CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Derde bestuursrapportage 2021 - derde bestuursrapportage 2021

Gemeenteraad 16 december 2021, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Derde Bestuursrapportage 202120.076 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

3E BESTUURSRAPPORTAGE 2021

Inhoudsopgave INHOUDSOPGAVE .............................................................................................................. 2 INLEIDING ............................................................................................................................ 3 PROGRAMMA 1: FYSIEKE LEEFOMGEVING .................................................................. 14 PROGRAMMA 2: ECONOMIE, WERK EN ONTWIKKELING ............................................ 18 PROGRAMMA 3: SOCIALE LEEFOMGEVING .................................................................. 21 PROGRAMMA 4: BURGER EN BESTUUR ........................................................................ 30 PROGRAMMA 5: ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN EN ONVOORZIEN ...................... 32 PROGRAMMA 6: BEDRIJFSVOERING ............................................................................. 34 VOORTGANG RISICO'S .................................................................................................... 36 BIJLAGEN .......................................................................................................................... 39

2

Inleiding Algemeen Voor u ligt de 3e bestuursrapportage 2021. De 3e bestuursrapportage is hoofdzakelijk financieel van aard en staat in het teken van het aanpassen van de bestaande ramingen en het prognosticeren van het rekeningresultaat. Tevens vindt u in de rapportage een actualisatie van de risico’s. De inhoudelijke verantwoording op basis van de doelen zoals die zijn opgenomen in de Programmabegroting 2021-2024 maakt geen onderdeel uit van deze rapportage. Tussentijdse verantwoording hierover heeft reeds via de 1e en 2e bestuursrapportage plaatsgevonden. De eindverantwoording zal plaatsvinden in de jaarrekening 2021. In deze bestuursrapportage wordt verantwoording afgelegd over de financiële afwijkingen ten opzichte van de actuele Programmabegroting 2021-2024 (primitieve programmabegroting inclusief nadien genomen raadsbesluiten zoals de 1e en 2e bestuursrapportage 2021). Deze rapportage heeft daarom voornamelijk betrekking op de financiële ontwikkelingen die zich in 2021 hebben voorgedaan na de 2e bestuursrapportage 2021 (met peildatum 1 september). De peildatum van deze rapportage is 1 november 2021. Deze rapportage gaat in op afwijkingen, zowel wat betreft de baten en lasten, de geleverde goederen en diensten en indien daar aanleiding voor is de maatschappelijke effecten. In deze rapportages wordt in ieder geval aandacht besteed aan afwijkingen groter dan € 25.000.

Om de leesbaarheid van het document te vergroten is er in de bijlage een lijst van afkortingen opgenomen.

3

De coronacrisis (COVID-19) In september zijn de maatregelen verder versoepeld. We kunnen zonder de verplichte 1,5 meter maatregel. Dit is een grote stap vooruit. Zo kan de horeca weer op maximale capaciteit open en zijn alle evenementen toegestaan. De landelijke cijfers laten zien dat ruim 84% van alle mensen van 18 jaar en ouder volledig is gevaccineerd. Ruim 87% van deze leeftijdsgroep heeft minimaal één prik gehad (bron RIVM). Alleen met een zo hoog mogelijke vaccinatiegraad kunnen alle maatregelen worden losgelaten, de kwetsbare mensen in de samenleving worden beschermd en blijft iedereen toegang tot zorg hebben. Het aantal besmettingen is in de afgelopen weken hard gestegen. Steeds meer mensen worden opgenomen in het ziekenhuis. Het kabinet heeft op 2 november extra maatregelen aangekondigd om de snelle verspreiding van het coronavirus af te remmen. Financiële effecten De crisis en de maatregelen hebben nog steeds gevolgen voor de uitvoering van de begroting 2021. In deze rapportage vindt u de ontwikkelingen als gevolg van de coronacrisis in financiële zin terug per taakveld binnen de programma’s. In onderstaand overzicht zijn de budgettaire effecten van de crisis en de genomen maatregelen (op programmaniveau) in een totaaloverzicht opgenomen.

4

Programma

Overgehevelde middelen vanuit 2020 (via resultaatbestemming) (A)

Geraamde inkomsten compensatie 1e berap 2021 (B)

Geraamde inkomsten compensatie 2e berap 2021 (C)

Geraamde inkomsten compensatie 3e berap 2021 (D)

1 Fysieke Leefomgeving

€-

€-

€-

2 Economie, Werk en Ontwikkeling

€-

€-

€-

3 Sociale Leefomgeving

€-

€ 2.168.000

4 Burger en Bestuur

€-

€-

5 Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien

€ 1.893.000

€ 1.969.000

6 Bedrijfsvoering

€-

€-

Eindtotaal

€ 1.893.000

€ 4.137.000

Programma

Geraamde uitgaven Geraamde middelen vanuit 2020 gederfde (E) inkomsten 1e berap 2021 (F)

1 Fysieke Leefomgeving

€-

2 Economie, Werk en Ontwikkeling

€ 709.042

Totaal beschikbaar budget 2021 (A+B+C+D)

€ 2.877.042 €-

€ 30.000

€ 957.000

€ 4.849.000

€-

Reserveringen (diverse programma's) € 739.042

€ 957.000

€ 7.726.042

Geraamde gederfde inkomsten 2e berap 2021 (G)

Geraamde gederfde inkomsten 3e berap 2021 (H)

Geraamde uitgaven 1e berap 2021 (I)

Geraamde uitgaven 2e berap 2021 (J)

Totaal verwachte uitgaven/gederfde inkomsten 2021 (E+F+G+H+I+J+K)

Saldo 2021 (totaal budget - totaal verwachte uitgaven/gederfde inkomsten)

€-

€-

€-

€ 40.000

€ 100.000

€ 140.000

€ -140.000

3 Sociale Leefomgeving

€ 760.000

€-

€ 3.039.000

€ 1.037.042

€ -403.000

€ 4.433.042

€ -1.556.000

4 Burger en Bestuur

€-

€-

€ 222.000

€ 85.000

€ -40.000

€ 267.000

€ -267.000

5 Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien

€ 75.000

€-

€ 75.000

€ 4.774.000

6 Bedrijfsvoering

€ 900.000

€-

€ -250.000

€ 797.000

€ -797.000

€ 795.000

€ 795.000

€ -795.000

€ 102.000

€ 6.507.042

€ 1.219.000

€ 147.000

Reserveringen (diverse programma's) Eindtotaal

€ 1.775.000

€ 100.000

€-

€-

€ 3.261.000

5

€ 1.269.042

Geraamde uitgaven 3e berap 2021 (K)

De financiële afwijkingen in deze rapportage betreffen: 1. Inkomsten compensatie 2021: - tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK) (€ 727.000 voordelig); - buurt- en dorpshuizen ( € 38.000 voordelig); - lokale cultuur (€ 192.000 voordelig). 2. Inkomsten compensatie 2022: - aanvullend pakket re-integratie bijstandsgerechtigden (€ 34.000 voordelig); - impuls re-integratie bijstandsgerechtigden (€ 100.000 voordelig); - gemeentelijk schuldenbeleid (€ 110.000 voordelig); - bijzondere bijstand (€ 55.000 voordelig). 3. Geraamde gederfde inkomsten 2021: 4a. Geraamde uitgaven 2021 (compensatie door corona): - hogere uitgaven TONK (€ 27.000 nadelig); - lagere uitgaven coronaherstelfonds (€ 300.000 voordelig); - hogere uitgaven interventieteams (€ 35.000 nadelig); - hogere uitgaven toezicht en handhaving (€ 40.000 nadelig). 4b. Geraamde uitgaven 2021 (reguliere budgetten): - lagere uitgaven implementatiebudget quasi inbesteding Welzijn (€ 130.000 voordelig); - lagere uitgaven evenementenbeleid (€ 115.000 voordelig); - lagere uitgaven opleidingsbudget (€ 250.000 voordelig). 5.

Reserveringen 2021: - hogere storting meerjarige middelen implementatiebudget quasi inbesteding Welzijn (€ 130.000 nadelig); - hogere storting meerjarige middelen opleidingsbudget(€ 250.000 nadelig); - hogere storting meerjarige middelen coronaherstelfonds (€ 300.000 nadelig); - hogere storting meerjarige middelen evenementenbeleid (€ 115.000 nadelig). De geraamde inkomsten door compensatie vanuit het Rijk, voor zover het de algemene uitkering betreft, is gebaseerd op de decembercirculaire 2020, de maartbrief 2021, meicirculaire 2021 en de septembercirculaire 2021 vanuit het ministerie van BZK. Deze compensatie vanuit het Rijk is als volgt onder te verdelen:

6

Onderwerp

Toegekende Toegekende Toegekende Toegekende Totaal compensatie compensatie compensatie compensatie toegekende decembercirculaire maartbrief meicirculaire septembercirculaire compensatie 2020 2021 BZK 2021 2021 2021

2021

2021

2021

2021

€ 192.000

€ 705.000

2022

2022

€ 203.000

€ 34.000

€ 34.000

€ 115.000

€ 115.000

€ 110.000

€ 110.000

€ 40.000

€ 40.000

€ 55.000

€ 55.000

€ 100.000

€ 100.000

€ 299.000

€ 299.000

Lokale culturele voorzieningen

€ 513.000

Extra kosten verkiezingen

€ 82.000

€ 82.000

Compensatie quarantainekosten

€ 108.000

€ 108.000

Aanvullende pakket re-integratiekosten

€ 203.000

Gemeentelijke schuldenbeleid Bijzondere bijstand Perspectief jeugd en jongeren

€ 152.000

€ 152.000

Jongerenwerk

€ 52.000

€ 52.000

Mentale ondersteuning

€ 43.000

€ 43.000

Activiteiten en ontmoetingen

€ 30.000

€ 30.000

Bijzondere bijstand (TONK)

€ 242.000

Afvalverwerking

€ 102.000

€ 102.000

Bestrijden eenzaamheid ouderen

€ 127.000

€ 127.000

Extra begeleiding kwetsbare groepen

€ 141.000

€ 141.000

Voorschoolse voorziening peuters

€ 19.000

€ 19.000

€ 727.000

Heroriëntatie zelfstandigen

€ 20.000

Jeugd aan Zet

€ 10.000

€ 969.000

€ 20.000 € 10.000 € 38.000

Buurt- en dorpshuizen

€ 38.000

Impuls re-integratie bijstandsgerechtigden Totaal

Toegekende Totaal compensatie toegekende septembercirculaire compensatie 2021

€ 1.061.000

€ 908.000

€ 30.000

€ 957.000

€ 2.956.000

Bovenstaande tabel is een uitwerking /specificatie van de inkomsten uit de tabel ''financiële effecten coronacrisis''. Conclusie Uit de bovengenoemde overzichten blijkt dat op dit moment het beschikbare budget voor de corona-effecten in 2021 € 7.726.042 bedraagt. Daarnaast zijn de verwachte uitgaven / gederfde inkomsten in 2021 geprognosticeerd op € 6.507.042. Op dit moment resteert derhalve een bedrag van € 1.219.000. In de tweede bestuursrapportage 2021 is een saldo van € 364.000 gemeld. Het verschil tussen de 2e en 3e bestuursrapportage bedraagt € 855.000. Het restant van de ''coronagelden'' vanuit deze rapportage, ad € 855.000, wordt via de stelpost “coronagelden” gereserveerd om de extra onvermijdbare uitgaven dan wel gederfde inkomsten die zich dit jaar vanwege de coronamaatregelen nog voordoen, te dekken. In de jaarstukken zullen we u nader informeren over de financiële ontwikkelingen die voortvloeien uit de coronacrisis.

7

Investeringskredieten De raad wordt voorgesteld om de volgende investeringsbedragen beschikbaar te stellen: Voorbereidingsbudget voor startfase School in Groenpoort (€ 100.000) In juni 2021 heeft de raad besloten om een nieuw schoolgebouw in Groenpoort te ontwikkelen. Omdat het investeringsbudget (inclusief voorbereidingskosten) voor deze school nog niet via een meerjareninvesteringsplan beschikbaar is gesteld, is een raadsbesluit voor het nu alvast beschikbaar stellen een voorbereidingskrediet nodig. Dit budget is nodig om de projectopdracht, stedenbouwkundige inpassing, samenwerkingsovereenkomst met het schoolbestuur, de voorbereidingen voor de grondaankoop en diverse andere zaken te kunnen uitvoeren. Dit leidt vervolgens tot een raadsvoorstel medio 2022 voor het vervolg. Dit bedrag omvat tevens budget voor inschakeling van (een) externe partij(en) voor een deel van deze werkzaamheden. De externe inzet is hoger dan normaal omdat er met dit besluit diverse onderwijstrajecten tegelijk lopen waar onvoldoende capaciteit binnen de organisatie voor aanwezig is. Aanschaf gebruikersapparatuur (investering € 516.000) In het kader van het “Veens Nieuwe Werken’ is besloten om de vaste pc’s en telefoons te vervangen door laptops en mobieltjes. Hierdoor kan er op elk moment en op elke plaats gewerkt worden en wordt het thuiswerken nog beter gefaciliteerd.

Voor deze en overige ICTontwikkelingen is in de Programmabegroting 2021-2024 structureel € 210.000 per jaar opgenomen. Nu heeft de aanschaf van deze gebruikersapparatuur een meerjarig karakter en dient derhalve als investering beschouwd te worden. In totaal bedraagt de investering € 936.000. Hiervan is reeds € 420.000 beschikbaar binnen de huidige investeringsbedragen. Resteert een nog beschikbaar te stellen investeringsbedrag van € 516.000. Voorgesteld wordt daarom voor de aanschaf van de gebruikersapparatuur een aanvullend investeringsbedrag van € 516.000 beschikbaar te stellen. De jaarlijkse (kapitaal)lasten van dit aanvullende investeringsbedrag worden gedekt uit de beschikbare € 210.000 vanuit de Programmabegroting 2021-2024. De mutatie heeft daarmee geen budgettaire gevolgen voor ons financieel meerjarenperspectief. Aanschaf boekscanner (investering € 17.000) Voor het verder digitaliseren en professionaliseren van het gemeentearchief is de aanschaf van een boekscanner noodzakelijk. Met de huidige (standaard) scanners is het niet mogelijk om op een goede manier oude kwetsbare archiefstukken en boeken te scannen, met mogelijke schade aan de stukken tot gevolg. Met de aanschaf van een boekscanner kan het gemeentearchief op een professionele manier haar kwetsbare boeken, archiefstukken en collecties scannen. De aanschafprijs van de boekscanner bedraagt € 17.000.

In het huidige meerjareninvesteringsplan is geen rekening gehouden met deze investering. Voorgesteld wordt daarom om een investeringsbedrag van € 17.000 beschikbaar te stellen voor de aanschaf van een boekscanner. De jaarlijkse (kapitaal)lasten kunnen gedekt worden uit de gereserveerde kapitaallasten voor de bedrijfsvoering. Daarmee heeft ook deze mutatie geen budgettaire consequenties voor het financieel meerjarenperspectief.

Saldo 3e bestuursrapportage 2021 Uiteindelijk resulteert deze 3e bestuursrapportage 2021 (na verwerking van de mutaties in de bestemmingsreserves) in een positief saldo van € 156.000 voor 2021. Voorgesteld wordt dit resultaat te storten in de algemene reserve. Het raadsvoorstel bij de bestuursrapportage bevat een begrotingswijziging waarin we de financiële over- en onderschrijdingen aan u voorleggen. Om recht te doen aan ons uitgangspunt ‘een zo goed mogelijke benadering van het resultaat van de jaarrekening’, zijn alle bij ons bekende financiële ontwikkelingen in deze rapportage 8

gemeld en wordt waar mogelijk voorgesteld om de begroting hierop aan te passen. In meerdere gevallen gaat het om nog niet bestede budgetten waarvan de onderliggende activiteiten een meerjarig karakter hebben. Van deze budgetten wordt in deze rapportage voorgesteld om de restantbudgetten via de reserve meerjarige middelen over te hevelen naar 2022 en volgende jaren.

Over te hevelen budgetten van 2021 naar 2022 e.v. jaren In de rapportage wordt voorgesteld om een aantal budgetten over te hevelen van 2021 naar 2022 e.v. jaren. Het gaat specifiek om de volgende budgetten: Programma

Omschrijving

Bedrag

Incidenteel of meerjarig budget

1

Parkeermaatregelen

€ 55.000

Incidenteel

1

Mobiliteitsonderzoek Veenendaal

€ 20.000

Incidenteel

1

Kerkenvisie

€ 50.000

Incidenteel

1

Baggerwerkzaamheden

€ 178.000

Meerjarig

1

Stikstofdossier

€ 65.000

Meerjarig

1

Verduurzaming Gemeentelijk vastgoed

€ 500.000

Meerjarig

1

Stedenbouwkundige structuurvisies

€ 20.000

Meerjarig

1

LEADER programma Utrecht-Oost

€ 15.000

Incidenteel

1

Implementatiebudget Omgevingswet

€ 275.000

Meerjarig

2

Ondernemersdienstverlening

€ 150.000

Meerjarig

2

Programma Vitale Binnenstad

€ 300.000

Meerjarig

2

ICT Campus

€ 300.000

Meerjarig

2

Viering 75 jaar Vrijheid!

€ 20.000

Incidenteel

2

Evenementen

€ 95.000

Incidenteel

3

Onderwijsbeleid

€ 8.000

Incidenteel

3

ICT-fonds

€ 54.000

Meerjarig

3

Peuterwerk

€ 72.000

Incidenteel

3

Cultuurbeleid Stichting Muziekschool

€ 29.000

Incidenteel

3

Implementatiebudget quasi inbesteding Welzijn

€ 130.000

Meerjarig

3

Coronaherstelfonds

€ 300.000

Incidenteel

3

Transformatiebudget

€ 66.000

Meerjarig

3

Integrale projecten Sociaal Domein

€ 125.000

Meerjarig

3

Wet Inburgering

€ 75.000

Incidenteel

3

Schuldhulpverlening

€ 50.000

Meerjarig

3

Maatwerkbudget

€ 200.000

Meerjarig

3

Programma Sociaal Domein

€ 300.000

Meerjarig

3

Opvang en beschermd wonen

€ 305.000

Meerjarig

3

GIDS gelden

€ 69.000

Meerjarig

3

Gezondheidsbeleid

€ 15.000

Incidenteel

4

Werkbudget IVP/ondermijning

€ 17.000

Incidenteel

6

Wetsontwerp Breed offensief

€ 44.000

Incidenteel

6

Opleidingsbudget

€ 250.000

Incidenteel

6

Art. 213a onderzoeken

€ 45.000

Incidenteel

€ 4.197.000

Totaal

Met de overheveling van de budgetten wordt bewerkstelligd dat de geplande activiteiten c.q. resultaten kunnen worden uitgevoerd en de resultaten worden behaald. Het opnieuw beschikbaar stellen van deze budgetten per 1 januari 2022 zorgt ervoor dat de afgesproken activiteiten geen vertraging oplopen. Voor een nadere toelichting verwijzen wij u naar bijlage 3 in deze rapportage.

Coronaherstelfonds Voor de activiteiten vanuit de 1e tranche van het coronaherstelfonds is € 100.000 beschikbaar. Tot dusver zijn de volgende aanvragen gehonoreerd: - St. Kinderkoor Oase: Musical "Into the Woods Junior", (project voor kinderen en jongeren) kosten € 4.500; 9

- Netwerk voor jou: get up and enjoy (project voor jongeren tussen 16 en 27 jaar), kosten € 25.000; - Ritmeester veenzangers mannenkoor (voor een gratis en publiek toegankelijk kerstconcert) kosten € 4.495; - Veenendaal kamerkoor (voor een publiekelijk toegankelijk concert), kosten € 1.200; - Ontmoetingshuis onder ons (voor relatie opbouw avonden voor echtparen), kosten € 3.525; - Bibliotheek (voor zondagsopenstelling 1e halfjaar van 2022), kosten € 22.390. Op dit moment resteert nog een budget van € 38.890

Financieel vertrekpunt Het financieel vertrekpunt voor deze rapportage is de Programmabegroting 2021-2024, de 3e bestuursrapportage 2020, de 1e bestuursrapportage 2021, de Kadernota 2022-2025, de structurele effecten vanuit de meicirculaire 2021, het saldo van de 2e bestuursrapportage 2021 en het saldo van de Programmabegroting 2022-2025. De financiële gevolgen van de septembercirculaire 2021 zijn voor het jaar 2021 en de taakmutaties voor de jaren 2021 tot en met 2025 in deze rapportage verwerkt. De financiële consequenties van de algemene mutaties voor de jaren 2022 en verder worden meegenomen in de eerste bestuursrapportage 2022 en Kadernota 2023-2026. Voor de inzichtelijkheid van het meerjarenperspectief zijn deze consequenties in onderstaande tabel reeds opgenomen. bedragen x € 1.000

Raming 2021

Raming 2022

Raming 2023

Raming 2024

Saldi Programmabegroting 2021-2024

910

604

509

-1057

Verrekening saldi Programmabegroting 2021-2024 met de algemene reserve

-910

-604

-509

1057

780

777

850

Saldi 3e bestuursrapportage 2020

-125

-125

-125

-125

Saldi 1e bestuursrapportage 2021

-455

Saldi septembercirculaire 2020

Saldi Kadernota 2022-2025 Saldi meicirculaire 2021 Saldo voor 2e bestuursrapportage 2021 (basisscenario)

-580

Aanvullend budget KN vervolgscenario Saldo voorstellen KN vervolgscenario

-42

-42

-60

-398

-311

-608

449

-579

-1043

664

-280

-986

2.100

2.100

2.100

-1.913

-1.953

-2.042

Saldo voor 2e bestuursrapportage 2021 (vervolgscenario)

-580

851

-133

-928

Saldi 2e bestuursrapportage 2021

1.369

186

312

705

154

-151

-273

Saldi septembercirculaire 2021

3.153

2.482

2.466

Saldi verwerking loon- en prijsstijgingen

-388

-667

-862

3.956

1.843

1.108

Saldi Programmabegroting 2022-2025

Saldo voor 3e bestuursrapportage 2021

789

Financiële effecten 3e bestuursrapportage 2021 In onderstaand overzicht vindt u de totaalbedragen voor de jaren 2021 tot en met 2024 van de financiële effecten c.q. ontwikkelingen zoals ze in deze rapportage zijn opgenomen.

In de bestuursrapportage hebben we een splitsing aangebracht tussen: •

financiële ontwikkelingen (afwijkingen) die effect hebben op het begrotingssaldo; deze ontwikkelingen zijn opgenomen en toegelicht bij de diverse programma’s;

•

budgettair neutrale afwijkingen; deze ontwikkelingen (die geen effect hebben op het begrotingssaldo, maar wel programma overschrijdend kunnen zijn) vindt u terug in bijlage 1;

•

In het gepresenteerde financieel overzicht hieronder zijn structurele gevolgen van ontwikkelingen die zich in 2021 voordoen opgenomen. Het gaat concreet om ontwikkelingen die zich binnen het bestaande beleid voordoen. De structurele gevolgen worden opgenomen in de Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025 . In bijlage 2 vindt u een overzicht van deze structurele mutaties.

10

Financiële effecten voor 2021 Op basis van deze rapportage laat het begrotingsjaar 2021 een verwacht positief saldo zien van € 156.000. De grootste afwijkingen die van invloed zijn op dit resultaat betreffen de hogere baten gemeentefonds (€ 1.108.000 voordelig), hogere lasten reservering stelpost coronagelden (€ 855.000 nadelig), hogere lasten herstelwerkzaamheden zwembad (€ 150.000 nadelig) en lagere lasten participatie (€ 90.000 voordelig). Voorgesteld wordt om het voordeel van € 156.000 te storten in de algemene reserve. Financiële effecten voor 2022-2025 In de rapportage worden meerdere financiële ontwikkelingen gemeld die van invloed zijn op het meerjarenperspectief 2022-2025. U vindt deze ontwikkelingen terug bij de diverse programma’s. Per saldo is sprake van de volgende afwijkingen: € 235.000 negatief in 2022, € 12.000 negatief in 2023 en € 67.000 negatief in 2024. Het financieel perspectief na deze bestuursrapportage laat een positief saldo zien van € 3.721.000 in 2022, een positief saldo van € 1.831.000 in 2023 en een positief saldo van € 1.041.000 in 2024. Bedragen x €1.000 Financieel overzicht (bedragen x € 1.000)

Raming 2021

Raming 2022

Raming 2023

Raming 2024

Lasten

-3.485

1.054

725

725

Baten

1.503

1.051

713

658

A. Saldo van baten en lasten 3e bestuursrapportage 2021

4.987

-3

-12

-67

278

-232

0

0

Stortingen

5.109

0

0

0

B. Mutaties reserves 3e bestuursrapportage 2021

-4.831

-232

0

0

156

-235

-12

-67

Onttrekkingen

Totaal 3e bestuursrapportage 2021 (A+B)

Financieel perspectief na verwerking 3e bestuursrapportage 2021 Het financiële perspectief voor de komende jaren ziet er, na verwerking van de financiële effecten uit deze rapportage, samenvattend als volgt uit: bedragen x € 1.000

Raming 2021

Raming 2022

Raming 2023

Raming 2024

Saldo voor 3e bestuursrapportage 2021

789

3.956

1.843

1.108

Totaal 3e bestuursrapportage 2021

156

-235

-12

-67

Financieel perspectief na 3e bestuursrapportage 2021

945

3.721

1.831

1.041

Samenvatting financiële afwijkingen 3e bestuursrapportage 2021 Hieronder vindt u de financiële afwijkingen per programma. Bedragen x €1.000

11

Programma

Raming 2021 Baten

Lasten

Stortingen

Onttrekkingen

Saldo

1 Fysieke Leefomgeving 0.10A - Mutaties reserves Fysieke Leefomgeving

0

0

1.178

278

-900

0.3A - Beheer overige gebouwen en gronden

29

51

0

0

-22

0.63 - Parkeerbelasting

-49

0

0

0

-49

2.1B - Verkeer en vervoer

0

-75

0

0

75

5.5A - Cultureel Erfgoed

0

-128

0

0

128

6.1D - Samenkracht en burgerparticipatie

0

-35

0

0

35

7.2A - Riolering

0

-178

0

0

178

7.4D - Milieubeheer

0

-565

0

0

565

8.1A - Ruimtelijke Ordening

0

-35

0

0

35

8.1C - Ruimtelijke Ordening

0

-275

0

0

275

8.3A - Wonen en bouwen

-232

0

0

0

-232

8.3B - Wonen en bouwen

50

0

0

0

50

8.3D - Wonen en bouwen

0

131

0

0

-131

-202

-1.109

1.178

278

7

0.10B - Mutaties reserves Economie, Werk en Ontwikkeling

0

0

865

0

-865

3.1A - Economische ontwikkeling

0

-150

0

0

150

3.1C - Economische ontwikkeling

0

-600

0

0

600

3.4A - Economische promotie

0

0

0

0

0

3.4B - Economische promotie

0

-115

0

0

115

Totaal 2 Economie, Werk en Ontwikkeling

0

-865

865

0

0

0.10C - Mutaties reserves Sociale Leefomgeving

0

0

1.798

0

-1.798

4.2A - Openbaar basisonderwijs

0

42

0

0

-42

4.3A - Onderwijsbeleid en leerlingenzaken

0

-134

0

0

134

Totaal 1 Fysieke Leefomgeving 2 Economie, Werk en Ontwikkeling

3 Sociale Leefomgeving

5.2A - Sportaccommodaties

0

307

0

0

-307

5.3A - Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie

-184

-133

0

0

-51

5.3B - Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie

0

-29

0

0

29

5.4A - Musea

0

0

0

0

0

6.1G - Samenkracht en burgerparticipatie

0

-430

0

0

430

6.2A - Wijkteams

0

-191

0

0

191

6.2B - Wijkteams

-12

0

0

0

-12

6.3A - Inkomensregelingen

0

27

0

0

-27

6.3B - Inkomensregelingen

-193

-43

0

0

-150

6.4 - Begeleide participatie

0

-90

0

0

90

6.5A - Arbeidsparticipatie

0

-445

0

0

445

6.71A - Maatwerkdienstverlening 18+

0

-250

0

0

250

6.72A - Maatwerkdienstverlening 18-

0

-300

0

0

300

6.81 - Geëscaleerde zorg 18+

0

-415

0

0

415

7.1A - Volksgezondheid

0

-84

0

0

84

7.1B - Volksgezondheid

0

43

0

0

-43

-389

-2.125

1.798

0

-62

0.10D - Mutaties reserves Burger en Bestuur

0

0

17

0

-17

1.2 - Openbare orde en veiligheid

0

94

0

0

-94

Totaal 4 Burger en Bestuur

0

94

17

0

-110

Totaal 3 Sociale Leefomgeving 4 Burger en Bestuur

5 Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien

12

Programma

Raming 2021

0.10E - Mutaties reserves Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien

0

0

913

0

0.5 - Treasury

73

0

0

0

73

0.64A - Belastingen overig

913

0

0

0

913

0.64C - Belastingen overig 0.7 - Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds

0

44

0

0

-44

1.108

0

0

0

1.108

0

855

0

0

-855

2.094

899

913

0

282

0.8 - Overige baten en lasten Totaal 5 Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien

-913

6 Bedrijfsvoering 0.10F - Mutaties reserves Bedrijfsvoering

0

0

339

0

-339

0.4L - Overhead (P&O)

0

-250

0

0

250

0.4N - Overhead (Vastgoed)

0

-65

0

0

65

0.4P - Overhead (Strategie)

0

26

0

0

-26

9.914 - Algemeen Bijstand, Reintegratie en Participatie

0

-44

0

0

44

9.917 - Algemeen Control

0

-45

0

0

45

Totaal 6 Bedrijfsvoering

0

-378

339

0

39

1.503

-3.485

5.109

278

156

Gerealiseerd resultaat

Prognose stand algemene reserve Onderstaand vindt u de prognose van de stand van de algemene reserve. In deze prognose is nog geen rekening gehouden met het saldo van deze bestuursrapportage. Stand algemene reserve (bedragen x € 1.000)

2021

Stand per 1/1

16.871

Toevoegingen regulier

20

Onttrekkingen regulier

-16

Quasi inbesteden welzijn (1e berap 2020 en Kaderbrief 2021-2024)

-350

Onttrekkingen/stortingen o.b.v. Programmabegroting 2021-2024

910

Amendementen Programmabegroting 2021-2024

-33

IKC Franse Gat (raad 01-01-2021)

-460

Resultaat Jaarstukken 2020

2.390

Huisvestingskosten De Bongerd (1e berap 2021)

-19

Lagere opbrengst Ellekoot (1e berap 2021)

-13

Resultaat 1e berap 2021

-455

Amendement 1e berap (onderzoek theater Lampegiet)

-100

Tussenstap Visie Stadspark (raad 16 september 2021)

-60

Correctie resultaat berap 3 2020 tlv AR

-125

Resultaat 2e berap 2021

1.369

Prognose stand algemene reserve per 09-11-2021

19.929

13

Programma 1: Fysieke leefomgeving Financiële ontwikkelingen Fysieke leefomgeving Bedragen x €1.000 Feiten en ontwikkelingen

Raming 2021

Raming 2022

Raming 2023

Raming 2024

Lasten 0.3A - Beheer overige gebouwen en gronden

51

0

0

0

2.1B - Verkeer en vervoer

-75

0

0

0

5.5A - Cultureel Erfgoed

-128

0

0

0

6.1D - Samenkracht en burgerparticipatie

-35

0

0

0

7.2A - Riolering

-178

0

0

0

7.4D - Milieubeheer

-565

0

0

0

8.1A - Ruimtelijke Ordening

-35

0

0

0

8.1C - Ruimtelijke Ordening

-275

0

0

0

8.3B - Wonen en bouwen

0

0

0

0

8.3D - Wonen en bouwen

131

30

0

0

-1.109

30

0

0

29

0

0

0

Totaal Lasten Baten 0.3A - Beheer overige gebouwen en gronden 0.63 - Parkeerbelasting

-49

0

0

0

8.3A - Wonen en bouwen

-232

232

0

0

8.3B - Wonen en bouwen

50

0

0

0

Totaal Baten

-202

232

0

0

Saldo van baten en lasten

907

202

0

0

278

-232

0

0

Onttrekkingen 0.10A - Mutaties reserves Fysieke Leefomgeving Stortingen 0.10A - Mutaties reserves Fysieke Leefomgeving

1.178

0

0

0

Saldo mutaties reserves

-900

-232

0

0

7

-30

0

0

Totaal 3e bestuursrapportage

Toelichting financiële ontwikkelingen Lasten 0.3 - Beheer overige gebouwen en gronden (hogere lasten projectplan Reclamemast A12 € 51.000): In oktober 2020 is het projectplan Reclamemast A12 vastgesteld door het college. De verwachting was dat in de zomer van 2021 de resultaten van de aanbesteding bekend zouden zijn en dat de financiële consequenties bij de 3e bestuursrapportage verwerkt konden worden. Hierbij zouden de incidentele kosten en de structurele inkomsten geraamd worden. Inmiddels is de voortgang vertraagd vanwege een rechtszaak. Voorgesteld wordt de incidentele voorbereidingskosten (€ 51.000) te verwerken in deze bestuursrapportage. 2.1 - Verkeer en vervoer (lagere lasten parkeermaatregelen bedrijventerrein € 55.000 en lagere lasten mobiliteitsonderzoek Veenendaal € 20.000): Voor parkeermaatregelen op bedrijventerrein heeft de raad voor 2021 € 80.000 beschikbaar gesteld. Door de lange looptijd om deze maatregelen in te kunnen voeren verwachten wij dit in 2022 te kunnen afronden. Voorgesteld wordt dan ook om € 55.000 mee te nemen naar 2022. Aanvankelijk was voor een mobiliteitsonderzoek voor het Franse Gat € 20.000 geraamd. Dit onderzoek is niet uitgevoerd maar intern uitgewerkt. Dit leidt tot een voordeel van € 20.000 in 2021 waarvan wordt voorgesteld om dit budget mee te nemen naar 2022 voor een onderzoek naar station Veenendaal Centrum.

Dit onderzoek is bedoeld om te onderzoeken 14

wat het station nodig heeft om toekomstbestendig te worden. Denk hierbij aan het in kaart brengen van maatregelen om de stationsomgeving te verbeteren en te kijken of er nog verdichtingsmogelijkheden zijn. Hierbij willen we de knooppuntontwikkeling systematiek toepassen en aansluiten bij het beleid van de Rijksoverheid (TBOV 2040: Ketens en Knopen), provincie Utrecht en de omgevingsvisie Veenendaal 2030. Het onderzoek wordt voor 50% gefinancierd door gemeente Veenendaal, en voor 50% door provincie Utrecht middels een subsidie. De subsidie is inmiddels aangevraagd. De verwachting is dat in 2022 wordt begonnen met het uitvoeren van het onderzoek. Verwachte opleveringsdatum van het onderzoek is het 2e kwartaal van 2022. Voorgesteld wordt om het gereserveerde budget, ad € 20.000, mee te nemen naar 2022. 5.5 - Cultureel Erfgoed (lagere lasten gemeentelijke monumenten € 78.000 en lagere lasten kerkenvisie € 50.000): Per 1 september is nog een bedrag van € 82.000 beschikbaar voor subsidies gemeentelijke monumenten. Gelet op meerjarige gemiddelden, worden er 2021 nog maximaal 2 tot 4 subsidieverzoeken ingediend. Het voorstel is dan ook om het beschikbare subsidiebudget 2021 van € 128.000 af te ramen naar € 50.000. De gemeente Veenendaal heeft via de meicirculaire 2021 een bedrag van € 50.000 ontvangen voor de kerkenvisie.

Door input op te halen bij landelijke bijeenkomsten en overleg met andere gemeenten, wordt een plan van aanpak opgesteld hoe dit geld wordt besteed. Omdat deze werkzaamheden dit jaar niet kunnen worden afgerond, is het voorstel om dit bedrag over te hevelen naar 2022. 6.1 - Samenkracht en burgerparticipatie (lagere lasten € 35.000): De Raad heeft het beheerplan gemeentelijk Vastgoed 2021-2025 vastgesteld. Op basis van het saldo van de voorziening per 1 januari 2021 en de (lagere) begrote lasten van het groot onderhoud (die onttrokken worden aan de voorziening) voor de komende 10 jaar, is de dotatie per jaar bepaald op € 1.050.000 (dit bedrag wordt met ingang van 2022 jaarlijks geïndexeerd met 1,5%). Het saldo van de onderhoudsvoorziening blijft dan tot en met 2030 positief. Ten opzichte van de reeds in de begroting vastgelegde dotaties is deze nieuwe dotatie ca. € 100.000 per jaar lager. Deze verlaging is een gemeente breed saldo van zowel verlagingen als verhogingen van de dotaties voor verschillende objecten die in deze bestuursrapportage worden verwerkt. Voor het vastgoed Ontmoetingshuis wordt € 35.000 afgeraamd. Dit op basis van een herberekening van de onderhoudskosten die afwijken ten opzichte van de berekening van 4 jaar geleden.

7.2 - Riolering (lagere lasten baggerwerkzaamheden € 178.000): Voor het project “baggerwerkzaamheden 2016-2021” wordt in 2021 niet het gehele bedrag besteed. Er blijft naar verwachting een bedrag van € 178.000 in 2021 over. Het project heeft een meerjarig karakter wordt gefaseerd uitgevoerd en zal doorlopen na 2021. Conform eerdere besluitvorming wordt voorgesteld om deze € 178.000 via de reserve meerjarige middelen over te hevelen naar 2022. 7.4 - Milieubeheer (lagere lasten stikstofdossier € 65.000 en lagere lasten verduurzaming gemeentelijk vastgoed 500.000): Het gebiedsproces Binnenveld bestaat uit 6 fasen. Fase 1 is recent van start gegaan, een stuk later dan gepland, Dit omdat er met een groot aantal partijen overeenstemming moest komen over een te starten gebiedsproces met als doel het toewerken naar een gezamenlijk toekomstperspectief voor het Binnenveld. Er zijn 4 gemeenten, 2 provincies en 1 ministerie bij het Binnenveld betrokken. Daarnaast was er nog veel onduidelijk over de nieuwe landelijke stikstofwet die op 1 juli 2021 nog een grote wijziging kende (bouwvrijstelling). In 2022 gaan fase 2, 3 en mogelijk 4 van start. Voorgesteld wordt om het restant budget van € 65.000 over te hevelen naar 2022. Met name de nog niet benutte budgetten voor Verduurzaming Gemeentelijk vastgoed zorgen

15

voor een restantbudget van € 500.000 aan het eind van 2021. Voorgesteld wordt om dit bedrag mee te nemen naar 2022. 8.1 - Ruimtelijke Ordening (lagere lasten stedenbouwkundige structuurvisies € 20.000, lagere lasten LEADER programma Utrecht-Oost € 15.000 en lagere lasten implementatiebudget Omgevingswet € 275.000): Na aftrek van reeds betaalde facturen bedraagt het restant budget voor stedenbouwkundige structuurvisies € 29.000. Naar verwachting wordt een bedrag van € 20.000 dit jaar niet is besteed. Dit budget is onder andere ingezet voor de gebiedsvisie Franse Gat. Aangezien dit een meerjarig project, stellen wij voor dit bedrag toe te voegen aan het budget 2022. Voorgesteld wordt om een bedrag van € 20.000 mee te nemen naar 2022. Veenendaal participeert in het LEADER programma Utrecht-Oost. Vanwege het ontbreken van voldoende concrete projecten worden de beschikbare middelen dit jaar niet volledig benut. Voorgesteld wordt om een bedrag van € 15.000 over te hevelen naar 2022. Het implementatiebudget voor de Omgevingswet wordt ingezet voor alle voorbereidende werkzaamheden die nodig zijn om conform de Omgevingswet te kunnen werken, zodra deze Wet van kracht wordt op 1 juli 2022. Deze werkzaamheden worden uitgevoerd binnen het Programma Implementatie Omgevingswet.

Voorgesteld wordt om van het implementatiebudget € 275.000 (via de reserve meerjarige middelen) beschikbaar te stellen in 2022 voor de werkzaamheden die in de periode 1-1-2022 tot 1-7-2022 nog moeten worden uitgevoerd. 8.3 - Wonen en bouwen (hogere lasten reserve starters- en blijversleningen € 46.000 en hogere lasten opgave Groei en Bloei € 85.000 in 2021 en € 30.000 in 2022): De kosten voor rente op de starters- en blijversleningen zijn voor 2021 € 102.000. Begroot is een bedrag van € 56.000. de extra kosten van € 46.000 komen ten laste van de reserve starters- en blijversleningen. Meerjarig is een inschatting gemaakt van het nadelig resultaat bij de starters- en blijversleningen. In het laatste kwartaal zijn de werkelijke rentekosten pas bekend van het lopende boekjaar en wordt conform eerdere besluitvorming het verschil onttrokken aan de reserve starters- en blijversleningen. In meerjarig perspectief zal worden nagegaan hoe de geraamde lasten zich verhouden tot de verwachte realisatie en indien nodig zullen de ramingen worden bijgesteld met inzet van de reserve. Voor de opgave Groei en Bloei is een aanvullend budget nodig van € 85.000 in 2021. Deze extra kosten hebben te maken met het opstellen van de woningmarktmonitor en met werkzaamheden voor de gebiedsverkenning Noord.

Er is onder begeleiding van het DataLab een prototype van de woningmarktmonitor gemaakt, met vergroting van de kwantitatieve data en het vergroten van de betrouwbaarheid van de data. Alle betrokken partijen zijn enthousiast over de resultaten en de mogelijkheden die de opzet biedt. Het prototype moet nu doorontwikkeld worden tot een eindproduct, waarmee geïnvesteerd wordt in een kwalitatief hoogwaardige informatievoorziening. Het ontwikkelen van het prototype was ingewikkelder dan verwacht mede omdat op onderdelen onze basisdata en architectuur niet op orde waren. Daarnaast vraagt een (eventueel) succes om eenmalige activatiekosten € 30.000 (in 2022). Dit geeft de organisatie daarnaast tijd om het eindproduct financieel te borgen. Baten 0.3 - Beheer overige gebouwen en gronden (hogere baten € 29.000): Er zijn diverse percelen gemeentegrond verkocht ter waarde van € 29.000. 0.63 - Parkeerbelasting (lagere baten € 49.000): In RIB 2021.139 bent u geïnformeerd dat door de te volgen aanbestedingsprocedure voor parkeerapparatuur voor het fiscaliseren de in 2021 verwachte voordelen rondom het fiscaliseren niet worden gehaald. Dit betekent dat de in de 2e bestuursrapportage opgenomen voordelen, ad € 49.000, niet worden gerealiseerd.

16

8.3 - Wonen en bouwen (lagere baten bijdrage Provincie project verkabeling hoogspanningslijn € 232.000 en hogere baten leges € 50.000): Op basis van de daadwerkelijke uitgaven en het percentage wat daarvan gedekt wordt vanuit de provinciale subsidie worden de ramingen voor het project verkabeling hoogspanningslijn geactualiseerd voor 2021. De ramingen van de dekking vanuit enerzijds de bestemmingsreserve verkabeling hoogspanningen en anderszijds de subsidie van de provincie, worden hierbij geactualiseerd. In totaliteit en over de jaren heen blijven de ramingen gelijk. Van de verwachte kosten in 2021 van € 440.000 wordt € 208.000 gedekt door de subsidie van de provincie. Het overige deel (€ 232.000) wordt onttrokken aan de bestemmingsreserve verkabeling hoogspanning. De voor het jaar 2021 geraamde leges worden volledig gerealiseerd. Na verwerken van extra kosten van zowel Mooi Sticht als de Omgevingsdienst Regio Utrecht is er een overschot op de leges van € 50.000. Gelet op de implementatie van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen en de eventuele consequenties hiervan op de in 2022 te verlenen omgevingsvergunningen, stellen wij voor om dit overschot bij het vaststellen van de jaarrekening toe te voegen aan de egalisatiereserve WABO-leges.

Reservemutaties Reserve meerjarige middelen: storting (€ 1.178.000) Voorgesteld wordt om de resterende middelen ten behoeve van de diverse doelen, ad. in totaal € 1.178.000, via de reserve meerjarige middelen over te hevelen naar 2022. Bestemmingsreserve verkabeling hoogspanning: onttrekking (€ 232.000) Op basis van de daadwerkelijke uitgaven en het percentage wat daarvan gedekt wordt vanuit de provinciale subsidie worden de ramingen voor het project verkabeling hoogspanningslijn geactualiseerd voor 2021. De ramingen van de dekking vanuit enerzijds de bestemmingsreserve verkabeling hoogspanningen en anderszijds de subsidie van de provincie, worden hierbij geactualiseerd. In totaliteit en over de jaren heen blijven de ramingen gelijk. Van de verwachte kosten in 2021 van € 440.000 wordt € 208.000 gedekt door de subsidie van de provincie. Het overige deel (€ 232.000) wordt onttrokken aan de bestemmingsreserve verkabeling hoogspanning. Reserve starters- en blijversleningen: onttrekking (€ 46.000) De kosten voor rente op de starters- en blijversleningen zijn voor 2021 € 102.000. Begroot is een bedrag van € 56.000. De extra kosten van € 46.000 komen ten laste van de reserve starters- en blijversleningen.

Risico's / ontwikkelingen Fysieke leefomgeving Parkeren Met Raadsinformatiebrief 2021.139 bent u geïnformeerd dat door de te volgen aanbestedingsprocedure voor parkeerapparatuur voor het fiscaliseren de in 2021 verwachte voordelen rondom het fiscaliseren niet worden gehaald. Dit betekent dat de in de tweede Bestuursrapportage 2021 opgenomen voordelen (afgerond € 49.000 positief) niet worden gerealiseerd. Daarnaast is in de novembercyclus van uw raad aangegeven dat, in verband met deze aanbesteding, een goed beeld van de parkeerexploitatie niet voor de raadsvergadering van januari 2022 kan worden aangeboden. Met betrekking tot de opbrengsten binnen het parkeren blijkt dat met name op straat het aantal verkochte parkeeruren weer nagenoeg op het pre-corona niveau ligt, wel liggen de inkomsten vanuit de naheffingen lager dan verwacht. Verder blijft het aantal verkochte parkeeruren in de garage nog behoorlijk achter. Met het aflopen van de diverse corona maatregelen lijken de inkomsten zich weer te herstellen maar zullen in totaliteit voor 2021 naar verwachting wel voor circa € 0,4 mln. achterblijven op de prognoses. Wij stellen voor om de uiteindelijke afwijking bij de jaarrekening 2021 te verwerken.

17

Programma 2: Economie, Werk en Ontwikkeling Financiële ontwikkelingen Economie, Werk en Ontwikkeling Bedragen x €1.000 Feiten en ontwikkelingen

Raming 2021

Raming 2022

Raming 2023

Raming 2024

Lasten 3.1A - Economische ontwikkeling

-150

0

0

0

3.1C - Economische ontwikkeling

-600

0

0

0

3.4B - Economische promotie

-115

0

0

0

Totaal Lasten

-865

0

0

0

Baten 3.4A - Economische promotie Saldo van baten en lasten

0

0

0

0

865

0

0

0

865

0

0

0

0

0

0

0

Stortingen 0.10B - Mutaties reserves Economie, Werk en Ontwikkeling Totaal 3e bestuursrapportage

Toelichtingen financiële ontwikkelingen Lasten 3.1 - Economische ontwikkeling (lagere lasten Ondernemersdienstverlening € 150.000, lagere lasten programma Vitale Binnenstad € 300.000 en lagere lasten ICT Campus € 300.000): Bij de derde bestuursrapportage 2020 zijn ten behoeve van de uitvoering van het plan van aanpak Ondernemersdienstverlening middelen overgeheveld naar 2021. Hiervan is een aantal onderdelen uitgevoerd zoals het optimaliseren van interne processen en het uitvoeren van een analyse van het gebruik van de gemeentelijke website. Als gevolg van vertraging door personeelswisselingen en complexe koppelingen in de aanpassing van de gemeentelijke website en hiermee het digitale ondernemingsloket is de uitrol van de vervolgacties ook vertraagd. Het gaat dan bijvoorbeeld om lancering van het nieuwe ondernemersloket, implementatie van het bedrijfsvolgsysteem, een pilot voor uitbreiding toepassing Chainels, het communicatietraject en benodigde formatieve ondersteuning. Voorgesteld wordt om € 150.000 over te hevelen naar 2022 en in 2022 opnieuw beschikbaar te stellen voor de verdere uitvoering van het plan van aanpak Ondernemersdienstverlening. Het programma Vitale Binnenstad bevindt zich in het 1e jaar. In dit 1e jaar is een heel aantal plannen en projecten opgestart maar nog niet meteen uitgevoerd.

Dit betekent ook dat een deel van de beschikbare middelen niet dit jaar maar pas de volgende jaren wordt uitgegeven. Vanuit het budget voor de transformatiesubsidie zijn al wel subsidies verleend echter de middelen worden pas uitgekeerd zodra de verbouwingen afgerond zijn. Verder is het zo dat er vanwege corona in de 1e helft van dit jaar minder activiteiten zijn uitgevoerd. De verwachting is dat -nu de coronamaatregelen grotendeels zijn opgeheven- er eind van dit jaar en ook volgens jaar juist meer activiteiten zullen worden georganiseerd in de binnenstad. Voorgesteld wordt € 300.000 te storten in de reserve meerjarige middelen ten behoeve van aanwending hiervan op een later moment tijdens de looptijd van het programma Vitale Binnenstad. Als gevolg van de Coronapandemie zijn de (opschalings)projecten van ICT Campus in een lager tempo uitgevoerd dan aanvankelijk was voorzien. Als gevolg hiervan is het gebruik van het programmabudget lager dan begroot. Daarnaast heeft, met het zicht op de volgende fase van ICT Campus, een herijking plaats gevonden van de strategie. De nadruk van de activiteiten zal komen te liggen op de Human Capital activiteiten (reguliere en zij-instroom ICT-bedrijfsleven, versterken digitale vaardigheden breed MKB). De activiteiten in relatie tot

18

Innovatie en Ondernemerschap worden daarom afgebouwd. Een beperkte makelaarsrol zal in de toekomst in stand gehouden worden. Beide provincies zijn in principe akkoord met ons voorstel het ICT Campus programma te verlengen tot eind 2022 met de focus zoals hierboven geschetst. De nog beschikbare middelen worden aangewend om een nieuwe impuls te geven, additionele activiteiten te ontwikkelen en de daarbij behorende fondsen te verwerven. In 2021 zijn de activiteiten binnen de regiodeal (fase 3) verder op gang gekomen. Helaas is hierbij de bijdrage van ICT Campus in beginsel buiten beschouwing gelaten. Na veel gesprekken vindt de integratie in de verschillende regiodeal-sporen sinds de zomer plaats. De eerste uitgaven zullen dit najaar concreet worden; echter de meeste activiteiten (en bestedingen) zullen in 2022 en 2023 plaatsvinden. Voor zowel de opschalingsprojecten als fase 3 wordt voorgesteld om de naar verwachting- resterende middelen in 2021 van € 300.000 te storten in de reserve meerjarig middelen en in 2022 weer beschikbaar te stellen.

3.4 - Economische promotie (lagere lasten viering 75 jaar Vrijheid! € 20.000 en lagere lasten evenementen € 95.000): In 2020 hebben gemeenten een financiële bijdrage van de Provincie Utrecht ontvangen ten behoeve van de organisatie van activiteiten in het kader van de viering 75 jaar Vrijheid! In verband met Covid-19 konden de activiteiten in 2020 niet plaatsvinden en zijn deze budgetten meegenomen naar 2021. Inmiddels heeft de Provincie medegedeeld dat gemeenten deze bijdrage, ad € 20.000, nu definitief mogen houden (ter vrije besteding) en zal deze ook meegenomen moeten worden naar 2022. Voorgesteld wordt dan ook om de resterende middelen, ad € 20.000, over te hevelen naar 2022 en in 2022 opnieuw beschikbaar te stellen. De bijdrage kan op een zelf gekozen moment in de toekomst worden aangewend voor activiteiten ter herdenking van het beëindigen van de Tweede Wereldoorlog en het vieren dat we sindsdien in vrijheid leven. Een en ander zal in overleg met de Stichting Oranjedag Veenendaal nader ingevuld worden. In verband met de coronacrisis hebben er in 2021 weinig evenementen plaats kunnen vinden en daardoor is er sprake van een relatief groot restant budget subsidies evenementen. Inmiddels lijkt het tij te keren en worden er gelukkig al wel plannen en aanvragen voor 2022 ingediend.

Tegelijkertijd moet geconstateerd worden dat de kosten voor organisatoren zijn toegenomen en de beschikbare middelen beperkt, vanwege de beperkte of soms zelfs het ontbreken van inkomsten de afgelopen periode. Om de mogelijkheid voor evenementen in 2022 te vergroten zal er naar verwachting vaker een beroep op het evenementenbudget worden gedaan dan de afgelopen jaren. Voorgesteld wordt dan ook om de resterende middelen, ad € 95.000, over te hevelen naar 2022 en in 2022 opnieuw beschikbaar te stellen aangezien evenementen belangrijk zijn voor het opstarten van de samenleving. Reservemutaties Reserve meerjarige middelen: storting (€ 865.000) Voorgesteld wordt om de resterende middelen ten behoeve van de diverse doelen, ad. in totaal € 865.000, via de reserve meerjarige middelen over te hevelen naar 2022.

Risico's / ontwikkelingen Economie, Werk en Ontwikkeling Economie Hoewel de klap in sommige sectoren groot is geweest (retail, cultuur, evenementenbranche) is de werkgelegenheid in zijn geheel toegenomen. De werkgelegenheidscijfers voor 2021 zijn pas in 2022 bekend. Het aantal faillissementen van bedrijven/eenmanszaken/instellingen in de provincie Utrecht blijft nog steeds onder het niveau van voorgaande jaren. De landelijke verwachting is dat in 2022 het aantal faillissementen weer toeneemt. Hoe dit voor onze gemeente gaat uitvallen is uiteraard ongewis, net als voor welke sectoren dit zal gelden. Als het gaat om de provinciale economische groei blijkt vanuit de provinciale Coronamonitor dat de regio’s Woerden en Veenendaal in het tweede kwartaal 2021 met +10%, iets sneller 19

dan de stedelijke gebieden van Utrecht en Amersfoort (+9%), groeiden. Dit komt vooral omdat in Woerden en Veenendaal meer industrie en handelsbedrijven aanwezig zijn, die de groeisprint hebben aangetrokken. Ook blijkt hieruit dat in de meeste landelijke regio’s (40) de economie alweer even groot of zelfs groter is dan voor de coronacrisis. Dat geldt bijvoorbeeld voor de regio’s Amersfoort, Woerden en Veenendaal. Alle economische bureaus rekenen op een fors economisch herstel in 2021 en 2022. De prognoses voor 2021 zijn naar boven bijgesteld. Vanaf 2023 komt de economische groei naar verwachting op een voor Nederland gebruikelijk niveau. Nu de generieke corona-steunmaatregelen voor het bedrijfsleven zijn gestopt, wordt rekening gehouden met een stijging van de werkloosheid. Verwacht wordt dat bedrijven die zich minder goed kunnen aanpassen of over te weinig financiële reserves beschikken, alsnog zullen omvallen. Het aantal vrijwillige bedrijfsbeëindigingen ligt al hoger dan in voorgaande jaren. Gevolg is dat hierdoor meer werkzoekenden beschikbaar komen voor werkgevers die dringend personeel nodig hebben. Regionale werkgelegenheid Ook in de regio Foodvalley blijft het werkloosheidscijfer lager dan het landelijk gemiddelde. Op provinciaal niveau is dit gedaald van 3,4% naar 3,2% in het tweede kwartaal.

Daarnaast zien we een stijging van het aantal vacatures, waarbij het steeds lastiger wordt om een goede match tussen vraag en aanbod te krijgen. Al eerder zijn lokaal en regionaal initiatieven gestart om deze matching tussen vraag en aanbod succesvoller te laten zijn. Er worden in de regio diverse projecten gestart en voortgezet om inwoners te begeleiden van werk naar werk. Ook vanuit het UWV wordt, in afstemming met de gemeente, extra inspanning gepleegd om inwoners met een korte WW-uitkeringsduur te begeleiden naar werk. Vitale Binnenstad Binnen het programma Vitale Binnenstad zijn en worden tal van initiatieven gestart, zowel in uitvoering als op strategisch niveau. Hiervoor is ook een sterke bestuurlijke infrastructuur noodzakelijk van de externe partners. We zijn in gesprek met het bestuur van Stichting Winkelstad om te onderzoeken wat nodig is om deze bestuurskracht te versterken. Daarnaast vraagt de voorbereiding op de BIZ-herverkiezing in 2022 aandacht. Vooruitlopend hierop vinden we het belangrijk dat het instrument van de BIZ blijft gehandhaafd. Met de middelen die hiermee worden opgehaald kan de ambitie worden gefinancierd om een leefbare en dynamische binnenstad te realiseren en te behouden.

Vanuit de beschikbare middelen 2021 zetten we extra in op een goede communicatie richting de BIZ-deelnemers om de toegevoegde waarde van het BIZ-instrument onder de aandacht te brengen.

20

Programma 3: Sociale leefomgeving Financiële ontwikkelingen Sociale leefomgeving Bedragen x €1.000 Feiten en ontwikkelingen

Raming 2021

Raming 2022

Raming 2023

Raming 2024

Lasten 4.2A - Openbaar basisonderwijs

42

0

0

0

4.3A - Onderwijsbeleid en leerlingenzaken

-134

0

0

0

5.2A - Sportaccommodaties

307

0

0

0

5.3A - Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie

-133

0

0

0

5.3B - Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie

-29

0

0

0

5.4A - Musea

0

0

0

0

6.1G - Samenkracht en burgerparticipatie

-430

0

0

0

6.2A - Wijkteams

-191

0

0

0

6.3A - Inkomensregelingen

27

300

300

300

6.3B - Inkomensregelingen

-43

480

425

425

6.4 - Begeleide participatie

-90

0

0

0

6.5A - Arbeidsparticipatie

-445

134

0

0

6.71A - Maatwerkdienstverlening 18+

-250

110

0

0

6.72A - Maatwerkdienstverlening 18-

-300

0

0

0

6.81 - Geëscaleerde zorg 18+

-415

0

0

0

7.1A - Volksgezondheid

-84

0

0

0

7.1B - Volksgezondheid

43

0

0

0

-2.125

1.024

725

725

0

0

0

0

-184

0

0

0

Totaal Lasten Baten 4.3A - Onderwijsbeleid en leerlingenzaken 5.3A - Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie 5.4A - Musea

0

0

0

0

6.2B - Wijkteams

-12

-12

-12

-12

6.3B - Inkomensregelingen

-193

725

725

725

6.5A - Arbeidsparticipatie

0

0

0

0

Totaal Baten

-389

713

713

713

Saldo van baten en lasten

1.736

-311

-12

-12

Stortingen 0.10C - Mutaties reserves Sociale Leefomgeving Totaal 3e bestuursrapportage

1.798

0

0

0

-62

-311

-12

-12

Toelichtingen financiële ontwikkelingen Lasten 4.2 - Openbaar basisonderwijs (hogere lasten vergoeding huur Stichting Ontmoetingshuis € 27.000 en hogere lasten juridische onderzoeken Motie 2020.30 € 15.000): Het aantal schoolgaande leerlingen in het Ontmoetingshuis is hoger dan ingeschat voor 2021 waardoor de vergoeding voor huur van ruimte aan Stichting Ontmoetingshuis Veenendaal-Oost € 27.000 hoger zal zijn dan begroot. Door de juridische onderzoeken n.a.v. motie M2020.30 IKC Veenendaal Oost en de begeleiding van de beheerovereenkomst Rembrandt College wordt het budget voor 2021 overschreden met € 15.000.

21

4.3 - Onderwijsbeleid en leerlingenzaken (lagere lasten algemeen onderwijsbeleid € 8.000 , lagere lasten ICT-fonds € 54.000 en lagere lasten peuterwerk € 72.000): Voorgesteld wordt het restant budget van € 8.000 van algemeen onderwijsbeleid over te hevelen voor de afrekening openbaar onderwijs in 2022. Zo lang een gemeente ook schoolbestuur is van een openbare school moet er in het kader van de overschrijdingsregeling vijfjaarlijks een afrekening worden opgesteld. Met deze vijfjaarlijkse afrekening wordt vastgesteld of de gemeente meer heeft uitgegeven dan aan rijksbijdragen is ontvangen. Is dat het geval dan vindt doorbetaling aan het bijzonder onderwijs plaats. Het Rembrandt College is verzelfstandigd per 1 januari 2021 en alle financiën zijn afgewikkeld en moet in 2022 de afrekening worden opgesteld. Verder wordt voorgesteld om het restant van het ICT-fonds, ad € 54.000, mee te nemen naar 2022. Voor peuterwerk is over 2020 nog een bedrag van afgerond € 55.000 teruggevorderd. Conform het collegebesluit van 7 september 2021 wordt dit restantbudget en het restantbudget 2021 gebruikt om extra peuterplaatsen zonder VE te realiseren. Voorgesteld wordt om € 72.000 over te hevelen naar 2022.

5.2 - Sportaccommodaties (hogere lasten herstelwerkzaamheden zwembad € 150.000, hogere lasten beheerplan gemeentelijk vastgoed zwembad € 125.000) en hogere lasten vloerconstructie gymzaal Zuiderkruis € 32.000): De randen (keramiektegels) van buitenbaden van het zwembad De Vallei laten los van de betonnen ondergrond. Dit levert onveilige situaties op. Tot nu toe is dit altijd tijdelijk opgelost, maar een structurele oplossing van deze situatie is noodzakelijk. In de tweede bestuursrapportage 2021 is deze ontwikkeling reeds als risico benoemd. Hiervoor is in overleg met Sportservice als beheerder van het zwembad gezocht naar deze structurele oplossing. Dit heeft geleid tot een collegebesluit met een oplossing waarbij natuursteen wordt aangebracht en extra zorg wordt gegeven aan de hechting hiervan. Het is wenselijk dat deze herstelwerkzaamheden worden uitgevoerd in de periode dat de buitenbaden zijn gesloten en dat bij de start van het nieuwe seizoen (2022) de herstelwerkzaamheden zijn afgerond. De kosten voor de herstelwerkzaamheden worden geraamd op € 150.000. Op basis van het beheerplan gemeentelijk Vastgoed 2021-2025 (zie Programma 1: Fysieke leefomgeving, toelichting bij taakveld 6.1) wordt binnen de betreffende voorziening in relatie tot het vastgoed Zwembad € 125.000 bijgeraamd.

Dit op basis van een herberekening van de onderhoudskosten die afwijken ten opzichte van de berekening van 4 jaar geleden. De vloerconstructie van de gymzaal aan de Zuiderkruis 744 was gecorrodeerd. Herstelwerkzaamheden van de vloer was noodzakelijk en kon niet uitgesteld worden. Deze werkzaamheden zijn niet in het MOP gemeentelijke gebouwen opgenomen. De kosten hiervan bedroegen € 32.000. 5.3 - Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie (lagere lasten € 133.000) Op basis van het beheerplan gemeentelijk Vastgoed 2021-2025 (zie Programma 1: Fysieke leefomgeving, toelichting bij taakveld 6.1) wordt binnen de betreffende voorziening in relatie tot het vastgoed De Lampegiet € 133.000 afgeraamd. Theater de Lampegiet wordt geplaatst in de categorie strategische voorraad waarbij alleen nog het allernoodzakelijkste onderhoud wordt uitgevoerd om het gebruik mogelijk te maken en de veiligheid te waarborgen. 5.3 - Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie (lagere lasten beleid cultuur € 29.000) In de Cultuurnota 2022-2025 staat bij de 1e verhaallijn o.a. uitbreiding van beleid cultuur met 0,3 fte. Deze urenuitbreiding komt niet ten laste van het extra cultuurbudget vanaf 2022. Dit betekent dat we in de kadernota 2023 een voorstel zullen indienen om deze extra fte op te nemen in de programmabegroting 2023.

Om ook in 2022 al voldoende slagkracht te kunnen hebben, stellen wij voor om incidenteel een bedrag van € 29.000 af te ramen voor deze 0,3 22

fte cultuur. Voorgesteld wordt om € 29.000 over te hevelen naar 2022 en in 2022 opnieuw beschikbaar te stellen. Daarnaast staat in het raadsvoorstel cultuurvisie dat er uitbreiding van het budget wijk-activiteiten nodig is om de doelstellingen te kunnen realiseren. Ook dit budget zullen we ter afweging meenemen bij de opstelling van de kadernota en programmabegroting 2023. 6.1 - Samenkracht en burgerparticipatie (lagere lasten implementatiebudget quasi inbesteding € 130.000 en lagere lasten coronaherstelfonds € 300.000): Vanuit quasi inbesteding is het implementatiebudget beschikbaar gesteld. Vanwege corona was het in 2021 niet mogelijk om een aantal beleidsmatige onderdelen uit te voeren. De planning hiervoor is verschoven naar 2022. Het gaat om de thema's voordeur en GGZ wachtverzachters. Daarnaast wordt ook de monitoring in 2022 verder vormgegeven. Voorgesteld wordt om € 130.000 over te hevelen naar 2022 en in 2022 opnieuw beschikbaar te stellen voor uitvoering van de genoemde taak. Voor de 2e tranche van het coronaherstelfonds is € 300.000 beschikbaar. Het proces voor de 2e tranche is gewijzigd: er wordt eerst een inventarisatie gemaakt en een afgewogen pakket van maatregelen ontwikkelt voordat de besluitvorming plaatsvindt. De inzet van de € 300.000 zal derhalve in 2022 plaatsvinden. Voorgesteld wordt om deze middelen over te hevelen naar 2022.

6.2 - Wijkteams (lagere lasten transformatiebudget € 66.000 en lagere lasten integrale projecten Sociaal Domein € 125.000): In 2020 is € 138.000 overgeheveld naar 2021 i.v.m. het transformatiebudget. De kosten in 2021 die ten laste van het transformatiebudget worden gebracht bedragen € 72.000. Voorgesteld wordt om het restant van het transformatiebudget, ad. € 66.000, over te hevelen naar 2022 en in 2022 opnieuw beschikbaar te stellen. Daarnaast is in 2020 bij de jaarrekening een budget overgeheveld voor de regeling integrale projecten Sociaal domein. Deze regeling wordt naar verwachting in 2022 vastgesteld. In 2021 worden hiervoor de nodige voorbereidende werkzaamheden verricht. Voorgesteld wordt de resterende middelen, ad. € 125.000, over te hevelen naar 2022 en in 2022 opnieuw beschikbaar te stellen voor uitvoering van genoemde regeling. 6.3 - Inkomensregelingen (hogere lasten TONK € 27.000 en lagere lasten bijstand € 43.000): Per 1 oktober jl. is de regeling Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK) beëindigd. Ten behoeve van de afwikkeling van deze regeling wordt rekening gehouden met € 27.000 hogere uitgaven TONK. Bij de jaarrekening wordt de definitieve balans opgemaakt, inclusief verwerking van de uitvoeringskosten. In het bijstandsbestand is een lichte daling waarneembaar, waardoor de begroting voor 2021 met € 43.000 naar beneden bijgesteld wordt.

Als onderdeel van het steun- en herstelpakket stelt het kabinet in 2022 extra middelen voor bijzondere bijstand beschikbaar. Deze middelen zijn gericht op het bieden van snelle hulp en ondersteuning aan mensen die vanwege de crisis te maken krijgen met (dreigende) armoedeproblematiek. Voorgesteld wordt deze middelen (€ 55.000) in 2022 toe te voegen aan de reguliere middelen bijzondere bijstand en daarmee beschikbaar te stellen voor de uitvoering van deze taak. 6.4 - Begeleide participatie (lagere lasten € 90.000): Bij het bepalen van de financiële kaders ten behoeve van het transitieproces IW4 is in 2018 rekening gehouden met een Rijksbijdrage per SE. Deze Rijksbijdrage ligt in 2021 hoger dan destijds werd voorzien. De gemeentelijke compensatie voor het subsidietekort valt hierdoor in 2021 € 90.000 lager uit. In de decembercirculaire 2021 wordt de Rijkssubsidie 2021 naar

23

verwachting incidenteel verhoogd met een WSW coronacompensatie. Naar verwachting zal de compensatie, net als vorig jaar, worden doorgegeven aan IW4. 6.5 - Arbeidsparticipatie (lagere lasten inburgering € 75.000 en lagere lasten reintegratie € 370.000): Per 1 januari 2022 gaat de nieuwe Wet Inburgering in. Het implementatieproces is in volle gang en zal nog doorlopen tot in 2022. Voorgesteld wordt om van de beschikbare invoeringsmiddelen € 75.000 over te hevelen naar 2022 en in 2022 beschikbaar te stellen voor afronding van het implementatieproces. Bij de jaarrekening wordt een voorstel opgenomen voor resultaatbestemming van de dan nog resterende middelen. Als onderdeel van het corona steun- en herstelpakket heeft het Rijk in eerdere circulaires extra middelen beschikbaar gesteld om zowel lokaal als regionaal de gevolgen van de coronacrisis voor de arbeidsmarkt op te vangen. Deze middelen zijn via de bestuursrapportages toegevoegd aan het reguliere budget arbeidsparticipatie. Samen met het reguliere budget voor uitvoering van deze taak is voor 2021 een relatief groot budget beschikbaar. We zien - mede door de sterkere economische opleving dan eerder werd verwacht - dat niet alle middelen nodig zijn voor uitvoering van de taak. Voorgesteld wordt dan ook om incidenteel € 370.000 af te ramen.

In de septembercirculaire 2021 heeft het Rijk voor 2022 opnieuw extra middelen beschikbaar gesteld ten behoeve van zowel het op peil houden van de re-integratiedienstverlening als het intensiveren van de dienstverlening aan mensen die nu als gevolg van de coronacrisis instromen. Hoewel we enerzijds een sterker economisch herstel zien dan eerder verwacht, is tegelijk nog steeds sprake van een aantal onzekere factoren. Het gaat dan bijvoorbeeld om effecten op de arbeidsmarkt nu diverse regelingen zoals Tozo en TONK per 1 oktober jl. zijn beëindigd. Voorgesteld wordt om de extra middelen van € 134.000 voor 2022 in 2022 beschikbaar te stellen voor uitvoering van de taken. 6.71- Maatwerkdienstverlening 18+ (lagere lasten schuldhulpverlening € 50.000, lagere lasten compensatieregeling maatwerk voorzieningen € 200.000: In de Programmabegroting 2022 is aangegeven dat een verwachte toename van het aantal inwoners dat ondersteuning nodig heeft bij financiële problematiek en schulden het beschikbare budget onder druk zet en is tevens aangekondigd dat in deze bestuursrapportage een voorstel voor overheveling wordt opgenomen. Voorgesteld wordt om € 50.000 (incidenteel) over te hevelen naar 2022 en in 2022 beschikbaar te stellen voor uitvoering van de taken. Bij de jaarrekening wordt een voorstel voor resultaatbestemming opgenomen voor de dan nog resterende middelen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10808789/1