CConstaterende datVelsen
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting bestemmingsplan Hofgeest

Raadsvergadering 23 juni 2021, gemeente VelsenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Hofgeest25.170 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Hofgeest, Velserbroek

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

Inhoudsopgave

Toelichting

5

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Inleiding 1.2 Plangebied 1.3 Vigerende bestemmingsplannen

6 6 6 7

Hoofdstuk 2 Ontstaansgeschiedenis

10

Hoofdstuk 3 Beleidskader 3.1 Inleiding 3.2 Europees beleid 3.3 Rijksbeleid 3.4 Provinciaal beleid 3.5 Gemeentelijk beleid

12 12 12 13 18 20

Hoofdstuk 4 Milieu- en omgevingsaspecten 4.1 Bedrijven en milieuhinder 4.2 Geluid 4.3 Lichthinder 4.4 Geur 4.5 Externe veiligheid 4.6 Luchtkwaliteit 4.7 Verkeer en parkeren 4.8 Bodem 4.9 Ecologie 4.10 Duurzaamheid 4.11 Cultuurhistorie 4.12 Archeologie 4.13 Niet gesprongen explosieven 4.14 Milieueffectrapportage

27 27 29 34 34 36 38 38 39 41 43 44 44 46 46

Hoofdstuk 5 Waterparagraaf 5.1 Waterbeheer 5.2 Watersysteem 5.3 Waterkwantiteit 5.4 Grondwater 5.5 Riolering

48 48 49 49 51 52

Hoofdstuk 6 Planbeschrijving 6.1 Achtergrond 6.2 Stedenbouwkundig plan 6.3 Sportcomplex 6.4 Landschappelijke inpassing en beeldkwaliteit 6.5 Bestaande woonpercelen

53 53 53 55 56 58

Hoofdstuk 7 Juridisch bestuurlijke aspecten 7.1 Inleiding 7.2 Planopzet en systematiek 7.3 Inleidende bepalingen

59 59 59 59

Status: vastgesteld 2

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

7.4 7.5 7.6 7.7 7.8

Bestemmingsbepalingen Algemene bepalingen Handhaving Algemene bepalingen Overgangs- en slotregels

60 62 62 63 64

Hoofdstuk 8 Economische uitvoerbaarheid

65

Hoofdstuk 9 Inspraak, vooroverleg en zienswijzen

66

Status: vastgesteld 3

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

Status: vastgesteld 4

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

Toelichting

Status: vastgesteld 5

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Inleiding Dit bestemmingsplan heeft betrekking op het gebied Hofgeest aan de noordrand van Velserbroek. Het plan bestaat uit twee delen aan weerszijde van de Broekeroog: Hofgeest West en Hofgeest VSV. Om de woningbouw in plandeel Hofgeest VSV mogelijk te maken wordt het bestaande sportcomplex van voetbalvereniging VSV verplaatst. Het nieuwe sportcomplex krijgt een plek aan de Oostlaan. Ook rugbyclub The Smugglers zal naar dit nieuwe sportcomplex verhuizen. De ontwikkeling van Hofgeest tot nieuw woongebied staat al lange tijd op de agenda van de gemeente Velsen. Met het ontwerp-ontwikkelingsplan Grote Buitendijk / Hofgeest (2011) stelde de gemeenteraad het ruimtelijk kader voor deze ontwikkeling vast. In 2014 heeft de gemeenteraad randvoorwaarden gesteld aan de ontwikkeling van Hofgeest door marktpartijen. De ontwikkelende partijen Holleman Santpoort Bouwgroep B.V. en BPD Ontwikkeling B.V. hebben het initiatief genomen om samen met de gemeente tot een integrale ontwikkeling te komen van respectievelijk de plandelen Hofgeest West en Hofgeest VSV. De voorgenomen ontwikkelingen in het gebied zijn niet passend binnen de ter plaatse geldende bestemmingsplannen. Met voorliggend bestemmingsplan wordt een nieuw ruimtelijk regime voor het plangebied van kracht, waarmee de ontwikkelingen binnen het plangebied planologisch mogelijk worden gemaakt.

1.2 Plangebied Het plangebied ligt ten noorden van Velserbroek, ingeklemd tussen de wegen N208 en A22 (nabij aansluiting A9). Het plangebied bestaat uit verschillende deelgebieden. Het deelgebied Hofgeest West (nummer 1 op onderstaande luchtfoto) ligt ten zuiden van het Hillegondswegje en wordt verder begrensd door de Broekeroog, de Hofgeesterweg en het terrein van Ranzijn Huis & Dier. Het deelgebied Hofgeest VSV (nummer 2) bestaat uit het sportcomplex van VSV en wordt begrensd door het Hillegondswegje, de Broekeroog en de Hofgeesterweg. Het derde deelgebied betreft de locatie waar het nieuwe sportcomplex is voorzien. Deze gronden liggen ten oosten van het tenniscomplex van LTC Hofgeest, ingeklemd tussen de Oostlaan en de A22. Om te voorkomen dat er losse plangebieden ontstaan, zijn de gronden die zijn gelegen tussen deelgebied 1, 2 en 3 meegenomen in dit bestemmingsplan. Voor de bestaande woonpercelen binnen het plangebied, gesitueerd aan de Hofgeesterweg, Oostlaan, Hillegondswegje en Rijksweg, voorziet dit bestemmingsplan in een actueel planologisch kader.

Status: vastgesteld 6

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

Afbeelding 1.1 Plangebied

1.3 Vigerende bestemmingsplannen Voor de deelgebieden Hofgeest West en Hofgeest VSV geldt grotendeels het bestemmingsplan Hofgeest, vastgesteld op 20 oktober 1983 (zie afbeelding 1.2). Voor een klein deel van het plandeel Hofgeest West geldt het bestemmingsplan Hillegondswegje, vastgesteld op 25 januari 2018. De gronden van het te ontwikkelen deelgebied Hofgeest West hebben momenteel overwegend een agrarische bestemming. Aan de Hofgeesterweg zijn twee agrarische bouwvlakken aanwezig. Tevens zijn hier gronden bestemd als Atelier, Bedrijf, Woondoeleinden, Tuin, Erf en Groenvoorzieningen. De woonpercelen aan het Hillegondswegje en de Rijksweg hebben de bestemming Woondoeleinden, Tuin en Erf. Binnen het deelgebied Hofgeest VSV gelden de bestemmingen Sportieve recreatie en Verkeersdoeleinden. Voor de noordelijke gronden geldt in het bestemmingsplan Hofgeest de bestemming Uit te werken recreatieve doeleinden. Deze bestemming is uitgewerkt in het bestemmingsplan 'Hofgeest, 1e uitwerking', vastgesteld op 25 juni 1996, in de bestemming Sportieve recreatie en de dubbelbestemming Leidingenstrook (zie afbeelding 1.3). Voor de gronden waar het nieuwe sportcomplex van VSV is voorzien geldt het bestemmingsplan Velserbroek, vastgesteld op 20 oktober 1983 (zie afbeelding 1.4). De gronden hebben de bestemming Agrarisch gebied, onbebouwd.

Tussen de A22 en de Oostlaan is een buisleidingentracé aanwezig. Ter plaatse van dit tracé geldt het inpassingsplan Aardgastransportleiding Beverwijk - Wijngaarden, vastgesteld op 19 september 2012. De gronden van het tracé hebben in dit inpassingsplan de Status: vastgesteld 7

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

dubbelbestemming 'Leiding - Gas'. Tevens geldt voor het totale plangebied het Paraplubestemmingsplan Parkeren Velsen. In dit bestemmingsplan is een regeling opgenomen, een voorwaardelijke verplichting, die verwijst naar de parkeernormen voor auto's in het geldende beleid. Tot slot geldt voor het plangebied het Paraplubestemmingsplan Woningsplitsing en kamerverhuur waarin regels zijn opgenomen voor het splitsen van woningen en het gebruik van woningen voor onder andere shortstay en kamerverhuur.

Afbeelding 1.2 Uitsnede plankaart bestemmingsplan Hofgeest

Status: vastgesteld 8

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

Afbeelding 1.3 Uitsnede plankaart bestemmingsplan Hofgeest, 1e uitwerking

Afbeelding 1.4 Uitsnede plankaart bestemmingsplan Velserbroek

Status: vastgesteld 9

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

Hoofdstuk 2 Ontstaansgeschiedenis Het plangebied maakt deel uit van de Hollandse kustzone. Vanaf 6000 jaar geleden ontwikkelde het landschap zich van een sterk door de zee gedomineerd gebied van wadplaten en getijdengeulen tot een rijk geschakeerd landschap van zandruggen, met hier en daar geïsoleerde zandopduikingen omgeven door moerassen, lagunes en kreken. 1500 jaar later raakte de kustlijn westelijk van Velserbroek definitief gesloten. Vanaf deze stabiele strandwal zorgde de wind voor een frequente zandaanvoer, zodat aan de zijde van de huidige Hofgeest een solide binnenduinrand ontstond. Het langdurige landgebruik in de Middeleeuwen maakte de Hofgeest tot een van de belangrijkste geestgrondgebieden van het ambacht Velsen. Nivellering, bemesting en de aanleg van een efficiënt duinrelpatroon voor de ontwatering zorgden voor een optimaal gebruik. De oorspronkelijke Hofgeest heeft een vrijwel vierkante vorm en wordt aan de westzijde van de Rijksweg begrensd door het Groenelaantje en het Spekkenwegje. Door de Rijksweg, die in de Middeleeuwen als Hollands belangrijkste verbindingsweg was ontstaan als Heereweg, is de Hofgeest opgesplitst en thans wordt alleen de oostzijde nog met die naam aangeduid. De combinatie met de aantrekkelijke gras- en hooilanden van de aangrenzende Velserbroek heeft de oude Hofgeest tot een aantrekkelijk woon- en werkgebied gemaakt.

Het bleef ook na de Middeleeuwen een relatief dicht bewoond en intensief benut gebied De Hofgeest kreeg in de achttiende eeuw een minder open en wat meer bebost karakter als gevolg van de opkomende buitenplaatsen, grootgrondbezit en de aanleg van siertuinen en een enkele laan, zoals van Huis te Spijk. Dit verklaart ook de naam Hofgeest (Hof vanwege de buitenplaatsen; geest = zandige hoogte). Aan het begin van de negentiende eeuw kreeg het gebied echter weer een zuiver agrarische functie. Huis te Spijk (gesitueerd ter plaatse van Hofgeesterweg 9) was een buitenplaats die vermoedelijk van het eind van de zestiende eeuw dateert. Er zijn echter ook veel oudere sporen gevonden. Het betreft een archeologisch monument. Het slotenpatroon van Velserbroek is sinds de ontginning van het veengebied, nu ruim 1000 jaar geleden, feitelijk onveranderd gebleven. Ingrepen als de ruilverkavelingen hebben slechts op individuele sloten invloed gehad. De veenontginning waarmee zij samenhangen, was bedoeld om graan te verbouwen. Omdat de bijbehorende ontwatering het land deed inklinken, met als gevolg dat het gebied permanent onder water dreigde te verdwijnen, bleef er maar één redelijk alternatief over: omdijking en het benutten als grasland met beweiding en/of hooiproductie.

Aan de buitenzijde van de ‘Velser broeklanden’, aan de kant van het IJ- of Wijkermeer, is dan ook aan het begin van de dertiende eeuw de ‘Velserdijk’ aangelegd. Ondanks dat het gebied menige winter toch onder water stond, bleef hierdoor veel weidegrond beschikbaar. Uit deze kortstondige overstromingen ontstond de vruchtbare, maar slecht bewerkbare kleibedekking die tot heden de bovenlaag van de bodem van Velserbroek vormt. Aan de westzijde van het gebied is tussen 1950 en 1975 de Velsertunnel aangelegd en is de oude Rijksstraatweg opgewaardeerd tot een provinciale autoweg (N208). Naast de tunnel voor auto's is er ook een tunnel voor het treinverkeer aanwezig, de verbinding Haarlem-Alkmaar. Aan de oostzijde is de rijksweg A9 in de periode vanaf 1950 aangelegd. Dit tracé is later de A22 geworden nadat de Wijkertunnel de A9 heeft doen afbuigen. Verstedelijking zoals de bouw van Velserbroek, tussen 1975 en 2005, heeft grote invloed gehad op het landschap. Deze woonwijk wordt nu door een afrit te plaatse van de Santpoortse Dreef ontsloten. Momenteel reikt de bebouwing tot even ten noorden van de Status: vastgesteld 10

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

Hofgeesterweg. Onder invloed van de verstedelijkingsdruk verandert het gebied van functie.

Status: vastgesteld 11

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

Hoofdstuk 3 Beleidskader 3.1 Inleiding Dit hoofdstuk geeft een overzicht van de inhoud van het ruimtelijk relevante beleid op Europees, Rijks, provinciaal en gemeentelijk schaalniveau. Dit beleid vormt het kader waarbinnen de nieuwe ontwikkeling plaats dient te vinden.

3.2 Europees beleid Beslissingen over het grondgebruik in Nederland worden tot op zekere hoogte in Brussel genomen. Zoals alle andere lidstaten heeft Nederland zich gecommitteerd de Europese weten regelgeving en richtlijnen volledig, nauwkeurig, bindend en tijdig te implementeren.

3.2.1 Milieubeleid Het milieubeleid is één van de belangrijkste sectorale beleidsvelden die van invloed zijn op de ruimtelijke structuur en kwaliteit van de leefomgeving en inrichting van bestemmingsplannen. Diverse onderdelen van het Europees milieubeleid hebben een aanzienlijke ruimtelijke impact in Nederland. Voorbeelden zijn grenswaarden voor luchtkwaliteit (fijn stof en NO2), die gevolgen kunnen hebben voor woningbouw langs drukke wegen.

3.2.2 Natura 2000 Ten behoeve van de gewenste stop in de achteruitgang van de biodiversiteit, is binnen de Europese Unie een netwerk van natuurgebieden van Europees belang vastgesteld: het Natura 2000 netwerk. In dit verband is de afspraak gemaakt dat de lidstaten van de Europese Unie alle maatregelen nemen die nodig zijn om een ‘gunstige staat van instandhouding’ van soorten en habitattypen van communautair belang te realiseren. Voor Nederland betreft dit 51 habitattypen, 36 soorten en 95 vogelsoorten. Bij de vormgeving en keuze van maatregelen wordt rekening gehouden met de vereisten op economisch, sociaal en cultureel gebied, alsmede met regionale en lokale bijzonderheden. Het is evident dat aan te nemen maatregelen in het kader van veiligheid een zwaar gewicht wordt toegekend. Op circa 1,5 kilometer van het plangebied ligt een deel van het Nationaal Park Zuid Kennemerland dat onderdeel uitmaakt van het Natura 2000-netwerk. In paragraaf 4.9 is de voorgenomen ontwikkeling getoetst aan dit beschermingsregime.

3.2.3 De Kaderrichtlijn Water Sinds december 2000 is de Europese Kaderrichtlijn Water van kracht. De belangrijkste doelstelling is het geven van een kader voor het beheer van oppervlaktewater en grondwater op basis van stroomgebieden en stroomgebieddistricten. De richtlijn wil het duurzaam gebruik van water bevorderen en de gevolgen van overstroming en droogte beperken. Daarnaast wil de richtlijn de aan water gebonden natuur beschermen en verbeteren met als uitgangspunt een goede ecologische toestand van het water. De Commissie Waterbeheer 21e eeuw heeft onderzocht welke maatregelen genomen kunnen worden om Nederland ook in de toekomst veilig en leefbaar te houden. De adviezen van de commissie staan in het rapport 'Waterbeleid voor de 21e eeuw'. De belangrijkste aanbevelingen waren: anticiperen in plaats van reageren, meer ruimte naast techniek en 'vasthouden-bergen-afvoeren'. Status: vastgesteld 12

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

Naar aanleiding van de aanbevelingen van de Commissie Waterbeheer 21e eeuw, heeft het kabinet zijn standpunt bepaald in de nota 'Anders omgaan met water' (2000). Deze Nota benadrukt dat het antwoord op de problemen niet alleen ligt in technische oplossingen, maar vooral ook in het ruimte geven aan water (flexibel peilbeheer en ruimtelijke maatregelen in de vorm van calamiteitenberging, piekberging en voorraadbeheer, etc.). Daarnaast moet meer gebruik worden gemaakt van de mogelijkheid om water vast te houden. Als meer water vasthouden niet zomaar gaat, moeten er voorzieningen worden aangelegd om tijdelijk water te bergen. Pas als deze twee mogelijkheden, vasthouden en bergen, zijn gebruikt mag het overtollige water worden afgevoerd. Onderdeel van het bestemmingsplan is de watertoets. In de watertoets is aangegeven wat de gevolgen van het plan zijn voor de waterhuishouding en op welke wijze water (regen-, afval- en oppervlaktewater) wordt ingepast in het plan. De watertoets is afgestemd met de betreffende waterbeheerder. In hoofdstuk 5 wordt hier nader op ingegaan.

3.2.4 Het Verdrag van Malta Op basis van diverse Europese, rijks- en provinciale beleidsregels, met name het Europese Verdrag inzake de bescherming van het archeologisch erfgoed (Verdrag van Malta, bij wet 26 februari 1998) is onder andere bepaald dat het archeologisch belang wordt meegewogen bij de besluitvorming rond ruimtelijke ordeningsaspecten. Een belangrijk punt in het verdrag van Malta is dat vooraf aan iedere ingreep in het bodemarchief (door nieuwbouw, wegenaanleg etc.) archeologisch onderzoek plaats moet vinden. Daarmee kan worden bepaald hoe eventueel aangetroffen archeologische waarden in de plannen kunnen worden ingepast. Mocht dit niet kunnen en is een opgraving onvermijdelijk geworden om de archeologische informatie veilig te stellen, dan dienen de kosten daarvan in het ontwikkelingsproces meegenomen te worden. In Nederland zijn de uitgangspunten van het Verdrag van Malta vastgelegd in de Wet op de Archeologische Monumentenzorg (WAMZ). In paragraaf 4.12 zijn de resultaten van het archeologisch onderzoek beschreven.

3.3 Rijksbeleid 3.3.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Vanaf 2022 treedt de nieuwe Omgevingswet in werking. De Omgevingswet bundelt alle huidige wetten over de leefomgeving. Daarbij hoort ook één rijksvisie op de leefomgeving: de Nationale Omgevingsvisie (NOVI). In de NOVI zijn de maatschappelijke opgaven samengevat in 4 prioriteiten: ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie duurzaam economisch groeipotentieel sterke en gezonde steden en regio’s toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. 1. Ruimte voor klimaat en energietransitie Nederland moet zich aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering, zoals zeespiegelstijging, hogere rivierafvoeren, wateroverlast en langere perioden van droogte. Nederland is in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust. Dit vraagt maatregelen in de leefomgeving, bijvoorbeeld voldoende groen en ruimte voor wateropslag in onze steden. Voordeel is dat daarmee tegelijk de leefomgevingskwaliteit verbeterd wordt en het kansen biedt voor natuur. In 2050 heeft Nederland een duurzame energievoorziening. Dit vraagt ruimte, onder meer voor windmolens en zonnepanelen. Wind op zee heeft de voorkeur, maar ook op land zijn Status: vastgesteld 13

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

windmolens nodig. Door deze zoveel mogelijk te clusteren, wordt versnippering over het landschap voorkomen en wordt de ruimte zo efficiënt mogelijk benut. Voorwaarde is steeds dat bewoners echt goed betrokken zijn en invloed hebben op het gebruik, en waar dat kan meeprofiteren in de opbrengsten. De aanleg van zonneparken in het landschap wordt zoveel mogelijk beperkt. Zonnepanelen worden bij voorkeur zoveel mogelijk eerst op daken en gevels geplaatst. Het Rijk zet zich in voor het maken van ruimtelijke reserveringen voor het hoofdenergiesysteem op nationale schaal. 2. Duurzaam economisch groeipotentieel Nederland werkt toe naar een duurzame, circulaire, kennisintensieve en internationaal concurrerende economie in 2050. Daarmee kan het land zijn positie handhaven in de top vijf van meest concurrerende landen ter wereld. Dit vraagt goede verbindingen via weg, spoor, lucht, water en digitale netwerken en een nauwe samenwerking met onze internationale partners, zowel met onze directe buren als met andere landen in Europa en over de wereld, ook op defensieterrein. Er wordt ingezet op een sterk en innovatief vestigingsklimaat met een goede quality of life: een leefomgeving die de inwoners volop voorzieningen biedt op het gebied van wonen, bewegen, recreëren, ontmoeten en ontspannen.

Belangrijk is wel dat de economie toekomstbestendig wordt, oftewel concurrerend, duurzaam en circulair. Er wordt ingezet op het gebruik van duurzame energiebronnen en op verandering van productieprocessen, zodat we niet langer afhankelijk zijn van eindige, fossiele bronnen. 3. Sterke en gezonde steden en regio's Er zijn vooral in steden en stedelijke regio's nieuwe locaties nodig voor wonen en werken. Het liefst binnen de bestaande stadsgrenzen, zodat de open ruimten tussen stedelijke regio's behouden blijven. Dit vraagt optimale afstemming op en investeringen in mobiliteit. Tegelijk streeft men naar een verbetering naar de leefbaarheid en klimaatbestendigheid in steden en dorpen. Schonere lucht, voldoende groen en water en genoeg publieke voorzieningen waar mensen kunnen bewegen (wandelen, fietsen, sporten, spelen), ontspannen en samenkomen. Daarbij hoort een uitstekende bereikbaarheid en toegankelijkheid, ook voor mensen met een handicap. We zorgen dat de leefomgevingskwaliteit en -veiligheid verder toeneemt. Dit betekent dat voorafgaand aan de keuze van nieuwe verstedelijkingslocaties helder moet zijn welke randvoorwaarden de leefomgevingskwaliteit en -veiligheid daar stelt en welke extra maatregelen nodig zijn wanneer er voor deze locaties wordt gekozen. Zo blijft de gezondheid in steden en regio's geborgd. Niet alleen groei heeft aandacht.

Ook in gebieden met bevolkingsdaling wordt de vitaliteit en leefbaarheid versterkt. 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied Er ontstaat een nieuw perspectief voor de Nederlandse landbouwsector als koploper in de duurzame kringlooplandbouw. Een goed verdienpotentieel voor de bedrijven wordt gecombineerd met een minimaal effect op de omgevingskwaliteit van lucht, bodem en water. Dit levert ook een noodzakelijke positieve bijdrage aan het verbeteren van de biodiversiteit. Bodemdaling moet worden aangepakt. Verhoging van het waterpeil is in bepaalde veenweidegebieden op termijn noodzakelijk. Met de betrokken regio's en gebruikers wordt afgesproken waar en hoe dit zorgvuldig zal gebeuren. In alle gevallen wordt ingezet op ontwikkeling van de karakteristieke eigenschappen van het Nederlandse landschap. Dit vertegenwoordigt een belangrijke cultuurhistorische waarde. Verrommeling en versnippering, bijvoorbeeld door wildgroei van distributiecentra, is ongewenst en wordt tegengegaan. Voorliggend bestemmingsplan sluit aan op het thema 'sterke en gezonde steden en regio's' uit de NOVI. Met het plan wordt invulling gegeven aan de aanwezige woningbehoefte door middel van een gevarieerd woningbouwprogramma en woningen die voldoen aan de huidige duurzaamheids-eisen.

Met de verplaatsing van de voetbal- en rugbyvelden naar een nieuw, toetkomstbestendig sportcomplex wordt daarnaast een kwalitatieve impuls gegeven aan de Status: vastgesteld 14

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

mogelijkheden om te sporten in Velserbroek.

3.3.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn regels opgenomen ter bescherming van de nationale belangen. Op 30 december 2011 is het Barro in werking getreden. In 2012 is het Barro aangevuld. In het Barro zijn bepalingen opgenomen ten aanzien van: a. Rijksvaarwegen; b. Project Mainportontwikkeling Rotterdam; c. Kustfundament; d. Grote rivieren; e. Waddenzee en waddengebied; f. Defensie; g. Hoofdwegen en hoofdspoorwegen; h. Elektriciteitsvoorziening; i. Buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen; j. Ecologische hoofdstructuur; k. Primaire waterkeringen buiten het kustfundament; l. IJsselmeergebied (uitbreidingsruimte); m. Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde. Relevante regels Voor het plangebied zijn de bepalingen over Buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen relevant. In het gebied tussen de Oostlaan en de A22 is een buisleidingen tracé aanwezig. In het Barro is aangegeven dat dit tracé van belang is voor transport van aardgas vanuit Groningen, vanuit Callantsoog en van en naar de gasopslag bij Bergermeer (gemeente Bergen).

Status: vastgesteld 15

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

Afbeelding 3.1 Uitsnede kaart Barro, zoekgebied en voorkeurstracé voor de aanleg van buisleidingen van nationaal belang Op grond van het Barro geldt aan weerszijden van de voorkeurstracés een zoekgebied van 250 meter. In het Rarro (Paragraaf 4, Voorkeurstracés buisleidingen van nationaal belang voor het vervoer van gevaarlijke stoffen) zijn de voorkeurstracés voor buisleidingen opgenomen. Gemeenten die te maken hebben met leidingstroken zijn verplicht om bij het wijzigen van bestemmingsplannen rekening te houden met toekomstige leidingen op hun grondgebied en moeten voorkomen dat er nieuwe belemmeringen ontstaan. Binnen het zoekgebied dat geldt aan weerszijden van het voorkeurstracé, kan de gemeente de exacte ligging van het buisleidingentracé bepalen. Mits het tracé aansluit op het voorkeurstracé bij de naastliggende gemeenten en het tracé dezelfde breedte heeft als de breedte van het grootste deel van het tracé. In het onderhavige bestemmingsplan is het buisleidingentracé met een breedte van 70 meter vastgelegd met een gebiedsaanduiding 'Vrijwaringszone - buisleidingenstraat'. Binnen deze zone zijn geen kwetsbare objecten toegestaan. Tevens zijn geen gebouwen toegestaan op deze gronden.

Ten behoeve van de verplaatsing van het sportcomplex is het voorkeurstracé ten opzichte van het Barro iets opgeschoven naar het noordoosten waarmee het bestaande tracé is vastgelegd en voldoende ruimte blijft voor toekomstige leidingen.

3.3.3 Visie erfgoed en ruimte De Visie Erfgoed en Ruimte 'Kiezen voor Karakter' is de vervanging voor de in 2009 verlopen 'Nota Belverdere', waarin een visie is gegeven op de wijze waarop met de cultuurhistorische kwaliteiten van gebieden en objecten in de toekomstige ruimtelijke ontwikkeling in Nederland kan worden omgegaan. De Visie Erfgoed en Ruimte (VER) 'Kiezen voor Karakter', is gericht op het verbinden van de Status: vastgesteld 16

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

zorg voor het cultureel erfgoed met andere ruimtelijke ontwikkelingsopgaven op het gebied van onder meer economie, veiligheid en duurzaamheid. De visie zet overheden, initiatiefnemers, eigenaren, ontwikkelaars en ruimtelijk ontwerpers er toe aan om de waarde van het cultureel erfgoed in te zetten bij de ontwikkeling van gebieden. De Visie Erfgoed en Ruimte 'Kiezen voor Karakter' is aanvullend aan de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte, waarin het kabinet de unieke cultuurhistorische waarde van nationaal belang planologisch borgt. Daarnaast is met ingang van 1 januari 2012 het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) aangepast. Hierin is opgenomen dat in het bestemmingsplan een beschrijving moet worden opgenomen van de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden. In paragraaf 4.11 en 4.12 wordt nader ingegaan op de cultuurhistorische en archeologische waarden in het plangebied.

3.3.4 Nationaal Waterplan Op 10 december 2015 is het Nationaal Waterplan 2016 – 2021 vastgesteld. Het Nationaal Waterplan bevat de hoofdlijnen van het nationale waterbeleid voor de komende jaren en de daarbij behorende aspecten van het nationale ruimtelijke beleid. Op basis van de Waterwet is het Nationaal Waterplan voor de ruimtelijke aspecten tevens een structuurvisie. Het NWP is zelf bindend voor het Rijk. Het Rijk is in Nederland verantwoordelijk voor het hoofd-watersysteem. In het Nationaal Waterplan legt het Rijk onder meer de strategische doelen voor het waterbeheer vast. Rijkswaterstaat (RWS) neemt in het Beheer- en Ontwikkelplan voor de Rijkswateren (Bprw) de condities en maatregelen op voor het operationeel beheer om deze strategische doelen te bereiken. Het NWP is kaderstellend voor het Bprw. Het kabinet vraagt andere overheden het NWP te vertalen in hun beleidsplannen. In het Nationaal Waterplan 2016-2021 staan de volgende vijf ambities centraal: 1. Nederland blijft de veiligste delta in de wereld; 2. Nederlandse wateren zijn schoon en gezond en er is genoeg zoetwater; 3. Nederland is klimaatbestendig en waterrobuust ingericht; 4. Nederland is en blijft een gidsland voor watermanagement; 5. Nederlanders leven waterbewust. Onderdeel van het bestemmingsplan is de watertoets.

In de watertoets is aangegeven wat de gevolgen van het plan zijn voor de waterhuishouding en op welke wijze water (regen-, afval- en oppervlaktewater) wordt ingepast in het plan. De watertoets is afgestemd met de betreffende waterbeheerder. In Hoofdstuk 5 is hier nader op ingegaan.

3.3.5 Ladder voor duurzame verstedelijking In artikel 3.1.6, lid 2 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is voorgeschreven dat indien bij een bestemmingsplan 'een nieuwe stedelijke ontwikkeling' mogelijk wordt gemaakt, in de toelichting van het bestemmingsplan een verantwoording daarvan moet plaatsvinden. Per 1 juli 2017 is het Bro op enkele onderdelen gewijzigd. Artikel 3.1.6, lid 2 Bro luidt: "De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien." In vervolg op het Regionaal Actieprogramma (RAP) Wonen 2011 - 2015 hebben de gemeenten in de IJmond en Zuid-Kennemerland een RAP 2016 - 2020 ontwikkeld. Hierin heeft de provincie de woningbehoefte voor de regio Zuid-Kennemerland/IJmond geraamd op 8.100 woningen. Het berekende aandeel van Velsen hierin is 872 woningen. De realisatie van Status: vastgesteld 17

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

380 woningen in De Hofgeest past hier binnen. De bouw van de woningen op deze locatie levert een belangrijke bijdrage aan de actuele regionale behoefte. De gronden van het plangebied maken grotendeels geen onderdeel uit van het bestaand stedelijk gebied. Per brief d.d. 24 april 2013 is met betrekking tot het Ontwikkelingsplan Grote Buitendijk / Hofgeest door Gedeputeerde Staten van Noord-Holland (GS) aangegeven dat "nut en noodzaak van nieuwe verstedelijking buiten bestaand bebouwd gebied toereikend is aangetoond". Op 4 november 2015 heeft GS per brief aangegeven dat het voorgaande ook van toepassing is op de verdere ontwikkeling van de deelgebieden Hofgeest West en Hofgeest VSV en de verplaatsing van de voetbalvelden. Het plan voldoet aan de Ladder voor duurzame verstedelijking en is passend binnen de regionale afspraken. De geplande ontwikkeling voorziet in een behoefte en is gebaseerd op een zorgvuldig gebruik van de ruimte.

3.4 Provinciaal beleid 3.4.1 Omgevingsvisie Noord-Holland 2050 en Omgevingsverordening NH2020 Op 19 november 2018 hebben de Provinciale Staten van Noord-Holland de Omgevingsvisie NH2050 vastgesteld. Hierin staat de visie op de fysieke leefomgeving beschreven. De Omgevingsvisie vervangt de Structuurvisie Noord-Holland 2040, het Provinciaal Verkeers- en Vervoerplan, het Provinciaal Milieubeleidsplan 2015-2018 en de Agenda Groen. De leidende hoofdambitie in de Omgevingsvisie NH2050 is de balans tussen economische groei en leefbaarheid. Een gezonde en veilige leefomgeving, die goed is voor mens, plant én dier, is een voorwaarde voor een goed economisch vestigingsklimaat. Tegelijkertijd is duurzame economische ontwikkeling een voorwaarde voor het kunnen investeren in een prettige leefomgeving. De provincie wil dat de kwalitatieve en kwantitatieve vraag en aanbod van werk- en woonlocaties met elkaar in overeenstemming zijn en streeft naar behoud en versterking van de unieke kwaliteiten van de diverse landschappen en cultuurhistorie. Het beleid van de Omgevingsvisie Noord-Holland 2050 is, voor zover het een bindende werking moet hebben, neergelegd in de Omgevingsverordening NH2020 zoals vastgesteld op 22 oktober 2020. Hieronder zijn de relevante artikelen uit de Omgevingsverordening benoemd. Artikel 6.3

Nieuwe stedelijke ontwikkeling

In artikel 6.3 van de Omgevingsverordening is bepaald dat een bestemmingsplan uitsluitend kan voorzien in een nieuwe stedelijke ontwikkeling als deze ontwikkeling in overeenstemming is met de binnen de regio gemaakte schriftelijke afspraken. Zoals in paragraaf 3.3.5 is aangegeven is de voorgenomen woningbouwontwikkeling passend binnen het RAP 2016 2020. In het kader van het RAP is de voorgenomen ontwikkeling regionaal afgestemd. Artikel 6.54:

Ruimtelijke kwaliteit

Op grond van artikel 6.54 van de Omgevingsverordening moeten nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen in het landelijk gebied voldoen aan de ruimtelijke kwaliteits-eis. In paragraaf 3.4.3 is toegelicht op welke wijze rekening wordt gehouden met de uitgangspunten uit de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie, waaronder de gedeeltelijke ligging van het toekomstig sportcomplex in het voormalige inundatiegebied. In het Beeldkwaliteitsplan Hofgeest Velserbroek is door Mulleners + Mulleners architecten de inpassing in de omgeving en ruimtelijke kwaliteit van het plan beschreven (zie ook hoofdstuk 6). Op 16 september 2020 is het plan in de Adviescommissie Ruimtelijke Ontwikkelingen (ARO) behandeld. De ARO is op hoofdlijnen akkoord gegaan met de hoofdopzet van het woongebied en de overgangen Status: vastgesteld 18

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

naar het landschap. De ARO heeft aandacht gevraagd voor het gebiedseigen karakter van de ontwikkeling. Dit zal voldoende aandacht krijgen in de uitwerking van het plan. Tevens wordt aandacht gevraagd voor de locatie van de sportvelden aangezien deze in het inundatiegebied van de Stelling van Amsterdam zijn voorzien. In paragraaf 3.4.3 is hier nader op ingegaan. Het voornemen is passend binnen de regels van de Omgevingsverordening NH2020.

3.4.2 Watervisie 2021 Met de Watervisie 2021, zoals vastgesteld op 16 november 2015, geeft de provincie Noord-Holland vervolg aan het Provinciaal Waterplan 2010-2015. De Watervisie is afgestemd met de Stroomgebiedbeheerplannen uit de Kaderrichtlijn Water. De Watervisie is een strategisch beleidsdocument voor de periode 2016-2021 en beschrijft de ambitie en kaders voor het regionale waterbeheer in Noord-Holland richting 2021 met doorkijk naar 2040. De Watervisie is integraal onderdeel van het strategisch omgevingsbeleid en heeft een directe relatie met de provinciale omgevingsvisie. In de Watervisie richt de provincie zich op de thema's veilig, schoon en voldoende water en werkt die uit in doelstellingen voor onder andere veilige dijken en duinen, robuuste inrichting van het achterland, rampenbeheersing bij overstromingen, kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater, zoetwatervoorziening en het tegengaan van wateroverlast. Onderdeel van het bestemmingsplan is de watertoets. In de watertoets is aangegeven wat de gevolgen van het plan zijn voor de waterhuishouding en op welke wijze water (regen-, afval- en oppervlaktewater) wordt ingepast in het plan. De watertoets is afgestemd met de betreffende waterbeheerder. In hoofdstuk 5 is hier nader op ingegaan.

3.4.3 Leidraad landschap en cultuurhistorie Mede dankzij de grote variëteit aan landschappen, dorpen en bijbehorende cultuurhistorie is Noord-Holland een aantrekkelijk gebied om te wonen, werken en recreëren. Er zijn wadden, duinen, polders, heidevelden, veenweiden en droogmakerijen. De rijke historie is onder andere terug te vinden in de West-Friese Omringdijk en de Stelling van Amsterdam. De provincie Noord-Holland wil de kwaliteit en de diversiteit van het Noord-Hollands landschap graag behouden en verder ontwikkelen en de dorpen behouden en ontwikkelen. Daarom heeft het begrip ruimtelijke kwaliteit een belangrijke plek gekregen in de Omgevingsvisie Noord-Holland 2050 en de Provinciale Ruimtelijke Verordening. De Leidraad Landschap en Cultuurhistorie (vastgesteld door Gedeputeerde Staten op 10 april 2018) is een provinciale handreiking voor het inpassen van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen in het landschap, zoals bebouwing, agrarische bedrijven, infrastructuur of vormen van energieopwekking. Het is een digitaal document en bestaat uit een introductiedeel met onder andere informatie over de opzet van de Leidraad en de juridische doorwerking, een deel met gebiedsgerichte informatie (ensembles en structuren) en een voorbeeldenbank. De Leidraad 2018 is in de Omgevingsverordening NH2020 verankerd in artikel 6.54 (ruimtelijke kwaliteits-eis).

In de informatiekaart Landschap en Cultuurhistorie staat een algemeen overzicht van landschappen en cultuurhistorie van provinciaal belang. Een deel van de gronden waar het nieuwe sportcomplex is voorzien, is aangeduid als inundatiegebied in relatie tot de Stelling van Amsterdam. Om de openheid van het landschap, en daarmee ook van het voormalig inundatiegebied, te borgen is de opzet van het sportcomplex zodanig dat er maximale openheid is aan de zijde van de Oostlaan. De begrenzing naar deze landelijke ontsluiting is vormgegeven middels open water met rietbegroeiing. Er wordt hier geen beplanting toegepast. Door dit open karakter vloeit de ruimte van het sportcomplex op Status: vastgesteld 19

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

een vloeiende manier over in de open ruimte van het aangrenzende weidegebied. Opgaande beplanting is alleen voorzien aan de zijde van de snelwegen A9/A22. Doordat deze wegen kruisen zijn er grote grondlichamen en begeleidende beplanting die tezamen een ruimtelijke barrière vormen. Beplanting langs het sportcomplex aan deze zijde voegt zich in deze al aanwezige structuurelementen. Het gehele plangebied is als archeologisch waardevol aangemerkt. In paragraaf 4.12 zijn de resultaten van het uitgevoerde archeologisch onderzoek toegelicht. De kernkwaliteiten van het plangebied en omgeving vormen de basis voor het stedenbouwkundig plan. In het beeldkwaliteitsplan is de motivering hiervan opgenomen.

3.5 Gemeentelijk beleid 3.5.1 Visie op Velsen 2025 Het document 'Visie op Velsen 2025: Kennisrijk werken in Velsen' is op 31 maart 2011 door de gemeenteraad vastgesteld. De visie geeft op de verschillende beleidsterreinen een toekomstbeeld van de ontwikkeling van de gemeente Velsen tot 2025. In deze visie ligt het accent op kennisrijke industrie: doorontwikkelde bestaande industrieën en initiatieven (kennisintensief worden van haven en staal, offshore-industrie), ontwikkeling van kenniscentra op deze terreinen en ontwikkeling van nieuwe werkgelegenheid op het gebied van duurzame energie (waterenergie) en samenwerking met wetenschappelijke instituten op deze terreinen. Spin-off is de ontwikkeling van IJmuiden tot een stad met een metropool karakter, aantrekkelijk als dynamische haven en avontuurlijke kustplaats. De rol van de gemeente in deze visie is die van facilitator. De gemeente brengt partijen bijeen, legt relaties en verbindingen, initieert overleggen en zet zich in voor nauwe regionale samenwerking. Daarnaast schept de gemeente waar mogelijk de nodige randvoorwaarden, bijvoorbeeld op het gebied van ruimtelijke ordening en de inrichting van de openbare ruimte. De gemeente voert een actief marketing- en promotiebeleid. Momenteel wordt gewerkt aan een actualisatie van de visie.

3.5.2 Structuurvisie 2025 (2016) Op 12 mei 2016 heeft de gemeenteraad de nieuwe Structuurvisie Velsen 2025 'Rauw, Slim en Lommerrijk', vastgesteld. In de structuurvisie worden de kernkwaliteiten van Velsen verder verankerd. De innovatieve maakindustrie, de nautische toegangspoort tot de Metropoolregio Amsterdam, het gedifferentieerde woonmilieu met de groene duindorpen en de focus op IJmuiden met zijn te lang onderschatte metropolitane kwaliteiten. De structuurvisie Velsen is de integrale visie op de toekomstige ruimtelijke ontwikkeling van de gemeente. De structuurvisie zet de stip op de horizon in 2040 en toont de ruimtelijke visie tot 2025. In afbeelding 3.2 is een uitsnede van de structuurvisiekaart opgenomen, waarbij is ingezoomd op het plangebied. De deelgebieden Hofgeest West en Hofgeest VSV zijn hierin opgenomen als woningbouwlocatie.

Status: vastgesteld 20

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

Afbeelding 3.2 Uitsnede structuurvisiekaart Velsen 2025 (plangebied in rode cirkel) In de structuurvisie is met betrekking tot het thema wonen aangegeven dat de huidige woningbouwcapaciteit voldoende is voor de woningbehoefte tot 2025 en de ruimte voor aanvullende woningbouw beperkt is. De woningbouw in Hofgeest West en VSV maakt onderdeel uit van de gemeentelijke plancapaciteit. In Velsen wordt woningbouw nadrukkelijk kwalitatief ingezet. Woningbouw is vooral een middel voor: verbetering van de ruimtelijke kwaliteit; verbetering van de leefbaarheid door een diversiteit aan woonmilieus (onder meer seniorenwoningen, zorgwoningen, starterswoningen) en daarmee aan bevolkingsgroepen. Dit bevordert de dynamiek in de samenleving; Verduurzaming van de woningvoorraad. Het plangebied is op de themakaart Wonen als woningbouwlocatie aangeduid.

Afbeelding 3.3 Themakaart Wonen structuurvisie Velsen 2025 (plangebied in rode cirkel) Status: vastgesteld 21

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

3.5.3 Woonvisie 2040 De woonvisie beschrijft hoe Velsen invulling geeft aan de ambities op het gebied van wonen. Met de Woonvisie Velsen 2040 wordt de eerste stap gezet om: 1. de Velser woonkwaliteit te versterken en te borgen; 2. de woningvoorraad betaalbaar en beschikbaar te houden; 3. het thema wonen en zorg nog beter op elkaar af te stemmen; 4. duurzaamheidsmaatregelen te borgen in het woonbeleid. Dit uit zich concreet in het vaststellen van een gewijzigd nieuwbouwprogramma, het geven van ruimte aan bewonersinitiatieven en nieuwe woonvormen en het stellen van meer eisen aan duurzaamheid bij nieuwbouw en het sturen op differentiatie in de woningvoorraad. Met betrekking tot Velserbroek is in de Woonvisie aangegeven dat sprake is van een eenzijdige woningvoorraad met middeldure eengezinswoningen. De behoefte aan woningen voor starters en ouderen is hier groot. Doorstroming is gewenst om jonge gezinnen een kans te geven een woning te bemachtigen. Het plangebied betreft een groenstedelijk woonmilieu. Het woningbouwprogramma bestaat uit rijwoningen, twee-onder-één-kapwoningen, vrijstaande woningen en kleinschalige appartementengebouwen. Met dit gedifferentiëerde woningbouwprogramma wordt invulling gegeven aan de verschillende woningbehoeftes. De in dit bestemmingsplan beoogde woningbouwontwikkeling draagt bij aan de kwantitatieve en kwalitatieve nieuwbouwdoelstelling.

3.5.4 Agenda sportaccommodaties 2018-2022 - Ruimte voor de sport! De missie van het gemeentelijk sportaccommodatiebeleid is om met goede sportvoorzieningen inwoners te faciliteren en te stimuleren om te gaan bewegen. De missie is door de gemeente verwoord in drie statements: wij geven sport de ruimte, omdat het zorgt voor ontmoeting en mensen bij elkaar brengt; wij houden sport bereikbaar, omdat we zoveel mogelijk Velsenaren dichtbij huis in beweging willen brengen in goede en veilige sportaccommodaties; wij investeren in toekomstgerichte en duurzame sportaccommodaties, omdat het de lokale sport vitaal houdt en we zuinig om willen gaan met onze planeet.

De gemeentelijke uitgangspunten voor het sportaccommodatiebeleid zijn: We voldoen aan verschillende wet- en regelgeving, sporteisen van het NOC*NSF, bedrijfsplannen, draaiboeken en protocollen voor onder andere veiligheid en hygiëne; We leggen de nadruk op het behoud van voldoende capaciteit, een goede kwaliteit, functionaliteit, bereikbaarheid, toegankelijk en (sociale) veiligheid; Een optimale dienstverlening aan onze klanten, doelgroepen en sporters staat hoog in het vaandel; Sportbeoefening blijft leidend bij het gebruik, bij het (her)inrichten van sportparken en bij de nieuw- of verbouw van sportaccommodaties; We richten ons op breedtesportaccommodaties en hebben niet de ambitie en middelen om topsportaccommodaties te bouwen en/of te exploiteren. Diverse grote Noord-Hollandse gemeenten bieden hier op reisafstand prima faciliteiten voor; We spelen in op de ruimtebehoefte van meerdere verenigingen en vakinhoudelijke inzichten van het bewegingsonderwijs. We vinden het niet wenselijk om te investeren in monofunctionele binnensportaccommodaties; We leggen verbanden met andere beleidsterreinen zoals zorg, welzijn en onderwijs en we spelen in op ontwikkelingen als de brede schoolgedachte, buitenschoolse (sport)opvang, (sport)gezondheid, individueel welzijn en buurtsport. Sportparken worden Status: vastgesteld 22

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

afhankelijk van de ligging, behoefte en de vraag multifunctioneel; We maken onze sportaccommodaties duurzamer en het liefst klimaatneutraal om de negatieve effecten voor het milieu zoveel mogelijk te beperken; We passen 'sportinclusief denken' toe bij gebieds- en wijkontwikkeling, herstructurering, bestemmingsplannen en de realisatie van multifunctionele voorzieningen. Met de voorgenomen verplaatsing van het sportcomplex van voetbalclub VSV en rugbyclub The Smugglers wordt invulling gegeven aan het gemeentelijk sportaccommodatiebeleid. Er wordt een toekomstbestendigde een duurzame sportaccommodatie gerealiseerd waarmee een kwalitatieve impuls wordt gegeven aan de mogelijkheden om te sporten in Velserbroek.

3.5.5 Verkeersbeleid In de Mobiliteitsagenda Velsen staan beleidsdoelen en concrete acties en maatregelen waaraan de gemeente de komende jaren gaat werken. Het gaat om 20 beleidsdoelen en 70 acties en maatregelen. Deze zijn ingedeeld in 6 thema's: duurzame mobiliteit verkeersveiligheid fiets en voetganger openbaar vervoer autobereikbaarheid parkeren. Voor wat betreft parkeren dient, bij nieuwbouw, uitbreiding of functiewisseling, te worden voldaan aan de eisen die zijn gesteld in het gemeentelijk parkeernormenbeleid. Uitgangspunt bij dit beleid is dat de gegenereerde parkeerbehoefte binnen het eigen plangebied wordt opgelost. In paragraaf 4.7 is ingegaan op het aspect verkeer en parkeren in relatie tot de voorgenomen ontwikkeling. De ontwikkeling leidt niet tot knelpunten in de verkeersafwikkeling. De nieuwe wegen in het plangebied worden volgens de principes en richtleinen van Duurzaam Veilig ingericht. Er wordt voldaan aan de Mobiliteitsagenda Velsen. In de regels van dit bestemmingsplan is geborgd dat er conform het gemeentelijke parkeernormenbeleid voldoende parkeerplaatsen worden gerealiseerd.

3.5.6 Archeologie en Monumentenbeleid Archeologie In 2017 is de Beleidsnota Archeologie Velsen vastgesteld. Deze vormt de basis voor de in ruimtelijke plannen op te nemen regels voor bescherming van archeologie. In de beleidsnota worden zes verschillende niveau's van bescherming onderscheiden. Bij elk niveau hoort een regime, met een vrijstellingsoppervlak en vrijstellingsdiepte. Als het plangebied waarbinnen de bodemverstorende activiteit plaatsvindt kleiner is dan de voor het gebied aangegeven criteria, is geen wettelijke afweging van het archeologisch belang noodzakelijk. Op de archeologische beleidskaart liggen alle deelgebieden van het plangebied in een zone aangeduid als categorie 3 (zie afbeelding 3.4). Hiervoor geldt een hoge archeologische verwachting voor resten uit uiteenlopende perioden en van diverse complextypen. Voor deze zone geldt de volgende beleidsregel: Bij bodemverstorende activiteiten in plangebieden > 100 m2 en dieper dan 40 cm onder maaiveld dient een waardestellend archeologisch rapport te worden overlegd. Ten behoeve van het onderhavige bestemmingsplan is archeologisch onderzoek uitgevoerd. In paragraaf 4.12 zijn de resultaten van dit onderzoek beschreven.

Status: vastgesteld 23

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

Afbeelding 3.4 Uitsnede gemeentelijke archeologische beleidskaart Monumentenbeleid De beleidsnota Monumentenzorg Velsen is in 2005 vastgesteld en in 2008 geactualiseerd. In deze beleidsnota geeft de gemeente Velsen haar visie op de gemeentelijke monumentenzorg. Leidraad hierbij is een zorgvuldig beheer en weloverwogen behoud van het architectonische en cultuurhistorisch erfgoed van Velsen, in samenspel met rijk, provincie en particulieren. Cultuurhistorie wordt als vast onderdeel betrokken bij planontwikkelingen en –uitvoering. In paragraaf 4.11 wordt specifiek ingegaan op de cultuurhistorische aspecten van het plangebied.

3.5.7 Groenbeleidsplan Onderstaande groenbeleidsplannen zijn van toepassing: Bomenplan 2003; Beleidsplan monumentale bomen 2013; Groenstructuurplan Velsen (2019). Het bomenplan is een beheerplan waarin de vervanging van gemeentelijke bomen is vastgelegd. Dit bomenplan is in 2013 geëvalueerd en geactualiseerd. In 2014 is de APV gewijzigd en zijn in beginsel alle bomen vrijgesteld van kapvergunning. Voor een aantal situaties is een uitzondering gemaakt. Bomen die op de lijst van waardevolle of monumentale bomen staan, zijn kapvergunningsplichtig. Ook is er een gebied aangewezen waarbinnen alle bomen met een stamdiameter groter dan 15 centimeter op een hoogte van 130 cm boven maaiveld kapvergunningsplichtig blijven. Bomen die binnen het plangebied gekapt of mogelijk gekapt worden, staan niet op de lijst van waardevolle of monumentale bomen. Tevens zijn deze bomen niet aanwezig in een gebied waar een kapvergunning vereist is. In juli 2019 is het Groenstructuurplan Velsen vastgesteld. In het Groenstructuurplan is aangegeven dat de voorgenomen woningbouw in Hofgeest goed moet worden ingepast in het open polderlandschap. In de gebiedsdelen die niet worden bebouwd, wordt ingezet op een robuust groen-blauw raamwerk. De functie van de zone als stedelijk uitloopgebied voor Velserbroek en als verbindende schakel tussen Velserbroek en Spaarnwoude voor Status: vastgesteld 24

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

langzaam verkeer, vormt daarbij een belangrijke leidraad.

3.5.8 Milieubeleidsplan In het Milieubeleidsplan 2015-2020 staan de ambities op het gebied van milieu en duurzaamheid beschreven. Speerpunten zijn een schone lucht en een duurzame gemeente waarin energiebesparing en het toepassen van duurzame energie centraal staan. Voor het realiseren van de doelstellingen wordt samen gewerkt met andere overheden, bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en inwoners. De centrale doelstelling in het Milieubeleidsplan is het verbeteren van de kwaliteit van de leefomgeving in Velsen. Het Milieubeleidsplan wordt vervangen door het Lokaal Klimaatpact. Hierin worden de huidige landelijke ontwikkelingen op het gebied van energie en CO2 reductie (Landelijk Klimaatakkoord, zie hieronder), klimaatadaptatie en de realisatie van een circulaire econome meegenomen.

3.5.9 Duurzaamheid Duurzaam bouwen Duurzaam bouwen is het op zodanige manier bouwen dat gedurende de gehele levensloop van het gebouw en de gebouwde omgeving zo min mogelijk (milieu-)belasting ontstaat. Aandacht voor duurzaamheid betekent expliciete aandacht voor een gezond, leefbaar binnenmilieu van de woningen, beperkingen van de negatieve gevolgen voor mens en milieu en beperkingen van de woonlasten op termijn (energierekening). Duurzame stedenbouw is een belangrijk en voorwaardenscheppend onderdeel van duurzaam bouwen. Verschillende nieuwe, maar zeker ook al bestaande, initiatieven en/of maatregelen worden in het kader van duurzaam bouwen samengevoegd tot het concept van een plan. Deze initiatieven en maatregelen vormen samen de bouwstenen. Gemeentelijk beleid voor duurzaam bouwen Gemeente Velsen en de Omgevingsdienst IJmond hebben ter ondersteuning en invulling van deze beleidsdoelstellingen een lokaal beleid geformuleerd in 'Kwaliteit en duurzaam bouwen' en in het milieubeleidsplan 2015-2020. In dit milieubeleidsplan is de ambitie van de gemeente gesteld op een GPR score van minimaal een 8 voor Energie en Gezondheid en minimaal een 7,5 voor de thema's Milieu, Gebruikskwaliteit en Toekomstwaarde. Voor een duurzame invulling van het project is het zelfs mogelijk om de ambitie te verhogen naar minimaal 9 voor het thema 'energie'.

GPR Gebouw GPR Gebouw is een programma voor het omzetten van ontwerpgegevens van een gebouw naar prestaties op het gebied van kwaliteit en duurzaamheid. GPR gebouw gaat over woonkwaliteit, de toekomstwaarde én de gebruikelijke thema's van duurzaam bouwen. Het is een hulpmiddel voor het maken van keuzes bij nieuwbouw en renovatie van woningen, scholen en andere gebouwen. Om inzicht te krijgen in de duurzaamheid van nieuwbouwprojecten stimuleert de gemeente Velsen het gebruik van GPR Gebouw. GPR Gebouw is een relatief eenvoudig instrument waarmee prestaties worden uitgedrukt in rapportcijfers van 1 tot 10. Keuzemodules geven aan hoe scores zijn te verhogen (tot maximaal een tien) voor de vijf verschillende onderdelen energie, milieu, gezondheid, gebruikskwaliteit en toekomstwaarde. Binnen het ontwerp (of de renovatie) is men vrij om binnen de verschillende modules voorzieningen naar keuze te realiseren, zolang deze keuzes leiden tot het gewenste ambitieniveau. Per project wordt door Omgevingsdienst IJmond (gratis) digitaal een Status: vastgesteld 25

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

sublicentie voor het programma GPR Gebouw verstrekt. In paragraaf 4.10 is toegelicht op welke wijze duurzaamheid een rol speelt bij de ontwikkeling van het plan.

Status: vastgesteld 26

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

Hoofdstuk 4 Milieu- en omgevingsaspecten Diverse milieuaspecten vormen belangrijke input bij de ontwikkeling van het plangebied. In dat verband dient bij de afweging van het al dan niet toelaten van bepaalde ruimtelijke ontwikkelingen te worden onderzocht welke milieuaspecten daarbij een rol (kunnen) spelen. Tevens is het van belang milieubelastende functies ruimtelijk te scheiden van milieugevoelige functies.

4.1 Bedrijven en milieuhinder Zowel de ruimtelijke ordening als het milieubeleid stellen zich ten doel een goede kwaliteit van het leefmilieu te handhaven en te bevorderen. Dit gebeurt onder andere door milieuzonering. Onder milieuzonering verstaan we het aanbrengen van een voldoende ruimtelijke scheiding tussen milieubelastende bedrijven of inrichtingen enerzijds en milieugevoelige functies als wonen anderzijds. De ruimtelijke scheiding bestaat doorgaans uit het aanhouden van een bepaalde afstand tussen milieubelastende en milieugevoelige functies. Die onderlinge afstand moet groter zijn naarmate de milieubelastende functie het milieu sterker belast. Milieuzonering heeft twee doelen: woonfuncties nabij bestaande en opvolgende bedrijvigheid zijn alleen mogelijk als ter plaatse van de woningen een goed woon- en leefklimaat kan worden gerealiseerd bestaande bedrijven worden niet onevenredig geschaad in hun bedrijfsvoering. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten doet in de publicatie "Bedrijven en milieuzonering" (editie 2009), een handreiking ten behoeve van de afstemming tussen ruimtelijke ordening en milieu op lokaal niveau. Milieuzonering zorgt ervoor dat nieuwe bedrijven een passende locatie ten opzichte van woningen krijgen en dat nieuwe woningen op een verantwoorde afstand van bedrijven gesitueerd worden.

In de publicatie zijn adviesafstanden die gemotiveerd kunnen worden toegepast bij ruimtelijke ordening. De adviesafstanden hangen samen met gebiedskenmerken. Het is mogelijk om door middel van maatregelen overlast te beperken en daardoor af te wijken van de afstanden. In dit geval zal aangetoond moeten worden welke maatregelen worden genomen om de overlast te beperken. Aan de hand hiervan kan dan gemotiveerd worden afgeweken van de standaard adviesafstanden. Voor de realisatie van nieuwe ontwikkelingen zal getoetst worden aan de richtafstand uit de publicatie Bedrijven en Milieuzonering. Door Mees Ruimte & Milieu is onderzoek uitgevoerd naar de planologische en milieutechnische belemmeringen in en om het plangebied (Bijlage 1 Milieuscan). De richtafstanden van aanwezige bedrijven en andere functies zijn in dit onderzoek in beeld gebracht. Aangezien sprake is van het ontwikkelen van woningen, is vanuit een worst-case benadering getoetst aan het omgevingstype ‘rustige woonwijk’. Uit de inventarisatie komt naar voren dat woningbouw is voorzien binnen de richtafstand van de volgende bedrijven functies: 1. Autodemontage M.J. Rutte B.V. (Hofgeesterweg 7): geluid 2. Rugbyclub The Smugglers (Broeklanden 3): geluid en lichthinder 3. Sportvereniging VSV (Hofgeesterweg 14): geluid en lichthinder 4. Tuincentrum Ranzijn (Rijksweg 289): geluid en gevaar 5.

Hovenier Wilms Floet (Hofgeesterweg 24a): geluid 6. Paardenhouderij Schoorl (Hofgeesterweg 63): geur 7. Dressuurstal Gouda (Oostlaan 2): geur en geluid 8. Paardenbak aan het Spijk (hoek Hofgeesterweg - Het Spijk): geur De locatie van de bedrijven en functies zijn op onderstaande kaart weergegeven. Status: vastgesteld 27

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

Afbeelding 4.1: Locatie onderzochte bedrijven en functies

In paragraaf 4.2 is ingegaan op de resultaten van de geluidsonderzoeken. Naar de eventuele geluidbelasting van Hovenier Wilms Floet is geen onderzoek uitgevoerd. Feitelijk vinden hier geen bedrijfsactiviteiten plaats die tot geluidhinder kunnen leiden. In het onderhavige bestemmingsplan zijn op dit perceel slechts activiteiten voor een beroep of bedrijf aan huis toegestaan. In paragraaf 4.3 is ingegaan op lichthinder en in paragraaf 4.4 is ingegaan op de resultaten van het geuronderzoek. Op de nieuwe locatie van het sportcomplex zijn geen woningen of andere geluidgevoelige functies aanwezig binnen de richtafstand van 50 meter zoals dit is opgenomen voor een veldsportcomplex met verlichting in de VNG-brochure 'Bedrijven en milieuzonering'. Uit de resultaten van de uitgevoerde onderzoeken volgt dat met betrekking tot milieuzonering sprake is van een goede ruimtelijke ordening.

Status: vastgesteld 28

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

4.2 Geluid De Wet geluidhinder legt in zijn algemeenheid de verplichting op om onderzoek te doen naar de waarde van de geluidsbelasting op geluidgevoelige bestemmingen, indien zij zijn gelegen binnen een geluidzone van een gezoneerd industrieterrein. Het plangebied ligt niet binnen een dergelijke geluidzone. Wel zijn er verschillende bedrijven en functies in de directe omgeving van het plangebied aanwezig. Uit paragraaf 4.1 volgt dat er woningen voorzien zijn binnen de richtafstanden van bedrijven en functies. Door middel van akoestisch onderzoek is inzichtelijk gemaakt of als gevolg van deze bedrijven en functies sprake is van een goed woon- en leefklimaat ter plaatse van de te realiseren woningen. Tevens is nagegaan of bedrijven en functies als gevolg van de woningbouw niet worden beperkt in de activiteiten. Gelet op de verscheidenheid aan functies, zoals wonen, sporten, bedrijven en diverse wegen (A22, A9 en N208), zijn is getoetst aan de richtwaarden voor gemengd gebied. Industrielawaai In paragraaf 4.1 is aangegeven dat er woningbouw is voorzien binnen de richtafstanden van een aantal bedrijven en functies. Voor Hofgeest VSV is akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de geluidbelasting als gevolg van Autodemontage M.J. Rutte B.V., rugbyclub The Smugglers en Dressuurstal Gouda (Bijlage 2 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai en bedrijven Hofgeest VSV).

Voor Hofgeest West is akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de geluidbelasting als gevolg van tuincentrum Ranzijn en sportvereniging VSV (Bijlage 3 Akoestisch onderzoek bedrijven Hofgeest West). Hieronder wordt per bedrijf/functie ingegaan op de invloed op de voorgenomen woningbouwontwikkeling. Autodemontage M.J. Rutte B.V. Door middel van akoestisch onderzoek is de geluidbelasting als gevolg van de activiteiten van Autodemontage M.J. Rutte B.V., gevestigd aan de Hofgeesterweg 7, op de voorgenomen woningbouw inzichtelijk gemaakt. Uit het akoestisch onderzoek volgt dat door de geluidsuitstraling van het autodemontagebedrijf het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau op de gevels bij 6 geplande woningen hoger is dan 50 dB(A) zoals gesteld in de VNG-publicatie en in het Activiteitenbesluit. De geluidbelasting bedraagt maximaal 54 dB(A). Het geluid wordt voornamelijk veroorzaakt door het rondrijden van de heftrucks, het uithalen van motorblokken en het slopen van de auto’s. Het opleggen van bronmaatregelen is voor de inrichting niet bespreekbaar. Overdrachtsmaatregelen als schermen en grondwallen zijn geen optie omdat deze dicht op de bron moeten staan en daarmee de bedrijfsvoering belemmeren. Buiten het terrein zijn deze minder effectief en vanuit landschappelijk oogpunt onwenselijk.

Indien bron- of overdrachtsmaatregelen niet mogelijk of wenselijk zijn, dan kan het bevoegd gezag met een maatwerkvoorschrift andere waarden voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau vaststellen. Maatwerkvoorschriften kunnen opgesteld worden tot een waarde van ten hoogste 55 dB(A). De ten hoogste berekende waarde bedraagt 54 dB(A) en kan hierdoor verleend worden. Zo wordt er ook voor gezorgd dat het bedrijf geen concessies in de bedrijfsvoering moet doen. Immers de bestaande situatie is dan toegestaan. Gelet op de eis uit het Bouwbesluit voor het realiseren van een minimale karakteristieke geluidwering van 20 dB wordt met deze waarde voldaan aan het binnenniveau in de woningen van ten hoogste 35 dB(A) etmaalwaarde. De Omgevingsdienst IJmond (ODIJ) heeft, in mandaat, het besluit tot het opleggen van maatwerkvoorschriften voorafgaand aan de vaststelling van het bestemmingsplan genomen. De geluidsbelasting als gevolg van wegverkeerslawaai is voor de woningen in de directe omgeving van het bedrijf maatgevend. Hiervoor worden maatregelen getroffen aan de gevel. Zo zal gevelisolatie getroffen worden en worden gevels deels 'doof' uitgevoerd. Bovendien Status: vastgesteld 29

bestemmingsplan "Hofgeest, Velserbroek "

zal het geluid vanwege de autosloperij grotendeels wegvallen in het achtergrondgeluid. Tevens wordt het geluid door de gevelverbetering niet of nauwelijks hoorbaar in de woningen. Daarnaast hebben vrijwel alle huizen een geluidsluwe zijde, bij de perceelindeling wordt zoveel mogelijk de achtertuin aan deze zijde gelokaliseerd. Ook met het maken van de woningindelingen zal rekening gehouden worden met de geluidluwe zijde. Het maximaal optredende geluidsniveau veroorzaakt door activiteiten op het terrein bedraagt in de dagperiode 76 dB(A). Hiermee worden de gestelde grenswaarden van 70 dB(A) zoals gesteld in de VNG-publicatie en in het Activiteitenbesluit overschreden. Dit maximale optredende geluidsniveau heeft in de dagperiode betrekking op laad- en losactiviteiten (velgenbak legen). Volgens het Activiteitenbesluit mogen de geluidsniveaus veroorzaakt door dit soort activiteiten in de periode tussen 07.00 en 19.00 uur buiten de beoordeling blijven. In dat geval wordt voldaan aan de gestelde richtwaarde. De regel dat laad- en losactiviteiten in de dagperiode buiten beoordeling blijven is wel een overwogen beslissing geweest waarmee rekening is gehouden op een waarborging van een goed woon- en leefklimaat bij woningen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Velsen&id=52c0270d-e6bf-4dad-bcd9-b77d128292ec