E12 Tussentijdse resultaten RIVM gezondheidsonderzoek IJmond.pdf
Tekst van het document
‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐
1.44) 1.43) 1.88) 1.78) 1.59) 1.34) 2.43) 2.03) 1.88) 1.13) 1.68) 1.56) 1.55) 1.66)
‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐
‐ 1.46) ‐ 1.84) ‐ 2.45) ‐ 1.58) ‐ 2.18) ‐ 2.09) ‐ 1.45) ‐ 2.48) ‐ 1.74) ‐ 1.77) ‐ 2.40) ‐ 1.69) ‐ 2.17) ‐ 2.00)
De bovenstaande gegevens gelden voor de totale populatie. Bij het bekijken van de prevalentie van gezondheidsproblemen (op basis van frequentietabellen) is gekeken naar het percentuele deel van een specifieke leeftijdsgroep (5‐24 jaar, 25‐64 jaar, en 65‐plussers) dat een bepaald probleem ervaart (in 2019). Zo komen eczeem en astma met name voor bij kinderen, terwijl problemen van het hart, COPD, longkanker en diabetes voorbehouden zijn aan oudere patiënten. Misselijkheid of braken en bloedneuzen komen dan weer meer voor bij zowel de jongste als de oudste groep, en minder bij de middelste leeftijdsgroep. Over het algemeen komen hart‐ en luchtwegproblemen (met uitzondering van astma) vaker voor naarmate mensen ouder worden. Daarnaast is ook naar geslachtsverschillen gekeken. Hieruit blijkt dat over het algemeen vrouwen vaker last hebben van verschillende symptomen dan mannen.
Prevalenties per jaar en incidenties Om de zevenjaarsprevalenties te verifiëren zijn dezelfde analyses nogmaals uitgevoerd voor alle jaren afzonderlijk. Deze jaarprevalenties geven een beeld van het verloop van gezondheidsproblemen over de jaren. Hierbij zouden eventuele uitschieters per jaar in kaart gebracht worden, mochten die er zijn. Om de leesbaarheid te bevorderen zijn de resultaten hiervan weergegeven in Bijlage C, Tabel A en B, enkel op basis van odds ratio’s en p‐waarde (de betrouwbaarheidsintervallen zijn desgewenst op te vragen bij de auteurs). Verderop in de tekst, vóór de bijlagen, zijn figuren 1 tot en met 6 opgenomen om van de belangrijkste klachten de trend visueel inzichtelijk te maken. Vrijwel alle trends verlopen vlak; wat betekent dat symptomen over de jaren consistent voorkomen. De trends van chronische aandoeningen, zoals longkanker, COPD, diabetes en chronische aandoeningen van het hart (niet in de figuur) stijgen daarentegen over de jaren. De incidenties van symptomen bevestigen het beeld dat in de prevalenties per jaar al werd gevonden: symptomen komen consistent vaker voor, met name vergeleken met controlegroep platteland. In bijlage D zijn vier incidentiegrafieken van de belangrijkste klachten opgenomen (Figuur A, B, C en D) om dit te illustreren.
Conclusie Dit onderzoek is een verkenning naar gezondheidsverschillen tussen de regio IJmond en regio’s in Nederland met evenveel, respectievelijk minder industrie. Voor deze verkenning werden huisartsgegevens gebruikt. Deze gegevens bevatten een uitputtende range van gezondheidssymptomen en klachten over meerdere jaren, waarbij de data systematisch en consistent geregistreerd worden. Het betreft een ecologische vergelijking over de jaren 2013 – 2019, waaruit blijkt dat onder bewoners van de IJmond vergeleken met beide controlegroepen een relatief groot aantal symptomen statistisch significant vaker gepresenteerd wordt aan de huisarts. Hierbij gaat het om misselijkheid, symptomen van het oog, hoofdpijn, benauwdheid, jeuk en pijn op de borst. Daarnaast komen zeven symptomen vaker voor rond de IJmond dan bij de controlegroep platteland, en twee symptomen (problemen van maag/buik en duizeligheid) komen vaker voor in de IJmond‐regio dan in de controlegroep industrie. Chronische aandoeningen van het hart, diabetes, en longkanker worden rondom het industriegebied IJmond vaker gediagnosticeerd dan elders, en COPD wordt in de IJmond vaker gediagnostiseerd dan op het platteland. Deze symptomen en aandoeningen betreffen meerdere orgaansystemen: onder meer luchtwegen, maag‐darmkanaal, huid, hart en vaten.
Aan eerdere bevindingen van onderzoeken uitgevoerd door RIVM en GGD wordt toegevoegd dat het om relatief veel symptomen gaat die statistisch significant vaker voorkomen. Dit geldt zeker voor de vergelijking met industrieel gebied elders. De analyse laat tevens zien dat meerdere symptomen en aandoeningen in de regio IJmond niet vaker (ziekte van Hodgkin, leukemie) of zelfs minder vaak (bronchitis, astma bij volwassenen) worden gezien door de huisarts. Over de zeven jaren tonen de resultaten van de symptomen een zeer consistent beeld: bijna alle trends over de jaren verlopen vlak wanneer we ze uittekenen in een grafiek, zowel voor de prevalenties als voor de incidenties. Op jaarbasis zijn incidenten rondom het milieu dus niet in de data aan te wijzen, daar is mogelijk een kortere tijdspanne nodig. De lijnen van de chronische aandoeningen lopen echter steeds op. Dit geldt met name voor COPD en diabetes (vergeleken met beide controlegroepen) en chronische aandoeningen van het hart (vergeleken met de industriële controlegroep). Deze verkenning gaat over circa een kwart van de huisartsenpraktijken en circa een kwart van de inwoners van de IJmond‐regio. Er is geen reden om aan te nemen dat de gegevens niet generaliseerbaar zijn naar de totale IJmond‐populatie.
Gebruik van huisartsgegevens heeft onmiskenbaar voordelen: ze zijn uniform, het betreft nagenoeg alle inwoners of patiënten van deelnemende praktijken (geen problemen met selectie), terwijl diezelfde inwoners geen last hebben van de verzameling en er geen beroep wordt gedaan op hun geheugen en controlegroepen zijn beschikbaar. Bovendien zijn de gegevens georganiseerd per contact per dag, zodat rondom een milieu incident de invloed op het huisartsbezoek en de aard ervan kan worden onderzocht per dag, week of maand. Een beperking van gegevens uit de huisartspraktijk is vooral dat er over de inwoners niet meer bekend is dan leeftijd en geslacht. Voor gezondheidsonderzoek in de IJmond blijken huisartsgegevens een goede, en aanvullende bron van informatie. Kijkend naar de resultaten van deze verkenning verdient het in onze ogen aanbeveling om de gezondheid van de bewoners van de regio IJmond langdurig te monitoren. Deels gebeurt dit in de GGD Gezondheidsmonitor, maar die gegevens worden maar eens per vier jaar verzameld, zijn zelf‐gerapporteerd en kennen een afnemende respons. Een aanvullende monitor met huisartsgegevens moet dan regelmatig rapporteren, bij voorkeur ook langs een tijdlijn van gebeurtenissen betreffende milieufactoren.
Om in staat te zijn sterkere conclusies te trekken is de koppeling van deze data aan individuele gegevens over socio‐economische factoren (CBS microdata) en, indien beschikbaar, ook blootstellingsmetingen van industriële en andere emissies van belang. Eventueel kunnen gegevens ook worden gecombineerd met vragenlijstgegevens, om andere persoonlijke factoren zoals nabijheid van blootstelling, leefstijl en leefmilieu mee te nemen.
Figuur 1: Prevalentie misselijkheid of braken
Figuur 1: Prevalentie pijn/druk op de borst
Figuur 3: Prevalentie symptomen van het oog
Figuur 4: Prevalentie hoofdpijn
Figuur 5: Prevalentie benauwdheid
Figuur 6: Prevalentie jeuk
Bijlage A
Verklaring van gebruikte wetenschappelijke termen
a) Nederlandse termen van klachten/aandoeningen Acute bronchitis Ontsteking kleine vertakkingen van de longen (bronchiën) Anemie Bloedarmoede (te weinig rode bloedcellen) Bronchiëctasieën Chronische verwijding en irritatie van delen van de luchtwegen Conjunctivitis Ontsteking van het oogbindvlies COPD (Chronic Obstructive Chronische aandoeningen met luchtwegvernauwing Pulmonary Disease) (verzamelnaam voor chronische bronchitis en longemfyseem) CVA (Cerebrovasculair accident) Beroerte Diabetes Suikerziekte Gastro‐enteritis Buikgriep (maag‐darmontstekingen) Hypertensie Hoge bloeddruk (minstens 3x gemeten) Leukemie Kanker van witte bloedcellen Pneumonie Longontsteking Ziekte van Hodgkin Kanker van het lymfestelsel b) Statistische en andere technische termen Betrouwbaarheidsinterval Ecologische vergelijking Incidentie
Incidence Rate Ratio Morbiditeit Multilevel regressieanalyse
Odds Ratio p‐waarde Prevalentie Statistisch significant
Interval van betrouwbare waarden rond een puntschatting die niet op toeval berusten Vergelijking van de gemiddelde gezondheid tussen groepen mensen die in verschillende gebieden wonen Het relatieve aantal nieuwe gevallen van een specifieke aandoening per jaar Verhouding tussen de incidenties van twee groepen; in de epidemiologie gebruikt om de verhoging of verlaging van het nieuw optreden van een specifieke aandoening getalsmatig aan te geven Het vóórkomen van een specifieke aandoening Statistische techniek voor het analyseren van gegroepeerde gegevens waarin (mogelijk) sprake is van een specifieke samenhang (gegroepeerd bijvoorbeeld zoals patiënten in een huisartspraktijk) Relatie tussen twee wedverhoudingen; in de epidemiologie gebruikt om de verhoging of verlaging van het vóórkomen van een specifieke aandoening getalsmatig aan te geven De kans dat een bepaald statistisch verband op toeval berust Het vóórkomen van een specifieke aandoening op een bepaald moment, uitgedrukt als proportie in een bepaalde groep Aannemelijkheid dat een verband in de statistiek niet op toeval berust
BIJLAGE B
Methoden & Dataverzameling
Voor de analyses zijn frequenties, 2x2 tabellen, grafieken gegenereerd, en regressieanalyses uitgevoerd. Om rekening te kunnen houden met de hiërarchische structuur van de data (namelijk patiënten geclusterd in huisartsenpraktijken), zijn er multilevel (logistisch voor de prevalentie en poisson voor de incidentie) regressieanalyses uitgevoerd, rekening houdend met (ofwel gecorrigeerd voor) de leeftijd en geslacht van patiënten en registratieduur per kwartaal. Vanwege het grote aantal analyses hebben we in principe een conservatief significantieniveau (p < 0.01) gebruikt om de kans op ‘vals positieve’ associaties te verminderen. Afhankelijk van het type analyse, zijn de resultaten weergegeven als odds ratio’s (ORs) voor de analyses over de prevalentie en als incidence rate ratios (IRR) voor de incidentie, met 99% betrouwbaarheidsintervallen (BI). Voor de analyses werden de statistische programma’s STATA (versies 14.0 en 15.0) (StataCorp LP, College Station, TX, USA). De gegevens zijn verkregen uit elektronische patiëntendossiers (EPD’s) van (met uitzondering van drie praktijken in de regio IJmond) huisartsenpraktijken deelnemend aan Nivel ZorgRegistraties (NZR). Hierdoor is de kwaliteit van registratie van gegevens bovengemiddeld goed. De EPD’s zijn gepseudonimiseerd om anonimiteit van de patiënten te waarborgen.
De huisarts registreert ieder contact in het Huisarts Informatiesysteem met behulp van de International Classification of Primary Care (ICPC). Voor dit onderzoek wordt zowel incidentie als prevalentie van klachten en aandoeningen gebruikt (zowel per jaar als voor de hele zevenjaars‐periode in totaal). In Tabel A hieronder zijn de gebruikte ICPC codes per klacht of aandoening gespecificeerd. Tabel A. ICPC code(s) behorend bij klachten Klacht/aandoening
ICPC code(s)
Acute klachten Moeheid Symptomen van buik of maag Misselijkheid of braken Diarree of verstopping Gastro‐enteritis Symptomen van het oog Conjunctivitis Pijn of druk op de borst Hartkloppingen Hoofdpijn Tintelen van vingers/voeten/tenen Duizeligheid Angstig of depressief gevoel Slaapproblemen Stoornissen van geheugen/concentratie/oriëntatie Benauwdheid Hoesten Symptomen van de luchtweg Bloedneus Acute infectie bovenste luchtwegen
A04 D01, D02, D06 D09, D10 D11, D12 D73 F02, F02, F13, F29 F70, F71 K01, K02, K03 K04, K05 N01, N02 N05 N17 P01, P03 P06 P20 R02 R05 R02, R03, R05 R06 R74
Klacht/aandoening
ICPC code(s)
Acute bronchitis Pneumonie Pijn en roodheid van de huid Jeuk Chronische klachten Ziekte van Hodgkin Leukemie Anemie Chronische aandoeningen van het hart Hypertensie CVA Longkanker Bronchiëcstasieën COPD Astma Hooikoorts/allergische rhinitis Eczeem Diabetes
R78 R81 S01, S06, S07 S02 B72 B73 B80, B81, B82 K74, K75, K76 K86 K90 R84, R85 R91 R91, R95 R96 R97 S87 T90
BIJLAGE C Jaarprevalenties & incidenties Tabel A. Verschillen in prevalenties per jaar tussen het studiegebied en het controlegebied ‘industrie’ Acute klachten Moeheid Symptomen van buik of maag Misselijkheid of braken Diarree of verstopping Gastro‐enteritis Symptomen van het oog Conjunctivitis Pijn of druk op de borst Hartkloppingen Hoofdpijn Tintelen van vingers/voeten/tenen Duizeligheid Angstig of depressief gevoel Slaapproblemen Stoornissen van geheugen/concentratie/oriëntatie Benauwdheid Hoesten Symptomen van de luchtweg Bloedneus Acute infectie bovenste luchtwegen Acute bronchitis Pneumonie
2013
2014
2015
2016
2017
2018
2019
1.03 1.13 1.20 .98 .84 1.15 .85 1.50* 1.21 1.15 .88 1.66*** 1.10 .90
.99 1.11 1.39* 1.00 .97 1.32 .90 1.39* 1.02 1.14 .93 1.23 1.17 .99
.99 1.14 1.31 1.10 .91 1.15 1.02 1.51 1.10 1.19 1.04 1.30 1.37 .97
1.07 1.15 1.54** 1.26 1.14 1.05 1.01 1.39* 1.15 1.14 1.01 1.53* 1.30 1.29
1.10 1.06 1.22 1.21 1.01 1.26 .99 1.28 1.06 1.09 1.22 1.39 1.30 1.04
1.06 1.11 1.36*** 1.23** 1.15 1.13 1.03 1.14 1.03 1.06 .97 1.20 1.31 1.11
1.14 1.11 1.34*** 1.32** 1.30 1.09 .99 1.14 1.03 1.17 .85 1.18 1.15 1.18
1.46 1.29 1.10 1.12 1.22 .82 1.14 .95
1.40 1.32 1.03 1.11 1.02 .86 1.13 .88
1.18 1.18 1.04 1.06 1.15 .90 1.20 1.06
1.20 1.59* 1.01 1.14 1.06 1.07 .97 1.09
1.12 1.22 1.10 1.13 .97 .89 .71 1.26
1.12 1.11 1.02 1.04 .98 .91 .73 1.07
1.02 1.07 .92 .95 1.10 .92 .77 1.18
Pijn en roodheid van de huid Jeuk Chronische klachten Ziekte van Hodgkin Leukemie Anemie Chronische aandoeningen van het hart Hypertensie (40+) CVA Longkanker (40+) Bronchiëcstasieën (40+) COPD (bij 40+) Astma Astma bij kinderen (5‐15 jaar) Hooikoorts/allergische rhinitis Eczeem Diabetes *
p < .010
**
p < .005
***
p < .001
2013
2014
2015
2016
2017
2018
2019
1.03 1.07
.93 1.02
.72 1.15
.92 1.18
.92 1.31
.86 1.15
.86 1.26
1.03 .98 1.01 1.30* 1.28 1.21 1.49** 1.05 1.17 .63** .68 .76 .66 1.15
.95 .85 1.09 1.32** 1.31 1.21 1.61*** 1.05 1.21 .66* .72 .76 .72 1.20
.88 .77 1.22 1.36** 1.31 1.22 1.52** 1.07 1.22 .67 .76 .82 .74 1.22
.94 .78 1.35 1.43*** 1.27 1.36 2.22*** .84 1.34 .70 .79 .96 .61 1.26*
.93 .88 1.33 1.43*** 1.27 1.27 1.76*** .92 1.30 .74 .87 .92 .70 1.27**
.86 1.02 1.39 1.41*** 1.33 1.27 1.42** .88 1.31 .78 .95 .91 .73 1.30**
.86 1.25 1.25 1.46*** 1.41** 1.43 1.47** .98 1.42 .84 .98 .99 .70 1.34**
Tabel B. Verschillen in prevalenties per jaar tussen het studiegebied en het controlegebied ‘platteland’ Acute klachten Moeheid Symptomen van buik of maag Misselijkheid of braken Diarree of verstopping Gastro‐enteritis Symptomen van het oog Conjunctivitis Pijn of druk op de borst Hartkloppingen Hoofdpijn Tintelen van vingers/voeten/tenen Duizeligheid Angstig of depressief gevoel Slaapproblemen Stoornissen van geheugen/concentratie/oriëntatie Benauwdheid Hoesten Symptomen van de luchtweg Bloedneus Acute infectie bovenste luchtwegen Acute bronchitis Pneumonie Pijn en roodheid van de huid Jeuk Chronische klachten
2013
2014
2015
2016
2017
2018
2019
1.09 1.30 1.61** 1.07 1.35 1.81*** .91 1.76** 1.33 1.44*** 1.56 1.27 1.32 1.00
1.10 1.38 1.71*** 1.14 1.47 1.75*** 1.04 1.74*** 1.22 1.38** 1.89** 1.12 1.48 1.33
1.10 1.31 1.75*** 1.19 1.37 1.58*** 1.11 1.61 1.17 1.47*** 1.72* 1.06 1.48* 1.25
1.09 1.31 1.64** 1.25 1.46* 1.43** 1.13 1.62** 1.23 1.42*** 1.33 1.10 1.51 1.27
1.24 1.32 1.64** 1.19 1.55 1.43** 1.17 1.69* 1.20 1.36*** 1.60* 1.30 1.45 1.24
1.19 1.35 1.63*** 1.21 1.63*** 1.42** 1.20 1.52* 1.17 1.33** 1.56 1.26 1.42 1.27
1.19 1.35 1.63 1.21 1.63*** 1.42** 1.20 1.45 1.17 1.33** 1.56 1.26 1.42 1.27
1.41 1.36 1.26 1.27 1.34 1.17 .68 1.09 1.27 1.42*
1.42 1.51 1.20 1.24 1.23 1.30 .75 1.31 1.46 1.45*
1.38 1.49 1.26 1.29 1.27 1.17 .82 1.34 1.27 1.58*
1.19 1.60** 1.10 1.19 1.47* 1.19 .87 1.15 1.41 1.27
1.23 1.21 1.21 1.22 1.25 1.21 .84 1.21 1.27 1.24
1.25 1.23 1.13 1.15 1.30 1.29 .79 1.01 1.17 1.14
1.25 1.23 1.13 1.15 1.30 1.29 .79 1.01 1.17 1.14
Ziekte van Hodgkin Leukemie Anemie Chronische aandoeningen van het hart Hypertensie (40+) CVA Longkanker (40+) Bronchiëcstasieën (40+) COPD (bij 40+) Astma Astma bij kinderen (5‐15 jaar) Hooikoorts/allergische rhinitis Eczeem Diabetes *
p < .010
**
p < .005
***
p < .001
2013
2014
2015
2016
2017
2018
2019
1.26 .87 .94 1.36** 1.12 .93 1.68*** 1.28 1.29 .77 .91 .91 1.02 1.31**
1.10 .86 1.00 1.42*** 1.17 1.06 1.72*** 1.32 1.37* .81 .98 1.00 1.07 1.35**
1.05 .83 1.10 1.47*** 1.19 1.08 1.78*** 1.44 1.42** .81 .99 1.03 1.09 1.36***
1.04 .71 1.11 1.47*** 1.18 1.11 1.81*** 1.28 1.42** .82 .97 1.04 1.01 1.39***
1.00 .83 1.15 1.47*** 1.26 1.11 1.56*** 1.28 1.42** .87 1.03 1.10 1.07 1.43***
.99 .88 1.22 1.45*** 1.25 1.04 1.65*** 1.29 1.49** .87 1.03 1.19 1.04 1.46***
1.02 .96 1.15 1.49*** 1.24 1.09 1.71*** 1.41 1.56*** .90 1.08 1.16 1.05 1.45***
Figuur A: Incidentie misselijkheid of braken
Figuur B: Incidentie pijn/druk op de borst
Figuur C: Incidentie symptomen van het oog
Figuur D: Incidentie hoofdpijn
Nivel
16
Provincie Noord-Holland POSTBUS 3007 1 2001 DA HAARLEM
De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat Postbus 20901 2500 EX ‘S-GRAVENHAGE
Gedeputeerde Staten Uw contactpersoon R. Baars BEL/OME
Telefoonnummer ÷31235144550 baars r@Noord-Hol land. n l
liii
Verzenddatum
Betreft: Tussentijdse resultaten gezondheidsonderzoek lJmond
1 4 APR. 2027 Kenmerk
Excellentie, Bijgevoegd vindt u het briefrapport “Tussentijdse resultaten gezondheidsonderzoek ljmond” van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) dat in opdracht van onze colleges door het RIVM is opgesteld. Dit is een eerste deelrapport van het gezondheidsonderzoek in de ljmond dat het RIVM uitvoert. Later dit jaar volgen nog twee deelrapporten.
1606307/1610498
Uw kenmerk
Onderzoeksrapport in het kort Uit het onderzoek volgt op hoofdlijnen dat: • •
•
De luchtkwaliteit in de ljmond vaker matig tot onvoldoende is dan in achtergrondlocaties zonder industrie in de nabijheid; In de ljmond meer en vaker acute gezondheidsklachten worden gemeld bij de huisarts en chronische aandoeningen vaker voor komen vergeleken met het platteland en andere industriegebieden; Een studie onder omwonenden (“dagboekonderzoek”) meer inzicht zou kunnen geven of er een verband is tussen de luchtkwaliteit, de pieken en de acute gezondheidsklachten.
Voor het onderdeel acute gezondheidsklachten heeft het Nivel in een analyse de huisartsgegevens uit de lJmond vergeleken met die van andere industriële gebieden in Nederland en met het platteland. Uit het briefrapport blijkt dat in de Ii mond, waar onder andere Tata Steel gevestigd is, statistisch significant meer acute gezondheidsklachten voorkomen dan elders in Nederland. Het gaat dan om symptomen van buik of maag, misselijkheid of braken, symptomen van het oog, pijn of druk op de borst, hoofdpijn, duizeligheid, benauwdheid en jeuk. Daarnaast komen chronische aandoeningen van het hart, longkanker en diabetes vaker voor. Om de luchtkwaliteit nader in kaart te brengen is ook gekeken naar pieken van stoffen in de lucht. Veel normen zijn gebaseerd opjaargemiddelden, maar inwoners ervaren de pieken vooral als hinderlijk.
Postbus 3007 2001 DA Haarlem Telefoon (023) 514 3143
Houtplein 33 2012 DE Haarlem www. noord-holland. n 1 Kvk-nummer 34362354 Btw-nummer NL.001 0.03.1 24.B.08
2111
In de bijlage vindt u meer informatie over de aanleiding, context en resultaten van het RIVM briefrapport. Zorg over kwaliteit leefomgeving en gezondheid lJmond Onze colleges delen de zorgen van de bewoners van de Ii mond over hun gezondheid en ziet deze bevestigd in de resultaten van dit onderzoek. Specifiek de resultaten met betrekking tot de acute gezondheidsklachten vormen daarbij een nieuw inzicht. Dit onderwerp is voor het eerst op grote schaal objectief inzichtelijk gemaakt voor de IJ mond. Wij vinden dat iedereen recht heeft op een gezonde leefomgeving. Wij werken daar aan met onder andere de uitvoering van het Programma Gezonde Leefomgeving en het Programma Tata Steel 2020 2050. In dat verband roepen wij Tata Steel voortdurend op om uitstoot en overlast in de ljmond zoveel en zo snel mogelijk te verminderen. En samen met de Ii mond gemeenten wordt gewerkt aan een programma Gezondheid en Luchtkwaliteit lJmond, onder andere ter uitvoering van het Schone Lucht Akkoord (SLA). Daarmee spannen wij ons binnen onze wettelijke bevoegdheden en kaders maximaal in. Dit is echter niet voldoende. —
De leefomgeving in de l]mond voldoet aan de nu geldende wettelijke milieunormen voor bijvoorbeeld fijn stof fimmissie) en geluid. Toch is de IJmond een zwaar belast gebied met negatieve effecten op de gezondheid. Cumulatie van de effecten van milieubelastende activiteiten en piekbelasting zijn hier (mede) de oorzaak van. Dit RIVM onderzoek toont eens te meer aan dat werken aan een gezondere leefomgeving een belangrijke en urgente opgave is. Het is noodzakelijk dat alle betrokken overheden gezamenlijk blijven werken aan een gezondere leefomgeving in de lJmond. We doen daarom een appel op u om scherpere regelgeving op te stellen en waar nodig aanvullende maatregelen mogelijk te maken. Naast de lange termijn willen we daarbij nadrukkelijk ook de focus leggen op maatregelen die op de korte termijn leiden tot een merkbaar gezondere leefomgeving in de lJmond. In bredere zin voeren wij de discussie met het Rijk over de vraag of vanuit gezondheidskundig oogpunt de huidige normstelling en regelgeving wel voldoet in een gebied zoals de lJmond met cumulatie van de effecten van milieubelastende activiteiten en piekbelasting. Reactie en vervolgstappen provincie Noord-Holland en IJ mondge mee nten Over de oorzaken van de gezondheidsklachten laat het briefrapport zich niet uit. Het RIVM geeft aan dat de oorzaken gezocht moeten worden in een mix van persoonlijke factoren en omgevingsfactoren.
Wij constateren evenwel dat de lJmond een door de industrie, weg- en scheepvaartverkeer zwaar milieubelast gebied is. De aanwezigheid van Tata Steel in dit gebied heeft hierin onmiskenbaar een aandeel en vormt ook de onderscheidende factor van dit gebied ten opzichte van andere industriegebieden. Dit briefrapport bevestigt onze colleges in de opgave die we hebben en de inspanningen die we gezamenlijk met andere overheden leveren om de leefomgeving in de lJmond te verbeteren. We zetten daarbij als
1606307/1610498
3111
colleges voornamelijk in op het verminderen van emissies in de regio ljmond. Dat doen wij als volgt: Met het in november 2020 vastgestelde Programma Tata Steel 2020 2050 werken we, samen met de lJmondgemeenten, aan het zoveel mogelijk verminderen van de negatieve effecten van Tata Steel op de gezondheid en veiligheid in de lJmond. De CD NZKG heeft een bijbehorend Uitvoeringsijrogramma VTH Tata Steel 2020 2022 opgesteld waar de provincie 2,8 miljoen euro extra voor heeft uitgetrokken. Dit bestaat uit verschillende acties. Zo is de beoordeling van de inventarisatie uitstoot Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) in volle gang, waarbij de Inspectie Leefomgeving & Transport (IL&T) om advies is gevraagd. De CD NZKG houdt scherp toezicht en treedt strenger op. Bijvoorbeeld bij de Kooksfabrieken en naar aanleiding van het incident met zwarte sneeuw in februari. Met het Programma Gezonde Leefomgeving richt de provincie zich op het creëren van een fysieke leefomgeving die gezond is voor haar inwoners. Wij zijn betrokken bij het initiatief van de lJmondgemeenten, de Cmgevingsdienst ljmond en GGD Kennemerland om te komen tot een programma Gezondheid en Luchtkwaliteit lJmond.
Met dit (nog vast te stellen) programma zetten de lJmondgemeenten zich in op het verbeteren van de gezondheid en luchtkwaliteit in de ljmond, door te richten op intensivering van beleid en concrete maatregelen op het gebied van industrie en bedrijvigheid, woon- een leefomgeving, mobiliteit en scheepvaart. Tevens werken de gemeenten aan de Regionale nota gezondheidsbeleid 2021-2028 “Samen gezond in Kennemerland”. Door het monitoren van de voortgang van de uitvoering van de maatregelen uit de Roadman 2030 van Tata Steel. Wij roepen Tata Steel met klem op om de aangekondigde investering van 300 miljoen euro te concretiseren en zo snel mogelijk tot uitvoering te brengen. Daarbij is in het bijzonder van belang welke maatregelen bij de veel overlast gevende Kooksfabriek 2 worden genomen en vooral welke concrete resultaten de omgeving hiervan mag verwachten. De CD NZKG is de procedure gestart om met een ambtshalve wijziging van de vergunning Tata Steel te verplichten tot het toepassen van NCx reducerende maatregelen bii de Pelletfabriek. Met ondertekening van het Schone Lucht Akkoord (SLA) en jaarlijkse vaststelling van een uitvoeringsplan daarbij, streven we naar een vermindering van de uitstoot van fijn stof en stikstofdioxide door (weg)verkeer, mobiele werktuigen, landbouw, scheepvaart, industrie en huishoudens tot het niveau van de WHC-advieswaarden in 2030. -
—
• •
•
•
•
We spannen ons hiermee binnen onze bevoegdheden en kaders maximaal in om de leefomgeving in de lJmond te verbeteren. Het briefrapport van het RIVM laat echter zien dat voldoen aan de wettelijke normen niet automatisch betekent dat er ook sprake is van een gezonde leefomgeving in dit gebied. De onderzoeksresultaten onderstrepen de noodzaak en het belang van een gezondere leefomgeving in de lJmond.
1606307/7 610498
4111
Vraag aan het Rijk: Gezamenlijk werken aan een gezondere leefomgeving Wij zien in dit briefrapport aanwijzingen dat de inzet van alleen de
provincie en gemeenten niet genoeg zal zijn om de benodigde gezondheidswinst te behalen: Het zorgen voor een gezondere leefomgeving in de lJmond is niet enkel een kwestie van scherper vergunnen, goed handhaven en Tata Steel en andere bedrijven stimuleren om schoner te werken. Onze colleges constateert dat jaargemiddeld de luchtkwaliteit in de lJmond voldoet aan de geldende wettelijke normen. Een gebied als de l]mond wordt echter gekenmerkt door zowel cumulatie van diverse emissies als door piekbelasting die niet goed in gemiddelden tot uitdrukking komen. Dit in de context van de korte afstand van de industrie tot de aanwezige woningen in de lJmond. De vraag ligt daarom voor of vanuit gezondheidskundig oogpunt de huidige normstelling en regelgeving wel voldoet in een gebied zoals de lJmond. Een gezondere leefomgeving in de lJmond is een gezamenlijke opgave. De lJmond is een gebied van groot economisch belang en werkgelegenheid waarin op een steenworp afstand van elkaar gewoond, gerecreëerd en gewerkt wordt. Dit geeft een complexe situatie waarin het noodzaak is dat overheden gezamenlijk optrekken. Wij moeten hier samen met het Rijk over in gesprek om zo gezamenlijk te onderzoeken waar normen en regels aangescherpt kunnen worden om zo te zorgen voor een gezondere leefomgeving.
De eerste goede stappen zijn in dat kader al gezet, zoals met de ondertekening van het Schone Lucht Akkoord (SLA). Er is echter meer nodig. De volgende vragen stellen we aan het Rijk. 5teI normen op voor Zeer zorgwekkende stoffen (ZZS) en cum ulatie
In de regio NZKG is de opgave groot vanwege de benodigde ruimte voor wonen, werken, energietransitie en daarbij het belang voor een gezondere leefomgeving in de lJmond. Door te toetsen per milieucompartiment aan individuele normen voor ZZS wordt voorbij gegaan aan de cumulatieve effecten voor de gezondheid. Op basis van de ZZS uitvraag ontvangen wij net als andere bevoegde gezagen in Nederland aanvullende informatie over ZZS emissies door bedrijven. Normen (Maximaal Toelaatbare Risiconiveau, MTR) zijn nodig om daadwerkelijk de gezondheidskundige duiding te kunnen geven, voor veel ZZS ontbreekt het op dit moment aan een norm. Wij zullen zelf bij het RIVM een MTR aanvragen voor de ontbrekende ZZS. ZZS die voorkomen in de lJmond, en in het bijzonder ZZS die door Tata Steel worden geëmitteerd, hebben daarbij voor ons de prioriteit. Wij willen met het Rijk als systeemverantwoordelijke voor het ZZS beleid in overleg om te komen tot cumulatieve normen voor ZZS per stofgroep in plaats van toetsing per individuele stof. Ook hier hebben ZZS die voorkomen in de lJmond (meer in het bijzonder vanuit Tata Steel) voor ons de prioriteit. Het is hierbij van belang dat normen over alle milieucompartimenten (lucht, water, bodem en afval) op elkaar aansluiten. De inzet moet zich uiteindelijk richten op het uitfaseren van ZZS (stofgroepen) die schadelijk zijn voor de gezondheid of het milieu. —
-
1606307/1610498
5111
Verder zien we specifiek voor Tata Steel dat het een fabrieksterrein betreft met bijna 20 verschillende werkeenheden. Hoewel deze werkeenheden allemaal worden genormeerd met de vergunning en er voor Tata Steel ook algemene stofplafonds gelden, houdt de huidige milieuwetgeving onvoldoende rekening met de cumulatie van verschillende stoffen die dit oplevert. Perk (waar mogelijk) piekbelasting verder in De wetgeving is gericht op emissies onder normale bedrijfsomstandigheden (Richtlijn industriële emissies) en niet op piekbelasting (storingen, start, stop, lekkages etc.) terwijl deze emissies ook en soms grote gevolgen hebben voor de leefomgeving. Wij stellen voor om in de wet- en regelgeving scherp te kijken naar de toegestane uitzonderingen voor piekbelastingen en waar mogelijk deze (verder) in te perken. -
-
Actualiseer BREF’s Op grond van de Richtlijn industriële emissies (RIE) moet de Europese Commissie ernaar streven de BREF’s uiterlijk acht jaar na de publicatie van de vorige versie bij te werken. Voor Tata Steel is de BREF Ijzer & Staal 201 2 het meest relevant. Verder is bij Tata Steel de BREF op- en overslag uit 2006 van toepassing. In 2020 hebben wij (ambtelijk) reeds bij het ministerie van l&W aangegeven dat wij vinden dat deze voor Tata Steel relevante BREF’s revisie verdienen. Voor de volledigheid herhalen wij onze vraag het Rijk om (mede) namens onze colleges er bij de Europese Commissie op aan te dringen het proces om deze BREF’s te actualiseren in gang te zetten, waarbij ingezet wordt op strengere emissiegrenswaarden en het verkleinen van de ranges. Neem (te ontwikkelen) kennis over de effecten van ultrafijn stof mee in milieu- en gezondheidsbeleid Uit verkennende metingen die het RIVM heeft uitgevoerd weten we dat in de ljmond niet alleen fijn stof, maar ook ultrafiln stof verhoogd voorkomt. De gezondheidseffecten van ultrafijn stof zijn niet goed bekend en er zijn momenteel geen normen voor ultrafijn stof. Rond aankomende zomer worden de resultaten van een RIVM-onderzoek bij Schiphol verwacht dat nader inzicht moet geven in de gezondheidseffecten.
Het RIVM stelt in het briefrapport verder voor om ultrafijn stof als “markerstof’ te hanteren voor de studie onder omwonenden (‘dagboekonderzoek”). De kennis op het gebied van ultrafijn stof is dus in ontwikkeling. Het is van belang om, als er meer bekend is, te bezien wat dit betekent voor milieu- en gezondheidsbeleid in Nederland. Maak u sterk voor een norm voor elementair koolstof Een ander onderdeel van fijn stof is elementair koolstof, oftewel roet (black carbon). Dit is een schadelijk deel van onverbrande emissies van fijn stof en bevat onder andere PAK’s. Voor elementair koolstof is nog geen norm voor de buitenlucht (immissie) terwijl deze er wel is voor werkplekken. Wij verzoeken u om in Europees verband u sterk te maken voor een norm voor elementair koolstof.
1606307/1610498
6111 Geef een vervolg aan onderzoek geluid Voor geluid zijn door de WHO nieuwe advieswaarden afgegeven, het RIVM heeft hier in 2020 een rapport over aangeboden als reactie op de motie-Schonis. Dit rapport moet op Rijksniveau een vervolg krijgen. Aanvullende maatregelen Maatregelen om uitstoot (emissies) te verminderen die wettelijk en afdwingbaar zijn, worden door de veroorzaker van de uitstoot gerealiseerd. In de lJmond investeert Tata Steel in maatregelen om de overlast in de omgeving te verminderen. Tata Steel heeft in december 2020 hiervoor een investering van 300 miljoen aangekondigd. Ongeveer de helft hiervan is voor een maatregel die door ons met een ambtshalve wijziging van de vergunning verplicht wordt opgelegd (maatregel bii de Pelletfabriek). Als onderdeel van het Programma Gezonde Leefomgeving heeft de provincie een Uitvoeringsregeling subsidie gezonde leefomgeving complexe industrie. Deze regeling is bedoeld om een haalbaarheidsstudie uit te voeren naar bovenwettelijke maatregelen. Voor de realisatie van grotere bronmaatregelen op de schaal van de industrie in de lJmond is deze regeling echter niet bedoeld. Ook de bij het SLA behorende SPUK-regeling biedt hiervoor geen soelaas. Wij vragen het Rijk om aanvullende maatregelen mogelijk te maken voor een gezondere leefomgeving in de Ijmond.
Gezondheid als onderdeel van de energietransitie en verduurzaming bij Tata Steel en in het NZKG-gebied Wij zijn positief over de stappen die Tata Steel en het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) willen zetten voor verdere CO2reductie bij Tata Steel. Dit komt tot uitdrukking in de op 30 maart 2021 bekend gemaakte ‘Expression of Principles” van EZK en Tata Steel. Het is belangrijk om de doelen van het Klimaatakkoord te halen en het kan op de langere termijn bijdragen aan een gezondere lJmond. Maar voor gezondheid en een betere leefomgeving in de lJmond is op korte termijn meer nodig. Het briefrapport van het RIVM onderstreept voor ons opnieuw het belang van een gezonde leefomgeving. De energietransitie en verduurzaming kunnen een gezondere leefomgeving dichterbij brengen. Gezondheid is daarmee naast C02 reductie een extra argument om aan energietransitie en verduurzaming te werken bij Tata Steel en in het NZKG gebied. Er komt veel op de ljmond af terwijl de druk op de leefomgeving reeds hoog is. Om draagvlak voor de energietransitie te creëren en te behouden en specifiek voor de “license to operate” van Tata Steel zijn eerst concrete en merkbare stappen op het gebied van gezondheid en de leefomgeving noodzakelijk.
Wij willen samen met het Rijk als gezamenlijke overheden en met Tata Steel onderzoeken welke concrete maatregelen bij Tata Steel nodig zijn voor een gezondere leefomgeving. Het gaat daarbij voor ons nadrukkelijk ook om steun voor maatregelen die momenteel niet wettelijk afdwingbaar zijn, maar die wel veel gezondheidswinst op kunnen leveren. Mogelijk zijn er goede combinaties te maken waarbij -
—
1606307/1610498
7 Iii
gezondheidswinst samen gaat met de reductie van C02 of NOx (ten behoeve van de natuur). Wij denken met het oog op een gezondere leefomgeving in ieder geval aan aanvullende maatregelen bij in het bijzonder de eerder genoemde Kooksfabriek 2. En verder aan maatregelen om (fijn)stof te reduceren bij de grondstoffenlogistiek. Tata Steel neemt binnen de investering van 300 miljoen euro weliswaar maatregelen bij de transportbanden, de grondstoffenlogistiek blijft een grote bijdrage leveren aan de (fijn)stof concentratie. Afsluiting
Het briefrapport van het RIVM leidt voor onze colleges tot de volgende hoofdpunten voor een gezondere leefomgeving in de ljmond: 1.
Binnen onze bevoegdheden en kaders blijven wij maximaal inzetten op o.a. de uitvoering van het Programma Tata Steel 2020-2050, het Programma Gezonde Leefomgeving en de uitvoering van het SLA; 2. We verzoeken Tata Steel met klem om de aangekondigde investering van 300 miljoen te concretiseren en zo spoedig mogelijk tot uitvoering te brengen. Maatregelen moeten op korte termijn tot merkbare positieve effecten leiden voor de leefomgeving; 3. Samen met het Rijk en andere betrokkenen voeren wij de bredere discussie over de vraag of vanuit gezondheidskundig oogpunt de huidige normstelling en regelgeving wel voldoet in een gebied zoals de ljmond met cumulatie van stoffen en piekbelasting; 4. Wij doen een appel op het Rijk om aanvullende maatregelen mogelijk te maken om tot een merkbaar gezondere leefomgeving te komen in de ljmond. Een afschrift van deze brief is gestuurd naar de ministeries van Economische Zaken en Klimaat en van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Hoogachtend, Gedeputeerde Staten van Noord-Holland,
çi nciesecretaris
R.M. BergkamP
voorzitter
A.Th,H. Van DIjk
1606307/1610498
8111
College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Beverwijk,
de gemeentesecretaris,
de burgemeester,
drs. E.R. Loenen
drs. ME. Smit
College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Heemskerk,
de gemeentesecretaris,
de burgemeester,
j.S.W. Ozenga
A.E.H. Baltus
College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Velsen,
de gemeentesecretaris,
de burgemeester,
K.M. Radstake
F.C. Dales
Bijlage n Aanleiding, context en onderzoeksresultaten Aanbiedingsbrief RIVM, Briefrapport RIVM en analyse Nîvel
1606307/1610498
9111 BIJLAGE 1
Aanleiding & context De zogenoemde grafietregens in 201 8/2019 zorgden voor een toename van de zorgen van omwonenden van Tata Steel, met name in Wijk aan Zee. De provincie Noord-Holland heeft het RIVM toen gevraagd onderzoek te doen naar de grafietregens. De vragen en zorgen van omwonenden van Tata Steel waren echter breder dan alleen over de grafietregens. Een deel van die vragen is beantwoord met het project Grafietregen en gezondheid’ dat in de eerste helft van 201 9 is uitgevoerd. Daarnaast is een deel van vragen beantwoord op basis van bestaande kennis. De nog openstaande vragen heeft het RIVM samen met een klankbordgroep van bewoners en experts in kaart gebracht. Op basis daarvan zijn acht onderzoeksopties geformuleerd, verdeeld in drie clusters. Dit onderzoeksvoorstel van het RIVM voor het gezondheidsonderzoek in de ljmond bestaat uit: Cluster A: • Depositie (neerslag van stof in de leefomgeving) • Luchtkwaliteit en inhaleerbare fractie op ervaren (on)gezonde dagen • Acute gezondheidsklachten Cluster B: • Eten uit de moestuin / bramen uit de duinen / dierljke prod ucten • Biomonitoring bloedwaarden Cluster C: • Vervolgonderzoek grafietregen • Chronische klachten • Angst en stress Op 1 S oktober 201 9 hebben wij het RIVM opdracht gegeven om te starten met een voorbereidend “basisonderzoek” op basis van het onderzoeksvoorstel (1 278459/1 278460).
In maart 2020 heeft het RIVM samen met de klankbordgroep van bewoners en experts advies uitgebracht over de invulling van het vervolgonderzoek. De provincie Noord-Holland en de ljmondgemeenten hebben dit advies in april 2020 1 op 1 overgenomen en het RIVM opdracht gegeven om verder onderzoek te doen naar de onderwerpen uit Cluster A (1285438/1400167). Dit briefrapport “Tussentijdse resultaten gezondheidsonderzoek lJmond” bevat tussentijdse resultaten met betrekking tot twee onderwerpen uit cluster A, te weten luchtkwaliteit en inhaleerbare fractie op ervaren (on)gezonde dagen en acute gezondheidsklachten. Het briefrapport bestaat uit drie onderdelen, deze zijn hierna onder “onderzoeksresultaten” beschreven. Rond de zomer van 2021 verwacht het RIVM het deel van het gezondheidsonderzoek uit cluster A dat ziet op depositie (neerslag van stof in de leefomgeving) te kunnen opleveren. In het najaar van 2021 volgt naar verwachting een vervolg op het onderdeel “Luchtkwaliteit en
1606307/1610498
lol inhaleerbare fractie op ervaren (on)gezonde dagen waarmee door bronen patroonherkenning wordt getracht verder inzicht te krijgen in de bijdragen van verschillende emissiebronnen aan de concentraties van stoffen in de lucht die mensen kunnen inademen. Onderzoeksresultaten Tussentijdse resultaten luchtkwaliteit op ervaren (on)gezonde dagen Uit het briefrapport van het RIVM blijkt dat de luchtkwaliteit vaker matig tot onvoldoende is in de ljmond dan op achtergrondlocaties waar geen industrie in de omgeving aanwezig is. In de omgeving van Tata Steel komen vaker hogere concentraties fijn stof (PM1 0) voor dan in delen van Nederland zonder zware industrie. Dit geldt zowel voor de daggemiddelde als uurgemiddelde PM1 0 fijnstofconcentraties. Dit laat zien dat de Ii mond een relatief zwaar belast gebied is. Met name bepaalde groepen (kinderen, ouderen, mensen met luchtwegklachten) kunnen hier gezondheidseffecten van ondervinden, zo schrijft het RIVM. Voor dit onderzoek is fijn stof gekozen als graadmeter voor de luchtkwaliteit. Fijn stof wordt op verschillende plekken in de ljmond gemeten en er is veel bekend over de effecten ervan op de gezondheid.
Acute gezondheidsklachten en chronische aandoeningen in de Umond Het Nivel heeft voor een breed scala aan acute gezondheidseffecten en een aantal chronische aandoeningen verkend of deze in de lJmond meer, minder of evenveel worden gepresenteerd aan de huisarts, vergeleken met regio’s in Nederland met evenveel industrie (controlegebied industrie’) en regio’s met weinig tot geen industrie (controlegebied ‘platteland’). De resultaten van het Nivel laten zien dat in de l]mond relatief veel acute gezondheidsklachten en chronische aandoeningen vaker gerapporteerd worden bij de huisartsen vergeleken met de controlegebieden. Deze klachten zijn bijvoorbeeld misselijkheid, symptomen van het oog, hoofdpijn, benauwdheid, jeuk en pijn op de borst. Chronische aandoeningen van het hart, diabetes en longkanker worden rondom het industriegebied l]mond vaker gediagnosticeerd dan elders en Chronische Obstructieve Long Ziekte (COPD) wordt in de ljmond vaker gediagnostiseerd dan op het platteland. Deze symptomen en aandoeningen betreffen meerdere orgaansystemen: onder meer luchtwegen, maag-darmkanaal, huid, hart en vaten. Aan eerdere bevindingen van onderzoeken uitgevoerd door RIVM en GGD wordt toegevoegd dat het om relatief veel symptomen gaat die statistisch significant vaker voorkomen. Dit geldt zeker voor de vergelijking met industrieel gebied elders.
De analyse laat ook zien dat meerdere symptomen en aandoeningen in de regio ljmond niet vaker (ziekte van Hodgkin, leukemie) of zelfs minder vaak (bronchitis, astma bij volwassenen) worden gezien door de huisarts. Het RIVM benadrukt dat dit onderzoek géén antwoord geeft op de vraag wat de oorzaak is van de gezondheidsklachten. Het RIVM geeft aan dat bij het ontwikkelen van gezondheidsklachten verschillende factoren een rol spelen. In de lJmond zijn in potentie de aanwezigheid van zware industrie als Tata Steel met daaraan gerelateerde emissies, wegverkeer
1606307/1610498
lii
en scheepvaart van invloed op de gezondheid. Ook persoonlijke factoren zoals aanleg, leefstijl en beroep spelen een rol in de ontwikkeling van gezondheidsklachten. Haalbaarheidsstudie pan elstudie (dagboekondetzoek) Het RIVM geeft aan dat een studie onder omwonenden meer inzicht zou kunnen geven of er een verband is tussen de luchtkwaliteit en de acute gezondheidsklachten. Omwonenden zouden hiervoor langere tijd in een dagboek kunnen bijhouden op welke dagen zij bepaalde klachten hebben. Volgens het RIVM is zo een onderzoek haalbaar. Als uitkomstmaten dienen ten minste dagelijks zelf gerapporteerde luchtwegklachten, geurhinder en longfunctie meegenomen te worden. Om de acute gezondheidseffecten te relateren aan stoffen in de lucht worden de volgende componenten voorgesteld: fijn stof PM1 0 en PM2,5, ultrafijn stof en een component die kan dienen als markerstof voor de emissies van het Tata Steel terrein.
1606307/1610498