CConstaterende datVeendam
Koppel je AI →
Document · PDF

08-02 Ontwerp Regionaal beleidsplan incl. visie CB en RRP GR VRG

Gemeenteraad 22 mei 2024, gemeente VeendamBij agendapunt: Ontwerp Regionaal Beleidsplan 2024-2028 incl. Visie Crisisbeheersing en Ontwerp Regionaal Risicoprofiel 2024-2028 GR Veiligheidsregio Groningen (VRG)21.740 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Echter, het blussen van (vloeistof)branden met fluorvrije schuimen is lastiger geworden waardoor branden moeilijker uit te krijgen zijn. Extra inspanning voor opleiden en trainen is hiervoor noodzakelijk.

1.2.3 Stralingsongevallen

62

Bij stralingsongevallen komt radioactief materiaal in de atmosfeer, in het water en in de bodem. Bij akkerbouw kan radioactief materiaal ook terechtkomen op producten die bestemd zijn voor ons voedsel. Regio Groningen kent zelf geen zogenoemd A-object, maar kon tot voor kort nog wel effecten ondervinden van een incident met de in Duitsland gelegen kernenergiecentrale Emsland (Lingen). De kerncentrale Emsland is niet meer in bedrijf en daarmee vervalt dit risico. Regio Groningen kent daarnaast een vijftal B-objecten. Dit zijn objecten die radioactieve bronnen bezitten, maar een laag risico kennen doordat de kans op een ongeval erg klein is én omdat de hoeveelheden radioactieve materialen beperkt zijn. Kruisverband Stralingsongevallen hebben een direct effect voor ook Bedreigingen voor gezondheid en milieu (zie paragraaf 1.1.3) en mogelijk ook voor Grootschalige openbare ordeproblematiek (zie paragraaf 1.1.5). Toekomst Er zijn momenteel geen concrete plannen voor een nieuwe kernenergiecentrale in Nederland. Landelijk wordt wel gesproken over de bouw van twee nieuwe kerncentrales in Borssele.

63

1.2.4 Grote branden Een brand is een fenomeen met een snelle dynamiek. Een brand leidt zeer snel tot grote schade en mogelijk ook veel en ernstige slachtoffers. De regio Groningen kent vele gezondheidszorggebouwen waar in totaal vele duizenden verminderd zelfredzamen verblijven. Het aantal slachtoffers en de omvang van de brand hangt af van factoren als brandveiligheid van het gebouw, mate van zelfredzaamheid van de aanwezigen en de interne, direct beschikbare, hulpverlening. De stad Groningen en vrijwel alle dorpskernen in de regio worden gekenmerkt door monumenten en karakteristieke oude gebouwen. Deze oude gebouwen kennen een ander brandveiligheidsniveau dan nieuwbouw en zijn bij brand zeer kwetsbaar. Ontwikkelingen en gebeurtenissen vragen om continue en vooruitkijkende aandacht. Zo wordt in 2024 de Wet private kwaliteitsborging van kracht, waarbij de private markt de kwaliteit van gebouwen gaat toetsen in plaats van de overheid. Vooralsnog betreft dit gebouwen met weinig risico, zoals woongebouwen, maar het vraagt wel een kritische blik van de brandweer. Branden zoals de Grenfell Tower in Londen (2017) kunnen naar alle waarschijnlijkheid ook in onze regio voorkomen. En de met regelmaat voorkomende stalbranden, die de bijzondere aandacht kennen van de Onderzoeksraad voor Veiligheid, vragen extra inspanning van Risicobeheersing én van Brandweerzorg.

Recente branden in Den Haag en Arnhem (gebouwrenovatie “NOM – nul op de meter” van jaren 60 woningen) laten zien dat er onvoldoende brandweerkennis is aangetrokken op het gebied van brandveiligheid tijdens de vergunningverlening en het toezicht. Het ontbreken van die specifieke expertise leidt tot een verhoogd brandveiligheidsrisico, indien de beoordeling van brandveiligheid geheel aan de markt wordt overgelaten. Daarnaast wordt er landelijk steeds meer geleerd van grote branden, wat vervolgens vraagt om extra inspanningen van de veiligheidsregio. Denk daarbij aan het aanpassen van werkprocedures, aanpassen van gereedschappen of anders adviseren aan bevoegde gezagen. Ook de energietransitie vraagt om vergroting van kennis op het gebied van bijvoorbeeld buurtbaterijen, thuisbatterijen, zonneparken, windenergie, waterstoftoepassingen etc. Het karakter van branden verandert en daarmee ook de bestrijdbaarheid. Hierop zullen we ons moeten gaan equiperen. Toekomst Ten aanzien van brandveiligheidsrisico’s vindt momenteel een verschuiving plaats van bewoners in zorginstellingen, naar zelfstandig wonende (verminderd zelfredzame) ouderen. Door het meer risicogericht werken en de ontwikkeling van Brandveilig Leven wordt daar de komende jaren gericht aandacht aan besteed.

1.2.5 Instortingen

64

Bij dit crisistype ligt de nadruk op het aanwezig zijn van personen tijdens het instorten van een gebouw. De oorzaak van instorting kan divers zijn, variërend van aardschokken tot aan verwarde personen en terroristische aanslagen. In de regio Groningen is dit voornamelijk van toepassing op grotere gebouwen. Ook hebben we vaak te maken met kleine(re) gasincidenten die kunnen leiden tot instortingen (bijvoorbeeld de gasexplosies in Veendam in 2017 en Groningen in 2020). Ondanks het feit dat een aardbeving kan leiden tot het instorten van gebouwen of kunstwerken, wordt dit hier niet verder uitgewerkt. Alles wat met gaswinning en aardbevingen te maken heeft, wordt bij het crisistype gaswinning en aardbevingen meegenomen. Toekomst Instorting van een gebouw of kunstwerk leidt in vrijwel alle gevallen tot groot persoonlijk leed. Daarnaast zal er ook schade zijn aan het getroffen bouwwerk dat, afhankelijk van de functie, effect heeft op maatschappelijk of cultureel vlak. 1.3 Natuurrampen Bij Natuurrampen wordt onderscheid gemaakt in vijf typen: -

Overstroming Droogte en hitte Natuurbrand Extreem weer Aardbevingen

1.3.1 Overstroming Vanuit het uitvoeringsprogramma WAVE 2020 werkt de veiligheidsregio aan een regionale strategie hoe te handelen bij een (dreigende) overstroming. Dat een overstroming een reëel scenario is voor de regio is geen discussie. Uitvoering van het programma WAVE 2020 zal meer duidelijkheid verschaffen over de bedreigingen.

1.3.2 Droogte en hitte Droogte en hitte lijkt steeds vaker en intenser voor te komen. Droogte kan een negatief effect hebben op de landbouw, een belangrijke inkomstenbron van de regio Groningen. De regio Groningen levert onder andere pootaardappels waarmee 23% van de totale wereldproductie van aardappelen gerealiseerd wordt. Droogte kan daarnaast negatieve effecten hebben op de infrastructuur, waaronder het uitdrogen van waterkerende dijken. Langdurige periodes van hitte leidt tot een groter sterftecijfer onder ouderen.

1.3.3 Natuurbrand Droogte en warmte in combinatie met wind geeft daarnaast een grotere kans op (onbeheersbare) natuurbranden. De natuurgebieden in Groningen zijn in vergelijking met Drenthe en de Veluwe relatief klein. In 2023 was sprake van langdurige warmte en droogte 65

waarmee het natuurbrandrisico verder is toegenomen. Er vonden meerdere grote natuurbranden in Zuid-Oost Groningen plaats. Ondanks de verhoging van het natuurbrandrisico als effect van de klimaatveranderingen bleef de overlast beperkt. Sinds 2018 volgt Veiligheidsregio Groningen de landelijke systematiek van fase 1 en 2 bij droogte. In samenwerking met Veiligheidsregio Drenthe wordt het risico op natuurbrand vrijwel dagelijks bepaald aan de hand van metingen en meteorologische verwachtingen. 1.3.4 Extreem weer Onder extreem weer worden zeer zware stormen, ijzel en sneeuwstormen verstaan. Menigeen in de regio Groningen heeft wel een of twee van dergelijke gebeurtenissen in zijn of haar geheugen staan. Extreem weer

Datum

Zeer zware storm

Oktober 2013

Extreme neerslag

Januari 2012

IJzel

Januari 2016

Sneeuwstorm

Februari 1979

Tabel 4: Extreem weer in de regio Groningen Vooral ijzel en sneeuw kunnen voor een meerdaagse verstoring van het openbare leven zorgen. Wegen zijn onberijdbaar, openbaar vervoer ligt stil en de kans dat er uitval van energievoorzieningen plaatsvindt is niet gering. Zeer zware stormen leiden tot veel schade en soms tot enkele slachtoffers. Toekomst Over klimaatverandering wordt vrijwel dagelijks gediscussieerd. Een belangrijk deel van de wetenschap geeft aan dat het klimaat op aarde aan het veranderen is waarbij sprake is van temperatuurstijging en het frequenter voorkomen van extreem weer. De globale temperatuurstijging leidt tot een hogere zeespiegel wat een effect heeft op de kans en de effecten van overstromingen vanuit zee. Het frequenter voorkomen van extreem weer vraagt vaker om veerkracht bij de inwoners. Het is van belang om de wetenschap rondom dit thema goed te blijven volgen.

1.3.5 Aardbevingen 66

Groningen heeft te maken met zogenoemde geïnduceerde aardbevingen, aardbevingen die veroorzaakt zijn en worden door de winning van aardgas. Deze aardbevingen hebben naast veel schade ook veel onrust en wantrouwen in de overheid onder de inwoners veroorzaakt. De aardbevingen spelen al meerdere decennia en zijn sinds de zware beving in Huizinge (augustus 2012, Kracht 3,6) niet meer van de politieke agenda verdwenen. In 2019, na meerdere bevingen met een kracht hoger dan 3, heeft het kabinet besloten om de gaswinning in Groningen sterk te beperken en uiteindelijk per 1 oktober 2023 volledig te beëindigen. Beperken van de gaswinning, of zelfs het stoppen van de gaswinning wil niet zeggen dat de aardbevingen daarmee stoppen. De verwachting is dat het aantal en de kracht zal afnemen, maar nog niemand kan dat met zekerheid zeggen en nog niemand kan zeggen hoeveel jaar de bevingen nog aanhouden. Deskundigen blijven vasthouden aan de mogelijkheid van een beving met een kracht van meer dan 4. Deze voortdurende onzekerheid heeft een groot beslag op het psychologisch welbevinden van de Groningse bevolking en vraagt permanente aandacht van de hulpdiensten voor het geval zij moeten optreden bij een zware beving.

De Rijksbrede Risicoanalyse 202211 vindt aansluiting bij het worst case scenario Aardbevingen van Veiligheidsregio Groningen: een gasgeïnduceerde aardbeving met een kracht van 4,8 met meerdere slachtoffers en enkele miljarden euro aan schade tot effect. Kruisverband Aardbevingen en de effecten van gaswinning hebben een kruisverband met effecten voor de gezondheid en milieu (zie paragraaf 1.1.3). Naast mogelijke slachtoffers van een zwaardere aardbeving hebben de effecten van gaswinning al tot zieken geleid. Daarnaast zou bij een zwaardere aardbeving ook sprake kunnen zijn van verstoring van de energievoorziening (stroomuitval) en vitale infrastructuur (instorten van bijvoorbeeld bruggen) (zie paragraaf 1.1.4). Een mogelijk effect kan ook grootschalige openbare ordeproblematiek zijn (zie paragraaf 1.1.5). Toekomst De gaswinning in Groningen is in 2023 volledig afgebouwd. Het effect hiervan op het aantal en de kracht van de bevingen is echter onbekend. Deze onzekerheid en de blijvende mogelijkheid op een beving met een kracht van meer dan 4, blijft continue aandacht vragen. Daarnaast is het niet zeker of aardbevingen door zoutwinning plaats kunnen vinden. Experts sluiten bevingen vanwege de winning van zout niet uit. De maatschappelijke onrust ten aanzien van plannen voor het aanboren van nieuwe cavernes is merkbaar. Ook dit vraagt onze aandacht.

1.4 Bedreigingen gezondheid en milieu Binnen Bedreiging gezondheid en milieu wordt onderscheid gemaakt in vier typen:

11

ANV (2022), Themarapportage klimaat- en natuurrampen, Analistennetwerk Nationale Veiligheid.

67

-

Infectieziekten humaan Dierziekten en zoönosen Bedreiging milieu Voedselcrisis

1.4.1 Infectieziekten humaan De COVID-19 pandemie heeft laten zien dat de impact van een pandemische uitbraak van een humane infectieziekte groot en veelzijdig is. Er wordt dan een zwaar beroep gedaan op de gezondheidszorg, maar ook op de inzetbaarheid in tal van andere bedrijfstakken De ongrijpbaarheid van een pandemie veroorzaakt ook sociaal-maatschappelijke onrust. De algemene verwachting is dat een pandemie zich een keer in de 25 jaar voor kan doen. Naast de pandemieën zijn er ook epidemieën of andere uitbraken van infectieziekten die tot sociaal maatschappelijke onrust en/of druk op de hulpverlening kunnen leiden, voorbeelden zijn Ebola en of een grote voedseluitbraak, maar ook andere zogenaamde A-ziekten zoals MERS, pokken, polio en SARS. Bij een pandemie of bij een epidemie zijn veel personen geveld door ziekte, ook hulpverleners vallen daaronder en daardoor kunnen cruciale tekorten ontstaan in de hulpverleningsketen. De klimaatverandering heeft effect op het vóórkomen van humane infectieziekten. Onderzoeken hebben aangetoond dat overstromingen en hevige neerslag kunnen leiden tot meer besmettingen, die samenhangen met het vrijkomen van rioolwater. Ook warmere zomers leiden tot meer gevallen van infectieziekten. Om de effecten van klimaatverandering goed in beeld te krijgen en te houden, wordt nationaal gewerkt aan een goede surveillance.

Zo kijkt het KNMI naar klimaatverschijnselen en houdt het RIVM infectieziekten in de gaten.

1.4.2 Dierziekten en zoönosen12 De agrarische sector is van groot belang voor onze regio. Een belangrijk deel betreft landbouw, maar in Groningen is ook sprake van veeteelt. Het grootste deel is melkveehouder en slechts een klein deel betreft varkens en pluimvee. Een negatief beïnvloedende factor bij dierziekten en zoönosen is de dichtheid van bevolking, bedrijven en dieren. Deze is in Groningen, in vergelijk met de rest van het land, relatief laag. Een belangrijk onderscheid tussen dierziekten en zoönose is de overdraagbaarheid. Als de ziektegolf beperkt blijft tot de dieren, zijn de effecten, naast het dierenleed, vooral van economische aard en kan er sprake zijn van sociale en maatschappelijke onrust. Bij zoönosen, is er sprake van effecten op de volksgezondheid vergelijkbaar met humane infectieziekten. De verantwoordelijkheid van de veiligheidsregio tijdens een dierziekte is beperkt. De veiligheidsregio krijgt pas een duidelijke rol als er sprake is van een zoönose.

1.4.3 Bedreiging milieu 12

Dierziekte die overdraagbaar is op mensen, bijvoorbeeld Q-koorts

68

De Rijksbrede Risicoanalyse 2022 verstaat onder milieurampen een ernstige verontreiniging door olie en/of chemicaliën, anders dan bij een zwaar ongeval. Het van boord vallen van honderden zeecontainers van het containerschip MSC Zoë op 2 januari 2019 heeft echter laten zien dat ook andere materialen tot een milieuschade kunnen leiden. Meerdere Waddeneilanden en de noord-Groningse kust werd en is nog steeds vervuild met kleine deeltjes plastic die schadelijk zijn voor de fauna van de Waddenzee, een Unesco Werelderfgoed. De aanwezigheid van twee belangrijke verkeersscheidingsstelsels voor de internationale scheepvaart sluit herhaling hiervan niet uit.

1.4.4 Voedselcrisis Als er sprake is van een voedselcrisis zal dat in vrijwel alle gevallen een nationale impact hebben, met vooral maatschappelijke onrust tot effect. Toekomst Klimaatverandering, afname biodiversiteit, afname insectenpopulatie zijn aspecten die een negatieve invloed kunnen hebben op de productie van ons voedsel en het voorkomen en verspreiden van infectie- en dierziekten. De toename van antibacteriële resistentie door het gebruik van antibiotica kan op termijn leiden tot meer en grotere ziektegolven. De laatste jaren is er een afname zichtbaar van de vaccinatiegraad in Nederland. Als deze trend zich doorzet, kan dat effecten hebben voor de volksgezondheid.

1.5 Verstoring vitale infrastructuur Vitale processen zijn processen die bij uitval kunnen leiden tot slachtoffers, tot grote economische schade of tot maatschappelijke ontwrichting. Bij verstoring van vitale infrastructuur wordt onderscheid gemaakt tussen het eigenstandig uitvallen of verstoord raken van een vitaal proces of als effect van een andere gebeurtenis, zoals het uitvallen van de elektriciteitsvoorziening door hoog water of het verstoord raken van de drinkwatervoorziening door een bacteriële besmetting, een zogenoemd keteneffect. Voor de regio Groningen spelen de onderstaande voorzieningen een belangrijke rol: -

Energievoorziening Drinkwatervoorziening ICT en telecommunicatie

Verstoring van vitale infrastructuur kan regionaal plaatsvinden, zoals de uitval van een transformatorstation, maar in andere gevallen kan er sprake zijn van een landelijke of zelfs internationale verstoring.

1.5.1

Energievoorziening

69

Zonder energie (elektriciteit, gas, brandstof) staat het dagelijks leven nagenoeg stil. Hoe groot de impact op de samenleving is hangt af van de omvang van het getroffen gebied en de tijdsduur van de verstoring. Daarnaast kent een verstoring van energieverstoring in de winter andere problematiek dan een verstoring in de zomer.

1.5.2 Drinkwatervoorziening Mensen en dieren zijn sterk afhankelijk van drinkwater. Het ontbreken van drinkwater zal een sociaal-maatschappelijke impact hebben, enerzijds door het ontbreken van drinkwater en anderzijds door het gebrek aan basaal sanitair. Daarnaast kan het ontbreken van drinkwater effect hebben op andere vitale processen.

1.5.3 ICT en telecommunicatie Een wereld zonder data en internet en een wereld zonder GPS-plaatsbepaling is haast niet meer denkbaar. Uitval van een of meerdere van deze systemen hebben daardoor een mogelijk ernstig effect op de samenleving. De effecten zijn niet altijd even helder. Het is niet bekend in hoeverre (chemische) industrieën, ziekenhuizen en andere bedrijven afhankelijk zijn van deze diensten en in hoeverre de uitval kan leiden tot vervolgschade zoals emissies van gevaarlijke stoffen of het niet meer kunnen leveren van zorg. Kruisverband Cybergerelateerde verstoringen van ICT en telecommunicatie hebben, als het lang duurt, een verband met Bedreigingen gezondheid en milieu (zie paragraaf 1.1.3) en Grootschalige openbare ordeproblematiek (zie paragraaf 1.1.5). Toekomst De afhankelijkheid van systemen van elektriciteit en data wordt steeds groter, een verstoring in de ene leidt steeds vaker automatisch tot een verstoring in de andere. Klimaatveranderingen kunnen een negatieve invloed hebben op de kwantiteit en kwaliteit van het drinkwater. Hitte en droogte leidt tot minder water en tot een verhoogde kans op verzilting van grond- en oppervlaktewater. Door een toenemende verstedelijking wordt de kwetsbaarheid van gebieden met veel inwoners groter. Een verstoring raakt dan veel meer personen.

1.6 Grootschalige openbare ordeproblematiek De Rijksbrede Risicoanalyse 2022 spreekt over ondermijning, extremisme en terrorisme en heeft voornamelijk betrekking op nationale effecten. Voor de regionale benadering wordt gekeken naar openbare ordeproblematiek waarbij de inzet van de regionale hulpdiensten de kern vormt: paniek in menigte en verstoring openbare orde. Als laatste wordt in het kort de effecten van terrorisme voor de regio benoemd. 1.6.1

(paniek tijdens) Grote publieksbijeenkomsten 70

Publieksbijeenkomsten hebben als doel om vermaak te bieden aan de inwoners en een bijdrage te leveren aan de leefbaarheid van een gemeente. In veel gevallen is er een economisch belang voor organisator en gemeente. In de meeste gevallen gaat het goed, maar dat het fout kan gaan heeft het recente verleden regelmatig laten zien, bijvoorbeeld tijdens het monstertruckevenement in Haaksbergen (2014) en het vreugdevuur in Scheveningen (2019). Naast het feit dat dit kan leiden tot letsel en schade heeft de overheid ook een belangrijke rol in het kader van het vergunningverleningsproces. Dit kan een belangrijk instrument zijn voor het beperken van risico’s.

1.6.2 Verstoring openbare orde De regio Groningen heeft meerdere ervaringen met de verstoring van de openbare orde. Project X (september 2012) en Oosterparkrellen (december 1997) zijn daarin spraakmakende voorbeelden. Een situatie die steeds vaker voorkomt is incidenten met ‘verwarde personen’. Op meerdere plaatsen in de regio zijn flinke voorvallen geweest met verwarde personen, waarbij de persoon zijn woning vol liet lopen met gas en vervolgens voor een ontsteking zorgde. De effecten kunnen variëren van uitsluitend materiële schade tot en met dodelijke slachtoffers.

1.6.3 Ondermijning, terrorisme13 en extremisme In de huidige tijd zijn radicalisering, extremisme en terrorisme reële dreigingen. Door de NCTV wordt en een Dreigingsbeeld Terrorisme Nederland (DTN) opgemaakt. Sinds 2019 wordt het actuele dreigingsbeeld ingeschat op aanzienlijk. De terroristische dreiging op Nederland is het afgelopen half jaar toegenomen. Er zijn steeds meer signalen dat jihadistische organisaties voorbereidingen treffen om in Europa terroristische aanslagen te plegen. Deze groeperingen noemen daarbij expliciet Nederland als doelwit. Ook een terroristische aanslag vanuit rechts-extremistische hoek blijft voorstelbaar. Ten slotte zouden eenlingen14 of kleine groepen, die zich vanuit complotdenken tegen de overheid hebben gekeerd, kunnen overgaan tot een geweldsdaad. De AIVD schat in dat de brede verspreiding van het narratief mogelijk op de kortere termijn ook een geweldsdreiging vormt. Hoewel aanjagers van het anti-institutioneel-extremisme over het algemeen niet expliciet oproepen tot geweld, voorziet het narratief wel in een frame dat er een vijand is - de 'kwaadaardige elite' - waarmee men feitelijk in staat van oorlog verkeert. Individuele aanhangers kunnen dat zien als rechtvaardiging voor geweld en intimidatie gericht op vertegenwoordigers van instituties, zoals politici, rechters, journalisten en wetenschappers.

Ook in Noord-Nederland zie we dergelijke anti institutionele groepen bijvoorbeeld de soevereinen.

De term “Grof en Extreem geweld” wordt eveneens gebruikt omdat niet altijd direct duidelijk is of sprake is van terrorisme. 14 De NCTV (Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid) geeft aan dat een eenling al binnen 48 uur geradicaliseerd kan zijn. 13

71

Terrorisme en extremisme zijn voornamelijk onderwerpen met een rol voor het Rijk (NCTV). De oorsprong is echter vaak lokaal of regionaal. Als regio is het mogelijk om hierin een actieve bijdrage te leveren. Gemeenten kunnen bij de ontwikkeling van beleid op het voorkomen of tegengaan van polarisering en/of radicalisering daar expliciet aandacht aan besteden. Meer regionaal kan gedacht worden aan demonstraties rondom de stikstofproblematiek en bedreigingen van bestuurders. De veiligheidsregio bereidt zich in 3-Noord verband voor op hulpverlening bij extreem geweld en na een terroristische aanslag. Zo zijn onder meer taakkaarten Extreem Geweld en Terrorisme ontwikkeld. Toekomst Polarisering (religieus, etnisch, sociaal en politiek) en individualisering (het vooropstellen van het eigen belang) zijn bewegingen die de tolerantie sterk laat afnemen. Dat kan onder andere bij bijeenkomsten waar meerdere personen met uiteenlopende overtuigingen bij betrokken zijn eerder leiden tot onrust.

1.7 Hoe kwalificeren we dat? De gebeurtenissen die in 5.1 beschreven zijn kunnen op meerdere manieren effect hebben op de veiligheid en het veiligheidsgevoel in de regio. In deze paragraaf wordt aangegeven welke belangen een rol spelen en hoe erg deze kunnen zijn binnen de regio Groningen. Ook hier vindt aansluiting plaats met de Rijksbrede Risicoanalyse 2022.

1.7.1 Aantasting integriteit grondgebied Dit impactcriterium betreft de mate van het in onbruik raken van de bodem van Groningen. Overstromingen, lekkages van gevaarlijke stoffen en aardbevingen kunnen hiervan onder andere de oorzaak zijn. De mate van ernst hangt af van de omvang van het gebied, hoelang het grondgebied niet meer bruikbaar is en hoeveel inwoners erdoor getroffen worden.

1.7.2 Aantasting integriteit digitale ruimte Steeds meer van het dagelijks leven maakt gebruik van de digitale ruimte. Denk aan betalingen, inloggen bij overheid of banken, internet en besturing van bruggen. Uitval van één of meerdere van deze diensten zal effect hebben. De omvang van het effect hangt vervolgens af van hoelang de verstoring duurt, hoeveel personen erdoor getroffen zijn en om hoeveel diensten het gaat.

1.7.3 Aantasting cultureel erfgoed Dit criterium komt niet voor in de Rijksbrede Risicoanalyse 2022, maar wordt voor de regio Groningen van belang geacht. Groningen heeft een groot aantal objecten die vallen onder het cultureel erfgoed en het beschadigd raken daarvan, of zelfs het verliezen daarvan wordt als een belangrijk impact gezien van mogelijke bedreigingen.

72

1.7.4 Doden Personen die direct als gevolg van een bedreiging overlijden zijn zeer zichtbaar. Het is lastig om personen die na langere tijd door een bedreiging komen te overlijden zichtbaar te krijgen en mee te tellen bij dit impactcriterium.

1.7.5 Gewonden en chronisch zieken Personen die als effect van een bedreiging moeten worden opgenomen in een ziekenhuis worden gezien als gewonden. Personen die langer dan een jaar functiebeperkingen ondervinden en of medische of psychische zorg nodig hebben, worden gerekend onder de chronisch zieken.

1.7.6 Gebrek aan primaire levensbehoeften Om te kunnen leven heeft de mens enkele primaire levensbehoeften. Dat zijn in de eerste plaats voldoende schoon drinkwater, voldoende veilige en gezonde voeding en de beschikbaarheid van sanitair en mogelijkheden voor persoonlijke hygiëne. Daarnaast is de beschikbaarheid van een veilige woon- en leefomgeving van belang als de continue beschikbaarheid van essentiële acute gezondheidszorg. De omvang van dit criterium wordt bepaald door het aantal personen die geraakt worden door dit gebrek en de periode daarvan.

1.7.7 Kosten Een ramp kost altijd geld. Bij dit criterium gaat het over de kosten die nodig zijn voor herstel van de materiële, gezondheids- en financiële schade en over de kosten die nodig zijn voor de bestrijding en de hulpverlening.

1.7.8 Vitaliteit economie Mocht een gebeurtenis leiden tot verlies aan arbeid voor langer dan twee jaar, hoort dat bij de impact. Ook de uitval van (een deel van) een bedrijfstak als effect van een gebeurtenis, wordt onder dit criterium begrepen.

1.7.9 Langdurige aantasting van milieu en natuur Een overstroming vanuit zee, een nucleaire ramp, een chemisch ongeval, allen kunnen zij effect hebben op het milieu en de natuur. Naast de tijdsduur van aantasting wordt bij dit criterium onderscheid gemaakt tussen bijzondere gebieden, zoals broedgebieden, Natura 2000 gebieden en de Waddenzee en andere natuurgebieden.

1.7.10 Verstoring van het dagelijkse leven Onder verstoring van het dagelijks leven worden de volgende indicatoren verstaan: -

Niet kunnen doen van noodzakelijke boodschappen 73

- Uitval vitale voorzieningen (drinkwater, energie et cetera). - Geen gebruik kunnen maken van maatschappelijke voorzieningen - Geen beroep kunnen doen op het sociaal netwerk - Niet naar het werk kunnen gaan - Geen onderwijs kunnen volgen - Verminderde bereikbaarheid van nieuwsgaring Het aantal getroffenen en de tijdsduur van uitval bepalen uiteindelijk de ernst.

1.7.11 Aantasting van de democratie Aantasting van de democratie is in vijf indicatoren te onderscheiden: 1. Aantasting politieke vertegenwoordiging 2. Aantasting Openbaar Bestuur 3. Aantasting functioneren Openbare Orde 4. Aantasting onafhankelijke rechtstaat 5. Aantasting van vrijheden De ernst van dit impactcriterium hangt af van het aantal aangetaste indicatoren en de tijdsduur daarvan.

1.7.12 Sociaal-maatschappelijke impact Dit thema kan uiteenlopen van maatschappelijke verontwaardiging die tot uiting komt op sociale media tot aan grootschalige vijandschap waarbij sprake is van (ernstige) geweldsincidenten. De uiteindelijke impact hangt samen met de verschillende emoties bij de bevolking en het daadwerkelijk getoonde gedrag. Het gedrag kan zich direct openbaren, maar kan ook geruime tijd onder de radar blijven om na een bepaalde periode zichtbaar te worden.

74

Bijlage 3: Regionaal Risicoprofiel Groningen

75

* Het risico op overstromingen, droogte en hitte, natuurbranden en extreem weer wordt direct vergroot door klimaatverandering. Klimaatverandering wordt niet als apart risico genoemd, maar het heeft invloed op andere risico’s, zoals ook infectieziekten humaan en voedselcrisis. ** Onder gaswinning en aardbevingen verstaan we niet alleen de seismiciteit en de fysieke schade daarvan. De effecten van gaswinning hebben een kruisverband met effecten voor de gezondheid, sociale veiligheid en maatschappelijke onrust. Daarnaast zou bij een zwaardere aardbeving ook sprake kunnen zijn van verstoring van de energievoorziening (stroomuitval) en vitale infrastructuur (instorten van bijvoorbeeld bruggen). Een mogelijk effect kan ook grootschalige openbare ordeproblematiek zijn. *** Onder verstoringen van energievoorziening en verstoring van ICT en telecommunicatie verstaan we tevens cyber gerelateerde verstoringen en digitale ontwrichting. Deze bedreigingen hebben een kruisverband met bedreigingen van gezondheid en milieu en grootschalige openbare ordeproblematiek.

76

Bijlage 4: Matrix art. 14 Wvr Wettelijke bepaling

Visie op Brandweerzorg 2030

Regionaal Dekkingsplan Brandweerzorg Groningen 2023 - 2026

Visie op Crisisbeheersing 2030

Regionaal Beleidsplan 2024-2028

Regionaal Crisisplan

Uitvoeringsregeling regionaal crisisplan (en onderliggende deelplannen)

Wordt afgerond in 2024 Beoogde operationele prestaties bij rampenbestrijding en crisisbeheersing

x

x

x

Beleidsplan Strategische Meerjarig Oefenbeleidsplan informatievoorziening Agenda oefenbeleidsplan Vakbekwaamheid (IM/ICT) en deelplan Veiligheidsberaad MOTO informatiemanagement (onderdeel van het organisatieplan crisisbeheersing) Worden integraal en multidisciplinair opgesteld in 2025/2026

Wordt afgerond in 2024

x

x

x

Art. 14, lid 2a, Wvr Uitwerking van landelijke doelstellingen

x

Art. 14, lid 2b, Wvr Een informatieparagraaf met beschrijving informatievoorziening tussen diensten en organisaties

x

Art. 14, lid 2c, Wvr Een oefenbeleidsplan Art. 14, lid 2d, Wvr Beschrijving van de niet-wettelijke adviesfunctie Art. 14, lid 2e, Wvr De voor de brandweer geldende opkomsttijden en beschrijving van de aanwezigheid van brandweerposten en beschrijving van voorzieningen en maatregelen

Wordt opgesteld in 2024

x x

Art. 14, lid 2f, Wvr

77

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14143053/1