CConstaterende datVeldhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Belangenafweging_Bevindingenrapport

Raad (besluitvormend) 1 juli 2025, gemeente VeldhovenBij agendapunt: Vaststellen aanbevelingen rekenkamerrapport 'Belangenafweging Gemeenteraad'11.144 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

In de bij het voorstel behorende informatie worden de belangengroepen geïdentificeerd.

Er is sprake van een goede weergave en informatie over de beleidsopgave vanuit verschillende invalshoeken.

In het raadsvoorstel wordt de diversiteit aan belangen expliciet benoemd: Eén van de uitdagingen is rekening te houden met de bestaande – en mogelijk ook toekomstige - differentiatie qua belangen, mogelijkheden of juist beperkingen van bepaalde groepen of gebieden, binnen Veldhoven. Niet elke inwoner of werkgever beschikt over dezelfde verplaatsingsmogelijkheden, bijv vanwege de locatie in Veldhoven, persoonlijke voorkeuren of aard van de werkzaamheden. Er zijn allerlei vertegenwoordigers uit de Veldhovense samenleving betrokken via een enquête, gespreksavonden stakeholderbijeenkomsten, bijeenkomsten voor belangengroepen en belangenorganisaties. Maar de belangen zijn vooraf niet expliciet geïdentificeerd. Wel worden ze hier en daar genoemd in de tekst, zoals: mensen met een mobiliteitsbeperking, kennismigranten, ouderen, de provincie, Regio, ondernemers en bedrijven, detailhandel, fietsers, voetgangers, goederenvervoer. Er wordt uitgebreid geïnformeerd over de feitelijke situatie en verwachte ontwikkelingen. Ook wordt de relatie met andere beleidsvelden en visies (zoals Omgevingsvisie) en andere schaalniveaus uitdrukkelijk gelegd. De beleidsopgaven worden teruggebracht tot een viertal ontwerpprincipes: 1. Brede welvaart en inclusie. 2. De voetganger en fietser als basis voor het mobiliteitssysteem. 3. Het principe van de 15-minutenstad; 4.

Goede organisatie van stad-, bouw, en bedrijfslogistiek.

23

En dit wordt concreet gemaakt in vier strategische kaders: 1. Groei van autoverkeer beperken, aanwezige autoverkeer verduurzamen 2. Faciliteren en stimuleren van lopen en fietsen, OV en deelmobiliteit 3. Gebiedsgerichte aanpak voor wonen en werken 4. Aandacht voor doelgroepen, gedrag en leefstijlen

Er is sprake van een zorgvuldig voorbereidingsproces

Er is sprake van een gefundeerde keuze in het voorstel.

In het voorstel en de bijbehorende stukken wordt zichtbaar dat het uitvoerbaar is.

De kern van de visie is: Veldhoven zet in op een transitie naar duurzame mobiliteit. Dit betekent dat bij personenmobiliteit primair in wordt gezet op voetgangers, fietsers en OV. Stad-, bouw- en bedrijfslogistiek moeten vooral schoner, stiller en veiliger worden. Het processchema in de Mobiliteitsvisie laat een zorgvuldig en weloverwogen voorbereidingsproces zien. De volgende stappen zijn gezet: • Analyse van verplaatsingen en verkeersmodellen (met verschillende scenario’s) • Analyse van trends en ontwikkelingen • Uitgebreid participatieproces Er is een enquête uitgezet onder inwoners, van binnen en buiten Veldhoven. Samen met het ‘Masterplan CityCentrum’ is het ‘Gesprek met Veldhoven’ georganiseerd. Waarbij met de inwoners op het plein op het Meiveld in gesprek is gegaan over de visie op duurzame mobiliteit. Tijdens het participatieproces zijn bewoners op de hoogte gehouden via de website onsveldhoven.nl. Verder zijn er diverse bijeenkomsten geweest met stakeholders (zoals fietsersbond, Brainport bereikbaar, ASML, Cumela), ondernemers (zoals winkeliersvereniging, parkmanagement Habraken, VVE) en belangenorganisaties (zoals seniorenraad, politie, Veldhoven aan tafel) en bewoners. Intern is er afstemming geweest met diverse beleidsdomeinen om de raakvlakken met mobiliteit vanuit andere beleidsdomeinen en lopende visies goed te borgen.

Het wordt in de visie en bijlagen niet duidelijk wat precies met de inbreng van de bijeenkomsten is gedaan. En hoe dit zich heeft vertaald in de visie. De keuze wordt in het voorstel uitgebreid onderbouwd met argumenten over o.a. de gemaakte afspraken met regio en het Rijk in het kader van de schaalsprong en het gegeven dat er niet of nauwelijks uitbreiding mogelijk is in de capaciteit van het autowegennetwerk. Ten aanzien van de ambitie in de Mobiliteitsvisie wordt gesteld: De daarin beschreven ambitie is feitelijk geen keuze, het is de enige mogelijkheid om de bereikbaarheid van Veldhoven op termijn te kunnen waarborgen en ook de ongewenste bijwerkingen van al die mobiliteit het hoofd te bieden. De uitvoerbaarheid wordt beperkt zichtbaar. Aangekondigd wordt dat dit in de uitwerkingen (zoals het mobiliteitsprogramma en het gemeentelijk verkeers- en vervoersplan) een plaats krijgt. In de volgende stap, het opstellen van het mobiliteitsprogramma, vindt een nadere concretisering plaats aan de hand van uitwerking van hoe de groei van het autogebruik in Veldhoven valt te keren. Voor de nadere concretisering van de Mobiliteitsvisie wordt nog een plan uitgewerkt. Daarin worden onder meer doelen, proces,

24

In de oordeelsvormende en/of besluitvormende vergadering gaan de fracties expliciet in op de verschillende belangen en invalshoeken.

fasering, communicatie en participatie in kaart gebracht, met ook de gevolgen voor budget en capaciteit. Er wordt ingespeeld op verschillende invalshoeken, zoals het wegennet dat onder druk staat, verduurzaming, ruimte voor groen, fietsers en voetgangers centraal, leefbaarheid, hoogwaardig OV, OV voor alle doelgroepen, de 15 minuten stad en de extra woningen die erbij komen. En er wordt aandacht gevraagd voor verschillende doelgroepen zoals senioren en gezinnen met kinderen. Ook komen aan bod het realiteitsgehalte en de positie van de provincie als concessieverlener voor het openbaar vervoer. Door enkele fracties wordt het belang van bereikbaarheid met de auto benadrukt.

Woon(zorg)visie Normen

Toelichting

De verschillende belangen en invalshoeken komen duidelijk aan de orde.

In het raadsvoorstel wordt benoemd dat wonen veel breder is dan alleen woningen: Goed wonen gaat niet uitsluitend over aantallen en kwaliteit van de woningen, maar omvat vele aspecten die ook andere beleidsterreinen raken (zoals: bereikbaarheid en mobiliteit, leefbaarheid, inclusie, wonen met zorg, gezondheid, energietransitie, klimaatadaptatie en vergroening, grondexploitatie en inrichting van de openbare ruimte.) In de visie worden de volgende bouwstenen uitgewerkt: • Beschikbaar en betaalbaar • Een toekomstbestendige en passende woningvoorraad • Vitale leefgemeenschappen • Integrale aanpak • Innovatie versterkt • Samenwerking en rolopvatting De visie is vervolgens uitgewerkt langs drie invalshoeken: • Een passende woningvoorraad: de ontwikkelingen en mogelijkheden binnen de bestaande voorraad worden tegen het licht gehouden • Wonen en zorg verbonden • De juiste toevoegingen: over de kwantitatieve en kwalitatieve insteek voor het woningbouwprogramma.

In de bij het voorstel behorende informatie worden de belangengroepen geïdentificeerd. Er is sprake van een goede weergave en informatie over de beleidsopgave vanuit

Qua belangen worden ook de regionale afspraken benoemd, zoals het afsprakenkader en verstedelijkingsakkoord van het SGE. In de visie worden op verschillende plekken belangengroepen benoemd en hun belangen en behoeften beschreven, zoals ouderen, mensen met een verstandelijke/lichamelijke beperking, doelgroep beschermd wonen, maatschappelijke opvang en andere kwetsbare groepen, jongvolwassenen met problematiek (uitstroom jeugdzorg)lage en midden inkomens, starters, internationale werknemers, vluchtelingen en woonwagenbewoners. Voor elk van de drie invalshoeken wordt de beleidsopgave beschreven onder de kop ‘wat zien we?’, voor de opgave ‘wonen en zorg’ wordt dit per doelgroep gedaan.

25

verschillende invalshoeken. Er is sprake van een zorgvuldig voorbereidingsproces

De woonvisie is expliciet afgestemd met andere beleidsvelden en invalshoeken. In dat opzicht is sprake van een integrale benadering. Het proces van visievorming is verlopen via een aantal herkenbare stappen, van een droomfase naar visievorming naar een uitvoeringsprogramma. Ook de aanhaking aan de regionale planvorming krijgt nadrukkelijk aandacht. Bij het uitgebreide participatieproces zijn in ieder geval de volgende belangengroepen betrokken: zorginstellingen, welzijnspartners, corporaties, wijkplatforms, ontwikkelaars, vertegenwoordigers van huurders, de seniorenraad, maatschappelijke organisaties (SWOVE, Cordaad, e.d.), Veldhoven Duurzaam, makelaars en bedrijven. Bewoners zelf zijn niet direct betrokken, maar vertegenwoordigd in de verschillende belangenorganisaties. Van de participatiebijeenkomsten zijn impressieverslagen gemaakt. Via online bijeenkomsten is een terugkoppeling gegeven hoe de opbrengsten van dit proces zijn verwerkt in de visie. Ook binnen de gemeentelijke organisatie hebben adviseurs op relevante thema’s meegedacht via interactieve sessies.

Er is sprake van een gefundeerde keuze in het voorstel. In het voorstel en de bijbehorende stukken wordt zichtbaar dat het uitvoerbaar is.

In de oordeelsvormende en/of besluitvormende vergadering gaan de fracties expliciet in op de verschillende belangen en invalshoeken.

De conceptvisie heeft ter inzage gelegen. Dit heeft 6 zienswijzen opgeleverd. De inhoud van de visie is op basis daarvan op slechts kleine punten aangepast. Hoewel de uiteindelijke keuzes in het voorstel logisch uit de analyse volgen, zijn alternatieve keuzemogelijkheden niet zichtbaar gemaakt. Met de toevoeging van het uitvoeringsprogramma krijgt de visie meteen een concretisering naar de te ondernemen acties. Daarmee is de uitvoering expliciet in beeld gebracht. In het voorstel worden een aantal risico’s genoemd die van invloed zijn op de realisatie van de plannen, zoals de dynamiek van de woningmarkt, personeels- en materiaaltekorten, stijgende bouwkosten en ontwikkelingen op de kapitaalmarkt. Vooral in de oordeelsvormende vergadering wordt er veel gedebatteerd en komen diverse invalshoeken en belangen aan bod. Er wordt veel gesproken over de verdeling sociale woningbouw en bouw in het middensegment. Komt het middensegment in de verdrukking en zijn projecten voor projectontwikkelaars nog wel rendabel? Verder komen aan bod: • We hebben ook een regionale opgave en afspraken, dus kunnen niet alleen kijken naar Veldhovense belangen • Belang van voldoende voorzieningen, ontmoetingsplekken en ondersteunende sociale netwerken.

• Belang van groene en levensloopbestendige woonomgeving • Doorstroom, zodat iedereen een passende woning heeft • Stikstofproblematiek: wat is de invloed hiervan? • Betaalbaarheid, grondprijzen/grondpolitiek, huizenprijzen (zijn nu een beperking voor ouderen om door te stromen) • Woningen moeten niet te klein worden gebouwd • Verstedelijking, inbreiding, hoogbouw: effecten voor omwonenden en totale leefomgeving van Veldhoven • Tijdelijke woonvormen (o.a. mantelzorgwoningen)

26

• •

Goed dat de koppeling tussen wonen en zorg wordt gemaakt en dat dit niet alleen over ouderen gaat, maar bv. ook over LVB en jongeren die (tijdelijk) niet thuis kunnen wonen Starters helpen, bv. door startersleningen

Strategisch beleidskader opvang en huisvesting vluchtelingen Normen

Toelichting

De verschillende belangen en invalshoeken komen duidelijk aan de orde.

De landelijke, regionale en lokale invalshoeken komen in het voorstel terug, zoals de wettelijke verplichting en het meewerken aan regionale opgave. Ook worden verschillende doelgroepen onderscheiden en wordt er een relatie gelegd met diverse thema’s van het gemeentelijk beleid. Zo gaat het niet alleen over huisvesting, maar ook over benutten van talenten, bieden van perspectiefvolle hulp, participatie, gezondheid, veiligheid, jeugdhulp en onderwijs. Daarnaast worden de belangen van inwoners meegenomen in de vorm van de volgende uitgangspunten: • Aandacht voor draagvlak in de samenleving • Spoedzoekers uit eigen gemeente ook een plek geven op de opvanglocatie indien mogelijk

In de bij het voorstel behorende informatie worden de belangengroepen geïdentificeerd.

Ook wordt ingegaan op de kansen die het kader kan bieden voor de lokale samenleving als het gaat om verbetering van de leefomgeving: We staan niet afwijzend ten opzichte van het eventueel verwerven van (nieuwe) locaties, dit kan ook een impuls zijn voor de lokale samenleving wanneer dit bijvoorbeeld leidt tot verbetering van de leefomgeving, ontsluiting openbaar vervoer, (gedeeltelijk) huisvesting van reguliere groepen, etc. Op sommige locaties kan het verwerven duidelijkheid en ook rust geven doordat de druk (door ontwikkelende partijen) er voor een langere periode (bijvoorbeeld 10 jaar af is). Er worden de volgende belangengroepen onderscheiden en uitgebreid beschreven: • Asielzoekers • Statushouders • Ontheemden • AMV’s -> alleenstaande minderjarige vreemdelingen Verder wordt in de teksten hier en daar verwezen naar andere belangen, zoals jonge Veldhovenaren op de woningmarkt. In het afwegingskader worden omwonenden ook als belangengroep genoemd. Inwoners uit de betreffende buurt zullen bij de uitwerking naar locaties betrokken worden.

Er is sprake van een goede weergave en informatie over de

Voor de verdere uitwerking wordt de afstemming met ketenpartners genoemd, zoals Cordaad, GGD, onderwijspartners en zorgpartners. De beleidsopgave vanuit de verschillende groepen (asielzoekers, statushouders, ontheemden en AMV’s) en vanuit verschillende invalshoeken (wonen, participatie, gezondheid, onderwijs,

27

beleidsopgave vanuit verschillende invalshoeken. Er is sprake van een zorgvuldig voorbereidingsproces

Er is sprake van een gefundeerde keuze in het voorstel.

In het voorstel en de bijbehorende stukken wordt zichtbaar dat het uitvoerbaar is.

In de oordeelsvormende en/of besluitvormende vergadering gaan de fracties expliciet in op de verschillende belangen en invalshoeken.

veiligheid en jeugdhulp) wordt uitgebreid beschreven. Het strategisch beleidskader laat een integrale aanpak zien, waarbij de relatie met verschillende beleidsthema’s wordt gelegd. De opgave in aantallen staat in bijlage 2. Het participatietraject in de voorbereidingsfase is sterk informatief van karakter. Er heeft een informatieavond plaatsgevonden voor alle inwoners. Tijdens deze bijeenkomst is uiteengezet hoe de aanpak vorm kan krijgen en onder welke voorwaarden dit kan geschieden. Aanwezigen kregen de gelegenheid om vragen te stellen. Er is geen input gevraagd, bijv. t.a.v. de omvang van de opgave en keuzes die belangrijk zijn om mee te nemen in het afwegingskader. De keuze voor de inhoud van het afwegingskader wordt niet gemotiveerd en er worden geen alternatieven geboden. In het voorstel wordt niet duidelijk wat het verschil is tussen de minimale variant en het nieuwe strategische kader. De keuze voor een programmatische aanpak en aanstellen van een programmamanager worden voldoende toegelicht. Er wordt uitdrukkelijk ingegaan op een uitvoeringsprogramma en aan te trekken personele capaciteit om tot daadwerkelijke uitvoering te komen. Er zal een programmamanager worden aangesteld voor de uitvoering en coördinatie van het plan. De financiële consequenties daarvan worden toegelicht.

Daarnaast wordt ook opgemerkt dat nog onderzocht gaat worden wat nodig is aan extra capaciteit om de bestaande taken uit te kunnen voeren op basis van de uitgangspunten in het beleidskader: Op dit moment is de capaciteit al ontoereikend om de bestaande taken in de minimale variant uit te kunnen voeren. We gaan nu onderzoeken wat nodig is om de deze taken op basis van de uitgangspunten in het strategisch beleidskader op een voldoende wijze uit te voeren. Hiervoor wordt separaat een voorstel gepresenteerd. Wanneer blijkt dat intensivering van partners op dit dossier (welzijnswerk, vluchtelingenwerk, etc.) ook noodzakelijk is en financiële consequenties heeft, dan wordt dit ook meegenomen. Per doelgroep zijn uitgebreid de risico’s en aandachtspunten beschreven. In beide vergaderingen komen verschillende belangen en invalshoeken aan de orde, zoals: • Druk op de woningmarkt en het belang van andere woningzoekenden (zoals starters en urgenten) en de mix van diverse groepen op locaties, dus niet alleen statushouders/asielzoekers • Wettelijke verplichting rondom regelen huisvesting statushouders • Spreidingswet: komt deze er wel of niet? En wat betekent dat voor hoe we de opgave oppakken? Waarom niet eerst alleen focussen op wettelijke verplichting irt statushouders? Voor asielzoekers is er vooralsnog geen verplichting.

• Regionale opgave/afspraken en hoe deze in te vullen • Niet alleen huisvesting, maar ook goed onderwijs en gezondheidszorg en arbeidsperspectief • Druk op onderwijs en gezondheidszorg • Ook zien als een kans: gebruik maken van talenten en bijdragen die deze mensen kunnen leveren

28

• • • • 2.

Mogelijk maatschappelijke weerstand tegen locaties (‘niet in mijn achtertuin’) Ook kijken naar de korte termijn: wat is er in 2023 nog nodig en hoe gaan we dit regelen? Omwonenden: aandacht hebben voor goede communicatie en participatie Goed dat er aandacht is voor kleinschalige opvang

Overzicht gehouden interviews

Voor het onderzoek zijn in totaal 12 interviews gehouden: • 7 interviews met vertegenwoordigers van de ambtelijke organisatie en griffie • 5 interviews met vertegenwoordigers van het college van B&W. 3.

Werksessie vertegenwoordigers raad en ambtelijke organisatie

In een werksessie met raadsleden en enkele vertegenwoordigers van de ambtelijke organisatie is gediscussieerd over de eerste bevindingen van het onderzoek. Bij deze werksessie waren de volgende raadsfracties vertegenwoordigd: • Hart voor Veldhoven • GBV • VVD • GroenLinks/PvdA • D66 • CDA

29

4.

Reactie college van B&W en presidium

30

31

32

33

34

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15489911/2