047bijl 2 Nota van zienswijzen bp Hakkestraat-Hendrikkenhofstraat Venlo.pdf
Tekst van het document
Nota van zienswijzen Ontwerp-bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo en ontwerp-besluit tot vaststelling hogere waarde Wet geluidhinder identfcatenummer NL.IMRO.0983.BP202002ALBERTUSH-ON01
Het ontwerp-bestemmingsplan en het ontwerp-besluit tot vaststelling van een hogere waarde, beide met bijbehorende stukken, hebben vanaf 10 maart 2022 gedurende zes weken (tot en met 20 april 2022) ter inzage gelegen. Binnen de termijn van terinzagelegging zijn tegen het ontwerpbestemmingsplan 16 brieven met zienswijzen ingediend, waarvan 8 unieke brieven. Van die 8 unieke brieven is er één namens 2 bedrijven, een vastgoedeigenaar en 2 omwonenden ingediend, één namens 14 omwonenden, één mede namens 6 omwonenden en één mede namens 402 ondertekenaars van een pette. De pette is een initatef uit ’t Ven. Hieronder worden de tegen het ontwerp-bestemmingsplan ingediende zienswijzen samengevat en wordt het gemeentelijk standpunt weergegeven. De samenvatng van de zienswijzen heef alleen tot doel de leesbaarheid van dit verslag te bevorderen. Bij de beoordeling van de zienswijzen zijn de volledige brieven, zoals deze bij de gemeente zijn ingediend en kenbaar gemaakt, meegenomen. Van de mogelijkheid tot het kenbaar maken van mondelinge zienswijzen is geen gebruik gemaakt. Met betrekking tot het ontwerp-besluit tot vaststelling van een hogere waarde Wet geluidhinder is geen zienswijze ingediend.
1
Samenvatng zienswijzen:
1: Reclamant 1, 2, 3, 6, 8, 9, 13 en 16: a b c d e f
Huisvestng internatonale werknemers past niet in aanzien van gebied en is ongelukkige situate Woon- en leefgebied op deze locate onverantwoord en vergroot het groepsrisico (externe veiligheid) Groeimogelijkheid van eigen bedrijf wordt beperkt Overlast over en weer, onveiligheid; mindere luchtkwaliteit, geluid- en geuroverlast Waardeverlies panden Noorderpoort Geen garante dat huisvestng van tjdelijke aard is vanwege schaarste op woningmarkt
2: Reclamant 4: a b c d e f g h
Er is nog geen exploitant voor het resomeercentrum Onvoldoende onderscheid parkeren resomeercentrum en huisvestng internatonale werknemers Niet-controleerbare interne toegankelijkheid huisvestngslocate naar herdenkingspark ongewenst Noodzaak short-stay-huisvestng vindt basis niet in Etl-onderzoek, dat gaat over 24/7inzet. Noodzaak zal afnemen a.g.v. weerstand tegen verdozing Uitsluiten van wijziging naar permanente bewoning na termijn van 15 jaar is niet redelijk, doch permanente huisvestng belemmert omliggende bedrijven. Daarom: gebruik van verplaatsbare woonverblijven van hoge kwaliteit. Parkbeheerder alleen bevoegd binnen grens van park; daarbuiten bevoegdheid polite en probleem voor omwonenden; concentrates leidt tot overlast, dus niet wenselijk. Spreiding is beter. Door gebrek aan binding agv korte verblijfstjd en korte afstand tot winkelcentrum -> meer criminaliteit, winkeldiefstallen, vandalisme en ongewenst gebruik van herdenkingspark (hangplek) Omgevingsdialoog onvoldoende en niet transparant en onduidelijk wie wel en wie niet betrokken is
3: Reclamant 5: a b c d e f
Categorie 4.2-inrichtng toegestaan en aanwezig. Belemmert ontwikkeling het bedrijf niet en kan dit gegarandeerd worden? Kan inzichtelijk worden gemaakt dat bijzondere woonvormen (afwijkingsbevoegdheid) evenmin tot belemmeringen voor bedrijven leidt? Garantes omtrent verkeersveiligheid Vaste of fexibele recreateve vervoersbewegingen? Tegenspraak in teksten Fiets- en voetgangersverkeer niet in beeld gebracht Geen risicoberekeningen uitgevoerd i.v.m. toegenomen personendichtheid
2
4: Reclamant 7 en 14: a b c d e f g
h i j k l m n o p q r s t u
Geen sprake van integrale afwegingen maar postzegelplanologie Teveel belastende functes rondom woonwijk ‘t Ven Moeizame communicate in voortraject/omgevings’dialoog’ en benaderde (groep van) personen lijkt willekeurig Bij informatemarkt kon werkgroep ’t Ven geen verhaal doen; gemeente faciliteert initatefnemer; velen niet uitgenodigd. Met gemeente zijn geen gesprekken gevoerd; andere houding verwacht, gelet op impact. Voorsorteren op Wet versterking partcipate en partcipateverordening opstellen Gemeenteraad had betrokken moeten worden in besluitvorming Alternatevenonderzoek niet neergelegd in rapport met ‘kansen en bedreigingen’ Voor huisvestng internatonale werknemers: Hoofdkantoor OCE Urbanusweg Recreatepark Arcen (huidige locate) Keulse Barrière Locates op Greenport Voor resomeercentrum: Natuurbegraafplaats Venlo-Maasbree Wylrehofstraat Venlo Blerickse Bergen Molendijk Velden Wet op de lijkbezorging maakt resomeren nog niet mogelijk Eerst onderzoek naar huisvestngslocates en daarna besluitvorming over locate ‘Albertushof’. Eén en dezelfde wethouder zou niet beide trajecten in portefeuille mogen hebben Geen integrale afwegingen gemaakt in vormvrije m.e.r.-beoordeling; slechts autonome afwegingen. Ontwikkelingen in huidige plan zijn niet meegenomen.
Getovorming leidt tot problemen Initatef is in strijd met authentciteit en rust van het gebied Rechtsonzekerheid in relate tot bestemmingsplan Veegtes Wat wordt verstaan onder ‘bijzondere woonvormen’? een AZC bijvoorbeeld? Huisvestng is niet permanent noodzakelijk wegens neergaande economie; bestemming Wonen niet stedenbouwkundig onderbouwd. Wonen naast resomeren is ongelukkige keuze. Ecologische schakels behouden; ecologisch onderzoek is onvoldoende (marterachtgen zijn niet onderzocht) Stkstofonderzoek niet correct (belang natuur en bewoners) Verkeersstudie gebaseerd op gegevens uit 2017 (nieuwe ontwikkelingen niet meegenomen); heef tevens efect op geluid, stkstof, fjnstof Internatonale werknemers doen boodschappen in Duitsland; geen rekening gehouden met verkeer door de kern. Bij resomeercentrum meer diensten per dag, blijkt uit navraag bij crematorium, dus meer verkeer; geen rekening gehouden met illegale parkeerplaatsen van vrachtverkeer; ‘sluiproute’ via woonwijk ’t Ven richtng Nijmeegseweg of A67 Capaciteit riolering onvoldoende 3
v
Archeologische waarden moeten behouden blijven
5: Reclamant 10: a b c d e f g h
Grootschalige logiesvoorziening mag niet ten koste gaan van nieuwbouwopgave woningen Venlo Communicate/omgevingsdialoog met de omgeving had beter gekund en gemoeten; beginselen van behoorlijk bestuur; belangen omwonenden onvoldoende meegewogen Geen onderzoek naar alternateve locates Grootschaligheid alleen in belang van initatefnemer Waarde van het plangebied zoals verwoord in het landschapsintegrateplan wordt teniet gedaan door nieuwe project en door overdracht van eigendom Verkeersstudie gebaseerd op oude cijfers; verkeersveiligheid van alle weggebruikers is in het geding; spreiding zorgt voor minder overlast Kwaliteit huisvestng in relate tot kosten voor arbeidsmigrant (Wet aanpak schijnconstructes) Financiële haalbaarheid: bewijs? Voor resomeercentrum is nog geen exploitant bekend.
6: Reclamant 11: a b c d e f
Belemmering bedrijfsvoering en aantastng woon- en leeflimaat door komst logiesgebouwen en resomeercentrum Strijd met Structuurvisie Venlo 2014: groene contour mag niet worden volgebouwd. Resomeren wetelijk nog niet toegestaan Geen behoefe aan resomeercentrum en huisvestngslocate voor internatonale werknemers (documenten waaruit dit blijkt, zijn niet bij de planstukken gevoegd) Wijzigingsmogelijkheden van artkel 5.6 van de planregels zijn te ruim en conficteren met aanwezige bedrijvigheid Lange termijn visie is te onbepaald: niet duidelijk wat er na 10 jaar is toegestaan (andere woonvormen)
7: Reclamant 12: a b c d e f g h i
Geen transparante informatevoorziening in voortraject, eenzijdige informateoverdracht en slechte beantwoording van vragen Ongelijk speelveld doordat bevoegd gezag initatefnemer faciliteert met kennis, projectleider en fnanciële middelen (verboden staatssteun) Drinkwatervoorziening staat onder druk en is niet onderzocht Niet onderzocht of afvalwaterafvoer ongehinderd kan plaatsvinden (riolering) Broeikasgassen als gevolg van afvalwater ter plaatse van waterzuiveringsinstallate Geen onderzoek efect op luchtkwaliteit voor omwonenden Geen onderzoek efect stkstof op natuur Ook illegale overnachtngen op bedrijventerrein moeten meegewogen worden en gemeente moet handhaven bij meldingen van omwonenden Totale impact van alle gezamenlijke uitbreidingsplannen van bestaande en nieuwe bedrijven 4
j
op woon- en leeflimaat; bewoners krijgen alleen maar de lasten In beeld brengen positeve en negateve spin-of van de huisvestngslocate
8: Reclamant 15: a b c d e
Grootschalige huisvestng internatonale werknemers zorgt voor sociale onveiligheid Veel extra woon-werkverkeer maar ook recreateverkeer, waarvoor verbetering van infrastructuur nodig is Resomeercentrum beter te vestgen bij crematorium en (natuur)begraafplaatsen waardoor minder verkeer in Veegtes komt Eerder plan voor crematorium op deze locate afgewezen, dus niet consequent Communicate in voortraject onvoldoende
5
Reacte op zienswijzen:
1: a b c d e f
Huisvestng internatonale werknemers past niet in aanzien van gebied en is ongelukkige situate Woon- en leefgebied op deze locate onverantwoord en vergroot het groepsrisico (externe veiligheid) Groeimogelijkheid van eigen bedrijf wordt beperkt Overlast over en weer, onveiligheid; mindere luchtkwaliteit, geluid- en geuroverlast Waardeverlies panden Noorderpoort Geen garante dat huisvestng van tjdelijke aard is vanwege schaarste op woningmarkt
Ad a: Bij de keuze van grootschalige huisvestngslocates wordt rekening gehouden met de ervaring uit de praktjk dat omwonenden zich zorgen maken over dergelijke huisvestng. De regio Noord-Limburg en dus ook in Venlo kent zeer veel kleine en meerdere grote huisvestngslocates (bijvoorbeeld woningen, vrijgekomen vastgoed voor iets grotere groepen, verblijfsrecreateve accommodates) waarvan er ook velen door initatefnemer worden geëxploiteerd. Elke huisvestngslocate heef echter ook z’n uitdagingen en beperkingen in de wenselijkheid. Zo heef de overheid het beleid dat verblijfsrecreate en huisvestng van internatonale werknemers geen goede combinate is. Voor de short-stay huisvestng van 768 internatonale werknemers waarvoor onderdak gevonden moet worden, is in alle redelijkheid geen locate te vinden waarbij volstaan kan worden met 'transformate binnen bestaande bebouwingsmassa's'. Om te voorzien in accommodates voor deze aantallen, welke ook nog moeten voldoen aan onder andere SNF-normen, duurzaamheidsaspecten en draagvlak, zal omwille van de fnanciële haalbaarheid nieuw gebouwd moeten worden. Een locate waarop een in verval geraakt gebouw aanwezig was dat hiertoe inmiddels is gesloopt, en gelegen binnen het bestaand bebouwd gebied met relatef weinig omwonenden in de directe nabijheid, is in dergelijke situate het best haalbare.
Voor grootschalige huisvestng wordt steeds vaker een locate gevonden binnen de contouren van een bedrijventerrein (denk aan de locates binnen de Greenport-Klavers). Uit paragraaf 5.2.4 (milieuzonering) van de plantoelichtng blijkt hoe de logiesfuncte zich verhoudt tot omliggende bedrijvigheid: omliggende bedrijven worden niet extra in hun functoneren belemmerd. Hoewel reclamanten sceptsch staan ten opzichte van de ontwikkeling, kan niet worden gesteld dat er sprake is van een situate die niet past in het gebied, cq elders wenselijker moet worden geacht.
Ad b: In de paragraaf waarin het aspect milieuzonering is beschreven, is tevens gekeken naar de ‘omgekeerde werking’ waarbij geconstateerd wordt dat er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leeflimaat. 6
Ten aanzien van het aspect externe veiligheid is onderzoek uitgevoerd naar de mate waarin dit speelt, met name in verband met de ligging binnen de invloedsgebieden van de A67 en de Nijmeegseweg. De veiligheidsregio Limburg Noord heef hierover advies uitgebracht, waaruit blijkt dat indien gezorgd wordt voor:
ontvluchtngsmogelijkheden uit het plangebied in verschillende richtngen; een mogelijkheid om bij de gebouwen de ventlate bij natuurlijke ventlate af te sluiten en bij mechanische ventlatevoorzieningen (bijvoorbeeld een wtw) voor een goed bereikbare afschakelmogelijkheid, zodat deze tjdens een calamiteit uitgeschakeld kan worden. Situeer de inlaat van de mechanische ventlate van de risicozijde af (met als doel beperking van binnendringen van gevaarlijke stofen); toegang tot het plangebied vanuit meerdere zijden voor hulpdiensten, waarbij een verbinding tussen de huisvestng van internatonale werknemers en het herdenkingspark bij het resomeercentrum dient te worden gemaakt, welke zodanig is dat deze voor hulpdiensten bruikbaar is (conform gemeentelijk beleid bluswater en bereikbaarheid); de ontsluitng (bijvoorbeeld een slagboom of een toegangspoort) zodanig is dat er geen belemmering is voor de hulpdiensten. De wijze van ontsluitng dient daarbij te voldoen aan de Intenteverklaring ‘vaste en dynamische wegafsluitngen Limburg Noord’; een efecteve bestrijding van een brand in het plangebied waarvoor een bluswatervoorziening nodig is.
Binnen dit deel van het plangebied dienen minimaal 2 bluswatervoorzieningen (bij voorbeeld brandkranen) met een capaciteit van minimaal 30 m3/uur aan te worden gelegd; het op de hoogte brengen van de bewoners van het plangebied van de risico’s die op hen van toepassing zijn door toepassing van de risicocommunicate. Deze communicate moet begrijpelijk zijn en derhalve in de taal van de desbetrefende bewoner; een beheerplan voor de huisvestngslocate, mede inhoudende een calamiteitenplan met daarin ook de relevante (externe veiligheid) scenario’s en maatregelen. Communicate naar de personen in de bij die personen behorende taal; regulier (maandelijks) onderhoud en controle van (brand)veiligheidsvoorzieningen in de huisvestngslocate, vast te leggen in een logboek;
binnen het projectgebied de veiligheid voldoende gewaarborgd is. Deze maatregelen bevorderen de zelfredzaamheid in het plangebied en kunnen de efecten van ongevallen sterk reduceren tot een omvang die beter beheers- of bestrijdbaar wordt geacht door de hulpverleningsdiensten. Door ter plaatse van de huisvestngslocate voornoemde maatregelen te trefen, is het groepsrisico goed beheersbaar en zeer beperkt.
Ad c: De groeimogelijkheden van de bestaande bedrijven van de reclamanten worden niet alleen bepaald door de nieuwe ontwikkeling waartoe het bestemmingsplan is opgesteld, maar primair door het al dan niet aanwezig zijn van gevoelige bestemmingen binnen de vigerende bestemmingsplannen ‘Bedrijventerrein Veegtes’ en ‘Noorderpoort’.
7
De afstand van de bedrijfslocates aan de Horsterweg 221 te Venlo zijn dermate groot dat het evident is dat het nieuwe initatef hierop geen enkele invloed heef. Voor de bestaande bedrijven aan de Noorderpoort 51, 97, 97a en 97k geldt dat hier bedrijven in de milieucategorie 1 en 2 zijn toegestaan, waaraan (ingeval van een rustge woonwijk) een milieuzone van maximaal 30 meter is verbonden. Ingeval van een gemengd gebied zoals onderhavig bedraagt die richtafstand 10 meter. De afstand tot aan de nieuwe gevoelige functe bedraagt meer dan 250 meter, zodat ook voor voornoemde bedrijven duidelijk is dat deze vanuit milieu-oogpunt niet in hun uitbreidingsmogelijkheden worden belemmerd. Daarenboven is het zo, dat er op kortere afstand van betrefende bedrijven al bestaande gevoelige functes/bestemmingen liggen in de hoedanigheid van een burgerwoning, kantoorfunctes en horeca (verblijfsfuncte). Een hotel kan, hoewel het geen geluidgevoelig object is in de zin van de Wet geluidhinder, worden aangemerkt als een object dat in het kader van een goede ruimtelijke ordening bescherming tegen geluidhinder behoef, nu hier regelmatg mensen zullen verblijven en waar blootstelling aan geluid kan leiden tot hinder, aldus de uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (ECLI:NL:RVS:2013:BY8562). Hetzelfde geldt voor kantoren.
Hieruit blijkt dat de uitbreidingsmogelijkheden van de bedrijven van de reclamanten zoals opgenomen onder 1, niet worden beperkt door het nieuwe initatef voor huisvestng van internatonale werknemers.
Ad d: De vraag of er sprake zal zijn van overlast ‘over en weer’ is in de plantoelichtng op ruimtelijk relevante aspecten getoetst. Hierbij is beoordeeld of de huisvestngslocate in de milieuzone van de maximaal mogelijke invulling van bedrijfsbestemmingen is gelegen en zo ja, wat de feitelijke invulling van de bedrijfsbestemming is en of betrefend bedrijf gelet op de omgeving en de daarin aanwezige functes op dit moment uitbreidingsmogelijkheden heef. Voor reclamanten onder ‘1’ is aangetoond dat er geen sprake is van conficterende milieubelangen in de vorm van een beperking van uitbreidingsmogelijkheden van betrefende bedrijven danwel in de vorm van onaanvaardbare milieuhinder als gevolg van bedrijfsmatge actviteiten ten opzichte van de huisvestngslocate. De logieseenheden en beheerderswoning zijn getoetst aan de geluidsbelastng van omliggende wegen; hieruit bleek dat de berekende geluidbelastng ten opzichte van de beheerderswoning ten gevolge van het wegverkeer op de Nijmeegseweg), Hakkesstraat, Hendrikkenhofstraat en de L.J.Costerstraat ten hoogste 48 dB bedraagt. Ten gevolge van het wegverkeer op de A67 bedraagt de geluidbelastng ten hoogste 53 dB. De voorkeurswaarde (48 dB) uit de Wet geluidhinder wordt weliswaar overschreden maar de maximale onthefngswaarde (53 dB) wordt wel gerespecteerd.
Uit een aanvullend onderzoek naar de geluidwering van de gevel zal moeten blijken of de vereiste karakteristeke geluidwering van de gevel voldoet aan de eisen uit het Bouwbesluit en kan middels een ‘toekenning van hogere waarde’ een goed woon- en leeflimaat in de woning worden bereikt. Voor de logiesgebouwen geldt dat de berekende geluidbelastng ten gevolge van het wegverkeer op de Nijmeegseweg, Hakkesstraat en de L.J.Costerstraat eveneens ten hoogste 48 dB bedraagt. De voorkeurswaarde uit de Wet geluidhinder wordt gerespecteerd. Ten gevolge van het wegverkeer op de Hendrikkenhofstraat bedraagt de geluidbelastng ten hoogste 49 dB (dit geldt dus alleen voor de gebouwen aan de zijde van de Hendrikkenhofstraat). De voorkeurswaarde (48 dB) uit de Wet geluidhinder wordt overschreden maar de maximale onthefngswaarde (63 dB) wordt wel gerespecteerd. Ten gevolge van het wegverkeer op de A67 bedraagt de geluidbelastng ten hoogste 8
53 dB. De voorkeurswaarde (48 dB) uit de Wet geluidhinder wordt niet gerespecteerd. Echter de maximale onthefngswaarde (53 dB) wordt wel gerespecteerd. Ondanks het feit dat de huisvestng van internatonale werknemers conform de Wet geluidhinder niet als een geluidgevoelig object wordt beschouwd, waardoor het verlenen van een hogere waarde niet van toepassing is, zal wel aandacht zijn voor extra geluidsisolate van betrefende logiesverblijven. Door de logiesverblijven als permanente gebouwen te realiseren is het geluidluw uitvoeren van de gevels beter te verwezenlijken dan ingeval er gekozen zou zijn voor tjdelijke woonunits. Het aspect ‘sociale veiligheid’ is niet eenvoudig te meten. Door de internatonale werknemers op een deskundig beheerd park te huisvesten, zal de controle maximaal zijn. De parkmanager is 24 uur per dag en 7 dagen per week aanwezig en voor bewoners en omwonenden bereikbaar. Bij ongewenste situates zal er direct opgetreden worden. Exploitant voert een streng beleid waarbij geldt dat bewoners die zich niet conform de verwachtngen van exploitant gedragen, ook verwijderd zullen worden van het park. Het is zeker ook voor exploitant van groot belang dat er geen klachten uit de omgeving komen en er een voor allen leefare situate is en blijf.
Het voorzien in een centrale ontmoetngsruimte ten behoeve van onder andere het geven van taalonderwijs, ftnessruimte, wasserete, en een recepte en het voorzien in voldoende parkeergelegenheid en een goede ontsluitng zorgt voor het beperken van het doelloos rondhangen op het bedrijventerrein. Verder is het een pré dat binnen loopafstand van 750 meter winkels aanwezig zijn voor de eerste levensbehoefe. Niet valt in te zien waarom deze internatonale werknemers zich anders zouden gedragen dan ieder ander; hiermee is niet gezegd dat er nooit hinder zal zijn, maar wel dat deze niet anders zal zijn dan van andere personen.
Ad e: Voor de beantwoording van de vraag of de panden op de Noorderpoort daadwerkelijk minder waard worden door de voorgenomen ontwikkeling, gelden andere procedures waarvoor het belanghebbenden vrij staat om op het daarvoor geschikte moment een gemotveerd verzoek tot vergoeding van planschade in te dienen bij het bevoegd gezag.
Ad f: Het bestemmingsplan ziet op de realisate van een resomeercentrum (op het moment dat de wetgeving dit mogelijk maakt) en de tjdelijke huisvestng van internatonale werknemers . Andere woonvormen kunnen slechts na een vergunning voor het afwijken van de gebruiksregels mogelijk worden gemaakt, waarbij aan bepaalde voorwaarden moet worden voldaan. Indieners van de zienswijze geven aan dat als gevolg van de krapte op de woningmarkt, de kans groot is dat de huisvestng permanenter zal worden dan nu voorzien. Op dit moment is de economische situate zo, dat de bedrijven in de regio Venlo steeds sneller moeten leveren heef tot gevolg dat er dus meer mensen nodig zijn om het werk gedaan te krijgen. Werk waarvoor binnen de regio geen autochtonen beschikbaar of bereid zijn. De internatonale werknemers die de regio daardoor nodig heef, verdienen een goede huisvestng. Onderhavige locate is één van de vele plekken waar deze kwalitatef goede accommodates gerealiseerd kunnen worden. Hoe meer van deze locates er zijn, des te minder zou de druk op de reguliere woningmarkt moeten zijn. 9
Conclusie: Deze zienswijze geef geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan.
10
2: Reclamant 4: a b c d e f g h
Er is nog geen exploitant voor het resomeercentrum Onvoldoende onderscheid parkeren resomeercentrum en huisvestng internatonale werknemers Niet-controleerbare interne toegankelijkheid huisvestngslocate naar herdenkingspark ongewenst Noodzaak short-stay-huisvestng vindt basis niet in Etl-onderzoek, dat gaat over 24/7inzet. Noodzaak zal afnemen agv weerstand tegen verdozing Uitsluiten van wijziging naar permanente bewoning na termijn van 10 à 15 jaar is niet redelijk, doch permanente huisvestng belemmert omliggende bedrijven. Daarom: gebruik van verplaatsbare woonverblijven van hoge kwaliteit. Parkbeheerder alleen bevoegd binnen grens van park; daarbuiten bevoegdheid polite en probleem voor omwonenden; concentrates leidt tot overlast, dus niet wenselijk. Spreiding is beter. Door gebrek aan binding agv korte verblijfstjd en korte afstand tot winkelcentrum -> meer criminaliteit, winkeldiefstallen, vandalisme en ongewenst gebruik van herdenkingspark (hangplek) Omgevingsdialoog onvoldoende en niet transparant en onduidelijk wie wel en wie niet betrokken is
Ad a: Het bestemmingsplan voor zover dit betrekking heef op het resomeercentrum, is afgestemd op de noodzakelijke voorzieningen die voor elke exploitant passend zouden moeten zijn; hiermee is geantcipeerd op de wensen van eender welke exploitant en er zijn geen onwerkbare voorwaarden opgenomen.
Ad b: In beginsel is het aantal parkeerplaatsen binnen de huisvestngslocate ruim voldoende. Het aanleggen van nóg meer parkeerplaatsen is ruimtelijk gezien niet gewenst omdat deze voornamelijk ongebruikt zullen zijn. Ingeval dat er om welke bijzondere reden dan ook tóch een tekort aan parkeerplaatsen binnen de huisvestngslocate mocht zijn, dan is het gebruik van vrije parkeerplaatsen bij het resomeercentrum op momenten dat er geen bijeenkomsten zijn, geen bezwaar. Het is aan de betrefende ondernemers zelf of en hoe men hieraan uitvoering wenst te geven. Primair echter, is het gebruik van parkeergelegenheid over en weer geen noodzakelijkheid om te kunnen voldoen aan de parkeernorm, zoals blijkt uit paragraaf 4.4 van de plantoelichtng.
Ad c: De toegankelijkheid van het herdenkingspark vanuit de huisvestngslocate is ingegeven uit oogpunt van veiligheid en is een vereiste van de Veiligheidsregio Limburg Noord; deze opening moet geschikt zijn voor hulpdiensten die van meerdere zijden het park moeten kunnen bereiken. De verder vaste afscheiding tussen beide functes dient om de rust en sereniteit binnen het herdenkingspark te garanderen. De doorgang voor de bewoners is bedoeld voor diegenen die ook die 11
rust zoeken, evenals de overige inwoners van Venlo dat doen. Door toegang binnendoor te faciliteren, wordt voorkomen dat er langs de openbare weg gelopen hoef te worden, hetgeen minder verkeersveilig is.
Ad d: Dat de noodzaak voor short-stay-huisvestng niet zijn basis vindt in het aangehaalde Etl-onderzoek, dat gaat over 24/7-inzet, is onjuist. Het onderzoek maakt geen onderscheid in short-stay en long-stay maar onderzoekt de noodzaak aan personeel van buiten Nederland, om het personeelstekort op te vullen. In het onderzoek wordt de toekomstge arbeidsmarktsituate en behoefe aan internatonale werknemers in Noord-Limburg beschreven en geanalyseerd. De internatonale werknemers starten veelal als short-stayer en afankelijk van hun eigen wensen om langer in Noord-Limburg te verblijven kunnen ze als long-stayer blijven en moeten ze zich op termijn op de reguliere woningmarkt gaan begeven. Het extreme personeelstekort zoals zich dat op dit moment zeer nadrukkelijk manifesteert, geef geenszins aanleiding om te vermoeden dat er over 10 à 15 jaar minder arbeidsmiganten noodzakelijk zijn, ook al is er weerstand tegen verdozing en is er steeds meer sprake van robotsering. Robotsering is al tentallen jaren aan de gang, zonder dat dit een negatef efect heef op de noodzaak van inzet van internatonale werknemers.
Ad e: Reclamant pleit voor het gebruik van verplaatsbare woonverblijven van hoge kwaliteit, omdat daarmee wordt voorkomen dat er na een termijn van 15 jaar toch een begrijpelijke wijziging naar permanente bewoning plaats zal vinden, welke permanente huisvestng omliggende bedrijven belemmert. Het verplaatsen van bebouwing is in theorie altjd mogelijk, maar is niet aan de orde bij dit initatef. De kosten van de aanleg van de infrastructuur zijn hoog en het zou zonde van de investering zijn en niet duurzaam als het gebruik voor een korte periode is. De praktjk laat zien dat verplaatsbare woonverblijven (denk aan stacaravans of woonunits zoals gebruikt worden op bouwlocates) niet de esthetsche hoge kwaliteit kunnen benaderen als initatefnemer voorstaat en met die verplaatsbare units kan ook onvoldoende woon- en leeflimaat in ruime zin gegarandeerd worden. Het zorg dragen voor bebouwing van hoogwaardige kwaliteit zal ook efect hebben op de manier waarop op het park geleefd wordt en de verantwoordelijkheid die de bewoners zelf zullen nemen om de woningen en omgeving ook verzorgd te houden. Dat heef dan ook weer zijn weerslag op de beleving van omwonenden van de huisvestngslocate.
Ad f : Het klopt inderdaad dat de parkbeheerder alleen bevoegdheden ten aanzien van beheer en ordehandhaving heef binnen grens van park en dat daarbuiten de bevoegdheden bij de polite liggen, waarbij ingeval van problemen omwonenden aan de bel zullen moeten trekken. Grote concentrates van internatonale werknemers leidt volgens reclamanten tot getovorming, diefstal, vandalisme en overige overlast, en is dus niet wenselijk. Spreiding is beter. 12
Primair is het zo dat in Venlo en de verdere regio een mix is van grote locates voor huisvestng van internatonale werknemers, middelgrote locates en de kleine locates waarbij reguliere woningen worden ingezet voor het huisvesten van 4-8 personen (afankelijk van de omvang van de woning). Elke vorm van huisvestng heef voor- en nadelen: Het is in deze tjd van krapte op de woningmarkt niet wenselijk dat er reguliere gezinswoningen aan de woningmarkt worden ontrokken voor de huisvestng van short-stay internatonale werknemers. Voor integrate zou dit wel het beste zijn, hoewel de praktjk leert dat omwonenden hieraan niet altjd de voorkeur geven. Ook de visie van omwonenden bij middelgrote opvanglocates is niet overwegend positef; deze locates (vaak herstructureringslocates of leegstaand vastgoed waarvoor geen andere bestemming kan worden gevonden) liggen vaak midden in een dorpskern, waarbij ook de verkeersproblematek een op te lossen probleem kan vormen. Om, naast de kleine en middelgrote locates, ook grotere groepen te kunnen voorzien van tjdelijke huisvestng, dient op plekken waar dit vanuit planologisch en maatschappelijk oogpunt op de minste weerstand en problemen stuit en dus het meest wenselijk en aanvaardbaar is, de huisvestng van een grotere groep vorm te krijgen. Het aantal potenteel gehinderde bewoners ligt hier immers lager dan in een woonwijk.
Door met degelijk parkmanagement te werken en ervoor te zorgen dat er een beheerder is die 24/7 voor iedereen bereikbaar is, zou het zelden nodig moeten zijn de assistente van gemeente of polite in te roepen. De parkbeheerder is danwel slechts bevoegd om op het park op te treden, maar de internatonale werknemers zijn op de hoogte van de strenge parkregels van exploitant die het exploitant mogelijk maken om personen die overlast binnen of in de omgeving van het terrein veroorzaken, permanent van het park te verwijderen. Immers, het is ook in het belang van exploitant om een goede verstandhouding met omwonenden en in de omgeving gelegen bedrijven te houden, en zich als een goed beheerder te gedragen. Op andere locates die in eigendom zijn van exploitant gebeurt dit op dezelfde wijze.
Ad g: De internatonale werknemers zullen zich in zijn algemeenheid net zo weinig schuldig maken aan (winkel)diefstal of vandalisme als reguliere bewoners van Venlo. Uit cijfers van het CBS blijkt namelijk dat in 2021 0,8 procent van de inwoners met een westerse migrateachtergrond verdacht werd van een misdrijf en met een Nederlandse achtergrond 0,6 procent. Uit de cijfers is sinds 2011 een halvering van de percentages waar te nemen. Tevens blijkt dat de mensen met een Nederlandse achtergrond zich vaker schuldig maken aan zwaardere criminaliteit dan mensen met een westerse en niet-westerse migrateachtergrond. Onder personen met een westerse migrateachtergrond gaf in 2019 15,7 procent aan slachtofer te zijn geweest van veelvoorkomende criminaliteit, zoals gewelds-, vermogens- of vandalismedelicten. Bij mensen met een Nederlandse achtergrond betrof dit 13,1 procent. Ten opzichte van 2013 is het aantal slachtofers met gemiddeld 25% gedaald. Hieruit wordt geconcludeerd dat in zijn algemeenheid internatonale werknemers met een westerse achtergrond zich niet signifcant vaker schuldig maken aan criminaliteit dan mensen met een Nederlandse achtergrond. Ze zullen eerder leiden tot een grotere omzet van winkels in de nabije omgeving. Het wordt juist ook positef ervaren dat de afstand tot de primaire (winkel)voorzieningen te belopen is.
Het valt niet in te zien waarom er ingeval van een nete, goed onderhouden leefomgeving van hogere kwaliteit dan 13
gemiddeld, voor de internatonale werknemers reden zou zijn zich zodanig te gedragen dat dit meer overlast tot gevolg zou hebben dan de vaste inwoners doen.
Ad h: De omgevingsdialoog is in eerste instante ingezet in 2018. Normaliter wordt een grens getrokken, buiten welke de impact van een project niet meer aannemelijk is. De kring van benaderden is dus afankelijk van de omvang van het project. De omgevingsdialoog wordt aangegaan door initatefnemer van een project; het verslag van de omgevingsdialoog wordt ter kennis gebracht van het bevoegd gezag (college en gemeenteraad). Op dit moment is het voeren van de omgevingsdialoog vormvrij en ter uitvoering door initatefnemer. De gemeente Venlo is hier niet anders in betrokken dan het betrekken van de reactes in de besluitvorming.
Ten tjde van de corona-periode in april 2021 heef en tweede ronde plaatsgevonden betrefende de omgevingsdialoog. Daarvoor is door initatefnemers ook een website in het leven geroepen, waarop inhoudelijke informate is gepubliceerd. Dit heef geleid tot diverse schrifelijke reactes en meerdere gesprekken, waarbij op verzoeken vanuit ‘t Ven bewonersgroepen uit ’t Ven betrokken zijn, maar ook de ondernemersvereniging Venlo en de ondernemersvereniging Noorderpoort. Initatefnemers hebben betrefende inbreng en de reacte hierop ter kennis gebracht van deelnemers eind augustus 2021
Vanwege de vragen in het bijzonder vanuit ’t Ven heef in februari 2022 door de gemeente nog aanvullend een informatedag plaatsgevonden, waarbij de initatefnemers aanwezig waren en informate hebben verstrekt Het initëren van een informatemarkt door de gemeente Venlo had hoofdzakelijk een informatef/beeldvormend doel en er is, vanuit het algemeen belang bezien, een redelijke afakening geweest van genodigden. Ergens moet een grens worden getrokken en hoe groter de groep, hoe minder het mogelijk is om gesprekken te voeren. De gemeente ziet de informatemarkt los van de omgevingsdialoog. Deze is opgezet naar aanleiding van opmerkingen van bewoners en werkgroep ’t Ven dat niet alle inwoners van ’t Ven op de hoogte zijn van het initatef en dat mensen met vragen omtrent een beperkte beeldvorming ziten. Hierbij is uiteindelijk de gehele wijk ’t Ven en het bedrijventerrein uitgenodigd om deel te nemen aan de informatemarkt. Vragen die in verband met tjdgebrek niet gesteld konden worden, konden per mail voorgelegd worden. Van deze mogelijkheid is ook gebruik gemaakt en die vragen zijn beantwoord. De wetgeving waarnaar reclamanten verwijzen, heef nog geen rechtskracht; in alle redelijkheid kan ook niet hierop gewacht worden en eerst een partcipateverordening worden vastgesteld, waarna deze procedure opnieuw gevoerd zou moeten worden.
De Wet Versterking partcipate heef overigens betrekking op al het beleid van de gemeente. De (toekomstge) Omgevingswet en de eisen aan het partcipatebeleid raken alleen het beleid over de fysieke leefomgeving; hiermee wordt gedoeld op het formaliseren van de omgevingsdialoog, zoals deze tot nu toe gevoerd is.
14
De opmerkingen vanuit de omgeving in de omgevingsdialoog als bij de zienswijze-inbreng liggen redelijk in elkaars verlengde. Dat ondersteunt het beeld dat de omgeving hun inbreng in voldoende mate heef kunnen leveren. Onderkend wordt dat waar een deel van de omgeving zich uitsprak tegen de komst van de beoogde actviteiten, dit niet geleid heef tot intrekking of substantële verkleining van het plan. De ruimtelijke onderbouwing behorend bij het bestemmingsplan geef daar -specifek op de diverse onderdelen- de moteven voor. Daarbij geldt, dat initatefnemers hun plannen hebben ontwikkeld in goed overleg met het gemeentebestuur op basis van door de gemeente ontwikkeld beleid. Overigens is het uiteindelijk vaststellen van het bestemmingsplan de bevoegdheid van de gemeenteraad. Onder andere via raadsinformatebrieven is de gemeenteraad in dit voortraject contnu op de hoogte gehouden van de ontwikkeling.
Conclusie: Deze zienswijze geef geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan.
15
3: Reclamant 5: a b c d e f
Categorie 4.2-inrichtng toegestaan en aanwezig. Belemmert ontwikkeling het bedrijf niet en kan dit gegarandeerd worden? Kan inzichtelijk worden gemaakt dat bijzondere woonvormen (afwijkingsbevoegdheid) evenmin tot belemmeringen voor bedrijven leidt? Garantes omtrent verkeersveiligheid Vaste of fexibele recreateve vervoersbewegingen? Tegenspraak in teksten Fiets- en voetgangersverkeer niet in beeld gebracht Geen risicoberekeningen uitgevoegd ivm toegenomen personendichtheid
Ad a: Reclamant geef te kennen een bedrijf te exploiteren waarbij hij bang is in zijn ontwikkelingsmogelijkheden belemmerd te worden door de huisvestngslocate. Binnen het plangebied van bedrijventerrein Veegtes, zijn bedrijven toegestaan tot categorie 4.2. Ingeval van een gemengd gebied dient van een richtafstand van 200 m te worden uitgegaan. Binnen die richtafstand tot aan de huisvestng voor internatonale werknemers bevindt zich ook het bedrijf van reclamant, te weten ECOR Europe. Het vervangt gifige, niet-recyclebare materialen door schone, duurzame alternateven, door het verwerken van bio-based vezels die anders als afval worden beschouwd en creëert nieuwe, volledig recyclebare producten. Dit betref een bedrijf dat past binnen de categorie papier- en kartonfabriek (SBI-code (2008) 1712) – 3t/u, en valt daarmee onder milieucategorie 3.1, waarbij een richtafstand hoort van 50 meter, welke ingeval van een dynamische omgeving één afstandsstap lager kan worden aangehouden (te weten 20 meter). Deze afstand wordt zonder meer gehaald ten opzichte van de nieuwe ontwikkeling.
Er moet echter voor dit bedrijf geconstateerd worden dat grenzend aan het bedrijfsperceel van ECOR al een burgerwoning is gesitueerd en binnen de vigerende maatschappelijke bestemming binnen het gebied ten westen van de Hendrikkenhofstraat een kinderdagverblijf aanwezig mocht zijn (en feitelijk ook aanwezig was). Binnen de maximale richtafstand van 200 meter uitgaande van de maximaal toegestane milieucategorie, bevinden zich nog meer functes welke als milieugevoelige functes meegewogen moeten worden op het moment dat ECOR tot uitbreiding over zou willen gaan. De nieuw te realiseren beheerderswoning bevindt zich op grotere afstand dan de overige bestaande milieugevoelige functes en bestemmingen. Logischerwijs kan derhalve worden geconcludeerd dat, nu de milieubelastng op betrefende woningen voldoet aan de milieuregelgeving, dit eveneens het geval moet zijn ter plaatse van de dichtstbij te projecteren logiesgebouwen voor internatonale werknemers, welke op meer dan 80 m uit het bouwvlak van ECOR komt te staan, in vergelijking met de burgerwoning aan de Simon Stevinstraat. Verder is in het kader van het bestemmingsplan Bedrijventerrein Veegtes in 2012 in de Nota industrielawaai Veegtes de geluidruimte vastgesteld die voor het bedrijf op basis van het bestemmingsplan beschikbaar is. In die beleidsnotte is voor Ecor een bronvermogen per m² opgenomen van 65 dB(A).
Dit bronvermogen is gebaseerd op de milieucategorie (4.2) die volgens het bestemmingsplan op deze locate is toegelaten. Het initatef voor de huisvestng van internatonale werknemers heef hier geen invloed op. Het beperkt de geluidruimte uit de nota industrielawaai niet. Daarnaast kan worden gesteld dat bij de huisvestging van internatonale werknemers nabij 16
locate Albertushof sprake is van tjdelijke bewoning in de vorm van short-stay. Bij short-stay gaat het om een groep internatonale werknemers die niet de intente heef om voor een langere tjd te blijven. Deze groep heef behoefe aan een tjdelijke woonvoorziening en kan daarvoor niet terugvallen op de reguliere woningmarkt. Tijdelijke bewoning in de vorm van short-stay wordt niet aangemerkt als een geluidgevoelige functe en daarom is deze huisvestngsvorm niet van invloed op de bedrijfsvoering van Ecor. Opgemerkt dient te worden dat de beheerderswoning op het terrein wel als geluidgevoelig moet worden aangemerkt. Alhoewel ook de komst van de beheerderswoning geen gevolgen heef voor de, voor het bedrijf gereserveerde geluidruimte (65 dB(A)/m²), is wel onderzocht of deze woning gevolgen heef voor het bedrijf in het kader van het Actviteitenbesluit milieubeheer. Op basis van de in de nota industrielawaai gereserveerde geluidruimte van 65 dB(A)/m² is de geluidbelastng op de beheerderswoning bepaald. Uit deze berekening is gebleken dat de geluidbelastng, als gevolg van de afstand en de afschermende werking van bedrijfsgebouwen minder dan 40 dB(A)-etmaalwaarde bedraagt. Gezien de geluidnorm in het Actviteitenbesluit van 50 dB(A)etmaalwaarde waaraan voldaan dient te worden kan derhalve worden geconcludeerd dat ook voor wat betref de beheerderwoning geen belemmeringen voor Ecor optreden.
In het kader van het bestemmingsplan worden geen eisen gesteld aan de geluidspieken. In het Actviteitenbesluit zijn wel normen opgenomen ter voorkoming van hinder door pieken. De norm 70 dB(A)-etmaalwaarde zal op de beheerderswoning vanwege de afstand en de afschermende werking van de bedrijfsgebouwen niet in het geding komen. De normen gelden niet voor de units van de internatonale werknemers. Hieruit kan geconcludeerd worden dat de plantoelichtng met de aanwezigheid van het bedrijf ECOR dient te worden aangevuld, maar dit geen belemmeringen over en weer tot gevolg heef en dat zonder meer gesteld kan worden dat ECOR niet extra in haar bedrijfsvoering zal worden belemmerd. De milieuzonering rond ECOR staat het project derhalve niet in de weg.
Ad b: Verder wordt opgemerkt dat het op voorhand duidelijk moet zijn dat aan de voorwaarden om via een wijzigingsbevoegdheid bijzondere woonvormen toe te staan, kan worden voldaan. Bij nieuwe ontwikkelingen die nog niet geheel duidelijk zijn bij het opstellen van het bestemmingsplan kan gekozen worden voor het opnemen van een wijzigingsbevoegdheid in het bestemmingsplan. De wijzigingsbevoegdheid mag geen structurele wijzigingen van het bestemmingsplan mogelijk maken. De haalbaarheid van een wijzigingsbevoegdheid moet in het bestemmingsplan aangetoond worden. Dit is anders dan ingeval van het opnemen van een afwijkingsbevoegdheid in het bestemmingsplan, waarbij (zoals in casu) de mogelijkheid is opgenomen om in beperkte mate af te wijken van het plan en welke afwijkingsbevoegdheid niet mag leiden tot een bestemmingswijziging. Bij deze bevoegdheden moeten ruimtelijk relevante voorwaarden opgenomen worden, die objectef toetsbaar zijn. Het gaat in het algemeen om kleine afwijkingen, waarvan de haalbaarheid eenvoudig is aan te tonen of niet nodig is, aangezien het om een beperkte afwijking gaat.
17
Aan de afwijkingsbevoegdheid zijn voorwaarden gekoppeld welke voldoende concreetheid hebben in verband met de rechtszekerheid van belanghebbenden: a. het gebruik van de gronden ten behoeve van huisvestng van internatonale werknemers geheel is beëindigd; -> concreet b. er geen sprake is van reguliere, permanente bewoning; -> concreet c. wordt voldaan aan het op het moment van de omgevingsvergunningaanvraag geldende gemeentelijk ruimtelijk en volkshuisvestelijk beleidskader; -> concreet d. ter onderbouwing van de noodzaak van het gebruik voor een bijzondere woonvorm een behoefeonderzoek wordt overlegd; -> concreet e. er geen milieuhygiënische belemmeringen zijn; -> voldoende concreet f.
het gebruik niet leidt tot onevenredige aantastng van gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van de naastgelegen percelen; -> concreet
g. parkeren geheel op eigen terrein wordt voorzien; -> concreet h. het gebruik geen onaanvaardbare gevolgen mag hebben voor de verkeersafwikkeling. -> concreet
Het afwijken van het gebruik voor huisvestng van internatonale werknemers naar het gebruik voor andere, niet-reguliere en niet-permanente woonvormen heef slechts een beperkte impact op de verkeersafwikkeling, een beperkte milieuhygiënische impact waarbij het behoefeonderzoek primair voor het bevoegd gezag van belang is, maar ervan mag worden uitgegaan dat als aan een ontwikkeling geen behoefe is, een initatefnemer die nieuwe ontwikkeling ook niet in gang zal gaan zeten.
Ad c, d en e: In het verkeerskundig onderzoek zoals uitgevoerd door Kragten BV is de bestaande situate (omstreeks 2019) en de situate in 2030 in beeld gebracht, primair zonder meerekening van onderhavig initatef. In het ontwikkelgebied wordt huisvestng voor maximaal 768 internatonale werknemers mogelijk gemaakt. Het woon-werkverkeer wordt verzorgd door 10 kleine busjes (maximaal 10 personen/bus) en 130 personenauto's. Bij de verkeersberekening voor de toekomstge situate is uitgegaan van een worst-case-scenario wanneer alle busjes en auto's tjdens de ochtendspits vertrekken en tjdens de avondspits terugkeren. Dit houdt in dat 's ochtends 10 busjes en 130 auto's het industrieterrein verlaten in de richtng van de snelweg en 's avonds terugkeren; voorzover sprake is van fexibele werktjden, worden deze pieken genivelleerd. De verkeersstroom van werknemers die op de bedrijventerreinen Veegtes en Noorderpoort werken, is tegengesteld aan die van de internatonale werknemers. Dit zorgt voor een goede verdeling van de hoeveelheid verkeer op de Hakkesstraat. De invloed van de nieuwe verkeersbewegingen zal in omvang beperkt blijven. Tijdens de spits is sprake van een toename van maximaal 140 extra vervoersbewegingen op het kruispunt Nijmeegseweg18
Hakkesstraat, hetgeen in totaal weinig verschil zal maken met de huidige verkeersbewegingen op het kruispunt. Voor zogenaamde vrijetjdsverplaatsingen, zoals boodschappen doen, sporten en recreëren, zal voornamelijk de zuidelijke ontsluitng via de Laurens Janszoon Costerstraat gebruikt worden. Dit voorkomt extra druk op het kruispunt Nijmeegseweg-Hakkesstraat. Bovendien worden de recreateve vervoerbewegingen grotendeels gemaakt buiten het spitsuur, waardoor deze vrijetjdsverplaatsingen geen invloed hebben op de capaciteit van het kruispunt NijmeegsewegLaurens Janszoon Costerstraat. Werknemers die overdag werken, zullen vooral in de vroege avonduren hun ‘vrijetjdsverplaatsingen’ doen. Voor werknemers die in de nacht hebben gewerkt, zal dit waarschijnlijk in de middag zijn. Een en ander is uiteraard ook afankelijk van het jaargetjde (valt de avond vroeg in of is het lang licht?) en van de op eigen terrein aangeboden faciliteiten. Het is in zijn algemeenheid een feit dat woon-werkverkeer voornamelijk in de spits plaatsvind, en vrijetjdsverkeer verspreid over de dag, met een grotere druk in de namiddag/vroege avond. Dit is niet alleen afankelijk van werktjden, maar ook van openingstjden van bijvoorbeeld sportcentra of cursuslocates.
De kortste weg tussen de Hendrikkenhofstraat een het Trefcentrum en de omliggende winkels is geheel voorzien van een verhoogd trotoir; langs de Laurens Janszoon Costerstraat ligt een fetssuggestestrook. Bij normaal gebruik van trotoir en fetsvoorziening door de internatonale werknemers enerzijds, en het gebruik van de weg door automobilisten en vrachtwagenchaufeurs zou de verkeersveiligheid niet in het geding hoeven zijn. Als elke internatonale werknemer dagelijks 1x per 12 uur met de fets of te voet richtng winkelcentrum zou gaan, dan zou dit 2 bewegingen per minuut met zich meebrengen. De ervaring leert dat niet elke internatonale werknemer elke dag naast het werk dergelijke verkeersbewegingen maakt, temeer niet nu initatefnemer er zorg voor draagt dat ook op eigen terrein (binnen de huisvestngslocate) voldoende actviteiten ondernomen kunnen worden.
Voor het resomeercentrum geldt dat er alleen maar relevante verkeerbewegingen per auto zijn. Ervan uitgaande dat de reikwijdte van het resomeercentrum in het vroege stadium zeer groot is door de beperkte hoeveelheid aan resomeercentra in Nederland en in Duitsland, is gerekend met het maximaal aantal verkeersbewegingen per plechtgheid van 292 per dag. Het verkeer zal voornamelijk van de A67 komen en via de Nijmeegseweg de Hakkesstraat bereiken. De verkeersbewegingen zullen voornamelijk buiten de spits plaatsvinden hetgeen extra verkeer tjdens de piekmomenten voorkomt.
Ad f: Bij het ontwerp-bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat is een bijlage gevoegd (nummer 13) inhoudende de ‘Verantwoording groepsrisico bestemmingsplan Albertushof te Venlo’. Deze is specifek voor onderhavig project uitgevoerd omdat er sprake is van een toenemende personendichtheid binnen het invloedsgebied van risicobronnen. Op 28 februari 2020 heef de Veiligheidsregio Limburg-Noord advies hierover uitgebracht en is geconstateerd dat de beschouwde risicobronnen in relate tot de plannen kunnen leiden tot ongevallen met grote gevolgen voor de omgeving die voor hulpverleningsdiensten lastg beheersbaar zijn, maar dat de geadviseerde maatregelen de zelfredzaamheid in het plangebied bevorderen en de 19
efecten van ongevallen sterk kunnen reduceren tot een omvang die beter beheers- of bestrijdbaar wordt geacht door de hulpverleningsdiensten. Het trefen van de maatregelen welke in de verantwoording van het groepsrisico zijn opgenomen en verder door de Veiligheidsregio op enkele punten zijn aangevuld leiden tot de conclusie dat er geen sprake is van een onaanvaardbaar risico; het uitvoeren van een ‘berekening’ is niet noodzakelijk om tot deze conclusie te kunnen komen.
Conclusie: Deze zienswijze geef aanleiding tot aanvullen van de toelichtng op het bestemmingsplan met de toevoeging in paragraaf 5.2.4 dat aan de oostzijde van de Hendrikkenhofstraat bedrijven tot de milieucategorie 3.2 en op grotere afstand tot 4.2 zijn toegestaan, doch dat de aldaar aanwezige bedrijven in combinate met de reeds bestaande beperkingen (milieugevoelige functes) die op kortere afstand van betrefende bedrijven aanwezig zijn, door het nieuwe initatef niet verder in hun uitbreidingsmogelijkheden worden beperkt.
20
4: Reclamant 7 en 14: a b c d e f g
h i j k l m n o p q r S t u v
Geen sprake van integrale afwegingen maar postzegelplanologie Teveel belastende functes rondom woonwijk ‘t Ven Moeizame communicate in voortraject/omgevings’dialoog’ en benaderde (groep van) personen lijkt willekeurig Bij informatemarkt kon werkgroep ’t Ven geen verhaal doen; gemeente faciliteert initatefnemer; velen niet uitgenodigd. Met gemeente zijn geen gesprekken gevoerd; andere houding verwacht, gelet op impact. Voorsorteren op Wet versterking partcipate en partcipateverordening opstellen Gemeenteraad had betrokken moeten worden in besluitvorming Alternatevenonderzoek niet neergelegd in rapport met ‘kansen en bedreigingen’ Voor huisvestng internatonale werknemers: Hoofdkantoor OCE Urbanusweg Recreatepark Arcen (huidige locate) Keulse Barrière Locates op Greenport Voor resomeercentrum: Natuurbegraafplaats Venlo-Maasbree Wylrehofstraat Venlo Blerickse Bergen Molendijk Velden Wet op de lijkbezorging maakt resomeren nog niet mogelijk Eerst onderzoek naar huisvestngslocates en daarna besluitvorming over locate ‘Albertushof’. Eén en dezelfde wethouder zou niet beide trajecten in portefeuille mogen hebben Geen integrale afwegingen gemaakt in vormvrije m.e.r.-beoordeling; slechts autonome afwegingen. Ontwikkelingen in huidige plan zijn niet meegenomen.
Getovorming leidt tot problemen Initatef is in strijd met authentciteit en rust van het gebied Rechtsonzekerheid in relate tot bestemmingsplan Veegtes Wat wordt verstaan onder ‘bijzondere woonvormen’? een AZC bijvoorbeeld? Huisvestng is niet permanent noodzakelijk wegens neergaande economie; bestemming Wonen niet stedenbouwkundig onderbouwd. Wonen naast resomeren is ongelukkige keuze. Ecologische schakels behouden; ecologisch onderzoek is onvoldoende (marterachtgen zijn niet onderzocht) Stkstofonderzoek niet correct (belang natuur en bewoners) Verkeersstudie gebaseerd op gegevens uit 2017 (nieuwe ontwikkelingen niet meegenomen); heef tevens efect op geluid, stkstof, fjnstof Internatonale werknemers doen boodschappen in Duitsland; geen rekening gehouden met verkeer door de kern. Bij resomeercentrum meer diensten per dag, blijkt uit navraag bij crematorium, dus meer verkeer; geen rekening gehouden met illegale parkeerplaatsen van vrachtverkeer; ‘sluiproute’ via woonwijk ’t Ven richtng Nijmeegseweg of A67 Capaciteit riolering onvoldoende Archeologische waarden moeten behouden blijven
21
Ad a: Uit het feit dat voor onderhavige ontwikkeling een specifek bestemmingsplan is opgesteld, volgt niet dat er sprake is van ‘postzegelplanologie’ in de zin dat er geen sprake is van integraal denken en handelen. Zoals bij de beantwoording van zienswijze 1 ook al aan de orde is gekomen, is bij de keuze van grootschalige huisvestngslocates rekening gehouden met de ervaring uit de praktjk dat omwonenden zich zorgen maken over dergelijke huisvestng, hetgeen ook uit zienswijze 4 duidelijk naar voren komt. De regio Noord-Limburg en dus ook Venlo kent zeer veel kleine en meerdere grote huisvestngslocates (bijvoorbeeld woningen, vrijgekomen vastgoed voor iets grotere groepen, verblijfsrecreateve accommodates) waarvan er ook velen door initatefnemer worden geëxploiteerd. Elke huisvestngslocate heef echter ook z’n uitdagingen en beperkingen in de wenselijkheid. Zo heef de overheid het standpunt dat verblijfsrecreate en huisvestng van internatonale werknemers geen gelukkige combinate is. Voor de short-stay huisvestng van 768 internatonale werknemers waarvoor onderdak gevonden moet worden, is in alle redelijkheid geen locate te vinden waarbij volstaan kan worden met 'transformate binnen bestaande bebouwingsmassa's'.
Om te voorzien in accommodates voor deze aantallen, welke ook nog moeten voldoen aan onder andere SNF-normen, duurzaamheidsaspecten en draagvlak, zal omwille van de fnanciële haalbaarheid nieuw gebouwd moeten worden. Een locate waarop een in verval geraakt gebouw aanwezig was dat hiertoe inmiddels is gesloopt, en gelegen binnen het bestaand bebouwd gebied met relatef weinig omwonenden in de directe nabijheid, is in dergelijke situate het best haalbare. Voor grootschalige huisvestng wordt steeds vaker een locate gevonden binnen de contouren van een bedrijventerrein (denk aan de locates binnen de Greenport-Klavers). Er is getoetst of en in hoeverre de logiesfuncte zich verhoudt tot omliggende bedrijvigheid en zoals uit paragraaf 5.2.4 (milieuzonering) van de plantoelichtng blijkt, worden geen omliggende bedrijven extra in hun functoneren belemmerd en hoe de ontwikkeling zich verhoudt tot overige milieuplanologische aspecten. Hoewel reclamanten, die op een afstand van (in vogelvlucht) meer dan 450 meter tot 1,6 km verwijderd wonen van het plangebied, sceptsch staan ten opzichte van de ontwikkeling onderbouwen zij niet dat er sprake is van een situate die niet past in het gebied, cq elders wenselijker moet worden geacht en er sprake is van gelegenheidsplanologie.
Ad b: Woonwijk ’t Ven wordt aan de gehele westzijde omsloten door bedrijventerrein Veegtes. Onderhavige ontwikkeling, gesitueerd aan de westzijde van voornoemd bedrijventerrein, op een afstand van ruim 650 meter van de woonwijk, maakt dit niet anders. De situering van de nieuwe huisvestngslocate ten opzichte van de aanwezige voorzieningen maakt het niet aannemelijk dat woonwijk ’t Ven een substantële impact zal ervaren door de aanwezigheid van internatonale werknemers. Voor de dagelijkse boodschappen zullen ze gebruik maken van (de omgeving van) het Trefcentrum en voor niet-dagelijkse zaken ligt het centrum van Venlo in de lijn der verwachtngen.
22
Ad c, d, e en f: De omgevingsdialoog is in eerste instante ingezet in 2018. Normaliter wordt een grens getrokken, buiten welke de impact van een project niet meer aannemelijk is. De kring van benaderden is dus afankelijk van de omvang van het project. De omgevingsdialoog wordt aangegaan door initatefnemer van een project; het verslag van de omgevingsdialoog wordt ter kennis gebracht van het bevoegd gezag (college en gemeenteraad). Op dit moment is het voeren van de omgevingsdialoog vormvrij en ter uitvoering door initatefnemer. De gemeente Venlo is hier niet anders in betrokken dan het betrekken van de reactes in de besluitvorming.
Ten tjde van de corona-periode in april 2021 heef en tweede ronde plaatsgevonden betrefende de omgevingsdialoog. Daarvoor is door initatefnemers ook een website in het leven geroepen, waarop inhoudelijke informate is gepubliceerd. Dit heef geleid tot diverse schrifelijke reactes en meerdere gesprekken, waarbij op verzoeken vanuit ‘t Ven bewonersgroepen uit ’t Ven betrokken zijn, maar ook de ondernemersvereniging Venlo en de ondernemersvereniging Noorderpoort. Initatefnemers hebben betrefende inbreng en de reacte hierop ter kennis gebracht van deelnemers eind augustus 2021
Vanwege de vragen in het bijzonder vanuit ’t Ven heef in februari 2022 door de gemeente nog aanvullend een informatedag plaatsgevonden, waarbij de initatefnemers aanwezig waren en informate hebben verstrekt Het initëren van een informatemarkt door de gemeente Venlo had hoofdzakelijk een informatef/beeldvormend doel en er is, vanuit het algemeen belang bezien, een redelijke afakening geweest van genodigden. Ergens moet een grens worden getrokken en hoe groter de groep, hoe minder het mogelijk is om gesprekken te voeren. De gemeente ziet de informatemarkt los van de omgevingsdialoog. Deze is opgezet naar aanleiding van opmerkingen van bewoners en werkgroep ’t Ven dat niet alle inwoners van ’t Ven op de hoogte zijn van het initatef en dat mensen met vragen omtrent een beperkte beeldvorming ziten. Hierbij is uiteindelijk de gehele wijk ’t Ven en het bedrijventerrein uitgenodigd om deel te nemen aan de informatemarkt. Vragen die in verband met tjdgebrek niet gesteld konden worden, konden per mail voorgelegd worden. Van deze mogelijkheid is ook gebruik gemaakt en die vragen zijn beantwoord. De wetgeving waarnaar reclamanten verwijzen, heef nog geen rechtskracht; in alle redelijkheid kan ook niet hierop gewacht worden en eerst een partcipateverordening worden vastgesteld, waarna deze procedure opnieuw gevoerd zou moeten worden.
De Wet Versterking partcipate heef overigens betrekking op al het beleid van de gemeente. De (toekomstge) Omgevingswet en de eisen aan het partcipatebeleid raken alleen het beleid over de fysieke leefomgeving; hiermee wordt gedoeld op het formaliseren van de omgevingsdialoog, zoals deze tot nu toe gevoerd is. De opmerkingen vanuit de omgeving in de omgevingsdialoog als bij de zienswijze-inbreng liggen redelijk in elkaars verlengde. Dat ondersteunt het beeld dat de omgeving hun inbreng in voldoende mate heef kunnen leveren. Onderkend wordt dat waar een deel van de omgeving zich uitsprak tegen de komst van de beoogde actviteiten, dit niet geleid heef tot intrekking of substantële verkleining van het plan. De 23
ruimtelijke onderbouwing behorend bij het bestemmingsplan geef daar -specifek op de diverse onderdelen- de moteven voor. Daarbij geldt, dat initatefnemers hun plannen hebben ontwikkeld in goed overleg met het gemeentebestuur op basis van door de gemeente ontwikkeld beleid. Overigens is het uiteindelijk vaststellen van het bestemmingsplan de bevoegdheid van de gemeenteraad. Onder andere via raadsinformatebrieven is de gemeenteraad in dit voortraject contnu op de hoogte gehouden van de ontwikkeling.
Ad g: Reclamant is van mening dat er een alternatevenrapport had moeten worden opgesteld waarbij een aantal locates als alternatef hadden moeten worden beschouwd. Echter, een aantal alternateven is zeker de revue gepasseerd. Er zijn al grootschalige huisvestngslocates op Greenport gerealiseerd en er zijn er meer in procedure. De huidige locate (Camping de Maasvallei) dient verlaten te worden, waardoor juist de noodzaak voor een andere locate moest worden onderzocht. Het hoofdkantoor van OCE ligt tegen de woonwijk aan, waardoor hier veel meer weerstand verwacht wordt dan bij onderhavige locatekeuze; ook infrastructureel is deze locate minder ideaal dan de Hendrikkenhofstraat. In het gebied Keulse Barrière is eveneens al een redelijk grootschalige huisvestngslocate voor internatonale werknemers gesitueerd in het vrijgekomen klooster Bethanië; deze locate heef wel als referente gediend voor de toe te kennen bestemming aan de Hendrikkenhofstraat.
Op dezelfde manier zijn de genoemde alternateve locates voor het resomeercentrum beschouwd, maar hebben niet geleid tot de conclusie dat betrefende locates beter of een grotere haalbaarheid hadden dan de locate aan de Hakkesstraat.
Ad h: Het is in Nederland nog niet toegestaan om resomeren toe te passen. Hiervoor is een wijziging in de Wet op de Lijkbezorging nodig. In de nieuwe Uitvaartwet (opvolger van de Wet op de lijkbezorging) die nog bekrachtgd moet worden, is resomeren opgenomen als mogelijkheid voor lichaamsbezorging naast begraven, cremeren en lichaamsdonate. De verwachtng is dat de nieuwe Uitvaartwet medio 2022 wordt bekrachtgd; als die wet wordt aangenomen is resomeren toegestaan. In Den Haag is, vooruitlopend op de nieuwe wet, al een resomator geplaatst in afscheidshuis Nieuw Eykenduynen, de eerste humane resomatemachine van Nederland. Door aan de Hakkesstraat de bestemming al zodanig aan te passen dat een omgevingsvergunning verleenbaar is voor het eerste Noord-Limburgse resomeercentrum, kan na bekrachtging van de nieuwe Uitvaartwet meteen worden overgegaan tot vergunningverlening (uitgaande van de situate dat aan alle overige indieningsvereisten voor een omgevingsvergunning wordt voldaan).