4. Vaststelling bestemmingsplan Da Costastraat 11 - bestemmingsplan
Tekst van het document
57
bestemmingsplan Da Costastraat 11 3,3 meter en 5 meter bedragen; e. voor de aangebouwde bijbehorende bouwwerken geldt een maximale bouwhoogte van 0,3 meter boven de aansluitende verdiepingsvloer óf maximaal 3,3 meter; f. in afwijking van het bepaalde onder e, geldt voor een bijbehorend bouwwerk van meer dan één bouwlaag aan de zijgevel van het hoofdgebouw dat: 1. de goothoogte maximaal 3,3 meter bedraagt; 2. de maximale bouwhoogte niet meer bedraagt dan 80% van de bouwhoogte van het bestaande hoofdgebouw met een maximum van 7,5 meter; 3. indien sprake is van een hogere bouwhoogte dan 3,3 meter, de achtergevel van het bijbehorende bouwwerk tot maximaal 1 meter achter de achtergevel van het hoofdgebouw mag zijn gesitueerd; 4. de dakhelling dient gelijk te zijn aan die van het hoofdgebouw. 4.2.4
Erkers en luifels
Voor het bouwen van erkers en luifels aan woningen gelden de volgende regels: a. erkers en luifels mogen binnen en buiten het bouwvlak worden gebouwd; b. de bouwhoogte bedraagt maximaal 0,3 meter boven de aansluitende verdiepingsvloer; c. de maximum breedte van erkers en/of luifels bedraagt 60% van de voorgevel van het hoofdgebouw; d. de maximum diepte bedraagt 1 meter; e. de minimale afstand tot de voorste perceelsgrens bedraagt 2 meter, tenzij de bestaande afstand minder bedraagt, in welk geval de bestaande afstand tot de voorste perceelsgrens als minimum geldt; 4.2.5
Bouwwerken geen gebouw zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken geen gebouw zijnde gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag voor de voorgevel maximaal 1 meter bedragen, achter de voorgevel mag de hoogte maximaal 2 meter bedragen; b. de maatvoering van reclame-uitingen ten behoeve van een beroep aan huis of bedrijf aan huis dient te voldoen aan het reclamebeleid zoals geldt voor het gebied ten tijde van de indiening van de aanvraag; c. de bouwhoogte van overige bouwwerken geen gebouw zijnde mag maximaal 3 meter bedragen. 4.3
Specifieke gebruiksregels
1. Beroep aan huis of bedrijf aan huis is toegestaan, mits voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. Niet meer dan 30% met een maximum van 45 m² van de oppervlakte van de bebouwing op het bouwperceel ten behoeve van deze activiteit wordt gebruikt; b. De activiteiten mogen niet vergunnings- dan wel meldingsplichtig zijn op grond van milieuwetgeving; c. Bij de uitoefening van de activiteiten moet worden voldaan aan het geldende parkeernormenbeleid, in die zin dat voldoende parkeerruimte op het perceel aanwezig is voor zowel het gebruik van het perceel ten behoeve van bewoning als het beroep aan huis of bedrijf aan huis of dat de parkeercapaciteit in de directe omgeving voldoende is om de toename van de parkeerbehoefte als gevolg van de uitoefening van het beroep aan huis of bedrijf aan huis op te vangen. 2. Tot een gebruik, strijdig met de bestemming, wordt in ieder geval gerekend het gebruik voor: a. bewoning van of het aanbieden van logies van een vrijstaand bijbehorend bouwwerk; b. het bewonen van een woning door meer dan 1 zelfstandig huishouden waaronder kamerbewoning; c. detailhandel, niet zijnde internetverkoop zonder afhaal- of uitstalfunctie.
58
bestemmingsplan
bestemmingsplan Da Costastraat 11
4.4
Afwijken van de gebruiksregels
4.4.1
Toestaan van kamerbewoning
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd met een omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in artikel 13, lid 2 onder b voor het bewonen van een woning door meerdere huishoudens ten behoeve van kamerbewoning, onder de voorwaarde dat wordt voldaan aan het beleid voor kamerverhuur zoals geldt voor het gebied ten tijde van de indiening van de aanvraag.
bestemmingsplan
59
bestemmingsplan Da Costastraat 11
Artikel 5 5.1
Waarde - Archeologie - Middelhoog
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Waarde - Archeologie - Middelhoog', aangewezen gronden zijn behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud, de bescherming van en onderzoek naar de in de grond aanwezige of verwachte archeologische waarden. 5.1.1
Rangorderegeling
Indien strijd ontstaat tussen het belang van het behoud en de bescherming van archeologische waarden als bedoeld in 5.1 en de voor deze gronden geldende andere bestemmingen prevaleert de (dubbel)bestemming 'Waarde - Archeologie - Middelhoog'.
5.2
Bouwregels
5.2.1
Algemeen
Op en in de gronden als bedoeld in 5.1 mogen geen gebouwen of bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd. 5.2.2
Uitzondering
In afwijking van het bepaalde in 5.2.1 mogen op of in deze gronden gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd ten behoeve van de voor deze gronden geldende andere bestemmingen, mits het gaat om: a. vervanging van bestaande gebouwen of bouwwerken waarbij de oppervlakte voor zover gelegen op of onder peil niet wordt uitgebreid en uitsluitend de bestaande fundering wordt benut of; b. een gebouw of bouwwerk, geen gebouw zijnde, met een oppervlakte van minder dan 5.000 m² en waarbij niet dieper dan 0.50 m wordt gegraven en geen heiwerkzaamheden plaatsvinden. 5.3
Nadere eisen
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd nadere eisen te stellen aan de plaats, de fundering en de afmetingen van gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde, zulks ter voorkoming van onevenredige aantasting van het zicht op en de landschappelijke inpassing van de betreffende waardevolle terreinen, maar ook omdat de exacte begrenzingen van archeologische terreinen niet in alle gevallen vaststaan.
5.4
Afwijken van de bouwregels
Bij een omgevingsvergunning van burgemeester en wethouders kan worden afgeweken van het bepaalde in 5.4.1 met inachtneming van de voor deze gronden geldende overige bouwregels. 5.4.1
Verbindende voorschriften
Omgevingsvergunning als bedoeld in 5.4 wordt verleend indien bij de aanvraag omgevingsvergunning een archeologisch rapport wordt overlegd waaruit naar het oordeel van burgemeester en wethouders blijkt dat: 1. de archeologische waarde van het terrein in voldoende mate is vastgesteld; 2. archeologische waarden door het uitvoeren van bouwactiviteiten niet of niet onevenredig worden geschaad, dan wel afdoende maatregelen zijn getroffen tot behoud van die waarden; 3. er geen archeologische waarden zijn. Aan de omgevingsvergunning als bedoeld in 5.4 kunnen burgemeester en wethouders in ieder geval de volgende regels verbinden. 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; 2. de verplichting tot het laten doen van opgravingen door een daartoe gecertificeerde instantie,
60
bestemmingsplan
bestemmingsplan Da Costastraat 11 volgens de geldende versie van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA) en een door burgemeester en wethouders goedgekeurd archeologisch Programma van Eisen (PvE); 3. de verplichting de uitvoering van de bouwwerkzaamheden die leiden tot bodemverstoring te laten begeleiden door een daartoe gecertificeerde instantie, volgens de vigerende versie van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA) en een door burgemeester en wethouders goedgekeurd archeologisch Programma van Eisen (PvE). 5.4.2
Inwinnen advies
Alvorens een beslissing te nemen over een omgevingsvergunning als bedoeld in 5.4 winnen burgemeester en wethouders advies in van een door hen aan te wijzen ter zake deskundige.
5.5 Omgevingsvergunningvoor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 5.5.1
Omgevingsvergunningplicht
Behoudens het bepaalde in 5.5.2 is het in het belang van de archeologische monumentenzorg en ter voorkoming van onevenredige aantasting van aanwezige of verwachte archeologische waarden verboden om zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden op of in de gronden als bedoeld in 5.1 de navolgende werken en/of werkzaamheden uit te voeren of te doen uitvoeren op een diepte van meer dan 0.50 m onder het peil en over een oppervlakte van meer dan 5.000 m²: a. het uitvoeren van graafwerkzaamheden en/of grondbewerkingen, het saneren, egaliseren, afplaggen en baggeren van gronden, het roeren en omwoelen van gronden, waaronder begrepen het aanleggen van drainage, kabels, leidingen en rioleringen; b. het aanbrengen en het verwijderen van diepwortelende beplantingen; c. het ophogen en egaliseren van gronden; d. het verlagen en verhogen van het waterpeil, tenzij dit een maatregel is van het bevoegde waterschap; e. het uitvoeren van heiwerkzaamheden of het op andere wijze indrijven van objecten in de bodem; f. het verwijderen van fundamenten dieper dan 0.50 m beneden peil. 5.5.2
Uitzonderingen
Het in 5.5.1 vervatte verbod geldt niet voor het uitvoeren van de volgende werken en werkzaamheden: a. in het kader van archeologisch vooronderzoek en het doen van opgravingen, mits verricht door een ter zake deskundige; b. waarmee is of krachtens een vergunning mag worden begonnen op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan; c. werken, geen bouwwerk zijnde, en werkzaamheden in het kader van het normale beheer en onderhoud; d. werkzaamheden in het akder van onderhoudsbaggerwerkzaamheden die aantoonbaar niet dieper gaan dan in het recente verleden bereikte baggerdieptes. De bepaling in 5.5.1 op grond waarvan géén omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden is vereist voor werken en werkzaamheden over een oppervlakte van 5.000 m² of minder geldt niet indien in de periode van 24 maanden voor de datum van voorgenomen werken of werkzaamheden deze bepaling van toepassing is geweest op aangrenzende terreinen of terreinen op een afstand van minder dan 25 meter van het onderhavige terrein. 5.5.3
Toelaatbaarheid van werken en werkzaamheden
Werken en werkzaamheden als bedoeld in 5.5.1, zijn slechts toelaatbaar, indien: a. door de uitvoering daarvan, dan wel de daarvan hetzij direct, hetzij indirect te verwachten gevolgen één of meer archeologische waarden van de betreffende gronden, niet onevenredig worden of kunnen worden aangetast, danwel de mogelijkheden voor het herstel van die waarden niet
bestemmingsplan
61
bestemmingsplan Da Costastraat 11 onevenredig worden of kunnen worden verkleind, en; b. vooraf door aanvrager van de omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden een rapport op basis van de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie is overgelegd waaruit blijkt dat de archeologische waarden van het terrein dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld: 1. dat de archeologische waarden in voldoende mate zijn zekergesteld; 2. dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn; 3. dat de archeologische waarden hierdoor niet of niet onevenredig worden geschaad dan wel afdoende maatregelen zijn getroffen tot behoud van die waarden. 5.5.4
Voorschriften omgevingsvergunning
Aan de omgevingsvergunning als bedoeld in 5.5.1 kunnen burgemeester en wethouders de volgende voorschriften verbinden: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van opgravingen door een daartoe gecertificeerde instantie, volgens de vigerende versie van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA) en een door burgemeester en wethouders goedgekeurd archeologisch Programma van Eisen (PvE); c. de verplichting de uitvoering van de werkzaamheden die leiden tot bodemverstoring te laten begeleiden volgens de vigerende versie van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA) en een door burgemeester en wethouders goedgekeurd archeologisch Programma van Eisen (PvE). 5.5.5
Inwinnen advies
Alvorens een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden te verlenen als bedoeld in 5.5.1 winnen burgemeester en wethouders advies in van een door hen aan te wijzen terzake deskundige.
62
bestemmingsplan
bestemmingsplan Da Costastraat 11
Hoofdstuk 3 Artikel 6
ALGEMENE REGELS
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
bestemmingsplan
63
bestemmingsplan Da Costastraat 11
Artikel 7 7.1
Algemene bouwregels
Ondergronds bouwen
Voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken geldt dat deze uitsluitend zijn toegestaan onder het hoofdgebouw en de bijbehorende bouwwerken.
64
bestemmingsplan
bestemmingsplan Da Costastraat 11
Artikel 8 8.1
Algemene gebruiksregels
Strijdig gebruik
Als gebruik in strijd met de bestemming als bedoeld in artikel 7.2 van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, geldt in ieder geval: a. het gebruik van een bouwwerk voor een seksinrichting; b. de permanente bewoning van recreatiewoningen, kampeermiddelen en andere onderkomens en gebouwen die niet voor permanente bewoning bestemd zijn; c. het gebruik van niet-bebouwde grond als permanente staan- of ligplaats van demonteerbare of verplaatsbare inrichtingen voor de verkoop van etenswaren en/of dranken; d. het gebruik van niet-bebouwde grond als staan- of ligplaats voor kampeermiddelen buiten de daarvoor aangewezen gronden; e. het gebruik van niet-bebouwde grond als staan- of ligplaats voor voor (menselijk of dierlijk) verblijf geschikte, al dan niet aan hun bestemming onttrokken, vaar- of voertuigen, arken of andere objecten, voor zover die niet als bouwwerk zijn aan te merken; f. het gebruik van niet-bebouwde grond voor het opslaan, storten of bergen van al dan niet afgedankte stoffen, voorwerpen en producten, tenzij dit gebruik noodzakelijk is voor of verband houdt met het op de bestemming gerichte gebruik van de gronden;
bestemmingsplan
65
bestemmingsplan Da Costastraat 11
Artikel 9
Algemene aanduidingsregels
9.1
Milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied
9.1.1
Aanduidingsomschrijving
Ter plaatse van de aanduiding 'Milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied' zijn de gronden aangeduid ter bescherming van de kwaliteit van het grondwater. 9.1.2 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Het is verboden om zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden de navolgende werken en/of werkzaamheden uit te voeren of te doen uitvoeren binnen de gronden als bedoeld in 9.1.1: a. het maken en/of het buitengebruik stellen van boorputten; b. het realiseren van ondergrondse bouwwerken; c. het indrijven van voorwerpen in de bodem zoals damwanden, diepwanden of schermen, alsmede het verwijderen van deze voorwerpen; d. het realiseren van funderingswerken, zoals het aanbrengen van palen in de grond. 9.1.3 Uitzonderingen omgevingsvergunningplicht voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Het in 9.1.2 vervatte verbod geldt niet voor: a. werken en werkzaamheden van ondergeschikte betekenis binnen het op de bestemming gerichte normale onderhoud en beheer; b. werken en werkzaamheden op een diepte van minder dan 30 meter onder het maaiveld; c. werken en werkzaamheden, waarmee is of mag worden begonnen ten tijde van het verkrijgen van rechtskracht van het plan. 9.1.4
Toelaatbaarheid werken en werkzaamheden
De werken en werkzaamheden als bedoeld in 9.1.2 zijn slechts toelaatbaar, indien door die werken en werkzaamheden dan wel door de daarvan hetzij direct, hetzij indirect te verwachte gevolgen, geen onevenredige aantasting van het grondwater ontstaat of kan ontstaan.
66
bestemmingsplan
bestemmingsplan Da Costastraat 11
Artikel 10 10.1
Algemene afwijkingsregels
Maatvoering
Burgemeester en Wethouders kunnen, overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening van het plan afwijken ten aanzien van: a. de regels van het plan ten behoeve van het aanbrengen van wijzigingen in de plaats, richting en/of afmetingen van een bouwgrens ten behoeve van de praktische uitvoering van het plan, mits het wijzigingen betreft waarbij geen belangen van derden worden geschaad, dan wel ter correctie van afwijkingen of onnauwkeurigheden op de verbeelding. De afwijking mag ten hoogste 5 meter bedragen; b. de regels van het plan om toe te staan dat openbare nutsgebouwen, wachthuisjes ten behoeve van openbaar vervoer, telefooncellen, gebouwen ten behoeve van de bediening van kunstwerken, toiletgebouwen, en naar de aard daarmee gelijk te stellen gebouwen worden gebouwd, mite inhoud per gebouw niet meer dan 50 m³ bedraagt; c. de regels van het plan ten aanzien van de maximum (bouw)hoogte van gebouwen om toe te staan dat de (bouw)hoogte van de gebouwen ten behoeve van plaatselijke verhogingen, zoals luchtkokers, liftkokers, lichtkappen en technische installaties wordt vergroot, mits de vergroting leidt tot een hoogte welke niet meer bedraagt dan 1,2 maal de maximum (bouw)hoogte van het betreffende gebouw. 10.2 Geen onevenredige afbreuk De in 10.1 genoemde omgevingsvergunning kan slechts worden verleend, mits: a.
de belangen van de eigenaren en/of gebruikers van betrokken en nabijgelegen gronden niet onevenredig worden geschaad; b. het straat- en bebouwingsbeeld en de verkeersveiligheidsbelangen niet onevenredig worden geschaad.
bestemmingsplan
67
bestemmingsplan Da Costastraat 11
Artikel 11 11.1
Algemene wijzigingsregels
Algemeen
Burgemeester en Wethouders kunnen, overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening het plan wijzigen ten aanzien van: a. het aanbrengen van wijzigingen in de plaats, richting en/of afmetingen van bestemmingsgrenzen ten behoeve van de praktische uitvoering van het plan met dien verstande dat de afwijking ten hoogste 5 meter mag bedragen, mits het wijzigingen betreft waarbij geen belangen van derden worden geschaad, dan wel ter correctie van afwijkingen of onnauwkeurigheden op de verbeelding; b. het aanpassen van opgenomen regels in de voorafgaande artikelen, waarbij verwezen wordt naar een wet, een algemene maatregel van bestuur, een verordening, een richtlijn of een andere wettelijke regeling, indien deze wordt gewijzigd.
68
bestemmingsplan
bestemmingsplan Da Costastraat 11
Artikel 12 12.1
Overige regels
Voorwaardelijke verplichting parkeren
Burgemeester en wethouders verlenen slechts een omgevingsvergunning voor het bouwen, het uitbreiden en het wijzigen van de functie van gebouwen en gronden, met inachtneming van het de voor het gebied ten tijde van de indiening van de aanvraag geldende parkeernormenbeleid, indien: a. bij de aanvraag aangetoond wordt dat het gebruik van gronden of bouwwerken waarbij op eigen terrein en/of onmiddellijke omgeving bij de ontwikkeling in voldoende parkeergelegenheid voor zowel bewoners als bezoekers wordt voorzien en deze in stand gehouden wordt; b. of aangetoond wordt dat het voldoen aan deze regels door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; c. voor zover op andere wijze in de nodige parkeer- of stallingruimte wordt voorzien. Met dien verstande dat de omgevingsvergunning alsdan uitsluitend wordt verleend indien de verwachte effecten inzichtelijk zijn gemaakt en is aangetoond op welke wijze de hinder voor de directe omgeving geminimaliseerd wordt. 12.2
Voorwaardelijke verplichting laad- en losruimte
Burgemeester en wethouders verlenen slechts een omgevingsvergunning voor het bouwen, het uitbreiden en het wijzigen van de functie van gebouwen en gronden indien: a. bij de aanvraag aangetoond wordt dat het gebruik van gronden of bouwwerken waarbij op eigen terrein en/of onmiddellijke omgeving bij de ontwikkeling in voldoende mate in de behoefte aan ruimte voor het laden en lossen van goederen wordt voorzien en deze in stand gehouden wordt. b. of aangetoond wordt dat het voldoen aan deze regels door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; c. voor zover op andere wijze in de nodige laad- en losruimte wordt voorzien. Met dien verstande dat de omgevingsvergunning alsdan uitsluitend wordt verleend indien de verwachte effecten inzichtelijk zijn gemaakt en is aangetoond op welke wijze de hinder voor de directe omgeving geminimaliseerd wordt. 12.3
Strijdig gebruik
Tot een strijdig gebruik wordt in ieder geval gerekend het gebruik van gronden en bouwwerken met een parkeerbehoefte dan wel een behoefte aan ruimte voor het laden en lossen van goederen zonder dat hierin in voldoende mate is voorzien conform artikel 12.1 en artikel 12.2.
bestemmingsplan
69
bestemmingsplan Da Costastraat 11
Hoofdstuk 4 Artikel 13 13.1
OVERGANGS- EN SLOTREGELS
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken
13.1.1 Algemeen Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 13.1.2 Vergroten inhoud Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde in 13.1.1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in 13.1.1 met maximaal 10%. 13.1.3 Uitzondering Het bepaalde in 13.1.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsregels van dat plan. 13.2
Overgangsrecht gebruik
13.2.1 Algemeen Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. 13.2.2 Strijdig gebruik Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in 13.2.1, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 13.2.3 Onderbroken gebruik Indien het gebruik, bedoeld in 13.2.1 na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 13.2.4 Uitzondering Het bepaalde in 13.2.1 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsregels van dat plan.
70
bestemmingsplan
bestemmingsplan Da Costastraat 11
Artikel 14
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan Da Costastraat 11 Behoort bij het besluit van de raad der gemeente Veenendaal d.d. 16 september 2021 tot vaststelling van het bestemmingsplan Da Costastraat 11 Mij bekend, de griffier.
bestemmingsplan
71
bestemmingsplan
DA COSTASTRAAT 11
bestemmingsplan Da Costastraat 11
Bijlagen Bijlage 1
Bodemonderzoek
Bijlage 2
Ecologisch onderzoek
Bijlage 3
Akoestisch onderzoek
Bijlage 4
Watertoets
Bijlage 5
Verslag burgerparticipatie
1
bestemmingsplan
VERKENNEND BODEMONDERZOEK Da Costastraat 11 Veenendaal kenmerk PJ Milieu BV: 19062901A
VERKENNEND BODEMONDERZOEK Da Costastraat 11 Veenendaal kenmerk PJ Milieu BV: 19062901A
opdrachtgever:
Bouwkundig Tekenbureau M. v. Roest te Bennekom
datum rapport:
23 augustus 2019
kenmerk:
19062901A
status:
Definitief
uitgevoerd door:
PJ Milieu BV
projectleider en rapporteur:
H. Mark MSc | mark@pjmilieu.nl
autorisatie:
ir. H.J.R. van Dasselaar
PJ Milieu BV | Nijverheidsstraat 21 | 3861 RJ Nijkerk | 033-2458511 | info@pjmilieu.nl | www.pjmilieu.nl
INHOUDSOPGAVE SAMENVATTING ........................................................................................................ 4 1
INLEIDING ........................................................................................................... 5
2
VOORONDERZOEK ................................................................................................ 6 2.1 Werkwijze ................................................................................................... 6 2.2 Resultaten vooronderzoek ............................................................................. 6 2.2.1 Onderzoekslocatie .............................................................................. 6 2.2.2 Omgeving.......................................................................................... 7 2.3 Hypothese en onderzoeksopzet ...................................................................... 8
3
VELDONDERZOEK ................................................................................................. 9 3.1 Uitvoering ................................................................................................... 9 3.2 Resultaten .................................................................................................. 9
4
LABORATORIUMONDERZOEK ................................................................................ 11 4.1 Uitvoering .................................................................................................. 11 4.2 Analyseresultaten ....................................................................................... 11 4.3 Uitsplitsing MM-1 ........................................................................................ 13
5
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ......................................................................... 14 5.1 Conclusies.................................................................................................. 14 5.2 Aanbevelingen ............................................................................................ 14
BIJLAGEN 1 | Boorprofielen met legenda en verklaring onafhankelijkheid uitvoering veldwerk 2 | Analysecertificaten 3 | Toetsing analyseresultaten 4 | Achtergrondinformatie 5 | Kadastrale kaart, topografisch overzicht en tekening
Verkennend bodemonderzoek
SAMENVATTING1 In augustus 2019 is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. De onderzoekslocatie bevindt zich ter plaatse van de Da Costastraat 11 te Veenendaal. Aanleiding tot het uitvoeren van het onderzoek is de aanvraag van een omgevingsvergunning. In tabel 1 zijn de uitvoering en de resultaten van het onderzoek schematisch weergegeven. Tabel 1
Onderzoeksopzet, resultaten voor- en bodemonderzoek
Onderzoeksopzet Werkwijze vooronderzoek
NEN 5725, aanleiding A
Strategie bodemonderzoek
NEN 5740, onverdachte locatie
Vooronderzoek Oppervlakte onderzoekslocatie
478 m²
Gebruik locatie
Bedrijfspand
Bijzonderheden
-
Bodemonderzoek Bodemopbouw tot 3,4 m-mv
Zand met een humeuze bovenlaag
Grondwaterstand
2,2 m-mv
Bijmengingen of bijzonderheden
Onder de vloer is plaatselijk oud straatwerk aanwezig
Analyseresultaten
bovengrond
Licht: lood, zink, PAK* en minerale olie
ondergrond
Geen verhoogde gehalten
grondwater
Geen verhoogde gehalten
* PAK is in eerste aanleg in een mengmonster matig verhoogd aangetoond
Eindconclusie Geconcludeerd wordt dat de hypothese 'onverdachte locatie' geen stand houdt. Enkele parameters zijn licht verhoogd aangetoond. Een aanvullend onderzoek met een gewijzigde hypothese wordt echter niet noodzakelijk geacht. De vastgestelde milieuhygiënische bodemkwaliteit vormt geen belemmering voor de aanvraag van een omgevingsvergunning. Aanbevelingen De onderzoeksresultaten geven geen aanleiding om aanvullend of nader bodem- of asbest in grondonderzoek te adviseren. Bij afvoer van grond of verhardingsmaterialen van de locatie kan een aanvullend onderzoek verlangd worden.
1
Voor een juiste interpretatie van de uitvoering en resultaten van het onderzoek dient de gehele rapportage te worden gelezen
19062901A | Da Costastraat 11 Veenendaal
4
Verkennend bodemonderzoek
1
INLEIDING
In opdracht van Bouwkundig Tekenbureau M. v. Roest te Bennekom is door PJ Milieu BV in augustus 2019 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. De onderzoekslocatie bevindt zich ter plaatse van de Da Costastraat 11 te Veenendaal. Aanleiding Aanleiding tot het uitvoeren van het onderzoek is de aanvraag van een omgevingsvergunning. Normering en verantwoording Voorafgaand aan het veld- en laboratoriumonderzoek is vooronderzoek uitgevoerd volgens de NEN 57252, aanleiding A3. Het aansluitend uitgevoerde verkennend bodemonderzoek is gebaseerd op de NEN 57404. Doelstelling Het doel van het vooronderzoek is inzicht krijgen in de mogelijke aanwezigheid van verontreinigingen op de onderzoekslocatie. Het doel van het verkennend bodemonderzoek is het vaststellen van de actuele bodemkwaliteit. Een nadere uitwerking van deze doelstelling is omschreven in paragraaf 2.3. Indeling rapport In de rapportage worden de wijze van uitvoering en de resultaten van het onderzoek besproken. Op de volgende pagina’s geven wij de resultaten van het vooronderzoek en het veld- en laboratoriumonderzoek weer. Het rapport sluit af met conclusies en aanbevelingen. Verantwoording Dit onderzoek is uitgevoerd met de grootst mogelijke nauwkeurigheid en conform de daarvoor opgestelde normen en richtlijnen.
Desondanks dient opgemerkt te worden dat een bodemonderzoek slechts bestaat uit een steekproef, waarbij een relatief gering aantal boringen en analyses uitgevoerd worden. Het kan niet geheel uitgesloten worden dat op de locatie een verontreiniging aanwezig is, die bij dit onderzoek niet aangetroffen is. Een onderzoek heeft over het algemeen een geldigheid van maximaal vijf jaar. De exacte geldigheidstermijn is afhankelijk van het gebruik van de locatie en het bevoegd gezag dat het onderzoek beoordeelt. Tenslotte wordt opgemerkt dat PJ Milieu BV geen financieel of zakelijk belang heeft bij de kwaliteit van de onderzochte locatie.
2 3
4
NEN 5725, Bodem. Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, Delft 2017 De (verplicht) te onderzoeken aspecten worden in de NEN 5725 afhankelijk gesteld van de aanleiding van het onderzoek. Aanleiding A is als volgt geformuleerd: opstellen hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek NEN 5740, Bodem. Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek, Delft 2009
19062901A | Da Costastraat 11 Veenendaal
5
Verkennend bodemonderzoek
2
VOORONDERZOEK
2.1
Werkwijze
Het vooronderzoek heeft betrekking op de onderzoekslocatie en de omgeving. De volgende bronnen zijn geraadpleegd: het Kadaster; de opdrachtgever; de ODRU en RUD Utrecht; het Bodemloket en Topoptijdreis.nl; de Grondwaterkaart van Nederland, de Bodemkaart van Nederland en/of het DINOloket. Voorafgaand aan de uitvoering van het bodemonderzoek zijn de onderzoekslocatie en de omgeving geïnspecteerd. Onder bijlage 5 zijn opgenomen: een kadastrale kaart; het topografisch overzicht; een situatietekening. In paragraaf 2.2 wordt het één en ander verwoord en geïnterpreteerd weergegeven. Daarnaast wordt relevante aanvullende informatie verstrekt. 2.2
Resultaten vooronderzoek
2.2.1 Onderzoekslocatie Topografische en algemene gegevens Enkele (topografische) gegevens van de onderzoekslocatie zijn weergegeven in tabel 2. Tabel 2
Topografische en algemene gegevens locatie
Algemeen Adres onderzoekslocatie
Da Costastraat 11 Veenendaal
Gemeente Kadastrale aanduiding
Gemeente Veenendaal, sectie B, perceel 3784
Artikel 55
Ten aanzien van dit perceel zijn geen aantekeningen in het kader van het artikel 55 Wet bodembescherming opgenomen. Dit houdt in dat bij het Kadaster geen bodeminformatie geregistreerd is
Oppervlakte perceel / onderzoekslocatie
Circa 478 m²
Huidig gebruik Op Da Costastraat 11 is een bedrijfspand gesitueerd, welke in gebruik is bij horecagerelateerde bedrijven. De locatie is uitpandig voorzien van een tegelverharding. Tijdens de visuele inspectie van de locatie zijn geen bodembedreigende activiteiten aangetroffen. Te denken valt hierbij aan (ondergrondse) brandstoftanks of een relevante opslag van vloeistoffen. In bijlage 5 is een situatietekening opgenomen. Historisch gebruik Er zijn geen relevante gegevens bekend met betrekking tot voormalige/historische bodembedreigende activiteiten. Te denken valt daarbij aan (ondergrondse) brandstoftanks, calamiteiten, ophogingen of dempingen. Dergelijke activiteiten kunnen aanleiding geven om bodemverontreiniging ter plaatse van de onderzoekslocatie te verwachten. 19062901A | Da Costastraat 11 Veenendaal
6
Verkennend bodemonderzoek
De locatie is van oorsprong een slagerij met slachtplaats. Er is een put aanwezig, het exacte doel is niet bekend, maar vermoedelijk betreft het wegspoelen van waswater. Van de locatie is geen bodeminformatie (bijvoorbeeld een voorgaand bodemonderzoek of een bodemsanering) bekend. Toekomstig gebruik Men is voornemens ter plaatse van de onderzoekslocatie nieuwbouw van een woning te realiseren. Asbest Om vast te stellen of de bodem van de locatie op voorhand verdacht is op aanwezigheid van asbest, zijn de volgende acties uitgevoerd: raadplegen asbestkansenkaart; globale inspecteren van de locatie (maaiveld en gebouwen); bestuderen luchtfoto’s; verzamelen informatie over ophogingen, dempingen en/of stort afval of puin. Bij de gelijktijdig door ons bureau uitgevoerde asbestinventarisatie (nog niet alle gebouwdelen geinspecteerd) zijn nog geen asbesthoudende materialen aangetroffen. De genoemde werkzaamheden hebben niet geleid tot de hypothese ‘asbestverdachte locatie’. 2.2.2 Omgeving Definiëring omgeving De omgeving wordt gedefinieerd als de onderzoekslocatie en de directe omgeving tot een afstand van maximaal 25 meter. Gebruik De onderzoekslocatie is gelegen in een omgeving welke te karakteriseren is als een woongebied. Voor zover bekend blijft dit gebruik ongewijzigd. Bodeminformatie Het ten zuiden gelegen terrein was vroeger een gasfabriek.
Hier is een sanering uitgevoerd. Er zijn restverontreinigingen achtergebleven. Deze bevinden zich echter op voldoende afstand van de huidige onderzoekslocatie. Bodembedreigende activiteiten Van de directe omgeving zijn verder geen relevante gegevens bekend met betrekking tot (voormalige) bodembedreigende activiteiten. Voorbeelden zijn (ondergrondse) brandstoftanks, een olie-benzine-afscheider of calamiteiten. Deze kunnen aanleiding geven om bodemverontreiniging ter plaatse van de onderzoekslocatie te verwachten. Bodemopbouw en geohydrologie De locatie is opgenomen in rapport GWK-16 en gelegen op kaartblad 39 oost. Regionaal bestaat de bodem tot circa 10 meter min maaiveld (m-mv) uit zand. De regionale grondwaterstroming in het eerste watervoerende pakket is noordoostelijk gericht. De onderzoekslocatie bevindt zich in een grondwaterbeschermingsgebied (boringsvrije zone) Achtergrondgehalten De gemeente Veenendaal beschikt over een (regionale) bodemkwaliteitskaart. De uitkomsten van het onderzoek kunnen met de in deze kaart genoemde achtergrondgehalten worden vergeleken. Over het algemeen vindt dit echter alleen plaats als in de grondmonsters matig of sterk verhoogde gehalten zijn aangetoond.
19062901A | Da Costastraat 11 Veenendaal
7
Verkennend bodemonderzoek
2.3
Hypothese en onderzoeksopzet
Op basis van de resultaten van het vooronderzoek wordt niet verwacht dat op de locatie sprake zal zijn van aanwezigheid van bodemverontreiniging. Het verkennend bodemonderzoek wordt uitgevoerd conform de NEN 5740, onderzoeksstrategie voor een onverdachte niet-lijnvormige locatie (ONV-NL). Het doel van het verkennend bodemonderzoek in deze situatie is aan te tonen dat op de onderzoekslocatie redelijkerwijs gesproken geen verontreinigende stoffen aanwezig zijn in de grond of het freatisch grondwater in gehalten boven respectievelijk de achtergrondwaarde en de streefwaarde. De locatie heeft een oppervlakte van 478 m². In tabel 3 zijn de uit te voeren veld- en laboratoriumwerkzaamheden schematisch weergegeven. De werkzaamheden zijn gebaseerd op de in tabel genoemde strategie. Tabel 3
Onderzoeksstrategie en veld- en laboratoriumonderzoek
Onderzoeksstrategie voor een onverdachte niet-lijnvormige locatie (ONV-NL) Veldonderzoek Aantal boringen en peilbuizen
1
Laboratoriumonderzoek Aantal (meng)monsters
Boring tot
èn boring tot
èn boring met
0,5 m
grondwater1
peilbuis
Bovengrond
Grond Ondergrond
Grondwater
2
1
1
1
1
1
indien de grondwaterspiegel zich ondieper dan 1,0 m-mv bevindt, geldt een boordiepte van 1,0 m. Indien de grondwaterspiegel zich dieper dan 2,0 m-mv bevindt, geldt een boordiepte van 2,0 m.
Aanvullend onderzoek naar asbest in de bodem wordt, op basis van de resultaten van het vooronderzoek, op voorhand niet noodzakelijk geacht.
19062901A | Da Costastraat 11 Veenendaal
8
Verkennend bodemonderzoek
3
VELDONDERZOEK
3.1
Uitvoering
Het veldonderzoek is uitgevoerd door minimaal 1 gecertificeerd persoon van PJ Milieu BV (bijlage 1, verklaring onafhankelijkheid uitvoering veldwerk) conform de Beoordelingsrichtlijn voor het SIKB-procescertificaat voor veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek (BRL SIKB 2000) en de protocollen 20015 en 20026. Op 8 augustus 2019 is het veldwerk uitgevoerd als omschreven in paragraaf 2.3. De verrichte boringen en de geplaatste peilbuis zijn gecodeerd vanaf nr. 1. Het grondwater is bemonsterd op 15 augustus 2019. Gelijktijdig zijn de stand, de zuurgraad (pH), het geleidingsvermogen (ec) en de troebelheid van het grondwater bepaald. De situering van de boorpunten is aangegeven op de tekening (bijlage 5). Een uitgebreide omschrijving van de onderzoeksmethodiek is opgenomen in bijlage 4. 3.2
Resultaten
In bijlage 1 is van elke boring een boorprofiel opgenomen. De globale bodemopbouw van de locatie is in tabel 4 omschreven. Tabel 4
Globale bodemopbouw onderzoekslocatie
Traject (m-mv)
Lithologische beschrijving
0,0 – 1,0
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus
1,0 – 3,4
Zand, matig fijn, zwak siltig
m-mv
=
meter minus maaiveld
Zintuiglijke waarnemingen vaste bodem Onder de vloer ter plaatse van boring 1 bevindt zich een laag oud straatwerk (niet asbestverdacht), bij het doorboren/hakken van deze laag is deze vermengd geraakt met de onderliggende bodem. Bij de overige boringen zijn geen bijzonderheden (waaronder olieindicaties) of bijmengingen aangetroffen, die kunnen duiden op aanwezigheid van bodemverontreiniging. Op het maaiveld en in het omhoog gebrachte materiaal zijn ook geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Grondwaterstand, zuurgraad, geleidingsvermogen en troebelheid In tabel 5 zijn de resultaten van de veldmetingen aan het grondwater schematisch weergegeven. Tabel 5
Veldmetingen grondwater
Peilbuis
Datum monstername
Grondwaterstand (m-mv)
Zuurgraad (-)
Geleidbaarheid (µS/cm)
Troebelheid (NTU)
1
15 augustus 2019
2,2
6,5
365
2,72
De in tabel 5 genoemde waarden aan zuurgraad, geleidbaarheid en troebelheid kunnen als normaal beschouwd worden. 5
6
Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen Het nemen van grondwatermonsters
19062901A | Da Costastraat 11 Veenendaal
9
Verkennend bodemonderzoek
Zintuiglijke waarnemingen grondwater In tabel 6 zijn de zintuiglijke waarnemingen bij de watermonstername schematisch weergegeven. Tabel 6 Peilbuis
1
Zintuiglijke waarnemingen grondwater Bijzonderheden
Goed-/slechtlopend
Belucht
Geen
Goedlopend
Nee
19062901A | Da Costastraat 11 Veenendaal
10
Verkennend bodemonderzoek
4
LABORATORIUMONDERZOEK
4.1
Uitvoering
De verzamelde monsters zijn ter analyse aangeboden aan het RvA-geaccrediteerde laboratorium Eurofins Analytico Milieu B.V. te Barneveld. De resultaten van het veldonderzoek geven geen aanleiding meerdere (meng)monsters te onderzoeken of andere analyses uit te voeren dan conform de gehanteerde strategie (zie paragraaf 2.3). In tabel 7 zijn de monsteromschrijvingen en de stoffen waarop de betreffende monsters zijn onderzocht, schematisch weergegeven. Tabel 7
Monsteromschrijvingen en geanalyseerde parameters
Monstercode
Boringen
Traject (m-mv)*
Geanalyseerde parameters
MM-1
1
0,15 - 1,0
Standaardpakket bodem7, lutum en organische stof
MM-2
1 en 2
1,5 - 2,0
Standaardpakket bodem, lutum en organische stof
1
2,4 - 3,4
Standaardpakket grondwater8
Grond
Grondwater 1-1-1 MM *
4.2
= =
mengmonster het betreft de minimale en maximale monsternamediepte. Op het analysecertificaat is het monsternametraject per boring weergegeven
Analyseresultaten
De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 2. De analyseresultaten zijn getoetst met behulp van BoToVa aan de achtergrond-/streef9- en interventiewaarden. Informatie over het toetsingskader is opgenomen in bijlage 4. De analyseresultaten van de grond zijn ook indicatief 10 getoetst volgens het Besluit11 en de Regeling12 bodemkwaliteit. Deze toetsing geeft een indicatie van toepassingsmogelijkheden zodra grond wordt afgevoerd. De toetsing doet geen uitspraak over de (gezondheids)risico’s bij het gebruik van de grond.
7
8
9
10
11 12
Droge stof, metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, molybdeen, nikkel, lood en zink), minerale olie (GC), PAK (10) en PCB (7) Metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, molybdeen, nikkel, lood en zink), aromaten (BTEXN), styreen, VOCL (11), vinylchloride, 1,1 dichlooretheen, chloorpropanen (3), bromoform en minerale olie (GC) Het betreffen de door de gemeente vastgestelde locatiespecifieke achtergrondwaarden (zie bodemkwaliteitskaart) en/of de landelijk vastgestelde generieke waarden (AW2000) Mogelijke klassen zijn: ‘Altijd toepasbaar’, ‘Klasse Wonen’, ‘Klasse Industrie’, ‘Niet toepasbaar’ en ‘Nooit toepasbaar’ Besluit van 22 november 2007 Regeling van 13 december 2007, nr. DJZ2007124397. Tevens zijn navolgende wijzigingen van de Regeling van toepassing
19062901A | Da Costastraat 11 Veenendaal
11
Verkennend bodemonderzoek
In onderstaande tabellen is het resultaat van de toetsing verwoord 13 opgenomen voor respectievelijk de grond en het grondwater. Tabel 8
Monsteromschrijving grond(meng)monsters en resultaat toetsing
Monstercode
Boringen
Grondsoort*
Bijmengingen**
Resultaat toetsing***
Klasseindeling****
1
Grond
Baksteen, beton
Matig: PAK (22) Licht: lood (38), zink (76) en minerale olie (120)
Industrie
1 en 2
Zand
-
-
Altijd toepasbaar
Bovengrond MM-1
Ondergrond MM-2
MM * ** ***
-
****
= = = = = =
Tabel 9
mengmonster indeling in hoofdnamen: zand, grond (humeus zand), klei, leem of veen voor de mate en voor meer details wordt verwezen naar de boorprofielen in bijlage 1 mate van verhoging (licht, matig of sterk). Tussen haakjes het gemeten gehalte in mg/kg d.s. geen bijmengingen of geen verhoogde gehalten boven de achtergrondwaarden betreft indicatieve toetsing aan Besluit en Regeling bodemkwaliteit met het oog op afvoer en hergebruik van grond
Monsteromschrijving grondwater en resultaat toetsing
Monstercode
Peilbuis
Resultaat toetsing*
1-1-1
1
-
*
-
= =
mate van verhoging (licht, matig of sterk). Tussen haakjes het gemeten gehalten in µg/l geen verhoogde gehalten boven de streefwaarden
13
niet verhoogd: het gehalte overschrijft de achtergrond-/streefwaarde niet; er is in principe sprake van een ‘schoon’ monster (NB: ook de als licht verhoogd gerapporteerde ‘parameters * factor 0,7’ kunnen als ‘niet verhoogd’ worden beschouwd, indien alle individuele parameters de detectiegrens AS3000 niet overschrijden) licht verhoogd: het gehalte overschrijdt de achtergrond-/streefwaarde, maar de tussenwaarde (het gemiddelde van de achtergrond-/streef- en interventiewaarde) wordt niet overschreden. De verontreiniging is naar verwachting dermate gering dat veelal geen nadere actie (onderzoek of sanering) noodzakelijk is matig verhoogd: het gehalte overschrijdt de tussenwaarde. Nader onderzoek kan worden aanbevolen om te bepalen of er inderdaad sprake is van relevante bodemverontreiniging sterk verhoogd: het gehalte overschrijdt de interventiewaarde. Nader onderzoek naar de aard, mate, omvang en oorzaken van de verontreiniging is in de meeste gevallen noodzakelijk
19062901A | Da Costastraat 11 Veenendaal
12
Verkennend bodemonderzoek
4.3
Uitsplitsing MM-1
Op basis van de analyseresultaten is besloten de deelmonsters van het mengmonster MM-1 separaat te analyseren op PAK inclusief lutum en humus. Aanvullend is een extra mengmonster van de humeuze zandlaag geanalyseerd op PAK. De analyseresultaten inclusief toetsing zijn in onderstaande tabel weergegeven. Tabel 10
Monsteromschrijving grond(meng)monsters en resultaat toetsing
Monstercode (en traject)
Boring
Grondsoort
Bijmengingen
Resultaat toetsing
1-1 (0,15 – 0,5)
1
Grond
Baksteen, beton
Licht: PAK (19)
1-2 (0,5 – 1,0)
1
Grond
Baksteen, beton
Licht: PAK (14)
3 4
Grond
-
Licht: PAK (4,5)
MM-1
MM-3 (0,1 – 0,5) (0,15 – 0,5)
19062901A | Da Costastraat 11 Veenendaal
13
Verkennend bodemonderzoek
5
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
5.1
Conclusies
Op basis van de resultaten van het uitgevoerde vooronderzoek is geconcludeerd dat de onderzoekslocatie onverdacht is ten aanzien van bodemverontreiniging. De opzet van het bodemonderzoek is gebaseerd op de onderzoeksstrategie voor een onverdachte nietlijnvormige locatie (ONV-NL). Geconcludeerd wordt dat de hypothese 'onverdachte locatie' geen stand houdt. Enkele parameters zijn licht verhoogd aangetoond. Een aanvullend onderzoek met een gewijzigde hypothese wordt echter niet noodzakelijk geacht. De vastgestelde milieuhygiënische bodemkwaliteit vormt geen belemmering voor de aanvraag van een omgevingsvergunning. 5.2
Aanbevelingen
De onderzoeksresultaten geven geen aanleiding om aanvullend of nader bodem- of asbest in grondonderzoek te adviseren. Het onderzoek is onder Kwalibo (een onderdeel van het Besluit bodemkwaliteit) uitgevoerd. Het betreft echter geen partijkeuring. Bij afvoer van grond of verhardingsmaterialen van de locatie kan er sprake zijn van verwerkingskosten. Door derden kan, ongeacht de resultaten van dit bodemonderzoek, een keuring van de af te voeren partij verlangd worden.
19062901A | Da Costastraat 11 Veenendaal
14
Bijlage | 1
Boorprofielen met legenda Verklaring onafhankelijkheid uitvoering veldwerk
Boring:
1
Boring:
2
Datum: Boormeester:
08-08-2019 Tim van Vooren
Datum: Boormeester:
08-08-2019 Tim van Vooren
0
0
beton
15
Betonboor
50
Betonboor Zand, matig fijn, zwak siltig, licht bruinbeige, Edelmanboor
1 50
2
2 100
100
beton
20
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sterk baksteenhoudend, sporen beton, donkerbruin, Betonboor
1
0
0
100
Zand, matig fijn, zwak siltig, licht bruinbeige, Betonboor 3
3
150
150 4
4
200
200
200 5
250
300
340
Boring:
3
Boring:
4
Datum: Boormeester:
08-08-2019 Tim van Vooren
Datum: Boormeester:
08-08-2019 Tim van Vooren
0 4 10
0
tegel
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, Asfaltboor 1 50
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Asfaltboor
Projectcode: 19062901A Locatie: Veenendaal, Da Costastraat 11 Schaal: 1: 40 Getekend volgens NEN 5104
0 6
klinker
15
Zand, matig fijn, zwak siltig, Asfaltboor
1 50
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Asfaltboor
Legenda (conform NEN 5104) grind
klei
geur
Grind, siltig
Klei, zwak siltig
Grind, zwak zandig
Klei, matig siltig
geen geur zwakke geur matige geur sterke geur
Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
Grind, uiterst zandig
Klei, zwak zandig
uiterste geur
olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie Klei, matig zandig
Klei, sterk zandig
zand
uiterste olie-water reactie
p.i.d.-waarde >0
Zand, kleiïg
>1 >10 Zand, zwak siltig
>100
leem
>1000
Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
>10000
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
monsters geroerd monster
Zand, uiterst siltig
overige toevoegingen zwak humeus
veen Veen, mineraalarm
matig humeus
ongeroerd monster volumering
overig bijzonder bestanddeel
Veen, zwak kleiïg
sterk humeus
Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand
Veen, sterk kleiïg
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
Veen, sterk zandig
sterk grindig
Gemiddeld laagste grondwaterstand slib
water
peilbuis blinde buis
casing
hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting
grind afdichting filter
VERKLARING ONAFHANKELIJKHEID UITVOERING VELDWERK
Projectcode: Locatie: Projectleider:
19062901A Da Costastraat 11 Veenendaal Henk Mark
BRL SIKB:
1000 2000 2100 6000
Monsterneming voor partijkeuringen Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek Mechanisch boren Milieukundige begeleiding van (water)bodemsaneringen en nazorg
Protocollen:
1001 1002 2001
2002 2003 2018 2101 6001
6002
Monsterneming voor partijkeuringen grond en baggerspecie Monsterneming voor partijkeuringen niet-vormgegeven bouwstoffen Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen Het nemen van grondwatermonsters Veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek Locatie-inspectie en monsterneming van asbest in bodem Mechanisch boren Milieukundige begeleiding landbodemsanering met conventionele methoden Milieukundige begeleiding van landbodemsanering met in-situ methoden
Ik verklaar dat het veldwerk onafhankelijk van de opdrachtgever is uitgevoerd conform de eisen van de BRL SIKB 2000 en de daarbij behorende protocollen. Naam: T.F. van Vooren
G. van Setten
Handtekening:
Bijlage | 2
Analysecertificaten
PJ Milieu BV T.a.v. Henk Mark Nijverheidsstraat 21 3861 RJ NIJKERK
Analysecertificaat Datum: 15-Aug-2019
Hierbij ontvangt u de resultaten van het navolgende laboratoriumonderzoek. Certificaatnummer/Versie Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Monster(s) ontvangen
2019115528/1 19062901A Veenendaal, Da Costastraat 11 08-Aug-2019
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. De analyse resultaten hebben alleen betrekking op het beproefde object. De grondmonsters worden tot 4 weken na datum ontvangst bewaard en watermonsters tot 2 weken na datum ontvangst. Zonder tegenbericht worden de monsters nadien afgevoerd. Indien de monsters langer bewaard dienen te blijven verzoeken wij U dit exemplaar uiterlijk 1 werkdag voor afloop van de standaardbewaarperiode ondertekend aan ons te retourneren. Voor de kosten van het langer bewaren van monsters verwijzen wij naar de prijslijst.
Bewaren tot: Datum:
Naam:
Handtekening:
Wij vertrouwen erop uw opdracht hiermee naar verwachting te hebben uitgevoerd, mocht U naar aanleiding van dit analysecertificaat nog vragen hebben verzoeken wij U contact op te nemen met de afdeling Verkoop en Advies.
Met vriendelijke groet, Eurofins Analytico B.V.
Ing. A. Veldhuizen Technical Manager
Eurofins Analytico B.V. Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Fax +31 (0)34 242 63 99 IBAN: NL71BNPA0227924525 E-mail info-env@eurofins.nl BIC: BNPANL2A Site www.eurofins.nl KvK/CoC No. 09088623 BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer
19062901A Veenendaal, Da Costastraat 11
Monsternemer Monstermatrix
Tim van Vooren Grond (AS3000) Eenheid
Analyse
Certificaatnummer/Versie Startdatum Rapportagedatum Bijlage Pagina
1
2
Uitgevoerd
Uitgevoerd
86.5
89.9
2019115528/1 09-Aug-2019 15-Aug-2019/16:11 A,B,C 1/2
Voorbehandeling
Cryogeen malen AS3000 Bodemkundige analyses
S
Droge stof
S
Organische stof
% (m/m) ds
2.8
<0.7
Gloeirest
% (m/m) ds
97.1
99.3
Korrelgrootte < 2 µm (Lutum)
% (m/m) ds
<2.0
<2.0
S
% (m/m)
Metalen
S
Barium (Ba)
mg/kg ds
38
<20
S
Cadmium (Cd)
mg/kg ds
0.20
<0.20
S
Kobalt (Co)
mg/kg ds
3.7
<3.0
S
Koper (Cu)
mg/kg ds
14
<5.0
S
Kwik (Hg)
mg/kg ds
0.089
<0.050
S
Molybdeen (Mo)
mg/kg ds
<1.5
<1.5
S
Nikkel (Ni)
mg/kg ds
6.9
<4.0
S
Lood (Pb)
mg/kg ds
38
<10
S
Zink (Zn)
mg/kg ds
76
<20
Minerale olie (C10-C12)
mg/kg ds
<3.0
<3.0
Minerale olie (C12-C16)
mg/kg ds
<5.0
<5.0
Minerale olie (C16-C21)
mg/kg ds
17
<5.0
Minerale olie (C21-C30)
mg/kg ds
62
<11
Minerale olie (C30-C35)
mg/kg ds
26
<5.0
Minerale olie (C35-C40)
mg/kg ds
9.9
<6.0
Minerale olie totaal (C10-C40)
mg/kg ds
120
<35
Minerale olie
S
Zie bijl.
Chromatogram olie (GC) Polychloorbifenylen, PCB
S
PCB 28
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
S
PCB 52
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
S
PCB 101
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
Nr. Monsteromschrijving
1
MM-1
2
MM-2
Datum monstername
Monster nr.
08-Aug-2019 08-Aug-2019
10867868 10867869
Q: door RvA geaccrediteerde verrichting A: AP04 erkende verrichting S: AS SIKB erkende verrichting V: VLAREL erkende verrichting
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV IBAN: NL71BNPA0227924525 en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), BIC: BNPANL2A het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) KvK/CoC No. 09088623 en door de overheid van Luxemburg (MEV). BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
TESTEN RvA L010
Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer
19062901A Veenendaal, Da Costastraat 11
Monsternemer Monstermatrix
Tim van Vooren Grond (AS3000)
Certificaatnummer/Versie Startdatum Rapportagedatum Bijlage Pagina
Analyse
Eenheid
1
2
S
PCB 118
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
S
PCB 138
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
S
PCB 153
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
S
PCB 180
mg/kg ds
<0.0010
S
PCB (som 7) (factor 0,7)
mg/kg ds
0.0049
2019115528/1 09-Aug-2019 15-Aug-2019/16:11 A,B,C 2/2
<0.0010 1)
0.0049
1)
Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK
S
Naftaleen
mg/kg ds
0.13
<0.050
S
Fenanthreen
mg/kg ds
0.91
<0.050
S
Anthraceen
mg/kg ds
0.84
<0.050
S
Fluorantheen
mg/kg ds
3.6
0.063
S
Benzo(a)anthraceen
mg/kg ds
3.3
0.062
S
Chryseen
mg/kg ds
2.6
0.059
S
Benzo(k)fluorantheen
mg/kg ds
1.6
<0.050
S
Benzo(a)pyreen
mg/kg ds
3.6
0.073
S
Benzo(ghi)peryleen
mg/kg ds
2.3
0.050
S
Indeno(123-cd)pyreen
mg/kg ds
2.8
<0.050
S
PAK VROM (10) (factor 0,7)
mg/kg ds
22
0.48
Nr. Monsteromschrijving
1
MM-1
2
MM-2
Datum monstername
Monster nr.
08-Aug-2019 08-Aug-2019
10867868
Q: door RvA geaccrediteerde verrichting A: AP04 erkende verrichting S: AS SIKB erkende verrichting V: VLAREL erkende verrichting
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV IBAN: NL71BNPA0227924525 en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), BIC: BNPANL2A het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) KvK/CoC No. 09088623 en door de overheid van Luxemburg (MEV). BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
10867869
Akkoord Pr.coörd.
VA TESTEN RvA L010
Bijlage (A) met deelmonsterinformatie behorende bij analysecertificaat 2019115528/1 Pagina 1/1 Barcode
Monstername ID/Monsteromsch.
Monster nr.
Boornr
Omschrijving
Van
Tot
10867868
1
1
15
50
0537585952
MM-1
10867868
1
2
50
100
0537585957
MM-1
10867869
1
4
150
200
0537585950
MM-2
10867869
2
4
150
200
0537118496
MM-2
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC No. 09088623 BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).