanneer dat in het ter plaatse geldende bestemmingsplan is opgenomen. In dit plan wordt voor een aantal activiteiten een vergunningplicht opgenomen. Dat is aan de orde voor onder meer de voornoemde voorbeelden als kappen, het maken van een inrit, het slopen van bouwwerken en aanlegactiviteiten. In dit plan wordt daarvoor - anticiperend op de Omgevingswet - de term 'omgevingsplanactiviteit' gehanteerd. Ook de zogenoemde binnenplanse afwijkingsbevoegden worden daaronder begrepen.

Juridisch is dit - in elk geval tot de inwerkingtreding van de Omgevingswet - een vergunning op basis van artikel 2.1 dan wel 2.2 Wabo of een 'bestemmingsplanactiviteit' als bedoeld in artikel 7c Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet. Deze vergunningplicht wordt gecreëerd door het opnemen van een verbod, waarvan alleen middels een vergunning voor een omgevingsplanactiviteit kan worden afgeweken of door het met omgevingsvergunning bieden van meer mogelijkheden dan 'bij recht ' zijn toegestaan.

10

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

Hoofdstuk 2 verbeelding 2.1

Opzet van het plan en de

Algemeen

Doel van het plan is om een flexibele regeling met ruime mogelijkheden te geven voor hetgeen in de fysieke leefomgeving is toegestaan. Vrijheid, vertrouwen en loslaten zijn daarbij belangrijke uitgangspunten. Deze uitgangspunten liggen ook ten grondslag aan het gedachtegoed van de Omgevingswet. Het plangebied betreft voor een groot deel al ingevuld gebied maar voor een deel ook nog te herontwikkelen gebied of althans gebied waar transformatie mogelijk is. Voor de verschillende deelgebieden gelden verschillende doelstellingen en een verschillende mate van flexibiliteit.

2.2

Indeling in gebieden

De basis voor de structuur van dit bestemmingsplan is een onderscheid in een aantal verschillende gebieden. Er wordt niet – zoals in een regulier bestemmingsplan – gewerkt met bestemmingen op perceelsniveau, maar een gebiedsgerichte benadering uitgaande van de volgende hoofdgebieden: Centrum - Kernwinkelgebied Centrum - Stadsstraat Gemengd Verkeer - Hoofdontsluitingsweg Maatschappelijk Ontwikkellocatie Woongebied

2.3

Verbeelding

2.4

Technische opzet

Zoals in paragraaf 1.2 reeds kort is aangegeven wordt voor dit plan afgeweken van de SVBP2012 en biedt het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet (artikel 7g en 7c) die ruimte ook. Er is beoogd binnen de "Werkafspraak CHW Bestemmingsplannen" (Geonovum, Kadaster, Min I&M, 24 maart 2016) een modus te vinden die de inhoud van het plan vanuit het oogpunt van de verbrede reikwijdte goed kan ontsluiten, digitaal gebruiksvriendelijk is en waarbij de juridische authenticiteit van de digitale planbestanden is geborgd. Het voorontwerp van dit plan was nog opgezet volgens de digitale standaarden voor gemeentelijke structuurvisie. Vanaf de fase ontwerp is aansluiting gezocht bij het plantype bestemmingsplan. Daarmee is het plan op de gebruikelijke wijze raadpleegbaar via ruimtelijkeplannen.nl en is geen aparte viewer nodig waarmee men niet of minder vertrouwd is. Zo gaat de inhoud van het plan bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet ook - net als andere bestemmingsplannen - integraal over naar het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). De verbeelding, die onderdeel uitmaakt van het juridisch deel van dit plan geeft informatie over welke regels voor welke locatie van toepassing zijn en kunnen daarmee worden gezien als werkingsgebieden als bedoeld onder de Omgevingswet.

Zowel digitaal (ruimtelijkeplannen.nl) als analoog (pdf/op papier) is aansluiting gezocht bij de presentatie die voortvloeit uit de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP2012), maar gezien de verbrede reikwijdte kunnen de gebruikte arceringen, kleuren en aanduidingen een andere functie hebben dan in een regulier bestemmingsplan het geval is. Daarbij is van belang dat in dit plan, net als in een regulier bestemmingsplan, uiteindelijk de regels bepalen wat wel en wat niet mag, of daar een

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

11

vergunning voor nodig is, etc. De verbeelding dient alleen om duidelijk te maken welke regels voor welke locatie gelden, hoofdzakelijk wanneer dat (werkings)gebied niet het gehele plangebied is. Met andere woorden: de gebruikte benaming voor vlak, lijn of figuur geeft op zichzelf dus geen planologische (on)mogelijkheden weer. Wel is geprobeerd logische verbindingen te leggen tussen wat met de SVBP2012 is beoogd en het thema c.q. het onderwerp waarvoor een bepaalde arcering wordt gebruikt. Concreet wordt in dit plan als volgt aansluiting gezocht bij de SVBP2012 dan wel wordt daarvan afgeweken: de gebieden als genoemd in paragraaf 2.2 zijn op de verbeelding zichtbaar als enkelbestemmingen, waarbij per gebied aansluiting is gezocht bij een passende hoofdgroep. Voor ontwikkelingsgebieden wordt gebruik gemaakt van de hoofdgroep 'Overig'. Locatiegericht maatwerk voor wat betreft toegelaten functies vindt plaats door het gebruik van functieaanduidingen, zoals dat ook bij reguliere bestemmingsplannen het geval is. Dit is aan de orde voor het gebied Gemengd. Bouwvlakken, gevellijnen en maatvoering zijn ingetekend zoals dat ook bij reguliere bestemmingsplannen het geval is. Voor de vlakken c.q. werkingsgebieden die zijn gekoppeld aan de verbrede reikwijdte van het plan is aansluiting gezicht bij de arceringen die gewoonlijk worden gebruikt voor dubbelbestemmingen en gebiedsaanduidingen.

Enkele voorbeelden: 1. de verschillende gebieden die worden onderscheiden in de regels over het uiterlijk van bouwwerken (welstand) worden aangegeven met een arcering in de hoofdgroep 'Waarde', net als bepaalde gebieden waarvoor aanvullende c.q. afwijkende regels gelden vanuit het oogpunt van bescherming van archeologische en cultuurhistorische waarden of ter bescherming van de groenblauwe basisstructuur binnen de gemeente. 2. historisch waardevolle groenstructuren en -objecten zijn met een gebiedsaanduiding in de hoofdgroep 'overige zone' aangeduid. Het aanpassen van de kleur van de arcering naar groen is daarbij binnen de SVBP2012 helaas niet mogelijk. 3. Voor welke bomen en houtopstanden een ' kapvergunning' nodig is, is aangegeven met een gebiedsaanduiding in de hoofdgroep 'wetgevingzone', net als de regels die gelden voor de marktlocatie binnen het plangebied. Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat in het plan wordt gewerkt met afwijkende bouwregels voor bepaalde bestaande functies, die afwijken van de reguliere bouwregels die zijn gekoppeld aan de gebieden die in het plan worden onderscheiden. Ook daarvoor is het gebruik van een kaart gewenst, maar omwille van de digitale raadpleegbaarheid binnen de technische standaarden (o.a. gebruik verschillende kaartlagen niet mogelijk) is die kaart opgenomen als bijlage bij de regels. De werking is echter hetzelfde.

Die kaart geeft aan waar welke regels van toepassing zijn. Zie ook paragraaf 2.6.

2.5

Gebieden

Zoals is aangegeven in paragraaf 2.2 vindt functietoedeling (het bestemmen) in beginsel gebiedsgericht en niet perceelsgericht plaats. Er is gekozen voor een beperkt aantal gebieden, waarbij voor elk te onderscheiden gebied aparte regels gelden, maar binnen een gebied in beginsel geen (verder) onderscheid wordt gemaakt in deelgebieden. Zowel de functionele invulling (gebruik) als de bouwregels zijn gebiedsgericht. Dit wijkt dus sterk af van een traditioneel bestemmingsplan waarin aan percelen of delen van een gebied (gedetailleerde) bestemmingen worden gegeven, elk met hun eigen bouwregels. De bouwregels zijn bepaald op basis van de karakteristieken van het gebied en gelden daarom voor het hele gebied. Een ander belangrijk verschil is dat per gebied doelen zijn benoemd die ook een belangrijke rol spelen bij de beoordeling of bepaalde vergunningen kunnen worden verleend. Daarmee wordt vooraf inzicht gegeven in de factoren die een rol spelen bij de afweging om een vergunning wel of juist niet te verlenen. Daarmee ligt er voor de aanvrager ook een rol om in zijn aanvraag in te gaan op de vraag of de beoogde ontwikkeling of activiteit afbreuk doet aan of juist een bijdrage levert aan deze doelen. Wegen, groen, water e.d. zijn dus ook niet apart aangeduid, met uitzondering van de hoofdwegen die geen

12

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

onderdeel uitmaken van de hoofdontsluitingsstructuur. Dit betekent dat er onderlinge uitwisselbaarheid is tussen de verschillende functies, tenzij op dat punt een uitzondering is gemaakt. Dat biedt in de ook meer flexibiliteit bij de (her)inrichting van de openbare ruimte. bijvoorbeeld bij de aanleg van een rotonde. Er is dan geen herbegrenzing van bestemmingen en daarmee geen lange procedure nodig. Als het nodig of gewenst is parkeerplaatsen aan te leggen in een groenvoorziening, hoeft niet te worden afgeweken van een groenbestemming, tenzij het groen onderdeel uitmaakt van de groenblauwe bassistructuur binnen de gemeente. In dat laatste geval is daarvoor wel een vergunning nodig. Voor enkele specifieke functies is wel een meer concrete regeling opgenomen vanwege de actuele beleidskaders voor die functies. Het betreft bijvoorbeeld perifere detailhandel nabij de Zuiderburg en binnen het gebied aanwezige grootschalige kantoren, ook nabij de Zuiderbrug. Om die reden is binnen het gebied Gemengd wel gewerkt met een nadere functionele specificering binnen het gebied. Deze functies zijn dus niet direct uitwisselbaar met andere functies binnen het gebied Gemengd. Voor wat betreft bebouwing is op de verbeelding gewerkt met bouwvlakken die aangegeven welke bebouwing waar mag worden gesitueerd.

De ingetekende gevellijnen dien te worden gezien in samenhang met de regels ten aanzien van de oriëntatie van gebouwen.

2.6

Bestaande situatie gerespecteerd

Bestaande functies die afwijken van de functies die rechtstreeks zijn toegestaan binnen een bepaald gebiedstype, zijn opgenomen in een aparte kaart die als Bijlage 1 bij de regels is gevoegd. Deze functies zijn dus in de kaartlaag 'Gebieden' niet zichtbaar. Ook de bouwmogelijkheden die voor deze functies gelden in het meest recente bestemmingsplan zijn overgenomen in de kaart die als Bijlage 1 bij de regels is opgenomen. Het voorzetten van bestaande functies is op grond van dit plan daarom mogelijk, waardoor bestaande rechten worden gerespecteerd en niet onder het overgansgrecht worden gebracht. Vervanging door de toegelaten functies voor het betreffende gebied is mogelijk, met inachtname van de regels die daarvoor gelden (rechtstreeks dan wel met omgevingsvergunning (omgevingsplanactiviteit). Het bestemmingsplan geeft op deze manier al direct een regeling voor de situatie waarin zo'n bestaande functie en/of bebouwing verdwijnt, zonder dat daarvoor een planwijziging nodig is. Een initiatiefnemer kan dus al direct zien wat in de toekomst op een bepaalde plek mogelijk is, zonder dat daarvoor nog langdurige procedures hoeven te worden gevolgd. Daarmee krijgen dergelijke locaties, anders dan in een traditioneel bestemmingsplan, een meer toekomstbestendige 'bestemming'. De mate waarin deze uitwisselbaarheid mogelijk is, is afhankelijk van het gebied.

Zo zijn de mogelijkheden binnen Centrum - Kernwinkelgebied en Centrum - Stadsstraat ruimer dan binnen Woongebied.

2.7

Sectorale aspecten en waarden

Net als in een regulier bestemmingsplan gelden voor bepaalde gebieden beperkingen of aanvullende regels vanwege de invloed van functies die in die omgeving aanwezig zijn. Het kan dan gaan om de bescherming van een veilige en doelmatige werking van die functies, maar bijvoorbeeld ook om het beschermen van het woonen leefklimaat of het beschermen van bepaalde waarden zoals cultuurhistorisch erfgoed of de groenblauwe basisstructuur. Op de verbeelding worden deze veelal weergegeven als dubbelbestemmingen of gebiedsaanduidingen, wat in termen van de Omgevingswet kan worden gezien als passieve functietoedeling. Het gaat in dit plan om de volgende functies c.q. gebieden: Cultuurhistorisch erfgoed Bescherming van archeologische (verwachtings)waarden Bescherming van de cultuurhistorische waarden van de historische kern Bescherming van historisch waardevolle groenstructuren en -objecten Bescherming van historische infrastructuur

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

13

Bescherming van Rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten en waardevolle bouwwerken en objecten. Zie ook paragraaf 3.3.1

Groenblauwe basisstructuur Het bescherming van bestaande groenstructuren en -objecten en wateren die onderdeel uitmaken van de groenblauwe basisstructuur als vastgelegd in de in september 2020 door de gemeenteraad vastgestelde Agenda Groen en Water.

Milieuaspecten De geluidzone rond de geluidzoneringsplichtge inrichting MGG, waarbinnen ter waarborging van een goed woon- en leefklimaat alleen nieuwe geluidgevoelige functies zijn toegestaan voor zover ter plaatse wordt voldaan aan de geldende voorkeursgrenswaarde dan wel de vastgestelde hogere grenswaarde. De veiligheidszone rond het lpg-tankstation Venloseweg 106, waarbinnen gelet op de fysieke veiligheid geen kwetsbare objecten of beperkt kwetsbare objecten mogen worden gerealiseerd. Zie ook paragraaf 3.3.4

Vrijwaringszones een vrijwaringszone voor het profiel van de vrije ruimte, de binnenbeschermingszone en de buitenbeschermingszone van de waterkering langs de Maas. Voor dit gebied gelden regels op grond van de Keur c.q. de Waterschapsverordening van het Waterschap Limburg. vrijwaringszones langs de Rijksweg A73, in lijn met het zogenoemde rooilijnenbeleid van Rijkswaterstaat. Zie ook paragraaf 3.3.4

2.8

Regels

Net als de verbeelding zijn de regels in beginsel gebiedsgericht. Daarbij wordt uitgegaan van het onderscheid in gebiedstypen als bedoeld in paragraaf 2.2. De regels worden zo beknopt en eenvoudig mogelijk weergeven, waar mogelijk en functioneel in tabelvorm. Dit voorkomt ingewikkelde juridische formuleringen. De leesbaarheid wordt hiermee vergroot, zonder dat dit afbreuk doet aan de juridische inhoud van de regels. Daarnaast is in de tabel ook in één oogopslag te zien wat rechtstreeks mogelijk is (algemene regels) en wat eventueel nog mogelijk is door met een omgevingsvergunning af te wijken van het bestemmingsplan. Per gebiedstype worden regels gegeven met betrekking tot de functietoedeling (het gebruik) en bouwactiviteiten (bouwregels). Hetzelfde geldt voor mogelijkheden om daar 'binnenplans' van af te wijken. Bij dat laatste spelen de voor het betreffende gebied benoemde gebiedsdoelen ook belangrijke rol. Per gebiedstype is na de tabellen met bouwregels ook steeds de regels ten aanzien van het uiterlijk van bouwwerken (welstand), parkeren en te treffen hemelwatervoorzieningen opgenomen. Ook worden per gebied de afwijkende dan wel aanvullende bouwregels benoemd die ter plaatse kunnen gelden, bijvoorbeeld ter bescherming van cultureel erfgoed of vrijwaringszones.

Deze regels zelf zijn opgenomen in hoofdstuk 3 vand e regels (Thematische regels), maar het opnemen van verwijziging per gebiedstype voorkomt dat deze regels over het hoofd worden gezien. Of die regels voor een bepaalde locatie van toepassing zijn blijkt uit de verbeelding, aan de hand van o.a. de gebieden als benoemd in paragraaf 2.7.

14

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

2.9

Beleidsregels

Op sommige plaatsen in de regels zijn open normen opgenomen. Open normen zijn normen die een toetsingskader op hoofdlijnen geven, in tegenstelling tot gesloten normen die een heel concreet toetsingskader geven dat slechts voor één uitleg vatbaar is. Bij open normen is er ruimte voor een nadere afweging bij de toepassing ervan in een concreet geval. Die nadere afweging vindt in beginsel plaats door koppeling van de open norm aan een bevoegdheid tot bijvoorbeeld vergunningverlening. In het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.2) is aangegeven dat een bestemmingsplan regels kan bevatten waarvan de uitleg bij de uitoefening van een daarbij aangegeven bevoegdheid, afhankelijk wordt gesteld van beleidsregels. Een vergelijkbare mogelijkheid is opgenomen in het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet en ook onder de Omgevingswet is het werken met interpreterende beleidsregels mogelijk. Voor de concretisering en nadere uitleg van deze open normen in dit plan zijn beleidsregels opgesteld. Deze beleidsregels zijn niet als bijlage opgenomen bij het plan. Aangezien die beleidsregels naar verloop van tijd kunnen worden vervangen, kan zo'n bijlage op het moment van raadplegen van het plan verouderd zijn. De meest actuele versies zijn raadpleegbaar via de website van de gemeente en overheid.nl.

NB de Beleidsregels afwegingskader ontwikkellocaties zijn - zoals die gelden ten tijde van de vaststelling van dit plan - volledigheidshalve als Bijlage 1 bij deze toelichting opgenomen.

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

15

16

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

Hoofdstuk 3 3.1

Artikelsgewijze toelichting

Hoofdstuk 1 Inleidende regels

In de algemene regels staan de begripsbepalingen en staat omschreven hoe maten die in de regels genoemd worden, gemeten moeten worden. 3.1.1 Begrippen In dit artikel worden de in het plan gebruikte begrippen verklaard en gedefinieerd. Het gaat met name om begrippen die voor meerdere uitleg vatbaar zijn of waarvan de betekenis onduidelijk zou kunnen zijn. Voor begrippen die niet zijn opgenomen in de begrippenlijst geldt dat bepalend is de uitleg die daaraan wordt gegeven in het juridische spraakgebruik, zoals dat blijkt uit in de wet opgenomen of gehanteerde begrippen of uit de jurisprudentie, of anders in het dagelijkse spraakgebruik, zoals dat bijvoorbeeld blijkt uit het Van Dale-woordenboek. Link: Artikel 1 Begrippen 3.1.2 Wijze van meten In dit artikel wordt aangegeven hoe voorgeschreven maatvoeringen e.d. die in de regels zijn opgenomen, moeten worden gemeten. Link: Artikel 2 Wijze van meten

3.2

Hoofdstuk 2 Gebiedsgerichte regels

De basis voor het plan is het onderscheid in gebiedstypen, als opgenomen op de verbeelding en als bedoeld in paragraaf 2.2. Voor deze gebieden zijn in het bestemmingsplan functionele (gebruiks)regels en bouwregels gesteld. Overeenkomstig de terminologie in de Omgevingswet zijn deze gebieden locaties waaraan functies worden toebedeeld. Kortgezegd betreft het in dit bestemmingsplan met verbrede reikwijdte een combinatie van de bestemmingsomschrijving en de specifieke gebruiksregels zoals die worden opgenomen in een regulier bestemmingsplan. 3.2.1 Aanvangen of veranderen van een functie Artikel 3 bevat de juridische borging van de plansystematiek. Door dit artikel kan worden volstaan met tabellen in de regels, zonder een juridische aanhef. Uit het derde lid blijkt bijvoorbeeld dat het verlenen van een omgevingsvergunning een discretionaire bevoegdheid is, en dus geen gegeven (gebonden beschikking) wanneer de in de regels daaraan verbonden voorwaarden is voldaan. Het plan kent twee vormen van regels c.q. toestemming: 1.

2.

een directe toestemming in de vorm van algemene regels: een functie is rechtstreeks toegestaan, mits aan de eventueel op genomen randvoorwaarden is voldaan. Voor de zekerheid dient altijd gecontroleerd te worden of sprake is van een specifieke vorm die verboden kan zijn (in de tabel 'Verboden functies'). De tabel met verboden functies en gebruik gaat dan voor. een indirecte toestemming via vergunning: de activiteit is dan alleen toegestaan indien daar een omgevingsvergunning voor is verleend.

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

17

3.2.2 Zorgplichten In de Omgevingswet is een algemene zorgplicht opgenomen, waaruit volgt dat een ieder bij het uitvoeren van activiteiten de plicht heeft voldoende zorg voor de fysieke leefomgeving in acht te nemen. Vooruitlopend op de inwerkingtreding van de Omgevingswet is in artikel Artikel 5 deze algemene zorgplicht opgenomen. Per gebied wordt dit vervolgens nader geconcretiseerd door een relatie te leggen met de voor dat gebied geformuleerde en nagestreefde gebiedsdoelen. 3.2.3 Gebiedsdoelen De basis voor elk gebied zijn de gedefinieerde gebiedsdoelen. Deze gebiedsdoelen beschrijven het ontwikkelingsperspectief voor het betreffende gebied. Deze gebiedsdoelen zijn gebaseerd op het ten tijde van het opstellen van dit bestemmingsplan actuele beleid, zoals de Ruimtelijke Structuurvisie Venlo, het Detailhandelsbeleid Venlo 2015-2025 en de regionale structuurvisies op basis van het Provinciale Omgevingsplan Limburg 2014, zoals de Regionale Structuurvisie Wonen Noord-Limburg. 3.2.4 Centrum - Kernwinkelgebied Dit betreft het kernwinkelgebied van de kern Tegelen, met Tegelen als verzorgingsgebied. In omvang is het compact, aangezien een compact concentratiegebied voor winkels wordt nagestreefd. Detailhandel is binnen het gebied toegestaan, maar alleen op de begane grond.

Daar waar in de huidige situatie al sprake is van bestaande, legale detailhandel op de verdieping, blijft dat mogelijk, mits de oppervlakte niet toeneemt. Voor wat betreft supermarkten geldt dat de brutovloeroppervlakte beperkt moet blijven tot de huidige oppervlakte. Uit het regionaal en gemeentelijk detailhandelsbeleid vloeit weliswaar voort dat binnen kernwinkelgebieden in beginsel ruimte is voor supermarkten, maar alvorens uitbreiding of nieuwvestiging van supermarkten wordt toegestaan, dient daarvoor wel een ruimtelijk-functionele onderbouwing te worden geleverd waarin de effecten daarvan in beeld worden gebracht. In dit kader is van belang dat ten tijde van de vaststelling van dit plan het bestemmingsplan Martinushof (NL.IMRO.0983.BP202004MARTINUSHF) in procedure is gebracht, dat voorziet in de verplaatsing en vergroting van een bestaande supermarkt binnen het kernwinkelgebied en de toevoeging van een nieuwe supermarkt. In het kader van dat plan is uitgebreid onderzocht welke trends en ontwikkelingen van belang zijn voor het perspectief van het kernwinkelgebied, welke distributieve ruimte er is voor uitbreiding van het supermarktaanbod in Tegelen en meer specifiek het centrum van Tegelen en wat de ruimtelijke effecten van het plan Martinushof zijn. Gezien de resultaten van dat onderzoek is er na realisatie van dit plan geen kwantitatieve ruimte voor uitbreiding meer.

In het kader van het behoud van de leefbaarheid en het voorkomen van (onaanvaardbare) leegstand, in lijn met het regionaal en gemeentelijk beleid en het coherent toepassen ervan, is het noodzakelijk en evenredig de oppervlakte aan supermarkten ook in dit plan te beperken. Ook horecavoorzieningen van maximaal categorie 3 zijn toegestaan, maar alleen op de begane grond. Daar waar in de huidige situatie al sprake is van bestaande legale horeca op de verdieping, blijft dat mogelijk, mits de oppervlakte niet toeneemt. Welke horecacategorieën in het plan worden onderscheiden en wat daaronder wordt verstaan, wordt verduidelijkt in de Begrippen. Daarnaast zijn o.a. dienstverlening, stadsdeelverzorgende maatschappelijke voorzieningen, functies gericht op cultuur en ontspanning toegestaan. Wonen is toegestaan, waarbij de regels kort samengevat zijn gebaseerd op de volgende uitgangspunten: Wonen is binnen dit gebied in beginsel alleen toegestaan op de verdiepingen, waarbij het aantal toegelaten woningen in een gebouw is beperkt tot maximaal één per verdieping. Dat houdt in dat wanneer een gebouw twee verdiepingen heeft boven de begane grondlaag, dan zijn in dat gebouw twee woningen toegestaan. Zijn er drie verdiepingen in het gebouw boven de begane grondlaag, dan zijn er drie woningen toegestaan, etc.

De reden waarom de begane grond niet meetelt is omdat de woonfunctie op de begane grond in beginsel niet wenselijk is in een kernwinkelgebied.

18

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

Het kan voorkomen dat er in een gebouw al meer woningen aanwezig zijn, dan het aantal verdiepingen dat het gebouw telt. Dat is bijvoorbeeld het geval bij appartementencomplexen. Dan worden die woningen niet onder het overgangsrecht gebracht, maar alsnog gerespecteerd op basis van 21.1 Meer woningen per verdieping. Zoals hiervoor al is aangegeven is wonen op de begane grond in beginsel niet wenselijk in een kernwinkelgebied. Om die reden wordt wonen op de begane grond niet toegelaten. Een uitzondering geldt voor het noordelijke deel van de Kerkstraat, tussen het Wilhelminaplein en Kerkstraat 25 en Kerkstraat 12b, waar wonen op de begane grond wel is toegestaan. Anders dan op basis van hetgeen hiervoor is beschreven mogelijk is, is het (per saldo) laten toenemen van het aantal woningen niet rechtstreeks mogelijk. Wel kan op dat punt een omgevingsvergunning worden gevraagd en worden verleend indien de aanvraag past binnen de op dat moment geldende programmatische kaders (o.a. woningbouwprogrammering) en het van toepassing zijnde afwegingskader (Artikel 25). Voor wat betreft de bouwmogelijkheden geldt dat op de verbeelding een bouwvlak is aangegeven en door middel van gevellijnen de gewenste oriëntatie van bebouwing is aangegeven. De bouwregels, die zijn opgenomen in regels zijn in veel gevallen gerelateerd aan het bouwvlak en deze gevellijn.

Let op: na de tabellen volgen enkele aanvullende regels met betrekking tot het uiterlijk van bouwwerken (welstand), het voorzien in voldoende parkeergelegenheid en de wijze waarop moet worden omgegaan met hemelwater. Deze regels gelden in aanvulling op de bouwregels in de tabellen. Daarnaast gelden er voor bepaalde bouwwerken en locaties aanvullende en/of afwijkende bouwregels in verband met bijvoorbeeld cultuurhistorische en archeologische waarden, de groenblauwe basisstructuur, veiligheids- of vrijwaringszones. Deze bouwwerken en gebieden zijn aangegeven op de verbeelding en in artikel 6.7 genoemd, waarmee snel duidelijk is voor welke locaties deze regels gelden. Vanuit voornoemd artikel kan ook direct worden 'doorgeklikt' naar de betreffende aanvullende c.q. afwijkende bouwregels. Link: Artikel 6 Centrum - Kernwinkelgebied 3.2.5 Centrum - Stadsstraat Dit betreft de Grotestraat, die in de Ruimtelijke Structuurvisie als stadsstraat is aangeduid. De straat kent van oudsher een diversiteit aan functies, maar is van een andere orde dan het Kernwinkelgebied (Kerkstraat/Raadhuislaan). Aangezien een compact kernwinkelgebied wordt nagestreefd, worden de mogelijkheden voor detailhandel in de stadsstraat beperkt tot de huidige bestaande legale winkels, in de huidige omvang. Supermarkten zijn hier niet aanwezig en worden ook niet toegestaan.

Wanneer een winkel stopt en er niet binnen één jaar na sluiting een nieuwe winkel komt, vervalt voor dat pand de mogelijkheid er een nieuwe winkel te openen. Detailhandel is dan niet meer toegestaan. Deze aanpak is onderdeel van de strategie om de gewenste concentratie van detailhandel in het kernwinkelgebied te bereiken. Ook wordt ruimte geboden voor horecavoorzieningen van maximaal categorie 3, dienstverlening, stadsdeelverzorgende maatschappelijke voorzieningen, functies gericht op cultuur en ontspanning. Daarbij is het voor een aantal functies wel gewenst per situatie te bezien in hoeverre de betreffende functie binnen de stadsstraat inpasbaar is. Daarom is voor een aantal functiewijziging binnen het gebied vooraf een omgevingsvergunning nodig. Wonen is toegestaan, waarbij de regels kort samengevat zijn gebaseerd op de volgende uitgangspunten: Wonen is alleen toegestaan in een gebouw waar sprake is van een bestaande legale woonfunctie. Dat wil zeggen dat er een woning moet zijn ten tijde van de vaststelling van dit bestemmingsplan en die woning op dat moment ook als zodanig aanwezig mag zijn op basis van het tot dat moment geldende bestemmingsplan of een daarvoor verleende omgevingsvergunning in afwijking van het bestemmingsplan. Staat een gebouw leeg ten tijde van de vaststelling van dit bestemmingsplan, maar

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

19

was het laatst bekende gebruik wonen en mocht dat ook op basis van het geldende bestemmingsplan of een omgevingsvergunning, dan wordt die situatie gezien de begripsomschrijving van het begrip 'bestaande legale situatie' ook gezien als een bestaande legale woonfunctie. Het aantal toegelaten woningen in een gebouw is beperkt tot maximaal één per bouwlaag (inclusief begane grond). Dat houdt in dat wanneer een gebouw een begane grondlaag en één verdieping heeft, in dat gebouw maximaal twee woningen toegestaan. Zijn er twee verdiepingen boven de begane grond, dan zijn in het gebouw drie woningen toegestaan, etc. Het kan voorkomen dat er in een gebouw al meer woningen aanwezig zijn, dan het aantal bouwlagen dat het gebouw telt. Dat is bijvoorbeeld het geval bij appartementencomplexen. Dan worden die woningen niet onder het overgangsrecht gebracht, maar alsnog gerespecteerd op basis van 21.1 Meer woningen per verdieping. Anders dan op basis van hetgeen hiervoor is beschreven mogelijk is, is het (per saldo) laten toenemen van het aantal woningen niet rechtstreeks mogelijk. Wel kan op dat punt een omgevingsvergunning worden gevraagd en worden verleend indien de aanvraag past binnen de op dat moment geldende programmatische kaders (o.a. woningbouwprogrammering) en het van toepassing zijnde afwegingskader (Artikel 25).

Voor wat betreft de bouwmogelijkheden geldt dat op de verbeelding een bouwvlak is aangegeven en door middel van gevellijnen de gewenste oriëntatie van bebouwing is aangegeven. De bouwregels, die zijn opgenomen in regels zijn in veel gevallen gerelateerd aan het bouwvlak en deze gevellijn. Voor bepaalde bestaande functies kunnen afwijkende bouwregels gelden om een balans te kunnen bieden tussen de gebiedsgerichte bouwregels, die zijn afgestemd op de toegelaten functies, zonder daarbij legaal bestaande functies en de daarvoor in de geldende bestemmingsplannen opgenomen bouwregels weg te nemen dan wel onder het overgangsrecht te brengen. Dit komt tot uitdrukking in de laatste rij van de bouwregels in artikel 7.6.1. Let op: na de tabellen volgen enkele aanvullende regels met betrekking tot het uiterlijk van bouwwerken (welstand), het voorzien in voldoende parkeergelegenheid en de wijze waarop moet worden omgegaan met hemelwater. Deze regels gelden in aanvulling op de bouwregels in de tabellen. Daarnaast gelden er voor bepaalde bouwwerken en locaties aanvullende en/of afwijkende bouwregels in verband met bijvoorbeeld cultuurhistorische en archeologische waarden, de groenblauwe basisstructuur, veiligheids- of vrijwaringszones. Deze bouwwerken en gebieden zijn aangegeven op de verbeelding en in artikel 6.7 genoemd, waarmee snel duidelijk is voor welke locaties deze regels gelden.

Vanuit voornoemd artikel kan ook direct worden 'doorgeklikt' naar de betreffende aanvullende c.q. afwijkende bouwregels. Link: Artikel 7 Centrum - Stadsstraat 3.2.6 Gemengd Dit betreft het gebied direct ten zuiden van de Rijksweg A73. Het gebied omvat de perifere detailhandelsconcentratie Zuiderbrug, maar ook een brandweerkazerne, enkele grotere kantoorgebouwen, een aantal bedrijven en een enkele woning. Een gemengd gebied dus. Voor wat betreft de bouwmogelijkheden geldt dat op de verbeelding een bouwvlak is aangegeven en door middel van gevellijnen de gewenste oriëntatie van bebouwing is aangegeven. De bouwregels, die zijn opgenomen in regels zijn in veel gevallen gerelateerd aan het bouwvlak en deze gevellijn. Let op: na de tabellen volgen enkele aanvullende regels met betrekking tot het uiterlijk van bouwwerken (welstand), het voorzien in voldoende parkeergelegenheid en de wijze waarop moet worden omgegaan met hemelwater. Deze regels gelden in aanvulling op de bouwregels in de tabellen. Daarnaast gelden er voor bepaalde bouwwerken en locaties aanvullende en/of afwijkende bouwregels in verband met bijvoorbeeld cultuurhistorische en archeologische waarden, de groenblauwe basisstructuur, veiligheids- of vrijwaringszones. Deze bouwwerken en gebieden zijn aangegeven op de verbeelding en in

20

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

artikel 6.7 genoemd, waarmee snel duidelijk is voor welke locaties deze regels gelden. Vanuit voornoemd artikel kan ook direct worden 'doorgeklikt' naar de betreffende aanvullende c.q. afwijkende bouwregels. Link: Artikel 8 Gemengd 3.2.7 Verkeer - Hoofdontsluitingsweg Dit betreffen de wegen die in het Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan als hoofdontsluitingsweg (primair of secundair) of als 'inprikker' zijn aangeduid/ Het betreffen de wegen die bijvoorbeeld woonwijken of andere gebieden ontsluiten en verbinden met andere gebieden. De toegestane hoofdfuncties en bijbehorende functies zijn functies die passen bij het doel van deze wegen. De bouwmogelijkheden zijn beperkt en passend bij die functies. Let op: na de tabellen volgen enkele aanvullende regels met betrekking tot het uiterlijk van bouwwerken (welstand), het voorzien in voldoende parkeergelegenheid en de wijze waarop moet worden omgegaan met hemelwater. Deze regels gelden in aanvulling op de bouwregels in de tabellen. Daarnaast gelden er voor bepaalde bouwwerken en locaties aanvullende en/of afwijkende bouwregels in verband met bijvoorbeeld cultuurhistorische en archeologische waarden, de groenblauwe basisstructuur, veiligheids- of vrijwaringszones. Deze bouwwerken en gebieden zijn aangegeven op de verbeelding en in artikel 6.7 genoemd, waarmee snel duidelijk is voor welke locaties deze regels gelden.

Vanuit voornoemd artikel kan ook direct worden 'doorgeklikt' naar de betreffende aanvullende c.q. afwijkende bouwregels. Link: Artikel 9 Verkeer - Hoofdontsluitingsweg 3.2.8

Maatschappelijk

De grotere maatschappelijke voorzieningen binnen het plangebied, zoals scholen, kerken en kloosters zijn als apart gebied aangeduid. Binnen deze gebieden is een bepaalde mate van uitwisseling van maatschappelijke voorzieningen toegestaan. Daarbij gaat het om stadsdeelverzorgende voorzieningen, maar ook bovenlokaal c.q. regionaal verzorgende voorzieningen met een beperkte ruimtelijke uitstraling. Voor wat betreft de bouwmogelijkheden geldt dat op de verbeelding een bouwvlak is aangegeven en door middel van gevellijnen de gewenste oriëntatie van bebouwing is aangegeven. De bouwregels, die zijn opgenomen in regels zijn in veel gevallen gerelateerd aan het bouwvlak en deze gevellijn. Let op: na de tabellen volgen enkele aanvullende regels met betrekking tot het uiterlijk van bouwwerken (welstand), het voorzien in voldoende parkeergelegenheid en de wijze waarop moet worden omgegaan met hemelwater. Deze regels gelden in aanvulling op de bouwregels in de tabellen. Daarnaast gelden er voor bepaalde bouwwerken en locaties aanvullende en/of afwijkende bouwregels in verband met bijvoorbeeld cultuurhistorische en archeologische waarden, de groenblauwe basisstructuur, veiligheids- of vrijwaringszones. Deze bouwwerken en gebieden zijn aangegeven op de verbeelding en in artikel 6.7 genoemd, waarmee snel duidelijk is voor welke locaties deze regels gelden.

Vanuit voornoemd artikel kan ook direct worden 'doorgeklikt' naar de betreffende aanvullende c.q. afwijkende bouwregels. Link: Artikel 10 Maatschappelijk 3.2.9 Ontwikkellocatie Binnen deze gebieden zijn primair de functies toegestaan die daar op basis van het (voorheen) geldende bestemmingsplan zijn toegestaan. Er wordt echter ook ruimte geboden om met een omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit te komen tot een herontwikkeling, mits die herontwikkeling pas binnen het gebied. Om te kunnen beoordelen of een ontwikkeling aan dat criterium voldoet, wordt gebruik gemaakt van de separaat vast te stellen c.q. vastgestelde 'Beleidsregels afwegingskader ontwikkellocaties. Voor wat betreft de bouwmogelijkheden geldt dat op de verbeelding een bouwvlak is aangegeven en door

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

21

middel van gevellijnen de gewenste oriëntatie van bebouwing is aangegeven. De bouwregels, die zijn opgenomen in regels zijn in veel gevallen gerelateerd aan het bouwvlak en deze gevellijn. Voor de bestaande functies gelden afwijkende bouwregels om een balans te kunnen bieden tussen de gebiedsgerichte bouwregels, die zijn afgestemd op de toegelaten functies, zonder daarbij legaal bestaande functies en de daarvoor in de geldende bestemmingsplannen opgenomen bouwregels weg te nemen dan wel onder het overgangsrecht te brengen. Dit komt tot uitdrukking in de laatste rij van de bouwregels in artikel 7.6.1. Let op: na de tabellen volgen enkele aanvullende regels met betrekking tot het uiterlijk van bouwwerken (welstand), het voorzien in voldoende parkeergelegenheid en de wijze waarop moet worden omgegaan met hemelwater. Deze regels gelden in aanvulling op de bouwregels in de tabellen. Daarnaast gelden er voor bepaalde bouwwerken en locaties aanvullende en/of afwijkende bouwregels in verband met bijvoorbeeld cultuurhistorische en archeologische waarden, de groenblauwe basisstructuur, veiligheids- of vrijwaringszones. Deze bouwwerken en gebieden zijn aangegeven op de verbeelding en in artikel 6.7 genoemd, waarmee snel duidelijk is voor welke locaties deze regels gelden. Vanuit voornoemd artikel kan ook direct worden 'doorgeklikt' naar de betreffende aanvullende c.q.

afwijkende bouwregels. Link: Artikel 11 Ontwikkellocatie 3.2.10 Woongebied De woongebieden binnen het plangebied zijn ook als zodanig aangeduid. Deze gebieden hebben - naast de bestaande functies als aangegeven op de kaart 'Bestaande situatie', die als bijlage bij deze regels is opgenomen - hoofdzakelijk een woonfunctie. Erftoegangswegen, groenvoorzieningen, parkeervoorzieningen en speelvoorzieningen zijn niet apart aangeduid op de verbeelding, al gelden er voor de aanwezige groen- en watervoorzieningen wel aanvullende regels. Wonen is uiteraard toegestaan, waarbij de regels kort samengevat zijn gebaseerd op de volgende uitgangspunten: Wonen is alleen toegestaan in een gebouw waar sprake is van een bestaande legale woonfunctie. Dat wil zeggen dat er een woning moet zijn ten tijde van de vaststelling van dit bestemmingsplan en die woning op dat moment ook als zodanig aanwezig mag zijn op basis van het tot dat moment geldende bestemmingsplan of een daarvoor verleende omgevingsvergunning in afwijking van het bestemmingsplan. Staat een gebouw leeg ten tijde van de vaststelling van dit bestemmingsplan, maar was het laatst bekende gebruik wonen en mocht dat ook op basis van het geldende bestemmingsplan of een omgevingsvergunning, dan wordt die situatie gezien de begripsomschrijving van het begrip 'bestaande legale situatie' ook gezien als een bestaande legale woonfunctie.

Het aantal toegelaten woningen in een gebouw met gestapelde woningen c.q. wonen op de verdiepingen is beperkt tot maximaal één per bouwlaag (inclusief begane grond). Dat houdt in dat wanneer een gebouw een begane grondlaag en één verdieping heeft, in dat gebouw maximaal twee woningen toegestaan. Zijn er twee verdiepingen boven de begane grond, dan zijn in het gebouw drie woningen toegestaan, etc. Het kan voorkomen dat er in een gebouw al meer woningen aanwezig zijn, dan het aantal bouwlagen dat het gebouw telt. Dat is bijvoorbeeld het geval bij appartementencomplexen. Dan worden die woningen niet onder het overgangsrecht gebracht, maar alsnog gerespecteerd op basis van 21.1 Meer woningen per verdieping. Anders dan op basis van hetgeen hiervoor is beschreven mogelijk is, is het (per saldo) laten toenemen van het aantal woningen niet rechtstreeks mogelijk. Wel kan op dat punt een omgevingsvergunning worden gevraagd en worden verleend indien de aanvraag past binnen de op dat moment geldende programmatische kaders (o.a. woningbouwprogrammering) en het van toepassing zijnde afwegingskader (Artikel 25). Voor wat betreft de bouwmogelijkheden geldt dat op de verbeelding een bouwvlak is aangegeven en door middel van gevellijnen de gewenste oriëntatie van bebouwing is aangegeven. De bouwregels, die zijn

22

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

opgenomen in regels zijn in veel gevallen gerelateerd aan het bouwvlak en deze gevellijn. Voor bepaalde bestaande functies kunnen afwijkende bouwregels gelden om een balans te kunnen bieden tussen de gebiedsgerichte bouwregels, die zijn afgestemd op de toegelaten functies, zonder daarbij legaal bestaande functies en de daarvoor in de geldende bestemmingsplannen opgenomen bouwregels weg te nemen dan wel onder het overgangsrecht te brengen. Dit komt tot uitdrukking in de laatste rij van de bouwregels in artikel 12.6.1. Let op: na de tabellen volgen enkele aanvullende regels met betrekking tot het uiterlijk van bouwwerken (welstand), het voorzien in voldoende parkeergelegenheid en de wijze waarop moet worden omgegaan met hemelwater. Deze regels gelden in aanvulling op de bouwregels in de tabellen. Daarnaast gelden er voor bepaalde bouwwerken en locaties aanvullende en/of afwijkende bouwregels in verband met bijvoorbeeld cultuurhistorische en archeologische waarden, de groenblauwe basistructuur, veiligheids- of vrijwaringszones. Deze bouwwerken en gebieden zijn aangegeven op de verbeelding en in artikel 6.7 genoemd, waarmee snel duidelijk is voor welke locaties deze regels gelden. Vanuit voornoemd artikel kan ook direct worden 'doorgeklikt' naar de betreffende aanvullende c.q. afwijkende bouwregels. Link: Artikel 12 Woongebied

3.3

Hoofdstuk 4 Thematische regels

3.3.1 Cultuurhistorische en archeologischewaarden Net als in reguliere bestemmingsplannen dient op grond van het Besluit ruimtelijke ordening en de Erfgoed wet in dit plan rekening te worden gehouden met de aanwezigheid van archeologische (verwachtings)waarden in de bodem. Op basis van de gemeentelijk beleids- en advieskaart en het daaraan verbonden afwegingskader gelden daarom beperkingen voor bodemingrepen met een diepte van meer dan 40 centimeter beneden maaiveld, bij een overschrijding van de oppervlakte die is gekoppeld aan het betreffende gebied. Indien een dergelijke ingreep aan de orde is door bouwactiviteiten of werken/werkzaamheden anders dan bouwwerkzaamheden, dan is daarvoor in veel gevallen een vergunning nodig. In welke gevallen dat aan de orde is en welke uitzonderingen daarvoor gelden is uitgewerkt in Artikel 13. Verder vragen ook een een aantal andere gebieden, structuren en objecten binnen het plangebied om een specifieke regeling ter bescherming van de cultuurhistorische waarde daarvan. Deze waarden zijn in opdracht van de gemeente Venlo geïnventariseerd en hebben betrekking op de historische kern van Tegelen, historisch waardevolle groenstructuren en - objecten, historische infrastructuur en binnen het pplangebied aanwezige Rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten en waardevolle bouwwerken en objecten.

Deze afwijkende dan wel aanvullende regels zijn uitgewerkt in: 13.3 Historische kern 13.4 Historische infrastructuur 13.5 Rijksmonumenten en gemeentelijke monumenten 13.7 Historisch waardevolle groenobjecten en -structuren. Deze regels kunnen afwijkingen of aanvullingen ten opzichte van de in hoofdstuk 2 opgenomen bouwregels inhouden, maar bijvoorbeeld ook beperkingen of vergunningplichten voor het uitvoeren van bepaalde werken of werkzaamheden of een vergunningplicht voor het slopen van bebouwing. Link: Artikel 13 Cultuurhistorische en archeologische waarden

Aspecten die niet primair tot de gemeentelijk taak behoren en die elders reeds geborgd zijn, zijn bewust niet opgenomen, aangezien ook die regelingen aan veranderingen onderhevig zijn en daardoor verschillen kunnen optreden tussen regelingen. Voorbeelden daarvan zijn regels die gelden rondom waterstaatswerken en

bestemmingsplan Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen

23

waterlopen onder beheer van het Waterschap Limburg dan wel Rijkswaterstaat. 3.3.2 Groenblauwe basisstructuur Uit de in september 2020 door de gemeenteraad vastgestelde Agenda Groen en Water volgt een groenblauwe basisstructuur, bestaande uit bestaande en behoudenswaardige groen- en waterstructuren. Die basisstructuur dient behouden te blijven. Dit doel is daarom benoemd in het plan, waarbij ook is voorzien in een vergunningplicht voor - kortgezegd - de aantasting daarvan. Afhankelijk van de gevolgen voor de structuur kan die vergunning wel of niet worden verleend. Daarbij kan door middel van voorschriften aan de vergunning worden geborgd dat herstel of compensatie plaatsvindt. Link: Artikel 14 Groenblauwe basisstructuur 3.3.3 Waardevolle houtopstanden en bomen Deze regeling is overgenomen uit de APV en heeft kortgezegd betrekking op de kapvergunning. Uit deze regeling volgt in welke gevallen een vergunning nodig is voor het kappen van een waardevolle boom of een waardevolle houtopstand. Deze bomen en houtopstanden zijn aangegeven op de verbeelding met de gebiedsaanduiding wetgevingzone - vergunningplicht kappen. Link: Artikel 15 Waardevolle houtopstanden en bomen 3.3.4 Zones Binnen het plangebied kunnen als gevolg van bepaalde activiteiten beperkingen gelden voor het gebruik van omliggende gronden. Deze zones zijn weergegeven op de verbeelding.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/506/documents/11059