CConstaterende datVeendam
Koppel je AI →
Document · PDF

13-05 Concept-jaarstukken 2023

Gemeenteraad 24 juni 2024, gemeente VeendamBij agendapunt: Begrotingswijziging 2024 en ontwerpbegroting 2025 Omgevingsdienst Groningen10.959 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Samen werken aan een veilige schone leefomgeving

Concept Jaarstukken 2023

Inhoudsopgave Voorwoord

3

Financiële samenvatting

5

Programmaverantwoording

8

Ontwikkelingen

10

Paragrafen

13

Concept Jaarrekening

22

Balans

26

Datering en opmaak

35

2 Concept

Jaarstukken 2023

Voorwoord In deze concept jaarstukken rapporteren we over het financiële resultaat van het jaar 2023; we kijken daar terug op de verwachting bij de begroting 2023. Wij merken dat verandering een continu proces is geworden en dat geldt ook binnen ons werkveld en onze regio. De ontwikkelingen waarmee we gedurende het jaar te maken hebben gehad getuigen daarvan. Er is over het jaar 2023 een financieel resultaat behaald van rond de nullijn (€ 16.000). Om dit resultaat te behalen hebben we in afstemming met ons bestuur keuzes moeten maken die ten koste gingen van de reguliere productie en die effect hebben op onze inzet bij ontwikkelingen binnen de organisatie en onze omgeving. De afwijkingen ten opzichte van de begroting 2023 worden in de jaarstukken benoemd en uitgelegd en daarnaast worden relevante ontwikkelingen nader toegelicht. De inzet op majeure risicobedrijven verantwoorden we in deze jaarstukken onder de noemer Seveso (voorheen Brzo)1. Deze inzet levert de ODG voor de drie noordelijke provincies. We kijken terug op een bijzonder jaar. Het was ons jubileumjaar waarin we ons tienjarig bestaan vierden, en tegelijkertijd hebben we verschillende bijzondere ontwikkelingen doorgemaakt. Langlopende projecten, waaraan we gedurende meerdere jaren intensief hebben gewerkt, zijn in de afgelopen maanden gerealiseerd en samengekomen.

Hierbij denken we met name aan de voorbereidingen op de invoering van de Omgevingswet in samenwerking met onze partners en het nieuwe VTH systeem. De voorbereidingen hiervan zijn - op verzoek van het Algemeen Bestuur - binnen de bestaande capaciteit gerealiseerd. Ons huidige model kent geen 'rek' in het opvangen van dergelijke zaken en dat zal automatisch leiden tot minder productie. Hierover is tevens met het Algemeen Bestuur gesproken. Daartoe is afgesproken om de huidige systematiek te evalueren. De implementatie van het VTH systeem is uitgesteld, vanwege onvoldoende voortgang. Hierover is het bestuur separaat geïnformeerd. Dit heeft extra tijd en capaciteit gekost van onze medewerkers. We hebben daarnaast te maken gehad met veel openstaande vacatures. Die zijn grotendeels opgevangen met duurdere inhuur, waardoor er minder capaciteit voor de productie was. De vacatures zijn in 2024 grotendeels ingevuld, met uitzondering van de specialistische functies. Er was tot slot sprake van een hoog ziekteverzuim, inmiddels is dat weer terug op een acceptabel niveau. Ondanks deze uitdagingen hebben we in 2023 mooie resultaten behaald. Zo hebben we een grote bijdrage geleverd aan de belangrijkste opgaven van ons land op het gebied van klimaat, energietransitie en de stikstof problematiek. Als dienst hebben we weer stappen gezet om efficiënter te werken in het primaire proces.

Daarnaast hebben we binnen de huidige arbeidsmarkt trainees en andere nieuwe medewerkers aan ons weten te verbinden. De vacatures voor specialisten zijn moeilijker te vervullen, maar hier blijven we ons voor inzetten. Ons werk staat onverminderd in de belangstelling en hoog op de politieke agenda. De manier waarop we ons werk doen blijft in beweging en wordt steeds betekenisvoller. De ODG wordt gewaardeerd en voelt zich gewaardeerd. Gelijktijdig zitten wij niet stil en kijken we waar we kunnen en moeten verbeteren. Dank aan alle partners voor de steun en samenwerking. Wij bouwen graag samen verder aan een veilige en schone leefomgeving waar we met recht trots op kunnen zijn.

1

Alle bedrijven die onder het Besluit risico zware ongevallen en Richtlijn Industriële Emissies categorie 4 voorschriften vallen, samen de majeure risicobedrijven, zijn

vanaf 1 juli 2017 verplicht onder gebracht bij een van de aangewezen zes diensten in Nederland. Voor Noord Nederland is dat de Omgevingsdienst Groningen. Sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2024 wordt de naam Seveso gehanteerd. Dit is de Europese naam voor de Brzo-bedrijven.

3 Concept

Jaarstukken 2023

Er zijn dit jaar personele wisselingen geweest binnen de directie. In opdracht van het bestuur wordt er in 2024 gewerkt aan een organisatieplan waarin ook gekeken wordt naar de invulling van de topstructuur bij de ODG. De jaarstukken zijn de laatste van de drie bedrijfsmatige verslagen die u over 2023 ontvangt. In 2023 ontving u reeds de voorjaarsnota over de eerste vier maanden en de najaarsnota over de eerste acht maanden van het jaar. De informatie over inhoudelijke onderwerpen, de voortgang van de dienstverlening en productie kunt u vinden in de halfjaar- en jaarrapportages. Directeur a.i. Arjen Schepers Omgevingsdienst Groningen

4 Concept

Jaarstukken 2023

Financiële samenvatting We sluiten 2023 af met een financieel resultaat van €16.000. Hieronder is het resultaat in hoofdlijnen weergegeven per programma. In de paragrafen hierna worden de resultaten verder toegelicht.

Rekeningresultaat van het VTH-programma De concept jaarrekening van 2023 laat voor het VTH-programma een klein positief resultaat zien € 16.000. In dit resultaat zijn de uitloopkosten van de implementatie van het nieuwe VTH-zaaksysteem en een beperkte activering van €550.000 verwerkt. Er is in 2023 een dotatie gedaan €121.000 aan de Algemene reserve, conform het op 30 maart 2023 uitgesproken besluit van het Algemeen bestuur om de algemene reserve aan te vullen waarmee de risico's uit de begroting voldoende kunnen worden gedekt. Lagere personele lasten primair proces (€ 62.000 V) De personele kosten kwamen € 62.000 lager uit in het primair proces dan begroot. In het primair proces is er per saldo dus een klein voordeel door lagere personele kosten voor medewerkers in het primair proces. Dit is inclusief beheer primair proces. Deze lagere personeelskosten komen doordat er mensen uit dienst zijn gegaan bij de ODG die niet direct vervangen konden worden. Het was ook niet mogelijk om deze te vervangen door inhuur omdat deze soms moeizaam beschikbaar was. Er waren in 2023 meer medewerkers die ouderschap- en/of zorgverlof opnamen. Er werd meer vergoeding ontvangen vanuit zwangerschapsgelden en bevallingsverlofuitkeringen. Dit zorgde voor tijdelijk lagere loonkosten. Daarnaast waren een aantal medewerkers langdurig ziek, waardoor ze tijdelijk lagere loonkosten ontvingen.

Dit was 90% of 75% afhankelijk van de duur van de ziekte. Er was daarnaast wel meer inhuur noodzakelijk voor medewerkers beheer primair proces voor de implementatie van het VTH-zaaksysteem. Hogere kosten overhead (€ 210.000 N) De materiële lasten - als onderdeel van de overhead - kwamen € 210.000 hoger uit dan begroot. Bij de overhead is er dit jaar een bijzondere situatie geweest ten aanzien van de personele kosten door vertrek van de directeur en hoofd primair proces, de komst van twee extra MT leden door splitsing van team Advies en Toezicht. Daarnaast vertrok de manager team Bouw per 1 juli 2023 en was er verloop bij de afdeling Ondersteuning die (nog) niet weer is ingevuld. Per saldo bleven de personele kosten inclusief inhuur door bijvoorbeeld het niet weer vervangen van het hoofd primair proces binnen de personeel begroting. Binnen de materiele overhead primair proces is er een overschrijding ontstaan door de uitstel van implementatie van het VTH systeem. Hierdoor was het noodzakelijk dubbele licenties/software te betalen, zowel aan de bestaande leverancier als aan de nieuwe leverancier. Deze kosten zijn ten laste van de exploitatie gebracht. Hogere opbrengst treasury (€ 44.000 V) Door de stijgende rente en snellere facturering is er een rentebate in 2023 ontstaan.

5 Concept

Jaarstukken 2023

Post onvoorzien (€ 100.000 V) De post onvoorzien is bedoeld ter dekking van onvoorziene uitgaven. Deze hebben zich ook specifiek voorgedaan in 2023, maar zijn (zoals beschreven in de BBV) geboekt op de betreffende posten, waardoor voor de post onvoorzien een voordeel ontstaat. Dit voordeel is verrekend met hogere kosten op de andere posten. Reserve mutatie Er is een aantal jaren geleden een tijdelijke reserve vitaliteit gekomen die na 2024 niet meer bestaat. Deze reserve is bestemd voor oudere werknemers die extra verlofuren kregen. Na 2024 zijn deze werknemers uit dienst en is de reserve ook leeg. CAOontwikkelingen maken het vormen van een nieuwe reserve overbodig.

Totaal V TH Lasten Baten Res ult aat voor bes temmi ng Res erves Reservemutaties Res ult aat na bes t emming Voorgestelde reservemutaties Res ult aat na voorges tel de res ervemutat ies

Begroting Begrot ing 2023 2023 na wijzi ging 17.137.000 € 17.441.000 € -17.137.000 € -17.441.000 € € €

€ € € € €

- €

-

€

€

-

€ €

-

€ € € €

Real is at ie

V ers c hil

17.407.000 € -17.403.000 € 4.000 €

34.000 -38.000 - 4.000

-20.000 € - 16.000 € € - 16.000 €

20.000 16.000 16.000

Voordeel N adeel V N

V V

Samengevat is het overschot ten opzichte van de begroting ontstaan door:

Lagere kosten primair proces

€ -62.000

V

Hogere kosten Overhead

€ 210.000

N

Hoger opbrengst treasury

€ -44.000

V

Post onvoorzien

€ -100.000

V

Vrijval reserves

€ -20.000

V

Totaal

€ -16.000

V

Concept rekeningresultaat van het Seveso-programma Het Seveso-programma loopt volgens een andere methodiek dan het VTH-programma en kent een jaarlijkse eindafrekening. Dit betekent dat ontstane tekorten of overschotten ten opzichte van het reeds voldane voorschot, aan het eind van het jaar worden verrekend. Op deze manier komt het resultaat van het Seveso-programma na verrekening altijd uit op nul. Voor 2023 was sprake van een tekort van € 277.000 ten opzichte van de begroting. Dit werd voornamelijk veroorzaakt door hogere inhuurkosten en meer opleidingskosten voor nieuwe medewerkers (€ 378.000 N). De inhuur Seveso bestaat uit specialisten (ZZP'ers) en specialistische bureaus. Deze mensen zijn schaars in Nederland en in 2023 stegen hun tarieven doorgaans met meer dan 10% tot 15% ten opzichte van 2022. De overhead bijdrage daalt per saldo met € 90.000 doordat de opslag van 9% voor bepaalde overhead primair proces onderdelen feitelijk te laag is. Er is een correctie toegepast voor overhead bijdrage vanwege extra bijdrage hieraan vanuit diverse projecten (SPUK-GSP) en eenmalige bijdragen vanuit de gemeente Midden-Groningen. Hier tegenover staat een hogere bijdrage voor de kosten van het VTH-zaaksysteem inzake de specifieke module Bestuurlijke boete en extra opleidingskosten voor nieuwe medewerkers die gaan doorstromen in 2024 vanuit VTH naar Seveso.

Het totale tekort - inclusief de hogere bijdrage na

6 Concept

Jaarstukken 2023

de begrotingswijziging - zal in de aanstaande eindafrekening met de deelnemers in rekening worden gebracht. Na de eindafrekening zal het resultaat op nul uitkomen. Brzo

Begroting 2023

Begrot ing 2023 na wijzi ging € € € € €

Lasten Brzo-taken (personeel en materieel) Overhead (personeel en materieel) Overhead meerwerk & Projecten(personeel en materieel) Projecten Totaal

€ € € € €

3.984.000 1.525.000 25.000 63.000 5.597.000

Baten Bijdrage Brzo-taken Projecten Totaal

€ € €

-5.509.000 € -88.000 € - 5.597.000 €

Saldo van lasten en baten Saldo van lasten en baten Totaal

€ €

-

€ €

4.480.000 1.738.000 25.000 63.000 6.306.000

Real is at ie

€ € € € €

4.858.000 1.652.000 21.000 52.000 6.583.000

V ers c hil Voordeel/ N adeel € € € € €

-378.000 86.000 4.000 11.000 - 277.000

-6.218.000 € -88.000 € - 6.306.000 €

-6.510.000 € -73.000 € - 6.583.000 €

292.000 -15.000 277.000

-

-

-

€ €

€ €

Deze eindafrekening ziet er als volgt uit: Seveso (BRZO 2023)

Totaal

Gefactureerd

Afrekening

Provincie Groningen

€

4.420.000

€

4.088.000

€

332.000

Provincie Drenthe

€

1.013.000

€

960.000

€

53.000

Provincie Friesland

€

1.098.000

€

1.171.000

€

-73.000

Totaal

€

6.531.000

€

6.219.000

€

312.000

7 Concept

Jaarstukken 2023

N V V V

N

V N

V

Programmaverantwoording In de programmaverantwoording worden de doelen en resultaten van het afgelopen jaar toegelicht voor de verschillende programma's. Informatie over weerstandvermogen, risico's en soortgelijke onderwerpen zijn te vinden onder de verplichte paragrafen.

VTH-programma Missie In alles wat we doen dragen we bij aan een veilige schone leefomgeving in onze regio. Wij zijn een onafhankelijke betrouwbare kennispartner, die de klant centraal stelt. Wij doen dat door inwoners, bedrijven en overheden op een efficiënte wijze, proactief en met een transparante afweging van belangen te adviseren bij het inrichten van de leefomgeving. Wij geven de leefomgeving een eigen stem. Ontwikkelingen Over heel 2023 is het beeld dat sprake was van een grote vraag naar onze producten en diensten. De oorzaken hiervan zijn bekend: nieuwe wet- en regelgeving, investeringen in de industrie, de energietransitie en de vele bouwprojecten. Afgezet tegen de jaaropdracht is in 2023 een realisatie van gemiddeld 72% behaald. Deze realisatie laat zien dat we, conform eerdere prognoses, de productiedoelstellingen dit jaar niet geheel gehaald hebben. De oorzaken hiervan zijn ook bekend: we hebben veel tijd besteed aan het begeleiden en opleiden van nieuwe medewerkers, aan de voorbereiding op de inwerkingtreding van de Omgevingswet en de implementatie van een nieuw VTH-systeem. Daarnaast zijn er ook per einde jaar circa 2.000 zaken in de werkvoorraad opgenomen die niet worden meegeteld bij de realisatiecijfers. De realisatiecijfers laten alleen de afgeronde producten en diensten zien. In zijn totaliteit hebben we op productieve uren meer gedraaid dan 72%.

De deelnemers hebben in februari 2024 een uitgebreide toelichting ontvangen op de geleverde productie en doelstellingen voor het komende jaar.

Seveso-programma Dit programma heeft betrekking op de uitvoering van de VTH-taken voor zogenaamde majeure risicobedrijven in Noord-Nederland. Deze bedrijven werken met grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen of hebben deze stoffen in opslag, daarom vallen zij onder het Besluit risico’s zware ongevallen. RIE-4 bedrijven zijn complexe chemiebedrijven, die werken met milieuverontreinigende stoffen. Daarom vallen zij onder categorie 4 van de Richtlijn Industriële Emissies. Missie De ODG voert in opdracht van de drie noordelijke provincies de VTH taken uit met als doel om zware ongevallen bij en milieuschade door de majeure risicobedrijven te voorkomen.

8 Concept

Jaarstukken 2023

Ontwikkelingen In 2023 zijn nagenoeg alle geplande inspecties bij de majeure risicobedrijven in Groningen, Fryslân en Drenthe uitgevoerd. Net als in 2022 is in het begin van het jaar vanwege krappe capaciteit een planning gemaakt, waarbij elke inrichting minimaal één keer in het kader van de Wabo is bezocht. Alle Seveso-inrichtingen hebben één of meer inspecties gehad. Naast de al lopende vooroverleggen en procedures bij de al aanwezige bedrijven zijn er vooroverleggen gestart voor een aantal nieuwe initiatieven op het gebied van duurzame energie. De trend dat het aantal Seveso-bedrijven in Noord-Nederland toeneemt, zet door. Dit betekent dat de hoeveelheid werk voor vergunningverleners, adviseurs en toezichthouders - en de complexiteit toeneemt. Het werk voor de Seveso-bedrijven stelt specifieke eisen aan medewerkers en de arbeidsmarkt is krap. De inhuurkosten bij Seveso bedragen 38% van de personele kosten terwijl dit bij VTH regulier 19% is. Wij spelen hierop in door intern medewerkers op te leiden. Zoals eerder geschetst kost het intern opleiden van nieuwe medewerkers tijd, hetgeen ten koste gaat van de productiviteit. In 2023 kon een (beperkt) aantal geplande actualisaties van vergunningen niet worden uitgevoerd vanwege een tekort aan capaciteit; intern en bij adviesbureaus.

Begin 2024 wordt de opdrachtgevers een voorstel voorgelegd hoe om te gaan met het actualiseren van vergunningen.

9 Concept

Jaarstukken 2023

Ontwikkelingen In de toelichting op de financiële tabellen zijn we al ingegaan op een aantal ontwikkelingen die invloed hebben gehad op het concept jaarrekeningresultaat. In dit hoofdstuk wordt aanvullend een aantal belangrijke ontwikkelingen beschreven.

Dienstverlening en de arbeidsmarkt Het is het ons niet gelukt om alle afspraken van de jaaropdrachten volledig te realiseren. Dit was voor de start van het jaar al bekend en daarover hebben we gedurende het jaar gerapporteerd. Mede door de afspraak om voorbereidingen op nieuwe ontwikkelingen te dekken uit de reguliere begroting, was er sprake van minder capaciteit op de jaaropdrachten. Daarnaast was er in 2023 een hoger dan gebruikelijk ziekteverzuimpercentage en openstaande vacatures. Als gevolg hiervan was de werkvoorraad relatief hoog. In overleg met onze opdrachtgevers zijn de belangrijkste zaken op basis van risicosturing opgepakt of zijn procedures verlengd. Door vernieuwde interne werkwijzen is gewerkt aan het verlagen van de werkdruk. We ontwikkelen deze nieuwe werkwijzen de komende periode steeds verder en voeren deze, in samenwerking met opdrachtgevers, in. We zien dat onze gecombineerde aanpak van de uitdagingen op het gebied van het personeelsbestand (arbeidsmarktcampagne, selectiebeleid, inwerken/opleiden van nieuwe medewerkers) zijn vruchten afwerpt. Zo hebben we voor 2024 bijna alle vacatures bij toezicht in ieder geval weten te vervullen. Deze mensen worden in 2024 opgeleid. De vacatures voor specialisten zijn moeilijker te vervullen. Hier blijven we ons voor inzetten.

Implementatie van het VTH-systeem We hebben in 2023 toegewerkt naar de implementatie van het nieuwe VTH-systeem. Via een aanbestedingstraject is in de eerste helft van 2022 een nieuw VTH-systeem geselecteerd. Vanaf 1 januari 2024 wordt gewerkt met het nieuwe systeem - in eerste instantie door kleine groep medewerkers - om zo de werkwijze van de nieuwe Omgevingswet te borgen. De resterende implementatie van het systeem voor de rest van de organisatie vindt in de eerste helft van 2024 plaats.

Omgevingswet We hebben in 2023 gewerkt aan de invoering van de Omgevingswet. Als ODG hebben we daarmee een werkbare basis gereed om de uitdagingen van de eerste periode na implementatie van de wet aan te gaan, in de wetenschap dat het werken met de Omgevingswet ons en onze stakeholders tijd en energie gaat kosten. In 2023 zijn alle wijzigingen in procedures en werkwijzen voorbereid, heeft de dienst met haar partners in de keten getest (samen testen, samen wijzer), is het inrichtingenbestand omgezet naar Milieu Belastende Activiteiten (MBA's), hebben medewerkers verdere kennis verworven en gedeeld en is een bijdrage geleverd aan omgevingsinstrumenten van opdrachtgevers. Ook zijn we aangesloten op het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) en zijn er verdere afspraken met onze opdrachtgevers gemaakt over het aanpassen van (juridische) documenten en brieven, het testen in de keten en het verder verwerven van kennis en opleiden van personeel.

Wet natuurbescherming De uitvoering van de (agrarische) natuur-, klimaat- en wateropgave wordt in samenhang opgepakt, met als uitgangspunt 'Water en Bodem sturend in de ruimtelijke ordening.' Dit staat in het op 15 december 2023 gepubliceerde ontwerp Nationaal Programma Landelijk Gebied (NLPG). De provincies werken met de Provinciaal Programma Landelijk Gebied (PPLG). Gemeenten, Waterschappen en andere partijen worden op allerlei manieren betrokken.

10 Concept

Jaarstukken 2023

In het NPLG ligt het accent op de transitie in de landbouw. Er zijn studies beschikbaar waarin gekeken wordt naar de effectiviteit van integrale maatregelpakketten. Deze zijn een combinatie van extensivering, managementmaatregelen (meer weidegang, eiwitarm rantsoen)

en

landgebruiksmaatregelen (aanleggen

bufferstroken,

verhogen

grondwaterpeil

veenweide)

en technische

innovatiemaatregelen (ammoniakemissie-arme stallen). Dit laatste is nu al van grote invloed op de uitvoering van VTH, aangezien in het natuur-spoor de effecten van emissiearme technieken tot niet wetenschappelijk bewezen reductie leidt.

Energiebesparing en specifieke uitkering toezicht en handhaving energiebesparingsplicht In 2022 heeft het ministerie van Economische zaken en Klimaat een stimuleringsregeling opgestart om het toezicht op energiebesparing te versnellen en verbeteren, door middel van een directe uitkering aan omgevingsdiensten. In de periode 20222026 zal de ODG een SPUK-bijdrage ontvangen van het Rijk, met als doel meerjarig additionele capaciteit voor energietoezicht te realiseren.

Financieringsmodel Binnen het huidige financieringsmodel zit er ruimte tussen de opgave van de ODG en de kosten die we moeten maken. Over het financieringsmodel zijn we in gesprek met ons bestuur. De bestuurlijke lijn is om de huidige systematiek te behouden en enkele bijstellingen te doen om te komen tot meer stabiliteit in de financiering van de ODG, via meerjarige opdrachten met een regionaalen lokaal deel en heldere afspraken over overhead.

Interbestuurlijk programma Versterking VTH-stelsel Met het Interbestuurlijk Programma (IBP) Versterking VTH-stelsel geven het Rijk, het IPO, de VNG en OmgevingsdienstNL invulling aan de aanbevelingen van de Commissie Van Aartsen. Inmiddels levert het programma zijn eerste concrete resultaten op. Zo zijn er robuustheidscriteria voor omgevingsdiensten ontwikkeld. Uit onze analyse blijkt dat de ODG haar robuustheid op enkele onderdelen verder kan vergroten. Het plan van aanpak hiervoor krijgt een plek in het organisatieplan van de ODG. Verder is er een model-mandaat voor omgevingsdiensten ontwikkeld en is er een voorstel gedaan voor de financieringssystematiek van omgevingsdiensten. Zodra de besluitvorming binnen het IBP over deze producten is afgerond zal in ons bestuur worden besproken wat deze producten voor de ODG betekenen. Om een bijdrage te kunnen leveren aan de uitvoering van het IBP ontvangen de omgevingsdiensten een subsidie (specifieke uitkering) van het Rijk.

Uitvoering bouwtaken De gemeenten Midden-Groningen en Stadskanaal voeren per 1 juli 2023 de bouwtaken weer zelf uit. De bijbehorende budgetten zijn inmiddels verlaagd, de lopende zaken en de betrokken medewerkers zijn overgegaan. De ODG blijft verantwoordelijk voor de bouwtaken bij de provinciale inrichtingen en Seveso-inrichtingen van de drie Noordelijke provincies. De invulling van deze taak wordt grotendeels uitgevoerd door de gemeente Groningen. Zij ontvangt een vergoeding voor de gemaakte kosten. Het deel van de werkzaamheden dat bij de ODG blijft en de invulling van het opdrachtgeverschap richting de gemeente kost zeker in de opstartfase extra tijd.

Samenwerking Provincie Sinds de start van de dienst in 2013 maakt de ODG gebruik van de diensten van de provincie Groningen op het gebied van IT, HR en Financiën. In 2022 en 2023 is de dienstverlening van de Provincie geëvalueerd. In een gezamenlijk overleg op 4 september 2023 heeft de provincie aangegeven bij voorkeur voor ontvlechting te kiezen als de ODG teveel afwijkt van de inrichting van de provincie, maar hiervoor met respect voor de gemaakte afspraken uit het verleden samen met de ODG voldoende tijd te nemen dit zorgvuldig te doorlopen. De komende tijd staat in het teken van het onderzoek naar de mogelijkheden met betrekking tot de dienstverlening

11 Concept

Jaarstukken 2023

voor de genoemde onderdelen. Dit gebeurt in nauwe samenwerking met de Provincie Groningen en er zal voldoende tijd worden genomen voor het bepalen van reëel pad en een reëel moment van ontvlechting.

Evaluatie Noordelijke Maat Eind 2023 is de evaluatie van de financieringssystematiek van het Seveso-programma (de zogenaamde Noordelijke Maat) uitgevoerd voor de drie Noordelijke provincies. In dit onderzoek is geconstateerd dat de hoofddoelen van de Noordelijke Maat grotendeels zijn behaald. Er is een aantal aanbevelingen opgenomen, waaronder het vergroten van de stabiliteit in de grondslag en de omvang van budgettering. In 2024 worden de aanbevelingen uitgewerkt, met als streven deze te verwerken in de begroting 2026.

Personele wisselingen in de directie De directeur en het hoofd primair proces hebben de ODG in resp. september en augustus verlaten. Met ingang van 1 oktober is Arjen Schepers als interim-directeur gestart. Momenteel wordt er - in opdracht van het bestuur - gewerkt aan een organisatieplan waarin ook gekeken wordt naar de invulling van de topstructuur bij de ODG.

12 Concept

Jaarstukken 2023

Paragrafen In het Besluit Begroting Verantwoording (BBV) zijn zeven verplichte paragrafen opgenomen voor provincies, gemeenten en gemeenschappelijke regelingen. Deze paragrafen gaan over: • • • • • • •

Lokale heffingen; * Weerstandsvermogen en risicobeheersing; Onderhoud kapitaalgoederen; Financiering; Bedrijfsvoering; Verbonden partijen; * Grondbeleid. *

*De paragrafen: lokale heffingen, grondbeleid en verbonden partijen zijn voor de ODG niet relevant en zijn daarom niet opgenomen.

Weerstandsvermogen en risicobeheersing Weerstandsvermogen Conform de BBV bestaat de weerstandscapaciteit uit de volgende componenten: • Onbenutte belastingcapaciteit • Stille reserves • Algemene reserve • Onvoorzien Van de eerste twee is bij de ODG geen sprake, van de laatste twee wel. Vandaar dat in de begroting 2025 - net als in alle voorgaande jaren - het weerstandsvermogen is gebaseerd op de Algemene Reserve en de post onvoorzien. Het Algemeen Bestuur heeft op 30 maart 2023 besloten dat de algemene reserve toereikend moet zijn om de gekwantificeerde risico's te dekken (met het gegeven dat de post onvoorzien feitelijk altijd wordt uitgegeven en deze buffer noodzakelijk is). Gegeven de financiële situatie van de deelnemers willen we nu niet voorstellen om de Algemene Reserve aan te vullen, maar de post onvoorzien vrij houden om te zorgen dat we met het weerstandsvermogen de gekwantificeerde risico's kunnen dekken. De risico's (zijnde € 400.000) worden in de volgende paragraaf benoemd en toegelicht. De Algemene Reserve mag maximaal 5% van de jaaromzet (VTH-programma) bedragen. Voor het jaar 2023 betekent dit maximaal een bedrag van € 1.199.500. Er is in 2023 een dotatie gedaan van € 121.000 aan de Algemene reserve, waarmee de risico's uit de begroting voldoende kunnen worden gedekt. Dit bedrag is rechtstreeks op de algemene reserve geboekt.

Risicobeheersing Voor het beoordelen van het weerstandsvermogen is inzicht nodig in de omvang en de achtergronden van de risico's en in de aanwezige weerstandscapaciteit. Anders gezegd: het weerstandsvermogen geeft inzicht in de weerstandscapaciteit in relatie tot de risico's. Het BBV definieert dit als volgt:

13 Concept

Jaarstukken 2023

Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen: • de weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de ODG beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. • alle risico's waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. De risico's relevant voor het weerstandsvermogen zijn risico's die niet op een andere manier te ondervangen zijn. Reguliere risico's risico's die zich regelmatig voordoen en die veelal vrij goed meetbaar zijn - maken geen deel uit van de risico's in de paragraaf weerstandsvermogen'. Begrote risico's In onderstaande tabel staan de risico's zoals deze begroot waren voor 2023. Ri si c o- anal ys e (begroting 2023) 1. IT ontwikkelingen 2. Wet Kwaliteitsborging bouw 3. Register Externe Veiligheid Totaal Weerstandsvermogen D ek k i ngs graad

Bedrag € 200.000 € 300.000 € 100.000

Kans 50% € 50% € 50% € € €

Bedrag 100.000 150.000 50.000 300.000 242.000 81%

Daadwerkelijke realisatie van de begrote risico's

IT-ontwikkelingen Dit risico heeft zich in 2023 voorgedaan. De implementatie van het nieuwe VTH systeem is uitgesteld naar 2024. Het oorspronkelijke plan was om 1 juli 2023 live te gaan. Dat is door onvoldoende voortgang en uitstel Omgevingswet uitgesteld. De dienst heeft daardoor wel extra kosten moeten maken voor het verlengen van systemen en inhuur. IT krijgt een steeds grotere rol in onze organisatie. Dit komt enerzijds voort uit nieuwe regelgeving, zoals het DSO en anderzijds uit interne (door)ontwikkelingen. Het was de vraag of de voor IT beschikbare middelen in de begroting voldoende toereikend waren om alle aankomende ontwikkelingen te kunnen financieren. Het maximale risico van de kosten voor IT-ontwikkelingen werd geschat op € 200.000 en heeft zich voorgedaan.

Wet kwaliteitsborging bouw Dit risico heeft zich in 2023 niet voorgedaan. Aangezien de invoering van de wet kwaliteitsborging bouw gelijk loopt met de invoering van de Omgevingswet was dit door uitstel van deze wet voor 2023 nog niet van toepassing.

14 Concept

Jaarstukken 2023

Register Externe Veiligheid Dit risico heeft zich in 2023 niet voorgedaan. Het opzetten van deze database, waarin de informatie over de veiligheidsrisico's wordt verzameld en inzichtelijk wordt gemaakt, is tevens gekoppeld aan de invoering van Omgevingswet. Een vooruitblik op de risico's in 2024 Ri si c o- anal ys e (ris ic o's 2024) 1. Arbeidsmarkt 2. Implementatie Omgevingswt 3. Energiekosten Totaal Weerstandsvermogen (31-12-23) D ek k i ngs graad

Bedrag € 300.000 € 200.000 € 100.000

Kans 50% € 50% € 50% € € €

Bedrag 150.000 100.000 50.000 300.000 416.000 139%

Implementatie VTH-systeem De afronding van de implementatie van het VTH-systeem van de ODG is voorzien op 1 juli 2024. In het eerste kwartaal van 2024 is geconstateerd dat er onvoldoende voortgang wordt geboekt en dat de deadline niet gehaald zal worden. Er liggen meerdere scenario's voor het vervolg; waaronder door te gaan met de huidige leverancier en de kosten te dekken uit de aangelegde reserve. Een ander scenario is dat de ODG afscheid neemt van de leverancier, doorgaat met het huidige systeem en op termijn een nieuwe aanbesteding uitschrijft. Het kan nodig zijn om een risico toe te voegen aan de begroting van 2024 en verder. Mocht die situatie zich voordoen, zal de risicoparagraaf in een begrotingswijziging worden aangepast.

Financiële kengetallen Kengetallen geven de verhouding weer tussen onderdelen van begroting en/of balans en helpen bij de beoordeling van onze financiële positie. Deze kengetallen geven inzicht in hoeveel (financiële) ruimte wij hebben om structurele en incidentele lasten te dekken. De verplicht op te nemen kengetallen in de jaarrekening zijn aangegeven in artikel 11 van het BBV en in onderstaande tabel berekend en toegelicht. Aangezien de ODG geen grondexploitatie kent en geen eigen heffingen heeft, zijn de kengetallen voor grondexploitatie en belastingcapaciteit niet opgenomen. Kengetallen

Realisatie 2023

Realisatie 2022

Netto schuldenquote

1,53%

0,56%

Netto schuldenquote(gecorrigeerd)

1,53%

0,56%

Solvabititeitsratio

5,86%

5,64%

Nvt

Nvt

-0,02%

-2,21%

Nvt

Nvt

Grondexploitatie

Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit Netto schuldquote (gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen)

De netto schuldquote geeft de verhouding van de schuldenlast van de ODG ten opzichte van de jaarlijkse baten weer. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Zie regeling kengetallen, alinea 2 nota van toelichting.

15 Concept

Jaarstukken 2023

Om inzicht te verkrijgen in hoeverre sprake is van doorlenen, wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven. Aangezien de ODG geen leningen heeft verstrekt, is de netto schuldquote gelijk aan voor leningen gecorrigeerde netto schuldquote. N etto schuld q uote

R e a lisa tie

Vaste schulden

€

2023 1.535.000 €

Netto vlottende schuld Overlopende passiva Financiële activa excl. verstrekte leningen

€ € €

3.086.000 758.000 -

€ € €

2.935.000 732.000 -

Uitzettingen < 1 jaar Liquide middelen

€ -4.898.000 € -

€ €

-2.925.000 -

Overlopende activa Saldo

€ €

-114.000 367.000

€ €

-620.000 122.000

Totale baten (exclusief mutatie reserves)

€ 23.986.000

€

21.688.000

Saldo / totale baten

R e a lisa tie

1,53%

2022 -

0,56%

Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de ODG in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Onder het eigen vermogen verstaan we de algemene reserve en de overige bestemmingsreserves en het resultaat uit het overzicht baten en lasten. Een solvabiliteit tussen 25% en 40% is goed. De solvabiliteit van de ODG voldoet hier niet meer aan. Dit brengt echter geen risico met zich mee daar de ODG een gemeenschappelijke regeling is. Solvabiliteitsratio

Realisatie

Realisatie

2023

2022

Eigen vermogen

€

335.000

€

219.000

Balanstotaal

€ 5.714.000

€

3.886.000

Solvabiliteitsratio

5,86%

5,64%

Structurele exploitatieruimte Voor de structurele exploitatieruimte geldt dat structureel evenwicht een voorwaarde is voor het toepassen van repressief toezicht. Dit betekent dat structurele lasten inclusief structurele toevoegingen aan bestemmingsreserves maximaal gelijk mogen zijn aan de structurele baten inclusief onttrekkingen aan bestemmingsreserves. Het saldo van structurele baten en lasten wordt nominaal weergegeven en als percentage van de totale baten.

16 Concept

Jaarstukken 2023

Structure le e xp loita tie ruimte

R e a lisa tie

R e a lisa tie

Totale structurele lasten Totale structurele baten

2023 € 23.990.000 € € 23.986.000 €

2022 22.364.000 21.881.000

Totale structurele toevoegingen reserves Totale structurele onttrekkingen reserves

€ €

-

€ €

-

Gerealiseerde totaalsaldo baten

€ 23.986.000

€

21.881.000

Structurele exploitatieruimte

-0,02%

-2,21%

Financiering Volgens de wet FIDO (Wet Financiering Decentrale Overheden) is iedere gemeenschappelijke regeling verplicht om een financieringsparagraaf in haar begroting en jaarrekening op te nemen. Daarin worden de ontwikkelingen aangegeven met betrekking tot treasury, geldleningen, kasgeldlimiet en renterisiconorm. Treasurybeleid De treasuryfunctie van de ODG dient tot: • Het verzekeren van duurzame toegang tot financiële markten tegen acceptabele condities; • Het beschermen van vermogens- en renteresultaten tegen ongewenste financiële risico’s zoals renterisico’s, koersrisico’s, liquiditeitsrisico’s en kredietrisico’s; • Het minimaliseren van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities; • Het optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet FIDO respectievelijk de limieten en richtlijnen van dit statuut. Het treasurybeleid is nader uitgewerkt in het treasurystatuut. Geldleningen Aangezien de provincie Groningen het betalingsverkeer en financiering voor de ODG regelt, maakt de ODG voor de schommelingen in de liquiditeitspositie gebruik van de financiële middelen van de provincie Groningen. De hiervoor aan de provincie te betalen vergoeding op de rekening-courant verhouding is lager dan de geldende marktrente.

Kasgeldlimiet Het kasgeldlimiet geeft aan in welke mate in de financiering van investeringen mag worden voorzien in de vorm van kortlopende middelen. Volgens de Wet FIDO bedraagt de kasgeldlimiet van gemeenschappelijke regelingen 8,2% van het begrotingstotaal. De ODG heeft, gelet op het feit dat zij bankiert bij de provincie Groningen, toestemming gekregen tot overschrijding van de kasgeldlimiet.

17 Concept

Jaarstukken 2023

Het verloop van het kasgeldlimiet was in 2023 als volgt. Kasgeldlimiet

kwartaal 1

kwartaal 2

kwartaal 3

kwartaal 4

Omvang begroting 1. Kasgeldlimiet in %

€

22.734.000 € 8,2%

22.734.000 € 8,2%

22.734.000 € 8,2%

22.734.000 8,2%

in bedragen

€

1 .8 6 4 .0 0 0

2. Omvang vlottende schuld opgenomen gelden < 1 jaar

€

schuld in rekening courant

€ €

7 .0 8 2 .0 0 0

€ 1 . 8 6 4 .0 0 0

€

1 .8 6 4 .0 0 0

€

1 .8 6 4 . 0 0 0

2.763.000

€

€

2.989.000

€

5.402.000

4.319.000

€

2.752.000 -

€

-

€

-

€ 2 . 7 5 2 .0 0 0

€

2 .9 8 9 .0 0 0

€

5 .4 0 2 . 0 0 0

€ €

1.160.000

€ €

1.800.000

€ €

2.527.000

€

3. Vlottende middelen kasgelden tegoeden in rekening courant

€ €

-

overige uitstaande gelden < 1 jaar

€

2.593.000

€

2 .5 9 3 .0 0 0

4. Toets kasgeldlimiet totaal netto vlottende schuld (2-3)

€

toegestane kasgeldlimiet (1) ruimte

1.591.000

€

1.050.000

€

2.509.000

€ 2 . 7 5 1 .0 0 0

€

2 .8 5 0 .0 0 0

€

5 .0 3 6 . 0 0 0

4.489.000

€

1.000

€

139.000

€

366.000

€

1.864.000

€

1.864.000

€

1.864.000

€

1.864.000

€

-2 .6 2 5 .0 0 0

€ 1 . 8 6 3 .0 0 0

€

1 .7 2 5 .0 0 0

€

1 .4 9 8 . 0 0 0

Renterisiconorm De renterisiconorm schrijft voor hoeveel maximaal geleend mag worden voor een periode langer dan één jaar. De renterisiconorm bedraagt 20% van de vaste schuld (er geldt een drempelbedrag van € 2,5 miljoen). Dat betekent dat in enig jaar 20% van de vaste schuld mag worden vernieuwd. De ODG heeft geen vaste schuld. Stap

Var iabelen Ren ter is ic o ( n o r m )

Jaar T:

Jaar T+ 1:

Jaar T+ 2:

Jaar T+ 3:

(1)

Renteherzieningen

(2)

Aflossingen

( 3)

R en ter is ic o ( 1+ 2)

0

0

0

0

( 4)

R en ter is ic o n o r m

4.546.800

4.651.600

4.579.200

4.705.200

(5a)=(4>3)

Ruimte onder renterisiconorm

4.546.800

4.651.600

4.579.200

4.705.200

(5b)=(3>4)

Overschrijding renterisiconorm

Ber eken in g

R en ter is ic o n o r m

(4a)

Begrotingstotaal jaar T

22.734.000

23.258.000

22.896.000

23.526.000

(4b)

Percentage

20%

20%

20%

20%

Regeling

gemeenschappelijke regeling 4.651.600

4.579.200

4.705.200

(4)=(4ax4b/100) R en ter is ic o n o r m ( v an alleen jaar T)

4.546.800

Schatkistbankieren De ODG maakt voor het schatkistbankieren gebruik van de provincie Groningen.

18 Concept

Jaarstukken 2023

Bedrijfsvoering Bedrijfsvoering wordt beschouwd als de sturing en beheersing van de beleidsprocessen en de ondersteunende processen. Over de beleidsprocessen en de daaruit voortkomende prestaties en maatschappelijke doelen wordt gerapporteerd in de verschillende beleidsprogramma’s. In deze paragraaf geven wij - conform artikel 14 van het BBV - inzicht in de relevante ontwikkelingen van de ondersteunende processen en bedrijfsmiddelen en de rechtmatigheid. Rechtmatigheid Het dagelijks bestuur van de ODG stelt de rechtmatigheidsverantwoording op, die opgenomen zal worden in de jaarrekening. Hiermee legt het DB zelfstandig verantwoording af over de naleving van geldende wet- en regelgeving bij de totstandkoming van de baten en lasten en balansmutaties in de jaarrekening. Er is op het moment nog onduidelijkheid of de benodigde wetwijziging tijdig gereed is. De ODG is hierover in gesprek met haar accountant.

Controleprotocol Met de controleverordening is de controle op het financiële beheer en de inrichting van de financiële organisatie geregeld. Deze controle wordt uitgevoerd door de accountant. De accountant controleert de jaarrekening en moet zich een oordeel vormen over: A.

de vraag of de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de lasten en baten en de grootte en samenstelling van het vermogen.

B.

de vraag of de lasten en baten en balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen.

Bij de getrouwheidsvraag gaat het om de vraag of de cijfers kloppen. De rechtmatigheidsvraag is complexer. Het gaat hier om de vraag of de interne - en externe wet- en regelgeving is nageleefd. Deze interne - en externe wet- en regelgeving is opgenomen in het normenkader. Dit normenkader is een bijlage van het Controleprotocol en dient jaarlijks geactualiseerd te worden. De ODG heeft in 2023 bij het inhuren van extern personeel de aanbestedingsregels zo consequent mogelijk toegepast. In het Besluit accountantscontrole Decentrale Overheden zijn minimumeisen voor de in de controle te hanteren goedkeuringstoleranties voorgeschreven. De goedkeuringstolerantie is het bedrag dat de som van fouten in de jaarrekening of onzekerheden in de controle aangeeft, die in een jaarrekening maximaal mogen voorkomen, zonder dat de bruikbaarheid van de jaarrekening voor de oordeelsvorming door de gebruikers kan worden beïnvloed.

Onderhoud kapitaalgoederen De ODG heeft geen eigen gebouw. De huur van het gebouw aan de Lloydsweg is verlengd tot en met 31 augustus 2034.

19 Concept

Jaarstukken 2023

Vennootschapsbelasting voor overheidsondernemingen Met ingang van 1 januari 2016 zijn overheidsondernemingen belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting (Vpb-plicht). Dit is geregeld in de wet “Modernisering Vpb-plicht overheidsondernemingen”. De omgevingsdiensten hebben samen met de Belastingdienst de consequenties van de wetsaanpassing besproken. Het resultaat van dit overleg is dat, wanneer een Omgevingsdienst kan aantonen dat de overheidstaken op basis van wetgeving zijn uitgevoerd en dat op alle andere (commerciële) activiteiten geen winst is behaald, een Omgevingsdienst geen Vpb aangifte hoeft te doen. De ODG kan voor 2023 aantonen dat de overheidstaken op basis van wetgeving zijn uitgevoerd en dat op alle overige activiteiten geen winst is behaald. De ODG hoeft daarom geen Vpb aangifte te doen.

Personeel Onderstaande figuur geeft een overzicht van de ontwikkelingen op personeelsgebied in 2023. Deze informatie is hieronder aangevuld met een aantal specifieke onderwerpen.

Stagiaires In 2023 is er één stagiair gestart. Twee stagiaires die in 2022 zijn gestart hebben hun opdracht in 2023 afgerond. Prestaties In zogenaamde planningsgesprekken maken leidinggevenden met de medewerkers afspraken over de te leveren jaarlijkse prestaties. Deze bijdragen worden vastgelegd in een planningsgesprek. Onder andere op basis hiervan worden beoordelingsgesprekken gevoerd.

20 Concept

Jaarstukken 2023

Geschillen De Regionale Geschillencommissie Groningen heeft in 2023 geen geschillen behandeld. Vertrouwenspersoon Er zijn in 2023 wel gesprekken gevoerd met de vertrouwenspersoon, maar dit heeft niet tot een formele klacht geleid. Opleidingsplan en kwaliteitscriteria In de begroting is 2% van de totale loonsom opgenomen voor opleidingen. De werkelijke opleidingskosten bedroegen circa € 220.000. Er zijn daarnaast ook per saldo € 32.000 aan opleidingskosten vanuit SPUK budget betaald. Bedrijfsongevallen Er heeft zich in 2023 geen bedrijfsongeval voorgedaan.

21 Concept

Jaarstukken 2023

Concept Jaarrekening In dit hoofdstuk wordt een overzicht gegeven van de baten en lasten in 2023. Eerst op totaalniveau en vervolgens uitgesplitst per programma. Totale baten en lasten in 2023 Totaal

Begroting 2023

Lasten VTH & Brzo -taken (personeel en materieel) Overhead (personeel en materieel) Overhead meerwerk & Projecten Meerwerk & projecten Toelagen Overige lasten Onvoorzien Totaal

€ € € € € € € €

Baten Bijdrage VTH & Brzo-taken Meerwerk & project Toelagen Treasury Overige baten Totaal

€ -21.432.000 € -1.024.000 € -155.000 € € -123.000 € - 22.734.000

Saldo van lasten en baten Saldo van lasten en baten Totaal

€ €

Reserve mutaties Ontrekkingen aan reserves: Reserve Algemeen Reserve Arbeidsvoorwaarden Saldo res ervemut ati es

-230.000 -210.000 57.000 141.000 46.000 -147.000 100.000 - 243.000

€ -21.320.000 € -1.908.000 € -155.000 € € -364.000 € - 23.747.000

€ -21.612.000 € -1.710.000 € -109.000 € -44.000 € -511.000 € - 23.986.000

€ € € € € €

292.000 -198.000 -46.000 44.000 147.000 239.000

V

-

€ €

-

€ €

4.000 € 4.000 €

-4.000 - 4.000

N

€ € €

-

€ € €

-

€ € €

€ -20.000 € - 20.000 €

20.000 20.000

V

Saldo na res ervemutat ies (voordeel)

€

-

€

-

€

- 16.000

€

16.000

V

Voorgestelde reserve mutaties Ontrekking aan reserves: Algemene reserve Saldo voorges t elde res ervemut ati es

€ €

-

€ €

-

€ €

-

€ €

-

€

- 16.000

€

16.000

22 Concept

Jaarstukken 2023

-

15.469.000 5.751.000 553.000 1.355.000 155.000 364.000 100.000 23.747.000

€

-

€ € € € € € € €

V ers c hil Voordeel/ N adeel € € € € € € € €

€

€ € € € € € € €

Real is at ie

15.699.000 5.961.000 496.000 1.214.000 109.000 511.000 23.990.000

Res ult aat na voorges tel de res ervemutat ies

16.138.000 5.194.000 297.000 727.000 155.000 123.000 100.000 22.734.000

Begrot ing 2023 na wijzi ging

N N V V V N V

N

V N N V V

N

V

V

Baten en lasten van het Seveso-programma in 2023

Brzo

Begroting 2023

Begrot ing 2023 na wijzi ging € € € € €

Lasten Brzo-taken (personeel en materieel) Overhead (personeel en materieel) Overhead meerwerk & Projecten(personeel en materieel) Projecten Totaal

€ € € € €

3.984.000 1.525.000 25.000 63.000 5.597.000

Baten Bijdrage Brzo-taken Projecten Totaal

€ € €

-5.509.000 € -88.000 € - 5.597.000 €

Saldo van lasten en baten Saldo van lasten en baten Totaal

€ €

-

€ €

4.480.000 1.738.000 25.000 63.000 6.306.000

Real is at ie

€ € € € €

€ € € € €

-378.000 86.000 4.000 11.000 - 277.000

-6.218.000 € -88.000 € - 6.306.000 €

-6.510.000 € -73.000 € - 6.583.000 €

292.000 -15.000 277.000

-

-

-

€ €

4.858.000 1.652.000 21.000 52.000 6.583.000

V ers c hil Voordeel/ N adeel

€ €

N V V V

N

V N

V

Toelichting op de baten en lasten VTH- en Seveso-taken VTH & Brzo-t ak en

Begroting 2023

Lasten VTH & brzo-taken (personeel en materieel) Totaal

€ €

Begrot ing 2023 na wijzi ging

16.138.000 € 16.138.000 €

15.469.000 € 15.469.000 €

Real is at ie

15.699.000 € 15.699.000 €

V ers c hil Voordeel/ N adeel

-230.000 - 230.000

N

N

De personele en materiele kosten voor het totaal zijn € 230.000 hoger dan begroot. Dit komt door hogere (duurdere) inhuur met name bij de Seveso, de uitloopkosten van het VTH systeem (materieel), meer inhuurkosten inhuur ten behoeve van de implementatie van het VTH systeem (beheer primair proces) en lagere kosten VTH primair proces door lagere loonkosten ten gevolge van vertrek van medewerkers. Daarnaast waren de loonkosten lager vanwege zwangerschap- en bevallingsverlof, ouderschapsverlof en werden er bij langdurig zieke medewerkers lagere lonen uitbetaald. Het was in 2023 ook moeizaam schaarse capaciteit in te huren bij derden. De stijging personele kosten Seveso worden bij de nacalculatie afgedekt.

Overhead Overhead

Begroting 2023

Lasten Overhead (personeel en materieel) Totaal

€ €

Begrot ing 2023 na wijzi ging

5.194.000 € 5.194.000 €

5.751.000 € 5.751.000 €

Real is at ie

5.961.000 € 5.961.000 €

V ers c hil Voordeel/ N adeel -210.000 - 210.000

N

N

De personeelskosten overhead en materieel bevatten de kosten voor directie, MT, afdeling Ondersteuning, materiele kosten inclusief ICT. Deze zijn € 210.000 hoger dan begroot. Dit wordt veroorzaakt door de uitstel van het VTH-zaaksysteem en de dubbele kosten die daaruit voortvloeien ten aanzien van licenties en ondersteunende software. Daarnaast is er tijdelijk een uitbereiding van teamleiders door splitsing van twee teams. De kosten daarvoor werden opgevangen door het openhouden van vacatures bij ondersteuning en het niet invullen van de positie van hoofd primair proces. De taken werden in 2023 waargenomen door het hoofd ondersteuning.

23 Concept

Jaarstukken 2023

Meerwerk en Projecten Meerwerk & projec ten Lasten Meerwerk & projecten Totaal

Begroting 2023 € €

Begrot ing 2023 na wijzi ging

727.000 € 727.000 €

1.355.000 € 1.355.000 €

Real is at ie

V ers c hil Voordeel/ N adeel

1.214.000 € 1.214.000 €

141.000 141.000

V

V

De Meerwerk en Projecten bestaan uit SPUK IBP en Energie toezicht projecten, (Provincie) GSP, (Provincie) RWE en meerdere kleine meerwerk opdrachten van de (VTH) bevoegde gezagen. Per saldo valt dit € 141.000 hoger uit dan begroot. De SPUK projecten vielen in 2023 juist lager uit dan begroot (€ 300.000). De overblijvende SPUK bedragen kunnen doorgeschoven worden naar 2024 maar voor SPUK Energie geldt dat men jaarlijks tenminste 40% van de begroting moet hebben gerealiseerd en uiteindelijk een verhouding van 70% uren inzet binnen de uitvoering moet hebben en 30% indirecte inzet uren. De verhouding 70%-30%) is nu nog niet behaald.

Toelagen Toelagen

Begroting 2023

Lasten Toelagen Totaal

€ €

Begrot ing 2023 na wijzi ging

155.000 € 155.000 €

155.000 € 155.000 €

Real is at ie

V ers c hil Voordeel/ N adeel

109.000 € 109.000 €

46.000 46.000

V

V

Conform de uitgangspunten in het bedrijfsplan uit 2013 behouden medewerkers die zijn overgekomen van deelnemers van de ODG hun recht op de vergoeding behorende bij de uitlooprangen en eventuele garantietoelagen. Deze bedragen komen voor rekening van de oorspronkelijke deelnemer en worden doorbelast door de ODG aan deze deelnemer. De toelagen vallen lager uit omdat veel medewerkers wiens toelage te verhalen is uit dienst zijn bij de ODG. Dit geldt onder andere voor team Bouw. Tegenover deze kosten staat - vanwege het kunnen doorbelasten - een gelijke opbrengst. Per saldo heeft zowel het nadeel (lagere opbrengsten als het voordeel (lagere kosten) geen effect.

Overige lasten Overige las ten

Begroting 2023

Lasten Overige lasten Totaal

€ €

Begrot ing 2023 na wijzi ging

123.000 € 123.000 €

Real is at ie

364.000 € 364.000 €

V ers c hil

511.000 € 511.000 €

-147.000 - 147.000

Voordeel N adeel N

N

Het betreft hier uitgaven voor detacheringen en overhead reductie naar aanleiding van het vertrek van de gemeenten MiddenGroningen en Stadskanaal van team bouwtaken. Er zijn daarnaast wat meer detacheringen geweest van VTH-medewerkers ten behoeve van SPUK projecten deelnemers en inzet voor OmgevingsdienstNL. Tegen over deze extra lasten staan extra inkomsten van dezelfde omvang zodat er geen voor - of nadelig effect is. Onvoorzien Onvoorzien

Begroting 2023

Lasten Onvoorzien Totaal

€ €

Totale las ten

€

Begrot ing 2023 na wijzi ging

100.000 € 100.000 € 22.734.000

€

Real is at ie

100.000 € 100.000 € 23.747.000

€

23.990.000

V ers c hil Voordeel/ N adeel € €

100.000 100.000

V

€

- 243.000

N

V

De post onvoorzien is ter dekking van onvoorziene uitgaven. Volgens de BBV regels moeten we deze kosten boeken waar ze thuis horen in de boekhouding en niet op de post onvoorzien.

24 Concept

Jaarstukken 2023

Melding wet topinkomens Op 1 januari 2013 is de Wet normering topinkomens (WNT) in werking getreden. De WNT is van toepassing op de ODG. Het voor de ODG toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2023 € 223.000. Dit maximum is van toepassing op de directeur en de plaatsvervangend directeur. Voor de leden van het algemeen en dagelijks bestuur bedraagt het WNT-maximum 10% van het bezoldigingsmaximum (€ 22.300) en voor de voorzitter van het algemeen/dagelijks bestuur 15% (€ 33.450). Voor de bezoldiging van topfunctionarissen geldt naast de maximering een publicatieverplichting in de jaarrekening. Dit geldt eveneens voor bezoldiging van niet-topfunctionarissen, indien zij de maximale bedragen van topfunctionarissen overschrijden. Zowel het Dagelijks Bestuur als het Algemeen Bestuur van de Omgevingsdienst Groningen wordt gevormd door leden die deze functie vervullen vanuit de rol van lid van een College van Burgemeesters en Wethouders of Gedeputeerde Staten. Voor alle leden van het Dagelijks Bestuur en het Algemeen Bestuur van de Omgevingsdienst Groningen geldt dat de omvang van het dienstverband (in FTE) nihil bedraagt. Bestuursleden ontvangen geen vergoeding voor de werkzaamheden verricht voor de Omgevingsdienst Groningen. Daarnaast is geen sprake van belastbare onkostenvergoedingen en/of uitgekeerde beloningen betaalbaar op termijn.

Dit betekent dat de bezoldiging over 2023 voor alle leden van het Dagelijks Bestuur en het Algemeen Bestuur van de Omgevingsdienst Groningen nihil bedraagt. In 2023 zijn geen bezoldigingen of ontslagvergoedingen betaald boven de WNT-maxima. Tabel volgt nog.

Vervolg: Overzicht van topfunctionarissen Tabel volgt nog.

25 Concept

Jaarstukken 2023

Balans ACT IVA

3 1 -1 2 -2 0 2 3

3 1 -1 2 -2 0 2 2

Va ste a ctiva Ma te rië le va ste a ctiva Investeringen met een economisch nut

€

702.000

T ota a l va ste a ctiva

€

341.000

€

702.000

€

341.000

€

7 0 2 .0 0 0

€

3 4 1 .0 0 0

€

2.925.000

€

620.000

Vlotte nd e a ctiva Uitze ttinge n me t e e n re nte typ ische loop tij d korte r d a n é é n jaar - Vorderingen op openbare lichamen - Rekening-courantverhoudingen met niet-financiële instellingen - overige vorderingen

€ €

2.339.000 2.527.000

€

32.000

€ 1.284.000 € 1.585.000 € €

Ove rlop e nd e a ctiva - overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen.

€

114.000

€ €

56.000

4.898.000

114.000

620.000

T ota a l vlotte nd e a ctiva

€ 5 .0 1 2 .0 0 0

€ 3 .5 4 5 . 0 0 0

T ota a l ge ne ra a l

€ 5 .7 1 4 .0 0 0

€ 3 .8 8 6 . 0 0 0

26 Concept

Jaarstukken 2023

P ASSIVA

3 1 -1 2 -2 0 2 3

3 1 -1 2 -2 0 2 2

Va ste p a ssiva E ige n ve rmoge n Algemene reserve Bestemmingsreserves Gerealiseerde resultaat

€

300.000

€

142.000

€ €

19.000 16.000

€ €

40.000 37.000

€ Voorzie ninge n Voorziening Implementatie Zaaksysteem Voorziening groot onderhoud

335.000

€

219.000

1.535.000

€

-

€ 1 .8 7 0 .0 0 0

€

2 1 9 .0 0 0

€

2.935.000

€

732.000

€

1.535.000

€

-

€

-

€

-

€ T ota a l va ste p a ssiva Vlotte nd e p a ssiva Ne tto-vlotte nd e schuld e n me t e e n re nte typ ische loop tij d korte r d a n é é n j a a r Overige schulden

€

3.086.000

L/M

€ 2.935.000 €

3.086.000

€

758.000

Ove rlop e nd e p a ssiva Ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren van: - Europese overheidslichamen - Het Rijk - Overige Nederlandse overheidslichamen

€

758.000

€

732.000

T ota a l vlotte nd e p a ssiva

€ 3 .8 4 4 .0 0 0

€ 3 .6 6 7 . 0 0 0

T ota a l ge ne ra a l

€ 5 .7 1 4 .0 0 0

€ 3 .8 8 6 . 0 0 0

27 Concept

Jaarstukken 2023

Waarderingsgrondslagen De jaarrekening is opgesteld uitgaande van de continuïteitsveronderstelling met inachtneming van het 'Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeente' (BBV) en de verordening ex artikel 212 Gemeentewet, waarin door het bestuur de uitgangspunten voor het financiële beleid, alsmede de regels voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie zijn vastgesteld.

Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop zij betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken en dergelijke. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op een andere wijze een verplichting opgenomen.

De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld reorganisaties), dient wel een verplichting te worden opgenomen.

Grondslagen voor het opstellen van de balans Vaste activa Materiële vaste activa met economisch nut en overige investeringen met economisch nut Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs (de inkoopprijs en de bijkomende kosten) of vervaardigingsprijs (de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige directe kosten). Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Investeringen, zoals hieronder zijn opgenomen, worden met ingang van het jaar nadat de investering is gereed gekomen of is verworven, op jaarbasis afgeschreven. De afschrijving geschiedt op basis van annuïteit. De volgende afschrijvingstermijnen worden gehanteerd: Actief Technische installaties in gebouwen Veiligheidsvoorzieningen in bedrijfsgebouwen Kantoormeubilair Software, automatiseringsapparatuur en telefooninstallaties Verbouwingen

Afschrijvingstermijn in jaren 15 10 10 3 tot 5 1 tot 10*

*Termijn is afhankelijk van looptijd huurcontract, inclusief optietermijn verlenging

28 Concept

Jaarstukken 2023

Vlottende activa

Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Toelichting balans

Materiele vaste activa Materiele activa bestaan uit de volgende investeringen met een economisch nut.

Boe kwa a rd e Bedragen Bedrijfsgebouwen Machines, apparaten, installaties

Boe kwa a rd e

3 1 -1 2 -2 0 2 3 3 1 -1 2 -2 0 2 2 28.000 17.000

123.000 28.000

Overige materiële vaste activa

657.000

190.000

T ota a l

7 0 2 .0 0 0

3 4 1 .0 0 0

Het VTH systeem Omnimap is voor een beperkt deel geactiveerd. Het betreft hier het deel waarvan de ODG het intellectueel eigendom heeft. In de basis is het VTH-zaaksysteem en Saas-oplossing waarvan bijna alle kosten gedekt worden uit de bijdragen van de bevoegde gezagen en de algemene reserve. Onderstaand overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de investeringen met economisch nut weer. Boekwa a rd e 3 1 -1 2 -2 0 2 2

Bedragen

Inve s- De sinve ste ringen

te ringe n

Bij d ra ge n Afschrij -vingen

va n

Afwa a r-

Boekwa a rd e

d eringe n

3 1 -1 2 -2 0 2 3

-

28.000

Bedrijfsgebouwen

123.000

-

-

95.000

d erd e n -

Machines, apparaten, installaties

28.000

-

-

11.000

-

-

17.000

Overige materiële vaste activa

190.000

550.000

-

83.000

-

-

657.000

T ota a l

3 4 1 .0 0 0

550.000

-

189.000

-

-

7 0 2 .0 0 0

Afschrijvingen starten na het jaar van investeringen. Voor 2024 zal er voor circa € 800.000 in het gebouw worden geïnvesteerd middels het project upgrade gebouw waar de voorbereidingen medio 2023 voor zijn begonnen.

29 Concept

Jaarstukken 2023

Vlottende activa Uitzettingen met een rente-typische looptijd korter dan één jaar. Uitzettingen < 1 jaar

Bedragen Vorderingen op openbare lichamen

Ba la nswa a rd e 3 1 -1 2 -2 0 2 3 2.339.000

V oorzie ning oninb a a r -

Ba la nswa a rd e 3 1 -1 2 -2 0 2 2 1.284.000

2.527.000

-

1.585.000

Rekening-courant verhoudingen met niet-financiële instellingen Overige vorderingen T ota a l

32.000

-

56.000

4 .8 9 8 .0 0 0

-

2 .9 2 5 .0 0 0

De in balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of minder kunnen als volgt gespecificeerd worden: Vord e ringe n op op e nb a re licha me n Onderliggende aard

De b ite ure n

Nog te fa cture re n T ota a l 291.000 728.000

Deelnemersbijdragen Meerwerk & projecten

275.000 55.000

Doorbelastingen Toelagen

43.000 39.000

3.000

46.000 39.000

RUDD bijdrage LOS Overig

0 21.000

11.000 54.000

11.000 75.000

819.000

819.000

433.000

1 .9 0 6 . 0 0 0

2 . 3 3 9 .0 0 0

Te ontvangen bijdrage Zaaksysteem T ota a l

566.000 783.000

Voor het VTH systeem zijn verschillende betaal termijnen afgesproken met de bevoegde gezagen. Per 31-12-2023 dienen de onderstaande bevoegde gezagen nog te betalen. Bevoegd gezag

Periode

Bedrag

Eemsdelta Groningen Het Hogeland Midden Groningen Oldambt Pekela Totaal

2024 t/m 2032 2024 t/m 2032 2024 t/m 2032 2024 t/m 2032 2024 t/m 2032 2024 t/m 2025

€ 133.881 € 119.635 € 76.011 € 312.980 € 51.588 € 35.749 € 818.575

Liquide middelen De ODG heeft geen eigen bankrekening en houdt geen kas aan.

30 Concept

Jaarstukken 2023

Overlopende activa De overlopende activa betreffen. Ba la nswa a rd e Bedragen Vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen T ota a l

vrij geva lle n

3 1 -1 2 -2 0 2 2

toe voe ging

Ba la nswa a r d e 3 1 -1 2 -2 0 2 3

620.000

-620.000

114.000

114.000

6 2 0 .0 0 0

-6 2 0 .0 0 0

1 1 4 .0 0 0

1 1 4 .0 0 0

In 2023 is de voorziening VTH systeem geopend en zijn de betalingen die in voorgaande jaren ten behoeve van het VTH systeem staan vermeld overgeboekt. Het gaat om € 493.000 overboeking en € 114.000 op boeking vooruitbetaalde bedragen voor verzekeringen, abonnementen en dergelijke in 2023 voor 2024.

Vaste passiva Eigen vermogen Het in de balans opgenomen eigen vermogen bestaat uit de volgende posten.

Boe kwa a rd e 3 1 -1 2 -2 0 2 2

Be ste mming r e sulta a t vor ig b oe kja a r

T oe voe ging

Onttr e kking

Bedragen Alge me ne r e se rve Be stemmingsre se r ve s Reserve Arbeidsvoorwaarden Resultaat voor bestemming 2023

T ota a l

Boe kwa a r d e R e sulta a t 3 1 -1 2 -2 0 2 3 voor Boe kwa a rd e Voor ge ste ld e na b e ste mming 3 1 -1 2 -2 0 2 3 d ota tie voorge ste ld e b oe kj a ar muta tie s

142.000

37.000

121.000

-

142.000

37.000

121.000

-

-

40.000 40.000 37.000

-37.000

-

-20.000 -2 0 .0 0 0 -

16.000

37.000

-3 7 . 0 0 0

-

-

16.000

219.000

-

121.000

-2 0 .0 0 0

16.000

-

300.000

16.000

316.000

300.000

16.000

3 1 6 .0 0 0

20.000 16.000

-16.000

20.000 2 0 .0 0 0 -

16.000

-1 6 . 0 0 0

-

336.000

-

3 3 6 .0 0 0

20.000

Bestemmingsreserve Er is in voorgaande jaren (vanaf 2019) een bestemmingreserve vitaliteit (arbeidsvoorwaarden) gevormd voor een groep oudere werknemers ten behoeve van duurzame inzetbaarheid. Jaarlijks valt 1/5-deel van deze reserve vrij ten gunste van de exploitatie. In verband met cao wijzigingen en verloop uit 2019 is een nieuwe reserve niet nodig na 2024 (einde reserve).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14239069/1