013 RC Bijlage 6 Strategisch Huisvestingsplan OGVO zonder getallen.pdf
Tekst van het document
Strategisch Huisvestingsplan OGVO
Opdrachtgever OGVO Referentienummer 2190395/20201211
www.icsadviseurs.nl
Auteur Hidde Benedictus en Joëlle Wijntjens
1/49 BV │ Onderdeel van ICS Ruimteregiegroep
Inhoudsopgave 1.
Inleiding Doel
4
1.2
Scope
4
1.3
Werkwijze
5
1.4
Leeswijzer
5
2.
3.
4.
Strategische huisvestingsvisie
6.
7.
6
2.1
Missie en visie
6
2.2
Visie en speerpunten
7
2.3
Huisvestingsdoelen
8
2.3.1
Prettige en inspirerende leer-en werkomgeving
9
2.3.2
Betekenisvol onderwijs op maat voor alle leerlingen uit de omgeving
10
2.3.3
OGVO in verbinding met de regio
11
2.3.4
Toekomstbestendig en duurzaam
12
Uitgangspunten
13
3.1
Ontwikkeling van het aantal leerlingen
13
3.2
Uitgangspunten
14
Confrontatie 4.1
5.
4
1.1
Overzicht van algemene bevindingen
Uitvoeringsagenda
15 15
16
5.1
Overzicht advies per campus/bouwdeel
16
5.2
Toelichting advies per campus/bouwdeel
17
Factsheets
20
6.1
Toelichting
20
6.2
Campus Valuascollege
22
6.3
Campus Blariacumcollege
24
6.4
Campus College Den Hulster
26
6.5
Bestuursgebouw
28
6.6
Sport
29
Actieplan en conclusie SHP
30
7.1
Actieplan
30
7.2
Conclusie
31
www.icsadviseurs.nl
2/49
Bijlagen
32
Bijlage 1: Vergelijking bekostigde ruimte versus capaciteit per campus
33
Bijlage 2: Inpassingstudie College Den Hulster
34
Functionele beschrijving
35
Ruimtelijke analyse
36
Ruimtebehoefte
37
Behoefte bestands vergelijking
39
Scenario’s
40
Scenario 1: inpassing in de huidige situatie
40
Scenario 2a: vervangende nieuwbouw voor gebouwdelen E, F en G.
41
Scenario 2b: vervangende nieuwbouw voor gebouwdelen D, E, F en G
42
Scenario 3: inpassing alle onderwijspartners
42
Financiën
43
Conclusie en advies inpassingsstudie
45
Bijlage 3 – Concept ruimtestaat Tienerschool Akkoord!PO
47
Bijlage 4 – concept ruimtestaat sport
48
www.icsadviseurs.nl
3/49
1. Inleiding Onderwijsgemeenschap Venlo & Omstreken (OGVO) verzorgt voortgezet onderwijs voor leerlingen in de regio Venlo. OGVO is een samenwerkingsstichting bestaande uit drie campussen: Valuascollege, College Den Hulster en Blariacumcollege. Elke campus biedt een breed onderwijsaanbod van vmbo tot en met vwo. De campussen onderscheiden zich door een eigen identiteit en specialisatie. De leerling kan zo kiezen uit een gevarieerd en kwalitatief hoogstaand onderwijsaanbod in de regio Venlo.
1.1 Doel Het doel van het Strategisch Huisvestingsplan (SHP) is het in beeld brengen van doelen, ambities en risico’s voor de huisvesting voor de komende (vergezichten). Daarmee is dit een document dat: ▪ de doelstellingen en ambities van OGVO (en de drie scholen afzonderlijk en in gezamenlijkheid) vertaalt naar een strategie voor het huisvestingsbeleid in doelen, kaders en randvoorwaarden; ▪ OGVO instrumenten aanreikt om in te kunnen spelen op toekomstige vragen; ▪ een toetsingskader biedt voor nieuwe initiatieven; ▪ huisvestingsstrategie, onderwijs en financiën op elkaar afstemt; ▪ risico’s in de vastgoedportefeuille in kaart brengt en handvatten biedt om deze aan te pakken; ▪ ontwikkelingsperspectief biedt en prioriteiten stelt; ▪ een investeringsagenda bevat.
1.2 Scope Het SHP heeft betrekking op alle locaties van OGVO en beschrijft de huisvestingskoers en het masterplan voor de periode. Ontwikkelingen die nu zijn gesignaleerd, zijn geprojecteerd op de komende . Nieuwe inzichten, bijvoorbeeld als gevolg van onderwijskundige, technologische of politieke ontwikkelingen, zijn echter aan de orde van de dag. De houdbaarheid van de geschetste ontwikkelingen zijn daardoor relatief beperkt. Om die reden adviseren wij om de plannen die in het masterplan van dit SHP zijn opgenomen eens per te actualiseren. Het SHP vertrekt vanuit de huidige huisvestingssituatie.
www.icsadviseurs.nl
4/49
1.3 Werkwijze Dit SHP is tot stand gekomen uit bureaustudies/-werkzaamheden door ICSadviseurs, met gebruikmaking van documenten die door OGVO zijn aangereikt. Daarnaast zijn de volgende activiteiten uitgevoerd: ▪ Startgesprek met College van Bestuur, control, huisvestingsadviseurs en programmamanager; ▪ Werksessie met College van Bestuur, campusdirecteuren, teamleiders, facilitair en bestuurder van onderwijsgroep Buitengewoon over visie en ontwikkeling; ▪ Werksessie met College van Bestuur, campusdirecteuren, teamleiders, facilitair en bestuurder van Onderwijsgroep Buitengewoon over scenario’s; ▪ Rondgang langs de verschillende locaties (Quick Scan); ▪ Eindpresentatie aan alle betrokkenen. Voor de onderwijslocatie College Den Hulster is een verdiepende technische analyse uitgevoerd en is onderzoek gedaan naar het inpassen van meerdere onderwijspartners zoals Onderwijsgroep Buitengewoon, Akkoord!PO, Gilde Opleidingen en Vista College. De bevindingen uit de inpassingsstudie zijn in Bijlage 2 toegevoegd aan deze rapportage.
1.4 Leeswijzer Beeld van de toekomst ▪ Strategische huisvestingsvisie (hoofdstuk 2) Vanuit de onderwijsvisie van OGVO is de strategische huisvestingsvisie gedestilleerd. Als aanvulling is gebruik gemaakt van de uitkomsten uit de werksessies met College van Bestuur, campusdirecteuren, teamleiders, facilitair en bestuurder van Onderwijsgroep Buitengewoon. ▪ Ontwikkelingen en uitganspunten (hoofdstuk 3) Voor de verdere uitwerking van het SHP is een aantal belangrijke uitgangspunten in beeld gebracht, zoals het aantal studenten (de prognose) en de meetwaarden. Confrontatie ▪ Confrontatie (hoofdstuk 4) De confrontatie van het toekomstbeeld (hoofdstuk 2 en 3) en de actuele situatie leiden tot bevindingen. Perspectief ▪ Uitvoeringsagenda (hoofdstuk 5) Vanuit de huisvestingsdoelen en de verschillende analyses is een aantal scenario’s in beeld gebracht. Tevens zijn de financiële consequenties van de plannen doorgerekend. ▪ Factsheets (hoofdstuk 6) Van alle schoollocaties van OGVO is een beeld geschetst van beschikbaar gestelde gegevens, analyse van de financiële positie van de locaties en demografische ontwikkelingen. Als aanvulling is gebruik gemaakt van de uitkomsten van de werksessies met het College van Bestuur, de campusdirecteuren, teamleiders, facilitair en bestuurder van Onderwijsgroep Buitengewoon.
Actie ▪ Actieplan en conclusie (hoofdstuk 7) Uit de adviezen volgt een actieplan. Daarnaast wordt een overall conclusie gemaakt over de noodzakelijke investeringen.
www.icsadviseurs.nl
5/49
2. Strategische huisvestingsvisie 2.1 Missie en visie In het strategische koersdocument van OGVO ‘Ruimte voor talent’ is de missie als volgt omschreven: Ruimte voor talent OGVO biedt op alle locaties excellent en eigentijds onderwijs aan leerlingen uit Venlo en omstreken. Waar leerlingen met plezier naar school komen en hun nieuwsgierigheid behouden. Het onderwijs in Venlo is dynamisch, persoonlijk en onderscheidend, past bij de leerwereld, leerbehoeften en talenten van de leerlingen en bereidt hen voor op de maatschappij van morgen.
www.icsadviseurs.nl
6/49
2.2 Visie en speerpunten
Context
Uit de missie ‘Ruimte voor talent‘ volgt de visie waar OGVO naar streeft. OGVO wil haar leerlingen meer bieden dan alleen een opleiding tot een diploma. Dit betekent dat er ruimte is voor ontplooiing en het ontdekken en ontwikkelen van talenten. Dit vraagt van het onderwijs gepersonaliseerd leren en een gevarieerd en hoogwaardig onderwijsaanbod op de drie campussen. Leerlingen kunnen zo kiezen voor de opleiding waar zijn/haar talenten het beste tot ontwikkeling komen. Het bieden van gelijke kansen begint met respect voor elkaars verschillen in achtergrond of afkomst.
Demografische krimp OGVO heeft te maken met een afname van het aantal leerlingen. Deze afname valt samen met de demografische krimp in Limburg. Het effect op het onderwijs is groot. Dit wil zeggen: meer leegstand en in verhouding hogere exploitatielasten door minder inkomen. OGVO Drie zelfstandige en gelijkwaardige campussen, onder één onderwijsgemeenschap.
De speerpunten die horen bij de visie zijn: ▪
▪
▪
▪ ▪
▪
Implementatie van betekenisvol onderwijs op maat. Nieuwe onderwijsconcepten kunnen hier mogelijk aan bijdragen; Realiseren van flexibele leerlijnen (cross-overs, doorlopende leerlijn, in- extern leren, moderne ICT); Leren met ICT, ontwikkeling van ICTvaardigheden en leren leven in een digitaliserende samenleving; Ontwikkelingen en versterken van doorlopende leerlijn binnen de keten po-vo-mbo-hbo-wo; Samenwerking met externe partners bevorderen voor levensecht en aansprekend onderwijs; Extra aanbod van sport, cultuur en ICT.
Blariacumcollege
College Den Hulster
Valuascollege
Blariacumcollege Blariacumcollege is een kleine en persoonlijke school in het stadsdeel Blerick. Speciaal zijn de tweejarige brugperiode (dakpanklas) vmbo-t/havo en havo/vwo, de ICT-leerroute (vmbo), SDV (vmbo), de sportklassen, masterclass-gymnasium en de regionale zorgvoorziening LWOO+Maasland. College Den Hulster De campus geeft iedere leerling de kans zich optimaal te ontwikkelen in de stromen techniek (Technasium), tweetalig onderwijs, cultuur of sport. Speciaal op TTO Engels, Technodome (vmbo en mbo), Technasium (havo/vwo), sportklassen, LOOT en de Da Vinci Class (hoogbegaafden). Valuascollege Het Valuascollege is een creatieve middelbare school voor cultuur, talen en horeca. Speciaal zijn Horeca, Toerisme en Voeding (vmbo), de vmbo T+, vooropleiding Conservatorium, Dans en Musical, TTO Duits, Delf Scolaire en gymnasium plus.
www.icsadviseurs.nl
7/49
2.3 Huisvestingsdoelen Tijdens de werksessie met OGVO is in kaart gebracht hoe aangekeken wordt tegen een aantal belangrijke thema’s: ▪ ▪ ▪ ▪
Prettige en inspirerende leer- en werkomgeving; Betekenisvol onderwijs op maat voor alle leerlingen uit de omgeving; OGVO in verbinding met de regio; Toekomstbestendig door flexibiliteit, aanpasbaarheid en wendbaarheid.
De afgebeelde “mindmap” is het resultaat hiervan. In de volgende paragrafen worden de huisvestingsdoelen besproken die afgeleid zijn vanuit deze thema’s.
www.icsadviseurs.nl
8/49
2.3.1 Prettige en inspirerende leer-en werkomgeving In … … zijn de locaties van OGVO een prettige en inspirerende plek om in te verblijven. De campusomgeving biedt een ‘thuis’ voor de leerling. Tijdens lesuren staat leren centraal, maar daarnaast is er ruimte om te recreëren. OGVO heeft een diversiteit aan leer-en werkplekken die het leren, werken en recreëren ondersteunen. Dit kunnen groepsruimtes zijn, maar ook stilteruimtes waar je geconcentreerd kunt werken aan je werkstuk. Moderne middelen (ICT) zijn op niveau en ondersteunen het leerproces. De lesruimtes zijn inspirerend en dagen leerlingen uit. Met name de praktijkruimtes zijn goed geoutilleerde ruimtes. Om het gevoel te creëren van ‘leren in de echte wereld’ werkt OGVO samen met het bedrijfsleven en maatschappelijke instellingen. Dit kunnen gastcolleges zijn, maar het kan ook een ruimte in de school zijn die door een bedrijf wordt gehuurd en waar leerlingen aan hun taken/opdrachten kunnen werken. Ten slotte hebben de locaties van OGVO een prettig leer-en werkklimaat. De temperatuur en luchtkwaliteit zijn goed beheersbaar en er komt voldoende daglicht binnen. De akoestiek en het kleurgebruik passen bij de activiteiten die plaatsvinden. Uitgangspunt is het Programma van Eisen voor Frisse Scholen klasse B. In … … zijn nog niet alle locaties van OGVO inspirerende leer- en werkomgevingen.
De locaties van OGVO liggen verspreid over een drietal campussen, die ieder bestaan uit meerdere gebouwen. De diversiteit aan gebouwen is groot: oud versus nieuw en huur versus eigendom. Op een aantal locaties is sprake van inspiratie door bijvoorbeeld uitgebreide keukenfaciliteiten en een muziek- en dansstudio. Op andere locaties wordt juist het gevoel van ‘hokkerig’ ervaren. Kortom, het mag allemaal wat meer sfeer en inspiratie krijgen. De visie is er al, maar mag nog verder worden doorgevoerd. Huisvestingsdoelen ▪ Locaties van OGVO zijn inspirerend om in te werken, leren en recreëren; ▪ Locaties van OGVO zijn veilig (fysiek) en geven leerlingen/medewerkers een veilig gevoel; ▪ Locaties van OGVO kennen een diversiteit aan lesruimtes; ▪ Locaties van OGVO beschikken over goede moderne middelen; ▪ Locaties van OGVO hebben een prettig leer- en werkklimaat, gebaseerd op Frisse Scholen klasse B; ▪ Locaties van OGVO beschikken over goede sportvoorzieningen. Levert op Een gebouwenportefeuille met campussen waarin het prettig en gezond is om te leren, te werken en te recreëren.
www.icsadviseurs.nl
9/49
2.3.2 Betekenisvol onderwijs op maat voor alle leerlingen uit de omgeving In … … is er betekenisvol onderwijs op maat dat aansluit bij de interesse en capaciteit van de leerling. OGVO is één scholengemeenschap bestaande uit drie campussen met ieder een eigen identiteit en profilering. Door goede samenwerking tussen de campussen is er een gevarieerd en uniek onderwijsaanbod voor alle leerlingen uit de omgeving. Het ‘rijke’ onderwijsaanbod zorgt ervoor dat iedere leerling van OGVO kan kiezen voor de opleiding waar zijn/haar talenten het beste tot hun recht komen en ontwikkeld kunnen worden. Onderwijzend personeel biedt daarin een coachende rol. De gebouwen vormen geen belemmering voor gepersonaliseerd leren. Dit vraagt om een grote flexibiliteit van personeel en leerlingen (passend bij de behoeften) en diversiteit en multifunctionaliteit van ruimtes. Flexibele leerlijnen zoals cross-overs en in- en extern leren worden vormgegeven in samenwerking met het bedrijfsleven en maatschappelijke instellingen (zie §2.3.3). Daarnaast wil OGVO met onderwijspartners de regio inhoudelijke samenwerking aangaan. Dit betekent het versterken van een doorlopende leerlijn in de keten po-vo-mbo-hbo-wo, maar ook het delen van kennis, expertise en voorzieningen.
Daar waar OGVO ruimte in de toekomst deelt met onderwijspartners is dit gericht op het gezamenlijk aanbieden van een dekkend onderwijsprogramma voor alle leerlingen/studenten in Venlo en omgeving. In … … is er volop aandacht voor een ‘rijk’ onderwijsaanbod, maar wordt nog te weinig gebruik gemaakt van elkaars kwaliteiten en expertises. De campussen opereren als afzonderlijke organisaties, terwijl ze elkaar juist veel te bieden hebben. Dit betekent het uitwisselen van expertise van onderwijzend personeel en gebruik maken van elkaars onderwijsaanbod (profilering per campus). Door middel van ontdubbelen blijft het ‘rijke’ onderwijsaanbod betaalbaar en wordt het duurzaam in stand gehouden. Positief is de open blik naar onderwijsinstellingen in de omgeving. OGVO is volop in gesprek met onderwijsinstellingen zoals Onderwijsgroep Buitengewoon (OGB), Akkoord!-PO (een Tienerschool in samenwerking met De Koperwiek), Vista College en Gilde Opleidingen. Daarnaast biedt OGVO al ruimte voor onderscheidend en gepersonaliseerd leren. Dit kenmerkt zich door bijvoorbeeld de samenwerking met LOOT en het bieden van DAMU-opleidingen. Ambitie OGVO: inhoudelijke en duurzame samenwerking met onderwijsinstellingen Zoals hierboven beschreven is OGVO actief in gesprek met diverse onderwijsinstellingen in Venlo en omgeving (OGB, Akkoord!PO, Vista en Gilde).
De eerste gesprekken over het delen van kennis, expertise en voorzieningen in een zogenaamd onderwijslandschap hebben plaatsgevonden. Het streven is om op korte termijn concrete afspraken te maken.
Huisvestingsdoelen ▪ Locaties van OGVO vormen een gemeenschap van scholen, (ICT-)voorzieningen zijn hierop ingericht; ▪ Locaties van OGVO zijn geschikt voor gepersonaliseerd leren; ▪ Ruimtes zijn multifunctioneel in gebruik; ▪ Daar waar ruimtes worden gedeeld met andere onderwijsinstellingen is dit vanuit de visie van inhoudelijke, duurzame samenwerking; ▪ De onderwijsomgeving is flexibel aan te passen aan (veranderende) onderwijsconcepten; ▪ Passend onderwijs is net zoals nu goed ingevuld. Levert op De campussen van OGVO faciliteren en ondersteunen gepersonaliseerd leren voor elke leerling uit de omgeving.
www.icsadviseurs.nl
10/49
2.3.3 OGVO in verbinding met de regio In … … is OGVO sterk verbonden met de regio. De campussen stimuleren verbinding en ontmoeting met partners in de omgeving. Partners zijn maatschappelijke instellingen, het bedrijfsleven en sport- en cultuurverenigingen. Zij zijn betrokken bij de vormgeving en inhoud van het onderwijs met als doel levensecht en aansprekend onderwijs te ontwikkelen. Dit maakt dat het gebouw in toenemende mate een hybride leeromgeving vormt waarin het schoolse leren en het leren in de (beroeps)praktijk met elkaar is verweven. Samenwerken op de campus kan door het geven van gastcolleges maar ook door het verhuren van ruimtes aan partners. Daarnaast kunnen (praktijk)lessen bij partners extern worden ingevuld. Beide ontwikkelingen, binnen en buiten de campus leren, voorzien in een andere nieuwe inrichting van de huisvesting. Er is een passende leeromgeving die een grotere diversiteit aan type werkzaamheden goed faciliteert en flexibel is. Ingespeeld wordt op datgene dat de leerling vraagt. De sterkere rol van de partners en technologische mogelijkheden (virtual reality en ICT) maken dat andere (praktijk)voorzieningen aanwezig zijn op de campussen en dat leerlingen naar buiten gaan voor leren in de praktijk. Op deze manier ontwikkelen leerlingen de meest relevante competenties die aansluiten op behoeften vanuit de arbeidsmarkt.
Tevens werken ze met de nieuwste technieken en voorzieningen. In … … staat OGVO nog te weinig in verbinding met de regio. Op een aantal locaties wordt al samengewerkt met andere onderwijsvoorzieningen zoals Gilde Opleidingen en Vista en/of wordt samenwerking aangegaan met Onderwijsgroep Buitengewoon en/of Akkoord!-PO. Samenwerking met het bedrijfsleven voor levensecht en aansprekend onderwijs krijgt nog weinig vorm. Wel zijn locaties in de avonduren beschikbaar voor activiteiten vanuit de buurt. Huisvestingsdoelen ▪ De campussen stimuleren ontmoeten en samenwerken met goede randvoorwaardelijke voorzieningen; ▪ De campussen werken samen met lokale partners (maatschappelijke instellingen en bedrijfsleven) en/of het (vervolg)onderwijs indien dit een meerwaarde vormt. Dit kan consequenties hebben voor de huisvesting in de school, anderzijds kan dit leiden tot aanpassingen in de huisvesting van partners; ▪ Technische mogelijkheden en buiten de deur leren maken het mogelijk vierkante meters in de school op andersoortige wijze in te richten. Levert op OGVO speelt in op maatschappelijke ontwikkelingen zoals samen met haar partners en leerlingen te leren ‘in het echt’. Het plezier in leren is groot bij leerlingen en docenten.
www.icsadviseurs.nl
11/49
2.3.4 Toekomstbestendig en duurzaam In … … is OGVO ingericht als een toekomstbestendige en duurzame organisatie. OGVO heeft adequaat geanticipeerd op de demografische ontwikkelingen en de toenemende mate van niet bekostigde ruimte. De huisvesting is flexibel, aanpasbaar en wendbaar. Het biedt ruimte aan veranderende onderwijsconcepten en hybride en gepersonaliseerd onderwijs. Organisatorische hindernissen zijn minimaal waardoor multifunctioneel en efficiënt gebruik van faciliteiten wordt nagestreefd. Door nauw contact met partners wordt continue afgewogen in welke mate het wenselijk is om als onderwijsinstelling faciliteiten en/of dubbelgebruik te realiseren. Ook in de eigen gebouwenportefeuille zijn specialistische voorzieningen eenmalig goed vormgegeven voor alle locaties gezamenlijk en niet meerdere keren in matige uitvoering. Gebouwen worden daar waar het een meerwaarde vormt gedeeld met (onderwijsinhoudelijke) partners. In zijn de ‘bleeders’ op het gebied van huisvestingslasten teruggedrongen en is de normatieve overmaat gereduceerd. Tegelijkertijd is op het gebied van duurzaamheid gewerkt aan energieverbruik, is er voldoende groen en wordt bij nieuwbouw en/of renovatie rekening gehouden met klimaatdoelstellingen. In … … scoren de locaties nog niet goed op toekomstbestendig en duurzaam.
De gebouwen zijn energetisch nog niet up to date, waardoor exploitatielasten hoog zijn. Daarnaast is de flexibiliteit en wendbaarheid op niet alle locaties even groot. Voorbeeld hiervan is het seniorcollege van het Blariacum. In de oude laboratorium school is de flexibiliteit gericht op veranderende onderwijsconcepten gering door de gebouwelijke situatie (schachten en leidingwerk). Huisvestingsdoelen ▪ Het ruimteoverschot wordt teruggebracht; ▪ Bij nieuwbouw en aanpassingen in bestaande gebouwen wordt maximaal ingezet op flexibiliteit en wendbaarheid; ▪ Bij nieuwbouw en aanpassingen in bestaande gebouwen wordt maximaal ingezet op betaalbaarheid (rekening houdend met Total Cost of Ownership); ▪ OGVO maakt bij nieuwe huisvestingsopgaven een weloverwogen afweging tussen beschikbare mogelijkheden, waarbij medegebruik van ruimte, renovatie en herbestemmen van bestaand vastgoed nadrukkelijk onderdeel uitmaken van het afwegingskader; ▪ OGVO heeft aandacht voor duurzaamheid (energieverbruik, milieu, groen en andere duurzaamheid gerelateerde onderwerpen). Op dit moment geldt een verplichting om de duurzaamheidsmaatregelen van de door de Rijksoverheid ‘Erkende Maatregelen Lijst’ door te voeren. Maatregelen op deze lijst worden veronderstelt terug te verdienen te zijn.
Hiervoor heeft Volantis een analyse gemaakt, de maatregelen die in deze analyse in kaart zijn gebracht worden komende jaren doorgevoerd. Daarnaast geldt met ingang van de verplichting bij uitbreiding en (vervangende) nieuwbouw te voldoen aan BENG (Bijna Energie Neutraal Gebouw). Voor de projecten waar dit van toepassing is, is dat in deze studie meegenomen. Daarnaast hebben de VNG en de VO raden commitment uitgesproken al het vastgoed in aanloop naar energieneutraal en gasloos te maken. Omdat hiervoor nog geen dekking beschikbaar is, zijn deze maatregelen op dit moment nog NIET meegenomen in deze rapportage; ▪ OGVO heeft een financieel gezonde huisvestingsportefeuille; ▪ OGVO heeft een gezonde leer- en werkomgeving in nieuwe en bestaande huisvesting. Levert op Een gezonde gebouwenportefeuille waar aandacht is voor flexibel en multifunctioneel ruimtegebruik. Ook worden de beschikbare middelen efficiënt ingezet en is er aandacht voor duurzaamheid.
www.icsadviseurs.nl
12/49
3. Uitgangspunten 3.1 Ontwikkeling van het aantal leerlingen In dit SHP is de leerlingenprognose van OGVO leidend. Aan de hand van de DUO-prognose is een verdeling gemaakt per leerjaar, type opleiding en sector. Dit is gedaan om een juiste weergave te krijgen van het aantal bekostigde ruimtes. Momenteel heeft OGVO studenten. Op basis van de prognose daalt het aantal leerlingen in naar leerlingen. Dit is een daling van circa %. Voor OGVO betekent een daling van het aantal leerlingen dat: ▪ ▪
Baten afnemen; De ruimtebehoefte afneemt.
Bij een ongewijzigde situatie in de huisvestingsportefeuille betekent dit voor dat de huisvestingslasten veel groter zijn dan de huisvestingsbaten waardoor een groot financieel tekort ontstaat. Daarmee neemt het aantal niet bekostigde ruimte toe. De grafiek hieronder schetst de ontwikkeling van het aantal leerlingen in de periode van.
-
www.icsadviseurs.nl
13/49
3.2 Uitgangspunten Om te kunnen toetsen of de huidige portefeuille voldoet aan de huisvestingsdoelen, zijn uitgangspunten gedefinieerd waaraan de portefeuille is getoetst: Vaste voet + leerlinggebonden component
Bekostigde ruimte: voor de berekening is de systematiek gevolgd zoals beschreven in de nieuwe modelverordening van de VNG1. De veronderstelling is dat de nieuwe modelverordening ook leidend gaat zijn voor de gemeente Venlo. Voor het voortgezet onderwijs gaat de ruimtenormering uit van een vaste voet per vestiging en een leerlinggebonden component. De leerlinggebonden component is afhankelijk van de leerweg en het leerjaar die de leerling volgt.
Huisvestingsbaten = MI-vergoeding + bijdrage gemeentefonds
Aandeel niet bekostigde ruimte
Huisvestingsbaten: om de huisvestingslasten te bekostigen krijgt OGVO een MIvergoeding (Materiële instandhouding: bekostiging van de exploitatiekosten) en een bijdrage vanuit het gemeentefonds. De MI-vergoeding bestaat uit een drietal deelbedragen: I) schoonmaak, II) onderhoud en functionele aanpassingen van het gebouw en terrein en III) overige exploitatiekosten (waarvan circa ten behoeve van energie en water). In de toekomst wordt deze methodiek aangepast en vereenvoudigd, maar op dit moment is de huidige methodiek ook toegepast voor . De hoogte van de bijdrage vanuit het gemeentefonds is gebaseerd op de bijdrage in . Voor is deze bijdrage evenredig met de leerlingendaling verlaagd. Tevens zijn, daar waar relevant, huisvestingsbaten als gevolg van verhuur meegenomen. Het uitgangspunt is een financieel gezonde huisvestingsportefeuille, dit houdt in dat de jaarlijkse huisvestingslasten niet hoger mogen zijn dan de huisvestingsbaten. Het aandeel niet bekostigde ruimte (leegstand) is maximaal % per campus. Hetzelfde geldt voor een tekort aan bekostigde ruimte: er wordt uitgegaan dat een school een tekort van % aan bekostigde ruimte kan opvangen.
1 VNG, Ontwikkelingen onderwijshuisvesting en wijziging VNG Model Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs,
www.icsadviseurs.nl
14/49
4. Confrontatie 4.1 Overzicht van algemene bevindingen De vergelijking van de huisvestingsdoelen met de actuele situatie leidt tot de volgende bevindingen: ▪
Overcapaciteit neemt toe tot ruim een derde van de onderwijscapaciteit, beperken van de capaciteit is nodig Doorgaans is een overcapaciteit (niet bekostigde ruimte) tot maximaal te bekostigen vanuit de inkomsten die een school krijgt vanuit de Rijksoverheid. Naar oordeel van ICSadviseurs is inperken van de capaciteit en/of intensiveren van het gebruik (bijvoorbeeld verhuren) noodzakelijk.
▪
Kosten en baten huisvesting niet in balans Hoewel de huisvestingslasten per m2 bvo niet ongunstig zijn, behaalt OGVO in een negatief resultaat van circa . Op termijn neemt het negatieve resultaat af doordat afschrijvingen aflopen. Rekening houdend met investeringen voor onder andere verduurzaming, (on)gepland onderhoud en toekomstige planvorming komen er ook nieuwe kapitaallasten bij. Indien de capaciteit niet verlaagd wordt zal het negatieve resultaat behouden blijven.
▪
Behouden van drie brede campussen Voor OGVO geldt dat drie brede campussen noodzakelijk blijven om te voldoen aan de behoeften vanuit de regio. Dit is nog een keer bevestigd tijdens de werksessies. Wel is het van belang om goed te kijken naar de profilering per campus (zie onderstaand advies).
▪
Profilering van de campussen Op dit moment zijn er veel dubbelingen in het onderwijsaanbod waardoor het behouden van het ‘rijke’ onderwijsaanbod in het gedrang kan komen en veel concurrentie is tussen de drie campussen. Het is verstandig om stappen te maken in het profileren van de campussen. Op deze manier ontstaat meer samenwerking en wordt expertise en kennis tussen de campussen uitgewisseld.
▪
Een aantal locaties vraagt om forse investering De eigendomslocaties zijn door ICSadviseurs geschouwd en op basis hiervan is een inschatting gemaakt van benodigde investeringen om het betreffende pand de komende in stand te houden. Voor een tweetal locaties – seniorcollege Blariacum en gebouw 500 – zijn de maatregelen fors.
▪
Verduurzaming van de campussen Bij de schouw is op hoofdlijnen gekeken naar het criteria duurzaamheid en is er een waarde aan toegekend (goed, matig of slecht). Door ingenieurs- en consultancygroep Volantis zijn de energie labels en noodzakelijke (in het kader van de EML verplichte) maatregelen inzichtelijk gemaakt. De bevindingen van Volantis zijn beschreven in hoofdstuk 6: factsheets. Voor deze investeringen is een afschrijftermijn van jaar aangehouden. Voor uitbreiding en vervangende nieuwbouw is een kostenniveau volgens BENG (Bijna Energie Neutraal Gebouw) aangehouden omdat deze verplichting met ingang van geldt. Daarnaast hebben de VO raad en de VNG commitment uitgesproken al het vastgoed in aanloop naar gasloos en CO2 neutraal te maken (in overeenstemming met de klimaatdoelstellingen van Parijs). Omdat hier nog geen dekking voor is, zijn deze maatregelen nog NIET meegenomen.
▪
Sport De kosten voor sport zijn niet in verhouding met de normatieve vergoeding die OGVO ontvangt. OGVO heeft vijf gymzalen in eigen bezit en de overige gymzalen huren zij. De kosten voor de huurzalen bedragen het totaal van de kapitaallasten plus de exploitatie. De vergoeding die OGVO ontvangt bekostigd niet in de kapitaalslast, waardoor een groot verschil ontstaat.
www.icsadviseurs.nl
15/49
5. Uitvoeringsagenda 5.1 Overzicht advies per campus/bouwdeel Uit de confrontatie volgt een aantal adviezen vanuit ICSadviseurs voor de komende per campus en per bouwdeel. Hierover moet binnen OGVO nog besluitvorming plaatsvinden. Onderstaande uitvoeringsagenda geeft visueel de adviezen weer.
Legenda:
Renovatie
Optimaliseren
Herbestemmen
Verhuur eindigen
Huur eindigen
Nieuwbouw
verduurzamen
Bij de adviezen dient rekening te worden gehouden met momenten van besluitvorming. Daarnaast is er een hoge mate van samenhang tussen de besluitvorming op en over verschillende locaties. Hieronder worden de adviezen per gebouwdeel nader toegelicht.
www.icsadviseurs.nl
16/49
5.2 Toelichting advies per campus/bouwdeel Locatie Valuascollege oudbouw
Advies Valuascollege oud heeft als bouwjaar 1920 en is ten tijde van de nieuwbouw ( ) deels gerenoveerd en er is een directe verbinding gemaakt met de nieuwbouw. Advies: voor Valuascollege oud is het advies om het gebouwdeel te optimaliseren, dit is nog niet meegenomen in onze raming. Daarnaast zijn er nog investeringen noodzakelijk i.v.m. verduurzaming, deze zijn in de planvorming wel voorzien.
Valuascollege nieuwbouw
Valuascollege nieuw is een relatief jong gebouw ( ). Destijds is rekening gehouden met veranderende onderwijsconcepten door het plaatsen van flexibele wanden. De constructie is vanwege dragende wanden niet flexibel aan te passen. De locatie wordt ervaren als een prettige locatie. Advies: behouden van de locatie en beter optimaliseren. Op termijn zijn er investeringen noodzakelijk voor ventilatie en akoestiek.
Valuascollege gebouw 500
Gebouw 500 is de vmbo onderbouwlocatie van het Valuascollege. Het is een traditioneel gebouw met een gang en aan beide zijden klaslokalen. Door de leerlingen/docenten wordt het gebouw ervaren als prettig. De redenen hiervoor zijn: grote klaslokalen, rust, veilig en structuur. De technische staat (onderhoud en duurzaamheid) van het gebouw is slecht/verouderd en vraagt om aandacht. De verwachte investeringskosten bedragen circa % van de nieuwbouwkosten (aanname € per m² bvo). Omdat renovatie een kortere afschrijvingsduur kent dan nieuwbouw, is (vervangende) nieuwbouw in dit geval een gunstiger alternatief. Investeringen in nieuwbouw zijn echter alleen verantwoord wanneer je niet bouwt voor leegstand. Het Valuascollege daalt in het aantal leerlingen en de ruimtebehoefte neemt af. Dit in combinatie met de huidige leegstand maakt dat nieuwbouw ook geen verantwoorde keuze is. Advies: afstoten/herbestemmen gebouw 500 en leerlingen huisvesten in de gebouwdelen nieuw en oud van het Valuascollege.
Valuascollege voormalige Bristolpand
Het voormalige Bristolpand (inclusief de porto cabins) is een huurlocatie. In eindigt de huurovereenkomst, waarbij tijdig de vraag moet worden gesteld ‘willen we het pand behouden?’. Gezien de overmaat op het Valuascollege is behouden van het Bristolpand geen verstandige keuze. De voorzieningen in het Bristolpand zijn met name gericht op de opleidingen dans, muziek en musical. Bij instandhouding van deze opleidingen is het advies om deze voorzieningen in te richten in de gebouwdelen oud en nieuw van het Valuascollege. Onderzoek moet uitwijzen om welke voorzieningen het gaat, aangezien een deel van de voorzieningen reeds aanwezig is in de nieuwbouw. Advies: op termijn afstoten.
Valuascollege ISK
De Internationale Schakelklas (ISK) is gehuisvest in een huurpand aan de Bachstraat. Het pand is een oude basisschool waardoor de opzet kleinschalig is. Voor het onderwijzend personeel geeft dit de mogelijkheid om kleinschalig onderwijs te geven en leerlingen ervaren dit als prettig. Desondanks is het een oud gebouw op een andere locatie. Advies is om de huur op te zeggen en een eigen plek te creëren op de begane grond van het Bestuursgebouw. De huurovereenkomst van de Bachstraat is jaarlijks opzegbaar.
www.icsadviseurs.nl
17/49
Advies: afstoten Bachstraat en huisvesten op de begane grond van het Bestuursgebouw. Mertenshallen
De Mertenshallen zijn de gymzalen van het Valuascollege. Het advies is om de Mertenhallen te behouden en te verduurzamen. Advies: verduurzamen conform adviezen Volantis.
Blariacumcollege Junior
Blariacumcollege junior is een gebouw uit . Door de kenmerkende vorm valt het op in de omgeving. Het junior gebouw wordt als goed beoordeeld (schouw ICSadviseurs en vertegenwoordigers OGVO). Advies: behouden van de locatie.
Blariacumcollege Senior
Tijdens het schouwen van de locatie is vastgesteld dat het senior gebouw is aangesloten op de wko-installatie van het junior gebouw, maar dat de ‘schil’ van het gebouw onvoldoende is aangepakt. Energetische maatregelen zijn noodzakelijk om te voldoen aan de eisen. De constructie van het gebouw (oud laboratoriumschool) maakt het lastig om dit eenvoudig te realiseren. De verwachte investeringskosten bedragen circa % van de nieuwbouwprijs (aanname per m² bvo). Het advies is om bij dergelijke percentages niet te investeren in renovatie, maar te kiezen voor vervangende nieuwbouw. Omdat er niet wordt gebouwd voor leegstand, is het advies circa m² bvo vervangende nieuwbouw te realiseren. De aanname van per m² bvo is exclusief eventuele kosten voor de WKO-installatie in de kelderruimte van het seniorcollege, welke een directe koppeling heeft met het Junior college. Advies: vervangende nieuwbouw.
College Den Hulster
De technische staat van de gebouwdelen bij College Den Hulster wijkt onderling sterk van elkaar af. Met name de gebouwdelen E en F zijn in technisch slechte staat, waarbij het advies is om vervangende nieuwbouw te realiseren. De keuze kan worden gemaakt om ook gebouwdeel G (sport) mee te nemen in de nieuwbouw. De overige gebouwdelen zijn in goede staat. Daarnaast geldt het advies om de beschikbare capaciteit beter in te vullen. OGVO is met Gilde Opleidingen, Akkoord!PO, Onderwijsgroep Buitengewoon en Vista College in gesprek over medegebruik binnen College Den Hulster. De eerste stappen zijn gezet middels een inpassingsstudie. Advies: voor gebouwdelen E + F vervangende nieuwbouw en optimaliseren van de locatie in samenwerking met onderwijspartners.
Bestuursgebouw
www.icsadviseurs.nl
Het bestuursgebouw bestaat uit drie bouwlagen. De 1e en 2e verdieping worden op dit moment verhuurd. Het advies is om het pand volledig zelf te gaan gebruiken voor ISK en bestuursfuncties. Advies: optimaliseren van het bestuursgebouw door inhuizen ISK en verduurzamen.
18/49
Onderstaande tabel geeft op basis van de adviezen de investeringen weer per jaar (incl. BTW). De desinvesteringen zijn de boekwaarden in het betreffende jaar dat de locatie wordt afgestoten, dan wel wordt vervangen voor nieuwbouw. Van belang is om te vermelden dat het gaat om de boekwaarden gekoppeld aan de locatie. Eventuele algemene boekwaarden voor de campus zijn er niet in opgenomen. Daarnaast is er een stelpost opgenomen voor de tijdelijke huisvesting. De post verduurzaming is de investering zoals geadviseerd door Volantis (incl. BTW en excl. eventuele asbestsaneringen). Jaar Locatie
Adv ies
Bestuursgebouw + ISK I npassing t.b.v . inhuizing
ISK en G500
Den Hulster, Bestuursgebouw en Mertenshallen Afstoten Verduurzamen beide conform locaties en plannen v erhuizen Volantalis
Den Hulster
Blariacum senior
Functionele Verv angende aanpassingen nieuwbouw en v erv angende nieuwbouw E+F
Valuas nieuw
Valuas nieuw
I nv estering I npassing akoestiek t.b.v . Dans en v entilatie
Bristol
Afstoten locatie en v erhuizen
I nv estering Desinv estering Stelpost tijdelijke huisv esting Verduurzamen
www.icsadviseurs.nl
19/49
6. Factsheets 6.1 Toelichting In de volgende paragrafen is telkens een campus uitgewerkt, waarbij een factsheet is opgenomen van de huidige situatie en toekomstige situatie () inclusief de adviezen – zie paragraaf 5.1. De factsheets geven de volgende informatie weer:
1.
Ontwikkeling aantal leerlingen Totaal aantal leerlingen per campus (Blariacumcollege, College Den Hulster en Valuascollege), zoals deze is opgenomen in de meerjarenbegroting.
2.
Ruimtebehoefte versus capaciteit Een weergave van de capaciteit (gestippeld kader) en ruimtebehoefte (aantal bekostigde ruimtes) in en . In rood is het aantal ‘niet bekostigde capaciteit’ weergegeven (met andere woorden: onderwijsruimte waar geen bekostiging tegenover staat). Voor geldt dat reeds rekening is gehouden met de adviezen zoals deze in het rapport zijn opgenomen.
www.icsadviseurs.nl
20/49
3.
Kengetallen per locatie/campus Per campus – en daar waar mogelijk per gebouw(deel) - is een aantal kosten inzichtelijk gemaakt: ─ Kosten per m² bvo De kapitaal- en exploitatielasten per m² bvo in . Tevens zijn de totale huisvestingslasten per m2 bvo weergegeven in en . De kapitaal- en exploitatielasten zijn als volgt berekend: ▪ Exploitatielasten: lasten voor energie (gas en elektra), water, klein dagelijks onderhoud en schoonmaak (inclusief afvalverwerking). ▪ Kapitaallasten: dit zijn de afschrijvingen op de (investeringen in) gebouwen en gebouwgebonden installaties, huur van onderwijsgebouwen, aflossing en hypotheekrente, verzekeringen en tot slot gemeentelijke- en waterschapsbelastingen. ▪ Niet benoemd op de factsheet maar wel meegenomen in het resultaat: huurlasten van gebouwen en terreinen voor het bewegingsonderwijs. ─ Resultaat Het verschil tussen huisvestingslasten en huisvestingsbaten. Een positief resultaat (kleur groen) betekent dat de huisvestingslasten worden gedekt middels de huisvestingsbaten. Belangrijk: enkel de op dit moment begrootte investeringen en afschrijvingen zijn in dit resultaat opgenomen. Nieuwe (op dit moment nog onbekende) investeringen die volgen door nieuwe planvorming en als gevolg van het energetisch onderzoek vallen dus buiten het huidige resultaat.
4.
Kengetallen De prestaties van de campus zijn hier in kaart gebracht.
5.
Kwaliteit gebouw(delen) Middels een schouw op locatie is op de punten binnenklimaat, technische staat, duurzaamheid en flexibiliteit gekeken naar de kwaliteit van het gebouw.
6.
Beoordeling huisvestingsdoelen Tijdens een werksessie met een brede afvaardiging van de campussen is een ‘Quickscan’ gemaakt van het eigen oordeel over de verschillende onderwijsgebouwen. Daarbij is gekeken naar de onderwerpen zoals omschreven in hoofdstuk 2 (aantrekkelijke en inspirerende leer-en werkomgeving, betekenisvol onderwijs op maat voor alle leerlingen uit de omgeving, OGVO in verbinding met de regio en toekomstbestending en duurzaam).
www.icsadviseurs.nl
21/49
6.2 Campus Valuascollege Valuascollege Ontwikkeling aantal leerlingen
Vergelijking aantal bekostigde ruimtes en capaciteit
Aansluiting bij huisvestingsdoel Prettig en Betekenisvol In verbinding ToekomstHuisvestingsdoelen: Inspirerend onderwijs bestendig en met de op maat Locaties: duurzaam regio Valuascollege oudbouw Valuascollege nieuwbouw Valuascollege gebouw 500 Valuascollege Bristol
Kengetallen per vestiging Kapitaallasten
Per m2 bvo: Totale ExploitatieHuisvestingslasten lasten
Temperatuur
Licht
Akoestiek
Valuascollege Bristol incl. orta cabins Totaal Valuascollege
Geheel algemeen
Onderwijs én sport
€ € € € €
Valuascollege oudbouw Valuascollege nieuwbouw
€
Totaal OGVO Ventilatie
Totaal resultaat
Buitenkant
Binnenkant
Energielabel
Installaties
Duurzaamheid
Flexibiliteit
Valuascollege oud Valuascollege nieuw Valuascollege gebouw 500
Mertens Hallen leerlingen
m² overmaat
Sport #zaaldelen
Sport #zaaldelen
Kosten per m² bvo
Resultaat
Ontwikkeling aantal leerlingen en aantal bekostigde ruimtes Op dit moment beschikt het Valuascollege over meerdere gebouwdelen/locaties. Voor de berekening van de huidige capaciteit is gekeken naar de volgende gebouwdelen/locaties: oudbouw Valuas, nieuwbouw Valuas, gebouw 500, voormalig Bristolpand inclusief porto cabins en locatie ISK (Bachstraat). Voor het onderwijs betekent dit dat het Valuascollege beschikt over m² bvo. De huidige capaciteit in vergelijking met de ruimtebehoefte – aantal bekostigde ruimtes – maakt dat het Valuascollege op dit moment een groot aantal niet bekostigde ruimtes heeft. Door een daling van het aantal leerlingen neemt de leegstand – bij een ongewijzigde situatie toe. Het advies om locaties af te stoten en inpassing te realiseren in de oud- en nieuwbouw van het Valuascollege maakt dat het aantal niet bekostigde ruimtes in een stuk kleiner is. Technische beoordeling campus (en gebouwdelen) Door ICSadviseurs is de oud- en nieuwbouw van het Valuascollege geschouwd: Oudbouw: In is een fysieke koppeling gemaakt met de nieuwbouw en zijn diverse maatregelen getroffen in het verduurzamen van het ‘oude’ gebouw. Zo zijn de gevelkozijnen aan de voorzijde vervangen met dubbelglas en is het bouwdeel aangesloten op de WKO-installatie van de nieuwbouw. De bouwkundige structuur van het gebouw kenmerkt zich door hoge ruimtes en ‘vaste’ trappenhuizen.
De binnenwanden zijn dragend uitgevoerd waardoor het gebouw niet flexibel is. In de gangen zijn beperkte akoestische voorzieningen aanwezig waardoor bij wisseling van de lessen en tijdens pauzes de ruimtes als onprettig worden ervaren. Daarnaast is asbest aanwezig op de zolderverdieping. Nieuwbouw: Het gebouw uit kenmerkt zich door de bijzondere vorm en de aansluiting met het oude gebouw. Helaas zijn de aanwezige ventilatievoorzieningen en de temperatuurbeheersing zeer slecht. Het ventilatiesysteem lijkt onvoldoende (te weinig lucht) en is uitgevoerd zonder enige vorm van WTW. De toevoer van verse lucht vindt plaats via de gevels en de centrale afzuiging via de vide. De gebruikers ervaren veel klimaatklachten, waardoor al een aantal noodgrepen (airco’s) is genomen. De akoestiek is problematisch te noemen. In de gangen en kantine zijn geen voorzieningen aanwezig, waardoor bij wisseling van de lessen en
www.icsadviseurs.nl
22/49
in de pauzes de ruimtes als onprettig worden ervaren. De structuur van het gebouw kenmerkt zich door dragende (schoon beton) binnenwanden. Deze zijn niet aanpasbaar, wat betekent dat het gebouw niet flexibel is. De waterhuishouding details van de onderdorpels buitenkozijnen moeten nader onderzocht worden omdat veel water achter het spouwblad lijkt te komen. Gebouw 500: Gebouw 500 is opgericht in en is daarna niet meer ingrijpend verbouwd. Het gebouw staat ‘los’ op het terrein waardoor er geen enkele koppeling is met de overige bouwdelen. Kenmerkend is de eenvoudige bouw - doelmatig en sober. In het gebouw zijn geen mechanische ventilatievoorzieningen aanwezig en dient de frisse lucht via natuurlijke ventilatie (openen van ramen) te komen. De verwachting is dat de ventilatievoorzieningen hierdoor matig/slecht zijn. De algehele technische staat van het gebouw is matig te noemen. Mertens Hallen: De gymzalen zijn opgericht in en in is er een fysieke koppeling gemaakt met het gebouwdeel nieuw. De gymzalen zien er verzorgd uit. Aandachtpunt voor gymzalen is akoestiek en ventilatie. Ook voor deze gymzalen geldt dat deze voorzieningen wel aanwezig zijn maar in onvoldoende mate. Overwogen zou kunnen worden om de akoestische voorzieningen te verbeteren, voornamelijk voor het onderwijzend personeel.
Advies hierbij is om een geluidsmeting uit te laten voeren om te beoordelen of aan de gestelde eisen vanuit bijvoorbeeld ARBO wordt voldaan. Beoordeling OGVO De campus is tevens beoordeeld door een brede afvaardiging van OGVO. Opvallend is dat alle locaties matig tot slecht scoren op ‘toekomstbestendig en duurzaam’. De bouwdelen oud, Bristolpand, gebouw 500 en ISK worden ervaren als ‘oud’ en vragen om duurzaamheidsmaatregelen. Over de locaties gebouw 500 en ISK is geen overeenstemming in de beoordeling op prettige en inspirerende leer-en werkomgeving. De verschillen in mening hebben betrekking op: ‘het hebben van een eigen plek’ (rust en veiligheid) versus ‘het wegstoppen van dit type leerling in een minder ‘inspirerend’ gebouw’. Financiën De huisvestingslasten voor de huurlocaties - het voormalig Bristolpand en de ISK-locatie – zijn gunstig. Desondanks behaalt het Valuascollege in een negatief resultaat van circa Dit komt hoofdzakelijk door de overmaat aan niet bekostigde ruimte. In nemen de kosten toe als gevolg van de investeringen in het verbeteren van de akoestiek en ventilatie in de nieuwbouw van het Valuascollege en de verduurzaming. Duurzaamheid Voor het Valuascollege zijn door Volantis meerdere energielabels afgegeven. De locatie Valuas oud heeft een energielabel E en Valuas nieuw (inclusief gymzalen) en Gebouw 500 hebben beiden een energielabel A. ▪
▪
Door het toepassen van vloer, - gevel- en dakisolatie wordt het energielabel van Valuascollege oud sterk verbeterd. Daarnaast zijn de verbetermaatregelen zoals zonwering, energiezuinige verlichting – en schakeling2, kierdichting en zonnepanelen van belang voor het verbeteren van de energieprestatie. Valuas nieuw: de verbetermaatregelen die door Volantis zijn genoemd hebben met name betrekking op de twee gymzalen. Het gaat hierbij om isolerende maatregelen zoals vloer-, gevel- en dakisolatie en HR++ glas. Daarnaast zijn door Volantis maatregelen genoemd zoals energiezuinige schakeling, zonnecollector, kierdichting en zonnepanelen.
2 Energiezuinige schakeling is veegschakeling en/of dagschakeling en/of aanwezigheidsdetectie.
www.icsadviseurs.nl
23/49
6.3 Campus Blariacumcollege Blariacumcollege Ontwikkeling aantal leerlingen
Vergelijking aantal bekostigde ruimtes en capaciteit
Aansluiting bij huisvestingsdoel Prettig en Betekenisvol In verbinding ToekomstHuisvestingsdoelen: Inspirerend onderwijs bestendig en met de op maat Locaties: duurzaam regio Blariacumcollege Junior Blariacumcollege Senior
Kengetallen per vestiging Kapitaallasten
Per m2 bvo: Totale ExploitatieHuisvestingslasten lasten
Binnenkant
Installaties
Totaal resultaat Onderwijs én sport
Blariacumcollege Junior Blariacumcollege Senior Hendrik Consciencestraat Totaal Blariacumcollege Totaal OGVO
Ventilatie
Temperatuur
Licht
Akoestiek
Geheel algemeen
m² overmaat
#
Buitenkant
Energielabel
Duurzaamheid
Flexibiliteit
Blariacumcollege junior Blariacumcollege senior
leerlingen -
Sport #zaaldelen 2020
Kosten per m² bvo
Resultaat
2030
Ontwikkeling aantal leerlingen en ruimtebehoefte Het Blariacumcollege bestaat uit een junior- en een seniorcollege. De huurlocatie Henrik Consciencestraat is niet meegenomen in de capaciteitsberekening, omdat de huurovereenkomst eind eindigt. Uit de factsheet blijkt dat het Blariacumcollege in passend is gehuisvest. Hetzelfde geldt voor omdat de vervangende nieuwbouw van het seniorcollege een kleinere (normatief passende) capaciteit kent. Technische beoordeling campus (en gebouwdelen) Door ICSadviseurs is het Blariacumcollege geschouwd: Juniorcollege: Het gebouw uit kenmerkt zich door een bijzondere ronde vorm buiten en een grote centrale hal binnen, waar rondom alle ruimtes zijn ontworpen over meerdere bouwlagen. Door de bijzondere vorm is het gebouw niet flexibel en kunnen geen grote aanpassingen worden uitgevoerd, zonder dat de structuur (kolommen) wordt aangetast. Daarnaast bepaalt de centrale hal een groot deel van het volume van het gebouw, welke niet kan worden gevuld met nieuwe ruimtes. Dit vanwege onvoldoende toetreding van daglicht volgens het bouwbesluit. Het gebouw is voorzien van een luchtbehandelingsinstallatie (koeling via WKO) die ervoor zorgt dat het in de zomer niet als erg warm wordt ervaren. Seniorcollege: In is het gebouw gerenoveerd waarbij installaties zijn uitgebreid zoals het plaatsen van een WKO-installatie in de kelderruimte.
Deze WKO-installatie (inclusief bijverwarming) is tevens gekoppeld met het juniorcollege. Enkel door de ‘oude’ buitenschil (gevels en kozijnen) en beperkte dakisolatie is het gebouw op dit moment niet duurzaam. De renovatie uit heeft niet geleid tot verbetering van het klimaat, het licht en de akoestiek. De gangen worden door beperkte hoogte en daglichttoetreding als onprettig ervaren. Daarnaast zijn de ventilatievoorzieningen ontoereikend, waardoor bij gebruik van de keuken stankoverlast wordt ervaren. De algemene staat van het gebouw kan worden bestempeld als matig en staat in groot contrast met het naastgelegen junior college. Overwogen moet worden of dit gebouw het nog ‘waard’ is om te renoveren of dat vervangende nieuwbouw in dit geval verstandiger is.
www.icsadviseurs.nl
24/49
Beoordeling OGVO Het Blariacumcollege is ook door OGVO beoordeeld op de vier huisvestingsdoelen. Het juniorcollege wordt ervaren als een schoolgebouw passend bij het huidige onderwijsconcept. Daarnaast is het gebouw in de avonduren open voor activiteiten georganiseerd vanuit de omgeving. Op ‘toekomstbestendigheid en duurzaam’ scoort het gebouw slecht. Door het vele glas zijn de exploitatielasten hoger en zijn er te weinig mogelijkheden voor toekomstig onderwijs. Het seniorcollege (oude laboratorium school) wordt ervaren als een hokkerig en niet flexibel gebouw. Ook is te weinig geïnvesteerd waardoor het gebouw niet up to date is. Op dit moment worden maatregelen getroffen om het meer aantrekkelijk te maken (meubilair, toiletten en energetische maatregelen). Financiën De huisvestingslasten per m² bvo in zijn voor beide locaties gemiddeld. De planvorming voor het seniorcollege – vervangende nieuwbouw – maakt dat de huisvestingslasten in stijgen waardoor het Blariacumcollege een minder positief resultaat behaalt. Duurzaamheid Voor het Blariacumcollege zijn door Volantis twee energielabels afgegeven. Het juniorcollege heeft een energielabel A en het seniorcollege heeft energielabel C. ▪ ▪
Voor het juniorcollege zijn weinig besparingsmogelijkheden beschreven. Optioneel kan ervoor worden gekozen om zonwering, energiezuinige schakeling en zonnepanelen toe te passen. Het energielabel van het seniorcollege is ‘slechter’. Daarmee zijn er meer mogelijkheden om te besparen op energie. Met name het toepassen van vloerisolatie, HR ++ glas, energiezuinige schakeling, kierdichting en zonnepanelen zijn verbetermaatregelen die voor het seniorcollege van belang zijn.
www.icsadviseurs.nl
25/49
6.4 Campus College Den Hulster College Den Hulster Ontwikkeling aantal leerlingen
Vergelijking aantal bekostigde ruimtes en capaciteit
Aansluiting bij huisvestingsdoel Huisvestingsdoelen: Prettig en Betekenisvol In verbinding ToekomstInspirerend onderwijs met de bestendig en Locaties: op maat regio duurzaam Den Hulster nieuwbouw Den Hulster oudbouw
Kengetallen per vestiging
Gebouwdeel B Gebouwdeel C Gebouwdeel D Gebouwdeel E Totaal College Den Hulster Totaal OGVO
Ventilatie
Temperatuur
Licht
Akoestiek
Geheel algemeen
Buitenkant
Kapitaallasten
Per m2 bvo: ExploitatieTotale lasten Huisvestingslasten
€ €
€ €
€
€
Binnenkant
Installaties
Totaal resultaat Onderwijs én sport
€ €
Energielabel
Duurzaamheid
Flexibiliteit
Gebouwdeel B Gebouwdeel C Gebouwdeel D Gebouwdeel E Gebouwdeel F Gebouwdeel G - sport leerlingen
m² overmaat
Sport #zaaldelen
Sport #zaaldelen
Kosten per m² bvo
Resultaat
Ontwikkeling aantal leerlingen en ruimtebehoefte Op dit moment is sprake van een aanzienlijke overmaat aan niet bekostigde ruimtes. Door een verwachte leerlingenstijging neemt de overmaat af, maar blijft deze groot. OGVO is in gesprek met Gilde Opleidingen, Vista, Onderwijsgroep Buitengewoon en Akkoord!PO om te kijken naar medegebruik van diverse ruimtes. Met ingang van schooljaar 2020-2021 is een deel van de ruimtes tijdelijk in medegebruik door IKC De Koperwiek (schoolbestuur Akkoord!PO). De ambitie van OGVO is om langdurige, inhoudelijke samenwerking aan te gaan met de eerder genoemde onderwijsorganisaties. De eerste stappen zijn gemaakt in de vorm van een inpassingsstudie. Deze inpassingsstudie is in bijlage 2 opgenomen. Daarbij kiezen de betrokken partners voor nadere verkenning en uitwerking van scenario 2a. De vervolgstappen worden op dit moment genomen. Voor 2030 is indicatief gerekend met medegebruik tegen een kostprijsdekkende huur. Technische beoordeling campus (en gebouwdelen) Door ICSadviseurs is College Den Hulster geschouwd: Bouwdeel B-C-D: De gecombineerde bouwdelen zijn gebouwd in . De gebouwdelen lopen volledig in elkaar over en zijn onlosmakelijk verbonden met elkaar. De leslokalen en ondersteunende ruimtes zien er zeer netjes uit en het onderhoud wordt netjes uitgevoerd (geen achterstallig onderhoud).
Door de specifieke praktijkonderwijsruimtes is de flexibiliteit van het gebouw matig. Bouwdeel E-F-G: In de technische analyse zijn de gebouwdelen E, F en G samengenomen. Deze gebouwdelen zijn gebouwd in en zijn in grootschalig gerenoveerd. Recentelijk heeft aan de binnenzijde van het gebouw grootonderhoud plaatsgevonden. Voor bouwdeel G (sport) geldt tevens een esthetisch aanpassing in . Dit houdt in dat de kleedkamers en doucheruimtes zijn gerenoveerd. De constructieve structuur van gebouwdeel E bestaat uit een dragende buitenwandconstructie (kolommen), voorzien van niet dragende puivullingen met inpandig kolommen en stabiliteitswanden. De stabiliteit van het gebouw wordt behaald uit de dragende kern die bestaat uit het trappenhuis en sanitaire voorzieningen. Eerdere pogingen om ruimtes te koppelen en/of de gang te verkleinen zijn door de bestaande constructie
www.icsadviseurs.nl
26/49
onmogelijk gebleken en/of leveren functioneel weinig op aangezien er dan kolommen (bestaande constructie) in de lokalen komen te staan. De dragende buitenwandconstructie vertoont op meerdere plekken gebreken door vochtplekken en (plaatselijk) betonrot. De kolommen zijn niet voorzien van een koudebrug onderbreking. Hierdoor, in combinatie met zeer beperkte isolatie, ontstaat aan de binnenzijde condensatie. De enige mogelijkheid om dit op te lossen is een nieuwe schil om de bestaande constructie en vervangen van puivullingen en kozijnen. verwachting is dat de bestaande constructie hiervoor niet geschikt is door het toevoegen van extra gewicht. Voor gebouwdeel F is geen algemene constructieve structuur te herkennen door de verschillende inpassingen. Vanaf het dak is duidelijk zichtbaar dat er verschillende gebouwdelen zijn en meerdere inpassingen zijn uitgevoerd, van verschillende leeftijden en kwaliteiten. De laatste toevoeging is een voormalige mediatheek, die nu in gebruik is als kunstlokaal. Het gebouw heeft een onderhoudsgevoelige gevel en voorziet in onvoldoende ventilatie voor het huidige gebruik. In gebouwdeel E is de bezetting van de lokalen hoger dan het luchtbehandelingssysteem kan voorzien van verse lucht (circa voor personen ‘te weinig’ verse lucht). Door de toepassing van gekoelde lucht (WKO) en buitenzonwering voelen de ruimtes wel comfortabel aan.
Boven de systeemplafonds is beperkte hoogte beschikbaar om de benodigde ventilatievoorzieningen te kunnen plaatsen. Door het verlagen van het plafond in de gangen is er eerder hoogte gecreëerd. Gebleken is dat dit niet voldoende is om te kunnen voldoen aan een goed binnenklimaat. In gebouwdeel F is recentelijk geïnvesteerd in een nieuwe luchtbehandelingskast ten behoeve van inhuizing IKC De Koperwiek. De luchtkwaliteit in de aula en een deel van de lokalen is aanzienlijk verbeterd. Daarnaast heeft het toepassen van screens een positieve invloed op het binnenklimaat. Door de slechte gevel en dakisolatie kan de verwarmingsinstallatie niet verder worden verduurzaamd naar bijvoorbeeld lage temperatuur verwarming. Hiervoor dient de gevel te worden verduurzaamd. Daarnaast zijn verdere aanpassingen van de installaties niet mogelijk in verband met verschillende bouwkundige beperkingen, zoals het ontbreken van ruimte in de kruipruimte. Kortom, op basis van de leeftijd van de gebouwdelen E en F is het niet onlogisch dat de technische kwaliteit van de hoofdelementen matig is. Een grootschalige renovatie is op korte termijn (binnen jaar) aan de orde. Het casco biedt zeer beperkte mogelijkheden (constructie/hoogtes) om met de renovatie de benodigde kwaliteitsslag te kunnen maken. Beoordeling OGVO In de beoordeling door OGVO is een onderscheid gemaakt tussen de gebouwdelen oud versus nieuw.
In het algemeen scoort het gebouwdeel nieuw beter dan oud. Verbeterpunten die worden genoemd hebben betrekking op: veiligheid (veel- in en uitgangen), veel vaste wanden (waardoor minder flexibel) en klimaatbeheersing. Positief is de samenwerking met andere onderwijsinstellingen, zoals Vista en Gilde Opleidingen en de verkennende samenwerking met Onderwijsgroep Buitengewoon en Akkoord!PO. Financiën De huisvestingslasten per m² bvo van deze campus zijn het meest gunstig binnen de gebouwenportefeuille van OGVO. Echter, Den Hulster heeft ook de grootste normatieve overmaat aan niet bekostigde ruimte (circa bvo). Zodoende is deze locatie de grootste financiële ‘bleeder’ met een negatief resultaat van circa . In neemt de niet bekostigde ruimte af door verwacht medegebruik. Daarentegen nemen de huisvestingslaten ook toe door de verwachte investeringen zoals beschreven in scenario 2a van de inpassingsstudie (bijlage 2). Zodoende blijft het resultaat ook in . Duurzaamheid College Den Hulster (exclusief sport) heeft een energielabel D. De energetische maatregelen in het rapport van Volantis hebben met name betrekking op oudere gebouwdelen, namelijk E en F. Het gaat hierbij om maatregelen voor spouwmuurisolatie (gebouwdeel E), vloerisolatie, energiezuinige schakeling, kierdichting en zonnepanelen.
De maatregel spouwmuurisolatie voor gebouwdeel E, heeft al als effect dat het energielabel verbetert naar label C.
www.icsadviseurs.nl
27/49
6.5 Bestuursgebouw Bestuursgebouw Ontwikkeling aantal leerlingen
Vergelijking aantal bekostigde ruimtes en capaciteit
Prognose Bestuursgebouw
Op deze locatie staan geen leerlingen ingeschreven
Aansluiting bij huisvestingsdoel Huisvestingsdoelen: Prettig en Betekenisvol In verbinding ToekomstInspirerend onderwijs met de bestendig en Locatie: op maat regio duurzaam Bestuursgebouw
Kapitaallasten
Per m2 bvo: ExploitatieTotale lasten Huisvestingslasten
Binnenkant
Installaties
Kengetallen per vestiging
Totaal resultaat Onderwijs én sport
Bestuursgebouw
Totaal Bestuursgebouw Totaal OGVO Ventilatie
Temperatuur
Licht
Akoestiek
Geheel algemeen
Buitenkant
Duurzaamheid
Flexibiliteit
College van Bestuur
Ontwikkeling aantal leerlingen en ruimtebehoefte Deze locatie is geen onderwijslocatie, maar wordt gebruikt als huisvesting voor het College van Bestuur en de Centrale Service Unit. Om deze reden is er geen ontwikkeling van het aantal leerlingen. Voor de bekostigde Sport Sport leerlingen 2020m² overmaat Kosten per Resultaat #zaaldelen #zaaldelen oppervlakte is uitgegaan van m² bvo. Deze omvang is gelijkmatig van de bekostigde oppervlakte van de 2030 2030 m² bvo 2020 2030 2020 2030 0 0% 801 0,0 0,0 € 76 -€ 25K drie campussen afgehaald. In is nog een deel verhuurd. Voor wordt niet meer uitgegaan van deze 2030 verhuur. Het is in onderzoek of een deel van de ruimte in de toekomst wellicht door de ISK kan worden ingezet. Zodoende is er in een aanzienlijke omvang aan niet bekostigde ruimte, circa m² bvo ( ). Beoordeling OGVO De locatie wordt door OGVO als matig tot slecht beoordeeld. Met name toekomstbestendig en duurzaamheid spelen een grote rol voor OGVO. De reden hiervoor is dat per kantooromgevingen groter dan m² minimaal energielabel C dienen te hebben (zie onderstaande toelichting bij duurzaamheid). Financiën Deze locatie huisvest het bestuursgebouw (CvB + Centrale Service Unit). Zodoende ontvangt deze locatie geen leerlinggebonden huisvestingsbaten. De huisvestingslasten van deze locatie worden vanuit de totale huisvestingsbaten op OGVO-niveau gedekt.
Op basis van de totale ruimtebehoefte en de ruimtebehoefte van het bestuursgebouw is een percentage vastgesteld over welke de huisvestingsbaten zijn gerekend. De huisvestingslasten van het gebouw zelf zijn laag. Daarnaast zijn er in huuropbrengsten voor het bestuursgebouw begroot. Hierdoor behaalt het bestuursgebouw in bijna een break-even resultaat. Op termijn wordt dit een negatief resultaat door de ontbrekende huuropbrengsten en vereiste investeringen voor de verduurzaming van dit pand. Duurzaamheid Voor het bestuursgebouw geldt per de wettelijke verplichting dat kantoren minimaal moeten voldoen aan energielabel C3. Op dit moment heeft het bestuursgebouw een G-label en voldoet daarmee niet aan de gestelde plicht vanaf . Door Volantis zijn veel besparingsmogelijkheden genoemd. Namelijk het vloer-, gevel- en dakisolatie, zonwering, energiezuinige schakeling, kierdichting en zonnepanelen ten behoeve van elektriciteit. Bij instandhouding van het bestuursgebouw voor kantoorfunctie (minimaal ) zijn investeringen noodzakelijk om het vereiste energielabel te krijgen.