CConstaterende datVelsen
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept Raad 31 03 2021.docx

Raadsvergadering 29 april 2021, gemeente VelsenBij agendapunt: Vaststellen notulen raadsvergadering van 31 maart 202130.795 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Ik heb een hele hoop partijen horen zeggen dat ze bijvoorbeeld dat duinfront graag ter participatie willen voorleggen aan de inwoners. Maar als ik het goed lees in de voorgestelde aanpak van participatie kunnen we uiteindelijk nadat we het hebben neergelegd bij de inwoners bij de Omgevingsvisie die we volgend jaar gaan vaststellen, op basis van die participatie een uitwerking maken. Als ik de suggestie voor participatie nu goed lees, staat er volgens mij dat het helemaal niet zo zal zijn dat dit plan neergelegd wordt voor participatie bij de inwoners, want er staat: '… de Visie op een hoog abstract schaalniveau is ingestoken…'. Dat heeft veelal niet de interesse van degenen die de uitwerking het meeste treft, namelijk de inwoners. Dus het college maakt al de inschatting dat de inwoners het dus niet interessant vinden. Wij twijfelen een beetje of dat een correcte inschatting is. De concrete vraag is dan: klopt die aanname dan wel die een hoop raadsleden zojuist maakten? Dat voor ze de Omgevingsvisie gaan vaststellen de inwoners zich ook hebben kunnen uitspreken over, bijvoorbeeld, het stukje aan het duinfront. De voorzitter: Dank u wel. De heer Hoekstra. - 47 -

De heer Hoekstra: Dank u wel, voorzitter. Participatie en inspraak zijn natuurlijk ook voor GroenLinks heel belangrijke uitgangspunten. Dat de Gebiedsvisie straks in samenspel met de inwoners en belanghebbenden moet worden uitgewerkt, lijkt ons eigenlijk nogal vanzelfsprekend. Ook gezien onze raadsakkoord en het collegeprogramma. Tegelijkertijd is deze Gebiedsvisie een schetsmatige denkrichting; geen definitief plan waarin precies staat wat waar gaat gebeuren. Dat moet nou juist, nu de Gebiedsvisie is vastgesteld, bepaald worden tijdens de uitwerking. We hebben er eigenlijk wel het volste vertrouwen in dat het college bij die verdere uitwerking het samenspel centraal zal stellen. Dat staat eigenlijk ook wel te lezen in dat raadsvoorstel. Het is een alternatieve aanpak waarbij werkenderwijs op een effectieve en efficiënte manier samenspel wordt aangegaan waarbij de concrete ontwikkelingen al in gang gezet kunnen worden. Dat lijkt ons eigenlijk wel een goede vorm van Samenspel die past bij dit traject. Daarom zijn wij niet genegen om deze motie te steunen. De heer Smeets bij interruptie: Voorzitter… De voorzitter: De heer Smeets. De heer Smeets: Is hij het dan wel met D66 Velsen eens dat het belangrijk is dat inwoners zich over, bijvoorbeeld, dat stukje grond bij het duinfront kunnen uitspreken? Zeker voordat we dat bij de Omgevingsvisie gaan neerzetten.

Want dat vond u in het amendement zojuist nog extreem belangrijk. De voorzitter: De heer Hoekstra. De heer Hoekstra: Volgens mij, mijnheer Smeets, staat ook nergens dat er in het vervolg in de uitwerking gebruik gemaakt gaat worden van het Samenspel. Dat is ook waartoe ik het college zou willen oproepen. Dat staat natuurlijk wel in de opmaat; de Omgevingsvisie is nog wel even weg voor dat we die vaststellen. Daarbij gaan we ook nog eens in dat Samenspel, dat is duidelijk, dat discussiedocument waarbij we met elkaar van gedachten wisselen. Maar ook met onze inwoners. We komen daar dus nog uitvoerig op terug. En natuurlijk kunnen onze inwoners ook over dat stukje hun zegje doen. Absoluut. De heer Smeets: Voor de Omgevingsvisie, voor de duidelijkheid. Dat wilt u graag, toch? De voorzitter: Dank u wel. De heer Bleekman met een interruptie, geloof ik. Of niet? De heer Bleekman: Eigenlijk wilde ik deze discussie proberen uit de lucht te halen door te vragen of het college daarop zou kunnen reageren met de vaststelling dat er voor de Omgevingsvisie nog een participatietraject plaatsvindt. De voorzitter: Dank u wel. Dat nemen we zo meteen mee naar de portefeuillehouder. - 48 -

De heer Stam. De heer Stam: Dank u voorzitter. Het is maar net hoe je zo'n verhaal leest. In het voorstel van participatie staat dat na vaststelling van de Gebiedsvisie andere professionele stakeholders, belangenvertegenwoordigers en geïnteresseerde inwoners betrokken worden. Een alinea verder: bij locaties die in ontwikkeling worden genomen gaat het Samenspel plaatsvinden. Ik denk dus dat als je dat heel grootschalig gaat doen voor de gehele visie dat het onoverzichtelijk wordt. Ik vind de manier zoals het hier is neergezet veel behapbaarder. LGV kan op deze manier die participatie van harte steunen. Dus zullen we helaas deze motie niet steunen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Hebben we alle fracties gehad? Zo ja, dan geef ik nu het woord aan de portefeuillehouder om toelichting te geven en vragen te beantwoorden. Wethouder Diepstraten: Dank u wel, voorzitter. In dit geval een andere portefeuillehouder omdat de aansturing van de Gebiedsvisie van Pont tot Park ook samenspel is in het college en in een stuurgroep met betrokken wethouders uit het fysieke domein. Ik denk dat er hier sprake is van verwarring. Want er gaan verschillende trajecten lopen. Deze lopen er met betrekking tot de Omgevingsvisie waar ook apart samenspel over plaatsvindt. Voor elk van die Gebiedsvisies en voor de Omgevingsvisies maken wij plannen van aanpak.

Daarbij leren we ook van de lessen die we in het verleden hebben geleerd. Dat hebben we ook in het collegebericht over participatie in haar algemeenheid verwoord. Wij nemen dat mee in deze plannen. Specifiek voor de Gebiedsvisie Pont tot Park gaan we op basis van de Visie in het raadsvoorstel een plan van aanpak maken voor het brede samenspel. Dat gaat ook plaatsvinden in die Gebiedsvisie. Wij gaan vragen aan inwoners, stakeholders, vastgoedeigenaren, beleggers, medeoverheden, wijkplatforms, huurdersraden, winkeliersverenigingen, de horecabranche, maar dus ook aan de inwoners om te toetsen hoe zij over deze visie denken. Dan komen al die zogenoemde vlekken in het plan aan de orde. Dan vormt zich ook al een beeld van over hoe men, bijvoorbeeld, over het duinfront denkt. Vervolgens gaan er op basis van dat inzicht en het brede draagvlak verschillende trajecten lopen waarin ook weer samenspel gaat plaatsvinden. Wij gaan het dus heel zorgvuldig doen om juist de verwachtingen te managen. Dat is een van de lessen die we hebben geleerd in het verleden: verwachtingen duidelijk maken. Daarom ook dat plan van aanpak. Ik wil u graag toezeggen – het college ontraadt u overigens deze motie – dat wij u over die plannen van aanpak heel duidelijk zullen informeren. En ook hoe dat zich tot elkaar verhoudt: Samenspel/Omgevingsvisie en Samenspel/Pont tot Park. Tot zover, voorzitter.

De voorzitter: Dank u wel.

- 49 -

De heer Smeets bij interruptie: Voorzitter, mag ik nog een korte interruptie plegen? De voorzitter: De heer Smeets. De heer Smeets: Ik ben heel erg blij met de toezegging van wethouder Diepstraten om ons goed te informeren. Eigenlijk neigen wij er dan toe om de motie niet te steunen. Wat wij eigenlijk nog steeds een beetje lastig vinden, is die zin dat de Visie op een hoog abstract schaalniveau is ingestoken en dat dat veelal niet de interesse heeft van degenen die de uitwerking het meest treft, namelijk de inwoners. Dat blijkt dus wel de suggestie dat we de inwoners toch niet echt meenemen. Ik ben dus voornamelijk op zoek naar een heel concrete toezegging zoals 'nee, dat is niet zo, wij nemen ook in de beginfase de bewoners mee'. De voorzitter: De portefeuillehouder. Wethouder Diepstraten: In het kader van zo'n schaalniveau zet je natuurlijk ook een communicatietraject op waarbij iedereen die daar wat van wil vinden er ook voor zorgt dat ze er wat van kunnen vinden. Daar zetten we bijvoorbeeld ook Samenspel Velsen.nl voor in. Daarbij verwachten we – en daar kunt u overigens ook een rol in spelen als raad – dat mensen die daarin geïnteresseerd zijn en ook de plannen alvast kunnen lezen – de voorgenomen (concept) visie, want het is nog maar een concept – en daar vervolgens op kunnen reageren via diverse kanalen. Ik verwacht dat we daar bijeenkomsten voor zullen organiseren.

De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk nog even naar de indiener voor de afsluitende woorden. Mevrouw Koedijker: Dank u wel, voorzitter. Wij horen van de wethouder; als hij echt kan garanderen dat de inwoners van Velsen over de gehele Gebiedsvisie, het hele plan, noch hun in inbreng mogen geven, dan trekken wij deze motie in. De voorzitter: Ik kijk voor de zekerheid nog even naar de portefeuillehouder voor een concrete toezegging. Wethouder Diepstraten: Ik heb net uitgelegd dat iedereen van de inwoners de kans krijgt om hierop te reageren. Mevrouw Koedijker: Daar zijn we blij mee. Mocht het niet het geval zijn dan kunnen we altijd nog een lokaal referendum houden waarin de inwoners zich over het nieuwe Centrumplan kunnen uitspreken. De voorzitter: Dank u wel. Een prima plan. Begrijpt u, mevrouw Koedijker… De heer Stam bij interruptie: Voorzitter… De voorzitter: De heer Stam. - 50 -

De heer Stam: Dank u wel, voorzitter. Ik hoor nu net ook weer deze toezegging van wethouder Diepstraten, maar die komt feitelijk al boven op de toezegging die we van wethouder Dinjens hebben gehad. Dat buiten de inwoners ook juist de raad volledig betrokken blijven bij alle stappen in dit project. Ik denk dus dat we er in alle kanten goed inzitten. Ik ben blij met bij de toezeggingen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Nijemanting met een interruptie. De heer Nijemanting: Dank u wel, voorzitter. Ik hoor de heer Diepstraten zeggen dat we net een conceptvisie hebben aangenomen. Ik ging ervan uit dat dit de Visie was. Kan ik geen kleine opheldering over krijgen? Of heb ik het niet goed begrepen. De voorzitter: Wethouder Diepstraten. Wethouder Diepstraten: Dit is een semantische discussie. Dit is natuurlijk niet het Plan van hoe het gaat worden. Het is een visie die verder uitgewerkt moet worden. Als ik daar de verkeerde woorden voor heb gebruikt, neem ik dat terug. De heer Nijemanting: Dus geen definitieve visie, maar een conceptplan. Wethouder Diepstraten: Maar nog geen plan. De heer Nijemanting: Het begin, ja precies. Dan heb ik het, denk ik, goed verstaan, ja. De voorzitter: Helder. Dus voor het goede begrip: Mevrouw Koedijker heeft motie M3 ingetrokken. Klopt dat, mevrouw Koedijker? Ja, prima. Daarmee hebben de dit agendapunt afgehandeld.

11 MOTIE 'VREEMD AAN DE ORDE VAN DE DAG' De voorzitter: De motie is ingediend door de fractie D66 Velsen over huisvesting van TVIJ. Ik stel de volgende behandeling voor:  Een korte toelichting en het voorlezen van het dictum door de indiener.  Reactie van de overige fracties.  Eventuele reactie van de portefeuillehouder.  Afsluitend reactie van de indiener. Ik geef het woord aan de indiener, de heer De Ruig. De heer De Ruig: Dank u wel, voorzitter. Deze motie is medeondertekend door de PvdA, de ChristenUnie en het CDA. Daarvoor uiteraard mijn dank.

- 51 -

Voorzitter, ik denk dat de gehele raad inmiddels al bekend is met het huisvestingsvraagstuk van TVIJ. Eind oktober vorig jaar hebben zij hierover al in de raad ingesproken. Eerder dit jaar hebben D66 Velsen en PvdA raadsvragen gesteld over deze kwestie. Dit vraagstuk heeft vele kanten. Er is een taakstelling ten aanzien van de sportaccommodaties. TVIJ heeft de wens en de ambitie om op hoog niveau mee te blijven spelen. Een alternatieve locatie is niet zomaar gevonden. Ondertussen hangt de opzegging van het huurcontract van de huidige accommodatie na juni 2022 als een zwaard van Damocles boven de vereniging en haar 180 leden. Als de vereniging inderdaad dan de huidige locatie moet verlaten zonder dat er een alternatief onderkomen is, zal de vereniging 120 jaar de facto ophouden te bestaan. Voorzitter, unieke topsport moeten wij als gemeente koesteren en zoveel als mogelijk is, zien te behouden. Met deze motie proberen de indieners dan ook eigenlijk een soort tussenweg te vinden in de belangen van de gemeente en die van TVIJ. Daarmee proberen we te voorkomen dat we de vereniging onnodig de nek om zouden draaien. Wat ook nog belangrijk is om te melden, dat wij als indieners nadrukkelijk niet willen dat dit een langslepend verhaal wordt dat tot in lengte van dagen voortduurt. Daarom hebben wij in de motie dan ook een inspanningsverplichting voor beide partijen opgenomen.

We hebben daarover uitvoerig contact gehad met TVIJ. Zij hebben aangegeven bereid te zijn die verantwoordelijkheid te nemen. In de uitvoering van de motie – mocht ze worden aangenomen uiteraard – verwachten we dan ook dat de wethouder ons op de hoogte houdt van de voortgang en de geleverde inspanningen, zodat we als raad die inspanningsverplichting van beide kanten kunnen controleren. Voorzitter, wat verzoeken wij dan concreet met deze motie? De raad verzoekt het college:  

Het huurcontract van TVIJ voor sporthal ‘De Springplank’ niet op te zeggen zo lang als gemeente en TVIJ gezamenlijk in gesprek zijn over, en er redelijkerwijs zicht is op een passende alternatieve accommodatie. Aan het zo nodig verlengen van het huurcontract de voorwaarde te verbinden dat beide partijen – zowel de gemeente als TVIJ – onderwijl een onverminderde inspanning blijven leveren om een passende nieuwe accommodatie te vinden.

Tot zover, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. We gaan inventariseren welke raadsleden die behoefte hebben om op deze motie te reageren. Als eerste de heer Koppes. De heer Koppes: Dank u wel, voorzitter. Tja, wat zal ik zeggen, ik denk dat TVIJ een gat in de lucht springt als wij op enig moment een vervangende zaal hebben gevonden. Maar zover is het nog niet. Afstel

- 52 -

van deze verhuizing vinden wij gezien de samenhang onwenselijk. Maar als het college wat uitstel kan bieden, kun je daar niet tegen zijn, denk ik. Het dictum is nu een ietwat zwart-witbenadering en in die zin voor ons onwenselijk, omdat er wat ons betreft dingen in staan die wellicht in de uitvoering wat lastig gaan worden. Als het college van dat zwart-wit wat meer grijs kan maken, nog wat meer ruimte kan gunnen in wat mogelijk is, een onmiddellijke oplossing dus, staan wij al positiever tegenover dit signaal. We wachten dus nog even de reactie van het college af wat het kan bieden, voordat wij ons definitief uitspreken over deze motie. Wij waarderen de inspanningen van de collega's op dit vlak. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Bleekman. De heer Bleekman: Dank u wel, voorzitter. We zijn nieuwsgierig tot wanneer dit duurt. Zolang er een goede discussie is over de locatie kan het wel 20 jaar duren. Wanneer eindigt dat? Is er ook een moment waarvan we kunnen zeggen: nu komen we niet verder. We hebben besloten om niet-druk bezette sporthallen van de hand te doen. Dus op een gegeven moment moeten we toch ergens een keuze maken. En waar eindigt dat? Kunnen we dit dan per jaar verlengen? Even een voorbeeldje is eigenlijk onze vraag aan de indieners. De heer De Ruig bij interruptie: Voorzitter, ter interruptie, misschien kan ik daar meteen duidelijkheid over geven.

De voorzitter: De heer De Ruig. De heer De Ruig: Ik wil de heer Bleekman van VelsenLokaal er wel op wijzen dat het uiteindelijk aan de raad is. Wij zijn het zelf die controleren of de motie wordt uitgevoerd op de manier zoals wij de motie bedoeld hebben. Op uw vraag over oneindig uitstel: dat is onze intentie uitdrukkelijk niet. Het is uiteindelijk ook aan de raad om te beoordelen wanneer er dus inderdaad een punt komt van: er zit geen voortgang in. Of er is niks meer mogelijk. Hier trekken wij een streep. Wij hebben als raad ook uitgesproken dat er redelijkerwijs zicht moet zijn op een geschikte locatie. Dat is er niet. Dan houdt het hier op. Dus in die zin kan ik u geruststellen: u gaat er zelf over als raadslid. Of er dan met een halfjaar jaar of met een jaar wordt verlengd of welke termijn dat dan ook is, lijkt mij bij uitstek iets dat in de uitvoering terug moet komen en waarvoor ik het college dan ook de ruimte zou willen geven. De voorzitter: Dank u wel. De heer Hendriks. De heer Hendriks: Voorzitter, dank u wel. Een gezonde vereniging met flink wat leden moeten we koesteren. Dat werd zojuist ook al gezegd. Daarom heeft de Partij van de Arbeid deze motie, samen met D66, ChristenUnie en CDA ingediend. - 53 -

Wij begrijpen echter heel goed dat wij als gemeente goed moeten kijken hoe we met onze ruimte omgaan. De Partij van de Arbeid wil ruimte bieden aan de broodnodige woningbouw. Als daarom gezocht wordt naar alternatieven vinden we dat wel logisch. Voorzitter, we hebben mogen zien dat zowel TVIJ als de gemeente actief zoekt naar een oplossing. Met deze motie onderstrepen we de noodzaak voor beide partijen om constructief naar een oplossing te blijven zoeken. Wij zijn ook heel positief over het vinden van een oplossing. Zeker nu ons met deze motie wat meer tijd gegund wordt om wat te vinden. Overigens willen we wel opmerken dat voor de Partij van de Arbeid een geschikte locatie niet per se in de Velserbroek hoeft te worden gevonden. Met het vergroten van het zoekgebied zal de kans op het vinden van een geschikte locatie alleen maar groter worden. Tot zover, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Eggermont. Mevrouw Eggermont: Dank u wel, voorzitter. Wij zien dat er al heel lang en hard gewerkt wordt door de vereniging TVIJ en de gemeente om een geschikte accommodatie te vinden. Helaas nog zonder resultaat. Wij zijn ontzettend blij met de duidelijke toelichting van D66 om de gemeente en de vereniging wat extra tijd te gunnen. Het is echter niet zo dat dat oneindig kan zijn. Er zijn heel duidelijk afspraken over gemaakt.

Wij blijven het van groot belang vinden dat het bestuur van TVIJ en de gemeente naarstig op zoek blijven naar een alternatieve accommodatie. Dat hoeft inderdaad niet per se in de Velserbroek te zijn. Voor het 2e jaar is het van groot belang dat de vereniging in onze gemeente blijft. Sporten en bewegen zijn heel belangrijk voor ontspanning en een gezond leven. Wij hebben een enorme waardering voor de vele vrijwilligers die zich met hart en ziel hiervoor inzetten al vanaf 2015. Wij hopen dan ook van harte dat het gaat lukken om een passende, nieuwe accommodatie te vinden. Het liefst natuurlijk zo snel mogelijk om de onzekerheid bij de verenigingen weg te nemen. En natuurlijk ook bij ons als raad omdat wij ons er ons verantwoordelijk voor voelen dat de voor ons zo belangrijke vereniging in onze gemeente blijft. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Stoelman. Mevrouw Stoelman: Dank u wel, voorzitter. Ook GroenLinks ziet het grote belang in van sport en ook van deze sportvereniging. Ook wij willen graag een oplossing voor TVIJ. Wij vragen ons alleen af of aan deze motie consequenties zitten en of ze wel haalbaar is. Die vraag willen we dan ook stellen aan de wethouder, voordat we ons uitspreken voor of tegen deze motie. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. - 54 -

De heer Bart. De heer Bart: Wij kunnen ons ook vinden in de motie. Het is natuurlijk niet netjes om een sportvereniging op korte termijn uit het pand te zetten. Wij verwachten een goede inspanning van het college en natuurlijk ook van de vereniging zelf om een goede oplossing te vinden, voordat er daadwerkelijk woningbouwplannen zijn. Het zou zonde zijn als deze vereniging zou ophouden te bestaan. De voorzitter: Dank u wel. De heer Scholts. De heer Scholts: Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, dit is een heel moeilijke. Het is een vereniging rond de 180 leden. Het zoeken naar een andere locatie is niet moeilijk als het groot zou moeten zijn, maar moet ook hoog zijn. Als komen ze de lucht niet in. Dat is een hele moeilijke, want die hoogbouw, die hoge sportlocaties, die zijn er gewoon niet. Dan is het heel nobel en heel netjes dat iedereen in deze raad aangeeft, ook de vereniging zelf en haar leden en iedereen die er maar een beetje gevoel bij kan hebben, dat je dit moet laten voortbestaan. Die mening deelt niet iedereen, denk ik. Maar wat niet kan, kan niet. Maar wanneer besluit je dat het niet kan? Zoals het hier ook staat: ergens in 2015 is die zoektocht begonnen.

In 2020 is er inderdaad ingesproken en uiteindelijk is er hier een motie ingediend die eigenlijk heel simpel aangeeft het huurcontract niet op te zeggen zonder dat er een andere accommodatie is en met een inspanningsverplichting. Die ligt er echter al heel lang. Die andere accommodatie is er niet, die inspanningsverplichting is er van beide kanten, maar die resulteert tot op heden nog in niets. Ik ben eigenlijk wel nieuwsgierig, onze hele fractie is nieuwsgierig, naar wat de wethouder ervan vindt. Een huurcontract niet opzeggen zolang er een inspanningsverplichting is, tja, dat is het mooiste wat er is. Dan kun je gewoon zeggen: we hebben een inspanning gedaan, we monitoren de raad en we zijn weer een jaartje of 2 verder. Ik weet niet op welke manier. Ik vind het nobel, maar ik twijfel en wij twijfelen erover wat nu wenselijk is. Er moet een keer een knoop worden doorgehakt. Maar ik zie ook geen andere locatie dan bijvoorbeeld een locatie in Alkmaar, of het delen van een locatie in Amsterdam of andere combinaties voor die 180 springers die een gat in de lucht zouden moeten springen als er een locatie gevonden zou zijn. De heer De Ruig bij interruptie: De heer Hendriks: Ja, er zijn er 2. De voorzitter: Eerst de heer Hendriks en daarna de heer De Ruig. De heer Hendriks: Ik hoop eigenlijk dat we eenzelfde soort vragen hebben.

Mijnheer Scholts, wat maakt dat u denkt dat er geen alternatieve locatie gevonden kan worden? De voorzitter: De heer De Ruig. Had u dezelfde vraag?

- 55 -

De heer De Ruig: Mijn interruptie was gewoon van iets andere aard. Ik constateer namelijk dat de heer Scholts de 1e helft van het 1e verzoekpunt, heel goed heeft gelezen. Maar het 2e punt misschien minder goed of niet, want hij laat dat immers achterwege in zijn betoog. Het 2e punt is namelijk:… er redelijkerwijs zicht is op een passende alternatieve locatie…. Zoals gezegd gaan wij als gemeente daar zelf over. We toetsen zelf of een motie juist wordt uitgevoerd. Wij hebben in ieder geval uitvoerig contact gehad met TVIJ en ik weet dat er op dit moment ook bepaalde opties liggen die nog niet helemaal onderzocht zijn, maar wel degelijk levensvatbaar kunnen zijn. Ik zou dus aan de heer Scholts de wedervraag willen stellen: stel dat ergens in 2023 er al iets zou kunnen staan dat levensvatbaar is en voor beide partijen werkbaar is. Zou u het dan niet zonde vinden als u voor dat half jaar de vereniging de nek omdraait? De voorzitter: Dank u wel. De heer Scholts. 2 interrupties; wilt u daarop reageren. De heer Scholts: Ik heb toch inderdaad wel eens moeilijker vragen gehad. Voorzitter, ten 1e: ik heb de twee bullet points uiteraard goed gelezen. Er staat inderdaad: zolang er redelijkerwijs zicht is op… Als dat inderdaad 2023 zou kunnen zijn, want de heer Ruig doelt waarschijnlijk op aanpassingen in het Polderhuis of andere locaties.

Dan zal de wethouder moeten aangeven of dat een optie zou zijn. Waarom zou je dan een vereniging de nek om moeten draaien. Dat is denk ik het meest zonde wat er zou kunnen zijn. Die andere locaties zijn er echter op dit moment niet. Buitensporten is niet te doen, want om iedere keer die dingen in en uit te klappen, is echt niet wenselijk. Als er iets concreets is, kaart het dan ook af op een bepaalde einddatum. Dan heb ik volgens mij van de heer Hendriks iets over een andere locatie, als ik het goed zeg. Volgens mij heb ik die vraag zojuist beantwoord. Of zeg ik dat nu verkeerd, mijnheer Hendriks? De heer Hendriks: Als ik mag, voorzitter. Mijnheer Scholts heeft herhaald wat u net zei. Dan kan ik mijn vragen ook herhalen, maar dat vindt de voorzitter niet goed, want dan blijven we zaken herhalen. Dat is niet constructief. U gaat ervan uit dat het er niet is. Mijn vraag aan u is: – ik probeer het nog één keer, voorzitter en dan beloof ik u, dan stop ik ermee – wat maakt nu dat u denkt dat er geen oplossing in het verschiet ligt? De heer Scholts: Oké. Voorzitter, als ik die vraag mag beantwoorden? De voorzitter: De heer Scholts; gaat uw gang. De heer Scholts: Ik vond het in het begin ook best lastig om mee te doen aan deze discussie. Ik heb een dochter bij TVIJ en ik weet dat haar wedstrijden en de training werden gehouden in Amsterdam of in Alkmaar.

In onze omgeving zijn geen andere hallen. Als die er al zou kunnen zijn – zoals ik net aangaf, het verbouwen van het Polderhuis – of wat dan ook in deze omgeving, is dat iets anders. Ik kan op dit - 56 -

moment ook geen andere locatie bedenken. Als ik dan kijk naar de verenigingen die in deze omgeving zitten, kom je al gauw het in Alkmaar of in Amsterdam. En om daarmee dan samen te gaan, zou ook een optie kunnen zijn. Het is alleen niet wenselijk voor de leden om zo ver heen en weer te reizen. Als dat een antwoord is op de vraag van de heer Hendriks, dan bij dezen. De voorzitter: Dank u wel. De heer De Ruig bij interruptie… De voorzitter: Ja, de heer De Ruig. De heer De Ruiig: Voorzitter, tot slot. Ik kan de heer Scholts geruststellen. De last om een alternatieve locatie vinden zal gelukkig dan ook niet op zijn schouders komen te liggen. Met deze motie leggen we dat namelijk expliciet bij de gemeente én TVIJ neer. Dus als zij mogelijkheden zien, dan is het wat dat betreft voldoende geborgd. Ik constateer ook dat de heer Scholts zojuist tussen neus en lippen zei, dat als er mogelijkheden zijn hij daar in ieder geval voor open wil staan. Dat vind ik een winstpunt. En als hij die mening kracht bij wil zetten, zou ik hem van harte willen aanbevelen om de motie te steunen. De voorzitter: Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Scholts. De heer Scholts: Natuurlijk, dat heb ik net ook aangegeven. Ik zou het alleen willen afkaarten en van de wethouder willen horen of er inderdaad een goede optie is en mogelijkheden zijn. Als die er zijn, dan is er niks aan de hand.

Laten we dat vooropstellen. Een vereniging de nek omdraaien, daar zit niemand op te wachten. Maar is het idee van de wethouder ook dat het niet haalbaar is. Dan denk ik dat je daar ook een keuze moet maken. Hoe moeilijk ook. De voorzitter: Dank u wel. Voor we naar de wethouder gaan ga ik eerst even checken bij de heer Bart. Uw handje staat nog omhoog; ik weet niet of u ook een interruptie wilde doen, of dat het een oud handje is, zoals ze dat tegenwoordig noemen. Het was een oud handje. Dan gaan we nu naar wethouder Diepstraten. Wethouder Diepstraten: Dank u wel, voorzitter. Allereerst wil ik zeggen dat ik blij ben dat u als raad aandacht vraagt voor deze vereniging. Samen met het college wil ik ook zoeken naar oplossingen. Ik wil wel even vooropstellen dat er in de moties tekst wordt gesuggereerd dat de gemeente TVIJ van de ene op de andere dag op straat zou staan. Dat is echt niet het geval. Ik wil ook aangeven dat dit natuurlijk wel een voorbeeld is van de dilemma's waar gemeenten voor komen te staan. Ze lopen er meer en meer tegenaan in het licht van financiële tekorten. Daarbij lopen belangrijke voorzieningen gevaar. Dat betekent niet dat wij daar geen inspanningen voor willen doen. Integendeel. - 57 -

Dit gezegd hebbende werken we echt met alle macht aan de huisvesting van TVIJ. Het behoud van deze mooie vereniging, voor de gemeente, voor de regio, dat ben ik volledig met u eens. Maar 100% zekerheid en harde garanties zijn niet te geven. Die garantie kunnen we ook niet geven aan andere verenigingen die locaties van ons huren. In onze ogen wordt dat wel in deze motie een beetje gevraagd. Er wordt gezegd: zolang er geen zicht is op… dat snap ik. Wij willen graag een tegenvoorstel doen. Als college willen wij TVIJ en u als raad meer zekerheid bieden. Daartoe zijn we zeker bereid. Maar nogmaals, we kunnen geen 100% garantie geven voor een passende alternatieve accommodatie. We hopen natuurlijk dat ons dat voor 2022 lukt. We zijn doorlopende in gesprek met TVIJ. De gemeente voert momenteel gesprekken met Felison Wonen over de ontwikkeling van woningbouw op de locatie van de Springplank. Voor die herontwikkeling moet eerst nog een startdocument gemaakt worden en een bestemmingsplanprocedure doorlopen worden. Dat duurt dus zeker nog 2 à 3 jaar voordat daar iets van werkzaamheden verwacht wordt. Dus het college zegt: zolang er op die beoogde locatie geen herontwikkeling plaatsvindt, zijn wij bereid om het huurcontract, als het nodig is en er nog geen alternatief is gevonden, telkens met een jaar, of korter indien nodig, te verlengen.

Het college wil TVIJ hierdoor meer tijd gunnen om samen met ons te zoeken naar een geschikte huisvesting; al dan niet eerst tijdelijk en vervolgens naar een permanente locatie. Ik wil ook even meedelen wie wij daar allemaal voor inzetten. Dat is niet alleen het team van het Sportloket, maar ik heb ook een collega van de afdeling Vastgoed met wie ik praat. De beleidsadviseur Sport en ook ik als wethouder hebben ons netwerk ingezet. We steken behoorlijk veel tijd in het zoeken, het netwerken. Ik heb contact gehad met de gedeputeerde die ons ook helpt in die zoektocht. Ik heb contact gehad met de voorzitter van de bond, de KNGU. Die heeft vervolgens weer de afdeling die daarvoor bedoeld is, ingezet om te helpen. Onze beleidsmedewerker Sport heeft daar contact mee. En ik heb contact met de wethouder sport van onze buurgemeenten. Ik moet de raad er echter ook op wijzen dat wij bereid zijn om dat te doen, maar dat heeft mogelijk ook wel financiële consequenties, omdat we daardoor de taakstelling die we op sport hebben in ieder geval niet op dit element kunnen invullen. Ik ben daartoe bereid, maar dan moet u ook als raad de consequenties daarvan ervaren. Tot slot doe ik ook een klemmend beroep op de vereniging zelf om haar zoekgebied te verruimen. Tot nu toe heb ik in ieder geval ervaren dat het zoekgebied heel klein is waardoor de kans op een geschikte ruimte ook klein is.

Vandaag heb ik toevallig contact gehad met de eigenaar van een kerk in Velsen-Noord. Die kerk is hoog genoeg en de eigenaar is bereid om met ons in gesprek te gaan om te kijken of we daar niet tijdig gehuisvest kan worden. In Driehuis hebben we contacten. Ik heb contact met de directeur van Zeehaven om te kijken of er bedrijven in de omgeving zijn die lege bedrijfshallen hebben die hoog genoeg zijn, om te kijken of we daar TVIJ kunnen huisvesten. De permanente oplossing proberen wij in te vullen, bijvoorbeeld in het ontvangstgebied Spaarnwoude waarin heel veel sporten, bewegen, ontmoeten elkaar komen. Je kunt daar klimmen en springen in een semi commerciële omgeving - 58 -

tot stand brengen. TVIJ heeft daar positief op gereageerd, dus dat zijn we aan het onderzoeken. Maar we kijken bijvoorbeeld ook naar de behoefte van Kunstvorm, die ook op zoek is naar een andere plek. Wij proberen dingen met elkaar te combineren. Met andere woorden, we doen er alles aan maar het college vindt dat het dictum in de motie in onze ogen te veel garantie biedt dan wij echt kunnen bieden. De heer De Ruig bij interruptie: Voorzitter, als ik daar meteen even op in mag haken… De voorzitter: Ik moet even kijken. U krijgt sowieso als laatste nog het woord. Ik zie dat er nog een aantal raadsleden is, die willen reageren. De heer De Ruig: De wethouder deed een soort wijzigingsvoorstel. Ik zou graag voor dat de rest daarop gaat reageren even kort beargumenteren waarom ik denk dat dat niet nodig is. Ik denk dat het voor de discussie die hierop volgt van waarde is. De voorzitter: Oké, de heer De Ruig heeft het woord. De heer De Ruig: De wethouder geeft heel duidelijk aan dat hij geen 100% garantie kan geven. Dat begrijp ik. Laat ik dan met klem gezegd hebben dat we dat met deze motie expliciet niet vragen.

Als de wethouder in zijn pogingen – ik ga ervan uit dat hij daarvoor zijn uiterste best zal doen en TVIJ weet dat als deze motie wordt aangenomen, dat we ook wat van TVIJ verwachten – ondanks de inspanningen van beide zijden kan beargumenteren voor deze raad dat het niet gelukt is, kan deze raad dus constateren, oké, prima. Dat is ook een uitwerking van deze motie. Dan stoppen we er alsnog mee; dan trekken we alsnog de stekker eruit. De optie dat de taakstelling niet gehaald zou worden is uiteraard alleen voor het geval dat verlengen daadwerkelijk nodig is. Dat is natuurlijk nu nog helemaal niet gezegd. Ik ga ervan uit dat met alle inspanningen we nog steeds proberen vóór juni 2022 tot een alternatief te komen en dan hoeft de optie die met de motie dan opengezet zou worden uiteraard niet gebruikt te worden. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga nu naar de heer Koppes. De heer Koppes: Dank u wel voorzitter. Ik ben het echt even kwijt na het heel lange betoog van de wethouder; ik heb niet scherp genoeg meegekregen wat nu wat advies was. Ik hoorde de wethouder enerzijds het dictum bekritiseren en daarmee eigenlijk de motie ontraden. Zo heb ik dat vertaald. Tegelijkertijd deed hij een toezegging. Is de motie nu overbodig met die toezegging? Als 3e punt zou ik willen zeggen: het betoog over het aanvaarden van de consequenties.

Ik wil dus scherp van de wethouder horen wat hij nu aanraadt of ontraadt met betrekking tot deze motie. Of dat de motie met de toezegging overbodig is geworden. Dat is mij onvoldoende scherp gebleken. Dank u wel. - 59 -

De voorzitter: Dank u wel. Ga ik nu eerst even terug naar de portefeuillehouder om daarop een concreet antwoord te geven Wethouder Diepstraten: Ik vind het te ver gaan om te zeggen: wij ontraden deze motie. Ik heb een suggestie gedaan om de motie in overleg aan te passen. Uiteindelijk staat het dictum; daar op kan teruggevallen worden. Het dictum geeft wat ons betreft te veel garantie die we gewoon niet waar kunnen maken. Het zou zelfs een precedentwerking kunnen hebben naar andere verenigingen waardoor wij in de problemen komen. Daar wil ik voor waken. Mijn advies is dus: pas de motie aan. Maak haar wat concreter: wij zijn bereid om elk jaar een huurovereenkomst te verlengen tot dat er een ontwikkeling plaatsvindt, of als er alternatieve huisvesting is gevonden. Maar op een gegeven moment houdt het op. De voorzitter: Helder. De heer Scholts. De heer Scholts: Zoals de wethouder aangeeft: op een gegeven moment houdt het op. Hij geeft ook aan dat er eigenlijk te veel bepalingen in staan die te veel garanties zouden bieden. Als de motie kan worden omgebogen naar de wens van de wethouder; of voor mijn part wordt ingetrokken en wij nemen voor waarheid aan wat de wethouder zegt, kunnen wij er heel goed mee leven. Blijft de motie zoals ze nu is, dan kunnen wij er niets mee. Ze is scherp gesteld; er zit geen vrijheid in voor wethouder Bal zoals hij nu zelf aangeeft.

Of ze wordt aangepast en dan is het goed. Of trek haar in en neem de woorden van de wethouder tot ons. Die zal ook een inspanningsverplichting hebben. Niemand zit erop te wachten om dit te laten klappen. De heer De Ruig bij interruptie: Voorzitter, ter interruptie… De voorzitter: De heer De Ruig. De heer De Ruig: Het is echt een misvatting dat er in deze motie geen ruimte voor de wethouder zou zijn. Ik hoop dat dit geruststellende woorden richting de wethouder zijn. Als hij kan beargumenteren dat het een doodlopende weg wordt, wie zijn wij dan als raad om te zeggen: wethouder, tegen beter weten in, gaat u maar door. Dan kun je op dat moment als raad met de argumentatie van de wethouder die hij op dat moment geeft, inderdaad zeggen, het is niks geworden, we houden ermee op. Dus dat er geen ruimte in zit, oprecht, dat is een misvatting. Dat is niet waar. De heer Scholts bij interruptie: Voorzitter, mag ik daar direct op reageren… De voorzitter: Eerst de heer Scholts en daarna de heer Koppes.

- 60 -

De heer Scholts: We zijn al een hele tijd heen en weer aan steggelen. Wat de heer De Ruig zegt klopt, maar aan de andere kant kunnen we ook aannemen en geloven wat de wethouder zegt. In plaats van afkaarten en dichttimmeren tot een bepaalde hoogte en discussie voeren over: het is niet dichtgetimmerd, ja het is te dichtgetimmerd, er zit te weinig garantie in en er zit te veel garantie in. Wat ons betreft, luister naar de wethouder, of zet het op papier. Dat is ook goed. Of we accepteren de woorden van de wethouder. Steggelen over het is niet dichtgetimmerd of er zijn te veel mogelijkheden en de raad kan evengoed nog terug. Ja, dat klopt. Maar we kunnen het ook omdraaien; een wethouder kan ook nog bij ons terugkomen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Koppes. De heer Koppes: Dank u wel, voorzitter. Ik kan de vasthoudendheid van de heer De Ruig niet helemaal volgen. De wethouder doet een handreiking om met een subtiele aanpassing het mogelijk te maken om de motie aan te nemen. De motie kan ook overbodig verklaard worden. Dat is in feite ook hoe het is. Ik denk dat als de indieners iets toegeeflijker zijn en het dictum iets aanpassen, dan zijn zij er. Dan krijgen ze meer steun van Forza! Ik denk dat wij dat ook overwegen. Als dat niet gebeurt, worden in ieder geval wij gedwongen om te gaan tegenstemmen. Dat zal toch niet helemaal de bedoeling zijn.

Ik vraag me even af, waarom de heer De Ruig zo vasthoudt aan het dictum. Wat zit daarin dat er niet uit kan, niet aangepast kan worden. De heer De Ruig: Nee voorzitter, ik wijs die mogelijke wijziging zeker niet op voorhand af. Ik meen alleen wel dat op de basis waarop die wordt voorgesteld er geen ruimte zou zijn. Daar ben ik het niet mee eens. Ik zeg nadrukkelijk niet dat ik het wijzigingsvoorstel afwijs. Daar zal ik straks zeker een schorsing voor aanvragen. Maar daarvoor wil ik eerst nog even de andere fracties beluisteren. De voorzitter: Dank u wel. De heer Bart. De heer Bart: Ik zal deze discussie niet verlengen. Ik sluit me aan bij de vorige sprekers. Wij staan er eigenlijk hetzelfde in. Het dictum moet aangepast worden. Wij zijn tevreden met de toezeggingen van de wethouder. De voorzitter: Dank u wel. De heer Hendriks. De heer Hendriks: Ik zal het ook kort houden, voorzitter. Het is al laat. De Partij van de Arbeid beoogt de inspanning te leveren om TVIJ voor deze gemeente te behouden, voor deze regio te behouden. Als de wethouder in een andere bewoording beter uit de voeten kan dan met wat er nu staat, wil ik van harte

- 61 -

voorstellen om te kijken naar die andere bewoording om tot de doelstelling te komen die we voor ogen hebben. De voorzitter: Dank u wel. De heer Bleekman. De heer Bleekman: Dank u wel, voorzitter. Mevrouw Eggermont bij interruptie: Voorzitter, voordat we het hele rondje af gaan, zou ik voor willen stellen om even te schorsen. Dan kunnen de indieners kijken in hoeverre we de tekst van de motie zouden moeten wijzigen. Ik zou de heer Scholts willen zeggen: als we nu aangeven dat er van beide kanten een inspanning is, dus ook van de raad, dan vertelt u wel de antwoorden van de wethouder en niet de heel goede toelichting van de indieners. Dat wil ik toch wel even kwijt. Ik wil eigenlijk voorstellen nu te schorsen en dat wij even naar de tekst kijken. De heer De Winter bij interruptie: Ter interruptie, voorzitter… De voorzitter: De heer De Winter. De heer De Winter: Daar ben ik het even niet mee eens. Ik wil juist iets inbrengen waardoor er misschien geen schorsing nodig is. De voorzitter: De heer De Ruig is de indiener en hij heeft zojuist gezegd dat hij wel een aanpassing overweegt en daarom een schorsing wil om de reacties te peilen van de mede-indieners. Daarom ging ik het rondje even langs. Als u een schorsing wilt, mevrouw Eggermont, dan krijgt u een schorsing.

Wat wilt u nu? Wilt u eerst het woord van mijnheer De Winter horen, of wilt u overgaan tot een schorsing? Mevrouw Eggermont: Ik ben een democraat in hart en nieren, dus wanneer andere raadsleden er nog een halfuur over willen discussiëren, ga ik ermee akkoord. Ik hoop dat we het in korte tijd kunnen afhandelen. De voorzitter: Dank u wel. De heer De Winter. De heer Bleekman bij interruptie: Voorzitter, u had me zojuist het woord gegeven voordat AnneKee mij interrumpeerde. De voorzitter: Dat klopt, u hebt gelijk, maar u was weer doorgeschoven op mijn bingokaart Goed dat u erop wijst. Mijnheer Bleekman, maak u uw betoog af. De heer Bleekman: Ik zou willen voorstellen om de motie aan te houden of in te trekken. Ik beluister bij de wethouder dat er al onderzoek wordt gedaan naar een locatie. De inspanning is er ook vanuit de vereniging met Babette, zoals wij haar - 62 -

allemaal hebben gesproken (sic). Het spreekt voor zich dat daar een inspanning vandaan komt. Volgens mij gaat dit ontzettend de goede kant op en worden er zelfs al wat locaties genoemd en onderzoeken gedaan. Ik denk dat deze motie overbodig is; zeker met de toezeggingen van de wethouder. De voorzitter: Dank u wel. De heer De Winter. De heer De Winter: Dank u wel, voorzitter. Nee hoor, ik ga geen halfuur meer discussiëren. Ik heb erop zich geen moeite mee als D66 een tekst wat aanpast. Ik zou de motie niet aanhouden of intrekken. Maar volgens mij is dat ook helemaal niet nodig. Er staat namelijk: de raad van de gemeente overweegt dat er nog geen concrete plannen zijn voor herontwikkeling. De wethouder heeft dat net ook genoemd. Stel dat er volgend jaar een voorstel komt voor herontwikkeling. Of er komt een startdocument. Komt dat volgend jaar niet, nou dan verlengen we het contract nog een keer. Als dat komt, krijgen wij met z'n allen dezelfde vraag: wat doen we nu? Ze hebben nog 2 jaar gehad en nu zeggen we. Of niet. Daarom zit ook die drang erachter voor TVIJ. Die herontwikkeling gaat een keer komen. Dus die drang en die druk, daar zitten we zelf achter om het zo snel mogelijk te doen. Dus ik zou zeggen: houd deze motie gewoon aan. Laten we met z'n allen een hart onder de riem steken van TVIJ. Het zwaard van Damocles hangt nu boven hun hoofd; dat moeten we weghalen.

Zij doen hun best, de wethouder doet zijn best. Hij heeft ook aangegeven. Voor mij hoeft er aan de motie niks veranderd te worden als iedereen daarmee tevreden is. Ik vind trouwens ook dat het intrekken van deze motie een verkeerd signaal naar TVIJ is. Ik vind het een goed signaal naar TVIJ als wij als raad laten zien dat we hen een hart onder de riem steken. Doe je best, want die herontwikkeling gaan wel een keer komen. Dank u. De heer Scholts bij interruptie: Voorzitter, mag ik daarop reageren? Mevrouw Eggermont sprak me net aan en de heer De Winter geeft eigenlijk ook een ... Ik weet niet of dat mag van u, of van mevrouw Stoelman. Ik heb het handje ook staan. De voorzitter: Ja. De heer Scholts: ik heb tegen mevrouw Eggermont niet gezegd dat het andersom moet zijn. Ik geef net hetzelfde aan wat de heer De Winter zegt. De heer De Winter zegt, als later de tekst aan. Die hoeft niet te worden aangepast. Ik geef alleen aan wat de wethouder zegt, dat we dat ook kunnen aannemen. Dat is een hele discussie. Dat zegt de heer Bleekman ook. Er zit een inspanningsverplichting aan. Er wordt al met elkaar aan gewerkt, waarom moeten we dat afkaarten zo vastleggen? Dat is de enige discussie die er eigenlijk plaatsvindt. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Stoelman. - 63 -

Mevrouw Stoelman: Dank u wel, voorzitter. GroenLinks is heel erg blij met de antwoorden die de wethouder heeft gegeven. In die zin sluiten ons aan bij de woorden van de heer Bleekman. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik terug naar de indiener, de heer De Ruig. De heer De Ruig: Die indiener wil inderdaad schorsen om even te overleggen over een tekstaanpassing. Ik denk dat het in ieder geval goed is als ten minste de indieners daarbij aanwezig zijn. Misschien dat het handig is dat ook de wethouder daar eventjes bij aanschuift. En uiteraard iedereen die daarover mee wil denken. De voorzitter: Hoe lang denkt u ongeveer hiervoor nodig te hebben? De heer De Ruig: Ik hoop, gezien het tijdstip, niet te lang. Ik denk binnen 10 minuten. De voorzitter: Voordat we tot schorsing overgaan verzoek ik iedereen die in de breakoutroom aanwezig wil zijn om hierover mee te praten het handje op te steken. Dan kunnen we zorgen dat ze daar terecht kunnen. Als ik al die handjes zie, is mijn inschatting dat het iets langer dan 10 minuten gaat duren. We schorsen de vergadering tot 11:00 uur. ___________________________________________________________________ SCHORSING ___________________________________________________________________ De voorzitter: We zijn weer in de lucht; ik heropen de vergadering. De heer De Ruig heeft om een schorsing gevraagd, daarom krijgt hij nu het woord.

De heer De Ruig: Dank u wel, voorzitter. Zoals aangekondigd hebben we even gekeken of met een aanpassing de motie wat meer recht zal kunnen doen aan de ruimte die wij als raad willen, maar ook de ruimte die de wethouder wil hebben bij de eventuele uitvoering van de motie. Ik denk dat we hier op een goed resultaat zijn uitgekomen. Misschien is het wel handig als de vruchten ervan op het scherm geprojecteerd kunnen worden. Misschien is het goed als ik het even voorlees: het 1e verzoekpunt is aangepast. Het is nu geworden: Het huurcontract van TVIJ voor sporthal ‘De Springplank’ telkens met een jaar te verlengen zolang er geen herontwikkeling op de locatie plaatsvindt en er geen alternatieve huisvesting is gevonden. De voorzitter: Dank u wel.

- 64 -

Ter wille van de tijd ga ik niet vragen wie hier allemaal op zou willen reageren. Ik durf bijna te veronderstellen dat dit tegemoetkomt aan de opmerking die eerder vanavond gemaakt zijn. Ik zie dat de wethouder ook een teken geeft dat hij zich volledig achter de gewijzigde motie kan scharen. Voordat we de gewijzigde motie in stemming gaan brengen, ga ik wel even kijken of er behoefte is aan een stemverklaring. Neen. Is er behoefte aan stemming? Ook niet. Ik mag nu concluderen dat motie M4 van D66 Velsen over de huisvesting van TVIJ zoals die gewijzigd is ingediend unaniem door de raad is aangenomen. 11

MOTIE M5 'VREEMD AAN DE ORDE VAN DE DAG' over WOONPLICHT BIJ KOOPWONINGEN De voorzitter: Deze motie is ingediend door de fractie van het CDA over de Woonplicht bij koopwoningen. Ik stel dezelfde behandelwijze voor zoals we dat hele avond al doen. Het woord is aan de indiener voor een korte toelichting en voorlezen van het dictum. De heer Sintenie: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, er ligt voor ons een motie over Woonplicht bij koopwoningen. Veel gemeenten denken dat het juridisch niet haalbaar zou zijn. Ook in onze Woonvisie staat dat vermeld conform een amendement dat begin 2020 is aangenomen: 'De gemeente kan de ontwikkelaar niet verplichten een dergelijk beding op te nemen'. Toch denken veel andere gemeenten dat het wel juridisch stand kan houden. Het ministerie overweegt hier wetgeving over te maken. Er is een motie ingediend die is aangehouden. De minister heeft toegezegd met een voorstel te komen. Dat is er overigens nog niet. Het CDA Velsen heeft toch besloten om deze motie in te dienen. Het dictum luidt als volgt: De raad van Velsen verzoekt het college: 1. Om een woonplicht van tenminste 3 jaar op te nemen voor nieuwbouw koopwoningen in de prijsklasse tot maximaal € 350.000 2. De woonplicht op te nemen in de anterieure overeenkomsten met projectontwikkelaars dat zij geen koopwoningen verstrekken aan beleggers. 3.

Het college de afwijkingsbevoegdheid te geven tot ontheffing van deze woonplicht. 4. In overleg met ontwikkelaars ook de woonplicht in de prijsklasse vanaf € 350.000 in te stellen op woningen. Dit te evalueren na 1 jaar. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga kijken welke raadsleden behoefte hebben om hier bondig op te reageren. Mevrouw Post. Mevrouw Post: Dank u, voorzitter. - 65 -

Een leuke motie, maar wij vroegen ons alleen af waarom de motie heet: Woonplicht bij koopwoningen. Later wordt gesproken over nieuwbouw koopwoningen. Wat zou het dan moeten zijn: Woonplicht bij nieuwbouwkoopwoningen? Dat was mijn vraag. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Ouderkerken. Mevrouw Ouderkerken: Dank u wel, voorzitter. Volgens mij is iets soortgelijks opgenomen in de Woonvisie. Bij verkoop van gemeentelijke gronden is standaard een zelfbewoningsplicht opgenomen. Volgens mij, als ik het me goed herinner, voorzitter, wordt deze zelfbewoningsplicht ook besproken met de woningcorporaties in relatie tot prestatieafspraken. Althans dat kan ik me herinneren uit de sessies die we daarover hebben gehad. Ik vraag me af – u noemde het eigenlijk al in uw introductie, mijnheer Sintenie – of zelfbewoningsplicht opleggen aan ontwikkelaars waarbij geen gemeentegrond wordt verkocht wel juridisch haalbaar is. Nu ja, lang verhaal kort: een woningplicht is naar onze mening contraproductief; in ieder geval voor het oplossen van de problemen op de woningmarkt, met name voor de middeninkomens. Ja ja nou, zou beneden Wij vinden dat het brengen van deze rigide en inflexibele maatregel allerlei uitvoerings- en handhavingsproblemen met zich mee kan brengen. Wij vinden dat de overheid, dus ook de lokale overheid, woningbouw in een vrije markt moet stimuleren.

En niet moet proberen te reguleren met een woud aan regels. Op dit moment staan we dus niet erg positief tegenover deze motie. Hier wil ik het bij laten, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Hendriks. De heer Hendriks: Voorzitter, de Partij van de Arbeid is uiteraard wel voor het stellen van regels om zelfbewoning te verplichten. Volgens mij hebben we daar vorig jaar al een amendement over aangenomen. Dus dat zou behoorlijk overbodig zijn. In die zin vinden we ook niet heel veel grondslag om deze motie te steunen. Mocht ze wel gesteund worden, zijn er toch 2 inhoudelijke vragen die ik aan het CDA zou willen voorleggen. 1. U noemde het zelf al er is wetgeving in ontwikkeling. Wat maakt dan dat u vooruitlopend op die wetgeving nu deze motie indient? 2. U noemt een bedrag van € 350.000. Ik vind geen enkele onderbouwing voor dat bedrag. Maar als we ook bedenken dat we starters zouden willen steunen in dit proces, waar maak u er dan niet € 250.000 van, of misschien een nog lager bedrag. Dus graag een toelichting op dat bedrag. En als het dan toch tot steun mocht komen voor deze motie, zou ik willen vragen dat bedrag fors te verlagen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Koten.

- 66 -

De heer Van Koten: Ik kan me behoorlijk aansluiten bij de bijdrage van de heer Hendriks. In 2020 is amendement A5 inderdaad aangenomen met een flinke meerderheid. Er zijn inmiddels andere mogelijkheden. Wat is er mogelijk gebleken? Ik hoor graag hierover een reactie van de wethouder. Verder vinden wij het een behoorlijke inzet van het CDA. Dat hadden wij destijds ook voor ogen. Dat bleek alleen niet mogelijk. Als er meer mogelijkheden zijn, overwegen wij hierin mee te gaan. De voorzitter: Dank u wel. De heer Kwant. De heer Kwant: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, wij zijn zeker tegen speculatie met koopwoningen. Dat hebben we ook laten blijken in het amendement van PS over de zelfbewoningsplicht dat wij medeondertekend hebben. Er is inderdaad een ontwikkeling gaande in de 2e en Eerste Kamer. Het voorstel ligt volgens mij al bij de Eerste Kamer, maar ik hoop dat de wethouder daar duidelijkheid over kan geven. Waarschijnlijk is dat al aangenomen. Of het juridisch haalbaar is bij particuliere gronden; voorheen kon dat niet. We hebben toen wel afgesproken dat het in de Woonvisie opgenomen zou worden. Dat is wel gebeurd met betrekking tot de gronden van de gemeente. We hebben ook afgesproken dat we het in zouden brengen in de nieuwe huisvestingsverordening. Vanavond hebben we zojuist vastgesteld dat de bestaande huisvestingsverordening van kracht blijft tot het eind van het jaar.

We krijgen sessies om een geheel nieuwe huisvestingsverordening realiseren. Als de wetgeving dan daar is en de juridische grondslag positief is, kunnen we het in een huisvestingsverordening inbrengen. Dus wij vinden deze motie op dit moment te vroeg. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Çelik. De heer Çelik: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, de voorgaande sprekers hebben al het een en ander gezegd. Wat VelsenLokaal betreft is deze motie veel te specifiek. Bovendien gebeurt het al; daar is aan gerefereerd, namelijk amendement A5 van 2020. Wat ons betreft is deze motie dan ook overbodig. Wij willen van de wethouder nog horen of dat zo is. Maar ga wij gaan daar wel vanuit, gezien de ontwikkelingen ten aanzien van de wetgeving. De voorzitter: Dank u wel. De heer Sitompul. De heer Sitompul: Dank u wel, voorzitter. Ik zal het kort houden. Ook wat GroenLinks betreft, zijn wij uiteraard voor het beginsel van woonplicht. Speculeren op deze krappe woningmarkt wil, volgens mij, niemand. De vraag is - 67 -

echter of deze motie daartoe wel het juiste instrument is. Het is al eerder gezegd door anderen. Ook wij vinden het redelijk rigide waarom 350? Waarom niet 345, of 250 of helemaal niets? Bovendien is er al wetgeving in de maak. Kunnen we daar niet te wachten? Eigenlijk had ik ook een beetje het idee; hoe groot is het probleem in deze regio? Volgens mij valt dat wel reuze mij met dat probleem. Misschien kan zowel de wethouder als de indiener daar nog op terugkomen. Ik wil het hierbij laten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Kuin. De heer Kuin: Dank u wel, voorzitter. Bij D66? Xxx moet ik even terugdenken aan de Woonvisie. Het amendement daar van PS dat we hebben medeondertekend. En dan komen er xxx dit verhaal xxx 1e xxx. Wat voegt het toe? Xxx ten opzichte van Woonvisie? xxx Woonvisie xxx naar vragen xxx wethouder. Hoe staat het daar nou precies mee? Want xxx Woonvisie uit zou hebben xxx opengelaten xxx bij uitzondering en dat soort dingen. Xxx hoe ze dat in het college Verder hebben uitgewerkt. Hoe het daarmee staat. Xxx eigenlijk wat gedetailleerd. Zeg maar, dat is ook eerder aangehaald xxx 1000, ja xxx. Waar komt dat nu vandaan? Wat vinden we ervan? Zijn er uitzonderingen? Dat vinden wij niet echt passen bij de kaders tellende rol van de raad van de raad. Dat is meer iets voor uitwerking, voor later. Dus xxx ja.

Wij vonden het moeilijk in te schatten wat xxx ten opzichte van de huidige situatie. Heel erg gedetailleerd, dus we zijn heel benieuwd naar de xxx van de wethouder xxx. Dank u wel. N.B. Xxx = Onverstaanbaar Misschien is een schriftelijke toelichting een oplossing. De voorzitter: Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Heb ik hiermee alle vragen en reacties vanuit de raad gekregen? Ja. Dan gaan we nu over naar de portefeuillehouder voor zijn reactie op de motie. Wethouder Bal: Dank u voorzitter. Ook dank aan de indiener om hier weer aandacht voor te vragen. Want even een reactie op de heer Sitompul. Het is wel aan de orde, hoor, speculatie en mensen die er zelf niet in gaan wonen. Wij proberen er ook alles aan te doen. We hebben naar aanleiding van het amendement A5 – toeval bestaat niet – en vandaag motie M5, het meegenomen in de bespreking van de anterieure overeenkomst. Ik heb echter al eerder aangegeven dat het niet altijd juridisch afdwingbaar is. Er moet een juridische grondslag zijn om het ook uit te kunnen voeren. Daar gaat Den Haag ons wel mee helpen. Dan krijg je waarschijnlijk de locaties of buurten die je aan kunt wijzen voor specifieke gebieden in het kader van zelfbewoningsplicht en antispeculatie.

Ik heb toegezegd bij de behandeling vorige maand van het Woonakkoord om in ieder geval met een verhaal te komen, ook al schijnen er op dit moment wat haken en ogen te zijn juridisch gezien en welke knopen er dan doorgehakt zouden worden. - 68 -

Daar zit dan ook de uitwerking bij van de wetgeving die in Den Haag in de maak is en volgens mij in de Tweede Kamer al behandeld is, maar nog verder uitgewerkt moet worden. Het gaat er nu om welke opdracht u mij specifiek meegeeft, maar ik kan me wel vinden in de woorden van de heer Kuin van D66. Dat er in de uitvoering natuurlijk altijd een discrepantie moet zijn tussen bedragen en over boetes. Dat zou ik dan aan de uitvoering overlaten. In hoofdlijnen ben ik blij dat u deze motie maakt, maar ik zou haar op dit moment ontraden. Wij hebben namelijk toegezegd om met een totaaloverzicht te komen, mede in het kader van de besprekingen rondom het totale volkshuisvestingsbeleid, dit wil zeggen het Woonakkoord en ook de Volkshuisvestingsverordening die wij dit jaar bij gaan stellen. We zullen kijken wat we daarin mee kunnen nemen en kijken wat we nog extra kunnen doen gebaseerd op goed ondersteunde juridische uitgangspunten. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik nu terug naar de indiener, de heer Sintenie, voor een afsluitende reactie. De heer Sintenie: Dank u wel, voorzitter. Ik wil toch even reageren op een aantal vragen die gesteld zijn. Het gaat met name natuurlijk over het verhaal dat we die verplichting op dit moment juridisch niet kunnen instellen. Het staat ook wel degelijk opgenomen: de gemeente kan niet verplichten een dergelijk beding op te nemen.

Er wordt aan gewerkt in Den Haag, maar het is nog niet zover. Toch denken andere gemeenten dat het wel juridisch in stand gehouden kan worden. Er is nog geen jurisprudentie over dat het niet kan, maar ook niet dat het wel kan. Wat dat betreft is het wel een zaak die… Mijnheer Hendriks, u zegt: maak er € 250.000 van. Ik moet u helaas het teleurstellen, want een woning voor € 250.000 is al bijna niet meer realistisch. Voor de rest, even kijken, VelsenLokaal, ja het is ... De heer Hendriks bij interruptie: Voorzitter, ter interruptie als het mag… De voorzitter: De heer Hendriks. De heer Hendriks: Hoe komt u erbij dat € 250.000 niet meer realistisch is? Ik vind dat een nogal boude uitspraak. De voorzitter: De heer Sintenie. De heer Sintenie: Omdat voor € 250.000 er al bijna geen starterswoningen meer beschikbaar zijn. Zeker als het om nieuwe woningen gaat. Misschien een wat kleinere woning nog, goed, die zijn er nog wel. Maar goed, het is een bedrag tot. Misschien is dat specifiek genoeg, nog wel. Misschien zou het kunnen helpen als wij het verzoek iets aanpassen. Dat zou dan zijn in punt 2. De woonplicht op te nemen in de anterieure overeenkomsten met projectontwikkelaars opdat zij geen koopwoningen verstrekken aan beleggers, zodra dit juridisch mogelijk is. Misschien dat dit helpt om deze motie alsnog in te kunnen dienen. - 69 -

De heer Hendriks bij interruptie: Voorzitter, bij interruptie, dat is toch een open deur intrappen, want als het al juridisch niet meer mogelijk is, hoef je toch een motie meer op te stellen? De voorzitter: Mijnheer Sintenie. De heer Sintenie: Het is natuurlijk de vraag of wij als gemeente dat risico willen nemen om het toch te doen en kijken hoe dat juridisch uitpakt. Dat zou een overweging kunnen zijn. Mevrouw Post bij interruptie: Ter interruptie… De voorzitter: Mevrouw Post. Mevrouw Post: ik had nog de vraag of deze motie alleen over nieuwbouw ging. Of dat het ook gaat over bestaande woningen. De heer Sintenie: Ja, dank u wel. Sorry, ik heb die vraag niet beantwoord, maar het gaat inderdaad uiteraard over nieuwbouwwoningen. Niet over bestaande woningen. Het zou heel erg lastig zijn om dat in een overeenkomst vast te leggen. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie een interruptie van de heer Van Koten. De heer Van Koten: Dank u, voorzitter. Ik stel vast dat de situatie niet anders is dan destijds bij de behandeling van amendement A5 van 2020. Dus de situatie is niet anders. Ook toen hebben we gekeken naar juridische mogelijkheden en onmogelijkheden. Wij volgen de reactie van de wethouder. Ik raad het CDA aan om deze bijdrage nog even vast te houden tot het juiste moment. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even naar de heer Sintenie.

U suggereerde net dat u misschien de motie tekstueel zou willen aanpassen. De heer Sintenie: Ja, gezien de reacties van de partijen, denk ik niet dat het zinvol is. Ik denk dat het verstandig is om deze motie niet in te dienen. Ik dank in ieder geval de heer Bal voor zijn visie erop en dat het zijn volle aandacht heeft. Dat stemt ons alleen maar positief. Dus bij dezen wil ik motie M5 intrekken. De voorzitter: Dank u wel. Motie M5 van het CDA wordt ingetrokken. 12SLUITING

- 70 -

We zijn toegekomen aan sluiting van de vergadering, maar niet voordat ik – mede op verzoek van de heer Schollink – die de griffie er terecht op wees dat het misschien wel netjes is om de leden van de raadswerkgroep Voorbereiding aanbesteding accountantsdiensten bij naam te noemen. Te weten de heer Hillebrink, mevrouw Mastenbroek, mevrouw Post en de heer Sintenie. Dan is ook voor eenieder duidelijk wie in deze raadswerkgroep zitting gaan nemen. Dus dank aan deze 4 mensen dat ze zich hiervoor beschikbaar stellen. Dank aan de heer Schollink dat hij dit nog even onder de aandacht brengt. In de marge van 23:00 uur sluit ik deze raadsvergadering. Ik wens u allen gezondheid in de komende tijd. Ik dank u voor uw aanwezigheid en voor uw inbreng.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Velsen&id=9e56ec81-c0fe-497a-bce2-1024d7c9b776