CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

056 Bijl02 Bijlage bij toelichting bestemmingsplan 'Landhuis Moubis - Waterloostraat 28 Steyl'.pdf

Raadsvergadering 22 mei 2024, gemeente VenloBij agendapunt: 7.3: RV056 Vaststelling bestemmingsplan "Landhuis Moubis - Waterloostraat 28 Steyl22.030 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Opdracht 834504 Bodem / Eluaat Monsternr. Monstername

Monsteromschrijving

115819

mm-04 01 (50-100) 06 (70-100) 07 (50-100) 08 (40-90) 12 (60-110) 14 (50-100)

28.02.2019

Eenheid

115819

De in dit rapport vermelde analyses zijn geaccrediteerd volgens ISO/IEC 17025:2005, tenzij bij de analyse het symbool " * " staat vermeld.

DOC-13-12288018-NL-P3

mm-04 01 (50-100) 06 (70-100) 07 (50-100) 08 (40-90) 12 (60-110) 14 (50-100)

Algemene monstervoorbehandeling S Droge stof

%

S IJzer (Fe2O3) Fracties (sedigraaf)

% Ds

-- ++ -90,2 -<5,0

S Fractie < 2 µm Klassiek Chemische Analyses

% Ds

--6,7

S

Voorbehandeling conform AS3000

% Ds S Organische stof Voorbehandeling metalen analyse

-0,5

S Koningswater ontsluiting Metalen (AS3000)

-- ++

x)

S Barium (Ba)

mg/kg Ds

S Cadmium (Cd)

mg/kg Ds

S Kobalt (Co)

mg/kg Ds

S Koper (Cu)

mg/kg Ds

S Kwik (Hg)

mg/kg Ds

S Lood (Pb)

mg/kg Ds

S Molybdeen (Mo)

mg/kg Ds

S Nikkel (Ni)

mg/kg Ds

S Zink (Zn) PAK (AS3000)

mg/kg Ds

-- 33 -<0,20 --6,8 --8,6 -<0,05 -- 19 -<1,5 -- 11 -- 55

S Anthraceen

mg/kg Ds

-<0,050

S Benzo(a)anthraceen

mg/kg Ds

-<0,050

S Benzo-(a)-Pyreen

mg/kg Ds

-<0,050

S Benzo(ghi)peryleen

mg/kg Ds

-<0,050

S Benzo(k)fluorantheen

mg/kg Ds

-<0,050

S Chryseen

mg/kg Ds

-<0,050

S Fenanthreen

mg/kg Ds

-<0,050

S Fluorantheen

mg/kg Ds

-<0,050

S Indeno-(1,2,3-c,d)pyreen

mg/kg Ds

-<0,050

S Naftaleen

mg/kg Ds

-<0,050

S Som PAK (VROM) (Factor 0,7) Minerale olie (AS3000/AS3200)

mg/kg Ds

-0,35

S Koolwaterstoffractie C10-C40

mg/kg Ds

Koolwaterstoffractie C10-C12

mg/kg Ds

#)

--<35 --<3 * Blad 3 van 6

Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01

Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer

AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110, Fax +31(0)570 788108 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl

Opdracht 834504 Bodem / Eluaat

Eenheid

115802

115803

115804

115807

115812

07-2 07 (25-50)

11-4 11 (100-110)

mm-01 01 (0-15) 13 (35-85)

mm-02 03 (0-30) 04 (0-40) 12 (4060) 14 (0-50)

mm-03 05 (0-25) 06 (0-50) 08 (0-40) 09 (0-40) 10 (0-40) 11 (25-50)

De in dit rapport vermelde analyses zijn geaccrediteerd volgens ISO/IEC 17025:2005, tenzij bij de analyse het symbool " * " staat vermeld.

DOC-13-12288018-NL-P4

Minerale olie (AS3000/AS3200) Koolwaterstoffractie C12-C16

mg/kg Ds

Koolwaterstoffractie C16-C20

mg/kg Ds

Koolwaterstoffractie C20-C24

mg/kg Ds

Koolwaterstoffractie C24-C28

mg/kg Ds

Koolwaterstoffractie C28-C32

mg/kg Ds

Koolwaterstoffractie C32-C36

mg/kg Ds

Koolwaterstoffractie C36-C40

mg/kg Ds

--------

--------

--<3 * --<4 * --<5 * --<5 * --<5 * --<5 * --<5 *

--<3 * --<4 * --<5 * --<5 * --<5 * --<5 * --<5 *

--<3 * --<4 * --<5 * --<5 * --<5 * --<5 * --<5 *

---------

---------

-<0,0010

-<0,0010

-<0,0010

-<0,0010 -0,0056 -0,0016 -0,017 -0,015 -0,011 #) -0,052

-<0,0010 -<0,0010 -<0,0010 -0,0024 -0,0018 -0,0014 #) -0,0084

-<0,0010

Polychloorbifenylen (AS3000) S PCB 28

mg/kg Ds

S PCB 52

mg/kg Ds

S PCB 101

mg/kg Ds

S PCB 118

mg/kg Ds

S PCB 138

mg/kg Ds

S PCB 153

mg/kg Ds

S PCB 180

mg/kg Ds

S

Som PCB (7 Ballschmiter) (Factor 0,7) mg/kg Ds

-<0,0010 -<0,0010 -0,0028 -0,0022 -0,0018 -0,0096

Blad 4 van 6 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01

Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer

#)

AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110, Fax +31(0)570 788108 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl

Opdracht 834504 Bodem / Eluaat

Eenheid

115819 mm-04 01 (50-100) 06 (70-100) 07 (50-100) 08 (40-90) 12 (60-110) 14 (50-100)

De in dit rapport vermelde analyses zijn geaccrediteerd volgens ISO/IEC 17025:2005, tenzij bij de analyse het symbool " * " staat vermeld.

DOC-13-12288018-NL-P5

Minerale olie (AS3000/AS3200) Koolwaterstoffractie C12-C16

mg/kg Ds

Koolwaterstoffractie C16-C20

mg/kg Ds

Koolwaterstoffractie C20-C24

mg/kg Ds

Koolwaterstoffractie C24-C28

mg/kg Ds

Koolwaterstoffractie C28-C32

mg/kg Ds

Koolwaterstoffractie C32-C36

mg/kg Ds

Koolwaterstoffractie C36-C40

mg/kg Ds

--<3 * --<4 * --<5 * --<5 * --<5 * --<5 * --<5 *

S PCB 28

mg/kg Ds

-<0,0010

S PCB 52

mg/kg Ds

-<0,0010

S PCB 101

mg/kg Ds

-<0,0010

S PCB 118

mg/kg Ds

-<0,0010

S PCB 138

mg/kg Ds

-<0,0010

S PCB 153

mg/kg Ds

-<0,0010

S PCB 180

mg/kg Ds

-<0,0010

Polychloorbifenylen (AS3000)

S

Som PCB (7 Ballschmiter) (Factor 0,7) mg/kg Ds

-0,0049

#)

x) Gehaltes beneden de rapportagegrens zijn niet mee inbegrepen. #) Bij deze som zijn resultaten "<rapportagegrens" vermenigvuldigd met 0,7. S) Erkend volgens AS SIKB 3000 Verklaring:"<" of n.a. betekent dat het gehalte van de component lager is dan de rapportagegrens. Het organische stof gehalte wordt gecorrigeerd voor het lutum gehalte, als geen lutum bepaald is wordt gecorrigeerd als ware het lutum gehalte 5,4% Het analyseresultaat van PCB 138 is mogelijk overschat vanwege co-elutie met PCB 163 Begin van de analyses: 01.03.2019 Einde van de analyses: 07.03.2019 De onderzoeksresultaten hebben alleen betrekking op het aangeleverde monstermateriaal . Monsters met onbekende herkomst kunnen slechts beperkt gecontroleerd worden op plausibiliteit .

AL-West B.V. Dhr. Wouter Wanders, Tel. +31/570788115 Klantenservice

Blad 5 van 6 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01

Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer

AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110, Fax +31(0)570 788108 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl

Opdracht 834504 Bodem / Eluaat

Toegepaste methoden eigen methode:

Koolwaterstoffractie C10-C12 Koolwaterstoffractie C20-C24

Koolwaterstoffractie C12-C16 Koolwaterstoffractie C24-C28

Koolwaterstoffractie C32-C36

Koolwaterstoffractie C36-C40

Koolwaterstoffractie C16-C20 Koolwaterstoffractie C28-C32

Gelijkwaardig aan NEN 5739: IJzer (Fe2O3) NEN-EN12880; AS3000 en AS3200; NEN-EN15934: Droge stof

De in dit rapport vermelde analyses zijn geaccrediteerd volgens ISO/IEC 17025:2005, tenzij bij de analyse het symbool " * " staat vermeld.

DOC-13-12288018-NL-P6

Protocollen AS 3000: Organische stof Voorbehandeling conform AS3000 Zink (Zn) Nikkel (Ni) Molybdeen (Mo) Lood (Pb) Kwik (Hg) Barium (Ba) Cadmium (Cd) Koper (Cu) Kobalt (Co) Koolwaterstoffractie C10-C40 Fluorantheen Fenanthreen Chryseen Benzo-(a)-Pyreen Benzo(k)fluorantheen Benzo(ghi)peryleen Benzo(a)anthraceen Anthraceen Indeno-(1,2,3-c,d)pyreen Naftaleen Som PAK (VROM) (Factor 0,7) PCB 28 PCB 52 PCB 101 PCB 118 PCB 138 PCB 153 PCB 180 Som PCB (7 Ballschmiter) (Factor 0,7) Protocollen AS 3000 / Protocollen AS 3200: Koningswater ontsluiting

Fractie < 2 µm

Blad 6 van 6 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01

Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer

AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110, Fax +31(0)570 788108 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl [@ANALYNR_START=115804]

DOC-13-12288044-NL-P1

CHROMATOGRAM for Order No. 834504, Analysis No. 115804, created at 06.03.2019 08:25:29 Monsteromschrijving: mm-01 01 (0-15) 13 (35-85)

Blad 1 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01

Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer

AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110, Fax +31(0)570 788108 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl [@ANALYNR_START=115807]

DOC-13-12288044-NL-P2

CHROMATOGRAM for Order No. 834504, Analysis No. 115807, created at 06.03.2019 08:06:50 Monsteromschrijving: mm-02 03 (0-30) 04 (0-40) 12 (40-60) 14 (0-50)

Blad 2 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01

Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer

AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110, Fax +31(0)570 788108 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl [@ANALYNR_START=115812]

DOC-13-12288044-NL-P3

CHROMATOGRAM for Order No. 834504, Analysis No. 115812, created at 06.03.2019 08:25:29 Monsteromschrijving: mm-03 05 (0-25) 06 (0-50) 08 (0-40) 09 (0-40) 10 (0-40) 11 (25-50)

Blad 3 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01

Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer

AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110, Fax +31(0)570 788108 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl [@ANALYNR_START=115819]

DOC-13-12288044-NL-P4

CHROMATOGRAM for Order No. 834504, Analysis No. 115819, created at 06.03.2019 08:06:50 Monsteromschrijving: mm-04 01 (50-100) 06 (70-100) 07 (50-100) 08 (40-90) 12 (60-110) 14 (50-100)

Blad 4 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01

Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer

AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110, Fax +31(0)570 788108 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl

TRITIUM ADVIES B.V. M. Botden Collse Heide 48 5674 VN NUENEN

De in dit rapport vermelde analyses zijn geaccrediteerd volgens ISO/IEC 17025:2005, tenzij bij de analyse het symbool " * " staat vermeld.

DOC-13-12322991-NL-P1

Datum Relatienr Opdrachtnr.

15.03.2019 35003866 836685

ANALYSERAPPORT Opdracht 836685 Bodem / Eluaat Opdrachtgever

35003866 TRITIUM ADVIES B.V. 1902182MIB Waterloostraat Styel

Uw referentie

11.03.19

Opdrachtacceptatie Monsternemer

Opdrachtgever

Geachte heer, mevrouw, Hierbij zenden wij u de resultaten van het door u aangevraagde laboratoriumonderzoek. De analyses zijn, tenzij anders vermeld, geaccrediteerd volgens NEN-EN-ISO/IEC 17025 en uitgevoerd overeenkomstig de onderzoeksmethoden die worden genoemd in de meest actuele versie van onze verrichtingenlijst van de Raad voor Accreditatie, accreditatienummer L005. De analyses zijn, tenzij anders vermeld, uitgevoerd overeenkomstig onze erkenning voor de werkzaamheid "Analyse voor milieuhygiënisch bodemonderzoek" van het Besluit Bodemkwaliteit. Indien u gegevens wenst over de meetonzekerheden van een methode, kunnen wij u deze op verzoek verstrekken. Dit rapport mag alleen in zijn geheel worden gereproduceerd. Eventuele bijlagen zijn onderdeel van het rapport. Indien u nog vragen heeft of aanvullende informatie wenst, verzoeken wij u om contact op te nemen met Klantenservice. Wij vertrouwen U met de toegezonden informatie van dienst te zijn. Met vriendelijke groet,

AL-West B.V. Dhr. Wouter Wanders, Tel. +31/570788115 Klantenservice

Blad 1 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01

Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer

AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110, Fax +31(0)570 788108 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl

Opdracht 836685 Bodem / Eluaat Monsternr. Monstername

Monsteromschrijving

127213 127214

01-1 01 (0-15) 13-3 13 (35-85)

28.02.2019 28.02.2019

De in dit rapport vermelde analyses zijn geaccrediteerd volgens ISO/IEC 17025:2005, tenzij bij de analyse het symbool " * " staat vermeld.

DOC-13-12322991-NL-P2

Eenheid

127213

127214

01-1 01 (0-15)

13-3 13 (35-85)

-- ++ -89,2 -<5,0

Algemene monstervoorbehandeling S Droge stof

%

S IJzer (Fe2O3) Fracties (sedigraaf)

% Ds

-- ++ -89,5 -<5,0

S Fractie < 2 µm Klassiek Chemische Analyses

% Ds

--5,6

--6,0

% Ds S Organische stof Voorbehandeling metalen analyse

-1,6

-1,6

S Koningswater ontsluiting Metalen (AS3000)

-- ++

-- ++

--200

--230

S

Voorbehandeling conform AS3000

mg/kg Ds

S Zink (Zn)

x)

x)

x) Gehaltes beneden de rapportagegrens zijn niet mee inbegrepen. S) Erkend volgens AS SIKB 3000 Verklaring:"<" of n.a. betekent dat het gehalte van de component lager is dan de rapportagegrens. Het organische stof gehalte wordt gecorrigeerd voor het lutum gehalte, als geen lutum bepaald is wordt gecorrigeerd als ware het lutum gehalte 5,4% Begin van de analyses: 12.03.2019 Einde van de analyses: 15.03.2019 De onderzoeksresultaten hebben alleen betrekking op het aangeleverde monstermateriaal . Monsters met onbekende herkomst kunnen slechts beperkt gecontroleerd worden op plausibiliteit .

AL-West B.V. Dhr. Wouter Wanders, Tel. +31/570788115 Klantenservice Toegepaste methoden Gelijkwaardig aan NEN 5739: IJzer (Fe2O3) NEN-EN12880; AS3000 en AS3200; NEN-EN15934: Droge stof Protocollen AS 3000: Organische stof Voorbehandeling conform AS3000 Protocollen AS 3000 / Protocollen AS 3200: Koningswater ontsluiting

Zink (Zn)

Fractie < 2 µm

Blad 2 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01

Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer

AL-West B.V.

De in dit rapport vermelde analyses zijn geaccrediteerd volgens ISO/IEC 17025:2005, tenzij bij de analyse het symbool " * " staat vermeld.

DOC-13-12322991-NL-P3

Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110, Fax +31(0)570 788108 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl

Blad 3 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01

Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer

AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110, Fax +31(0)570 788108 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl

Bijlage bij Opdrachtnr. 836685 CONSERVERING, CONSERVERINGSTERMIJN EN VERPAKKING

De in dit rapport vermelde analyses zijn geaccrediteerd volgens ISO/IEC 17025:2005, tenzij bij de analyse het symbool " * " staat vermeld.

DOC-13-12322991-NL-P4

Er zijn verschillen met de richtlijnen geconstateerd die mogelijk de betrouwbaarheid van de analyseresultaten beïnvloeden. De conserveringstermijn is voor volgende analyse overschreden: Droge stof 127213, 127214

Blad 4 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01

Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer

“”• –—˜™š›œœ ¹¦¢Á Â¥©ÆÁ¢ŸŸÁ£̄ǵȣÉʯ®£µË£¹¡¤¡¥Á¡¢È£Á̈¡£«¡Á̈¡¢ªŸ¥©Æ ³¡ ª¬£Ì¿ª¼º£¯¿¥Í­Ñ¦Î¾ÒŸ É­ª£·ÉÓ¡ ®®Æ¯Á¯¬¥­ªÈÈ££ÓÓÓ¬ ϟУ̟¼ª¯·Ó¡ Í­ÎÆ¾Áɬ¥­ª£É®®¯­® ¡·ÃŸ

g)g3B*h .h B. 51 # 111s@ (A%sh3

¹¡£¿¥£©¿Á£¢Ÿ§§¦¢Á£¤¡¢ ¡ª©¡£Ÿ¥ŸªÔơƣտ֥£×¡ŸÀÀ¢¡©¿Á¡¡¢©£¤¦ª×¡¥Æ£̧ØÙ´Ú̧Û£̄É­½¾º½­­¾È£Á¡¥Õ¿Ö£Ü¿Ö£©¡£Ÿ¥ŸªÔÆ¡£̈¡Á£ÆÔ ܦ¦ª£Ý£Þ£Ý£ÆÁŸŸÁ£¤¡¢ ¡ª©¬

†‡ˆ‰Š‹‰ŠŒ‹Ž‰‘‰’Š

259 )12517 !/723457

''&>'&$? >(&&>@AA @>@A'$

4546789:4;;<:=

CDEFGHIJKKKLMLNOPQQQRSTUVQWQ9XYZZ[ \]^_`abcdefe_ >(&&>@AAg)g3B*h .h $?&'$@'B.22517 5722551 ijk_ele_emcne $@&>$? \]^_`abc̀aae]c̀cne opmqce_mere_ !/72345117

012345141178917 8 171117152512415 722172212 72579 171 1221851217179181233715117 1!"#$%&'(151 17 17119511719154 11 711 19191152351117121 1773451521)22 7*337152518233715251 9917+&&( 12218512171791851 17 1711951171 711722941 ,*21 791 4-34 19 171,2415.15. 19 2515 111115 17191151174112119154 18111/171175711 572// 75922111411 71171/7 3117 1511211711241572// 75 1 72141105022 110792511581711935235/51191915 12511731 21757 139151511107925121551 B1571117158

46tuUv[QRwxwQyz{wQuSY[U{QuZ|TU{v}Q=UXwQ~MPW€€LLPP ‚XZ|[U|vU{ƒ„U Á¡Â¢¢À£¤Ÿ¥£Ä¡ª©¡¢ žŸ §§¢Ÿ¡¬À£ÃŸ «¢¬£­¡®¢¯£¤¯Ÿ­¥®£°ž¦ ®¦§¨Ÿ¥©¡ª ¹¿ ¹¢ ¬ £ ş ª£¶¿ ¡¢ ±²³µ́ ³ ¶· ¹̧· «¢ ¬ º «»£®¯¯¯¼½¾¾°£µ­¯

ßàáâãŠãäáåæ

·¸¹ º»¼½¾¿ÀÁÀ ÝÊÆåÄæÉÍêåÆÃÃåÇÓëÙìÇíîÓÒÇÙïÇÝÅÈÅÉåÅÆìÇåÌÅÇÏÅåÌÅÆÎÃÉÍê ×Å ÎÐÇðãÎàÞÇÓãÉñÑõÊòâöà íÑÎÇÛí÷Å ÒÒêÓåÓÐÉÑÎììÇÇ÷÷÷Ð óÃôÇðÃàÎÓÛ÷Å ñÑòêâåíÐÉÑÎÇíÒÒÓÑÒ ÅÛçÃ

•–—˜™š›œ((*'p734w,1s9 j<8651:8:B j<8651:83A1 j<8651:<A6k2:?@F?8= ¢‹£a‹¤ ‰£¥‰¥‰¢¦ ¢‹+`¢‹‡¢¢+¢¤Œ

ÝÅÇãÉÇÍãåÇÆÃËËÊÆåÇÈÅÆÄÅÎÍÅÇÃÉÃÎøêÅêÇùãúÉÇûÅÃääÆÅÍãåÅÅÆÍÇÈÊÎûÅÉêÇÜüýØÜþÿÇÓíÑáâÞáÑÑâìÇåÅÉùãúÇ0ãúÇÍÅÇÃÉÃÎøêÅÇÌÅåÇêøÄ0ÊÊÎÇ1Ç2Ç1ÇêåÃÃåÇÈÅÆÄÅÎÍÐ

ª«¬­®¯­®°¯±±²±³­´µ­¶°

,35 3 01234353475893 77 3 53152  PPQ^NVRSZNXTS$UPSWPQ# Ž‹   !QP$N"OPW  !"  „†NQ‡ˆN‰Š‹Œ 938832  !"  ˆQRUOTN“‰”# 1883 348 3051838  !"  ŠQ$RST"UVN"OPW 77 3 531524391355183  ’PSTS$"YRONQPSO"X\TOTS$ 391350 #$%&$!"  ‘TS&‡‘SŒ

'()*

'nx'''n'*

++vv +(+(t +§+xt ++*t +t+*¨© ++vv +'+

-./01234516/7181918/91/:3;;<:53=1=:186/>?@8/8?15/A11/?871=:1;18B C./D:E189/F<4=186/GC/CHIJ/KLLL ž1:E43:?8=cŸŸ/<¡/8B3B/7151E185/935/215/=123451/F38/91/k<A;<8185/43=1:/?6/938/91/:3;;<:53=1=:186B MNOPQ$RST"UVN"OPW$NVRXONYPQZO$NUPQQT$NNQZ[PPQVNOX\O\# $NVRXON]RX"$NNSX\O\# ^N_RRXZT"YPQZO$NUPQQT$NNQZRX"YRQNVNOX\O\# $NVRXON `]a J1=?8/F38/91/3834b616c/deBLKBfLdg D?891/F38/91/3834b616c//ffBLKBfLdg h1/<891:><1E6:16i453518/217718/344118/715:1EE?8=/<;/215/338=141F1:91/A<8651:A351:?334/B/j<8651:6/A15/<871E1891/21:E<A65/Ei8818/641k256/ 71;1:E5/=1k<85:<411:9/l<:918/<;/;43i6?7?4?51?5/B

0mno389pqqr qo7s93o538tu31qv'wxyy((''x 1593583 3 u7323z893439735

{31|}25~,~xy€„†NQ‡ˆN‰Š‹Œ ~,~n,~'((‚0350‚~,~n,~'x)€!QP$N"OPW ƒ797711350€ŠQ$RST"UVN"OPW PPQ^NVRSZNXTS$UPSWPQ# Ž‹ ‘TS&‡‘SŒ ƒ797711350wƒ797711350€’PSTS$"YRONQPSO"X\TOTS$ ˆQRUOTN“‰”# åÅæÆÆäÇÈÃÉÇèÅÎÍÅÆ Âà ËËÆÃÅÐäÇçÃ ÏÆÐÄÅ ÇÑÒÆÓÇÈÓÃÑÉÒÇÔÂÊ ÒÊËÌÃÉÍÅÎ Ýã ÝÆ Ð Ç éà æÎÇÚãÄÄÅÆ ÕÖר Ù×ÚÛ Ü ÝÛ ÏÆ Ð Þ ÏßÇÒÓÓÓàáââÔÇÙÑÓ

3456°859



39#9;!! ;$#$N@@O9PQ::#9;#$Q@2RS.2TU)C'7847''8B;O9PV9P#$N@";@NV $WXW@;;$#&

0123453465778793 35

3-$&;< G#'@H8;C';C)(A(/B C'DB)I (J/E 3 H8C;'CB(;"()'% ;"$#@ F 6 ) ) )  F 6 ) G ' ( 1=9$49KL$1M@;&$BMMM&$1M@;&$

;<:>$#  !!&:= %& '())'(*( !"#$ 39 3 &  ? <$09 +,-. /-01 2 31 % & 4 %5()))6788*/')

YZ[\]5]^[_`

YZ[ \]^_àbcb lh‡fˆkoŒ‡hee‡iu{Žiuti{‘igjgk‡ghŽi‡ngiqg‡nghpekoŒ yg pri’p‚€iuk“s—l”„˜e spi}™g ttŒu‡urkspŽŽii™™™r •e–i’e‚pu}™g “s”Œ„‡rkspittust g}‰e

01234568129 4 

99 !"#$%%

gikio‡ihemmlh‡ijghfgpogiekepšŒgŒi›œkige††hgo‡gghoijlpgkŒi~žŸz~¡iusƒ„€ƒss„Ži‡gk›œi¢œiogiekepšŒging‡iŒšf¢llpi£i¤i£iŒ‡ee‡ijghfgpor

KLMNOPNOQPRRSRTNUVNWX

&'()*+,(-.'/01*22.,(3.4(5.('*0142*+,.,(6.07,/484..'5(5*.(376.2*+9(5.(:.4'7;<:88'1.*5(-8,(5.((8,82=/.'./;2484.,(:.>,-27.5.,?(@.( 07,/.'-.'*,6/4.'3*+,(*/(-77'(-726.,5.(8,82=/.(7-.'/01'.5.,A B C56DCE FGHIGJ

‡gˆhh†ijekiŠgpogh de qhrfg isthuijuesktivdl tlmnekogp mmhegr†i‰e h r i ‹e ˆpi| ffgh wxyz {y|} ~ } qh r € qituuu‚ƒ„„vi{su

¥¦§¨©X©ª§«X

‘’“ ”•–—˜™š›š ·¤¿žÀ£§Ä¿¿¡­Å³Æ¡ÇÈ­¬¡³É¡·Ÿ¢Ÿ£¿ŸÆ¡¿¦Ÿ¡©Ÿ¿¦Ÿ¨£§Ä ±Ÿ ª̈¡Ê½¨º¸¡­½£Ë«Ï¤Ì¼Ð Ç«¡µ̈ÇѬŸ¬Ä­¿­ª£«Æ̈Æ¡¡ÑÑѪ ͝Ρʝº­µ̈ÑË«ŸÌļ¿Çª£«¨¡Ç¬¬­«¬ ŸµÁ

g)g3C*h .h C. 51 # 111B@ (A%Bh3

·Ÿ¡½£¡§½¿¡¥¥¤¿¡¢ŸžŸ¨§Ÿ¡£Ò̈ğġӽԣ¡ÕŸ¾¾Ÿ§½¿ŸŸ§¡¢¤ṎŸ£Ä¡¶Öײ¶ØÙ¡­Ç«»¼¸»««¼Æ¡¿Ÿ£Ó½Ô¡Ú½Ô¡§Ÿ¡£Ò̈𡦟¿¡ÄҞڤ¤¨¡Û¡Ü¡Û¡Ä¿¿¡¢ŸžŸ¨§ª

†‡ˆ‰Šˆ‰‹ŠŒŒ‰ŠˆŽˆ‰

259 )12517 !/723457

'(&>'&$? >(&&>@AA @B&$&$

4546789:4;;<:=

DEFGHIJKLLLMNOPOPQQQRSTUVQWQ9XYZZ[ \]^_`abcdefe_ >(&&>@AAg)g3C*h .h $?&'$@'C.22517 5722551 ijk_ele_emcne ''&>$? \]^_`abc̀aae]c̀cne opmqce_mere_ !/72345117

012345141178917 8 171117152512415 722172212 72579 171 1221851217179181233715117 1!"#$%&'(151 17 17119511719154 11 711 19191152351117121 1773451521)22 7*337152518233715251 9917+&&( 12218512171791851 17 1711951171 711722941 ,*21 791 4-34 19 171,2415.15. 19 2515 111115 17191151174112119154 18111/171175711 572// 75922111411 71171/7 3117 1511211711241572// 75 1 72141105022 110792511581711935235/51191915 12511731 21757 139151511107925121551 C1571117158

46stUu[QRvwvQxyzvQtSY[UzQtZ{TUzu|Q=UXvQ}~PW€O€MMPP XZ{[U{uUz‚ƒ„U ¿ŸÀ¾¡¢£¡ÂŸ¨§Ÿ œ ¥¥Ÿª¾¡Á ©ªžŸ ¡«¬­¡¢­«£¬¡®œ¤ ¬¤¥¦£§Ÿ¨ ·½ · ª ¡ Ý À¨¡´½žžŸ ¯°±² ³±´µ ¶ ·µ © ª̧ ©¹¡¬­­­º»¼¼®¡³«­

ÝÞßàá‰áâßãŠ

·¸¹ º»¼½¾¿ÀÁÀ ÝÊÆåÄæÉÍêåÆÃÃåÇÓëÙìÇíîÓÒÇÙïÇÝÅÈÅÉåÅÆìÇåÌÅÇÏÅåÌÅÆÎÃÉÍê ×Å ÎÐÇðãÎàÞÇÓãÉñÑõÊòâöà íÑÎÇÛí÷Å ÒÒêÓåÓÐÉÑÎììÇÇ÷÷÷Ð óÃôÇðÃàÎÓÛ÷Å ñÑòêâåíÐÉÑÎÇíÒÒÓÑÒ ÅÛçÃ

•–—˜™š›œy(''p734w,1s9 j<8651:8:B j<8651:83A1 j<8651:<A6k2:?@F?8= ¢‹Ž+‹¢‹Ž‡‹`+`Œ ¢a££‹` ‰‰¤‹¤‰¢¥ ¢‹¦+‹¢‹¦‡‹`+§`Œ ¢a££‹£ ‰‰¤‹¤‰¢¥

ÝÅÇãÉÇÍãåÇÆÃËËÊÆåÇÈÅÆÄÅÎÍÅÇÃÉÃÎøêÅêÇùãúÉÇûÅÃääÆÅÍãåÅÅÆÍÇÈÊÎûÅÉêÇÜüýØÜþÿÇÓíÑáâÞáÑÑâìÇåÅÉùãúÇ0ãúÇÍÅÇÃÉÃÎøêÅÇÌÅåÇêøÄ0ÊÊÎÇ1Ç2Ç1ÇêåÃÃåÇÈÅÆÄÅÎÍÐ

«¬­®¯°®¯±°²²³¯°®´µ®¶±

,35 3 01234353475893 77 3 53152  PPQ^NVRSZNXTS$UPSWPQ# Ž‹   !QP$N"OPW  !"  „†NQ‡ˆN‰Š‹Œ 938832  !"  ˆQRUOTN“‰”# 1883 348 3051838  !"  ŠQ$RST"UVN"OPW 77 3 531524391355183  ’PSTS$"YRONQPSO"X\TOTS$ 391350 #$%&$!"  ‘TS&‡‘SŒ

'())*

'()))

++vv ++t +¨+*t ++xt( +t+*©ª ++vv ++))

++vv +y+ytx +¨+*t ++xtx +t+*©ª ++vv ++y

'0n'0*n* 'pn'p*ny*

-./01234516/7181918/91/:3;;<:53=1=:186/>?@8/8?15/A11/?871=:1;18B C./D:E189/F<4=186/GC/CHIJ/KLLL ž1:E43:?8=cŸŸ/<¡/8B3B/7151E185/935/215/=123451/F38/91/k<A;<8185/43=1:/?6/938/91/:3;;<:53=1=:186B MNOPQ$RST"UVN"OPW$NVRXONYPQZO$NUPQQT$NNQZ[PPQVNOX\O\# $NVRXON]RX"$NNSX\O\# ^N_RRXZT"YPQZO$NUPQQT$NNQZRX"YRQNVNOX\O\# $NVRXON `]a J1=?8/F38/91/3834b616c/dKBLKBdLef D?891/F38/91/3834b616c//dgBLKBdLef h1/<891:><1E6:16i453518/217718/344118/715:1EE?8=/<;/215/338=141F1:91/A<8651:A351:?334/B/j<8651:6/A15/<871E1891/21:E<A65/Ei8818/641k256/ 71;1:E5/=1k<85:<411:9/l<:918/<;/;43i6?7?4?51?5/B

0mno389pqqr qo7s93o538tu31qv'w*xxyy''* 1593583 3 u7323z893439735

{31|}25~,~*x€„†NQ‡ˆN‰Š‹Œ ~,~n,~'yy‚0350‚~,~n,~'*(€!QP$N"OPW ƒ797711350€ŠQ$RST"UVN"OPW PPQ^NVRSZNXTS$UPSWPQ# Ž‹ ‘TS&‡‘SŒ ƒ797711350wƒ797711350€’PSTS$"YRONQPSO"X\TOTS$ ˆQRUOTN“‰”# åÅæÆÆäÇÈÃÉÇèÅÎÍÅÆ Âà ËËÆÃÅÐäÇçÃ ÏÆÐÄÅ ÇÑÒÆÓÇÈÓÃÑÉÒÇÔÂÊ ÒÊËÌÃÉÍÅÎ Ýã ÝÆ Ð Ç éà æÎÇÚãÄÄÅÆ ÕÖר Ù×ÚÛ Ü ÝÛ ÏÆ Ð Þ ÏßÇÒÓÓÓàáââÔÇÙÑÓ

3456±859°



28"8: :#"#M??N8OP99"8:"#P?1QR-1ST(B&6736&&7A:N8OU8O"#M?!:?MU#VWV?::#"%

01234534657784539 35

2 %:; F"&?G7:B&:B('@'.A B&CA(H 'I.D 2 G7B:&BA':!'(&$ :!#"? , # E 5 ( ( (  E 5 ( F & ' 0<8#38JK#0L?:%#ALLL%#0L?:%#

:;9=#"  $% &'((&') ' !"# 28%9< 2 %  > ;#/8 *+,.,/0 1 20 $ % 3 $4'(((5677).&(

XYZ[\5\]Z^5

documentkenmerk: 1902/182/MIB-01, versie 0

Bijlage 7 Toetsingstabellen grond

Projectnaam Projectcode

Waterloostraat Steyl 1902182MIB

Tabel 1: classificatie gehaltes -0,1 0,2 0,6 1,5 245(6)

Wbb het gehalte is kleiner dan de achtergrondwaarde het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde het gehalte is groter dan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde het gehalte is groter dan de interventiewaarde er is geen toetsingswaarde vastgesteld

Tabel 2: toetsingsresultaten grond Wbb (gehalten in mg/kg d.s.) grondmonster certificaatcode boring(en) traject (m-mv) motivatie humus lutum

% ds % ds

METALEN cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

PAK PAK 10 VROM

mg/kg ds

mm-01 834504 01, 13 0,00 - 0,85 sterk puinhoudend, zwak steenhoudend 1,70 4,10 Meetw GSSD Index

mm-02 834504 03, 04, 12, 14 0,00 - 0,60 uiterst puinhoudend

0,24 6,0 15 0,17 63 <1,5 11 250

0,27 4,5 13 0,09 79 <1,5 8,8 64

GECHLOREERDE KOOLWATERSTOFFEN PCB (som 7) mg/kg ds OVERIGE (ORGANISCHE) VERBINDINGEN Minerale olie C10 - C40 mg/kg ds <35

Projectcode: 1902182MIB

0,40 17,2 29 0,24 95 <1,1 27 536

-0,02 0,01 -0,07 0 0,09 -0 -0,12 0,68

2,60

0,26

<123

1,70 4,60 Meetw GSSD

Index

0,45 12,3 25 0,12 119 <1,1 21,1 134

-0,01 -0,02 -0,1 -0 0,14 -0 -0,21 -0,01

0,03

2,30

0,24

0,042

-0,01

<35

<123

mm-03 834504 05, 06, 08, 09, 10, 11 0,00 - 0,50 matig puinhoudend, sporen puin 1,70 4,30 Meetw GSSD Index

0,38 16,6 21 0,11 72 <1,1 24 125

-0,02 0,01 -0,13 -0 0,05 -0 -0,17 -0,03

0,02

0,58

-0,02

0,02

0,048

0,03

-0,01

0,23 5,9 11 0,08 48 <1,5 10 59

<35

<123

-0,01

grondmonster certificaatcode boring(en) traject (m-mv) motivatie humus lutum

% ds % ds

METALEN cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

PAK PAK 10 VROM

mg/kg ds

mm-04 834504 01, 06, 07, 08, 12, 14 0,40 - 1,10 zintuiglijk schone ondergrond 0,50 6,70 Meetw GSSD Index

<0,20 6,8 8,6 <0,05 19 <1,5 11 55

GECHLOREERDE KOOLWATERSTOFFEN PCB (som 7) mg/kg ds OVERIGE (ORGANISCHE) VERBINDINGEN Minerale olie C10 - C40 mg/kg ds <35

grondmonster certificaatcode boring(en) traject (m-mv) motivatie

humus lutum

% ds % ds

METALEN zink

mg/kg ds

PAK PAK 10 VROM

mg/kg ds

grondmonster certificaatcode boring(en) traject (m-mv) motivatie

humus lutum

% ds % ds

METALEN zink

mg/kg ds

Projectcode: 1902182MIB

<0,22 15,8 15,3 <0,05 28 <1,1 23 105

-0,03 0 -0,16 -0 -0,05 -0 -0,18 -0,06

<0,35

-0,03

<0,025

0,01

<123

01-1 836685 01 0,00 - 0,15 uitsplitsing mm-01 1,60 5,60 Meetw GSSD

200

401

Index

0,45

13-3 836685 13 0,35 - 0,85 uitsplitsing mm-01

1,60 5,30 Meetw GSSD

1,60 6,00 Meetw GSSD

Index

230

454

Index

0,54

-0,03

13A-03 840101 13A 0,35 - 0,50 horizontale uitkartering matige zink verontreiniging 0,50 7,40 Meetw GSSD Index

13B-03 840101 13B 0,35 - 0,85 horizontale uitkartering matige zink verontreiniging 0,50 7,70 Meetw GSSD Index

66

83

123

<0,20 5,4 10 0,08 36 <1,5 10 79

<0,23 14,4 19 0,11 54 <1,1 23 163

-0,03 -0 -0,14 -0 0,01 -0 -0,18 0,04

8,50

0,18

-0,01

11-4 834504 11 1,00 - 1,10 sterk koolhoudend

0,47

07-2 834504 07 0,25 - 0,50 zwak asfalthoudend, sterk puinhoudend 1,70 4,90 Meetw GSSD Index

-0,03

153

0,02

13-5 838621 13 1,10 - 1,60 verticale uitkartering matige zink verontreiniging 0,60 6,00 Meetw GSSD Index

100

197

0,1

Toelichting bij de tabel(len): Meetw : Meetwaarde GSSD : Gestandaardiseerde meetwaarde Index : (GSSD - AW) / (I - AW) 2 : Enkele parameters ontbreken in de som 5 : Norm I ontbreekt 6 : Heeft geen normwaarde # : Verhoogde rapportagegrens

Tabel 3: toetsingswaarde voor standaard bodem in mg/kg d.s. (10% humus en 25% lutum) AW

T

WO

IND

I

METALEN cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

0,60 15,00 40,0 0,15 50,0 1,50 35,0 140

6,80 103 115 18,07 290 95,8 67,5 430

1,20 35,0 54,0 0,83 210 88,0 39,0 200

4,30 190 190 4,80 530 190 100,0 720

13,00 190 190 36,0 530 190 100,0 720

PAK PAK 10 VROM

mg/kg ds

1,50

20,8

6,80

40,0

40,0

GECHLOREERDE KOOLWATERSTOFFEN PCB (som 7)

mg/kg ds

0,020

0,51

0,040

0,50

1,00

OVERIGE (ORGANISCHE) VERBINDINGEN Minerale olie C10 - C40

mg/kg ds

Projectcode: 1902182MIB

190

2595

190

500

5000

documentkenmerk: 1902/182/MIB-01, versie 0

Bijlage 8 Foto’s onderzoekslocatie

Fotobijlage: 1902/182/MIB, Steyl, Waterloostraat 28

Foto 1

Foto 2

Foto 3

Pagina 1

Fotobijlage: 1902/182/MIB, Steyl, Waterloostraat 28

Foto 4

Foto 5

Foto 6

Pagina 2

Quickscan flora en fauna Landhuis Moubis te Waterloostraat 28 in Steyl (2103/100/JOW-01, versie 0)

documentkenmerk: 2103/100/JOW-01, versie 0

Quickscan flora en fauna

in opdracht van Symphony Estates T.a.v. de heer O. J. Schoofs Parklaan 54a 5613 BH EINDHOVEN betreffende locatie Waterloostraat 28 Steyl documentkenmerk 2103/100/JOW-01 versie 0 vestiging Nuenen datum 3 augustus 2021

opgesteld door:

gecontroleerd door:

N. Hermans BSc

B. Bergkamp MSc

Projectleider ecologie

Projectleider ecologie

Dit document is digitaal gegenereerd en derhalve niet voorzien van een handtekening. De inhoud is aantoonbaar gecontroleerd en vrijgegeven. Het document mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. Door derden aangebrachte wijzigingen en/of toevoegingen dan wel oneigenlijk gebruik van het document vallen niet onder de verantwoording van Tritium Advies.

Tritium Advies B.V. Adviseurs in bouwen, milieu en veiligheid

Tritium Advies is gevestigd in:

T.

088 44 02 900

E.

info@tritium.nl

Arkel >> Neer >> Nuenen >>

I.

www.tritium.nl

Prinsenbeek >> Rijkevoort

KvK-nr.

17108024

documentkenmerk: 2103/100/JOW-01, versie 0

Inhoudsopgave pagina 1.

Inleiding

1

2.

Bronnenonderzoek

3

2.1

Beschermde gebieden

3

2.2

Soorten

5

3.

Veldbezoek

7

4.

Resultaten

8

4.1

Flora

8

4.2

Vogels

8

4.3

Grondgebonden zoogdieren

11

4.4

Vleermuizen

14

4.5

Amfibieën, reptielen en vissen

14

4.6

Ongewervelden/ overige soorten

16

5.

Conclusies

17

5.1

Beschermde gebieden

17

5.2

Soorten

17

5.3

Zorgplicht

21

5.4

Eindconclusie

21

5.5

Advies

21

6.

Literatuurlijst

22

Bijlage aantal pagina's (excl. voorblad) 1.

Fotobijlage veldbezoek van 14 juli 2021

33

documentkenmerk: 2103/100/JOW-01, versie 0

1. Inleiding In opdracht van Symphony Estates is een quickscan flora en fauna uitgevoerd ten behoeve van het voornemen om 28 zorgappartementen te realiseren. In het kader van de beoogde ontwikkeling wordt het landhuis gerenoveerd en de tuin heringericht. Het plangebied is gelegen aan de Waterloostraat 28 te Steyl in de gemeente Venlo, provincie Limburg. Het plangebied betreft het kadastrale perceelnummer 9098, sectie A, met een oppervlakte van 3.424 m2 (zie Figuur 1). Het plangebied heeft in de huidige situatie een woonfunctie (één tijdelijke woning).

Figuur 1: ligging van het plangebied. Het plangebied is tevens de begrenzing voor het kadastrale perceel.

In het kader van de beoogde ontwikkeling dient een quickscan flora en fauna te worden uitgevoerd. Hiermee kan worden voorkomen dat in strijd met de geldende natuurwetgeving wordt gehandeld. Doel van het onderhavige onderzoek is om te bepalen of de werkzaamheden en wijzigingen binnen het plangebied mogelijk leiden tot overtreding van de Wet natuurbescherming (verder: Wnb). Het is noodzakelijk om voorafgaande aan ruimtelijke ingrepen en inrichting te toetsen of de geplande activiteiten geen negatief effect hebben op beschermde plant- en/of diersoorten en hun leefgebieden. Op basis van de ecologische waarden van een planlocatie zal uit een verkennend flora- en faunaonderzoek (quickscan) blijken of er een overtreding te verwachten is van de Wnb. Tevens wordt vastgesteld of er meer soortgegevens nodig zijn door middel van een inventarisatie en of er

pagina 1 van 22

documentkenmerk: 2103/100/JOW-01, versie 0

een uitgebreide studie noodzakelijk is naar de effecten van een ruimtelijke ingreep op beschermde gebieden. In veel situaties zal het uitvoeren van een verkennend onderzoek echter reeds voldoende zijn om aan te tonen of een plan uitgevoerd kan worden met of zonder enkele eenvoudige maatregelen of aanpassingen om een overtreding van de Wnb te voorkomen. Het plangebied is vlakbij Venlo in het dorp Steyl gelegen en betreft een oud landhuis met daaromheen een tuin (zie Foto 1). Het landhuis is gelegen in het Park Waterloo en aan de noord, oost- en zuidzijde omringt met nieuwbouwwoningen en parklandschap (zie Figuur 1). Ten westen van het plangebied stroomt de Maas. Ten zuiden van het plangebied voorbij de woningen stroomt de Aalsbeek en verder naar het zuiden bevindt zich agrarisch landschap. Ten noordoosten van het plangebied bevindt zich stedelijk gebied.

Foto 1: impressiefoto van het gebouw met tuin (achterzijde).

pagina 2 van 22

documentkenmerk: 2103/100/JOW-01, versie 0

2. Bronnenonderzoek Het onderhavig onderzoek richt zich met name op soortenbescherming en in beperktere mate op het gebiedsbeschermingsdeel van de Wnb (Natura 2000). In het uitgevoerde bronnenonderzoek is gekeken naar de mogelijke aanwezigheid van beschermde soorten in het plangebied. Onder andere is hierbij gebruik gemaakt van de zoogdierenatlas (Broekhuizen et al., 2016) en enkele digitale verspreidingsatlassen. De bevindingen van dit literatuuronderzoek zijn weergegeven in de navolgende twee paragrafen.

2.1 Beschermde gebieden In figuur 2 en 3 is de ligging van het plangebied ten opzichte van beschermde natuurgebieden weergegeven: het Natuurnetwerk Nederland (verder: NNN) en Natura 2000-gebieden. De provincies zijn verantwoordelijk voor de begrenzing en de ontwikkeling van het NNN, en de bescherming van deze gebieden staat beschreven in de Provinciale omgevingsverordening. In principe zijn er geen ruimtelijke ingrepen mogelijk die nadelige gevolgen kunnen hebben voor de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN of die kunnen leiden tot een vermindering van de kwaliteit, de oppervlakte of de samenhang tussen de gebieden van het NNN. De gebieden zijn onderverdeeld in natuurtypen waarvan het behoud wordt nagestreefd doormiddel van natuurbeheertypen. Het dichtstbijzijnde gebied dat deel uitmaakt van het Natuurnetwerk Nederland is op een afstand van circa 230 meter ten zuidoosten van het plangebied gelegen en betreft het natuurbeheertype “N12.02 Kruiden- en faunarijkgrasland” (zie Figuur 2).

Figuur 2: ligging van het plangebied ten opzichte van het NNN.

pagina 3 van 22

documentkenmerk: 2103/100/JOW-01, versie 0

Kruiden- en faunarijk grasland omvat graslanden die kruidenrijk zijn, maar niet tot de schraallanden, vochtig hooiland, zilt grasland en overstromingsgrasland of glanshaverhooiland behoren. De natuurkwaliteit van deze gebieden wordt gekenmerkt door variatie in structuur (ruigte en plaatselijk struweel, hoge en lage vegetatie) en een kruidenrijke graslandbegroeiing die rijk is aan kleine fauna. Kenmerkende of bijzondere soorten van schralere beheertypen ontbreken grotendeels binnen kruiden- en faunarijk grasland, maar graslanden zijn vaak wel rijk aan minder zeldzame soorten. Bedreigingen voor dit beheertypen zijn onder andere de stranding in een witbol successiefase, inklinking, veraarding en stikstofdepositie. (BIJ 12, Index Natuur en Landschap) Vanuit de Europese Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn hebben de lidstaten de verplichting om Natura 2000-gebieden aan te wijzen. Elk Natura 2000-gebied heeft instandhoudingsdoelstellingen ten aanzien van leefgebieden voor vogelsoorten en/of natuurlijke habitats en de habitats van soorten. Ruimtelijke ingrepen zijn binnen en buiten Natura 2000-gebieden verboden wanneer, gelet op de instandhoudingsdoelstellingen, de kwaliteit van de natuurlijke habitats of de habitats van soorten in dat gebied kan verslechteren of wanneer de ingreep een significant verstorend effect kan hebben op de soorten waarvoor dat gebied is aangewezen.

De bescherming voor Natura 2000-gebieden is in Nederland opgenomen in de Wnb artikel 2.7, lid 2. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is op een afstand van circa 11,1 kilometer ten zuidwesten van het plangebied gelegen en betreft het “Swalmdal” (zie Figuur 3). Ten westen van Swalmdal, op een afstand van circa 15 kilometer van het plangebied, ligt het natura 2000-gebied “Leudal”. Verder naar het noordwesten liggen de gebieden Deurnsche Peel & Mariapeel en Groote Peel

Figuur 3: ligging van het plangebied ten opzichte van Natura 2000-gebied.

pagina 4 van 22

documentkenmerk: 2103/100/JOW-01, versie 0

Het Swalmdal bevindt zich op de oostflank van het Maasdal in Midden-Limburg. Op de flanken van het dal ontspringen bronnetjes en aan de voet van de terrassen treedt kwel op. Op deze plekken hebben zich soortenrijke elzenbossen weten te ontwikkelen met daarin een grote populatie van de zeggekorfslak. In het snel stromende water van de Swalm bevinden zich begroeiingen met vlottende waterranonkel en leeft de rivierdonderpad. Ook is hier recent de Gaffellibel herontdekt. Het gebied valt onder het beschermingsregime Habitatrichtlijn en is aangewezen voor de habitattypen “beken en rivieren met waterplanten”, “stroomdalgraslanden”, “ruigten en zomen”, “beuken- eikenbossen met hulst” en “vochtige alluviale bossen”. Doelsoorten van het gebied betreffen de zegge-korfslak, gaffellibel, rivierdonderpad en de bever. (Natura 2000, natura2000.nl) Effectenbepaling beschermde gebieden Het plangebied ligt buiten het NNN, met een tussenliggende afstand van ongeveer 230 meter. Vanwege de afstand en de aard van de ingreep zijn negatieve effecten op het NNN op voorhand uit te sluiten. Bovendien hanteert de provincie Limburg geen externe werking van de ingreep als het gaat om NNN. Hierdoor zijn er geen verdere verplichtingen volgens de Omgevingsverordening Limburg omtrent het NNN. De ingreep vindt plaats op een afstand van 11,1 kilometer van Natura 2000-gebied “Swalmdal”.

Vanwege de grote afstand tot het Natura 2000-gebied, de aard van de ingreep en de aanwezigheid van woningen, infrastructuur en agrarisch landschap tussen het Natura 2000-gebied en het plangebied kunnen negatieve effecten door trillingen, geluid en visuele verstoring als gevolg van de voorgenomen ingreep op voorhand worden uitgesloten. De aard van de werkzaamheden (het renoveren van het landhuis en het herinrichten van de tuin) is dusdanig klein dat er tijdens de uitvoeringsfase geen significant negatief effect als gevolg van stikstofdepositie op het Natura 2000gebied wordt verwacht. Bovendien is volgens de Wet Stikstofreductie en Natuurverbetering de stikstofuitstoot tijdens bouwwerkzaamheden beperkt en tijdelijk. Hierdoor is de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden tijdens de uitvoeringsfase per 1 juli 2021 vrijgesteld voor een natuurvergunningsplicht. In de gebruikersfase is mogelijk, door een toename van verkeer, een toename in stikstofdepositie te verwachten. Zodoende dient vanuit de Wnb een AERIUS-berekening te worden uitgevoerd. Er worden geen negatieve door trillingen, geluid en visuele verstoring op Natura 2000-gebieden verwacht, een effectenanalyse is dan ook niet van toepassing. (Synbiosys alterra, z.d.)

2.2 Soorten Aan de hand van literatuuronderzoek is informatie verzameld over het voorkomen van soorten in de directe omgeving van het plangebied. Hierbij is onder andere gebruik gemaakt van de voornoemde zoogdierenatlas. In de werkatlas wordt het voorkomen van soorten per kilometerhok aangeduid. In de zoogdierenatlas wordt dit aangegeven per atlasblok, met afmetingen van 5 bij 5 kilometer. Het plangebied is gelegen in kilometerhok X:206 / Y:371. Aangezien het plangebied slechts een klein gedeelte van het kilometerhok c.q. het atlasblok beslaat is het niet zeker dat de geregistreerde soorten ook daadwerkelijk voorkomen binnen het plangebied.

pagina 5 van 22

documentkenmerk: 2103/100/JOW-01, versie 0

Uit gegevens van de zoogdieren verspreidingsatlas en de NDFF blijkt dat de volgende zoogdieren of sporen van deze soorten (o.a. in voetprenten) in de periode van 1990 tot 2021 zijn waargenomen in de directe omgeving van het plangebied: bosmuis, woelrat, ree, bever, huisspitsmuis, laatvlieger, egel, haas, steenmarter, das, dwergmuis, aardmuis, veldmuis, ondergrondse woelmuis, huismuis, hermelijn, wezel, bunzing, rosse woelmuis, meervleermuis, watervleermuis, waterspitsmuis, rosse vleermuis, konijn, ruige dwergvleermuis, gewone dwergvleermuis, kleine dwergvleermuis, gewone grootoorvleermuis, bruine rat, eekhoorn, tweekleurige bosspitsmuis, dwergspitsmuis, wild zwijn, mol en vos. In de periode 1990 tot 2021 blijkt uit de gegevens van de NDFF en Ravon dat de volgende inheemse amfibiesoorten zijn waargenomen in de directe omgeving van het plangebied: gewone pad, rugstreeppad, boomkikker, alpenwatersalamander, vinpootsalamander, kleine watersalamander, knoflookpad, bastaardkikker, poelkikker, meerkikker, bruine kikker en kamsalamander. Tevens zijn de volgende inheemse reptielsoorten in de directe omgeving waargenomen: hazelworm, zandhagedis, muurhagedis en levendbarende hagedis.

pagina 6 van 22

documentkenmerk: 2103/100/JOW-01, versie 0

3. Veldbezoek Het plangebied is op 14 juli 2021 in de ochtend bezocht. Het was bewolkt, er was een windkracht van 2-3 Bft, een temperatuur van 18 graden Celsius en het regende. Tijdens het terreinbezoek is zoveel mogelijk informatie verzameld met betrekking tot de aanwezigheid of afwezigheid van beschermde soorten. De te verzamelen informatie bestaat onder andere uit zicht- en geluidwaarnemingen, sporenonderzoek naar de aanwezigheid van vraat-, loop- en veegsporen, nesten, holen, uitwerpselen, prooiresten en haren. Op basis van terreinkenmerken is voorts beoordeeld of het plangebied geschikt is voor de in de regio voorkomende beschermde soorten. Het kan voorkomen dat soorten niet worden waargenomen tijdens het veldbezoek aangezien een quickscan een momentopname betreft. Hierdoor kan slechts in beperkte mate uitsluitsel worden gegeven over de aan- of afwezigheid van soorten. Aan de hand van expert-judgement en bekende ecologische principes zal derhalve een inschatting worden gemaakt over het wel of niet voor kunnen komen van beschermde plant- en diersoorten. Verder is de quickscan geen veldinventarisatie. Veldinventarisaties omvatten meerdere opnamerondes die seizoensgebonden zijn en volgens standaardmethoden worden uitgevoerd. In de huidige situatie bestaat het plangebied uit een, grotendeels leegstaand, landhuis met woonfunctie.

Het “hoofdgebouw” heeft een L-vorm met aan de oostkant twee vleugels. Het hoofdgebouw is aan de zuidzijde verbonden met een gebouw buiten het plangebied. Onder het hoofdgedeelte zit zowel aan de noord- als zuidkant een ondergrondse kelder. Aan de oostzijde, de voorkant van het gebouw, ligt gazon met een kiezelpad naar de ingang. Aan de westkant van het gebouw is een tuin gelegen. De in bijlage 2 opgenomen foto’s geven een duidelijk beeld van de huidige situatie van het plangebied.

pagina 7 van 22

documentkenmerk: 2103/100/JOW-01, versie 0

4. Resultaten Onderstaand volgen de resultaten van het uitgevoerde veldbezoek in relatie tot het planvoornemen.

4.1 Flora Tijdens het veldbezoek is onder andere gelet op beschermde muurvegetatie. Binnen het plangebied is voornamelijk aangeplante vegetatie zoals hortensia, buxus, hazelaar, haagbeuk, conifeer, notenboom, appelboom, taxus, klimop, laurier, vlinderstruik, rozen en lavendel aanwezig. In het gazon waren ook enkele kruiden aanwezig zoals duizendblad, paardenbloem, madeliefje, ooievaarsbek, witte klaver en klaproos. Tijdens het veldbezoek zijn geen beschermde plantensoorten aangetroffen. Vanwege het parkachtige karakter en de voedselrijke omstandigheden waaruit het plangebied bestaat zijn er ook geen beschermde soorten te verwachten. Beschermde soorten komen namelijk vooral voor op voedselarme, kalkhoudende grond. Er zijn daarom geen negatieve effecten te verwachten met betrekking tot deze soortgroep en vanuit de Wnb zijn er dan ook geen verdere verplichtingen omtrent de flora.

4.2 Vogels Algemene broedvogels De meeste vogels maken elk broedseizoen een nieuw nest of zijn in staat om een nieuw nest te maken. Deze vogelnesten voor eenmalig gebruik vallen alleen tijdens het broedseizoen onder de bescherming van artikel 3.1 van de Wnb. Tijdens het veldbezoek zijn op de zolder van het gebouw overblijfselen van nesten aangetroffen (zie Foto 2 en 3). Het is niet bekend van welke vogelsoort deze nesten zijn geweest. In de beplanting in de tuin werden geen nesten van algemene vogelsoorten aangetroffen. Echter zijn de aanwezige bomen en struiken in de tuin wel geschikt bevonden om als broedlocatie voor algemene vogelsoorten te dienen. Met name voor tuin-/ stadsvogels zijn binnen en rondom het plangebied gunstige biotopen aanwezig. Tijdens de geplande werkzaamheden kunnen mogelijke nesten en/of legsels worden verstoord of vernield. Om een overtreding van de Wnb te voorkomen dient buiten het broedseizoen gewerkt te worden. De vogelsoorten die tijdens het veldbezoek zijn waargenomen en gehoord zijn weergegeven in tabel 1.

Foto 2: overblijfselen van nesten

Foto 3: overblijfselen van nesten

pagina 8 van 22

documentkenmerk: 2103/100/JOW-01, versie 0

Tabel 1: Waargenomen vogelsoorten tijdens veldbezoek Soorten

Aantallen

Roodborst (Erithacus rubecula)

1

Vink (Fringilla coelebs)

1

Merel (Turdus merula)

1

Torenvalk (Falco tinnuculus)

2

Vogels met (jaarrond) beschermde nesten (categorie 1 t/m 5) Nesten van vogels met een vaste verblijfplaats zijn jaarrond beschermd en verbodsbepalingen van artikel 3.1 van de Wnb gelden voor deze soorten het gehele jaar. Ook nesten van kraaiachtigen zijn jaarrond beschermd als ze in gebruik zijn door een vogelsoort met een vaste verblijfplaats zoals een boomvalk, ransuil of sperwer. Het gebouw bevat aan verschillende kanten open daklijsten, scheefliggende/missende dakpannen en overige kieren (zie Foto 4 t/m 7 en Figuur 4). Dit maakt het gebouw geschikt als vaste verblijfplaats voor zowel huismussen als gierzwaluwen. Nesten van de gierzwaluw en huismus vallen onder categorie 2 van de jaarrond beschermde nesten. Dit betekent dat zij koloniebroeders zijn die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing.

Foto 4: openingen in daklijst

Foto 5: verschoven dakpan

Foto 6: scheefliggende dakpannen

Foto 7: kieren bij daklijst

pagina 9 van 22

documentkenmerk: 2103/100/JOW-01, versie 0

Vanwege de renovatie aan het landhuis kunnen aanwezige nesten van de huismus en gierzwaluw verstoord worden en/of verloren gaan. Om een overtreding van de Wnb te voorkomen dient de functie van de bebouwing voor huismussen en gierzwaluwen te worden vastgesteld. Verder zijn tijdens het veldbezoek op het landhuis aan de westkant twee torenvalken zittend waargenomen (zie Foto 8). Deze soort broedt in oude kraaiennesten of torens en nissen in gebouwen (zie Foto 9). Nesten van torenvalken vallen onder een categorie 5 bescherming. Dit betekent dat zij vaak terugkeren naar een eerdere broedlocatie, maar wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedlocatie verloren is gegaan, zich elders te vestigen. Categorie 5 beschermde nesten zijn alleen jaarrond beschermd als zwaarwegende feiten of ecologische omstandigheden dat rechtvaardigen. Gedurende het hele veldbezoek zaten de torenvalken op de pilaren van het landhuis. Er werd geen nest aangetroffen en/of nestactiviteit waargenomen. Mogelijk dient het landhuis als rustplek voor deze soort, echter kan een nestlocatie niet met zekerheid worden uitgesloten. Het is niet duidelijk of er voldoende alternatieve geschikte rust en/of nestplaatsen in de omgeving aanwezig zijn waarnaar de torenvalken eventueel kunnen uitwijken.

Om een overtreding van de Wnb te voorkomen dient eerst een omgevingscheck gedaan te worden naar de aanwezigheid van alternatieve nest- en rustplaatsen in de omgeving.

Foto 8: twee torenvalken, aanwezig op de noordgevel

Foto 9: toren geschikt als nestlocatie

aan de westkant van het gebouw

Het landhuis beschikt over verschillende openingen bij de ramen en de deuren die toegang tot het gebouw bieden voor de bosuil (categorie 5), kerkuil (categorie 3) en steenuil (categorie 1) (zie Foto 10 t/m 12). Categorie 3 nesten omvatten nesten van niet koloniebroeders, die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing. Categorie 1 nesten omvatten alle nesten die, behalve gedurende het broedseizoen als nest, buiten het broedseizoen in gebruik zijn als vaste rust- en verblijfplaats. De bosuil kan worden aangetroffen in stadsparken. Van belang zijn voldoende oude bomen, jaarrond voedselbeschikbaarheid en de aanwezigheid van voldoende roest- en broedplaatsen. Door de flexibiliteit in prooikeuze kan de bosuil in relatief veel landschapstypen gedijen. Nesten van de bosuil kunnen onder andere worden aangetroffen in gebouwen. Echter wordt door het omliggende agrarische landschap verwacht dat er voldoende alternatieve roest- en broedplaatsen, in de vorm van oude schuren, aanwezig zijn De kerkuil is een bewoner van (half)open landschappen, veelal in het boerenland. Hij vestigt zich graag in gebouwen zoals schuren en kerktorens. Daar zoekt hij rustige, donkere schuilhoekjes als roestplaats voor overdag en als nestplaats.

De steenuil heeft een voorkeur voor kleinschalige cultuurlandschappen met een variatie aan houtwallen, heggen, weitjes

pagina 10 van 22

documentkenmerk: 2103/100/JOW-01, versie 0

en knoestige bomen. Zijn schuilplaatsen bevinden zich in broedholen in oude bomen, schuren en gebouwen. Tijdens het veldbezoek zijn geen sporen als braakballen, krijtsporen en/of veren van uilen aangetroffen. Echter biedt het plangebied geschikt biotoop voor de bovengenoemde soorten en kan de aanwezigheid van vaste roest- en/of broedplaatsen niet met zekerheid worden uitgesloten. Om een overtreding van de Wnb te voorkomen dient aanvullend onderzoek naar de kerkuil en steenuil te worden uitgevoerd.

Foto 11: openstaand kapot raam

Foto 10: opening boven en rechts onder

Foto 12: deuropening

4.3 Grondgebonden zoogdieren Marterachtigen Het plangebied valt binnen het verspreidingsgebied van de bunzing (Mustela putorius), de steenmarter (Martes foina), de hermelijn (Mustela erminea) en de wezel (Mustela nivalis). Deze soorten zijn beschermd en opgenomen in bijlage A van de Wnb. Dit houdt in dat het verboden is vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van deze soorten opzettelijk te beschadigen of te vernielen (artikel 3.10). Echter, in de provincie Limburg, zijn de bunzing, hermelijn en wezel vrijgesteld van de Wnb voor ruimtelijke ontwikkelingen. Tevens is de steenmarter in de periode van 15 augustus tot en met februari vrijgesteld van de Wnb. Dit betekent dat in deze provincie (in deze periode) voor deze soorten enkel de zorgplicht geldt. De steenmarter komt vooral voor in parklandschap. Hij is vooral te vinden in de nabijheid van dorpen en boerderijen en tegenwoordig zelfs in grote steden (de steenmarter is een ‘cultuurvolger’). Hij heeft een voorkeur voor gebieden met kleinschalige landbouw, met oude schuren of gebouwen. Daarbij is de aanwezigheid van elementen zoals groenstroken, heggen,

pagina 11 van 22

documentkenmerk: 2103/100/JOW-01, versie 0

bosjes, greppels en bermen van belang, omdat de steenmarter daar zijn voedsel zoekt en zich verplaatst. De steenmarter maakt gebruik van verschillende verblijfplaatsen zoals boomholtes, takkenhopen, dichte struwelen, zolders, kruipruimtes, spouwmuren en onder dakbedekkingen. Het gebouw heeft meerdere openingen waardoor steenmarters naar binnen kunnen (zie Foto 4 t/m 7. 10 t/m 13 en Figuur 4). Bovendien zijn er sporen aangetroffen die duiden op de aanwezigheid van steenmarters in het gebouw, namelijk afgebeten veren en uitwerpselen (zie Foto 14 t/m 16). De afgebeten veren en uitwerpselen lagen met name op de zolder van het gebouw. Tevens zijn op de eerste verdieping in verschillende kamers uitwerpselen van de steenmarter gevonden, waaronder ook in bad. Er wordt verwacht dat het landhuis als rust-, verblijf- en voortplantingsplaats fungeert voor meerdere steenmarters. Door het renoveren van het landhuis zullen rust-, verblijf en voortplantingsplaatsen verloren gaan. Wanneer de werkzaamheden in de vrijgestelde periode (15 aug t/m feb) plaatsvinden, geldt enkel de zorgplicht. Er moet dan bijvoorbeeld rekening gehouden worden met dat er geen dieren binnen gesloten worden.

Wanneer de werkzaamheden buiten de vrijgestelde periode plaatsvinden dient, om een overtreding van de Wnb te voorkomen, eerst aanvullend onderzoek te worden gedaan naar de functie van het plangebied voor de steenmarter.

Foto 13: open raam biedt toegang tot kelder

Foto 14: uitwerpselen van steenmarter in bad

Foto 15: afgebeten veren door steenmarter

Foto 16: uitwerpselen van steenmarter pagina 12 van 22

documentkenmerk: 2103/100/JOW-01, versie 0

Het plangebied valt binnen het verspreidingsgebied van de das (Meles meles). Er zijn geen sporen van de das in de vorm van holen, wissels en/of uitwerpselen binnen het plangebied aangetroffen. Door het ontbreken van een vergraafbare bodem ontbreekt geschikt biotoop. Bovendien is de omgeving te bewoond en verstoord voor deze soort. Zodoende kan de aanwezigheid van de das binnen het plangebied redelijkerwijs worden uitgesloten. Knaagdieren Het plangebied valt binnen het verspreidingsgebied van de bever (Castor fiber). Deze soort komt voor in overgangsgebieden van zoete wateren en land met de aanwezigheid van goed bereikbare bomen en struiken voor voedsel. Door het ontbreken van geschikt biotoop en voedsel binnen het plangebied kan de aanwezigheid van de bever redelijkerwijs worden uitgesloten. Het plangebied ligt binnen het verspreidingsgebied van de eekhoorn (Sciurus vulgaris). Binnen het plangebied zijn geen geschikte holtes en/of nesten in bomen aangetroffen die mogelijk door de eekhoorn als verblijfplaats gebruikt kunnen worden. Het plangebied heeft een klein oppervlak met enkele jonge bomen en het wordt dan ook niet verwacht dat het perceel essentieel deel uitmaakt van de functionele leefomgeving van de eekhoorn. Bovendien wordt de tuin herinricht en kan de eekhoorn eventueel na de werkzaamheden blijvend gebruik maken van de tuin.

Daarnaast is de eekhoorn in de provincie Limburg vrijgesteld in de periode maart-april en juli t/m november. Er worden geen negatieve effecten ten gevolge van de ingreep op de eekhoorn verwacht. De huismuis (Mus musculus) en de bruine rat (Rattus norvegicus) zijn niet opgenomen in de Wnb, dit betekent dat zij niet beschermd zijn in Nederland. De aardmuis (Microtus agrestis), bosmuis (Apodemus sylvaticus), dwergmuis (Micromys minutus), rosse woelmuis (Myodes glareolus), veldmuis (Microtus arvalis), ondergrondse woelmuis (Microtus subterraneus) en de woelrat (Arvicola amphibius) zijn in de provincie Limburg vrijgesteld van de Wnb voor ruimtelijke ingrepen. Dit betekent dat ook voor deze soorten enkel de zorgplicht geldt. Haasachtigen Ook voor het konijn (Oryctolagus cuniculus) en de haas (Lepus europeus) geldt dat zij door de provincie Limburg zijn vrijgesteld voor ruimtelijke ingrepen. Voor deze soorten geldt enkel de zorgplicht. Insecteneters Tevens valt het plangebied binnen het verspreidingsgebied van de waterspitsmuis (Neomys fodiens). Deze soort komt voor in en langs schoon, niet te voedselrijk, vrij snel stromend tot stilstaand water met een behoorlijk doorontwikkelde watervegetatie en ruig begroeide oevers. Hij komt voor bij beken, rivieren, sloten, plassen en daar waar grondwater opwelt.

Door het ontbreken van geschikt biotoop binnen het plangebied kan de aanwezigheid van de waterspitsmuis redelijkerwijs worden uitgesloten. De mol is niet opgenomen in de Wnb, dit betekent dat deze soort niet beschermd is in Nederland. De huisspitsmuis (Crocidura russula), egel (Erinaceus europaeus), tweekleurige bosspitsmuis (Sorex coronatus) en dwergspitsmuis (Sorex minutus) zijn in de Limburg vrijgesteld van de Wnb voor ruimtelijke ingrepen. Voor deze soorten geldt wederom enkel de zorgplicht. Overige grondgebonden zoogdieren Het plangebied valt binnen het verspreidingsgebied van het wild zwijn (Sus scrofa). Het wild zwijn komt voor in droge en natte voedselrijke loofbossen en gemengde bossen. Hij heeft een duidelijke

pagina 13 van 22

documentkenmerk: 2103/100/JOW-01, versie 0

voorkeur voor eiken- en beukenbossen. Een voorwaarde die wilde zwijnen aan een bos stellen is de aanwezigheid van natte/moerassige plaatsen. Door het ontbreken van geschikt biotoop binnen het plangebied kan de aanwezigheid van het wild zwijn redelijkerwijs worden uitgesloten. Voor de vos (Vulpes vulpes) en de ree (Capreolus capreolus) geldt eveneens dat zij door de Provincie Limburg voor ruimtelijke ingrepen zijn vrijgesteld van de Wnb. Dit betekent dat voor deze soorten enkel de zorgplicht geldt.

4.4 Vleermuizen Nabij het plangebied zijn waarnemingen bekend van de laatvlieger (Eptesicus serotinus), de meervleermuis (Myotis dasycneme), de watervleermuis (Myotis daubentonii), de rosse vleermuis (Nyctalus noctula), de ruige dwergvleermuis (Pipistrellus nathusii), de gewone dwergvleermuis (Pipistrellus pipistrellus), de kleine dwergvleermuis (Pipistrellus pygmaeus) en de gewone grootoorvleermuis (Plecotus auritus). Alle vleermuizen in Nederland zijn opgenomen in Bijlage IV van de Habitatrichtlijn en beschermd volgens artikel 3.5, lid 4 van de Wnb. Dit betekent dat hun voortplantings- en rustplaatsen niet verstoord, beschadigd of vernield mogen worden. Ook de omgeving die nodig is om deze voortplantings- en rustplaatsen te laten functioneren is beschermd. Door de aanwezigheid van openingen onder de daklijst, open zolder- en kelderramen en verschoven dakpannen is het gebouw geschikt bevonden als vaste verblijfplaats voor gebouwbewonende vleermuissoorten (de gewone dwergvleermuis, de ruige dwergvleermuis, de laatvlieger, de gewone grootoorvleermuis, de meervleermuis en de kleine dwergvleermuis) (zie Figuur 4). Er zijn geen geschikte holtes, kieren en/of spleten in bomen aangetroffen die mogelijk als verblijfplaats voor boombewonende soorten kunnen dienen.

Het plangebied dient mogelijk als foerageergebied voor de bovengenoemde vleermuissoorten, echter wordt door de kleine omvang van het plangebied niet verwacht dat het een essentieel foerageergebied betreft. Bovendien wordt de tuin heringericht en kunnen de vleermuizen na de werkzaamheden het plangebied blijven gebruiken als foerageergebied. Door het ontbreken van lange, aaneengesloten bomenrijen en andere lijnvormige landschapsstructuren zoals heggen en houtwallen wordt niet verwacht dat het plangebied deel uit maakt van een vliegroute voor vleermuizen. Door de renovatie gaan mogelijke vaste verblijfplaatsen van gebouwbewonende vleermuizen verloren. Om een overtreding van de Wnb te voorkomen dient daarom eerst onderzoek naar de functie van het landhuis voor gebouwbewonende vleermuizen te worden gedaan.

4.5 Amfibieën, reptielen en vissen Amfibieën In en nabij het plangebied zijn waarnemingen van de volgende amfibiesoorten bekend: gewone pad (Bufo bufo), rugstreeppad (Epidalea calamita), boomkikker (Hyla savignyi), alpenwatersalamander (Ichthyosaura alpestris), vinpootsalamander (Lissotriton helveticus), kleine watersalamander (Lissotriton vulgaris), knoflookpad (Pelobates fuscus), bastaardkikker (Pelophylax kl. esculentus), poelkikker (Pelophylax lessonae), bruine kikker (Rana temporaria), meerkikker (Pelophylax ridibundus) en kamsalamander (Triturus cristatus).

pagina 14 van 22

documentkenmerk: 2103/100/JOW-01, versie 0

Door het ontbreken van oppervlaktewater binnen het plangebied, is het plangebied ongeschikt voor de voortplanting van amfibieën. Ook in de directe omgeving is geen geschikt voortplantingswater voor amfibieën aanwezig. De aanwezigheid van overwinterende amfibieën kan daarom redelijkerwijs worden uitgesloten. Reptielen Het plangebied valt binnen het verspreidingsgebied van de hazelworm (anguis fragilis), de zandhagedis (Lacerta agilis), de muurhagedis (Podarcis muralis) en de levendbarende hagedis (Zootoca vivipara). De hazelworm en levendbarende hagedis zijn beschermd en opgenomen in bijlage A van de Wnb. Echter geldt in Limburg een vrijstelling bij ruimtelijke ontwikkelingen voor de hazelworm in de periode juli t/m september en voor de levendbarende hagedis van 15 augustus t/m 15 oktober. De zandhagedis en muurhagedis zijn opgenomen in Bijlage IV van de Habitatrichtlijn en zijn beschermd volgens artikel 3.5, lid 4 van de Wnb. Dit betekent dat hun voortplantings- en rustplaatsen niet verstoord, beschadigd of vernield mogen worden. Ook de omgeving die nodig is om deze voortplantings- en rustplaatsen te laten functioneren is beschermd. De hazelworm komt voor in open bossen, bosranden, heide, houtwallen, struwelen, spoor- en wegbermen, kalkgraslanden, vestingwerken, steenhopen, ruderale plaatsen en tuinen.

Hij heeft een voorkeur voor enigszins vochtige, met dichte vegetatie bedekte gebieden. Het grootste deel van de dag leven ze onder de vegetatie en dood hout of ze verblijven in holen in de grond. Door het ontbreken van geschikt biotoop binnen het plangebied kan de aanwezigheid van deze soort redelijkerwijs worden uitgesloten en worden er geen negatieve effecten op de hazelworm verwacht ten gevolge van de voorgenomen ingreep. De levendbarende hagedis komt voor in redelijk dicht begroeide gebieden, zoals (vochtige) heide, veen, schraal grasland, open plekken in bossen en rijk begroeide bosranden. Ook komt hij voor in wegbermen, dijktaluds, hagen en houtwallen. De soort heeft een duidelijke voorkeur voor vochtige terreinen, vooral vegetatie met bomen en grote planten (bijvoorbeeld berenklauw) waar ze in kunnen klimmen om te kunnen zonnen. De levendbarende hagedis is afhankelijk van structuurrijk habitat met daarbinnen open zon beschenen, snel opwarmende plekken in de nabijheid van dekkingsmogelijkheden om zich te beschermen tegen uitdroging en predatie. Door het ontbreken van geschikt biotoop wordt niet verwacht dat het plangebied deel uitmaakt van het leefgebied van de levendbarende hagedis. Zodoende worden er als gevolg van de ingreep geen negatieve effecten op deze soort verwacht.

Zandhagedissen komen voor in zandige, droge, open terreinen in heiden en duinen, respectievelijk met struikhei en helm als de belangrijkste structuurbepalende soorten. De aanwezigheid van voldoende zonnige plekken om op te kunnen warmen is een belangrijk vereiste voor het leefgebied van de zandhagedis. Door het ontbreken van geschikt biotoop binnen het plangebied kan de aanwezigheid van deze soort redelijkerwijs worden uitgesloten en worden er geen negatieve effecten op de zandhagedis, ten gevolge van de voorgenomen ingreep, verwacht. De muurhagedis komt in ons land uitsluitend in Maastricht voor. Er zijn niet wilde populaties in andere delen van Nederland bekend. Het is een warmteminnende soort. Die in het noorden van zijn leefgebied alleen voorkomt in rivierdalen, omdat daar gunstigere klimatologische omstandigheden heersen. De soort kwam hier oorspronkelijk voor op warme, stenige plekken, zoals rotswanden. Met de bouw van stadsmuren kreeg de soort ook de gelegenheid om zich op muren te vestigen, zoals in Maastricht. Bovendien geldt de Wnb enkel voor in het wild levende populaties, waarvan de

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/752/documents/19313