CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Derde bestuursrapportage 2022 - rapportage

Raadscommissie 6 december 2022, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Raadsvoorstel Derde bestuursrapportage19.238 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

3E BESTUURSRAPPORTAGE 2022

2

Inhoudsopgave INHOUDSOPGAVE .............................................................................................................. 3 INLEIDING ............................................................................................................................ 4 PROGRAMMA 1: FYSIEKE LEEFOMGEVING .................................................................. 13 PROGRAMMA 2: ECONOMIE, WERK EN ONTWIKKELING ............................................ 18 PROGRAMMA 3: SOCIALE LEEFOMGEVING .................................................................. 21 PROGRAMMA 4: BURGER EN BESTUUR ........................................................................ 29 PROGRAMMA 5: ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN EN ONVOORZIEN ...................... 31 PROGRAMMA 6: BEDRIJFSVOERING ............................................................................. 33 VOORTGANG RISICO'S .................................................................................................... 36 BIJLAGEN .......................................................................................................................... 39

3

Inleiding Algemeen Voor u ligt de 3e bestuursrapportage 2022. De 3e bestuursrapportage is hoofdzakelijk financieel van aard en staat in het teken van het aanpassen van de bestaande ramingen en het prognosticeren van het rekeningresultaat. Tevens vindt u in de rapportage een actualisatie van de risico’s. De inhoudelijke verantwoording op basis van de doelen zoals die zijn opgenomen in de Programmabegroting 2022-2025 maakt geen onderdeel uit van deze rapportage. Tussentijdse verantwoording hierover heeft reeds via de 1e en 2e bestuursrapportage plaatsgevonden. De eindverantwoording zal plaatsvinden in de jaarrekening 2022. In deze bestuursrapportage wordt verantwoording afgelegd over de financiële afwijkingen ten opzichte van de actuele Programmabegroting 2022-2025 (primitieve programmabegroting inclusief nadien genomen raadsbesluiten zoals de 1e en 2e bestuursrapportage 2022). Deze rapportage heeft daarom voornamelijk betrekking op de financiële ontwikkelingen die zich in 2022 hebben voorgedaan na de 2e bestuursrapportage 2022 (met peildatum 1 september). De peildatum van deze rapportage is 1 november 2022. Deze rapportage gaat in op afwijkingen, zowel wat betreft de baten en lasten, de geleverde goederen en diensten en indien daar aanleiding voor is de maatschappelijke effecten. In deze rapportages wordt in ieder geval aandacht besteed aan afwijkingen groter dan € 25.000,-.

4

De coronacrisis (COVID-19) Het aantal mensen dat besmet raakt met het coronavirus neemt de afgelopen tijd toe. We zien dat de najaarsgolf tot problemen heeft geleid door ziekteverzuim. Op dit moment zijn nieuwe coronamaatregelen niet nodig. De belangrijkste adviezen tegen verspreiding van het coronavirus zijn: •

Blijf thuis en doe een (zelf)test bij klachten;

•

Ga in isolatie na een positieve test;

•

Laat je vaccineren.

Naast deze adviezen zijn er hygiëne-adviezen (was regelmatig je handen, nies en hoest in je elleboog en zorg voor goede ventilatie) om de verspreiding van het coronavirus te beperken. In onderstaand overzicht zijn de budgettaire effecten van de crisis en de genomen maatregelen (op programmaniveau) in een totaaloverzicht opgenomen. Het saldo van de stelpost coronagelden bedraagt per 3e bestuursrapportage € 1.096.400,-. In de jaarstukken zullen we u nader informeren over de financiële ontwikkelingen die voortvloeien uit de coronacrisis. Ontwikkeling Vanuit het ministerie BZK is recent aangegeven dat wij over 2021 nog een compensatie van afgerond € 821.000,- ontvangen vanwege de inkomstenderving als gevolg van de coronamaatregelen. Deze compensatie wordt verwerkt in de decembercirculaire 2022. De verwerking van de decembercirculaire vindt voor 2022 plaats in de jaarstukken en maakt daardoor nog geen onderdeel uit van bovengenoemde stelpost coronagelden. Programma

Saldo stelpost coronagelden voor Mutaties 3e 3e bestuursrapportage 2022 bestuursrapportage 2022

Saldo stelpost coronagelden per 3e bestuursrapportage 2022

€-

€-

2 Economie, Werk en Ontwikkeling

€ -115.000

€ -115.000

3 Sociale Leefomgeving

1 Fysieke Leefomgeving

€ -456.600

€ -456.600

4 Burger en Bestuur

€-

€-

5 Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien

€ 1.668.000

€ 1.668.000

€ 1.096.400

€ 1.096.400

€-

6 Bedrijfsvoering Eindtotaal

5

Opvang Oekraïners en Crisisnoodopvang asielzoekende personen Opvang Oekraïense ontheemden Momenteel worden in Veenendaal 104 Oekraïense ontheemden opgevangen in 4 gemeentelijke opvanglocaties (Gemeentelijke Opvang Oekraïners (GOO)). Er is een vijfde opvanglocatie in voorbereiding. Daarnaast verblijven bij gastgezinnen (Particuliere Opvang Oekraïners (POO)) 87 personen. De groep ontheemden ontvangt – afhankelijk van de wijze van opvang - op basis van landelijke richtlijnen leefgeld. De gemeente betaalt de kosten van het leefgeld, maar ook opvang, zoals huur, energielasten, onderwijs e.d. Daarnaast zijn er de uitvoeringskosten bij zowel samenwerkingspartners als Veens Welzijn als bij de gemeente zelf. De gemeente ontvangt op grond van de Bekostigingsregeling opvang ontheemden Oekraïne diverse vergoedingen van het Rijk. Op 14 oktober jl. is deze bekostigingsregeling gewijzigd: het bestedingstijdvak is verlengd tot en met 28 februari 2023, het normbedrag voor de gemeentelijke opvang is per 15 oktober naar beneden bijgesteld, en er is een normbedrag toegevoegd voor de bekostiging van de buitengewone kosten en uitvoeringskosten in particuliere opvangvoorzieningen. De vergoeding van het Rijk voor de opvang wisselt per groep: a. De kosten van leefgeld voor ontheemden die bij particulieren verblijven, worden op declaratiebasis voor 100% vergoed door het Rijk.

Daarnaast ontvangt de gemeente een normbedrag voor de bekostiging van buitengewone kosten en uitvoeringskosten voor particuliere opvangvoorzieningen. Het gaat daarbij om een bedrag van € 210,- per persoon per maand waarin aan de persoon een verstrekking is gedaan. b. Voor de GOO ontvangt de gemeente in de periode van 1 maart tot en met 14 oktober 2022 een vergoeding van € 100,- per dag per gerealiseerde opvangplek, waaruit de meeste kosten moeten worden betaald (zoals de vaste lasten opvanglocaties, het leefgeld en de ambtelijke uren). Per 15 oktober 2022 bedraagt de vergoeding € 83,- per dag per gerealiseerde opvangplek. Daarnaast gelden aparte vergoedingen voor kosten van aanpassing van opvanglocaties, onderwijs, leerlingenvervoer e.d. Op basis van een kostenprognose zijn in deze bestuursrapportage de verwachte baten en lasten budgettair neutraal verwerkt. De verwachting is derhalve nog steeds dat de vergoeding door het Rijk de gemeentelijke kosten voldoende zal compenseren. Er is een voorstel opgenomen voor overheveling van een deel van de middelen naar 2023. Reden hiervoor is dat op dit moment onduidelijk is wat de toekomst van de opvang is en daarmee eventuele (vervolg-)kosten voor de gemeente zullen zijn.

Crisisnoodopvang Vanaf 8 augustus 2022 worden op verzoek van het Rijk en de VRU in het Belcompanygebouw aan de Wageningselaan asielzoekende personen opgevangen in een crisisnoodopvangsetting. De eerste periode tot begin oktober betrof dit 72 personen. Gezien de behoefte aan extra opvang is besloten tot uitbreiding van de opvang naar totaal 156 personen tot begin januari 2023. De opvang verschilt op bepaalde punten van de opvang van Oekraïners. Bij de crisisnoodopvang ontvangt men geen leefgeld en wordt door middel van cateraars voorzien in maaltijden. Naast de kosten van catering gelden er kosten zoals huur, energielasten, aanpassing van het gebouw, bewaking, de dagelijkse coördinatie van de opvang (die door de VRU wordt uitgevoerd), dagbesteding, gezondheidszorg en kosten van gemaakte ambtelijke uren. Het merendeel van de opvangkosten wordt betaald door de VRU. De gemeente betaalt onder andere de vaste lasten van het gebouw. Het Rijk heeft bepaald dat alle kosten van zowel de VRU als de gemeente gedeclareerd kunnen worden bij het COA.

6

Investeringskredieten Reconstructie fietspaden Rondweg-West (€ 90.000,-) De uitgaven voor de reconstructie van de fietspaden Rondweg-West zijn door prijsstijgingen als gevolg van de oorlog in Oekraïne € 90.000,- hoger. Voorgesteld wordt om ter dekking van deze hogere kosten een bedrag van € 90.000,- ten laste te brengen van de stelpost prijsstijgingen en te storten in de reserve dekking kapitaallasten. Ook voor de nu lopende projecten verwachten wij hogere kosten door de gestegen prijzen. In de jaarrekening komen wij daarop terug. Vervangen geluidsschermen Grote Beer-Schelf (€ 66.500,-) Zoals ook al in eerder bestuursrapportages aangegeven zijn de prijzen fors gestegen. Door materiaal schaarste zijn met name de prijzen van staal en kunststofproducten aanzienlijk gestegen. De kosten voor de vervanging van de geluidsschermen Grote Beer -Schelf, die voor een groot gedeelte bestaan uit staal en kunststof, zijn daardoor € 66.500,- hoger uitgevallen dan geraamd. Voorgesteld wordt om ter dekking van deze hogere kosten € 66.500,- ten laste te brengen van de stelpost prijsstijgingen en te storten in de reserve dekking kapitaallasten.

Saldo 3e bestuursrapportage 2022 Uiteindelijk resulteert deze 3e bestuursrapportage 2022 (na verwerking van de mutaties in de bestemmingsreserves) in een positief saldo van € 772.000,- voor 2022. Voorgesteld wordt dit resultaat te storten in de algemene reserve. Het raadsvoorstel bij de bestuursrapportage bevat een begrotingswijziging waarin we de financiële over- en onderschrijdingen aan u voorleggen.

Over te hevelen budgetten van 2022 naar 2023 e.v. jaren In de rapportage wordt voorgesteld om een aantal budgetten over te hevelen van 2022 naar 2023 e.v. jaren. Het gaat specifiek om de volgende budgetten:

7

Programma

Omschrijving

Bedrag

Meerjarige budgetten € 615.000

1 Groenrenovaties 1 Speelvoorzieningen

€ 90.000

1 Baggerwerkzaamheden

€ 170.000

1 Invoering omgevingswet

€ 753.000

1 Stikstofdossier

€ 155.000

1 Programma ENV

€ 2.050.000

2 Economische ontwikkelingen

€ 147.000

2 Project vestigingsbeleid

€ 29.000

2 Programma Vitale Binnenstad

€ 425.000

3 Participatiebudget

€ 200.000

3 Opgave Sociaal Domein

€ 234.000

3 ICT-fonds

€ 52.000

3 Opvang en beschermd wonen

€ 303.000

3 Project maatje achter de voordeur 2022-2024

€ 40.000

3 Preventieakkoord

€ 90.000

4 Veiligheidsbeleid

€ 61.000 € 5.414.000

Subtotaal over te hevelen meerjarige budgetten Overige over te hevelen budgetten 1 Parkeermaatregelen

€ 34.000

1 Kerkenvisie

€ 50.000

1 Bestrijding maatschappelijke overlast en verloedering

€ 29.000

1 Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen)

€ 19.000

1 Wonen en Leven omgevingsaanvragen

€ 105.000

1 Onderzoek begraafplaats

€ 60.000

1 Project High Five

€ 13.000

2 Evenementen

€ 40.000

3 Energielasten culturele instellingen

€ 65.000

3 Extra meldingen budgetloket, schuldhulpmaatjes en Kwintes

€ 75.000

3 Afrekening openbaar onderwijs

€ 8.000

3 Peuterwerk

€ 61.000

3 Oprichting stichting Urgente Noden

€ 50.000

3 Geschikt maken van ruimtes voor theaterlessen De Muzen

€ 33.000

3 Stijgende energielasten Volksuniversiteit

€ 55.000

3 Amateurkunstbeoefening

€ 25.000

4 Opvang vluchtelingen Oekraïne

€ 1.000.000

6 Impulsen decembercirculaire 2021 en inwerkingtreding Wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein (WAMS)

€ 188.000

6 Tozo, Breed offensief en wetswijziging Participatiewet

€ 471.000

6 Digitale toegankelijkheid

€ 30.000

6 Bestel- en inkoopsysteem

€ 129.000

Subtotaal overige over te hevelen budgetten

€ 2.540.000

Totaal

€ 7.954.000

Met de overheveling van de budgetten wordt bewerkstelligd dat de geplande activiteiten c.q. resultaten kunnen worden uitgevoerd en de resultaten worden behaald. Het opnieuw beschikbaar stellen van deze budgetten per 1 januari 2023 zorgt ervoor dat de afgesproken activiteiten geen vertraging oplopen. Voor een nadere toelichting verwijzen wij u naar bijlage 3 in deze rapportage.

8

Financieel vertrekpunt Het financieel vertrekpunt voor deze rapportage is de Programmabegroting 2022-2025, de 3e bestuursrapportage 2021, de 1e bestuursrapportage 2022, de Kaderbrief 2023-2026, de structurele effecten vanuit de meicirculaire 2022, het saldo van de 2e bestuursrapportage 2022 en het saldo van de Programmabegroting 2023-2026. De financiële gevolgen van de septembercirculaire 2022 zijn voor het jaar 2022 en de taakmutaties voor de jaren 2022 tot en met 2026 in deze rapportage verwerkt. De financiële consequenties van de algemene mutaties voor de jaren 2023 en verder worden meegenomen in de eerste bestuursrapportage 2023 en Kadernota 2024-2027. Voor de inzichtelijkheid van het meerjarenperspectief zijn deze consequenties in onderstaande tabel reeds opgenomen. bedragen x € 1.000,-

Raming 2022

Saldi Programmabegroting 2022-2025

1.191

Raming 2023

Raming 2024

Raming 2025 -1.409

28

-496

Saldi septembercirculaire 2021

2.482

2.466

2.898

Saldi verwerking loon- en prijsstijgingen

-667

-862

-1.198

-12

-67

-67

0

0

0

-28

496

1.409

Saldi 3e bestuursrapportage 2021

-235

Saldi decembercirculaire 2021 Verrekening saldi Programmabegroting 2022-2025 met de algemene reserve Amendementen Programmabegroting 2022-2025 Subtotaal Parkeerexploitatie 2022-2025 (raad januari 2022)

-1.191 21

121

121

121

-214

1.924

1.658

1.754

58

204

176

190

Saldi 1e bestuursrapportage 2022

2.509

-614

-607

-607

Verrekening saldi 1e bestuursrapportage 2022 met de algemene reserve

-2.509

614

607

607

71

-1.712

-1.199

Saldi meicirculaire 2022

12.602

17.469

21.272

Reservering loon- prijsstijgingen

-3.145

-4.673

-6.032

-156

11.656

12.918

15.985

Saldi 2e bestuursrapportage 2022

2.846

-329

-309

-229

Verrekening saldi 2e bestuursrapportage 2022 met de algemene reserve

-2.846

Onttrekking van het resterend nadelig saldo 2022 aan de algemene reserve

156 -10.775

-10.288

-11.743

2.321

4.013

Saldi Kaderbrief 2023-2026

Saldo voor 2e bestuursrapportage 2022

Ontwikkelingen vanuit Programmabegroting 2023-2026 Verrekening saldo Programmabegroting 2023 met de algemene reserve Saldo voor 3e bestuursrapportage 2022

-552 0

0

Financiële effecten 3e bestuursrapportage 2022 In onderstaand overzicht vindt u de totaalbedragen voor de jaren 2022 tot en met 2025 van de financiële effecten c.q. ontwikkelingen zoals ze in deze rapportage zijn opgenomen. In de bestuursrapportage hebben we een splitsing aangebracht tussen: •

financiële ontwikkelingen (afwijkingen) die effect hebben op het begrotingssaldo; deze ontwikkelingen zijn opgenomen en toegelicht bij de diverse programma’s;

•

budgettair neutrale afwijkingen; deze ontwikkelingen (die geen effect hebben op het begrotingssaldo, maar wel programma overschrijdend kunnen zijn) vindt u terug in bijlage 1.

Financiële effecten voor 2022 Deze rapportage laat voor het begrotingsjaar 2022 een verwacht positief saldo zien van € 772.000,-. De grootste afwijkingen die van invloed zijn op dit resultaat betreffen de hogere lasten energievoorziening Groenpoort (€ 200.000,- nadelig), lagere lasten sociale werkvoorziening (€ 470.000,- voordelig), hogere lasten Jeugd (€ 1.205.000,- nadelig), lagere lasten opvang beschermd wonen (€ 700.000,- voordelig) en lagere lasten prijsstijgingen en

9

investeringen € 1.405.000,- voordelig). Voorgesteld wordt om het voordeel van € 772.000,- te storten in de algemene reserve. Financiële effecten voor 2023-2026 In de rapportage worden meerdere financiële ontwikkelingen gemeld die van invloed zijn op het meerjarenperspectief 2022-2025. U vindt deze ontwikkelingen terug bij de diverse programma’s. Het financieel perspectief na deze bestuursrapportage laat een positief saldo zien van € 0,- in 2023, een positief saldo van € 2.321.000,- in 2024 en een positief saldo van € 4.013.000,- in 2025. Bedragen x €1.000 Financieel overzicht (bedragen x € 1.000)

Raming 2022

Raming 2023

Raming 2024

Raming 2025

Lasten

-8.094

0

0

0

Baten

-339

0

0

0

A. Saldo van baten en lasten 3e bestuursrapportage 2022

7.755

0

0

0

Onttrekkingen

1.128

0

0

0

Stortingen

8.111

0

0

0

B. Mutaties reserves 3e bestuursrapportage 2022

-6.983

0

0

0

772

0

0

0

Totaal 3e bestuursrapportage 2022 (A+B)

Financieel perspectief na verwerking 3e bestuursrapportage 2022 Het financiële perspectief voor de komende jaren ziet er, na verwerking van de financiële effecten uit deze rapportage, samenvattend als volgt uit: bedragen x € 1.000,-

Raming 2022

Saldo voor 3e bestuursrapportage 2022

Raming 2023

Raming 2024

Raming 2025

0

2.321

4.013

Totaal 3e bestuursrapportage 2022

772

0

0

0

Financieel perspectief na 3e bestuursrapportage 2022

772

0

2.321

4.013

Samenvatting financiële afwijkingen 3e bestuursrapportage 2022 Hieronder vindt u de financiële afwijkingen per programma. Bedragen x €1.000

10

Programma

Raming 2022 Lasten

Baten

Onttrekkingen

Stortingen

Saldo

1 Fysieke Leefomgeving 0.10A - Mutaties reserves Fysieke Leefomgeving

0

0

1.128

4.143

-3.015

0.3A - Beheer overige gebouwen en gronden

0

-2

0

0

-2

2.1A - Verkeer en vervoer

145

0

0

0

-145

2.1B - Verkeer en vervoer

-47

0

0

0

47

5.5A - Cultureel Erfgoed

-150

0

0

0

150

5.7A - Openbaar groen en (openlucht) recreatie

-705

0

0

0

705

6.1C - Samenkracht en burgerparticipatie

-29

0

0

0

29

6.1D - Samenkracht en burgerparticipatie

0

10

0

0

10

-170

0

0

0

170

7.4A - Milieubeheer

200

0

0

0

-200

7.4D - Milieubeheer

-2.205

0

0

0

2.205

7.2A - Riolering

7.5A - Begraafplaatsen

-60

0

0

0

60

8.1A - Ruimtelijke Ordening

26

37

0

0

11

8.1C - Ruimtelijke Ordening

-753

0

0

0

753

8.2 - Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen)

984

0

0

0

-984

8.3B - Wonen en bouwen

-85

-90

0

0

-5

8.3D - Wonen en bouwen

65

0

0

0

-65

-2.784

-45

1.128

4.143

-275

0

0

0

641

-641

3.1A - Economische ontwikkeling

-147

0

0

0

147

3.1C - Economische ontwikkeling

-425

0

0

0

425

3.3B - Bedrijfsloket en -regelingen

0

0

0

0

0

-29

0

0

0

29

3.4B - Economische promotie

-40

0

0

0

40

Totaal 2 Economie, Werk en Ontwikkeling

-641

0

0

641

0

0

0

0

1.291

-1.291

Totaal 1 Fysieke Leefomgeving 2 Economie, Werk en Ontwikkeling 0.10B - Mutaties reserves Economie, Werk en Ontwikkeling

3.4A - Economische promotie

3 Sociale Leefomgeving 0.10C - Mutaties reserves Sociale Leefomgeving 4.2A - Openbaar basisonderwijs

0

-6

0

0

-6

4.3A - Onderwijsbeleid en leerlingenzaken

-371

0

0

0

371

4.3C - Onderwijsbeleid en leerlingenzaken

0

27

0

0

27

5.2A - Sportaccommodaties

0

39

0

0

39

5.3A - Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie

0

-189

0

0

-189

5.3B - Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie

-228

0

0

0

228

6.1A - Samenkracht en burgerparticipatie

0

0

0

0

0

6.2A - Wijkteams

0

0

0

0

0

6.3A - Inkomensregelingen

-100

0

0

0

100

6.4 - Begeleide participatie

-470

0

0

0

470

6.5A - Arbeidsparticipatie

-200

0

0

0

200

6.71A - Maatwerkdienstverlening 18+

-275

0

0

0

275

6.72A - Maatwerkdienstverlening 18-

-234

0

0

0

234

6.72B - Maatwerkdienstverlening 18-

1.205

0

0

0

-1.205

6.81 - Geëscaleerde zorg 18+

-1.043

0

0

0

1.043

-90

0

0

0

90

-1.806

-129

0

1.291

386

0

0

0

1.061

-1.061

7.1A - Volksgezondheid Totaal 3 Sociale Leefomgeving 4 Burger en Bestuur 0.10D - Mutaties reserves Burger en Bestuur

11

Programma

Raming 2022

1.1A - Crisisbeheersing en Brandweer

-1.000

0

0

0

1.000

1.1B - Crisisbeheersing en Brandweer

564

0

0

0

-564

1.2 - Openbare orde en veiligheid

-61

0

0

0

61

Totaal 4 Burger en Bestuur

-497

0

0

1.061

-564

0.10E - Mutaties reserves Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien

0

0

0

157

-157

0.7 - Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds

0

-172

0

0

-172

5 Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien

0.8 - Overige baten en lasten

-1.548

0

0

0

1.548

Totaal 5 Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien

-1.548

-172

0

157

1.219

-818

6 Bedrijfsvoering 0.10F - Mutaties reserves Bedrijfsvoering

0

0

0

818

0.4F - Overhead (communicatie)

-30

0

0

0

30

0.4G - Overhead (Juridische zaken)

-129

0

0

0

129

0.4N - Overhead (Vastgoed)

0

6

0

0

6

9.914 - Algemeen Bijstand, Reintegratie en Participatie

-471

0

0

0

471

9.915 - Algemeen Beleid (MO)

-188

0

0

0

188

Totaal 6 Bedrijfsvoering

-818

6

0

818

6

Gerealiseerd resultaat

-8.094

-339

1.128

8.111

772

Prognose stand algemene reserve Onderstaand vindt u de prognose van de stand van de algemene reserve. In deze prognose is nog geen rekening gehouden met het saldo van deze bestuursrapportage. Stand algemene reserve (bedragen x € 1.000,-)

2022

Stand per 1/1

20.082

Toevoegingen regulier

20

Onttrekkingen regulier

-16

Quasi inbesteden welzijn (1e berap 2020 en Kaderbrief 2021-2024)

-175

Onttrekkingen/stortingen o.b.v. Programmabegroting 2021-2024

604

IKC Franse Gat (raad 21/01/2021)

-47

Onttrekkingen/stortingen o.b.v. Programmabegroting 2022-2025

1.191

Amendement Programmabegroting 2022-2025

-4

Resultaat Jaarstukken 2021

3.655

Resultaat Projectenboek 2022

282

Resultaat 1e berap 2022

2.509

Resultaat 2e berap 2022

2.846

Onttrekking van het resterend nadelig saldo 2022

-156

Prognose stand algemene reserve per 1-11-2022

30.791

12

Programma 1: Fysieke leefomgeving Financiële ontwikkelingen Fysieke leefomgeving Bedragen x €1.000 Feiten en ontwikkelingen

Raming 2022

Raming 2023

Raming 2024

Raming 2025

Lasten 2.1A - Verkeer en vervoer

145

0

0

0

2.1B - Verkeer en vervoer

-47

0

0

0

5.5A - Cultureel Erfgoed

-150

0

0

0

5.7A - Openbaar groen en (openlucht) recreatie

-705

0

0

0

6.1C - Samenkracht en burgerparticipatie

-29

0

0

0

7.2A - Riolering

-170

0

0

0

7.4A - Milieubeheer

200

0

0

0

7.4D - Milieubeheer

-2.205

0

0

0

7.5A - Begraafplaatsen

-60

0

0

0

8.1A - Ruimtelijke Ordening

26

0

0

0

8.1C - Ruimtelijke Ordening

-753

0

0

0

8.2 - Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen)

984

0

0

0

8.3B - Wonen en bouwen

-85

0

0

0

8.3D - Wonen en bouwen

65

0

0

0

-2.784

0

0

0

0.3A - Beheer overige gebouwen en gronden

-2

0

0

0

6.1D - Samenkracht en burgerparticipatie

10

0

0

0

8.1A - Ruimtelijke Ordening

37

0

0

0

8.3B - Wonen en bouwen

-90

0

0

0

Totaal Baten

-45

0

0

0

2.740

0

0

0

0.10A - Mutaties reserves Fysieke Leefomgeving

1.128

0

0

0

Totaal Onttrekkingen

1.128

0

0

0

0.10A - Mutaties reserves Fysieke Leefomgeving

4.143

0

0

0

Totaal Stortingen

4.143

0

0

0

Saldo mutaties reserves

-3.015

0

0

0

-275

0

0

0

Totaal Lasten Baten

Saldo van baten en lasten Onttrekkingen

Stortingen

Totaal 3e bestuursrapportage

Toelichting financiële ontwikkelingen Lasten 2.1A - Verkeer en vervoer (hogere lasten energielasten openbare verlichting € 145.000,-) De energiekosten vallen door de prijsstijgingen op de energiemarkt dit jaar hoger uit, zoals al aangekondigd in eerdere bestuursrapportages. Op basis van de gegevens bekend bij de tweede bestuursrapportage is bij risico’s en ontwikkelingen een inschatting gemaakt dat we € 720.000,- hogere energiekosten verwachten. Echter omdat wij dit jaar de energie nog afnemen via Citytec, die een veel lager tarief doorrekent dan de actuele prijzen, komen de energiekosten voor de openbare verlichting € 145.000,- hoger uit dan begroot. Voorgesteld wordt om de hogere energiekosten ad € 145.000,- te dekken uit de stelpost prijsstijgingen. 2.1B - Verkeer en vervoer (lagere lasten parkeren bedrijventerrein Nijverkamp en project High Five € 47.000,-) We zijn met de bedrijven direct ten zuiden van de A12 in gesprek over de daar geconstateerde parkeerproblematiek. De verwachting is dat wij dit jaar de daaruit 13

voortvloeiende maatregelen niet kunnen uitvoeren. Ook willen we de signalen ten aanzien van parkeren op het bedrijventerrein Nijverkamp nader onderzoeken. Wij stellen daarom voor om het restant budget ad € 34.000 via de reserve meerjarige middelen mee te nemen naar 2023. In 2022 is afgerond € 26.000,- subsidie gekregen voor het project High Five. De uitvoering van het project is aan het begin van het nieuwe schooljaar in september gestart en eindigt aan het einde van het schooljaar in 2023. Voorgesteld wordt om het restant budget ad € 13.000,- via de reserve meerjarige middelen mee te nemen naar 2023. 5.5A - Cultureel Erfgoed (lagere lasten kerkenvisie en monumenten € 150.000,-) In 2021 is een subsidieverzoek ingediend voor de kerkenvisie. Via de decentrale uitkering hebben wij een budget ontvangen van € 50.000,-. Vanwege capaciteitsgebrek is er nog geen start gemaakt met het opstellen van een kerkenvisie. De komende periode wordt het overleg met de kerkbesturen gestart met als doel om te komen tot een visie over de toekomst van de (monumentale) kerkgebouwen. Het voorstel is om dit budget van € 50.000,- bij deze 3e bestuursrapportage af te ramen en via de reserve meerjarige middelen mee te nemen naar 2023. In 2022 bedraagt het budget voor monumenten afgerond € 131.000,-.

Aangezien er nog maar zeer beperkt gebruik is gemaakt van deze mogelijkheid tot subsidieverlening, is er nog een subsidiebudget beschikbaar van afgerond € 123.000,-. Ondanks de inspanningen om de mogelijkheid tot subsidie bij de inwoners onder de aandacht te brengen zien we dat er relatief weinig verzoeken worden ingediend. Het voorstel is om het budget af te ramen met € 100.000,-. In 2023 wordt de subsidieverordening geëvalueerd. 5.7A - Openbaar groen en (openlucht) recreatie (lagere lasten openbaar groen 705.000,-) Conform de aankondiging in de 2e bestuursrapportage zijn de meeste geplande groenrenovaties en het (ver)planten van bomen en plantsoenen doorgeschoven naar 2023. Dit komt door de langdurige procedure rond de Europese aanbestedingen. Het geplande werk wordt in 2023 alsnog uitgevoerd. Daarom wordt voorgesteld om het restant budget ad € 705.000,- via de reserve meerjarige middelen over te hevelen naar 2023. 6.1C - Samenkracht en burgerparticipatie (lagere lasten leefbaarheid € 29.000,-) Voor de bestrijding van maatschappelijke overlast en verloedering is door het Rijk meerjarig geld beschikbaar gesteld, welke uitsluitend voor dit doel aangewend mag worden. Het restant budget (€ 29.000,-) is in 2022 niet besteed. Voorgesteld wordt dit budget via de reserve meerjarige middelen over te hevelen naar 2023.

7.2A - Riolering (lagere lasten baggerwerkzaamheden € 170.000,-) Voor het project baggerwerkzaamheden wordt in 2022 niet het gehele bedrag besteed. Er blijft naar verwachting een bedrag van € 170.000,- in 2022 over. Het project heeft een meerjarig karakter en wordt gefaseerd uitgevoerd en zal doorlopen na 2022. Conform eerdere besluitvorming wordt voorgesteld om deze € 170.000,- via de reserve meerjarige middelen over te hevelen naar 2023. 7.4A - Milieubeheer (hogere lasten energievoorziening € 200.000,-) De gemeente heeft een actieve rol vervuld in het realiseren van een duurzame energievoorziening in de nieuwe wijk Groenpoort. De gemeente heeft advies ingewonnen voor een optimaal energieconcept en er heeft een aanbesteding plaatsgevonden om te komen tot een PPS (publiek private samenwerking)-constructie. Tenslotte zijn er diverse adviezen ingewonnen over de technische, economische en juridische haalbaarheid van het beoogde systeem. Een deel van de gemaakte kosten kan worden toegerekend en doorbelast

14

aan DEVOG. Het resterende deel van maximaal € 200.000,- is toe te rekenen aan de gemeente. 7.4D - Milieubeheer (lagere lasten stikstofdossier en Programma Energie Neutraal Veenendaal € 2.205.000,-) De middelen voor het stikstofdossier zijn voor meerjarig gebruik beschikbaar gesteld. Voorgesteld wordt het resterende budget van € 155.000,- in 2023 opnieuw beschikbaar te stellen via de reserve meerjarige middelen. De middelen van het programma Energie Neutraal Veenendaal zijn voor meerjarig gebruik beschikbaar gesteld. Voorgesteld wordt € 2.050.000,- in 2023 opnieuw beschikbaar te stellen via reserve meerjarige middelen. 7.5A - Begraafplaatsen (lagere lasten onderzoek wandelpark € 60.000,-) In de exploitatiebegroting is in 2022 € 60.000,- gereserveerd voor een onderzoek op de begraafplaats naar de mogelijkheid tot omvorming naar wandelpark. Het onderzoek heeft echter nog niet plaatsgevonden en verwacht wordt dat in 2023 het onderzoek zal worden uitgevoerd. Voorgesteld wordt dit bedrag over te hevelen naar 2023. 8.1A - Ruimtelijke Ordening (hogere lasten bestemmingsplannen € 26.000,-) Door de vele ruimtelijke procedures worden er ook extra kosten gemaakt. Het voorstel is om het budget te verhogen met € 26.000,-. Hier staat een hogere inkomst ad € 37.000,tegenover (zie Baten 8.1.A).

8.1C - Ruimtelijke Ordening (lagere lasten Omgevingswet € 753.000,-) Minister de Jonge heeft op 14 oktober 2022 aangekondigd dat de invoering van de Omgevingswet per 1 juli 2023 zal plaatsvinden. Voor de gemeentelijke organisatie betekent dit een andere manier van werken. Met het Programma invoering Omgevingswet worden alle werkzaamheden voorbereid die nodig zijn voor de invoering van de Omgevingswet. Deze voorbereiding wordt zoveel mogelijk uitgevoerd door medewerkers van de gemeente, zij worden hiervoor beschikbaar gesteld. Omdat dit ten koste gaat van de lijnwerkzaamheden, die met de onzekerheid van de nieuwe Wet ook nog eens in omvang toenemen, worden hiervoor extra medewerkers ingehuurd. De nieuwe Omgevingswet is complex en omvangrijk. Na 1 juli moeten de initiatiefnemers (vergunning aanvragers) en medewerkers nog leren omgaan met de nieuwe wet in de praktijk. Ook dan vraagt dit extra capaciteit. De beschikbare middelen worden hiervoor ingezet. Voorgesteld wordt een bedrag van € 753.000,- over te hevelen naar 2023 en in dat jaar beschikbaar te stellen voor de verdere voorbereiding van de invoering van de Omgevingswet. In de septembercirculaire is een bedrag van € 436.000 beschikbaar gesteld voor de transitiekosten die gemeenten hebben gemaakt in aanloop naar de invoering van de Omgevingswet. Deze middelen maken ook onderdeel uit van het over te hevelen bedrag.

8.2 - Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen) (hogere lasten € 984.000) In 2021 is een tweetal specifieke uitkeringen ontvangen in het kader van de regeling huisvesting aandachtsgroepen en de huisvesting vergunninghouders. Daarnaast heeft de provincie een subsidie toegekend voor een haalbaarheidsonderzoek transformatie voormalig kantoor Belcompany. Bij de jaarrekening 2021 is een totaalbedrag van afgerond € 1.003.000,- gestort in de risicoreserve grondexploitatie om over te hevelen naar 2022. Via deze bestuursrapportage wordt dit bedrag van afgerond € 1.003.000,- weer in 2022 beschikbaar gesteld. Hiermee wordt geregeld dat de gesubsidieerde uitgaven en de dekking vanuit de hiervoor ontvangen subsidie in hetzelfde boekjaar komen. Daarnaast vindt er een correctie plaats van een tekort bij de jaarrekening 2020 van afgerond € 19.000,-. 8.3B - Wonen en bouwen (lagere lasten Wet kwaliteitsborging bouwen € 85.000,- ) In de decembercirculaire 2021 en septembercirculaire 2022 is een bedrag van in totaal € 105.000,- beschikbaar gesteld voor de Wet kwaliteitsborging bouwen. Op dit moment is nog 15

onvoldoende duidelijk wat de gevolgen zijn van deze wet. Voorgesteld wordt deze middelen over te hevelen naar 2023 en in dat jaar opnieuw beschikbaar te stellen. Het budget voor de welstandsadvisering is bijna volledig benut. Het voorstel is om het budget bij de 3e bestuursrapportage te verhogen met € 20.000,- en de kosten ten laste te brengen van de egalisatiereserve bouwleges. 8.3D - Wonen en bouwen (hogere lasten startersleningen 65.000,-) Volgens het bestaande beleid worden de rentekosten van de startersleningen ten laste gebracht van de reserve starters -en blijversleningen. De rentekosten waren echter niet begroot en bedragen in 2022 € 105.000,-. Door de verrekening via de reserve verloopt deze mutatie budgettair neutraal. In de 1e bestuursrapportage 2023 worden de rentekosten van de starters- en blijversleningen structureel verwerkt in de begroting. Voor 2022 is een budget beschikbaar van € 63.000,- voor duurzaamheidsleningen. De rentekosten bedragen in 2022 € 23.000,-. Voorgesteld wordt een bedrag van € 40.000,- te laten vrijvallen ten gunste van het resultaat van de 3e bestuursrapportage. Baten 8.1A - Ruimtelijke Ordening (hogere baten bestemmingsplannen € 37.000,-) Aan inkomsten is een bedrag begroot van € 66.400,-. Omdat er in 2022 relatief veel langlopende ruimtelijke procedures zijn afgerond, bedraagt de meeropbrengst afgerond € 37.000,-.

Hier staan € 26.000,- aan extra kosten tegenover (zie lasten 8.1.A). Per saldo komt een bedrag van afgerond € 11.000,- ten gunste van het resultaat. 8.3B - Wonen en bouwen (lagere baten toezicht € 90.000,-) Een aantal jaren geleden zijn 2 dwangsommen van in totaal € 90.000,- opgelegd vanwege het bouwen en gebruik, in afwijking van een verleende omgevingsvergunning aan de Stationsstraat. Tot op heden zijn deze dwangsommen niet betaald en invordering blijkt niet meer mogelijk te zijn. De dwangsommen zijn ingetrokken en dit resulteert in een eenmalige lagere baten van € 90.000,-. Reservemutaties Egalisatiereserve bouwleges: onttrekking (€ 20.000,-) Zie toelichting lasten 8.3B. Reserve starters- en blijversleningen: onttrekking (105.000,-) Volgens het bestaande beleid worden de rentekosten van de startersleningen ten laste gebracht van de reserve starters -en blijversleningen. De rentekosten bedragen in 2022 € 105.000,-. Door de verrekening via de reserve verloopt deze mutatie budgettair neutraal. In de 1e bestuursrapportage 2023 worden de rentekosten van de starters- en blijversleningen structureel verwerkt in de begroting. Risicoreserve bouwgrond exploitatie: onttrekking (€ 1.003.000,-) Zie toelichting lasten 8.2. Reserve meerjarige middelen: storting (€ 4.143.000,-) Voorgesteld wordt om de resterende middelen ten behoeve van de diverse doelen, ad.

in totaal € 4.143.000,-, via de reserve meerjarige middelen over te hevelen naar 2023.

Risico's/ ontwikkelingen Fysieke leefomgeving WABO-leges De geraamde opbrengst van de WABO-leges voor het jaar 2022 bedraagt € 2.062.000,-. In dit bedrag zijn ook de inhuurkosten voor tijdelijk personeel verwerkt. Op 1 september 2022 bedragen de inkomsten van de WABO-leges € 980.628,-. De tot nu toe gerealiseerde inkomsten lopen achter ten opzichte van de geraamde jaaropbrengst. Hoewel het aantal bouwplannen gemiddeld is, betreft het relatief veel kleine plannen waardoor de opbrengst van de WABO-leges achterblijft. Gelet op de werkvoorraad bedraagt de legesopbrengst in 2022 naar verwachting tussen de € 1.600.000,- en € 1.800.000,-. Bij de 16

vaststelling van de jaarrekening wordt het definitieve resultaat bepaald en biedt de egalisatiereserve WABO-leges voldoende ruimte om een tegenvallend resultaat te compenseren. Openbare ruimte In verband met het rechtmatig willen inkopen en het ontbreken van de raamovereenkomsten op een aantal activiteiten in de openbare ruimte is een aantal inkoopactiviteiten stilgelegd. Op een aantal activiteiten zitten we aan de Europese aanbestedingsgrens. Indien we toch blijven inkopen zullen we deze drempel overschrijden en daardoor onrechtmatig handelen. Er wordt op dit moment gewerkt aan de diverse raamovereenkomsten om zo de werken in 2023 weer uit te kunnen voeren. Dit betekent dat op een aantal activiteiten in de openbare ruimte het budget voor 2022 niet volledig wordt uitgegeven. Momenteel is nog onbekend hoeveel budget er overblijft: bij de jaarrekening 2022 wordt voorgesteld om de dan nog resterende budgetten via een resultaatbestemming opnieuw beschikbaar te stellen om zo alsnog de activiteiten uit te kunnen voeren die voor 2022 gepland stonden. Riolering Voor het onderhoud van de druk/persriolen wordt een overschrijding verwacht van € 113.000,-. De overschrijding wordt grotendeels veroorzaakt door niet voorziene uitgaven zoals het vervangen van de modems omdat KPN de 3G modems niet meer ondersteunt.

Diverse luchtpersrioolgemalen gaven grote storingen en waren aan het eind van hun levensduur waardoor zij vervangen moesten worden. Omdat op dit moment nog niet aangegeven kan worden of deze overschrijding opgevangen kan worden binnen het totale taakveld rioleringen wordt voorgesteld het nadeel bij de jaarrekening te verwerken. Het saldo op het taakveld rioleringen wordt dan gestort of onttrokken uit de voorziening riolering.

17

Programma 2: Economie, Werk en Ontwikkeling Financiële ontwikkelingen Economie, Werk en Ontwikkeling Bedragen x €1.000 Feiten en ontwikkelingen

Raming 2022

Raming 2023

Raming 2024

Raming 2025

Lasten 3.1A - Economische ontwikkeling

-147

0

0

0

3.1C - Economische ontwikkeling

-425

0

0

0

3.3B - Bedrijfsloket en -regelingen

0

0

0

0

3.4A - Economische promotie

-29

0

0

0

3.4B - Economische promotie

-40

0

0

0

Totaal Lasten

-641

0

0

0

Saldo van baten en lasten

641

0

0

0

0.10B - Mutaties reserves Economie, Werk en Ontwikkeling

641

0

0

0

Totaal Stortingen

641

0

0

0

Saldo mutaties reserves

-641

0

0

0

0

0

0

0

Stortingen

Totaal 3e bestuursrapportage

Toelichtingen financiële ontwikkelingen Lasten 3.1A - Economische ontwikkeling (lagere lasten economische ontwikkeling € 147.000,) In 2022 is een provinciale subsidie ontvangen gericht op de versterking van de organisatiestructuur in de binnenstad. Van de drie projecten die via deze subsidie worden gerealiseerd zijn inmiddels twee gestart en deze verlopen volgens planning. Belangrijk ijkpunt was de uitslag van de BIZ-verkiezing van 2 november 2022 waarbij een ruime meerderheid heeft gekozen voor een continuering van de BIZ. De voorbereidingen voor het derde project, gericht op een activiteiten-, promotie- en marketingplan voor de binnenstad zijn inmiddels gestart. Dit project heeft een scope van 5 jaar. De verwachting is dat dit plan in het eerste kwartaal van 2023 gereed is. Binnen dit taakveld staat tevens de extra gemeentelijke bijdrage aan het Bernhard van Kreelfonds begroot. De verwachting is dat hier in 2023 nog gebruik van wordt gemaakt. Voorstel is dit bedrag van € 15.000,- over te hevelen naar 2023. Vanwege nog niet ingevulde vacatureruimte en prioritering van werkzaamheden is de opzet van het project Herwaardering Vakmanschap vertraagd. Voorgesteld wordt om het restant van € 59.000,- over te hevelen naar 2023 voor uitvoering van het project. Daarnaast wordt voorgesteld om van de in 2022 beschikbare middelen € 23.000,- over te hevelen naar 2023.

Dit budget is gericht op de doorontwikkeling van ondernemersdienstverlening. Een voorstel voor de besteding hiervan wordt in november aan de directie voorgelegd. De besteding van het budget uitvoering actieplan Visie Bedrijventerreinen wordt nog uitgewerkt, in afwachting van vaststelling Visie Bedrijventerreinen. Voorgesteld wordt dit budget van € 25.000,- over te hevelen naar 2023. 3.1C - Economische ontwikkeling (lagere lasten programma Vitale Binnenstad € 425.000,-) Vanuit Programma Vitale Binnenstad is de verwachting dat er per 31 december 2022 € 500.000,- over blijft. Hiervan is € 75.000,- te relateren aan een vooruit ontvangen subsidie en voor een bedrag van € 425.000,- wordt voorgesteld dit over te hevelen naar 2023 via de reserve meerjarige middelen. 18

Er zijn verschillende redenen waarom we die € 425.000,- dit jaar niet uitgeven. Zo is een aanzienlijk deel van het budget via de Regeling Transformatie & Verplaatsing detailhandel wel beschikt. Uitbetaling vindt echter pas plaats in 2023 nadat de verbouwing van het te transformeren pand is afgerond. Voor het onderdeel vergroenen en beleven van de binnenstad zijn we dit jaar wel begonnen met de planvorming maar de uitvoering zal pas in 2023 plaatsvinden. Tenslotte vallen de kosten voor de inzet van de gebiedsregisseur die de transformaties in de binnenstad moet organiseren dit jaar lager uit omdat we hiervoor eenmalig een subsidie van de provincie Utrecht hebben ontvangen. 3.4A - Economische promotie (lagere lasten vestigingsbeleid € 29.000,-) Vanuit het project vestigingsbeleid worden voor het onderwerp Promotie enkele campagnes gehouden gericht op zowel ondernemers voor de bedrijventerreinen als voor de detailhandel in de binnenstad. In december 2022 wordt een eerste campagne gestart die een doorlooptijd heeft naar 2023. Aangezien er in 2023 geen projectbudget meer beschikbaar is wordt voorgesteld de in 2022 resterende middelen van € 29.000,- over te hevelen naar 2023 zodat de resterende projecten kunnen worden uitgevoerd en afgerond.

3.4B - Economische promotie (lagere lasten evenementen € 40.000,-) In 2021 is vanwege de coronapandemie € 90.000,- van het niet ingezette evenementenbudget overgeheveld naar 2022. In 2022 zijn -conform verwachting- meer aanvragen dan gebruikelijk om subsidie voor evenementen ontvangen. Ook werden hogere bijdragen gevraagd, vanwege de gestegen kosten voor evenementen (onder andere ook toegenomen kosten voor beveiliging vanwege een terugtredende politie). Van het totaal beschikbare budget in 2022 resteert naar verwachting € 40.000,-. Ook in 2023 worden meer en ook hogere aanvragen verwacht. Daar komt bij dat in 2023 een nieuw evenementenbeleid wordt vastgesteld waardoor evenementen (mede door het participatietraject) meer aandacht krijgen en er wellicht daardoor ook nog meer aanvragen om subsidie worden ingediend. Voorgesteld wordt om het restant budget van € 40.000,- over te hevelen naar 2023 en in 2023 opnieuw beschikbaar te stellen als evenementenbudget. Baten N.v.t. Reservemutaties Reserve meerjarige middelen: storting (€ 641.000,-) Voorgesteld wordt om de resterende middelen ten behoeve van de diverse doelen, van in totaal € 641.000,-, via de reserve meerjarige middelen over te hevelen naar 2023.

Risico's/ ontwikkelingen Economie, Werk en Ontwikkeling Arbeidsmarktontwikkelingen Uit de cijfers van het UWV blijkt dat de spanning op de arbeidsmarkt in de regio Foodvalley oploopt. Vergeleken met een jaar geleden zijn er 34% meer vacatures. Vergeleken met het tweede kwartaal in 2020 - het begin van de coronacrisis - is het aantal vacatures zelfs verdubbeld. Tegelijk daalt het aanbod van werkzoekenden fors. Dit leidt tot oplopende personeelstekorten bij werkgevers en tegelijk meer kansen op werk voor werkzoekenden. De krapte is zichtbaar in alle beroepsgroepen en is nog niet eerder zo groot geweest. De arbeidsparticipatie van ouderen is toegenomen. Dit betekent dat er meer 50-plussers dan voor de coronacrisis aan het werk zijn. Of de afbouw van de landelijke corona-steunmaatregelen heeft geleid tot een toename van het aantal faillissementen is nog (steeds) niet inzichtelijk.

19

Naar verwachting zullen de effecten van de sterk gestegen energietarieven zich doen gelden op de werkgelegenheid. Landelijke steunmaatregelen zullen erop gericht zijn om deze tegen te gaan maar het is nog niet duidelijk welke dit zijn en wanneer deze van kracht worden. Voortdurend aandachtspunt in onze arbeidsmarktregio Foodvalley, net als in andere regio’s, is het realiseren van een goede aansluiting tussen vacatures en beschikbare kandidaten. Hierbij gaat het om de afstemming tussen de flexibiliteit van werkgevers om functieprofielen aan te passen, en vervolgens het kunnen aanbieden van kandidaten die hier in grote mate aan kunnen voldoen. In de regio worden verschillende projecten geïnitieerd en uitgevoerd om deze aansluiting te verbeteren en te versterken, waarbij ook nieuwe groepen inwoners worden benaderd. Bij dit laatste gaat het in grote mate om het zogenaamde onbenutte arbeidspotentieel.

20

Programma 3: Sociale leefomgeving Financiële ontwikkelingen Sociale leefomgeving Bedragen x €1.000 Feiten en ontwikkelingen

Raming 2022

Raming 2023

Raming 2024

Raming 2025

Lasten 4.3A - Onderwijsbeleid en leerlingenzaken

-371

0

0

0

5.3B - Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie

-228

0

0

0

0

0

0

0

6.3A - Inkomensregelingen

-100

0

0

0

6.4 - Begeleide participatie

-470

0

0

0

6.5A - Arbeidsparticipatie

-200

0

0

0

6.71A - Maatwerkdienstverlening 18+

-275

0

0

0

6.72A - Maatwerkdienstverlening 18-

-234

0

0

0

6.72B - Maatwerkdienstverlening 18-

1.205

0

0

0

6.81 - Geëscaleerde zorg 18+

-1.043

0

0

0

-90

0

0

0

-1.806

0

0

0

4.2A - Openbaar basisonderwijs

-6

0

0

0

4.3C - Onderwijsbeleid en leerlingenzaken

27

0

0

0

5.2A - Sportaccommodaties

39

0

0

0

-189

0

0

0

6.2A - Wijkteams

7.1A - Volksgezondheid Totaal Lasten Baten

5.3A - Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie 6.1A - Samenkracht en burgerparticipatie

0

0

0

0

Totaal Baten

-129

0

0

0

Saldo van baten en lasten

1.677

0

0

0

0.10C - Mutaties reserves Sociale Leefomgeving

1.291

0

0

0

Totaal Stortingen

1.291

0

0

0

Saldo mutaties reserves

-1.291

0

0

0

386

0

0

0

Stortingen

Totaal 3e bestuursrapportage

Toelichtingen financiële ontwikkelingen Lasten 4.3A - Onderwijsbeleid en leerlingenzaken (lagere lasten leerlingenvervoer, onderwijsbeleid en peuterwerk € 371.000,-) In 2022 verwachten we ca. € 250.000,- over te houden op het leerlingenvervoer. Er zijn in 2022 minder ritten gemaakt door COVID19. In de zomer 2023 treedt de nieuwe verordening in werking. Op basis daarvan worden de financiële consequenties bekeken voor 2023 e.v. In deze rapportage wordt voorgesteld om de restantmiddelen van het ICT- fonds, ad € 52.000,- over te hevelen naar 2023. Voor het peuterwerk wordt conform collegebesluit van 13 september 2022 voorgesteld om het restantbudget van 2022, ad € 61.000,- over te hevelen naar 2023. Bij de jaarrekening 2021 is € 8.000,- overgeheveld voor de afrekening openbaar onderwijs. In verband met andere prioriteiten wordt deze 5-jaarlijkse afrekening opgesteld in 2023. Voorgesteld wordt om dit bedrag over te hevelen naar 2023.

21

5.3B - Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie (lagere lasten volksuniversiteit, muziekschool, cultuurvisie en amateurkunstbeoefening € 228.000,-) Voor de culturele instellingen zijn de stijgende energielasten een zorgpunt en bij het verlenen van de subsidies werden deze kosten nog niet voorzien. Hoewel de culturele instellingen ook zelf aan een oplossing moeten werken, lijken de reserves van diverse culturele instellingen vooralsnog niet groot genoeg om deze gestegen kosten te dekken. Voorgesteld wordt om de resterende middelen ad. € 55.000,- over te hevelen naar 2023 en in dat jaar beschikbaar te stellen ter dekking van de afrekening energielasten 2022. De Muzen verzorgt conform de subsidieafspraken theaterlessen. Er is een wachtlijst. In de Cultuurvisie is opgenomen dat alle inwoners kunst en cultuur kunnen beleven en dat we actief cultuureducatie stimuleren. Een lange wachtlijst is vanuit dat perspectief dan ook onwenselijk. Om de wachtlijst weg te werken worden er twee extra ruimtes ingezet. Deze dienen nog geschikt te worden gemaakt voor theaterlessen. Voorgesteld wordt om aanvullend op de bijdrage door De Muzen en de SBCV- de in 2022 voor de Muzen resterende middelen ad. € 32.500,- over te hevelen naar 2023 en hiervoor beschikbaar te stellen.

In de cultuurvisie staat de opdracht om de zaalhuurregeling aan te passen, zodat amateurkunst optimaal gebruik maakt van subsidie op zaalhuur. De zaalhuurregeling is bestaand beleid en dit beleid moet worden aangepast. In 2022 wordt hiermee gestart en dit zal doorlopen in 2023. Voorgesteld wordt om ten behoeve van uitvoering van deze taak € 25.000,- over te hevelen naar 2023. Het restantbudget dat niet wordt besteed in 2022 (€ 50.000,-), kan terugvloeien naar de algemene middelen. 6.3A - Inkomensregelingen (lagere lasten IOAW € 100.000,-) De gemeente ontvangt van het Rijk een BUIG-budget. Dit budget is bedoeld voor de financiering van uitkeringen op grond van de Participatiewet, IOAW, IOAZ en Loonkostensubsidies. In september is het voorlopig budget 2023 bekend gemaakt. De voorlopige budgetten worden – in lijn met voorgaande jaren- budgetneutraal verwerkt in de derde bestuursrapportage. Het Rijk heeft tevens het definitieve budget 2022 bekend gemaakt en ook dit budget wordt budgetneutraal verwerkt in deze bestuursrapportage. Het verloop van het aantal uitkeringen en loonkostensubsidie voor de laatste drie maanden is redelijk goed in te schatten. Het opboeken en de ontvangst van vorderingen verloopt daarentegen altijd wat minder voorspelbaar. Op basis van de huidige ontwikkelingen verwachten we een beperkt voordeel ten opzichte van de beschikbare middelen.

Voorgesteld wordt om in deze bestuursrapportage € 100.000,- af te ramen (incidenteel). 6.4 - Begeleide participatie (lagere lasten sociale werkvoorziening € 470.000,-) We zien dat de rijksbijdrage voor de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW) per werkplek toeneemt. Daarmee wordt het subsidietekort per werkplek steeds kleiner. In 2018 is afgesproken dat de gemeente het subsidietekort boven de € 1.200,- per werkplek compenseert. Over 2022 komt het subsidietekort uit op ongeveer € 1.200,- per werkplek. Daarmee wordt naar verwachting geen beroep gedaan op gemeentelijke compensatie en vallen middelen vrij. De extra middelen ter compensatie van Covid voor WSW over 2022 worden volledig overgemaakt naar IW4. Voor Veenendaal is dit budgetneutraal. Binnen het taakveld Begeleide participatie valt ook beschut werk. In 2022 verstrekken we een begeleidingsvergoeding van € 8.100,- per werkplek. De aantallen beschut werk zullen de komende periode oplopen. Het Rijk bepleit een versnelling van de groei. Landelijk is er ook discussie over de hoogte van de begeleidingsvergoeding. VNG en Cedris stellen dat de huidige vergoeding onvoldoende is om dit product kostendekkend uit te kunnen voeren. Zij verwijzen naar ervaringscijfers van SW-bedrijven (waaronder IW4). Momenteel wordt in opdracht van het ministerie van SZW onderzoek gedaan naar de begeleidingskosten

22

Beschut werken. Naar verwachting wordt dit onderzoek begin 2023 afgerond. Vooralsnog volgen we de landelijke discussie op de voet. In 2023 zullen we in samenhang met taakveld participatie antwoord geven op de financierings- en dekkingsvraag. 6.5A - Arbeidsparticipatie (lagere lasten re-integratie € 200.000,-) Het participatiebudget heeft een verwacht overschot van circa € 200.000,-. Dit overschot voor arbeidsparticipatie willen we overhevelen naar 2023. Deze middelen willen wij besteden om de kwaliteit van de dienstverlening voor de doelgroep banenafspraak te verbeteren. Verder wordt het geld ingezet om de oplopende doelgroep banenafspraak beter te faciliteren. De eenmalige overheveling uit 2022 is nodig om gegeven de krimpende reintegratiebudgetten de dienstverlening voor de nieuwe doelgroep uit te breiden. In 2023 hebben we een beter zicht op de meerjarenbudgetten en uitgaven van taakvelden Begeleide participatie en Arbeidsparticipatie (re-integratie). Dan zullen we voorstellen doen voor de structurele budgetverdeling waarbij onder andere ook de benodigde personeelscapaciteit wordt betrokken. 6.71A - Maatwerkdienstverlening 18+ (lagere lasten compensatieregeling maatwerk voorzieningen en schuldhulpverlening € 275.000,-) We verwachten het budget compensatieregeling maatwerkvoorzieningen in 2022 niet uit te geven.

Voor de besteding van de middelen wordt in 2023 een stichting Urgente Noden opgericht. Er wordt voorgesteld om € 150.000,- af te ramen en € 50.000,- over te hevelen naar 2023 voor de oprichting van de stichting Urgente Noden. In de afgelopen jaren is er onderzoek gedaan naar de invoering van een maatwerkbudget waarmee met een eenmalige vergoeding de persoonlijke situatie van een inwoner structureel kan verbeteren. Er is vervolgens geëxperimenteerd en ook (beperkt) gebruik gemaakt van het maatwerkbudget. Hierbij liepen we tegen diverse juridische problemen aan wanneer de gemeente dit zelf gaat uitvoeren. Er is ook geconstateerd dat er voldoende andere mogelijkheden zijn om voorzieningen in te zetten (andere dan het maatwerkbudget). In 2023 wordt er een zelfstandige lokale stichting Leergeld en mogelijk ook een zelfstandige lokale Stichting Urgente Noden (SUN) opgericht. Deze stichtingen kunnen maatwerk leveren waar we dit als gemeente niet mogen. Door de coronacrisis was een stijging van het aantal aanmeldingen bij het Budgetloket verwacht. In de praktijk blijkt dat de verwachte stijging in 2022 uitblijft. Echter verwachten we door de energiearmoede alsnog een substantiële toename. Om deze meldingen te kunnen behandelen wordt voorgesteld om € 75.000,- over te hevelen naar 2023.

Deze middelen gaan we gebruiken voor de opvang van de verwachte toename van het aantal meldingen bij het Budgetloket, de Schuldhulpmaatjes en Kwintes. De nog resterende middelen zetten we in voor de aansluiting van het schuldenknooppunt/ collectief schuldenregeling. De verwachting is dat de opdracht in 2022 wordt verstrekt en dat de kosten in dit jaar vallen. 6.72A - Maatwerkdienstverlening 18- (lagere lasten programmabudget Sociaal Domein € 234.000,-) In de meerjarenplanning van de opgave Sociaal Domein is rekening gehouden met bestedingen in 2023. Er is echter geen structureel opgavebudget beschikbaar: de beschikbare middelen komen voort uit het voormalige programmabudget Sociaal Domein en eerder overgehevelde middelen. Verschillende activiteiten die in 2022 zijn gestart vinden hun doorgang in 2023. Zo is het bijvoorbeeld van belang dat we in 2023 kunnen komen tot een afronding van het integraal dashboard sociaal domein en het vervolmaken van het dashboard Jeugd. De publiekscampagne en de verdere ontwikkeling van de sociale basis conform de visie en het integraal Beleidskader Sociaal Domein loopt in ieder geval tot en met 2023 door. In 2023 wordt een nieuw Integraal Beleidskader Sociaal Domein opgesteld waar extra inzet (o.a. Opiniepijlers) voor nodig is.

Voorgesteld wordt daarom om van de huidige resterende middelen € 234.000,- over te hevelen naar 2023 en in 2023 beschikbaar te stellen voor de uitvoering van deze activiteiten. In 2023 wordt bij het opstellen van de

23

Kadernota 2024 een voor dat jaar benodigd jaarbudget betrokken, alsmede de benodigde structurele middelen ter borging van structurele capaciteit en uitvoeringsbudgetten. 6.72B - Maatwerkdienstverlening 18- (hogere lasten jeugdzorg 1.205.000,-) Jeugdhulp We zien voor zorg in natura (ZIN) een lastenstijging tot een prognose van 21,6 miljoen. Dit is 1,4 miljoen hoger dan de opgenomen 20,2 miljoen in de gemeentelijke begroting. Deze stijging is (met name) te zien op de residentiële jeugdzorg, dure zorg die door enkele tientallen cases wordt veroorzaakt. Dit betreft een uitzonderlijke stijging ten opzichte van voorgaande jaren. Waar we in eerdere jaren gemiddeld 25-35 cases hadden, is dit in 2022 gestegen tot gemiddeld 50. Het aantal cases en de hoge kosten per casus maakt dat (structureel) begroten van deze zorgstroom complex is. De grip vanuit het CJG op deze soort zorg is beperkt, gezien er vaak jeugdrechtmaatregelen aan verbonden zijn. Het CJG voert hier regie op. We blijven ons inspannen om hierin te doen wat nodig is. Deze mutatie is in deze bestuursrapportage incidenteel verwerkt: de structurele kosten zijn opgenomen in de programmabegroting 2023-2026. Op basis van de PGB prognose van de SVB bestedingen t/m sept 2022 verwachten we in 2022 € 329.000,- voor Jeugd uit te geven.

Er is dit jaar voor pgb Jeugd in de eerste negen maanden 30% minder op de budgetten uitgegeven dan vorig jaar in dezelfde periode. 6.81 - Geëscaleerde zorg 18+ (lagere lasten opvang en beschermd wonen en project maatje achter de voordeur € 1.043.000,-) Vanaf 2022 voert Veenendaal zelfstandig de inkoop en toegang uit voor Beschermd Wonen. De begroting is gebaseerd op een gezamenlijk door Amersfoort en Veenendaal vastgesteld zorgbudget. In 2022 heeft Veenendaal ingezet op een inhoudelijke kanteling van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis. De verwachtte afname van het aantal Beschermd Wonen indicaties is gerealiseerd, waardoor in 2022 een incidenteel voordeel van € 700.000,- wordt verwacht. In 2022 is het uitvoeringsprogramma Beschermd Wonen 2023-2026 opgesteld om invulling te geven aan de meerjarenbeweging Van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis. In juni 2022 zijn de uitkomsten van het narratief onderzoek, uitgevoerd in 2021, besproken en zijn ideeën verzameld om de overgang van Beschermd Wonen naar inclusief wonen in de samenleving succesvol te laten plaatsvinden. Het innovatiebudget Beschermd Wonen van € 304.600 is in het uitvoeringsprogramma gekoppeld aan diverse activiteiten en initiatieven om deze meerjarige beweging te ondersteunen.

Het uitvoeringsprogramma wordt in november 2022 ter vaststelling voorgelegd aan het college, waarna de uitvoering vanaf 1 januari 2023 kan starten. Voor 2023 is een budget van €158.000 nodig, voor 2024 € 75.000 en voor 2025 € 70.150. De dekking daarvoor komt uit de € 303.150 aan restantmiddelen innovatiebudget welke vanuit 2022 worden meegenomen. Resultaatbestemming ter dekking van meerjarig project maatje achter de voordeur 20222024 dat door Stg. Veens Welzijn wordt uitgevoerd. Voorgesteld wordt om vanuit 2022 afgerond € 31.000,- over te hevelen naar 2023 en € 9.000,- naar 2024. De dekking daarvoor komt uit de restantmiddelen Verward Gedrag. 7.1A - Volksgezondheid (lagere lasten preventieakkoord € 90.000,-) Voor 2022 heeft de gemeente Veenendaal vanuit het Rijk een SPUK bijdrage ontvangen van € 90.000,- voor lokale preventie akkoorden en preventieaanpakken. Deze middelen worden door ons in 2023 ingezet als dekking voor de uitvoering van interventie Jongeren Op Gezond Gewicht (JOGG) conform het eerder genomen collegebesluit JOGG 2022-2025. (Het Rijk heeft inmiddels toestemming verleend om deze middelen door te schuiven naar 2023).

24

Baten 4.3C - Onderwijsbeleid en leerlingenzaken (hogere baten extra bijdrage gemeenten € 27.400,-) De raming is aangepast aan de begroting 2022 en de deelnemende gemeenten betalen dit jaar een extra bijdrage voor de aanpassing van het softwarepakket. Per saldo levert dit een eenmalige inkomst op van € 27.400,-. 5.2A - Sportaccommodaties (hogere baten huurinkomsten € 39.000,-) Voorafgaand aan het opstellen van de nieuwe begroting van de gemeente Veenendaal worden de financiële kaders vastgesteld. De technische financiële parameter voor de prijsstijging voor 2022 is gesteld op 1,5%. De daadwerkelijke index voor de huuraanpassing wordt echter, zoals opgenomen in de afgesloten huurcontracten, gebaseerd op de consumenten prijsindexcijfers die maandelijks gepubliceerd worden door het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Deze index was per 1 januari 2022 2,7%. Hierdoor wordt in 2022 meer huurinkomsten ontvangen dan begroot. 5.3A - Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie (lagere baten huurinkomsten € 189.000,-) Door het vertrek van de V.U. is er leegstand ontstaan in het Spectrum waardoor er geen huurinkomsten, ad € 187.000,-, voor deze ruimtes binnenkomen.

Reservemutaties Reserve meerjarige middelen: storting (€ 1.192.000,-) Voorgesteld wordt om de resterende middelen ten behoeve van de diverse doelen, van in totaal € 1.192.000,-, via de reserve meerjarige middelen over te hevelen naar 2023.

Risico's/ ontwikkelingen Sociale Leefomgeving Kostenontwikkeling Jeugd Op basis van de declaraties over de eerste zes maanden verwachten we dat de extra kosten van zware residentiele zorgtrajecten zich in heel 2022 zullen voordoen. De kostenstijging is het gevolg van een sterke stijging van residentiele casuïstiek. Waar onze gemeente eerder gemiddeld 25-35 cases aan residentiele casuïstiek kent, is dit in 2022 gestegen tot gemiddeld 50. In de vorige bestuursrapportage is dit reeds genoemd als risico. Het betreft een stijging van kosten van € 1,4 miljoen en dit is financieel verwerkt in deze bestuursrapportage. Voor de jaren 2023 e.v. is in de programmabegroting 2023-2026 reeds rekening gehouden met deze kosten. Ontwikkeling materiële ondersteuning Wmo De aanbesteding voor materiele ondersteuning is nog in proces ten tijde van het opstellen van deze rapportage. Zoals in eerdere bestuursrapportages is benoemd moet rekening worden gehouden met een stijging van de kosten. Zodra dit inzichtelijk is wordt de raad hierover geïnformeerd. Voor 2022 wordt een incidenteel voordeel verwacht welke in de jaarrekening 2022 wordt verwerkt. Ontwikkeling immateriële ondersteuning Wmo De uitgaven voor Wmo Immaterieel laten een kleine overschrijding zien. Enerzijds zien we dat het aantal cliënten Schoonmaakondersteuning hoger is dan waarop de begroting was gebaseerd.

Bij Dagbesteding/Dagopvang en Individuele Begeleiding blijven we juist ruim binnen de begroting. Dit betekent dat we meer besparen dan met de ingezette beheersmaatregelen voorzien was. De nieuwe werkwijze van de Wmo Consulenten draagt hieraan bij. We zien dat er wordt afgeschaald, zowel in uren als in de zwaarte van de indicatie. Ook de maatschappelijk werkers en het positioneren van een Wmo consulent aan de telefoon voor een eerste screening van de hulpvraag van de inwoner leiden tot versterking aan de voorkant, betere binding met de sociale basis en ook tot een daling van de kosten. De beschikbaarheid van voldoende personeel blijft hierbij wel een continue uitdaging. Sinds begin 2022 voeren we met alle aanbieders Wmo Immaterieel

25

contractgesprekken. Ons vermoeden is dat deze gesprekken ook een rol spelen in de daling van de kosten. Beschermd Wonen Vanaf 2022 voert Veenendaal zelfstandig de inkoop en toegang uit voor Beschermd Wonen. De begroting is gebaseerd op een gezamenlijk door Amersfoort en Veenendaal vastgesteld zorgbudget. In 2022 heeft Veenendaal ingezet op een inhoudelijke kanteling van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis. De verwachtte afname van het aantal Beschermd Wonen indicaties is gerealiseerd, waardoor in 2022 een incidenteel voordeel van € 700.000 wordt verwacht. In 2022 en 2023 ontvangt Veenendaal, boven op het Beschermd Wonen budget, een tweejarig kostendekkend budget voor de groep cliënten Beschermd Thuis. Dit bedrag is bedoeld voor de cliënten die vóór 1 januari 2022 een indicatie vanuit Amersfoort hebben gekregen. Voor 2022 zal dit ongeveer € 300.000,- zijn. Voor 2023 zal de vergoeding vanuit Amersfoort lager zijn omdat er minder cliënten zijn die nog onder deze regeling vallen. Nieuwe cliënten Beschermd Thuis vallen onder de financiële verantwoordelijkheid van Veenendaal. Deze groep groeit gestaag en kan financieel worden gedekt vanuit de afbouw/kanteling Beschermd Wonen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12075086/1