CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3. Ruimte voor sport in Veenendaal

Gemeenteraad 18 april 2024, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Beleidskader Sport en Bewegen 2024-202811.819 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Björn Schadenberg | Audrey Kusters

Mulier Instituut | 2023

In opdracht van de gemeente Veenendaal Mulier Instituut Björn Schadenberg Audrey Kusters

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met het Mulier Instituut. © Mulier Instituut Utrecht, 1 november 2023 www.mulierinstituut.nl info@mulierinstituut.nl Disclaimer U mag delen uit deze publicatie overnemen op voorwaarde van bronvermelding: auteur(s), de titel van de publicatie en het jaar van uitgave. Er gelden gebruiksvoorwaarden voor de foto's in deze publicatie. Neem foto's daarom niet over zonder toestemming van het Mulier Instituut.

Het Mulier Instituut doet sportonderzoek voor

Ons doel is bijdragen aan goed onderbouwd beleid,

beleid en samenleving. Voor overheden,

gericht op de bevordering van sport, sportief

maatschappelijke organisaties,

bewegen en versterking van de sportsector. Dit doen

onderwijsinstellingen, sportorganisaties en

we op verschillende manieren:

bedrijven onderzoeken we allerlei thema’s op het gebied van sport en sportief bewegen: van de

We verzamelen data en monitoren de Nederlandse

sportdeelname van (groepen) Nederlanders tot de

sportsector en beleidsprogramma’s.

motorische vaardigheden van kinderen, en van diversiteit en inclusie in de sport tot de economische impact van sportevenementen.

We ontwikkelen kennis en onderzoeksmethoden via verkennende en verdiepende studies. We duiden onderzoeksuitkomsten en vertalen deze

Het Mulier Instituut is een onafhankelijke stichting zonder winstoogmerk.

naar de beleidspraktijk. We onderbouwen beleidsbeslissingen met expertise en advies. We bieden gevraagd en ongevraagd duiding en reflectie in de rol van ‘kritische vriend’ van de sportsector. We zetten ons in voor de bevordering van de sportwetenschap.

DSA

VTO

Database

. Bewegingsonderwijs

Sporthal

Gymzaal

SportAanbod

De gymlessen bedoeld om de

Overdekte sportruimte van

Overdekte sportruimte van

wettelijke kerndoelen te halen.

minimaal 40 bij 20 meter, in

circa 21 bij 12 meter, in

principe geschikt voor alle

beginsel gesticht voor het

zaalsporten.

bewegingsonderwijs, geschikt

Vrijetijdsomnibus

Zaalsporten

voor beperkt aantal

Sporten die in principe in een sporthal, sportzaal of gymzaal

Sportzaal

worden beoefend.

Overdekte sportruimte van circa 28 bij 22 meter, geschikt voor meerdere zaalsporten.

zaalsporten.

Hoofdstuk 1

De gemeente Veenendaal wil een integraal huisvestingsplan voor haar sportaccommodaties opstellen. Daar heeft zij inzichten in de behoefte voor nodig. In deze rapportage geven we inzichten in de accommodatiebehoefte vanuit de sport en het bewegingsonderwijs. Duidelijk wordt hoe de verhouding tussen aanbod en behoefte is, en of aanpassingen nodig zijn gelet op verwachte ontwikkelingen.

Binnensportaccommodaties zijn overdekte sportruimtes die worden benut voor de beoefening van meerdere zaalsporten en het geven van bewegingsonderwijs. De behoefte aan andere typen overdekte sportaccommodaties, zoals denksportcentra of zwembaden, valt buiten de scope van dit rapport. Bij de buitensportaccommodaties beperken we ons tot de behoefte aan sportvoorzieningen op de sportparken. De behoefte aan voorzieningen voor sportbeoefening in de openbare ruimte laten we buiten beschouwing.

We hebben het aanbod geïnventariseerd en weergegeven op kaart. De Database SportAanbod (DSA) hebben we benut om te bezien in hoeverre het aanbod afwijkt van referentiecijfers. Om de behoefte vanuit de sport te bepalen hebben we landelijke richtlijnen toegepast. De behoefte vanuit het onderwijs hebben we berekend aan de hand van de gemeentelijke taakstelling. Ramingen over de ontwikkeling van de behoefte baseren we op bevolkings- en leerlingenprognoses en trends in de sportdeelname. We vergelijken Veenendaal in dit rapport met de volgende referentiecijfers: het landelijke gemiddelde (Nederland); het gemiddelde van de VSG-regio (provincie) Utrecht; het gemiddelde van referentiegemeenten die vergelijkbaar zijn met Veenendaal op basis van stedelijkheid en bevolkingsomvang.

Leeswijzer In hoofdstuk 2 beschrijven we een aantal relevante ontwikkelingen, prognoses en trends. In hoofdstuk 3 behandelen we de binnensportaccommodaties, in hoofdstuk 4 de buitensportaccommodaties. Hoofdstuk 5 vormt het afsluitende hoofdstuk, waarin we alle resultaten samenbrengen en een beschouwing geven.

Hoofdstuk 2

In dit hoofdstuk schetsen we de context waarbinnen de aanbodbehoefteanalyses plaatsvinden. Ook geven we relevante trends en ontwikkelingen voor sportaccommodatiebeleid en accommodatiebehoefte weer.

Sport Gemeenten rekenen het tot hun verantwoordelijkheid sportbeoefening te faciliteren, ook al is er geen wettelijk kader dat dit verplicht. In beginsel doen ze dit vanuit de gedachte van marktfalen en het sociaal-maatschappelijke belang van sport (Hoekman, 2018). Waar in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw een bouwgolf van gemeentelijke sportaccommodatie plaatsvond (Van der Poel et al., 2016), richt het gemeentelijke sportaccommodatiebeleid zich tegenwoordig veelal op het beter benutten van de bestaande infrastructuur (Hoekman & Schadenberg, 2023). De laatste twee decennia zit vernieuwing van het landschap vooral in de hoek van de commerciële initiatieven (Van der Poel et al., 2016). Om de bestaande infrastructuur beter te laten renderen staat multifunctionaliteit en meervoudig gebruik hoog op de gemeentelijke agenda (Hoekman & Van der Maat, 2017; Hoogendam et al., 2021). Steeds meer sportparken worden opengesteld of er worden vrij toegankelijke voorzieningen toegevoegd (calisthenics, survivalparcours). In sporthallen zien we steeds vaker dat modules worden toegevoegd (urban sports-elementen, gamification). Gemeenten introduceren flexibele exploitatiemodellen voor sportvelden, waardoor ze beter kunnen sturen op mede-/deelgebruik van de velden (Schots & Schadenberg, 2020).

Sportbonden nemen hun verantwoordelijkheid in de landelijke ambitie om de benutting van de sportaccommodaties te verhogen door bijvoorbeeld flexibele speeldagen te introduceren, doordeweekse competitie te stimuleren of normen en planningsregels aan te passen (Hoekman & Schadenberg, 2023). De gemeente is in de meeste gevallen niet langer de partij die financiert, beheert én coördineert. Steeds meer gemeenten besteden de uitvoering van het sportbeleid uit aan andere organisaties (Schadenberg, 2022). In het Nederlandse sportlandschap neemt de rol van externe uitvoeringsorganisaties toe, met name voor de uitvoering van het sportaccommodatiebeleid. De exploitatie van sportaccommodaties wordt steeds vaker verzelfstandigd of uitbesteed (Hoogendam et al., 2021).

De rol van verenigingen bij het beheer en de exploitatie van sportaccommodaties is de laatste decennia toegenomen. Met name zijn meer onderhoudstaken bij veldsportverenigingen komen te liggen (Hoekman et al., 2022). Er wordt meer van verenigingen verwacht om de maatschappelijke waarde van de sportaccommodatie te verhogen. Bijvoorbeeld door de accommodatie rookvrij te maken, gezonde alternatieven in de sportkantine aan te bieden of activiteiten open te stellen voor niet-leden (Lucassen et al., 2018). Bij de totstandkoming van het sportbeleid wordt samengewerkt met andere beleidsterreinen of gemeentelijke afdelingen. Sportbeleid wordt (daarmee) vaker integraal ingestoken (Hoogendam et al., 2021). Andere gemeentelijke domeinen dragen vaker financieel bij aan het sportbudget. De financiële bijdrage is meestal voor activiteiten die ook voor de andere domeinen baten realiseren en komt niet zozeer direct ten goede van sportaccommodaties. Veenendaal In beleidsstukken en akkoorden van de gemeente Veenendaal staan verschillende passages over sport. In het Beleidskader Sport en Bewegen 2020-2023 (Gemeente Veenendaal, 2019) staat dat sportaccommodaties zoveel mogelijk worden opengesteld voor sporten en bewegen buiten verenigingsverband (p. 21). Aanvullend en verdiepend op het beleidskader is in 2020 het Sportakkoord Veenendaal (Gemeente Veenendaal, 2020a) tot stand gekomen.

Ook hierin staat een programma om zoveel mogelijk buitensportaccommodaties open te stellen voor sporten en bewegen buiten clubverband (p. 6). In de Omgevingsvisie Veenendaal 2030 (Gemeente Veenendaal, 2021) staat het doel om onderwijs en sport dichter bij elkaar te brengen en om sportaccommodaties toegankelijker te maken, zodat deze beter en innovatiever kunnen worden benut (p. 25). In lijn met de landelijke ambities zet de gemeente Veenendaal met deze doelen en ambities in op het verbeteren van de bezettingsgraad van de bestaande sportaccommodaties. In een bredere context wil de gemeente daarnaast het beheer van sportaccommodaties door verenigingen stimuleren en is het doel om in 2025 alle buitensportaccommodaties rookvrij te laten zijn (Gemeente Veenendaal, 2019). Ook dit is in lijn met landelijke ontwikkelingen, om de sociaalmaatschappelijke waarde van sportaccommodaties te verhogen. Bewegingsonderwijs Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de huisvesting van scholen in het basisonderwijs, speciaal onderwijs en voortgezet onderwijs. Hieronder vallen voorzieningen voor het bewegingsonderwijs. Scholen in het primair onderwijs zijn vanaf het schooljaar 2023-2024 verplicht om voor alle leerlingen wekelijks twee gymlessen van 45 minuten te verzorgen. Deze

deugdelijkheidseis heeft geen gevolgen voor de gemeentelijke zorgplicht. Vanuit de Wet op primair onderwijs konden scholen al ruimte aanvragen om het straks verplichte aantal gymlessen te geven. In het schooljaar 2020-2021 gaf slechts 53 procent van de scholen in Nederland aan alle groepen wekelijks twee gymlessen (Slot-Heijs et al., 2021). Uit landelijk onderzoek blijkt dat een vijfde van de schoolleiders in het primair onderwijs verwacht niet te kunnen voldoen aan de deugdelijkheidseis in het schooljaar 2023-2024. De meest genoemde reden hierbij, die ruim de helft van deze schoolleiders noemde, is te weinig beschikbare ruimte in de binnensportaccommodaties. Bij een kwart vormt de afstand tot het gymnastieklokaal een belemmering (Slot-Heijs et al., 2021). Veel gemeenten kijken naar andersoortige (sport)accommodaties om het verplichte aantal gymlessen te laten plaatsvinden (Vrieswijk & Schadenberg, 2023). De Koninklijke Vereniging voor Lichamelijke Opvoeding (KVLO) heeft in een leerlijnanalyse inzichtelijk gemaakt hoe ze deze accommodaties als aanvullende gymlocatie kunnen inzetten (KVLO, 2023). Hierbij is het advies om 30 minuten gymles te geven bij deze aanvullende gymlocatie en 60 minuten in een binnensportaccommodatie. De wettelijke zorgplicht heeft in principe betrekking op gymzalen, sportzalen en sporthallen.

Deze accommodaties zijn geschikt voor alle leerlijnen van het bewegingsonderwijs. De laatste jaren is er meer aandacht voor het dynamischer maken van de tijd die leerlingen op school doorbrengen, zowel in het primair onderwijs (Slot-Heijs et al., 2021) als in het voortgezet onderwijs (Slot-Heijs et al., 2022). Tijdens schooltijd organiseren nagenoeg alle scholen in het primair onderwijs beweegmomenten tussen of tijdens de lessen. In het voortgezet onderwijs vinden op steeds meer scholen sportactiviteiten tijdens de pauze plaats, maar is het aanbod vrijblijvender. De gemeente heeft geen zorgplicht voor het mogelijk maken van de aanvullende sport- en beweegactiviteiten tijdens of buiten schooltijd. De meeste activiteiten kunnen goed plaatsvinden in het (bestaande) klaslokaal of schoolgebouw of op het schoolplein. Wel kijkt ze, zeker bij nieuwbouw, steeds vaker naar vergrote speellokalen, ruimere schoolpleinen en beweegpleinen rondom het schoolgebouw. De schoolomgeving wordt hiermee breder inzetbaar, eventueel ook voor de reguliere gymlessen. Veenendaal In het Integraal Huisvestingsplan onderwijs 2021-2024 (Gemeente Veenendaal, 2020b) streeft de gemeente naar een efficiënte inzet van haar vastgoedportefeuille. Zij wil hiertoe (meer) Integrale Kindcentra (IKC’s) realiseren, waar eventueel ook ruimte voor sport wordt geboden (p. 18).

De gemeente heeft de verordening voor de voorzieningenhuisvesting van het onderwijs in Veenendaal in 2015 vastgesteld (Gemeente Veenendaal, 2015). We zien dat ze daarbij de modelverordening van de Vereniging van Nederlandse

Gemeenten (VNG) heeft aangehouden. Het overgrote deel van de gemeenten gebruikt deze modelverordening als basis voor hun lokale verordening.

Bevolkingsopbouw en -prognose Veenendaal telt circa 68.500 inwoners in 2023. Naar verwachting neemt de bevolking toe tot ruim 75.600 inwoners in 2040 (+10%). De grootste toename vindt in de oudere leeftijdsklassen plaats, maar ook het aantal inwoners jonger dan 15 jaar stijgt (figuur 2.1).1 De wijk Noordoost is met ruim 16.000 inwoners de wijk met de meeste inwoners (niet in figuur). De wijk heeft daarnaast een relatief jonge bevolking: één op de drie inwoners is jonger dan 25 jaar (35%). Veenendaal-Centrum telt de minste inwoners (5.500) en heeft een relatief oude bevolking. Eén op drie inwoners is daar 65 jaar of ouder (32%). Er zijn geen bevolkingsprognoses op wijkniveau beschikbaar. Figuur 2.1 Verwachte bevolkingsontwikkeling gemeente Veenendaal (in procenten t.o.v. 2023) -20

0

20 7

Jonger dan 15 jaar 15 t/m 24 jaar

-8

60

80

18

-3 2

25 t/m 44 jaar 45 t/m 64 jaar

40

4

-3 -3 5

65 t/m 74 jaar

16 32

75 jaar en ouder Totaal

3

66

10

2030

2040

Bron: Gemeente Veenendaal, leeftijdsopbouw gemeente per 1 januari 2023; Provincie Gelderland, Bevolkings- en huishoudensprognose Gelderland 2019. Bewerking: Mulier Instituut.

Leerlingenaantallen en -prognoses De Veenendaalse scholen waarvoor de gemeente een huisvestingstaak heeft, tellen in het schooljaar 2023-2024 bijna 13.000 leerlingen. De meeste leerlingen staan ingeschreven op een school in de wijk West (26%) of Zuidoost (25%). 1

De bevolkingsprognoses dateren uit 2019. Hierin zijn niet de recente nieuwbouwontwikkelingen in Het Ambacht (+1.695 woningen), Veenendaal-Noord (+5.000 woningen) en Veenendaal-Zuid (+5.000 woningen) verwerkt.

Het is de verwachting dat het aantal leerlingen toeneemt naar 12.900 in 2040 (+2%). Het aantal basisschoolleerlingen neemt tot 2030 toe, om vervolgens licht te dalen. Het aantal leerlingen in het voortgezet onderwijs neemt daarentegen eerst af, om daarna weer toe te nemen (figuur 2.2).2 Het aantal leerlingen ingeschreven op de basisscholen in Veenendaal-Noordoost neemt het meest toe. Het aantal leerlingen op de basisscholen in VeenendaalZuidwest neemt juist af (niet in figuur). Figuur 2.2 Verwachte ontwikkeling totaalaantal leerlingen scholen gemeente Veenendaal (in procenten t.o.v. 2023) 9

10

8

8 5

6

4

4 2 0

0

-2

-2

-4 Basisonderwijs

Speciaal onderwijs (sbo & (v)so) 2030

Voortgezet onderwijs

2040

Bron: Gemeente Veenendaal, ontwikkeling per onderwijstelling (speciaal) basisonderwijs, (voortgezet) speciaal onderwijs en voortgezet onderwijs, 2023. Bewerking: Mulier Instituut.

Sportdeelname In 2022 sportte 51,3 procent van de volwassen inwoners van Veenendaal van 18 jaar en ouder minstens een keer per week. Dit was nagenoeg gelijk aan de wekelijkse sportdeelname in 2012 en 2016. Landelijk lag de sportdeelname op 53,6 procent, in de VSG-regio Utrecht op 59,9 procent. De sportdeelname onder de jongere inwoners van de gemeente is niet bekend. In Nederland is gedurende de afgelopen twee decennia het percentage wekelijkse sporters onder ouderen gestegen. Het percentage wekelijkse sporters onder jongeren is juist gedaald. Volwassenen laten een licht stijgende trend zien. De lokale ontwikkeling van de sportdeelname naar leeftijdscategorie is niet bekend. Sportbondlidmaatschap Twee op de tien inwoners van Veenendaal waren in 2022 (via een sportvereniging) lid van een sportbond (22,2%). Dit percentage is de laatste jaren stabiel. Landelijk is

2

Ook in de leerlingenprognoses zijn nog niet de recente nieuwbouwontwikkelingen in Het Ambacht (+1.695 woningen), Veenendaal-Noord (+5.000 woningen) en Veenendaal-Zuid (+5.000 woningen) verwerkt.

het sportbondlidmaatschap onder de bevolking na een periode van afname weer toegenomen. In 2022 was bijna een kwart van de bevolking lid van een of meerdere sportbonden (24,4%). Relatief veel inwoners van de gemeente waren in 2022 lid van de gymnastiek- en voetbalbond. Het aantal inwoners met een lidmaatschap bij de hockey- en tennisbond was daarentegen relatief laag. De afgelopen jaren is het aantal inwoners van de gemeente met een lidmaatschap bij de atletiek- en volleybalbond afgenomen (figuur 2.3). Het aantal leden bij de tennisbond is daarentegen na een periode van daling sterk toegenomen. Dit kan niet los worden gezien van de coronamaatregelen die golden in deze jaren. Figuur 2.3 Ontwikkeling aantal inwoners met een lidmaatschap van diverse sportbonden in gemeente Veenendaal (in procenten t.o.v. 2014) 20

14 10

0

-2

-10

-13 -14 -20

-20

-30

-34 -40 2014

2015

Atletiek

2016 Gymnastiek

2017

2018 Hockey

2019 Tennis

2020

2021

Voetbal

Bron: NOC*NSF, sportbondleden per gemeente, 2014-2022.

Accommodatiegebruik Sport Binnen- en buitensportaccommodaties worden vooral gebruikt door de Nederlandse jeugd voor de sportbeoefening. Het gebruik van deze accommodaties neemt af naarmate de leeftijd toeneemt. We zien dat het aantal inwoners dat structureel sport in een sporthal of op een sportveld ondanks een grillig verloop de laatste periode is afgenomen (figuur 2.4). De meeste Nederlanders sporten in de openbare ruimte. Dit gebruik is de afgelopen jaren juist toegenomen (niet in figuur).

2022 Volleybal

Figuur 2.4 Ontwikkeling aantal inwoners dat sport in een sporthal of op een sportveld (in procenten van bevolking) 60 50 40 30 20 10 0 2012

2014

2016

2018

2020

2022

2012

2014

2016

Sporthal

2018

2020

2022

Sportveld

6 tot 17 jaar

18 tot 35 jaar

35 tot 54 jaar

55 jaar en ouder

Bron: SCP/CBS (VTO), 2012-2022.

Bewegingsonderwijs Het bewegingsonderwijs in het primair onderwijs beweegt zich steeds meer naar buiten. Gymlessen vinden steeds vaker plaats op een buitenvoorziening, zoals een sportveld of schoolplein (figuur 2.5). Deze trend was al ingezet voordat de wettelijke verankering van het aantal gymlessen werd aangekondigd. Ook in het voortgezet onderwijs vindt een groot deel van de lessen lichamelijke opvoeding in de buitenlucht plaats. Het accommodatiegebruik in het voortgezet onderwijs is minder veranderd dan in het primair onderwijs (niet in figuur). Figuur 2.5 Voorzieningen die basisscholen structureel gebruiken voor het bewegingsonderwijs (in procenten) Speelzaal Gymzaal

71

63 32

Schoolplein

41

Sportzaal

25 9

Openbaar plein/veld

19

Sporthal

16 7

Sportveld 0

9

10

81 82 83 79

46

30

22

21

13

20

30

‘12/'13 (n=1.803)

40

50

‘16/'17 (n=788)

60

70

20/'21 (n=839)

Bron: Mulier Instituut, Monitor bewegingsonderwijs en sport in het primair onderwijs, 2013, 2017 en 2021.

80

90

100

Hoofdstuk 3

In dit hoofdstuk behandelen we het aanbod aan binnensportaccommodaties, de behoefte vanuit de zaalsport en de huisvestingsplicht van de gemeente voor het bewegingsonderwijs.

Veenendaal telt zes sporthallen, drie sportzalen en twaalf gymzalen (tabel 3.1). De gemeente Veenendaal is eigenaar van de meeste accommodaties. Sportservice Veenendaal is verantwoordelijk voor de exploitatie van deze accommodaties. Daarnaast huurt Sportservice Veenendaal de sportzaal van het wijkcentrum Aller Erf. Met uitzondering van de gymzaal bij De Blink zijn alle accommodaties beschikbaar voor gebruik door sportverenigingen. De sporthal van stichting Sporthal De Groene Velden wordt in beginsel doordeweeks in de avond en in het weekend alleen benut voor het korfbal van korfbalvereniging SKF. Alle accommodaties zijn geschikt voor het bewegingsonderwijs. In de sporthallen Oost, Rembrandt en de Vallei zijn twee scheidingswanden aanwezig, in sporthal West één. Ook in elke sportzaal is één scheidingswand aanwezig. Hierdoor is het mogelijk is om gelijktijdig meerdere gymlessen te accommoderen en om gedeelde zaalhuur door meerdere gebruikers mogelijk te maken. Overig aanbod Tafeltennisvereniging SKF beschikt over een eigen accommodatie, gelegen op sportpark De Groene Velden I in Veenendaal-Zuidoost. Spreiding Het aanbod aan binnensportaccommodaties is verspreid over de gemeente. In iedere wijk is minimaal één binnensportaccommodatie te vinden. In de woonwijken zijn vooral gymzalen te vinden. De sporthallen zijn aan de rand van de bebouwing gesitueerd (figuur 3.1).

Benchmark De sporthallen in Veenendaal vertalen zich naar een aanbod van 2,2 sporthallen per 25.000 inwoners. Dit is iets hoger dan de diverse referentiecijfers. Hetzelfde geldt voor het aantal sportzalen (tabel 3.2). Het aantal gymzalen in de gemeente is daarentegen lager dan het landelijke gemiddelde en wat we in vergelijkbare gemeenten zien.

Sporthallen kennen een grotere functionaliteit voor zaalsporten dan sport- en gymzalen. Gymzalen worden veelal gesticht nabij scholen, zodat leerlingen geen grote afstand tot de gymlocatie hoeven af te leggen. Mutaties In Veenendaal-Noordoost wordt een nieuw integraal kindcentrum (IKC) gerealiseerd. De beoogde locatie voor IKC Dragonder-Zuid is nabij de huidige locatie van basisschool De Windroos (SBO) en gymzaal Zuiderkruis. De bestaande gymzaal wordt in het nieuwe gebouw geïntegreerd. Het IKC wordt op z’n vroegst in 2026 in gebruik genomen. Ook wordt er gekeken naar een nieuwe locatie in Veenendaal-Noordoost voor een IKC voor basisschool De Plantage, de C.P. Van Leersumschool (SO) en De Windroos (SBO). Oplevering staat gepland voor 2027. De huidige locatie van De Plantage in Veenendaal-Centrum komt beschikbaar voor basisschool Al Amana. De huidige locaties van De Windroos (SBO) en de C.P. Van Leersumschool (SO), beide in Veenendaal-Noordoost, komen te vervallen. Tabel 3.1 Binnensportaccommodaties in de gemeente Veenendaal in 2023 Naam

Wijk

Eigenaar

Oost

Noordoost

Gemeente Veenendaal

De Vallei

Zuidwest

Gemeente Veenendaal

Rembrandt

Zuidwest

Gemeente Veenendaal

West

West

Gemeente Veenendaal

SKF

Zuidoost

Stichting Sporthal De Groene Velden

Ichthus College

West

St. CVO op reform. grondslag Veenendaal e.o.

Noordoost

St. Wijkcentrum Aller Erf

Sporthallen

Sportzalen Aller Erf

Christelijk Lyceum Zuidoost

St. voor Christelijk Voortgezet Onderwijs

Ichthus College

West

St. CVO op reform. grondslag Veenendaal e.o.

Zoete Inval

Centrum

Gemeente Veenendaal

Zuiderkruis

Noordoost

Gemeente Veenendaal

Goudmos

Zuidoost

Gemeente Veenendaal

Larikslaan

Zuidoost

Gemeente Veenendaal

Panorama

Zuidoost

Gemeente Veenendaal

Binnenronde

Zuidwest

Gemeente Veenendaal

De Vallei

Zuidwest

Gemeente Veenendaal

Gouverneurslaan

Noordwest Gemeente Veenendaal

Trommelaar

Noordwest Gemeente Veenendaal

't Kofschip

West

Gymzalen

Gemeente Veenendaal

Langelaar

West

Gemeente Veenendaal

De BlinkA

Zuidwest

St. De Onderwijsspecialisten

Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023. A

De niet-gemeentelijke gymzaal De Blink heeft kleinere afmetingen dan de gemeentelijke gymzalen. De gymzalen in gemeentelijke eigendom zijn 21 bij 12 meter.

Figuur 3.1 Binnensportaccommodaties in de gemeente Veenendaal in 2023

Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023.

Tabel 3.2 Benchmark aanbod binnensportaccommodaties in de gemeente Veenendaal in 2023 (in aantallen per 25.000 inwoners) Gemeente Veenendaal

Sporthallen

Sportzalen

Gymzalen

2,2

1,1

4,4

VSG-regio Utrecht

1,9

1,0

5,3

Referentiegemeenten

2,1

0,5

6,1

Nederland

2,1

1,0

6,0

Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023.

Zaalsport We schatten dat circa 4.800 inwoners van Veenendaal in 2023 een zaalsport beoefenen in een sporthal. De meesten wonen in Veenendaal-Noordoost. Vanwege de jonge bevolking wonen in Zuidoost relatief veel zaalsporters (figuur 3.2). Figuur 3.2 Aantal inwoners en geschatte aantal zaalsporters in sporthallen in de gemeente Veenendaal in 2023 (in procenten van het totaal) 40

30

27 25 20

20

14 11

10

22

22

21

14

11

8 6

0 Centrum

Noordoost

Zuidoost

Zuidwest

Noordwest

West

Bron: Gemeente Veenendaal, leeftijdsopbouw gemeente per 1 januari 2023; CBS Vrijetijdsomnibus (VTO), 2022. Bewerking: Mulier Instituut.

De verwachte bevolkingsgroei leidt bij een stabiele sportdeelname tot een toename van het aantal zaalsporters. Deze toename zal minder groot zijn dat die van het aantal inwoners, omdat de bevolkingstoename voornamelijk plaatsvindt in de oudere leeftijdsklassen (figuur 3.3). Landelijk zien we dat de deelname aan zaalsporten afneemt. Ook in Veenendaal is het aantal leden van de gymnastiek- en volleybalverenigingen afgenomen. Het is daarmee aannemelijk dat de weergegeven ontwikkeling een overschatting is.

Figuur 3.3 Verwachte ontwikkeling aantal inwoners en geschatte aantal zaalsporters in de gemeente Veenendaal (o.b.v. een stabiele sportdeelname, in procenten t.o.v. 2023) 15 10 9

10 7 6

5

3 2

0 2030

2035 Zaalsporters

2040 Inwoners

Bron: Gemeente Veenendaal, leeftijdsopbouw gemeente per 1 januari 2023; Provincie Gelderland, Bevolkings- en huishoudensprognose Gelderland 2019; CBS Vrijetijdsomnibus (VTO), 2022. Bewerking: Mulier Instituut.

Voor vrijwel alle inwoners van Veenendaal is de afstand tot de dichtstbijzijnde sporthal minder dan 3.000 meter. Deze afstand wordt algemeen beschouwd als de afstand die men bereid is af te leggen voor sportbeoefening (Hoekman et al., 2013). Inwoners van de gemeente moeten gemiddeld 1,2 kilometer afleggen naar de dichtstbijzijnde sporthal (tabel 3.3). Landelijk is de gemiddelde afstand naar de dichtstbijzijnde sporthal 1,6 kilometer. De SKF-hal wordt in beginsel alleen benut voor korfbal. Als we de korfbalhal buiten de afstandsanalyses laten, heeft dit vrijwel geen effect op de bereikbaar van het aanbod voor de inwoners van Veenendaal (niet in tabel). Tabel 3.3 Gemiddelde reisafstand naar de dichtstbijzijnde sporthal voor de inwoners van de gemeente Veenendaal in 2023 (reisafstand in kilometers, gemeten over de weg; inwoners in aantallen) Wijk

Reisafstand

Aantal inwoners

Centrum

1,3

5.500

Noordoost

1,4

16.800

Noordwest

1,4

9.500

West

0,7

15.100

Zuidoost

1,4

14.200

Zuidwest

0,7

7.300

Gemeente Veenendaal

1,2

68.500

Bron: Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023; Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Statistische gegevens per vierkant 2022. Bewerking: Mulier Instituut.

We stellen de behoefte aan ruimte voor de zaalsport in Veenendaal vast op minimaal drie en maximaal zes sporthallen in 2023 (tabel 3.4). De verwachte bevolkingsontwikkeling heeft als gevolg dat de behoefte licht toeneemt.

Draagvlakcijfers De behoefte aan sporthallen voor de zaalsport berekenen we aan de hand van draagvlakcijfers. Bij een bepaalde bevolkingsomvang zijn (in theorie) voldoende (potentiële) zaalsporters aanwezig om een sporthal te vullen. De draagvlakcijfers zijn gebaseerd op landelijk onderzoek (zie Schadenberg et al., 2020). Uit de toepassing van de draagvlakcijfers volgt een behoeftebandbreedte. De lokale context (o.a. sportdeelname, geografische opbouw, staat van het aanbod) kan worden gebruikt om de behoefte nader te specificeren.

Het huidige aanbod van zes sporthallen valt aan de bovenkant van de (toekomstige) behoeftebandbreedte. Dit is opvallend, omdat zowel de sportdeelname als het sportbondlidmaatschap in Veenendaal relatief laag is. Ook vormt de geografische opbouw van de gemeente geen directe aanleiding voor veel sporthallen om de zaalsport toegankelijk te maken. Aan de andere kant wordt de SKF-hal alleen voor korfbal gebruikt, waardoor andere sporten aangewezen zijn op de andere hallen. Daarnaast is SKF op een hoog niveau actief en trainen ze dus relatief veel . Tabel 3.4 Normatieve behoefte aan sporthallen in de gemeente Veenendaal in 2023, 2030 en 2040 (in aantallen) Behoefte Jaar

Aantal inwoners

Minimaal

Maximaal

2023

68.500

3,9

6,9

2030

70.600

4,0

7,1

2040

75.600

4,3

7,6

Bron: Gemeente Veenendaal, 2023; Provincie Gelderland, 2018; Schadenberg et al., 2020. Bewerking: Mulier Instituut.

Bewegingsonderwijs In Veenendaal zijn 31 locaties voor basisonderwijs, vier locaties voor speciaal onderwijs (sbo & (v)so) en vier locaties voor voortgezet onderwijs in het schooljaar 2023-2024 aanwezig. De gemeente heeft een taakstelling om te voorzien in gymnastieklokalen zodat de leerlingen op deze locaties het wettelijk verplichte aantal klokuren bewegingsonderwijs kunnen krijgen.

We constateren dat niet in elke wijk voldoende gymnastieklokalen (incl. met scheidingswanden te scheiden zaaldelen in de sporthallen en -zalen) aanwezig zijn om deze uren te laten plaatsvinden (tabel 3.5). Maar het bewegingsonderwijs hoeft niet in dezelfde wijk plaats te vinden als waar de school is gevestigd. Wel moet de afstand die de leerlingen moeten overbruggen van het schoolgebouw tot het gymnastieklokaal binnen bepaalde normen vallen. Tabel 3.5 Normatieve aanbod-behoefte gymnastieklokalen voor bewegingsonderwijs in de gemeente Veenendaal (in aantallen, tussen haakjes de onafgeronde behoefte) Aanbod

Behoefte

Wijk

Onderwijstype

2023

2023

2030

2040

Centrum

Basisonderwijs

-

1 (1,0)

2 (1,1) **

2 (1,1) ** ***

Subtotaal

*1

1

2

2

Basisonderwijs

-

3 (2,5)

3 (2,5)

3 (2,5)

Subtotaal

*2

3

3

3

Basisonderwijs

-

1 (0,5)

1 (0,5)

1 (0,5)

Speciaal onderwijs

1

1 (0,9)

1 (0,9)

1 (1,0)

Voortgezet onderwijs

-

6 (5,2)

6 (5,1)

6 (5,2)

Subtotaal - zonder medegebruik

*9

8

8

8

Subtotaal - met medegebruik

*9

8

8

8

Basisonderwijs

-

3 (2,1)

3 (2,1)

3 (2,1)

Voortgezet onderwijs

5

4 (4,0)

4 (4,0)

5 (4,1)

Subtotaal - zonder medegebruik

*9

7

7

8

Subtotaal - met medegebruik

*9

7

7

7

Basisonderwijs

-

2 (1,7)

2 (1,8)

2 (1,8)

Speciaal onderwijs

-

1 (0,7)

1 (0,8)

1 (0,8)

Voortgezet onderwijs

2

5 (4,1)

4 (4,0)

5 (4,1)

Subtotaal - zonder medegebruik

*6

8

7

8

Subtotaal - met medegebruik

*6

7

7

7

Basisonderwijs

-

3 (2,7)

Speciaal onderwijs

-

2 (1,6)

2 (1,7)

2 (1,6)

Subtotaal - zonder medegebruik

*6

5

6

6

Subtotaal - met medegebruik

*6

5

5

5

Noordwest

Zuidwest

West

Zuidoost

Noordoost

4 (3,3) **** 4 (3,2) ****

*

Inclusief gymnastieklokalen in gemeentelijke eigendom.

**

Exclusief de behoefte van basisschool De Plantage. Deze school wordt gehuisvest in een nieuw te bouwen IKC in Veenendaal-Noordoost.

*** ****

Voor basisschool Al Amana zijn nog geen prognoses voor 2040 beschikbaar. De behoefte van deze school in 2040 is gelijkgesteld aan de behoefte in 2030. Inclusief de behoefte van basisschool De Plantage. Deze school was in het schooljaar 2023-2024 gehuisvest in Veenendaal-Centrum.

In een gemeentelijke verordening heeft de gemeente Veenendaal diverse normafstanden opgenomen. De normafstanden zijn de maximale hemelsbrede afstanden tussen het schoolgebouw en de gymlocatie.

Normafstand De normafstanden die de gemeente Veenendaal in haar verordening heeft opgenomen zijn in lijn met die van de modelverordening van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). De kortste normafstand voor basisscholen en scholen voor speciaal onderwijs (sbo & (v)so) bedraagt 1.000 meter. Bij scholen met een kleinere omvang kan een ruimere normafstand van toepassing zijn. Voor het voortgezet onderwijs geldt voor alle scholen 2.000 meter als normafstand.

Als een gymnastieklokaal voor meerdere scholen als gymlocatie dient, komen er bij de inroostering aspecten kijken waardoor niet de volledige theoretische capaciteit van een gymnastieklokaal benut kan worden. Bijvoorbeeld lesroosters van scholen die lastig verenigbaar zijn en verplichte pauzemomenten voor de vakleerkrachten. Hieronder nemen we per wijk de aspecten van afstand en medegebruik mee om te bezien of er knelpunten bestaan in het aanbod. Hierbij betekent een groene balk dat we geen knelpunten constateren, een paarse dat we wel knelpunten constateren en een witte dat we de situatie bij een andere wijk verder behandelen. In de bijlage staat een matrix van de afstanden tussen de scholen en de binnensportaccommodaties. In de matrix staan de afstanden gemeten over de weg. Hemelsbrede afstanden zijn per definitie korter. Centrum De gymzaal aan de Zoete Inval is de enige binnensportaccommodatie in Veenendaal-Centrum. De drie basisscholen gevestigd in deze wijk maken gebruik van de gymzaal aan de Zoete Inval. De gymzaal in VeenendaalCentrum biedt in theorie nipt voldoende capaciteit voor de scholen in het schooljaar 2023-2024. De verwachting is dat de capaciteit van de gymzaal vanwege de leerlingentoename ontoereikend is voor Al Amana en de Dr. C. Steenbokschool in 2030 en 2040. De Plantage is vanaf 2027 gehuisvest in Veenendaal-Noordoost.

Sportzaal Aller Erf in Veenendaal-Noordoost ligt binnen 1.000 meter van Al Amana en de Dr. C. Steenbokschool. De sportzaal biedt (in de toekomst) voldoende capaciteit voor een deel van de gymlessen van Al Amana en de Dr. C. Steenbokschool, naast de gymlessen van de scholen die in het schooljaar 2023-2024 al gebruikmaken van de sportzaal.

Noordwest De gymzaal aan de Gouverneurslaan is voor de basisscholen Rehoboth en Max de enige binnensportaccommodatie binnen 1.000 meter. De gymzaal biedt nipt voldoende capaciteit voor het bewegingsonderwijs van deze scholen, nu en in de toekomst. De basisscholen Aan de Basis en Johannes Calvijn zijn gehuisvest in hetzelfde gebouw als de gymzaal aan de Trommelaar. De gymzaal biedt onvoldoende capaciteit voor de scholen, nu en in de toekomst. Beide scholen maken in het schooljaar 2023-2024 ook gebruik van gymzaal De Vallei in VeenendaalZuidwest. De afstand (gemeten over de weg) voor beide scholen bedraagt 700 meter. De leerlingen van basisscholen Alex en TOV gymmen in gymzaal De Vallei in Veenendaal-Zuidwest. De afstand (gemeten over de weg) voor beide scholen tot de gymzaal bedraagt 600 meter. Zuidwest De gymzaal aan de Binnenronde wordt gebruikt door basisscholen Juul en Patrimonium. De gymzaal biedt ruim voldoende capaciteit voor de scholen, nu en in de toekomst. De Blink (speciaal onderwijs) beschikt op deze locatie over een eigen gymzaal. De gymzaal biedt ruim voldoende capaciteit voor het bewegingsonderwijs, nu en in de toekomst. Het Rembrandt College (voortgezet onderwijs) beschikt over een eigen sporthal. De sporthal biedt ruim voldoende capaciteit voor het bewegingsonderwijs, nu en in de toekomst.

Gymzaal De Vallei wordt gebruikt door basisscholen Aan de Basis, Alex, Johannes Calvijn en TOV, allen gevestigd in Noordwest. De gymzaal biedt voldoende capaciteit voor deze scholen, nu en in de toekomst. Sporthal De Vallei wordt gebruikt door de Christelijke Scholengemeenschap (CSV, voortgezet onderwijs). De sporthal biedt onvoldoende capaciteit voor de school, nu en in de toekomst. Leerlingen gymmen daarom ook in de gemeentelijke sporthal in West. De afstand (gemeten over de weg) bedraagt 1.200 meter. West De gymzaal aan de Langelaar wordt gebruikt door basisscholen De Grondtoon en De Schakel. De gymzaal biedt ruim voldoende capaciteit voor de scholen, nu en in de toekomst.

Sporthal West wordt gebruikt door basisscholen Achtbaan, De Vuurvlinder en Het Baken II. Ook maakt Het Perron (voortgezet onderwijs) uit Zuidwest gebruikt van de sporthal. De capaciteit van de sporthal is nu en in de toekomst nipt voldoende voor de basisscholen uit de eigen wijk en voor het bewegingsonderwijs van Het Perron dat niet kan plaatsvinden in sporthal De Vallei. Omdat de sporthal door veel scholen wordt gebruikt, zijn er bij de inroostering mogelijk wel problemen. De gymzaal aan het ’t Kofschip wordt gebruikt door basisschool Het Baken I. De gymzaal biedt ruim voldoende capaciteit voor de school, nu en in de toekomst. Het Ichthus College beschikt over een eigen sporthal en sportzaal. Deze accommodaties bieden voldoende capaciteit voor de school, nu en in de toekomst. Zuidoost Het Christelijk Lyceum (CLV) beschikt over een eigen sportzaal. De sportzaal biedt onvoldoende capaciteit voor de school, nu en in de toekomst. De school maakt daarom ook gebruik van de sporthal van SKF en de sporthal in Noordoost. De afstand (gemeten over de weg) tot de sporthal van SKF bedraagt 2.000 meter. De afstand (gemeten over de weg) tot de sporthal in Noordoost bedraagt 3.700 meter. Ook hemelsbreed is de afstand hoger dan de maximale normafstand van 2.000 meter voor het voortgezet onderwijs.

Er zijn geen binnensportaccommodaties binnen de normafstand met voldoende overcapaciteit bereikbaar. Gymzaal Panorama wordt gebruikt door basisscholen De Bron (loc. Fuikenweide) en De Vlieger en door De Blink (VSO). De gymzaal biedt nipt onvoldoende capaciteit voor de scholen, nu en in de toekomst. Voor De Bron en De Vlieger is de afstand tot de SKF-hal 900 meter. Maar deze hal wordt al volledig ingezet voor het bewegingsonderwijs van het Christelijk Lyceum (CLV). Binnen de normafstanden die voor de drie scholen gelden, zijn wel andere binnensportaccommodaties met overcapaciteit bereikbaar, zoals gymzaal Larikslaan. De gymzaal aan de Goudmos wordt gebruikt door basisscholen De Burcht en Mozaïek Petenbos. De gymzaal biedt voldoende capaciteit voor de scholen, nu en in de toekomst. De gymzaal aan de Larikslaan wordt gebruikt door basisschool De Ceder. De gymzaal biedt ruim voldoende capaciteit voor de school, nu en in de toekomst.

Noordoost Sporthal Oost wordt door basisscholen ’t Speel-Kwartier, Balans, De Bron (loc. Spiesheem) en Tamim gebruikt in het schooljaar 2023-2024. Het meeste onderwijsgebruik van de sporthal staat op naam van het Christelijk Lyceum (CLV, voortgezet onderwijs) dat in Zuidoost is gevestigd. De sporthal biedt niet voldoende capaciteit voor het bewegingsonderwijs van de basisscholen in dezelfde wijk én het bewegingsonderwijs van het CLV dat niet in hun eigen sportzaal en in de sporthal van SKF kan plaatsvinden. Sportzaal Aller Erf wordt gebruikt door basisschool Het Erf en school voor speciaal onderwijs C.P. Van Leersum. De sportzaal biedt ruim voldoende capaciteit voor de scholen, nu en in de toekomst. De C.P. Van Leersumschool (SO) wordt in de toekomst onderdeel van een nieuw te bouwen IKC in Noordoost. De locatie is nog niet bekend en daarmee is het ook niet zeker of de gymlocatie hetzelfde blijft. De gymzaal aan het Zuiderkruis wordt in het schooljaar 2023-2024 gebruikt door basisscholen De Windroos (SBO) en 't Speel-Kwartier. De gymzaal biedt onvoldoende capaciteit voor de scholen. Leerlingen van ’t Speel-Kwartier gymmen daarom ook in sporthal Oost. De gymzaal wordt onderdeel van het IKC Dragonder-Zuid. Basisscholen ’t Speelkwartier en Tamim worden in het IKC gehuisvest en zullen dus gebruik maken van de gymzaal.

Ook voor deze twee scholen biedt de gymzaal onvoldoende capaciteit. Leerlingen moeten ook dan uitwijken naar een andere accommodatie. De Windroos (SBO) wordt elders in Noordoost gehuisvest. Een IKC staat gepland voor De Windroos (SBO), de C. P. van Leersumschool (SO) en De Plantage. Voor het bewegingsonderwijs van deze scholen zijn in 2030 en 2040 twee gymnastieklokalen nodig. Er is geen binnensportaccommodatie in Noordoost met voldoende restcapaciteit beschikbaar. Een groot deel zou wel kunnen plaatsvinden in sportzaal Aller Erf.

Zaalsport In de gemeentelijke sporthallen werd gemiddeld ruim 1.200 uur gesport in 2022, in de sport- en gymzalen circa 700 uur. Het gemiddelde sportgebruik van sporthallen is sinds 2016 toegenomen, maar het gemiddelde sportgebruik van de sport- en gymzalen is juist afgenomen (figuur 3.4). Sporthal Rembrandt wordt beduidend minder voor sportdoeleinden gebruikt dan de andere sporthallen. In de gymzalen De Binnenronde en Zoete Inval wordt ten opzichte van de andere gymzalen relatief veel gesport (niet in figuur).

Benchmark Het gemiddelde sportgebruik van de gemeentelijke sporthallen (-1%) ligt ongeveer op hetzelfde niveau als het gemiddelde sportgebruik van sporthallen in vergelijkbare gemeenten. In de Veenendaalse sport- en gymzalen werd daarentegen minder gesport dan in soortgelijke accommodaties in vergelijkbare gemeenten (-4% en -12%). Figuur 3.4 Jaargebruik gemeentelijke binnensportaccommodaties Veenendaal (in gewogen uren) 2.000 1.500

1.204

1.430 1.467 1.484

1.281 1.288

1.000

1.057 1.012

1.212 1.024

956

802

705

738

691

500 0 De Vallei

Oost

Rembrandt

West

Sporthallen 2016

2019

Gemiddelde (n=12) Sport- en gymzalen

2022

Bron: Sportservice Veenendaal, activiteitenroosters binnensportaccommodaties, 2016-2022. Bewerking: Mulier Instituut.

De meest beoefende sport in de gemeentelijke sporthallen in 2022 was zaalvoetbal, gevolgd door volleybal (figuur 3.5). Ook in 2016 en 2019 waren dit de meest beoefenende sporten (niet in figuur). In sportzaal Aller Erf werd vooral gebasketbald, terwijl in de gymzalen veel werd gedanst en geturnd. In 2022 vond relatief weinig seizoensgebonden sport plaats in de gemeentelijke binnensportaccommodaties. Dit kan niet los worden gezien van de coronamaatregelen. Met name werd er in de sporthallen minder gehockeyd dan in 2016 en 2019. In deze jaren zien we dan ook meer een golfbeweging in de bezetting naar maand, met een piekbezetting in de maanden januari, februari, november en december.

Figuur 3.5 Sportgebruik gemeentelijke binnensportaccommodaties in 2022 (in procenten van het totale sportgebruik) 40

36

30

26 22

19

20

10

10

4

4 0

0 Voetbal

25

10 6

2

21

Volleybal Badminton

Korfbal

2

2

Vechtsport

Sporthallen (n=4)

3

Hockey

2

1

Dansen

Turnen

1

Basketbal

Sport- en gymzalen (n=12)

Bron: Sportservice Veenendaal, activiteitenroosters binnensportaccommodaties, 2022. Bewerking: Mulier Instituut.

De gemeentelijke sporthallen waren doordeweeks in de namiddag en avond (16:0023:00 uur) gemiddeld meer dan de helft van de tijd bezet in september en oktober van 2022 (62%, figuur 3.6). In november en december was de bezetting van de sporthallen hoger (72%). Tijdens de doordeweekse piekuren (18:00-22:00 uur) hadden de sporthallen een gemiddelde bezettingsgraad van 74 procent in september en oktober. De bezetting in november en december was 87 procent, waarbij het opvallend is dat de bezetting van De Rembrandt achterblijft ten opzichte van de andere sporthallen. Op maandag (94%), dinsdag (92%) en donderdag (92%) kenden de sporthallen tussen 18:00 en 22:00 uur de hoogste bezettingscijfers in november en december. Op woensdag (77%) en vrijdag (80%) zien we lagere bezettingscijfers. Op zaterdag waren de sporthallen tussen 09:00 en 19:00 uur gemiddeld voor ruim een derde van de tijd bezet (39%) in november en december. Op zondag waren de hallen minder goed bezet, net als in de maanden september en oktober (figuur 3.7) De doordeweekse bezetting van de sportzaal en gymzalen was (gemiddeld) lager dan die van de sporthallen. In het weekend werden deze accommodaties weinig gebruikt. Benchmark De binnensportaccommodaties in Veenendaal waren gemiddeld doordeweeks over de hele linie beter bezet dan soortgelijke accommodaties in andere gemeenten.

Met name de gymzalen waren in Veenendaal relatief goed bezet. Ook valt de relatief hoge bezetting van de sporthallen in Veenendaal buiten de wintermaanden op. Daarentegen worden de sporthallen in het weekend beduidend minder gebruikt.

4

Overige sporten

Figuur 3.6 Gemiddelde doordeweekse bezetting gemeentelijke binnensportaccommodaties Veenendaal in 2022 (in procenten, inclusief onderwijs en overig gebruik, feest- en vakantiedagen buiten beschouwing gelaten) 0

Sporthallen

20

40

De Vallei

55

Oost

18

16:00-23:00

74

6

44

Aller Erf

26

35

Benchmark

7

31

6

Gymzalen Gemiddelde (n=11)

42

Benchmark

8

31

9

De Vallei

69

Oost

20 83

Rembrandt

18:00-22:00

2

49

Benchmark

4

57

16

West

88

Benchmark Sportzaal

7

53

Aller Erf

33

54

Benchmark

4

44

Gymzalen Gemiddelde (n=11)

8

52

Benchmark

100

14

West

Sporthallen

80

69

Rembrandt

Sportzaal

60

36

9 11

September-oktober

November-december

Bron: Sportservice Veenendaal, activiteitenroosters binnensportaccommodaties, 2022. Bewerking: Mulier Instituut.

Figuur 3.7 Gemiddelde weekendbezetting gemeentelijke sporthallen Veenendaal tussen 09:00 en 19:00 uur in 2022 (in procenten, inclusief onderwijs en overig gebruik, feest- en vakantiedagen buiten beschouwing gelaten)

Zondag

Zaterdag

0

20

De Vallei Oost Rembrandt West Benchmark De Vallei 2 Oost 0 Rembrandt West Benchmark

40

24

60

80

22 30

21

0 3 46

12

20

40

17 16 13 14

0 23 32

September-oktober

November-december

Bron: Sportservice Veenendaal, activiteitenroosters binnensportaccommodaties, 2022. Bewerking: Mulier Instituut.

100

Bewegingsonderwijs Gedurende het schooljaar 2022-2023 zijn de gemeentelijke binnensportaccommodaties doordeweeks tussen 08:00 en 16:00 uur op papier voor drie kwart van de tijd bezet (76%). Dat blijkt uit onze analyse van de verhuuroverzichten. Tussen 09:00 en 15:00 uur is de bezetting 82 procent (figuur 3.8). In hoeverre er daadwerkelijk in de accommodaties werd gegymd is niet bekend. Zo worden de accommodaties op de vroege ochtend al geblokt voor het bewegingsonderwijs, zodat er geen ander gebruik plaatsvindt. Sporthal De Vallei is doordeweeks overdag volledig beschikbaar voor het bewegingsonderwijs van de Christelijke Scholengemeenschap (CSV). Hetzelfde geldt voor sporthal Rembrandt en het Rembrandt College. Op dinsdag (92% tussen 09:00 en 15:00 uur) en donderdag (91%) kennen de accommodaties de hoogste bezettingscijfers. Op maandag (83%), woensdag (65%) en vrijdag (77%) zien we lagere bezettingscijfers (niet in figuur). De bezettingsgraden verschillen tussen de accommodaties. Zo biedt de gymzaal aan de Gouverneurslaan voldoende ruimte voor meer gebruik dan nu plaatsvindt, maar zijn sporthal Oost en gymzaal De Binnenronde nagenoeg volledig bezet. Niet alleen scholen maakten doordeweeks tussen 08:00 en 16:00 uur gebruik van de accommodaties.

Zo biedt Sportservice Veenendaal in een paar accommodaties onder andere seniorensport (Fifty Fit) aan en sport Stichting Scoren in de Wijk met kinderen van 8 tot en met 12 jaar in meerdere accommodaties. De accommodaties met hoge bezettingsgraden komen grotendeels overeen met de accommodaties die naar voren kwamen in onze analyse met de normuren in paragraaf 3.2. De lage bezetting van de gymzaal aan de Gouverneurslaan is opvallend. De gymzaal zou doordeweeks overdag volledig nodig moeten zijn voor het bewegingsonderwijs.

Figuur 3.8 Gemiddelde doordeweekse bezetting overdag gemeentelijke binnensportaccommodaties Veenendaal in het schooljaar 2022-2023 (in procenten) 0 Sporthallen

20

40

60

80

100 99

De Vallei

100 83

Oost

87 100

Rembrandt

100 73

West Sportzaal

Aller Erf

Gymzalen

De Binnenronde

78 63 70 86 96 72

Goudmos

76 53

Gouverneurslaan

60

74

Het Zuiderkruis

79 76

Kofschip

84 68

Langelaar

74 79

Panorama

93 58

Sportlaan

62 84

Trommelaar

92 69

Zoete Inval

77

08:00-16:00 uur

09:00-15:00 uur

Bron: Sportservice Veenendaal, activiteitenroosters binnensportaccommodaties, 2022-2023. Bewerking: Mulier Instituut.

Verenigingsmonitor

Sportservice Veenendaal heeft in het voorjaar van 2023 een verenigingsmonitor afgenomen. In deze bevraging heeft zij onder andere vragen over de accommodatiebehoefte opgenomen. Veertien verenigingen die actief waren in een binnensportaccommodatie in Veenendaal in het seizoen 2022-2023 hebben de verenigingsmonitor ingevuld. Onder deze verenigingen zitten op één na alle grootgebruikers van de gemeentelijke binnensportaccommodaties. Zeven verenigingen geven aan dat het aantal beschikbare uren in de binnensportaccommodaties voldeed aan hun behoefte (50%). Bij de andere zeven was dit slechts deels of niet het geval (figuur 3.9). In de toelichting bij hun antwoorden wordt bij drie verenigingen duidelijk dat de ervaren knelpunten meer betrekking hadden op de afmetingen van de accommodaties en de afstemming met andere gebruikers dan op de beschikbaarheid van de accommodaties. De overige vier verenigingen ervaren wel een capaciteitstekort. Het merendeel van de verenigingen was tevreden over de kwaliteit van de accommodatie(s). Ook sloten de aanwezige materialen in de accommodatie(s) aan op hun behoefte. Figuur 3.9 Beoordeling door zaalsportverenigingen of verschillende aspecten van de binnensportaccommodaties in Veenendaal voldoen aan hun behoefte (in aantallen, n=14) 0

2

Aantal beschikbare uren in de accommodatie(s) Kwaliteit van de accommodatie(s)

Aanwezige materialen in de accommodatie(s) Voldoet

Voldoet deels

4

6

7

8

10

12

3 9

14

4 4

12

1 1

1

Voldoet niet

Bron: Sportservice Veenendaal, Verenigingsmonitor, 2023. Bewerking: Mulier Instituut.

Bij de gemeente Veenendaal en Sportservice Veenendaal is bekend welke verenigingen belemmeringen in het aanbod ervaarden en bij welke accommodatie.

Hoofdstuk 4

In dit hoofdstuk behandelen we het aanbod aan banen en velden en de behoefte vanuit de verenigingen. De behoefte hebben we bepaald aan de hand van algemeen geaccepteerde richtlijnen.

Veenendaal telt zeven sportparken (tabel 4.1). Sportparken De Groene Velden I en II zijn ruimtelijk van elkaar gescheiden. De gemeente Veenendaal is eigenaar van de banen en velden op de sportparken. Beheer en exploitatie hiervan heeft ze overgedragen aan Sportservice Veenendaal. De verenigingen zijn eigenaar van de opstallen op de sportparken. Zij hebben hiervoor een recht van opstal. Tabel 4.1 Sportparken in Veenendaal in 2023 Wijk

Sportpark

Noordoost Spitsbergen Zuidoost

Sporten Atletiek, honk- en softbal, padel, tennis, voetbal

De Groene Velden I Fierljeppen, frisbee, jeu de boules, korfbal, voetbal De Groene Velden II Hockey, schaatsen/skaten, touwtrekken, voetbal

West

Dennenlaan

Padel en tennis

Panhuis

Voetbal

Ruisseveen

Tennis

Waardgelder

Wielersport

Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023.

Spreiding De sportparken liggen rondvormig verspreid over de gemeente (figuur 4.1). Tennisbanen en voetbalvelden kunnen (samen met sporthallen) gerekend worden tot de basisinfrastructuur van gemeentelijke sportaccommodaties (Hoekman & Schadenberg, 2023). In lijn hiermee liggen ook de Veenendaalse sportparken met tennisbanen en voetbalvelden verspreid over de gemeente.

Figuur 4.1 Sportparken in Veenendaal in 2023

Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023.

Op sportpark De Groene Velden II liggen drie hockeyvelden. Dit zijn de enige hockeyvelden in de gemeente. Het aanbod ten opzichte van het aantal inwoners is daarmee laag vergeleken met diverse referentiecijfers (tabel 4.2). Met name in gemeenten in de regio liggen relatief meer hockeyvelden. Circa 560 inwoners van de gemeente waren in 2022 lid van een hockeyvereniging. De hockeydeelname in Veenendaal (0,8%) was daarmee lager dan het landelijke gemiddelde, het gemiddelde van de regio en het gemiddelde van de referentiegemeenten (tabel 4.2).

De resulterende velddruk bedroeg 187 leden per veld in Veenendaal. Ook dit is lager dan de diverse referentiecijfers (tabel 4.2). Tabel 4.2 Aantal hockeyvelden, ledenpercentage KNHB en gemiddelde velddruk Veenendaal Aantal velden per 25.000 inwoners Ledenpercentage

Velddruk

Gemeente Veenendaal

1,1

0,8

187

VSG-regio Utrecht

2,3

2,3

283

Referentiegemeenten

1,5

1,4

218

Nederland

1,4

1,3

225

Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023; KNHB via NOC*NSF, 2022. Toelichting: de velddruk berekenen we door het aantal inwoners dat lid is van een hockeyvereniging te delen door het aantal velden.

De hockeyvelden in Veenendaal vormen de thuisbasis van VMHC Spitsbergen. De vereniging had 38 teams ingeschreven bij een zaterdag- of zondagcompetitie van de KNHB in het seizoen 2022-2023. De drie velden boden de vereniging voldoende capaciteit gedurende het seizoen (tabel 4.3). De behoefte is gebaseerd op de richtlijn van de KNHB en gaat uit van standaardverenigingsactiviteiten van de bij de bond ingeschreven teams (wedstrijden en trainingen). Eventueel mede/nevengebruik van de velden is hierin niet meegenomen. De velden bieden ook voldoende capaciteit voor de potentiële nieuwe leden door de verwachte bevolkingsgroei (tabel 4.3). Als de terugloop in hockeydeelname in de gemeente (zie hoofdstuk 2) lange tijd aanhoudt, komt na 2030, ondanks de bevolkingsgroei, de behoefte aan het derde veld op zaterdag te vervallen. Tabel 4.3 Aanbod-behoefteanalyse velden VMHC Spitsbergen (in (semi-)watervelden, toekomstraming o.b.v. bevolkingsprognoses en stabiele sportdeelname) Behoefte Seizoen/jaar

Aanbod

Zaterdag

Zondag

2022-2023

3

3

(2,2)

1

(0,8)

2030

3

3

(2,2)

1

(0,8)

2040

3

3

(2,4)

1

(0,8)

Veenendaal beschikt over één honk- en softbalaccommodatie. Op sportpark Spitsbergen liggen één honkbalveld, één softbal-/jeugdhonkbalveld en één beeballveld. Deze velden worden gebruikt door honk- en softbalvereniging Blue Socks. De vereniging had in het seizoen 2023 acht teams ingeschreven bij een competitie van de Koninklijke Nederlandse Baseball en Softball Bond (KNBSB). De drie velden boden gedurende het seizoen ruim voldoende capaciteit (tabel 4.4). De behoefte van de vereniging is gebaseerd op de richtlijn van de KNBSB en gaat uit van standaardverenigingsactiviteiten van de bij de bond ingeschreven teams (wedstrijden en trainingen). Eventueel mede-/nevengebruik van de velden is hierin niet meegenomen. We verwachten niet dat de bevolkingsontwikkeling veel invloed zal hebben op de ruimtebehoefte van Blue Socks (tabel 4.4). Ook is het ledenaantal van de vereniging de laatste jaren stabiel. Tabel 4.4 Veldbehoefte honk- en softbalvereniging Blue Socks (in aantallen, toekomstraming o.b.v. bevolkingsprognoses en stabiele sportdeelname) Seizoen

Honkbalveld

Softbal-/jeugdhonkbalveld

Beeballveld

2022

1 (0,4)

1 (0,4)

1 (0,1)

2030

1 (0,4)

1 (0,4)

1 (0,1)

2040

1 (0,4)

1 (0,4)

1 (0,1)

Onder andere afhankelijk van het mede-/nevengebruik van velden is het mogelijk dat Blue Socks al haar activiteiten op een combinatieveld kan laten plaatsvinden. Dit veld moet dan ingezet kunnen worden voor alle vormen van honkbal en softbal (die de vereniging aanbiedt). Deze aanpassing kan ertoe leiden dat er efficiënter met de ruimte omgegaan kan worden en/of dat (meer) ruimte kan worden geboden voor andere sporten op het sportpark. Of dit een reële optie is, moet samen met de vereniging nader onderzocht worden.

Veenendaal telt één korfbalvereniging. SKF is gevestigd op sportpark De Groene Velden I. Daar heeft zij de beschikking over zeven velden, waarvan vier volwaardige velden (40 bij 20 meter) en drie jeugdvelden (24 bij 12 meter). De vereniging had 41 teams ingeschreven bij een zaterdagcompetitie van het Koninklijk Nederlands Korfbalverbond (KNKV) in het seizoen 2022-2023. De

velden boden voldoende capaciteit voor dit aantal teams (tabel 4.5). De behoefte van de vereniging is gebaseerd op de richtlijn van het KNKV en gaat uit van standaardverenigingsactiviteiten van de bij de bond ingeschreven teams (wedstrijden en trainingen). Eventueel mede-/nevengebruik van de velden is hierin niet meegenomen. We verwachten dat de huidige velden ook voldoende capaciteit bieden voor de potentiële nieuwe leden als gevolg van de bevolkingsgroei (tabel 4.5). Als de recente ledenafname standhoudt, neemt de veldbehoefte van de vereniging af, ondanks de bevolkingsgroei. Mogelijk verdwijnt dan richting 2030 de behoefte aan het vierde veld van 40 bij 20 meter, of zelfs die aan het derde veld van 40 bij 20 meter in de periode na 2030. Tabel 4.5 Veldbehoefte korfbalvereniging SKF (in aantallen, toekomstraming o.b.v. bevolkingsprognoses en stabiele sportdeelname) Seizoen/jaar

Volwaardig veld (40 bij 20 meter)

Jeugdveld (24 bij 12 meter)

2022-2023

4 (3,4)

1 (0,7)

2030

4 (3,4)

1 (0,7)

2040

4 (3,7)

1 (0,8)

Op de Veenendaalse sportparken liggen in totaal 31 tennisbanen. Het aanbod ten opzichte van het aantal inwoners is daarmee laag vergeleken met diverse referentiecijfers (tabel 4.6). Met name in gemeenten in de regio liggen relatief meer tennisbanen. Bijna 1.800 inwoners van de gemeente waren in 2022 lid van een tennisvereniging. De tennisdeelname (2,6%) in Veenendaal was daarmee, in lijn met het aanbod, relatief laag (tabel 4.6). De resulterende baandruk bedroeg 58 leden per baan. Deze druk is vergelijkbaar met het gemiddelde van de referentiegemeenten, maar lager dan het regionale gemiddelde (tabel 4.6). De Veenendaalse tennisbanen worden bespeeld door TPV Spitsbergen, VTC en TV Veenendaal West. TPV Spitsbergen en VTC beschikten over een aantal tennisbanen dat in de bovenkant van hun behoeftebandbreedte viel in het seizoen 2022-2023, TV Veenendaal West beschikte over een aantal banen hoger dan de maximale behoefte (tabel 4.7).

Tabel 4.6 Aantal tennisbanen, ledenpercentage KNLTB en gemiddelde baandruk Veenendaal Aantal banen per 25.000 inwoners Ledenpercentage

Baandruk

Gemeente Veenendaal

11,5

2,6

58

VSG-regio Utrecht

17,2

4,4

71

Referentiegemeenten

14,4

3,0

59

Nederland

17,2

3,6

52

Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023; KNLTB via NOC*NSF, 2022. Toelichting: de baandruk berekenen we door het aantal inwoners dat lid is van een tennisvereniging te delen door het aantal banen.

Behoeftebandbreedte De baanbehoefte van de tennisverenigingen geven we weer in een bandbreedte die volgt uit de toepassing van de richtlijn van de Koninklijke Nederlandse Lawn Tennis Bond (KNLTB). In hoeverre de minimale of de maximale variant van toepassing is voor een vereniging, is afhankelijk van diverse factoren, zoals de demografische opbouw van het ledenbestand en het aantal deelnemende teams aan de competities.

Tabel 4.7 Aanbod-behoefteanalyse banen tennisverenigingen Veenendaal in het seizoen 2022-2023 (In aantallen) Behoefte Sportpark

Vereniging

Spitsbergen

TPV Spitsbergen

Dennenlaan

VTC

Ruisseveen Totaal

Aanbod

Minimaal

Maximaal

14

12

(11,5)

15

(14,8)

9

8

(7,3)

10

(9,4)

TV Veenendaal West

8

5

(4,8)

7

(6,2)

-

31

-

(23,6)

-

(30,4)

De verwachte bevolkingsontwikkeling heeft, bij een stabiele sportdeelname, beperkte invloed op het aantal leden van de tennisverenigingen en daarmee de baanbehoefte (figuur 4.8). Het huidige aantal tennisbanen is voldoende in dit toekomstige scenario. De recente ledengroei van de tennisverenigingen (zie hoofdstuk 2) kan niet los worden gezien van de coronamaatregelen. In de jaren daarvoor was namelijk sprake van een structurele daling van het aantal tennisleden in Veenendaal. Extrapolatie

van de recente ledenontwikkeling richting de toekomst zou leiden tot een sterke overschatting van het aantal benodigde tennisbanen. Tabel 4.8 Verwachte ontwikkeling gemeentebrede behoefte aan tennisbanen in Veenendaal (in aantallen, toekomstraming o.b.v. bevolkingsprognoses en stabiele sportdeelname) 2022-2023

2030

2040

Minimale behoefte

23,6

23,6

24,6

Maximale behoefte

30,4

30,3

31,7

Op de Veenendaalse sportparken liggen 24 volwaardige voetbalvelden (pupillenvelden e.d. buiten beschouwing gelaten). Het aantal velden ten opzichte van het aantal inwoners is daarmee lager dan diverse referentiecijfers. Maar in Veenendaal is de helft van de velden kunstgrasvelden (tabel 4.9). Kunstgrasvelden kunnen intensiever worden belast dan natuurgrasvelden. Ruim 4.700 inwoners van de gemeente waren in 2022 lid van een voetbalvereniging. De voetbaldeelname (6,9%) was daarmee relatief hoog (tabel 4.9). De resulterende velddruk was vergeleken met referentiecijfers ook hoog. Dit wordt gecompenseerd door het hoge percentage kunstgrasvelden. Tabel 4.9 Aantal voetbalvelden, ledenpercentage KNVB en gemiddelde velddruk Veenendaal Velden Aantal per Percentage 25.000 inwoners

kunstgrasLedenpercentage Velddruk

Gemeente Veenendaal

8,8

50

6,9

196

VSG-regio Utrecht

7,9

44

6,5

204

Referentiegemeenten

9,3

32

6,3

180

Nederland

11,7

25

6,9

151

Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023; KNVB via NOC*NSF, 2022. Toelichting: de velddruk berekenen we door het aantal inwoners dat lid is van een voetbalvereniging te delen door het aantal velden.

De voetbalvelden liggen verspreid over vier sportparken. Zij beschikken naast de volwaardige velden ook over twee velden met afwijkende (kleinere) afmetingen. Deze worden alleen ingezet voor trainingen.

Op sportpark De Groene Velden II zijn twee voetbalvereniging gehuisvest: SV Panter en VV Veenendaal. Dit geldt ook voor sportpark Panhuis met GVVV en VV DOVO. De velden zijn verdeeld over de verenigingen. Er vindt geen medegebruik van de velden tussen de verenigingen plaats. De voetbalverenigingen hadden in totaal 229 teams ingeschreven bij een zaterdagcompetitie van de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond (KNVB) in het seizoen 2022-2023. Zij hadden geen teams in een zondagcompetitie ingeschreven. We constateren bij twee verenigingen knelpunten (tabel 4.10). VRC en VV DOVO hadden gedurende het seizoen behoefte aan een extra wedstrijdveld voor het aantal teams. De andere voetbalverenigingen beschikten over (ruim) voldoende veldcapaciteit voor zowel de wedstrijden als de trainingen. Gemeentebreed waren daarmee voldoende velden aanwezig voor het aantal teams. De behoefte van de verenigingen is gebaseerd op de richtlijn van de KNVB en gaat uit van standaardverenigingsactiviteiten van de bij de bond ingeschreven teams (wedstrijden en trainingen). Eventueel mede-/nevengebruik van de velden is hierin niet meegenomen. Tabel 4.10 Aanbod-behoefteanalyse velden voetbalverenigingen Veenendaal in het seizoen 2022-2023 (in aantallen) Aanbod

*

Sportpark

Vereniging

Spitsbergen

VRC

De Groene Velden I

Behoefte

*Natuurgras **Kunstgras

Wedstrijdvelden Trainingsvelden

2

3

6 (6,0)

3 (3,1)

De Merino’s

3 + 0,5***

1

3 (2,3)

1 (1,1)

De Groene Velden II

SV Panter

2 + 0,5***

-

1 (0,6)

1 (0,3)

De Groene Velden II

VV Veenendaal

2

1

3 (2,4)

1 (1,2)

Panhuis

GVVV

1

3

4 (4,0)

2 (2,0)

Panhuis

VV DOVO

2

4

7 (6,5)

3 (3,2)

Totaal

-

12 + 0,5 + 0,5

12

- (21,9)

- (10,9)

Natuurgrasvelden worden uitsluitend voor wedstrijden of trainingen gebruikt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13958563/1