1.b Bijlage bij inspraak - Bouwplannen t Goeie Spoor - Rapport
Tekst van het document
De strekking daar is dat bezien vanuit maximale voorzorg het logisch zou zijn te werken met alleen de | 26
buitenste AMM-afstand. Het hanteren daarvan betekent in de praktijk
(zoals geluid, fijnstof en externe veiligheid), magneetvelden (zoals
echter ruimtelijk een zeer forse opgave, terwijl bij een aanzienlijk deel
5G) en over de impact van de energietransitie .
van de bestemmingen binnen die afstand de blootstelling lager is dan
Vanuit de optiek van de magneetvelden kan er daarbij meer gebeuren
0,4 µT jaargemiddeld. De voorzorg wordt dan snel disproportioneel,
dan het aanpassen van de Netkaart en het publiceren van de AMM-
zeker gelet op het niet bewezen risico voor de gezondheid . Bij de
afstanden. Dat gebeurt nu door onder meer het Kennisplatform EMV
binnenste AMM-afstand is nagenoeg zeker dat de blootstelling hoger
en het Platform Hoogspanning. Wij bevelen aan de huidige passieve
is dan 0,4 µT jaargemiddeld. Om die reden wordt daar een zwaardere
wijze van informatievoorziening voort te zetten, maar deze uiteraard
motiveringsplicht gehanteerd dan bij de buitenste AMM-afstand.
aan te passen op het nieuwe beleid en de extra informatie en inzichten die daarbij beschikbaar zijn gekomen.
Naamgeving afwegingsafstanden In deze rapportage is veel gesproken over AMM-afstanden. De
Gerichte informatie voor geïnteresseerden
afkorting AMM is daarbij op logische wijze ontstaan vanuit de wens
De afweging van de proportionaliteit van maatregelen in dit advies is
te komen tot afstanden voor de afweging van mogelijke maatregelen.
een brede maatschappelijke afweging van de gezondheidsrisico’s en
In het uiteindelijke advies komen wij echter uit op een aanpak waarbij
effecten van deze maatregelen.
vooral generieke afwegingen zijn gemaakt over de maatregelen en
Een individuele afweging over de blootstelling aan magneetvelden
waarbij binnen de afstanden feitelijk alleen nog een ruimtelijke
kan een andere conclusie opleveren. Wij achten het daarom van
afweging aan de orde is. Wij kunnen ons dan ook voorstellen dat het
belang dat aan geïnteresseerden goede informatie wordt verschaft,
Rijk bij het invullen van het beleid kiest voor e en andere aanduiding
om zo (het ontstaan van) onbewuste blootstelling te voorkomen en
van de afstanden. We doen daarvoor enkele suggesties ter inspiratie:
een persoonlijke afweging mogelijk te maken. Wij verwachten dat –
ARA (afstanden ruimtelijke afweging), RAfstanden (ruimtelijke
door de uitbreiding van het beleid naar het hele net - de behoefte aan
afwegingsafstanden), of gespecificeerd naar de twee banden een
deze informatie toeneemt, zeker kort na de introductie. Het verdient
ARN- en ARP-afstand, voor respectievelijk de afweging ruimtelijke
aanbeveling dat gemeenten, netbeheerders en GGD’en de vraag
noodzaak (binnenste afstand) en proportionaliteit (buitenste afstand).
naar informatie goed monitoren en voorbereid zijn op uitbreiding van de capaciteit om deze informatie te kunnen verschaffen.
Algemene informatievoorziening Er zal behoefte blijven aan informatie over de gezondheidsrisico’s
5.3. Opleiding
van magneetvelden bij het elektriciteitsnet. Lysias beveelt aan de informatievoorziening daarover
in te bedden in een bredere
communicatieaanpak over hinder en risico’s in de leefomgeving
Voor het goed functioneren van de nieuwe werkwijze is het essentieel dat de medewerkers van de betrokken stakeholders (specifiek de | 27
ruimtelijke
ordenaars
bij
gemeenten,
netplanners
bij
de
verkennen. Mogelijk komen er bij deze verkenning inzichten naar
netbeheerders en uitvoerders) gedegen worden geïnformeerd over
voren die op kortere termijn al in het nieuwe beleid kunnen worden
de maatregelen en de wijze waarop de mogelijke risico’s van
geïntegreerd.
magneetvelden meegenomen kunnen worden in de afweging van ruimtelijke besluiten. Daarbij is het van belang dat wordt bewaakt dat deze in praktijk worden gebracht. Gelet op het overleg in de werkgroep
mag
worden
verwacht
dat
de
stakeholders
hun
verantwoordelijkheid willen oppakken. In paragraaf 5.1 hebben we al aangegeven op welke punten het Rijk de stak eholders daarbij kan faciliteren via het komen tot duidelijke spelregels en voorbeelden. Lysias beveelt aan de werking in de praktijk onderdeel te maken van de monitoring en deze uiterlijk na twee jaar te evalueren en waar nodig bij te sturen.
Impact energietransitie De inpassing van energietransitie-gerelateerde netcomponenten, zoals zonnedaken, windparken en laadinfrastructuren, is door de werkgroep beschouwd als een veranderende situatie. Hierbij doelen we op structurele aanpassingen in het net, niet op bijvoorbeeld het inpassen van een individuele laadpaal. De komende decennia zal het aantal van deze netaanpassingen fors toenemen. Daarbij kunnen er aanzienlijke elektrische stromen lopen, waarbij de blootstelling van gevoelige bestemmingen vergelijkbaar is aan die bij an dere kabels en transformatorruimten in het net. Lysias stelt daarom voor de
5.4. Overige punten van aandacht
betreffende aansluitingen op het elektriciteitsnet in lijn te brengen
Onderzoek uitkopen / gedwongen verhuizen
Lysias extra aandacht in wet- en regelgeving, vanwege de grote
Uit de inventarisatie van de mogelijke maatregelen voor dit rapport is
diversiteit aan optredende situaties en het feit dat deze aansluitingen
gebleken dat het uitkopen of verhuizen bij gevoelige bestemmingen
niet altijd door de traditionele netbeheerders worden gerealiseerd.
een potentieel effectieve maatregel is. De betreffende bestemmingen
Lysias beveelt aan dat – als logische eerste stap - de lokale
kunnen dan worden ingezet voor functies waar geen kinderen
overheden bij het verlenen van omgevingsvergunningen
langdurig
duurzame energieprojecten de neteisen hanteren conform de in dit
verblijven.
De
maatregel
met de hierboven beschreven standaard. Dit behoeft in de optiek van
wordt
nu
niet
generiek
voor
proportioneel geacht vanwege de hieraan verbonden kosten.
advies opgenomen nieuwe werkwijze.
Maar stel dat in de toekomst een causaal verband wordt gevonden
Verder zal de energietransitie naar verwachting leiden tot meer
en de noodzaak van maatregelen stijgt. Uitkoop is dan één van de
elektrische infrastructuur en tot een gemiddeld intensiever (slimmer)
weinige concrete opties. Deze vergt dan een grootschalige operatie,
gebruik van het elektriciteitsnet. Dit onderstreept de relevantie van
waarvan op dit moment nog geen idee bestaat hoe deze kan worden
een adequate invoering van het nieuwe voorzorgbeleid.
uitgevoerd en of deze praktisch en juridisch haalbaar is. Daarom geven wij in overweging om deze optie (indicatief) nader te | 28
Literatuur
12. Germany, the Netherlands and the United Kingdom”, Bilthoven, 2017
1.
Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, Kamerbrief ‘Voorzorgbeleid Hoogspanning en Gezondheid’, Den Haag, C.
fields”, Bilthoven, 2017 14. Stichting wAarde, Verkenning straatwaarde voorzorgbeleid
oktober 2019 2.
13. RIVM, “Comparison of international policies on electromagnetic
Verdaas,
Advies
Voorzorgbeleid
Hoogspanning
en
hoogspanning, Beek-Ubbergen, 2019
Gezondheid, juni 2019 3.
AEF, Rapport Evaluatie Uitvoeringspraktijk voorzorgbeleid hoog spanningslijnen, december 2018
4.
AEF, Kosten voorzorgbeleid, 26 maart 2019
5.
Royal Haskoning DHV, ELF-magneetvelden bij hoogspanningslijnen, 12 april 2019
6.
CIGRÉ Working Group C4.204, “Mitigation Techniques of Power Frequency Magnetic Fields”, Technical Brochure, Paris, August 2009
7.
NPR 8799, Nederlandse praktijkrichtlijn voor Distributiestations voor elektrische energievoorziening op bijzondere locaties, oktober 2014
8.
RS-Handbuch,
“Allgemeine
Verwaltungsvorschrift
zur
Durchführung der Verordnung über elektromagnetische Felder – 26. BImSchV (26. BImSchVVwV)”, Februar 2016 9.
Bund/Länder-Arbeitsgemeinschaft
für
Immissionsschutz ,
“Hinweise
der
Verordnung
zur
Durchführung
über
elektromagnetische Felder”, September 2014 10. Chalmers University of Technology, “Mitigation of Power Frequency Magnetic Fields”, Göteborg, Sweden 2001 11. RIVM, “National precautionary policies on magnetic fields from power lines in Belgium, France, | 29
Bijlagen
Bijlage 1 •
Bijlage 1 Overzicht ondersteunende rapportages
Overzicht ondersteunende rapportages
Rapportage mogelijke technische maatregelen Lysias Advies, Jos Benner en Pieter van Eijsden, 24 augustus 2020
Bijlage 2 Terminologie
(Bijlage 6 bij dit rapport) Bijlage 3 Kamerbrief van de minister 2019
•
Rapportage mogelijke niet-technische maatregelen Lysias Advies, Esther Slinkman en Jos Benner,
Bijlage 4 Typen netcomponenten en hun AMM-afstanden
24 augustus 2020 Bijlage 5 Aansluiting bij eerdere adviezen Bijlage 6 Mogelijke technische maatregelen
(Bijlage 7 bij dit rapport) •
Aanpak afweging mogelijke maatregelen Lysias Advies, Jos Benner, 24 augustus 2020
Bijlage 7 Mogelijke niet-technische maatregelen Bijlage 8 Aanpak afweging mogelijke maatregelen
(Bijlage 8 bij dit rapport) •
Magnetische velden van het elektriciteitsnetwerk DNV-GL, Fred Koenis en Leo Lagendijk,
Bijlage 9 Magnetische velden van het elektriciteitsnetwerk
28 augustus 2020 (Bijlage 9 bij dit rapport)
Bijlage 10 Reflectie van het RIVM bij concept DNV-GL rapport •
Reflectie van het RIVM bij “DNV GL rapport ‘Magnetische velden van het elektriciteitsnetwerk - voorzorgsbeleid magneetvelden’, Concept, 29 juni 2020” RIVM, Gert Kelfkens en Mathieu Pruppers, 3 juli 2020 (Bijlage 10 bij dit rapport)
| 30
Bijlage 2
Terminologie
AMM-afstanden (Afweging Mogelijke Maatregelen) Vaste afstanden tot een netcomponent waarbinnen het toestaan van
Magneetvelden
gevoelige bestemmingen door het bevoegd gezag RO ruimtelijk moet
Wanneer in deze rapportage wordt gesproken over magneetvelden wordt gedoeld op de extreem laagfrequente elektromagnetische velden (50 Hz) die samenhangen met de elektriciteitsvoorziening. Het advies betreft alleen de velden van bronnen ‘voor de meter’, niet die
worden afgewogen. Deze afstanden worden geïntroduceerd als alternatief voor de magneetveldzone die wordt gehanteerd in het huidige voorzorgbeleid Hoogspanning en Gezondheid. Technische (bron)maatregelen
van bijvoorbeeld elektrische apparaten in de bestemming.
Maatregelen van technische aard waarmee magneetvelden worden Netcomponenten
beïnvloed, met impact op de AMM-afstanden die moeten worden
De term netcomponenten wordt gebruikt voor het aanduiden van de verschillende onderdelen van het elektriciteitsnet en de verschillende configuraties waarin deze voorkomen.
nagestreefd.
Een gevoelige bestemming is een plaats waar zich langjarig (jaargemiddeld 14 tot 18 uur per dag) kinderen tot en met 15 jaar kunnen bevinden. In een uitwerking van het bestaande beleid heeft rijksoverheid
dit
als ook het vergroten van de afstand tussen de bron van het magneetveld en de plaats waar een lagere magneetveldsterkte wordt
Gevoelige bestemmingen
de
aangehouden voor een netcomponent (technische bronmaatregelen) ,
uitgelegd
als
woningen,
scholen
en
kinderdagverblijven / crèches. In dit advies is deze lijn gevolgd, met de kanttekening dat wij hierbij doelen op (de buitenmuur van) het
Niet-technische maatregelen Maatregelen van niet-technische aard waarmee langdurige (en/of onbewuste) blootstelling aan magneetvelden kan worden beperkt. Deze maatregelen zijn veelal communicatief en organisatorisch. Het houden van afstand wordt voor de volledigheid en vanwege het belang hiervan ook hier meegenomen.
gebouw, niet op de perceelgrens. De buitenmuren vormen de voor het advies relevante grens, zoals in het bestaande beleid. Dit omdat
Generieke en specifieke afwegingen
binnen het gebouw de langdurige blootstelling plaats kan vinden waar
Per situatie is een afweging gemaakt of mogelijke maatregelen wel
het voorzorgbeleid om draait. We realiseren ons dat in de ruimtelijke
of niet worden toegepast. Er zijn generieke en specifieke afwegingen.
plannen dit onderscheid niet altijd te maken zal zijn.
Generieke afwegingen worden vooraf door het Rijk gemaakt, met instemming van netbeheerders, gemeenten, provincies en andere
Magneetveldzone Met
de
term
netcomponent
stakeholders. Specifieke afwegingen worden situationeel gemaakt,
magneetveldzone aangeduid
wordt
waarin
het de
gebied
rond
een
vooral door netbeheerders en het bevoegd gezag RO.
magneetveldsterkte
jaargemiddeld 0,4 µT of hoger is. | 31
Redelijk en proportioneel Bij de afweging wordt bepaald welke maatregelen in de gegeven situatie redelijk en proportioneel zijn. Hierbij worden in elk geval de criteria,
technische
uitvoerbaarheid,
juridische
houdbaarheid,
effectiviteit, meerkosten en bijeffecten in beschouwing genomen. Via scores op de diverse criteria wordt gekomen tot een oordeel. Bestaande, nieuwe en veranderende situaties Bij een bestaande situatie zijn de bebouwing en het net al aanwezig. Bij nieuwe situaties zijn beiden nieuw. Een veranderende situatie betreft een structurele (vergunningplichtige) verandering in een bestaande situatie. Daarbij kan het gaan om een uitbreiding of renovatie van het elektriciteitsnet nabij bestaande bebouwing of om het realiseren van nieuwe gevoelige bestemmingen of renovatie van bestaande gevoelige bestemmingen nabij een bestaand elektriciteitsnet. Stakeholders en kennisinstellingen De partijen verenigd in de Werkgroep Elektriciteit & Gezondheid en hun achterbannen De werkgroep bestond uit de stakeholders netbeheerders, gemeenten en provincies en verder uit de vier betrokken ministeries van EZK, BZK, VWS en IenW, de GGD’en en het Platform Hoogspanning als ondersteuners van de gemeenten , en de kennisinstellingen RIVM, DNV-GL (ad hoc) en het Kennisplatform EMV. De woningcorporaties (Aedes), bouwers (Bouwend Nederland) en projectontwikkelaars (NEPROM) waren agendalid.
| 32
Bijlage 3
Kamerbrief
| 33
| 34
| 35
| 36
Bijlage 4
Typen netcomponenten en hun AMM-afstanden
35 meter opgenomen, gebaseerd op de uitkomsten van specifieke magneetveldberekeningen, omdat de door DNV-GL genoemde
De tabel hieronder toont de afstanden die op grond van de beschikbare data van DNV-GL zijn vastgesteld voor de verschillende netcomponenten.
waarde past bij een extreem laag belaste lijn. Voor MSR’s is in de rapportage van DNV-GL een maximum van 7 meter vermeld. Later is door DNV-GL aan Lysias gemeld dat 5 meter eerder representatief is. Deze waarde is opgenomen in de tabel. In de reflectie op het conceptrapport van DNV-GL heeft het RIVM aangegeven dat zij de manier waarop de zones voor opstijgpunten zijn bepaald, niet adequaat vindt. Ook de wijze waarop de zones voor HS-stations zijn afgeleid uit de Duitse ‘Einwirkungsbereich’ acht het RIVM niet adequaat. Op beide punten is DNV-GL aangeraden naar alternatieven te zoeken. In hoofdstuk 4 is het volgende verkorte overzicht gepresenteerd.
Het DNV-GL rapport noemt voor de150 kV een minimale afstand van 20 m. Lysias heeft hiervoor in hoofdstuk 2 en de bovenstaande tabel | 37
Hierin zijn – ten behoeve van de hanteerbaarheid van de aanpak -
Dat achten wij acceptabel voor de overgangsperiode en gelet op het
spanningsniveaus die relatief dicht bij elkaar liggen geclusterd .
incidentele karakter hiervan.
Verder zijn alle grotere afstanden afgerond op vijftallen meters. Zo
Voor middenspanningsruimten (MSR’s; ook wel aangeduid als trans -
willen we ook de schijn wegnemen van een absolute nauwkeurigheid,
formatorhuisjes of distributiestations) is met de AMM-afstanden
die er niet is.
aangesloten op de bestaande Nederlandse praktijkr ichtlijn [ref. 7],
De binnenste AMM-afstanden zijn ontleend aan de minimale waarden
waarin bij inpandige MSR’s wordt aanbevolen de direct naastgelegen
uit de eerdere tabel. Omdat wij binnen de binnenste afstand het
ruimten niet te bestemmen voor langdurig verblijf. Dit hebben wij
zwaarste regime voorstellen is de afstand beperkt tot de laagste
geïnterpreteerd als 2 tot 4 meter (binnenste en buitenste AMM-
waarde voor het betreffende cluster. Disproportionele maatregelen
afstand).
worden op deze wijze zoveel als mogelijk voorkomen. De buitenste
Combilijnen zijn niet in de tabel opgenomen. De magneetveldzone is
AMM-afstanden zijn ontleend aan de maximale waarden uit de eerder
hier dermate afhankelijk van de feitelijke combinatie dat wij adviseren
gepresenteerde tabel, met de kanttekening dat de maximale
de afwegingsafstand per concrete situatie te bepalen. Wintrack-
afstanden uit de rapportage van DNV-GL gelden voor huidige
masten zijn niet in de verkorte tabel opgenomen omdat deze volgens
praktijksituaties waarbij de technische bronmaatregelen nog niet zijn
onze informatie niet meer zullen worden toegepast. Een deel van de
toegepast. De afstand wordt kleiner zodra deze maatregelen worden
bij de ontwikkeling van deze masten verkregen inzichten en benutte
genomen. Dat gebeurt conform het advies bij elke nieuwe en
werkprincipes wordt nu ingezet bij vakwerkmasten.
veranderende situatie. Dit zijn de precies situaties waar toepassing van de AMM-afstand het vaakst aan de orde is. Bij hoogspanningslijnen wordt dan bijvoorbeeld faseoptimalisatie toegepast, waardoor de afstand vanaf de lijnen, waar de veldsterkte 0,4 µT jaargemiddeld is, afneemt. Omdat deze bronmaatregelen de standaard worden, is hierop bij de voorgestelde afstanden al, enigszins, geanticipeerd. Zolang de bronmaatregelen niet zijn genomen zullen incidenteel magneetveldwaarden van boven de 0,4 µT voor kunnen komen op de buitenste AMM-afstand. Voor het slechts denkbare geval (waar we bij 150 kV nu 120 meter voorstellen in plaats van 140 meter) blijft de veldsterkte op de buitenste AMM-afstand altijd kleiner dan 0,6 µT.
| 38
Bijlage 5
Aansluiting bij eerdere adviezen
Hieronder is kort aangegeven hoe de voorgaande aanbevelingen aansluiten op het eerdere advies van Verdaas. 1. Stel samen met de betrokken stakeholders een lijst met ALARA maatregelen samen die binnen een nader te bepalen afstand van de magneetveldbron overwogen moeten worden door alle betrokken stakeholders, en waarin de criteria ‘redelijk’ en ‘proportioneel’ transparant en leidend zijn ten aanzien van de toepassing van de maatregelen.
3. Pas het voorzorgbeleid toe op de verschillende bronnen van magneetvelden in het elektriciteitsnetwerk. De nieuwe werkwijze geldt voor alle magneetveldbronnen in het elektriciteitsnet. 4. Schrap de 0,4 µT advieswaarde. Ongeacht de magneetveldsterkte kan het magneetveld worden gereduceerd indien maatregelen redelijk en proportioneel zijn (en zo behoren tot de set van vast te stellen ALARA-maatregelen). De nieuwe werkwijze (met standaard technische bronmaatregelen en
De in dit rapport aanbevolen nieuwe werkwijze is opgesteld samen
AMM-afstanden) bevordert dat bij nieuwe en veranderende situaties
met de stakeholders. Het resulterende pakket van maatregelen (met
in beginsel geen gevoelige bestemmingen binnen een AMM-afstand
technische bronmaatregelen en een ruimtelijke afweging) wordt door
komen of blijven. Dat betekent dat de waarde van 0,4 µT niet
hen niet alleen overwogen maar in beginsel standaard toegepast bij
onbewust wordt overschreden, ook al wordt deze niet meer strak als
nieuwe en veranderende situaties. De AMM-afstanden bepalen voor
grenswaarde gehanteerd. Verder worden niet-technische maat-
welk gebied de afweging daarover wordt gemaakt.
regelen ingezet om de onbewuste blootstelling te helpen reduceren.
In het advies spreken we niet over ALARA-maatregelen, maar over proportioneel geachte maatregelen. Deze maatregelen zijn allen gericht op het verlagen van de blootstelling en via de proportionaliteit wordt de redelijkheid ervan gewaarborgd. In de praktijk zijn de maatregelen dus ALARA, maar deze term vinden wij minder duidelijk voor een breder publiek. 2. Pas het voorzorgbeleid toe op nieuwe én bestaande situaties (waarbij de te overwegen ALARA-maatregelen verschillend kunnen zijn). De nieuwe werkwijze (met standaard technische bronmaatregelen en AMM-afstanden) vormt de referentie waaraan de maatregelen voor nieuwe en bestaande situaties worden getoetst. De afweging levert voor bestaande en nieuwe situaties vaak een ander resultaat op.
5. Kosten van de ALARA-maatregelen worden gedragen door de initiatiefnemer, zowel bij bestaande als bij nieuwe situaties. In de voorgestelde aanpak worden de kosten van de maatregelen gedragen door de initiatiefnemer. 6. Communiceer open en transparant en ontsluit alle beschikbare informatie over onder meer de locaties en sterktes van magneetveldbronnen in het elektriciteitsnetwerk, en bied hiermee een basis voor de keuzevrijheid van burgers. De communicatieve en organisatorische maatregelen bij de nieuwe werkwijze zorgen ervoor dat de beschikbare informatie open en transparant wordt ontsloten, waaronder de AMM -afstanden. Er wordt voor gekozen de Netkaart alleen aan te passen / uit te breiden voor de hoogspanningscomponenten. | 39