CConstaterende datVelsen
Koppel je AI →
Document · PDF

Speel- en beweegplan

Raadsvergadering 27 januari 2022, gemeente VelsenBij agendapunt: Speel- en beweegplan10.127 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Tijdens het onderzoek zijn er plekken geclassificeerd als bovenwijkse voorzieningen: buurtplekken die meerdere speelbuurten bedienen. Dat kan omdat ze een zeer grote aantrekkingskracht hebben (Cruyff Court) of heel gericht een specifieke doelgroep aanspreken (skatebaan). Daarnaast zijn er ook plekken geclassificeerd als speelhoekje: speelplekken van geringe omvang (fors kleiner dan 500 m2) en/of een te beperkte speelwaarde. Deze zijn wel meegenomen in de kaarten maar voegen vaak maar beperkt iets toe aan de speelmogelijkheden in de buurt. Ze volstaan dan ook niet als alternatief voor een ingerichte blokplek met een actieradius van 200 meter. In sommige gevallen kunnen deze plekken wél worden opgewaardeerd tot een volwaardige blokplek door bijvoorbeeld een herinrichting.

B.4.5 Verbetervoorstellen en verandermomenten De beleidskaders worden per kern opgepakt. Aan de hand van de bevindingen van het speelbuurtmodel worden verbetervoorstellen benoemd. De meeste verbetervoorstellen vallen onder één van de onderstaande typen: • • • •

Speelruimte herinrichten of speelplekken aanleggen (fysieke verbetering); De bespeelbaarheid (op straat, in het groen) van een speelbuurt verbeteren (aanbod); Alternatieven inzetten (bijvoorbeeld samenwerking zoeken met scholen en sportverenigingen); Barrières beslechten (samenvoegen van speelbuurten).

23

Aan elk verbetervoorstel kan vervolgens een fasering/urgentie gekoppeld (hoog: 2022-2023, normaal 2024-2025 en laag: na 2025). Er kunnen altijd nieuwe verbetervoorstellen worden aangedragen. Verandermomenten Verbetervoorstellen kunnen niet allemaal tegelijk opgepakt worden. We gaan met een integraal team kijken welke ingrepen het meest urgent zijn en welke nog wel even kunnen wachten. Dit hangt sterk af van het type speelbuurt en de voorgestelde ingreep. Is er sprake van laaghangend fruit met een grote impact op de buurt? Of is de speelruimte in de buurt al prima geregeld en is het verbetervoorstel minder van belang? Als het niet nodig is vanuit een regierol verbetervoorstellen actief uit te voeren, dan moet er gewacht worden tot een logisch verandermoment: • • • • • •

Herontwikkeling/verdichtingsopgave Grootschalige wijkrenovaties Bewonersinitiatief (B.4.6) Klachten van bewoners En uiteraard bij technische afschrijving vanuit inspectie (reguliere vervangingsmoment) Nieuwbouw (B.4.7)

B.4.6 Bewonersinitiatief In het coalitieakkoord uit 2018 is het een belangrijk speerpunt om steeds minder top-down te plannen en juist meer zaken bottom-up tot stand te laten komen. Dit creëert draagvlak onder bewoners bij het uitvoeren van plannen. (Buurt)initiatieven stimuleren (belangrijk speerpunt uit de Omgevingsvisie) is een ander middel om mede-eigenaarschap en draagvlak te creëren. Door het toestaan van initiatieven op of rondom de speelplekken ontstaat betrokkenheid en verantwoordelijkheidsgevoel. Goede initiatieven vanuit de samenleving die breed gedragen worden maken onverwachtse resultaten en samenwerkingsverbanden mogelijk. De gemeente is wel juridisch aansprakelijk voor als er iets in de openbare ruimte gebeurt. In de aanloop van toekenning van bewonersinitiatieven wordt daarom altijd gekeken of voorstellen voldoen aan EU veiligheidseisen. Hierdoor zijn alleen toestellen toegestaan die voldoen aan de WAS (B.3.5). Privétoestellen zoals trampolines en hutten zijn hierdoor niet toegestaan. Meerdere bewonersinitiatieven voor speeltoestellen zijn om deze reden reeds afgewezen. Onderhoud en beheer van bewonersinitiatieven zijn altijd van bewoners zelf. Voornamelijk bij grotere initiatieven legt de gemeente de gemaakte afspraken met bewoners vast in een contract. Dit versoepelt de communicatie richting uitvoering en leidt tot minder teleurstellingen achteraf.

Particuliere toestellen in de openbare ruimte worden geaccepteerd als deze aan het einde van de dag weer terug naar de woonlocatie kan worden gebracht. Daarnaast moet er altijd toezicht mogelijk zijn. Er wordt in deze gevallen pas gehandhaafd als er een melding binnenkomt. Toestellen met een hoog risico, zoals een zwembad, is niet toegestaan. De handhaver moet hierbij het risico zelf inschatten.

B.4.7 Nieuwbouw Een belangrijke vorm van areaaluitbreiding is nieuwbouw. Dit kan door de bouw van nieuwe wijken (uitbreiding bebouwd gebied) of door herontwikkeling van de bestaande stad. Bij herontwikkeling is er sprake van een belangrijke verandering in de (speel)buurt waardoor de vraag/aanbod balans verandert. De vraag stijgt (meer inwoners/gebruikers) terwijl de beschikbare ruimte (meestal) afneemt. Hierdoor veranderen de karakteristieken van de speelbuurt en de speeldruk op de beschikbare voorzieningen. Het is daarom belangrijk om bij herontwikkeling een speelbuurt opnieuw te beoordelen en waar nodig verbetervoorstellen te formuleren voor de openbare speelruimte.

24

Bij nieuwbouwplannen en herontwikkeling moeten de beleidsmaker Spelen en speelbeheerder vanaf de start aanschuiven om de randvoorwaarden voor de speelruimte te waarborgen. Op die manier kan er aan de voorkant van het planproces voldoende ruimte worden vrijgemaakt voor spelen en sporten. Om bij nieuwbouwwijken te bepalen hoeveel speelruimte nodig is, wordt eveneens gekeken naar het Speelbuurtmodel. De speelruimte moet daarbij niet worden versnipperd over de openbare ruimte, maar moet echt geconcentreerd worden in voldoende grote plekken om te spelen en sporten (buurtplekken). Daarnaast worden nieuwe of uitgebreide buurten beoordeeld op de diversiteit van het aanbod (Schijf van Vijf). Het heeft de voorkeur om bij de ontwikkeling van nieuwe wijken rekening te houden met grote speelbuurten om zo de bewegingsvrijheid van kinderen te vergroten en de rol van een buurtplek als ontmoetingsplek voor de buurt te versterken.

B.4.8 Beslismodel speelruimte Beslismodel aan de hand van het Speelbuurtmodel 1. Vaststelling huidige situatie: voldoet de speelbuurt nu aan het speelbuurtmodel? 2. Vaststelling nieuwbouwopgave: hoeveel woningen, waar, welke mate van stedelijkheid? 3. Toetsing aan speelbuurtmodel: 3.1 Bepalen omvang speelbuurt - Kleine speelbuurt (tot 10 ha.): Tenminste een blokspeelplek binnen 200 meter van elke woning. - Grote speelbuurt (10 ha. of meer): Tenminste 1 goede buurtplek binnen 400 meter van elke woning en een netwerk van blokplekken binnen 200 meter van elke woning. 3.2 Bepalen type speelbuurt: Hoe verhoudt de vraag zich t.o.v. het aanbod? (B.4.2) - Vraag hoger dan aanbod: Naast de buurtspeelplek is ook een netwerk van ingerichte blokplekken nodig. - Vraag lager dan aanbod: Naast de buurtspeelplek volstaat een netwerk van gereserveerde blokplekken. 3.3 Vaststelling kwantitatieve eis voor de speelbuurt: buurtplekken en/of netwerk van (ingerichte) blokplekken. 3.4 Toetsing diversiteit van het aanbod: Zijn alle elementen van de Schijf van Vijf (B.4.3) voldoende aanwezig? - Ja: Speelbuurt voldoet; geen verbetering nodig - Nee: Diversiteit van het aanbod verbeteren op plekniveau 4. 5.

Afstemming potentiële locaties, kaders en verandermomenten voor inrichting met projectteam Opstellen programma van eisen openbare speel- en sportruimte + plan van aanpak

25

B.4.9 Richtbedragen inrichting De vervangwaarde is bepaald op basis van richtbedragen per toestel (en bijbehorende valdempende ondergrond). De richtbedragen komen voort uit resultaten van de afgelopen jaren. Voor de ambities werken we met richtbedragen per locatie om het benodigd budget voor de uitvoering te bepalen. Uit de scenario’s volgt een theoretisch, gemiddeld bedrag dat per jaar nodig is voor een vervangcycli van 15 jaar. Bij de scenario’s met een richtbedrag per locatie zijn de volgende richtbedragen gehanteerd. Hier komen de onderhoudskosten (jaarlijks 3% van het richtbedrag) nog bij: • • • •

Blokspeelplek: €30.000,Buurtspeelplek: €60.000,Wijkspeelplek: €80.000,Sportvoorziening: Variabel. Trapveld: €10.000,Verhard veld: €20.000,Kunstgras: € 40.000, Skatebaan: € 80.000, Cruyff Court: € 100.000, -

26

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Velsen&id=017b79f3-7eb6-49c1-845c-3ecc138c43bc