CConstaterende datVeendam
Koppel je AI →
Document · PDF

06-02 Bijlage 1 - Jaarrekening en Jaarverslag Winkler Prins 2024

Commissie Sociaal Domein 7 oktober 2025, gemeente VeendamBij agendapunt: Jaarverslag en jaarrekening Winkler Prins 202431.796 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

De slagingspercentages zijn in lijn met de periode voor de COVID-uitbraak. Er zijn twee examencommissies, voor vmbo en voor havo/vwo, binnen Winkler Prins opgezet. De examencommissies bestaan elk uit drie leden, waaronder de examensecretarissen. Om de kwaliteit van het schoolexamen te borgen zijn de PTA’s, net als in voorgaande jaren, gecontroleerd door de examencommissies en de deelschooldirecteuren. De controle was gericht op volledigheid en op de relatie tussen het schoolexamen en de domeinen en eindtermen van het eindexamen. - Werkdrukmiddelen In het Onderhandelaarsakkoord CAO-VO 2022/2023 is t.a.v. de werkdruk het volgende afgesproken: ‘Vanaf het schooljaar 2022/2023 is er voor het VO structureel € 300 miljoen beschikbaar voor maatregelen voor werkdrukverlichting. Het bedrag wordt verdeeld over alle schoolbesturen aan de hand van een tarief per leerling. Cao-partijen hebben afgesproken dat € 150 miljoen wordt besteed met een collectieve aanpak waarin schoolleiders, leraren en ondersteunend personeel in overleg treden over de te nemen maatregelen. Daarnaast is er € 150 miljoen beschikbaar voor een individuele component waarbij elke medewerker recht heeft op extra tijd voor taakverlichting.’ Het beschikbare budget per school is € 335,95 euro per AVO-leerling en is € 503,93 per leerling van het beroepsgerichte onderwijs.

Het totale budget op jaarbasis voor Winkler Prins komt daarmee op € 717.423,00. Voor het collectief deel is het budget dan € 358.711,50 Het collectief deel is verdeeld naar organisatorische eenheden. Op teamniveau is bepaald hoe deze middelen in te zetten. In de PMR is vastgesteld dat de inzet van deze middelen in overleg met de collega’s correct is gebeurd. Inzet individuele werkdrukmiddelen Inleiding Binnen Winkler Prins hebben wij afspraken gemaakt over de invulling van het individueel keuzebudget ten behoeve van werkdrukvermindering. Deze afspraken staan beschreven in de “Regeling Levensfasebewust personeelsbeleid 2018” en de aanvullende notitie “Individueel keuzebudget OP schooljaar 2023-2024 ten behoeve van werkdrukvermindering van maart 2023”. De wijzigingen in de CAO VO 2023-2024 zijn aanleiding geweest om een nieuwe regeling op te stellen. Deze regeling Levensfasebewust personeelsbeleid gaat over het basisbudget voor alle medewerkers van 90 klokuren (naar rato). In deze regeling geeft Winkler Prins nader vorm aan het basisbudget als aanvulling op de wet- en regelgeving uit de CAO. Een verdere uitwerking van de afspraken rondom dit thema is te vinden in de CAO VO 20232024, hoofdstuk 7.

Jaarverslag en jaarrekening 2024

29

Algemene informatie a. De inzet van het basisbudget leidt niet tot vermindering van de normjaartaak; b. Dit basisbudget geldt ook voor medewerkers met een dienstverband wegens vervanging bij ziekte; Zij zijn echter uitgesloten van de keuzemogelijkheden en kunnen het persoonlijk basisbudget alleen besteden in de vorm van een verhoging van het uurloon met de factor 1,05; c. Uitgesloten van deze regeling zijn: startende docenten die 20% resp. 10% lesreductie krijgen, Leraren in Opleiding (LIO) en uitzendkrachten; d. Het basisbudget wordt per maand opgebouwd naar rato en duur van de omvang inclusief tijdelijke uitbreidingen. Keuzemogelijkheden Volgens de cao vo mag (een deel) van het basisbudget ingezet worden voor: • Lestaakvermindering dan wel taakverschuiving binnen de kaders van de (organisatorische) mogelijkheden; • Seniorenverlof (voor medewerkers 57 jaar en ouder, 50 klokuren) • Bijdrage in kosten kinderopvang, 50 klokuren;* • Bijdrage aan pensioenopbouw (50 klokuren, binnen de fiscale mogelijkheden); • De werknemer tot en met schaal 8 kan ervoor kiezen zij basisbudget op jaarbasis te laten uitbetalen.

Winkler Prins biedt de volgende extra mogelijkheden aan: • Het bruto bedrag van het basisbudget mag voor maximaal 50 uur ingezet worden voor werkgerelateerde scholing als aanvulling op de “Regeling vergoeding scholing en studiekosten Winkler Prins”; • Maximaal 40 klokuren kunnen worden ingezet voor verlof; • Maximaal 50 klokuren kunnen worden uitbetaald, met uitzondering van de werknemer tot en met schaal 8. *Voor alle medewerkers geldt dat zij 50 uren naar rato kunnen laten uitbetalen. Dit kan ingezet worden voor een bijdrage aan kinderopvang.

Uren 50 klokuren

OP

OOP • • • • •

40 klokuren

30

• • • •

Lestaakvermindering Taakverschuiving Seniorenverlof Bijdrage pensioenopbouw Werkgerelateerde scholing Uitbetalen Lestaakvermindering Taakverschuiving Verlof

• • • • • • •

Directie Taakverschuiving Seniorenverlof Bijdrage pensioenopbouw Werkgerelateerde scholing Uitbetalen Verlof Uitbetalen tot en met schaal 8

•

Taakverschuiving Seniorenverlof Bijdrage pensioenopbouw Werkgerelateerde scholing Uitbetalen

•

Verlof

• • • •

Jaarverslag en jaarrekening 2024

3.

Kwaliteit

Winkler Prins krijgt vanuit verschillende invalshoeken een beeld van de kwaliteit van de school zoals deze door anderen wordt ervaren. 3.1 Kwaliteitsprofiel 2019-2024 Het kwaliteitsprofiel 2019-2024 bevat een historisch overzicht van een groot aantal indicatoren waaruit de kwaliteit van de school over meerdere jaren valt af te lezen. 3.2 Kwaliteitsoordeel Inspectie: Toezichtkaderarrangement Een belangrijke graadmeter is het oordeel van de Inspectie van het Onderwijs. Als een school of opleiding bij een onderzoek aan de wettelijke eisen voor basiskwaliteit voldoet, krijgt de school het oordeel ‘voldoende’. Scholen die niet aan de basiskwaliteit voldoen, krijgen het oordeel ’onvoldoende’. Deze scholen kunnen zelfs het oordeel ‘zeer zwak’ krijgen als ze beneden de wettelijke norm presteren. Naast deze oordelen kan de inspectie de waardering ‘goed’ geven. ‘Goed’ is dus geen oordeel maar een waardering, want oordelen worden uitsluitend gegeven op basis van wettelijke vereisten. Een waardering wordt gegeven door analyse van de eigen ambities van een school en de realisatie daarvan en heeft tot doel om de scholen en besturen te stimuleren tot verdere kwaliteitsverbetering. Mogelijke oordelen voor scholen/opleidingen: • Zeer zwak • Onvoldoende • Voldoende • Waardering ‘goed’. Aan de scholen van Winkler Prins is in 2024 het volgende oordeel gegeven.

Voor de deelschool praktijkonderwijs geldt daarnaast de waardering ‘goed’. Kwaliteitsoordeel Inspectie VO Toezichtkader arrangement

Beoordeling

Waardering

Vwo

Voldoende

-

Havo Mavo

Voldoende Voldoende

-

Kader Basis

Onvoldoende Onvoldoende

-

Praktijkonderwijs

Voldoende

Goed

3.3 Kwaliteitsoordeel Inspectie: Onderwijsresultaten Het oordeel over de opbrengsten van een schoolsoort binnen een school wordt gegeven door de Inspectie van het Onderwijs en is gebaseerd op de opbrengsten van de afgelopen drie jaren. Het onderwijsresultatenmodel bestaat uit de volgende vier indicatoren: • Onderwijspositie ten opzichte van het advies Primair Onderwijs (PO): de positie in het derde leerjaar ten opzichte van het advies van de basisschool; • Onderbouwsnelheid: percentage onvertraagde studievoortgang in het eerste en tweede leerjaar; • Bovenbouwsucces: percentage onvertraagde studievoortgang vanaf het derde leerjaar per afdeling; • Examencijfers: gemiddeld cijfer centraal examen van alle vakken per afdeling. Voor elk van deze indicatoren bepaalt de Inspectie een minimale norm. Deze norm wordt voor een aantal jaren vastgelegd, zodat scholen voor een langere periode precies weten waar ze aan moeten voldoen om de kwalificatie ‘boven de norm’ te halen. De Inspectie van het Onderwijs heeft besloten dat scholen in het schooljaar 2021-2022 niet beoordeeld worden op de resultaten. De inspectie wil zo in haar oordelen rekening houden met de omstandigheden die zijn ontstaan door de maatregelen vanwege het coronavirus. Voor alle onderwijsniveaus van Winkler Prins is derhalve op de genoemde indicatoren geen beoordeling gegeven van de Onderwijsinspectie.

Jaarverslag en jaarrekening 2024

31

Kwaliteitsoordeel Inspectie VO Onderwijsresultaten

Beoordeling

Vwo

Voldoende

Havo

Voldoende

Mavo

Voldoende

Kader

Voldoende

Basis Praktijkonderwijs

Voldoende N.v.t.

3.4 Examenresultaten 2024 Traditiegetrouw kent Winkler Prins goede examenresultaten. De percentages verhouden zich goed tot het landelijk gemiddelde. Hieronder volgt de tabel met de examenresultaten per deelschool. Slagingspercentage % Winkler Prins

% Landelijk

Basis Kader

100 % 100 %

97,2% 95,4%

Mavo

92,8%

91,5%

Havo Vwo

95,3% 85,5%

88,0% 90,8%

3.5 Opbrengsten school voor praktijkonderwijs 2024 12 leerlingen verlieten de school voor praktijkonderwijs waarbij: ● 4 leerlingen een baan hebben gekregen; ● 7 leerlingen via een entree traject doorgaan naar MBO2 BOL/BBL; ● 1 leerling volgt een dagbestedingstraject bij de gemeente Hunze en A. Van deze 12 leerlingen behaalden: ● 12 leerlingen een Vca-certificaat; ● 2 leerlingen een schoonmaakcertificaat; ● 4 leerlingen een certificaat werken in de keuken; ● 2 leerlingen een certificaat bediening; ● 6 leerlingen diploma MIG/Mag lassen 1; ● 2 leerlingen diploma MIG/MAG lassen 2; ● 1 leerling diploma TIG 1 lassen; ● 1 leerling diploma TIG 2 lassen; ● 9 leerlingen heftruck certificaat; ● 3 leerlingen een reachtruck certificaat. 3.6 Excellente leerlingen Voor leerlingen die meer vakken aankunnen, bestaat de mogelijkheid om meerdere vakken en/of profielen te volgen. Daarnaast kunnen leerlingen cum laude afstuderen. Zie onderstaand schema per deelschool: Deelschool

Extra vak(ken)

Vwo Havo Mavo Kader/basis

32

Cum laude

1

2

3

2

3

4

1

-

14

-

-

2

-

-

8

-

-

32 -

Extra profielen

-

-

46 -

4 -

4 -

Jaarverslag en jaarrekening 2024

3.7 Onderwijstijd De urennormen in het voortgezet onderwijs gelden niet per leerjaar en per leerling, maar per opleiding bij onderwijstijd. Elke leerling moet een programma kunnen volgen van 3700 uur voor het vmbo, 4700 uur voor de havo, 5700 uur voor het vwo en 6000 voor het praktijkonderwijs. Het totaal van de gerealiseerde onderwijstijd schooljaar 2023-2024 op Winkler Prins lag 3,1% boven de wettelijk te realiseren onderwijstijd. Met het oog op de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt moeten we er rekening mee houden dat het steeds een groter probleem zal worden onderwijstijd te realiseren. Vandaar dat er op landelijk niveau (bij ministerie, vakbonden en werkgevers) wordt nagedacht over verlaging van de wettelijke urennormen voor onderwijstijd, in combinatie met aanpassing van het curriculum. 3.8 Klachten en bezwaren Onze school heeft een klachtenregeling waarin wordt beschreven hoe leerlingen, ouders en medewerkers hun klacht het beste kenbaar kunnen maken. Wanneer een klacht niet in goed overleg met de direct betrokkene kan worden opgelost, wordt de klacht behandeld volgens deze regeling. Een klacht wordt meestal ingediend bij de deelschooldirectie. In bijna alle gevallen wordt een klacht in goed overleg opgelost. Men kan ook contact opnemen met de vertrouwenspersonen waarvan er op onze school twee werkzaam zijn.

Als dat niet lukt, dan kunnen meer formele wegen bewandeld worden door het indienen van een klacht bij het bevoegd gezag. Wanneer deze interne klachtenafhandeling niet tot een goede oplossing leidt, kan een klacht buiten de school worden ingediend bij de Landelijke Klachten Commissie (LKC) waarbij Winkler Prins is aangesloten. In 2023 zijn geen klachten ingediend bij de LKC. De klachtenregeling geldt niet voor klachten over personele aangelegenheden en arbeidsrechtelijke beslissingen. Hiervoor kunnen medewerkers kiezen voor de Bezwarenprocedure Winkler Prins 2014. Deze procedure biedt medewerkers de mogelijkheid bezwaar te maken bij de Bezwarencommissie wanneer men het niet eens is met een besluit dat is genomen namens of door het bevoegd gezag. Er is in 2024 geen bezwaar binnengekomen bij de Bezwarencommissie. 3.9 Jaarverslag interne vertrouwenspersonen De vertrouwenspersonen hebben een jaarverslag over het schooljaar 2023-2024 aangeleverd. Hieronder een samenvatting uit dit jaarverslag: Overzicht percentage klachten bij vertrouwenspersonen Soorten klachten:

2023-2024

Communicatie

21%

Optreden tegen leerling

3%

Schoolorganisatie

15%

Klachtbehandeling door school

3%

Onderwijskundige begeleiding

6%

Veiligheid

18%

Pesten

9%

LHTB-intimidatie Agressie/geweld

6%

Discriminatie Overig

18%

Totaal aantal klagers

17

Het aantal klagers dat zich bij de vertrouwenspersonen heeft gemeld in schooljaar 2023-2024 is iets hoger ten opzichte van schooljaar 2022-2023: van 14 naar 17. Op een totaal van ongeveer 2.000 leerlingen, 4.000 ouders/verzorgers en 250 medewerkers is 17 klagers een bescheiden aantal, al is elke klacht er een te veel. Vanaf schooljaar 2022-2023 is er ook een externe vertrouwenspersoon ingesteld. De externe vertrouwenspersoon geeft advies bij vragen over integriteit en bij vermoedens van misstanden. De route naar de externe vertrouwenspersoon loopt via de interne vertrouwenspersonen. De externe vertrouwenspersoon heeft in schooljaar 2023-2024 geen meldingen gehad.

Jaarverslag en jaarrekening 2024

33

Het merendeel van de klachten heeft als onderwerp veiligheid. Enkele zaken waren gerelateerd aan seksueel grensoverschrijdend gedrag. Er is hier sprake van een kleine toename ten opzichte van voorgaande jaren. Dit beeld komt ook naar voren in de rapportage van de LKC (2023). Er is uiteindelijk geen enkele klacht ingediend bij de LKC (landelijke klachtencommissie). Vaak is de verdeling van klagers (leerlingen/ouders/medewerker) ongeveer gelijk. 3.10 Sociale veiligheid Naar aanleiding van een aantal landelijke incidenten met ernstige afloop heeft de rijksoverheid in 2013 aan schoolbesturen de verplichting opgelegd meer aandacht te schenken aan de sociale veiligheid van leerlingen en medewerkers op school. Het bestuur moet ervoor zorgen dat een of meer personen verantwoordelijk zijn voor de coördinatie van deze sociale veiligheid. Binnen onze school is het sociale veiligheidsteam hiervoor verantwoordelijk. Het team bestaat uit een schoolbrede sociale veiligheidscoördinator (ook aandachtsfunctionaris) en een sociale veiligheidscoördinator (ook antipestcoördinator) binnen elke deelschool. Dit team werkt aan de hand van een jaaragenda aan diverse thema’s ter bevordering van de sociale veiligheid. Daarnaast zijn zij een vraag- baak voor medewerkers, ouders/verzorgers en leerlingen als het gaat om sociale veiligheidsvraagstukken.

Er is binnen de hele school ruim aandacht besteed aan jaarlijks terugkerende thema’s, zoals de gouden weken en (gender)diversiteit tijdens Paarse Vrijdag. 3.11 Klokkenluidersregeling De school heeft een klokkenluidersregeling. In 2024 zijn geen meldingen van een misstand gedaan. 3.12 Tevredenheidsonderzoeken Het systematisch evalueren van onze kwaliteit heeft onze voortdurende aandacht. Scholen zijn verplicht om elk jaar een tevredenheidsonderzoek af te nemen onder alle leerlingen en ouders. De tevredenheidsonderszoeken worden uitgevoerd op specifieke thema’s zoals leerling tevredenheid, schoolklimaat en veiligheid. De resultaten geven een impuls tot verdere verbetering van onze kwaliteit en onze schoolcultuur. In het voorjaar van 2024 is de ouder- en leerling tevredenheid gemeten. Het gemiddelde tevredenheidscijfer van de leerlingen is een 6,2 en het gemiddelde tevredenheidscijfer van de ouders is een 7,3. 3.13 Scholen op de Kaart Op onze website kan via Scholen op de Kaart de resultaten per locatie worden bekeken. Ook is het een ideaal instrument waarmee scholen op velerlei punten kunnen worden vergeleken. Het ‘rapport’ van Scholen op de Kaart bevat 20 onderdelen (indicatoren) die aangeven hoe de school presteert. Scholen op de Kaart werkt met gegevens van de Onderwijsinspectie, die ook gebruikt worden voor het Onderwijsresultatenmodel.

Scholen op de Kaart voegt daar extra indicatoren aan toe, zoals tevredenheid, veiligheid, personeel en financiën. Zo kan een genuanceerder en eerlijk beeld worden gegeven van wat een school daadwerkelijk presteert. Zie ook www.scholenopdekaart.nl voor een vergelijking met andere scholen. Sinds kort is er ook een vergelijkingssite waarbij inzage gekregen kan worden over een aantal indicatoren van schoolbesturen waaronder: financieel, opbouw medewerkersbestand, ziekteverzuim, locaties e.d. Zie ook www.schoolbesturenopdekaart.nl voor een vergelijking met andere schoolbesturen. Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) In 2024 zijn er in totaal 38 nieuwe medewerkers in dienst getreden bij Winkler Prins. Voor al deze medewerkers is een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) aangevraagd. Een geldige VOG moet vóór de indiensttreding worden overlegd en mag niet ouder zijn dan zes maanden. Van alle nieuwe medewerkers was vorig jaar een geldige VOG aanwezig voor de datum in dienst. Daarnaast zijn er in 2024 twee medewerkers toegevoegd aan AFAS die niet in loondienst zijn van Winkler Prins. Dit betreft een externe AFAS applicatiebeheerder en een externe roostermaker. Zij zijn als medewerker aan AFAS toegevoegd zodat zij toegang en rechten in AFAS hebben. Ook van hen is een geldige VOG bij ons aanwezig. Zouden we deze twee medewerkers mee tellen, dan is het aantal 40.

34

Jaarverslag en jaarrekening 2024

Ons beleid is, dat niemand in loondienst kan starten zonder dat wij een geldige VOG hebben ontvangen. Er zijn 2 VOG’s te laat ontvangen bij nieuwe personen niet in loondienst met een VOG-verplichting; externe applicatiebeheerder en -ontwikkelaar een vrijwilliger Tabel tijdige aanwezigheid verklaring omtrent het gedrag Nieuwe VOG aanwezig op VOG te laat aanwezig VOG's in ingangsmoment (tussen 1 en 5 2024 rapporteert u met '<5') Nieuwe medewerkers in loondienst Nieuwe personen niet in loondienst met VOGverplichting

VOG niet aanwezig (tussen 1 en 5 rapporteert u met '<5')

38

38

x

x

71

69

<5

x

Wij hebben onze accountant geen opdracht gegeven een controle uit te voeren op de tijdige aanwezigheid van VOG.

Jaarverslag en jaarrekening 2024

35

4.

Toezicht en bestuur

4.1 Code Goed Onderwijsbestuur VO 2024: verslag van de bestuurder Binnen de sector voortgezet onderwijs geldt de Code Goed Onderwijsbestuur VO. Deze code is gebaseerd op vier principes: verantwoordelijkheid, professionaliteit, integriteit en openheid. Deze principes vormen de basis voor de wijze waarop bestuur en intern toezicht belangen afwegen en hun koers bepalen. De code is zo bedoeld om verdere bewustwording van de genoemde principes, kritische reflectie op de toepassing hier- van en het waardegedreven handelen van bestuur en intern toezicht te stimuleren. Door te kiezen voor een principle-based code wordt er een groter beroep gedaan op de verantwoordelijkheid van schoolbesturen en intern toezichthouders. De code kent ook vier ‘pas toe-bepalingen’, die gelden voor de sectororganisatie VO- raad (waar Winkler Prins lid van is) en waaraan vanzelfsprekend moet worden voldaan. Hieronder volgt een uitwerking. Het bestuur publiceert: a. Het jaarverslag, conform de Regeling Jaarverslaglegging Onderwijs b. De statuten c. Het bestuursreglement d. De samenstelling, nevenfuncties (zowel bezoldigd als onbezoldigd) en honorering van bestuur en toezichthouders e. De klachtenregeling f. De klokkenluidersregeling; g. De integriteitscode. De genoemde onderwerpen staan beschreven in het jaarverslag, dan wel in het handboek Governance Winkler Prins.

Beide documenten staan op www.winklerprins.nl. Het bestuur rapporteert: In het jaarverslag over de wijze waarop de evaluatie van het bestuur door het interne toezicht heeft plaatsgevonden. Verantwoording De Raad van Toezicht heeft een Toezicht- en toetsingskader Raad van Toezicht en een Beoordelingskader bestuurder opgesteld (www.winklerprins.nl). Hierin zijn de volgende beoordelingsdomeinen opgenomen: 1. Functioneren bestuurder; 2. Instandhouding + strategische en operationele risico’s; 3. Kwaliteit; 4. Financieel beheer en treasurybeleid. Aan de hand van het Toezicht- en toetsingskader Raad van Toezicht en een Beoordelingskader bestuurder hebben de Raad van Toezicht en de bestuurder jaardoelen voor de bestuurder voor 2024 afgesproken. Gedurende het schooljaar zoekt de Raad van Toezicht het contact met de Medezeggenschapsraad en het Managementteam om zich te laten informeren en een beeld te krijgen van hoe de beleving binnen de school is met betrekking tot het functioneren van de bestuurder. De remuneratiecommissie van de Raad van Toezicht heeft het jaarlijkse functioneringsgesprek met de bestuurder gevoerd.

Hierbij is gesproken over de voortgang van het voorgaande jaar aan de hand van de afgesproken doelen, waaronder de handhaving van het kwaliteitsprofiel, de voortgang van de onderwijskundige ontwikkelingen, de voortgang van de huisvesting, de regionale samenwerking en de professionalisering van de bestuurder. Nevenfuncties bestuurder In het Handboek Governance Winkler Prins is een Reglement Criteria nevenfuncties bestuurder Winkler Prins opgenomen. In 2024 heeft de bestuurder conform dit Reglement gehandeld. Het Handboek Governance Winkler Prins staat op www.winklerprins.nl. Integriteit, nevenfuncties en tegenstrijdige belangen RvT In het Handboek Governance Winkler Prins is een regeling Integriteit, nevenfuncties en tegenstrijdige belangen RvT. In 2024 voldoen alle toezichthouders aan deze lidmaatschapseis. Het Handboek Governance Winkler Prins staat op www.winklerprins.nl.

36

Jaarverslag en jaarrekening 2024

Handboek Governance Stichting Winkler Prins In 2017 is het Handboek Governance Stichting Winkler Prins opgesteld, de laatste versie dateert uit 2024. Het handboek heeft tot doel om het bestuurlijk en toezichthoudend proces binnen de organisatie op een transparante wijze vast te leggen ten behoeve van de interne en externe belanghebbenden. In het Handboek zijn de regels met betrekking tot het bestuurlijk en toezichthoudend proces opgenomen. Het kader waarbinnen het bestuurlijk en toezichthoudend proces vorm krijgt bestaat op hoofdlijnen uit de toepasselijke wetgeving, de Stichtingsstatuten en de Sectorcode VO. Het Handboek beschrijft volgens welke regels en procedures binnen het geschetste kader (de voorbereiding van) de besluitvorming en het toezicht daarop verlopen. Ook de formele structuur van de organisatie met een beschrijving van de functionarissen, hun rol en hun profiel maakt deel uit van het Handboek. 4.2

Code Goed Bestuur: verslag van de Raad van Toezicht

Positie Raad van Toezicht De Raad van Toezicht van Winkler Prins houdt toezicht op het beleid en het functioneren van het bestuur. De taken, bevoegdheden en werkwijze van de Raad zijn vastgelegd in de statuten en nader uitgewerkt in een Toezichtkader- en toetsingskader Raad van Toezicht en een Reglement intern toezicht. Deze documenten zijn onderdeel van het Handboek Governance Winkler Prins. Samenstelling en rooster van aftreden Raad van Toezicht Winkler Prins Per 1 januari 2024 zijn twee nieuwe leden toegetreden tot de Raad van Toezicht; mevr. C. Bakema en mevr. E. Borstlap. De Raad van Toezicht bestaat daarmee in 2024 uit 7 leden. Op 31 december 2024 zijn drie leden van de Raad afgetreden, dhr. J. Cooijmans, dhr. J.B. Rijpkema en dhr. R. Schilt. Per 1 januari 2025 zal de heer J.P. Russchen aantreden, dan bestaat de Raad uit 5 leden. Per 1 januari 2025 zal mevr. D. Jensma als Trainee toetreden tot de Raad van Toezicht. Op 31 december 2024 bestond de Raad van Toezicht uit de volgende leden: Naam

Aftredend Benoemd

Dhr. J. Cooijmans Dhr. J.B. Rijpkema Dhr. R. Schilt Dhr. M. Hovinga Dhr. J. Vogel Mevr. C. Bakema Mevr. E. Borstlap

2023

2024

2025

2026

2027

2028

2029

2030

2015 2015 2015 2023 2023 2024 2024 Eerste benoeming Aftredend, nog éénmaal herbenoembaar Aftredend, niet herbenoembaar

Activiteiten van de Raad van Toezicht De Raad heeft het afgelopen jaar vijf keer vergaderd. De belangrijkste besluiten van de Raad waren: • Goedkeuring jaarverslag en jaarrekening 2023; • Vaststellen jaardoelen van de bestuurder; • Goedkeuring begroting 2025; • Goedkeuring Beleidsplan en begroting 2025; • Voordracht benoeming twee leden Raad van toezicht aan gemeente. Jaarverslag en jaarrekening 2024

37

Locatiebezoeken hebben in 2024 plaatsgevonden op 28 februari en 16 oktober. In 2024 heeft de Raad van Toezicht twee keer overleg gevoerd met afzonderlijk de MR en het managementteam. De Raad van Toezicht heeft zijn functioneren geëvalueerd. De uitkomsten daarvan worden in actielijsten opgenomen. Van de zelfevaluatie wordt een kort verslag opgemaakt. De zelfevaluatie is extern begeleid Commissies De Raad van Toezicht kent drie vaste commissies: een Auditcommissie, een Remuneratiecommissie en een commissie Kwaliteit, Onderwijs & Personeel. De Auditcommissie ondersteunt bij het uitvoeren van de verantwoordelijkheden van de Raad van Toezicht als intern toezichthoudend orgaan, specifiek bij het uitoefenen van het toezicht op de financiële sturing door het bestuur. De Auditcommissie bestond in 2024 uit dhr. J. Cooijmans en mevr. E. Borstlap. De Auditcommissie heeft overleg gevoerd over de jaarrekening 2023 en de begroting 2025. De jaarrekening is door de Raad van Toezicht goedgekeurd na ook de accountant ter vergadering daarover te hebben gesproken. In 2024 is ook een nieuwe accountant gevonden. De Remuneratiecommissie ondersteunt de Raad van Toezicht bij het uitvoeren van de verantwoordelijkheden als intern toezichthoudend orgaan, specifiek bij het uitoefenen van de werkgeversrol richting het bestuur. De commissie bestond in 2024 uit dhr. M. Hovinga, dhr. J.B. Rijpkema en dhr. R.

Schilt. De commissie heeft de Raad van Toezicht geadviseerd over beloning van de bestuurder, en heeft het jaarlijkse functioneringsgesprek gevoerd met de bestuurder. Ook heeft de commissie advies verleend over het door de Raad van Toezicht genomen ontslagbesluit van de bestuurder en heeft zij daarover de gesprekken met de bestuurder gevoerd. Naar aanleiding van het vertrek van drie zittende leden van de Raad zal in 2025 de samenstelling van de commissie worden aangepast. Code Goed Bestuur In 2019 is er een nieuwe Code Goed Bestuur verschenen. De Raad van Toezicht heeft besloten ook deze Code over te nemen en deze wordt door de Raad van Toezicht wederom onderschreven en hanteert deze als uitgangspunt voor zijn handelen. De Raad van Toezicht houdt zich aan de lidmaatschapseisen uit de Code en ziet erop toe dat ook Winkler Prins dat doet. De Raad van Toezicht volgt de richtlijnen uit de Code in beginsel ook op; het daarvan afwijken behoort een uitzondering te zijn, waarbij de Raad van Toezicht zich houdt aan het beginsel ‘pas toe of leg uit’. De Raad van Toezicht heeft overleg gevoerd over zijn opleidingsplan, waarbij is afgesproken dat ieder afzonderlijk lid zelf de verantwoordelijkheid heeft voor zijn opleiding en dat hij de opgedane kennis ook zal delen met de andere leden van de Raad van Toezicht. Voor het overige wordt de Code integraal toegepast.

In 2024 zal in verband met de scholing en na zelfevaluatie worden bepaald of het opleidingsbeleid aanpassing verdient. Algemene beschouwing op het beleid van Winkler Prins De Raad van Toezicht constateert dat Winkler Prins de op basis van het vastgestelde en goedgekeurde beleidsplan al ingezette lijn om de kwaliteit van onderwijs, met oog voor de eigen talenten, capaciteiten en eigenschappen van de individuele leerlingen, op het al bestaande hoge niveau heeft weten te handhaven. Waarbij opgemerkt dat de afdelingen Basisberoeps en Kaderberoeps in mei een onvoldoende beoordeling hebben gekregen voor het pedagogisch didactisch handelen. Daarbij was en is er uiteraard ook aandacht voor professionele ruimte voor medewerkers en hun continue ontwikkelingen bij werken in professionele leernetwerken. Dit alles in een gezonde organisatie. De organisatie is op orde. Er is sprake van professioneel HR-beleid, een goede staforganisatie en adequate communicatie met alle stakeholders. Ook financieel is de organisatie in balans en is er goed zicht op de verplichtingen op toekomstige inkomsten en uitgaven. De raad heeft ook geen onregelmatigheden geconstateerd en er is sprake van doelmatig en rechtmatig financieel beleid. Met de bestuurder zijn in november 2023 op hoofdlijnen jaardoelen besproken. Deze jaardoelen zijn twee keer per jaar onderwerp van gesprek.

38

Jaarverslag en jaarrekening 2024

De Raad van Toezicht heeft zich ook in 2024 met de nodige regelmaat op de hoogte laten stellen door de bestuurder over alle relevante ontwikkelingen rond en in de school. Ook ontving de Raad van Toezicht alle communicatie-uitingen die de bestuurder aan personeel en ouders het afgelopen jaar gedaan heeft om hen op de hoogte te houden van alle relevante gebeurtenissen op school. Het jaarlijkse Beleidsplan & begroting, het Jaarverslag & jaarrekening met daarin de continuïteitsparagraaf laten zien dat de bedrijfsvoering ook in 2024 gericht is op het besteden van onderwijsgeld op een doelmatige en rechtmatige manier, gericht op goed onderwijs voor leerlingen. De vereiste doelmatigheid uit zich in de samenkomst van de zorg voor de onderwijskwaliteit en een verantwoorde en op onderwijskwaliteit gerichte inzet van middelen. De financiële huishouding van Winkler Prins is op orde en de continuïteit op lange termijn is eveneens gewaarborgd. Het relatief omvangrijke eigen vermogen wordt gelegitimeerd door de op korte termijn voorziene investeringen. Verder wordt de doelmatigheid en rechtmatigheid door de Raad van Toezicht getoetst aan de hand van de rapportages van en in de gesprekken met de accountant en de controller van Winkler Prins, veelal in vooroverleg door de Auditcommissie van de Raad van Toezicht.

De Raad van Toezicht maakt hierbij ook gebruik van bestuurs- en benchmarkrapportages bijvoorbeeld vanuit Vensters (het informatiesysteem van de sectororganisatie VO-raad) en VOION (arbeidsmarkt- en opleidingsfonds voor het onderwijs). Daarin wordt het beeld van een doelmatige en rechtmatige besteding van de beschikbaar gestelde middelen bevestigd. De doelmatigheid van de ingezette middelen wordt ook benadrukt door de resultaten die door de leerlingen van de school zijn bereikt. Specificatie bezoldiging bestuur Voor de bezoldiging verwijzen wij naar de jaarrekening. Voor de bestuurder geldt dat de Bestuurders CAO op hem van toepassing is en dat zijn beloning passend is binnen deze CAO en de geldende WNT-normen. 4.3 Beloningsbeleid Raad van Toezicht De leden van de Raad van Toezicht ontvingen voor hun werkzaamheden een vaste jaarlijkse bruto vacatieen onkostenvergoeding. Voor de aan de leden van de Raad van Toezicht uitgekeerde bedragen verwijzen wij u naar de jaarrekening in de bijlage. Beroep en nevenfuncties toezichthouders Naam Commissie(s) Benoemd Dhr. R. Schilt

Remuneratie

01-06-2015

Herbenoemd

Termijn

2021

Tweede

Aftredend/ herbenoembaar 2025

Te vermelden (neven)functies 2023: • Voorzitter Aequor Fonds Dhr. J.B. Remuneratie 01-06-2015 2021 Tweede 2025 Rijpkema Te vermelden (neven)functies 2023: • Advocaat • Lid RvT Stichting Talent Westerveld • Lid RvT Woningcorporatie Woonfriesland Dhr. J. Cooijmans, Audit 01-06-2015 2021 Tweede 2025 plv. voorzitter Te vermelden (neven)functies 2023: • Adviespraktijk J. Cooijmans Consulting, advisering, interim management en boardroom counseling in de publieke en private sector • Vicevoorzitter Raad van Commissarissen Elkien Wooncorporatie (t/m 23 november 2023) • Voorzitter Stichting st. Joriskerk Westerlee • Lid bestuur en penningmeester Stichting Revolverend Fonds Groningen • Lid Raad van Toezicht Ambion (Openbaar primair onderwijs in Joure en Heerenveen) • Voorzitter Raad van Toezicht Mee Noord • Voorzitter Raad van Toezicht Amaryllis • Voorzitter Raad van Toezicht Kunstpunt

Jaarverslag en jaarrekening 2024

39

Kwaliteit, Dhr. M. Onderwijs & 01-04-2023 Eerste 2027 Hovinga Personeel Te vermelden (neven)functies 2024: • Directeur Cluster Ambulant bij Cosis (hoofdfunctie) • Lid Raad van Toezicht Malkander, Ede (nevenfunctie) Kwaliteit, Dhr. J. Vogel Onderwijs & 01-04-2023 Eerste 2027 Personeel Te vermelden (neven)functies 2024: • Eigenaar Vogel Begeleiding & Advies (ZZP) • Voorzitter Raad van Toezicht van de Stichting Viviani te Emmen vanaf 1 november 2021 • Lid Raad van Toezicht van de Stichting Ultiem vanaf 1 januari 2018 • Extern beoordelaar van Penta Nova te Utrecht voor de Master Educational Leadership (MEL) Kwaliteit, Mevr. C. Onderwijs & Eerste Bakema Personeel 01-01-2024 Te vermelden (neven)functies 2024: • Directeur Facilitair Bedrijf Hanzehogeschool (hoofdfunctie) • Lid Raad van Toezicht Zonnehuisgroep Noord (nevenfunctie)

2028

Mevr. E. 01-01-2024 Eerste 2028 Audit Borstlap Te vermelden (neven)functies 2024: • Directeur-Bestuurder Woonborg · • Algemeen en dagelijks bestuurslid Nationaal Programma Groningen • Algemeen bestuurslid Aedes, vereniging woningcorporaties • Voorzitter deelnemersraad stichting Waarborgfonds Woningcorporaties Beroep en Nevenfunctie Bestuurder Naam Functie Leeftijd Dhr. J. de Wit

40

Bestuurder (vanaf 1/8/23)

61

Datum in dienst 01-08-2023

Start in functie Bestuurder

Uit dienst N.v.t.

Jaarverslag en jaarrekening 2024

5. Medezeggenschap De geledingen van de MR zijn in 2024 zes keer bijeengeweest. Naast de bijzondere onderwerpen, zoals taakbeleid, het strategisch beleidsplan 2024-2028 en de collectieve en individuele werkdrukmiddelen 20242025, is de MR in 2024 betrokken geweest bij jaarlijks terugkerende onderwerpen. Dit zijn onder andere de lessentabellen, bevorderingsnormen, doorstroomeisen, de vakantieregeling en de schoolgids. Vanuit de MR waren enkele leden afgevaardigd in werkgroepen en commissies. In overleg met elk van de drie geledingen zijn beleidsvoorstellen door de bestuurder toegelicht. Ook werden af en toe deelschool- of stafdirecteuren uitgenodigd voor een extra toelichting. De verschillende geledingen hebben in onderling overleg uitgebreid over de voorstellen gesproken. Uiteindelijk is, na zorgvuldig beraad, geadviseerd of instemming verleend. De MR heeft ook twee keer een gesprek gehad met de leden van de Raad van Toezicht over een aantal lopende onderwerpen. 6. Toekomst In samenwerking met omringende VO-scholen wordt vooruitgekeken naar de vorming van onderwijsregio's. Met ingang van 2025 wordt hiervoor een projectleider aangesteld. Ook zijn de eerste stappen gezet om regionaal het gebruik van uitzendkrachten te minimaliseren. Helaas blijkt dit voor het merendeel van de VO-scholen niet geheel haalbaar.

Jaarverslag en jaarrekening 2024

41

7.

Financiële situatie op balansdatum Exploitatie

Begroting

Exploitatie

2024

2024

2023

Baten Rijksbijdragen Overige overheidsbijdragen en -subsidies Overige baten

24.083.851

22.787.000

-

-

-

637.475

529.000

631.090

Totaal baten

24.721.326

23.432.786

23.316.000

24.063.876

Lasten Personele lasten

20.200.693

20.063.000

Afschrijvingen

1.098.977

854.000

829.958

Huisvestingslasten

1.143.512

1.163.000

1.177.316

Overige instellingslasten

2.665.942

Totaal lasten Saldo baten en lasten

19.056.207

2.381.000

2.430.973

25.109.123

24.461.000

23.494.453

387.797-

1.145.000-

569.423

Financiële baten en lasten Financiële baten

288.838

Financiële lasten

-

200.000

259.072

-

-

Saldo financiele baten en lasten

288.838

200.000

259.072

Nettoresultaat

98.959-

945.000-

828.495

Bestemmingsreserve maatwerktrajecten Bestemmingsreserve NPO

117.654-

167.000

207.669-

762.302

762.000

427.075-

26.417

19.000

30.774

Bestemmingsreserve Collectieve werkdrukmiddelen Bestemmingsreserve Professionalisering leraren Bestemmingsreserve Doorontwikkeling Onderwijs

169.129-

161.000-

198.028-

-

-

-

6.244

-

-

Nettoresultaat na bestemmingsreserve

409.221

158.000-

26.498

Rentabiliteit voor bestemmingsreserve

-0,40%

-4,05%

3,44%

Rentabiliteit na bestemmingsreserve

1,66%

-0,68%

0,11%

Bestemmingsreserve Capaciteitstesten

Saldo exploitatie Het resultaat in 2024, na onttrekkingen en toevoegingen aan bestemmingsreserves, is € 409.221. Dit komt neer op een rentabiliteit van 1,66%. Net als in voorgaande jaren wordt 2024 financieel gekenmerkt door verschillende onttrekkingen en toevoegingen aan bestaande bestemmingsreserves. Deze reserves hadden betrekking op diverse subsidies en inkomsten die in eerdere jaren waren gevormd, zoals de bestemmingsreserve Nationaal Programma Onderwijs. In 2024 is een eenmalige last in de Afschrijvingen ad € 195.700 opgenomen. Genormaliseerd wordt het nettoresultaat na bestemmingsreserve dan € 604.921, hetgeen een rentabiliteit is ad 2,45%. Hieronder worden de verschillen tussen de realisatie 2024, de begroting 2024 en de realisatie 2023 nader beschreven. De verschillen worden beschreven vanuit de jaarrekeningmodellen en betreffen de meest significante verschillen.

42

Jaarverslag en jaarrekening 2024

Baten: analyse t.o.v. de begroting 2024 De totale inkomsten zijn € 1.405.000 hoger dan begroot. De Basisbekostiging is € 439.000 hoger dan verwacht. Hoewel de begroting al een verhoging voorzag, is er meer geld ontvangen dan begroot vanwege hogere bekostiging door loon- en prijsaanpassingen in 2024. De baten van de Geoormerkte OCW-subsidies zijn € 642.040. Dit zijn baten vanuit de Regeling Sterk Techniekonderwijs 2020-2024. In de begroting was € 463.000 opgenomen. Door een uitbreiding van de subsidie met één jaar, kon er extra middelen worden ingekocht en geïnvesteerd. Dit heeft geleid tot deze extra baten. De Niet-geoormerkte OCW-subsidies bedragen € 248.000 meer. In 2024 zijn viertal nieuwe subsidies toegekend, de Subsidieregeling verbetering basisvaardigheden voor scholen 2024, Ontwikkelkracht 2024/2025, de subsidie Internationalisering funderend onderwijs en de subsidie Praktijkgericht vak gl en tl. De baten van deze subsidies zijn in 2024 € 111.000, hetgeen niet was begroot. De beschikking van de subsidie AB Onderwijskansen was € 67.000 hoger dan begroot. Door een prijsbijstelling van de bekostiging Werkdrukmiddelen was de bate € 74.000 meer dan begroot. De ontvangsten van het Samenwerkingsverband zijn bijna € 436.000 meer dan begroot. Op de eerste plaats was de daadwerkelijke beschikking € 154.000 meer dan begroot.

Op de tweede plaats is er in 2024 weer een niet begrote bedrag voor een totaal ad € 230.000 ontvangen met betrekking tot maatwerktrajecten. Dit bedrag is ten gunste van de bestemmingsreserve Maatwerktrajecten gedoteerd. Op de derde plaats is een Hoogbegaafdheid subsidie ontvangen voor in totaal € 52.000. De rubriek Overige baten bedraagt op totaalniveau € 108.000 meer dan begroot. De kantine baten zijn € 33.000 meer dan begroot. De bijdragen aan excursies en reizen zijn € 28.000 meer dan verwacht. Het Overig is € 34.000 meer dan begroot. Personele lasten: analyse t.o.v. de begroting 2024 De totale Personele lasten bedragen € 138.000 meer dan begroot. Er waren (exclusief vervanging en stagiaires) gemiddeld 203,87 fte’s werkzaam in 2024 (begroot 205,82). Voor vervanging is € 281.000 besteed, hetgeen nagenoeg gelijk is aan het begrote bedrag. Eind december is er een onderhandelaarsakkoord voor een nieuwe CAO VO afgesloten. De betaling van de 1,23% éénmalige uitkering is verwerkt in 2025, maar als last opgenomen in 2024. Dit omdat de baten daarvoor ook in 2024 in de financiële gegevens zijn opgenomen. De kosten van de personele voorzieningen zijn € 460.000 hoger dan begroot. Dit komt voornamelijk door een verschuiving van een post voor de Voorziening Leeftijdsbewust Personeelsbeleid.

Bij het opstellen van de begroting was het definitieve beleid nog niet vastgesteld, waardoor deze post bij de Brutolonen en salarissen was begroot. Hierdoor is er € 309.000 meer gedoteerd dan begroot. Uit de analyse blijkt dat er meer verlof is opgenomen dan verwacht, wat heeft geleid tot meer vrijval. Daarnaast is er een voorziening voor langdurig zieken van € 143.000. In het verleden werden deze lasten als verplichting opgenomen. Winkler Prins heeft als beleid om de uitkeringen na ontslag zo laag mogelijk te houden, zodat de kosten voor uitkeringen minimaal blijven. De Afdracht Uitkeringskosten bedragen € 31.000 lager dan begroot; in december is een onverwachte teruggave ad € 22.000 ontvangen, omdat landelijk de werkloosheidsuitkeringen lager waren dan verwacht. De post Overige bedraagt € 84.000 meer dan begroot. Er zijn meer kosten gemaakt voor scholing ad € 70.000, waarvan € 35.000 voor Passie in Techniek. Er is € 54.000 minder ontvangen voor uitkeringen voor zwangerschapsgelden en ouderschapsverloven. Afschrijvingen: analyse t.o.v. de begroting 2024 De Afschrijvingskosten zijn € 245.000 hoger dan begroot. Dit komt doordat er in 2024 een eenmalige inhaalafschrijving van € 196.000 is gedaan als correctie vanwege de desinvestering door de revitalisering van Raadsgildenlaan 1.

Daarnaast is er in 2024 extra geïnvesteerd in het programma Sterk Techniek Jaarverslag en jaarrekening 2024

43

Onderwijs, wat heeft geleid tot extra afschrijvingskosten van € 32.000. Verder zijn de reguliere afschrijvingskosten in 2024 € 12.000 hoger dan verwacht, voornamelijk door hogere uitgaven aan ICT in de Eindejaarsverwachting 2023. Huisvestingslasten: analyse t.o.v. de begroting 2024 De totale Huisvestingskosten zijn € 19.000 lager dan begroot. De onderhoudskosten zijn € 56.000 lager dan verwacht. Voor schoonmaakkosten is er € 25.000 meer uitgegeven. Overige lasten: analyse t.o.v. de begroting 2024 De totale Overige lasten bedragen € 285.000 meer dan begroot. De Administratie- en beheerslasten zijn € 117.000 meer dan begroot. De Algemene Automatiseringskosten zijn € 34.000 meer dan begroot. De kosten voor advies waren € 38.000 en de kosten voor Contributies/besturen organisaties € 27.000 meer dan begroot. Deze laatste overschrijding wordt met name veroorzaakt door een factuur ad € 22.000 betreffende “afdracht over 2024 voor de professionele ontwikkeling van schoolleiders”. Deze werd niet verwacht in verband met een gewijzigde administratieve afhandeling. Het overige is een saldo van plussen en minnen. De kosten voor Inventaris, apparatuur en leermiddelen zijn per saldo € 174.000 meer dan begroot. De kosten voor de Licenties software onderwijs & leermiddelen tezamen zijn € 69.000 meer dan begroot. De kosten voor iPads/laptops bedragen € 10.000 minder dan begroot.

De kosten voor Extern Onderwijs (o.a. Vavo) bedragen € 35.000 meer dan begroot. De Vakgroepkosten bedragen per saldo € 83.000 meer dan begroot. Voor Sterk Techniek Onderwijs zijn € 116.000 aan kosten verantwoord, waar € 10.000 was begroot. Deze lasten zijn ook onttrokken uit de subsidie. De kosten van de post Overige bedragen per saldo € 5.000 minder dan begroot. De inkoop van de kantine is € 20.000 meer dan begroot. Het overige is een saldo van plussen en minnen. Financiële baten en lasten: analyse t.o.v. de begroting 2024 In 2024 zijn de rentebaten € 289.000. De rente op de rekening-courant bij Schatkistbankieren is gelijk aan de EuroSTR-fixing. Gedurende het jaar daalt de rente van 3,9% aan het begin van het jaar naar 3,1% aan het einde van het jaar. Begroot was € 200.000. Baten: analyse t.o.v. de exploitatie 2023 De totale baten van 2024 zijn € 657.000 meer dan vorig jaar. De Basisbekostiging stijgt met € 1.175.000 ten opzichte van vorig jaar. In 2024 zijn de Geoormerkte OCW-subsidies € 154.000 meer dan het voorgaand jaar; dit zijn de subsidies met betrekking tot het project Sterk Techniekonderwijs 2020-2024. De Niet-geoormerkte OCW-subsidies dalen ten opzichte van het voorgaande jaar met € 870.000. Dit heeft onder andere te maken dat er in 2023 nog NPO-subsidies zijn ontvangen ad € 1.174.000.

Daarnaast is er in 2024 per saldo € 63.000 meer gelden als bate verantwoord met betrekking tot de G1-subsidies. Vanuit het Samenwerkingsverband is per saldo € 192.000 meer ontvangen. De reguliere beschikking is € 208.000 hoger dan vorig jaar, maar de eenmalige extra bedragen zijn € 62.000 lager dan vorig jaar. Daarnaast is er in 2024 € 46.000 meer aan subsidie voor Hoogbegaafdheid ontvangen. De rubriek Overige baten bedraagt € 6.000 meer dan het voorgaande jaar. Naast vele plussen en minnen wordt deze stijging mede veroorzaakt door de extra baten betreffende de kantine baten € 21.000 meer dan voorgaand jaar. Personele lasten: analyse t.o.v. de exploitatie 2023 De totale Personele lasten bedragen € 1.144.000 meer dan in 2023. De loonkosten per fte zijn 4,72% gestegen ten opzichte van het voorgaande jaar. De dotatie aan de Personele voorzieningen is € 9.000 minder dan in 2023 en de kosten voor Personeel niet in loondienst zijn € 159.000 minder dan het voorgaand jaar.

44

Jaarverslag en jaarrekening 2024

De post Overige is per saldo € 12.000 lager dan in 2023. Dit betreft met name meer scholing (€ 51.000), minder re-integratie kosten (€ 11.000) en minder werving en selectie kosten (€ 57.000). Ook zijn de ontvangen gelden betreffende de uitkeringskosten € 28.000 minder dan in 2023. Afschrijvingen: analyse t.o.v. de exploitatie 2023 De Afschrijvingslast is € 269.000 meer dan het voorgaand jaar. Genormaliseerd voor de eenmalige correctie ad € 57.000 in 2023 en de inhaalafschrijving ad € 196.000 in 2024 zijn de lasten € 16.000 meer. Huisvestingslasten: analyse t.o.v. de exploitatie 2023 De totale Huisvestingslasten zijn € 34.000 minder dan in 2023. De onderhoudskosten bedragen € 47.000 minder dan het voorgaand jaar. De kosten voor Energie en Water zijn € 50.000 minder en de Schoonmaakkosten zijn € 90.000 meer dan voorgaand jaar. Overige lasten: analyse t.o.v. de exploitatie 2023 De totale Overige lasten bedragen € 235.000 meer dan in 2023. Dit wordt veroorzaakt door vele plussen en minnen, zoals bijvoorbeeld hogere kosten voor Algemene Automatiseringskosten ad € 93.000 (o.a.

€ 12.000 ten behoeve van de inzet werkdukverlagende activiteiten en een € 10.000 extra kosten door een back-up oplossing van Office-365 omgeving, een € 26.000 verschuiving van één jaar in facturering in 2024 en € 21.000 creditering in 2023), meer kosten Software Licenties en Leermiddelen ad € 33.000, minder PR en-kosten ad € 74.000 door een verschuiving van een extern bureau naar eigen inzet Fte (€ 32.000), en meer kosten voor Vakgroepen € 100.000, met name door de uitputting van de extra STO subsidie van 2024. Personele lasten t.o.v. de totale lasten Het aandeel personele lasten in 2024 t.o.v. de totale lasten bedraagt 80,45%. In 2023 was dit 81,1% van de totale lasten. Onderlinge verdeling overige lasten In onderstaand tabel zijn de onderlinge verdeling van de overige lasten weergegeven.

Onderlinge verdeling overige lasten 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0%

0

Jaarverslag en jaarrekening 2024

0

0

0

exploitatie 2023

Begroting 2024

exploitatie 2024

0

45

Financiële baten en lasten: analyse t.o.v. de exploitatie 2023 In 2024 is voor € 30.000 meer aan rente ontvangen dan in 2023. Bestemmingsreserves gevormd in 2020 Op basis van de tussentijdse rapportage van het Samenwerkingsverband GO 20.02 werd in de forecast 2020 een significante toename van de liquide middelen verwacht door een hoger resultaat dan het begrote resultaat. Daardoor was de verwachting, dat ook een hoger eigen vermogen voor het SWV zou ontstaan dan gewenst volgens de meerjarenbegroting en in relatie tot de gewenste opbouw van het weerstandsvermogen. De minister van OCW had destijds al aangekondigd dat de middelen boven de signaleringswaarde mogelijk bij het SWV teruggehaald zouden worden. De Algemene Ledenvergadering van het SWV heeft eind 2020 dan ook besloten om nog een extra eenmalige uitkering te verstrekken aan de scholen. Winkler Prins heeft hierdoor in november 2020 € 124.842 ontvangen. Wij waren verplicht om deze ontvangst in de jaarrekening 2020 op te nemen als baten. De uitgaven en kosten werden vanaf het jaar 2021 gemaakt.

Deze eenmalige uitkering is in de schooljaren besteed voor uitbreiding van ons ondersteuningsaanbod en wel op een drietal gebieden nl.: • Ontwikkelen maatwerktrajecten binnen Winkler Prins voor leerlingen van Winkler Prins die anders richting het VSO verwezen worden (zo thuis nabij mogelijk onderwijs); • Ontwikkelen maatwerktrajecten VSO-Pro waarbij meer VSO-leerlingen dan voorheen niet meer worden geplaatst binnen het VSO, maar binnen het praktijkonderwijs met een intensiever ondersteuningsaanbod; • Ontwikkelen maatwerktrajecten voor hoogbegaafdheid en talentontwikkeling. In 2020 is voor bovenstaande een bestemmingsreserve gevormd ad € 124.842 en in 2021 is daar € 22.825 aan onttrokken. In 2022 is de eenmalige uitkering, ontvangen van het samenwerkingsverband ad € 126.637, aan deze reserve toegevoegd en zijn de kosten ad € 53.522 hieraan onttrokken. In 2023 zijn de eenmalige uitkeringen, ontvangen van het samenwerkingsverband ad € 292.531, aan deze reserve toegevoegd en zijn de kosten ad € 84.862 hieraan onttrokken. In 2024 is € 229.692 gelden ontvangen en zijn € 112.038 aan kosten gemaakt. Per saldo is € 117.654 aan de bestemmingsreserve toegevoegd. Bestemmingsreserves gevormd in 2021 In 2021 waren de volgende bestemmingsreserves gevormd. Hiermee kunnen in de komende jaren activiteiten worden gefinancierd zonder daarmee de jaarlijkse begroting te belasten.

Bestemmingsreserve Nationaal Onderwijs Programma In 2020 hebben wij circa 50% van de totale subsidie voor het Nationaal Onderwijs Programma ontvangen. Dit programma loopt in de schooljaren 2021-2022 en 2022-2023 met de mogelijkheid ook voor de jaren daarna, op voorwaarde dat er nog budget resteert. Ook waren er nog gelden over van de subsidies Inhaalen Ondersteuningsprogramma’s. Om toekomstige uitgaven te kunnen matchen met reeds ontvangen inkomsten, is voor deze post een bestemmingsreserve gevormd voor het positief bedrag NPO en Inhaal- en Ondersteuningsprogramma’s (baten -/- kosten) ultimo 2021 ad € 1.150.473. In 2022 is € 1.119.657,91 aan NPO-gelden ontvangen en is voor € 923.217,24 aan kosten gemaakt. In 2023 is € 1.174.105,92 aan NPO-gelden ontvangen en is voor € 747.031 aan kosten gemaakt. Per saldo is in 2023 € 427.074,90 aan de bestemmingsreserve toegevoegd. Het schooljaar 2024/2025 is het laatste schooljaar waar NPO gelden worden ingezet. In 2024 zijn geen subsidies ontvangen. De kosten betroffen € 762.302. De kosten van januari tot en met juli 2025 betreffende NPO zullen dan nog uit deze bestemmingsreserve worden onttrokken. Bestemmingsreserve Capaciteitstesten In maart 2020 sloten scholen vanwege corona hun deuren. Hierdoor maakten de toenmalige leerlingen van groep 8 in het primair onderwijs geen eindtoets.

Toen bleek dat deze leerlingen gemiddeld een lager schooladvies ontvingen en op een lager niveau instroomden op het voortgezet onderwijs. Met de Subsidieregeling capaciteitentesten 2021-2023 konden scholen in het voortgezet onderwijs toetsen afnemen in het eerste en tweede leerjaar om het best passende onderwijsniveau van deze leerlingen te meten. 46

Jaarverslag en jaarrekening 2024

In 2021 is deze subsidie aangevraagd en zijn diverse testen afgenomen. Nog niet alle gelden zijn besteed. Het resterend bedrag ad € 44.462 eind 2021 konden we in komende jaren gebruiken voor aanvullende testen en/of scholing rondom leerstrategieën op basis van de binnen de deelscholen gesignaleerde ondersteuningsvragen. Voor dit bedrag is destijds een bestemmingsreserve gevormd. In 2022 is € 30.760 aan gelden ontvangen en zijn er voor € 14.173 direct toewijsbare kosten gemaakt. Aan de bestemmingsreserve is in 2022 € 16.587 toegevoegd. In 2023 is voor € 30.774 en in 2024 voor € 26.417 aan kosten gemaakt. Bestemmingsreserves gevormd in 2022 Bestemmingsreserve Collectieve werkdrukmiddelen In 2022 zijn vanuit het onderhandelingsakkoord gelden beschikbaar gesteld voor collectieve werkdrukmiddelen. In het kalenderjaar 2022 is in de eerste zeven maanden geput uit de aanvullende bekostiging 2019. In 2022 is € 315.672 aan bekostiging ontvangen. De kosten van de periode augustus tot en met december 2022 bedroegen € 59.629. Om toekomstige kosten te kunnen dekken, is hiervoor in 2022 een bestemmingsreserve gevormd ad € 256.043. In 2023 hebben we € 337.643 ontvangen voor de collectieve werkdruk middelen. In dit jaar is voor € 139.616 direct toewijsbaar aan inzet gepleegd.

Ook in 2024 zijn niet alle baten (€ 358.712) besteed, er is besteed € 189.582 en het saldo ad € 169.129 is toegevoegd aan deze bestemmingsreserve. Bestemmingsreserve Professionalisering leraren In het Onderwijsakkoord Samen voor het beste onderwijs (april 2022) is afgesproken dat het kabinet € 53 miljoen investeert in professionalisering van leraren op het terrein van basisvaardigheden en curriculumherziening. Op schoolniveau worden deze middelen vertaald in een toekenning van 16 uur extra professionalisering voor leraren. Hiervoor hebben we in 2022 € 111.769 ontvangen. In het jaar 2022 hebben we deze gelden nog niet kunnen besteden. Om toekomstige kosten te kunnen dekken, is hiervoor een bestemmingsreserve gevormd ad € 111.769. Zowel in 2023 als in 2024 zijn geen onttrekkingen en dotaties geweest. Het is de bedoeling deze bestemmingsreserve in 2025 een ruimere bestedingsmogelijk toe te kennen. Bestemmingsreserves gevormd in 2023 Bestemmingsreserve doorontwikkeling onderwijs Met ingang van het schooljaar 2021/2022 is Winkler Prins gestart met een doorontwikkeling in het onderwijs. Een voorbeeld daarvan is o.a. de heterogene brugklas en het samenstellen en uitvoering geven aan de kwaliteitscultuur. Voor een deel zijn deze ontwikkelingen bekostigd vanuit doelsubsidies en NPO-gelden.

Het nieuwe strategisch beleid, met de looptijd 2024-2028, heeft vier uitgangspunten: Aantrekkelijk onderwijs Samen verantwoordelijk Een sterke basis, voor iedereen Een gezonde organisatie. Vooral in de eerste drie pijlers worden doelen geformuleerd die te maken hebben met het vormgeven van ons onderwijs. Om onze voornemens op het vlak van onderwijsontwikkeling kracht bij te zetten, is een bestemmingsreserve gevormd vanuit het Eigen Vermogen van € 500.000. In 2024 zijn diverse scholingen geweest, software licenties aangeschaft en er is gebruik gemaakt van de planagenda. De kosten daarvan bedragen € 6.244 en is onttrokken uit de bestemmingsreserve. Liquiditeitspositie De liquiditeit is met € 329.000 gestegen ten opzichte van het voorgaande jaar. De liquiditeitspositie is als aandeel van de totale activa ten opzichte van 2023 licht gestegen van 46,7% naar 48,7%. Voor de volledigheid moet worden vermeld dat in het eindsaldo gelden zitten voor onder andere toekomstige uitgaven die nu nog in de bestemmingsreserves en als geoormerkte subsidies zijn verantwoord. In 2024 hebben voor de Subsidieregeling verbetering basisvaardigheden voor scholen 2024, Ontwikkelkracht 2024/2025, de subsidie Internationalisering funderend onderwijs en de subsidie Praktijkgericht vak gl en tl in totaal € 578.500 ontvangen, echter is nog niet besteed € 468.000.

Ook zijn er nog gelden aanwezig voor activiteiten die vanuit de bestemmingsreserves worden gefinancierd. De toekomstige uitgaven betreffende bestemmingsreserves bedragen € 2.616.000. Jaarverslag en jaarrekening 2024

47

Ook is in het crediteurensaldo voor € 264.000 opgenomen aan facturen die nog betrekking hebben op 2024. Dit betreft de uitbetaling in 2025 aan dr. Aletta Jacobs College voor hun STO-activiteiten 2024. Tot slot hebben we een verplichting (in de vorm van de voorziening Levensfasebewust Personeelsbeleid) voor in het verleden opgebouwde verlofuren voor een bedrag ad € 627.000. In 2010 heeft het Noorderpoort aan Winkler Prins een 20-jarige renteloze lening ad € 600.000 verstrekt ten behoeve van de financiering van het vmbo-huis. De aflossing bedraagt € 30.000 per jaar. De eerste aflossing heeft in 2011 plaatsgevonden. Bij deze lening zijn geen garanties afgegeven.

48

Jaarverslag en jaarrekening 2024

2024 Kasstroom uit operationele activiteiten Saldo baten en lasten

2023

387.797-

569.423

Aanpassingen voor: - Afschrijvingen - Mutaties Voorzieningen

1.098.977 135.000-

829.958 91.000963.977

Veranderingen in vlottende middelen: - Vorderingen - Schulden

42.740288.476

Kasstroom uit bedrijfsoperaties - Ontvangen interest - Betaalde interest

Kasstroom uit investeringsactiviteiten - Investeringen in materiële activa - Desinvesteringen

245.735

808.873-

821.915

499.508 259.072 -

288.838

259.072

1.110.753

758.580

751.425-

Totaal kasstroom uit investeringsactiviteiten Kasstroom uit financieringsactiviteiten - Nieuw opgenomen leningen - Aflossing langlopende schulden

101.143707.730-

288.838 -

Totaal kasstroom uit operationele activiteiten

738.958

461.859751.425-

461.859-

751.425-

461.859-

30.000-

30.00030.000-

30.000-

Totaal kasstroom uit financieringsactiviteiten

30.000-

30.000-

Mutaties liquide middelen

329.329

266.720

Beginstand liquide middelen Mutatie liquide middelen Eindstand liquide middelen

7.508.099 329.329

7.241.379 266.720 7.837.428

7.508.099

Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode. Bij deze methode wordt het nettoresultaat aangepast voor posten van de Staat van Baten en Lasten die geen invloed hebben op ontvangsten en uitgaven in het verslagjaar, mutaties in de balansposten en posten van de Staat van Baten en Lasten waarvan de ontvangsten en uitgaven niet worden beschouwd als behorende tot de operationele activiteiten. In het kasstroomoverzicht wordt onderscheid gemaakt tussen operationele, investerings- en financieringsactiviteiten.

Financiële kengetallen Vermogensbeheer Bij het beoordelen van het vermogensbeheer gaat het erom of de instelling het beschikbare kapitaal optimaal inzet voor het onderwijs. Hiervoor wordt het kengetal solvabiliteit gebruikt. Jaarverslag en jaarrekening 2024

49

Solvabiliteit geeft aan in welke mate een organisatie geen schulden heeft tegenover haar bezittingen. Met andere woorden, het laat zien hoe goed een organisatie in staat is om op lange termijn aan haar verplichtingen te voldoen. Solvabiliteit wordt berekend met de volgende formule: (Eigen vermogen + Voorzieningen) / Balanstotaal. Door het negatieve resultaat van 2024, is het Eigen Vermogen met 1% gedaald. De personeelsvoorzieningen zijn met 8,8% gedaald, de kortlopende passiva zijn met 7,6% gestegen. Het totale balanstotaal is ook licht gedaald. Als gevolg hiervan is de solvabiliteit gedaald. De waarde is ruim boven de signaleringswaarde. Ontwikkeling van de kengetallen Kengetal

Signaleringswaarde Inspectie

2024

2023

Solvabiliteit

<30%

73,6%

75,2%

Budgetbeheer Bij het beoordelen van het budgetbeheer gaat het erom of de instelling in staat is om financiële tegenvallers op korte of middellange termijn op te vangen. Hiervoor worden twee kengetallen gebruikt: de current ratio en de rentabiliteit. De current ratio beoordeelt de liquiditeitspositie en laat zien of er sprake is van overliquiditeit. De formule voor de current ratio is: Vlottende Activa/Vlottende Passiva. De current ratio is gedaald omdat de vlottende activa zijn gestegen met € 372.000, terwijl de kortlopende schulden minder zijn gestegen met € 289.000. Hierdoor is de verhouding afgenomen. Het tweede kengetal, rentabiliteit, beoordeelt in hoeverre de inkomsten en uitgaven van de instelling in balans zijn. Rentabiliteit wordt berekend met de formule: Exploitatieresultaat/Totale Baten. In 2024 was de rentabiliteit -0,40%. Dit negatieve percentage komt door het negatieve resultaat in 2024. Kengetal Current ratio Rentabiliteit (laatste jaar)

Signaleringswaarde Inspectie

2024

2023

< 0.75

2,04

2,10

< -10%

-0.40%

3,44%

Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is het Eigen Vermogen uitgedrukt in een percentage van alle baten in een jaar, inclusief de financiële baten en exclusief de buitengewone baten. Het Eigen Vermogen van onze school bestaat uit Algemene Reserves. Deze Algemene Reserve is vooral bedoeld voor het afdekken van (toekomstige) risico’s in de financiële bedrijfsvoering en als financieringsbron voor nieuwe activiteiten en investeringen. Het Ministerie van OCW hanteert de volgende vuistregels ter beoordeling van het weerstandsvermogen: • < 10% - mogelijk te weinig eigen vermogen, kan duiden op een risicovolle situatie; • > 10% en < 40% - waarschijnlijk voldoende eigen vermogen, maar hoeft niet zo te zijn; • > 40% - de kans is groot dat de financiële reserves te hoog zijn. Het weerstandsvermogen is in 2024 licht gedaald. Inclusief de bestemmingsreserves, is het weerstandsvermogen 41,8%. Ontwikkeling van het weerstandsvermogen Jaar Weerstandsvermogen

50

Signaleringswaarde Inspectie

2024

2023

<5%

41,8%

43,4%

Jaarverslag en jaarrekening 2024

Normatief Eigen Vermogen Vanaf verslagjaar 2020 moeten besturen in het jaarverslag verantwoording afleggen over de hoogte van hun reserves (Eigen Vermogen). Dit gebeurt aan de hand van de signaleringswaarde. Alleen als de reserves hoger zijn dan de signaleringswaarde, moet dit worden toegelicht. Dit geldt alleen voor publieke reserves; private reserves hoeven niet te worden meegenomen. Winkler Prins heeft alleen publieke reserves. De berekening is als volgt: + 0,5 x aanschafwaarde gebouwen x 1,27 + boekwaarde resterende materiele vaste activa + 0,05 x totale baten = Normatief publiek Eigen Vermogen De uitkomst van bovenstaande berekening blijkt dat het Normatief Eigen Vermogen € 8.700.704 bedraagt. Het Eigen Vermogen eind 2024 bedraagt werkelijk € 10.459.744. Hieruit zou blijken dat er een bovenmatig Eigen Vermogen is van circa € 1.759.040. Voor de volledigheid voor wat betreft het bovenmatig vermogen het volgende: In het Eigen Vermogen is voor € 2.744.723 aan bestemmingsreserves opgenomen. De baten zijn in deze en in voorgaande jaarrekeningen (verplicht) opgenomen, waardoor het Eigen Vermogen is verhoogd. De uitgaven en kosten worden verantwoord in latere jaren, hetgeen het Eigen Vermogen weer zal gaan verlagen. Solvabiliteit

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16008990/1