CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Kadernota 2026-2029

Gemeenteraad 15 juli 2025, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Kadernota 2026-202910.792 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Zo zijn er in bijvoorbeeld Veenendaal laagdrempelige steunpunten voor inwoners met psychische kwetsbaarheid gestart, wordt er intensief met de huisartsen samengewerkt en komt er een regionaal leefstijlloket. Als het IZA geen vervolg krijgt in het AZWA, kan er ook geen vervolg worden gegeven aan deze activiteiten, wat een negatieve impact kan hebben op de inwoners die betrokken zijn bij deze activiteiten en op de samenwerking met de partners in het IZA-netwerk. Het Meldpunt onbegrepen gedrag wordt mede gefinancierd door de gemeenten Rhenen en Renswoude. De kans bestaat dat Rhenen– gezien de financiële uitdagingen voor deze gemeente- zich terug trekt uit het meldpunt. In dat geval ontstaat een tekort van € 60.000. Daarnaast is inzet van Pro Persona nu nog via IZA gedekt. Zonder AZWA vervalt deze dekking. Wettelijke Zorgplicht Op dit moment wordt de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen (Wsob) geactualiseerd. Eén van de belangrijkste wijzigingen is het opnemen van een zorgplicht voor gemeenten. De zorgplicht wordt ingesteld om te waarborgen dat iedere inwoner binnen een redelijke afstand toegang heeft tot een volwaardige bibliotheek. Vanaf 2026 wordt deze wettelijke zorgplicht voor bibliotheken naar verwachting ingevoerd. Gemeenten ontvangen structureel € 2,90 per inwoner via het gemeentefonds, wat voor Veenendaal neerkomt op circa € 200.000 per jaar vanaf 2027.

Dit is naar verwachting een budgettair neutrale ontwikkeling. Eén Cultuurbedrijf Op 9 juli 2024 is het amendement ‘één cultuurbedrijf’ (A2024.57) aangenomen door de gemeenteraad. De raad wordt in mei geconsulteerd over de verdere uitvoering van het amendement. Hiervoor zijn drie mogelijke scenario’s onderzocht en heeft het college een voorkeursscenario benoemd. De exacte kosten voor de realisatie van het amendement zijn voor een deel afhankelijk van de uitkomst van de raadsconsultatie en zijn daarom nu nog niet volledig in beeld. Wel is in beeld dat de implementatiekosten zullen variëren tussen € 165.000 en € 450.000 (waarbij de implementatiekosten van het meest vergaande scenario nog verder kunnen oplopen, afhankelijk van de schaal en ambitie). Eventuele frictiekosten worden nader uitgewerkt in het plan van aanpak op basis van de uitkomst van de

22

raadsconsultatie. Het plan van aanpak wordt in het vierde kwartaal van 2025 met de raad gedeeld. Landelijke ontwikkelingen rondom financiering Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB) Vanuit het rijk is er onduidelijkheid over de regionale WEB middelen. De signalen zijn nu dat er een korting van 10% wordt doorgevoerd, maar de inhoudelijke toelichting is in korte tijd al meerdere keren gewijzigd. Het is een ontwikkeling waar een grote afhankelijkheid aan hangt voor wat betreft de financiële middelen voor onder andere het Taalhuis en de aanpak van laaggeletterdheid. Overschrijding subsidieregeling vrijwilligerswerk en informele zorg Het subsidieplafond van de subsidieregeling Vrijwilligerswerk en informele zorg is de afgelopen twee jaar overschreden (overschrijding tussen de € 30.000 en € 50.000). De juridische kaders van deze regeling waren niet toereikend om de aanvragen af te kunnen wijzen. Daarnaast zien we ook dat steeds meer vrijwilligersorganisaties de subsidieregeling weten te vinden. Ten tijde van het schrijven van deze kadernota wordt voor 2026 nogmaals een overschrijding voorzien. Dit heeft te maken met het feit dat aanpassing van de regeling een langer tijdsbestek vraagt, terwijl het aanvraagproces voor 2026 (op grond van de Algemene subsidieverordening) in het voorjaar wordt afgerond. Indien nodig komen wij hier in de programmabegroting op terug.

RVT/Proeftuin (Jeugdzorg) Op 23 april 2025 werd ambtelijk bekend gemaakt dat er in de voorjaarsnota middelen ontbreken voor het Toekomstscenario Kind en Gezinsbescherming. Hierdoor komt het Koersbesluit van het ministerie van VWS en V&J, waarin besloten zou worden tot een transitie van de kind- en gezinsbescherming, te vervallen. Dit betekent concreet dat er vanaf 2026 geen incidentele middelen beschikbaar zijn voor hervormen van het stelsel voor kind en gezinsbescherming en kan zodoende vanaf 2026 niet meer geïnvesteerd worden in het beproeven van nieuwe werkwijzen middels proeftuinen die richting geven aan een koersbesluit op basis van het toekomstscenario. In de voorjaarsnota zijn alleen middelen gereserveerd voor het versterken van de lokale teams. De uitdagingen in het stelsel zijn echter dermate groot dat niets doen ook geen optie meer is. Het Ministerie van VWS en V&J werken aan een 'noodplan' voor het vervolg, uiteraard binnen de huidige wettelijke en financiële kaders. Dit noodplan zal anders zijn dan het toekomstscenario en zich mogelijk alleen richten op een optimalisatie van de huidige keten binnen het huidige wettelijke kader. Deze huidige landelijke koerswijziging heeft impact op het verloop van het huidige project binnen de Jeugdhulpregio JeugdFV.

Ontwikkeling in regionale afspraken bekostiging bemoeizorg Door stijgende loonkosten en complexiteit binnen de doelgroep komt de regionale bekostiging van bemoeizorg onder druk te staan. Mogelijk moeten lokale gemeenten (waaronder Veenendaal) financieel bijdragen. Een van de mogelijkheden is dat bepaalde preventieve voorzieningen en interventies die dakloosheid moeten voorkomen bekostigd moeten gaan worden door de lokale gemeenten (tussen de € 170.000 en € 200.000). Wooncoach Eerder heeft de raad middelen beschikbaar gesteld voor een wooncoach. Voor 2026 is er nog grotendeels dekking beschikbaar. Vanaf 2027 is geen budget meer beschikbaar terwijl er o.a. vanuit het nog te ontwikkelen huisvestingsprogramma en de ontwikkelingen bij het Ambacht extra noodzaak aanwezig is om de functie van de wooncoach duurzaam te bestendigen.

23

De wooncoach draagt bij aan doorstroom op de woningmarkt en adviseert inwoners om hun woning toekomstbestendig in te richten. De resultaten tot dusverre hebben aangetoond dat de wooncoach van toegevoegde waarde is voor het gehele huisvestingsprogramma. Groei en Bloei / Verstedelijkingsstrategie (Veenendaal-De Klomp, De Meent) De vraag naar woningen is ook in Veenendaal nog steeds enorm. Het recht op huisvesting is niet alleen vastgelegd in de grondwet, maar een betaalbare en duurzame woning is ook een belangrijke randvoorwaarde voor de bestaanszekerheid van onze inwoners. Om de ontwikkeling van voldoende woningen te kunnen faciliteren is het ook noodzakelijk de stad mee te laten bewegen in deze ontwikkelingen. Denk hierbij aan mobiliteit, voorzieningen, economie, recreatie enzovoort. Hiervoor is in Veenendaal de opgave Groei en Bloei opgezet. Voor de groei en bloei van Veenendaal zetten we ons op verschillende manieren in. Allereerst met de grote hoeveelheid lopende (woningbouw)projecten in de stad (zie hiervoor het projectenboek). Daarnaast werken we in regionaal verband samen aan de vertaling van de door de raden vastgestelde verstedelijkingsstrategie tot concrete nieuwe projecten. In 2026 ronden we de gebiedsverkenningen aan de randen van Veenendaal af. Dit betreft de verkenning ten noorden (De Klomp) en ten zuidoosten (De Meent) van Veenendaal.

Daarna volgt een voorstel voor het vervolg wat mogelijk moet leiden tot een gebiedsontwikkeling voor na 2030. Hierbij zal ook de financiële vraag worden meegenomen. Aanpak landelijk gebied/natuur/Gebiedsproces Binnenveld Er spelen op dit moment veel ontwikkelingen in het landelijk gebied. Denk hierbij aan de brief afkomstig van de Ministeriële Commissie Economie en Natuurherstel inzake stikstof, maar ook de ontwikkeling van het Utrechts Programma Landelijk Gebied (UPLG) inclusief Groen Groeit Mee en tot slot het gebiedsproces Binnenveld inclusief de actualisatie van het Beheerplan N2000 Binnenveld. Duidelijk is dat de urgentie op een gedegen aanpak van natuurherstel en stikstof door recente gerechtelijke uitspraken alleen maar is toegenomen. Onze gemeente is onvoldoende aangehaakt op deze ontwikkelingen. In eerste instantie is dit logisch aangezien de gemeente Veenendaal nauwelijks buitengebied heeft en maar een zeer beperkt aantal agrariërs heeft binnen haar grenzen. Echter wordt op basis van het concept UPLG, maar ook de eerste richtingen voor de herstart van het gebiedsproces Binnenveld, steeds meer duidelijk dat er wel degelijk maatregelen gaan komen die effect hebben op Veenendaal. Effecten op de mogelijke groei van de stad, grondwatereffecten in de bestaande stad enzovoort. Het is dan ook nodig dat hiervoor voldoende capaciteit in onze organisatie komt.

Niet alleen om te volgen, maar ook om onze belangen te vertegenwoordigen. Daarbij komt dat het voor onze stedelijke ontwikkelingen aan de oostkant van stad van belang is dat er gewerkt wordt aan natuurherstel van N2000-gebied. Dit is nodig om vergunningverlening weer mogelijk te maken. Het is namelijk noodzakelijk (vanwege het additionaliteitsvereiste) om te kunnen aantonen dat salderingsmaatregelen die we eventueel inzetten voor stedelijke ontwikkelingen, niet nodig zijn voor het minimaal behoud van de natuur. Hiervoor is het gebiedsproces Binnenveld opgezet. Na het maken van de concrete afspraken wordt bezien wat de (structurele) financiële consequenties zijn, ook voor wat betreft de personele invulling. Onderwijshuisvesting Op basis van de laatste leerling prognoses moet zowel op de korte als ook de lange termijn rekening gehouden worden met een groei van het aantal leerlingen. De gemeente heeft een zorgplicht voor het huisvesten van deze leerlingen. Dit zal daarom naar verwachting gevolgen hebben voor de investeringen in de onderwijshuisvesting en de besluitvorming over de jaarlijkse aanvragen voor het onderwijs huisvestingprogramma. Op dit moment wordt onder meer ingeschat dat er, vanwege deze groei, in 2026 en 2027 extra noodlokalen in

24

Veenendaal-Oost nodig zijn, waarvan een eerste berekening laat zien dat hiervoor in zowel 2026 als 2027 een investering nodig is van € 513.000. In aanloop naar de programmabegroting zullen we de ontwikkelingen in de onderwijshuisvesting nader analyseren en waar nodig een voorstel hiervoor bij u voorleggen. De ontwikkelingen worden mede beoordeeld in het kader van het nieuwe Integrale Huisvestingsplan Onderwijs (IHP) en het meerjareninvesteringsplan (MIP).

25

Bijlagen Bijlage 1: Tabel afschrijvingstermijnen per 1 januari 2025 In de nota afschrijving- en activabeleid (raad 3 juli 2025) is bepaald dat de tabel met de afschrijvingstermijnen onderdeel is van de kadernota. Deze tabel wordt indien noodzakelijk jaarlijks geactualiseerd en vastgesteld. Op grond van actuele ontwikkelingen en inzichten is de afschrijvingstermijn van gebouwen gewijzigd van 40 jaar naar 50 jaar. Omschrijving

Afschrijvingstermijn (in jaren)

Immateriële activa Kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief Bijdragen aan activa in eigendom van derden

5 Maximaal gelijk aan die van de activa waarvoor de bijdrage wordt verstrekt

Grond, woonruimten en bedrijfsgebouwen Grond

0

Gebouwen Parkeergarages

50 55

Semipermanente voorzieningen Renovatie/ bouwkundige aanpassingen

20 15

Grond, weg- en waterbouwkundige werken Riolering

60

Pompen riolering (technische installaties)

15

Vijzelgemaal

40 30

Aanleg sportvelden natuurgras Renovatie sportvelden Aanleg onderlaag kunstgras Aanleg toplaag kunstgras

15 30

Wegen/ terreinverhardingen

15 50

Wegen met kortere levensduur en renovatie Aanleg en reconstructie openbaar groen

15 15

Reconstructies bomen Vijvers

40 15

Kunstwerken Openbare verlichting: lichtmasten

20 40

Openbare verlichting: armaturen

20

Vervoermiddelen, machines, apparaten en installaties Voertuigen Technische installaties

8 15

Telefooncentrales Kantoor- en huishoudelijk apparatuur (foto, repro, koeling)

10 5

Machines en gereedschappen Overige materiële vaste activa

8

Hekwerken e.d. Meubels en inventaris

20 15

Buiteninventaris (speeltoestellen) Automatisering (hardware en software)

10 5

26

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15611122/1