3. 2e bestuursrapportage 2025 tbv Raadsbehandeling
Tekst van het document
Van belang om hierbij te realiseren is dat het minimabudget een grote mate van onzekerheid kent vanwege de openeinderegelingen en de afhankelijkheid van de ontwikkeling van het aantal aanvragers, pashouders en het daadwerkelijk pasgebruik. In de Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028 is, na verwerking van de aangenomen amendementen, een stelpost onderuitputting opgenomen van afgerond € 1,3 miljoen. Voorgesteld wordt de hierboven genoemde bedragen te verwerken op de stelpost. De mutatie verloopt daarmee budgettair neutraal. 6.4 - WSW en Beschut Werk (nadeel € 51.000)
Gemeenten ontvangen op dit moment financiering op basis van de vastgestelde taakstelling voor beschut werk, en niet op basis van het daadwerkelijk aantal gerealiseerde beschutte werkplekken. De gemeente Veenendaal biedt momenteel 47 beschutte werkplekken aan, terwijl de taakstelling ligt op 41. Deze zgn. overrealisatie van zes plekken wordt niet financieel gecompenseerd, waardoor de bijbehorende begeleidingskosten volledig voor rekening van de gemeente komen. Voor 2025 verwachten wij hierdoor een tekort van circa € 51.000. 6.5A - Arbeidsparticipatie (voordeel € 371.000) Op basis van de huidige stand van zaken zien we -ondanks de stijgende lasten vanwege de 30
hierboven genoemde verzwaring van de doelgroepen- ruimte om een deel van de beschikbare middelen af te ramen. Voorgesteld wordt om voor 2025 € 371.000 af te ramen, en vervolgens voorgesteld om € 381.000 in 2026, € 351.000 in 2027 en € 324.000 vanaf 2028 toe te voegen aan de stelpost onderuitputting. Hiermee ‘zeilen we scherp aan de wind’: in het geval de budgetten in de toekomst toch ontoereikend blijken te zijn zal worden voorgesteld om budget bij te ramen. Baten 6.751 - Jeugdhulp ambulant lokaal (nadeel 860.000) Zie ook 0.7 algemene uitkering voor het voordeel Het Rijk heeft de gemeenten voor 2025, 2026 en 2027 gedeeltelijk gecompenseerd voor de hogere kosten in de jeugdzorg. In de Kadernota is deze compensatie verwerkt voor de jaren 2026 en 2027. In de begroting voor 2025 is in een eerdere fase de rijksvergoeding van € 860.000 geraamd als inkomst bij het taakveld jeugdhulp. De rijksvergoeding is echter via de algemene uitkering ontvangen, waardoor de inkomstenraming op dit taakveld afgeraamd wordt en bij het taakveld 0.7 Algemene Uitkering wordt bijgeraamd. Op het taakveld 0.7 Algemene Uitkering maakt het bedrag onderdeel uit van de totale bijraming van € 1.845.000.
31
Risico's / ontwikkelingen Sociale Leefomgeving Minimabeleid In de meicirculaire 2024 heeft het Rijk aanvullende middelen beschikbaar gesteld voor participatie en re-integratie. Het gaat dan o.a. om de gebruikelijke aanvulling voor loon- en prijscompensatie. Deze middelen zijn destijds begrotingstechnisch per abuis verwerkt op het taakveld inkomensregelingen. Deze kosten zijn budget neutraal verwerkt op het juiste taakveld. In de eerste bestuursrapportage 2024 is een bedrag bijgeraamd om uitvoering te geven aan de minimaregelingen en de effecten van nieuw beleid op te vangen. De financiële effecten van de verruiming in de Doe mee-budgetten, spaaroptie en wijziging van de Regeling Meerkosten chronisch zieken en gehandicapten- die 1 juli 2024 in werking zijn getreden - zijn inmiddels beter in te schatten. Arbeidsparticipatie Onder andere in de jaarrekening 2024 is aangegeven dat personen die bijstandsafhankelijk zijn/worden een grotere afstand hebben tot de arbeidsmarkt en vaker te kampen hebben met multi-problematiek. Personen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt hebben vaak voor een langere tijd en soms ook meer re-integratie instrumenten nodig. Daarnaast groeit (volgens verwachting) de groep inwoners met een indicatie doelgroepenregister. Langzamerhand stijgen hiermee de kosten voor participatie en re-integratie.
Regionaal Werkcentrum (RWC) De veranderende arbeidsmarkt vraagt om een toekomstbestendige arbeidsmarktdienstverlening. Daarom wordt gewerkt vanuit landelijke wetgeving, aan een nieuwe arbeidsmarktinfrastructuur voor de dienstverlening aan werkenden, werkzoekenden en werkgevers. Deze voegt de huidige loketten en netwerkorganisaties zijnde Leerwerkloket, Regionaal Mobiliteitsteam en Werkgeversservicepunt samen in één regionale samenwerkingsvorm, het Regionaal Werkcentrum (RWC). Wij richten ons op een start van het RWC in 2026. Het van rijkswege beschikbare budget voorziet in de bekostiging van de basis. Uiterlijk 1 oktober 2025 moet inzichtelijk zijn of daarmee voldoende budget beschikbaar is voor een dekkend formatieplan. Simpel Switchen De gemeente Veenendaal neemt met een aantal partners die bij het project Simpel Switchen- Kansen voor Veenendaal betrokken zijn (IW4 en zorgaanbieders) deel aan de Lerende Praktijk van Movisie, VGN en Cedris. Voor de gemeente Veenendaal en deze partners gezamenlijk is maximaal € 50.336, - subsidie beschikbaar. Maximaal € 24.805,daarvan komt ten goede aan IW4 en de betrokken zorgaanbieders. Het overige deel wordt toegevoegd aan het projectbudget dat is opgenomen in het re-integratiebudget, ten behoeve van de ontwikkeling van nieuwe manieren van samenwerking gericht op het switchen.
Op dit moment is nog niet bekend of het subsidieresultaat volledig in 2026 wordt ontvangen of deels al in 2025. Inburgering Landelijke ontwikkelingen Recent heeft de Tweede Kamer wetsvoorstellen aangenomen die de rechtspositie van vluchtelingen en statushouders raken. Andere voorstellen, zoals het intrekken van de Spreidingswet en de taakstelling huisvesting statushouders, zijn in voorbereiding. De VNG waarschuwt voor negatieve gevolgen voor de uitvoering van de Wet Inburgering en de Participatiewet. Een verbod op urgentieverlening voor statushouders kan de keten van opvang, huisvesting en inburgering doorbreken. Statushouders trekken dan mogelijk naar gemeenten met beschikbare woonruimte of blijven bij opvanglocaties, wat leidt tot een ongelijke verdeling. Dit beïnvloedt de grip op financiën, omdat de Wet Inburgering wordt gefinancierd op basis van huisvestingstaakstelling. Onduidelijkheid over doelgroepomvang en financiering raakt ook de
32
formatie en het contractmanagement. Als wetsvoorstellen over gezinshereniging en tijdelijk verblijf worden aangenomen, kan dit het inburgeringsproces en duurzame arbeidsdeelname negatief beïnvloeden. Inburgeraars blijven in onzekerheid en richten zich minder op integratie. Door wachttijden bij taalscholen is er onderbesteding in het eerste inburgeringsjaar. Om terugvordering door het Rijk te voorkomen, worden re-integratietrajecten uit dit budget gefinancierd. Bij intrekking van de wet ontstaat mogelijk een tekort in latere jaren. De wens van het kabinet om de Spreidingswet in te trekken brengt risico’s met zich mee: ongelijke druk op gemeenten, meer noodopvang, onzekerheid over kosten, maatschappelijke onrust, druk op regionale samenwerking en belemmering van integratie. Deze ontwikkelingen bemoeilijken de regie op het inburgeringsbudget. Bovenlokale ontwikkelingen Het Rijk heeft het budget voor uitvoeringskosten tot en met 2024 verhoogd. Vanaf 2025 heeft het Rijk het uitvoeringsbudget teruggebracht naar het oorspronkelijke niveau, terwijl de effecten van de verhoogde instroom tot in ieder geval 2026 worden verwacht. Schulddienstverlening Eén van de doelstellingen uit het landelijke Programma Armoede en Schulden (voorheen Aanpak Armoede en Schulden) is het terugbrengen van problematische schulden.
Het Rijk ontwikkelt voor de korte en lange termijn een aantal hervormingsvoorstellen. Op lokaal niveau betekent dit de implementatie van de basisdienstverlening. Onderdelen hiervan zijn een aanpak voor jongeren, doorontwikkeling budgetcoaching en nazorg. De uitwerking wordt in een plan van Aanpak opgenomen. Voor de Aanpak is structureel € 200.000,- benodigd. De kosten worden gedekt uit het Rijksbudget Aanpak Armoede en Schulden. Programma Opvang De druk op de opvang voor Oekraïners blijft hoog, terwijl landelijk nauwelijks opvangplekken beschikbaar zijn. Dit vraagt van de gemeente om de beschikbare ruimte effectiever te benutten. Daardoor moeten meer bewoners kamers delen of kleiner gaan wonen, wat soms leidt tot weerstand. De Regeling Tijdelijke Bescherming is verlengd tot maart 2027. Vanaf 1 oktober 2025 gaan werkende Oekraïners meer betalen voor verblijf in de gemeentelijke opvang. Dit kan onrust veroorzaken, daarom wordt dit proces zorgvuldig begeleid. De onzekerheid over hun toekomst leidt bij velen, vooral jongeren, tot stress en spanning. Om dit beter op te vangen is het begeleidingsteam uitgebreid. Ook op het gebied van asiel blijft de gemeente inzetten op goede opvang. Voor de locatie aan de Wageningselaan is de wens uitgesproken dat deze tot maart 2026 onder gemeentelijke verantwoordelijkheid blijft, waarna overdracht aan het COA volgt.
Kosten worden gedeclareerd bij het COA. VISA Veenendaal blijft leidend in de aanpak, met nadruk op vroege inburgering, taalcoaching en begeleiding naar werk. Voor uitvoering is extra capaciteit en budget nodig, waarvoor een subsidieaanvraag bij SZW loopt. Vooruitlopend hierop is tijdelijke formatie ingezet, gedekt uit het programmabudget opvang. Vervoersvoorziening Participatiewet De Valleihopper biedt zowel geïndiceerd vervoer als niet-geïndiceerd vervoer. De eerste wordt bekostigd vanuit de Wmo met een eigen bijdrage van de reiziger, de tweede is bedoeld om te kunnen reizen waar de OV dekking niet toereikend is. Deze vorm wordt bekostigd door de provincie met een commerciële ritprijs voor de reiziger. In geval van de groep medewerkers van IW4 neemt de provincie ook het deel voor rekening dat de reiziger zou moeten betalen. Wmo Wetswijziging rechtspositie pgb-zorgverleners In de eerste bestuursrapportage beschreven we het plan van het kabinet om voor pgbzorgverleners met een arbeidsovereenkomst van maximaal drie dagen per week de Wet aanpassing Regeling dienstverlening aan huis (Rdah) af te schaffen. Hierdoor is de
33
budgethouder verplicht werkgeverslasten te betalen, zodat de zorgverlener meer rechten krijgt. Inmiddels heeft de SVB in haar communicatie naar de gemeente en budgethouders deze maatregel aangekondigd. De planning is dat de wijziging per 1 januari 2026 wordt doorgevoerd, maar de Eerste- en Tweede kamer moeten de plannen nog goedkeuren. De VNG komt in het najaar met een handreiking die gemeenten ondersteunt bij beleid voor de (tijdelijke) compensatieregeling. Ook houdt de VNG bij het herijken van de modelverordening Wmo rekening met de wijziging. Omdat het wetsvoorstel nog niet is goedgekeurd wachten we met de ontwikkeling van beleid tot duidelijk is of en wanneer deze wijziging ingaat. Adviesraden Sociaal Domein De adviesraden in het Sociaal Domein (Wmo-forum, Cliëntenraad, Jeugdbelang en de Jongerenraad) hebben met een aantal afgevaardigden per raad een verkenningscommissie gevormd in 2025. Het doel van deze commissie is om gezamenlijk te verkennen wat de mogelijkheden zijn om te bewegen naar één adviesraad Sociaal Domein. Mocht de verkenning leiden tot de totstandkoming van een adviesraad Sociaal Domein (instemming leden en college van B&W), dan zal deze adviesraad naar verwachting in 2026 worden geïmplementeerd.
Gezondheid Integraal Zorgakkoord (IZA) en Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) Als opvolging van het IZA en GALA is in juli 2025 op landelijk niveau een onderhandelakkoord gesloten over het Aanvullend Zorg en Welzijn Akkoord (AZWA). Met het AZWA wordt ingezet op een verbreding, intensivering en concretisering van het IZA. Het sociaal domein en de publieke gezondheid krijgen in het AZWA een explicietere plek. Ook is met het AZWA een mechanisme afgesproken voor het verschuiven van zorggeld naar gemeenten. Op het moment van schrijven is er nog geen duidelijkheid over de concrete (lokale) invulling van het AZWA en de financiële middelen die de gemeente Veenendaal gaat ontvangen. Tijdelijk kan dit opgevangen worden door de bij de jaarrekening ingestelde bestemmingsreserve preventie De uitvoering van de volgende onderdelen is volledig afhankelijk van de komst van dit AZWA: Opgroeien in een Kansrijke Omgeving, JOGG, Welzijn op Recept (voor het deel dat momenteel vanuit GALA gefinancierd wordt), één tegen eenzaamheid, voortzetten activiteiten vanuit IZA, onderhoud ketenaanpakken overgewicht en de ambtelijke formatie die nodig is om hier uitvoering aan te geven. Wanneer er onvoldoende financiële middelen beschikbaar worden gesteld door het Rijk heeft dit als gevolg dat deze onderdelen niet meer kunnen worden uitgevoerd.
Het preventiefundament waar we in de afgelopen jaren aan hebben gebouwd komt dan te vervallen. Cultuur Decentralisatie-uitkering openbare bibliotheken In de septembercirculaire 2024 is aangekondigd dat gemeenten in 2025 en in 2026 een decentralisatie-uitkering (DU) ontvangen voor het versterken van het lokale bibliotheekstelsel ter voorbereiding op de wettelijke zorgplicht. Deze DU wordt onder andere ingezet voor het continueren van de eerder met de specifieke uitkering (SPUK lokale bibliotheekvoorziening 2023-2024) in gang gezette ontwikkeling, de zogeheten ‘Wijkhuiskamer’ in de Binnenronde in Veenendaal. De SPUK loopt af in juni 2026. Naar verwachting zijn de DU-gelden in 2025 niet volledig nodig om de met de SPUK in gang gezette ontwikkeling te continueren. Daarom zal in de decemberwijziging 2025 worden voorgesteld om de restantmiddelen van de DU 2025 over te hevelen naar 2026 en in dat jaar beschikbaar te stellen om de met de SPUK in gang gezette ontwikkeling (de Wijkhuiskamer) te kunnen continueren na juni 2026. Welzijn Veens Welzijn In 2025 overstijgen de kosten van stichting Veens Welzijn de baten die zij van de gemeente ontvangt. Het ontstane tekort wordt in dat jaar gedeeltelijk opgevangen door een onttrekking uit de egalisatiereserve van Veens Welzijn.
Dit is geen structurele oplossing waardoor er samen met Veens Welzijn afspraken gemaakt moeten worden over het in evenwicht brengen 34
van de baten en de lasten. Dit doen we door het herzien van de opdracht welzijn. Het herzien van de opdracht welzijn betekent dat we als gemeente keuzes maken over wat wij belangrijk vinden binnen de opdracht welzijn. Daarbij stellen we prioriteiten, in overleg met Veens Welzijn en richten we de inzet van Veens Welzijn op die thema’s en doelgroepen waar de maatschappelijke impact het grootst is. Tegelijkertijd voorziet Veens Welzijn dat ook voor de komende periode al keuzes gemaakt moeten worden in het huidige aanbod en/ of personeel. Vrijwilligers Op dit moment wordt de subsidieregeling Vrijwilligerswerk en informele zorg herijkt. Er hebben inmiddels twee sessies met vrijwilligersorganisaties plaatsgevonden. Het proces om de regeling zorgvuldig te herijken neemt vanwege personele omstandigheden meer tijd in beslag dan vooraf voorzien. Dit betekent dat de nieuwe regeling gepubliceerd gaat worden in 2026, en van toepassing is voor subsidies vanaf het subsidiejaar 2027.
35
Programma 4: Burger en Bestuur Thema I: Dienstverlening (extern) Wat willen we bereiken? (doelstellingen) I.a. De eerstelijns dienstverlening is klant-, service- en oplossingsgericht, waardoor er balans is tussen efficiënte inrichting en klantbeleving.
Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) I.a.1. Jaarlijks worden balie en telefonie gemeten op bereikbaarheid (telefonie, social media en website), toegankelijkheid (balie, o.a. openingstijden, werken op afspraak), middels een klanttevredenheidsonderzoek. I.a.2. Signalen die voortkomen uit onderzoeken of rechtstreeks van klanten oppakken om de dienstverlening blijvend te optimaliseren. I.a.3. Innovatieve service aanbieden aan onze klanten via digitaal loket, de balie en telefonie (particulieren, bedrijven en instellingen). Landelijke ontwikkelingen worden gevolgd zoals ediensten en wet- en regelgeving op dit gebied.
Wat willen we bereiken? (doelstellingen) I.b. We streven naar steeds meer zelfregie voor de klant om zijn zaken met de gemeente (digitaal) zelf te kunnen regelen.
Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) I.b.1. Meten van gebruik webformulieren.
Thema II: Burger en samenwerking Wat willen we bereiken? (doelstellingen) II.a. Veenendaal zet zich (ook) in 2025 in voor de verdere ontwikkeling van de regio Foodvalley.
Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) II.a.1. Eind 2020 is de geactualiseerde Strategische Agenda Foodvalley 2020 – 2025 vastgesteld. De komende jaren wordt in Triple Helix-verband vormgegeven aan de uitvoering van deze Strategische Agenda. Veenendaal levert hieraan zijn bijdrage. II.a.2 In 2025 wordt de nieuwe Strategische Agenda 2026-2030 ter vaststelling aan de raden van de Foodvalley-gemeenten aangeboden. II.a.3. Als onderdeel van de gemeenschappelijke regeling geeft Veenendaal mede invulling aan de overheidsgeleding van de Triple Helix regio Foodvalley (3 O’s: overheid, onderwijs, ondernemingen).
36
Wat willen we bereiken? (doelstellingen) II.b Veenendaal is een betrouwbare samenwerkingspartner.
Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) II.b.1. Veenendaal zet zich (ook) in 2025 in voor de verdere ontwikkeling van de regio Foodvalley.
Wat willen we bereiken? (doelstellingen) II.c. Adequate sturing en controle ten aanzien van verbonden partijen waarin de gemeente Veenendaal deelneemt.
Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) II.c.1. In het najaar van 2024 wordt de gemeenteraad een geactualiseerde Nota verbonden partijen ter vaststelling aangeboden
Thema III: Veiligheid samenleving Wat willen we bereiken? (doelstellingen) III.a Inwoners en ondernemers kunnen veilig wonen, werken en leven in de stad en weten hoe ze weerbaar zijn tegen verschillende soorten criminaliteit.
Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) III.a.1. Samen met partners, inwoners en ondernemers realiseren we de doelstellingen uit het IVP Heuvelrug 2023-2026. III.a.2. Samen met partners acteren we op (acute) (zorg- en)veiligheidsissues, waarbij gewerkt wordt met actuele wet- en regelgeving en actuele inzichten over de inzet van bestuurlijke bevoegdheden. Financiële ontwikkelingen Burger en bestuur Bedragen x €1.000 Feiten en ontwikkelingen
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Raming 2028
Lasten 0.1A - Bestuur
0
11
11
11
0.2 - Burgerzaken
210
0
0
0
Totaal Lasten
210
11
11
11
Saldo van baten en lasten
-210
-11
-11
-11
Totaal 2e bestuursrapportage
-210
-11
-11
-11
Toelichtingen financiële ontwikkelingen Lasten 0.2 - Burgerzaken (nadeel € 210.000) Als gevolg van de val van het Kabinet Schoof, worden op 29 oktober nieuwe Tweede Kamerverkiezingen gehouden. Voor de organisatie is geen budget aanwezig in de Programmabegroting 2025. De kosten voor de organisatie worden ingeschat op € 210.000 en verwerkt in deze bestuursrapportage.
Risico's / ontwikkelingen Burger en Bestuur Niet van toepassing.
37
Programma 5: Algemene dekkingsmiddelen en Onvoorzien Financiële ontwikkelingen Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien Bedragen x €1.000 Feiten en ontwikkelingen
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Raming 2028
Lasten 0.5 - Treasury
-480
0
0
0
0.8 - Overige baten en lasten
-1.128
0
0
6
Totaal Lasten
-1.608
0
0
6
0.5 - Treasury
146
0
0
0
0.62 - OZB niet-woningen
369
0
0
0
0.64A - Belastingen overig
1.888
0
0
0
0.7 - Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds
1.845
0
0
0
Totaal Baten
4.248
0
0
0
Saldo van baten en lasten
5.855
0
0
-6
1.888
0
0
0
Totaal Stortingen
1.888
0
0
0
Saldo mutaties reserves
-1.888
0
0
0
Totaal 2e bestuursrapportage
3.968
0
0
-6
Baten
Stortingen 0.10E - Mutaties reserves Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien
Toelichtingen financiële ontwikkelingen Lasten 0.5 - Treasury (voordeel € 480.000) Rente langlopende geldleningen (nadeel € 171.000) In het eerste halfjaar zijn twee extra langlopende leningen van elk € 10 miljoen afgesloten om de (grond) exploitatie en investeringen te financieren. Ook in het vierde kwartaal zal waarschijnlijk een extra lening worden afgesloten. De extra rentekosten, afgerond op € 171.000, zijn verwerkt in deze bestuursrapportage. Rente kortlopende geldleningen (voordeel € 825.000) Voor de overige kasgeldleningen (leningen met een looptijd van minder dan 1 jaar) is een voordeel ontstaan van ongeveer € 825.000, door een lager volume en een lagere rente (2,5% in plaats van 3,5% op begrotingsbasis) dan geraamd. Rente Grondbedrijf (nadeel € 174.000) Bij de toerekening van rente aan parkeren is het noodzakelijk om de berekening aan te passen op basis van de afspraken rondom projectfinanciering. De maximale rente die aan parkeren mag worden toegerekend, is € 174.000 lager dan oorspronkelijk geraamd. Hierdoor ontstaat een nadeel op de post rente voor dit bedrag (bij de parkeerexploitatie ontstaat dan hetzelfde voordeel). 0.8 - Overige baten en lasten ( voordeel € 1.128.000) De afschrijvingslasten van de nog niet opgeleverde investeringen zijn herrekend.
Door onder andere vertraging in de uitvoering resulteert dit in een eenmalig voordeel van € 1.707.536 binnen de diverse begrotingsprogramma's. Een bedrag van € 580.000 is toebedeeld aan de stelpost onderuitputting, zodat het voordeel op de afschrijvingslasten naar € 1.128.000 is gegaan.
38
Baten 0.5 Treasury (voordeel € 146.000) Bij de rente van derden is een voordeel ontstaan van € 146.000. In de begroting 2025 is nog gerekend met een rentevergoeding van 1% en een lager volume aan leningen. Door het stijgen van de rente is ook de omslagrente opgelopen van 1% naar 1,5%. Deze stijging en een hoger volume aan leningen vertaalt zich in hogere opbrengst bij de verstrekte startersen duurzaamheidsleningen. 0.62 - OZB niet-woningen (voordeel € 369.000) GBLT heeft recent een leegstandscontrole plaats laten vinden in Veenendaal. Als gevolg van deze controle berekend dat de totale opbrengst OZB gebruikers (€ 311.000) en OZB eigenaren nietwoningen (€ 58.000) met € 369.000 hoger zal zijn dan verwacht. 0.64A - Belasting overig (neutraal € 1.888.000) Als gevolg van het vervallen van de beroepstermijn inzake de heffing van de precario tbv de hoogspanningskabels, kan de hiervoor gevormde voorziening worden opgeheven en het vrijvallende bedrag van € 1.887.860 worden toegevoegd aan de bestemmingsreserve verkabeling hoogspanning 0.7 - Algemene Uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds (voordeel € 1.845.000) Op basis van de meicirculaire 2025 kan het geraamde bedrag voor de algemene uitkering in 2025 opgehoogd worden met € 1.845.000. De hogere uitkering is met name het gevolg van compensatie van het Rijk vanwege tekorten Jeugd voor rekening van het Rijk.
In de begroting 2025 is reeds voor € 860.000 rekening gehouden met deze compensatie (zie hiervoor ook de toelichting op het taakveld 6.751 Jeugdhulp, waar de inkomsten voor 2025 oorspronkelijk geraamd zijn). Voor een uitgebreide toelichting op de meicirculaire 2025 wordt verwezen naar de raadsinformatiebrief hierover. De verwerking van de taakmutaties vanuit de meicirculaire 2025 (voor een totaalbedrag van € 1.313.000) is onderdeel van bijlage 1 Budgettair neutrale mutaties. De structurele effecten van de meicirculaire 2025 worden verwerkt in de Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027-2029. Reservemutaties Reserve verkabeling ( storting € 1.888.000) zie toelichting taakveld 0.64A Belasting overig.
Risico's / ontwikkelingen Algemene dekkingsmiddelen en Onvoorzien Niet van toepassing.
39
Programma 6: Bedrijfsvoering Thema V: Bedrijfsvoering algemeen Wat willen we bereiken? (doelstellingen) V.a. Grip verbeteren op rechtmatigheid van inkopen.
Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) V.a.1. Implementatie/uitrol van het inkoop -en bestelsysteem binnen de organisatie. Tijd (indicator) Tijd (toelichting) We zijn in juni van start gegaan met de module workforce. Implementatie en uitrol van de contractenmodule volgt in september. Streven is de bestelmodule eind november in werking te hebben. Inhoud (indicator) Inhoud (toelichting) Doel ITB (inkoop tot betalen) is uiteindelijk verbeterde grip op rechtmatigheid. Uitrol vindt gefaseerd plaats vanaf juni. De workforce-module (inhuur) is vanaf juni live. Hierop wordt gemonitoord . De contractmodule gaat per team gefaseerd de lucht in en streven is gericht op per 1 november ook de bestelmodule te activeren.
Financiële ontwikkelingen Bedrijfsvoering Bedragen x €1.000 Feiten en ontwikkelingen
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Raming 2028
Lasten 9.901 - Algemeen
-1.155
0
0
0
-192
0
0
0
Totaal Lasten
-1.347
0
0
0
Saldo van baten en lasten
1.347
0
0
0
0.10F - Mutaties reserves Bedrijfsvoering
192
0
0
0
Totaal Stortingen
192
0
0
0
Saldo mutaties reserves
-192
0
0
0
Totaal 2e bestuursrapportage
1.155
0
0
0
9.915 - Algemeen Beleid (MO)
Stortingen
40
Toelichtingen financiële ontwikkelingen Lasten 9.901 - Algemeen (voordeel € 1.155.000) Per 1 april 2025 is er voor gemeenteambtenaren een nieuwe cao gesloten. De decentrale loonkostenbudgetten zijn hierop aangepast. De resterende middelen ad €1.155.236 vallen in de 2e berap vrij. 9.915 - Algemeen beleid (MO) (neutraal € 192.000) Bij de besluitvorming over de 3e bestuursrapportage 2024 en de jaarstukken 2024 is in totaal 383.536 overgeheveld naar 2025 ten behoeve van extra tijdelijk personeel. Dit is ondermeer nodig voor uitvoering van nieuwe taken ( IZA en GALA). De werkzaamheden vinden plaats in 2025 en 2026. Voorgesteld wordt om voor de werkzaamheden in 2026 een bedrag van € 192.232 te storten in de reserve meerjarige middelen en in 2026 opnieuw beschikbaar te stellen vanuit deze reserve. Reservemutatie Mutatie reserve bedrijfsvoering (storting € 192.000) zie taakveld 9.915 Algemeen beleid (MO).
41
Risico's / ontwikkelingen Bedrijfsvoering Traineeship Binnen het regionaal samenwerkingsverband Foodvalley is in samenwerking met omliggende gemeenten en de Christelijke Hogeschool (CHE) een traineeship ontwikkeld met het maatwerk opleidingsprogramma. De werving en selectie is inmiddels succesvol afgerond. Er zijn 10 trainees geselecteerd die vanaf 1 september 2025 in de regio starten, waarvan 2 bij de gemeente Veenendaal. Verzuimrapportage tweede kwartaal 2025 Het verzuimpercentage over het tweede kwartaal van 2025 is afgesloten op 6,02%. Dit betekent een daling ten opzichte van het eerste kwartaal van 2025, waarin het verzuim op 6,73% lag. Ook in vergelijking met het landelijke gemiddelde van 6,9% (bron: CBS) scoort onze organisatie gunstiger. Deze daling is deels te verklaren door het seizoensgebonden karakter van verzuim: in het eerste kwartaal komen vaker klachten voor die samenhangen met het winterseizoen. In het tweede kwartaal zien we een verschuiving in de aard van het verzuim. De meeste verzuimgevallen zijn gerelateerd aan psychische klachten of lichamelijke aandoeningen. Bij psychisch verzuim is er vaak sprake van een combinatie van werk- en privégerelateerde factoren. Om dit type verzuim zoveel mogelijk te voorkomen, zetten we gerichte interventies in.
Denk hierbij aan de inzet van een energie-balanscoach, gespecialiseerde begeleiding op basis van de klachten van de medewerker, en ondersteuning door een maatschappelijk werker. Daarnaast blijven we actief contact onderhouden met verzuimende medewerkers en volgen we de stappen uit de Wet verbetering poortwachter zorgvuldig op. Verzuimverdeling Q2 2025: • Kort verzuim: 0,34% • Middellang verzuim: 0,47% • Langdurig verzuim: 3,76% • Extra lang verzuim: 1,44% Bij vergelijking met het eerste kwartaal valt op dat het kortdurende verzuim is afgenomen, terwijl het langdurige verzuim is toegenomen. Het extra lange verzuim is daarentegen gedaald. We verwachten dat het langdurige verzuim de komende periode zal afnemen, mede doordat enkele medewerkers uitstromen naar de WIA of inmiddels hersteld zijn. Tot slot is het percentage medewerkers dat in het tweede kwartaal geen verzuim heeft gehad (nulverzuim) vastgesteld op 77,5% Vitaliteit Afgelopen tijd hebben we de Risico inventarisatie & evaluatie (RI&E) uitgevoerd. Hierdoor hebben we inzicht gekregen in de veiligheid- en gezondheidsrisico's. Er is een plan van aanpak opgesteld en vanuit dit plan gaan we de acties uitvoeren en vormgeven. Een van de acties de komende tijd is het updaten van zowel het arbo- als het PSA beleid. Nu de RI&E is uitgevoerd gaan we ons nu richten op een Periodiek Arbeidsgezondheidkundig Onderzoek (PAGO).
Dit onderzoek brengt de algehele gezondheid van medewerkers en de organisatie in kaart. Hierdoor weten zowel medewerker als organisatie wat er moet gebeuren om de gezondheid/ vitaliteit te verbeteren.? Ook vragen we aandacht voor vitaliteit middels de week van de vitaliteit eind september met als doel het bewustzijn te vergroten en medewerkers handvatten te bieden. Werkgeluk In het vierde kwartaal van 2023 hebben we onderzoek gedaan naar werkgeluk in onze organisatie. In het tweede kwartaal van dit jaar hebben we een nameting gedaan (pulsemeting) om te kijken hoe het nu gaat.
42
We vroegen in deze pulse meting naar de mening van medewerkers over 4 thema’s, namelijk: 1. Werkgeluk 2. Werkdruk & Werkbalans 3. Sociale veiligheid 4. Verwachtingen voor de toekomst De resultaten op organisatieniveau zijn inmiddels bekend. We zijn blij dat we, net als bij de eerste meting, een 7,3 scoren op werkgeluk. Dat is een mooi cijfer. In de bijgevoegde infographic zie je de belangrijkste uitkomsten van de pulsemeting.
We zien positieve punten, zoals de werksfeer en inhoud van het werk maar ook de beleving van de sociale veiligheid binnen de gemeente en binnen teams. Tegelijkertijd vragen de werkdruk, doorgroei mogelijkheden en de kantooromstandigheden onze aandacht. Dit laatste nemen we onder andere mee in de herinrichting van het gemeentehuis. Elk team heeft ook een eigen teamrapportage met resultaten van het team. Zij bespreken deze met elkaar in een teamoverleg om samen te kijken wat goed gaat en hoe we de aandachtspunten nader op kunnen pakken. Daarnaast worden diverse interventies aangeboden om medewerkers en leidinggevende handvatten te geven om met de uitkomsten aan de slag te gaan. Strategische Personeelsplanning (SPP) De afgelopen maanden zijn we intensief aan de slag gegaan met de strategische personeelsplanning (SPP) voor de periode 2025–2029. Het doel hiervan is om de gemeente optimaal voor te bereiden op zowel kwantitatieve als kwalitatieve veranderingen binnen het personeelsbestand. Door middel van diverse thematische werksessies hebben we inzicht gekregen in de belangrijkste uitdagingen op het gebied van capaciteit en competenties. Op basis van de uitkomsten van deze sessies wordt per thema een concreet plan opgesteld, waarmee we gericht kunnen inspelen op toekomstige ontwikkelingen. Eind september wordt de raad bijgepraat over de ontwikkelingen.
43
ICT ontwikkelingsbudget Binnen het thema Bedrijfsvoering zijn naast budgetten voor de reguliere bedrijfsvoering op het gebied van Data, meerdere budgetten voor diverse ontwikkelingen beschikbaar zoals voor het ‘ontwikkelen meetinstrumenten beleidsontwikkeling en uitvoering’, en ‘dataorganisatie en -management’. Momenteel wordt er een plan ontwikkeld om deze budgetten te clusteren en te labelen. Hoewel gestreefd wordt dit jaar al een start te maken met de uitvoering van deze plannen, is het zeker mogelijk dat er een deel niet zal worden besteed. In de volgende rapportage kan een inschatting worden gegeven welk deel van de beschikbare middelen eenmalig niet benut worden.
44
Voortgang risico's In de bestuursrapportages geven we u een beeld van de eventuele relevante ontwikkelingen qua risico’s en beheersing daarvan. Bij de begrotingen geven we uitvoeriger beeld van de risico's en zetten we die af tegen het weerstandsvermogen. Binnen onze organisatie zijn we momenteel bezig met het herzien van de werking en systematiek van de risicoanalyse. Daarbij onderzoeken we hoe we de relevante risico’s voor de realisatie van bestuurlijke doelstellingen nadrukkelijker kunnen integreren. Het doel is om het bewustzijn van risico’s en het belang van risicosturing verder te versterken binnen de dagelijkse uitvoering. Tegelijkertijd bekijken we hoe we deze risico’s op een consistente en transparante manier kunnen vertalen naar financiële impact. Actueel beeld Internationaal zien we dat de spanningen en de risico's toenemen. Met name de geopolitieke spanningen en de handelstarieven zorgen voor grote onzekerheden in de financiële wereld. Deze ontwikkelingen hebben ook gevolgen voor de wereldeconomie en dus ook onze economie. In het dagelijks leven worden we direct hiermee geconfronteerd door de schommeling van de prijzen van energie. We zien de kans op een recessie verder stijgen. Ook nemen de risico's op prijsstijgingen weer toe door de invoertarieven.
Vanwege de geopolitieke ontwikkelingen is het belangrijk om onze inwoners en de eigen organisatie voor te bereiden op calamiteiten van uiteenlopende aard. Denk bijvoorbeeld aan onrust in de samenleving, cyberrisico's en tijdelijke uitval van nutsvoorzieningen. We zijn hierbij aangehaakt bij de landelijke ontwikkelingen en ook bij onze Veiligheidsregio Utrecht (VRU). Daarnaast zetten we intern stappen in het waarborgen van de meest cruciale bedrijfsprocessen. Denk bijvoorbeeld aan het garanderen van het tijdig uitbetalen van de uitkeringen. Tenslotte zijn zaken als stikstof en netcongestie belangrijke risico's die blijven spelen bij de realisatie van onze ambities. Naast de eerder genoemde risico’s van oplopende prijzen, zijn de belangrijkste risico’s op dit moment: •
oplopende kosten van jeugdzorg en de haalbaarheid van de taakstellingen daarop;
•
risico's van mogelijk oplopende uitkeringslasten of minimakosten;
•
de (on) toereikendheid van rijks financiering;
•
de krapte op de arbeidsmarkt die het lastig maakt voor bepaalde specifieke functies mensen te vinden.
Daarnaast zijn in de afgelopen periode het volgende risico, dat de aandacht vraagt: •
Een te lage indexatie bij nieuwbouwprojecten, onderhoud en voorzieningen op het gebied van grond-, weg- en waterbouw;
Op risico's wordt vanzelfsprekend gestuurd om ze te voorkomen of te verminderen qua kans of impact. Daarnaast kunnen, doordat de gemeentelijke weerstandscapaciteit goed op orde is, deze risico’s vooralsnog in voldoende mate worden afgedekt.
45
Tabel 1 Beschikbare weerstandscapaciteit
Bedrag in €
Algemene reserve voor resultaat 2e bestuursrapportage 2025
32.764.000
Onbenutte belastingcapaciteit ozb
10.000.000
Saldo 2e bestuursrapportage 2025
1.829.000
Totale weerstandscapaciteit
44.593.000
De beschikbare weerstandscapaciteit wordt voor het belangrijkste deel gevoed door de algemene reserve met een bedrag van € 32.764.000 (incidenteel). Ook de onbenutte belastingcapaciteit is met € 8.000.000 (structureel) en € 2.000.000 (incidenteel - vanwege een belastingverhoging met dit bedrag in 2027) een belangrijke bron voor de weerstandcapaciteit. Doordat er sprake is van een structurele post van € 8.000.000 is deze post belangrijker dan hij zo op het eerste gezicht oogt in vergelijking met de algemene reserve. Daarnaast dienen we rekening te houden met het saldo van deze Berap ad. € 1.829.000. De gemeentelijke weerstandscapaciteit bedraagt totaal € 44.593.000 miljoen.
46
Bijlagen Bijlage 1: Budgettair neutrale mutaties Bedragen x €1.000
47
BN Mutaties
Raming 2025 budgetneutraal
Raming 2026 budgetneutraal
Raming 2027 budgetneutraal
Raming 2028 budgetneutraal
Lasten 0.3A - Beheer overige gebouwen en gronden
0
-1
0
-1
0.4C - Overhead (interne dienstverlening)
-23
-46
-70
-77
0.4F - Overhead (communicatie)
-10
-10
-10
-10
0.4I - Overhead (A&A)
-50
-300
-300
-300
0.4N - Overhead (Vastgoed)
-2
-4
-6
-7
0.8 - Overige baten en lasten
386
953
934
934
-3
-5
-8
-9
2.1A - Verkeer en vervoer
-151
-4
-4
-4
2.1B - Verkeer en vervoer
0
-1
-1
-1
2.1D - Verkeer en vervoer
0
0
0
0
3.3A - Bedrijfsloket en -regelingen
-1
-1
-2
-2
5.1A - Sportbeleid en activering
0
0
0
0
5.3A - Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie
0
0
0
0
5.4A - Musea
-20
-20
-20
-20
5.6A - Media
0
0
0
0
5.7A - Openbaar groen en (openlucht) recreatie
147
0
0
0
5.7C - Openbaar groen en (openlucht) recreatie
16
16
16
16
6.1A - Samenkracht en burgerparticipatie
-1
-2
-3
-3
6.1G - Samenkracht en burgerparticipatie
-40
-40
-40
-40
1.1B - Crisisbeheersing en Brandweer
6.1H - Inkomensregelingen
1.220
0
0
0
6.3A - Inkomensregelingen
-613
-751
-681
-654
6.3B - Inkomensregelingen
180
0
0
0
6.4 - WSW en beschut werk
825
0
0
0
6.5A - Arbeidsparticipatie
321
-91
-76
-64
6.5B - Arbeidsparticipatie
350
341
326
314
6.711 - Huishoudelijke hulp (Wmo)
-183
-183
-183
-183
6.712 - Begeleiding (Wmo)
381
381
381
381
6.713 - Dagbesteding (Wmo)
-268
-268
-268
-268
6.714 - Overige maatwerkarrangementen (Wmo)
-155
-101
-146
-155
0
0
0
0
6.791 - PGB Wmo
100
100
100
100
6.811 - Beschermd wonen (Wmo)
262
0
0
0
6.812 - Maatschappelijke- en vrouwenopvang (Wmo)
119
125
125
125
6.71B - Begeleiding (WMO)
7.1A - Volksgezondheid 7.4D - Milieubeheer 8.1C - Ruimtelijke Ordening 9.9 - Algemeen
68
161
331
410
1.081
61
92
102
234
0
0
0
0
300
300
300
9.901 - Algemeen Directie
300
0
0
0
9.907 - Algemeen JZ
26
26
26
26
9.912 - Algemeen KCC
0
0
0
0
9.913 - Algemeen Beleid en Relaties (EW)
-4
-4
-4
-4
9.914 - Algemeen Bijstand, Reintegratie en Participatie Totaal Lasten
-8
-8
-8
-8
4.483
622
800
896
Baten 0.2 - Burgerzaken
250
0
0
0
0.4Y - Overhead Team JZI
26
26
26
26
0.61 - OZB-woningen
-72
-74
-74
-74
0
0
0
0
0.64A - Belastingen overig 0.64C - Belastingen overig
72
74
74
74
1.313
0
0
0
2.1A - Verkeer en vervoer
0
82
135
160
5.6A - Media
0
0
0
0
0.7 - Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds
48
BN Mutaties
Raming 2025 budgetneutraal
Raming 2026 budgetneutraal
Raming 2027 budgetneutraal
Raming 2028 budgetneutraal
1.220
0
0
0
0
53
9
0
262
0
0
0
6.812 - Maatschappelijke- en vrouwenopvang (Wmo)
-6
0
0
0
7.1A - Volksgezondheid
68
161
331
410
6.1H - Inkomensregelingen 6.714 - Overige maatwerkarrangementen (Wmo) 6.811 - Beschermd wonen (Wmo)
7.4D - Milieubeheer
1.050
0
0
0
300
300
300
300
4.483
622
800
896
Gerealiseerd saldo van baten en lasten
0
0
0
0
Gerealiseerd resultaat
0
0
0
0
9.901 - Algemeen Directie Totaal Baten
Bijlage 2: Overzicht structurele mutaties Bedragen x €1.000 Exploitatie
Raming 2026
Raming 2027
Raming 2028
Lasten 1 Fysieke Leefomgeving
-116
-128
-85
3 Sociale Leefomgeving
0
0
0
4 Burger en Bestuur
11
11
11
5 Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien
0
0
6
-106
-117
-69
1 Fysieke Leefomgeving
12
0
49
3 Sociale Leefomgeving
4
4
4
5 Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien
0
0
0
Totaal Baten
16
4
52
Gerealiseerd saldo van baten en lasten
121
121
121
121
121
121
Totaal Lasten Baten
Stortingen 1 Fysieke Leefomgeving Totaal Stortingen
121
121
121
Mutaties reserves
-121
-121
-121
0
0
0
Gerealiseerd resultaat
49
Stelpost onderuitputting De stelpost onderuitputting wordt ingevuld door middelen die in de 2e bestuursrapportage 2025 zijn afgeraamd. Budgetten die voor 2025 zouden vrijvallen in de algemene reserve, zijn verrekend met deze stelpost. Bij de afschrijvingslasten is een deel van de aframing gebruikt voor de invulling van de stelpost. Het resterende structurele saldo van de stelpost (meerjarig 2026 - 2029) van afgerond € 300.000 zal ingevuld worden, zodra de mogelijkheid zich voordoet. Dit zal dan verwerkt worden in een van de komende P&C-documenten.
Overzicht invulling stelpost onderuitputting 2025
2026
2027
2028
2029
1.000.000
1.305.000
1.305.000
1.305.000
1.305.000
Leerlingenvervoer
50.000
50.000
50.000
50.000
50.000
Mantelzorg
40.000
40.000
40.000
40.000
40.000
Inkomsten UWV eigen personeel
300.000
300.000
300.000
300.000
300.000
Begroot Invulling: verwerkt in bestuursrapportage
Minimaregelingen
120.000
80.000
80.000
80.000
Gemeentearchief
20.000
20.000
20.000
20.000
20.000
PR en Communicatie
10.000
10.000
10.000
10.000
10.000
Vrijval kapitaallasten tbv stelpost
580.000
-
-
-
-
381.000
351.000
324.000
324.000
82.000
135.000
160.000
160.000
Arbeidsparticipatie Zwerfvuil Overige geringe mutaties
-
6.000
6.000
Totaal invulling
1.000.000
1.003.000
986.000
990.000
990.000
Nog in te vullen
-
302.000
319.000
315.000
315.000
Saldo te verwerken
-
302.000
319.000
315.000
315.000
50