CConstaterende datVeendam
Koppel je AI →
Document · PDF

10-04-05 202512800.3 Bijlage 3 Opgavenbeeld Wagenladingvervoer

Gemeenteraad 31 maart 2025, gemeente VeendamBij agendapunt: Weekpost 1023.313 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

6. Innovatie en Digitalisering

ProRail kan in de verkenning en realisatie van aanvullende maatregelen in innovatie en digitalisering een bijdrage leveren, indien zij door IenW hiertoe in staat wordt gesteld (1/2) Verdere ontwikkeling vraagt beleidstandpunt en kaders vanuit overheid en markt •

Op termijn is een potentiële rol voor ProRail die van het coördineren van de systeemintegratie (ERTMS, DAC, ATO/ASO) in spoorketen. Hier gaat het om de systeemintegratie van DAC, ASO- of ATO-locomotieven aangestuurd door de vervoerder en uitvoering en monitoring van treinbewegingen onder regie van ProRail

•

ProRail ziet op termijn daarnaast een rol bij de uitrol van DAC, ATO en ASO, in het ontwikkelen van een toegesneden Traffic Management Systeem (TMS) en het uitvoeren van integrale veiligheid audits op de te ontwikkelen rangeerconcepten voor ASO.

•

Hierbij kan ProRail de rol als adviseur van het ministerie van IenW invullen over de invoering van DAC in Nederland.

•

Indien ProRail een (deel)verantwoordelijkheid heeft bij bovengenoemde rollen dient ProRail hiertoe in staat gesteld te worden door IenW. In de huidige prioriteitstelling en (financiële) kaders van ProRail ontbreken hiervoor de noodzakelijke middelen. Hierdoor kan ProRail op dit moment geen actieve rol nemen op deze ontwikkelingen.

•

Voor het ministerie van IenW is het van belang een beleidskeuze te maken over de uitrol van DAC en ATO en de daarvoor benodigde financiering beschikbaar te stellen aan de markt en ProRail voor haar verantwoordelijkheden hierin.

•

Tot slot ziet ProRail digitalisering van actuele treininformatie als essentiële stap in de vervoersketen. Omdat het gaat om de uitwisseling van informatie van en tussen ketenpartners, vergt dit intensieve samenwerking. ProRail ziet dat er een grote opgave ligt om vanuit de bestaande processen en systemen te komen tot het gewenste niveau van informatie-uitwisseling. Wij zien hierin een nadrukkelijke rol voor alle betrokken partijen in de vervoersketen.

Opgavenbeeld Wagenladingvervoer p. 52

6. Innovatie en Digitalisering

ProRail kan in de verkenning en realisatie van aanvullende maatregelen in innovatie en digitalisering een bijdrage leveren, indien zij door IenW hiertoe in staat wordt gesteld (2/2) Indien ProRail in staat gesteld wordt kan zij een bijdrage leveren in de verkenning en realisatie van innovaties en digitalisering Potentiële maatregelen 6A

Ontwikkelen van een beleidskader door IenW voor een standpunt over de invoering van DAC en ATO in Nederland met input vanuit de haalbaarheidsonderzoeken van DAC en ATO (maatregelen 6B en 6C) die volgen uit Europese trajecten, gegeven de wederzijdse bijdragen van deze systeemsprongen

6B

In opdracht van IenW uitvoeren van een impact-analyse rondom de uitrol van DAC in Nederland dat invulling geeft aan een aantal openstaande punten als doorvertaling van de inzichten vanuit de Europese ontwikkelingen en uitrol naar de impact voor Nederland: - vanuit kosten, baten, financierbaarheid en financiële draagkracht in de sector bij een uitrol incl. afhankelijkheden en randvoorwaarden - vanuit de uitrolstrategie en mogelijke migratie-scenario’s van DAC voor het voorzien van goederenwagens met DAC - met een beschrijving van rollen en verantwoordelijkheden binnen Nederland bij de uitrol in internationale context - vanuit risicomanagement van geïdentificeerde risico’s voor de uitrol - noodzakelijke aanvullende (technische) ontwikkelingen voor een toepassing bij wagenladingvervoer t.o.v. de techniek uit voorbereiding van de demonstratie in Amersfoort in 2026

6C

In opdracht van IenW uitvoeren van een impact-analyse rondom de uitrol van ATO, zo mogelijk specifiek gericht op het rangeren op emplacementen (ASO) in Nederland dat invulling geeft aan een aantal openstaande punten als doorvertaling van de inzichten en ontwikkelingen vanuit de Europese ontwikkelingen: - vanuit kosten, baten, financierbaarheid en financiële draagkracht in de sector bij een uitrol incl. afhankelijkheden en randvoorwaarden - met een beschrijving van rollen en verantwoordelijkheden bij de uitrol in internationale context - vanuit risicomanagement van geïdentificeerde risico’s voor de uitrol - noodzakelijke aanvullende (technische) ontwikkelingen en noodzakelijke aanvullende infrastructuur voor toepassing ATO op emplacement Kijfhoek en andere emplacementen bij wagenladingvervoer t.o.v. de techniek uit voorbereiding van de demonstratie in Amersfoort in 2026

6D 6E 6F

Vaststellen van de nut en noodzaak voor een actievere positionering en participatie van ProRail in Europese samenwerkingsverbanden waarin de technologie van DAC en ATO wordt ontwikkeld en vastgesteld en standaardisatie en harmonisatie plaatsvindt als basis voor toekomstige regelgeving. Specifieke afweging is de participatie bij EU Rail en in het bijzonder European DAC Delivery Programme, in aanloop naar de nieuwe ronde van calls in 2026. Een nadere verkenning naar kosten en baten van digitalisering van de informatie-uitwisseling binnen de processen voor het aanvragen van capaciteit en het uitvoeren van de treindienst. Samenwerking in be- en bijsturing van treindienst vanuit Rail Collaborative Decision Making (CDM) vanuit de haalbaarheidsstudie – maatregel 4E Opgavenbeeld Wagenladingvervoer p. 53

Pijler 7 – Veiligheid & Leefomgeving

7: Veiligheid & Leefomgeving

Afgelopen jaren is er veel negatieve maatschappelijke en politieke aandacht voor spoorvervoer geweest, echter blijft transport via spoor één van de veiligste modaliteiten Veiligheid & leefomgeving is van groot belang voor wagenladingvervoer en krijgt veel maatschappelijke en politieke aandacht

•

Transport via het spoor is namelijk één van de veiligste modaliteiten om onder meer gevaarlijke stoffen te vervoeren. Afgelopen jaren is er echter veel negatieve maatschappelijke en politieke aandacht voor spoorvervoer en impact op de leefomgeving geweest. Dit heeft geleid tot negatieve perceptie van de veiligheid en duurzaamheid van spoorvervoer.

•

Op basis van de feitelijke cijfers van risico’s, incidenten en gebeurtenissen met gevaarlijke stoffen is deze perceptie onterecht. Spoor is in vergelijking met vervoer over de weg en via de binnenvaart de meest veilige modaliteit. In diverse Europese landen is vervoer met gevaarlijke stoffen om die reden enkel toegestaan over spoor, zoals in Duitsland.

•

ProRail begrijpt de beleving van onveiligheid vanuit het gebrek aan informatie bij veel belanghebbenden. Om zowel de veiligheid zelf als de beleving en hinder voor de leefomgeving voor het spoor te verbeteren is het belangrijk dat de spoorsector continue in ontwikkeling is om deze aspecten verder te ontwikkelen.

•

De uitdaging is om gericht maatregelen te treffen daar waar deze het meest effectief zijn en bijdragen aan een veiliger systeem met minder hinder.

•

Als er bij groei van spoorvervoer (waaronder wagenladingvervoer) niet ook actief op Veiligheid & Leefomgeving wordt ingezet, zal dat leiden tot een toename van de hinder, reductie van veiligheid en daarnaast de concurrentiepositie van het wagenladingvervoer onder druk zetten. Dit kan bovendien resulteren in een verslechtering van het maatschappelijk draagvlak van het gehele spoorgoederenvervoer

Opgavenbeeld Wagenladingvervoer p. 55

7: Veiligheid & Leefomgeving

ProRail zet zich in om spoorvervoer en wagenladingvervoer de veiligste manier van goederenvervoer te houden en om de impact op de leefomgeving te minimaliseren ProRail ziet het belang van het doorlopend ontwikkelen van het spoorsysteem

•

ProRail vindt het belangrijk om wagenladingvervoer te faciliteren als onderdeel van het bredere spoorgoederenvervoer. Deze treinen rijden verspreid door het land en zijn onderdeel van het integrale spoorsysteem. Bij groei in volume kunnen wagenladingtreinen zich doorontwikkelen tot bloktreinen.

•

Wagenladingvervoer heeft de potentie om vervoer per weg of binnenvaart te verplaatsen naar het spoor. Dit draagt bij aan het verbeteren van de externe veiligheid en leefomgeving door reductie van CO 2 uitstoot en andere broeikasgassen. De huidige volumes zorgen al voor een reductie van 154,4 miljoen kg CO 2-eq per jaar ten opzichte van transport over de weg blijkt uit een studie in opdracht van ProRail. Deze baten nemen verder toe als groei en modal shift optreedt.

•

ProRail wil een goede buur zijn en neemt de zorgen op het gebied van veiligheid & leefomgeving serieus. ProRail zet zich in om landelijk maatregelen voor het spoorgoederenvervoer te treffen om hinder op het gebied van geluid, trillingen en overwegen te verminderen. Daarnaast is ProRail continue bezig om het spoorvervoer veiliger te maken door bijvoorbeeld de aanpak van overwegen.

•

Specifiek voor het wagenladingvervoer wordt Kijfhoek als sorteercentrum in 2023-2025 vernieuwd met aanvullende calamiteitenwegen en verbetering van de bedrijfsbrandweer organisatie om de best mogelijke veiligheidsmaatregelen te borgen voor het wagenladingvervoer in Nederland.

•

Maatregelen volgen uit landelijke programma’s of komen voort uit de ontwikkeling/groei van het spoorsysteem. ProRail werkt met zogeheten productstappen (ontwikkelingen op het gebied van frequenties, logistieke concepten, bedieningen in het netwerk) voor zowel reizigers als goederen. Deze worden op verschillende domeinen getoetst. Zo ook domeinen welke relevant zijn voor veiligheid en leefomgeving in de vorm van omgevingseffecten, overwegen of vergunningen.

Opgavenbeeld Wagenladingvervoer p. 56

7: Veiligheid & Leefomgeving

Gebruikmaken van wagenladingvervoer en specifiek via Kijfhoek biedt door de unieke karakteristieken voordelen op het gebied van veiligheid en leefomgeving. Voordelen worden met name veroorzaakt door de concentratie van wagenladingvervoer op de voorziening met de hoogste veiligheidsniveaus •

Het spoorvervoer is één van de veiligste modaliteiten en heeft een hoger veiligheidsniveau dan het vervoer via de weg en via de binnenvaart. Doordat het wagenladingvervoer het mogelijk maakt om kleinere hoeveelheden lading per spoor te vervoeren, zorgt het wagenladingvervoer ervoor dat lading dat met name anders met vrachtwagens vervoerd zou worden nu met de trein vervoerd wordt. Dit zorgt voor een hoger veiligheidsniveau.

•

Bijkomend voordeel van het wagenladingvervoer ten opzichte van het wegtransport is dat er minder personeel nodig is. Dit personeel kan daardoor specifieker opgeleid zijn voor het vervoeren van gevaarlijke stoffen. Ook is het aansluiten van de lading minder risicovol, doordat koppelen bij het wagenladingvervoer minder vaak nodig is dan bij vrachtverkeer. De reductie in het aantal menselijke handelingen leidt daarmee tot een hoger veiligheidsniveau.

•

Voor het wagenladingvervoer is emplacement Kijfhoek dé hub voor het sorteren en samenstellen van wagenladingtreinen. Niet alleen zorgt Kijfhoek ervoor dat het proces zo effectief mogelijk wordt uitgevoerd, maar deze locatie biedt juist ook voordelen voor veiligheid. De sorteeractiviteiten worden op deze locatie geautomatiseerd uitgevoerd door een heuvelsysteem en locomotief in een gecontroleerde omgeving met diverse geautomatiseerde remsystemen. Dit is vele malen veiliger dan het plat rangeren waarbij menselijke handelingen nodig zijn om locomotieven te bedienen en wagens te (ont)koppelen. Tevens wordt voor gevaarlijke stoffen met het Wagenlading Informatiesysteem (WLIS) op basis van het planningsysteem KijfDIS real-time geregistreerd welke goederen zich waar en in welke wagen bevinden.

•

Door het concentreren van wagenladingvervoer op Kijfhoek hoeven deze activiteiten daarmee niet op andere locaties plaats te vinden en kunnen gecontroleerd op één locatie plaatsvinden, daar waar het veiligheidsniveau het hoogst is.

•

Maatregelen kunnen gericht toegepast worden en hoeven niet verspreid te worden over meerdere locaties. Doordat het risico van plaatsgebonden calamiteiten op Kijfhoek hoger is, zijn er extra lokale maatregelen getroffen zoals de aanleg van brandblusvoorzieningen, calamiteitenwegen, het plaatsen van extra seinen en een toegeruste bedrijfsbrandweer met geavanceerde blusvoertuigen. Rondom Kijfhoek wordt op personeelsvlak ook een cultuur van veiligheidsbewustzijn gecreëerd door middel van de organisatiestructuur, processen en regulering. Het concentreren van deze activiteiten binnen het wagenladingvervoer is daarmee de veiligste optie voor Nederland.

•

Door de in 2023-2025 lopende vernieuwing van de infrastructuur en veiligheidsvoorzieningen op Kijfhoek en de hierin aanwezige capaciteit, kunnen bij concentratie van deze activiteiten overige kostbare investeringen op andere emplacementen voorkomen worden. Nederland heeft daarmee voor de komende 20-30 jaar een state-ofthe-art voorziening voor het veilig en efficiënt sorteren van wagens.

Opgavenbeeld Wagenladingvervoer p. 57

7: Veiligheid & Leefomgeving

ProRail treft daarnaast ook generieke maatregelen om spoorgoederenvervoer veiliger te maken en beter in de leefomgeving te laten inpassen Er wordt ingezet om een toegewijde goederencorridor, implementatie van ERTMS, gecombineerd met flankerend beleid en verschillende programma’s ten behoeve van veiligheid en leefomgeving Generieke maatregelen voor spoorgoederenvervoer 1

Door de aanleg van een toegewijde goederencorridor, de Betuweroute, kan veel goederenverkeer sinds 2007 binnensteden vermijden, waaronder wagenladingverkeer richting Duitsland. Dit zorg voor minder hinder, verbetering van de leefomgeving, maar ook voor een veiliger systeem. Aanvullende maatregelen, zoals de aanleg van de Zuid-West boog bij Meteren, worden getroffen om de verder benutting van deze corridor te verhogen waardoor goederentreinen nog vaker binnensteden kunnen vermijden.

2

De borging van de spoorwegveiligheid richt zich op het voorkomen van botsingen en ontsporingen. Met de implementatie van ERTMS wordt de stap gezet naar een veiliger treinbeveiligingssysteem. De voor het wagenladingvervoer relevante corridors Kijfhoek-Belgische grens en de Brabantroute zullen vóór 2035 worden omgebouwd conform de vigerende uitrolstrategie.

3

Europees beleid om goederenwagens stiller te maken is enorm effectief gebleken: haast het gehele wagenpark in de EU (600.000 wagens) is omgebouwd in een krappe 10 jaar tijd, waaronder de wagens voor het wagenladingvervoer

4

Nederlands aanvullend beleid op de aanpak van hoog belaste locaties met geluidschermen en raildempers heeft voor een verdere structurele geluidreductie gezorgd. Dit betreft programma’s als het Uitvoeringsprogramma Geluid Emplacement (UPGE) en het Meerjarenprogramma Geluidsanering (MJPG) gericht op het voldoen aan de geluidsnormen. Maatregelen zijn getroffen op diverse emplacementen en stukken hoofdbaan.

5

Voor trillingen bestaan nog geen normen en onderzoekt ProRail in het kader van de Innovatieagenda Bronaanpak Spoortrillingen (IBS) maatregelen aan de infra en materieel. Er is nog geen budget voor een eventuele landelijke uitrol van deze maatregelen. Wel worden binnen het Minder Hinder pakket al enkele IBS-maatregelen uitgevoerd op de Brabantroute en Bentheimroute i.v.m. omleidingen als gevolg van de aanleg van het derde spoor Zevenaar. Hier rijdt het wagenladingvervoer ook.

6

Om de veiligheid te vergroten en de kans op ongevallen en ontsporing te voorkomen worden de risico’s op overwegen aangepakt vanuit de programma’s Niet Actief Beveiligde Overwegen (NABO) en het Landelijk Verbeterprogramma Overwegen (LVO). Hierbij worden overwegen beveiligd, gesaneerd of vrij gelegd in de vorm van bijvoorbeeld onderdoorgangen. De programma’s opereren landelijk, maar het zwaartepunt ligt in het oosten van het land waaronder de door het wagenladingvervoer gebruikte Bentheimroute.

7

Om met gevaarlijke stoffen te kunnen blijven rangeren moesten de goederenemplacementen op de Maasvlakte-West, Europoort, Pernis, Botlek en Waalhaven Zuid voldoen aan de nieuwe veiligheidsvoorschriften. Vanuit het programma Infra op Orde zijn op deze vijf emplacementen calamiteitenwegen en blusvoorziening aangelegd zodat aan de vergunningseisen wordt voldaan en het veiligheidsniveau verhoogd wordt. Op deze emplacementen vindt veel wagenladingvervoer plaats.

8

IenW heeft op basis van extern onderzoek vastgesteld dat het Basisnet ‘niet functioneert en ook niet goed kan functioneren’. Hierom zet IenW zich in om te werken aan een vernieuwd robuust Basisnet, waarbij het vinden van een balans tussen de verschillende maatschappelijke belangen centraal staat. ProRail zal vanuit haar rol een actieve bijdrage leveren en waar mogelijk participeren in dit traject. Opgavenbeeld Wagenladingvervoer p. 58

7: Veiligheid & Leefomgeving

ProRail ziet daarbij aanvullende maatregelen om de veiligheid en leefomgeving blijvend te verbeteren vanuit het perspectief van wagenladingvervoer. ProRail blijft ontwikkelen aan het spoorsysteem…

…met prioriteit op en zorg voor veiligheid en leefomgeving Aanvullende maatregelen •

•

ProRail vindt het belangrijk om het spoorsysteem doorlopend te ontwikkelen op het gebied van veiligheid & leefomgeving.

•

Er lopen momenteel verschillende programma’s waar maatregelen uit zijn voortgekomen. De lopende programma’s op het gebied van geluid, trillingen en overwegen worden momenteel afgerond.

•

Op basis van ervaringen past ProRail de sturing op nieuwe maatregelen aan.

•

•

•

ProRail start geen nieuwe losstaande programma’s op. Maatregelen volgen uit en worden opgehangen aan de ontwikkeling van productstappen (ontwikkelingen op het gebied van frequenties, logistieke concepten, bedieningen in het netwerk) in het spoorsysteem. Nieuwe productstappen toetst ProRail op verschillende domeinen waaronder omgevingseffecten, vergunningen en overwegen.

7A

Tijdig identificeren van ontwikkelingen waar productstappen uit kunnen volgen, zodat deze getoetst worden op o.a. verbeteringen op het gebied van veiligheid & leefomgeving. Hiervoor staan ProRail, vervoerders en verladers aan de lat.

7B

IenW van de juiste informatie voorzien om tijdig beleid te maken en/of om besluitvorming over de realisatie van productstappen en bijhorende maatregelen te nemen.

7C

Ontwikkelen van een nieuwe tool om o.b.v. risicoscores doelgericht te bepalen welke maatregelen aan overwegen de meeste veiligheidswinst opleveren ten opzichte van het investeringsbedrag

7D

ProRail doet onderzoek naar trillingen m.b.t. bronmaatregelen

Specifiek voor het wagenladingvervoer zullen concrete maatregelen waar nodig volgen uit te initiëren productstappen. Om tijdig maatregelen te kunnen treffen die van belang zijn voor het faciliteren van het wagenladingvervoer is het nodig om vroegtijdig productstappen te signaleren en het ingerichte proces voor deze productstappen te doorlopen.

Opgavenbeeld Wagenladingvervoer p. 59

Overzicht van maatregelen

1: Neutrale dienstverlening

Nadere concretisering van geïdentificeerde maatregelen - Pijler 1

Neutrale dienstverlening Kijfhoek

#

Beschrijving maatregel

Status

Randvoorwaarden

Kosten

Financiering

‐ Interne kosten t.b.v. (informeel) adviestraject aan IenW.

Dekking via Programmabudget Programma Dienstverlening Kijfhoek

‐ Interne kosten t.b.v. traject Netverklaring en consultatie gerechtigden.

1A

Besluitvorming wijzigen exploitatiemodel Kijfhoek

‐ Investeringsbesluit en financiering IenW ‐ Investeringsbesluit ProRail ‐ Consultatie gerechtigden en belanghebbenden ‐ Inrichting programma organisatie voor realisatiefase

1B

Consultatie van gerechtigden via de Netverklaring

‐ Investeringsbesluit IenW en ProRail ‐ Uitwerking wijziging exploitatiemodel Kijfhoek, toegangsvoorwaarden en scope dienstverlening ‐ Implementatie plan

1C

Verwerven nieuwe heuvellocomotieven Kijfhoek

‐ Specificaties heuvelsysteem – interoperabiliteit locomotieven ‐ Marktconsultatie potentiële leveranciers ‐ Aanbesteding, gunning contract ‐ Ontwikkeling, certificering en testen

‐ Projectkosten ‐ Investeringskosten heuveltractie o.b.v. een doorlooptijd van 4-5 jaar ‐ Jaarlijkse beheer en onderhoudskosten

‐ 1D

Aanbesteding uitvoeringsovereenkomst dienstverlening

Vaststellen scope dienstverlening en scope uitvoeringsovereenkomst ‐ Marktconsultatie ‐ Aanbestedingsdossier voorbereiden ‐ Gunning contract

‐ Projectkosten periode 5 jaar ‐ Risicobudget 20% ‐ Jaarlijkse contractkosten uitvoeringsovereenkomst (vertrouwelijk)

Implementatie wijziging exploitatiemodel Kijfhoek

‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐

‐ Jaarlijkse kosten uitvoeringsovereenkomst ‐ Jaarlijkse kosten beheer en onderhoud locomotieven ‐ Projectkosten

1E

Positieve consultatie gerechtigden Wijziging Netverklaring Beheerste transitie naar eindsituatie Gunning uitvoeringsovereenkomst Aanpassing operationele processen ProRail Oplevering vernieuwing Kijfhoek Q2 2025.

Stakeholders

Actiehouder

‐ ‐ ‐ ‐

IenW Gerechtigden Toezichthouders ACM en ILT Medezeggenschap en vakbonden ‐ Havenbedrijven ‐ Belangenorganisaties

IenW, ProRail

Onderdeel autonoom proces Netverklaring Dekking via Programmabudget Programma Dienstverlening Kijfhoek

‐ (Potentiële) gebruikers Kijfhoek ‐ Gerechtigden

ProRail

EOV-reeks Dekking nog te beschikken door IenW

‐ (Potentiële) leveranciers ‐ Siemens als levernancier heuvelsysteem ‐ ILT

ProRail

EOV-reeks Dekking nog te beschikken door IenW

‐ Huidige en potentiële gebruikers Kijfhoek ‐ Potentiele exploitanten uitvoeringsovereenkomst ‐ Verladers

ProRail

EOV-reeks Dekking nog te beschikken door IenW

‐ Huidige vervoerders Kijfhoek ‐ Potentiele nieuwe vervoerders ‐ Toezichthouders ILT, ACM

ProRail

Opgavenbeeld Wagenladingvervoer p. 61

Nader onderzoek doen

In overweging

In uitvoering

Uitgevoerd

2: Level-playing field

Level-playing field

Nadere concretisering van geïdentificeerde maatregelen - Pijler 2 #

Beschrijving maatregel

Randvoorwaarden

Kosten

Financiering

Stakeholders

Actiehouder

2A

Monitoren effect van stimuleringspakketten in omliggende landen op tarieven en level playing en vertalen naar Nederlandse situatie

- De aantrekkelijkheid van Kijfhoek wordt bepaald door de hoogte van het integrale tarief voor infrastructuur en dienstverlening incl. subsidie i.r.t. het Europese level playing field.

Bedrag afhankelijk van de beleidskeuzes voor de hoogte en differentiatie van tarieven in de gebruiksvergoedings-systematiek 2026-2029.

- Capaciteit vanuit afdelingen voor monitoring. - Hoogte bijdrage en type instrument voor financiering te bepalen door IenW

IenW, ProRail, vervoerders en verladers

IenW, ProRail

2B

Het onderzoeken op welke wijze subsidie-maatregelen kunnen bijdragen aan het faciliteren van een modal shift

- Potentie afhankelijk van verschillende trends: marktvolaliteit, congestie op Nederlandse wegen, krapte arbeidsmarkt, technologische ontwikkelingen e.d. - Beleidskader IenW m.b.t. modal shift

Bedrag afhankelijk van de beleidskeuzes IenW.

- Capaciteit vanuit afdelingen t.b.v. onderzoek - Hoogte bijdrage en type instrument voor financiering te bepalen door IenW

IenW, vervoerders en verladers, ProRail

ProRail, IenW

2C

Overwegen tijdelijke aanvullende subsidie voor periode 2024-2025

- Moet passen binnen Europese kaders staatssteun. - Aanpassen van kosten voor gebruik door gerechtigden voor de periode niet mogelijk, omdat gebruiks-vergoedingssystematiek 20232025 is vastgesteld

Bedrag afhankelijk van de beleidskeuzes IenW

- Voorziening subsidie vanuit IenW

Vervoerders en verladers

IenW

2D

Level playing field meenemen in de uitwerking en vaststelling van de gebruiksvergoedingssystematiek 2026-2029

- Meenemen in de uitgangspunten methodiek voor 1 december 2023 i.v.m. goedkeuren VMT onderdeel door ACM. - Meenemen level playing field in dienst opstellen en rangeren in methodiek 2026-2029.

Bedrag afhankelijk van de beleidskeuzes voor de hoogte en differentiatie van tarieven in de gebruiksvergoedings-systematiek 2026-2029.

- Capaciteit vanuit afdeling t.b.v. gebruiksvergoedingsmethodiek 2026-2029. - Hoogte bijdrage en type instrument voor financiering te bepalen door IenW

IenW, vervoerders en andere gerechtigden, ProRail

ProRail, IenW

Nieuwe tariefstructuur bij wijziging exploitatie-model Kijfhoek

- Besluitvorming wijziging exploitatiemodel (zie 1A) - Afhankelijk van realisatie opnemen in Netverklaring 2025 (addendum) en Netverklaring 2026 - Opname in gebruiksvergoedings-systematiek 2026-2029 - Vaststellen level playing field o.b.v. tarieven en stimulering omliggende landen

ProRail, vervoerders en andere gerechtigden

ProRail

2E

Status

Bedrag afhankelijk van vast te stellen level playing field tarief

- Capaciteit vanuit afdelingen t.b.v. onderzoek - Opname in gebruiksvergoedingsmetthodiek 2026-2029 - Subsidie via IenW

Opgavenbeeld Wagenladingvervoer p. 62

Nader onderzoek doen

In overweging

In uitvoering

Uitgevoerd

3: Voldoende capaciteit

Capaciteit

Nadere concretisering van geïdentificeerde maatregelen - Pijler 3 #

Beschrijving maatregel

3A

Status

Randvoorwaarden

Kosten

Financiering

Stakeholders

Actiehouder

Verruiming maximale tonnage op de heuvel van Kijfhoek

‐ Borging in processen, regelgeving en documentatie ‐ Doorlopen van veiligheidsproces incl. toetsing (ook bij vervoerders)

Interne kosten t.b.v. organiseren wijziging

Capaciteit vanuit interne afdelingen. Onderdeel bestaande onderhoudscontracten

ProRail, IenW en vervoerder en verladers (V&V)

ProRail & vervoerders

3B

Aanpassen TRS’en Moerdijk

‐ Borging in processen en regelgeving ‐ Implementatie en communicatie

Interne kosten t.b.v. aanpassingen

Capaciteit vanuit interne afdelingen

ProRail, IenW, Havenbedrijf Moerdijk en V&V

ProRail

3C

Milieuvergunning aanvragen emplacementen Hornweg

‐ Afspraken over (het verkrijgen van) voldoende milieuruimte ‐ Capaciteit om het aanvraagtraject te doorlopen

Interne kosten t.b.v. aanvraagtraject

Capaciteit vanuit interne afdelingen

ProRail, IenW, Havenbedrijf Amsterdam en V&V

ProRail

3D

Onderzoek naar herinrichting van Botlek 1

‐ Financiering voor het vervolg organiseren ‐ Opstellen van een plan van aanpak

Studie- & projectkosten Geen dekking

MIRT-reeks

ProRail, IenW, Havenbedrijf Rotterdam, en V&V

IenW

3E

Vervolgonderzoek verplaatsen van opstellen emplacement Sloe

‐ Financiering voor het vervolg organiseren ‐ Opstellen van een plan van aanpak

Studie- & projectkosten Geen dekking

MIRT-reeks

ProRail, IenW, North Sea Ports en V&V

IenW

3F

Onderzoek verscheidene maatregelen voor Moerdijk

‐ Financiering voor het vervolg organiseren ‐ Opstellen van een plan van aanpak

Studie- & projectkosten Geen dekking

MIRT-reeks

ProRail, IenW, Havenbedrijf Moerdijk en V&V

IenW

3G

Herijken van de gevoeligheidsanalyse

‐ Capaciteit verkrijgen intern en bij stakeholders ‐ Monitoren van ontwikkelingen wagenladingvervoer

Interne kosten t.b.v. herijking

Capaciteit vanuit afdelingen en stakeholders

ProRail, IenW, V&V en Havenbedrijven

ProRail

3H

Monitoren belasting wisselkruis zuidzijde bij Kijfhoek

‐ Capaciteit bij afdelingen voor monitoring

Interne kosten t.b.v. monitoring

Capaciteit vanuit afdelingen

ProRail, IenW en V&V

ProRail

3I

Gezamenlijk optrekken met de markt om capaciteit te vergroten

‐ Commitment stakeholders ‐ Governance inrichten ‐ Financiering organiseren

Interne kosten t.b.v. samenwerking Financiering voor maatregelen waar nodig

Capaciteit vanuit afdelingen en stakeholders MIRT-reeks Externe financiering

ProRail en V&V

ProRail en V&V

Opgavenbeeld Wagenladingvervoer p. 63

Nader onderzoek doen

In overweging

In uitvoering

Uitgevoerd

4: Kwaliteit

Kwaliteit van het product

Nadere concretisering van geïdentificeerde maatregelen - Pijler 4 #

Beschrijving maatregel

4A

Status

Randvoorwaarden

Kosten

Financiering

Stakeholders

Actiehouder

Haalbaarheidsstudie bundeling first en last-mile havengebied

‐ Commitment en medewerking IenW ‐ Medewerking stakeholders

‐ Capaciteit vanuit afdelingen t.b.v. onderzoek ‐ Externe kosten voor expertise en ondersteuning

- Capaciteit vanuit afdelingen en stakeholders t.b.v. onderzoek

‐ Gerechtigden: ‐ Havenbedrijf Rotterdam ‐ Belangenorganisaties

IenW, ProRail

4B

Onderzoek stimuleringsbeleid netwerkkwaliteit

‐ Commitment en medewerking IenW ‐ Medewerking verladers / terminals en vervoerders ‐ Moet passen binnen Europese kaders staatsteun

‐ Interne kosten t.b.v. (informeel) adviestraject aan IenW ‐ Kosten subsidie IenW per jaar aan vervoerders.

- Uitvoering obv financiering door IenW - Hoogte bijdrage en type instrument financiering te bepalen door IenW

‐ ‐ ‐ ‐

IenW, ProRail

4C

Verkenning mogelijkheden van digitalisering voor actuele capaciteit en treinposities

‐ Capaciteit betrokken bedrijfseenheden ProRail ‐ Medewerking stakeholders

‐ Interne kosten t.b.v. uitvoering project ‐ Externe kosten voor expertise en ondersteuning ‐ Kosten voor realisatie bij positieve business case

- Capaciteit vanuit afdelingen en stakeholders t.b.v. onderzoek - Budget beschikbaar voor uitvoering als use case

‐ Gerechtigden: ‐ Havenbedrijven ‐ (Potentiële) leveranciers

ProRail

4D

Inrichting monitoring prestaties wagenladingvervoer

‐ Uitbreiding ProRail dashboard spoorgoederenvervoer ‐ Capaciteit betrokken bedrijfseenheden ProRail ‐ Medewerking stakeholders

‐ Interne kosten t.b.v. uitvoering project ‐ n.t.b. kosten voor registratie en monitoring (dashboarding)

- Capaciteit vanuit afdelingen en stakeholders t.b.v. onderzoek en ontwikkeling

‐ (Potentiële) leveranciers ‐ Gerechtigden: ‐ Havenbedrijven

ProRail

4E

Haalbaarheidsstudie naar ontwikkeling en implementatie Rail CDM

‐ Commitment met internationale stakeholders

‐ onbekend

- onbekend

‐ RNE ‐ vervoerders

RNE, ProRail

4F

Onderzoek stimuleringsbeleid voor financiering nieuwe spoor-aansluitingen

‐ Commitment IenW ‐ Medewerking stakeholders ‐ Europese kaders staatsteun

‐ Interne kosten t.b.v. (informeel) adviestraject aan IenW. ‐ Realisatiekosten en subsidie via IenW

- Capaciteit vanuit afdelingen en stakeholders t.b.v. onderzoek en ontwikkeling - Hoogte bijdrage en type instrument voor financiering te bepalen door IenW

‐ ‐ ‐ ‐

IenW, ProRail

IenW Gerechtigden Havenbedrijven Belangenorganisaties

IenW Gerechtigden Havenbedrijven Belangenorganisaties

Opgavenbeeld Wagenladingvervoer p. 64

Nader onderzoek doen

In overweging

In uitvoering

Uitgevoerd

5: Samenwerking

Samenwerking in de keten

Nadere concretisering van geïdentificeerde maatregelen - Pijler 5 #

Beschrijving maatregel

5A

Status

Randvoorwaarden

Kosten

Financiering

Stakeholders

Actiehouder

Consultatie Opgavenbeeld en samenwerkingsvorm

‐ Commitment en medewerking verladers / terminals en vervoerders, havenbedrijven, branche- en belangenorganisaties

‐ Capaciteit vanuit afdelingen t.b.v. onderzoek

- Budget Programma Dienstverlening Kijfhoek

‐ IenW ‐ Gerechtigden: vervoerders, verladers / terminals ‐ Havenbedrijven ‐ Belangenorganisaties

ProRail

5B

Herinrichten wijze van samenwerking en overleggen

‐ Commitment en medewerking van IenW, verladers / terminals en vervoerders, havenbedrijven en belangenorganisaties ‐ Bezien of wagenlading voldoende aandacht en sturing verkrijgt in de bestaande governance structuren voor spoorgoederenvervoer en/of verbijzondering nodig is

‐ Capaciteit vanuit afdelingen t.b.v. onderzoek

- Capaciteit vanuit afdelingen en stakeholders t.b.v. onderzoek - Intern ProRail

‐ IenW ‐ Gerechtigden: vervoerders, verladers / terminals ‐ Havenbedrijven ‐ Belangenorganisaties

ProRail

5C

Intensiveren Europese samenwerking wagenladingvervoer

‐ Afhankelijk van opgave en kansen in internationale samenwerkingsverbanden ‐ Vastgesteld beleidskader over DAC en ATO (6A) ‐ Financiering vanuit IenW

‐ Capaciteit vanuit afdelingen t.b.v. onderzoek ‐ Capaciteit van afdelingen voor formatie internationale vertegenwoordiging

- Capaciteit vanuit afdelingen en stakeholders t.b.v. onderzoek - Intern ProRail

‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐

ProRail

5D

Verkennen intensiveren meerwaarde op samenwerking kwaliteit

IenW Vervoerders, verladers EU Rail RNE Rail Freight Corridors (RFC) Buitenlandse infra-managers

maatregel is onderdeel van maatregel 4D onder Pijler 4 - Kwaliteit

Opgavenbeeld Wagenladingvervoer p. 65

Nader onderzoek doen

In overweging

In uitvoering

Uitgevoerd

6: Innovatie en Digitalisering

Nadere concretisering van geïdentificeerde maatregelen - Pijler 6 #

Beschrijving maatregel

6A

Randvoorwaarden

Kosten

Financiering

Stakeholders

Actiehouder

Ontwikkelen van beleidskader over de invoering van DAC en ATO-ASO

‐ Duidelijkheid over beleidsprioriteit en financiering IenW ‐ Afstemming over internationale uitrol strategie met omliggende landen via EU ‐ Input t.b.v. EU-RAIL ronde 2026 en voorbereiding Q2 2024

‐ Interne kosten t.b.v. (informeel) advies-traject aan IenW

IenW adviesopdracht aan ProRail

‐ ‐ ‐ ‐

IenW Gerechtigden Havenbedrijf Belangenorganisaties

IenW, ProRail

Impact-analyse voor de uitrol van DAC

‐ Financiering IenW t.b.v. basis onderzoek voor besluitvorming en financiering ‐ Capaciteit betrokken bedrijfseenheden ProRail ‐ Medewerking Havenbedrijf, verladers / terminals, vervoerders en wagoneigenaren

‐ Interne kosten t.b.v. uitvoering project

IenW adviesopdracht aan ProRail

‐ ‐ ‐ ‐ ‐

IenW verladers / terminals vervoerders wagoneigenaren Havenbedrijven

IenW, ProRail

6C

Impact-analyse voor de uitrol van ATO-ASO

‐ Commitment, medewerking en financiering IenW ‐ Capaciteit betrokken bedrijfseenheden ProRail ‐ Medewerking Havenbedrijf, verladers / terminals en vervoerders

‐ Interne kosten t.b.v. uitvoering project

IenW adviesopdracht aan ProRail.

‐ ‐ ‐ ‐ ‐

IenW verladers / terminals vervoerders Wagoneigenaren Havenbedrijvena

IenW, ProRail

6D

Heroverweging positionering ProRail in EU-verband mbt DAC en ATO

‐ Beleidskader en prioriteitstelling IenW ‐ Vaststellen timing en rol opgave ProRail in systeemsprong ‐ Vaststellen kosten vs baten in actieve deelname Europese verbanden.

‐ Interne kosten t.b.v. vertegenwoordiging en actieve deelname EU projecten

Capaciteit vanuit afdelingen t.b.v. onderzoek en deelname

‐ IenW ‐ Sectorpartijen

IenW, ProRail

6E

Verkenning naar kosten en baten van digitalisering van aanvragen en besturen treindienst

‐ Vastgestelde Visie Digitalisering ‐ Capaciteit betrokken bedrijfseenheden ProRail

‐ Interne kosten t.b.v. uitvoering project ‐ N.t.b. kosten voor voorbereiding en implementatie digitalisering

capaciteit vanuit afdelingen t.b.v. onderzoek

‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐

ProRail

6F

Samenwerking in Rail CDM

Innovatie en digitalisering

6B

Status

IenW verladers / terminals vervoerders Wagoneigenaren Havenbedrijven Belangenorganisatie

maatregel is onderdeel van maatregel 4E onder Pijler 4 - Kwaliteit

Opgavenbeeld Wagenladingvervoer p. 66

Nader onderzoek doen

In overweging

In uitvoering

Uitgevoerd

7: Veiligheid & Leefomgeving

Veiligheid & leefomgeving

Nadere concretisering van geïdentificeerde maatregelen - Pijler 7 #

Beschrijving maatregel

7A

Tijdig identificeren van potentiële productstappen

- In gesprek treden met stakeholders - Gezamenlijk monitoren van ontwikkelingen - Borgen wagenladingvervoer en Kijfhoek in MLT proces

7B

IenW van de juiste informatie voorzien voor beleid & besluitvorming

- Voldoende capaciteit voor onderzoek & studies - Financiering om onderzoeken uit te voeren - Rapportage en besluitvorming via MLT

Ontwikkelen van een nieuwe tool t.b.v. grootste veiligheidswinst op overwegen

‐ Middelen voor onderzoek (Capaciteit & financiering) ‐ Draagvlak bij besluitvormers

7C

Status

Randvoorwaarden

7D

Onderzoek doen naar trillingen m.b.t. bronmaatregelen

-

Afhankelijk van beleidskader en opdracht IenW Middelen voor onderzoek (Capaciteit & financiering)

Kosten

Financiering

−

Interne kosten ProRail t.b.v. MLT-proces

−

−

Interne kosten ProRail t.b.v. governance Studie- & projectkosten

−

Interne kosten ProRail t.b.v. beleidsontwikkeling Externe kosten expertise onderzoek

−

− − − − −

Interne kosten ProRail t.b.v. beleidsontwikkeling Externe kosten expertise en onafhankelijke validatie / onderzoek

−

−

−

Stakeholders

Actiehouder

Capaciteit vanuit afdelingen en stakeholders

ProRail, V&V en IenW

ProRail en V&V

Capaciteit vanuit afdelingen en stakeholders MIRT-reeks

ProRail, IenW

ProRail

Capaciteit vanuit interne ProRail afdelingen EOV reeks

ProRail en IenW

ProRail

Capaciteit vanuit interne ProRail afdelingen

ProRail, IenW en vervoerders

ProRail

Opgavenbeeld Wagenladingvervoer p. 67

Nader onderzoek doen

In overweging

In uitvoering

Uitgevoerd

Borging

ProRail borgt het Opgavenbeeld Wagenladingvervoer binnen het landelijke ontwikkelproces, prioriteringskader met IenW en bestaande afdelingen van ProRail Opname opgavenbeeld in a) kaders en b) organisatiestructuur Het Opgavenbeeld Wagenladingvervoer wordt opgenomen in een aantal kaders voor specifieke besturing •

ProRail neemt het Opgavenbeeld op in het ‘Gezamenlijk Ambitienetwerk Spoorgoederen’ en de Visie Spoorgoederenvervoer van ProRail. Daarnaast biedt ProRail het Opgavenbeeld aan aan IenW in de verdere uitwerking en vaststelling van het in ontwikkeling zijnde Toekomstbeeld Spoorgoederenvervoer.

•

Daarnaast maakt ProRail de geformuleerde maatregelen in het Opgavenbeeld onderdeel van het integrale prioriteringsproces in de Integrale Ontwikkelagenda van ProRail. Hiermee bestuurt en prioriteert ProRail de toekomstige ontwikkelingen binnen het spoor en bepaalt zij in afstemming met IenW financiering.

Borging in de bestaande landelijke organisatiestructuur ProRail •

In het landelijke Ontwikkelproces van ProRail worden binnen de Directie Capaciteitsmanagement op basis van prognoses, klantvragen en eisen van de omgeving ontwikkelingsplannen gemaakt voor de middellange en lange termijn.

•

ProRail neemt het Opgavenbeeld Wagenladingvervoer en de maatregelen waarvan gekozen voor uitvoering hierin op en borgt daarmee het beheer en verdere productontwikkeling voor wagenladingvervoer (zie volgende pagina).

•

De verantwoordelijkheid voor de maatregelen m.b.t. een neutrale dienstvoorziening (pijler 1) en een level-playing field (pijler 2) worden gerealiseerd via het tijdelijke Programma Dienstverlening Kijfhoek. Opgavenbeeld Wagenladingvervoer p. 69

We borgen het opgavenbeeld binnen het landelijke proces en bestaande afdelingen, door bestaande processen, producten en analyses te differentieren voor wagenlading en Kijfhoek > 20 jaar Mobiliteitsontwikkeling (MO) Manager: Nathalie Richters

• MO maakt prognoses inclusief de differentiatie wagenladingvervoer. • Signaleert en monitort de strategische, Europese en nationale ontwikkelingen op het gebied van wagenladingvervoer (zoals DAC en ATO). • Werkt samen met infrabeheerders van omliggende landen • Ontwikkelt visies op logistieke concepten, inclusief wagenladingvervoer. • In dat kader actualiseert MO het Opgavenbeeld Wagenladingvervoer iedere 3 tot 5 jaar, of eerder als er ontwikkelingen zijn die daartoe aanleiding geven.

> 10 jaar vooruit

2 - 10 jaar vooruit

Logistieke Ontwikkeling (LO)

Infra Ontwikkeling (IO)

Manager: Marjolein v. Breukelen

Manager: Jeroen Michels

• Voert op basis van input van MO capaciteits-/ knelpuntenanalyses uit voor wagenladingvervoer. • Waar nodig ontwikkelt LO capaciteitsvergrotingsplannen voor knelpunten. • In het MLT-proces worden klantvragen verzameld (met Accountmanagement). • Na toetsing gecoördineerd door capaciteitsontwikkeling leidt dit tot productstappen, waarbij ook veiligheid en leefomgeving geborgd wordt. • LO zet toetsen voor de productstappen t.a.v. wagenladingvervoer uit bij de relevante afdelingen (o.a. uitvoerbaarheidstoets milieu, logistiek en infra).

Capaciteitsverdeling (CvB, CV) Manager: Frank v.d. Snoek (CV), Evelien Damhuis (CvB)

• Op basis van de geformuleerde productstappen door LO m.b.t. wagenladingvervoer voert Infra Ontwikkeling een verkenningsstudie uit naar verschillende varianten. • Hierbij is het van belang om de nut en noodzaak te onderbouwen (bijv. middels een BuCa of MKBA). • Bovendien bereid Infra Ontwikkeling besluitvorming voor met financiers en stakeholders (externe en interne organisatie).

• LO geeft de internationale samenwerking vorm, bijv. via deelname in EU Rail, Corridor Rhine-Alpine en RNE.

• Capaciteitsverdeling (CV) kan in verdeling van capaciteit conflicten tussen wagenlading versus andere vervoersvragen oplossen. • Bovendien kan CV een terugkoppeling geven over de benutte capaciteit door wagenladingvervoerders aan Mobiliteits- en Logistieke Ontwikkeling (monitoring van prestaties) • Tot de slotBruijn ligt de verantwoordlijkheid Christian (Progmgr. CV) Tamara CV)inzake de bij van CV Veen voor (Planner het beleid Margreet Elbers (Specialist CV) gebruiksvergoeding voor Melvin Temming (Progmgr. CvB) wagenladingvervoer en relevante Sjef Schutter (Regisseur WO, CvB) diensten, waaronder de dienstvoorziening Kijfhoek

Accountmanagement Manager: Jessica van den Bosch

• Accountmanagement voert regie op klantvragen van vervoerders, verladers of andere stakeholders in het wagenladingvervoer. Opgavenbeeld Wagenladingvervoer • Ook ligt een rol bij accountmanagement om met stakeholders (CV, VL, vervoerders, verladers) te kijken naar procesverbeteringen en maatregelen om de bestaande capaciteit p. 70 voor wagenladingvervoer beter te benutten (samenwerking). p. 70

Appendix

BIJLAGE A - Overzicht van gehanteerde bronnen Gehanteerde bronnen 1. Railjournal (2020) - DB begins trials with digital automatic couplings 2. Roland Berger (september 2023) - Externe en interne ontwikkelingen wagenladingvervoer in Nederland 3. Railistics (oktober 2023) - De toekomst van het wagenladingvervoer

4. Railistics (april 2021) - Prijselasticiteit wagenladingvervoer en Kijfhoek 5. European Commission (2023) - Impact assessment Community guidelines on support study for the review of the State aid for railway undertakings 6. European Commission (juli 2015), Study on Single Wagonload Traffic in Europe – challenges, prospects and policy options 7. European Commission - website Green deal 8. Europe’s Rail (EU-RAIL), website 9. RFC: bronnen inzake subidiekader Duitsland, Frankrijk, Oostenrijk, Zwitserland

10. ProRail (November 2023) Gevoeligheidsanalyse wagenladingvervoer – knelpunten en maatregelen: a) Op basis van door ProRail reeds opgestelde Capaciteitsanalyses b) Realisatiescijfers treinkarakteristieken (periode: 2022): gereden lengtes en gewichten 11. Interviews ProRail belanghebbenden: verladers, vervoerders, havenbedrijven, terminals, belangenorganisaties - periode april-juli 2023 12. Desk research openbare bronnen, websites, nieuwsberichten 13. Exchange visits en internationale besprekingen met buitenlandse spoorbeheerders: OBB, SBB, Infrabel, DB Netz, SNCF, LTG Infra, Trafikverket

14. Brief brancheorganisaties aan ministerie IenW en EZK inzake maatregelen spoorgoederenvervoer en wagenlading, augustus 2023 15. Manifest Noodklok voor het Nederlandse spoorgoederenvervoer inzake de kosten van kosten voor gebruikgebruik , december 2022 Opgavenbeeld Wagenladingvervoer p. 72

BIJLAGE B: Relatie bestaande knelpunten met wagenladingknelpunten Locatie

Geïdentificeerde knelpunten1

Wat loopt

Invloed van groei wagenlading

Voorstel omgang maatregel

Stamlijn Basisweg/Hornweg overbelast

Opgeleverde capaciteitsanalyse emplacement Amsterdam Westhaven & Aziehaven

Groei in wagenladingvervoer zorgt direct voor extra treinen en daarmee voor vergroting/eerder optreden van het knelpunt

Aanvraagtraject voor de milieuvergunning van emplacement Hornweg loopt en kan vragen om investeringen. Ook ketensamenwerking om losse loc bewegingen te verminderen is nodig en wordt opgestart.

Milieuruimte

Opgeleverde capaciteitsanalyse emplacement Amsterdam Westhaven & Aziehaven

Basisnetknelpunt dóór Amsterdam Centraal wordt door groei vergroot. Ook potentieel van invloed op voornamelijk stikstofruimte.

Stikstofruimte kan beperkend zijn waarbij stimulering van gebruik hybride locomotieven ontlastend kan werken. Voor Basisnet uitwerking en invloed van ‘vernieuwd robuust Basisnet’ beschouwen.

Tekort aan (740 meter) sporen op het emplacement

Pré-verkenning naar inpassing 740 meter sporen

Geen knelpunt, groei in wagenlading vergroot wel de inefficiënties op het emplacement vanwege suboptimale rangeerbewegingen

Geen actie vereist vanuit wagenlading, bij wijzigingen vanwege 740 meter kans om binnen project bereikbaarheden Botlek 1 te verbeteren.

Emplacementsporen overbelast

Aanleg van twee sporen van 740 meter op het emplacement Opgeleverde capaciteitsanalyse emplacement Moerdijk

Naast een aanvullend te kort aan sporen voor blok- en containertreinen ontstaat er ook op de korte termijn een knelpunt op de lengte van de wagenladingsporen.

Aanhaken op vervolgtraject van de capaciteitsanalyse, geen extra budget benodigd voor studie. Realisatie vraagt aanvullende financiering.

Stamlijnen overbelast

Aanpassing van de TRS’en op de stamlijnen Opgeleverde capaciteitsanalyse emplacement Moerdijk

Blijft gelijk, mits het emplacement ruimte heeft voor langere wagenlading treinen2

Na wijzigingen TRS’en vooralsnog geen actie vereist tot 2040

Havenspoorlijn overbelast

Opgeleverde capaciteitsanalyse emplacement Moerdijk

Blijft gelijk, mits het emplacement ruimte heeft voor langere wagenlading treinen2

Aanhaken op vervolgtraject van de capaciteitsanalyse, geen extra budget benodigd vanuit wagenlading

Openbare laad- en losplaats

Opgeleverde capaciteitsanalyse emplacement Moerdijk

Knelpunt blijft gelijk

Geen aanvullende actie vereist vanuit wagenlading

Opstellen van materieel

Opgeleverde capaciteitsanalyse emplacement Moerdijk

Knelpunt blijft gelijk

Geen aanvullende actie vereist vanuit wagenlading

Stikstofruimte beperkend

Opgeleverde capaciteitsanalyse emplacement Moerdijk

Blijft gelijk, mits het emplacement ruimte heeft voor langere wagenlading treinen2

Aanhaken op vervolgtraject capaciteitsanalyse, geen extra budget benodigd vanuit wagenlading

Emplacementsporen overbelast

Opgeleverde capaciteitsanalyse emplacement Sloe

Groei in wagenladingvervoer vergroot het knelpunt/trekt het moment van optreden van het knelpunt naar voren

Aanhaken op vervolgtraject capaciteitsanalyse, geen extra budget benodigd vanuit wagenlading (wel tijdstip van knelpunt monitoren)

Stamlijn Europaweg Zuid overbelast

Opgeleverde capaciteitsanalyse emplacement Sloe

Knelpunt blijft gelijk

Aanhaken op vervolgtraject capaciteitsanalyse, geen extra budget benodigd vanuit wagenlading (wel tijdstip van knelpunt monitoren)

Stikstofruimte beperkend

Opgeleverde capaciteitsanalyse emplacement Sloe

Groei in wagenladingvervoer zorgt voor extra treinen en daarmee voor vergroting van het knelpunt

Aanhaken op vervolgtraject capaciteitsanalyse, geen extra budget benodigd vanuit wagenlading (wel tijdstip van knelpunt monitoren)

Tekort aan 740 meter sporen

Afgeronde pré-verkenning naar 740 meter sporen

Geen direct raakvlak

Geen aanvullende actie vereist vanuit wagenlading

Amsterdam Westhaven

Botlek 1 (NCBG)

Moerdijk

Sloe

Kijfhoek (+ andere locaties)

Overbelasting wisselkruis nabij spoor 53

Monitoring belasting wisselkruis

Meer bewegingen, dus extra belasting van het wisselkruis

Blijven monitoren, geen aanvullende actie vereist

Wens om meer dan 2400ton te kunnen heuvelen

Vernieuwing heuvelsysteem Kijfhoek Verruiming van het tonnage op Kijfhoek

Groei in het wagenladingvervoer vergroot de wens en potentiële baten van verruiming (raakt ook andere locaties)

Verruiming van het maximum tonnage op de heuvel doorzetten. Vereist vooralsnog geen aanvullend actie.

1Geen uitputtend overzicht. Alleen knelpunten met potentieel raakvlak met (nieuwe) wagenladingknelpunten zijn benoemd 2Zonder het verlengen van de wagenladingsporen gaan er meer treinen rijden en wordt het knelpunt wél vergroot/vervroegd

Opgavenbeeld Wagenladingvervoer p. 73

BIJLAGE B: Maatregelen n.a.v. door wagenlading geïntroduceerde/verergerde knelpunten

Locaties van knelpunten

Impact op knelpunt

Voorbeeld Maatregel(en)

Kostenindicatie

Realisatietermijn

#

Locatie

Knelpunt

1

Amsterdam Westhaven

Stamlijn Basisweg/Hornweg overbelast

1. Ketensamenwerking/rijden op rijweg 2. Milieuvergunning voor empl. Hornweg

1. 2.

1. 2.

1 - 5 jaar 1 - 5 jaar

2

Amsterdam Westhaven

1. Stikstof 2. Geluid

1. Gebruik van hybride locomotieven1 2. Geluidsmaatregelen (bron, geluidsschermen)

1. 2.

1. 2.

1. N.t.b. 2. 1 - 5 jaar

3

Botlek 1 (NCBG)

Bereikbaarheden stamlijnen

Herinrichting emplacement Botlek 1

5 - 15 jaar

4

Moerdijk

Spoorlengte te kort

Herinrichting emplacement Moerdijk

5 - 15 jaar

5

Moerdijk

Stamlijnen overbelast

TRS indeling wijzigen

1 - 5 jaar

Inwachtspoor aanleggen aan zijde Zlw Incl. CBG maken (assentellers)

1. 5 - 10 jaar 2. 5 - 10 jaar

(niet uitputtend)

6

Moerdijk

Havenspoorlijn overbelast

7

Moerdijk

Stikstofruimte beperkend

Gebruik van hybride locomotieven

8

Sloe

Emplacement overbelast

1. Treingerelateerd verdelen i.p.v. 24/7 2. Sensoring bundel 3 3. Ketensamenwerking 4. Opstellen verplaatsen/nieuw emplacement

9

Sloe

Stikstofruimte beperkend2

Gebruik van hybride locomotieven

10

Kijfhoek

Overbelasting wisselkruis nabij spoor 53

1. Uithalen via spoor 16 (&14/15) 2. Tweede uithaalspoor aanleggen 3. Elektrische koppen op overige bundels

11

Kijfhoek + andere locaties

Maximaal treingewicht i.r.t. heuvelsysteem Kijfhoek3

Verruiming van het maximum tonnage van 2400t naar 3200t op de heuvel. Groei kan vaker in treinlengte opgevangen worden.

N.t.b. 1. 2. 3. 4.

1. 2. 3. 4.

1. 1 - 3 jaar 2. 1 - 3 jaar 3. 1 - 5 jaar 4. 5 - 10 jaar N.t.b.

1. 2. 3.

1. 2. 3.

1. 1 - 3 jaar 2. 5 - 10 jaar 3. 5 - 10 jaar 1 – 5 jaar

1) Vergroot slagingskans milieuvergunning emplacement Hornweg 2) Elektrificatie van bundel 2 draagt bij aan verkleining van het knelpunt 3) Verlicht knelpunten in capaciteit en milieu op diverse locaties als gevolg van het rijden van minder treinen (meer lading per trein)

Opgavenbeeld Wagenladingvervoer p. 74

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15282466/1