06-02 Jaarverslag en jaarrekening PGZ - 2022 getekend
Tekst van het document
Inspecteren en adviseren van locaties ter bevordering van de kwaliteit, veiligheid en Toezicht & advisering hygiëne Overhead Totaal Overige bijdragen Totale opbrengsten 2022 per gemeente
156.780 406.945 406.945
632.041 1.943.705
361.824 31.716 2.608.495 9.269.495
182.473 17.788 1.064.123 2.431.395
111.052 551.433 2.290.433
120.836 14.726 676.179 1.769.091
Pekela
Stadskanaal
Veendam
28.348 271.320
73.644 704.912
63.648 609.204
147.192 1.408.864
59.808 572.476
1.361.684 13.033.616
49.180 348.848
127.772 906.328
110.428 783.280
255.372 1.811.428
103.768 736.052
100.190 4.902
295.061 73.028
184.305 48.031
21.461 675.136 140.343
165.348
1.472 6.862
8.993 14.780
7.182 11.784
20.691 125.844
10.281 25.340
2.362.484 16.757.784 14.763 261.403 4.312.007 604.509 29.899 312.132 1.127.122 221.219
20.210
50.080 5.349 447.291 1.353.619
57.470
160.500
54.183
308.771 1.092.051
1.143.975 2.955.403
255.152 991.204
133.636 482.484
Westerkwartier Westerwolde Totaal
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
64
1.275.408 69.579 8.228.042 24.985.826
3. JAARVERSLAG RIGG
3.1.
Programma RIGG
Wat houdt het deelprogramma in De RIGG heeft de opdracht om op het gebied van de Jeugdhulp voor de Groninger gemeenten de volgende taakgebieden in te richten en uit te voeren: 1. Inkoop en contractmanagement 2. Advies 3. Monitoring 4. Bijdrage aan de transformatie 5. Taken op het gebied van financiën, administratieve processen en ICT Wat hebben we bereikt en gedaan In het intensieve proces dat vanuit de Uitvoeringsagenda medio 2021 is gestart, hebben gemeenten samen met de RIGG gereflecteerd op de regionale samenwerking op het gebied van jeugdhulp. Dit heeft in januari 2022 geleid tot het ‘Veranderplan: op weg naar een regionale strategische netwerkorganisatie 2022-2024’. In het Veranderplan zijn de met gemeenten afgestemde ontwikkelopgaven beschreven. Voor een deel betreft het een aanscherping van huidige taken. Voor een ander deel zijn dit aanvullende opdrachten aan de RIGG, zoals bijvoorbeeld de vormgeving van een regionale strategische netwerksamenwerking (SNS) samen met de Groninger gemeenten en een vervolg op de bovenregionale samenwerking (3Noord). Naast de overige ontwikkelopgaven hebben beide genoemde opgaven in de tweede helft van 2022 geleid tot concrete stappen. Het ‘Veranderplan RIGG 2022 t/m 2024’ vormt de basis voor de ‘vernieuwde’ opdracht aan de RIGG vanaf 2022.
De wijze waarop de RIGG uitvoering geeft aan deze aanvullende én reguliere taken staat uitvoerig beschreven in het Jaarplan RIGG 2022. Naast de reguliere taken is de RIGG (vanuit verschillende rollen) betrokken geweest bij regionale, bovenregionale en landelijke ontwikkelingen. Het volgen van de ontwikkelingen rondom de Hervormingsagenda speelt daarin een grote rol, maar ook het organiseren en vormgeven van de bovenregionale afstemming en samenwerking 3Noord (conform ontwikkelopgave), de uitwerking van de bovenregionale visie Jeugdhulp Plus, het in kaart brengen van de effecten van het “Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming” en de deelname aan de ontwikkeltafels die door de gemeenten op basis van de opgestelde Regiovisie zijn gestart. Om de nieuw aangetreden wethouders Jeugd goed wegwijs te maken in de regionale organisatie en alle ontwikkelingen die op de regio af komen, heeft de RIGG samen met de Transformatieagenda een eerste uitgebreide themabijeenkomst georganiseerd.
Tenslotte is door de RIGG in samenhang met de gemeenten, jeugdhulpaanbieders en andere stakeholders inzet gepleegd op de volgende onderwerpen/dossiers: - Doorontwikkeling van de hoogspecialistische jeugdhulp (nu: Transformatiebeweging HSJ) - Ontwikkeling van het Groninger Contractueel Model (GCM) - Spoed voor Jeugd - JENN / Regionaal expertteam Groningen - Voorbereiding en uitvoering bestuurlijke/strategische overleggen/(thema)bijeenkomsten GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
65
Over deze dossiers en onze reguliere taken is regelmatig gerapporteerd aan het Strategisch Opdrachtgevers Overleg (SOO), aan de Adviescommissie Jeugdhulp en het Dagelijks Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Publieke Gezondheid & Zorg (GR PG&Z). 1. Inkoop en contractmanagement De RIGG heeft haar reguliere werkzaamheden uitgevoerd, waaronder de wijzigingen in de Open House (OH) en het continue voeren van contractmanagementgesprekken. Aan de toetredingsronde OH is dit jaar een eind gekomen; het bestuur heeft conform advies RIGG besloten om deze maatregel door te voeren in het kader van de aanscherping van de OH overeenkomst. Er is inzet gepleegd op rechtmatigheidstrajecten en het afwikkelen van drie faillissementen van aanbieders, op het versterken van de rol van gemeenten bij contractmanagement door het vormgeven van het Regionale Inkoop & Contractmanagement Overleg (ook wel: RICO), en op de invoering van het woonplaatsbeginsel. De Groninger gemeenten en de RIGG zijn landelijk als positief voorbeeld genoemd voor de contractering en administratieve afwikkeling van het Woonplaatsbeginsel. Tevens is er vanuit Inkoop en Contractmanagement aan enkele gemeenten geadviseerd bij de lokale inkoop. In een themabijeenkomst met het SOO in december heeft de RIGG de (voorlopige) effecten van de lokale inkoop (volgens het hybride inkoopmodel) gepresenteerd.
In het meerjarige programma Hoog Specialistische Jeugdhulp (HSJ) zijn in de loop van het jaar diverse stappen gezet, waaronder bijeenkomsten georganiseerd en een programmastructuur ingericht. De richting die wordt ingezet is in lijn met de Uitvoeringsagenda, de regiovisie NvO en uitkomsten van de ontwikkeltafels, en sluit aan op de lokale inkoop en bovenregionale ontwikkelingen. Om te komen tot een gedragen inkoopagenda HSJ zijn bijeenkomsten met de gemeenten georganiseerd; deze worden ook met de bestuurders en betrokken aanbieders voorbereid (2023). Het is een programma dat de volgende stappen in de grote transformatiebeweging ondersteunt en het zal zowel regionaal als bovenregionaal effect hebben op het zorglandschap. 2. Advies Met het vaststellen van het Veranderplan RIGG 2022-2024 is de adviesrol van de RIGG aangescherpt en uitgebreid. Onveranderd is de brede adviesrol op verschillende dossiers en onderwerpen en aan de verschillende ketenpartners (zoals gemeenten, verwijzers en jeugdhulpaanbieders). Naast inhoudelijk advies, adviseert de RIGG onder meer over het berichtenverkeer, patronen in het jeugdhulpverbruik, de lokale inkoop, de financiën etc. Deze adviezen en analyses komen tot stand door het samenbrengen van kennis over inhoud, inkoop, transformatie, communicatie, financiën, monitoring en landelijke ontwikkelingen.
De kracht van de organisatie, ook de adviesrol, zit in het multidisciplinair samenwerken. Daarnaast heeft de RIGG een nieuwe opdracht gekregen om de gemeente Groningen in haar rol als coördinerende gemeente voor bijvoorbeeld SPUK’s, te adviseren vanuit inhoud, inkoop en financiën op de afzonderlijke dossiers. De RIGG ondersteunt en adviseert gevraagd en ongevraagd, en handelt in afstemming met het SOO richting het Bestuur. Het SOO geeft opdracht voor regionale beleidsontwikkeling aan de RIGG. Tevens participeert de RIGG samen met strategische adviseurs uit 5 gemeenten in de regionale strategische netwerksamenwerking (SNS) en is mede verantwoordelijk voor de vormgeving ervan (ontwikkelopgave). De SNS heeft een regionaal adviserende rol voor het SOO; zij hebben een signalement over de effecten van de Hervormingsagenda op onze regio opgeleverd. Gemeenschappelijke adviezen over de transformatie van de jeugdhulp, voorstellen voor samenwerkingsovereenkomsten of de inkoop zijn mede door de RIGG, in samenwerking met de GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
66
ambtenaren jeugd aan het SOO, de adviescommissie Jeugdhulp en het Dagelijks Bestuur PG&Z voorgelegd. Belangrijke dossiers die voor de gemeenten in 2021 zijn gestart en in 2022 doorlopen, zijn de NvO (Norm voor Opdrachtgeverschap) en de ontwikkeltafels naar aanleiding van de regiovisie. Gemeenten trekken hierin gezamenlijk op, in beide dossiers is de RIGG betrokken. Reguliere inzet qua advisering vindt plaats op dossiers zoals: - Aanbod LVB - Monitoring van Spoed voor Jeugd - Doorontwikkeling van sturing op GI’s - Lopende dossiers van grote jeugdhulpaanbieders met financiële of kwaliteitsvraagstukken - Doorontwikkeling crisishulp. 3. Monitoring De doorontwikkeling van de monitoringstaak is een continu proces binnen de RIGG. Door hierin samen op te trekken met de gemeenten, is de RIGG in staat om de gewenste verbeteringen door te voeren waarmee lokale en regionale analyses gemaakt worden. Power BI is een krachtige tool maar voor het duiden van de data is input van gemeenten, de RIGG en de aanbieders nodig. Om steeds meer en beter kwantitatieve en kwalitatieve data met elkaar te kunnen verbinden en te komen tot nog betere analyses van de ontwikkelingen in het zorglandschap heeft RIGG samen met de gemeentelijke werkgroep Monitoring voorgenomen jaarlijks leerbijeenkomsten voor gemeenten te organiseren.
In de eerste bijeenkomst eind 2022, hebben gemeenten hierdoor inzicht gekregen in de zaken waar andere gemeenten tegenaan lopen en hebben zij kennis kunnen nemen van elkaars lokale ontwikkelingen. Monitoring speelt een belangrijke rol in het leren en verbeteren: de informatie die vanuit contractmanagement met gemeenten wordt gedeeld, geeft inzicht in en stimuleert veranderend verwijsgedrag. Ook in 2022 is er een toenemende vraag naar monitoring vanuit gemeenten en op dossiers zoals Spoed voor Jeugd, GI’s en Jeugdhulp Plus. 4. Bijdrage aan de transformatie De RIGG is op de hoogte van de voornaamste lokale ontwikkelingen van gemeenten op het gebied van jeugdhulp. De reguliere afstemming en contactmomenten tussen inkoop, accountmanagement en de gemeenten dragen bij aan een helder beeld van de gezamenlijke doelen en wensen die voor de regio als geheel een positieve en transformatieve uitwerking hebben. De afstemming met de beleidsadviseurs van de gemeenten vindt plaats in het RICO en het AOJ. Tevens is een start gemaakt voor een nauwere samenwerking tussen de financials en de informatiemanagers van alle Groninger gemeenten. Komende jaren zal de RIGG dit steeds meer uitbouwen. Daarnaast levert de RIGG samen met de Transformatieagenda een bijdrage aan de transformatiebeweging door inzet op de volgende dossiers: - Ontwikkeling gecombineerde kleinschalige voorzieningen (incl.
deelname werkgroep) - Expertteam: cyclus leren en verbeteren, bijdrage aan het Lerend landschap - Deelname aan het projectteam Jeugd Expertise Netwerk Noord Nederland (JENN) - Spoed voor Jeugd: monitoring, ontwikkeling Lerend landschap - Actieve deelname als adviseur aan de werkgroepen van de verschillende ontwikkellijnen van de Transformatieagenda Jeugd (TAJ) - Input op het eindrapport TAJ op basis van de bijdrage van de inkoop sinds 2014 tot heden aan de regionale transformatiebewegingen.
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
67
5. Ondersteunende taken op het gebied van financiën, administratieve processen en ICT De RIGG organiseert en bewaakt de routes en het knooppunt voor de administratieve en financiële processen tussen de Groninger gemeenten en de ruim 270 jeugdhulpaanbieders, waarbij zo’n 15.000 cliënten per jaar betrokken zijn. Via Suite4Jeugdzorg (S4JZ) vindt een efficiënte en effectieve data uitwisseling plaats die de basis is voor alle sturingsinformatie. Naar aanleiding van het voornemen van de gemeente Groningen om het applicatie landschap te vernieuwen is het project Vernieuwing Administratie Sociaal Domein (VASD) gestart. De RIGG heeft in dit traject ondersteund door informatie te delen met alle gemeenten, het uitwerken van scenario’s en advisering omtrent inrichtingskeuzes. De RIGG vertegenwoordigt sinds 2021 in dit project het belang van de regio voor de Groninger gemeenten. De implementatie van X-works staat bij de gemeente Groningen gepland voor medio 2023, de overige negen gemeenten volgen daarna. De geleerde lessen die in eerdere pilots (waaronder Westerkwartier) zijn opgehaald, worden meegenomen en waar mogelijk toegepast bij de overige gemeenten. De RIGG heeft hierin een coördinerende rol.
Naast deze dossiers zijn de reguliere werkzaamheden volgens planning verlopen; het gaat hierbij om het volgen van de rijkscirculaires en de effecten daarvan, loon-prijsindexatie en de verantwoording kosten jeugdhulp 2021 naar gemeenten met controleverklaring van de accountant die in 2022 is opgesteld. Ook dit jaar was de verklaring van de accountant bij de verantwoording goedkeurend. Daarnaast is ondersteuning en advisering geboden bij rechtmatigheidstrajecten, risicogebaseerd contractmanagement en NvO. Tenslotte heeft de RIGG dit jaar drie klachten ontvangen en tevens twee formele verzoeken in het kader van de Wob/Woo. De klachten zijn in samenwerking met de gemeente Groningen opgepakt en afgehandeld. Ook de Woo-verzoeken zijn op een constructieve en positieve wijze in afstemming met de betreffende gemeenten binnen de daarvoor geldende termijnen afgehandeld.
Wat heeft het gekost? Primitieve Actuele Jaarrekening Afwijking Begroting Begroting
Wat heeft het gekost (bedragen * € 1.000)
Deelprogramma RIGG
baten of lasten Programma- onderdeel lasten Totaal lasten
RIGG
baten
Reserve-mutaties
Bijdrage gemeenschappelijke regeling Overige bijdragen Totaal baten Gerealiseerd saldo baten en lasten Toevoeging Onttrekking Gerealiseerd resultaat
2022 3.151
2022 3.151
2022 3.072
-3.151
-3.151
-3.151 -
-3.151 -
-3.151 -102 -3.253 -181 -181
2022 79 102 102 181 181
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
68
4. PARAGRAFEN Volgens het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) provincies en gemeenten kent de begroting een aantal verplichte paragrafen. In deze jaarrekening zijn de paragrafen Weerstandsvermogen en Risicobeheersing, Bedrijfsvoering en Financiering opgenomen. De overige verplichte paragrafen (Lokale heffingen, Onderhoud kapitaalgoederen, Verbonden partijen en Grondbeleid) zijn niet van toepassing en derhalve niet opgenomen.
4.1.
Paragraaf: Weerstandsvermogen en risicobeheersing
4.1.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het BBV schrijft voor dat we in de jaarrekening een beoordeling moeten geven van het weerstandsvermogen. Deze beoordeling geeft aan hoe robuust de begroting is. Een robuuste begroting houdt volgens de BBV-voorschriften in dat niet elke financiële tegenvaller in de begroting dwingt tot bezuinigen. De beoordeling van het weerstandsvermogen bestaat uit de volgende componenten: 1.
2. 3. 4.
een inventarisatie van de weerstandscapaciteit; de weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en mogelijkheden waarover de gemeenschappelijke regeling beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken, een inventarisatie van de risico’s en ontwikkelingen; een beoordeling van de weerstandscapaciteit en de risico’s de kengetallen ter ondersteuning van de beoordeling van de financiële positie.
4.1.2 Weerstandscapaciteit PG&Z-regeling De beschikbare weerstandscapaciteit van de GGD is gelijk aan de algemene reserve per 31 december 2022 van € 1.284.000. De bestemmingsreserves dienen ter afdekking van incidentele uitgaven en zijn derhalve buiten de risico-afweging voor het weerstandsvermogen gehouden. In de begroting is de aard van de bestemmingsreserve beschreven. De beschikbare weerstandscapaciteit van de RIGG is gelijk aan de algemene reserve per 31 december 2022 van € 798.000. De bestemmingsreserves dienen ter afdekking van incidentele uitgaven en zijn derhalve buiten de risico-afweging voor het weerstandsvermogen gehouden. De algemene reserve van de RIGG is niet beschikbaar voor risico’s van de GGD.
4.1.3 Inventarisatie risico’s en ontwikkelingen In deze paragraaf wordt eerst een uitgebreide toelichting gegeven op de risicoparagraaf van het programma Gezondheid. De financiële risico’s en ontwikkelingen voor het programma RIGG worden daarna toegelicht.
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
69
Programma Gezondheid De GGD monitort periodiek de risico’s voor uitvoering van de GGD-taken in het kader van de P&C cyclus. Onderstaand overzicht geeft een actueel beeld van de risico’s van de GGD. Voor de afdekking van deze middelen zijn geen middelen beschikbaar en dient de weerstandscapaciteit.
1.
WW-risico
Risico De rekening van het UWV voor medewerkers die in de WW komen en een WW-uitkering ontvangen komt ten laste van de GGD. GGD werkt voor tijdelijke opdrachten in de regel met tijdelijke aanstellingen. Indien een aanstelling niet wordt verlengd door krimp van de vraag is er een potentieel WW-risico. Dit risico wordt ingeschat op € 40.000 per medewerker, waarbij wordt uitgegaan van twee medewerkers. In de begroting is een budget opgenomen van € 40.000 voor dekking van het WW-risico van één medewerker. Kans Het jaarlijkse WW-risico wordt geschat op € 80.000, waarbij we uitgaan van 2 medewerkers per jaar. Derhalve resteert nog een claim op het weerstandsvermogen van € 40.000. Beheersmaatregelen De GGD zal tijdelijke opdrachten of de flexibele schil minder met tijdelijke contracten moeten invullen en meer met een constructie via pay roll of externe inhuur.
2.
Risico boventallige medewerkers
Risico Ervaring van de afgelopen jaren leert dat de situatie van boventalligheid of medewerkers die op een ander spoor komen door veranderende werkzaamheden, gemiddeld 2 medewerkers op jaarbasis zijn. Het risico wordt geraamd op € 65.000 per medewerker. Kans De claim op het weerstandsvermogen is € 130.000. Hiermee kan het risico voor twee medewerkers voor een jaar worden opgevangen. Beheersmaatregelen GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
70
Boventallige medewerkers worden zo snel mogelijk opgenomen in een herplaatsingstraject. Eens per kwartaal wordt de voortgang van het traject geëvalueerd. Als er sprake is van onvoldoende voortgang wordt binnen twee jaar een ontslagtraject ingezet.
3.
Risico taakuitname en verminderen contracten derden
Risico Dit risico houdt in dat gemeenten en/of derden contracten met de GGD opzeggen of verlagen. De GGD zal dan de capaciteit moeten verlagen of verschuiven en de overhead naar rato moeten verlagen. Ingewikkeld is dat de GGD niet zonder meer binnen het personeelsbestand kan schuiven. Ook heeft de overhead vooral een vast karakter. Gezien de opzeggingen en verlagingen van de laatste jaren is de GGD minder flexibel geworden om nieuwe taakuitnames op te vangen. Facultatieve taken De totale omvang van de facultatieve taken van de GGD is ca. € 5 mln. De dienstverlening tussen de deelnemende gemeenten en de GGD wordt met dienstverleningsovereenkomsten afgestemd en vastgelegd. De deelnemende gemeenten hadden voor 2021 voor ca. € 0,6 mln. aan taken opgezegd. Voor 2022 en 2023 is de omvang van het aantal opgezegde taken relatief beperkt gebleven. Gezien de opzeggingen van de afgelopen jaren, is het gemiddelde ca € 0,2 mln. per jaar. Deze omzet is voor 2/3 primair personeel en voor 1/3 overhead. De Frictieregeling is in 2019 bijgesteld om vooral de structurele teruggang in overhead tijdelijk op te kunnen vangen. Als dit tempo echter doorgaat komt er een punt dat de overhead structureel niet meer is terug te brengen of tijdelijk is op te vangen met de Frictieregeling.
Kans •
•
Gezien de maatregelen ten aanzien van de facultatieve taken is de kans dat dit risico extra incidentele effecten heeft vooral aanwezig bij de overhead. De claim op het weerstandsvermogen is € 70.000, uitgaande van € 210.000 aan opgezegde facultatieve taken. Ten aanzien van de opdrachten met derden is de inschatting, dat dit risico zich eenmaal in de twee jaar voordoet. Uitgaande van een jaarlijkse opzegging van € 100.000 is sprake van een claim op het weerstandsvermogen van € 50.000.
Beheersmaatregelen Het risico van taakuitname is vooral gelegen in de overhead en medewerkers primair proces, die 1 op 1 zijn verbonden aan de opdracht. Indien dat laatste niet het geval is kan met natuurlijk verloop de afname voor een deel worden opgevangen. Ook wordt op het moment van taakuitname bekeken of medewerkers zo snel mogelijk ingezet kunnen worden op formatieplaatsen die nog niet bezet zijn of die vrijkomen. In het geval van herplaatsing worden medewerkers binnen twee weken in een herplaatsingstraject geplaatst. Bij grotere uitname van taken bestaat het risico dat de vaste overhead moet krimpen. Het gaat hierbij om onder andere de huisvesting en ICT. In de afspraken met de gemeente Groningen is GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
71
vastgelegd dat een bezuiniging op de overhead ook effect heeft op de service level agreements SLA’s) met de gemeente Groningen. 4.
Risico indexering
Risico De loonindexering (4,5% voor 2023) en prijsindexering (1,9% voor 2023) wordt vooraf ingeschat. Achteraf blijkt vaak dat de indexering te laag is ingeschat. Dit wordt structureel een jaar later hersteld, maar niet met terugwerkende kracht. Incidenteel is er een nadeel in het jaar dat de indexering te laag bleek ingeschat. Voor 2024 houden we rekening met een bedrag van € 400.000. Dat is € 200.000 hoger als eerdere jaren. Belangrijkste reden hiervoor is enerzijds de onzekerheid over de loonontwikkeling vanaf 2023 omdat hier nog geen nieuwe CAO-afspraken voor zijn gemaakt. Daarnaast staan de prijzen onder druk als gevolg van hoge inflatiecijfers. Kans De kans dat het risico zich voordoet wordt op 50% geschat, waarmee de claim op het weerstandsvermogen € 200.000 bedraagt Beheersmaatregel Jaarlijks voldoende aandacht voor toereikende indexeringsafspraken bij de ontwerpbegroting op basis van actuele (markt)ontwikkelingen.
5.
Risico kostendekkendheid forensische geneeskunde
Risico De kostendekkendheid van de forensische geneeskunde staat al langere tijd onder druk. De productie omzet van deze exploitatie is ca. € 670.000, waarvan € 330.000 vanuit het Politiecontract en het restant hoofdzakelijk uit de lijkschouw voor gemeenten. De vaste kosten liggen hoger. Het risico, dat afhankelijk is van de omvang van de productie, is ongeveer € 50.000. Punt is dat het contract met de Politie vastligt en niet kan worden aangepast tot de nieuwe aanbesteding (vermoedelijk medio 2023). Het risico ten aanzien van de aanbesteding van de medische arrestantenzorg door de Politie is actueel. Het risico is dat € 0,2 mln. aan omzet bij een aanbesteding (medio 2023) kan vervallen. Dit betekent ook iets voor de (kostendekkendheid van de) dienstverlening in het kader van de lijkschouw aan gemeenten. Het omzetrisico van het wegvallen van deze taak is deels bij punt 3 meegenomen. Dit zal echter ook consequenties hebben voor de tarifering en uitvoering van de lijkschouw aan gemeenten. Kans De kans dat bovengenoemde risico’s optreden wordt geschat op 50%. Het risico bedraagt daarmee € 25.000. Beheersmaatregelen Op de productie kan niet worden gestuurd. De beheersmaatregel is dat de uitgaven goed worden gemonitord.
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
72
6.
Risico kostendekkendheid reizigersadvisering
Risico Er is sprake van een financieel risico voor het onderdeel Reizigersadvisering, omdat gederfde inkomsten als gevolg van Corona met ingang van 2022 niet langer gecompenseerd worden. Het aantal reisbewegingen is in 2022 weer flink toegenomen maar bevindt zich nog niet op het niveau van 2019. Gezien de spanningen in de wereld en de onvoorspelbaarheid van deze ontwikkelingen blijft het onzeker of het inkomsten voldoende zullen zijn om de kosten te dekken. Kans Uitgaande van een tekort van € 100.000 en een kans van optreden van 50% is de claim op het weerstandsvermogen € 50.000. Beheersmaatregelen Het goed volgen van de marktontwikkelingen en anticiperen op fluctuaties in de vraag naar reizigersvaccinaties. De beheersmaatregel is dat de uitgaven goed worden gemonitord.
7.
Risico hogere kosten bedrijfsvoering
Risico Op diverse terreinen zal sprake zijn van hogere ICT kosten voor de GGD. Het is de verwachting dat er meer ICT-investeringen nodig zullen zijn in de nabije toekomst als gevolg van strengere regelgeving (privacy e.a.). Ook wordt de aanschaf van een nieuw digitaal kinddossier serieus overwogen. Daarnaast speelt social media sinds corona zo’n belangrijke rol in de dienstverlening van de GGD dat we hier geen stap in terug kunnen doen. Deze uitbreiding kan niet gedekt worden uit de reguliere formatie van bedrijfsvoering, zie ook de toelichting op de noodzakelijk geachte overige investeringen in de bedrijfsvoering. Kans Deze kosten worden geschat op € 200.000 per jaar met een kans van optreden van 75%, resulterend in een verwacht risico van € 150.000. Beheersmaatregelen De Informatiemanager heeft het applicatie-landschap van de GGD in beeld gebracht. Hieruit is naar voren gekomen dat er investeringen nodig zijn op ICT-gebied. Dit beeld zien we ook terug bij andere GGD’en waar al geinvesteerd wordt in extra ICT-personeel en op het gebied van social media.
8.
Exit-risico
Risico De GGD heeft SLA’s met de gemeente Groningen afgesloten voor een periode van vijf jaar. De GGD heeft de mogelijkheid om na drie jaar de SLA’s op te zeggen met wederzijds goedvinden en op een andere manier de overhead te organiseren. Deze exit betekent de definitieve ontvlechting met de gemeente Groningen. Er zal een business-case moeten worden opgesteld rond deze veranderende bedrijfsvoering. Deze exit zal gepaard gaan met incidentele kosten. In structurele GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
73
zin is er een risico ten aanzien van de korting van € 0,3 mln. op de overhead, waarmee de gemeente Groningen nu de GGD compenseert voor hogere BTW-kosten op de (door Groningen) geleverde overhead. Indien de GGD geen overhead meer afneemt van de gemeente is er een risico dat deze compensatie vervalt. Kans De kans dat dit risico zich voordoet wordt op 50% geschat. De betekent een claim van € 150.000 op het weerstandsvermogen. Beheersmaatregelen Goed monitoren van de SLA uitgaven en opstellen van business case rond deze veranderende bedrijfsvoering.
Programma RIGG In de meerjarenbegroting is er voor 2023 en 2024 gezamenlijk een negatief resultaat voor de RIGG begroot van € 304.000. Daarnaast zijn er financiële risico’s in de komende jaren als gevolg van onzekerheden. Het betreft de implementatie van het veranderplan (2022-2024), de implementatie van het nieuwe jeugdhulpadministratiepakket en regionale projecten (waaronder bijvoorbeeld implementatie van de hervormingsagenda voor gemeenten en de doorontwikkeling hoogspecialistische jeugdhulp). De aard en omvang van de aanvullende kosten hangen af van externe ontwikkelingen zoals landelijke regelgeving en inrichtingskeuzes door gemeenten. De omvang van het benodigde weerstandsvermogen voor de afzonderlijke risico’s is niet betrouwbaar te schatten, maar het is de verwachting dat het weerstandsvermogen adequaat is voor de gezamenlijke financiële risico bij de RIGG in de komende jaren.
4.1.4 Beoordeling toereikendheid weerstandsvermogen Voor het programma Gezondheid bedragen de vrije reserves die tot het weerstandsvermogen gerekend mogen worden per begin boekjaar 2022 € 1.284.000. De resultaatbestemming van 2022 die in de jaarrekening van 2023 wordt verwerkt leidt tot een afname van de algemene reserve naar € 1.111.000. Het weerstandsvermogen binnen het programma Gezondheid van is gezien de benodigde weerstandscapaciteit toereikend. Voor het programma RIGG bedragen de vrije reserves die tot het weerstandsvermogen gerekend mogen worden per ultimo boekjaar 2022 € 798.000. De resultaatbestemming van 2022 die in de jaarrekening van 2023 wordt verwerkt leidt tot een toename van de algemene reserve naar € 979.000. Het weerstandsvermogen binnen het programma RIGG is gezien de benodigde weerstandscapaciteit toereikend. Mocht de keuze gemaakt worden voor een eigen gemeenschappelijke regeling voor de Jeugdhulp, dan dient de hoogte van het vereiste weerstandsvermogen geëvalueerd te worden.
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
74
4.1.5 Kengetallen ter ondersteuning van de beoordeling van de financiële positie Kengetallen zijn getallen die de verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie van de gemeenschappelijke regeling. Om dit te bereiken wordt vanuit het BBV voorgeschreven dat de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing minimaal de volgende kengetallen bevat: netto schuldquote, solvabiliteitsratio en structurele exploitatieruimte. Hieronder wordt per kengetal weergegeven welke verhouding wordt uitgedrukt: De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeenschappelijke regeling in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het totale balanstotaal. Het eigen vermogen van de gemeenschappelijke regeling bestaat volgens artikel 42 van het BBV uit de reserves (zowel de algemene reserve als de bestemmingsreserves) en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. De structurele exploitatieruimte vergelijkt de structurele baten en structurele lasten met de totale baten.
Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder rente en aflossing) te dekken. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten (zie artikel 17, onderdeel c, van het BBV) en uitgedrukt in een percentage. R e k e ning 2 0 2 2 Kengetallen:
V e rlo o p v a n de k e nge t a lle n Rekening 2021
Rekening 2022
B egro ting 2022
netto schuldquo te
-10%
5%
-5%
so lvabiliteitsratio
8%
11%
6%
structurele explo itatieruimte
0%
2%
0%
De functie van de RIGG als ‘administratiekantoor’ bepaalt in belangrijke mate de uitkomst van de kengetallen in de balans. Dit verklaart de schommelingen en vertroebelt het inzicht in de kengetallen.
4.2.
Paragraaf: Financiering
De PG&Z-regeling financiert haar investeringen in beginsel uit eigen middelen, verkregen uit bijdragen van deelnemende gemeenten. Wanneer de eigen middelen ontoereikend zijn kan voor investeringen aanvullende financiering worden aangetrokken. In 2012 heeft het bestuur besloten om via de gemeente Groningen een lening aan te trekken ter waarde van 1 miljoen. De lening was aangegaan om de vervanging van een Mobiele Röntgen Unit (MRU) voor de TBC-bestrijding in Groningen, Drenthe en Friesland te financieren. De aanschaf heeft plaatsgevonden in het tweede kwartaal van 2013. De lening is halverwege 2013 geëffectueerd. Om het risico van renteaanpassing en herfinanciering bij langlopende leningen (> 1 jaar) te beperken is de renterisiconorm ingesteld. Deze norm is bij ministeriële regeling bepaald en houdt in, dat de GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
75
jaarlijks verplichte aflossingen en de renteherzieningen niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. Uit het volgende overzicht blijkt dat ruim binnen de renterisiconorm wordt gebleven.
Berekening renterisiconorm (in mln.) 1. Rente herziening 2. Betaalde aflossing 3. Renterisico (1+2) 4. Begrotingstotaal 5. Vastgesteld percentage Renterisiconorm (4*5)
2022
Ruimte (+) c.q. overschrijding (-)
6,2
4.3.
0,1 0,1 31,4 0,2 6,3
Paragraaf: Bedrijfsvoering
De huidige stand van zaken en beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering zijn reeds uitgewerkt in paragraaf 2.7.
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
76
5. JAARREKENING 2022
5.1.
Overzicht van baten en lasten Primitieve Begroting
Overzicht van baten en lasten PG&Z
Actuele Jaarrekening Afwijking begroting
Programma Gezondheid - GGD
baten of lasten Deelprogramma 2022 lasten Gezond en Veilig Opgroeien 18.260 Gezondheid beschermen en bevorderen 9.616 Adviseren over gezonde wijken, dorpen en steden 1.917 Inspecteren en adviseren van locaties ter bevordering van 1.431 Totaal lasten programma Gezondheid 31.224
2022 18.069 9.616 2.286 1.431 31.402
2022 20.124 45.469 2.359 1.265 69.217
2022 -2.055 -35.853 -73 166 -37.815
Gezondheid - GGD
baten
Gezond en Veilig Opgroeien -18.260 Gezondheid beschermen en bevorderen -9.616 Adviseren over gezonde wijken, dorpen en steden -1.947 Inspecteren en adviseren van locaties ter bevordering van -1.431 Totaal baten programma Gezondheid -31.254
-18.069 -9.616 -1.816 -1.431 -30.932
-19.934 -45.719 -2.114 -1.348 -69.115
1.865 36.103 298 -83 38.183
Overhead - RIGG
lasten baten
RIGG RIGG Totaal programma RIGG
3.151 -3.151 0
3.151 -3.151 0
3.072 -3.253 -181
79 102 181
Overhead incidenteel Algemene dekkingsmiddelen Vennootschapsbelasting
20
20
445
-425
Gerealiseerd saldo van baten en lasten Programma Gezondheid programma RiGG totaal mutaties reserves Gerealiseerd resultaat
-10 10
490 -490
10 0
-490 0
366 -390 0 -390 -24
124 -100 0 -100 24
Overhead Algemene dekkingsmiddelen Vennootschapsbelasting
Reserve-mutaties
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
77
5.2.
Toelichting overzicht van baten en lasten
Programma (* € 1.000) Deelprogramma Gezondheid - GGD Gezond en Veilig Opgroeien Gezondheid beschermen en bevorderen Adviseren over gezonde wijken, dorpen en steden Inspecteren en adviseren van locaties ter bevordering van Overhead incidenteel
Saldo Mutatie Resultaat baten en bestemmingslasten reserves -190 250 -245 83 -445
282 108
-190 N 250 V 37 V 83 V -337 N
Totaal Gezondheid
-547
390
-157 N
RIGG
181
0
181 V
-366
390
24 V
Totaal PG&Z
Saldo van baten en lasten
Het resultaat van de gemeenschappelijke regeling PG&Z bedraagt € 24.000 positief. Het resultaat van de GGD is € 157.000 negatief en het resultaat van de RIGG is € 181.000 positief. Hieronder wordt per programma het resultaat over 2022 toegelicht.
Toelichting resultaat Programma Gezondheid Het resultaat van de GGD is opgebouwd uit een negatief saldo van baten en lasten van € 547.000 waarbij er € 390.000 in mindering wordt gebracht op de bestemmingsreserves. Het gerealiseerd resultaat 2022 voor het programma Gezondheid komt hierdoor uit op € 157.000 negatief. Dit tekort van € 157.000 over 2022 wordt met name veroorzaakt door incidentele kosten (eenmalige kosten HR-21) waar onvoldoende opbrengsten tegenover staan. Dit tekort is in de Zomerbrief (prognose € 0,1 miljoen negatief) benoemd en ook in de Winterbrief genoemd (€ 0,4 miljoen negatief). Hogere opbrengsten met een incidenteel karakter, zoals PGA-inkomsten (GGD GHOR) en de vergoeding meerkosten Oekraïense vluchtelingenkinderen in het laatste kwartaal 2022, hebben er voor gezorgd dat het tekort met € 0,2 miljoen nog enigszins beperkt is gebleven. Naast incidenteel hogere inkomsten is bij het deelprogramma beschermen en bevorderen ook sprake van lagere kosten dan eerder ingeschat. Het negatieve resultaat op de overhead bedraagt € 337.000 in 2022. Dit wordt voor een deel veroorzaakt door een overschrijding in de kosten bedrijfsvoering als gevolg van hogere kosten inhuur. Deze hogere kosten externe inhuur hebben voornamelijk betrekking op de implementatiekosten van HR-21.
Ook is in 2022 sprake van inhuur van relatief moeilijk te werven functies op het gebied van informatiebeheer/ICT wat een kostenverhogend effect heeft ten opzichte van het aanstellen van eigen medewerkers in loondienst. Daarnaast is sprake van een hogere voorziening langdurig zieken ultimo 2022.
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
78
De mutatie bestemmingsreserve bedraagt € 390.000, bestaande uit € 420.000 aan onttrekkingen en een dotatie van € 30.000 in 2022. De onttrekkingen 2022 aan de betreffende bestemmingsreserves, bestaande uit: • € 312.000 aan uitgaven voor het project aardbevingen, • € 100.000 uit de bestemmingsreserve verzelfstandiging ter dekking van de incidentele kosten van HR-21 • € 8.000 uit de bestemmingsreserve organisatieontwikkeling voor de jaarlijkse kwaliteitscertificering. Daarnaast wordt er € 30.000 gedoteerd aan de bestemmingsreserve gezondheidsprofielen ter dekking van de kosten van het een keer in de vier jaar uitvoeren van de gezondheidsmonitor. De analyse van de resultaten 2022 per deelprogramma wordt toegelicht bij het betreffende deelprogramma.
Toelichting resultaat programma RIGG Het financiële resultaat bedrijfsvoering RIGG 2022 is € 181.000 hoger dan het begrote resultaat van € 0. Er zijn diverse afwijkingen ten opzichte van de begroting. De belangrijkste verschillen zijn lagere personeelskosten door lagere personele inzet en detachering van personeel (€ 71.000) en een hogere opbrengst doorbelasting IT-kosten aan gemeenten (€ 72.000). Voor een nadere toelichting op de financiële resultaten verwijzen we naar de deelprogrammarekening in de Jaarrekening 2022.
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
79
5.3.
Toelichting deelprogramma’s Gezondheid (GGD)
Deelprogramma Gezond en veilig opgroeien Primitieve Actuele Jaarrekening Afwijking Begroting Begroting Deelprogramma baten of lasten Programma- onderdeel Gezond en veilig opgroeien lasten Totaal lasten
2022 18.260
2022 18.069
2022 20.124
2022 2.055
Gezond en veilig opgroeien baten baten Gezond en veilig opgroeien baten
-13.034 -5.226 -18.260 0 0 0 0
-13.034 -5.035 -18.069 0 0 0 0
-13.034 -6.900 -19.934 190 0 0 190
0 -1.865 -1.865 190 0 0 190
Reserve-mutaties
Inwonersbijdrage Overige baten Totaal baten Gerealiseerd saldo baten en lasten Toevoeging Onttrekking Gerealiseerd resultaat
Toelichting De overschrijding van € 190.000 wordt met name veroorzaakt door hogere personeelskosten. Het beëindigen per 1 mei 2022 van de facultatieve taak Pedagogische gezinsondersteuning heeft een negatief financieel effect gehad op het boekjaar 2022 van circa € 130.000. Daarnaast is sprake is een incidenteel nadelig effect als gevolg van het nieuw functiewaarderingssysteem HR-21. Dankzij een aantal veelal incidenteel hogere opbrengsten in het 4e kwartaal is het tekort bij dit deelprogramma nog relatief beperkt gebleven.
Deelprogramma Gezondheid beschermen en bevorderen Primitieve Actuele Jaarrekening Afwijking Begroting Begroting Deelprogramma baten of lasten Programma- onderdeel Gezondheid beschermen en bevorderen lasten Totaal lasten
2022 9.616
2022 9.616
2022 45.469
2022 35.853
Gezondheid beschermen en bevorderen baten baten Gezondheid beschermen en bevorderen baten
-2.362 -7.254 -9.616 0 0 0 0
-2.362 -7.254 -9.616 0 0 0 0
-2.362 -43.357 -45.719 -250 0 0 -250
0 -36.103 -36.103 -250 0 0 -250
Reserve-mutaties
Inwonersbijdrage Overige baten Totaal baten Gerealiseerd saldo baten en lasten Toevoeging Onttrekking Gerealiseerd resultaat
Toelichting In het deelprogramma Gezondheid beschermen en bevorderen zit onder meer het product Infectieziektebestrijding (IZB). De meerkosten als gevolg van COVID worden apart verantwoord als subproduct van IZB en bedragen € 35,1 miljoen. Dit verklaart de enorme stijging van lasten en baten van dit deelprogramma ten opzichte van de begroting. Het voordelige resultaat van € 250.000 wordt met name veroorzaakt door extra detacheringsopbrengsten en over het geheel bezien lagere kosten. Ook was sprake van een incidentele meevaller in de personele kosten eind 2022.
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
80
Meerkostenregeling Corona Vanaf 2020 zijn de GGD’en geconfronteerd met extra kosten in verband met het bestrijden en beheersen van COVID-19. Op basis van de Wet publieke gezondheid (WPG) hebben GGD’en extra taken en opdrachten van de minister van VWS gekregen. De meerkosten worden door het ministerie van VWS direct vergoed aan de GGD’en. In de brief van 20 juli 2020 zijn de uitgangspunten voor deze meerkostenregeling uitgewerkt. De vergoeding van de meerkosten is ook van toepassing voor 2022.
Covid Blok 1 Totaal Bron- en contactonderzoek BCO regulier BCO grootschalig risicogericht testen
Meerkosten 2022 € 2.508.437 € 2.508.437
Blok 2 Totaal Bemonstering Bemonstering regulier Bemonstering grootschatlig risicogericht testen
€ €
11.300.518 11.300.518
Blok 3 Totaal COVID-19 vaccinatie Vaccinatie
€ €
17.944.353 17.944.353
Blok 4 Totaal Overige Meerkosten Infectieziektebestrijding (IZB) Tuberculosebestrijding (TBC) Medische Milieukunde (MMK) Technische Hygiënezorg (THZ) / Toezicht Seksuele Gezondheid (inclusief SOA poli) Reizigerszorg Gezondheidsbevordering (GB) Algemene Gezondheidszorg (AGZ) Jeugdgezondheidszorg (JGZ), incl. Rijksvaccinatie Openbare GGZ / Sociaal medische advisering Veilig Thuis Forensische Zorg (For) Regionale Ambulance Voorziening (RAV) Overig Ondersteuning
€ €
3.366.261 294.493
€
1.052
€ €
154.194 800
€
32.136
€ €
9.643 2.873.943
Totaal meerkosten corona 2022 Ontvangen voorschot meerkosten 2022 Nog te ontvangen meerkosten 2022
€ € €
35.119.569 34.960.000 159.569
In totaal is over 2022 voor € 35,1 mln. aan meerkosten verantwoord. Per onderdeel wordt hieronder toegelicht wat de aard en omvang van deze ‘meerkosten’ zijn. Blok 1: Bron- en contactonderzoek (BCO) De werkelijke meerkosten voor de uitvoering van BCO bedragen € 2,5 mln. Dit gaat om inzet van personeel, ondersteunend personeel en facilitaire kosten. Het grootste deel betreft kosten van inhuur van uitzendkrachten. GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
81
Blok 2: Bemonstering De werkelijke meerkosten voor de uitvoering van bemonstering bedragen € 11,3 mln. Dit gaat om inzet van personeel, kosten van de verschillen (test)locaties, ondersteunend personeel en facilitaire kosten. Blok 3: COVID-19 vaccinatie De werkelijke meerkosten voor de uitvoering van de COVID-19 vaccinaties bedragen € 17,9 mln. Dit gaat om inzet van personeel, kosten van de verschillende vaccinatielocaties, ondersteunend personeel en facilitaire kosten. Blok 4: Overige meerkosten In dit blok staan diverse verrekeningen opgenomen per product, in totaal neerkomend op € 3,4 mln. aan meerkosten. Uitgangspunt is dat per product wordt bepaald of sprake is van specifieke meerkosten. Daarnaast is onder ‘Ondersteuning’ de kosten van de ICT en specifieke meerkosten op het gebied van overheadfuncties opgenomen. De bij VWS gedeclareerde meerkosten in verband met corona werken neutraal uit op de GGDexploitatie; er zijn geen meer- of minderkosten voor de gemeenten.
Meerkostenregeling Apenpokken In 2022 zijn de GGD’en geconfronteerd met extra kosten in verband met het bestrijden en beheersen van apenpokken. Op basis van de wet Publieke Gezondheid (PG) hebben GGD‘en extra taken en opdrachten van de minister gekregen. De meerkosten worden door het ministerie van VWS direct vergoed aan de GGD ‘en. In de brief van 21 juli 2022 zijn de uitgangspunten voor deze meerkostenregeling uitgewerkt. De regeling van de vergoeding van de meerkosten is van toepassing voor 2022. De omvang van de extra gemaakte kosten die direct aan apenpokken-activiteiten zijn toe te wijzen is relatief beperkt gebleven en wordt hier niet apart verantwoord.
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
82
Deelprogramma Adviseren over gezonde wijken, dorpen en steden Primitieve Begroting Deelprogramma Adviseren over gezonde wijken, dorpen en steden
baten of lasten Programma- onderdeel lasten Totaal lasten
Adviseren over gezonde wijken, dorpen en steden
baten baten baten
Adviseren over gezonde wijken, dorpen en steden Reserve-mutaties
Actuele Begroting
Jaarrekening Afwijking
2022 1.917
2022 2.286
2022 2.359
-1.362 -585 -1.947 -30 30 0 0
-1.362 -454 -1.816 470 30 -500 0
-1.362 -752 -2.114 245 30 -312 -37
Inwonersbijdrage Overige baten Totaal baten Gerealiseerd saldo baten en lasten Toevoeging Onttrekking Gerealiseerd resultaat
2022 73 0 -298 -298 -225 0 188 -37
Toelichting Het deelprogramma Adviseren over gezonde wijken, dorpen en steden heeft een positief resultaat van € 37.000 gerealiseerd over 2022. Dankzij een aantal extra subsidieopbrengsten kon het financieel effect van HR-21 binnen dit deelprogramma goed worden opgevangen.
Deelprogramma Inspecteren en adviseren van locaties ter bevordering van de kwaliteit, veiligheid en hygiëne Primitieve Actuele Jaarrekening Afwijking Begroting Begroting Deelprogramma baten of lasten Programma- onderdeel Gezond en veilig opgroeien lasten Totaal lasten Gezond en veilig opgroeien baten baten Gezond en veilig opgroeien baten Reserve-mutaties
Inwonersbijdrage Overige baten Totaal baten Gerealiseerd saldo baten en lasten Toevoeging Onttrekking Gerealiseerd resultaat
2022 1.431
2022 1.431
2022 1.265
2022 -166
0 -1.431 -1.431 0 0 0 0
0 -1.431 -1.431 0 0 0 0
0 -1.348 -1.348 -83 0 0 -83
0 83 83 -83 0 0 -83
Toelichting Het deelprogramma bevat het product Toezicht & Advies. De verwachte groei in inkomsten bleef nog enigszins achter bij de begroting, maar waren voldoende om de personele kosten te dekken dankzij efficiënte inzet van medewerkers.
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
83
Overhead incidenteel Primitieve Begroting Overhead incidenteel Overhead incidenteel Overhead incidenteel
baten of lasten Programma- onderdeel lasten Totaal lasten baten baten baten
Reserve-mutaties
Inwonersbijdrage Overige baten Totaal baten Gerealiseerd saldo baten en lasten Toevoeging Onttrekking Gerealiseerd resultaat
2022
Actuele Jaarrekening Afwijking Begroting
164
2022 164
2022 547
2022 383
0 -144 -144 20 0 -20 0
0 -144 -144 20 0 -20 0
0 -102 -102 445 0 -108 337
0 42 42 425 0 -88 337
Toelichting Het negatieve resultaat op de overhead bedraagt € 337.000 in 2022. Dit wordt voor een deel veroorzaakt door een overschrijding in de kosten bedrijfsvoering als gevolg van hogere kosten inhuur. Deze hogere kosten externe inhuur hebben voornamelijk betrekking op de implementatiekosten van HR-21. Ook is in 2022 sprake van inhuur van relatief moeilijk te werven functies op het gebied van informatiebeheer/ICT wat een kostenverhogend effect heeft ten opzichte van het aanstellen van eigen medewerkers in loondienst. Daarnaast is sprake van een hogere voorziening langdurig zieken ultimo 2022.
5.4.
Toelichting deelprogramma RIGG Primitieve Actuele Jaarrekening Afwijking Begroting Begroting
Wat heeft het gekost (bedragen * € 1.000)
Deelprogramma RIGG
baten of lasten Programma- onderdeel lasten Totaal lasten
RIGG
baten
Reserve-mutaties
Bijdrage gemeenschappelijke regeling Overige bijdragen Totaal baten Gerealiseerd saldo baten en lasten Toevoeging Onttrekking Gerealiseerd resultaat
2022 3.151
2022 3.151
2022 3.072
-3.151
-3.151
-3.151 -
-3.151 -
-3.151 -102 -3.253 -181 -181
2022 79 102 102 181 181
Toelichting Het financiële resultaat bedrijfsvoering RIGG 2022 is € 181.000 hoger dan het begrote resultaat van € 0. Er zijn diverse afwijkingen ten opzichte van de begroting. De belangrijkste verschillen zijn lagere personeelskosten door lagere personele inzet en detachering van personeel (€ 71.000) en een hogere opbrengst doorbelasting IT-kosten aan gemeenten (€ 72.000).
5.5.
Overzicht incidentele baten en lasten
Voor een toelichting op de incidentele baten en lasten wordt verwezen naar paragraaf Toelichting overzicht van baten en lasten. GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
84
6. BALANS
6.1.
Activa
Activa (* € 1.000)
GGD
31-12-2021 RIGG PG&Z
GGD
31-12-2022 RIGG PG&Z
Immateriële vaste activa kosten sluiten geldleningen kosten onderzoek en ontwikkeling Materiële vaste activa - investeringen met economisch nut - investeringen met maatschappelijk nut
175
175
162
162
175
162
71
74
3.753 7.898
6.578
53
181
10.331 7.898 0 234
Financiële vaste activa a. kapitaalverstrekkingen aan: 1. deelnemingen 2. gemeenschappelijke regelingen 3. overige verbonden partijen b. leningen aan: 1. woningbouwcorporaties 2. deelnemingen 3. overige verbonden partijen c. overige langlopende leningen d. overige uitzettingen > 1 jaar e. bijdrage aan activa voor derden Totaal vaste activa Voorraden a. grond- en hulpstoffen 1. niet in exploitatie genomen bouwgrond 2. grond- en hulpstoffen b. onderhanden werk c. gereed product en handelsgoederen d. vooruitbetalingen Uitzettingen korter dan een jaar a. vorderingen op openbare lichamen b. Schatkistbankieren c. RC-verhoudingen met niet financiële instellingen d. overige vorderingen e. overige uitzettingen
175
0
71
0
162
74
2.985 12.865
9.612
74
0
12.597 12.865 0 74
Liquide middelen
61
15.315
15.376
74
32.566
32.640
Overlopende activa
74
33
107
166
5
171
Totaal vlottende activa
16.130
24.960
41.090
12.018
39.330
51.348
Totaal activa
16.305
24.960
41.265
12.180
39.330
51.510
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
85
6.2.
Passiva
Passiva (* € 1.000) Eigen vermogen algemene reserve bestemmingsreserves voor egalisatie tarieven overige bestemmingsreserves onverdeeld resultaat Voorzieningen Vaste schulden van langer dan een jaar a. obligatieleningen b. onderhandse leningen aan: 1. binnenlandse pensioenfondsen en verzekeraars 2. binnenlandse banken en ov. financiële instellingen 3. binnenlandse bedrijven 4. openbare lichamen 5. overige binnenlandse sectoren 6. buitenlandse instellingen c. door derden belegde gelden d. waarborgsommen e. vooruitontvangen bedragen langer dan 1 jaar
GGD
31-12-2021 RIGG PG&Z
GGD
31-12-2022 RIGG PG&Z
1.412
520
1.932
1.284
798
2.082
1.164 -128
44 278
1.208 150
774 -157
44 181
818 24
450
450
655
655
200
200
100
100
Totaal vaste passiva
3.098
842
3.940
2.656
1.023
3.679
Netto vlottende schulden korter dan een jaar a. kasgeldleningen o/g b. bank- en girosaldi c. overige schulden
8.744
218
0 8.962
7.620
1.467
0 9.087
Overlopende passiva
4.463
23.900
28.363
1.904
36.840
38.744
Totaal vlottende passiva
13.207
24.118
37.325
9.524
38.307
47.831
Totaal passiva
16.305
24.960
41.265
12.180
39.330
51.510
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
86
6.3.
Waarderingsgrondslagen
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Inleiding De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft en de verordening ex artikel 212 Gemeentewet, waarin door het AB de uitgangspunten voor het financiële beleid, alsmede de regels voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie zijn vastgesteld. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn. Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben, onverschillig of zij tot inkomsten of uitgaven in dat jaar leiden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q.
schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvinden; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken en dergelijke. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume word geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld reorganisaties) dient wel een verplichting opgenomen te worden. Vennootschapsbelasting De PG&Z stelt zich op het standpunt dat zij geen ondernemingsactiviteiten heeft ontplooit en derhalve is geen fiscale positie uit hoofde van de vennootschapsbelasting opgenomen in de jaarrekening.
Balans Vaste activa Activa die bedoeld zijn om de uitoefening van de werkzaamheid van de gemeenschappelijke regeling duurzaam te dienen. Materiële vaste activa met economisch nut Overige investeringen met economisch nut Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen word op het saldo afgeschreven. Alle materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de oorspronkelijke verkrijgingsprijs (de inkoopprijs en de bijkomende kosten) of vervaardigingsprijs (de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige directe kosten), GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
87
verminderd met de ontvangen subsidies en bijdragen die direct gerelateerd zijn aan het actief, de jaarlijkse afschrijvingslasten en afwaarderingen wegens duurzame waardeverminderingen. Duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen. Slijtende investeringen worden met ingang van het jaar nadat de investering is verworven op jaarbasis afgeschreven. De afschrijving geschiedt lineair. De op de oorspronkelijke verkrijgings- of vervaardigingsprijs toegepaste jaarlijkse afschrijvingen corresponderen met een stelsel dat is afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur (kortste van de geschatte economische levensduur óf technische gebruiksduur) van de geactiveerde objecten en voorzieningen. De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren : Dienstauto’s 6-8 Mobiele röntgenapparatuur 10 Koelkasten 10
Vlottende activa Voorraden Voorraden zijn opgenomen tegen verkrijgingsprijs of lagere opbrengstwaarde, rekening houdend met incourantheid. Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid wordt een voorziening in mindering gebracht voor zover noodzakelijk word geacht. De voorziening word statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa zijn tegen nominale waarde opgenomen. Eigen vermogen Het eigen vermogen betreft het saldo van de bezittingen en schulden en bestaat uit de reserves en het resultaat voor bestemming van het lopende jaar. Voorzieningen De voorzieningen zijn opgenomen tegen nominale waarde. Er wordt afgeweken van de BBV richtlijnen om geen voorzieningen op te nemen voor arbeidsgerelateerde kosten. Lang vreemd vermogen Het lang vreemd vermogen is opgenomen tegen nominale waarde.
Vlottende passiva De vlottende passiva zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde.
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
88
Gebeurtenissen na balansdatum Datalek CoronIT/HP Zone Begin 2021 berichtte RTL Nieuws voor het eerst over het (landelijke) datalek. Er is daarop direct aangifte gedaan bij de politie en er is een melding gedaan bij de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) door GGDGHOR NL. Op 8 februari 2022 heeft Stichting ICAM De Staat der Nederlanden (ministerie van VWS) een aangetekende brief gestuurd in verband met het GGD-datalek. Ook de GGD’en zijn door Stichting ICAM in de klacht benoemd. Stichting ICAM heeft in 2022 de weg van een Woo-verzoek gevolgd bij allen 25 GGD’en. Tot op heden zijn de GGD’en (zowel individueel als collectief) niet gedagvaard. Wat dit in de toekomst gaat betekenen is volkomen onduidelijk daar dit geen verantwoordelijkheid is van de GGD maar hier wel tijd en energie in gaat zitten. Vooralsnog blijft het onze inschatting dat we als regionale GGD geen materieel risico lopen.
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
89
6.4.
Toelichting balans Activa
Materiële vaste activa
Geactiveerde kapitaaluitgaven
Boekwaarde 31-12-2021
Vermeerderingen
0 146 29 0 175
0 0 73 0 73
Afschrijvingen 2022
Verminderingen
Boekwaarde 31-12-2022
0 0 0 0 0
0 64 98 0 162
(bedragen * € 1.000,-)
Bedrijfsgebouwen Voertuigen Machines apparaten en installaties Overige materiële vaste activa Totaal Maatschappelijk nut Economisch nut
-
175
0 82 4 86 -
73
86
0
162
Bij de GGD is in 2022 voor € 73.000 aan echoscreens aangeschaft. De materiele vaste activa bestaat daarnaast uit dienstauto’s, een mobiele röntgenunit en koelkasten. Op de CB-locaties (consultatiebureaus) maakt de GGD gebruik van koelkasten voor de opslag van vaccinaties.
Voorraden De post voorraden betreft de voorraad reizigersvaccinaties per balansdatum met een inkoopwaarde van € 74.000. Hierbij is geen sprake van verwachte incourante voorraden van de aanwezig voorraden op balansdatum. Uitzettingen korter dan 1 jaar
Uitzettingen korter dan 1 jaar (* € 1.000) Vorderingen openbare lichamen Schatkistbankieren Overige vorderingen Totaal
31-12-2021 31-12-2022 12.597 10.331 12.865 7.898 74 234 25.536 18.463
Een voorziening voor incourantheid wordt niet noodzakelijk geacht.
Liquide middelen
Liquide middelen (* € 1.000) Liquide middelen
31-12-2021 31-12-2022 15.376 32.640
De stijging van de liquide middelen heeft betrekking op het factureren van een aanvullend voorschot jeugdhulp 2022 door de RIGG in december 2022 die ongeveer € 11 miljoen hoger ligt dan de prognose voor 2021. De gemeenten hebben eerder betaald dan in 2021 waardoor de post liquide middelen hoger is per 31 december 2022.
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
90
Decentrale overheden zijn verplicht om hun overtollige middelen in ’s Rijks schatkist aan te houden. Om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen is er een drempelbedrag, afhankelijk van het begrotingstotaal, dat buiten de schatkist mag worden gehouden. De GGD is per 5 juni 2020 overgegaan op schatkistbankieren. Voor de GGD geldt een drempelbedrag schatkistbankieren van € 1.000.000. Het gemiddeld bedrag per dag dat in 2022 is aangehouden buiten de schatkist bedraagt € 132.000. In onderstaande tabel is een nadere specificatie gegeven van de benutting van het drempelbedrag schatkistbankieren in 2022. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)
Drempelbedrag
1000
1000
Kwartaal 1 Kwartaal 2
(3a) = (1) > (2)
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag
(3b) = (2) > (1)
Overschrijding van het drempelbedrag
(2)
1000 Kwartaal 3
1000 Kwartaal 4
128
151
122
128
872
849
878
872
-
-
-
-
(1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar (4a) (4b) (4c)
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
31.000 31.000
(1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van €1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € 500 miljoen is is het Drempelbedrag 1000 drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat. (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 Kwartaal 2 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
Kwartaal 3
Kwartaal 4
11.476
13.739
11.217
11.738
90
91
92
92
128
151
122
128
Overlopende activa
Overlopende activa (* € 1.000) GGD RIGG Totaal
31-12-2021 31-12-2022 74 166 33 5 107 171
De overlopende activa van de GGD ultimo 2022 betreft enkele vooruitbetaalde posten die betrekking hebben op het jaar 2023. Ook is sprake van een aantal waarborgsommen voor gehuurde locaties.
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2022
91
6.5.
Toelichting balans Passiva
Reserves
Reserves (*€ 1.000)
Betreft
Saldo 31-12- Bestemming Saldo 1-1- Mutatie Saldo 31-122021 resultaat 2021 2022 2022 2022