3.a2 Vaststelling bestemmingsplan Ondergrondse hoogspanningsverbinding Veenendaal - bijlagen bij toelichting
Tekst van het document
PFOS
PFOA
Overige PFAS (per individuele stof)
Landbouw / natuur
1,4
1,9
1,4
Landbouw / natuur bij achtergrondwaarde groter dan 0,1
De gemeten achtergrondwaarde, ten hoogste 3,0
De gemeten achtergrondwaarde, ten hoogste 7,0
De gemeten achtergrondwaarde, ten hoogste 3,0
Wonen
3,0
7,0
3,0
Industrie
3,0
7,0
3,0
4.3
Asbest
De analyseresultaten zijn getoetst aan de Circulaire bodemsanering van 1 juli 2013. Hierin staat beschreven dat de interventiewaarde voor (water)bodem 100 mg/kg d.s. gewogen asbest (serpentijnconcentratie plus tienmaal de amfiboolconcentratie) betreft. Daarnaast zijn de analyseresultaten aan het Besluit bodemkwaliteit (Bbk) getoetst. De restconcentratienorm voor toepassing en het hergebruik van alle asbest bevattende materialen (inclusief grond, baggerspecie en puingranulaat) is vastgesteld op 100 mg/kg gewogen (serpentijnconcentratie plus tienmaal de amfiboolconcentratie). De uitkomst van deze toetsing dient als indicatief te worden beschouwd en geeft geen uitsluitsel over de toepassings- en hergebruiksmogelijkheden. Hiervoor is een partijkeuring noodzakelijk. Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
25 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
5
DEELLOCATIE 1
5.1
Uitgevoerde veldwerkzaamheden
De uitgevoerde werkzaamheden zijn samengevat in Tabel 6. Tabel 6 Overzicht uitgevoerde veldwerkzaamheden Onderdeel
Aantallen*
Nummers
Verkennend bodemonderzoek
11 boringen tot 0,5 m -mv
Hb005M, Hb008M, Hb011, Hb012M, Hb014M, Hb016M, Hb018M, Hb020M, Hb022M, Hb024M, HB1009
2 boringen tot 1,0 m -mv
HB1010, HB1012
13 boringen > 2,0 m -mv
Hb001C, Hb003M, Hb004M, Hb006M, Hb009C, HB010M, Hb013C, Hb017C, Hb019M, Hb021C, Hb023C, Hb023M, Hb025C
2 peilbuizen tot 3,0 m -mv 1 peilbuis tot 6,0 m -mv
Hb003M, HB1011 Hb015M
* Er zijn meer boringen en peilbuizen voor het bodemonderzoek geplaatst dan in de NEN 5740 is voorgeschreven. Dit komt omdat er per abuis ook gebruik is gemaakt van de civieltechnische boringen en peilbuis.
5.2
Samenstelling mengmonsters en uitgevoerde chemische analyses
De samenstelling van de mengmonsters en de uitgevoerde chemische analyses zijn samengevat in de Tabel 7. Tabel 7 Samenstelling van de mengmonsters en uitgevoerde chemische analyses Analysemonster
Diepte (m -mv)
Deelmonsters
Analysepakket
Locatie 1 MM1 BG zand
0,00 - 0,50
Hb001C (0,00 - 0,40), Hb003M (0,00 - 0,40) Hb004M (0,00 - 0,50), Hb005M (0,00 - 0,50) Hb006M (0,00 - 0,40), Hb007M (0,00 - 0,30) Hb008M (0,00 - 0,30), Hb009C (0,00 - 0,30), Hb010M (0,00 - 0,35)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
Locatie 1 MM2 BG zand
0,00 - 0,50
Hb011M (0,00 - 0,45), Hb012M (0,00 - 0,50) Hb013C (0,00 - 0,35), Hb014M (0,00 - 0,35) Hb016M (0,00 - 0,50), Hb017C (0,00 - 0,50), Hb018M (0,00 - 0,50), Hb019M (0,00 - 0,50), Hb020M (0,00 - 0,50), Hb021C (0,00 - 0,50)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
Locatie 1: Hb025 BG 0,00 - 0,50 zand plastic
Hb025C (0,00 - 0,50)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
Locatie 1: Hb09 OG klei
1,80 - 2,00
Hb009C (1,80 - 2,00)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
Locatie 1: MM3 OG Zand
0,40 - 1,80
Hb001C (0,60 - 1,10), Hb003M (0,40 - 0,90), Hb004M (1,30 - 1,80), Hb006M (0,90 - 1,40), Hb010M (1,00 - 1,50), Hb013C (1,00 - 1,50), Hb017C (1,00 - 1,50), Hb019M (1,20 - 1,70), Hb021C (0,60 - 0,90), Hb025C (0,70 - 1,20)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
Locatie 1: MM4 OG veen
0,40 - 2,20
Hb001C (0,40 - 0,60), Hb001C (2,00 - 2,20), Hb003M (2,00 - 2,20), Hb006M (0,40 - 0,50), Hb013C (1,60 - 1,95), Hb017C (0,50 - 0,70)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
Locatie 1 MM1 BG zand
0,00 - 0,50
Hb001C (0,00 - 0,40), Hb003M (0,00 - 0,40) Hb004M (0,00 - 0,50), Hb005M (0,00 - 0,50) Hb006M (0,00 - 0,40), Hb007M (0,00 - 0,30) Hb008M (0,00 - 0,30), Hb009C (0,00 - 0,30) Hb010M (0,00 - 0,35)
PFAS
Locatie 1 MM2 BG zand
0,00 - 0,50
Hb011M (0,00 - 0,45), Hb012M (0,00 - 0,50) Hb013C (0,00 - 0,35), Hb014M (0,00 - 0,35) Hb016M (0,00 - 0,50), Hb017C (0,00 - 0,50) Hb018M (0,00 - 0,50), Hb019M (0,00 - 0,50)
PFAS
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
26 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
Analysemonster
Diepte (m -mv)
Deelmonsters
Analysepakket
Hb020M (0,00 - 0,50), Hb021C (0,00 - 0,50) Locatie 1: MM22 OG 0,80 - 2,40 zand PFAS
Hb001C (1,50 - 2,00), Hb006M (1,40 - 1,90) Hb009C (1,30 - 1,80), Hb010M (1,80 - 2,00) Hb015M (1,90 - 2,40), Hb019M (0,80 - 1,20)
PFAS
BG Mast 124 zand
0,00 - 0,50
HB1009 (0,00 - 0,40), HB1009 (0,40 - 0,50) HB1011 (0,00 - 0,40), HB1012 (0,00 - 0,50)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
OG1 Mast 124 Veen 0,40 - 0,75
HB1011 (0,40 - 0,75), HB1012 (0,50 - 0,75)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
OG2 Mast 124 zand
HB1011 (0,75 - 1,20), HB1011 (1,20 - 1,70) HB1011 (1,70 - 2,20), HB1012 (0,75 - 1,20)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
0,75 - 2,20
5.3
Resultaten
5.3.1
Bodemopbouw
De lokale bodemopbouw is afgeleid uit de uitgevoerde boringen en is in Tabel 8 geschematiseerd weergegeven. In bijlage B zijn de boorstaten opgenomen van de bij het onderzoek uitgevoerde boringen. De ligging van alle boringen is weergegeven op de tekening in bijlage G. Tabel 8 Samenvatting van de bodemopbouw Diepte (m –mv.)
Omschrijving
0,0 - 4,5
Zeer fijn tot matig fijn, zwak tot sterk siltig, zwak tot matig humeus zand Plaatselijk zijn klei en veenlagen aanwezig
5.3.2
Veldwaarnemingen grond
De bij de boringen vrijkomende grond is in het veld onderzocht op (zintuiglijk) waarneembare kenmerken. In de boorstaten (bijlage B) zijn deze waarnemingen per boring weergegeven. In Tabel 9 zijn de waarnemingen die kunnen wijzen op bodemverontreiniging samengevat. Tabel 9 Veldwaarnemingen Boring
Diepte boring (m -mv)
Traject (m -mv)
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
Hb025C
2,00
0,70 - 1,20
Zand
Sporen plastic afval
5.3.3
Veldmetingen grondwater
In Tabel 10 zijn de resultaten van de veldmetingen weergegeven. Tabel 10 Veldmetingen grondwater Peilbuis
Filterdiepte (m -mv)
Grondwaterstand (m -mv)
pH (-)
EC (µS/cm)
Troebelheid (NTU)
Hb003M
2,00 - 3,00
2,40
5,4
114,7
9,80
Hb015M
5,00 - 6,00
3,02
7,0
835
6,80
HB1011
1,90 - 2,90
1,58
7,1
190
8,33
Toelichting: pH: zuurgraad EC: elektrisch geleidingsvermogen NTU: afkorting van Nephelometric Turbidity Unit, dit is een maat voor de troebelheid (turbiditeit) van een vloeistof.
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
27 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
De zuurgraad en het geleidingsvermogen van het grondwater zijn normaal te noemen voor dit type bodem. Afwijkende waarden kunnen een indicatie zijn voor bodemverontreiniging. De gemeten waard en geven geen aanleiding aan te nemen dat sprake is van een dergelijke situatie. Het grondwater was niet troebel (NTU = <10).
5.3.4
Analyseresultaten grond
De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage C. De resultaten van toetsing van de analyses zijn, inclusief correctie naar een standaardbodem, opgenomen in bijlage D. De resultaten van de toetsing zijn samengevat in Tabel 11. Tabel 11 Analyseresultaten grond Analyse code
Diepte (m-mv)
> AW (index)
> I (index)
Eindoordeel Bbk (indicatief), inclusief PFAS**
Locatie 1 MM1 BG zand
0,00 - 0,50
-
-
Altijd toepasbaar
Locatie 1 MM2 BG zand
0,00 - 0,50
minerale olie C10-C40 (0,01)
-
Industrie
Locatie 1: Hb025 BG zand 0,00 - 0,50 plastic
PAK (0,01)
-
Altijd toepasbaar
Locatie 1: Hb09 OG klei
1,80 - 2,00
PCB’s (0,08)*
-
Industrie
Locatie 1: MM3 OG Zand
0,40 - 1,80
-
-
Altijd toepasbaar
Locatie 1: MM4 OG veen
0,40 - 2,20
-
-
Altijd toepasbaar
BG Mast 124 zand
0,00 - 0,50
-
-
Altijd toepasbaar
OG1 Mast 124 Veen
0,40 - 0,75
-
-
Altijd toepasbaar
OG2 Mast 124 zand
0,75 - 2,20
-
-
Altijd toepasbaar
Toelichting: BG: Bovengrond OG: Ondergrond MM: Mengmonster
Circulaire bodemsanering Geen van de geanalyseerde stoffen > AW > AW Gehalte groter dan achtergrondwaarde >I Gehalte groter dan interventiewaarde
De Index bij de toetsing geeft aan in welke mate er een overschrijding is of niet. Deze index wordt op de volgende manier berekend: (GSSD – AW) / (I-AW) GSSD = Gestandaardiseerde waarde van BoToVa, AW = achtergrondwaarde bij grond, I = Interventiewaarde *De rapportagegrens is verhoogd, omdat door matrixeffecten resp. co-elutie een kwantificering bemoeilijkt wordt. Er wordt in dit geval uitgegaan van ‘een worst-case scenario’. Dit houdt in dat er sprake is van een overschrijding van de achtergrondwaarde. **BBK: De bodemkwaliteitsklasse is bepaald aan de hand van de toetsing op de parameters van het NEN5740-analysepaket en de toetsing van de PFAS analyses.
De resultaten van toetsing van de grondmonsters op PFAS zijn samengevat in Tabel 12. Tabel 12 Toetsingsresultaten grondmonsters op PFAS Analyse code
Diepte (m-mv)
PFOA concentratie (in µg/kg d.s.)
PFOS concentratie (in µg/kg d.s.)
Klasse Bbk (indicatief)
Lineair
Vertakt
Lineair
Vertakt
Locatie 1 MM1 BG zand
0,00 - 0,50
0,48
<0,1
0,33
0,11
Landbouw / Natuur
Locatie 1 MM2 BG zand
0,00 - 0,50
0,89
<0,1
0,43
0,16
Landbouw / Natuur
Locatie 1: MM22 OG zand PFAS 0,80 - 2,40
<0,1
<0,1
<0,1
<0,1
Landbouw / Natuur
Toelichting: BG: Bovengrond, OG: Ondergrond
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
28 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
5.3.5
Analyseresultaten grondwater
De resultaten van toetsing van de grondwatermonsters zijn samengevat in Tabel 13. Tabel 13 Toetsingsresultaten grondwater Filterstelling (m-mv)
> S (index)
> I (index)
Hb003M
2,00 - 3,00
-
-
Hb015M
5,00 - 6,00
barium (0,08)
-
HB1011
1,90 - 2,90
zink (0,58)
-
Peilbuis
Toelichting: - Geen van de geanalyseerde stoffen > S of >I >S Concentratie groter dan de streefwaarde >I Concentratie groter dan de interventiewaarde
5.4
Interpretatie, conclusies en advies
Grond • •
• •
Zintuiglijk zijn er geen waarnemingen gedaan die duiden op de aanwezigheid van bodemverontreiniging, met uitzondering van boring Hb025c. In deze boring is plastic aangetroffen. Uit de analyseresultaten blijkt dat in de grond van dit monster sprake is van een licht verhoogd PAK gehalte. In de bovengrond zijn plaatselijk licht verhoogde gehalten aangetoond met minerale olie en PAK die de achtergrondwaarden overschrijden. In de ondergrond zijn plaatselijk licht verhoogde gehalten aangetoond met PCB’s die de achtergrondwaarde overschrijden. In de bovengrond zijn licht verhoogde waarde aangetoond met lineair PFOA en lineair en vertak PFOS. In de ondergrond zijn geen verhoogde waarden aangetoond met PFAS parameters. Op basis van de toetsing op de parameters van het NEN5740-analysepaket en de toetsing van de PFAS analyses, voldoen zowel de boven- als de ondergrond indicatief aan bodemklasse altijd toepasbaar of industrie.
Grondwater In het grondwater zijn licht verhoogde concentraties aangetoond met zink en barium boven de streefwaarden. De licht verhoogde concentratie aan zink kan het gevolg zijn van de aanwezigheid van een gegalvaniseerde mast. Er wordt vanuit gegaan dat de licht verhoogde concentratie aan barium een van nature verhoogde achtergrondwaarden is die geen nadere aandacht nodig heeft.
Toetsing hypothese De hypothese ‘onverdacht’ dient formeel te worden verworpen. Dit moet echter genuanceerd worden omdat er lichte verhogingen aangetoond zijn in de boven- en ondergrond en het grondwater. Dergelijke licht verhogingen zijn niet ongebruikelijk en zijn het gevolg van het gebruik van het terrein.
Conclusie De gevonden gehalten in de boven- en ondergrond en het grondwater vormen in milieuhygiënische zin geen belemmeringen voor de geplande aanleg van de ondergrondse kabelverbinding.
Advies In peilbuis HB1011 is een concentratie zink aangetoond waarvan de indexwaarde groter is dan 0,5. Dit geeft aanleiding voor het uitvoeren van een nader onderzoek naar de omvang van de verontreiniging. Geadviseerd wordt eerst deze peilbuis opnieuw te bemonsteren, alvorens nader onderzoek uit te voeren. Indien opnieuw sprake is van indexwaarde > 0,50, dan kan overwogen worden om nader onderzoek uit te voeren.
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
29 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
6
DEELLOCATIE 3
6.1
Uitgevoerde veldwerkzaamheden
De uitgevoerde werkzaamheden zijn samengevat in Tabel 14. Tabel 14 Overzicht uitgevoerde veldwerkzaamheden Onderdeel
Aantallen
Nummers
Verkennend bodemonderzoek
8 boringen tot 0,5 m-mv
Hb028M, Hb031M, Hb034M, Hb03-1, Hb03-2, Hb-3-3, Hb3-4, Hb03-5
1 boring tot 2,0 m-mv
Hb030M
2 peilbuizen tot 3,0 m-v
Hb029M, Hb03-6
6.2
Samenstelling mengmonsters en uitgevoerde chemische analyses
De samenstelling van de mengmonsters en de uitgevoerde chemische analyses zijn samengevat in Tabel 15. Tabel 15 Samenstelling van de mengmonsters en uitgevoerde chemische analyses Analysemonster
Diepte (m -mv)
Deelmonsters
Analysepakket
Locatie 3: Hb029 BG zand baksteen
0,00 - 0,50
Hb029M (0,00 - 0,50)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
Locatie 3: MM5 BG zand
0,00 - 0,50
Hb028M (0,00 - 0,50), Hb030M (0,00 - 0,50) Hb031M (0,00 - 0,50)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
Locatie 3: MM6 OG zand
0,50 - 1,80
Hb029M (0,70 - 1,20), Hb029M (1,20 - 1,60) Hb030M (0,50 - 1,00), Hb030M (1,30 - 1,80)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
Locatie 3: MM7 OG veen
1,20 - 1,30
Hb030M (1,20 - 1,30)
OCB’s
MMHb03-1
0,00 - 0,50 *
Hb03-1 (0,40 - 0,50) Hb03-2 (0,00 - 0,50) Hb03-3 (0,00 - 0,50) Hb03-4 (0,00 - 0,50)
OCB’s
6.3
Resultaten
6.3.1
Bodemopbouw
De lokale bodemopbouw is afgeleid uit de uitgevoerde boringen en is in Tabel 16 geschematiseerd weergegeven. In bijlage B zijn de boorstaten opgenomen van de bij het onderzoek uitgevoerde boringen. De ligging van alle boringen is weergegeven op de tekening in bijlage G. Tabel 16 Samenvatting van de bodemopbouw Diepte (m –mv.)
Omschrijving
0,0 - 3,0
Zeer fijn tot matig fijn, zwak tot sterk siltig, zwak tot matig humeus zand Plaatselijk zijn klei en veenlagen aanwezig
6.3.2
Veldwaarnemingen grond
De bij de boringen vrijkomende grond is in het veld onderzocht op (zintuiglijk) waarneembare kenmerken. In de boorstaten (bijlage B) zijn deze waarnemingen per boring weergegeven. In Tabel 17 zijn de waarnemingen die kunnen wijzen op bodemverontreiniging samengevat.
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
30 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
Tabel 17 Veldwaarnemingen Boring
Diepte boring (m -mv)
Traject (m -mv)
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
Hb029M
3,00
0,00 - 0,70
Zand
Sporen baksteen
Hb03-2
0,50
0,00 - 0,50
Zand
Resten baksteen
Hb03-3
0,50
0,00 - 0,50
Zand
Resten baksteen, sporen asfalt
Hb03-5
0,50
0,00 - 0,50
Zand
Zwak baksteenhoudend
Hb03-6
3,60
0,00 - 0,70
Zand
Zwak betonhoudend, zwak baksteenhoudend
6.3.3
Veldmetingen grondwater
In Tabel 18 zijn de resultaten van de veldmetingen weergegeven. Tabel 18 Veldmetingen grondwater Peilbuis
Filterdiepte (m -mv)
Datum
Grondwaterstand (m -mv)
pH (-)
EC (µS/cm)
Troebelheid (NTU)
Hb029M
2,00 - 3,00
09-06-2020
1,85
6,3
208
6,20
09-09-2020
1,86
6,2
297
6,88
Hb03-6
2,60 - 3,60
09-09-2020
1,85
6,2
293
8,92
Toelichting: pH: zuurgraad EC: elektrisch geleidingsvermogen NTU: afkorting van Nephelometric Turbidity Unit, dit is een maat voor de troebelheid (turbiditeit) van een vloeistof.
De zuurgraad en het geleidingsvermogen van het grondwater zijn normaal te noemen voor dit type bodem. Afwijkende waarden kunnen een indicatie zijn voor bodemverontreiniging. De gemeten waarden geven geen aanleiding aan te nemen dat sprake is van een dergelijke situatie. Het grondwater was niet troebel (NTU <10).
6.3.4
Analyseresultaten grond
De resultaten van toetsing van de analyses zijn, inclusief correctie naar een standaardbodem, opgenomen in bijlage D. De resultaten van de toetsing zijn samengevat in Tabel 19. Tabel 19 Analyseresultaten grond Diepte (m-mv)
> AW (index)
> I (index)
Klasse Bbk (indicatief)
Locatie 3: Hb029 BG zand baksteen
0,00 - 0,50
PAK (0,01)
-
Altijd toepasbaar
Locatie 3: MM5 BG zand
0,00 - 0,50
PAK (0,02), minerale olie C10-C40 (0,00)**
-
Industrie
Locatie 3: MM6 OG zand
0,50 - 1,80
minerale olie C10-C40 (0,00)**
-
Industrie
Locatie 3: MM7 OG veen
1,20 - 1,30
-
-
Altijd toepasbaar
MMHb03-1
0,00 - 0,50
alfa-HCH* beta-HCH* gamma-HCH* alfa-Endosulfan* heptachloor* heptachloorepoxide* drins (aldrin+dieldrin + endrin)* chloordaan (cis + trans)*
-
Industrie
MMHb03-2
0,00 - 0,50
alfa-HCH*
-
Industrie
Analyse code
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
31 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
Diepte (m-mv)
Analyse code
> AW (index)
> I (index)
Klasse Bbk (indicatief)
Toelichting: BG: Bovengrond, OG: Ondergrond De Index bij de toetsing geeft aan in welke mate er een overschrijding is of niet. Deze index wordt op de volgende manier berekend: (GSSD – AW) / (I-AW) GSSD = Gestandaardiseerde waarde van BoToVa, AW = achtergrondwaarde bij grond, I = Interventiewaarde * De rapportagegrens is verhoogd, omdat door matrixeffecten, resp. co-elutie een kwantificering bemoeilijkt wordt. De rapportagegrens is daardoor hoger dan de achtergrondwaarde. Uit de toetsing volgt dat er sprake is van een overschrijding van de achtergrondwaarde. ** Er is sprake van een geringe overschrijding van de achtergrondwaarde waardoor de index is afgerond naar 0,00
6.3.5
Analyseresultaten grondwater
De resultaten van toetsing van de grondwatermonsters zijn samengevat in Tabel 20. Tabel 20 Toetsingsresultaten grondwater deellocatie 3 Peilbuis Hb029M
Hb03-6
Filterstelling (m-mv)
Datum
> S (index)
2,00 - 3,00
29-06-2020
Tetrachlooretheen (Per) (0,01) -
09-09-2020
-
-
09-09-2020
-
-
2,60 - 3,60
> I (index)
Toelichting: - Geen van de geanalyseerde stoffen > S of >I >S Concentratie groter dan de streefwaarde >I Concentratie groter dan de interventiewaarde Index weergegeven ()
6.4
Interpretatie, conclusies en advies
Grond • •
•
•
In de bodem zijn bijmengingen in de vorm van baksteenresten aangetoond. In de bovengrond zijn plaatselijk licht verhoogde gehalten aangetoond met minerale olie, PAK en organochloorbestrijdingsmiddelen/OCB’s (alfa-HCH, beta-HCH, gamma-HCH, alfa-Endosulfan, heptachloor, heptachloorepoxide, drins (aldrin+dieldrin + endrin), chloordaan (cis + trans)) die de achtergrondwaarden overschrijden. Met betrekking tot de verhoogde gehalten OCB wordt opgemerkt dat er sprake is van een verhoogde detectielimiet. De detectielimiet is hoger dan de achtergrondwaarde. Bij de beoordeling wordt uitgegaan van een ‘worstcasescenario’ en derhalve is sprake van een overschrijding van de achtergrondwaarde. Op het Geoportaal van de ODRU is aangegeven dat op dit perceel de bovenste 30 cm van het originele maaiveld verdacht is op bestrijdingsmiddelen vanwege de aanwezigheid van een boomgaard. Op basis van de topografische kaart uit 1965 blijkt dat op het onderzochte terreindeel nooit een boomgaard is geweest. Het terreindeel waar zich een boomgaard heeft bevonden bevindt zich op ruime afstand van het tracé en dateert van meer dan 50 jaar terug (zie de navolgende figuren van de topografische kaart). Het is derhalve aannemelijk dat dit deel van het perceel niet verdacht is op OCB.
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
32 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
• • •
•
Situatie 2020
Situatie 2000
Situatie 1980
Situatie 1965
Vanwege de aangetoonde gehalten (alle individuele concentraties lager dan de detectielimiet) wordt niet verwacht dat het analyseren van de laag van 30 cm andere resultaten opleveren. In de ondergrond is plaatselijk een licht verhoogd gehalte aangetoond met minerale olie die de achtergrondwaarden overschrijdt. De lichte verhogingen met PAK en minerale olie in de grond kunnen worden gerelateerd aan het aangetroffen bodemvreemd materiaal (sporen tot resten baksteen, sporen asfalt en zwak betonhoudend materiaal). Zowel de boven- als de ondergrond voldoet indicatief aan de bodemkwaliteitsklasse Industrie.
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
33 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
Grondwater In het grondwater is een licht verhoogde concentratie aangetoond met tetrachlooretheen (Per) boven de streefwaarde. Het is niet duidelijk waardoor deze lichte verhoging wordt veroorzaakt.
Toetsing hypothese De hypothese ‘verdacht homogeen’ voor OCB’s is juist gebleken, er zijn lichte verontreinigingen aangetoond in de boven- en ondergrond. Daarnaast zijn licht verhoogde gehalten minerale olie en PAK en kwik aangetroffen. Deze lichte verontreinigingen kunnen worden gerelateerd aan de aanwezigheid van bijmengingen en het gebruik van het terrein.
Conclusies Plaatselijk zijn in de bodem baksteenresten aangetroffen. In de regel bevat dit soort bijmenging geen asbest (zie bijlage A.4 van de NEN 5725). De kans op de aanwezigheid van asbest is derhalve gering.
Advies •
•
De resultaten geven geen aanleiding tot nader onderzoek. De gevonden gehalten in de boven- en ondergrond en het grondwater vormen in milieuhygiënische zin geen belemmeringen voor de geplande aanleg van de ondergrondse kabelverbinding. Plaatselijk worden bijmengingen in de bodem aangetroffen. In verband met de aanwezigheid van bijmengingen, is de locatie verdacht op de aanwezigheid van asbest. Geadviseerd wordt om een verkennend onderzoek asbest conform NEN 5707+C2 uit te voeren.
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
34 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
7
DEELLOCATIE 5
7.1
Uitgevoerde veldwerkzaamheden
De uitgevoerde werkzaamheden zijn samengevat in Tabel 21. Tabel 21 Overzicht uitgevoerde veldwerkzaamheden Onderdeel
Aantallen
Nummers
Verkennend bodemonderzoek
2 Boringen tot 0,5 m -mv
Hb034M, Hb037M
1 Boringen tot
Hb036M,
1 Peilbuis
Hb035M
7.2
Samenstelling mengmonsters en uitgevoerde chemische analyses
De samenstelling van de mengmonsters en de uitgevoerde chemische analyses zijn samengevat in Tabel 22. Tabel 22 Samenstelling van de mengmonsters en uitgevoerde chemische analyses Analysemonster
Diepte (m -mv)
Deelmonsters
Analysepakket
Locatie 5: MM8 BG zand
0,00 - 0,50
Hb034M (0,00 - 0,50), Hb035M (0,00 - 0,50)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
Locatie 5: MM9 BG zand baksteen
0,00 - 0,50
Hb036M (0,00 - 0,30), Hb037M (0,00 - 0,50)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
Locatie 5: MM10 OG zand
0,30 - 2,00
Hb035M (1,00 - 1,50), Hb035M (1,50 - 2,00) Hb036M (0,30 - 0,80), Hb036M (0,80 - 1,30) Hb036M (1,40 - 1,50), Hb036M (1,50 - 2,00)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
Locatie 5: Hb035 OG zand puin
0,50 - 1,00
Hb035M (0,50 - 1,00)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
7.3
Resultaten
7.3.1
Bodemopbouw
De lokale bodemopbouw is afgeleid uit de uitgevoerde boringen en is in Tabel 23 geschematiseerd weergegeven. In bijlage B zijn de boorstaten opgenomen van de bij het onderzoek uitgevoerde boringen. De ligging van alle boringen zijn weergegeven op de tekening in bijlage G. Tabel 23 Samenvatting van de bodemopbouw Diepte (m –mv.)
Omschrijving
0,0 - 3,0
Zeer fijn tot matig fijn, matig tot sterk siltig, zwak tot matig humeus zand
7.3.2
Veldwaarnemingen grond
De bij de boringen vrijkomende grond is in het veld onderzocht op (zintuiglijk) waarneembare kenmerken. In de boorstaten (bijlage B) zijn deze waarnemingen per boring weergegeven. In Tabel 24 zijn de waarnemingen die kunnen wijzen op bodemverontreiniging samengevat.
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
35 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
Tabel 24 Veldwaarnemingen Boring
Diepte boring (m -mv)
Traject (m -mv)
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
Hb035M
3,00
0,50 - 1,00
Zand
Resten baksteen
Hb036M
2,00
0,00 - 0,30
Zand
Resten baksteen
Hb037M
0,50
0,00 - 0,50
Zand
Sporen baksteen
7.3.3
Veldmetingen grondwater
In Tabel 25 zijn de resultaten van de veldmetingen weergegeven. Tabel 25 Veldmetingen grondwater Peilbuis
Filterdiepte (m -mv)
Grondwaterstand (m -mv)
pH (-)
EC (µS/cm)
Troebelheid (NTU)
Hb035M
2,00 - 3,00
1,87
7,2
238
6,80
Toelichting: pH: zuurgraad, EC: elektrisch geleidingsvermogen, NTU: afkorting van Nephelometric Turbidity Unit, dit is een maat voor de troebelheid (turbiditeit) van een vloeistof.
De zuurgraad en het geleidingsvermogen van het grondwater zijn normaal te noemen voor dit type bodem. Afwijkende waarden kunnen een indicatie zijn voor bodemverontreiniging. De gemeten waarden geven geen aanleiding aan te nemen dat sprake is van een dergelijke situatie. Het grondwater was niet troebel (NTU = <10).
7.3.4
Analyseresultaten grond
De resultaten van toetsing van de analyses zijn, inclusief correctie naar een standaardbodem, opgenomen in bijlage D. De resultaten van de toetsing zijn samengevat in Tabel 26. Tabel 26 Analyseresultaten grond Analyse code
Diepte (m-mv)
> AW (index)
> I (index)
Klasse Bbk (indicatief)
Locatie 5: MM8 BG zand
0,00 - 0,50
Kwik (0,00)*, PAK (0,04), minerale olie C10-C40 (0,05)
-
Industrie
Locatie 5: MM9 BG zand baksteen
0,00 - 0,50
Kwik (0,00), PAK (0,12), PCB (0,02) minerale olie C10-C40 (0,00)
-
Industrie
Locatie 5: MM10 OG zand
0,30 - 2,00
-
-
Altijd toepasbaar
Locatie 5: Hb035 OG zand puin
0,50 - 1,00
PAK (0,05)
-
Wonen
Toelichting: BG: Bovengrond, OG: Ondergrond De Index bij de toetsing geeft aan in welke mate er een overschrijding is of niet. Deze index wordt op de volgende manier berekend: (GSSD – AW) / (I-AW) GSSD = Gestandaardiseerde waarde van BoToVa, AW = achtergrondwaarde bij grond, I = Interventiewaarde * De index is 0,00 dit betekent dat het toetsingsresultaat gelijk is aan de achtergrondwaarde.
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
36 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
7.3.5
Analyseresultaten grondwater
De resultaten van toetsing van de grondwatermonsters zijn samengevat in Tabel 27. Tabel 27 Toetsingsresultaten grondwater deellocatie 3 Peilbuis Hb035M
Filterstelling (m-mv)
> S (index)
> I (index)
2,00 - 3,00
-
-
Toelichting: - Geen van de geanalyseerde stoffen > S >S Concentratie groter dan de streefwaarde >I Concentratie groter dan de interventiewaarde
7.4
Interpretatie, conclusies en advies
Grond • •
• • •
In de bodem zijn bijmengingen in de vorm van sporen baksteen en baksteenresten aangetoond. In de bovengrond zijn plaatselijk licht verhoogde gehalten aangetoond met minerale olie en PAK die de achtergrondwaarden overschrijden. Deze licht verhoogde waarden kunnen worden gerelateerd aan de aanwezigheid van bijmengingen in de bodem. In de ondergrond zijn plaatselijk licht verhoogde gehalte aangetoond met PAK die de achtergrondwaarden overschrijden. Ook deze lichte verhogingen kunnen worden gerelateerd aan de aanwezigheid van bijmengingen. De lichte verontreinigingen in de grond zijn toe te schrijven aan het aangetroffen bodemvreemd materiaal (sporen tot resten baksteen). Indicatief voldoet de boven- en ondergrond aan de bodemklasse ‘Industrie’.
Grondwater In het grondwater zijn geen verhoogde concentratie aangetoond boven de streefwaarde.
Toetsing hypothese De hypothese ‘onverdacht’ dient formeel te worden verworpen. Dit moet echter genuanceerd worden omdat er slechts lichte verontreinigingen aangetoond zijn in de boven- en ondergrond. De lichte verontreinigingen kunnen worden toegeschreven aan de in de bodem aanwezige bijmengingen met baksteen.
Conclusie De resultaten geven geen aanleiding tot nader onderzoek. De gevonden gehalten in de boven- en ondergrond en het grondwater vormen in milieuhygiënische zin geen belemmeringen voor de geplande aanleg van de ondergrondse kabelverbinding.
Advies Plaatselijk zijn in de bodem baksteenresten aangetroffen. In de regel bevat dit soort bijmenging geen asbest (zie bijlage A.4 van de NEN 5725). De kans op de aanwezigheid van asbest is derhalve gering. Geadviseerd wordt dit te verifiëren door middel van uitvoering van een verkennend bodemonderzoek asbest conform NEN 5707+C2.
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
37 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
8
DEELLOCATIE 7
8.1
Uitgevoerde veldwerkzaamheden
De uitgevoerde werkzaamheden zijn samengevat in Tabel 28. Tabel 28 Overzicht uitgevoerde veldwerkzaamheden Onderdeel
Aantallen
Nummers
Verkennend bodemonderzoek
7 Boringen tot 0,5 m -mv
Hb040, , Hb043M, Hb07-1, Hb07-2, Hb07-3, Hb07-4, Hb07-5,
1 Boringen tot 2,0 m-mv
Hb042M
2 Peilbuizen
Hb041M, Hb07-6
8.2
Samenstelling mengmonsters en uitgevoerde chemische analyses
De samenstelling van de mengmonsters en de uitgevoerde chemische analyses zijn samengevat in Tabel 29. Tabel 29 Samenstelling van de mengmonsters en uitgevoerde chemische analyses Analysemonster
Diepte (m -mv)
Deelmonsters
Analysepakket
Locatie 7 MM23 BG zand baksteen
0,00 - 0,50
Hb040M (0,00 - 0,50), Hb041M (0,00 - 0,50) Hb042M (0,00 - 0,25), Hb043M (0,00 - 0,50)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
Locatie 7: MM24 OG zand
0,25 - 2,00
Hb041M (0,60 - 1,10), Hb041M (1,10 - 1,60) Hb041M (1,60 - 2,00), Hb042M (0,25 - 0,70) Hb042M (0,70 - 1,10), Hb042M (1,10 - 1,60) Hb042M (1,60 - 2,00), Hb044G (0,80 - 1,30) Hb044G (1,30 - 1,40), Hb044G (1,40 - 1,60)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
Locatie 7: MM25 OG veen
0,50 - 0,80
Hb041M (0,50 - 0,60), Hb044G (0,60 - 0,80)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
MMHb07-1
0,00 - 0,50
Hb07-1 (0,00 - 0,50), Hb07-4 (0,00 - 0,35) Hb07-6 (0,00 - 0,50)
OCB’s
MMHb07-2
0,00 - 0,50
Hb07-2 (0,00 - 0,50)
OCB’s
8.3
Resultaten
8.3.1
Bodemopbouw
De lokale bodemopbouw is afgeleid uit de uitgevoerde boringen en is in Tabel 30 geschematiseerd weergegeven. In bijlage B zijn de boorstaten opgenomen van de bij het onderzoek uitgevoerde boringen. De ligging van alle boringen is weergegeven op de tekening in bijlage G. Tabel 30 Samenvatting van de bodemopbouw Diepte (m –mv.)
Omschrijving
0,0 - 3,0
Zeer fijn tot matig fijn, matig tot sterk siltig, zwak tot matig humeus zand Plaatselijk is een zwak kleiige veenlaag aanwezig op een diepte van 0,5-0,6 m -mv
8.3.2
Veldwaarnemingen grond
De bij de boringen vrijkomende grond is in het veld onderzocht op (zintuiglijk) waarneembare kenmerken. In de boorstaten (bijlage B) zijn deze waarnemingen per boring weergegeven. In Tabel 31 zijn de waarnemingen die kunnen wijzen op bodemverontreiniging samengevat.
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
38 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
Tabel 31 Veldwaarnemingen Boring
Diepte boring (m -mv)
Traject (m -mv)
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
Hb040M
0,50
0,00 - 0,50
Zand
Resten baksteen
Hb041M
3,00
0,00 - 0,50
Zand
Resten baksteen
Hb042M
2,00
0,00 - 0,25
Zand
Resten baksteen
Hb043M
0,50
0,00 - 0,50
Zand
Resten baksteen
Hb07-1
0,50
0,00 - 0,50
Zand
Resten baksteen
Hb07-2
0,50
0,00 - 0,50
Zand
Zwak baksteenhoudend
Hb07-3
0,50
0,20 - 0,50
Zand
Resten baksteen
Hb07-4
0,50
0,00 - 0,40
Zand
Resten baksteen
Hb07-6
3,10
0,00 - 0,50
Zand
Resten baksteen
8.3.3
Veldmetingen grondwater
In Tabel 32 zijn de resultaten van de veldmetingen weergegeven. Tabel 32 veldmetingen grondwater Peilbuis
Filterdiepte (m -mv)
Datum
Grondwaterstand (m -mv)
pH (-)
EC (µS/cm)
Troebelheid (NTU)
Hb041M
2,00 - 3,00
12-06-2020
1,60
7,2
950
8,20
09-09-2020
1,29
6,3
875
7,89
Hb07-6
1,90 - 2,90
09-09-2020
1,34
6,7
881
7,99
Toelichting: pH: zuurgraad EC: elektrisch geleidingsvermogen NTU: afkorting van Nephelometric Turbidity Unit, dit is een maat voor de troebelheid (turbiditeit) van een vloeistof.
De zuurgraad en het geleidingsvermogen van het grondwater zijn normaal te noemen voor dit type bodem. Afwijkende waarden kunnen een indicatie zijn voor bodemverontreiniging. De gemeten waarden geven geen aanleiding aan te nemen dat sprake is van een dergelijke situatie. Het grondwater was niet troebel (NTU = <10).
8.3.4
Analyseresultaten grond
De resultaten van toetsing van de analyses zijn, inclusief correctie naar een standaardbodem, opgenomen in bijlage D. De resultaten van de toetsing zijn samengevat in Tabel 33. Tabel 33 Toetsingsresultaten grond Diepte (m-mv)
> AW (index)
> I (index)
Klasse Bbk (indicatief)
Locatie 7 MM23 BG zand baksteen
0,00 - 0,50
-
-
Altijd toepasbaar
Locatie 7: MM24 OG zand
0,25 - 2,00
-
-
Altijd toepasbaar
Locatie 7: MM25 OG veen
0,50 - 0,80
-
-
Altijd toepasbaar
MMHb07-1
0,00 - 0,50
-
-
Altijd toepasbaar
MMHb07-2
0,00 - 0,50
alfa-HCH*
-
Industrie
Analyse code
Toelichting: BG: Bovengrond, OG: Ondergrond De Index bij de toetsing geeft aan in welke mate er een overschrijding is of niet. Deze index wordt op de volgende manier berekend: (GSSD – AW) / (I-AW) GSSD = Gestandaardiseerde waarde van BoToVa, AW = achtergrondwaarde bij grond, I = Interventiewaarde * De rapportagegrens is verhoogd, omdat door matrixeffecten, resp. co-elutie een kwantificering bemoeilijkt wordt. De rapportagegrens is daardoor hoger dan de achtergrondwaarde. Uit de toetsing volgt dat er sprake is van een verhoogde achtergrondwaarde. Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
39 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
8.3.5
Analyseresultaten grondwater
De resultaten van toetsing van de grondwatermonsters zijn samengevat in Tabel 34. Tabel 34 Toetsingsresulaten grondwater Peilbuis
Filterstelling (m-mv)
Datum monstername
> S (index)
Hb041M
2,00 - 3,00
12-06-2020
Nikkel (0,07)
09-09-2020
-
Hb07-6
1,90 - 2,90
09-09-2020
-
Toelichting: - Geen van de geanalyseerde stoffen > S of >I >S Concentratie groter dan de streefwaarde >I Concentratie groter dan de interventiewaarde
Index weergegeven ()
8.4
Interpretatie, conclusie en advies
Grond • •
• •
In de bodem zijn bijmengingen in de vorm van baksteenresten aangetoond. In de regel bevat dit soort bijmenging geen asbest (zie bijlage A.4 van de NEN 5725). De kans op de aanwezigheid van asbest is derhalve gering. In de bovengrond is plaatselijk een licht verhoogd gehalte aangetoond met alfa-HCH (een organochloorbestrijdingsmiddel (OCB)). Deze verhoging is echter toe te schrijven aan een verhoogde rapportagegrens van het laboratorium (en niet aan een daadwerkelijk verhoogd gemeten waarden). In de ondergrond zijn geen verhoogde gehalten aangetoond die de achtergrondwaarden overschrijden. Indicatief voldoet de bovengrond aan de bodemkwaliteitsklasse ‘altijd toepasbaar’ of ‘industrie’. De ondergrond voldoet indicatief aan de achtergrondwaarde.
Grondwater In het grondwater is een licht verhoogde concentratie met nikkel aangetoond.
Toetsing hypothese De hypothese ‘onverdacht’ dient formeel te worden verworpen. Dit moet echter genuanceerd worden omdat de aangetoonde licht verhoogde gehalte in de bovengrond met alfa-HCH toe te schrijven is aan een verhoogde rapportagegrens.
Conclusie De resultaten van het onderzoek geven geen aanleiding tot nader onderzoek. De lichte verontreinigingen vormen in milieuhygiënische zin geen belemmeringen voor de geplande aanleg van de ondergrondse kabelverbinding.
Advies Plaatselijk zijn in de bodem baksteenresten aangetroffen. In de regel bevat dit soort bijmenging geen asbest (zie bijlage A.4 van de NEN 5725). De kans op de aanwezigheid van asbest is gering. Geadviseerd wordt een verkennend onderzoek asbest conform NEN 5707+C2 uit te voeren zodat dit geverifieerd kan worden.
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
40 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
9
DEELLOCATIE 9
9.1
Uitgevoerde veldwerkzaamheden
De uitgevoerde werkzaamheden zijn samengevat in Tabel 35. Tabel 35 Overzicht uitgevoerde veldwerkzaamheden Onderdeel
Aantallen
Nummers
Verkennend bodemonderzoek
2 Boringen tot 0,5 m -mv
Hb046M, Hb048M,
1 Boringen tot 2,0 m-mv
Hb047M,
2 Peilbuizen
Hb049M, Hb09-4,
5 gaten tot 0,5 m -mv
Hb09-1, Hb09-2, Hb09-3, Hb09-5, Hb09-6 *
Verkennend onderzoek asbest
* Ten aanzien van het verkennend onderzoek asbest wordt het volgende opgemerkt: Alle boringen zijn tot 0,5 m -mv gegraven (30 x 30 cm). De onderzijde van de verdachte laag bevindt zich op 0,5 m-mv. Vanaf 0,5 mmv. is de bodem onverdacht op verontreiniging met asbest aangezien hierin geen bijmengingen zijn aangetroffen die wijzen op de aanwezigheid van een asbestverdachte laag. Boring Hb09-4 is vanaf 0,5 m-mv met een boor met een diameter van 12 centimeter doorgezet tot 2,0 m-mv. Dit is tot onder de onderzijde van de verdachte laag. Er is voldaan aan de NEN 5707.
9.2
Samenstelling mengmonsters en uitgevoerde chemische analyses
De samenstelling van de mengmonsters en de uitgevoerde chemische analyses zijn samengevat in Tabel 36. Tabel 36 Samenstelling van de mengmonsters en uitgevoerde chemische analyses Analysemonster
Diepte (m -mv)
Deelmonsters
Analysepakket
Verkennend bodemonderzoek Locatie 9: Hb049M BG baksteen
0,00 - 0,50
Hb049M (0,00 - 0,50)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum, PFAS
Locatie 9: MM11 BG zand
0,00 - 0,50
Hb046M (0,00 - 0,50), Hb047M (0,00 - 0,50), Hb048M (0,00 - 0,35), Hb048M (0,35 - 0,50)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
Locatie 9: MM12 OG zand
0,50 - 2,00
Hb047M (0,50 - 0,70), Hb047M (1,20 - 1,50) Hb047M (1,80 - 2,00), Hb049M (0,90 - 1,10) Hb049M (1,10 - 1,60)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum, PFAS
Hb09-6-1
0,00 - 0,50
Hb09-6 (0,00 - 0,50)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
Hb09-1 (0-50), Hb09-2 (0-50), Hb09-3 (0 -50), Hb09-4 (0-50), Hb09-5 (0-50)
Asbest grond NEN 5898 (<20mm) 10-15 kg (AS3000)
Verkennend onderzoek asbest ASBMM02
0,00 - 0,50
9.3
Resultaten
9.3.1
Bodemopbouw
De lokale bodemopbouw is afgeleid uit de uitgevoerde boringen en is in Tabel 37 geschematiseerd weergegeven. In bijlage B zijn de boorstaten opgenomen van de bij het onderzoek uitgevoerde boringen. De ligging van alle boringen is weergegeven op de tekening in bijlage G. Tabel 37 Samenvatting van de bodemopbouw Diepte (m –mv.)
Omschrijving
0,0 - 3,0
Zeer fijn tot matig fijn, zwak tot sterk siltig, zwak tot matig humeus zand
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
41 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
9.3.2
Veldwaarnemingen grond
De bij de boringen vrijkomende grond is in het veld onderzocht op (zintuiglijk) waarneembare kenmerken. In de boorstaten (bijlage B) zijn deze waarnemingen per boring weergegeven. In Tabel 38 zijn de waarnemingen die kunnen wijzen op bodemverontreiniging samengevat. Tabel 38 Veldwaarnemingen Boring
Diepte boring (m -mv)
Traject (m -mv)
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
Hb049M
3,00
0,00 - 0,60
Zand
Sporen baksteen, resten beton
Hb09-1
0,50
0,00 - 0,50
Zand
Sporen baksteen
Hb09-2
0,50
0,00 - 0,50
Zand
Sporen baksteen
Hb09-3
0,50
0,00 - 0,50
Zand
Sporen baksteen
Hb09-4
2,00
0,00 - 0,50
Zand
Resten baksteen
Hb09-5
0,50
0,00 - 0,50
Zand
Sporen baksteen
Hb09-6
0,50
0,00 - 0,50
Zand
Sporen baksteen
9.3.3
Veldmetingen grondwater
In Tabel 39 zijn de resultaten van de veldmetingen weergegeven. Tabel 39 veldmetingen grondwater Peilbuis
Filterdiepte (m -mv)
Grondwaterstand (m -mv)
pH (-)
EC (µS/cm)
Troebelheid (NTU)
Hb049M
2,00 - 3,00
1,87
7,4
387
8,56
Toelichting: pH: zuurgraad EC: elektrisch geleidingsvermogen NTU: afkorting van Nephelometric Turbidity Unit, dit is een maat voor de troebelheid (turbiditeit) van een vloeistof.
De zuurgraad en het geleidingsvermogen van het grondwater zijn normaal te noemen voor dit type bodem. Afwijkende waarden kunnen een indicatie zijn voor bodemverontreiniging. De gemeten waarden geven geen aanleiding aan te nemen dat sprake is van een dergelijke situatie. Het grondwater was niet troebel (NTU = <10).
9.4
Resultaten
9.4.1
Verkennend onderzoek
9.4.1.1
Grond
Veldwaarnemingen De aangetroffen resten baksteen in de bodem kunnen duiden op een mogelijke bodemverontreiniging.
Analyseresultaten De resultaten van toetsing van de analyses zijn, inclusief correctie naar een standaardbodem, opgenomen in bijlage D. De resultaten van de toetsing zijn samengevat in Tabel 40. Tabel 40 Analyseresultaten grond Diepte (m-mv)
> AW (index)
> I (index)
Klasse Bbk (indicatief)
Locatie 9: Hb049M BG baksteen
0,00 - 0,50
Minerale olie C10-C40 (0,06)
-
Industrie
Locatie 9: MM11 BG zand
0,00 - 0,50
-
-
Altijd toepasbaar
Analyse code
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
42 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
Diepte (m-mv)
> AW (index)
> I (index)
Klasse Bbk (indicatief)
Locatie 9: MM12 OG zand
0,50 - 2,00
-
-
Altijd toepasbaar
Hb09-6-1
0,00 - 0,50
-
-
Altijd toepasbaar
Analyse code
Toelichting: BG: Bovengrond, OG: Ondergrond De Index bij de toetsing geeft aan in welke mate er een overschrijding is of niet. Deze index wordt op de volgende manier berekend: (GSSD – AW) / (I-AW) GSSD = Gestandaardiseerde waarde van BoToVa, AW = achtergrondwaarde bij grond, I = Interventiewaarde
9.4.1.2
Grondwater
De resultaten van toetsing van de grondwatermonsters zijn samengevat in Tabel 41. Tabel 41 Toetsingsresultaten grondwater deellocatie 9 Peilbuis Hb049M
Filterstelling (m-mv)
> S (index)
> I (index)
2,00 - 3,00
-
-
Toelichting: - Geen van de geanalyseerde stoffen > S of >I >S Concentratie groter dan de streefwaarde >I Concentratie groter dan de interventiewaarde
9.4.2
Verkennend onderzoek asbest
Tijdstip uitvoering onderzoek Het locatiebezoek en het veldwerk is uitgevoerd op 11 augustus 2020.
Omstandigheden Ten tijde van het onderzoek was het zicht goed (>50 meter) en er was geen neerslag. De weersomstandigheden waren gunstig voor de uitvoering van het verkennend onderzoek asbest.
Maaiveldinspectie De onderzoekslocatie is volledig bedekt met hoog gras (tot 0,50 cm hoog). Er kon derhalve geen volledige maaiveldinspectie worden uitgevoerd. De inspectie efficiëntie is 5%. Tijdens de maaiveldinspectie is er geen asbestmateriaal aangetroffen op het maaiveld.
Veldwaarnemingen Een slootdemping is niet aangetroffen tijdens het onderzoek. De inspectie efficiëntie van de uitkomende grond is 100%. In geen van de proefgaten is visueel asbestverdacht materiaal aangetroffen. In de bodem zijn bijmengingen in de vorm van baksteenresten aangetoond, het is eenduidig materiaal. In de regel bevat dit soort bijmenging geen asbest (zie bijlage A.4 van de NEN 5725).
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
43 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
Analyseresultaten De resultaten van toetsing van de grondmonsters op asbest zijn samengevat in Tabel 42. Tabel 42 Toetsingsresultaten grondmonsters op asbest Analyse code
Diepte (m-mv)
Gehalte asbest grond in kleine fractie (<20 mm)
Hechtgebonden
(mg/kg ds) ASBMM02
0,00 - 0,50
3,1
Asbestverdachte vezels in fractie < 500 µm
Type aangetroffen asbest
Gemiddeld gewogen gehalte asbest in (mg/kg ds)
Bbk
Serpentijn
3
Toepasbaar
(mg/kg ds) Niet
0,3
Uit de analyseresultaten blijkt dat er asbest is aangetoond in de grond. De aangetoonde gehalten overschrijden de norm voor nader onderzoek (50 mg/kg d.s.) echter niet.
9.5
Interpretatie, conclusie en advies
Grond • • • •
In de bodem zijn bijmengingen in de vorm van baksteen- en betonresten aangetoond. In de bovengrond overschrijdt minerale olie plaatselijk de achtergrondwaarde. Deze lichte verontreiniging is toe te schrijven aan het aangetroffen bodemvreemd materiaal. In de ondergrond zijn geen verhoogde gehalten aangetoond die de achtergrondwaarden overschrijden. Indicatief voldoet de bovengrond aan de bodemkwaliteitsklasse ‘altijd toepasbaar’ of ‘industrie’. De ondergrond voldoet indicatief bodemkwaliteitsklasse ‘altijd toepasbaar’.
Grondwater In het grondwater zijn geen verhoogde concentraties aangetoond die de streefwaarde overschrijden.
Asbest Er is asbest aangetroffen en aangetoond. De aangetoonde gehalten overschrijden de norm voor nader onderzoek (50 mg/kg d.s.) niet. Aanvullend of nader asbest in grondonderzoek wordt niet zinvol of noodzakelijk geacht.
Toetsing hypothese Verkennend bodemonderzoek NEN5740 De hypothese ‘verdacht heterogeen’ kan worden aangenomen, er zijn namelijk lichte verontreinigingen aangetoond in de bovengrond. De lichte verontreinigingen kunnen worden toegeschreven aan het aangetoonde bodemvreemd materiaal. Verkennend asbestonderzoek NEN5707 Op basis van de analyseresultaten van het verkennend asbestonderzoek kan de hypothese ‘Verdachte toplaag, met diffuse bodembelasting, heterogeen verdeeld’ worden aangenomen omdat er asbest is aangetoond. Een slootdemping is niet aangetroffen tijdens het onderzoek.
Conclusie De resultaten geven geen aanleiding tot nader onderzoek. De lichte verontreinigingen vormen in milieuhygiënische zin geen belemmeringen voor de geplande aanleg van de ondergrondse kabelverbinding.
Advies Niet van toepassing.
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
44 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
10
DEELLOCATIE 11
10.1
Uitgevoerde veldwerkzaamheden
Tabel 43 Overzicht uitgevoerde veldwerkzaamheden Onderdeel
Aantallen
Nummers
Verkennend bodemonderzoek
4 Boringen tot 0,5 m -mv
Hb087M, Hb089M, Hb090M, Hb092M,
8 Boringen tot 2,0 m-mv
Hb088M, Hb11-1, Hb11-2, Hb11-3, Hb11-4, Hb11-5, Hb11-6, Hb11-7
1 Peilbuis
Hb091M
7 Gaten tot 0,5 m-mv
Hb11-1, Hb11-2, Hb11-3, Hb11-4, Hb11-5, Hb11-6, Hb11-7 **
Verkennend onderzoek asbest*
* Is in combinatie met het verkennend bodemonderzoek uitgevoerd ** Tot 0,5 m -mv is een asbestgat gegraven (30 x 30 cm). De verdachte laag is de laag waarin bodemvreemde bijmengingen zijn aangetroffen. Deze zijn in de boringen Hb11-1, Hb-11-2 en Hb11-5 tot 0,5 m-mv. aangetroffen. In de overige boringen worden de bijmengingen dieper aangetroffen. Voor al deze boringen geldt dat vanaf 0,5 m -mv tot ca. 2,0 m -mv geboord met een 12 cm Edelmanboor. Er is voldaan aan de NEN 5707, namelijk is geboord tot de onderzijde van de verdachte laag.
10.2
Samenstelling mengmonsters en uitgevoerde chemische analyses
De samenstelling van de mengmonsters en de uitgevoerde chemische analyses zijn samengevat in Tabel 44. Tabel 44 Samenstelling van de mengmonsters en uitgevoerde chemische analyses Analysemonster
Diepte (m -mv)
Deelmonsters
Analysepakket
Verkennend bodemonderzoek Locatie 11: MM30 BG zand
0,00 - 0,50
Hb088M (0,00 - 0,50), Hb089M (0,00 - 0,50) Hb090M (0,00 - 0,45), Hb090M (0,45 - 0,50) Hb091M (0,00 - 0,50)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum, PFAS
Locatie 11: MM31 BG zand baksteen
0,00 - 0,50
Hb087M (0,00 - 0,50), Hb091M (0,00 - 0,50)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
Locatie 11: MM32 OG zand
0,50 - 2,00
Hb088M (0,50 - 0,80), Hb088M (0,80 - 1,20) Hb088M (1,70 - 2,00), Hb091M (0,50 - 0,60) Hb091M (0,60 - 0,70), Hb091M (0,80 - 1,10)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum, PFAS
Locatie 11: MM33 OG veen
1,10 - 2,00
Hb088M (1,20 - 1,30), Hb088M (1,30 - 1,70) Hb091M (1,10 - 1,30), Hb091M (1,30 - 1,80) Hb091M (1,80 - 2,00)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
Locatie 11: Hb091M OG Zand baksteen
0,80 - 1,10
Hb091M (0,80 - 1,10)
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
Hb11-3-3
1,00 - 1,10
Hb11-3 (1,00 - 1,10)
Zware metalen (9), PAK, organische stof en lutum
Hb11-5-3
1,00 - 1,30
Hb11-5 (1,00 - 1,30)
Zware metalen (9), PAK, organische stof en lutum
Hb11-7-2
0,50 - 1,00
Hb11-7 (0,50 - 1,00)
Zware metalen (9), PAK, organische stof en lutum
MM zand OG2
1,00 - 1,70
Hb11-1 (1,00 - 1,50) Hb11-2 (1,00 - 1,40) Hb11-4 (1,20 - 1,70)
Zware metalen (9), PAK, organische stof en lutum
Hb11-6-1
0,00 - 0,50
Hb11-6 (0,00 - 0,50)
Zware metalen (9), organische stof en lutum
Hb11-7-1
0,00 - 0,50
Hb11-7 (0,00 - 0,50)
Zware metalen (9), organische stof en lutum
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
45 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
Analysemonster
Diepte (m -mv)
Deelmonsters
Analysepakket
Verkennend onderzoek asbest ASBMM03
0,00 - 0,50
Hb11-1 (0-50), Hb11-2 (0-50), Hb11-3 (0 -50), Hb11-4 (0-50), Hb11-5 (0-50)
Asbest grond NEN 5898 (<20mm) 10-15 kg (AS3000)
ASBMM04
0,00 - 0,50
Hb11-6 (0-50), Hb11-7 (0-50)
Asbest grond NEN 5898 (<20mm) 10-15 kg (AS3000)
10.3
Resultaten
10.3.1
Bodemopbouw
De lokale bodemopbouw is afgeleid uit de uitgevoerde boringen en is in Tabel 45 geschematiseerd weergegeven. In bijlage B zijn de boorstaten opgenomen van de bij het onderzoek uitgevoerde boringen. De ligging van alle boringen is weergegeven op de tekening in bijlage G. Tabel 45 Samenvatting van de bodemopbouw Diepte (m –mv.)
Omschrijving
0,0 - 1,2
Zeer fijn tot matig grof, zwak tot sterk siltig, zwak tot matig humeus zand
1,2 - 2,0
Veen
2,0 - 2,8
Uiterst siltig, zwak humeus klei
2,8 - 3,0
Matig fijn, zwak siltig, zwak humeus zand
10.3.2
Veldwaarnemingen grond
De bij de boringen vrijkomende grond is in het veld onderzocht op (zintuiglijk) waarneembare kenmerken. In de boorstaten (bijlage B) zijn deze waarnemingen per boring weergegeven. In Tabel 46 zijn de waarnemingen die kunnen wijzen op bodemverontreiniging samengevat. Tabel 46 Veldwaarnemingen Boring
Diepte boring (m -mv)
Traject (m -mv)
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
Hb11-3
2,00
0,00 - 0,50
Zand
Sporen baksteen
0,50 - 1,00
Zand
Sporen baksteen
0,00 - 0,50
Zand
Zwak baksteenhoudend, zwak aardwerkhoudend, zwak betonhoudend
0,50 - 1,00
Zand
Resten beton
0,00 - 0,50
Zand
Zwak betonhoudend, zwak aardwerkhoudend, matig baksteenhoudend
0,50 - 1,00
Zand
Resten beton
HB11-6
2,00
HB11-7
2,00
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
46 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
10.3.3
Veldmetingen grondwater
In Tabel 47 zijn de resultaten van de veldmetingen weergegeven. Tabel 47 Veldmetingen grondwater Peilbuis
Filterdiepte (m -mv)
Grondwaterstand (m -mv)
pH (-)
EC (µS/cm)
Troebelheid (NTU)
Hb091M
2,00 - 3,00
1,59
6,7
429
9,50
Toelichting: pH: zuurgraad EC: elektrisch geleidingsvermogen NTU: afkorting van Nephelometric Turbidity Unit, dit is een maat voor de troebelheid (turbiditeit) van een vloeistof
De zuurgraad en het geleidingsvermogen van het grondwater zijn normaal te noemen voor dit type bodem. Afwijkende waarden kunnen een indicatie zijn voor bodemverontreiniging. De gemeten waarden geven geen aanleiding aan te nemen dat sprake is van een dergelijke situatie. Het grondwater was niet troebel (NTU = <10).
10.3.4
Analyseresultaten grond
De resultaten van toetsing van de analyses zijn, inclusief correctie naar een standaardbodem, opgenomen in bijlage D. De resultaten van de toetsing zijn samengevat in Tabel 48. Tabel 48 Analyseresultaten grond Analyse code
Diepte (mmv)
> AW (index)
> I (index)
Klasse Bbk (indicatief)
Locatie 11: MM30 BG zand
0,00 - 0,50
-
-
Altijd toepasbaar
Locatie 11: MM31 BG zand baksteen
0,00 - 0,50
PCB (0,01)
-
Altijd toepasbaar
Locatie 11: MM32 OG zand
0,50 - 2,00
Lood (0,01) PAK 10 VROM (0,25) minerale olie C10-C40 (0,01)
-
Industrie
Locatie 11: MM33 OG veen
1,10 - 2,00
-
-
Altijd toepasbaar
Locatie 11: Hb091M OG Zand baksteen
0,80 - 1,10
kobalt (0,01), PCB (0,00)*, minerale olie C10-C40 (0,04)
PAK 10 VROM (1,18) Niet toepasbaar > interventiewaarde
Hb11-3-3
1,00 - 1,10
kwik (0)* lood (0,07) PAK 10 VROM (0,04)
-
Wonen
Hb11-5-3
1,00 - 1,30
-
-
Altijd toepasbaar
Hb11-7-2
0,50 - 1,00
koper (0,04) lood (0,08) zink (0,16) PAK 10 VROM (0,01)
-
Industrie
MM zand OG2
1,00 - 1,70
kobalt (0,01) PAK 10 VROM (0,09)
Afperkende boringen PAK
Wonen
Aanvullend onderzoek naar zware metalen Hb11-6-1
0,00 - 0,50
zink (0,56)
Lood (1,23)
Niet toepasbaar > interventiewaarde
Hb11-7-1
0,00 - 0,50
lood (0,24) zink (0,41)
-
Industrie
Toelichting: BG: Bovengrond, OG: Ondergrond De Index bij de toetsing geeft aan in welke mate er een overschrijding is of niet. Deze index wordt op de volgende manier berekend: (GSSD – AW) / (I-AW) GSSD = Gestandaardiseerde waarde van BoToVa, AW = achtergrondwaarde bij grond, I = Interventiewaarde * De index is 0,00 dit betekent dat het toetsingsresultaat gelijk is aan de achtergrondwaarde. Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
47 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
10.3.5
Verkennend onderzoek asbest
Tijdstip uitvoering onderzoek Het locatiebezoek en het veldwerk is uitgevoerd op 11 augustus 2020.
Omstandigheden Ten tijde van het onderzoek was het zicht goed (>50 meter) en er was geen neerslag. De weersomstandigheden waren gunstig voor de uitvoering van het verkennend onderzoek asbest.
Maaiveldinspectie De onderzoekslocatie is volledig bedekt met hoog gras (tot ca. 0,30 cm hoog). Er kon derhalve geen volledige maaiveldinspectie worden uitgevoerd. De inspectie efficiëntie is 5%. Tijdens de maaiveldinspectie is er geen asbestmateriaal aangetroffen op het maaiveld.
Veldwaarnemingen Een slootdemping is niet aangetroffen tijdens het onderzoek. De inspectie efficiëntie van de uitkomende grond is 100%. In geen van de proefgaten is visueel asbestverdacht materiaal aangetroffen. In de bodem zijn bijmengingen in de vorm van baksteenresten waargenomen, het is eenduidig materiaal. In de regel bevat dit soort bijmenging geen asbest (zie bijlage A.4 van de NEN 5725).
Analyseresultaten De resultaten van toetsing van de grondmonsters op asbest zijn samengevat in Tabel 49. Tabel 49 Toetsingsresultaten grondmonsters op asbest Analyse code
Diepte (m-mv)
Gehalte asbest grond in kleine fractie (<20 mm) (mg/kg ds)
Hechtgebonden
Asbest-verdachte vezels in fractie < 500 µm (mg/kg ds)
Type aangetroffen asbest
Gemiddeld Gewogen gehalte asbest
Bbk
(mg/kg ds)
ASBMM03
0,00 - 0,50
-
n.v.t.
-
n.v.t.
-
Toepasbaar
ASBMM04
0,00 - 0,50
3,3
ja
0,3
Serpentijn
3
Toepasbaar
Uit de analyseresultaten blijkt dat er asbest is aangetoond in de grond. De aangetoonde gehalten overschrijden de norm voor nader onderzoek (50 mg/kg d.s.) echter niet.
10.3.6
Analyseresultaten grondwater
De resultaten van toetsing van de grondwatermonsters zijn samengevat in Tabel 50.
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
48 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
Tabel 50 Toetsingsresultaten grondwater Peilbuis Hb091M
Filterstelling (m-mv)
> S (index)
> I (index)
2,00 - 3,00
Cis + trans-1,2-Dichlooretheen (0,03)
-
Toelichting: - Geen van de geanalyseerde stoffen > S of >I >S Concentratie groter dan de streefwaarde >I Concentratie groter dan de interventiewaarde Index weergegeven ()
10.4
Interpretatie, conclusies en advies
Grond Uit de toetsingsresultaten blijk het volgende: • In de bovengrond is ter plaatse van boring Hb11-6 is een sterke verontreiniging aangetoond met lood en een matige verontreiniging met zink. De sterke verontreiniging is voldoende afgeperkt in horizontale- en verticale richting door middel van nader onderzoek en wordt geschat op een grootte van 25 m3. In de tekening in bijlage G is de contour van de sterke verontreiniging met lood weergegeven. In de bovengrond is er verder een overschrijden van de achtergrondwaarde met PCB en zink aangetoond. • In de ondergrond is een sterke verontreiniging aangetoond met PAK (47 mg/kg ds GSSD) ter plaatse van boring Hb091M. Deze sterke verontreiniging is voldoende afgeperkt met het aanvullend onderzoek. De omvang van de sterke verontreiniging met PAK wordt geschat op 50 m3. In de tekening in bijlage G is de contour van de sterke verontreiniging met lood weergegeven. In de ondergrond overschrijden verder minerale olie, kobalt, PCB, kwik, koper, zink de achtergrondwaarde. • De aangetoonde verontreinigingen kunnen worden gerelateerd aan het aangetroffen bodemvreemd materiaal (sporen baksteen tot matig baksteenhoudend materiaal, zwak aardwerkhoudend, zwak betonhoudend en resten beton). • Zowel de boven- als de ondergrond worden indicatief geclassificeerd als bodemkwaliteitsklasse ‘niet toepasbaar > interventiewaarde’.
Grondwater In het grondwater is een licht verhoogde concentratie aangetoond met cis + trans-1,2-Dichlooretheen. De lichter verontreiniging is toe te schrijven aan het gebruik van bestrijdingsmiddelen op of nabij de deellocatie. Asbest Er is asbest aangetroffen en aangetoond. De aangetoonde gehalten overschrijden de norm voor nader onderzoek (50 mg/kg d.s.) niet. Aanvullend of nader asbest in grondonderzoek wordt niet zinvol of noodzakelijk geacht.
Toetsing hypothese Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 De hypothese ‘verdacht heterogeen’ is juist gebleken. Er zijn plaatselijk sterke verontreinigingen aangetoond.
Verkennend asbestonderzoek NEN5707 Op basis van de analyseresultaten van het verkennend asbestonderzoek kan de hypothese ‘verdachte toplaag, met diffuse bodembelasting, heterogeen verdeeld’ worden aangenomen omdat er asbest is aangetoond. Een slootdemping is niet aangetroffen tijdens het onderzoek.
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
49 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
Conclusie •
• •
In de bovengrond is een sterke verontreiniging met lood aangetoond. Conform de CROW publicatie 400 ‘Werken in of met verontreinigde grond’ geldt een voorlopige veiligheidsklasse ‘Oranje niet vluchtig’. Bij graafwerkzaamheden in deze verontreinigde grond dient hier rekening mee gehouden te worden. In de ondergrond is een sterke verontreiniging aangetoond met PAK. Voor deze sterke verontreiniging is geen veiligheidsklasse van toepassing. De bepaling van de voorlopige veiligheidsklassen is weergegeven in bijlage H. Op de tekening in bijlage G zijn de contouren weergegeven met de sterke verontreinigingen met lood en PAK.
Advies •
•
Het is niet bekend wat de oorzaak is van de aangetoonde verontreinigingen. Het terrein is vanaf de zestiger jaren bebouwd geweest (bron: www.topotijdreis.nl). Het is niet bekend wat het gebruik van de bebouwing was. De aangetroffen verontreinigingen met zware metalen en PAK zijn typisch voor het langdurig gebruik van een perceel. We gaan er daarom vooralsnog vanuit dat sprake is van een historische verontreiniging. Geadviseerd wordt om in overleg met de RUD Utrecht vast te stellen of zij kunnen instemmen met het feit dat sprake is van een historische verontreiniging. Indien sprake is van een historische verontreiniging kan volstaan met een BUS-melding ‘BUS melding, categorie tijdelijk uitplaatsen’. Indien de verontreiniging ontstaan is na 1987 valt de verontreiniging onder de zorgplicht zoals is aangegeven in artikel 13 van de Wet bodembescherming (Wbb). In dat geval zal een plan van aanpak moeten worden opgesteld welke ter instemming aan het bevoegd gezag zal worden verstrekt.
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
50 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
11
DEELLOCATIE 15
11.1
Uitgevoerde veldwerkzaamheden
De uitgevoerde werkzaamheden zijn samengevat in Tabel 51. Tabel 51 Overzicht uitgevoerde veldwerkzaamheden Onderdeel
Aantallen
Nummers
Verkennend bodemonderzoek
2 Boringen tot 0,5 m -mv
Hb056M, Hb058M
1 Boringen tot 2,0 m-mv
Hb055M
1 Peilbuis
Hb057M
11.2
Samenstelling mengmonsters en uitgevoerde chemische analyses
De samenstelling van de mengmonsters en de uitgevoerde chemische analyses zijn samengevat Tabel 52. Tabel 52 Samenstelling van de mengmonsters en uitgevoerde chemische analyses Analysemonster
Diepte (m -mv)
Deelmonsters
Locatie 15: MM12 BG zand
0,00 - 0,50
Hb055M (0,00 - 0,50), Hb057M (0,00 - 0,50) NEN 5740 Standaardpakket, Hb058M (0,00 - 0,50) organische stof en lutum
Locatie 15: MM13 OG zand
0,50 - 2,00
Hb055M (0,50 - 1,00), Hb055M (1,00 - 1,50) NEN 5740 Standaardpakket, Hb055M (1,50 - 2,00), Hb057M (0,50 - 1,00) organische stof en lutum Hb057M (1,40 - 1,90)
Locatie 15: Hb057M Veen
1,00 - 1,40
Hb057M (1,00 - 1,40)
11.3
Resultaten
11.3.1
Bodemopbouw
Analysepakket
NEN 5740 Standaardpakket, organische stof en lutum
De lokale bodemopbouw is afgeleid uit de uitgevoerde boringen en is in Tabel 53 geschematiseerd weergegeven. In bijlage B zijn de boorstaten opgenomen van de bij het onderzoek uitgevoerde boringen. De ligging van alle boringen is weergegeven op de tekening in bijlage G. Tabel 53 Samenvatting van de bodemopbouw Diepte (m –mv.)
Omschrijving
0,0 - 3,0
Matig fijn tot matig grof, zwak tot sterk siltig, zwak tot matig humeus zand Plaatselijk zijn veenlagen aanwezig
11.3.2
Veldwaarnemingen grond
De bij de boringen vrijkomende grond is in het veld onderzocht op (zintuiglijk) waarneembare kenmerken. In de boorstaten (bijlage B) zijn deze waarnemingen per boring weergegeven. In Tabel 54 zijn de waarnemingen die kunnen wijzen op bodemverontreiniging samengevat. Tabel 54 Veldwaarnemingen Boring
Diepte boring (m -mv)
Traject (m -mv)
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
Hb056M
0,50
0,10 - 0,50
Zand
Resten baksteen, resten beton
Onze referentie: D10011730:125 - Datum: 12 juli 2021
51 van 79
BODEMONDERZOEK AANLEG ONDERGRONDSE 150 KV KABELVERBINDING TE VEENENDAAL
11.3.3
Veldmetingen grondwater
In Tabel 55 zijn de resultaten van de veldmetingen weergegeven. Tabel 55 Veldmetingen grondwater Peilbuis
Filterdiepte (m -mv)
Grondwaterstand (m -mv)
pH (-)
EC (µS/cm)
Troebelheid (NTU)
Hb057M
2,00 - 3,00
1,73
6,8
1389
7,09
Toelichting tabel: pH: zuurgraad EC: elektrisch geleidingsvermogen NTU: afkorting van Nephelometric Turbidity Unit, dit is een maat voor de troebelheid (turbiditeit) van een vloeistof.
De zuurgraad en het geleidingsvermogen van het grondwater zijn normaal te noemen voor dit type bodem . Afwijkende waarden kunnen een indicatie zijn voor bodemverontreiniging. De gemeten waarden geven geen aanleiding aan te nemen dat sprake is van een dergelijke situatie. Het grondwater was niet troebel (NTU = <10).