Verslag vergadering gemeenteraad, 2012-11-15 (1).pdf
Tekst van het document
2 0 12 NOTULEN VERGADERING GEMEENTERAAD UTRECHT 21e vergadering – 15 november 2012, 20.00 uur Openbare vergadering van de Gemeenteraad, gehouden op donderdag 15 november 2012 te 20.00 uur. Voorzitter: mr. A. Wolfsen, die voor een deel van de vergadering wordt vervangen door mevrouw S.M.L. Bottse, plaatsvervangend voorzitter. Tegenwoordig zijn de leden: Van Asperen, mevr. Baş, Beerlage, mevr. Bikker, mevr. De Boer, Bos, mevr. Bouazani, Buunk, Van Corler, mevr. Crowe, mevr. Dibi, Dijk, Eggermont, Flipse, Fokke, Geldof, Gilissen, mevr. Haage, mevr. Hakbijl, mevr. Hamid, Ikkersheim, Işik, Kleuver, Koopmans, Kuijper, mevr. Mos, mevr. Nalis, Oldenborg, Post, Ravesteijn, Van der Roest, Rollingswier, Roodenburg, Rottier, Rijpma, Van Schie, Schipper, Smid, Verschuure, De Vries, Van Waveren, mevr. Wijntuin en Zwanenberg. Tevens zijn aanwezig de wethouders mevr. Den Besten, Everhardt, Isabella, Kreijkamp, Lintmeijer en mevr. De Rijk. Griffier: drs. A.A.H. Smits, griffier. Opening van de vergadering door de voorzitter. De VOORZITTER opent de vergadering en spreekt als volgt: Dames en heren! We hebben een mooie volle agenda en een mooie volle publieke tribune. Ik heet de publieke tribune speciaal welkom. Mooi dat u belangstelling hebt voor het werk van de raad, mooi dat er mensen meekijken of meeluisteren, u ook welkom bij deze vergadering.
We beginnen met het weer compleet maken van de gemeenteraad. We missen een lid en we zullen vanavond een nieuw lid installeren. De heer Van Waveren en mevrouw Mos zullen later ter vergadering komen. Mevrouw Dibi zal enige weken afwezig zijn vanwege een ziekenhuisopname. Een kaartje of bijzondere attentie zal zeer worden gewaardeerd. Het stembureau zal bestaan uit de heren Fokke, Işik en Buunk.
Avondvergadering van 15 november 2012
2
PROCESVERBAAL VAN DE ZITTING VAN DE COMMISSIE TOT HET ONDERZOEK VAN DE GELOOFSBRIEVEN VAN NIEUWBENOEMDE LEDEN VAN DE RAAD VAN DE GEMEENTE UTRECHT De commissie van onderzoek van de geloofsbrieven van de nieuwbenoemde leden van de raad van de gemeente Utrecht, bestaande uit de leden de dames drs. M.W. Haage en mr. C. Hakbijl en de heer drs. D.N.E.A. Gilissen heeft op 15 november 2012 onderzocht de geloofsbrieven van het op 7 november 2012 benoemd verklaarde lid van de Gemeenteraad, de heer J. Flipse. Door geen der leden werden bezwaren ingebracht, zodat de commissie heeft besloten de raad te adviseren de heer J. Flipse toe te laten als lid van de raad der gemeente Utrecht. Hierna wordt z.h.o. overeenkomstig het advies van de commissie tot het onderzoek van de geloofsbrieven besloten. De VOORZITTER dankt de leden van de commissie tot het onderzoek van de geloofsbrieven voor de verrichte werkzaamheden en ontbindt haar. Beëdiging van het nieuwbenoemde raadslid van de gemeenteraad de heer J. Flipse. af.
De heer Flipse legt in handen van de voorzitter de in de Gemeentewet voorgeschreven belofte
De VOORZITTER: Mijnheer Flipse! U bent hiermee benoemd tot lid van de gemeenteraad van Utrecht. Gefeliciteerd!
(Applaus.)
De VOORZITTER schorst daarop de vergadering, ten einde de aanwezigen in de gelegenheid te stellen de heer Flipse te feliciteren met zijn benoeming. Na hervatting van de vergadering stelt de VOORZITTER aan de orde: Agenda vaststellen en inventarisatie. De VOORZITTER: Dames en heren! Er is een actuele motie aangekondigd door de heer Fokke, mede namens de heer Oldenborg, over de afsluiting van de Gansstraat. Deze actuele motie zal eventueel worden ingediend na het vragenuurtje. Er zijn voorts mondelinge vragen ingediend door de heer Fokke, mede namens de heer Oldenborg, over de afsluiting van de Gansstraat. Ik begrijp dat als deze vragen naar tevredenheid worden beantwoord, de actuele motie niet zal worden in gediend. Tevens zijn mondelinge vragen ingediend door de heer Van Corler inzake het plaatsen van een paaltje op het fietspad bij de Van Sijpesteijnkade. De agenda wordt daarop z.h.o. ongewijzigd vastgesteld. Notulen van de openbare vergaderingen van 4, 11 en 25 oktober 2012. Deze notulen worden z.h.o. ongewijzigd vastgesteld. Bekrachtiging geheimhouding De VOORZITTER: Dames en heren! Hierbij verzoek ik u op grond van artikel 25, derde lid van de Gemeentewet de geheimhouding te bekrachtigen van de geheime bijlagen behorende bij de voorstellen Jaargang 2012, nrs. 130 en 131. Tevens verzoek ik u de geheimhouding te bekrachtigen van de geheime commissiebrief (nr.
12.095518) uit de portefeuille Openbaar Orde en Veiligheid, die op dinsdag 13 november jl. in uw postvakjes is gelegd.
Avondvergadering van 15 november 2012
3
De heer ROLLINGSWIER (D66): Voorzitter! In de toelichting bij de brief 12.092642, behorende bij agendapunt 9, wordt alleen een wetsartikel genoemd. De motivering van de duur van de geheimhouding ontbreekt. Conform de afspraak zouden wij dat graag elke keer terugzien, dan kan dit ook in het register worden opgenomen. De VOORZITTER: Ik zeg toe dat dit zal worden aangevuld. Mocht u daarover ontevreden zijn, dan kunt u er de volgende keer op terugkomen. Lijst van ingekomen stukken 1.
Een de 26e oktober 2012 ingekomen uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State te 's-Gravenhage, waarbij de beroepen, ingesteld tegen het raadsbesluit tot vaststelling van het bestemmingsplan Entreegebouw, Binnenstad en aanverwante vergunningen, ongegrond worden verklaard. Besloten wordt deze brief te stellen in handen van burgemeester en wethouders, ter afdoening.
2.
Een de 24e oktober 2012 ingekomen brief van de voorzitter van Sint Maartensberaad Utrecht, alhier, inzake erkenning van Utrechtse Sint Maartentraditie als immaterieel cultureel erfgoed. Besloten wordt deze brief voor kennisgeving aan te nemen.
3.
Een de 1e november 2012 ingekomen mail van de Ondernemingsraad Bibliotheek Utrecht, alhier, waarin zij haar zorg uitspreekt over de verzelfstandiging van de Bibliotheek. Besloten wordt deze brief te betrekken bij Jaargang 2012, nr. 129.
4.
Een de 25e oktober 2012 aangeboden petitie "Stop afbraak huishoudelijke zorg in Utrecht" van AbvaKabo FNV. Besloten wordt deze brief voor kennisgeving aan te nemen.
5.
Een de 6e november 2012 ingekomen uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State te 's-Gravenhage, waarbij de beroepen, ingesteld tegen het raadsbesluit tot vaststelling van het bestemmingsplan Overvecht-Noordelijke Stadsrand, ongegrond worden verklaard. Besloten wordt deze brief te stellen in handen van burgemeester en wethouders, ter afdoening.
6.
Een de 6e november 2012 ingekomen mail van M.V., alhier, inzake de situatie van het openbaar vervoer in Utrecht. Besloten wordt deze brief te stellen in handen van de Fracties, ter afdoening.
Avondvergadering van 15 november 2012 1.
4
Voorstel tot vaststelling van de Rapportage Aanbestedingsbeleid 2011 (Jaargang 2012, nr. 127). De heer OLDENBORG (SLU): Voorzitter! Mijn fractie kan de vaststelling van dit voorstel steunen in het licht van de toezegging gedaan in de commissievergadering. Wel verwachten wij in het licht van diezelfde toezegging dat de inkopers van de gemeente gaan werken met een shortlist van het lokale MKB voor het onderhands aanbesteden en dat wij inderdaad bij de volgende rapportages inzicht krijgen in de nacalculaties, zodat we echt kunnen zien of het inkoopbeleid iets oplevert, of anders gezegd, hoe goed of slecht onze ramingen zijn. Dit staat niet expliciet in de toezeggingen bij het commissieverslag. De heer ROLLINGSWIER (D66): Voorzitter! De D66-fractie zal het voorstel steunen. De gemeente heeft een enorme uitdaging met het behalen van de inkoopbezuinigingsopgave van uiteindelijk EUR 15 mln. Tegen het college zeg ik: maak het in de toekomst niet nog moeilijker met nieuwe voorstellen. De heer KOOPMANS (PvdA): Voorzitter! De PvdA-fractie zal het voorstel steunen. We zijn blij met de toezegging dat er een goede notitie komt, althans een notitie –ik verwacht dat die goed is– over social return, omdat we daarover in het kader van dit onderwerp hebben gediscussieerd. De heer RAVESTEIJN (GroenLinks): Voorzitter! Bij deze stemverklaring kunnen wij ons aansluiten.
De heer GELDOF (VVD): Voorzitter! Ik sluit me aan bij de stemverklaring van de heer Oldenborg over de ramingen. We zagen in de rapportage dat de gemeente voor grote zaken voor honderden miljoenen raamt en dat we uiteindelijk EUR 76 mln. uitzetten. Dit zijn zulke opmerkelijke verschillen dat we vinden daarop zeer goed moet worden gelet. We kunnen de rapportage vaststellen en wachten de verdere berichtgeving van de wethouder af over die ramingen. Hierna wordt z.h.o. overeenkomstig het voorstel besloten.
Vragenuurtje. 1.
Vragen van de heer Fokke, mede namens de heer Oldenborg, inzake de afsluiting van de Gansstraat. De heer FOKKE (D66): Voorzitter! Ik kan u melden dat deze vragen inmiddels raadsbreed worden gesteund. Sinds de zomer van 2010 is de Gansstraat afgesloten voor verkeer. Aanvankelijk zou de afsluiting tot 1 juni 2011 duren. Inmiddels is de vergunning voor de afsluiting enkele malen verlengd. Deze afsluiting zorgt voor grote overlast voor de ondernemers in de Gansstraat, die afhankelijk zijn van passanten voor hun omzet. Er is inmiddels een compensatieregeling, maar de ondernemers willen natuurlijk liever hun eigen geld verdienen. Daarom zagen zij reikhalzend uit naar eind 2012, want dan zou de Gansstraat definitief weer open gaan. Helaas bleek uit het wijkbericht dat de openstelling van de Gansstraat weer is uitgesteld, ditmaal tot maart 2013. Hierdoor lopen de ondernemers alweer het derde kerstseizoen op rij mis. Voor de fracties van D66 en Stadspartij Leefbaar Utrecht, en inmiddels alle fracties in de raad, is de maat vol. Zo ga je niet met ondernemers om. Het is begrijpelijk dat het zo af en toe voor werkzaamheden nodig is om de openbare weg af te sluiten. Maar gemeente en aannemer moeten er dan alles aan doen om de overlast te beperken. Dit brengt ons op de volgende vragen: 1.
Wij hebben begrepen dat de belanghebbenden het nieuws over de verlate openstelling alleen via het wijkbericht hebben vernomen. Waarom zijn zij niet persoonlijk ingelicht? 2. Hoe ziet de wethouder de informatievoorziening in het licht van de eerdere toezeggingen dat gemeente en aannemer in overleg zouden blijven met de ondernemers gedurende de gehele periode waarin de straat afgesloten zou zijn? 3. Wordt in de compensatie van de ondernemer rekening gehouden met het feit dat de lucratieve feestdagen voor de deur staan?
Avondvergadering van 15 november 2012
5
4. Worden de kosten van de uitloop via bouwleges of op een andere wijze verhaald op de aannemer? De Gansstraat werd afgesloten, omdat de bouwwerkzaamheden zorgden voor kruisend verkeer. Inmiddels zijn de bouwwerkzaamheden afgerond, want de sleuteloverdracht zal begin december plaatsvinden. Toch blijft de Gansstraat afgesloten tot maart wegens opruimwerkzaamheden. 5. Wij zijn van mening dat de openbare weg niet bedoeld is als opslagterrein voor aannemers. Waarom moeten deze opruimwerkzaamheden drie maanden duren? 6. Is het college bereid om de Gansstraat nog voor de kerst open te stellen voor fietsers en voetgangers? Mocht het antwoord op deze vragen ons niet bekoren, dan hebben wij een raadsbreed gesteunde actuele motie achter de hand. De heer ISABELLA (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen die zijn gesteld. Wij zijn het met de heer Fokke eens: in zo'n situatie dienen de ondernemers als eerste te horen dat er weer sprake is van een mogelijk uitstel. Wij vinden dat het wijkbericht pas na die boodschap had moeten worden verspreid. Ik heb begrepen dat er contact is geweest met de betreffende ondernemer na het verzenden van het wijkbericht en ik weet dat er inmiddels een compensatieregeling is getroffen. Het wijkbericht wordt in soortgelijke situaties verspreid als communicatiemiddel om buurtbewoners en ondernemers op de hoogte te stellen.
Maar geen misverstand, dit had anders gemoeten en dit is dus gewoon niet goed gegaan. Voor de bouwplannen hebben we een procesbegeleider aangesteld die als contactpersoon namens de gemeente functioneert tegenover aannemer en omwonenden. Desondanks, ik herhaal dat nog maar eens, is er te laat en te beperkt gecommuniceerd. Ik vind dat echt heel vervelend, zeker gezien de voorgeschiedenis die hier heeft gespeeld. Ook dit is niet goed gegaan. Het college heeft begrepen dat de straat dit weekend in elk geval weer bereikbaar zal zijn voor fietsers en voetgangers. We zullen met de ondernemer uit de Gansstraat opnieuw in gesprek gaan, ik zal er persoonlijk langs gaan, omdat dit een heel vervelende situatie is. Het is niet mogelijk om de kosten te verhalen via de bouwleges, omdat we voor die uitlooptijd blijkbaar geen afspraken hebben gemaakt met de aannemer. De bouwwerkzaamheden zijn nog steeds niet afgerond; dit is inmiddels in de raad bekend. De komende week wordt bijvoorbeeld het parkeerdek afgerond en daarna moet het plein nog worden bestraat. Dit betekent dat de aannemer nog regelmatig in die straat aan het werk moet. We hebben de aannemer opgedragen om de Gansstraat zo snel mogelijk vrij te maken, zodat die weer kan worden opengesteld voor het verkeer.
Eerder deze week is met de aannemer het volgende afgesproken: morgen wordt er een puinverharding gestort en worden er rijplaten op de weg gelegd. Ook worden er hekken voor de woningen gezet om te voorkomen dat het publiek dat er niet thuis hoort de woningen zou kunnen betreden. Vanaf aanstaande zaterdag kan de weg weer open worden gesteld voor fietsers en voetgangers. Als er dan toch bouwverkeer overheen moet, is met de aannemer geregeld dat er een verkeersbegeleider zal worden ingezet. Het antwoord op vraag 6 sluit aan bij het antwoord dat ik zojuist heb gegeven op vraag 5. De nieuwbouwwoningen worden voor de feestdagen opgeleverd. Dit betekent dat de Gansstraat deels voor het autoverkeer open zal moeten gaan om de bewoners de kans te geven om fatsoenlijk te verhuizen. Ik benadruk dat de Gansstraat de komende tijd nog een aantal keren echt dicht zal moeten in verband met de herbestrating, maar wij zullen natuurlijk met de aannemer in gesprek gaan om dat op een fatsoenlijke en zo logisch mogelijke manier te doen, zodat de bereikbaarheid in vergelijking met zoals die nu is flink zal verbeteren. Maar het zal nog een tijdje duren. De heer FOKKE (D66): Voorzitter! Dank voor de ruimhartige beantwoording; die doet ons goed.
Is het ook mogelijk om de afsluitingen voor herbestrating in de toekomst zo te regelen dat de Gansstraat gedurende die afsluitingen wel toegankelijk is voor fietsverkeer, bijvoorbeeld door eerst de ene helft van de straat te bestraten en dan de andere helft? De heer ISABELLA (wethouder): Ik kan me voorstellen dat dit een zeer logische oplossing lijkt. Een afsluiting heeft altijd te maken met de veiligheid, zoals ik bij eerdere vragen in de raad heb geantwoord. Ik zal dit doorgeven aan de aannemer en de procesbegeleider vragen om er wat meer bovenop te zitten. Blijkbaar loopt dit onvoldoende; dat is niet de bedoeling. Laten we kijken naar slimme en logische oplossingen waarmee alle betrokken partijen uit de voeten kunnen. Dat lijkt mij het belangrijkste.
Avondvergadering van 15 november 2012
6
De heer GILISSEN (VVD): Voorzitter! In de aangekondigde actuele motie wordt gevraagd hoe we in de toekomst dit soort zaken kunnen voorkomen. Kan de wethouder aangeven hoe hij denkt van deze situatie te leren en hoe hij ervoor zorgt dat dit in de toekomst niet meer gebeurt door tijdig te communiceren? De heer ISABELLA (wethouder): De heer Gilissen stelt bijna een gewetensvraag. Ik zou echt willen dat dit soort zaken niet meer voorkomt, maar helaas, waar gewerkt wordt vallen spaanders. Het is onze zorg dat dit op een goede en juiste manier gebeurt en de raad kan van het college aannemen dat het er aandacht voor blijft vragen bij alle projecten. Ik kan niets uitsluiten, maar ons streven is om dit soort zaken te voorkomen. De heer FOKKE (D66): Voorzitter! De beantwoording is zeer ruimhartig en voldoende. Daarom zal ik de aangekondigde actuele motie niet indienen. 2.
Vragen van de heer Van Corler inzake het plaatsen van een paaltje op het fietspad bij de Van Sijpesteijnkade. De heer VAN CORLER (GroenLinks): Voorzitter! Recent is er midden op het fietspad op de Van Sijpesteijnkade een paaltje geplaatst. Eigenlijk is het te knullig voor woorden om hier te praten over een paaltje op een fietspad. Daarom heb ik dit aan de verkeerswoordvoerders voorgelegd via de mail. Er is een redelijk brede steun om er wel vragen over te stellen. Zeker toen ik vernam dat de heer Buunk bijna op het paaltje was gebotst, kon het niet anders dan dat ik daar toch aandacht aan zou besteden. Het is niet mijn gewoonte om over dit soort zaken vragen te stellen, maar dit paaltje is het toonbeeld van een probleem binnen de gemeente. Ik ben me ervan bewust dat er binnenkort een commissievergadering is. Daarvoor heb ik ook andere vragen over het fietsen in het Stationsgebied. Maar dit gaat om een gevaarlijke situatie die snel opgelost moet worden. Het paaltje midden op het fietspad is bedoeld om te voorkomen dat auto's over het fietspad verder de fietstunnel in rijden. Nu blijft het mogelijk om met een auto langs het paaltje te rijden, dus dat doel wordt niet bereikt. Wat er wel bereikt wordt, is een gevaarlijke situatie voor de fietsers.
Het is zeker in de spits een drukke doorgang, waar niet alleen fietsers in beide richtingen rijden, maar ook met enige regelmaat voetgangers lopen, die naar door hen gestalde fiets aan de overkant lopen. Als fietser is het dus goed opletten geblazen. Als daar opeens een paaltje midden op het pad staat, is dat gevaarlijk. Bovendien is het een oplossing voor een probleem dat zich zelden voordoet. Het is als het aanleggen van wildroosters op de A2, omdat er wel eens koeien kunnen ontsnappen die de snelweg op lopen! Vandaar dat ik de volgende vragen stel: 1. Waarom is besloten om dit paaltje te plaatsen? 2. Is daarbij gedacht aan de gevolgen voor de veiligheid van de fietsers? 3. Kan het college er voor zorgen dat dit paaltje weer zo snel mogelijk verdwijnt? Zo ja, wanneer is het paaltje weg? Zo nee, is het mogelijk om in dat geval via Stadwerken een slijptol te lenen? De belangrijkste vragen zijn natuurlijk de vragen 4 en 5. 4. Een meerderheid van de raad heeft uitgesproken dat we voorrang willen geven aan fietsbeleid. Dit paaltje is een voorbeeld hoe er binnen de gemeentelijke organisatie nog onvoldoende aandacht voor het fietsbeleid is. Hoe gaat het college ervoor zorgen dat er binnen de organisatie aandacht komt voor de positie van de fietsers, ook als het gaat om maatregelen die niet direct op de fietsers betrekking hebben? 5.
Kan het college ons op korte termijn informeren hoe de afstemming rondom het fietsbeleid binnen de organisatie, met name tussen POS, Stadswerken en de afdeling Verkeer, verbeterd gaat worden? De heer EVERHARDT (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen. Het college heeft besloten dat dit paaltje zo snel mogelijk moet verdwijnen en dat dit voor de ochtendspits van morgenvroeg zal gebeuren. Waarom is er besloten om dat paaltje te plaatsen? Er heeft altijd een paaltje gestaan. Er zijn werkzaamheden verricht, en sinds die zijn afgerond, kon het pad weer worden teruggeplaatst.
Avondvergadering van 15 november 2012
7
Is daarbij gedacht aan de veiligheid van de fietsers? Dat is primair het idee geweest, want er kunnen auto's door de tunnel rijden als het paaltje er niet staat en die kunnen een gevaarlijke situatie creëren als ze achteruitrijden. Dat is de achterliggende gedachte. De uitvoering, de veranderde situatie, de drukte en het ledlampje dat niet heel sterk schijnt, hebben het college doen besluiten om het paaltje zo snel mogelijk te verwijderen. We zullen kijken of we met andere maatregelen, strepen op het wegdek, duidelijk kunnen maken dat de automobilist daar niet verder moet rijden. Het voorrang geven aan het fietsbeleid is een continu proces. Voor het college betekent dit een duidelijke aansturing van de organisatie. Door dit soort ervaringen, waar in essentie het idee van fietsveiligheid heeft gespeeld, maar de uitvoering in dit geval niet de meest gelukkige is geweest, moeten, zullen en gaan wij verder inzetten op die duurzame houdingsverandering in de gehele organisatie. Dit geldt voor alle onderdelen van de gemeente en daar blijven wij op sturen. Wij stellen voor om bij de evaluatie van de fietscoördinatie, zoals die verwoord is in de nota "Op naar Utrecht fietsstad", terug te komen op de wijze waarop wij deze organisatieonderdelen, en sowieso de coördinatie van dit beleid, verder zullen vormgeven. Dit zal in het eerste kwartaal van 2013 zijn.
De heer VAN CORLER (GroenLinks): Ik bedank de wethouder voor zijn toezegging dat het paaltje zo snel zal worden verwijderd, zodat ik niet zelf met een slijptol van Stadswerken daarheen hoef. De heer VAN SCHIE (VVD): Voorzitter! Gelukkig ging de berichtgeving of dit paaltje gepaard met visuele hulpmiddelen. We hebben het paaltje kunnen bewonderen, ondanks dat we er niet zelf tegenaan zijn gereden. Het viel ons op dat het paaltje zoals niet conform de voorschriften en regelgeving is geplaatst. Mevrouw Glas van de Fietsersbond waarschuwt ons daar altijd voor. Hoe komt het dan dat dit niet conform de regelgeving is gedaan? Kan de wethouder voorkomen dat dit bij voorkomende paaltjes in de toekomst niet meer het geval zal zijn? De heer EVERHARDT (wethouder): Mijnheer de voorzitter! Dit past in de lerende omgeving waarin wij deze organisatie willen zetten. Uw suggesties daarin zullen we zeker meenemen. Het paaltje had als voordeel dat het weg kon zakken in de grond, zodat het even niet zichtbaar was en de werkzaamheden op een goede manier doorgang konden vinden. Er is dus voor een praktische uitvoering gekozen, maar het juridische aspect zullen we de volgende keer zeker meenemen. De VOORZITTER: Namens de hele raad, zeker namens de heer Buunk, dank ik de wethouder voor zijn krachtdadige aanpak. 2.
Voorstel inzake de voorgenomen belastingsamenwerking tussen de gemeenten Utrecht en De Bilt en het Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden (Jaargang 2012, nr. 126). De heer EGGERMONT (SP): Voorzitter! We staan aan de vooravond van een huwelijk. Dit is altijd een mooie gelegenheid en het lijken mooie partners te zijn, het hoogheemraadschap en de gemeente De Bilt, alleen hebben wij het gevoel dat de bruid een beetje te veel met de huwelijksvoorbereiding bezig is geweest en te weinig naar haar belangen heeft gekeken. Als oom die de toelage moet vaststellen, moet je dan nog even kijken wat er in de huwelijkse voorwaarden staat. Het zijn zeer verschillende partners. De ene partner is het hoogheemraadschap. Daarover is verteld –dit kunnen we ook lezen– dat het per aanslagregel EUR 0,63 aan kosten maakt en de gemeente Utrecht EUR 2,86. Per aanslagbiljet maakt het hoogheemraadschap EUR 1,44 en de gemeente Utrecht EUR 5,24 aan kosten. Het is goed om daarmee rekening te houden in het huwelijk. Het is te veel van het goede om vervolgens te stellen dat het hoogheemraadschap maar EUR 0,57 en EUR 1,05 hoeft te betalen. Je moet inderdaad rekening houden met de mindere draagkracht of de geringere kosten die deze partner maakt, maar daarbij hoef je natuurlijk niet verder te gaan dan nodig is. De gemeente De Bilt is de andere partner.
Over deze gemeente is gezegd dat we alles precies hetzelfde doen. De gemeente De Bilt is helemaal niet hetzelfde als de gemeente Utrecht. In De Bilt heeft 44% van de huizen een WOZ-waarde van meer dan EUR 300.000,00, in de gemeente Utrecht is dat 19%. Het is dus een heel andere gemeente.
Avondvergadering van 15 november 2012
8
In de brief van de Waarderingskamer die naar de staatssecretaris is gestuurd staat dat over alle objecten uit Bilthoven, De Bilt en Maartensdijk ongeveer 8% bezwaar wordt gemaakt en over de objecten in Utrecht ongeveer 3,5%. Als je daarbij bedenkt dat bezwaar en beroep ongeveer 26% van de kosten uitmaakt van de WOZ-waardering, dan ligt het niet hetzelfde. Voor bezwaar en beroep worden ongeveer negen tot tien keer zoveel kosten gemaakt als voor een gewone aanslag. Het is daarom niet reëel om de gemeente De Bilt hetzelfde te behandelen als de gemeente Utrecht. Dit kost de gemeente Utrecht uiteindelijk EUR 270.000,00. Vorige week hebben we nogal lopen steggelen over EUR 33.000,00 hier en EUR 33.000,00 daar, maar met dit voorstel gooien we in één keer EUR 270.000,00 naar de gemeente De Bilt en het hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden. Dit lijkt mij niet echt de bedoeling. Daarom dien ik een amendement in met de titel "Huwelijkse voorwaarden goed regelen I". Daarin stellen we aan de gemeenteraad voor om de toelage die we nu geven met EUR 270.000,00 te verlagen en verschillende aanpassingen te doen op de verdeling van de kosten. De VOORZITTER: Dames en heren! Door de heer Eggermont is het volgende amendement ingediend.
"Amendement 69 Huwelijkse voorwaarden goed regelen I De gemeenteraad van Utrecht, bijeen op 15 november 2012, ter bespreking van het raadsvoorstel inzake de voorgenomen belastingsamenwerking tussen de gemeenten Utrecht en De Bilt en het Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden, constaterende dat • De taakstelling inkoop (€ 51.000) niet in het raadsvoorstel is opgenomen waardoor het geprojecteerde structurele batige saldo van € 30.000 omslaat in een structureel nadelig saldo van € 21.000; • in artikel 48 van de gemeenschappelijke regeling is vastgesteld dat het algemeen bestuur een bijdrageverordening vaststelt met daarin de methode en richtlijnen voor de kostenverdeelsleutel en dat deze verordening alleen bij unanimiteit kan worden aangenomen; • in het bedrijfsplan is opgenomen dat de kosten van De Bilt zijn verdeelt conform de verdeling van de kosten van Utrecht; • in het bedrijfsplan een weging is overeengekomen waarbij de aanslagregels, de aanslagbiljetten en klantcontacten l/5de wegen van de gemeenten, overwegende dat • de samenstelling van de onroerende zaken in De Bilt erg afwijkt van die van Utrecht (In De Bilt heeft 44% van de woningen een hogere WOZ-waarde dan € 300.000, terwijl dit in Utrecht slechts voor 19% van de woningen geldt, bij niet-woningen zijn de percentages nagenoeg gelijk); • het niet aannemelijk is gemaakt dat de kosten t.a.v. de WOZ (m.n.
de gemiddelde kosten voor bezwaar) voor De Bilt conform de kosten in Utrecht zijn; • met het instemmen van de meer- en minderkosten op grond van het bedrijfsplan de kostenverdeelsleutel impliciet vast ligt, niet alleen nu, maar ook voor toekomstige toetreders aangezien de verdeelsleutel alleen bij unanimiteit kan worden gewijzigd; • in het bedrijfsplan is aangegeven dat de directe kosten per aanslagregel voor de waterschappen 63/286e van die van de gemeente bedragen en de directe kosten per aanslagbiljet 36/131e van die van de gemeente en dus hoger dan 1/5de; • indien de weging van de aanslagregels van het Hoogheemraadschap 63/286c van de gemeenten wordt genomen, de weging van de aanslagbiljetten en klantcontacten 36/13le van de gemeenten wordt genomen en bij de kosten voor de WOZ een weging wordt toegepast waarbij objecten tot 3 ton één maal tellen en objecten boven de 3 ton anderhalf maal tellen, de gemeente structureel € 270.000 bespaart (zie bijlage),
Avondvergadering van 15 november 2012
9
besluit, beslispunt 2 als volgt aan te passen: achter "[..,] bedrijfsplan BghU (zie bijlage l)", in te voegen: "waarbij de weging voor de heffing voor het Hoogheemraadschap als 63/286e van de gemeenten en de weging voor de inning en klantcontact 36/13e van de gemeenten wordt genomen en dat een weging voor de WOZ wordt toegepast waarbij objecten tot 3 ton éénmaal, en boven de 3 ton anderhalf maal meetellen" en achter "[...] zoals opgenomen in bijlage 5" in te voegen: "waarbij de regel Begrote kosten belastingsamenwerking (BghU) voor gemeente Utrecht (maximaal) voor de jaren 2014 t/m 2017 wordt gewijzigd in -8.630.000 waarmee het structureel batig saldo op € 300.000 komt," en gaat over tot de orde van de dag." Het amendement is ondertekend door de heer Eggermont. Bij het amendement hoort de volgende bijlage. "Bijlage bij amendement Huwelijkse voorwaarden goed regelen I Werklast voor weging in bedrijfsplan:
Organisatie
Beschikkingsregels WOZ
Aanslagregels
Aanslagbiljetten
Klantcontact
Utrecht
87,98%
28,36%
27,27%
57,81%
De Bilt
12,02%
4,10%
3,76%
1,25%
HDSR
0,00%
67,55%
68,97%
40,94%
Na weging zoals in bedrijfsplan (HDSR weegt 1/5de):
Organisatie
Beschikkingsregels WOZ
Aanslagregels
Aanslagbiljetten
Klantcontact
Utrecht
87,98%
61,69%
60,84%
85,97%
De Bilt
12,02%
8,91%
8,39%
1,86%
HDSR
0,00%
29,39%
30,77%
12,18%
Na weging met voor WOZ: per beschikkingsregel onder 3 ton: l maal, boven 3 ton 1,5 maal en de weging voor aanslagregels 63/286e en voor aanslagbiljetten en klantcontact 36/131e: Organisatie
Beschikkingsregels WOZ
Aanslagregels
Aanslagbiljetten
Klantcontact
Utrecht
86,69%
59,91%
54,56%
82,22%
De Bilt
13,31%
8,66%
7,52%
1,77%
HDSR
0,00%
31,44%
37,92%
16,00%
Wanneer de kosten per proces langs aandelen in de werklast volgens het beleidsplan worden verdeeld, heeft dit de volgende consequenties voor de kosten per deelnemer: Minimale kosten
Totaal Utrecht De Bilt HDSR
Totaal €8614732 €1060429 €2402555
WOZ € 2550542 € 348543 €0
Heffen € 3966397 € 573051 € 1889648
Innen € 998029 € 137640 € 504868
Klantcontact € 56764 €1225 €8039
Parkeren € 776000
Vloeropp. € 267000
Avondvergadering van 15 november 2012 Maximale kosten
10
Totaal
Totaal
WOZ
Heffen
Innen
Klantcontact
Parkeren
Vloeropp.
Utrecht De Bilt HDSR
€ 8907061 € 1089368 € 2482654
€ 2603509 € 355751 €0
€ 4077827 € 589150 € 1942734
€ 1022446 € 141007 € 517220
€ 160279 € 3460 € 22700
€ 776000
€ 267000
Wanneer de kosten per proces langs aandelen in de werklast volgens het amendement worden verdeeld, heeft dit de volgende consequenties voor de kosten per deelnemer: Minimale kosten
Totaal
Totaal
WOZ
Heffen
Innen
Klantcontact
Parkeren
Vloeropp.
Utrecht De Bilt HDSR
€ 8357173 €1066855 € 2653689
€ 2513270 € 385785 €0
€ 3851607 € 556467 € 2021022
€ 895004 € 123431 € 622101
€ 54291 € 1172 € 10565
€ 776000
€ 267000
Maximale kosten
Totaal
Totaal
WOZ
Heffen
Innen
Klantcontact
Parkeren
Vloeropp.
Utrecht De Bilt HDSR
€ 8638474 € 1095656 € 2744953
€ 2565464 € 393796 €0
€ 3959812 € 572100 € 2077800
€ 916901 € 126452 € 637321
€ €153298 € 3309 € 29832."
€ 776000
€ 267000
De heer EGGERMONT (SP): Voorzitter! Het tweede punt gaat over de bruidsschat. We gaan voor EUR 4,7 mln. het huis inrichten. Dat is veel geld en dat wordt alleen door de gemeente Utrecht opgebracht. Inmiddels kunnen we uit de stukken begrijpen dat we er zelf uit kunnen stappen, maar ook de andere partners kunnen dat. Alleen als het geheel wordt opgeheven moeten we er allemaal uitstappen, mits de financiële consequenties worden gedragen. Het lijkt ons eerlijk gezegd nuttig dat er rekening wordt gehouden met de bruidsschat die wij in eerste instantie hebben ingelegd, als er wordt uitgestapt. Als het een zooitje blijkt te zijn en we het beter zelf kunnen doen, en we besluiten om er uit te stappen, betekent dit dat de financiële consequenties die daaraan zitten, worden verminderd met het bedrag van EUR 4,7 mln. Als een andere partner besluit om er uit te stappen, zal deze evengoed bijdragen aan de oprichtingskosten. Om dit te bewerkstelligen, dien ik het volgende amendement in.
"Amendement 70 Huwelijkse voorwaarden goed regelen II De gemeenteraad van Utrecht, bijeen op 15 november 2012, ter bespreking van het raadsvoorstel inzake de voorgenomen belastingsamenwerking tussen de gemeenten Utrecht en De Bilt en het Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden, constaterende dat • in artikel 56 van de gemeenschappelijke regeling de mogelijkheid tot uittreding is geregeld; • in artikel 56 is geregeld dat elke deelnemende partij gerechtigd is om zelfstandig tot de beslissing te komen uit de gemeenschappelijke regeling te stappen, mits de financiële consequenties worden aanvaard; • de in bijlage 5 begrote projectkosten en incidentele kosten (in totaal € 4.700.000) volledig voor rekening van de gemeente Utrecht komen; • in artikel 56 wel is geregeld dat de financiële consequenties van uittreding voor rekening van de uittreder komen maar dat geen rekening is gehouden met de door de gemeente Utrecht gedragen projectkosten en incidentele kosten, overwegende dat • het reëel is om de partij die uit de gemeenschappelijke regeling treedt te laten delen in de kosten die gemaakt zijn voor de oprichting, besluit, aan beslispunt 1 toe te voegen: "waarbij aan artikel 56 lid 5 wordt toegevoegd: De financiële verplichtingen als gevolg van de liquidatie wordt verminderd met de bijdrage aan de project- en incidentele kosten die zijn gemaakt bij de oprichting van de
gemeenschappelijke regeling of, indien hier niet aan bij is gedragen, vermeerderd met een volgens de kostenverdeelsleutel evenredig aandeel aan deze kosten (€ 4.700.000)", en gaat over tot de orde van de dag."
Avondvergadering van 15 november 2012
11
Dit amendement is ondertekend door mijzelf. Het is een beetje lastig om vlak voor een huwelijk nog met allerlei aanvullende voorwaarden te komen. Ik denk dat het misschien niet zo leuk is om nog ruzie te maken, zeker niet als die over geld gaat, maar het wordt geen leuk huwelijk als later zal blijken dat we jaarlijks EUR 270.000,00 te veel kwijt zijn, terwijl dat eigenlijk niet nodig is. Mevrouw BIKKER (ChristenUnie): Voorzitter! We hebben in de commissie afgesproken om deze bijdrage te beperken tot amendementen en moties. Daarom kom ik meteen ter zake. Op één punt is mijn fractie niet tevreden na de commissiebehandeling. Dat gaat over het quorum. In de huidige samenwerking zitten de partners het hoogheemraadschap, de gemeente De Bilt en de gemeente Utrecht. Zoals de regelgeving nu in elkaar zit, kan het gebeuren dat het hoogheemraadschap en de gemeente De Bilt aanwezig zijn bij een vergadering en de gemeente Utrecht niet. Maar dan is het quorum gehaald en worden er beslissingen genomen die ook de stad betreffen. Dit vindt de ChristenUnie-fractie een onwenselijke situatie en gelukkig een meerderheid van de raad met haar. Ik heb een motie opgesteld die een meerderheid heeft. Waarom een motie en geen amendementen? Want het ligt vast in regelgeving en je zou zeggen: regel het dan direct goed.
Gebleken is dat dit een jaar vertraging zou opleveren en dat vond de ChristenUnie-fractie het niet waard voor deze belastingsamenwerking. Maar we hebben wel een opdracht voor de wethouder om gezamenlijk afspraken te maken en vast te leggen. Ik hoop dat de wethouder deze motie in stemming wil brengen om daarmee aan het hoogheemraadschap en de gemeente De Bilt stevig te laten zien dat het de gemeenteraad menens is, dat we dit echt afgesproken willen zien en dat we hebben overwogen er een amendement van te maken. U begrijpt dat wij de bestuurlijke voortgang hierin prima vinden, daarom de volgende motie.
"Motie 112 Regel quorum goed - geen besluiten zonder aanwezigheid De gemeenteraad van Utrecht in vergadering bijeen op 15 november 2012 ter bespreking van het voorstel tot belastingsamenwerking gemeenten en hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden, constaterende dat de Gemeenschappelijke Regeling een quorumbepaling bevat (artikel 10 GR) die opening van de vergadering mogelijk maakt indien de helft van het aantal zitting hebbende leden vertegenwoordigd is; het in theorie mogelijk is dat dit quorum wordt behaald door de andere deelnemers aan de samenwerking; er zonder Utrechtse aanwezigheid gestemd kan worden, overwegende dat een dergelijke situatie onwenselijk is voor de gemeente Utrecht; aanpassing van de afspraken op dit punt gewenst is; draagt het college op, gezamenlijke afspraken te maken en vast te leggen die waarborgen dat de Utrechtse aanwezigheid een noodzakelijke voorwaarde is om tot een geldige stemming te komen over zaken die betrekking hebben op het Utrechtse belastinggebied; bij herziening van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) een bepaling met bovenstaande strekking in de GR op te nemen; de gemeenteraad over de gezamenlijke afspraken ter waarborging van de Utrechtse positie voor het kerstreces 2012 te berichten, en gaat over tot de orde van de dag." De motie is ondertekend door mevrouw Hakbijl, de heren Geldof, Oldenborg, Ravesteijn en Koopmans en mijzelf.
De heer ROLLINGSWIER (D66): Voorzitter! Ik heb een aantal vragen over de motie. Vindt de ChristenUnie-fractie niet dat je gewoon dient op te komen dagen, als je dit soort afspraken maakt? In de brief die is nagestuurd stelt het college dat er altijd nog een plaatsvervanger kan worden aangewezen. Dan ben je er altijd en dan moet je er ook altijd zijn. Als je dit soort regels toepast, kun je de zaak traineren door niet te komen. Wordt met deze motie iets niet bereikt wat je eigenlijk wel wilt bereiken, namelijk dat er gewoon besloten wordt door iedereen?
Avondvergadering van 15 november 2012
12
Mevrouw BIKKER (ChristenUnie): Natuurlijk vind ik dat je altijd aanwezig moet zijn, maar er kunnen zich omstandigheden voordoen waardoor je er niet bent. Er kunnen zich ook omstandigheden voordoen waardoor je plaatsvervanger er niet is en ik vind dat je daarop moet zijn voorbereid. Het college heeft een brief gestuurd waarin staat dat dit wordt geregeld in een huishoudelijk reglement. Dit is net zoiets als een gentlemans agreement, maar in ieder geval ziet deze raad dat niet meer. Dit is het moment dat de raad het college opdraagt om zo'n regeling aan te gaan. Mijn fractie hecht eraan dat de raad op dit moment de positie van de stad waarborgt, want nu zijn wij sturend en straks hebben we het nakijken. De heer GELDOF (VVD): Voorzitter! Ik onderschrijf het betoog van de ChristenUnie-fractie van harte. Ik heb in de commissie al mijn complimenten in haar richting gemaakt voor het zien van dit lek. Daarom heb ik de motie ondertekend. Mevrouw DE RIJK (wethouder): Voorzitter! Ik zal me beperken tot de amendementen en de motie. Ik denk dat de amendementen deels op een misverstand berusten, allereerst als het gaat over "Huwelijkse voorwaarden goed regelen I". De heer Eggermont heeft natuurlijk volkomen gelijk, die moet je heel goed regelen. Dit is het moment om dat te doen. Hij gaat er echter van uit, dat het in Utrecht veel goedkoper is om de WOZ uit te voeren dan in De Bilt.
Dit is voor een klein deel waar, maar voor een ander deel is het juist in Utrecht veel duurder om de WOZ uit te voeren. De belangrijkste kosten van de WOZ-uitvoering zitten in de behandeling van beroep en bezwaar. Daarbij maakt het niet uit of het om een groot duur huis gaat of een al dan niet klein, maar in ieder geval goedkoper huis. Daarnaast zijn er binnen Utrecht veel meer bedrijven. Juist de uitvoering van de WOZ voor de bedrijven brengt hoge kosten met zich mee. We hebben uiteindelijk besloten om dit allemaal onder dezelfde regeling te laten vallen. De een is een beetje duur in de uitvoering van het een en de ander in de uitvoering van het ander. Al met al middelt dit zich behoorlijk uit. De heer EGGERMONT (SP): Kent de wethouder de voortgangsbrief van de Waarderingskamer? Daarin staat te lezen dat het aantal beroepen en bezwaar van niet-woningen in De Bilt even hoog is als in Utrecht en het percentage niet-woningen in Utrecht ongeveer even hoog is als in De Bilt. Daarin zit dus niet het verschil, maar vooral in het feit dat er in De Bilt veel meer dure woningen staan. Daar zit wel een groot verschil in de aantallen beroepen en bezwaren. Mevrouw DE RIJK (wethouder): De brief van de Waarderingskamer ken ik niet, maar er is met veel gevoel voor de eigen portemonnee van de gemeente Utrecht en voor detail en precisie hierop gestudeerd en hierover onderhandeld.
Ik ga ervan uit dat de kosten zich uiteindelijk uitmiddelen en het terecht is om van deze kostenverdeling uit te gaan. Dit geldt ook voor de verdeling met HDSR. Dat beslaat inderdaad een veel groter gebied, maar dit wil nog niet zeggen dat die kosten per definitie hoger zijn. Sterker nog, door veel meer zogenaamde belastingregels en belastinguitgiften vanwege dat grotere gebied brengt HDSR de kosten omlaag. HDSR brengt een belangrijk deel van het schaalvoordeel in, in deze nieuwe organisatie. Kortom, met dit alles zijn wij in ieder geval van mening dat de kostenverdeelsleutel voor de toekomstige kosten goed is gemaakt. De heer EGGERMONT (SP): Voorzitter! De wethouder gaat helaas niet in op mijn betoog. Ik heb gezegd dat je er rekening mee moet houden dat HDSR die schaalgrootte heeft en minder kosten maakt, maar je moet het niet overdrijven. In het bedrijfsplan kunnen we heel duidelijk zien dat een aanslagbiljet voor het hoogheemraadschap EUR 1,44 kost en voor de gemeente Utrecht ruim EUR 5,00. Omdat hier een vijfde van wordt genomen hoeft het hoogheemraadschap nog maar EUR 1,05 te betalen voor zijn aanslagen. Ik vind het prima om het hoogheemraadschap een iets lagere prijs te laten betalen, maar het is een beetje onzin om daar nog eens een keer 30% onder te gaan zitten.
Mevrouw DE RIJK (wethouder): Voorzitter! Voor je het weet wordt de discussie heel gedetailleerd per kostenregel. We hebben bekeken hoe de kostenvoordelen in de toekomst worden gerealiseerd. De veronderstelling is onderbouwd dat dit de meest eerlijke verdeling daarvan is. In het tweede amendement stelt de heer Eggermont geheel terecht dat als de huidige partijen zouden uittreden, zei aan de lat staan voor een rechtvaardig deel van de kosten die op dat moment zijn gemaakt.
Avondvergadering van 15 november 2012
13
Vervolgens ontstaat er een misverstand, omdat de heer Eggermont ervan uitgaat dat het bedrag van EUR 4,7 mln. aan projectkosten en incidentele kosten de kosten voor het hele project zijn en dat Utrecht daarvoor vervolgens volledig aan de lat zou staan. Dat is echter niet het geval. Het bedrag van EUR 4,7 mln. gaat uit van dat deel van de projectkosten dat van tevoren aan Utrecht toegerekend kan worden. Alle projectkosten worden dus bij elkaar opgeteld en ieder krijgt daar zijn deel van. Uit mijn hoofd weet ik niet meer hoeveel het deel van Utrecht is, maar dat wordt opgeteld bij de incidentele kosten van Utrecht, bijvoorbeeld de frictiekosten, en samen is dat EUR 4,7 mln. Kortom, deze kosten neemt Utrecht niet per ongeluk op zich voor de rest van de organisatie. De projectkosten worden gewoon over iedereen omgeslagen, evenals de kosten voor het sociaal plan van de medewerkers die overgaan naar de nieuwe organisatie. Alleen de personele frictiekosten, de contractuele frictiekosten en de afschrijvingskosten van het huidige spul, de zogenaamde desintegratiekosten, neemt iedere organisatie zelf op zich. Dus HDSR neemt de kosten die het zelf maakt ook op zich, evenals de andere gemeente. Ik antwoord hier zo uitgebreid op om aan te geven dat de kans niet bestaat dat Utrecht een onrechtvaardig deel van de kosten krijgt, als een van de partijen of Utrecht uittreedt.
De heer EGGERMONT (SP): Als ik alleen het bedrag van EUR 4,7 mln. uit het beslispunt schrap, dan geldt nog steeds dat Utrecht kosten heeft gemaakt, evenals het hoogheemraadschap en De Bilt. Wij willen graag dat er ook andere overheden zullen toetreden. Kan het amendement in die zin dan wel? Mevrouw DE RIJK (wethouder): Nee, als ik het goed begrijp, is in feite geregeld wat de heer Eggermont met dit amendement geregeld wil zien. Overigens mag er de eerste drie jaar niet worden toegetreden. Geregeld is dat de partij die uittreedt de kosten op zich neemt die bij de toetreding aan haar toebehoren. Daarmee is dit amendement overbodig. Ik dank de raad voor de alertheid om het probleem met het quorum te ontdekken. In de motie wordt dat hersteld. Wij willen dit ook goed regelen, dus fijn dat de raad dit eruit heeft gehaald. Zoals in de brief staat, wilden we dit zo snel mogelijk in het huishoudelijk reglement regelen, maar het is nog zekerder om dit in de statuten of de Gemeenschappelijke Regeling te regelen. Ik ben bereid de motie over te nemen, maar de indieners stellen stemming op prijs. Dat lijkt mij prima. Voor kerst zullen we rapporteren hoe we het gaan doen.
Als dit echt een aanpassing van de Gemeenschappelijke Regeling vergt, dan is invoering voor de kerst te snel, omdat dit niet zal lukken met alle verschillende gremia die hierover gaan, maar dan zullen we wel voor de kerst aan de raad rapporteren hoe we dit zullen oplossen. De heer EGGERMONT (SP): Voorzitter! Wij trekken amendement 70 in, maar willen amendement 69 wel in stemming gebracht zien. De VOORZITTER: Dames en heren! Ik stel vast dat amendement 70 is ingetrokken. Mevrouw BIKKER (ChristenUnie): Voorzitter! Mijn fractie hecht eraan om de motie voor het voorstel in stemming te brengen, ook al is dit ongebruikelijk, omdat ze het belangrijk vind dat de aanwezigheid van Utrecht is geborgd en dat brengt de motie tot uitdrukking. Als de motie wordt aangenomen, kan mijn fractie instemmen met het voorstel. De VOORZITTER: Dan zullen we dat zo doen. Een punt van orde is dat de Gemeenschappelijke Regeling niet kan worden geamendeerd. Daarom is er een wensen- en bedenkingenprocedure gevolgd. Ik aarzel even hoe we dit moeten oplossen. Mevrouw DE RIJK (wethouder): Voorzitter! Ik wilde dit niet aan het begin van mijn beantwoording zeggen, want dan lijkt het erop dat we puur procedureel antwoorden op de amendementen, terwijl ze een inhoudelijke wens verwoorden die ook op een andere manier kan worden vormgegeven.
Als de heer Eggermont zijn amendement alsnog wil indienen, moet hij dit wel weten. De VOORZITTER: Het amendement moet misschien in de vorm van een motie worden ingebracht.
Avondvergadering van 15 november 2012
14
De heer EGGERMONT (SP): De enige manier waarop het reglement en de kostenverdeelsleutel kan worden aangepast, is bij unanimiteit. Als De Bilt tegenstemt, omdat die gemeente niet meer wil betalen of als De Stichtse Rijnlanden tegenstemt, omdat het waterschap niet zijn gerechtvaardigde deel wil betalen, dan heeft het totaal geen zin. Wat heeft het voor zin dat we dit voorstel überhaupt hier in stemming brengen als het niet geamendeerd kan worden? De VOORZITTER: Daarom heeft men er van tevoren commentaar op kunnen geven. Dat wordt al dan niet verwerkt en dan kan de raad voor of tegen zo'n gemeenschappelijke regeling stemmen. Het heeft altijd zin om erover te debatteren, het heeft altijd zin om er moties over in te dienen, de raad stemt voor of tegen zo'n gemeenschappelijke regeling. Wil de heer Eggermont het amendement nog ombouwen in de vorm van een motie? De heer EGGERMONT (SP): Voorzitter! Wij hebben geen voorhangprocedure gezien. Hier wordt ons in één keer een heel pakket in de maag gesplitst waarbij we voor EUR 270.000,00 aan de lat staan. Eerlijk gezegd vind ik dat de wethouder het voorstel dan maar moet intrekken, opnieuw in gesprek moet gaan en het later opnieuw in stemming moet brengen. Ik wil hier niet zomaar EUR 270.000,00 door de drain laten gaan.
Mevrouw BIKKER (ChristenUnie): Voorzitter! Als het amendement wordt aangenomen, dan is het duidelijk dat de wethouder opnieuw met de partners met wie ze de samenwerking aangaat in overleg zal moeten treden. Dan horen we wel of dat lukt. Als het amendement niet wordt aangenomen, is het ook duidelijk hoe het ligt. Volgens mij is het probleem pragmatisch gezien minder groot dan principieel gezien. De VOORZITTER: Praktisch gezien hebt u gelijk. Laten we het zo maar doen, als de raad hiermee kan instemmen. Deze creatieve oplossing neem ik over. De heer SCHIPPER (SP): Voorzitter! Ik vind het toch moeizaam. De wethouder verdedigt haar voorstel met een wensen- en bedenkingenprocedure waarop de raad had kunnen reageren, maar die is er klaarblijkelijk niet geweest. Dan vind ik het onzuiver om nu zomaar met dit voorstel door te gaan. Dit is niet zoals wij werken. De VOORZITTER: Dames en heren! We doen het volgende. Ik sluit beraadslaging. Later vanavond gaan we hierover stemmen. We kijken even de aanloop van de procedure na en komen daar straks op terug. Iedereen moet namelijk goed weten hoe de aanloop is geweest en waar hij ja of nee tegen zegt. De beraadslaging over het voorstel wordt geschorst. 3.
Voorstel inzake de verzelfstandiging van het Centraal Museum (Jaargang 2012, nr. 128). De heer VAN DER ROEST (PvdA): Voorzitter! Het is om meerdere redenen een bijzondere dag, aan de ene kant omdat we het proces van verzelfstandiging van het Centraal Museum vandaag gaan afronden en later op de avond die van de bibliotheek, en aan de andere kant omdat de personeelsleden van de gemeente vandaag thuis een brief hebben ontvangen waarin staat of zij wel of niet bij de organisatie mogen blijven werken. In die zin wens ik de mensen die luisteren, of dit bericht horen, namens de PvdA-fractie sterkte toe. Nu ik het toch over het personeel heb: wij zijn kritisch in dit proces geweest. We gunnen de stichting straks de slagkracht die nodig is bij het zoeken naar mogelijkheden voor cofinanciering. De stichting bestaat uit personeel. Voor ons gaat het daar grotendeels om. Wij hebben begrepen dat een aantal medewerkers vanwege de verslechtering van de secundaire arbeidsvoorwaarden er aanzienlijk op achteruit gaat. We hebben al eerder in de commissievergadering laten horen dat we ons zorgen maken over de gevolgen hiervan voor de laagstbetaalden. We hebben de cijfers gezien voor de schalen 3 tot en met 5 en zien dat sommige personeelsleden zelfs 10% van hun inkomen moeten inleveren.
Avondvergadering van 15 november 2012
15
We leggen graag aan de wethouder voor of het mogelijk is dat er voor deze groep een aparte compensatie kan worden geregeld, ofwel dat de hardheidsclausule die in het sociaal plan wordt genoemd ruimhartig voor deze groep wordt toegepast. Is er voldoende ruimte in het budget voor de frictiekosten van EUR 440.000,00? We hebben van de tijdelijke ondernemingsraad vernomen dat een bedrag van ongeveer EUR 40.000,00 de ergste klappen kan opvangen. We willen in dit stadium graag van de wethouder weten of hij dit kan bevestigen en of hij daaraan wil meewerken. Het is goed om te lezen dat het college op een aantal aspecten invloed wil blijven houden. Het voorstel dat nu ter besluitvorming voorligt, is lastig geweest. Het gemeentelijke belang wordt goed verwoord in een toelichting bij het conceptcollegebesluit. Dat is een ruime gevarieerde collectie die aantrekkelijk is voor een brede groep van onze samenleving. Een van de belangrijkste sturingsinstrumenten is de subsidie; dit komt voor 70% tot 75% van de gemeente. Daaraan worden voorwaarden verbonden. Jaarlijks dient het museum zijn jaarverslag en jaarplanning in op basis waarvan de gemeente de subsidie vaststelt. Om indien nodig als raad te kunnen sturen, ontvangen we graag jaarlijks het jaarplan van het museum, zodat we dat met het college kunnen bespreken voorafgaande aan de begrotingsbehandeling.
We weten dat het de stichting vrijstaat om de entreeprijzen zelf vast te stellen. Afgelopen februari heeft de wethouder in de commissievergadering gezegd dat de entreeprijzen in de buurt moeten blijven van die van de andere musea. De conceptovereenkomst biedt geen mogelijkheden meer van sturing door de gemeente. We vragen de wethouder te bevestigen dat hij het met de PvdA-fractie eens is dat de entreeprijzen in de subsidieperiode 2013-2016 niet verder mogen stijgen dan met maximaal EUR 3,00. Wij vinden het belangrijk dat de huidige mooie regeling voor mensen met een U-pas met al zijn rechten van kracht blijft. We vragen de wethouder dit te bevestigen. Ik dien hierover de volgende motie in.
"Motie 113 Houd het Centraal Museum toegankelijk De gemeenteraad van Utrecht, bijeen op donderdag 15 november 2012 ter bespreking van het raadsvoorstel verzelfstandiging centraal museum, constaterende dat artikel 13 van de conceptoverdrachtsovereenkomst Centraal Museum (versie 13 augustus 2012) luidt: "De Stichting Centraal Museum is vrij in het bepalen van haar entreetarieven, zij hoeft hiervoor geen toestemming te vragen aan de gemeenteraad" het college het gemeentelijk belang bij de verzelfstandiging als volgt formuleert: "Er moet een divers en kwalitatief goed aanbod zijn vanuit de collecties, voor een breed publiek toegankelijk en van voldoende omvang" (overzicht collegebesluiten, bijlage bij commissiebrief 15 augustus 2012, p. 5); het college bij de commissiebespreking in januari 2012 heeft betoogd dat de tarieven van het museum in de buurt moet blijven bij die van andere musea; houders van een U-pas op dit moment op dinsdagen gratis toegang hebben tot het museum en € 2,- korting krijgen op andere dagen (€ 9,- i.p.v.
€ 2,-); in het bedrijfsplan 2013-2016 een tariefsverhoging is opgenomen van € 2,- in 2013 en € 1,in 2015, overwegende dat het Centraal Museum ook na verzelfstandiging toegankelijk moet blijven voor een breed publiek; artikel 13 van de conceptoverdrachtsovereenkomst de gemeente geen ruimte biedt om, indien nodig, kaders te kunnen stellen over de tarieven van het Centraal Museum, draagt het college op, in samenspraak met het Centraal Museum artikel 13 van de overeenkomst te wijzigingen in: "De Stichting Museum is, binnen de door de gemeente bepaalde kaders, vrij in het bepalen van haar entreetarieven." voor het bedrijfsplan 2013-2016 als kader te stellen dat naast de opgenomen tariefsverhogingen van€ 2,- in 2013 en € 1,- in 2015 geen nieuwe tariefsverhogingen zullen plaatsvinden; met het Centraal Museum overeen te komen dat de huidige kortingen voor U-pashouders blijven bestaan, en gaat over tot de orde van de dag."
Avondvergadering van 15 november 2012
16
Deze motie is ondertekend door mijzelf. Voorzitter! De stichting krijgt de vrijheid om de collectie, die de gemeente blijft toebehoren, te beheren. Dat is logisch. We moeten niet op de stoel van de directeur gaan zitten. Dat willen we nu niet doen en dat doen we straks ook niet. Wel moet de gemeente haar doelstelling over een divers en kwalitatief goed aanbod waar kunnen maken, bijvoorbeeld als wij of andere partijen in de raad aandringen op het tonen van de collectie over de Utrechtse geschiedenis, zoals bij deze begrotingsbehandeling is gebeurd. We nemen aan dat het college in dat geval voorwaarden wil en kan verbinden aan de subsidie. Tot slot iets over de raad van toezicht, zeker niet het minst belangrijke punt. Ook al past het binnen de Cultural Governance Code, mijn fractie houdt haar aarzelingen bij de voorgestelde coöptatieconstructie. We hebben in Groningen gezien waar onvoldoende toezicht en een sfeer van ouwe jongens krentenbrood toe kan leiden. We willen graag dat het college instemt met het verzoek van de tijdelijke ondernemingsraad om hem het recht te gunnen een voordracht te doen voor een van de leden van de raad van toezicht, om in ieder geval de personeelsbelangen mee te laten wegen. Hiertoe dienen we, mede namens de SP-fractie, de volgende motie in.
"Motie 114 Benut participatie personeel door voordrachtsrecht OR De gemeenteraad van Utrecht, in vergadering bijeen op 15 november 2012, ter bespreking van het raadsvoorstel Verzelfstandiging Centraal Museum; constaterende dat • de stichting Centraal Museum een raad van toezicht krijgt, met een minimum van drie en een maximum van zeven leden; • gestreefd wordt naar een evenwichtige samenstelling van de raad van toezicht; • de ondernemingsraad geadviseerd heeft de ondernemingsraad een lid van de raad van toezicht te laten voordragen; • in de 'Code Cultural Governance' de rol van de ondernemingsraad belangrijk gevonden wordt; overwegende dat • het college het advies van de Ondernemingsraad niet heeft overgenomen; • dat in de voorliggende statuten de complete raad van toezicht door middel van coöptatie zelf beslist over de bemensing van vacatures; • toekenning van het voordrachtsrecht aan de ondernemingsraad de betrokkenheid van het personeel en de evenwichtigheid van de samenstelling van de raad van toezicht bevordert; • dit voordrachtsrecht tevens het risico van eenvormigheid van netwerken door coöptatie verkleint en bevordert dat alle belangen in de afwegingen van de raad van toezicht worden betrokken, verzoekt het college, • in de statuten op te nemen dat bij de samenstelling van de raad van toezicht ten minste één lid kan worden voorgedragen door de ondernemingsraad, en gaat
over tot de orde van de dag." De motie is ondertekend door de heer Schipper en mijzelf. Mevrouw HAKBIJL (CDA): Voorzitter! De CDA-fractie heeft met stijgende verbazing naar de trits aan moties geluisterd, omdat in onze optiek de verzelfstandiging is bedoeld om de organisatie slagvaardiger te laten opereren en om haar inderdaad te verzelfstandigen. Bij de PvdA-fractie beluister ik een verhaal dat bij mij de vraag oproept waarom zij instemt met de verzelfstandiging, als zij nog zoveel invloed wil uitoefenen. Mijn eerste vraag is derhalve: wat behelst de verzelfstandiging als er allerlei aanvullende voorwaarden naast de subsidierelatie worden gesteld? Mijn tweede vraag gaat over het borgen van de toegankelijkheid van de collectie, want dat is ook voor de CDA-fractie een zeer belangrijk punt. Dit koppelen aan de tariefstelling vindt de CDA-fractie echter een beetje achterhaald, want dat gaat ervan uit dat de collectie alleen kan worden bekeken als je in het museum bent. Is de heer Van der Roest bekend met het project Google Art, waar het Centraal Museum bij is aangesloten?
Avondvergadering van 15 november 2012
17
De heer VAN DER ROEST (PvdA): Jazeker, ik ben met het laatste bekend, maar het is mevrouw Hakbijl waarschijnlijk ook bekend dat niet iedereen daar gemakkelijk gebruik van kan maken. Het is aan haar om het een achterhaald principe te vinden, maar wij vinden het nog steeds belangrijk om ervan uit te gaan dat de hele stad, en niet alleen de mensen met een internetverbinding, van tijd tot tijd kan genieten van haar eigen rijkdom. Daarom denken we dat we nog steeds voorwaarden mogen en kunnen stellen. Verzelfstandiging zit niet bij de PvdA in het bloed en dit zal waarschijnlijk nog een tijd duren, maar we hebben nu een goede partner gevonden die het ons misschien mogelijk maakt om dat te bereiken. Dit wil niet zeggen dat we niet op een aantal punten met die verzelfstandiging mee zouden kunnen gaan en er in mee kunnen denken. Dat proces is nu zover ingezet, dat we vinden dat we ervoor moeten zorgen dat het goed verloopt. Daarbij is het geoorloofd om als subsidievoorwaarde te proberen invloed uit te oefenen op entreeprijzen, omdat we dit doen namens de hele stad en het museum zo ook is bedoeld. Mevrouw HAKBIJL (CDA): Misschien ter geruststelling van de heer Van der Roest merk ik op dat je inderdaad een internetverbinding moet hebben om de collectie op Google Art te bekijken.
Wellicht kan daarvoor gebruik worden gemaakt van de gratis wifi op het stadhuis, zodat Google Art voor iedere Utrechter toegankelijk is. De heer VAN DER ROEST (PvdA): Dit vind ik een hartstikke aardige promospot, daar sluit ik mij graag bij aan, want ik ben gek op reclame. De heer RIJPMA (VVD): Voorzitter! Bij de VVD-fractie zit verzelfstandiging, zeker als het van een overheid is, wel degelijk in het bloed. Dit blijkt ook uit het feit dat wij in 2008 de initiatiefnemers waren, samen met de SP, voor een expertmeeting waarin we bespraken wat de mogelijkheden waren om de culturele instellingen die in Utrecht nog steeds onder de gemeentelijke diensten vielen te verzelfstandigen. Vier jaar later staan we alweer voor de tweede verzelfstandiging, nadat eerder de Stadsschouwburg is verzelfstandigd; dit is een compliment waard aan het college. In de commissievergadering hebben we al gezegd dat we met dit voorstel kunnen leven, omdat het de slagvaardigheid van het Centraal Museum versterkt. De VVD-fractie heeft nog twee kritiekpunten die ze graag anders wil zien. Het eerste punt betreft de suppletiesubsidie. We hebben hierover in de commissievergadering gesproken. Voor de dames en heren op de publieke tribune leg ik uit wat een suppletiesubsidie is, anders bestaat dit betoog voor de luisteraars en toehoorders alleen maar uit jargon.
De suppletiesubsidie is een bedrag dat de meerkosten van deze verzelfstandiging dekt. Dit bedrag wordt in één keer overgemaakt aan de verzelfstandigde stichting. Over de komende jaren zal er minder subsidie worden gegeven, zodat dat beginbedrag uiteindelijk wordt terugverdiend. We zullen nu een besluit nemen en wij willen hierover open en trans-parant zijn. We zouden het heel fijn vinden dat een besluit dat pas over vele jaren in de cijfers zou moeten terugkomen, open, transparant en inzichtelijk wordt gehouden. Daarom hebben we een amendement opgesteld dat is ondertekend door de fracties van SLU, SP, GroenLinks, Groep Kuijper, ChristenUnie en CDA. Het doel van dit amendement is om ervoor te zorgen dat toekomstige gemeente-raadsleden niet de dupe worden van een besluit dat we nu nemen en waarin zij straks geen inzicht meer hebben. Wij gaan ervan uit dat het college hieraan gehoor zal geven.