Toelichting bestemmingsplan Hofgeest
Tekst van het document
Op basis van de geraadpleegde literatuur ontstaat het beeld dat er tijdens de Duitse inval en de navolgende bezettingsjaren lokaal diverse intensieve oorlogshandelingen hebben plaatsgevonden waarbij mogelijk conventionele explosieven achter zijn gebleven. Niet uit te sluiten valt dat deze handelingen ook plaats hebben gevonden in het onderzoeksgebied. Door de gemeente Velsen is een gemeente-breed onderzoek uitgevoerd naar mogelijk achtergebleven niet gesprongen explosieven. Uit het onderzoek volgt dat er binnen het plangebied 5 gebieden zijn die verdacht zijn op de aanwezigheid van dumpmunitie. Deze gebieden bevinden zich vrijwel hoofdzakelijk binnen het noordelijk plandeel waar geen bodemingrepen zijn voorzien. Eén van de verdachte gebieden ligt deels in het plandeel Hofgeest VSV, nabij het clubgebouw van VSV. Voor deze gronden zal voorafgaand aan ui te voeren bodemingrepen een oppervlaktedetectie worden uitgevoerd. Daarnaast is er binnen het plandeel Hofgeest West één gebied aanwezig dat verdacht is op de aanwezigheid van een vernietigingslocatie. Op deze gronden zijn bodemingrepen voorzien. Omdat slechts een zeer klein deel van het plangebied waar bodemingrepen zullen plaatsvinden verdacht is op de aanwezigheid van niet-gesprongen explosieven, staat dit aspect de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan niet in de weg.
4.14
Milieueffectrapportage
In Nederland is het verplicht om de effecten op het milieu volwaardig onderdeel te laten zijn van de voorbereiding en de besluitvorming over ruimtelijke plannen. Daarvoor is in de Wet milieubeheer de methodiek van de milieueffectrapportage (m.e.r.) opgenomen. Het Besluit m.e.r. en de Wet milieubeheer zijn per 7 juli 2017 gewijzigd. De wijzigingen Status: vastgesteld 46
bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "
gelden met terugwerkende kracht vanaf 16 mei 2017. Gemeenten zijn thans verplicht om een expliciet besluit te nemen over het al dan niet opstellen van een milieueffectrapport (Mer). Uit het natuuronderzoek en stikstofonderzoek, zoals beschreven in paragraaf 4.6 blijkt dat de ontwikkeling naar verwachting geen invloed heeft op nabijgelegen Natura 2000-gebieden. De voorgenomen ontwikkeling is ook niet direct m.e.r. beoordelingsplichtig op basis van het onderdeel 'aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen'. Echter, omdat de voorgenomen ontwikkeling wel valt onder de noemer van een 'stedelijk ontwikkelingsproject', is een vormvrije m.e.r.-beoordeling verplicht. De vormvrije m.e.r.-beoordeling is in feite een beknopte opsomming van de beoordeling van de ontwikkeling op verschillende milieuaspecten. In dit kader is een aanmeldnotitie m.e.r. opgesteld (Bijlage 18 Aanmeldingsnotitie m.e.r.). Hieruit volgt dat de kenmerken van de activiteit en de mogelijke gevolgen voor het milieu geen aanleiding geven voor het opstellen van een milieueffectrapportage.
Status: vastgesteld 47
bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "
Hoofdstuk 5 Waterparagraaf Op grond van het Bro (Besluit ruimtelijke ordening) dient in de toelichting afzonderlijk te worden aangegeven wat de gevolgen voor het plan zijn voor de waterhuishouding. In het rapport van de Commissie Waterbeheer 21e eeuw is geconcludeerd dat Nederland zijn waterhuishouding niet op orde heeft. Water dient in de toekomst een mede-ordenend principe te worden. In het bestemmingsplan dient daarom aandacht besteed te worden aan water. Recent is er een Nationaal waterakkoord gesloten tussen het Rijk, gemeenten, waterschappen en provincies, waarin opgenomen is hoe de partijen met water wensen om te gaan. De opgave is te zorgen voor veiligheid en te beschikken over voldoende mogelijkheden voor waterberging ter voorkoming van waterlast, watertekort en het verslechteren van de waterkwaliteit. De watertoets is ingevoerd om te kijken in hoeverre hier aan voldaan wordt. Ten behoeve van dit bestemmingsplan is een watertoets opgesteld (Bijlage 19 Watertoets).
5.1 Waterbeheer Voor de planperiode 2016-2021 zal het Waterbeheerplan (WBP) van Rijnland van toepassing zijn. In dit plan geeft Rijnland aan wat haar ambities voor de komende planperiode zijn en welke maatregelen in het watersysteem worden getroffen. Het nieuwe WBP legt meer dan voorheen accent op uitvoering. De drie hoofddoelen zijn 'veiligheid tegen overstromingen', 'voldoende water' en 'schoon en gezond water'. Wat betreft veiligheid is cruciaal dat de waterkeringen voldoende hoog en stevig zijn en blijven en dat rekening wordt gehouden met mogelijk toekomstige dijkverbeteringen. Wat betreft voldoende water gaat het erom het complete watersysteem goed in te richten, goed te beheren en goed te onderhouden. Daarbij wil Rijnland dat het watersysteem op orde en toekomstvast wordt gemaakt, rekening houdend met klimaatverandering. Immers, de verandering van het klimaat leidt naar verwachting tot meer lokale en heviger buien, perioden van langdurige droogte en zeespiegelrijzing. Het waterbeheerplan sorteert voor op deze ontwikkelingen. Keur en Uitvoeringsregels Het beleid voor de waterhuishoudkundige inrichting in nieuw stedelijk gebied is vastgelegd in de Keur (2020) en aanvullende beleidsnota's. Het algemene uitgangspunt in het beleid van het Hoogheemraadschap van Rijnland is, ten aanzien van het waterbeheer, dat er geen afwenteling op de omgeving mag plaats vinden.
Voor de waterkwantiteit wordt de bekende trits 'vasthouden - bergen - afvoeren' gehanteerd. Voor de watercompensatie kan worden gesteld dat deze moet voldoen aan de eisen van het hoogheemraadschap. Hierbij dient rekening te worden gehouden met de referentiesituatie in het gehele plangebied waarbij reeds een deel verhard aanwezig was (wegen, bestratingen, daken). Voor waterkwaliteit geldt 'schoonhouden - scheiden - schoonmaken'. In de Uitvoeringsregels die bij de Keur horen, is dit nader uitgewerkt. De uitvoeringsregels bevatten een zorgplicht, een Algemene regel en een Beleidsregel. Concreet hanteert het Hoogheemraadschap van Rijnland de volgende uitgangspunten: Bij nieuw te ontwikkelen gebieden dient zo veel als mogelijk afgekoppeld te worden; Verharding die niet aangesloten is op de RWA, langs bermpassage laten afwateren; Bij inrichten nieuw oppervlaktewater dienen zo veel mogelijk natuurlijke oevers toegepast te worden; Wanneer mogelijk, plaatselijk bergen van hemelwater in openbare ruimte of op perceel; Infiltratie wordt alleen mogelijk geacht indien de doorlatendheid groter is dan 0,1 mm/dag en grondwaterstand lager dan 0,7 m beneden maaiveld. Hierbij gaat HHvR (ter indicatie) er van uit dat tenminste een grondwaterstand van 2 m beneden maaiveld aanwezig moet Status: vastgesteld 48
bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "
zijn om volledige infiltratie zonder problemen in de omgeving te laten plaatsvinden. Daar kunnen infiltratievoorzieningen de mogelijkheid bieden om versnelde afvoer van hemelwater tegen te gaan. Dit staat los van krattensystemen en ondiepe bodeminfiltratie; Het dempen van water is slechts toegestaan als 100% gecompenseerd wordt in het hetzelfde peilgebied (dempen is graven); Aan te leggen oppervlaktewater als compensatie voor de toename van verhard oppervlak dient (zoveel mogelijk) in hetzelfde peilgebied te worden gerealiseerd; Als eerste richtlijn voor watercompensatie geldt dat 'geen afwenteling' mag plaatsvinden naar de omgeving en dat geen verslechtering optreedt van het watersysteem. Een eerste rekenregel die door het Hoogheemraadschap wordt gehanteerd is dat 15% van de toename van het oppervlak aan verharding ten opzichte van de referentiesituatie als wateroppervlak gegraven moet worden. De toename aan verharding dient als 'functioneel' open water gerealiseerd te worden. Compensatie dient gerealiseerd te zijn voordat toename van verharding plaatsvindt.
5.2 Watersysteem In alle deelgebieden zijn een aantal watergangen met kunstwerken aanwezig. Voor de deelgebieden Hofgeest West en Hofgeest VSV geldt dat de (grond)waterstand in het gebied niet kunstmatig wordt beheerd en watergangen wateren af onder vrij verval van Noordwestelijke naar Zuidoostelijke richting. In voornamelijk de natte periodes zullen deze watergangen fungeren als doorstromende/mee fungerende watergangen, als gevolg van het zanderige bodemkarakter (uitlopers jonge duinen). Voor beide deelgebieden geldt dat er geen bovenstroomse instroom van water de gebieden in is. Aan de westkant van de Broekeroog is een (zeer ondiepe) greppel gelegen welke alleen water afvoert van de Broekeroog of ten tijde van hevige regenval en hoge grondwaterstanden. Aan de oostkant van de Broekeroog is tevens een greppel gelegen, waarvoor geldt dat aan de noordelijke kant de greppel gelijk ligt met het maaiveld (gedempt). Aan de zuidelijke kant is wel constant water aanwezig en komt ook water bijeen dat uit de watergang die aan de oost- en zuidkant van deelgebied Hofgeest VSV is gelegen. Dit water wordt door een duiker onder de Hofgeesterweg door afgevoerd in zuidelijke richting langs de rugby/tennisvelden richting het primaire water in het deelgebied van de nieuwe sportvelden. De primaire watergang is gereguleerd op NAP -0,72m.
De primaire watergang doorkruist het deelgebied van de sportvelden van oost naar west. De overige watergangen rondom het deelgebied zijn overige (secundaire) watergangen. Het bestaande watersysteem blijft gehandhaafd. De ontwikkelingen in alle deelgebieden worden ingepast in het bestaande watersysteem. De deelgebieden Hofgeest West en Hofgeest VSV blijven ongereguleerde watersysteem gebieden waarbinnen een vrij verval van water geldt. De afwatering van beide deelgebieden zal via de watergang langs de huidige rugbyvelden richting de primaire watergang gaan, welke wel een gereguleerd peil kent van NAP -0,72m. Voor de sportvelden geldt dat deze ingepast wordt binnen het watersysteem met peil NAP -0,72m.
5.3 Waterkwantiteit Door toename van verhard oppervlak wordt het regenwater sneller afgevoerd, waardoor de werking van het ontvangende oppervlaktewatersysteem negatief wordt beïnvloed met snellere en hogere peilstijgingen en afvoer. Om een goed functionerend watersysteem te garanderen en te behouden is er een compensatieplicht voor de toename van het verhard oppervlak vanuit het Hoogheemraadschap van Rijnland. Status: vastgesteld 49
bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "
De compensatie van de toename van verharding is afhankelijk van o.a. de toelaatbare peilstijging, de afvoercapaciteit en het rioolstelsel. Waar mogelijk en wenselijk verbetering van de waterhuishouding in samenwerking met het hoogheemraadschap door realisatie van extra waterberging (evt. in combinatie met natuur, openbaar groen of recreatie). Voor het gehele plangebied is een oppervlakteanalyse van de huidige en toekomstige situatie uitgevoerd. Hieronder zijn de conclusies voor de drie deelgebieden weergegeven. Hierbij wordt opgemerkt dat in overleg met Rijnland de ligging en contouren van het wateroppervlak nader worden uitgewerkt. Hofgeest West Om het nieuwe woningbouwprogramma uit te kunnen voeren dient er in het deelgebied Hofgeest West een bestaande watergang te worden gedempt (126 m2). Conform de beleidsregel “Dempen is graven” wordt dit water één op één hergraven in het plan. De watercompensatie hiervoor wordt binnen het deelgebied gecompenseerd. Voor de verhardingstoename van deelgebied Hofgeest West dient 15% aan water te worden gecompenseerd, te weten 3.175 m2 water. Na de benodigde watercompensatie wordt er 1.046 m2 water meer gegraven in deelgebied Hofgeest West dan is vereist. Hofgeest VSV Voor het woningbouwprogramma in het deelgebied Hofgeest VSV hoeven geen volledige watergangen gedempt te worden.
Er worden alleen een aantal kleine stukjes watergang gedempt en weer teruggegraven ten behoeve van toegangswegen naar woonpercelen (dammen met duikers). Voor de verhardingstoename van deelgebied Hofgeest VSV dient ook 15% aan water te worden gecompenseerd, te weten 2.011 m2 water. De watercompensatie zal deels in dit deelgebied en deels in het deelgebied van de sportvelden worden gerealiseerd. Dit deelgebied is benedenstrooms gelegen en valt binnen het totale plangebied. Met Rijnland is dit reeds in overleg d.d. 5 november 2018 besproken en geaccordeerd. Na de benodigde watercompensatie wordt er 120 m2 water meer gegraven in deelgebied Hofgeest VSV dan is vereist. Sportvelden Voor het maken van de sportvelden, bijbehorende bebouwing en wegen en parkeerplaatsen in het deelgebied Sportvelden dient een watergang gedempt te worden (456 m2). Conform de beleidsregel “Dempen is graven” wordt dit water één op één hergraven in het plan. De watercompensatie hiervoor wordt binnen het deelgebied gecompenseerd. Voor de verhardingstoename van deelgebied Sportvelden dient ook 15% aan water te worden gecompenseerd, te weten 1.066 m2 water. Dit vindt plaats binnen het deelgebied Sportvelden. Na de benodigde watercompensatie wordt er 18 m2 water meer gegraven in deelgebied Sportvelden dan is vereist.
Accoladeprofielen In verband met het feit dat het gebied van deelgebieden West en VSV een vrije afwatering kent (geen peilregulatie) is het niet wenselijk een standaard watergang conform Keur binnen de deelgebieden aan te leggen. Wanneer dit wel zou worden gedaan betekent dit dat veelal geen water in de volledige stroomprofiel van de watergang aanwezig is. Om toch mogelijkheden voor afwatering en waterinfiltratie in het ontwerp mee te nemen zijn er zogeheten "Accoladeprofielen" ontworpen. Deze (principe)profielen zijn klimaatadaptief ontworpen, zorgen ervoor dat water vertragend af wordt gevoerd en kunnen tevens water vasthouden en bergen bij verschillende neerslag hoeveelheden. Het profiel kenmerkt zich door een smalle bodem en een traptrede naar een breder profiel. Hierdoor zal bij lage neerslaghoeveelheden het water door het smalle profiel te allen tijde kunnen afwateren en Status: vastgesteld 50
bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "
infiltreren. Bij grote neerslaghoeveelheden zal het brede profiel additioneel zorgen voor afwatering en meer berging.
Afbeelding 5.1: Overzicht oppervlaktes verhard, onverhard en water
5.4 Grondwater Grondwateroverlast dient te worden voorkomen. Bij nieuwe ontwikkelingen dient (middels een grondwaterstandberekening) te worden aangetoond dat wordt voldaan aan de grondwaternorm en dat in omliggende, bestaande wijken de grondwaterstand niet verslechtert. De grondwaternorm voor nieuw te realiseren bouwlocaties is vastgesteld en luidt: “Daar waar zonder kruipruimte gebouwd wordt mag de grondwaterstand niet vaker dan gemiddeld eens per twee jaar, niet langer dan 5 dagen achtereen minder dan 0,5 meter onder het maaiveld staan”. Waar met kruipruimtes wordt gebouwd geldt een norm van 0,9 meter. Het water in de deelgebieden West en VSV stroomt richting het zuidwesten. De stijghoogte ter hoogte van het plangebied ligt tussen de NAP -3,00 m en NAP -3,25 m. Het ondiepe grondwater wordt beïnvloed door het aanwezige oppervlaktewaterpeil en de ontwateringsmiddelen. De stijghoogte onder de deklaag ligt lager dan het oppervlakte waterpeil. Om een beter beeld te krijgen van de daadwerkelijke grondwaterstanden worden er verschillende peilbuizen in de deelgebieden West en VSV geplaatst en gedurende de komende droge en natte periode gemonitord. Op basis hiervan kan ook een nauwkeuriger beeld worden gemaakt van de huidige grondwaterstanden en is het ook mogelijk om de toekomstige accoladeprofiel watergangen te dimensioneren (bouwrijpmaak advies).
Status: vastgesteld 51
bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "
5.5 Riolering Momenteel bevindt zich op een klein deel van deelgebied Hofgeest West bebouwing welke is aangesloten op het vrij verval riool aan de zuidzijde van de Hofgeesterweg. Voor de kantine van VSV geldt dat deze is aangesloten op de pomp voor de persleiding in het noordoosten van het deelgebied VSV. Daarnaast is in de Broekeroog, naast de watergang in deelgebied VSV een persleiding van de gemeente Velsen aanwezig welke het bovenstroomse afvalwater verbindt met de wijk ten zuiden van deelgebieden Hofgeest West en Hofgeest VSV. Dwars door het deelgebied VSV is een persleiding gelegen. Deze heeft geen aansluitingen in het plangebied en is een doorvoerende persleiding. In de toekomstige situatie wordt met de ligging en diepteligging rekening gehouden. Uitgangspunt is de aanleg van een gescheiden stelsel. Hierbij heeft het de voorkeur om zo min mogelijk verhard oppervlak op een hemelwaterafvoerstelsel (HWA-stelsel) aan te sluiten. Daarbij geldt tevens het beleid dat “Water verwerken waar het valt” en dat bui 8 (20mm) daarbij dient te worden verwerkt op eigen terrein. Daar waar mogelijk dient hemelwater middels infiltratiekratten en/ of DT-riolering op open water (accolade profiel) te worden aangesloten. Het vuilwaterafvoerstelsel (VWA-stelsel) dient aangesloten te worden op het bestaande VWA-stelsel in de wijk ten zuiden van deelgebied Hofgeest West.
In deze wijk is een vrij verval riool stelsel aanwezig van de gemeente Velsen. Voor de berekening van de nieuwe afvalwaterproductie wordt rekening gehouden met 3 inwoners per woning en met een productie 15 l/i.e./h. Voor Hofgeest West (242 woningen) bedraagt de afvalwaterproductie 10.9 m³/uur in de toekomstige situatie. Voor Hofgeest VSV (138 woningen) bedraagt de afvalwaterproductie 6.2 m³/uur in de toekomstige situatie. In het op te stellen rioleringsplan dient nader te worden bekeken wat de mogelijkheden zijn voor de aansluitingen van de verschillende deelgebieden op het VWA-stelsel.
Status: vastgesteld 52
bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "
Hoofdstuk 6 Planbeschrijving 6.1 Achtergrond De ontwikkeling van Hofgeest tot nieuw woongebied is één van de grote woningbouwopgaven van de gemeente Velsen, die al lange tijd op de agenda staat. De wens hiervoor is opgenomen in de voorgaande en huidige structuurvisie. Het ruimtelijk-functioneel kader voor de gewenste ontwikkeling stelde de raad vast met het Ontwerp-Ontwikkelingsplan Grote Buitendijk / Hofgeest” (2011). De raad besloot vervolgens in 2014 het gebied Grote Buitendijk voorlopig niet te ontwikkelen. Voor het gebied Hofgeest zijn randvoorwaarden vastgesteld waarmee de planontwikkeling op initiatief van de markt wél mogelijk bleef. De rol van de gemeente verschoof daarbij van een actieve naar een faciliterende. De ontwikkelende partijen BPD Ontwikkeling B.V. en Holleman Santpoort Bouwgroep B.V., respectievelijk de plandelen Hofgeest VSV en Hofgeest West, namen het initiatief om samen met de gemeente te komen tot een integrale ontwikkeling van Hofgeest. In 2017 sloot de gemeente met deze ontwikkelaars daartoe een intentieovereenkomst. Centraal hierin stond het uitvoeren van een haalbaarheidsanalyse. De gemeentelijke beleidskaders en randvoorwaarden zijn daarvoor leidend.
De analyse omvatte het in samenhang onderzoeken van de stedenbouwkundige, ruimtelijke, planologische, maatschappelijke, cultuurhistorische, alsmede financieel-economische haalbaarheid van het project Hofgeest. Het resultaat is een deeluitwerking van het ontwerp-ontwikkelplan naar een stedenbouwkundig plan. Het stedenbouwkundig plan is op 27 juni 2019 door de gemeenteraad van de gemeente Velsen vastgesteld. Hierbij zijn twee moties aangenomen. In de eerste aangenomen motie is verzocht om een onderzoek te starten naar mogelijke alternatieve ontslutingswegen naar het parkeerterrein van de sportvelden. In de tweede aangenomen motie is verzocht om te onderzoeken of rugbyclub The Smugglers mee kan verhuizen naar het nieuwe sportcomplex en te onderzoeken of het huidige terrein van The Smugglers gebruikt kan worden voor woningbouw met extra aandacht voor potentiële jongerenwoningen. Naar aanleiding van deze moties is het stedenbouwkundig plan aangepast. In paragraaf 6.3 is hier nader op ingegaan.
6.2 Stedenbouwkundig plan De rijke historie van Velserbroek en de Hofgeest kent in de hogere en drogere Hofgeest een ander verloop dan in de van oorsprong natte en moeras-achtige Velserbroek. In het plangebied is vooral de Hofgeest een opeenstapeling van cultuurlagen, terwijl in de Velserbroek vooral grootschalige veranderingen in relatief korte perioden de huidige situatie bepalen. Een voorbeeld van dit verschil is de inpoldering van de Velserbroek en de opzet van de gelijknamige wijk. In de Hofgeest is eerder sprake van een continue, haast organisch proces van kleinere veranderingen en het zich steeds opnieuw aanpassen aan de ontwikkelingen. Het gevaar hiervan is dat de Hofgeest verrommelt en het karakteristieke van het gebied verdwijnt onder lagen van algemene randontwikkelingen van een dorp (loodsen, sportvelden, gemeentewerven etc.) De kwaliteit van dit gebied zal gebaat zijn bij een duidelijke begrenzing van de stedelijke ontwikkelingen, waarbij ook de open ruimte een duidelijke functie krijgt. Deze gewenste begrenzing krijgt vorm door boerderij-erven. Deze erven vormen daarnaast de overgang van landschap naar bebouwd gebied. Het landschap wordt op vier plekken met ruime groenzones de nieuwe buurt ingetrokken. Dit groen staat in verbinding met de weides rondom de nieuwe erven.
Wandelroutes door dit gebied verbinden de nieuwe buurt met het landschap eromheen en geven het betekenis waarmee de openheid van dit gebied Status: vastgesteld 53
bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "
gewaarborgd wordt. Langs de Hofgeesterweg komt, in aansluiting op de bestaande losse, verspreide bebouwing aan deze weg, een soortgelijke bebouwingskorrel. Het historische karakter van de weg wordt benadrukt door het (gedeeltelijk) terugbrengen van de oorspronkelijke profilering en beplanting. In het midden van het plangebied komen zes woonblokken, die van elkaar gescheiden worden door ruime straatprofielen in combinatie met eerder genoemde groenzones. De woonblokken omzomen parkeerhoven waar het grootste aandeel van de geparkeerde auto’s uit het zicht zullen staan. De openbare ruimte in het plan wordt gekenmerkt door de ruime aanwezigheid van groen. Hier zijn ook de speelplekken gesitueerd, al dan niet in combinatie met een wadi. Het ontwerp-ontwikkelingsplan ging oorspronkelijk in totaal uit van 306 woningen waarvan 224 woningen in Hofgeest. In het onderhavige stedenbouwkundig plan zijn in totaal 380 woningen opgenomen waarvan 242 in het deelgebied Hofgeest West en 138 in Hofgeest VSV. De in het ontwerp-ontwikkelingsplan opgenomen bedrijvenzone is nu met woningbouw en groen ingevuld. Daarnaast zijn de plangrenzen iets verruimd. Door efficiënt gebruik te maken van de beschikbare ruimte zijn meer woningen ingepast.
Afbeelding 6.1 Schetsontwerp stedenbouwkundig plan (Mulleners + Mulleners architecten) Het woningbouwprogramma bestaat uit rijwoningen, twee-onder-één-kapwoningen, vrijstaande woningen en kleinschalige appartementengebouwen. Alle types bestaan maximaal uit twee lagen met een kap. Met dit gedifferentiëerde woningbouwprogramma kunnen verschillende woningbehoeftes bediend worden. In het onderhavige bestemmingsplan zijn de woningtypes niet vastgelegd zodat, binnen de kaders van dit bestemmingsplan, zonodig kan worden ingespeeld op de actuele woningbehoefte door het programma aan te passen. De volgende verdeling is echter vastgelegd: Hofgeest West: 30% sociale huur en 70% vrije sector koop (of huur); Hofgeest VSV: 10% sociale huur, 20% markthuur en 70% vrije sector koop (of huur). Het deelgebied West voldoet hiermee aan het nu geldende woonbeleid voor Velserbroek. Dit deelgebied is relatief eenvoudig te realiseren en heeft met 242 woningen een aanzienlijk Status: vastgesteld 54
bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "
hoger bouwvolume ten opzichte van Hofgeest VSV. Het deelgebied VSV voldoet aan het woonbeleid dat ten tijde van het sluiten van de intentieovereenkomst gold. Dit deelgebied kent een complexere opgave (verplaatsen sportcomplex en geluidsproblematiek snelweg) en met 138 woningen minder bouwmogelijkheden. Daardoor zijn de financiële mogelijkheden beperkt. In absolute aantallen zijn van de beoogde 380 woningen in Hofgeest er circa 86 sociale huurwoningen voorzien (23% gemiddeld). De woningen worden in een samenhangende stijl ontworpen. De nieuwe buurt sluit aan in volume bij de vormgeving van de woningen in de buurt (overstekken, zadeldakken) maar passen ook in de landelijke omgeving. De openbare ruimte in het plan kenmerkt zich door de ruime aanwezigheid van groen. Hier zijn ook de speelplekken gesitueerd, al dan niet in combinatie met een waterberging/infiltratielocatie. Te planten bomen zijn inheems en streekeigen. De speelelementen in de groene, parkachtige zones tussen de woonblokken worden gekenmerkt door een natuurlijk karakter en zullen eerder bestaan uit speelaanleidingen dan uit speeltoestellen. De bestrating van de wegen en de voetpaden zal bijdragen aan de beeldkwaliteit van de wijk.
6.3 Sportcomplex Met deze ontwikkeling kan het sportcomplex van zowel voetbalvereniging VSV als rugbyvereniging The Smugglers aan de Broekeroog uitgeplaatst worden naar een locatie tussen de Oostlaan en de A22, de Buitendijk. Hier wordt het complex ingepast in het open, lager gelegen landschap. De openheid van dit gebied is een belangrijke kenmerk waar met de komst van de sportvelden rekening mee wordt gehouden. Aan de zijde van de Oostlaan wordt de waterloop verbreed en wordt rietbegroeiing aangebracht. Er wordt hier geen beplanting toegepast. De verkaveling heeft een sterke oost-westrichting. Deze richting wordt versterkt met bomenrijen met heesterbeplanting. Aan de zijde van de A22 wordt het terrein aangeplant met gebiedseigen heesterbeplanting. De nieuwe locatie van het nieuwe sportcomplex met bijbehorend parkeerterrein komt overeen met de principes uit het ontwerp-ontwikkelingsplan. Het nieuwe complex van voetbalvereniging VSV bestaat uit twee natuurgrasvelden en twee hybridevelden. Ook is ruimte voorzien voor een guppenveld, clubgebouw, fietsenstalling en enkele invalide parkeerplekken. Ten opzichte van het vastgestelde stedenbouwkundig plan is naar aanleiding van de aangenomen moties de rugbyclub opgenomen in het nieuwe sportcomplex. Tevens is het parkeerterrein verplaatst.
De ontsluiting van het parkeerterrein van het nieuwe sportcomplex is voorzien via een nieuwe weg over het huidige terrein van de rugbyclub. Deze nieuw te maken ontsluitingsweg zal worden opgenomen in een separaat bestemmingsplan waarin de woningbouw op het huidige terrein van de rugbyclub zal worden mogelijk gemaakt. Op dit moment is namelijk nog niet duidelijk hoe het woningbouwplan hier zal worden vormgegeven en waar de ontsluitingsweg precies kan komen te liggen. In de tijdelijke situatie zal de ontsluiting van het nieuwe sportcomplex via de Oostlaan plaatsvinden.
Status: vastgesteld 55
bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "
6.4 Landschappelijke inpassing en beeldkwaliteit In het Beeldkwaliteitsplan Hofgeest Velserbroek is door Mulleners + Mulleners architecten de inpassing in de omgeving en ruimtelijke kwaliteit van het plan beschreven (Bijlage 20 Beeldkwaliteitsplan). De Hofgeest vormt een nieuwe rand van Velserbroek. Deze nieuwe rand past in de landelijke omgeving. Enerzijds wordt dit gewaarborgd door de al eerder genoemde 'verdunning' van de bebouwing en de groene zones in de wijk die het landschap 'de wijk intrekt'. Aan de andere kant volg dit door het beoogde uiterlijk van de gebouwen. De woningen worden in een samenhangende stijl ontworpen. De nieuwe buurt sluit in volume aan bij de vormgeving van de woningen in de buurt (overstekken, zadeldaken), maar passen ook in de landelijke omgeving door een aantrekkelijke ingetogenheid. De stijl kenmerkt zich door een spel van opgemetselde topgevels in combinatie met ruime overstekken. De daken kenmerken zich door een redelijk steile kap. Het kappenlandschap is levendig door verspringende goten (verschillende gootdetaillering en verschillende bouwhoogtes), kapverdraaiingen en dakkappellen. De kleuren van de gevels, daken en raam- en deurhout zijn ingetogen, passend in de omgeving en samenhangend zonder zich af te zetten tegen het bestaande. De erfafscheidingen bestaan voornamelijk uit brede hagen in de voor- en zijtuinen.
De eerder genoemde 'boerenerven' zullen een erfbeplanting krijgen, passend bij een boerderijerf. Erfafscheidingen zijn in alle gevallen erfafscheidingen met een groen karakter. De beoogde sfeer kan het best worden omschreven als groen, landelijk, ingetogen, verfijnd en wordt gekenmerkt door een grote verscheidenheid in een bescheiden palet van kleuren. In het stedenbouwkundig ontwerp zijn drie zones te herkennen met ieder hun eigen stedenbouwkundige kenmerken: het volume van de gebouwen, de positionering ervan, en de erfafscheidingen die het perceel scheiden van de openbare ruimte. Hieronder is een beschrijving gegeven van de beeldkwaliteit in de deelgebieden 'De Kern', 'De Randen' en 'De Erven'. In het beeldkwaliteitplan is een meer uitgebreide beschrijving gegeven met referentiebeelden en spelregels voor o.a. erfafscheidingen en bergingen.
Afbeelding 6.2: Deelgebieden
Status: vastgesteld 56
bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "
De Kern De kern van de Hofgeest is opgebouwd uit enkele vrijstaande woningen gecombineerd met twee-onder-één-kapwoningen, rijwoningen en kleinschalige appartementengebouwen. Deze laatste krijgen hetzelfde volume als rijwoningen, namelijk twee lagen met een kap. Voor de rijwoningen en de appartementengebouwen is de indeling van de straatgevelwand van belang. Rijtjes mogen geen grote lengtes krijgen. Kleurgebruik en inzetten van kopgevels worden ingezet om dit te voorkomen. De maximale hoogte van de nokken in het plan is gesteld op 12 meter. Deze hoogte biedt de mogelijkheid tot relatief steile kappen (minimaal 45°). Dit komt de esthetiek van het kappenlandschap ten goede. In de Kern bestaat het beoogde beeld uit een spel waarbij de goothoogte van maximaal 7 meter af en toe wordt afgewisseld met lagere goten en heel incidenteel een individueel gebouw met een hogere goothoogte. De Randen De Randen van de Hofgeest is opgebouwd uit vrijstaande woningen gecombineerd met twee-onder-één-kapwoningen. De sfeer van de randen moet groen zijn, dat betekent dat er tussen de verschillende gebouwen tuinen zichtbaar moeten zijn. Aan de Hofgeesterweg varieert de voorkant van de woningen - soms is de entreezijde aan de Hofgeesterweg en soms aan de zijde van nieuwe buurt.
Wanneer achtertuinen grenzen aan de Hofgeesterweg is het van belang dat de achtertuinen worden 'bekleed' met robuust groen, grenzend aan de openbare weg. De maximale hoogte van de nokken in het plan is gesteld op 12 meter. Deze hoogte biedt de mogelijkheid tot relatief steile kappen (minimaal 45°). De maximale hoogte wordt zeer beperkt toegepast. De goothoogte in dit gedeelte van het plan is gesteld op maximaal 7 meter, ook deze maximum hoogte wordt zeer beperkt toegepast. In De Randen bestaat het beoogde beeld uit een spel waarbij de maximale goothoogte van 7 meter wordt afgewisseld met veel vaker voorkomende lagere goten. De Erven De Erven van de Hofgeest is opgebouwd uit vrijstaande woningen of twee-onder-één-kapwoningen gecombineerd met één of twee bijzondere rijtjes (in één uitzondering zijn er appartementen, vormgegeven als rijwoningen, op het één na meest oostelijke erf). Deze gebouwen kennen hierarchie. Er is een duidelijk hoofdgebouw met een aantal bijgebouwen / 'schuren'. Deze bijgebouwen ogen niet alleen lager, maar er worden ook andere materialen voor gebruikt, zoals hout, zink etc. De sfeer van de randen van deze erven moet groen zijn, naar het landschap toe heeft het erf een bufferzone van robuust groen; bomen en struiken van inheemse soorten. Het hoofdgebouw heeft een maximale nokhoogte van 12 meter.
Deze hoogte biedt de mogelijkheid tot relatief steile kappen (minimaal 45°). Deze maximale hoogte wordt beperkt toegepast. De goothoogte in dit gedeelte van het plan is gesteld op 6 meter. Dit geldt ook voor de appartementen. In De Erven bestaat het beoogde beeld uit een spel waarbij de goothoogte van 6 meter veel wordt afgewisseld met lagere goten. De maximale hoogte voor de goot wordt met name gebruikt voor het hoofdhuis.
Status: vastgesteld 57
bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "
6.5 Bestaande woonpercelen Zoals in paragraaf 1.2 is aangegeven voorziet dit bestemmingsplan voor de bestaande woonpercelen binnen het plangebied in een actueel planologisch kader. Het betreft de percelen aan de Hofgeesterweg 9 en 16 tot en met 24a, Oostlaan 1, Hillegrondswegje 16 en Rijksweg 259. Voor deze percelen is een woon- en tuinbestemming opgenomen waarmee het huidige gebruik en de aanwezige bebouwing is vastgelegd.
Status: vastgesteld 58
bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "
Hoofdstuk 7 Juridisch bestuurlijke aspecten 7.1 Inleiding In dit hoofdstuk wordt inzicht gegeven in de wijze waarop de gewenste ruimtelijke ontwikkeling juridisch is vertaald. Het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan bestaat uit de verbeelding en de regels. De regels bevatten het juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van deze gronden, regels omtrent de toegelaten bebouwing en regelingen betreffende het gebruik van op te richten bouwwerken. De verbeelding heeft een ondersteunende rol voor toepassing van de regels alsmede de functie van visualisering van de bestemmingen. De verbeelding vormt samen met de regels het voor de burgers bindende onderdeel van het bestemmingsplan. De toelichting heeft geen bindende werking, maar heeft wel een belangrijke functie bij de onderbouwing van het plan en geeft uitleg van bepaalde bestemmingen en regels. In dit hoofdstuk zal worden ingegaan op de systematiek en leeswijzer bij de verbeelding en regels en de handhaafbaarheid.
7.2 Planopzet en systematiek In het voorliggende bestemmingsplan is de hoofdstructuur van de openbare ruimte vastgelegd met de bestemmingen Groen, Verkeer en Water. Voor de gronden die conserverend in dit bestemmingsplan zijn opgenomen is een gedetailleerde systematiek toegepast waarbij voor de woonpercelen in de woonbestemming een bouwvlak is opgenomen voor het hoofdgebouw en aan het voorerf een tuinbestemming is toegekend. Voor de te ontwikkelen gronden waar woningbouw is voorzien zijn conform de deelgebieden in het stedenbouwkundig plan, drie verschillende woonbestemmingen opgenomen (Wonen 1, Wonen - 2 en Wonen - 3). Er is sprake van globale eindbestemmingen waarbij nog enige ruimte is om voor wijzigingen in het stedenbouwkundig plan. Hierbij kan gedacht worden aan beperkte wijzigingen in de situering van woningen en wijziging van woningtypes. Met de figuur 'gevellijn' is de oriëntatie van de woningen in de deelgebieden bepaald. Binnen de bestemming Sport is een vrij gedetailleerde systematiek toegepast waarbij gebouwen uitsluitend zijn toegestaan binnen het bouwvlak. Door de keuze voor deze planvorm wordt voldoende rechtszekerheid geboden voor de omgeving maar is er wel nog enige flexibiliteit mogelijk in de verkaveling.
7.3 Inleidende bepalingen Wijze van meten In de regels en op de verbeelding zijn maximale goot- en/of bouwhoogtes zijn opgenomen. Indien er alleen sprake is van een bouwhoogte, dan mag de maximale bouwhoogte niet meer bedragen dan op de verbeelding of in de regels staat opgenomen. Er kan hierbij zowel sprake zijn van een platte afdekking als van een andere kapvorm mits de kap niet hoger is dan de aangegeven maximale bouwhoogte. Binnen de woonbestemmingen is een maximale goot- en bouwhoogte opgenomen. In het beeldkwaliteitsplan is voor de woningen vastgelegd dat platte daken op hoofdgebouwen niet zijn toegestaan en alleen een zadel-, schild- en mansardekap is toegestaan. De maximale Status: vastgesteld 59
bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "
bouwhoogte is te beschouwen als de nokhoogte. De kap bestaat uit hellende dakvlakken, waarbij de goot niet hoger is dan de maximale goothoogte. Een dakvlak zal hierbij in zijn geheel onder dezelfde hellingshoek vallen. De beide dakvlakken treffen elkaar in de nok, welke maximaal op de maximaal toegestane bouwhoogte is gelegen. Er dient dus sprake te zijn van een daadwerkelijke nok met evenwijdige dakvlakken. Er kan voor andere gebouwen dan woningen ook sprake zijn van een platte afdekking, maar dan is er sprake van een boeibordhoogte. Deze platte afdekking mag dan niet hoger zijn dan de maximaal toegelaten goothoogte. Indien in de regels een goothoogte en bouwhoogte is opgenomen maar op de verbeelding een andere goot- en bouwhoogte is opgenomen, dan gelden de op de verbeelding opgenomen hoogtes. Indien in de regels een goot- en bouwhoogte is opgenomen maar op de verbeelding alleen een bouwhoogte en geen goothoogte is opgenomen, dan is er sprake van alleen een bouwhoogte.
7.4 Bestemmingsbepalingen Artikel 3: Agrarisch De gronden die agrarisch in gebruik blijven zijn bestemd als 'Agrarisch'. Er mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd. Artikel 4: Groen De hoofdgroenstructuur is als 'Groen' bestemd. Binnen deze bestemming zijn ook fiets- en voetpaden, in-/uitritten en waterlopen toegestaan. Bouwwerken, geen gebouwen zijnde zijn niet toegestaan met uitzondering van speeltoestellen en straatmeubilair. Binnen de bestemming is voor een locatie aan de Hofgeesterweg een wijzigingsbevoegdheid opgenomen om maximaal 2 woningen toe te staan, onder de voorwaarde dat door middel van geuronderzoek naar de activiteiten op het perceel Hofgeesterweg 63 is aangetoond dat ter plaatse van de te realiseren woningen sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Artikel 5: Sport Voor de gronden van het nieuwe sportcomplex is de bestemming 'Sport' opgenomen. Gebouwen zijn uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak. Artikel 6: Tuin De voorerven van bestaande woningen hebben de bestemming Tuin. Er mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde en erkers worden gebouwd. Artikel 7: Verkeer De hoofdverkeerstructuur in het plangebied is als 'Verkeer' bestemd. Met uitzondering van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet binnen deze bestemming worden gebouwd.
Binnen de bestemming is een afwijkingsbepaling opgenomen op basis waarvan het college van burgemeester en wethouders omgevingsvergunning kunnen verlenen om gronden met de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - parkeren' in gebruik te kunnen nemen als tuinen bij de aan de bestemming grenzende woonpercelen. Deze mogelijkheid kan uitsluitend worden toegepast ten behoeve van de uitwerking van het stedenbouwkundig plan en voorafgaand aan de verlening van een omgevingsvergunning voor de woningbouw op de gronden grenzend aan de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - parkeren'. De maximale overschrijding van de bestemmingsgrens mag niet meer bedragen dan 6,5 meter en er moet worden voldaan aan de eis van voldoende parkeergelegenheid en de aanleg en instandhouding van een ontsluitingsweg met aan minimaal één zijde haakse parkeerplaatsen.
Status: vastgesteld 60
bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "
Artikel 8: Water Het bestaande en te graven water ter plaatse van het nieuwe sportcomplex is bestemd als 'Water'. Met uitzondering van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet binnen deze bestemming worden gebouwd. Artikel 9: Wonen Voor de bestaande woningen is de bestemming 'Wonen' opgenomen. Hoofdgebouwen zijn uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak. De maximum goot- en bouwhoogte mag niet meer bedragen dan respectievelijk 4 meter en 9 meter danwel de bestaande goot- en bouwhoogte indien deze meer bedragen. Het aantal woningen per bouwvlak mag niet meer bedragen dan het aantal bestaande woningen ten tijde van het de vaststelling van dit bestemmingsplan. De bestemmingsregels voorzien tevens in een regeling voor aan huis gebonden beroepen en bed & breakfast. Artikel 10: Wonen - 1 Voor het deelgebied De Randen is de bestemming Wonen - 1 opgenomen. Binnen deze bestemming zijn vrijstaande woningen gecombineerd met twee-onder-één-kapwoningen. De maximale goothoogte bedraagt 7 meter, de maximale bouwhoogte 12 meter. De bestemmingsregels voorzien tevens in een regeling voor aan huis gebonden beroepen en bed & breakfast. Artikel 11: Wonen - 2 Voor het deelgebied De Kern is de bestemming Wonen - 2 opgenomen. Binnen deze bestemming zijn vrijstaande woningen, twee-onder-één-kapwoningen en rijwoningen toegestaan.
Tevens zijn ter plaatse van de bouwaanduiding 'gestapeld' ook gestapelde woningen toegestaan. De maximale goothoogte bedraagt 7 meter, de maximale bouwhoogte 12 meter. De bestemmingsregels voorzien tevens in een regeling voor aan huis gebonden beroepen en bed & breakfast. Artikel 12: Wonen - 3 Voor het deelgebied De Erven is de bestemming Wonen - 3 opgenomen. Binnen deze bestemming zijn vrijstaande woningen, twee-onder-één-kapwoningen en rijwoningen toegestaan. Tevens zijn ter plaatse van de bouwaanduiding 'gestapeld' ook gestapelde woningen toegestaan. De maximale goothoogte bedraagt 6 meter, de maximale bouwhoogte 12 meter. De bestemmingsregels voorzien tevens in een regeling voor aan huis gebonden beroepen en bed & breakfast. Artikel 13: Leiding - Gas Ten behoeve van de bescherming van de hogedruk aardgasleidingen is de dubbelbestemming Leiding - Gas opgenomen. Artikel 14: Leiding - Hoogspanning Ten behoeve van de bescherming van de 150 kV ondergrondse hoogspanningsleiding is de dubbelbestemming Leiding - Hoogspanning opgenomen. Artikel 15: Leiding - Olie Ten behoeve van de bescherming van de olieleiding is de dubbelbestemming Leiding - Olie opgenomen. Artikel 16: Leiding - Water Ten behoeve van de bescherming van de afvalwatertransportleiding is de dubbelbestemming Leiding - Water opgenomen.
Artikel 17: Waarde - Archeologie categorie 1 De gronden met de bestemming Waarde - Archeologie categorie 1 zijn mede bestemd voor het behoud van aanwezige archeologische waarden. Voor het realiseren van bouwwerken of Status: vastgesteld 61
bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "
werkzaamheden die de ondergrond verstoren en dieper gaan dan 80 cm onder maaiveld bij een oppervlak van meer dan 100 m² is nader archeologisch onderzoek nodig in de vorm van een archeologisch proefsleuvenonderzoek. Artikel 18: Waarde - Archeologie categorie 2 De gronden met de bestemming Waarde - Archeologie categorie 2 zijn mede bestemd voor het behoud van aanwezige archeologische waarden. Voor het realiseren van bouwwerken of werkzaamheden die de ondergrond verstoren en dieper gaan dan 50 cm onder maaiveld bij een oppervlak van meer dan 100 m² is nader archeologisch onderzoek nodig in de vorm van een archeologisch proefsleuvenonderzoek. Artikel 19: Waarde - Archeologie categorie 3 De gronden met de bestemming Waarde - Archeologie categorie 3 zijn mede bestemd voor het behoud van aanwezige archeologische waarden. Voor het realiseren van bouwwerken of werkzaamheden die de ondergrond verstoren en dieper gaan dan 70 cm onder maaiveld bij een oppervlak van meer dan 100 m² is nader archeologisch onderzoek nodig in de vorm van een archeologisch proefsleuvenonderzoek. Artikel 20: Waarde - Archeologie categorie 4 De gronden met de bestemming Waarde - Archeologie categorie 4 zijn mede bestemd voor het behoud van aanwezige archeologische waarden.
Voor het realiseren van bouwwerken of werkzaamheden die de ondergrond verstoren en dieper gaan dan 40 cm onder maaiveld bij een oppervlak van meer dan 100 m² is nader archeologisch onderzoek nodig.
7.5 Algemene bepalingen 7.5.1 Handhaving en toezicht Het bestemmingsplan Hofgeest, Velserbroek is gemaakt op grond van het in de Wet ruimtelijke ordening en Besluit ruimtelijke ordening bepaalde. Deze wet is dan ook van toepassing op handhaving en toezicht op de uitvoering van dit bestemmingsplan evenals de Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht met bijbehorende besluiten en ministeriële regelingen.
7.5.2 Algemene afwijkingsregels en algemene wijzigingsregels Met de algemene afwijkingsregels kan middels een omgevingsvergunning een kleine afwijking in het verloop of het profiel van wegen of de aansluiting van wegen worden toegestaan. Tevens is de mogelijkheid opgenomen om onder voorwaarden geringe overschrijdingen van bouwgrenzen toe te staan. Deze mogelijkheid is gewenst om kleine afwijkingen bij de verdere uitwerking van het stedenbouwkundig plan te kunnen ondervangen.
7.6 Handhaving Een overtreding als bedoeld in artikel 23 van de regels is een strafbaar feit zoals is ondergebracht in de Wet op de economische delicten. Het relevante artikel (1a) van deze wet luidt: "Economische delicten zijn eveneens overtredingen van voorschriften gesteld bij of krachtens de Wet ruimtelijke ordening, artikel 7.2".
Status: vastgesteld 62
bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "
7.7 Algemene bepalingen Het bestemmingsplan Hofgeest, Velserbroek is gemaakt op grond van het in de Wet ruimtelijke ordening bepaalde. Deze wet bepaald samen met de Woningwet en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) het kader voor het kunnen bouwen en gebruiken van gronden en van toepassing op handhaving en toezicht op de uitvoering van dit bestemmingsplan. Het hieronder beschreven overzicht van relevante wetgeving was geldend ten tijde van vaststelling van dit bestemmingsplan. Wabo artikel 2.1 lid 1. Hierin staat dat het verboden is zonder omgevingsvergunning een project uit te voeren, voor zover dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit: a. het bouwen van een bouwwerk, b. het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, in gevallen waarin dat bij een bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit is bepaald, c. het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan, een beheersverordening, een exploitatieplan, de regels gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, of 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening of een voorbereidingsbesluit voor zover toepassing is gegeven aan artikel 3.7, vierde lid, tweede volzin, van die wet Wabo artikel 2.10 Dit artikel zegt dat een omgevingsvergunning alleen kan worden geweigerd als de aanvraag niet voldoet aan hetgeen gesteld in: a. bouwbesluit b.
bouwverordening c. bestemmingsplan, beheersverordening of exploitatieplan d. welstandsnota e. advies van de commissie voor de tunnelveiligheid Hierbij is van belang dat het Beeldkwaliteitsplan Hofgeest Velserbroek na vaststelling van dit bestemmingsplan onderdeel uitmaakt van de welstandsnota. Wro artikel 7.2 Het is verboden gronden of bouwwerken te gebruiken in strijd met: a. een voorbereidingsbesluit of een verklaring als bedoeld in artikel 4.1, vijfde lid, of 4.3, vierde lid, voor zover hierbij toepassing is gegeven aan artikelen 3.7, vierde lid, maar geen toepassing is gegeven aan de tweede volzin van het lid; b. regels die zijn gesteld krachtens deze wet voor zover de overtreding daarvan is aangemaakt als strafbaar feit en voor zover daarop artikel 2.1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht niet van toepassing is. Dit strafbaar feit heeft zijn grondslag in de wet op de economische delicten waarin tevens de straffen en maatregelen zijn opgenomen. De volledige teksten van de relevante artikelen zijn opgenomen in de Wet op de economische delicten
Status: vastgesteld 63
bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "
7.8 Overgangs- en slotregels Het overgangsrecht is tweeledig en heeft betrekking op bouwwerken en gebruik. In dit artikel staan de overgangsregels voor bestaande bouwwerken en bestaande gebruiksactiviteiten die afwijken van het bestemmingsplan. Het slotartikel geeft de naam van het bestemmingsplan aan.
Status: vastgesteld 64
bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "
Hoofdstuk 8 Economische uitvoerbaarheid Ingevolge artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) dient er in het kader van het bestemmingsplan een onderzoek te worden gedaan naar de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het plan. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de financiële haalbaarheid van het plan. De maatschappelijke aspecten worden in hoofdstuk 9 toegelicht. In artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) is voorgeschreven dat de gemeenteraad een exploitatieplan vaststelt voor de gronden waarop een bouwplan is voorgenomen. In artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening is de definitie van bouwplan gegeven, waarbij het onderhavige plan als bouwplan kan worden aangemerkt. Met het tweede lid van artikel 6.12 Wro kan worden afgeweken van de plicht een exploitatieplan vast te stellen, mits het verhaal van kosten anderszins is verzekerd. De kosten voor het bouwplan alsmede de plankosten worden gedragen door de ontwikkelaars van het plan. Hetzelfde geldt voor eventuele kosten als gevolg van planschade. Hiervoor is een overeenkomst tussen de ontwikkelaars en de gemeente gesloten. De ambtelijke kosten voor de realisatie van het plan zijn voor de gemeente anderszins verzekerd in deze overeenkomst. Om deze reden is een exploitatieplan niet nodig. De financiële uitvoerbaarheid van het plan is voldoende gewaarborgd.
Status: vastgesteld 65
bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "
Hoofdstuk 9 Inspraak, vooroverleg en zienswijzen Inspraak en vooroverleg Op 16 april 2019 is door de ontwikkelaars samen met de gemeente een inloopbijeenkomst georganiseerd. Bewoners en belangstellenden zijn hierin geïnformeerd over de uitwerking van het ontwerp-ontwikkelingsplan naar het voorliggende stedenbouwkundig plan. Op de goed bezochte bijeenkomst waren de reacties overwegend positief. Er zijn schriftelijk reacties verzameld. Vragen gingen over de start van de verkoop, al dan niet woningbouw in het gebied Grote Buitendijk en de planning van de ontwikkeling. Aanwezigen konden schriftelijk met een zogeheten ‘hartenwens' hun opmerking over het plan maken en/of belangstelling voor het vervolg van de planontwikkeling aangeven. In totaal zijn er 855 formulieren ingevuld. Het overgrote deel van de mensen wil geïnformeerd blijven. De schriftelijke opmerkingen lopen uit een van wens voor doortrekken geluidsscherm langs de A9, onderzoek naar verkeerssituatie in Velserbroek / aansluiting op de A9, een kritische blik op de locatie voor Skaeve Huse tot het snel realiseren van het plan in verband met de woningnood. Op het voorontwerp van dit bestemmingsplan is, overeenkomstig de gemeentelijke Inspraakverordening, gelegenheid tot Inspraak geboden.
Het voorontwerpbestemmingsplan met bijlagen heeft met ingang van 3 juli 2020 gedurende 8 weken ter inzage gelegen, waarbij aan een ieder de mogelijkheid is geboden om een inspraakreactie in te dienen. Er zijn 10 inspraakreacties ingediend. Deze zijn van beantwoording voorzien in bijlage 21 Nota van inspraak en vooroverleg, waarbij is aangegeven of de reacties hebben geleid tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Overeenkomstig het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.1) is bij de voorbereiding van het bestemmingsplan vooroverleg gevoerd met de besturen van de instanties die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan betrokken zijn. Deze instanties zijn in de gelegenheid gesteld om op het voorontwerpbestemmingsplan te reageren. Er zijn 5 overlegreacties ingediend. Deze zijn van beantwoording voorzien in bijlage 21 Nota van inspraak en vooroverleg, waarbij is aangegeven of de reacties hebben geleid tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Zienswijzen Vanaf 18 december 2020 heeft, gedurende zes weken, het ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegen. Binnen die termijn zijn 7 zienswijzen bij de gemeenteraad ingediend. Eén zienswijze is later weer ingetrokken. Een andere zienswijze is later dan de gestelde termijn ingediend en daardoor niet ontvankelijk.
Daarnaast is sprake van een zienswijze die geen inhoudelijke gronden bevat en om die reden niet ontvankelijk is. De overige 4 zienswijzen zijn van een beantwoording voorzien in bijlage 22 Nota van zienswijzen, waarbij is aangegeven of de reacties hebben geleid tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Tevens zijn de ambtshalve wijzigingen in deze nota beschreven.
Status: vastgesteld 66