CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

067 Bijl01 correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied Meelderbroek toelichting.pdf

Raadsvergadering 25 september 2024, gemeente VenloBij agendapunt: 5.1: Vaststellen bestemmingsplan Correctieve Herziening Herbegrenzing Glastuinbouwconcentratiegebied Meelderbroek (Belfeld) (RV067)19.511 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied Meelderbroek Gemeente Venlo <Status>

colofon

projectnaam Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied Meelderbroek datum 18 juni 2024 projectnummer P06770 IMRO-identificatienummer NL.IMRO.0983.BP202321MEELDERBRVA01 opdrachtgever Gemeente Venlo Concept 5 oktober 2023 Ontwerp 21 november 2023 Vaststelling BRO projectleider WBl projectteam RVe bron kaft BRO review WBl

Bosscheweg 107 5282 WV Boxtel +31 (0)411 850 400 info@bro.nl www.bro.nl

TOELICHTING

Inhoudsopgave 1

2

3

INLEIDING

5

1.1 1.2 1.3 1.4

5 7 8 10

PLANBESCHRIJVING

11

2.1 2.2 2.3

11 12 16

Bestaande situatie Toekomstige situatie Ruimtelijke en stedenbouwkundige effecten

BELEIDSKADER

17

3.1

Rijksbeleid

17

3.1.1 3.1.2 3.1.3 3.1.4 3.1.5 3.1.6

17 18 18 19 19 19

3.2

3.3

4

Aanleiding Plangebied Vigerend bestemmingsplan Leeswijzer

Nationale omgevingsvisie (NOVI) Structuurvisie Buisleidingen 2012-2035 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro) Besluit ruimtelijke ordening (Ladder voor duurzame verstedelijking) Wet milieubeheer

Provinciaal beleid

20

3.2.1 3.2.2 3.2.3 3.2.4

20 22 24 29

Provinciale Omgevingsvisie Limburg (POVI) Omgevingsverordening Limburg 2014 Omgevingsverordening Limburg 2021 Limburgs Kwaliteitsmenu

Gemeentelijk beleid

30

3.3.1 3.3.2

30 31

Strategische visie Venlo 2040 Ruimtelijke Structuurvisie Venlo

OMGEVINGSASPECTEN

34

4.1

Verkeer en parkeren

34

4.1.1 4.1.2 4.1.3

34 34 35

4.2

4.3

Bodem

35

4.2.1 4.2.2 4.2.3

35 35 35

4.5

4.6

Toetsingskader Onderzoek Conclusie

Geluid 4.3.1 4.3.2 4.3.3

4.4

Verkeer Parkeren Conclusie

35 Toetsingskader Onderzoek Conclusie

35 36 37

Bedrijven en milieuzonering

37

4.4.1 4.4.2 4.4.3

37 37 38

Toetsingskader Onderzoek Conclusie

Luchtkwaliteit

38

4.5.1 4.5.2 4.5.3

38 38 39

Toetsingskader Onderzoek Conclusie

Externe veiligheid

39

4.6.1 4.6.2

39 40

Meelderbroek

Toetsingskader Onderzoek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 3

4.6.3

4.7

4.7.1 4.7.2 4.7.3

4.8

4.9

Conclusie

Water

44

44 Toetsingskader Onderzoek Conclusie

44 44 46

Ecologie en stikstof

46

4.8.1 4.8.2 4.8.3 4.8.4 4.8.5 4.8.6

46 46 47 47 49 49

Toetsingskader Toetsing Wettelijke gebiedsbescherming Toetsing gebiedsbescherming vanuit provinciaal beleid Soortenbescherming Stikstofdepositie Conclusie

Archeologie en cultuurhistorie

50

4.9.1 4.9.2 4.9.3

50 50 52

Archeologie Cultuurhistorie Conclusie

4.10 Leidingen 4.11 M.E.R. aanmeldingsnotitie

52 52

JURIDISCHE ASPECTEN

53

5.1 5.2 5.3

Planstukken Toelichting op de verbeelding Toelichting op de regels

53 53 53

5.3.1 5.3.2 5.3.3 5.3.4

Inleidende regels Bestemmingsregels Algemene regels Overgangs- en slotregels

53 54 55 55

6

ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID

56

7

PROCEDURE

57

7.1 7.2 7.3

57 57 57

5

Procedure Vooroverleg en inspraak Zienswijzen

Separate bijlagen Bijlage 1: Technische onderzoeken Bijlage 2: Luchtkwaliteit Bijlage 3: Quickscan flora en fauna Bijlage 4: Oplegnotitie archeologische quickscan Bijlage 5: Akoestisch onderzoek

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 4

1

INLEIDING

1.1

Aanleiding

ED Beheer B.V. en Brookberries Reuver B.V. (hierna aangeduid met Brookberries) heeft haar hoofdvestiging in het glastuinbouwconcentratiegebied Meelderbroek. Dit glastuinbouwbedrijf had het voornemen om een nieuw glastuinbouwbedrijf te realiseren op de gronden aangrenzend aan haar hoofdvestiging. Om dit initiatief mogelijk te kunnen maken, heeft Brookberries de gemeente Venlo verzocht om medewerking te verlenen aan de herbegrenzing van het glastuinbouwconcentratiegebied Meelderbroek. Het college van burgemeester en wethouders heeft op 24 april 2018 besloten medewerking te verlenen aan het initiatief. Hiertoe is een aantal wijzigingen van het geldende bestemmingsplan noodzakelijk. Kort samengevat betreft de beoogde ontwikkeling de herbegrenzing en gedeeltelijke revitalisering van het glastuinbouwconcentratiegebied Meelderbroek. Het gebied dat aan de noordwestzijde van het glastuinbouwconcentratiegebied is gelegen (verder deelgebied 1 genoemd, zie ook figuur 1.1.), zal worden onttrokken aan het concentratiegebied. Aan de zuidzijde van het concentratiegebied zullen enkele agrarische percelen (verder deelgebied 2 genoemd) aan het glastuinbouwconcentratiegebied worden toegevoegd. Het glastuinbouwbedrijf Brookberries is voornemens om op deze percelen een nieuw glastuinbouwbedrijf te vestigen.

De totale omvang van het glastuinbouwconcentratiegebied Meelderbroek neemt bij de herbegrenzing af met bijna 4 hectare. Ten behoeve van bovengenoemd planvoornemen is eerder het bestemmingsplan ‘Herbegrenzing Glastuinbouwconcentratiegebied Meelderbroek’ opgesteld. Echter, als gevolg van een gerechtelijke uitspraak van 17 mei 2023 van de Raad van State1 zijn de plandelen ten noorden van de Elshoutweg (deelgebied 1) en ten westen van de Elshoutweg (deelgebied 2) uit dit bestemmingsplan vernietigd. Dit omdat het plan in strijd met artikel 2.12.2 eerste lid van de Omgevingsverordening is vastgesteld en omdat geen sprake was van het vaststellen van een exploitatieplan voor een tweetal percelen in deelgebied 2. Tenslotte is niet voldoende gemotiveerd dat deelgebied 2 niet leidt tot een onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat van een tegenoverliggende bedrijfswoning. De gerechtelijk uitspraak is gepubliceerd op ruimtelijke plannen 2. Figuur 1.1 weergeeft de ligging van de deelgebieden uit dit eerder opgestelde bestemmingsplan ‘Herbegrenzing Glastuinbouwconcentratiegebied Meelderbroek’. Het met het bestemmingsplan ‘Herbegrenzing Glastuinbouwconcentratiegebied Meelderbroek’ voorziene glastuinbouwbedrijf is inmiddels, op de gronden die in eigendom zijn bij de initiatiefnemer (deelgebied 2), met een onherroepelijke omgevingsvergunning gerealiseerd.

Door middel van onderhavig bestemmingsplan wordt alsnog een juridisch kader gesteld voor de ontwikkelingen in deelgebied 1 en 2. Daarbij is de planbegrenzing voor deelgebied 2 gewijzigd (zie figuur 1.2). De oppervlakte van deelgebied 2 wordt met deze wijziging beperkt tot circa 13,6 hectare. Aangezien deelgebied 3 niet vernietigd is, maakt dit deelgebied geen onderdeel uit van onderhavig bestemmingsplan. Het bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding voor de deelgebieden 1 en 2 (conform figuur 1.2) en bijbehorende regels. Deze toelichting vormt de onderbouwing hiervan.

1 2

Raad van State ECLI: ECLI:NL:RVS:2023:1930 IMRO nummer: NL.IMRO.0983.BP201904MEELDERBR-GU01

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 5

Figuur 1.1: Ligging oorspronkelijke deelgebieden (1. rood omlijnd; 2. blauw omlijnd; 3. groen omlijnd)

Figuur 1.2: Ligging deelgebieden onderhavig bestemmingsplan (1. rood omlijnd; 2. blauw omlijnd)

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 6

1.2

Plangebied

Het plangebied van het voorliggende bestemmingsplan ligt ten zuiden van de kern Belfeld en ten noordoosten van de kern Reuver, in het zuiden van de gemeente Venlo. De betreffende gronden liggen deels binnen en deels direct aansluitend aan het glastuinbouwconcentratiegebied Meelderbroek. Het plangebied bestaat uit twee deelgebieden. In figuur 1.3 is de globale begrenzing van het plangebied weergeven. Deelgebied 1 wordt begrensd door de A73 aan de noordwestzijde, de Broekstraat aan de noordzijde en de Elshoutweg aan het zuidoostzijde. Binnen dit deelgebied komen diverse vormen van gebruik voor, zoals agrarisch grondgebruik, agrarische bedrijven en enkele burgerwoningen. In paragraaf 2.1 wordt hier nader op ingegaan. Deelgebied 2 betreft de agrarische gronden gelegen tussen de Elshoutweg, de Koelesweg en de Hoverheideweg. Aan de westzijde wordt de begrenzing van dit deelgebied gevormd door agrarische gronden.

Figuur 1.3: Globale begrenzing deelgebieden (1. rood omlijnd; 2. blauw omlijnd; (bron: PDOK))

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 7

1.3

Vigerend bestemmingsplan

Voor onderhavig plangebied is het bestemmingsplan ‘Buitengebied Venlo’, vastgesteld op 30 maart 2011 door de gemeenteraad van Venlo. Een uitsnede van de verbeelding van dit bestemmingsplan, ter plaatse van de deelgebieden, is opgenomen in figuur 1.4 en 1.5. Deelgebied 1. Weg te bestemmen deel glastuinbouwconcentratiegebied Het merendeel van de gronden in dit deelgebied zijn bestemd tot ‘Agrarisch’. Deze gronden zijn onder andere bestemd voor agrarisch gebruik, extensief recreatief medegebruik, en waterhuishoudkundige voorzieningen. Deze gronden mogen niet worden bebouwd. Uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, die noodzakelijk zijn uit een oogpunt van doelmatige agrarische bedrijfsvoering dan wel uit een oogpunt van beheer en onderhoud overeenkomstig de bestemmingsomschrijving zijn toegestaan, waaronder begrepen beperkte voorzieningen ten behoeve van extensief recreatief medegebruik.

De burgerwoningen in dit deelgebied (inclusief tuinen) zijn bestemd tot ‘Wonen’. Deze gronden zijn onder andere bestemd voor wonen, de uitoefening van beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten in hoofdgebouw en bijgebouw(en) van maximaal categorie 1 of 2, één paardenbak per bouwvlak en waterhuishoudkundige voorzieningen.

De agrarische bedrijven in het gebied zijn bestemd tot ‘Agrarisch – Agrarisch bedrijf’. Voor de twee grondgebonden agrarische bedrijven is de functieaanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch – grondgebonden bedrijf’ opgenomen en voor het glastuinbouwbedrijf geldt de functieaanduiding ‘glastuinbouw’. De voor ‘Agrarisch – Agrarisch bedrijf’ aangewezen gronden zijn onder andere bestemd voor:  ter plaatse van de aanduiding ‘glastuinbouw’, de uitoefening van een agrarisch bedrijf in de vorm van een glastuinbouwbedrijf; 

ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch – grondgebonden bedrijf’, de uitoefening van een agrarisch bedrijf in de vorm van een grondgebonden bedrijf;

wonen ten dienste van een bedrijf.

De wegen die dit deelgebied doorkruisen zijn bestemd tot ‘Verkeer’. Binnen deze bestemming zijn onder andere diverse typen wegen en paden, waterhuishoudkundige voorzieningen, groenvoorzieningen, straatmeubilair en voorzieningen van algemeen nut toegestaan .

Voor de twee aardgasleidingen die dit deelgebied doorkruisen (parallel aan de A73) en de beschermingszone van deze leidingen is de dubbelbestemming ‘Leiding – Gas’ opgenomen. De hartlijn van de leidingen is aangegeven middels de aanduiding ‘hartlijn leiding – gas’. Binnen een zone van 5 meter aan weerszijden van de hartlijn mag niet worden gebouwd. Door middel van een omgevingsvergunning kunnen bouwwerken worden toegestaan ten behoeve van de andere voor deze gronden geldende bestemming(en), mits geen onevenredige aantasting plaatsvindt van het doelmatig functioneren van de leiding en vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen bij de leidingbeheerder.

Daarnaast liggen de vrijwaringszones van de snelweg A73 over delen van dit deelgebied. Deze zijn aangeduid middels de gebiedsaanduidingen ‘vrijwaringszone – weg 2’ (zone van 0 tot 50 meter afstand tot de A73) en ‘vrijwaringszone – weg 3’ (zone van 50 tot 100 meter afstand tot de A73). Ter plaatse van deze aanduidingen zijn uitsluitend bouwwerken toegelaten die nodig zijn voor het wegverkeer.

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 8

De gebiedsaanduiding ‘overige zone – glastuinbouw concentratie’ is opgenomen voor dit deelgebied. Ter plaatse van deze aanduiding zijn de gronden mede bestemd voor een glastuinbouwconcentratiegebied. In de begripsomschrijving is een glastuinbouwconcentratiegebied gedefinieerd als ‘een zone binnen het plangebied waarbinnen de bedrijfstak glastuinbouw zich verder kan ontwikkelen en waarbinnen nieuwvestiging mogelijk is van glastuinbouwbedrijven’.

Deelgebied 2. Toe te voegen deel glastuinbouwconcentratiegebied De locatie waar het nieuwe glastuinbouwbedrijf is geprojecteerd is hoofdzakelijk bestemd tot ‘Agrarisch’. Zie toelichting onder deelgebied 1.

Ter plaatse van de aanwezige waterlopen geldt de bestemming ‘Water’. Deze gronden zijn bestemd voor de aanleg en instandhouding van waterberging, waterhuishouding en ecologische en natuurwaarden, waterlopen en daarbij behorende waterhuishoudkundige- en oevervoorzieningen en kruisingen en overbruggingen ten behoeve van verkeersdoeleinden.

Dit deelgebied ligt buiten het in het bestemmingsplan opgenomen glastuinbouwconcentratiegebied. Het realiseren van een glastuinbouwbedrijf is daarmee strijdig met het vigerende bestemmingsplan. De huidige bestemming ‘Agrarisch’ bevat ook geen wijzigingsbevoegdheid waarmee de beoogde ontwikkeling van een glastuinbouwbedrijf mogelijk gemaakt kan worden. Binnen deze bestemming is wel een aantal wijzigingsbevoegdheden opgenomen, waaronder ten behoeve van de bouwvlakvergroting van een glastuinbouwbedrijf, maar het voorliggende initiatief kan niet voldoen aan alle wijzigingsvoorwaarden.

Figuur 1.4: Uitsnede bestemmingsplan ‘Buitengebied Venlo’ ter plaatste van deelgebied 1 (rood omlijnd) (bron: Ruimtelijkeplannen)

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 9

Figuur 1.5: Uitsnede bestemmingsplan ‘Buitengebied Venlo’ ter plaatste van deelgebied 2 (blauw omlijnd) (bron: Ruimtelijkeplannen)

1.4

Leeswijzer

Na dit inleidende hoofdstuk volgt hoofdstuk 2 waarin een beschrijving van de bestaande situatie en de beoogde ontwikkelingen is opgenomen. De daaropvolgende hoofdstukken vormen de verantwoording van de ontwikkelingen die dit bestemmingsplan mogelijk maakt. In hoofdstuk 3 wordt het Rijks-, provinciaal- en gemeentelijk beleid beschreven. In hoofdstuk 4 wordt inzicht gegeven in diverse milieu- en onderzoeksaspecten die van belang zijn voor het voorliggende bestemmingsplan. In hoofdstuk 5 is de juridische toelichting op de planopzet gegeven. In hoofdstuk 6 komt de economische uitvoerbaarheid van het plan aan de orde. Ten slotte is in hoofdstuk 7 een beschrijving van de verdere procedure opgenomen en wordt ingegaan op overleg en inspraak.

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 10

2

PLANBESCHRIJVING

2.1

Bestaande situatie

Het plangebied is onderdeel van het gebied ‘Meelderbroek’. Het Meelderbroek is een buurtschap welke is gelegen nabij de grens met Duitsland, tussen de kern Belfeld, behorende tot de gemeente Venlo, en de kern Reuver, behorende bij de gemeente Beesel. Het Meelderbroek kenmerkt zich door de landelijke uitstraling, waarbinnen voornamelijk glastuinbouw voorkomt. Het huidige glastuinbouwgebied wordt globaal begrensd door de A73, de Elshoutweg, de Koelesweg en de Broekstraat. De Langeweg doorkruist het gebied in oostwestrichting en de Tuindersweg loopt in noord-zuidrichting door het glastuinbouwconcentratiegebied. Daarnaast is een aantal primaire watergangen in en direct rond het gebied gelegen. Het meest voorkomende grondgebruik in dit gebied is glastuinbouw. Daarnaast is een aantal percelen in gebruik als akkerbouwperceel of weiland. Aan de Koelesweg 4/4A is een intensieve veehouderij (rundvee- en varkenshouderij) gelegen en aan de Elshoutweg 25 ligt een paardenhouderij. Verder liggen verspreid in het gebied burgerwoningen. Aan de Elshoutweg 13 en 15 liggen volgens het geldende bestemmingsplan grondgebonden agrarische bedrijven. Aan de Langeweg 46 is een visvijver gelegen.

Deelgebied 1. Weg te bestemmen deel glastuinbouwconcentratiegebied De percelen in dit deelgebied kennen grotendeels een grondgebonden agrarisch gebruik (o.a. akkerbouw, boomteelt en teelt van siergewassen). In dit deelgebied is één glastuinbouwbedrijf aanwezig aan de Elshoutweg 6B. In de navolgende tabel is per adres aangegeven welk gebruik ter plaatse plaatsvindt. Adres

Functie

Elshoutweg 2

Burgerwoning

Elshoutweg 4

Burgerwoning

Elshoutweg 6/6A

Grondgebonden agrarisch bedrijf (huisnummer 6A) met bedrijfswoning (huisnummer 6)

Elshoutweg 6B

Glastuinbouwbedrijf met bedrijfswoning

Elshoutweg 8

Bedrijfswoning bij het agrarisch bedrijf op huisnummer 10

Elshoutweg 10

Grondgebonden agrarisch bedrijf (kwekerij van siergroen)

Broekstraat 32

Burgerwoning

Parallel aan de A73 liggen 2 gasleidingen die dit deelgebied doorkruisen. Volgens de risicokaart zijn dit twee hogedruk aardgastransportleidingen die deel uitmaken van de transportroutes A-520-15 en A-520-02. De leidingen hebben elk een uitwendige diameter van 324 mm en een maximale werkdruk van 66,2 bar. Vanwege de ligging van de gasleidingen in dit deelgebied, gelden er beperkingen voor het realiseren van (beperkt) kwetsbare objecten. In het geldende bestemmingsplan ‘Buitengebied Venlo’ is voor de leidingen een beschermingszone van 5 meter opgenomen, gemeten ter weerzijden vanuit het hart van de leidingen. Binnen deze beschermingszone mag in principe niet worden gebouwd. Onder voorwaarden kan wel bebouwing worden toegestaan binnen de beschermingszone, namelijk als er geen onevenredige aantasting van het doelmatig functioneren van de leiding plaatsvindt en vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen bij de leidingbeheerder (in dit geval Gasunie). Daarnaast zijn de bouwmogelijkheden in dit gebied beperkt vanwege ligging direct naast de A73. In het geldende bestemmingsplan ‘Buitengebied Venlo’ zijn vrijwaringszones opgenomen voor de zones van 0 tot 50 meter en 50 tot 100 meter uit de wegkant van de A73, waarbinnen in principe een bouwverbod geldt. Binnen

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 11

deze laatstgenoemde zone kan na afstemming met Rijkswaterstaat mogelijk wel bebouwing worden toegestaan. Vanwege deze beperkte bouwmogelijkheden als gevolg van de ligging ten opzichte van de twee gasleidingen en de A73 is het niet aannemelijk dat in dit deelgebied nog nieuwe ontwikkelingen op het gebied van glastuinbouw zullen plaatsvinden. Bovendien is glastuinbouw slechts op één perceel (aan de Elshoutweg 6B) rechtstreeks toegestaan. Dit betreft een relatief klein perceel (circa 8.400 m 2). Gezien deze perceelsomvang is het niet aannemelijk dat hier een modern, volwaardig glastuinbouwbedrijf gerealiseerd zal worden. Indien een initiatiefnemer op andere percelen glastuinbouw wil realiseren, is hiervoor een planologische procedure benodigd. Aan de zuidoostzijde van dit deelgebied ligt de primaire watergang ‘Kuhlengraaf’ en aan de oostzijde ligt de primaire watergang ‘Broekgraaf’. Beide zijn in beheer bij het Waterschap Limburg. Verder richting het zuiden ligt de primaire waterloop ‘Gansbeek’. Alle waterlopen liggen net buiten dit deelgebied. Deelgebied 2. Toe te voegen deel glastuinbouwconcentratiegebied Het met het bestemmingsplan ‘Herbegrenzing Glastuinbouwconcentratiegebied Meelderbroek’ voorziene glastuinbouwbedrijf is inmiddels, op de gronden die in eigendom zijn bij de initiatiefnemer, met een onherroepelijke omgevingsvergunning gerealiseerd.

Deze percelen hebben een gezamenlijke omvang van circa 13,6 hectare. De primaire waterloop ‘Gansbeek’ begrenst het gebied aan de west- en zuidzijde. Een aftakking van deze waterloop doorkruist deze percelen. Deze aftakking betreft echter geen primaire watergang, maar een tertiaire watergang en is ook niet in beheer bij het Waterschap Limburg. Aan de oostzijde van de locatie, aan de overzijde van de Koelesweg, ligt de primaire waterloop ‘2e Zijtak Paterslossing’. Rond de percelen zijn landschapselementen aanwezig in de vorm van bomenrijen.

2.2

Toekomstige situatie

In paragraaf 1.1 zijn de beoogde ontwikkelingen zoals beschreven in het bestemmingsplan ‘Herbegrenzing Glastuinbouwconcentratiegebied Meelderbroek’ beknopt beschreven. De beoogde ontwikkelingen die middels het voorliggende bestemmingsplan mogelijk worden gemaakt komen nagenoeg overeen. Samengevat omvat het plan de volgende ontwikkelingen: 1. Herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied, waarbij deelgebied 1 aan het concentratiegebied wordt onttrokken en deelgebied 2 aan het concentratiegebied wordt toegevoegd; 2. Nieuwvestiging van het glastuinbouwbedrijf in deelgebied 2 (reeds gerealiseerd, zie paragraaf 2.1); In deze paragraaf worden deze ontwikkelingen uitgebreid beschreven. Hierbij worden tevens de uitgangspunten toegelicht voor de wijze waarop deze ontwikkelingen juridisch-planologisch mogelijk worden gemaakt in het voorliggende bestemmingsplan. Algemene uitgangspunten bestemmingsplan Het plangebied van het voorliggende, nieuwe bestemmingsplan omvat uitsluitend de deelgebieden, waar planologische wijzigingen plaatsvinden in het kader van de beoogde ontwikkelingen van Brookberries. Het is niet noodzakelijk om het gehele glastuinbouwconcentratiegebied op te nemen in het plangebied voor het nieuwe bestemmingsplan. Alleen de genoemde deelgebieden 1 en 2 maken daarom deel uit van het plangebied.

Tevens zijn in dit bestemmingsplan uitsluitend de planologische wijzigingen opgenomen, die nodig zijn om de beoogde ontwikkelingen van Brookberries mogelijk te kunnen maken. Overige bestemmingen en functies in het plangebied worden overeenkomstig het geldende bestemmingsplan ‘Buitengebied Venlo’ bestemd. Dit

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 12

nieuwe bestemmingsplan betreft hiermee geen actualisatie van de overige in het plangebied aanwezige bestemmingen. Eventuele nieuwe ontwikkelingen of bestemmingswijzigingen in dit gebied, die niet gerelateerd zijn aan de ontwikkelingen van Brookberries, worden daarom niet meegenomen in dit nieuwe bestemmingsplan. 1. Herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied In het geldende bestemmingsplan ‘Buitengebied Venlo’ zijn de gronden die deel uitmaken van het glastuinbouwconcentratiegebied voorzien van de gebiedsaanduiding ‘overige zone – glastuinbouw concentratie’. Ter plaatse van deze aanduiding zijn de gronden mede bestemd voor een glastuinbouwconcentratiegebied. In de begripsomschrijving is een glastuinbouwconcentratiegebied gedefinieerd als ‘een zone binnen het plangebied waarbinnen de bedrijfstak glastuinbouw zich verder kan ontwikkelen en waarbinnen nieuwvestiging mogelijk is van glastuinbouwbedrijven’. In deelgebied 2 is de herbegrenzing van het glastuinbouwconcentratiegebied nodig ten behoeve van het nieuw gevestigde glastuinbouwbedrijf. In deelgebied 1, dat aan de noordwestzijde van het bestaande glastuinbouwconcentratiegebied is gelegen, vindt in de huidige situatie nauwelijks nog glastuinbouw plaats. Dit gebied, met een oppervlakte van circa 17,4 hectare, zal daarom worden onttrokken aan het concentratiegebied.

In deelgebied 2, aan de zuidzijde van het concentratiegebied, is de nieuwvestiging van een glastuinbouwbedrijf gerealiseerd. Deze gronden, die eerder in gebruik waren als agrarische percelen, zijn aan het glastuinbouwconcentratiegebied toegevoegd. Deze hebben een gezamenlijke omvang van circa 13,6 hectare. De totale omvang van het glastuinbouwconcentratiegebied Meelderbroek neemt bij de herbegrenzing af met bijna 4 hectare. In deelgebied 1, dat aan het glastuinbouwconcentratiegebied wordt onttrokken, vinden geen ontwikkelingen plaats die in dit voorliggende bestemmingsplan worden meegenomen. Het huidige planologisch legale gebruik, conform het geldende bestemmingsplan ‘Buitengebied Venlo’, wordt in het nieuwe bestemmingsplan positief bestemd. Hierbij wordt zoveel mogelijk uitgegaan van de geldende planologische regeling. De enige planologische wijziging die in dit deelgebied plaatsvindt, is dat de gebiedsaanduiding ‘overige zone – glastuinbouw concentratie’ wordt verwijderd. De eigenaren en gebruikers in dit deelgebied kunnen hun huidige, planologisch legale gebruik, op dezelfde wijze voortzetten. Ook de bouw- en gebruiksmogelijkheden volgens het geldende bestemmingsplan blijven ongewijzigd.

Uitgangspunten planologische regeling deelgebied 1 Voor wat betreft deelgebied 1, dat wordt onttrokken aan het glastuinbouwconcentratiegebied, is het uitgangspunt om de huidige bestemmingen te behouden en uitsluitend de gebiedsaanduiding ‘overige zone – glastuinbouw concentratie’ te verwijderen. De regeling voor de overige opgenomen bestemmingen en aanduidingen is overgenomen uit het geldende bestemmingsplan ‘Buitengebied Venlo’. 2. Nieuwvestiging glastuinbouwbedrijf De in het bestemmingsplan ‘Herbegrenzing Glastuinbouwconcentratiegebied Meelderbroek’ voorziene glastuinbouwbedrijf is inmiddels, op de gronden die in eigendom zijn bij de initiatiefnemer, met een onherroepelijke omgevingsvergunning gerealiseerd. In voorliggend bestemmingsplan is de planbegrenzing van deelgebied 2 gewijzigd, waarmee het oppervlakte wordt beperkt tot ca. 13,6 ha. Middels voorliggend bestemmingsplan wordt dit juridisch-planologisch geborgd.

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 13

Het nieuw gerealiseerde glastuinbouwbedrijf ligt aansluitend op de hoofdvestiging van Brookberries, die direct ten noorden van dit gebied is gelegen. De realisatie betrof de ontwikkeling van kassen (ca. 124.800 m2) en een bedrijfsloods (ca. 2.600 m2). Daarnaast zijn enkele kleinere gebouwen, zoals een ketelruimte en opslagruimte gerealiseerd, aansluitend op de kassen en de loods. Het overige deel van het terrein is ingericht voor een waterbassin, parkeerplaatsen en landschappelijke inpassing. In figuur 2.1 is de inrichting van het terrein, inclusief landschappelijke inpassing, weergegeven. De genoemde ontwikkelingen zijn reeds middels een onherroepelijke omgevingsvergunning gerealiseerd. De inrichting, onderdeel van het landschappelijk inpassingsplan, is als bijlage bij de regels gevoegd. Uitgangspunten planologische regeling deelgebied 2: Voor deelgebied 2, dat aan het glastuinbouwconcentratiegebied is toegevoegd, wordt de gebiedsaanduiding ‘overige zone – glastuinbouw concentratie’ opgenomen. Voor de percelen waar de beoogde nieuwvestiging van het bedrijf Brookberries is voorzien, wordt de bestemming ‘Agrarisch – Agrarisch bedrijf’ opgenomen met de functieaanduiding ‘glastuinbouw’ en een bouwvlak. De regels voor de bestemming ‘Agrarisch – Agrarisch bedrijf’ zijn zoveel mogelijk overeenkomstig het geldende bestemmingsplan ‘Buitengebied Venlo’.

De ontwikkeling is landschappelijk ingepast door gebruik te maken van onderstaande maatregelen. De maatregelen zijn op basis van de gestelde kaders, kennis van het landschap en de betreffende locatie vormgegeven. De maatregelen staan aangeduid op figuur 2.1: 1. Aanplanten bosje; 2. Realiseren waterbassin met pleksgewijs groepen struiken voor het talud; 3. Aanplanten haag (1,40 – 1,60 m); 4. Realiseren rust- en informatiepunt; 5. Aanvullen bestaande haag; 6. Aanplanten haag om nieuwe entree tot het terrein te accentueren; 7. Aanplanten struweelzone langs de nieuw aangelegde infiltratiesloot; 8. Aanplanten hoge ezelsingel; 9. Aanleggen wadi (infiltratievoorziening); 10. Aanleggen wandelpad (rode streep in tekening). Het landschappelijk inpassingsplan is tevens als bijlage bij de regels van voorliggend bestemmingsplan toegevoegd.

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 14

Figuur 2.1: Landschappelijk inpassingsplan Brookberries B.V. Belfeld (bron: Pouderoyen Tonnaer)

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 15

2.3

Ruimtelijke en stedenbouwkundige effecten

Ruimtelijk en functioneel gezien passen de beoogde ontwikkelingen goed in de omgeving. In deelgebied 1, dat aan het glastuinbouwconcentratiegebied wordt onttrokken, vindt in werkelijkheid nog slechts in beperkte mate glastuinbouw plaats. In dit gebied is nog één glastuinbouwbedrijf aanwezig aan de Elshoutweg 6B. Dit bedrijf kan haar bedrijfsactiviteiten op de locatie blijven voortzetten. De bestaande kas bij dit glastuinbouw is overigens in 2023 reeds gesloopt. Feitelijk vindt er daarmee in deelgebied 1 geen glastuinbouw meer plaats. De toevoeging van deelgebied 2 aan het glastuinbouwconcentratiegebied sluit direct aan op het bestaande concentratiegebied. Daarnaast neemt de totale omvang van het concentratiegebied na herbegrenzing af met bijna 4 hectare. Hierdoor is het gebruik van deze percelen voor glastuinbouw denkbaar. De beoogde bedrijfsgebouwen en kassen sluiten qua maat en schaal aan op de naastgelegen kassen en bebouwing in het glastuinbouwconcentratiegebied. Bovendien vindt landschappelijke inpassing van het glastuinbouwbedrijf plaats, waardoor deze zo goed mogelijk in het omliggende landschap wordt ingepast. Er kan dan ook geconcludeerd worden dat het plan, zowel op korte als op (middel) lange termijn, geen negatieve ruimtelijke effecten tot gevolg heeft voor de omgeving.

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 16

3

BELEIDSKADER

3.1

Rijksbeleid

3.1.1

Nationale omgevingsvisie (NOVI)

In het kader van de invoering van de Omgevingswet, die nu gepland staat voor 1 januari 2023, heeft het Rijk de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) opgesteld. Op die manier wordt invulling gegeven aan de verplichting tot het opstellen van zo’n visie zoals die is vastgelegd in art. 3.1 lid 3 Ow. Tot de invoering van de Omgevingswet heeft dit document de status van structuurvisie in de zin van art. 2.3 Wro. Inhoudelijk gezien bevat de NOVI een langetermijnvisie op de toekomstige ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De intentie van het Rijk is om met de NOVI een perspectief te bieden om grote maatschappelijke opgaven aan te pakken. Bij die opgaven kan worden gedacht grote en complexe opgaven met betrekking tot klimaatverandering, energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid en woningbouw. Een centraal aspect van de NOVI is de focus op een nieuwe aanpak van vraagstukken in de fysieke leefomgeving. Werken op basis van integraliteit met betrekking tot verschillende vraagstukken in plaats van sectorale aanpakken voor individuele vraagstukken vormt de kern van deze nieuwe aanpak. Dit streven naar integraliteit valt samen in vier verschillende prioriteiten waartussen een onderscheid wordt gemaakt in de NOVI, te weten: 

Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie;

Duurzaam economisch groeipotentieel;

Sterke en gezonde steden en regio’s;

Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.

Binnen de NOVI worden drie afwegingsprincipes gehanteerd om te komen tot weloverwogen beleidskeuzes. Die zouden moeten helpen bij het afwegen en prioriteren van verschillende belangen en opgaven: 1. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies; 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; 3. Afwentelen wordt voorkomen. Op basis van de vier verschillende prioriteiten en de drie afwegingsprincipes zijn 21 nationale belangen geformuleerd, waarmee het Rijk aangeeft waarvoor het verantwoordelijk is en waarop het resultaten wil boeken. Relevante nationale belangen voor onderhavig project zijn als volgt: 

Bevorderen van een duurzame ontwikkeling van Nederland als geheel en van alle onderdelen van de fysieke leefomgeving;

Realiseren van een goede leefomgevingskwaliteit;

Waarborgen en bevorderen van een gezonde en veilige fysieke leefomgeving;

Zorg dragen voor een woningvoorraad die aansluit op de woonbehoeften.

Doorwerking plangebied De tuinbouwsector wordt als één van de topsectoren van de Nederlandse economie genoemd. De regio Venlo is aangewezen als Greenport, waar onder andere tuinbouw, logistiek en agrofood zijn geconcentreerd. Voor dergelijke regio’s zet het Rijk in op het behouden en realiseren van een aantrekkelijk vestigingsklimaat en een goede bereikbaarheid. Het voorliggende plangebied betreft een kleinschalig glastuinbouwgebied.

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 17

Door middel van de herbegrenzing worden de mogelijkheden verbeterd om glastuinbouw duurzaam voort te zetten in dit gebied. Voor het overige is sprake van een lokale ontwikkeling, waarbij geen belangen uit de NOVI in het geding zijn. Zoals elders uit deze toelichting blijkt, bestaan er verder ook vanuit milieuhygiënisch oogpunt, zoals geluid en externe veiligheid, geen belemmeringen in het gebied. De nationale belangen zijn dan ook niet in het geding als gevolg van het voorliggende bestemmingsplan. 3.1.2

Structuurvisie Buisleidingen 2012-2035

Op 12 oktober 2012 is de Structuurvisie Buisleidingen 2012-2035 vastgesteld. Hierin heeft het Rijk aangegeven op welke locaties ruimte vrij gehouden dient te worden voor de hoofdverbindingen van buisleidingtransport van gevaarlijke stoffen en het bieden van ruimte voor toekomstige ontwikkelingen. Deze te reserveren ruimte voor buisleidingtransport is vastgelegd in deze structuurvisie. De ruimtelijke doorwerking hiervan is via het Barro in de bestemmingsplannen geregeld. Doorwerking plangebied Ten oosten van deelgebied 2, aan de overzijde van de Koelesweg, is een reserveringsstrook gelegen voor ondergrondse buisleidingen voor het vervoer van gevaarlijke stoffen. In de toekomst kan deze strook in gebruik worden genomen door een of meerdere buisleidingexploitanten. Ingeval een dergelijke ontwikkeling zich aandient, zal het bestemmingplan ter plaatse van het tracé moeten worden gewijzigd. De ontwikkelingen in het voorliggende plan vormen geen belemmering voor de eventuele toekomstige aanleg van buisleidingtracés in de gereserveerde strook. 3.1.3

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro)

Op 30 december 2011 is het Barro in werking getreden. Voor de nationale belangen die kaderstellend zijn voor besluiten van gemeenten zijn in het Barro regels opgenomen die direct het bestemmingsplan en daarmee gelijk te stellen besluiten betreffen. Zij strekken ertoe dat de nationale ruimtelijke afweging, die door het kabinet in samenspraak met de Tweede en Eerste Kamer der Staten-Generaal is gemaakt, bij besluitvorming over bestemmingsplannen wordt gerespecteerd. Onderwerpen waarvoor het Rijk ruimte vraagt zijn de mainportontwikkeling van Rotterdam, bescherming van de waterveiligheid in het kustfundament en in en rond de grote rivieren, bescherming en behoud van de Waddenzee en enkele werelderfgoederen, zoals de Beemster, de Nieuwe Hollandse Waterlinie en de Stelling van Amsterdam en de uitoefening van defensietaken. In oktober 2012 is het besluit aangevuld met de ruimtevraag voor de onderwerpen veiligheid op rijksvaarwegen, toekomstige uitbreiding van infrastructuur, de elektriciteitsvoorziening, het Natuurnetwerk Nederland (NNN), de veiligheid van primaire waterkeringen, reserveringsgebieden voor hoogwater langs de Maas en maximering van de verstedelijkingsruimte in het IJsselmeer. Doorwerking plangebied Bij de voorliggende ontwikkeling zijn geen van de genoemde belangen in het Barro in het geding.

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 18

3.1.4

Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro)

De Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro) is gebaseerd op het Barro. In het Barro is bepaald dat bij ministeriële regeling verschillende militaire terreinen en objecten, hoofdwegen en NNN-gebieden worden aangewezen, waar gemeenten bij de vaststelling van bestemmingsplannen rekening mee moeten houden. In de Rarro wordt daar uitvoering aan gegeven. Als gevolg van de gewijzigde regelgeving beslaat het radarverstoringsgebied behorende bij de radar op de militaire vliegbasis Volkel ook de gemeente Venlo. Binnen het radarverstoringsgebied gelden beperkingen voor de bouwhoogte van windturbines en/of overige bouwwerken. Binnen de gemeente Venlo geldt alleen een hoogtebeperking voor windturbines, deze mogen namelijk niet hoger zijn dan 114 meter boven NAP. Doorwerking plangebied Aangezien bij dit initiatief geen windturbines hoger dan 114 meter mogelijk worden gemaakt, vormt dit geen belemmering voor het radarverstoringsgebied. 3.1.5

Besluit ruimtelijke ordening (Ladder voor duurzame verstedelijking)

Om zorgvuldig ruimtegebruik te bevorderen is per 1 oktober 2012 de ladder voor duurzame verstedelijking in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6 Bro) opgenomen. De ladder ziet op een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten. De ladder is een motiveringsinstrument dat verplicht moet worden toegepast bij elk ruimtelijk besluit dat een 'nieuwe stedelijke ontwikkeling' mogelijk maakt. Wat er onder een nieuwe stedelijke ontwikkeling wordt verstaan, is in artikel 1.1.1 Bro bepaald: “De ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.” Uit de jurisprudentie3 komt naar voren dat het wel een nieuwe stedelijke ontwikkeling van enige omvang moet zijn. Per 1 juli 2017 is een gewijzigde ladder in werking getreden.

Hierin is de tekst van de ladder teruggebracht naar de essentie, namelijk de noodzaak om aan te geven dat de voorgenomen nieuwe stedelijke ontwikkeling voorziet in een behoefte plus een motivering indien de stedelijke ontwikkeling niet binnen bestaand stedelijk gebied kan worden gerealiseerd: “De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.” (artikel 3.1.6 lid 2 Bro). Doorwerking plangebied De voorliggende herbegrenzing van een glastuinbouwconcentratiegebied is geen nieuwe stedelijke ontwikkeling zoals bedoeld in artikel 1.1.1 van het Bro. Blijkens de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 28 juni 20174 wordt het toekennen van een agrarische bestemming aan gronden niet beschouwd als een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Toetsing van het initiatief aan de ladder voor duurzame verstedelijking is dan ook niet nodig. 3.1.6

Wet milieubeheer

In artikel 7.2, lid 1 van de Wet milieubeheer is bepaald dat bij algemene maatregel van bestuur de activiteiten worden aangewezen: a. Die belangrijke nadelige gevolgen kunnen hebben voor het milieu;

3

4

o.a. ABRS 1 juni 2016 (ECLI:NL:RVS:2016:1503), ABRS 18 februari 2015 (ECLI:NL:RVS:2015:428) en ABRS 24 augustus 2016 (ECLI:NL:RVS:2016:2319) ABRS 28 juni 2017 (ECLI :ECLI:NL:RVS:2017:1724)

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 19

b. Ten aanzien waarvan het bevoegd gezag moet beoordelen of zij belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kunnen hebben. In het Besluit milieueffectrapportage zijn in artikel 2, lid 1 als activiteiten die belangrijke nadelige gevolgen kunnen hebben voor het milieu (en waarvoor op grond van de Wet milieubeheer dus de verplichting geldt om een milieueffectrapportage op te stellen), aangewezen de activiteiten die behoren tot een in onderdeel C van de bijlage bij het Besluit genoemde categorie. In lid 2 van hetzelfde artikel zijn als activiteiten ten aanzien waarvan het bevoegd gezag moet beoordelen of zij belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kunnen hebben (en waarvoor op grond van de Wet milieubeheer dus een m.e.r.-beoordelingsplicht geldt), aangewezen de activiteiten die behoren tot een in onderdeel D van de bijlage bij het Besluit genoemde categorie. In artikel 2, lid 5, aanhef en onder b. van het Besluit milieueffectrapportage, is vastgelegd dat de m.e.r.-beoordelingsplicht ook geldt voor plannen die weliswaar vallen onder een van de in onderdeel D genoemde activiteiten maar waarbij het project valt onder de drempelwaarden zoals genoemd in onderdeel D, indien: 'op grond van selectiecriteria als bedoeld in bijlage III bij de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling niet kan worden uitgesloten dat de activiteit belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kan hebben'.

Doorwerking plangebied De afweging met betrekking tot de m.e.r.-(beoordelings)plichtigheid van dit bestemmingsplan is opgenomen in paragraaf 4.1.6.

3.2

Provinciaal beleid

3.2.1

Provinciale Omgevingsvisie Limburg (POVI)

Met de komst en invoering van de Omgevingswet dient elke provincie haar eigen provinciale omgevingsvisie op te stellen. Op 1 oktober 2021 heeft de provincie Limburg de provinciale omgevingsvisie vastgesteld: ‘de Provinciale omgevingsvisie Limburg’ (hierna te noemen: POVI Limburg). De POVI Limburg is een lange termijnvisie, met als doelstelling invulling geven over hoe de provincie Limburg in de periode 2030-2050 op een integrale en toekomstbestendige manier kan door ontwikkelen. De omgevingsvisie is dynamisch en flexibel, aangezien dit mogelijkheden biedt om het document te actualiseren met het oog op toekomstige veranderingen. De POVI is op 25 oktober 2021 in werking getreden en vervangt daarmee het Provinciaal Omgevingsplan Limburg uit 2014 (POL2014). Daarnaast is een omgevingsverordening uitgewerkt om het beleid juridisch te verankeren. Deze omgevingsverordening wordt besproken in de paragraaf ‘Omgevingsverordening Limburg’. Hoofdopgaven In de provinciale omgevingsvisie Limburg zijn een aantal hoofdopgaven te onderscheiden, namelijk: 

Het creëren van een aantrekkelijke, sociale, gezonde en veilige omgeving, zowel in het landelijk- als in het bebouwde gebied;

Een toekomstbestendige, innovatieve en duurzame economie (inclusief landbouwtransitie);

Klimaatadaptatie en energietransitie.

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 20

Deze opgaven, die Limburg-breed spelen, dienen met inachtneming van de specifieke eigenschappen die Limburg bezit op een integrale en toekomstbestendige manier te worden geïmplementeerd. Participatie tussen de overheid, de markt en de inwoners van Limburg is hierbij een belangrijk uitgangspunt. In de Provinciale omgevingsvisie Limburg wordt vervolgens een toekomstbeeld van 2030-2050 geschetst. Inhoud De Omgevingsvisie Limburg bestaat uit twee delen; 

Een thematisch deel waarin gedetailleerd wordt ingegaan op de provinciale ambities en opgaven voor de diverse thema’s;

Een gebiedsgericht deel waarin de thema’s op hoofdlijnen verbonden worden op regionale schaal voor de drie regio’s Noord-, Midden en Zuid-Limburg.

Wonen en leefomgeving De POVI houdt vast aan een dynamisch en flexibel woonbeleid, de woonbehoeften van de Limburger zijn daarbij leidend. Verder liggen hierin ook mogelijkheden bij te dragen aan klimaat-, energie-, en duurzaamheidsdoelstellingen. Vanuit de wetgeving is de rol van de provincie op dit terrein beperkt. Daarom opereert de provincie, met betrekking tot dit thema, vanuit een agenderende, stimulerende, meesturende en verbindende rol. De POVI is hierbij een op hoofdlijnen richtinggevend kader. Aangezien de toekomst onderhevig zal zijn aan veranderingen, en elke specifieke regio voor een andere aanpak vraagt zijn meer gerichte uitwerkingen in provinciale, regionale en/of gemeentelijke programma’s, agenda’s en instrumenten noodzakelijk. Wonen Op het gebied van wonen wordt er specifiek gekeken naar welke behoeften er zijn. De grootste opgave op korte- en middellange termijn zit in het toekomstgeschikt maken van de verouderde en niet-courante bestaande woningvoorraad. Uitgangspunten zijn dat deze woningen in eerste instantie levensloopbestendig dienen te worden gemaakt, en daarna ook verduurzaamd. Getalsmatig zijn er voldoende woningen, kwalitatief gezien zijn dit echter niet overal de juiste woningen en de juiste plannen. Met name in de midden huur en sociale huur is er een steeds diverse wordende groep mensen aangewezen op nieuwe woon(zorg)concepten.

Verder is er ook speciale aandacht voor de betaalbaarheid van woningen, aangezien kansen voor sommige doelgroepen afnemen door de stijgende prijzen. Wonen is in principe alleen toegestaan in daarvoor bestemde woongebieden, hierop kunnen – tijdelijke – uitzonderingen worden gemaakt in de vorm van een flexibele schil. Doorwerking plangebied De POVI beschrijft dat de land- en tuinbouw als belangrijkste gebruiker van het buiten- gebied van groot belang is voor het aanzien en de kwaliteit van het cultuurlandschap en het leefklimaat waarin wordt gewoond, gewerkt en gerecreëerd. De ambitie is om ook in de toekomst een gunstig ondernemersklimaat te bieden voor de land- en tuinbouw. Zo wil Limburg ruimte bieden voor het uitbouwen van haar positie als toonaangevende agrarische regio tot een sector die duurzame oplossingen voor maatschappelijke opgaven biedt. In het voorliggende geval is sprake van de herbegrenzing van het bestaande glastuinbouwconcentratiegebied Meelderbroek. Hierbij wordt een deel van het bestaande glastuinbouwconcentratiegebied niet meer als zodanig bestemd. In dit gebied vindt in werkelijkheid slechts nog in beperkte mate glastuinbouw plaats. De omvang van dit te onttrekken gebied is circa 17,4 hectare. Tegelijkertijd wordt een gebied van circa 13,6 hectare, dat is gelegen aan de zuidzijde van het glastuinbouwconcentratiegebied, aan dit gebied toegevoegd.

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 21

Per saldo neemt de omvang van het glastuinbouwconcentratiegebied hierdoor af met bijna 4 hectare. Hierdoor wordt bijgedragen aan de ambitie om ook in de toekomst een gunstig ondernemersklimaat te bieden. De doorvertaling van de herbegrenzing van het glastuinbouwconcentratiegebied in de Omgevingsvisie Limburg vindt plaats bij de eerstvolgende herijking van de Omgevingsvisie Limburg, op basis van de dan vigerende bestemmingsplannen. Hiervoor is geen separate procedure benodigd. 3.2.2

Omgevingsverordening Limburg 2014

De provincie Limburg heeft op 12 december 2014 ook de ‘Omgevingsverordening Limburg 2014’ (OVL2014) vastgesteld. Hierin staan de regels die nodig zijn om het omgevingsbeleid van het POL2014 juridische binding te geven. Glastuinbouw Voor de glastuinbouw wordt een verdergaande concentratie en clustering nagestreefd, door middel van het uitsluitend toestaan van nieuwvestiging in de ontwikkelingsgebieden glastuinbouw. Buiten de ontwikkelingsgebieden glastuinbouw is doorgroei onder voorwaarden mogelijk in combinatie met sloop van bestaande kassen. Dit is beleidsmatig vastgelegd in het Limburgse Kwaliteitsmenu. De achterliggende gedachte van de regeling is het gelijktijdig verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit van Limburg en het bieden van uitbreidingsruimte aan de glastuinbouw. Per saldo zal het totaal aantal hectares glas gelegen buiten de ontwikkelingsgebieden afnemen. De resterende bedrijven in het buitengebied dragen bij aan een kwaliteitsverbetering in het buitengebied en een toekomstgerichte, duurzame en op bundeling gerichte ontwikkeling van glastuinbouw. De provincie streeft naar een geleidelijke afbouw op minder duurzame locaties. Dit betekent dat vergroting van een bouwvlak van een glastuinbouwbedrijf niet is toegestaan in de Goudgroene natuurzone en Zilvergroene natuurzone.

Wat betreft de ontwikkelingsgebieden voor glastuinbouw is artikel 2.12 van de Omgevingsverordening van toepassing. Artikel 2.12.2 Nieuwvestiging en uitbreiding van glastuinbouwbedrijven 1. Een ruimtelijk plan voorziet niet in de nieuwvestiging van een glastuinbouwbedrijf buiten een op de kaarten behorende bij deze verordening als ontwikkelingsgebied glastuinbouw aangewezen gebied. 2. Een ruimtelijk plan voorziet niet in de vergroting van een bouwvlak van een glastuinbouwbedrijf in een op de kaarten behorende bij deze verordening als Goudgroene natuurzone of Zilvergroene natuurzone aangewezen gebied. Nieuwvestiging wordt hierbij gedefinieerd als ‘vestiging van een glastuinbouwbedrijf op een nieuw agrarisch bouwvlak of een bestaand agrarisch bouwvlak waar nog geen glastuinbouwbedrijf is gevestigd’. Volgens deze definitie valt de beoogde ontwikkeling van Brookberries op de agrarische percelen ten zuiden van het glastuinbouwconcentratiegebied onder nieuwvestiging, omdat deze agrarische gronden nog geen gebruik voor glastuinbouw kennen. Het voorliggende initiatief omvat de herbegrenzing van bestaande glastuinbouwconcentratiegebied, waarbij de omvang van dit gebied per saldo verkleind wordt. Daarnaast is de invulling reeds in overeenstemming met de begrenzing van het glastuinbouwconcentratiegebied Meelderbroek zoals deze in de nieuwe Omgevingsverordening Limburg (2021) is opgenomen.

Gedeputeerde Staten van Limburg hebben ontheffing verleend van het bepaalde in artikel 2.12.2.Omgevingsverordening Limburg 2014. Door de ontheffing bestaat er geen strijd meer met deze verordening.

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 22

Bestuursafspraken POL-uitwerkingen Noord-Limburg Met de vaststelling van de ‘Wijzigingsverordening Omgevingsverordening Limburg 2014 Paragraaf 2.4 Bestuursafspraken regionale uitwerking POL2014’ op 14 december 2018 maakt de ‘1e actualisatie Bestuursafspraken POL-uitwerkingen Noord-Limburg’ deel uit van de Omgevingsverordening. Met betrekking tot glastuinbouw zijn hierin de volgende afspraken gemaakt. Voor de ontwikkelingsgebieden glas (waaronder het glastuinbouwconcentratiegebied Meelderbroek) gelden de volgende richtlijnen:  Het behoud van ontwikkelmogelijkheden voor glastuinbouwbedrijven op de juiste plek (‘toekomstbestendige locaties’) staat voorop: maatwerk en flexibiliteit is hierbij een voorwaarde. Vormverandering en vergroting in combinatie met kwaliteitsverbetering is bespreekbaar;  Doorontwikkeling en het behoud van ontwikkelingsmogelijkheden voor (delen van) ontwikkelingsgebieden glas wordt op lokaal niveau gebaseerd op de (nog uit te werken) criteria voor ‘toekomstbestendige locaties’ (kwalitatieve afwegingen als kwaliteit en kwantiteit infrastructuur, verkaveling, kenmerken gebied en op kansen voor revitalisering);  Afhankelijk van de trends in de glastuinbouw brengen de gemeenten de ‘kansarme’ ontwikkelingsgebieden glas in beeld en gaan daar de m 2’s ontwikkelgebied glas terugbrengen (mede in het licht van de revitaliseringsopgave).

Voor solitair glas gelden de volgende richtlijnen:  Gezien het planologisch overschot aan uitbreidingsruimte voor solitaire glastuinbouw en de lange termijn trend wordt door de regio heroverwogen of planologische ruimte op niet toekomstbestendige locaties kan/moet worden ingeperkt;  De regio onderzoekt of het wenselijk is om de provinciale referentiemaat voor solitaire glastuinbouw lokaal los te laten indien het ‘toekomstbestendige locaties’ betreft. Door middel van de voorliggende herbegrenzing van het glastuinbouwconcentratiegebied blijft de omvang van dit gebied per saldo nagenoeg gelijk. Het deelgebied dat aan het glastuinbouwconcentratiegebied onttrokken wordt, wordt in de huidige situatie nog slechts in beperkte mate gebruikt voor glastuinbouw. Het is niet waarschijnlijk dat op de percelen waar geen glastuinbouw (meer) plaatsvindt, in de toekomst nog hernieuwd glastuinbouw zal plaatsvinden. De kansen hiertoe zijn in dit gebied minimaal, gezien de kleinschalige verkaveling en ligging direct naast de A73. Dit deelgebied wordt daarom aan het glastuinbouwconcentratiegebied onttrokken. Nieuwvestiging van glastuinbouw wordt in dit deelgebied dan niet meer mogelijk. In ruil hiervoor worden enkele percelen ten zuiden van het concentratiegebied toegevoegd aan het glastuinbouwconcentratiegebied.

Hierdoor kan op deze percelen de nieuwvestiging van het glastuinbouwbedrijf Brookberries mogelijk gemaakt worden. Dit draagt bij aan het behoud van ontwikkelingsmogelijkheden voor glastuinbouwbedrijven op de juiste plek. Gezien de ligging en verkaveling van dit toe te voegen deelgebied, in combinatie met de beoogde verbeteringen aan de infrastructuur, is sprake van een toekomstbestendige locatie. Omdat dit deelgebied door de herbegrenzing binnen het glastuinbouwconcentratiegebied komt te vallen, zijn de richtlijnen voor solitair glas hier niet meer van toepassing.

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 23

3.2.3

Omgevingsverordening Limburg 2021

De Provinciale Staten hebben op 17 december 2021 de nieuwe Omgevingsverordening vastgesteld. Omdat deze Omgevingsverordening is gebaseerd op de Omgevingswet kon deze niet eerder in werking treden dan de Omgevingswet zelf. De Omgevingswet is per 1 januari 2024 in werking treden. Daarmee wordt de inwerkingtredingsdatum van de Omgevingsverordening Limburg 2021 ook 1 januari 2024. Milieubeschermingsgebieden Volgens de kaarten bij de Omgevingsverordening ligt het plangebied niet binnen milieubeschermingsgebieden of beschermingszones ten behoeve van natuur en landschap. Vanuit dit kader bestaan er dan ook geen belemmeringen. Beschermingsgebied Einstein Telescope Volgens de kaarten bij de Omgevingsverordening ligt het plangebied niet binnen het Beschermingsgebied Einstein Telescope. Vanuit dit kader bestaan er dan ook geen belemmeringen. Glastuinbouw Voor de glastuinbouw wordt een verdergaande concentratie en clustering nagestreefd, door middel van het uitsluitend toestaan van nieuwvestiging in de ontwikkelingsgebieden glastuinbouw. Buiten de ontwikkelingsgebieden glastuinbouw is doorgroei onder voorwaarden mogelijk in combinatie met sloop van bestaande kassen. De achterliggende gedachte van de regeling is het gelijktijdig verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit van Limburg en het bieden van uitbreidingsruimte aan de glastuinbouw.

Per saldo zal het totaal aantal hectares glas gelegen buiten de ontwikkelingsgebieden afnemen. De resterende bedrijven in het buitengebied dragen bij aan een kwaliteitsverbetering in het buitengebied en een toekomstgerichte, duurzame en op bundeling gerichte ontwikkeling van glastuinbouw. De provincie streeft naar een geleidelijke afbouw op minder duurzame locaties. Dit betekent dat vergroting van een bouwvlak van een glastuinbouwbedrijf niet is toegestaan in de Goudgroene natuurzone en Zilvergroene natuurzone. Volgens de kaarten bij de Omgevingsverordening ligt het plangebied binnen het ‘Ontwikkelingsgebied glastuinbouw’. Wat betreft de ontwikkelingsgebieden voor glastuinbouw zijn de artikelen 10.5 en 10.6 van de Omgevingsverordening 2021 van toepassing.

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 24

Uitsnede kaart '09 Landbouw' van de Omgevingsverordening. Plangebied globaal blauw omkaderd (bron: Atlas Limburg)

Artikel 10.5 Instructieregel nieuwvestiging glastuinbouw Een omgevingsplan laat geen nieuwvestiging van een glastuinbouwbedrijf toe buiten een ontwikkelingsgebied glastuinbouw. Artikel 10.6 Instructieregel vergroting bouwvlak glastuinbouw a. Een omgevingsplan laat een uitbreiding van het bouwvlak voor een glastuinbouwbedrijf toe in een ontwikkelingsgebied glastuinbouw. b. Een omgevingsplan laat een uitbreiding van het bouwvlak voor een glastuinbouwbedrijf toe in het op de kaart aangeduide buitengebied onder de voorwaarde dat: 1. er sprake is van een toekomstbestendige locatie; 2. bij uitbreidingen vanaf 30.000 m² netto glastuinbouw er voor iedere 1 m² netto uitbreiding glastuinbouw 2 m² netto glastuinbouw gelegen buiten een ontwikkelingsgebied glastuinbouw wordt gesloopt. c.

Een omgevingsplan laat een uitbreiding van het bouwvlak voor een glastuinbouwbedrijf toe in het uitzonderingsgebied uitbreiding glastuinbouw onder de voorwaarde dat: 1. er sprake is van een toekomstbestendige locatie; 2. bij uitbreidingen er voor iedere 1 m² netto uitbreiding glastuinbouw 2 m² netto glastuinbouw gelegen buiten een ontwikkelingsgebied glastuinbouw wordt gesloopt.

Nieuwvestiging wordt hierbij gedefinieerd als ‘vestiging van een glastuinbouwbedrijf op een nieuw agrarisch bouwvlak of een bestaand agrarisch bouwvlak waar nog geen glastuinbouwbedrijf is gevestigd’. Volgens deze definitie valt de beoogde ontwikkeling van Brookberries op de agrarische percelen ten zuiden van het

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 25

glastuinbouwconcentratiegebied onder nieuwvestiging, omdat deze agrarische gronden in planologisch opzicht nog geen gebruik voor glastuinbouw kennen. Het voorliggende initiatief omvat de herbegrenzing van bestaande glastuinbouwconcentratiegebied, waarbij de omvang van dit gebied met bijna 4 hectare afneemt. Hiermee wordt de nieuwvestiging van het glastuinbouwbedrijf Brookberries mogelijk gemaakt. Deze ontwikkeling is voorzien op gronden aansluitend op het bestaande concentratiegebied en het bestaande bedrijf, die na de herbegrenzing deel uit zullen maken van het glastuinbouwconcentratiegebied. Uitgangspunt is dat de gronden waarop de vestiging van Brookberries zijn voorzien deel uitmaken van het glastuinbouwconcentratiegebied, zoals dit eruit ziet na herbegrenzing. Binnen het glastuinbouwconcentratiegebied is de beoogde nieuwvestiging van glastuinbouw mogelijk op de agrarische percelen waar nu nog geen glastuinbouw plaatsvindt. De gronden liggen niet binnen de goudgroene of zilvergroene natuurzone. Door middel van de voorliggende herbegrenzing van het glastuinbouwconcentratiegebied neemt de omvang van dit gebied af met bijna 4 hectare. Het deelgebied dat aan het glastuinbouwconcentratiegebied onttrokken wordt, wordt in de huidige situatie nog slechts in beperkte mate gebruikt voor glastuinbouw.

Het is niet waarschijnlijk dat op de percelen waar geen glastuinbouw (meer) plaatsvindt, in de toekomst nog hernieuwd glastuinbouw zal plaatsvinden. De kansen hiertoe zijn in dit gebied minimaal, gezien de kleinschalige verkaveling en ligging direct naast de A73. Dit deelgebied wordt daarom aan het glastuinbouwconcentratiegebied onttrokken. Nieuwvestiging van glastuinbouw wordt in dit deelgebied dan niet meer mogelijk. In ruil hiervoor worden enkele percelen ten zuiden van het concentratiegebied toegevoegd aan het glastuinbouwconcentratiegebied. Hierdoor kan op deze percelen de nieuwvestiging van een glastuinbouwbedrijf mogelijk gemaakt worden. Dit draagt bij aan het behoud van ontwikkelingsmogelijkheden voor glastuinbouwbedrijven op de juiste plek. Gezien de ligging en verkaveling van dit toe te voegen deelgebied is sprake van een toekomstbestendige locatie. Omdat dit deelgebied door de herbegrenzing binnen het glastuinbouwconcentratiegebied komt te vallen, zijn de richtlijnen voor solitair glas hier niet meer van toepassing. Naar een toekomstbestendige land- en tuinbouw, regionale visie land- en tuinbouw Noord-Limburg De regionale visie land- en tuinbouw Noord-Limburg betreft een uitwerking van het POL2014 en heeft als doel om te komen tot regionale bestuursafspraken over het ruimtelijk beleid ten aanzien van land- en tuinbouw.

Het vertrekpunt van de visie is dat de land- en tuinbouw in de regio Noord-Limburg een sterke economische sector is en kan blijven. Dit is alleen mogelijk indien de ontwikkeling van agrarische bedrijven ook blijft bijdragen aan de (ruimtelijke) kwaliteit van het landelijk gebied. Voor agrarische bedrijven betekent dit dat ze omgevingsbewust moeten acteren. Niet elke bedrijfslocatie biedt dezelfde ontwikkelingsruimte voor de verschillende agrarische bedrijfsactiviteiten, op de korte dan wel lange termijn. Het toekomstperspectief voor een agrariër wordt dan ook voor een belangrijk deel bepaald door de kwaliteit van de locatie. Idealiter liggen alle agrarische bedrijven op ‘toekomstbestendige locaties’. Dit zijn locaties waar ondernemers voor de langere termijn hun agrarisch bedrijf passend bij de omgeving kunnen doorontwikkelen. Dit biedt enerzijds bepaalde zekerheden voor de ondernemer en anderzijds sluit een bedrijfsontwikkeling aan op de kenmerken van een gebied. In hoeverre sprake is van een toekomstbestendige locatie wordt bepaald aan de hand van drie invalshoeken:

Meelderbroek

Correctieve herziening herbegrenzing glastuinbouwconcentratiegebied 26

1. Er wordt gekeken naar het beleid dat vorm en inhoud geeft aan de vaste dynamiek en ambitie van de gemeente en de regio. Centrale vraag daarbij is: Draagt het plan bij aan de ambitie van de regio en/of de gemeente? 2. Er wordt ook gekeken naar het ontwikkelingsperspectief van het gebied. Centrale vraag daarbij is: Past het plan binnen het gebied en kan het een meerwaarde leveren aan het behalen van de ambities voor het gebied? 3. Daarnaast wordt gekeken naar het ontwikkelingsperspectief van de locatie zelf. Centrale vraag daarbij is: Past het initiatief (en de bedrijfsambitie) op de locatie, gelet op de omgevingsfactoren en is er voldoende economisch toekomstperspectief voor het bedrijf?

Toekomstbestendige locatie op basis van drie invalshoeken

Ten aanzien van het beleid voor glastuinbouw wil de regio de doorontwikkeling van glastuinbouwbedrijven blijven faciliteren op locaties die zowel aansluiten bij de behoefte van de sector als passend zijn in de omgeving. Dit vraagt om kwalitatief goede ontwikkelruimte op de juiste plek. Daarbij kan het wenselijk zijn dat de planologische ontwikkelingsruimte voor ontwikkelingsgebieden glastuinbouw en solitaire locaties wordt heroverwogen: voldoet deze aan de huidige wensen bezien vanuit bedrijfsontwikkeling en ruimtelijke kwaliteit. De voorliggende ontwikkeling betreft de herbegrenzing van het bestaande glastuinbouwconcentratiegebied Meelderbroek. Deelgebied 1, dat aan het glastuinbouwconcentratiegebied onttrokken wordt, betreft een gebied dat niet toekomstbestendig is voor glastuinbouw, gelet op de geringe ontwikkelmogelijkheden in dit deelgebied. Deelgebied 2, dat aan het glastuinbouwconcentratiegebied wordt toegevoegd, betreft wel een toekomstbestendige locatie, gezien de ligging en verkaveling van dit deelgebied. Bovendien vindt landschappelijke inpassing en kwaliteitsverbetering plaats op de locatie zelf, hetgeen de ruimtelijke kwaliteit ten goede komt. Regionaal Ruimtelijk Kwaliteitskader Landelijk gebied Noord-Limburg De acht Noord-Limburgse gemeenten hebben een gezamenlijk kwaliteitskader opgesteld om te kunnen sturen op de ruimtelijke kwaliteit van het landelijk gebied.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/307/documents/20164