Voorjaarsnota en Bestuursrapportage 2024 (juni 2024, inclusief erratum)
Tekst van het document
0
0
26
26
26
26
300
308
308
0
0
0
Bijdrage UW verlagen
0
0
308
308
308
308
Versoberen bijzondere bijstand
0
924
924
924
924
924
Schrappen 1000-banenplan
80
82
82
0
0
0
Invulling basisbanen via ontwikkelbanen UW
Versoberen uitvoering Actieagenda Economie We stellen voor de uitvoering van de Actieagenda Economie te versoberen. We zorgen dat de basis op orde is. Deze maatregel gaat in per 2025. Verkleinen werkbudget economie (coalitieakkoord) We stellen voor het opgavebrede werkbudget te verkleinen. Uit dit werkbudget worden onder meer ad hoc-werkzaamheden en incidentele activiteiten betaald, bijvoorbeeld het standplaatsendossier. Hiervoor is dan minder ruimte, maar de basis is nog steeds op orde. Deze maatregel gaat in per 2025. Stoppen subsidie werk naar werk We stellen voor de subsidieregeling werk naar werk te stoppen. Dit betekent dat de gemeente niet meer bijdraagt aan de (om)scholingsaanpak. Omdat er voor de komende jaren al afspraken zijn gemaakt met regiogemeenten, stellen wij voor een reserve te vormen van 1,2 miljoen euro (paragraaf 4.1.2), waaruit wij een verantwoorde afbouw van deze regelingen kunnen bekostigen. Daarna kunnen marktpartijen instappen. Verminderen evenementenfonds Het Evenementenfonds is er voor organisaties die een evenement organiseren rond het thema gezondheid. We stellen voor de subsidieregeling te verminderen. Deze maatregel gaat in per 2025. Verminderen bijdrage Utrecht Marketing Vanuit de gemeente gaat 3,3 miljoen euro naar Utrecht Marketing. Hieronder ligt een meerjarige opdracht die nog loopt t/m 2025.
We stellen voor de bijdrage aan Utrecht Marketing te verkleinen vanaf 2026 door het stoppen van de subsidie voor cultuurparticipatie (culturele zondagen en cultureel Uitfeest) à 0,7 miljoen euro. Daarnaast verminderen we de inzet op de positionering van Utrecht als duurzame bestemming voor toerisme met 0,1 miljoen euro.
45
Bijdrage ROM en EBU verlagen We stellen voor de totale bijdrage ROM en EBU te verminderen met 10% gedurende de jaren 2026, 2027 en 2028. Voorstel is om vooral te bezuinigen op de bijdrage ROM, omdat de bijdrage EBU slechts om een fractie van het totaal gaat. Bijdrage aan International Welcome Centre Utrecht Region (IWCUR) verminderen We stellen voor de bijdrage aan het IWCUR vanaf 2026 te verminderen. De basis van IWCUR is een doorlopend convenant tussen alle aangesloten partners (Amersfoort, UU, Provincie). Invulling basisbanen via ontwikkelbanen UW We vullen de basisbanen uit het coalitieakkoord in met ontwikkelbanen bij UW. Deze banen zijn tijdelijk. Als het niet lukt om door te stromen naar een reguliere baan biedt UW een vaste baan aan. De tijdelijke ontwikkelbanen en vaste banen bij UW dekken we met bestaande instrumenten zoals loonkostensubsidie. Eventueel noodzakelijke gemeentelijke bijdragen voor de vaste banen brengen we onder binnen het bestaande financiële kader voor UW. Het budget uit het coalitieakkoord is tijdelijk, de bezuiniging is dus niet structureel. Bijdrage Utrechts Werkbedrijf (UW) verlagen UW ontvangt van ons een aanvullende subsidie van 1,8 miljoen euro, omdat de rijksbijdrage voor de uitvoering van de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) ontoereikend is. Doordat de Wsw als gevolg van uitstroom steeds kleiner wordt, kan deze bijdrage omlaag.
We stellen voor deze subsidie vanaf 2026 te verlagen naar 1,5 miljoen euro. In het Ondernemingsplan UW 2023-2026 is deze verlaging reeds opgenomen. Het idee is wel dat de aanvullende subsidie geleidelijk (deels) wordt omgebouwd naar een gemeentelijke bijdrage voor Participatiewetbanen die in feite in de plaats van de Wsw komen. Versoberen bijzondere bijstand We stellen voor de bijzondere bijstand te versoberen. Dit kan bijvoorbeeld (maar niet uitsluitend) door de kosten van woninginrichting om te zetten van gift naar lening. Momenteel verstrekken we als gemeente het volledige bedrag voor woninginrichting als gift. De bijdrage in de woninginrichting is een grote post binnen de bijzondere bijstand. De wet biedt de mogelijkheid om dit te veranderen in een lening. Alternatief is een verlaging van de bijdrage, of andere maatregelen binnen de bijzondere bijstand, zoals strengere draagkrachtregels. We houden er rekening mee in deze besparing dat er een voorziening moet zijn voor oninbaarheid. Deze bezuiniging raakt een aantal kwetsbare doelgroepen die eerder een lening aan zullen gaan, zoals voormalig dak- en thuislozen, statushouders en mensen uit de vrouwenopvang. Deze maatregel gaat in per 2025. Schrappen 1000-banenplan In deze krappe arbeidsmarkt verwachten we niet dat het 1000-banenplan aan de verwachtingen kan voldoen. Daarom stellen we voor dit plan te schrappen.
Het budget uit het coalitieakkoord is tijdelijk, de bezuiniging is dus niet structureel. Programma Kansrijk opgroeien x €1.000 Maatregel Stoppen onderwijsimpulsregeling Stoppen met specifieke jeugdprojecten
46
2024 0
2025 257
2026 514
2027 770
2028 Structureel 770 770
0
0
0
462
462
462
Onderwijs impuls regeling stoppen We stellen voor met de Onderwijs Impuls Regeling te stoppen. Hierdoor kunnen we de bijbehorende middelen schrappen. Het stoppen met de regeling leidt tot een kostenbesparing, maar daarmee stopt de investering van de gemeente in de kwaliteit van het onderwijs en de samenwerking tussen scholen hiervoor, met als risico dat innovatie en kennisdeling binnen het onderwijs minder wordt. Dat kan doorwerken in de mate waarin Utrechtse leerlingen hun talenten kunnen ontwikkelen. Deze maatregel gaat in per 2025. Stoppen met specifieke jeugdprojecten We stellen voor te stoppen met specifieke jeugdprojecten. Dit betekent minder inzet om jongeren te ondersteunen op thema's zoals: eigen seksualiteit begrenzen, misbruik, keuzevrijheid, ongewenste zwangerschap, traumaverwerking, ongewenst kinderloos of miskraam. Verder ondersteunen we dan ook niet langer jonge gezinnen met specifieke opvoedvragen. Tot en met 2026 laten we onze investering doorlopen.
Programma Levendige en gezonde stad x €1.000 Maatregel
2024
2025
2026
2027
2028
Structureel
0 0 0 0 0 0
0 0 0 0 0 118
0 0 0 0 257 118
103 257 123 257 257 118
103 257 123 257 257 118
103 257 123 257 257 118
0 100 0
0 103 0
0 103 514
1.027 0 514
1.027 0 514
1.027 0 514
0 0
226 103
226 103
226 103
226 103
226 103
0 0 0
421 0 185
421 250 185
421 250 185
421 250 185
421 250 185
0 0 0 0
0 177 0 0
0 177 0 0
113 177 110 1.078
113 177 110 1.078
113 177 110 1.078
Verminderen ambitie plan Einstein Verminderen inclusieaanpak Stoppen exploitatiesubsidies Diedom, Ladyfit, Skatebaan Stopzetten extra inzet PrEP en SOA Korten op subsidie verslavingspreventie Personele inzet op internationaal vanuit Volksgezondheid (deels) stopzetten Stoppen inzet schoollunches Stoppen inzet op (vecht)scheidingen Subsidiebureau kostendekkend toerekenen aan regelingen/programma's Dekking kapitaallasten Machinerie vrij laten vallen Kunst in de openbare ruimte prioriteren en selectie van projecten stopzetten Stoppen met basissubsidie voor de amateurkunst Minder inzet op jongerencultuurhuis Vleuten of de Meern Minder inzet op culturele voorbereiding Regio+-voorziening Staken inzet op wijkcultuurhuis- hallencomplex Groenewoud Verlagen budget projecten en knelpunten Cultuur Stoppen met programma nachtsector Verhogen tarieven sportaccommodaties
Verminderen ambitie plan Einstein We stellen voor het programma rondom samenwonen, samen werken, samen leven op Utrechtse asielzoekerscentra in omvang terug te brengen. Door de programmainzet te beperken op personeel en activiteiten kunnen de bijbehorende begrote middelen worden geschrapt. Tot en met 2026 laten we onze investering doorlopen. Verminderen inclusieaanpak We verminderen onze inzet op inclusie. De kosten voor activiteiten nemen af en we schrappen de bijbehorende begrote middelen. Tot en met 2026 laten we onze investering doorlopen.
47
Stoppen exploitatiesubsidies Diedom, Ladyfit, Skatebaan We stellen voor te stoppen met de subsidies aan Diedom, Ladyfit en Skatebaan. Deze maatregel gaat in per 2027. Stopzetten extra inzet PrEP en SOA We stellen voor na deze coalitieperiode te stoppen met de extra inzet PrEP en SOA. Het betreft een Utrechtse plus uit de coalitiemiddelen. Door onderlinge uitwisseling van PrEP-plaatsen was het mogelijk om in de regio Utrecht aan 20 personen tijdelijk extra PrEP-zorg te bieden om hen zo te beschermen tegen hiv. Met de coalitiemiddelen kunnen deze 20 personen (voor wie na 2022 een structurele oplossing gevonden moest worden) in zorg blijven én worden aanvullend 105 plaatsen gecreëerd. Daarmee wordt de wachtlijst teruggebracht. Tot en met 2026 laten we onze investering doorlopen. Korten op subsidie verslavingspreventie We stellen voor om het subsidiebedrag Verslavingspreventie te verlagen. Dit doen we door minder inzet op voorlichting en educatie over alcohol en drugs. Het argument is dat voorlichting en educatie ook landelijk veel aandacht krijgen. We proberen de voorlichting en ondersteuning voor jongeren en studenten zoveel mogelijk te ontzien, al zal dat niet helemaal mogelijk zijn. Samen met Jellinek gaan we het gesprek aan op welke manier het pakket aan maatregelen kleiner kan, terwijl het toch zo effectief mogelijk blijft.
Het betreft een preventieve maatregel en dat betekent dat het stoppen van deze inzet mogelijk tot hogere kosten elders of later leidt, te denken valt aan (aanvullende) zorgkosten. Deze maatregel gaat in per 2026. Personele inzet op internationaal vanuit Volksgezondheid (deels) stopzetten We stellen voor de personele inzet op dit gebied (deels) stop te zetten. Door te stoppen met de inzet komt de formatie te vervallen. Utrecht is internationaal zichtbaar als stad van Gezond Stedelijk Leven voor Iedereen. Dit doen we door ambtelijk en/of bestuurlijk aanwezig te zijn bij bijeenkomsten van internationale netwerken en werkgroepen. De kern is het Healthy Cities Network van de World Health Organisation (WHO). Daarnaast gaat het ook om Europese projecten. Deze maatregel gaat in per 2025. Stoppen inzet schoollunches We stellen voor na deze coalitieperiode te stoppen met de subsidie vanuit het programma Gezond Gewicht op School (lunch, bewegen, voedseleducatie en ouderbetrokkenheid). Ook stoppen we met de subsidie en de personele inzet ten aanzien van Gezond Gewicht. Het betreft een Utrechtse plus uit coalitiemiddelen die we na 2026 beëindigen. Stoppen inzet op (vecht)scheidingen In het coalitieakkoord is 100.000 euro beschikbaar gesteld om aan de voorkant te voorkomen dat ouders gaan scheiden en om bij te dragen aan het veilig kunnen opgroeien van kinderen in onze stad.
Er is nog geen concrete invulling gegeven aan de besteding van deze middelen. De aanpak daarvoor is nog in ontwikkeling en met deze bezuiniging stoppen we hier voortijdig mee. Wij ondersteunen kinderen van gescheiden ouders overigens op dit moment al via een programma (Dappere Dino's en Stoere Schildpadden). Subsidiebureau kostendekkend toerekenen aan regelingen/programma's We dekken 7 fte van het subsidiebureau uit budgetten voor (project)subsidies. Door de personeelskosten ten laste te brengen van projectbudgetten kan de begroting van het subsidiebureau in omvang worden verlaagd. Deze maatregel gaat in per 2026.
48
Dekking kapitaallasten Machinerie vrij laten vallen Voor de dekking van kapitaallasten voor de Machinerie is ruimte beschikbaar binnen het programma cultuur. Deze ruimte kan vrijvallen omdat deze ontwikkeling niet doorgaat. Deze maatregel gaat in per 2025. Kunst in de openbare ruimte prioriteren en selectie van projecten stopzetten Bij (ver)bouw van openbare gebouwen wordt 1,5% van de bouwsom gebruikt voor realisatie van een kunstproject. We stellen voor een aantal van deze projecten te schrappen waarmee de reservering uit de bouwsom vrijvalt. Deze maatregel gaat in per 2025. Stoppen met basissubsidie voor de amateurkunst Deze regeling heeft tot doel om actieve participatie aan amateurkunst door inwoners te stimuleren. De subsidie van maximaal 3.000 euro per jaar komt ten goede aan koren en andere muziekgezelschappen, zoals van studenten. Deze maatregel gaat in per 2025. Minder inzet op Jongerencultuurhuis Vleuten of De Meern We stellen voor om de ontwikkeling van één jongerenvoorziening in Vleuten of De Meern te staken. De locatie in Leidsche Rijn is buiten beschouwing gelaten omdat hiervoor reeds is voorzien in het Programma van Eisen van de culturele voorziening op het Berlijnplein. Een locatie ergens tussen deze twee stadsdelen is op dit moment niet beschikbaar. Wel zijn er al opties in beeld in zowel Vleuten als De Meern.
Voorstel is om later in het proces een keuze te maken op basis van de kansrijkheid van de locaties. Deze maatregel gaat in per 2026. Minder inzet op culturele voorbereiding Regio+-voorziening In de besluitvorming over invulling van de voorziening in het Jaarbeurspleingebouw is in september 2022 besloten om deze coalitieperiode geen verdere invulling te geven aan de ontwikkeling van een culturele regio+-voorziening. Er wordt nu gekeken naar een regio+-voorziening in Overvecht Centrum. De besluitvorming over de wenselijkheid en haalbaarheid van deze voorziening is voor de volgende coalitie. Daarom kan de voorbereiding op een lager pitje en is dit budget niet in deze omvang nodig. Deze maatregel gaat in per 2025. Staken inzet op Wijkcultuurhuis-hallencomplex Groenewoud Doordat onder dit budget nog geen concrete plannen voor ontwikkeling van een wijkvoorziening liggen, is ons voorstel om de ontwikkeling van deze voorziening voor nu te staken. Deze maatregel gaat in per 2027. Verlagen budget projecten en knelpunten Cultuur We stellen voor om het budget voor projecten en knelpunten cultuur te verlagen. Deze maatregel gaat in per 2025. Stoppen met programma nachtsector In 2023 is er een nachtvisie opgeleverd als uitvloeisel van en met middelen uit het coalitieakkoord. We stellen voor de financiële ondersteuning van de doelen uit de visie tot 2027 te handhaven.
De inhoud van de visie blijft staan, die behelst meer dan de inzet van deze specifieke middelen. Verhogen tarieven sportaccommodaties Indien voor de buitensport, binnensport en de zwembaden een eenmalige tariefsverhoging van 10% wordt doorgevoerd, levert dit geschat een structurele verhoging aan de inkomstenkant op van afgerond 1 miljoen euro per jaar. Om deze structurele bezuinigen te kunnen realiseren, wordt een reserve van 5 miljoen euro gevormd, zie hoofdstuk 4.1.2. Met de reserve kunnen we een ingroeipad voor de verhoging van de tarieven realiseren. We laten de bezuiniging niet eerder ingaan dan 2027. 49
4.3.3 Bezuinigingen op investeringen De gemeentebrede bezuinigingsopgave maakt dat we de investeringen in het ruimtelijk domein kritisch tegen het licht moeten houden. Gezien de opgaven waarvoor wij staan, achten we het verantwoord dat de ruimtelijke investeringen structureel 7,325 miljoen euro per jaar bijdragen aan bezuinigingen. Vanuit dekkingsbronnen voor ruimtelijke investeringen (parkeerinkomsten) wordt daarbovenop structureel 0,321 miljoen euro bijgedragen aan het gemeentebrede financiële beeld. Bezuinigingsbijdrage ruimtelijke investeringen Bij de bezuinigingsopgave van deze voorjaarsnota blijven we de doelstellingen uit de RSU 2040 en het coalitieakkoord centraal stellen. Met name de doelstellingen Groei in Balans en de kwaliteit en leefbaarheid van de stad zijn leidend in de ontwikkeling van de bestaande en groeiende stad. Op basis van deze inhoudelijke weging hebben we een evenwichtig bezuinigingspakket kunnen samenstellen dat structureel 7,325 miljoen euro per jaar bespaart.
Dit pakket houdt in dat we minder budget beschikbaar stellen voor jaarlijks terugkerende investeringen (zoals bij groen, waar we elk jaar circa 1 miljoen euro minder kunnen besteden aan vergroening van de stad), en dat we minder eenmalige investeringen kunnen doen waarvan kapitaallasten structureel op de begroting zouden drukken (zoals bij maatschappelijke voorzieningen, waar we nu afzien van een beperkt aantal grotere investeringen zoals aanleg van sportvelden en een sporthal). In theorie kan (veel) meer worden bezuinigd, ambtelijk zijn opties geïnventariseerd tot wel 20 miljoen euro per jaar, maar dit past volgens ons niet bij een verantwoorde ontwikkeling van de stad. Het bezuinigingspakket omvat de volgende maatregelen (zie ook onderstaande tabel): • Mobiliteit: een verlaging van het investeringsbudget met 3 miljoen euro per jaar vanaf 2026 in te vullen zonder bezuinigingen op schaalsprong ov of op andere randvoorwaardelijke investeringen voor woningbouw. • Gezond leefklimaat: verlaging van het investeringsbudget voor groen (50 duizend euro in 2024, 200 duizend euro in 2025, 1,050 miljoen euro vanaf 2026). • Spelen, sporten en bewegen in de openbare ruimte: minder toevoeging van speelplekken (circa 15% budgetverlaging, 0,3 miljoen euro per jaar).
• Sport: per saldo 0,152 miljoen euro budgetverlaging per jaar wat onder meer betekent dat vooralsnog geen investeringen mogelijk zijn in Maarschalkerweerd-Noord (sportvelden), en dat we afzien van bouw van een sporthal in Vleuten. Aanleg van een extra zwembad Maximapark wordt uitgesteld (oplevering verschuift naar 2028/2029). • Cultuur: 0,4 miljoen euro bezuiniging op wijkcultuurhuizen en 0,2 miljoen euro op uitbouw muzikale oefenstudio’s. • Project Lombokplein: wij stellen voor het project Lombokplein te splitsen in een grondexploitatie Lombokplein en een investeringskrediet voor Graadt van Roggenweg. Deze splitsing maakt herbestemming mogelijk van een deel van het structureel beschikbare budget (2,2 miljoen euro per jaar). Het Meerjarenperspectief Ruimte 2024 (MPR) beschrijft in meer detail op welke manier deze bezuinigingen in de investeringsprogrammering worden verwerkt.
50
Tabel: Bezuinigingen op ruimtelijke investeringen, per opgave Bezuinigingen per opgave
2024
2025
2026
2027
2028
Structureel
Mobiliteit
0
0
3.000
3.000
3.000
3.000
Gezond leefklimaat (Groen)
50
200
1.050
1.050
1.050
1.050
Spelen, sporten en bewegen in de openbare ruimte
0
0
150
300
300
300
Sport
263
-191
386
-398
1.950
152
Cultuur
0
25
328
570
623
623
Vrijval in budget Lombokplein
0
0
0
3.350
2.200
2.200
Subtotaal bezuinigingen
313
134
4.914
7.872
9.123
7.325
Verrekening met reserve Groei in balans
-203
191
-386
398
0
0
Bijdrage aan financieel beeld
110
225
4.528
8.270
9.123
7.325
Ontwikkeling van budget voor ruimtelijke investeringen Om ruimtelijke investeringen te kunnen betalen zetten we drie verschillende dekkingsbronnen in: • Investeringsdeel van het groeikader • Meeropbrengsten uit parkeerinkomsten (parkeerexploitatie) • Inkomsten uit woningbouw en gebiedsontwikkeling. Uit deze laatste bron verwachten we nu geen extra inkomsten. Mogelijk kunnen we bij de Programmabegroting alsnog 5,5 miljoen euro inkomsten uit 2023 inzetten (zie ook paragraaf 4.1.2). Hieronder gaan we in op de andere dekkingsbronnen. Investeringsdeel van het groeikader In de berekening van het groeikader is behoedzaamheidscorrectie toegepast, zoals is toegelicht in paragraaf 2.3. In vergelijking met het MPR2023 leidt dit tot een neerwaartse bijstelling van structureel 2,56 miljoen euro. De aansluiting tussen dit bedrag en de bedragen die zijn opgenomen in hoofdstuk 2.3 laten wij zien in het MPR 2024. Hier worden de volgende twee knelpunten ingepast: -
Voor het opvangen van knelpunten bij natuur- en milieueducatie is zowel in 2025 als in 2026 115.000 euro nodig; Het activiteitencentrum Merwede (Wij 3.0) is nu gevestigd in deelgebied 5 van de Merwedekanaalzone. In de herontwikkeling krijgen zij een nieuwe locatie. De kapitaallasten (en daarmee de huisvestingslasten voor Wij 3.0) zijn te hoog om binnen de bestaande programma’s van dekking te voorzien. Het knelpunt is 115.000 euro en doet zich voor vanaf de oplevering van de voorziening in 2027 of 2028.
Bij de Voorjaarsnota 2026 beoordelen wij de stand van zaken met betrekking tot deze knelpunten opnieuw.
51
Jaarlijkse bijstelling raming parkeerinkomsten Bij de parkeerinkomsten wijst de nieuwe raming van dit jaar uit dat vanaf 2024 structureel meer parkeerinkomsten worden verwacht dan was opgenomen in de raming van een jaar geleden (MPR2023). Dat verschil bedraagt structureel 3,426 miljoen euro. Na verrekening met knelpunten (met name noodzakelijke vervanging fietsdepot, 0,430 miljoen euro per jaar vanaf 2025) resteert van de meevaller structureel 2,996 miljoen euro. De meevaller komt met name doordat er meer is geparkeerd. Bijdrage aan gemeentebrede financieel beeld Van hogere parkeerinkomsten wordt in 2024 0,5 miljoen euro bijgedragen aan de gemeentelijke bezuinigingsopgave. In totaal bedraagt de structurele bijdrage vanuit dekkingsbronnen voor ruimtelijke investeringen aan het gemeentebrede financiële beeld uiteindelijk 0,321 duizend euro per jaar. Herijking groeikader Richting Voorjaarsnota 2025 werken we aan een toekomstbestendige systematiek voor het groeikader, zoals is gemeld in paragraaf 2.3. Dit brengt een risico met zich mee voor het investeringsbudget. Met het oog daarop verrekenen we in deze voorjaarsnota incidentele overschotten en tekorten in de dekkingsbronnen voor ruimtelijke investeringen in de periode 2024-2028 met de reserve Groei in balans. In 2024 voegen we 3,0 miljoen euro toe, in 2025, 3,5 miljoen euro en in 2027 0,7 miljoen euro.
In 2027 onttrekken we 3 miljoen euro en in 2028 2,7 miljoen euro. Per saldo wordt in de periode 2024-2028 1,586 miljoen euro toegevoegd.
Ontwikkeling dekkingsbronnen voor ruimtelijke investeringen Ontwikkeling investeringsdeel groeikader (tov raming MPR2023)
2024
2025
2026
2027
2028
Structureel
0
94
-2.720
-5.985
-2.560
-2.560
-115
-115
0
-115
-115
Knelpunten Ontwikkeling parkeerinkomsten (parkeerexploitatie, tov raming MPR2023)
3.523
3.530
3.545
2.996
7
2.996
• waarvan parkeerinkomsten
3.523
3.960
3.975
3.426
3.426
3.426
• waarvan wegwerken van tekort uit MPR2023
0
0
0
0
-2.989
0
• waarvan knelpunt fietsdepot
0
-430
-430
-430
-430
-430
Subtotaal dekkingsbronnen voor ruimtelijke investeringen
3.523
3.509
710
-2.989
-2.668
321
Verrekening met reserve Groei in balans
-3.023
-3.509
-710
2.989
2.668
0
500
0
0
0
0
321
Ontwikkeling dekkingsbronnen ruimtelijke investeringen
4.4 Hervormingsbezuinigingen Kader voor hervormingsbezuinigingen Om het huishoudboekje op orde te brengen, zijn extra structurele bezuinigingen nodig vanaf 2026. Dat willen we doen met hervormingsbezuinigingen, ook in de organisatie. Wij beogen met de hervormingen structureel 25 miljoen euro te bezuinigen met een ingroeipad van 20 miljoen euro vanaf 2026. Dat is ambitieus. Maar met een voortvarend en tegelijk zorgvuldig proces waarbij we zo veel mogelijk leren van andere gemeenten, denken we dat het haalbaar is om deze bezuiniging vanaf 2026 te halen. Hieronder lichten we dit proces toe.
52
Hervormen is veranderen met als doel structureel verbeteren. Gelet op de noodzaak van bezuiniging, zal verbeteren niet altijd mogelijk zijn. Hervormingen hebben tijd nodig om voor te bereiden, uit te voeren en tot besparing te leiden. Deze bezuinigingen met een langere uitwerkings- en implementatietijd zijn niet meegenomen in de voorgestelde maatregelen in de Voorjaarsnota 2024. Met het doorvoeren van hervormingen goed doorvoeren kunnen we kosten besparen. Tegelijk kunnen hervormingen een deel van de oplossing bieden voor bijvoorbeeld het tekort aan mensen bij ons én bij onze partners. We moeten keuzes maken. Bij deze bezuinigingen kijken we naar het geheel van de begroting: naar alle programma’s en budgetten, en naar hervormingen met gevolgen voor de eigen organisatie en voor de stad. Naast hervormingsbezuinigingen nemen we mogelijkheden voor aanvullende bezuinigingsmaatregelen mee, zoals langjarige financiële verplichtingen. De focus zal liggen op het vinden van een beperkt aantal grote hervormingen in plaats van veel kleine, zodat we de beschikbare mensen en middelen efficiënt inzetten en die hervormingen op een goede manier kunnen doorvoeren.
Inhoudelijke aanpak Pijnlijke keuzes kunnen we niet voorkomen. Alleen door duidelijk te kiezen kunnen we duurzaam en toekomstbestendig onze inwoners helpen. Om dat te kunnen doen worden de volgende leidende principes gehanteerd bij het voorbereiden van hervormingsbezuinigingen: •
•
•
• •
Kritisch kijken naar de gemeente zelf en de gemeentelijke organisatie. De ambitie is om efficiënter te werken en simpeler te organiseren. Slim gaan doen! We benutten de bezuinigingen als katalysator van de organisatieontwikkeling. Deze zullen ook effect hebben op de omvang van de organisatie. Bij het efficiënter en slimmer organiseren ook de samenwerking met partners in stad en regio bezien. Kunnen we schaalvoordelen halen uit samenwerking met andere gemeenten? Is efficiënter werken van verbonden partijen mogelijk? Onderzoeken of het overlaten van werkzaamheden aan onze inwoners en ondernemers kan leiden tot een bezuiniging, naast dat zij daarmee meer verantwoordelijkheid krijgen over hun eigen leven en omgeving. Minder beleid ontwikkelen, zodat in de uitvoering de basis op orde wordt gebracht en gehouden. Kijken naar de Utrechtse plus ten opzichte van andere gemeenten en de wettelijke basis: terug naar de basis van taken en dienstverleningsniveau.
Aan de hand van deze leidende principes zien we kansen voor hervormingen door efficiënter te organiseren, maar ook het maken van inhoudelijke keuzes. Hervormen door het maken van inhoudelijke keuzes die gevolgen hebben voor de stad, waarbij wij in ieder geval kijken naar: • • •
•
Minder nieuw beleid ontwikkelen en stoppen met beleid waar het kan. Het gaat zowel om beleid over de stad als onze eigen bedrijfsvoering. De plekken waar onze servicenormen in de dienstverlening hoger liggen dan die van andere gemeenten. De manier waarop wij wijkgericht georganiseerd en gehuisvest zijn met de verschillende (sociale) loketten van de gemeente en onze sociale partners. Doel is efficiëntie en eenduidig contact met de inwoners. De verdiencapaciteit van ons vastgoed verhogen. We kijken daarbij onder andere naar onze huurtarieven en commerciële verhuur.
53
Hervormen door efficiënter te organiseren. Dit gebeurt op twee manieren: 1. De laatste jaren is de organisatie gegroeid in complexiteit en omvang. Nu is het goed om te kijken hoe en waar het slimmer en efficiënter kan. We zien onder andere kansen op de volgende punten: • Organisatieontwikkeling gericht op onder andere meer doen en minder overleg, scherpere prioriteiten stellen in werk en tijd, scherper afwegen op inhuur op ziek-piek-uniek, duidelijke afspraken maken en nakomen, beter verantwoordelijkheden beleggen en sturen op resultaat. • Onze organisatie heeft een hoger ziekteverzuim dan het landelijke gemiddelde van gemeenten. Het terugbrengen van het verzuim is goed voor de tevredenheid van medewerkers en leidt tegelijk tot lagere kosten. • Het standaardiseren van processen. 2. In het efficiënter organiseren kijken wij ook naar onze partners, waarbij we ons realiseren dat we afhankelijk zijn van andere gemeenten en organisaties en de implementatietijd langer zal zijn. We zien kansen in onder andere: • In gesprek gaan met de betreffende partners binnen onze verbonden partijen en regionale samenwerkingsverbanden over mogelijkheden voor efficiënter organiseren. • Onderzoeken welke landelijke generieke uitvoeringstaken samen met andere gemeenten uitgevoerd kunnen worden. • Onderzoeken of we kosten kunnen besparen door werkzaamheden over te laten aan de stad.
Dit is een eerste beeld van de mogelijkheden die wij zien voor keuzes die leiden tot besparingen en geen limitatieve lijst. De komende periode kan het beeld worden aangevuld of aangepast.
Procesaanpak We willen zo snel mogelijk helderheid over de onderwerpen waarop we gaan hervormen en welke bezuiniging daarmee gepaard gaat. Het vinden van realistische hervormingen die op kortere termijn – vanaf 2026 – besparingen opleveren vraagt zorgvuldigheid en tijd. Reden daarvoor is dat hervormingen complex zijn. Doordat ze een effect hebben op de inhoud van het werk, de manier waarop wij én onze partners dat doen, de organisatiecultuur en we daarbij binnen bestaande wet- en regelgeving en beleidskaders willen blijven. Bovendien moeten deze hervormingen binnen afzienbare tijd een netto bezuiniging opleveren, terwijl hier vaak kosten voor de baten uitgaan. Aanleiding voor de hervormingen is immers de noodzaak om vanaf 2026 structureel te bezuinigen. Vanwege de vernieuwing die hervormingen brengen kunnen we daarbij niet leunen op de kennis en ervaring over de bestaande situatie, maar moeten we daarbij onderzoeken en externe kennis betrekken. We werken de komende periode hard door om deze kansen voor hervormingen uit te werken op impact op ons werk en onze omgeving, uitvoerbaarheid en omvang van bezuiniging. Aangezien veel gemeenten voor een bezuinigingsopgave staan, willen we de bezuinigingsideeën van andere gemeenten daarbij gebruiken. Ook zullen we andere onderzoeken, rapporten en benchmarks raadplegen en ons laten inspireren door deskundigen op het gebied van innovaties.
Daar waar de hervormingen betrokken partijen raken, gaan wij met hen in gesprek. Voor de besluitvorming sluiten we aan bij de producten van de begrotingscyclus, zodat u een integrale afweging kunt maken over de hervormingen in relatie tot de andere financiële ontwikkelingen. Wij willen in de volgende stappen met u komen tot definitieve besluitvorming over de bezuinigingsvoorstellen: • Voorjaarsnota 2024 (juli): besluiten over de leidende principes en het proces • Begroting 2025 (november): besluiten over de kansrijke hervormingsthema’s met indicatieve bedragen per thema • Februari-maart 2025: raadsbrief met voortgang • Voorjaarsnota 2025 (juni): besluiten over de hervormingsvoorstellen met bezuinigingsbedrag en wijze van uitvoering
54
Na besluitvorming in de Voorjaarsnota 2025 start direct de implementatie.
Financiële aanpak en monitoring Ingroeipad hervormingsbezuinigingen De hervormingsopdracht is het besparen van 20 miljoen euro per 2026 oplopend naar 25 miljoen euro structureel per 2029. We zoeken nu naar maatregelen die per 2026 concrete besparingen kunnen opleveren. Echter zijn wij in de zoekrichtingen in sommige gevallen ook afhankelijk van besluitvorming van derden, zoals bij verbonden partijen, regionale samenwerkingsverbanden en bij mogelijke nieuwe samenwerkingsverbanden om taken centraal uit te voeren. Deze maatregelen hebben daardoor mogelijk ook een langere besluitvormingstijd en implementatiepad. We houden hier in hoofdlijnen rekening mee via het opgenomen ingroeipad. Reserve Om de hervormingen mogelijk te maken zullen we moeten investeren aan de voorkant. Dit gaat om kosten voor het programmateam, inhuur van specifieke expertise (zoals benchmarking en onderzoeken) en eventueel implementatiekosten van de maatregelen. Hiervoor reserveren wij 2,5 miljoen euro in de Voorjaarsnota 2024. Dit bedrag zal verder worden gespecificeerd bij de programmabegroting wanneer de zoekrichtingen verder zijn uitgewerkt. Bij de feitelijke plannen van aanpak op de afzonderlijke hervormingen kan dan een specifiekere begroting worden gemaakt. Daarnaast reserveren wij 5 miljoen euro voor frictiekosten voor personeel (zie hoofdstuk 4.2).
Monitoring en relatie met hervormingen sociaal domein en concrete bezuinigingsmaatregelen Er loopt ook een hervormingstraject voor het sociaal domein. De voorjaarsnota en de begroting zijn de momenten waarop u alle hervormingen en bezuinigingen integraal kunt afwegen. Na de voorjaarsnota 2025 richten wij een monitor in over de voortgang van de totale hervormingen en bezuinigingen. In de begroting 2025 zullen wij u hierover uitgebreider informeren. In navolging van het advies van de VNG zullen we inzichtelijk maken wat het effect is van de bezuinigingen op de taken die wij uitvoeren als gevolg van wet- en regelgeving (medebewindtaken).
4.5 Opbrengstenverhoging In deze voorjaarsnota stellen we voor de opbrengsten op verschillende manieren te verhogen. De meest in het oog springt de OZB, die substantieel wordt verhoogd. Daarnaast verhogen we de kostendekkendheid van leges, de toeristenbelasting en de tarieven voor parkeren in de gemeentelijke parkeergarages. Bedragen x € 1.000
2024
2025
2026
2027
2028
Structureel
A. Kostendekkendheid leges
0
293
566
1.110
1.110
1.110
B. OZB
0
18.000
18.000
18.000
18.000
18.000
C.1 Toeristenbelasting
0
0
2.250
2.250
2.250
2.250
C.2 Impuls hotelsector
0
-500
0
0
0
0
D. Parkeren eigen garages
0
1.250
1.250
1.250
1.250
1.250
Totaal
0
19.043
22.066
22.610
22.610
22.610
55
A. Kostendekkendheid leges Bij retributies en leges waarbij de tarieven voor verschillende activiteiten in één belastingverordening staan, wordt de kostendekkendheid getoetst op verordeningenniveau. De geraamde baten van de te heffen belastingen die vallen onder de verordening, mogen niet hoger zijn dan de totale geraamde lasten van activiteiten die samenhangen met de betreffende belastingen. Voor de totale legesverordening waar leges huwelijk, evenementen, horeca en leges duurzame bereikbaarheid een onderdeel van zijn, is in de begroting 2024 een kostendekkendheid van 87%. Begraafplaatsrechten (92% kostendekkend), marktgelden (90% kostendekkend), brug-, schut- en havengelden (49% kostendekkend) hebben hun eigen verordening. Per verordening mag de 100% kostendekkendheid niet worden overschreden. Wij achten de verhogingen in onderstaande tabel realistisch, dit komt in totaal uit op een extra structurele opbrengst van 1,11 miljoen euro waardoor de kostendekkendheid van deze leges toeneemt. Hierbij is rekening gehouden met een aanloopperiode voor de tariefstoename, die de toename van de kostendekkendheid met zich meebrengt (25% in 2025, 50% in 2026 en 100% vanaf 2027). Deze verhogingen worden uitgewerkt in de legesverordeningen bij de Programmabegroting 2025. Tabel Verhogingen leges Bedragen x € 1.000
2024
2025
2026
2027
2028
Structureel
0%
25%
50%
100%
100%
100%
Begraafplaatsrechten
0
29
59
117
117
117
Brug-, schut- en havengelden
0
18
35
70
70
70
Marktgelden*
0
20
20
20
20
20
Leges Huwelijk en Partnerschap
0
25
50
100
100
100
Evenementen
0
134
268
535
535
535
Horeca
0
67
134
268
268
268
Totaal
0
293
566
1.110
1.110
1.110
Ingroei
*Geen ingroei nodig omdat ingroei voor dit onderdeel al eerder is gestart
B. OZB In de afwegingen die zijn gemaakt om de lasten te verlagen (bezuinigingen) en de inkomsten te verhogen, kiezen we ervoor om de OZB vanaf 2025 met 12% te laten toenemen. Dat is aanvullend op de reguliere toename van de OZB voor de compensatie van prijsstijgingen (indexatie). Wanneer de inkomsten van het Rijk de komende maanden meer toenemen dan het niet doorvoeren van de opschalingskorting, dan herzien we als eerste deze verhoging bij de Programmabegroting 2025.
Wat betekent het voor de bewoner?
OZB was
OZB wordt bij toename 12%*
Toename OZB per maand
Toename OZB per jaar
Woningwaarde/WOZ
2024
2025
2025
2025
€ 450.000
€ 380
€ 425
€4
€ 46
€ 800.000
€ 675
€ 756
€7
€ 81
*Exclusief indexatie
56
C. Toeristenbelasting De toeristenbelasting betreft momenteel 7% van de overnachtingsprijs en we stellen voor die te verhogen vanaf 2026 naar 10% van de overnachtingsprijs. Ter vergelijking: In Amsterdam is de toeristenbelasting in 2024 12,5% van de overnachtingsprijs. Van de opbrengst van de toeristenbelasting komt de helft tot 5% van de overnachtingsprijs ten gunste van uitgaven voor een aantrekkelijke stad voor bezoekers en evenementen. Het deel boven de 5% komt volledig ten goede van de algemene middelen. Om heldere afspraken te maken met de toeristische sector over de inzet van het deel van de toeristenbelasting dat wordt ingezet voor aantrekkelijkheid van de stad wordt voor 2025 een incidenteel budget beschikbaar gesteld.
D. Parkeren eigen garages De tarieven voor parkeren in onze eigen garages gaan we verhogen. Momenteel zijn onze tarieven ten opzichte van andere parkeertarieven aan de lage kant en daarom gaan we: • P+R Westraven, Uithof en Papendorp voor normaal parkeren ook regulier tarief geven, (format Berlijnplein). Dit betekent 1 miljoen euro per jaar structureel aan extra inkomsten; • Maximale dagtarieven naar 9 uur per dag stadsbreed gelijktrekken voor alle gemeentelijke garages (met name Kop van Lombok). Dit betekent 0,25 miljoen euro per jaar structureel aan extra inkomsten.
57
Deel 2 | Eerste Bestuursrapportage 2024
58
5. Inleiding In deze Eerste Bestuursrapportage 2024 wordt het effect vertaald van actuele ontwikkelingen op de uitvoering van de begroting 2024, zowel beleidsmatig als financieel. Het grootste deel van deze ontwikkelingen is onderdeel van de meerjarige doorkijk, bijstelling van de ambities en het financiële beeld in de Voorjaarsnota 2024. Ontwikkelingen die alleen betrekking hebben op het bijstellen van de begroting 2024 of financieel neutrale bijstellingen zijn in deze bestuursrapportage (berap) opgenomen.
Samenvattend financieel beeld Eerste Bestuursrapportage 2024 De ontwikkelingen uit het jaar 2023 werken door in 2024, zoals krapte op de arbeidsmarkt, onderuitputting op de investeringen en tekort aan woningen. Deze ontwikkelingen zijn onderdeel van de Voorjaarsnota 2024. Dit geldt tevens voor het afwikkelen van het saldo van de corresponderende posten uit de september- en decembercirculaire 2023. Voor de majeure financiële ontwikkelingen geldt de lijn, dat deze in eerste instantie binnen het eigen programmabudget dienen te worden opgelost en in de Eerste Bestuursrapportage 2024 niet tot bijstellingsvoorstellen leiden. Dit betekent dat de Eerste Bestuursrapportage 2024 geen financieel resultaat heeft. In deze rapportage worden alleen de mutaties voor het jaar 2024 toegelicht die niet zijn opgenomen in de Voorjaarsnota 2024.
Hoofdlijn financiële ontwikkelingen Majeure ontwikkelingen Calamiteiten Utrechts vastgoed (0,531 miljoen euro) Incidenteel Binnen de vastgoedportefeuille is er sprake van een aantal calamiteiten, waaronder het loskomen van natuursteen van het stadhuis. Een deel van deze kosten kan worden opgevangen uit de risicoreserve; er resteert 0,531 miljoen euro aan ongedekte kosten. Er is dit jaar nog voldoende tijd om bij te sturen, bijvoorbeeld door keuzes te maken binnen de projectenportfolio. Daarnaast dient te worden onderzocht of de systematiek van een risicoreserve wel toereikend is. In de Tweede Bestuursrapportage 2024 komen wij hierop terug. Budgetneutrale bijstellingen In het licht van beter begroten vinden er bijstellingsvoorstellen plaats zodat de begroting beter aansluit bij de actuele prognose. Naar verwachting leidt dit tot een kleiner verschil tussen de begroting en de jaarrekening. Een groot deel van de voorstellen heeft betrekking op het verhogen of verlagen van zowel de baten als de lasten vanwege specifieke uitkeringen van het Rijk. Voorgesteld wordt voor 2024: de baten en lasten te verhogen met 16,786 miljoen euro en te verlagen met 4,1 miljoen euro.
De verhoging van de baten en lasten betreft vooral specifieke uitkeringen (SPUK’s) voor de programma’s Ontwikkelen en wonen voor iedereen, Aantrekkelijke groene leefomgeving en erfgoed en Veilige stad en een verhoging van baten en lasten in het programma Levendige en gezonde stad. De bijstelling investeringskredieten omvat een totaal van 15,508 miljoen euro, exclusief de geheime bedragen. Corresponderende posten De afwikkeling van de corresponderende posten uit de september- en decembercirculaire 2023 is meegenomen in het financiële beeld van de Voorjaarsnota 2024.
59
Voortgang coalitieakkoord In de tweede helft van 2023 zijn stappen gezet in de uitvoering van het coalitieakkoord. Er zijn meerdere mijlpalen behaald. In deze rapportage is een tabel opgenomen met wijzigingen in de planning van de uitvoering van het coalitieakkoord. Door verschillende redenen zijn mijlpalen die gepland stonden in de tweede helft van 2023 doorgeschoven naar 2024. In een aantal gevallen is uw raad daar al apart over geïnformeerd.
60
6. Majeure ontwikkelingen en bijstellingen 6.1 Majeure ontwikkelingen Aanvullend op de ontwikkelingen die zijn verwerkt in de voorjaarsnota, melden wij hier alleen een majeure ontwikkelingen in het programma Levendige en gezonde stad.
6.1.1 Betrouwbare Overheid Geen majeure ontwikkelingen
6.1.2 Ontwikkelen en wonen voor iedereen Geen majeure ontwikkelingen
6.1.3 Klimaatvriendelijke stad Geen majeure ontwikkelingen
6.1.4 Duurzame bereikbaarheid Geen majeure ontwikkelingen
6.1.5 Aantrekkelijke, groene leefomgeving en erfgoed Geen majeure ontwikkelingen
6.1.6 Veilige stad Geen majeure ontwikkelingen
6.1.7 Passende ondersteuning en opvang Geen majeure ontwikkelingen
6.1.8 Werk, toekomstbestendige economie en bestaanszekerheid Geen majeure ontwikkelingen
6.1.9 Kansrijk opgroeien Geen majeure ontwikkelingen
6.1.10 Levendige en gezonde stad x € 1000 Omschrijving
Bedrag 2024
Structureel / Incidenteel
1. Calamiteiten Utrechts Vastgoed
-531
I
2. Spreidingswet
PM
PM
Totaal
-531
61
1. Calamiteiten Utrechts Vastgoed Op dit moment is er binnen de Utrechtse vastgoedportefeuille sprake van een drietal calamiteiten, te weten: 1. Lekkage koperen dak Vogelvlinderweg (geschat financieel effect 0,350 miljoen euro). 2. Bodemverontreiniging Sartreweg (geschat financieel effect 0,300 miljoen euro). 3. Loskomen natuursteen kunstwerk Stadhuis (geschat financieel effect 0,500 miljoen euro). Een deel van het totale financieel effect van 1,150 miljoen euro kan gedekt worden uit de risicoreserve Calamiteiten Utrechts Vastgoed. Deze risicoreserve heeft per 1-1-2024 een saldo van 0,619 miljoen euro. Hiermee resteert 0,531 miljoen euro aan ongedekte kosten. 2. Spreidingswet Op 1 februari 2024 is de spreidingswet in werking getreden. De gemeente krijgt hiermee de opdracht om asiellocaties te zoeken. De bekostiging voor deze ambtelijke zoektocht wordt gecompenseerd via het gemeentefonds. Het is nu nog niet duidelijk of dit toereikend is. Daarnaast krijgt de gemeente de mogelijkheid om de locaties te ontwikkelen en te exploiteren. Ook de bekostiging hiervan is nog niet duidelijk. De onduidelijkheid over compensatie zorgt er ook voor dat het nog niet helder is of de uitgangspunten rondom Plan Einstein kunnen worden toegepast op de nieuwe asiellocaties.
6.1.11 Algemene Middelen en Overhead Geen majeure ontwikkelingen
6.2 Majeure bijstellingen De Eerste Bestuursrapportage 2024 leidt niet tot majeure bijstellingen.
62
7. Budgettair neutrale bijstellingen In dit hoofdstuk worden bijstellingsvoorstellen gedaan die budgetneutraal zijn en geen financiële impact hebben op de vastgestelde Programmabegroting 2024. Dit betreft mutaties door het: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Onttrekken en storten in reserves, passend bij de doelstelling van deze reserves Verhogen van baten en lasten door toegekende subsidies, specifieke uitkeringen, etc. Verlagen van baten en lasten Overhevelen gelden binnen een programma Overhevelen gelden naar een ander programma Verschuiven over de jaren heen door overhevelen via de Algemene dekkingsreserve
In de onderstaande paragrafen worden deze mutaties per soort geaggregeerd weergegeven en kort toegelicht. De toelichting per bijstellingsvoorstel is opgenomen in bijlage 2 Budgettair neutrale bijstellingen.
7.1 Onttrekkingen en stortingen in (bestemmings)reserves Er vinden geen onttrekkingen en/of stortingen plaats in de (bestemmings)reserves
7.2 Verhogen baten en lasten x €1.000 Programma
Baten / lasten
I/S
2024
2025
2026
2027
I S I
-800 -101 600
0 -101 0
0 -101 0
0 -101 0
I I
-2.182 2.182
-1.811 1.811
0 0
0 0
I I
-138 138
0 0
0 0
0 0
I S I S
-8.787 -1.844 8.787 1.844
-2.589 -1.844 2.589 1.844
-275 -1.844 275 1.844
0 -1.844 0 1.844
Baten
I
-1.558
-1.312
-263
-263
Lasten
I
1.558
1.312
263
263
Baten
I
-1.372
-712
-234
0
Lasten
I
1.372
712
234
0
Lasten
I
200
0
0
0
Lasten
S
101
101
101
101
0
0
0
0
Betrouwbare overheid Baten Baten Lasten Ontwikkelen en wonen voor iedereen Baten Lasten Klimaatvriendelijke stad Baten Lasten Aantrekkelijke, groene leefomgeving en erfgoed Baten Baten Lasten Lasten Veilige stad
Levendige en gezonde stad
Algemene Middelen en Overhead
Totaal Saldo
63
Toelichting: De bijstellingsvoorstellen hebben veelal betrekking op extra inkomsten vanuit subsidies, specifieke uitkeringen (SPUK) en leges. We verhogen de inkomsten en bijbehorende lasten voor de activiteiten die plaatsvinden voor deze uitkeringen. In totaal stellen we voor in de Eerste Bestuursrapportage 2024 de baten en lasten te verhogen met 16,786 miljoen euro. Onderstaand worden de grootste mutaties toegelicht.
Ontwikkelen en wonen voor iedereen SPUK huisvesting aandachtsgroepen Wetering Zuid De gemeente heeft vanuit de meerjarige regeling specifieke uitkeringen voor huisvesting aandachtsgroepen gelden ontvangen (2,182 miljoen euro). De lasten en baten in overeenstemming met het verwachte uitgaven patroon over de jaren 2024 en 2025 aangepast. Dit betreft de projecten: De Heem, Pagelaan, Munsterlaan en Wetering Zuid.
Aantrekkelijke, groene leefomgeving en erfgoed SPUK Gebiedsgericht grondwaterbeheer Voor de periode 2024-2025 ontvangt de gemeente Utrecht een subsidie van het Rijk voor gebiedsgericht grondwaterbeheer. De lasten en baten worden incidenteel verhoogd met 3,537 miljoen euro in 2024, en 1,601 miljoen euro in 2025. SPUK Grifpark Voor de periode 2024-2025 ontvangt de gemeente Utrecht een subsidie van het Rijk voor verschillende bodemprojecten in het Grifpark. Met deze mutatie worden de lasten en baten incidenteel verhoogd met 2,395 miljoen euro in 2024 en 0,333 miljoen euro in 2025. SPUK Bodem Spoedlocaties Voor de periode 2024-2025 ontvangt de gemeente Utrecht een subsidie van het Rijk voor bodemopgaven van diverse locaties (Park Hoge Weide en Eykmanlaan, Gansstraat Cindu-terrein). Met deze mutatie worden de lasten en baten incidenteel met 1,563 miljoen euro verhoogd.
Veilige stad SPUK Preventie met Gezag Voor de periode 2024-2025 ontvangt de gemeente Utrecht additionele middelen vanuit de specifieke uitkering Preventie met Gezag ten behoeve van gecertificeerde instellingen (0,794 miljoen euro per jaar) en een loon/prijscompensatie (0,207 miljoen per jaar). Met deze mutatie worden de lasten en baten incidenteel met 1,001 miljoen euro per jaar verhoogd.
Levendige en gezonde stad Geluidswerende geluidswal In 2017 is bij de Voorjaarsnota besloten om de toen geraamde opbrengst van de grondverkoop van een perceel van het crossterrein op Lage Weide van 200.000 euro in te zetten als bijdrage aan de financiering van een geluidswerende geluidswal. Door vertraging in de totstandkoming van de geplande asfaltcentrale en bijbehorende ontsluiting is het tot op heden niet gelukt invulling te geven aan dit besluit. In verband met gestegen grondprijzen is de opbrengst inmiddels gestegen tot 386.000 euro.
64
Tegelijkertijd zijn de kosten voor een geluidswal met dezelfde omvang gestegen. Het aanpassen van de bedragen sluit aan bij het uitgangspunt van budgetneutrale bekostiging, zoals besloten bij de Voorjaarsnota en Eerste Bestuursrapportage 2017.
7.3 Verlagen baten en lasten x €1.000 Programma Baten / lasten Aantrekkelijke, groene leefomgeving en erfgoed
I/S
2024
2025
2026
2027
Baten
S
200
200
200
200
Lasten Passende ondersteuning en opvang
S
-200
-200
-200
-200
Baten
S
3.453
3.453
3.453
3.453
Lasten
S
-3.453
-3.453
-3.453
-3.453
Baten
I
225
0
0
0
Baten
S
0
1.129
1.129
1.129
Lasten Lasten
I S
142 47
0 -328
0 -328
0 -328
Lasten Lasten
I S
-367 -47
0 -801
0 -801
0 -801
0
0
0
0
Levendige en gezonde stad
Algemene Middelen en Overhead
Totaal Saldo
Toelichting: In totaal stellen we voor in 2024 de baten en lasten te verlagen met 4,067 miljoen euro. De grootste mutatie valt binnen het programma Passende ondersteuning en opvang. De eigen bijdrage Beschermd wonen is al jaren lager dan begroot en door deze wijziging 3,453 miljoen euro wordt de begroting nu op een reëel niveau gebracht zodat deze beter aansluit bij de werkelijke eigen bijdragen.
7.4 Verschuiven gelden binnen een programma Verschuivingen van gelden binnen een programma worden alleen gepresenteerd als er sprake is van verschuivingen tussen clusters binnen de programma’s Werk, toekomstbestendige economie en bestaanszekerheid, Kansrijk opgroeien en Levendige en gezonde stad. Op dit moment zijn er geen verschuivingen.
65
7.5 Verschuiven gelden naar ander programma x €1.000
Programma
Baten / lasten
I/S
2024
2025
2026
2027
Lasten
S
-109
-109
-109
-109
Lasten
S
-551
-958
-1.404
-1.547
Lasten
I
-277
-277
0
0
Lasten
S
-120
-120
-120
-120
Lasten
I
277
277
0
0
Lasten
S
-261
-261
-261
-261
Lasten
S
88
88
88
88
Lasten
S
-161
-161
-161
-161
Lasten
S
1.113
1.520
1.967
2.109
0
0
0
0
Ontwikkelen en wonen voor iedereen Duurzame bereikbaarheid Aantrekkelijke, groene leefomgeving en erfgoed
Veilige stad
Kansrijk opgroeien Levendige en gezonde stad Algemene Middelen en Overhead Totaal Saldo
Toelichting: Dit zijn programma overstijgende bijstellingen, voorgesteld wordt 0,277 miljoen euro voor 2024/2025 en 1,202 miljoen euro structureel te verschuiven. Vanuit het programma Aantrekkelijke, groene leefomgeving en erfgoed worden middelen overgeheveld voor extra te verwachte energielasten voor de brandweerpanden naar het programma Veilige stad.
7.6 Overhevelen via algemene dekkingsreserve Er vinden geen overhevelingen via de dekkingsreserve plaats.
7.7 Bijstellingen investeringskredieten Deze paragraaf bevat de wijzigingsvoorstellen met betrekking tot de investeringsprojecten voor zowel vervanging- als uitbreidingsinvesteringen.
66
7.7.1 Ontwikkelen en wonen voor iedereen Totaal investeringen x €1.000 Geautoriseerde Doelstelling
Gereedmelding bij Voorgestelde wijzigingen Actuele autorisatie
uitgaven t/m PB 2024
Jaarstukken 2023
1e berap 2024
uitgaven t/m 2024
Doelstelling Stedelijke Omgeving
19.320
0
pm
pm
Totaal
19.320
0
pm
pm
Uitbreidingsinvesteringen A x €1.000 Geautoriseerde Doelstelling
Gereedmelding bij Voorgestelde wijzigingen Actuele autorisatie
uitgaven t/m PB 2024
Jaarstukken 2023
1e berap 2024
uitgaven t/m 2024
Doelstelling Stedelijke omgeving
19.320
0
pm
pm
Totaal
19.320
0
pm
pm
Toelichting Uitbreidingsinvestering A Parkeergarage P&R Berlijnplein De toelichting en het bedrag kunnen niet openbaar worden gepubliceerd, omdat marktpartijen deze kunnen gebruiken bij aanbestedingen en onderhandelingen met de gemeente. Voor een uitgebreide toelichting verwijzen wij naar de geheime bijlage A Investeringsprojecten Ontwikkelen en wonen voor iedereen.
7.7.2 Duurzame bereikbaarheid Toelichting uitbreidingsinvesteringen A Meerjarenprogramma Bereikbaarheid (MPB) In het Meerjarenprogramma Bereikbaarheid (MPB), als onderdeel van het Meerjaren Perspectief Ruimte (MPR), worden voorstellen gedaan voor (her)programmering. Budgetten vragen we vrij in de programmabegroting van het jaar waarop het project gaat starten. Voor lopende projecten of projecten waarvan de uitvoering start in het lopende jaar, vragen we de kredieten vrij bij de Eerste bestuursrapportage. In onderstaande tabellen zijn alleen kredieten opgenomen waarop wijzigingen van toepassing zijn. Totaal Investeringen Duurzame Bereikbaarheid Wijzigingen in Doelstelling
Geautoriseerde
Gereedmelding bij
Voorgestelde
Actuele
Jaarstukken
wijzigingen
autorisatie
2023
1e berap 2024
uitgaven t/m 2024
kredieten PB 2024
Doelstelling Duurzaam vervoer
90.071
0
-19.353
70.718
Doelstelling Mobiliteitsgedrag
0
0
pm
pm
Doelstelling Verkeersveiligheid
3.900
0
-1.000
-2.900
Totaal Investeringen
93.971
0
-20.353
73.618
67
Uitbreidingsinvesteringen A x €1.000 Doelstelling
Wijzigingen in
Gereedmelding bij
Voorgestelde
Actuele autorisatie
Duurzaam Vervoer
Geautoriseerde
Jaarstukken 2023
wijzigingen 1e berap
uitgaven t/m 2024
kredieten PB
2024
2024 Bijstellingen op basis van eerdere besluitvorming: Doorfietsroute langs spoor CS –
4.800
0
-4.800
0
Waterliniebrug
6.000
0
-1.200
4.800
Fietsmaatregelen om de Noord
1.589
0
2.000
3.589
0
0
600
600
2.400
0
-2.400
0
500
0
1.250
1.750
7.961
0
-1.635
6.326
0
0
2.220
2.220
4.000
0
1.013
5.013
Fietsroute Utrecht-Amersfoort
3.012
0
780
3.792
Maliebaan
4.900
0
600
5.500
Europalaan Noord
7.667
0
600
8.267
Koningsweg
0
0
900
900
Bestemming Catharijnesingel
0
0
690
690
45.100
0
-21.900
23.200
500
0
1.500
2.000
Toegankelijke bushaltes OV
1.642
0
429
2.071
Totaal
90.071
0
-19.353
70.718
A’dam
Tuinwijkroute Fietsonderdoorgang Lombokplein Regionale doorfietsroute UtrechtHilversum Schaalsprong fiets Boorstraattunnel Bijstellingen op basis van MPB 2024: Station Vaartsche Rijn - Oosteren westerkade + Ledig Erf
NRU Regionale doorfietsroute Lage Weide - Houten
Uitbreidingsinvesteringen A Doelstelling Mobiliteitsgedrag Toelichting Bijstellingen op basis van eerdere besluitvorming Doorfietsroute langs spoor CS – A’dam Het resterende budget ‘Doorfietsroute langs spoor CS – A’dam’ van 4,67 miljoen euro (er is reeds 0,13 miljoen besteed aan de route), is bij het MPB 2019 en 2021 beschikbaar gesteld voor de stalling Jaarbeurspleingebouw. De wijziging was bij de programmabegroting wel verwerkt in het krediet voor de stalling, maar nog niet voor het krediet van de doorfietsroute. Waterliniebrug Voor het project Waterliniebrug is het budget in het MPR 2023 bijgesteld naar 4,8 miljoen euro (onderdeel van de ruimtelijke investeringen uit het coalitieakkoord) omdat de voorbereidingskosten gedekt kunnen worden uit de fietsroute om de Zuid. Het krediet moet nog worden bijgesteld.
68
As Votulast en Tuinwijkroute Het toegekende krediet van 2,0 miljoen euro voor de Adelaarstraat (2e fase As Votulast) was toegevoegd aan het project As Votulast. Omdat de Adelaarstraat onderdeel is van het project Fietsmaatregelen om de Noord (No regret) wordt het krediet overgeheveld naar dat project. Voor de Tuinwijkroute was het toegekende krediet van 0,6 miljoen euro toegevoegd aan het project As Votulast. De Tuinwijkroute wordt als zelfstandig project uitgevoerd binnen het programma Fiets en daarom is 0,6 miljoen euro overgeheveld naar dit project. De fietsonderdoorgang Lombokplein De fietsonderdoorgang Lombokplein wordt uitgevoerd binnen de gebiedsontwikkeling Lombokplein. Het bijbehorende budget wordt gestort in de voorziening grondexploitatie Lombokplein 2024 en het krediet wordt daarom hier afgesloten. Doorfietsroutes Utrecht-Hilversum In het MPR 2023 zijn de budgetten verhoogd voor de Doorfietsroutes Utrecht-Hilversum. Het bijbehorende krediet is eveneens aangepast. Boorstraattunnel Voor de Boorstraattunnel is er totaal 1,635 miljoen euro beschikbaar gesteld vanuit de middelen schaalsprong fiets middelen. In 2024 halen we dit krediet uit de schaalsprong en vermelden we het project apart in de investeringsstaat bij de begroting 2024.
Daarnaast bent u met de Raadsbrief van 23 november 2023 geïnformeerd over het toevoegen van 0,59 miljoen euro aan het budget voor de Boorstraattunnel om het Integraal Programma van Eisen (IPvE) op te kunnen stellen. Dit bedrag voegen we eveneens toe aan het krediet. Bijstellingen op basis van het MPB 2024 Voor de toelichting van de bijstellingen op basis van de herprogrammering MPB, verwijzen wij u naar het MPB 2024. Daarnaast stellen we het voorbereidingskrediet voor de Noordelijke Randweg Utrecht (NRU) neerwaarts bij naar 23,2 miljoen euro. Rekening houdend met de reeds bestede middelen van 19,2 miljoen euro (waarvan 8,8 miljoen euro provinciaal budget) resteert er nog 4 miljoen euro aan gemeentelijk budget voor Korte Termijnmaatregelen (3,5 miljoen euro) en maximaal 0,5 miljoen euro voor voorbereidingen NRU lange termijn en eventuele aankoop stikstofrechten. Zie verder de toelichting in de Raadsbrief van 14 november 2023.
Uitbreidingsinvesteringen B Doelstelling Duurzaam Vervoer x €1.000 Doelstelling
PB 2024
Voorgestelde wijzigingen
Duurzaam Vervoer
Actuele stand t/m 1e berap 2024
1e berap 2024
Noordelijke Randweg Utrecht
184.901
21.900
206.801
Totaal
184.901
21.900
206.801
(*) Uitbreidingsinvesteringen B worden nu niet geautoriseerd.
Toelichting Noordelijke Randweg Utrecht (NRU) In verband met de neerwaartse bijstelling van het voorbereidingskrediet verhogen we het nog goed te keuren krediet voor de NRU onder de Uitbreidingsinvesteringen B met hetzelfde bedrag. Noordelijke Randweg Utrecht (NRU). Op het moment dat kredieten onder uitbreidingsinvesteringen categorie B zijn vrijgegeven verschuiven ze naar categorie A.
69
Uitbreidingsinvesteringen A Doelstelling Mobiliteitsgedrag x €1.000 Doelstelling Mobiliteitsgedrag
Wijzigingen in
Gereedmelding bij
Voorgestelde
Actuele autorisatie
Geautoriseerde kredieten
Jaarstukken 2023
wijzigingen 1e berap
uitgaven t/m 2024
PB
2024
2024
Parkeergarages
0
0
pm
pm
Totaal
0
0
pm
pm
Toelichting uitbreidingsinvesteringen A parkeren De toelichting en het bedragen kunnen niet openbaar worden gepubliceerd, omdat marktpartijen deze kunnen gebruiken bij aanbestedingen en onderhandelingen met de gemeente. Voor een uitgebreide toelichting verwijzen wij u naar de geheime bijlage B Investeringsprojecten parkeergarages.
Uitbreidingsinvesteringen A Doelstelling Verkeersveiligheid x €1.000 Doelstelling Verkeersveiligheid
Wijzigingen in
Gereedmelding bij
Voorgestelde
Actuele autorisatie
Geautoriseerde
Jaarstukken 2023
wijzigingen 1e berap
uitgaven t/m 2024
kredieten PB
2024
2024
Bijstellingen op basis van MPB 2024: Reservering voor noodzakelijke
0
0
1.300
1.300
3.900
0
-2.300
1.600
aanpassingen ihkv - actieplan verkeersveiligheid Herinrichting As Votulast
Totaal
3.900
0
-1.000
2.900
7.7.3 Aantrekkelijke, groene leefomgeving en erfgoed Totaal investeringen x €1.000 Doelstelling
Geautoriseerde
Gereedmelding bij
Voorgestelde
Actuele autorisatie
uitgaven t/m PB 2024
Jaarstukken 2023
wijzigingen 1e berap
uitgaven t/m 2024
211.133
0
25.891
237.024
40.675
0
0
40.675
10.573
0
0
10.573
25.548
0
0
25.548
0
0
0
0
287.929
0
25.891
313.820
2024 Doelstelling Beheer openbare ruimte Doelstelling Water- en rioleringssysteem Doelstelling Extra Groen Doelstelling Afval voorkomen Doelstelling Leefomgeving en ondergrond Totaal
70
Vervangingsinvesteringen x €1.000 Doelstelling
Voorgestelde
Geautoriseerde
Gereedmelding bij
uitgaven t/m PB 2024
Jaarstukken 2023
204.594
0
25.891
230.485
40.675
0
0
40.675
0
0
0
0
11.553
0
0
11.553
0
0
0
0
256.822
0
25.891
282.713
Doelstelling Beheer openbare ruimte Doelstelling Water- en rioleringssysteem Doelstelling Extra Groen Doelstelling Afval voorkomen
wijzigingen 1e berap 2024
Actuele autorisatie uitgaven t/m 2024
Doelstelling Leefomgeving en ondergrond Totaal
Toelichting De voorgestelde wijziging betreft het programma beweegbare bruggen en de start van diverse projecten op het gebied van verkeersregelinstallaties, alsmede de sterke prijsstijgingen hierop. Deze waren nog niet verwerkt in de aangevraagde kredieten.
Uitbreidingsinvesteringen A x €1.000 Doelstelling
Doelstelling Beheer
Geautoriseerde
Gereedmelding bij
Voorgestelde
Actuele autorisatie
uitgaven t/m PB
Jaarstukken 2023 wijzigingen 1e berap
uitgaven t/m 2024
2024
2024
0
0
0
0
0
0
0
0
Doelstelling Extra Groen
10.573
0
0
10.573
Doelstelling Afval voorkomen
7.468
0
0
7.468
0
0
0
0
18.041
0
0
18.041
openbare ruimte Doelstelling Water- en rioleringssysteem
Doelstelling Leefomgeving en ondergrond Totaal
71
Routine-investeringen x €1.000 Doelstelling
Geautoriseerde
Gereedmelding bij
Voorgestelde
Actuele autorisatie
uitgaven t/m PB 2024
Jaarstukken 2023
wijzigingen 1e Berap
uitgaven t/m 2024
2024 Doelstelling Beheer openbare ruimte
6.539
0
0
6.539
0
0
0
0
0
0
0
0
6.527
0
0
6.527
0
0
0
0
13.066
0
0
13.066
Doelstelling Water- en rioleringssysteem Doelstelling Extra Groen Doelstelling Afval voorkomen Doelstelling Leefomgeving en ondergrond Totaal
7.7.4 Werk, toekomstbestendige economie en bestaanszekerheid Voor de eerste bestuursrapportage zijn er geen investeringen te melden.
7.7.5 Kansrijk opgroeien Totaal investeringen x €1.000 Doelstelling
Geautoriseerde
Gereedmelding
Voorgestelde wijzigingen
Actuele autorisatie
uitgaven t/m PB
bij Jaarstukken
1e berap 2024
uitgaven t/m 2024
2024
2023
Huisvesting scholen
590.561
-9.724
0
580.837
Totaal
590.561
-9.724
0
580.837
Vervangingsinvesteringen x €1.000 Doelstelling
Geautoriseerde
Gereedmelding bij
Voorgestelde
Actuele autorisatie
uitgaven t/m PB
Jaarstukken 2023
wijzigingen 1e berap
uitgaven t/m 2024
2024 Huisvesting
2024
255.857
-6.506
0
249.351
255.857
-6.506
0
249.351
scholen Totaal
72
Uitbreidingsinvesteringen A x €1.000 Doelstelling
Geautoriseerde
Gereedmelding bij
Voorgestelde
Actuele autorisatie
uitgaven t/m PB
Jaarstukken 2023
wijzigingen 1e berap
uitgaven t/m 2024
2024 Huisvesting
2024
334.704
-3.218
0
331.486
334.704
-3.218
0
331.486
scholen Totaal
Toelichting In de bovenstaande tabellen zijn enkel de volledige gereedmeldingen van de jaarstukken 2023 opgenomen. Voor de investeringen die deels gereed zijn gemeld, blijft het totaal geautoriseerde krediet staan. Bij de voortgangsrapportage Meerjarenperspectief Onderwijshuisvesting worden de kredieten voor 2025 en verder bijgewerkt, verwerking hiervan vindt plaats in de Programmabegroting 2025.
7.7.6 Levendige en gezonde stad Totaal investeringen x €1.000 Doelstelling
Geautoriseerde
Gereedmelding bij
Voorgestelde
Actuele
uitgaven t/m PB
Jaarstukken 2023
wijzigingen 1e
autorisatie
berap 2024
uitgaven t/m
2024
2024 Vastgoed
314.043
-6.753
-4.626
302.664
Toegankelijke sportvoorzieningen
178.527
-3.504
15.312
190.335
Toegankelijke buurtvoorzieningen Totaal
966
0
-966
0
493.536
-10.257
9.720
492.999
Vervangingsinvesteringen x €1.000 Doelstelling
Geautoriseerde
Gereedmelding bij