42-03-02 Aanbieding rapport tussenevaluatie ERL Prov. Groningen
Tekst van het document
1.3 Verantwoording en methode In het najaar van 2021 heeft het ERL-team een plan van aanpak opgesteld voor een tussenevaluatie. Daarin zijn de aanleiding, uitgangssituatie, randvoorwaarden, probleemstelling, doelstelling, de gewenste projectresultaten en projectfasering beschreven. Het ERL-team heeft aangegeven dat de Tussenevaluatie onder meer bestaat uit: een inhoudelijke evaluatie (het 'WAT') van cijfermateriaal met betrekking tot het ERL-programma, een evaluatie van het proces en de werkwijze (het 'HOE' en met 'WIE') en conclusies en aanbevelingen. Voor het voeren van gesprekken met alle ERL-partners (de evaluatie van het proces en de werkwijze) en het opstellen van dit Tussenevaluatierapport heeft de provincie een externe partij gevraagd. In overleg met het ERL-team is een vragenpool opgesteld (zie bijlage 2); deze is ook aan de Gedeputeerde voorgelegd. In totaal zijn er 54 personen geïnterviewd, waarvan 16 medewerkers van de 10 gemeenten, 19 vertegenwoordigers van 16 externe stakeholders en 19 provinciale medewerkers. Van elk interview is een verslag gemaakt dat ter aanvulling en correctie naar de geïnterviewde is gestuurd. Interne provinciale collega's die betrokken waren bij ERL zijn deels in groepsverband en deels individueel geïnterviewd. Ook het ERL-team zelf is als groep geïnterviewd.
Aanvullend zijn gesprekken gevoerd met de betrokken gedeputeerden en de directeur van de provincie. Daarnaast zijn er twee plenaire sessies met de ERL-partners belegd. In de eerste sessie werd gereflecteerd op de bereikte resultaten van het ERL-programma; in de tweede sessie is vooruitgeblikt en zijn aanbevelingen besproken. Bij de eerste sessie op 14 april 2022 waren 19 personen aanwezig; 6 externe stakeholders, 8 vertegenwoordigers van 6 gemeenten en 5 provinciemedewerkers. Een groot deel van deze personen is ook geïnterviewd; bij de eerste plenaire sessie waren 6 personen aanwezig die niet geïnterviewd zijn, maar wel tijdens de sessie hun mening hebben kunnen geven. Dit waren 4 personen namens gemeenten, 1 provinciemedewerker en 1 externe partner. De deelnemers werden in 3 groepen verdeeld. Van elk van de zes ERL-sporen en bijbehorende activiteiten en resultaten was een poster gemaakt. De deelnemers werd gevraagd om per spoor aan te geven: waar ze trots op zijn; wat minder goed ging; welke verandering of verschuiving er door ERL teweeg gebracht is. Door middel van drie kleuren 'post-its' konden de deelnemer dit op de 6 posters aangeven. Daarna werd er in groepen met elkaar gesproken over de geplaatste opmerkingen.
Bij de tweede plenaire sessie op 23 juni 2022 waren 34 personen aanwezig; 10 vertegenwoordigers van 9 externe stakeholders, 9 vertegenwoordigers van 7 gemeenten en 15 provinciemedewerkers. In paragraaf 3.2.2 is de werkwijze bij de tweede sessie beschreven. Bijlage 1 bevat een overzicht van alle personen die door middel van een interview en/of aanwezigheid bij de plenaire sessies hun visie op de uitvoering en toekomst van het ERL-programma hebben gegeven. 4
Tussenevaluatie 2022 Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteit en Landschap 2017-2026
Kwantitatieve data zijn door het ERL-team verzameld en aan de externe partij ter beschikking gesteld.
1.4 Leeswijzer Het ERL-programma is opgebouwd rond zes sporen. In hoofdstuk 2 wordt per spoor beschreven in welke mate de doelen en ambities van het ERL-programma op dit moment - in het voorjaar van 2022 - gerealiseerd zijn. Daarbij wordt ingegaan op de inhoud van dat spoor binnen het ERL-programma en op het proces en de wijze waarop de ERL-partners de samenwerking binnen dat spoor hebben ervaren. Vervolgens worden de ervaringen van de ERL-partners beschreven. Daarna wordt stilgestaan bij de werkwijze binnen de ERL-opgave en volgt een financieel overzicht. Hoofdstuk 3 bevat een analyse van de bevindingen uit hoofdstuk 2 en van de mate waarin de algemenere doelen van het ERL-programma bereikt zijn. Aanvullend is beschreven welke aandachtspunten door de ERL-partners naar voren zijn gebracht. Het rapport besluit met conclusies en aanbevelingen.
5
Tussenevaluatie 2022 Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteiten Landschap 2017-2026
Hoofdstuk 2 De uitvoering van het ERL-programma van 2017 tot 2022 2.1 Inleiding In dit hoofdstuk worden eerst de doelen, ambities en sporen van het ERL-programma beschreven. Vervolgens wordt per spoor aangegeven in welke mate de activiteiten binnen dat spoor zijn uitgevoerd en hoe de betrokken partners de samenwerking hebben ervaren. Hierbij is geput uit informatie die door de provincie beschikbaar is gesteld, uit de interviews en de eerste plenaire sessie. Daarna wordt beschreven welke ervaringen zijn opgedaan met de opgavegestuurde manier van werken en hoe de communicatie binnen het netwerk gepland en verlopen is. Het hoofdstuk besluit met een financieel overzicht en een samenvatting.
2.2 De doelstellingen van het ERL-programma: 6 sporen Zoals eerder vermeld is de algemene doelstelling van het ERL-programma: “Wij willen ons nageslacht een mooi, herkenbaar en beheersbaar thuis nalaten. Dat betekent dat we de identiteit van het gebied willen bewaren, herstellen en verder willen ontwikkelen en erfgoed van onze tijd willen toevoegen. We willen dat onze provincie aantrekkelijk blijft voor onze inwoners en bezoekers. En ervoor zorgen dat de positie van het erfgoed, de ruimtelijke kwaliteit en het landschap in Groningen uiteindelijk minder kwetsbaar wordt'.
Daarbij zijn de volgende ambities geformuleerd: -in onderling verband in kaart brengen, behouden, herstellen en ontwikkelen van de waarden/kwaliteiten vanuit Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteit en Landschap. Dit vraagt om gedragen en onderbouwde afwegingen ten behoeve van o.a. de volgende vraagstukken: behoud, herstel, herbestemmen (met/zonder publieksfunctie), sloop, ruïnebeleid, nieuwbouw en ruimtelijke ordening (RO). - het creëren van de juiste randvoorwaarden resp. benutten van (financiële) kansen voor het behoud, herstel, ontwikkeling en gebruik van aldus geïdentificeerde kwaliteitselementen en -ensembles. Dit vraagt onder andere om nieuwe financieringsmogelijkheden waaronder te komen tot een breed gedragen fonds (publiek-privaat). - het volwaardig meewegen van Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteit en Landschap in beleidsvraagstukken. - het uitdragen van de geïdentificeerde kwaliteitselementen en waarden en het op de kaart zetten van de Provincie Groningen.
- om zo zorg te dragen voor sterke dragers van onze identiteit, nu en in de toekomst, waar we trots op zijn.
Om dit bovenstaande te realiseren zijn 6 sporen in het programma opgenomen. Dat zijn: 1. Spoor 1. Publiek belang, het verhaal vertellen en marketing; 2. Spoor 2: Breng de basis op orde; 3. Spoor 3: Nieuwe kwaliteiten: zorg voor een eigen tijdslaag met ruimtelijke kwaliteit als uitgangspunt; 4. Spoor 4: Toekomstbestendig beleid, financiering en samenwerkingsvormen ERL; fondsvorming; 6
Tussenevaluatie 2022 Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteiten Landschap 2017-2026
5. Spoor 5: Krachten bundelen: praktische voorbeelden van samen\A/erking; 6. Spoor 6; Aardbevingsgebied. Per spoor zijn een aantal activiteiten benoemd:
Spoor 1 Publiek belang, het verhaal vertellen en marketing • Betrokkenheid/participatie in\A/oners: o.a. provinciepanel, dorpsontwikkelingsplannen, aanwijzing karakteristieke elementen; • Toerisme: imago-onderzoek, bestedingen, marketing, communicatie; • Betrokkenheid PS, gemeenten en anderen: lunchlezingen, excursies. Spoor 2 Breng de basis op orde • Identificatie: opstellen cultuurhistorische waardenstelling, ruimtelijke onderlegger per gemeente, overzicht van gegevens per gemeente: rijksmonumenten, archeologische monumenten, landschappelijke elementen, bebouwingsstructuren, beeldbepalende en karakteristieke panden; • Vastleggen waarden/kwaliteiten in o.a. Omgevingsvisie en Omgevingsverordening, gemeentelijke bestemmingsplannen etc.; • Opstellen, vullen en toepassen erfgoedmonitor en landschapsmonitor en integratie in ERL monitor; • Ontwikkelen en toepassen afwegingskader(s) voor gemeenten; vroegtijdige betrokkenheid van gemeenten bij planvorming; • Ontwikkelen communicatiemateriaal inwoners en ondernemers, o.a. erfgoedloket, NCG en Kwaliteitsgids. Spoor 3: Nieuwe kwaliteiten: zorg voor een eigen tijdslaag met ruimtelijke kwaliteit als uitgangspunt • Icoonprojecten; • Inspiratiebijeenkomsten over ruimtelijke kwaliteit; • Samenwerking met architecten, ontwerpbureaus, onderwijs, ondernemers; • Stimuleringsbeleid, o.a.
extra middelen ter compensatie van extra regels/creëren meerwaarde/creëren meer ruimte binnen de regelgeving om maatwerk te kunnen voeren. Spoor 4: Toekomstbestendig beleid, financiering en samenwerkingsvormen ERL (fondsvorming) • Inventarisatie bestaande fondsen; • Fondsenwerving; • Ontwikkeling nieuw fonds; •
Lessons learned binnen- en buitenland;
• Deelname aan en mede organiseren van congressen; • Aanhaken bij (inter)nationale activiteiten. Spoor 5: Krachten bundelen: praktische voorbeelden van samenwerking • Gebiedsgebonden projecten gericht op bewustwording; • Projecten gericht op het toekomstbestendig maken van het beleid ten aanzien van ERL; • Pilotprojecten; • Lopende projecten 'ERL-proof' maken. 7
Tussenevaluatie 2022 Advies & Rapi
Hatzo
Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteiten Landschap 2017-2026
Spoor 6: Aardbevingsgebied NCG en Provincie Groningen zijn de programmaleiders van een apart Erfgoedprogramma voor het aardbevingsgebied. • In kaart brengen erfgoed (o.a. beeldbepalende en karakteristieke panden) en staat van onderhoud; • Ondersteuning van/communicatie met bewoners, o.a. m.b.t. herbestemming; • Planologische kaders en normstelling, o.a. ruimtelijk beleid, beleid op gebied van woningbouw, sloop, krimp, leefbaarheid en erfgoed, vergunningen, handhaving, toezicht en welstandsbeleid • Uitvoering; • Duidelijkheid over financiering, o.a. fonds voor achterstallig onderhoud, verduurzaming, herbestemming. Naast het ERL-programma is er het Communicatieplan ERL - Samen bouwen aan een herkenbaar thuis (13 februari 2019). Daarin is opgemerkt dat het thema ERL op dat moment bij de start van het ERL-programma voor veel gemeente- en provincieambtenaren nog geen prioriteit had in het beleid. Onvoldoende besef van urgentie en een gebrek aan capaciteit en kennis worden als mogelijke oorzaken daarvan genoemd. Het plan was om het urgentiebesef bij de partners te vergroten door in bijeenkomsten en communicatie-uitingen ervaringen met inspirerende opgaven te delen. De inzet is om op die manier de partners te verleiden om meer integraal te denken. De provincie heeft nadrukkelijk geen leidende rol gekozen en geeft geen opdrachten aan de partners.
Zij kan hoogstens een beroep op hen doen. De uitvoering van het ERL-programma is een gezamenlijke opgave en de provincie werkt daarin samen met de stakeholders. Kennis en capaciteit van de partners zouden kunnen worden vergroot door een faciliterende rol van de provincie. Daarnaast heeft de provincie een regulerende rol vanuit de erfgoedwet en de wet ruimtelijke ordening. Het doel is dat de werkwijze van ERL gemeengoed wordt en deel uitmaakt van de reguliere werkzaamheden en werkmethoden van de betrokken partijen. Omdat een dergelijke cultuuromslag tijd kost, is gekozen voor een gefaseerde aanpak. Het plan was om in 2017, 2018 en 2019 de basis op orde te brengen en de communicatie en samenwerking verder vorm te geven. Daarna staan vooral monitoring, uitvoering en eventueel bijstelling van het beleid centraal. De algemene doelstelling van de communicatie is: "Doelgroepen weten dat de provincie Groningen veel bijzondere landschappen en erfgoed heeft en zijn daar het liefst ook trots op. Ook zijn ze zich bewust van het belang van behoud van erfgoed en landschap en dat dat (financiële) conseguenties heeft"
Het Opgaveteam ERL heeft frequent contact met interne en externe partijen. Intern gaat het om het Team Gaswinning, het Team Energie en het Team Leefbaarheid van de provincie Groningen. Extern is er contact met medewerkers en beleidsafdelingen van gemeenten. Rijk, NCG, andere ambtelijke organisaties en erfgoedinstellingen.
^ Communicatieplan ERL, p.3.
8
Advies & Rapi
Hatzo
Tussenevaluatie 2022 Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteiten Landschap 2017-2026
Er is onderscheid in urgentie tussen het aardbevingsgebied en de rest van de provincie, waarbij het aardbevingsgebied prioriteit heeft. In het Communicatieplan zijn per 'spoor' interne en externe doelgroepen beschreven en zijn communicatiedoelen en -middelen geformuleerd. Ook is een communicatiekalender opgesteld waarin de momenten en middelen worden bijgehouden.
2.3 Uitvoering 2017 tot 2022 In deze paragraaf is per spoor beschreven welke acties zijn uitgevoerd en vervolgens hoe de betrokken ERL-partners de samenwerking binnen het betreffende spoor hebben ervaren. Per spoor wordt eerst aangegeven wat er bereikt is; vervolgens wordt beschreven hoe dat bereikt is. De indeling in sporen en bijbehorende activiteiten zoals hierboven in paragraaf 2.2 beschreven wordt door de partners niet altijd even strikt gehanteerd. In de praktijk is sprake van overlap en vallen bepaalde ERL-activiteiten soms onder meerdere sporen. 2.3.1 Spoor 1: Publiek belang, het verhaal vertellen en marketing
2.3.1.1 Wat is er bereikt? Betrokkenheid/participatie inwoners
Aanvankelijk was de gedachte om inwoners van de provincie Groningen onder meer via het provinciepanel bij ERL-thema's te betrekken. Dit is niet gebeurd. Niettemin zijn inwoners van de provincie op andere manieren bij ERL betrokken. Bijvoorbeeld via het Toukomst-programma, dat vanuit het Nationaal Programma Groningen wordt uitgevoerd. De enorme hoeveelheid ideeën en projecten geeft een beeld van wat er leeft onder de inwoners van Groningen. Opvallend is daarbij dat veel ideeën betrekking hadden op thema's die te maken hebben met erfgoed, ruimtelijke kwaliteit en landschap. Het opstellen van dorpsontwikkelingsplannen werd bij de start van het ERL-programma genoemd als een van de mogelijkheden om inwoners bij ERL-thema's te betrekken. Het coördineren van het tot stand komen van dorpsontwikkelingsplannen ligt bij de gemeenten. Hoeveel dorpsontwikkelingsplannen er zijn opgesteld, is niet bekend. Toerisme: imago-onderzoek, bestedingen, marketing, communicatie
Erfgoed, ruimtelijke kwaliteit en landschap hebben een direct verband met toerisme. Het plan was om een imago-onderzoek te laten uitvoeren, de bestedingen van toeristen in kaart te brengen en de marketing van de provincie als toeristische regio verder vorm te geven. Er zijn diverse onderzoeken uitgevoerd, onder meer door Sweco voor het Nationaal Programma Groningen.^ Daarnaast zijn vanuit de afdeling Vrijetijdseconomie meerdere onderzoeken geïnitieerd, waarbij data zijn verzameld die betrekking hebben op diverse aspecten van toerisme in de provincie. Eind 2019 is door Marketing Groningen een nieuwe merkstrategie ontwikkeld om het toerisme, de werkgelegenheid op het gebied van recreatie en het imago van de provincie te versterken. In 2021 is het plan gelanceerd om 'vrijetijdsmakelaars' in te zetten die ondernemers helpen bij het ontwikkelen van toeristische en recreatieve activiteiten.
^ Sweco, Het imago van toeristisch Groningen 2021.
9
Tussenevaluatie 2022 Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteiten Landschap 2017-2026
Betrokkenheid PS, gemeenten en anderen
Om Provinciale Staten, de gemeenten en andere partijen bij ERLte betrekken zijn er verschillende soorten bijeenkomsten georganiseerd. Voor interne medewerkers. Statenleden en andere partners zijn lunchlezingen en excursies georganiseerd. In totaal zijn er in de periode 2017 tot en met 2021 27 bijeenkomsten en excursies georganiseerd. In figuur 2.1 is weergegeven hoeveel interne en externe ERL-bijeenkomsten er in de jaren 2017 tot en met 2021 zijn geweest.
ERL-BIJEENKOMSTEN 2017-2021 ■ aantal ERL-bijeenkomsten intern
■ aantal ERL-bijeenkomsten extern
Figuur 2.1 Aantal interne en externe ERL-bijeenkomsten in de periode 2017-2021
In de periode 2017 tot en met 2021 zijn er twee interne lunchlezingen georganiseerd. De eerste lunchlezing was in 2017 en daarbij waren 52 personen aanwezig. De tweede lunchlezing was in 2018; daarbij waren 36 personen aanwezig. In de periode 2017 tot en met 2021 is er elk jaar een Bestuurlijk Overleg ERL geweest. Tweemaal, in 2018 en 2020, is er een Bestuurlijk Overleg met het Nationaal Restauratiefonds geweest. In tabel 2.1 is weergegeven wanneer de ERL-bijeenkomsten plaats vonden, op welk thema ze betrekking hadden, hoeveel aanwezigen er waren (indien bekend) en of de bijeenkomst 'intern' dan wel 'extern' was.
10
Advies & Rapportage
Hatzo Producties es^
Tussenevaluatie 2022 Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteit en Landschap 2017-2026
Tabel 2.1 Overzicht ERL-bijeenkomsten in de periode 2017-2021
datum 2017 04 12 2017 05 22 2017 07 06 2017 09 09 2017 10 31 2018 02 06 2018 03 26 2018 04 13 2018 06 21 2018 09 2018 09 08 2018 09 10 2018 09 26 2018 11 13 2018 11 16 2019 02 08 2019 05 10 2019 05 21 2019 06 20 2019 09 12 2020 01 13 2020 01 30 2020 03 02 2020 11 19 2020 12 01 2021 10 29 2021 11 18
aantal aanwezigen categorie titel extern Bijeenkomst ERL en kwaliteitsgids Stakeholdersbijeenkomst ERL 30 extern 52 intern Lunchlezing intern Open Monumenten Dag 52 extern ERL on Tour extern ERL en derden extern Gemeentelijk overleg jaaragenda 2018 Bestuurlijk overleg 10 extern 36 intern Lunchlezing intern Diverse presentaties bij afdelingsoverlegge n Open Monumenten Dag intern GSDT 2daagse bezoek Fraeylemaborg 25 intern Raads en Statendag 29 Bezoek directie OCW extern BO NRF extern BO ERL Meanderexcursie 7 extern BO Oldamster boerderijen Excursie religieus erfgoed extern ERL dag extern BO NRF extern Ambtelijke voorbereiding BO ERL 17 extern BO ERL intern BOT sessie stapelen subsidies 11 intern BOT sessie Libau 9 extern Ambtelijke voorbereiding BO ERL 22 extern BO ERL Pitchrondes
Zoals uit de tabel blijkt zijn er diverse excursies, informatiebijeenkomsten en bustours georganiseerd voor verschillende partners. Er waren excursies voor gemeenteraadsleden en Statenleden, maar ook voor studenten van de Rijksuniversiteit Groningen. In 2018 heeft het ERL-team een ronde gemaakt langs alle gemeenten om van gedachten te wisselen over het verbeteren van ruimtelijke kwaliteit van de kernen en het landschap. Daaruit is het Netwerk Ruimtemakers ontstaan. Hierin wisselen gemeenten ervaringen uit over de onderwerpen ruimtelijke kwaliteit en landschap (zie paragraaf 2.3.2). Ten aanzien van het spooronderdeel 'het verhaal van Groningen vertellen' moet worden opgemerkt dat de stichting 'Verhalen van Groningen' een tijd heeft gefunctioneerd, maar inmiddels organisatorisch en bestuurlijk ondergebracht is bij de organisatie 'Erfgoedpartners'. De stichting ontvangt geen provinciale subsidie meer. De redenen dat dit project is beëindigd, vallen buiten het bestek van deze Tussenevaluatie ERL. 11
Tussenevaluatie 2022 Advies & Rapportage
es^ Hatzo Producties
Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteit en Landschap 2017-2026
In afstemming met de provincie wordt een plan ontwikkeld om de bestaande gegevens te borgen en te gebruiken voor publieksfuncties en om te onderzoeken hoe nieuwe verhalen kunnen worden toegevoegd. De Verhalen van Groningen had tot doel de 'identiteit' of het 'DNA' van Groningen zichtbaar en beleefbaar te maken. Dit gebeurde via verschillende platformen en media; verschillende websites, social media, audiovisuele presentaties, YouTube video's en podcasts. Ook op andere manieren is 'het verhaal van Groningen' verteld. Een voorbeeld is het project 'Voorland Groningen', dat bestaat uit twee delen: een boek en een app. Het boek is een wandeling door de provincie Groningen met bespiegelingen over urgente landschappelijke thema's: het stijgende water, de verschralende biodiversiteit, het verdwijnend erfgoed en de opwarmende aarde. Het boek bevat bijvoorbeeld gesprekken over hightech landbouw en de complexiteit van de relatie tussen mens en dier. Ook bevat het een fotoreportage van het Hogeland. De wandelingen zijn ook als audiotour beschikbaar. Een ander ERL-gerelateerde project dat tot doel heeft het verhaal van Groningen aan een breder publiek te vertellen is 'Canadian Trail'. Dit project heeft tot doel de provincie aan te sluiten op de internationale hiking trail; Liberation Route Europe.
De route beoogt verhalen en plekken rond de Canadese bevrijding fysiek met elkaar te verbinden en in samenhang zichtbaar maken. De route verbindt musea, monumenten en verhalen rond dit thema. Ook projecten als de 'Landschapsbiografie Westerwolde' en de cursussen 'Groen Erfgoed en Boerenerven' hebben tot doel het publiek bij ERL-thema's te betrekken. 2.3.1.2 Wat vonden de partners? Tijdens de eerste plenaire sessie hebben de ERL-partners voor spoor 1 aangegeven waar ze trots op zijn, wat beter kan en waar zich veranderingen hebben voorgedaan. Spoor 1: Publiek belang, het verhaal vertellen en marketing Trots op...? Wat kan beter? Verandering? Excursie naaro.a. Kerkebosch 'Voorland Groningen'- wat is dit? Integralere blik versterkt. Complete verhaal van Groningen laten Excursies met gemeenteraadsleden en Jongeren betrekken, zien, zoveel kwaliteiten! statenleden door corona veel te weinig gedaan en is juist van belang voor het Kwaliteitsgids.
hogere doel van ERL. Bustours en informatiebijeenkomsten
Hetwerkt, maar het duurt nog steeds (te)
zorgen voor meer betrokkenheid. lang. Kwaliteitsgids/iandschapsbiografie is prettige inspiratiebron.
Erfgoed uit de niche halen.
Volgens mij zijn 'de verhalen van Aandacht voor beleving van de Tweede Groningen' gestopt, terwijl het dé Wereldoorlog, ook in de archeologie, mogelijkheid voor publieke betrokkenheid is. 'De verhalen van Groningen' bestaat niet meer-wat overigens niette wijten is aan ERL.
Archeologie is niet alleen een proces maar ook een verhaal.
Corona. Zichtbaarheid voorde inwoners?
12
Advies & Rapi
Hatzo
Tussenevaluatie 2022 Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteiten Landschap 2017-2026
De excursies en bustours binnen spoor 1 werden door de partners gewaardeerd. Uit interviews blijkt dat ook de interne collega's en de ERL-teamleden van mening zijn dat de (bus)excursies de betrokkenheid hebben vergroot. Door corona hebben er de afgelopen jaren geen excursies meer plaatsgevonden. Het vertellen van de verhalen van Groningen moet volgens de partners doorgaan, ook al is het project het Verhaal van Groningen beëindigd. Archeologie in samenhang met verhalen vertellen en beleven heeft meer aandacht gekregen. Verschillende ERL-partners hebben aangegeven dat de koppeling tussen ERL en toerisme/vrijetijdseconomie nog onvoldoende gelegd is. Niet alleen externe stakeholders maar ook provinciemedewerkers hebben dit opgemerkt. Nu er nieuw beleid voor toerisme is geformuleerd, kan deze koppeling gemaakt worden.
2.3.2 Spoor 2: Breng de basis op orde 2.3.2.1 Wat is er bereikt? Identificatie
Tot het op orde brengen van de basis behoort het opstellen van cultuurhistorische waardenstellingen en een ruimtelijke onderlegger per gemeente. Ook behoort daartoe het opstellen van een overzicht van rijksmonumenten, archeologische monumenten, landschappelijke elementen, bebouwingsstructuren en beeldbepalende en karakteristieke panden per gemeente. In de Provinciale Omgevingsverordening is opgenomen dat de gemeenten karakteristieke- en beeldbepalende panden moeten opnemen in hun bestemmingsplannen. De (voormalige) gemeenten Delfzijl, Appingedam, Loppersum, Midden-Groningen, Oldambt, Veendam en Pekela hebben inmiddels de beeldbepalende en karakteristieke panden aangewezen, de bijbehorende bestemmingsplannen vastgesteld en voldaan aan artikel 2.9.1 van de POV. De (voormalige) gemeenten Groningen, Het Hogeland (dat wil zeggen: de voormalige gemeenten De Marne en Winsum), Westerkwartier (dat wil zeggen: de voormalige gemeente Marum en grondgebied Middag) en Westerwolde hebben deze opgave op dit moment nog niet afgerond. Als redenen van vertraging zijn genoemd: coronamaatregelen, de grote hoeveelheid inspraakreacties, de wens om de wijziging van het bestemmingsplan parallel te laten lopen met andere afwegingskaders, beperkte personele capaciteit, samenvoegingsperikelen, uitstel van de Omgevingswet en persoonlijke omstandigheden.
Vanuit de provincie zijn de gemeenten die achter bleven door middel van bestuurlijke gesprekken aangespoord. De stand van zaken (voorjaar 2022) is weergegeven in tabel 2.2.
13
Tussenevaluatie 2022 Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteiten Landschap 2017-2026
Tabel 2.2 Stand van zaken aanwijzing karakteristieke panden per gemeente - voorjaar 2022
Gemeente
Planning
Groningen -> vertraging
voor de zomer 2022 wordt het bestemmingsplan met de karakteristieke panden in de voormalige gemeente Groningen vastgesteld. Vml. Gemeente Haren volgt in 2022.
HetHogeland^ vml. gemeenten inmiddels gereed. De Marne en Winsum: vertraging. Westerkwartier ->vml.
onbekend.
gemeenten Marum en Winsum: vertraging Eemsdelta
vrijwel gereed; voor de zomer wordt het laatste bestemmingsplan met karakteristieke panden in Appingedam vastgesteld.
Midden-Groningen
gereed; bestemmingplan is vastgesteld en voldoet al aan artikel 2.9.1van de POV
Oldambt
het laatste bestemmingsplan met karakteristieke panden is vastgesteld (voor Winschoten Centrum, Bedrijventerrein Winschoten en Hamdijk Bad Nieuweschans), maaromdat het gewijzigd is vastgesteld is het nog niet definitief. Verwachting is dat op korte termijn wel zal gebeuren.
Westerwolde Stadskanaal
onbekend; moet nog inventariseren. Inmiddels gereed; bestemmingplan is vastgesteld en voldoet al aan artikel 2.9.1 van de POV
Veendam
gereed; bestemmingplan is vastgesteld en voldoet al aan artikel 2.9.1 van de POV
Pekela
gereed; bestemmingplan is vastgesteld en voldoet al aan artikel 2.9.1 van de POV
De vertraging van de gemeente Westerwolde lijkt het meest zorgelijk; naar verwachting zal de inventarisatie in 2022 worden afgerond. De overige gemeenten zullen naar verwachting hun karakteristieke erfgoed in 2022 definitief hebben aangewezen. De Kwaliteitsgids en Gebiedsbiografieën
De Kwaliteitsgids is een website (www.kwaliteitsgidsgroningen.nl) die informatie biedt over landschap, erfgoed en ruimtelijke kwaliteit, als individueel thema maar ook in onderlinge samenhang. De informatie is geclusterd rond zeven gebieden: de Veenkoloniën, Westerwolde, Oldambt, Centrale Woldgebied & Duurswold, Gorecht en Zuidelijk Westerkwartier. Het doel van de Kwaliteitsgids is om iedereen die zich bezighoudt met erfgoed, ruimtelijke kwaliteit en landschap (ERL) te inspireren, kennis te delen, handreikingen te bieden bij kleine en grotere ruimtelijke ontwikkelingen met tips voor proces en ontwerp en om een adviesrol te vervullen bij ruimtelijke ontwikkelingen met verschillende voorbeeldprojecten en visies. 14
Advies & Rapportage
Hatzo Producties es^
Tussenevaluatie 2022 Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteiten Landschap 2017-2026
Provincie, gemeenten en waterschappen zijn in 2014 begonnen om hun krachten op het gebied van Erfgoed, Ruimtelijke Kwaliteit en Landschep te bundelen. Op 1 december 2016 is de Kwaliteitsgids gepresenteerd. De kaart met de landschappelijke hoofdstructuur van zeven deelgebieden is opgenomen in het op 3 maart 2015 ondertekende Landschapsconvenant tussen verschillende partijen die actief zijn op het gebied van Erfgoed, Ruimtelijke Kwaliteit en Landschap. Het Groninger Landschap is de bestuurlijke trekker van het Landschapsconvenant. Uit de interviews met de ERL-partners is naar voren gekomen dat de daadwerkelijke uitvoering van het Landschapsconvenant enige tijd heeft stilgelegen. In 2019 is de draad weer opgepakt. Voor drie gebieden, namelijk Westerkwartier, Gorecht en Westerwolde zijn uitvoeringsagenda's opgesteld. Ook zijn voor de zeven deelgebieden zogenoemde 'gebiedsbiografieën' opgesteld. In 2021 zijn de zeven gebiedsbiografieën in de Kwaliteitsgids geplaatst. Ook is er een brochure uitgebracht van de regionale kernkarakteristieken. Opgemerkt moet worden dat de gebiedsbiografie van het gebied Westerwolde niet hetzelfde is als de Landschapsbiografie van Westerwolde.
De laatste is een boek, samengesteld door diverse auteurs, als samenwerkingsproject van de gemeente Westerwolde en het Kenniscentrum Landschap van de Rijksuniversiteit Groningen, dat in 2021 werd gepubliceerd met financiële steun van de provincie Groningen, enkele gemeenten en diverse fondsen en stichtingen. Daarnaast is in 2021 de inhoud van de Kwaliteitsgids wat betreft de voorbeeldprojecten geactualiseerd. De ruim 90 projecten die al op de website van de Kwaliteitsgids stonden zijn qua format en lay-out geüniformeerd. Ook zijn bij de projecten de betreffende kernkarakteristieken toegevoegd. In 2021 zijn ook stakeholders en lokale overheden benaderd met het verzoek nieuwe projecten en visies aan te leveren. Er zijn vervolgens 10 visies en 30 nieuwe projecten toegevoegd. Tevens is een start gemaakt met het opstellen van de 'handreikingen ruimtelijke kwaliteit' voor iedere regio. Dit zijn praktische handreikingen waarin suggesties worden gedaan hoe de kernkarakteristieken kunnen worden toegepast in ruimtelijke ontwikkelingen. Dit wordt in het eerste kwartaal van 2022 afgerond en daarna toegevoegd. Daarnaast is het plan om voor de provincie als geheel een activeringscampagne op te zetten voor het gebruik van de gebiedsbiografieën vanuit verschillende ruimtelijke vraagstukken en door verschillende typen gebruikers.
Daarbij wordt onderzocht wat de verschillende doelgroepen nodig hebben en hoe ze de informatie aangeboden willen krijgen. Ook worden eventuele 'witte vlekken' in de bestaande gebiedsbiografieën in kaart gebracht. Begin 2021 heeft de provincie het plan van aanpak met de titel Gebiedsbiografie Groningen / Omgeven door Groningen aangeboden aan het Nationaal Programma Groningen. Het woord 'gebiedsbiografie' in deze titel is verwarrend omdat dit de suggestie wekt dat er nog weer een extra gebiedsbiografie voor de gehele provincie wordt opgesteld bovenop of naast de bestaande zeven gebiedsbiografieën. Dat is niet het geval. Het gaat erom het gebruik van de bestaande gebiedsbiografieën te bevorderen. Op 23 juni 2021 is de opdrachtverlening van het NPG ontvangen. Op basis hiervan is inmiddels gestart met de uitvoering van het project. Hiervoor heeft in het najaar van 2021 een aanbesteding plaatsgevonden.
15
Tussenevaluatie 2022 Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteiten Landschap 2017-2026
Om het gebruik van de website van de Kwaliteitsgids te monitoren en te evalueren zijn diverse data verzameld met betrekking tot het gebruik in de periode 31 juli 2021 tot en met 31 december 2021. In tabel 2.3 zijn deze gegevens op rij gezet. Tabel 2.3 Gebruik website Kwaliteitsgids 31 juli 2021 - 31 december 2021
Het is lastig om op basis van deze data te bepalen of de Kwaliteitsgids veel of weinig wordt gebruikt en of de gebruikers ook daadwerkelijk iets doen met de geboden informatie. Uit de interviews is naar voren gekomen dat de Kwaliteitsgids bij iets meer dan de helft van alle ERL-partners bekend is. Het gebruik ervan is (nog) zeer beperkt. De Kwaliteitsgids is in ieder geval bekend bij alle gemeenten, maar slechts een klein deel gebruikt de Kwaliteitsgids (af en toe). Het voornaamste bezwaar tegen de Kwaliteitsgids is dat deze niet het door de gemeenten gewenste detailniveau heeft. De Kwaliteitsgids en de bijbehorende gebiedsbiografieën worden als te grofmazig ervaren. Vastleggen waarden/kwaliteiten in o.a. Omgevingsvisie en Omgevingsverordening
Het ERL-team heeft door deelname aan een projectgroep en expertteam een bijdrage geleverd aan de totstandkoming van de Omgevingsvisie. Ook is vanuit 'Landschap en ruimtelijke kwaliteit' input geleverd voor het opstellen van ruimtelijke kaders. Daarnaast is meegewerkt aan het opstellen van een plan van aanpak voor het NOVI-gebied^ Groningen. Of de benoemde waarden en kwaliteiten ook aantoonbaar hebben doorgewerkt in de gemeentelijke bestemmingsplannen is niet onderzocht. De provincie heeft getracht om de ERL-waarden hoger op de agenda's van de gemeenten te krijgen. Ook heeft zij de gemeenten gestimuleerd om zelf ruimtelijke onderleggers te ontwikkelen waarin deze waarden een rol spelen. Eén van de manieren waarop dit vorm kreeg was een presentatie van twee gemeenten tijdens een Bestuurlijk Overleg, NOVI staat voor Nationale Omgevingsvisie. Het kabinet heeft een aantal voorlopige NOVI-gebieden uitgekozen. Het Rijk is van plan om hier samen met de regio, met aandacht voor de brede ruimtelijk-fysieke opgaven, een extra impuls te geven aan grote transities, passend bij NOVI-prioriteiten en extra steun te geven aan de aanpak van grote, integrale fysieke opgaven, die heel belangrijk zijn voor Nederland. Groningen is een van de NOVI-gebieden. De ministeries van BZK en EZK zijn verantwoordelijk en betrokken zijn de andere departementen, provincie Groningen en gemeenten.
16
Advies & Rapportage
Hatzo Producties es^
Tussenevaluatie 2022 Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteiten Landschap 2017-2026
waarbij aan de hand van foto's van zaken die geslaagd waren en zaken die beter hadden gekund gediscussieerd werd over ruimtelijke kwaliteit. Erfgoedmonitor en landschapsmonitor en integratie in ERL monitor
Op de website https://destaatvangroningen.nl/ maakt de provincie via diverse monitors inzichtelijk wat de stand van zaken is voor verschillende provinciale beleidsthema's. Op deze website is de 'monitor fysieke leefomgeving' te vinden, de 'erfgoedmonitor', 'natuurmonitor', 'mobiliteitsmonitor' en de 'milieumonitor'. De 'monitor fysieke leefomgeving' is verdeeld in drie thema's: 'basis', 'samenleving' en 'gebruik'. Onder het thema 'basis' zijn gegevens te vinden over klimaat, milieu, natuur en landschap. Binnen de erfgoedmonitor zijn gegevens verzameld met betrekking tot aantallen rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten en karakteristieke panden, staat van onderhoud en leegstand en herbestemming. Erfgoedmonitor Categorieën
Een belangrijk resultaat van de erfgoedmonitor is het overzicht van de hoeveelheid (archeologische) rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten, karakteristieke/beeldbepalende panden en archeologisch waardevolle terreinen met hun functies en de verspreiding over de provincie Groningen. Inmiddels is er een behoorlijk compleet overzicht van alle diverse categorieën. Er is op dit terrein veel en goed werk verzet. Opvallend is het grote aantal karakteristieke panden. Op dit moment bevat de Erfgoedmonitor 4309 karakteristieke panden. Dit aantal zal nog verder toenemen, omdat nog niet alle gemeenten definitief de karakteristieke panden hebben aangewezen. Gezien het grote aantal van dit type erfgoedpanden zal de beleidsmatige en financiële inzet op deze categorie in de toekomst mogelijk meer impact hebben dan de inzet op rijksmonumenten. Daarnaast lijkt sloop in de meeste gevallen voorkomen te worden. De gemeente Midden-Groningen heeft veel karakteristieke panden aangewezen. Opvallend is dat die gemeente relatief weinig rijksmonumenten heeft. De categorie 'gemeentelijk monument' wordt niet in alle gemeenten gebruikt. Zo heeft de gemeente Oldambt slechts één gemeentelijk monument. De gemeente Westerwolde heeft (nog) helemaal geen gemeentelijke monumenten. De gemeente Groningen heeft een extra categorie toegevoegd, namelijk 'gemeentelijk monument light'.
Daaronder vallen erfgoedpanden waarvan slechts een bepaald deel (bijvoorbeeld de gevel) beschermd is. De provincie Groningen kent geen 'provinciale monumenten'. De provincie Groningen heeft zeer veel erfgoed in de categorie 'woonhuis'. Dit betekent dat inzet op de subsidieregelingen RORG-regeling (voor regulier onderhoud van woonhuizen in het aardbevingsgebied) en de SOK-regeling (voor onderhoud van karakteristieke panden in het aardbevingsgebied) voor de toekomst zeer belangrijk blijft. Staat van onderhoud
Wat betreft de staat van onderhoud zijn de objecten ingedeeld in vier categorieën; goed, redelijk, matig en slecht. Inzicht in de staat van onderhoud van het erfgoed stelt de provincie in staat de benodigde (toekomstige) financiering te kunnen inschatten en het beleid bij te sturen. 17
Tussenevaluatie 2022 Advies & Rapi
Hatzo
Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteiten Landschap 2017-2026
Ongeveer 68% van het erfgoed verkeert in een ruim voldoende staat van onderhoud. Buiten het aardbevingsgebied is de staat van het onderhoud van erfgoed slechter. In de gemeente MiddenGroningen verkeren naar verhouding veel karakteristieke panden in een slechte staat. In de gemeenten Eemsdelta en Het Hogeland bevinden zich relatief veel slechte archeologische rijksmonumenten. Archeologische (rijks)monumenten verkeren in de gehele provincie in een matig tot redelijke staat en slechts in zeer beperkte mate in een goede staat. Dit is een punt van zorg. Ook industriële panden zijn vaker in slechte staat. Ook is de staat van onderhoud van erfgoedpanden in het landelijk gebied aanzienlijk slechter dan in de meer verstedelijkte gebieden. In het stedelijke gebied is 67% in goede staat, in matig-stedelijk gebied verkeert 62% van het erfgoed in goede staat en in het landelijke gebied is dat slechts 42%. Gesteld kan worden dat de provincie moet blijven investeren in regulier onderhoud van erfgoedpanden om te voorkomen dat de staat van onderhoud verslechtert. Archeologische (rijks)monumenten vragen bijzondere aandacht. Over de vraag op welke wijze de staat van onderhoud van dit type erfgoed kan worden verbeterd, zal moeten worden nagedacht. Leegstand
Leegstand van erfgoedpanden kan van invloed zijn op de staat van onderhoud. Leegstaande gebouwen gaan in de praktijk sneller achteruit dan gebouwen die in gebruik zijn, meestal als gevolg van gebrekkig onderhoud. In de provincie Groningen is de leegstand van erfgoed in het stedelijke en landelijke gebied nagenoeg gelijk; in de matig verstedelijkte gebieden ligt het aantal leegstaande erfgoedpanden iets hoger. De meeste leegstand van erfgoedpanden doet zich voor in Oost-Groningen en in de steden Winschoten, Hoogezand en Groningen. Procentueel gezien concentreert de leegstand van agrarisch erfgoed zich in de gemeenten Oldambt en Midden-Groningen. Opvallend is dat er in Het Hogeland weinig leegstand onder boerderijen is. Daarnaast valt op dat er veel leegstand is in de erfgoedcategorie woningen en/of woningbouwcomplex, met name in de gemeenten Groningen en Midden-Groningen. Dit is des te opmerkelijker gezien het tekort aan woningen. Een mogelijke verklaring is dat deze leegstand samenhangt met de versterkingsoperatie; mensen moeten dan tijdelijk hun huis verlaten. Dit kan een 'vervuilend' effect hebben op de monitorgegevens. Ook industrieel erfgoed staat vaker leeg. In het algemeen is er een lichte verbetering in de leegstandcijfers waar te nemen. Dat er relatief veel leegstand is van erfgoedpanden in de economische driehoek biedt mogelijk kansen voor de toekomst.
Een ander aandachtspunt voor de toekomst is de noodzaak om aanvullende informatie over de aard en oorzaken van de leegstand te vergaren om te kunnen anticiperen op de toenemende woningvraag. Herbestemming
Herbestemming van erfgoedpanden is geen sinecure. Eigenaren van monumentale boerderijen hebben door de schaalvergroting en ontwikkelingen in de landbouw te maken met specifieke problemen. Agrarische voertuigen passen niet meer door de baanderdeuren en kunnen door de monumentale gebinten niet meer manoeuvreren in de schuur. Baanderdeuren en gebinten mogen echter vanwege hun monumentale waarde niet worden verwijderd of aangepast. Monumentale schuren zijn hierdoor ongeschikt geworden voor een agrarische functie. 18
Tussenevaluatie 2022 Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteiten Landschap 2017-2026
Ook het herbestemmen van een boerderij met een bedrijfsfunctie naar een woonfunctie is niet eenvoudig. Tot voor kort was het beleid van de Groninger krimpgemeenten erop gericht om zeer terughoudend om te gaan met het toevoegen van extra eenheden aan de woningvoorraad. Daarnaast gelden strenge regels voor het aanpassen van bestemmingsplannen, met name voor het buitengebied. Immers, wanneer een boerderij een woonfunctie krijgt kan dit voor agrariërs in de buurt een beperking van hun uitbreidingsmogelijkheden met zich meebrengen. Omgekeerd kunnen bewoners geluids- en stankoverlast ervaren van de agrarische bedrijfsactiviteiten in hun directe omgeving.^' Uit de Erfgoedmonitor blijkt dat ruim 26% van de agrarische objecten een nieuwe bestemming heeft gekregen. Opmerkelijk is dat herbestemde objecten over het algemeen in slechtere staat van onderhoud verkeren. Vooralsnog is hiervoor geen verklaring. In veel gemeenten verkeren herbestemde monumenten in een betere staat van onderhoud, behalve in enkele gemeenten in Oost-Groningen en Westerkwartier. Van alle herbestemde erfgoedpanden heeft 25% de bestemming 'wonen' gekregen. Daarnaast is er veel herbestemming naar de functies 'horeca' en 'logies'. Een groot deel van de panden behoudt zijn oorspronkelijke functie, met name in het landelijk gebied. Aandachtspunten voor de toekomst
Op basis van de Erfgoedmonitor zoals die nu operationeel is, blijkt dat het erfgoed er in het landelijk gebied het slechtst bij staat. Het erfgoed buiten het aardbevingsgebied is tweemaal zo vaak in slechte staat. In het aardbevingsgebied is namelijk 66% van het erfgoed in goede staat; buiten het aardbevingsgebied is dit 44%. Het gebied buiten het aardbevingsgebied blijft achter op alle fronten: niet alleen de staat van onderhoud is veel slechter, ook is het behoud slechter geborgd. Mogelijk laat dit zien dat het Erfgoedprogramma zijn vruchten heeft afgeworpen voor het aardbevingsgebied. De staat van onderhoud is hier sterk verbeterd, met name in de gemeenten Eemsdelta en Het Hogeland. De subsidieregelingen voor erfgoed lijken effect te hebben en aantoonbaar bij te dragen aan het realiseren van de doelstellingen. Een vergelijking met landelijke cijfers zou ook bruikbare informatie kunnen opleveren. Een ander aandachtspunt zijn de weg- en waterbouwkundige werken met een erfgoedstatus. Het zou goed zijn om na te gaan of en hoe deze zijn opgenomen in de Meerjarenonderhoudsplannen. Religieuze erfgoedgebouwen staan er relatief goed voor. Mogelijk spelen de kerkenvisies daarbij een rol. De staat van boerderijen, weg- en waterbouwkundige werken en archeologische monumenten is veel zorgelijker.
Om bijvoorbeeld het effect van subsidieregelingen voor restauratie en onderhoud te meten is het van groot belang dat de metingen telkens op dezelfde wijze verricht worden. Een verbetering van de staat van onderhoud moet daadwerkelijk een verbetering van het pand zijn en niet kunnen worden toegeschreven aan een wijziging in de wijze van waarnemen of meten. De kwaliteit en bruikbaarheid van de monitor valt of staat met de kwaliteit van de data, waarbij actualiteit en standaardisatie cruciale factoren zijn.
'^Z\eo.a. Libau, Toekomst Oldambtster boerderijen, mei 2019, p.20.
19
Tussenevaluatie 2022 Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteiten Landschap 2017-2026
Landschapsmonitor Het openbare deel van de landschapsmonitor bevat op dit moment een link naar de erfgoedmonitor en naar de Kwaliteitsgids (zie hiervoor). Het grootste deel van de Landschapsmonitor is niet online te raadplegen. De Landschapsmonitor bestond al langer en wordt één keer per vier jaar gevuld en geactualiseerd. Ruim vier jaar geleden is de Landschapsmonitor gevuld. Vanwege onvoldoende capaciteit en financiële middelen heeft de Landschapsmonitor een tijd stilgelegen. In 2021 is opnieuw gestart met de uitvoering van de Landschapsmonitor binnen ERL en is daar vanuit ERL ook financieel aan bijgedragen. De Landschapsmonitor is nog in ontwikkeling. Er wordt gewerkt aan een uitgebreide analyse en verbetering van de monitor om deze ook openbaar toegankelijk te maken. Ook is de bedoeling dat de kernwaarden uit de landschapsbiografieën zichtbaar en herkenbaar zullen zijn in de landschapsmonitor. Overwogen wordt om meer aandacht te schenken aan erfgoed in relatie tot het landschap. Vooral in het buitengebied is deze relatie van groot belang en staat het erfgoed - met name boerderijen onder druk. Uit de cijfers van de landschapsmonitor komt een grote urgentie naar voren: alle cijfers lopen terug. Dit vraagt om actie. Daarbij moet prioriteit gegeven worden aan de verbinding tussen landbouw en landschap.
In de komende vijfjaar is het zaak om de ERL-partners en overige provinciale afdelingen daarvan te overtuigen. Houtsingels
In het Zuidelijke Westerkwartier combineert de provincie natuurontwikkeling met de inrichting van waterbergingsgebieden. De houtsingels in dit gebied hebben nog niet de gewenste kwaliteit. Een van de oorzaken zijn stormen. Een andere oorzaak is het feit dat veel houtsingels in het Zuidelijke Westerkwartier in agrarisch gebied liggen. Boeren laten houtsingels verdwijnen omdat deze hen in de weg zitten. Op dit moment wordt het beleid herijkt. Ook is subsidie verstrekt aan collectief West. De monitoring is goed; het meetnet is zo gelegd dat het representatief is voor het gehele Zuidelijke Westerkwartier. In de gebieden Westerwolde en Gorecht zijn de houtsingels in betere staat dan in het Zuidelijke Westerkwartier. Dit komt mede door het feit dat er in Westerwolde en Gorecht minder agrarische activiteit is. Samenvattend kan de bescherming van houtsingels beter worden geregeld. Dit is een aandachtspunt voor de komende vijfjaar. Sloten en slootpatronen
In de landschapsmonitor zijn alleen die onderdelen opgenomen waardoor de provincie regels of beleid heeft opgesteld. Voor ensembles, bijvoorbeeld borgterreinen in combinatie met wegen of sloten, is geen beleid opgesteld; dit wordt daarom niet gemonitord. De bescherming van sloten en slootpatronen verschilt per gebied. In alle gebieden neemt het dempen van sloten toe, behalve in Middag-Humsterland. Voor de toekomst is het voornemen om meer in te zetten op het gehele samenstel, dus een combinatie van de Erfgoedmonitor en de Landschapsmonitor. De eerdergenoemde borgterreinen, waar ook archeologie een rol speelt, zijn een goed beginpunt. Van daaruit kan een gezamenlijke aanpak van diverse soorten ensembles worden ontwikkeld. In de toekomst zal worden ingezet op een uitgebreide analyse en verdere verbetering van de Landschapsmonitor.
20
Tussenevaluatie 2022 Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteiten Landschap 2017-2026
Ontwikkelen en toepassen afwegingskader(s) voor gemeenten
Volgens de nieuwe Omgevingswet stellen gemeenten, provincies en het Rijk ieder een eigen Omgevingsvisie op. De omgevingsvisie schept alleen verplichtingen voor de bestuurslaag die die visie heeft opgesteld. De omgevingsvisies van het Rijk en van de provincies werken dus niet rechtstreeks door in de omgevingsvisie van de gemeente. Wel moeten de gemeenteraad of Provinciale Staten in hun omgevingsvisie laten zien dat zij de omgevingsvisies van andere relevante bestuursorganen hebben betrokken bij het opstellen van hun eigen visies. De gebiedsbiografieën en de daarin benoemde kernwaarden vormen de basis voor de omgevingsvisies. Om gemeenten en waterschappen te ondersteunen op het gebied van vraagstukken over ruimtelijke kwaliteit is op hun verzoek het Steunpunt Ruimtelijke Kwaliteit opgericht. Vanaf februari 2021 is dit operationeel geworden waarbij de eerste maanden van 2021 benut zijn om het steunpunt verder vorm te geven. Het Steunpunt Ruimtelijke Kwaliteit is ondergebracht bij Libau. In principe is er een open spreekuur waar medewerkers van gemeenten en waterschappen kosteloos advies kunnen krijgen. Gaat het om meer specifieke en specialistische vraagstukken, dan zijn er wel kosten aan verbonden. Het Steunpunt Ruimtelijke Kwaliteit ondersteunt het Netwerk Ruimtemakers.
Dit Netwerk bestaat uit medewerkers van de gemeenten en is in het leven geroepen nadat provinciemedewerkers een ronde hadden gemaakt langs alle gemeenten om de behoeften op het gebied van ruimtelijke kwaliteit te inventariseren. Het Steunpunt Ruimtelijke Kwaliteit is vanaf februari 2021 operationeel als een pilotproject van twee jaar. Dit steunpunt is in het leven geroepen op verzoek van gemeenten die hebben aangegeven behoefte te hebben aan ondersteuning bij ruimtegerelateerde opgaven. Libau heeft de opdracht gekregen om dit steunpunt vorm te geven en te bemensen; de gemeenten leveren een bijdrage in de vorm van uren. Er zijn echter meer steunpunten die tot doel hebben de Groninger gemeenten te ondersteunen. Dit zijn: Steunpunt Ruimtelijke Kwaliteit (Libau) Steunpunt Cultureel Erfgoed (ook bekend als Steunpunt Gebouwd Erfgoed) (Libau) Erfgoedadviesteam (Libau) Vliegende Keep (Libau) Omgevingskwaliteitsteam (OKT, vanuit NPG en Erfgoedprogramma) Deze steunpunten zijn bedoeld voor gemeenten; het Erfgoedloket is een steunpunt voor eigenaren van erfgoedpanden. In het Omgevingskwaliteitsteam hebben het provinciaal bouwheerschap, de stadsbouwmeester en de rijksbouwmeester zitting, plus de voormalig directeur van Libau.
Het OKT staat kosteloos ter beschikking van een ieder - onder wie ook gemeenten - om advies te geven over vraagstukken die betrekking hebben op projecten die (mede) gefinancierd worden vanuit Nationaal Programma Groningen en die een ruimtelijke kwaliteit-component hebben.
21
Tussenevaluatie 2022 Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteit en Landschap 2017-2026
Communicatie met inwoners en ondernemers
In het ERL-programma is onder 'spoor 2' vermeld: "ontwikkelen communicatiemateriaal inwoners en ondernemers, o.a. erfgoedloket, NCG en Kwaliteitsgids". Het Erfgoedloket valt echter ook onder spoor 6 en zal daar worden besproken. Dat geldt ook voor de NCG. De behaalde resultaten wat betreft de Kwaliteitsgids zijn hierboven al beschreven.
2.3.2.2 Wat vonden de partners? Tijdens de eerste plenaire sessie hebben de ERL-partners voor spoor 2 aangegeven waar ze trots op zijn, wat beter kan en waar zich veranderingen hebben voorgedaan. Spoor 2: Breng de basis op orde Trots op„.?
Wat kan beter?
Verandering?
Monitor/ de Staat van Groningen; meten is Wat is 'de basis'? weten; weten en laten zien wat je hebt;
Kernwaarden als basis vooralle ruimtelijke ingrepen.
neuzen dezelfde kantop. Aanwijzing karakteristieke panden: Het landschap staat onderdruk. Meer
Data beter op orde.
belangrijk voor samenhang en ensembles, aandacht nodig, maar moet nog beter. Erfgoed is meer dan alleen Rijks- en Capaciteit. Meer handjes, gemeentelijke monumenten.
Kwaliteitsgids: zeer complete site, maar mag nog completer met beeld.
Beschermen van 'zachte waarden' onvoldoende gelukt.
Landschapsconvenant: dat het nu gestart is. Het doel is de basis op orde brengen. Het begon bij krachten bundelen. Resultaat: 3 agenda's.
Aandacht voor/ondersteunen/aanwijzen Rijksbeschermd groen.
Erfgoedloket: super dat de eigenaar hier terecht kan!
Karakteristieke panden zijn een nieuwe 'soort' binnen de provincie wat leidt tot nieuw beleid en anders denken over het behouden van panden/elementen.
Kwaliteitvan de aanwijzingvan karakteristieke panden in bestemmingsplannen kan soms beter.
Verticaal en horizontaal denken.
Lijnen te lang. Traag. Betere input van specialisten nodig. Consistentie in beoordeling.
Binnen spoor 2 zijn de Erfgoedmonitor, Kwaliteitsgids, de aanwijzing van karakteristieke panden en het Erfgoedloket positief gewaardeerde elementen. Uit de interviews is gebleken dat meer dan de helft van alle partners bekend is met de Kwaliteitsgids. Bekendheid met de Kwaliteitsgids
■ Bekend
• Onbekend
22
Advies & Rapportage
Hatzo Producties es^
Tussenevaluatie 2022 Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteit en Landschap 2017-2026
Figuur 2.2 Bekendheid van de ERL-partners met de Kwaliteitsgids
Alle gemeenten zijn bekend met de Kwaliteitsgids. Bekendheid met Kwaliteitsgids - per type partner
o
2
4
6
■ Bekend
8
10
12
14
16
aOnbekend
Figuur 2.3 Bekendheid van de ERL-partners met de Kwaliteitsgids per type partner
De Kwaliteitsgids wordt echter niet volop gebruikt. Gebruik van de Kwaliteitsgids
Interne partners
Externe partners
Gemeenten
0 2 4 6 8 10 12 14 16 18 ■ Gebruik gGeengebruik aWeetniet
Figuur 2.4 Gebruik van de Kwaliteitsgids per type partner
In de gesprekken met de partners zijn ten aanzien van spoor 2 de volgende zaken genoemd die meer zorg behoeven: het gebrek aan personele capaciteit bij gemeenten, de lange duur van sommige processen, groen erfgoed en het meewegen van 'zachte waarden' als het gaat om ruimtelijke kwaliteit. Gemeenten - met name buiten het aardbevingsgebied - hebben vaak een tekort aan personele capaciteit en financiële middelen om ERL-doelstellingen te realiseren, ondanks de diverse steunpunten. Er is voldoende aanbod van steun, maar toch weten de gemeenten dit niet te benutten; er lijkt sprake van een mismatch tussen vraag en aanbod. Het niveau van betrokkenheid, kennis, capaciteit en slagkracht is per gemeente sterk verschillend. Dit knelpunt wordt niet alleen door de gemeenten zelf, maar ook door externe stakeholders en provinciemedewerkers genoemd. Een complicerende factor is dat onduidelijk is wie verantwoordelijk is of aan zet is bij menskrachtproblemen van gemeenten. 23
Tussenevaluatie 2022 Advies & Rapportage
es^ Hatzo Producties
Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteit en Landschap 2017-2026
In de subsidieregeling GRRG 2020 zijn ook groene rijksmonumenten opgenomen. Daarmee is een begin gemaakt met de verdere bescherming en instandhouding van groene monumenten. Diverse partners hebben aangegeven het belangrijk te vinden dat groene monumenten in de komende periode nog meer aandacht krijgen.
2.3.3 Spoor 3: Nieuwe kwaliteiten 2.3,3.1 Wat is er bereikt? ERL is er mede op gericht om erfgoed van de huidige tijd als nieuwe laag aan het landschap toe te voegen. Ruimtelijke kwaliteit is het uitgangspunt bij deze eigen tijdslaag. In het ERL-programma gebeurt dit door icoonprojecten, inspiratiebijeenkomsten over ruimtelijke kwaliteit, samenwerking met architecten, ontwerpbureaus en ondernemers en door stimuleringsbeleid. Icoonprojecten
Voorbeelden van icoonprojecten die in de afgelopen vijfjaar binnen dit spoor zijn uitgevoerd zijn de pitches en de Kwaliteitsgids. De pitches waren locatiegebonden en hadden de afgelopen vijfjaar met name tot doel om het bewustzijn van de ERL-thema's te vergroten. Voorbeelden van provinciebrede icoonprojecten zijn de 'Canadian trail' (zie paragraaf 2.3.1) en het 'Wierdenonderzoek'. Inspiratiebijeenkomsten over ruimtelijke kwaliteit
Hieronder vallen de bijeenkomsten voor medewerkers van gemeenten en waterschappen binnen het project Netwerk Ruimtemakers over het thema 'ruimtelijke kwaliteit' en excursies van het Bouwheerschap voor gemeenten. Samenwerking met architecten, ontwerpbureaus, onderwijs, ondernemers
In de periode 2017 tot en met 2021 zijn er vanuit de provincie verschillende nieuwe samenwerkingen tot stand gekomen op het terrein van ERL. Internationale samenwerking op het gebied van erfgoed is tot stand gebracht via het Interregproject MOMAr (zie paragraaf 2.3.4). Ook is samengewerkt met kennisinstellingen als de Rijksuniversiteit Groningen en de Hanzehogeschool Groningen (zie paragraaf 2.3.4). Vanuit het ERL-team zijn er excursies over 'erfgoed, ruimtelijke kwaliteit en landschap' georganiseerd voor studenten van de Rijksuniversiteit Groningen. Ook zijn er gastcolleges verzorgd over deze thema's en stages en afstudeeronderzoeken begeleid. Samen met de Hanzehogeschool Groningen en Libau is er recent een draagvlakonderzoek gestart naar de realisatie van 'erfgoedateliers' in de gemeenten Oldambt en Het Hogeland. Ook is er onderzoek gedaan onder de bewoners van Krewerd, naar een innovatieve methode voor het bepalen van aardbevingsschade, waarbij ook erfgoed een rol speelde. Op basis van een onderzoek van Hanzepro^ zijn er experimenten opgezet om vakmanschap, kennisontwikkeling, onderwijs en innovatie van de restauratiesector te versterken door het opzetten van restauratiewerkplaatsen, restauratieleerlijnen, een restauratiedatabase, de verbinding van depots voor monumentale bouwmaterialen en 3 pilotprojecten.
De samenwerking tussen het Rijk, de provincie en de gemeenten is ook op het gebied van ERL verder uitgebreid. In de afgelopen vijfjaar is ook de samenwerking met de Vereniging van Groninger
HanzePro is de naam voor de dienstverlening van de Hanzehogeschool die mensen ondersteunt bij hun professionele ontwikkeling en bedrijven/instellingen bij de (competentie-) ontwikkeling van hun medewerkers.
24
Tussenevaiuatie 2022 Programma Erfgoed, Ruimteiijke kwaliteiten Landschap 2017-2026
Monumenteigenaren en Nationaal Coördinator Groningen tot stand gebracht (zie paragraaf 2.3.6). Ook Landschapsbeheer Groningen is een belangrijke samenwerkingspartner op het gebied van ERL. Door de verschillende subsidieregelingen en projecten op het gebied van erfgoed, ruimtelijke kwaliteit en landschap is ook de relatie van de provincie met marktpartijen versterkt. In totaal zijn er 30 subsidies voor ruimtelijke kwaliteit verleend. Belangrijke projecten binnen dit spoor zijn: Steunpunt Ruimtelijke Kwaliteit (zie hiervoor, paragraaf 2.3.2), Netwerk Ruimtemakers (zie paragraaf 2.3.2) en Agrarisch Landschappelijk Bouwen. Het project Agrarisch Landschappelijk Bouwen had betrekking op sloop en nieuwbouw van schuren op een wijze die past in het landschap. In juni 2020 is er nog een bijeenkomst geweest en daarna is de uitvoering van dit project voorlopig stopgezet, onder meer vanwege de coronamaatregelen. De intentie was en is om dit project uit te breiden en te laten aansluiten bij de 'boerderijenvisie' waarmee enkele gemeenten gestart zijn. Ook de stikstofproblematiek noopt tot aanpassing van dit project. Onderzocht wordt of er een mogelijkheid is om niet alleen de ontwerpkosten maar ook (een deel van) de uitvoeringskosten te subsidiëren. Een complicerende factor daarbij is staatssteun. Stimuleringsbeleid
In het ERL-programma wordt het stimuleringsbeleid binnen spoor 3 (het toevoegen van nieuwe kwaliteiten aan het landschap) als volgt geconcretiseerd: "extra middelen ter compensatie van extra regels/creëren meerwaarde/creëren meer ruimte binnen de regelgeving om maatwerk te kunnen voeren". Er zijn extra middelen ingezet via de Subsidieregeling pilot karakteristieke panden Overschild provincie Groningen 2019 en de Subsidieregeling regulier onderhoud karakteristieke panden en gemeentelijke monumenten Groningen (SOK). Met het pilotproject karakteristieke panden Overschild wil de provincie testen op welke wijze zij karakteristieke panden kan behouden en eigenaren kan faciliteren om dit behoud mogelijk te maken. De provincie wil het gebruik van erfgoedpanden stimuleren vanuit de gedachte dat dit bijdraagt aan de instandhouding van het erfgoedpand. Ook draagt de provincie bij aan de Cultuurfondshypotheek Groningen via het Nationaal Restauratiefonds voor eigenaren van erfgoedpanden. Via de Cultuurfondshypotheek kunnen eigenaren van erfgoedpanden tegen een zeer gunstige rente en voorwaarden een lening van maximaal € 200.000 afsluiten om hun pand te restaureren, verduurzamen of een andere bestemming te geven.
De provincies Groningen, Friesland en Overijssel hebben als enige provincies besloten om niet alleen geld beschikbaar te stellen voor restauratie maar ook extra middelen voor verduurzaming en herbestemming. Deze provincies hebben voor dat doel in de afgelopen jaren in totaal € 5 miljoen bijgestort. Uit cijfers van het Nationaal Restauratiefonds blijkt echter dat er weinig gebruik gemaakt van de Cultuurfondshypotheek Groningen. In de afgelopen 20 jaar zijn er tot aan 01-01-2021 slechts 27 leningen verstrekt. In totaal is per 01-01-2021 € 2,8 miljoen beschikbaar gesteld, € 2,1 miljoen in totaal uitgeleend, en € 0,6 miljoen met revolverende werking. In het jaar 2021 zijn er 3 leningen gepasseerd en op dit moment lopen er 4 aanvragen, voor een totaalbedrag van bijna € 400.000. Op dit moment is er nog een kleine € 450.000 beschikbaar.® Hierbij moet worden opgemerkt dat er per aanvraag hogere bedragen werden gevraagd dan vooraf verwacht. Dit betekent dat er in totaal minder leningen konden worden verstrekt en dat ook de revolverende werking relatief laag was.
® Bron: Nationaal Restauratiefonds.
25
Tussenevaluatie 2022 Programma Erfgoed, Ruimtelijke kwaliteiten Landschap 2017-2026
Vergeleken met de andere Nederlandse provincies wordt er door eigenaren van erfgoedpanden in de provincie Groningen weinig gebruik gemaakt van het Nationaal Restauratiefonds. Alleen in de provincie Zeeland is de benutting nog minder.