30-02 GB Zienswijze ontwerpbesluit verlenging zoutwinning Nobian Zuidwending (ter kennisgeving aan raad en college)
Tekst van het document
Om dat zo te houden zal er wel regelmatig onderhoud, en drukaflaat mogelijk moeten zijn. Aanvullend advies TNO-AGE 7 maart 2025 TNO-AGE stelt dat de door Nobian aangeleverde aanvullende rapportages geen aanleiding geven het advies van 25 november 2024 te herzien. TNO-AGE beoordeelt het aanvullende CCC-rapport van 13 februari 2025 als kwalitatief goed, en benadrukt het belang van het voortzetten van het onderzoek. TNO-AGE benadrukt de noodzaak om een aanvullende gevoeligheidsanalyse naar de impact van een drempel op lineaire kruip te laten uitvoeren, en deze ter evaluatie voor te leggen. TNO-AGE adviseert om het CCC een analyse te laten uitvoeren naar een nadere optimalisatie van de wijze van insluiting, waaronder de duur van de afsluitfase, Pagina 16 van 26
waarin het CCC ook de resultaten van de aanvullende gevoeligheidsanalyse meeneemt. TNO-AGE merkt op dat indien nu wordt gekozen voor beëindiging van de winning dit ook gepaard gaat met de bestaande onzekerheden. Er is in dat geval niet of beperkt ruimte om de inzichten uit aanbevolen vervolgonderzoek mee te nemen om de effecten en risico’s te minimaliseren.
PDGGO-DTDO / V-65184 documentId
Aanvullende informatie Nobian 1 april 2025 Naar aanleiding van vragen van SodM heb ik Nobian nogmaals aanvullende documenten laten opstellen. 9 Voor alle Zuidwending cavernes is de verwachte uitstroom door permeatie berekend. Uit het eerdere statement van het CCC 10 volgt dat de spanningscondities binnen het zoutlichaam en het versterkende effect van toenemende cavernedruk na harde insluiting het ontstaan van lange scheuren tegenwerkt. Daardoor is het zeer onwaarschijnlijk dat scheurvorming tot buiten het zoutlichaam doordringt. In het aanvullende statement van het CCC 11 wordt dit herhaald, maar sluit het CCC niet uit dat kleine scheuren mogelijk propageren tot (enkele) langere scheuren. Er ontstaan geen risico’s voor het milieu en de (mogelijk toekomstige) drinkwaterveiligheid en er is ook geen schade aan gebouwen of infrastructuur van andere belanghebbenden in het gebied te verwachten. Adviezen op aanvullende informatie d.d. 1 april 2025 Aanvullende tweede reflectie SodM 18 april 2025 SodM stelt dat Nobian in korte tijd veel werk heeft verzet om de vragen die SodM in de eerste reflectie gesteld heeft, te adresseren, maar blijft bij haar advies. De belangrijkste reden daarvoor is dat de effecten van scheurvorming en pekeluitstroom op de ondiepe ondergrond en op de bodemdaling onvoldoende in beeld zijn gebracht.
SodM stelt dat er relevante stukken ontbraken bij het winningsplan en de eerste aanvulling, die de kans op scheurvorming na hard afsluiten aantonen 12. SodM acht dit onvoldoende weerlegd. SodM stelt tevens dat Nobian andere afsluitscenario’s dan na productie een fase van gecontroleerd aflaten gedurende enkele decennia en vervolgens hard afsluiten, buiten beschouwing laat. Eventuele additionele inzichten die voortkomen uit doorgaand onderzoek kunnen uiteindelijk leiden tot een adequate, permanente afsluitstrategie, die dan door SodM beoordeeld kan worden. Tweede aanvullend advies TNO-AGE 28 april 2025 TNO-AGE concludeert dat de aanvullende informatie geen aanleiding geeft tot een herziening van de door TNO-AGE eerder uitgebrachte adviezen en aanbevelingen. Nobian stelt in de effectenstudie “(onrealistische) conservatieve aannames” te hebben gedaan. TNO-AGE onderschrijft dat het hier conservatieve aannames betreft wat tot zeer conservatieve uitkomsten leidt. TNO-AGE stelt dat een meer nauwkeurige inschatting van de kans dat scheurvorming leidt tot een lek buiten het zoutlichaam en propagatie daarvan in
In totaal 5 documenten van Nobian (1 april 2025), Royal Haskoning DHV (1 april 2025), Vreugdenhil Milieuexpert (26 maart 2025) , CCC (1 april 2025) en Fenix Consulting Delft (juli 2024) 10 250206_CCC_Zuidwending_Statement_Final.pdf”, Cavern Closure Consortium, 6 february 2025 11 CCC_Zuidwending_Updated_Statement_Fracturation_final.pdf”, Cavern Closure Consortium 1 april 2025 12 Fenix, Quantitative Risk Analysis of Fracture Propagation from Salt Cavern ZW-03 Final Report for Nobian Energystock, 2024 ort 9
Pagina 17 van 26
de bovenliggende klei- en zandlagen, nodig is. Daarom adviseert TNO-AGE een analyse van de breuk initiatie en propagatie voor te schrijven ter onderbouwing van het volume pekel dat in de (ondiepe) ondergrond kan doordringen. Gezien de complexiteit van de vraagstukken, acht TNO-AGE het wenselijk dat het CCC en Nobian in direct contact komen met adviseurs en betrokken experts, zodat gericht input kan worden gegeven aan mogelijke verbeteringen en voortzetting van het CCC-werk.
PDGGO-DTDO / V-65184 documentId
Adviezen decentrale overheden van 29 april 2025 De decentrale overheden adviseren om alle scenario's voor het toekomstig afsluiten van cavernes nader in beeld te laten brengen door Nobian, voor zowel hard als zacht afsluiten. De decentrale overheden stellen hiermee aan te sluiten op de door SodM opgestelde reflectie van 18 april 2025. De gemeente Veendam geeft aan hiermee ook aan te sluiten bij de adviezen van TNO-AGE en de Mijnraad voor zover het gaat om nader onderzoek naar het afsluiten van de cavernes. Advies Mijnraad van 19 mei 2025 Op basis van alle aangeleverde informatie en adviezen, waaronder de adviezen van de decentrale overheden, heeft de Mijnraad op 19 mei 2025 een overkoepeld advies gegeven, aanvullend op het tussentijds advies van 21 februari 2025. De Mijnraad stelt dat de zoutwinning doorgang moet vinden en dat die tijd gebruikt moet worden om nader onderzoek te doen naar het afsluiten van de cavernes. Bij dat onderzoek zouden alle partijen, waaronder ook SodM betrokken moeten worden Beoordeling wijze van wijze van het afsluiten en verlaten van cavernes De Mijnraad en TNO-AGE geven aan, op basis van het winningsplan en de aanvullende informatie, dat de cavernes veilig kunnen worden afgesloten op de wijze zoals beschreven in het winningsplan (hard afsluiten).
De Mijnraad en TNOAGE stellen tevens dat eventuele risico’s bij het afsluiten van de cavernes door het voortzetten van de winning niet significant toenemen. SodM geeft in haar advies aan dat het niet wenselijk is dat de cavernes een groter volume krijgen omdat dit het effect van een eventuele pekellekkage kan vergroten. Grotere cavernes bevatten meer pekel. Daarom heb ik Nobian de verschillen laten onderzoeken in effecten na afsluiten tussen einde winning in 2025, en einde actieve winning in 2035. Nobian heeft een statement van het CCC 13 ingediend dat beschrijft hoe het doorgroeien van een caverne de kans op scheurvorming beïnvloedt, waarbij uitgegaan wordt van dilatatie. Het CCCstatement concludeert dat het risico op dilatatie en de kans op scheurvorming door doorgroei in het 2040 scenario kleiner is dan in het 2025 scenario. Indien er een scheur plaatsvindt, kan er wel meer pekel uitstromen door 10 jaar door te gaan met de winning. De kans op scheurvorming wordt dus niet groter, het mogelijke effect van pekellekkage uit de caverne wel. Echter, omdat de kans op scheurvorming zeer klein is en niet groter wordt, geeft dit niet een significante verhoging van het risico. In haar advies verwijst SodM naar een rapport van Fenix Consulting Delft uit 2024. Het rapport van Fenix 14 is een eerdere modelering dat de omvang van een scheur berekent bij conservatieve aannames.
Het CCC heeft de kans op en volume van een scheur in kaart gebracht en volgt op het Fenix-rapport. Het risico bij hard
Cavern Closure Consortium, Abandonment of solution mining cavern field Zuidwending, The Netherlands. Statement on Hydraulic Fracturing Risk, an integrated, multiscale investigation. 6 February 2025 14 Fenix, Quantitative Risk Analysis of Fracture Propagation from Salt Cavern ZW-03 Final Report for Nobian Energystock, 2024 13
Pagina 18 van 26
afsluiten op het ontstaan van hydraulische breuken en permeatie van pekel naar omringende lagen kan niet worden uitgesloten, maar het CCC-onderzoek geeft aan dat het optreden van substantiële scheurvorming zeer onwaarschijnlijk is. Daarnaast laat de RHDHV-studie zien dat het mogelijk effect van een dergelijke scheur op de grondwaterkwaliteit verwaarloosbaar klein is. Tussen de bovenliggende zoutlaag en de ondiepe ondergrond, bevinden zich meerdere afsluitende lagen. Op basis van het rapport van RHDHV kan de conclusie worden getrokken dat er geen effecten zijn te verwachten
PDGGO-DTDO / V-65184 documentId
Op basis van het winningsplan, de aanvullende informatie en de adviezen van TNO-AGE en de Mijnraad concludeer ik dat hard afsluiten kan en de voorkeur heeft, omdat hard afsluiten minder bodemdaling tot gevolg heeft. Ik constateer tevens dat alle adviseurs erop wijzen dat ten aanzien van hard afsluiten nog onzekerheden bestaan. Nader onderzoek op dit punt is nodig. Hoewel zowel SodM als TNO-AGE aangeven dat de huidige CCC-modellen kwalitatief goed zijn, is het duidelijk dat de complexiteit van de modellen onafhankelijke validatie zeer moeilijk maakt doordat de CCC-modellen uniek zijn en vooruitlopen op de rest van de modellen. Daarnaast is het meenemen van scheurvorming in de modellen een stap in de goede richting, maar tegelijkertijd is bijvoorbeeld permeatie en de relatie met scheurvorming nog onvoldoende meegenomen. Dit bemoeilijkt ook het evalueren van de uitkomsten voor andere afsluitscenario’s, met andere momenten van hard afsluiten of het volledig zachte afsluiten. Omdat de huidige zoutcavernes hoe dan ook op termijn veilig afgesloten zullen moeten worden, is het van belang dat de modellen die dit kunnen modelleren op termijn, waar nodig, uitgebreid en gevalideerd worden. Het valideren van de bestaande numerieke modellen is alleen mogelijk met behulp van veldtesten.
Caverne ZW-1 maakt onderdeel uit van het winningsplan, echter uit deze caverne wordt enkel nog zout gewonnen om de druk in de caverne te verlagen (passieve winning). Nobian zal caverne ZW-1 gaan afsluiten en Nobian zal voorafgaand een test doen om de meest geschikte wijze van afsluiten te testen. Het resultaat van deze test zal helpen om de bestaande CCC-simulaties te verifiëren en waar nodig te verbeteren. Dit kan vervolgens worden gebruikt bij de beoordeling van de wijze van afsluiting van andere cavernes in het gebied Zuidwending. Het alternatief is dat het proces van gecontroleerd aflaten van pekel om de druk te verlagen blijvend wordt gecontinueerd. Dit betekent dat de cavernes zich langdurig in een fase van zacht afsluiten bevinden. Hierdoor zal op zeer lange termijn de caverne dichtgedrukt worden. Volgens verschillende adviseurs dient ook deze route nader te worden onderzocht. Die methode leidt niet tot een risico op scheurvorming en pekellekkage, maar heeft meer bodemdaling tot gevolg dan hard afsluiten. Vanwege de bodemdaling bij zacht afsluiten is daar ook nader onderzoek voor nodig. In dit besluit worden daarom voorschriften opgenomen met betrekking tot nader onderzoek naar de effecten van zowel het hard als het zacht afsluiten van de cavernes.
Indien de resultaten van dit onderzoek daartoe aanleiding geven kan ik, op basis van artikel 36, derde lid, van de Mijnbouwwet, de instemming of de daaraan verbonden voorschriften wijzigen of aanvullende voorschriften voorschrijven om een veilige afsluiting van de cavernes na de winning te borgen. Na de periode van dit winningsplan is er bovendien een winningsplan nodig voor de passieve winning als gevolg van het gecontroleerd aflaten van pekel om de druk te verlagen. Ook in dit winningsplan moet Nobian op grond van artikel 25 van het Mbb een beschrijving opnemen van de wijze waarop de cavernes buiten werking worden gesteld. De effecten van het gecontroleerd aflaten van pekel om de druk te verlagen worden in die procedure door mij beoordeeld, na advisering door de Pagina 19 van 26
wettelijke adviseurs. De resultaten van het onderzoek dient Nobian mee te nemen in het winningsplan voor de periode na 2035. Het is van belang dat zowel TNO-AGE als SodM nauw worden betrokken bij het formuleren van de kaders voor verder onderzoek naar de effecten van de realistische scenario’s voor afsluiten van de cavernes. Ik acht het van belang dat Nobian met TNO-AGE en SodM overleg voert alvorens een plan van aanpak in te dienen over het te verrichten onderzoek. Daarnaast zal ik mij door SodM en TNOAGE laten adviseren over dit plan van aanpak.
PDGGO-DTDO / V-65184 documentId
Samengevat worden de voorschriften aan de instemming verbonden met betrekking tot: • Het opstellen van geactualiseerde bodemdalingsprognoses uiterlijk 5 jaar na inwerkingtreding van het besluit en 10 jaar na inwerkingtreding van het besluit. De prognose bevat een gevoeligheidsanalyse naar de impact van een drempel op lineaire kruip op deze bodemdalingsprognose. • Onderzoek naar een model voor scheur initiatie en propagatie ter onderbouwing van het volume pekel dat in de ondiepe ondergrond kan doordringen. • Het doen van nader onderzoek naar dat alle realistische scenario’s van afsluiten van de cavernes ZW-1 tot en met ZW-9, inclusief mitigerende maatregelen. • Het indienen een plan van aanpak voor dit onderzoek 9 maanden na publicatie van dit besluit, dat bevat: • een beschrijving van de onderzoeksvragen; • een beschrijving van de mijlpalen die bij het onderzoek worden gehanteerd, en de planning daarvan; • een beschrijving van de uitgangspunten van een periodieke • een beschrijving van de uit te voeren veldtesten en de planning van de uitvoering daarvan; • een beschrijving van de tussentijdse rapportages en de planning van de oplevering daarvan; • een vermelding van de partijen en instanties die worden betrokken bij het onderzoek en de wijze waarop die worden betrokken.
• Het aanleveren binnen 5 jaar na publicatie van het besluit van de resultaten van het onderzoek, inclusief een actualisatie van de wijze van afsluiten. Op dat moment zullen naar verwachting de veldtesten nog niet afgerond kunnen zijn, maar Nobian dient significante stappen te hebben gezet in het onderzoek naar realistische scenario’s voor de wijze van afsluiten. Ik constateer op basis van de adviezen van TNO-AGE en de Mijnraad dat indien nu wordt gekozen voor beëindiging van de winning dit ook gepaard gaat met de bestaande onzekerheden. Er is in dat geval niet of beperkt ruimte om de inzichten uit aanbevolen vervolgonderzoek mee te nemen om de effecten en risico’s te minimaliseren. Ik constateer op basis van de adviezen van SodM, TNO-AGE en de Mijnraad dat nog onderzoek nodig is. Dit onderzoek schrijf ik daarom voor gedurende de duur van dit winningsplan. In paragraaf 5.4 is geconcludeerd dat de verlenging van de winning voldoet aan de toetsingsgronden van artikel 36 van de Mbw en daarmee dus kan worden ingestemd. De verlenging van de winning leidt, op basis van de adviezen van TNO-AGE en de Mijnraad, niet tot significante risico’s voor de afsluiting. De onzekerheden rondom de wijze van afsluiten zijn geen reden om niet in te stemmen met de verlenging van de winning.
Zoals ook de Mijnraad concludeert is het uitstellen van afsluiten juist verstandig in verband met de uitvoering van verschillende veldtesten, om het effect van harde insluiting en Pagina 20 van 26
mitigerende maatregelen, zoals gedeeltelijk opvullen, te verifiëren met de simulaties uit het CCC-onderzoek.
5.5
Overige adviezen
PDGGO-DTDO / V-65184 documentId
Omgevingsmanagement SodM adviseert te bevorderen dat Nobian uitleg geeft aan de omgeving over de plannen, behoeften uit de omgeving inventariseert, daar rekening mee houdt en communiceert over de wijze waarop zij dat doet, en ook tijdens de looptijd van het winningsplan contact onderhoudt met de omgeving. Financiële zekerheid SodM adviseert om een voorwaarde op te nemen of een besluit te nemen dat Nobian financiële zekerheid stelt ter dekking van de aansprakelijkheid voor de schade die ontstaat als gevolg van de zoutwinning en voor de kosten voor het afsluiten van de cavernes en het verwijderen van de mijnbouwwerken. De Mijnraad stelt dat er aandacht moet zijn voor de financiële situatie van Nobian en het stellen van financiële zekerheid. Vertrouwen De decentrale overheden stellen dat activiteiten in de diepe ondergrond gevoelig liggen in de provincie Groningen. De overheden herkennen de gevoelens van onzekerheid bij een deel van de inwoners. De gaswinning uit het Groningen gasveld heeft negatieve impact gehad op het vertrouwen van inwoners ten aanzien van andere mijnbouwactiviteiten in de provincie. Dit is ondubbelzinnig tot uiting gekomen in de Parlementaire Enquête Aardgaswinning Groningen.
Het waterschap Hunze en Aa’s stelt dat het effect daarvan is dat, maatregelen en de besluiten die voor het watersysteem door het waterschap genomen moeten worden, ook nauwlettend door inwoners worden gevolgd en het waterschap daarop eveneens wordt aangesproken. Het waterschap adviseert bij instemmingen met winningsplannen waar bodemdalingen het gevolg van zijn, het aanwezige watersysteem naar de toekomst optimaal op orde te houden. Daarop spreekt het waterschap de vergunninghouder aan om als veroorzaker te staan voor de gevolgen van bodemdaling en alle kosten die daarmee gemoeid zijn te vergoeden en deze niet via de omslag van het waterschap bij de inwoners komt te liggen. Toekomstvisie en gebiedsproces De overheden signaleren dat de ambities voor voortzetten van zoutwinning en ondergrondse opslag van waterstofgas de komende jaren meer gestalte zullen krijgen en daarmee ook de impact op de fysieke leefomgeving. De overheden adviseren om, gezamenlijk met hen en de inwoners van het gebied, een toekomstvisie op te stellen, waarbij ook de landschappelijke inpassing van alle toekomstige activiteiten wordt verkend. De gemeenten Veendam en Pekela adviseren daarnaast een gebiedsproces op te richten dat bijdraagt aan de leefbaarheid, innovatie, recreatie en verduurzaming van de regio.
Invloed op de progressie van de energietransitie De Mijnraad stelt dat het al dan niet instemmen met het winningsplan invloed heeft op plannen voor het maken van nieuwe cavernes te Zuidwending voor de opslag van waterstof in het kader van de energietransitie. De voorgenomen plannen zijn afhankelijk van de huidige Zuidwending cavernes en het gebruik hiervan voor naverzadiging. Indien naverzadiging van pekel uit de nieuwe cavernes geen optie is, zal dit mogelijk zowel de aanleg als het in de toekomst veilig afsluiten van nieuwe cavernes beperken.
Pagina 21 van 26
Een mogelijk ander gevolg van het stoppen van de winning zou kunnen zijn dat huidige plannen voor het aanleggen van zoutcavernes voor de opslag van waterstofopslag stil komen te liggen. De verwachting is dat tientallen zoutcavernes nodig zullen zijn voor waterstofopslag in 2040. Grootschalige waterstofopslag is een belangrijke sleutel in de energietransitie en zoutcavernes worden gezien als het meest technologisch gereed hiervoor. Het tot stand brengen daarvan is afhankelijk van de partijen die zich bezighouden met veilige en duurzame uitvoering van zoutwinning. Mocht deze industrie in de problemen komen, dan heeft dit ook consequenties voor de toekomst van waterstof binnen de energietransitie.
PDGGO-DTDO / V-65184 documentId
Belang van zoutwinning De Mijnraad verwacht een grote impact op de maatschappij en de economie bij het niet voortzetten van de winning. De zoutwinning in eigen land is namelijk een belangrijke grondstof voor de chemische industrie in Nederland en Europa. Er is onvoldoende capaciteit om zout op korte termijn uit andere plekken in Europa te importeren. De import van zout uit regio’s buiten Europa is tevens een minder duurzame en transportveilige optie. Op termijn zal stoppen van de zoutmijnbouw grote consequenties kunnen hebben voor zowel het voorbestaan van de chemische clusters in Nederland als voor de duurzaamheid van het productieproces. Beoordeling overige adviezen Bij de beoordeling van de overige adviezen is van belang te weten dat de af te wegen belangen en relevante feiten in het licht staan van het volgens de wet te nemen besluit. Onderdelen van een advies die zien op andere zaken dan waar de wettelijke toetsingsgronden op zien, kunnen formeel juridisch geen rol spelen in het besluit en leiden niet tot het opnemen van een voorschrift in het besluit. Omgevingsmanagement Het is van belang dat Nobian helder en actief communiceert richting de inwoners en andere betrokken partijen, zodat duidelijk is dat de winning van zout alleen plaatsvindt onder strikte voorwaarden, waarbij Nobian eventuele nadelige gevolgen adequaat monitort en zoveel mogelijk voorkomt.
Het is van belang dat het voor inwoners duidelijk is wat het effect is van de zoutwinning is en welke maatregelen Nobian neemt. Onderdelen van het winningsplan en instemmingsbesluit zijn van technische aard en niet voor iedereen even toegankelijk. Er is gedurende de terinzagelegging voor omwonenden een mogelijkheid om informatie in te winnen over het winningsplan en het instemmingsbesluit. Nobian dient zorg te dragen voor het beschikbaar stellen van informatie en het contact met belanghebbenden te onderhouden in alle fasen van de activiteiten, waarbij Nobian belanghebbenden bij relevante projectwijzigingen of inzichten actief informeert. Nobian doet reeds aan omgevingsmanagement in de omgeving van Zuidwending. Nobian is structureel in gesprek met omwonenden en andere stakeholders. Zo zijn er reguliere bijeenkomsten in de omgeving van Zuidwending. Ook vinden er keukentafelgesprekken plaats met individuele bewoners, en structureel overleg met decentrale overheden. Financiële zekerheid De wetgeving voor het verwijderen van mijnbouwwerken is op 1 januari 2022 in werking getreden. Er is met deze wetswijziging een mogelijkheid tot het stellen van financiële zekerheid voor het opruimen van mijnbouwwerken (op land) en ook voor mijnbouwwerken die Nobian gebruikt voor zoutwinning. Voor de sector zout is een zelfstandige bevoegdheid om in voorkomend geval op grond van artikel 47
Pagina 22 van 26
van de Mbw financiële zekerheid voor de nakoming van de verwijderingsverplichting te vragen. Een besluit op grond van artikel 47 Mbw is een zelfstandig besluit en staat los van het instemmingsbesluit met het winningsplan. Gelet daarop hoort het onderwerp financiële zekerheid ten behoeve van kosten van abandonneren niet thuis in een instemmingsbesluit.
PDGGO-DTDO / V-65184 documentId
Vertrouwen Dat de activiteiten in de provincie Groningen plaatsvinden benadrukt het belang van de relatie van Nobian met de inwoners in het gebied. Het is van belang dat Nobian in gesprek blijft met de omgeving ten behoeve van het maatschappelijk draagvlak. Dit kan door goede informatievoorziening en transparante communicatie. Ook is het belangrijk dat Nobian met het waterschap in gesprek blijft over maatregelen en de besluiten die voor het watersysteem door het waterschap genomen moeten worden. Nobian moet alle maatregelen die voortkomen uit de bodembeweging als gevolg van de winning van het zout vergoeden. Toekomstvisie en gebiedsproces De ambities voor voortzetten van zoutwinning en ondergrondse opslag van waterstofgas zullen de komende jaren meer gestalte krijgen en daarmee ook de impact op de fysieke leefomgeving. Daarbij zijn meerdere overheden en operators betrokken en is het van belang ook de omwonenden goed te betrekken. Het is belangrijk om in een (langjarig) gebiedsproces tussen betrokken overheden (Rijk, provincie, gemeenten, waterschap) en operators (Nobian/Gasunie) het gesprek te voeren over de (mogelijke) ontwikkelingen in het gebied in de komende jaren. Als onderdeel van die gesprekken kan een visie worden ontwikkeld waarbij ook de boven- en ondergrondse ruimtelijke inpassing van alle toekomstige activiteiten wordt verkend.
Een gebiedsproces valt buiten het beoordelingskader waar de wettelijke toetsingsgronden uit artikel 36, eerste lid, van de Mbw op zien. Deze adviespunten kunnen formeel juridisch geen rol spelen in het besluit. De beslissing tot een gebiedsproces en wat daaronder wordt verstaan kan daarom geen onderdeel zijn van dit besluit. Invloed op de progressie van de energietransitie Hoewel het al dan niet instemmen met het winningsplan invloed heeft op plannen voor het maken van nieuwe cavernes te Zuidwending voor de opslag van waterstof in het kader van de energietransitie, is dit geen aspect dat kan worden betrokken in de beoordeling van het winningsplan. Dat neemt niet weg dat de voorgenomen plannen afhankelijk zijn van de huidige Zuidwending cavernes en het gebruik hiervan voor naverzadiging. Indien naverzadiging van pekel uit de nieuwe cavernes geen optie is, zal dit mogelijk zowel de aanleg als het in de toekomst veilig afsluiten van nieuwe cavernes beperken. Belang van zout Het belang van zout voor Nederland wordt onderschreven, hiervoor wordt verwezen naar hoofdstuk 2 van dit besluit. Echter de consequenties van het al dan niet stoppen van de zoutwinning voor de maatschappij en de economie is geen onderdeel van het beoordelingskader.
6
Eindbeoordeling
Gelet op het gewijzigde winningsplan en de adviezen volgt samenvattend de volgende beoordeling.
Pagina 23 van 26
Verlenging van de winning Planmatig gebruik en beheer van de ondergrond De zoutwinning uit de zoutwinning Zuidwending is een bestaande winning. De zoutwinning gaat geen concurrerende gebruiksvormen van de ondergrond tegen. De winning vindt doelmatig en efficiënt plaats. Het voortzetten van de zoutwinning is dan ook een vorm van planmatig gebruik en beheer van de ondergrond.
PDGGO-DTDO / V-65184 documentId
Bodemdaling De cumulatieve bodemdaling als gevolg van de zoutwinning uit de zoutwinning Zuidwending en omliggende winningen aan het eind van de winning is afhankelijk van de wijze van afsluiten van de cavernes. Hier moet nader onderzoek naar worden gedaan. Nobian wordt voorgeschreven om een geactualiseerde bodemdalingsprognose uit te voeren. De extra bodemdaling door actieve zoutwinning in de periode 2025 tot en met 2035 is maximaal (in het meest conservatieve scenario) 8 cm, maar de verwachting is dat dit minder zal zijn. Bodemtrilling De zoutwinning Zuidwending heeft een beperkte kans op het genereren van een micro-seismische activiteit. Deze activiteit is niet voelbaar aan het oppervlak. Schade door bodembeweging en veiligheid voor omwonenden De veiligheid van omwonenden is niet in het geding. De schade die zou kunnen ontstaan door een eventuele bodemtrilling is verwaarloosbaar. Schade door bodemdaling door het voortzetten van de winning tot en met 2035 is onwaarschijnlijk. Eventuele meldingen van schades in dit gebied kunnen worden gemeld bij het IMG of de CM. Natuur en milieu Er zijn geen nadelige effecten op natuur en milieu te verwachten door het voortzetten van de zoutwinning tot en met 2035. Wijze van afsluiten van cavernes Er is nader onderzoek nodig naar de wijze van afsluiten van cavernes. Daarom worden voorschriften opgenomen met betrekking tot:
•
• • •
Het opstellen van geactualiseerde bodemdalingsprognoses uiterlijk 5 jaar na inwerkingtreding van het besluit en 10 jaar na inwerkingtreding van het besluit. De prognose bevat een gevoeligheidsanalyse naar de impact van een drempel op lineaire kruip op deze bodemdalingsprognose. Onderzoek naar een model voor scheur initiatie en propagatie ter onderbouwing van het volume pekel dat in de ondiepe ondergrond kan doordringen. Het doen van nader onderzoek naar dat alle realistische scenario’s van afsluiten van de cavernes ZW-1 tot en met ZW-9, inclusief mitigerende maatregelen. Het indienen een plan van aanpak voor dit onderzoek 9 maanden na publicatie van dit besluit, dat bevat: • een beschrijving van de onderzoeksvragen; • een beschrijving van de mijlpalen die bij het onderzoek worden gehanteerd, en de planning daarvan; • een beschrijving van de uitgangspunten van een periodieke • een beschrijving van de uit te voeren veldtesten en de planning van de uitvoering daarvan; • een beschrijving van de tussentijdse rapportages en de planning van de oplevering daarvan;
Pagina 24 van 26
•
•
een vermelding van de partijen en instanties die worden betrokken bij het onderzoek en de wijze waarop die worden betrokken. Het aanleveren binnen 5 jaar na publicatie van het besluit van de resultaten van het onderzoek, inclusief een actualisatie van de wijze van afsluiten. Op dat moment zullen naar verwachting de veldtesten nog niet afgerond kunnen zijn, maar Nobian dient significante stappen te hebben gezet in het onderzoek naar realistische scenario’s voor de wijze van afsluiten.
PDGGO-DTDO / V-65184 documentId
Conclusie Op basis van de beoordelingscriteria van artikel 36, eerste lid, van de Mijnbouwwet, is er geen grond om de instemming met het winningsplan geheel of gedeeltelijk te weigeren om één van de volgende redenen: • in het belang van de veiligheid voor omwonenden of het voorkomen van schade aan gebouwen of infrastructurele werken of de functionaliteit daarvan; • in het belang van planmatig gebruik of beheer van delfstoffen, of • de nadelige gevolgen voor milieu of natuur. Wel worden voorwaarden gesteld in het kader van het afsluiten van de cavernes, nadat de winning is gestopt.
7
Besluit
Gelet op de inhoud van het door Nobian Salt B.V. ingediende winningsplan Zuidwending 2025-2035 van 18 april 2024, gewijzigd op 19 juni 2024, en de hierover ingewonnen adviezen en gelet op de artikelen 34, 35, 36 van de Mijnbouwwet en artikel 25 van het Mijnbouwbesluit, besluit de minister van Klimaat en Groene Groei in te stemmen met het winningsplan Zuidwending 20252035, met een productietermijn tot en met 31 december 2035. Gelet op het bepaalde in artikel 36, tweede lid, van de Mijnbouwwet, verbindt de minister van Klimaat en Groene Groei aan de instemming de volgende voorschriften: Voorschrift 1 1 Nobian Salt B.V. dient uiterlijk 5 jaar na inwerkingtreding van het besluit en 10 jaar na inwerkingtreding van het besluit een geactualiseerde bodemdalingsprognose in bij de inspecteur generaal der mijnen. 2 De prognose, bedoeld in het eerste lid, betreft ook de bodemdaling door andere mijnbouwactiviteiten en de bodemdaling door de voormalige gasproductie uit het Groningenveld. 3 De prognose, bedoeld in het eerste lid, bevat een gevoeligheidsanalyse naar de impact van een drempel op lineaire kruip op deze bodemdalingsprognose. Voorschrift 2 1. Nobian Salt B.V.
doet onderzoek naar een model voor scheurinitiatie en propagatie ter onderbouwing van het volume pekel dat in de ondiepe ondergrond kan doordringen en dient de resultaten hiervan binnen twee jaar na publicatie van dit besluit in bij de minister van Klimaat en Groene Groei. Nobian sluit bij dit onderzoek aan bij de actuele modellen voor drukontwikkeling in afgesloten cavernes. Voorschrift 3 1. Nobian Salt B.V. doet nader onderzoek naar de effecten van alle realistische scenario’s van afsluiten van de cavernes ZW-1 tot en met ZW-9, inclusief
Pagina 25 van 26