VBFBegroting2025 23 oktober 2024
Tekst van het document
Griffie Gemeenteraad Utrecht Secretariaat raadscommissie Mens & Samenleving Postadres Postbus 16200 3500 CE Utrecht Telefoon 030 - 286 10 69 Fax 030 - 286 15 18 www.utrecht.nl/gemeenteraad
Verslag openbare vergadering d.d. 22, 23 en 24 oktober 2024 inzake de programmabegroting 2025 van de commissies Veiligheid, Bestuur en Financiën & Jeugd, Welzijn, Cultuur en Sport Middagvergadering deel1 Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën Voorzitter: de heer Peters Griffier: Jelmer Lok Openbare orde en Veiligheid (incl. mensenhandel en drugscriminaliteit), Handhaving, Ombudszaken, Internationale zaken, Regionale samenwerking, Burgerzaken, Personeel en Organisatie, Financiën, Participatie 10
20
30
Middagvergadering deel 1 23 oktober 2024 inzake Veiligheid en Bestuur De voorzitter, de heer R. Peters, en van het college de burgemeester mevrouw S. Dijksma, de wethouder mevrouw R. Streefland, wethouder mevrouw E. Voortman en de wethouder mevrouw S. Schilderman, en voorts de leden: de heer F. Dekkers (GroenLinks), mevrouw M. Fattal (GroenLinks), de heer M. Koning (D66), de heer A. Ait Daoua (D66), mevrouw R. Leever (PvdA). De heer T. Stam (PvdA), mevrouw R. Leever (PvdA), mevrouw E. Kolenbrander (Student & Starter), de heer L. van Rooij (Student & Starter), de heer D. van Bergen (ChristenUnie), mevrouw H. Assen (PvdA), mevrouw T. Meerding (VVD), de heer G. Dijkstra (EenUtrecht), de heer B. van Steeg (CDA), de heer J. van den Broek (CDA), de heer D. Bosch (UtrechtNu), de heer R. Maas (VOLT), de heer C. Bos (Stadsbelang Utrecht), de heer I. Skori (DENK), en van de griffie de commissiegriffier de heer J. Lok en de commissiesecretaris. Opening De voorzitter, de heer Peters, heropent de vergadering om 12.30 uur en heet alle aanwezigen welkom. Op de agenda staat de begroting. Hij leidt de bespreking in. Het onderwerp Financiën kwam gisteravond aan de orde. Vanmiddag staan Veiligheid en Bestuur op de agenda. Hij verneemt dat de commissie geen inbreng zal hebben op juridische zaken. De heer Bosch (UtrechtNu) heeft daarover geen vragen.
De voorzitter verklaart wethouder Schilderman ontheven te zijn van haar taken aanwezig te zijn bij deze vergadering. Mededelingen De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) vraagt of de voorzitter ook het college oproept kort en bondig te zijn in de beantwoording. De voorzitter roept het college daartoe op.
40
Mededelingen vanuit het college Geen. Mededelingen van de voorzitter Pagina 1 van 35
Verslag openbare vergadering d.d. 22, 23 en 24 oktober 2024 inzake de programmabegroting 2025 van de commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën
De griffie heeft geen verzoeken gekregen voor de bespreking van geheime stukken. Dat betekent dat de voorzitter een aanvang kan nemen met de openbare vergadering.
50
60
70
80
Punt van orde Mevrouw Assen (PvdA) spreekt haar verwondering uit over de tijd die is gegund aan de fracties met drie zetels, zoals geformuleerd in de ochtendvergadering. Wellicht komt haar fractie hierop nog terug. De voorzitter neemt daarvan nota. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) deelt mee niet in de besluitvorming hierover te zijn betrokken. De commissie Mevrouw Meerding (VVD) merkt op dat Utrecht er financieel slecht voor staat; daarom zullen er keuzes gemaakt moeten worden. Daarover wordt deze week gesproken in verschillende commissies. Zij zal vanmiddag ingaan op veiligheid, personeel en organisatie en bestuur. Zij gaat allereerst in op veiligheid. Zij vindt dat het niet goed gaat met de veiligheid in de stad. Het aantal misdrijven is in 2023 weer toegenomen. Daarnaast voelen de inwoners van Utrecht zich steeds minder veilig. Daarmee voldoet de gemeente niet aan haar eigen doelstellingen. Zij vraagt het college hoe het college vindt dat het gaat. Wat gaat het college hieraan doen? Dat wordt haar niet duidelijk uit de programmabegroting. Zij mist duiding van de cijfers, en vooral oplossingen. Het stadsbestuur blijft doen wat het altijd al deed. Mevrouw Meerding ziet nagenoeg geen nieuwe acties; hoe gaat de gemeente ervoor zorgen dat Utrecht veiliger wordt en dat het stadsbestuur een positieve trend gaat zien. Zij krijgt hierop graag de reactie van de burgemeester.
De heer Bosch (UtrechtNu) deelt deze analyse van de VVD. Hij vraagt of de VVD zelf ook oplossingen heeft. Krijgt de raad amendementen? Mevrouw Meerding (VVD) verwijst naar de Toekomstnota van haar fractie; die is op deze begroting nog steeds van kracht. Daarin deed haar fractie voorstellen om meer BOA's op straat te krijgen en om de bezuinigingen op de handhaving op overlastmeldingen ongedaan te maken. De VVD zal meer investeren in veiligheid. Daarvoor kan de raad voorstellen verwachten van haar fractie. Zij vervolgt haar inbreng in haar termijn met “meer kleuring aan de veiligheidsproblemen”; haar fractie maakt zich specifiek zorgen over een aantal punten. Zij ontving het bericht dat het aantal gevallen van mensenhandel is toegenomen en dat dit fenomeen vooral plaatsvindt bij sekswerk aan huis omdat daarop minder zicht is. Zij vernam bij het vragenuur dat het aantal meldingen van homofoob geweld erg is toegenomen. Gisteren ontving haar fractie een brief over het verdwijnen van het digitaal opkoopregister. Zij vindt dat het college het laat afweten op veiligheid. De heer Koning (D66) merkt op dat voor veel partijen veiligheid een belangrijk punt is, zeker ook voor de VVD. Het valt hem op dat in deze periode een aantal dingen gedaan worden waarmee ook de VVD blij mag zijn; dat betreft straatintimidatie.
Hij ziet bestuurlijk ook vergaande maatregelen die het college neemt met dunne steun van de raad. Hij noemt het harddrugverbod in de openbare ruimte, het
Verslag openbare vergadering d.d. 22, 23 en 24 oktober 2024 inzake de programmabegroting 2025 van de commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën
90
100
110
120
130
verblijfsontzeggingsgebied; dat zijn vergaande maatregelen die niet het beoogde effect sorteren; hij vraagt of de VVD dat ook ziet. Mevrouw Meerding (VVD) bevestigt dat de VVD blij is met een groot aantal acties, dat de burgemeester nu neemt. Als het gaat om het aantal nieuwe acties, ziet zij daarover niets opgenomen in de programmabegroting. Zij concludeert dat het stadsbestuur doet wat het altijd al deed, terwijl te zien is dat veiligheids- en criminaliteitscijfers alleen maar oplopen. De VVD zegt dat juist meer gedaan moet worden. Zij roept ertoe op. Haar fractie denkt dat de maatregelen die nu genomen worden wel degelijk effect sorteren. Wanneer het bestuur niets doet, voorziet zij dat het probleem alleen maar erger wordt. De heer Koning (D66) maakt zich zorgen over de repressieve oplossingen van de VVD; hij ziet dat juist aan de voorkant op preventie ingezet moet worden en ook zorg moet worden ingezet om criminaliteit te voorkomen. Mevrouw Meerding (VVD) merkt op dat de VVD ook een groot voorstander is van preventie en van het nemen van preventieve maatregelen. Niet voor niets steunt haar fractie de nota Grenzen stellen en Perspectief bieden; ook daarin zit voor een groot deel preventie. Repressie en preventie gaat wat haar betreft hand in hand. De VVD legt de nadruk op het repressieve deel. Haar fractie blijft dat doen.
De heer Koning (D66) ziet dat de fracties in dit soort debatten dichter bij elkaar komen; hij vindt dat prettig om te merken. Hij vraagt of hij dit mag lezen dat D66 met de VVD kan blijven kijken naar dingen die er toe doen aan de preventieve kant. Mevrouw Meerding (VVD) kijkt graag mee. Mevrouw Kolenbrander (Student & Starter) merkt op dat in de afgelopen tijd strenger straffen zijn uitgedeeld op straatintimidatie. Zij vraagt naar welke successen de VVD nog meer op zoek is. Mevrouw Meerding (VVD) had een algemene vraag gesteld naar een update. Het kan zomaar zijn dat zij een brief van gisteren nog niet gezien heeft bij het schrijven van haar inbreng. Zij is er benieuwd naar of Utrecht ook successen heeft geboekt net als Rotterdam. Mevrouw Kolenbrander (Student & Starter) las nieuwsberichten die uit Utrecht kwamen; zij vraagt of de VVD daarvan nog niet op de hoogte is. Mevrouw Meerding (VVD) houdt het voor mogelijk verlicht te worden door mevrouw Kolenbrander. Mevrouw Kolenbrander (Student & Starter) zal de berichten naar haar doorsturen. Mevrouw Meerding (VVD) vervolgt haar inbreng met in te gaan op personeel en organisatie. De VVD is van mening dat om te bezuinigen vooral gekeken moet worden naar de eigen organisatie; dus ook moet bezuinigen op het aantal ambtenaren. Het college zegt dat ook te willen doen en noemt dat een hervormingsbezuiniging.
Wanneer zij de desbetreffende bijlage leest in de programmabegroting, blijft het vaag wat er precies gaat gebeuren. Het college spreekt vooral over efficiënter werken, maar durft niet te zeggen dat de mensen uit zullen moeten. Het is misschien niet leuk maar wel nodig. Het aantal ambtenaren is in de afgelopen vijf jaar met maar liefst 40% gegroeid; zij vindt dat een extreem forse stijging. De VVD vindt dat dat gecorrigeerd moet worden. Zij verneemt graag hoe de wethouder hierover denkt en hoe er concreet invulling gegeven gaat worden aan de hervormingsbezuinigingen. Mevrouw Assen (PvdA) vraagt of dit voor de VVD een doel op zich is; kijkt de VVD alleen maar naar hoe het ambtenarenapparaat gegroeid is?
Verslag openbare vergadering d.d. 22, 23 en 24 oktober 2024 inzake de programmabegroting 2025 van de commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën
140
150
160
170
180
Mevrouw Meerding (VVD) antwoordt dat het geen doel op zich is. De VVD maakt duidelijk andere keuzes. Zij is van mening dat de gemeente in haar eigen vlees moet snijden voordat een lastenverhoging doorgevoerd wordt bij de inwoners. Dit college doet dit bewust anders. Zij merkt op dat de OZB enorm verhoogd wordt. Dat is een doorn in haar oog. Om die reden vraagt zij scherp te kijken naar de eigen ambtelijke organisatie. Mevrouw Assen (PvdA) vindt dat goed klinken "in eigen vlees snijden". Zij begrijpt dat ergens wel. Zij legt de vraag voor of de ambtenaren niet net zo goed werken voor de stad en de bewoners. Mevrouw Meerding (VVD) vindt het echt heel erg onwerkelijk dat in 5 jaar tijd de ambtelijke organisatie met 40% is gegroeid. Haar fractie kan dat niet verklaren. De gemeente is niet zoveel beter gaan functioneren, of dat er zoveel meer problemen zijn opgelost. In haar beleving doet het college de verkeerde dingen. Is het college vooral bezig met het ontwikkelen van beleid en mensen daarvoor aannemen, inplaats van met het oplossen van problemen. Mevrouw Assen (PvdA) hoort de VVD hier ook heel vaak pleiten voor extra inzet op veiligheid. Zij veronderstelt dat de VVD gaat cherry picken als het gaat om de vraag waar dan wel en niet ambtenaren weg moeten. Mevrouw Meerding (VVD) merkt op dat de PvdA dit cherry picken noemt; haar fractie noemt dat keuzes maken.
Haar fractie is van mening dat op straat nog steeds meer mensen nodig zijn, bijvoorbeeld met BOA’s. In het stadskantoor zitten ook veel ambtenaren die aan beleid werken; daarop wil haar fractie bezuinigen. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) heeft recentelijk een presentatie gekregen over de inzet van AI in gemeentes en dat er verschillende proeven worden gedaan om na te gaan of daarmee een efficiencyslag te maken is om zo nodig te kunnen voldoen aan een bezuinigingsopgave. Denkt mevrouw Meerding van de VVD ook daaraan om het college op te roepen om na te gaan of met de inzet van AI tot bezuiniging te komen is. Mevrouw Meerding (VVD) vindt dat een mooie suggestie. Zij sluit zich graag aan bij de oproep. De heer Ait Daoua (D66) vraagt zich af hoe de VVD aankijkt tegen de verhouding groei van de stad en stijging van het aantal medewerkers. Utrecht is een snel groeiende stad. Dat betekent dat er ook veel meer werk is. Hoe ziet de VVD dit in verhouding tot het werk dat er ligt en de uitdaging. Mevrouw Meerding (VVD) antwoordt dat de stad weliswaar gegroeid is, maar niet met 40%. Dat zit de VVD dwars. Meegroeien met de stad vindt zij acceptabel, maar 40% groei vindt zij veel te veel. Haar fractie is van mening dat dat percentage omlaag moet. De heer Ait Daoua (D66) vindt dit een vergelijking van appels met peren.
Het is niet mogelijk om de percentages op deze wijze aan elkaar te koppelen. Hij legt de vraag opnieuw voor hoe de VVD dit ziet in relatie tot werkdruk. Mevrouw Meerding (VVD) bestrijdt dat dit een vergelijking is van appels met peren. Zij zou het percentage groei van de stad een goede maatstaf vinden voor de groei van de organisatie van de gemeente. Het lijkt haar redelijk dat de ambtelijke organisatie groeit met de groei van de stad. Als het gaat om het meer werk, moet scherp worden gekeken naar wat echt prioriteit heeft en wat het bestuur niet doet. Zij heeft de idee dat het college zich niet focust op de kern.
Verslag openbare vergadering d.d. 22, 23 en 24 oktober 2024 inzake de programmabegroting 2025 van de commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën
190
200
210
220
230
De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt of de VVD bekend is met het gegeven dat in de afgelopen vijf jaar de stad met 5% gegroeid is en het aantal ambtenaren per inwoner met van 11,9% naar 16,7%. Dat raakt aan 40%. Hij stelt dat het punt van de VVD blijft staan. Mevrouw Meerding (VVD) antwoordt bevestigend. De voorzitter vraagt mevrouw Meerding haar bijdrage voort te zetten zodat na haar bijdrage de vergadering te schorsen is. Mevrouw Meerding (VVD) gaat in op de motie over het behoud van het Wijkservicecentrum Vleuten De Meern. Haar fractie ziet die motie niet terugkomen in de programmabegroting terwijl heel veel andere moties en amendementen wel worden genoemd. Haar fractie wil zich ervan verzekeren dat deze motie uitgevoerd gaat worden en dat het Wijkservicecentrum behouden blijft. Zij krijgt hierop graag de toezegging van de wethouder. Mevrouw Fattal (GroenLinks) gaat in op veiligheid; haar collega gaat straks in op participatie. Zij houdt haar bijdrage kort. Zij merkt op dat dit jaar ongelooflijk mooie dingen bereikt zijn. De VVD sprak al over de straatintimidatie aanpak, met de eerste aanhoudingen in Utrecht. Het gemeentebestuur heeft een mooie nota Grenzen stellen en Perspectief bieden, zowel preventie als ingrijpen wanneer iemand een grens over gaat, en ze noemt in dit verband ook de andere jaarwisseling die dit jaar gedaan gaat worden.
Zij werd aangesproken door inwoners over de jaarwisseling; gevraagd werd naar de handhavinginzet, juist nu gewerkt gaat worden met het verbod. Zij vraagt de burgemeester of die inzet dit jaar anders is dan gewoonlijk. De heer Bosch (UtrechtNu) vraagt wat zij tegen de bewoners heeft gezegd. Mevrouw Fattal (GroenLinks) heeft herhaald wat zij ook in het stadsbestuur heeft ingebracht; namelijk dat nu sprake is van een cultuurverandering, dat die verandering een aantal jaar gaat duren, dat zij niet verwacht dat dit jaar plotseling een stille jaarwisseling zal zijn, dat mensen nog steeds zullen gaan afsteken. Maar dat zij hoopt dat over drie à vijf jaar een andere jaarwisseling gevierd zal worden. De heer Bosch (UtrechtNu) vindt dat weinig realistisch. Hij wil het eerder gevoerde debat niet overdoen. Hij gelooft niet zo in een gedragsverandering. Mevrouw Fattal (GroenLinks) noemt voorbeelden van veranderingen in de samenleving, teweeg gebracht door, door de overheid gestelde regels, zoals geen alcohol drinken beneden 18 jaar, niet roken in openbare ruimten. Zij is optimistischer dan heer Bosch. Zij vindt dat dat verschil er mag zijn. Zij vraagt over de landelijke bezuinigingen op de lokale aanpak van radicalisering. Die aanpak is aangekondigd in de plannen van het Rijk. Op de lokale aanpak wordt bezuinigd; radicalisering, extremisme en terrorisme.
Ze maakt zich daarover hele grote zorgen. Zij neemt aan de burgemeester ook. Zij vraagt zich af of het bestuur nu al scherp heeft wat dat betekent voor de aanpak in Utrecht; zij krijgt hierop graag een antwoord van de burgemeester. De heer Dekkers (GroenLinks) gaat in op participatie, op Samen Stad Maken en Buurt- en Wijkgericht werken. Zijn fractie vindt en vond dat voor Samen Stad Maken geen nieuw beleid nodig is, maar dat de stad het vooral beter moet gaan doen. Geen Utrecht zonder U is vastgesteld, daarover is zijn fractie tevreden en in de begroting
Verslag openbare vergadering d.d. 22, 23 en 24 oktober 2024 inzake de programmabegroting 2025 van de commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën
240
250
260
voor 2025 zijn verschillende stappen te zien om dat in de uitvoering echt waar te maken. Zijn fractie vindt het belangrijk ook bij de vernieuwing van het Utrechts plan proces inclusief samenwerking met betrokken Utrechters versterkte en heldere eisen te stellen aan participatie door initiatiefnemers voor nieuwe ontwikkelingen. Hij merkt op dat dit binnenkort op de agenda staat. Hij gaat in op de bezuiniging op het Initiatievenfonds. Bij de voorjaarsnota is besloten om vanaf 2026 te bezuinigen op het Initiatievenfonds. Hij blijft graag zoeken naar mogelijkheden om die bezuinigingen deels of geheel terug te draaien. Hij vraagt of de wethouder kan toezeggen met het Initiatievenfonds in gesprek te gaan om na te gaan of niet meer initiatieven van Utrechters vanuit het Ondernemersfonds te nemen zijn, en dan het liefst met een procedure die niet ingewikkeld is naast de bestaande van het Initiatievenfonds. De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat heer Dekkers graag blijft zoeken naar extra middelen voor het Initiatievenfonds - zo begreep hij de inbreng van hem. Hij vraagt of dat betekent dat de heer Dekkers een voorstel gaat doen en dat hij dat probeert te dekken vanuit het Ondernemersfonds. De heer Dekkers (GroenLinks) heeft nu een concrete vraag aan de wethouder of zij met het Ondernemersfonds wil gaan praten.
Hij heeft op dit moment nog geen concrete voorstellen om dit terug te draaien. De heer Van Steeg (CDA) zag de Partij voor de Dieren in zijn Tegenbegroting ook in die richting denken; mochten er voorstellen komen om de bezuiniging op het Initiatievenfonds te repareren, vraagt hij of GroenLinks dan graag meekijkt. De heer Dekkers (GroenLinks) antwoordt dat de voorstellen van de Partij voor de Dieren behoorlijk ingrijpend zijn en vanuit andere overwegingen dan die van zijn fractie. GroenLinks heeft een andere redenering dan die van de Partij voor de Dieren. De heer Van Steeg (CDA) vraagt of GroenLinks open staat voor een andere dekking om de bezuiniging op het Initiatievenfonds teniet te doen. De heer Dekkers (GroenLinks) zou best willen zoeken of een deel van de bezuiniging te halen valt uit het Ondernemersfonds op basis van een andere redenering dan die van de Partij voor de Dieren. De voorzitter schorst de vergadering rond 13.03 uur tot 14.00 uur.
270
Hervatting van de vergadering De heer Dekkers (GroenLinks) zet zijn inbreng voort. Hij gaat in op buurt- en wijkgericht werken. Zijn fractie denkt dat er fysiek te bezuinigen is op Wijkbureaus, vooral op de huisvesting van verschillende maatschappelijke voorzieningen en gemeentelijke diensten. Zijn fractie wil wel eerder versterking dan vermindering van werk- en buurtgericht werken. Binnenkort zal dit ook besproken worden bij het uitvoeringsprogramma Buurtgericht Werken. Hij vraagt of de wethouder kan toezeggen dat bij de bespreking van de taakstellende bezuiniging op de ambtelijke organisatie, nadrukkelijk bekeken wordt of die bezuinigingen niet ten koste gaan van wijk- en buurtgericht werken? De heer Van Steeg (CDA) heeft begrepen dat er nog veel onduidelijkheid is over financiën. Dat debat is gevoerd.
Verslag openbare vergadering d.d. 22, 23 en 24 oktober 2024 inzake de programmabegroting 2025 van de commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën
280
290
300
310
320
Veiligheid is ook een belangrijk onderwerp op de begroting. Zijn fractie is van mening dat het bestuur daar aandacht aan moet blijven besteden. De veiligheidsuitdagingen groeien in de stad; hij ziet dat niet terug in deze begroting. De veiligheid verschuift naar meer digitale veiligheid. Er is nog steeds een stijging van het aantal overlastmeldingen. Hij ziet niet dat dat opgelost wordt. Er wordt op veiligheid gekort. Hij noemt in dit verband het Lucas Bolwerk; alles wat binnen de singel gebeurt. Een echte oplossing wordt niet geboden. Hij oppert dat wat hem betreft gekeken moet worden naar iets extra's doen op handhaving; dat zou wat hem betreft moeten meegroeien met de groei van de stad. De burgemeester heeft al gezegd dat het niet zomaar kan. Wanneer dit ergens te regelen is, is dat bij de begroting. Dit zou ook passen bij de overlast die er is in de stad. Hij oppert in een afzonderlijk debat stil te staan bij de gebeurtenissen op het Lucas Bolwerk, wat er gebeurt op het Lepelenburg. Dat heeft aandacht nodig. De heer Koning zei wat hem betreft terecht dat ook geïnvesteerd moet worden op preventie; dat is wat er in deze begroting niet gebeurt. Juist op preventie en verslavingszorg wordt er gekort. Ook daar zit een probleem. Hij zag de brief van de burgemeester over het digitaal opkopersregister; dit was nooit een goed functionerend instrument.
Dit hangt ook samen met landelijke regelgeving, landelijke wetgeving. Hij vraagt de burgemeester nog eens toe te lichten waarom dit zo belangrijk is, hoe dit samenvalt met de landelijke wetgeving en waarom dat in haar visie zo’n groot gevolg heeft voor de aanpak Grenzen stellen en Perspectief bieden. Mevrouw Meerding (VVD) merkt op dat dit onder andere een amendement was van het CDA waardoor op dit register werd gekort. Zij hoort de heer Van Steeg zeggen dat zijn ervaring met dat register ook niet zo goed was. Zij is benieuwd te vernemen of dit er het effect is wat het CDA beoogd had. Zij kent het CDA als een partij die veiligheid in de aanpak van ondermijning heel belangrijk vindt. De heer Van Steeg (CDA) antwoordt bevestigend. Het was best lastig om de dekkingen te vinden. Daarover was ook overleg nodig met de coalitie. Zeker op dit vlak, en zeker voor ondernemers leidt dit instrument tot veel administratieve lasten. Ook voor ondernemers. De vraag is of dit instrument daadwerkelijk bijdraagt aan de aanpak van heling. Daarnaast komt landelijke wetgeving; die laat lang op zich wachten. Hij vraagt de burgemeester hoe pijnlijk dit is ook in het licht van de brede bezuinigingen die er zijn. Mevrouw Meerding (VVD) vindt oprecht dit een goede vraag van het CDA zij is benieuwd naar het antwoord.
Zij vraagt of het CDA eventueel bereid is om opnieuw geld te gaan zoeken om het register wel te kunnen laten doorgaan, wanneer het de conclusie is dat het veel negatieve gevolgen heeft wanneer het wordt afgeschaft. De heer Van Steeg (CDA) benadrukt dat het niet het voorstel was van het CDA om dit helemaal weg te bezuinigen. Hij vindt dat in ieder geval meer moet gebeuren op handhaving. Ook hij is van mening dat veiligheid moet meegroeien met de stad; misschien zou hier de koppeling te maken zijn; hij is benieuwd naar de antwoorden op dit vlak van de burgemeester. De heer Koning (D66) merkt op dat destijds een duidelijke afweging is gemaakt ten koste van het opkoopregister. Zijn fractie heeft voor het amendement gestemd omdat daarmee de andere zaken te organiseren waren. Hij neemt dit signaal in de brief van de burgemeester serieus. Als dit een serieus onderdeel is van het pakket Grenzen
Verslag openbare vergadering d.d. 22, 23 en 24 oktober 2024 inzake de programmabegroting 2025 van de commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën
330
340
350
360
370
stellen en Perspectief bieden, wil hij nagaan wat hiermee te doen is. Hij vraagt of dit ook de zoektocht is van het CDA. De heer Van Steeg (CDA) licht toe dat hij daarom ook de vraag stelt. Die brief is niet voor niets geschreven. Als dat betekent dat de gemeente zich terugtrekt uit een aanpak die langzaam groeit; niet alle gemeenten doen nog mee. Dan vindt hij dat Utrecht zijn verantwoordelijk het moet nemen, en dat gekeken moet worden naar hoe dit te kunnen doen. De heer Koning (D66) merkt op dat tegelijkertijd te zien is dat het geld eindig is. Zijn oplossing zou meer zijn de burgemeester uit te nodigen om na te gaan binnen het pakket Grenzen stellen en Perspectief bieden te herprioriteren, zo dat het opkoopregister in stand gehouden wordt, met een kaasschaaf binnen het programma. Hij vraagt of de heer Van Steeg dit ook ziet als een pragmatische oplossing. De heer Van Steeg (CDA) was in die zin enigszins verbaasd door de brief; de bezuiniging die daar valt is 1/10 van de bezuiniging binnen Grenzen stellen en Perspectief bieden. Hij vindt dit een lastige vraag in dat licht, het daarin te zoeken. Hij stelt voor te zoeken naar andere manieren te zoeken; bijvoorbeeld door met de groei van de stad mee te groeien. De heer Koning (D66) vindt dat laatste een minder grote uitnodiging.
Zijn oproep is via de heer Van Steeg aan de burgemeester om ook te zoeken naar het veiligheidsbudget. De heer Van Steeg (CDA) vindt dat op digitalisering ook iets extra’s zou moeten gebeuren, dat daarin extra geïnvesteerd moet worden. Hij stelt voor de campagnes niet over te doen. Hij is benieuwd naar de effectiviteit van campagnes; wanneer wordt een campagne wel gebruikt en wanneer niet. Dit wordt wel gedaan bij straatintimidatie maar niet bij drugs. Hij vindt dat hier goed naar gekeken moet worden. Hij heeft al eerder een initiatiefvoorstel gedaan op gebied van digitalisering. Hij vraagt hoe het daarmee staat. Hij spreekt in dit verband over het digitaal gebiedsverbod. Hij hoort hierover de laatste tijd weinig; hij verneemt graag hoe de burgemeester hiermee verder gaat. Hij sluit zich graag aan bij de opmerking van mevrouw Meerding over Vleuten-De Meern en het Wijkbureau aldaar. Dit was een belangrijke motie die aangenomen is. Wat zijn fractie betreft wordt hierop een tegenbegroting geschreven; zijn fractie gaat voorstellen de fractiebudget te verlagen. Al eerder werd gerefereerd aan bij het Initiatievenfonds; zijn fractie wil graag dat die bezuiniging ongedaan wordt gemaakt. Uit de begroting blijkt dat 98% van het Initiatievenfonds jaarlijks wordt gebruikt. Dat betekent dat met deze bezuiniging heel veel initiatieven geen ruimte meer krijgen om op te bloeien.
Al eerder vroeg hij grote initiatieven uit het Initiatievenfonds te halen; wanneer die ene evenementen eruit gehaald zijn, zou er veel meer ruimte in het Initiatievenfonds zijn en zou deze bezuiniging teniet gedaan worden. Hij vraagt of er mogelijkheden zijn en of de wethouder al zover is. De heer Bosch (UtrechtNu) gaat in op de fractiebudgetten; hij vraagt wat de heer Van Steeg voorstelt. De suggestie bestaat dat er ruime fractiebudgetten zijn. Hij vraagt of de heer van steeg het met hem eens is dat die budgetten ver onder het niveau van Rotterdam, Den Haag, en Amsterdam ligt. Dit komt hem dit komt op hem over als voor de Bühne.
Verslag openbare vergadering d.d. 22, 23 en 24 oktober 2024 inzake de programmabegroting 2025 van de commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën
380
390
400
410
420
De heer Van Steeg (CDA) bestrijdt dat dat zijn intentie is. Zijn fractie houdt jaarlijks veel geld over en stort ook vaak een heel deel terug. En dat terwijl zijn fractie investeert in de ondersteuning. Zijn fractie is steeds op zoek naar wat extra is te doen om dit geld te investeren. Hij vindt dat een lastig verhaal. De heer Dijkstra (EenUtrecht) krijgt de indruk als accepteert het CDA de korting op het Initiatievenfonds. Hij gaat er vanuit dat dat niet het geval is. De heer Van Steeg (CDA) antwoordt bevestigend; zijn fractie zal een voorstel indienen dat niet te doen. Een mogelijke stap is de grote evenementen op een andere manier te financieren. De wethouder denkt daarover na. Dan is er veel meer ruimte in het Initiatievenfonds voor kleine initiatieven waarvoor het Initiatievenfonds juist is ingesteld. De heer Dijkstra (EenUtrecht) kan zich niet voorstellen dat het CDA dit wil. Op het stedelijk niveau gebeuren stedelijke activiteiten - hij vindt dat het laatste waarop bezuinigd moet worden. De heer Van Steeg (CDA) licht toe dat zijn suggestie niet was om daarop te bezuinigen, maar die grote evenementen buiten het Initiatievenfonds te houden. Hij herhaalt zijn argumenten. De De heer Dijkstra (EenUtrecht) adviseert het CDA die twee vragen gelijktijdig te blijven stellen. Anders loopt de raad het risico een deel van het geld te verliezen.
De heer Van Steeg (CDA) zal proberen dat te doen en als het daarmee uit de wereld is, heeft hij dat graag. Hij gaat in op het terugdringen van het ziekteverzuim; Utrecht zit hiermee enorm hoog, boven de 9%. Dat raakt aan goed personeelsbeleid en hoe om te gaan met personeel. Dat kwam al op andere vlakken aan de orde; wat geeft het stadsbestuur de zekerheid dat in twee jaar de inhaalslag gemaakt gaat worden die hier wordt geschetst en hoe wordt de raad daarin meegenomen. Misschien moet hierover nog een afzonderlijk debat gevoerd worden. De raad heeft daarover meer informatie nodig dan alleen deze brief. Hij krijgt hierop graag de reactie van de wethouder. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) slingerde het ziekteverzuim aan. Hij zou hierover in een afzonderlijk debat geïnformeerd willen worden. Hij is benieuwd of de heer Van Steeg het met hem deelt dat hier winst te behalen is met een goede aanpak. Die winst zou er ook in financieel opzicht kunnen zijn. Kijkend naar de tekorten in de stad is er alle aanleiding met ook dit in het achterhoofd naar personeelsbeleid te kijken. Een blij personeelslid, kost geen geld maar die levert geld op. De heer Van Steeg (CDA) begrijpt dat de vraag is of dit ook iets financieels zou kunnen opleveren. Hij vindt dat dit aangevlogen moet worden vanuit goed werkgeverschap.
Op dat vlak maakt hij zich zorgen over wat er gebeurt en over de hoogte van het verslag. Wanneer hier goede aandacht op is, zullen de medewerkers met meer energie aan de dag beginnen en daarmee meer bijdragen aan wat in de stad gedaan wordt. In die zin is hij het eens met heer Bos. Dit heeft ook financiële repercussies vanwege noodzakelijke inhuur. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) wilde dit antwoord hebben; uit dit antwoord komt zijn vervolgvraag. Hij vraagt of de heer van steeg met hem deelt dat het verstandig zou zijn geweest wanneer het college de extra kosten had gerapporteerd die gemoeid zijn met vervanging van personeelsleden, maar ook van het ziekteverzuimbeleid zelf. De heer Van Steeg (CDA) vindt dat wat het kost niet de eerste reden zou moeten zijn. Hij leest iets over een mentaliteitsomslag; de vraag is hoe de stappen te zetten
Verslag openbare vergadering d.d. 22, 23 en 24 oktober 2024 inzake de programmabegroting 2025 van de commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën
naar een forse verlaging van het ziekteverzuim. Tot nu toe is dit niet gelukt. Hij legt de vraag voor waarom het deze keer anders zou zijn. Hij agendeert dit graag samen met heer Bos voor een debat in de commissie; wellicht al op basis van de brief van het college. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) hoopt nu dat hij de vragen via de heer Van Steeg aan het college kon stellen. De voorzitter neemt daarvan nota.
430
440
450
460
De heer Koning (D66) merkt op dat sommige dingen in de stad goed gaan. Dit college zet goede stappen. Zo lijkt er ruimte voor het uitbreiden van het aantal coffeeshopvergunningen. En evenzo ruimte voor meer flexibele inzet van drugstesten. Hij vindt dat goede progressie stappen die gezet zijn binnen de smalle marges van de wet binnen het veiligheidsbeleid. De heer Van Bergen (ChristenUnie) merkt op dat er helemaal geen sprake is van ruimte voor uitbreiding van vergunningen voor coffeeshops. Hij merkt op dat de heer Koning een motie daarover overwoog maar dat hij nog niet behandeld is. Hij loopt nu twee stappen voor op eventuele besluiten. De heer Koning (D66) antwoordt dat dat juist is. Daarom zijn formulering dat er ruimte lijkt te zijn. Hij vervolgt zijn inbreng in zijn termijn. Veel Utrechters ergeren zich aan de overlast en aan de ellendige situatie die ontstaat wanneer verslaafden op een plek blijven hangen. De plek rondom het Stationsgebied wordt ervaren als een sociaal onveilige plek. Die plekken worden soms gemeden met omlopen of omfietsen; dan is er geen sprake van toegankelijk gebied. Dat is de reden waarom hij vindt dat alles op alles gezet moet worden die plek weer veilig te krijgen; hij ziet dat het college daar hard aan werkt. Zware repressie blijkt onvoldoende te zijn. Hij is van mening dat er meer zorg nodig is.
Voor de tweede keer was er sprake van uitbreiding van het verblijfsontzeggingsgebied - hij vindt dat een zware bestuurlijke maatregel. De vraag is of dit effectief is. Hij merkt op dat overduidelijk sprake is van een waterbedeffect; omdat het een steeds groter gebied wordt, denkt hij dat het afdoet aan de kracht van de maatregel. Er moet immers in een groter gebied gecontroleerd en gehandhaafd worden. Daarom wil hij van het college weten wat er in 2025 verder gebeurt in de aanpak rondom het Bollendak, de Sijpesteinkade, en het Lombokplein. Hij vraagt de toezegging van de burgemeester dat het perspectief voor de raad beslist is dat het verblijfontzeggingsgebied niet nog groter maar kleiner wordt. Mevrouw Meerding (VVD) zag het venijn in de laatste zin; waarop baseert D66 zich op het kleiner worden van het verblijfontzeggingsgebied; de overlast is nog niet afgenomen. Hoe is dan nu al vanuit het bestuur te zeggen dat het gebied kleiner moet worden. De heer Koning (D66) brengt voor het voetlicht dat vanuit het college recentelijk een besluit is genomen, om het verblijfontzeggingsgebied nog een keer te vergroten. Zijn fractie staat daar achter. Hij ziet dat in dit een noodzakelijke stap lijkt te zijn in het geheel van de aanpak. Bij hem doemt wel de vraag op waar dit ophoudt. Hij wil niet dat straks de halve binnenstad een verblijfontzeggingsgebied is.
Hij vindt een dergelijk vergaande bestuurlijke maatregel niet proportioneel. Hij wil het perspectief dat uiteindelijk dit wordt afgebouwd. Hij heeft begrepen uit eerdere debatten met de burgemeester dat dit haar inzet is; hij krijgt daarvan graag de bevestiging. Zijn fractie vindt het een vergaande maatregel.
Verslag openbare vergadering d.d. 22, 23 en 24 oktober 2024 inzake de programmabegroting 2025 van de commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën
470
480
490
500
510
Mevrouw Meerding (VVD) werpt tegen dat het afbouwen pas gedaan wordt wanneer er iets is opgelost. Op dit moment wordt nog niet gezien dat de overlast minder wordt; daar is het bestuur nog niet aanbeland. De heer Koning (D66) wijt dat aan de complexiteit van dit hele vraagstuk. Wanneer deze repressieve maatregel onvoldoende functioneert, moet er blijkbaar meer worden ingezet van de kant van zorg en van hulpverlening. Dit functioneert alleen wanneer er een samenspel is [tussen preventie en repressie.] Mevrouw Meerding (VVD) begrijpt dat heer Koning de conclusie trekt dat er op zorg meer bij moet; zij weet niet of dat het geval is; zij vraagt zich dat af. Zij deelt met de heer Koning dat dit probleem moet worden aangepakt. Wat de VVD betreft begrijpt zij deze repressieve kant heel goed, en zou zij het verblijfontzeggingsgebied in stand willen laten zolang deze overlast er is. Zij hoopt van de burgemeester te vernemen wat er dan nog meer nodig is om dit probleem op te lossen. De heer Ait Daoua (D66) gaat in op het ziekteverzuim en stelt vast dat het behoorlijk hoog is. Utrecht heeft het hoogste percentage van de G4. Hij vindt het zorgwekkend dat het om 80% langdurig zieken gaat. Dat gaat er voor zorgen dat de werkdruk alleen maar toeneemt.
De situatie gaat straks ontstaan waarin minder mensen hetzelfde werk doen, of wellicht meer vanwege de groeiende stad, dat lijkt zijn fractie een onverstandige situatie. Hij vraagt het college hoe het ervoor gaat zorgen dat deze bezuinigingen niet leiden tot nog meer uitval, wat zijn de concrete plannen om ervoor te zorgen dat de werkdruk niet te hoog wordt voor de mensen die blijven. Zijn fractie denkt aan in het geval er bezuinigingen toegepast worden op het ambtenarenbestand, gekeken kan worden naar de managementlaag en hoe in het management efficiënter te werken is. Hij vraagt de wethouder of ook te onderzoeken of het mogelijk is voor ambtenaren het recht in te voeren van onbereikbaarheid. Dat zou ook de werkdruk wellicht ook kunnen verlagen. De heer Bosch (UtrechtNu) vraagt of die onbereikbaarheid tijdens werktijden zal zijn. Hij wil dat dan ook graag. De heer Ait Daoua (D66) licht toe dat dit geldt voor buiten werktijden zonder dat daarvoor iets is ingepland. Hij vervolgt zijn inbreng in zijn termijn met in te gaan op zaaksysteem. Hij bedoelt daarmee op het Centraal digitale systeem voor proces en diensten van de gemeente. Uit de evaluatie is gebleken dat daar niet heel veel goed ging. Wat hem zorgen baart, is dat de problemen met dat systeem direct invloed kunnen hebben op de kwaliteit van de dienstverlening.
Wanneer de gemeente de interne processen niet op orde heeft, kan dat leiden tot inefficiëntie met verdere druk op de organisatie en verdere verhoging van de werkdruk. Zeker met het oog op de groei van de stad, moet dat systeem toekomstbestendig zijn. Hij vraagt het college hoe het college ervoor gaat zorgen dat het zaaksysteem goed genoeg is om de groei van de stad te ondersteunen en de continuïteit te waarborgen. Daarmee doelt hij vooral op de implementatie in de praktijk; hij heeft kennisgenomen van de maatregelen die genomen worden. Zij vraagt zit in hoe dit daadwerkelijk uitgewerkt gaat worden. De heer Paalman (HORIZON) is blij dat D66 zich ook zorgen maakt over dit soort zaken. Hij verwacht binnenkort een heel interessant debat hierover in deze commissie. Daar staat D66 niet in als mede agendeerder; hij legt de vraag voor of D66 wellicht nog toegevoegd moet worden. Hij voegt de heer Ait Daoua graag toe aan de lijst.
Verslag openbare vergadering d.d. 22, 23 en 24 oktober 2024 inzake de programmabegroting 2025 van de commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën
De heer Ait Daoua (D66) houdt zich met genoegen aanbevolen.
520
530
De heer Van Bemmel (Partij voor de Dieren) hoorde de vraag naar meer BOA's. Zijn partij laat in de Tegenbegroting zien dat daarvoor geld vrijgemaakt kan worden. Zijn fractie maakt geld vrij voor vijf fte aan groene BOA’s. Groene BOA's zijn hard nodig, omdat de natuur in Utrecht kwetsbaar is. Deze groene BOA’s bieden de natuur de bescherming die hij nodig heeft. Hij vraagt of de burgemeester net als zijn fractie enthousiast voor dit voorstel om Utrecht te voorzien van deze extra Groene BOA’s. Ook zet zijn partij zich in op het Initiatievenfonds; dit fonds geeft bijvoorbeeld ruimte voor groene ideeën van inwoners en dit fonds biedt ruimte voor buurtinitiatieven. Zijn fractie vindt dit fonds een betere plek om het geld te gebruiken dan het Ondernemersfonds; daar wordt het geld vaak besteed aan wat ten goede komt aan het economisch klimaat, in plaats van de participatie. Met het geld dat uitgetrokken wordt voor het Initiatievenfonds maakt zijn partij niet alleen de bezuiniging ongedaan, maar doet zijn partij een flinke extra investering. Naast de Tegenbegroting denkt zijn fractie ook nog aan losse maatregelen. Mevrouw Leever (PvdA) vraagt aandacht voor femicide. Hierover zijn in de raad vaker vragen gesteld; er lijkt een landelijk beleid aan te komen en ook gemeenten werken aan beleid.
Zij vraagt de burgemeester wat zij zou doen wanneer capaciteit en geld geen rol zouden spelen en in welke mate in dit beleid een G4 verband wordt opgetrokken.
540
550
560
De heer Stam (PvdA) brengt in dat op 31 december de tijdelijke arbeidsmarkttoelage van VTH Thor af. De toelage zorgt voor een substantieel hoger inkomen voor de handhavers van de gemeente Utrecht. Vanaf 1 januari 2025 wordt het nieuwe Functiehuis van kracht. Hij heeft begrepen dat hierdoor een deel van de handhavers erop achteruit gaat. Hij vraagt of de wethouder kan toelichten of dit zo is en of en zo ja wat er aan gedaan gaat worden. Wat is mogelijk te doen om de impact te verzachten. Welke schalen worden er geraakt? Om hoeveel personen gaat het? En wat zouden de kosten zijn om de personen die hierdoor achteruit gaan, te compenseren. De voorzitter deelt mee dat deze vragen gesteld hadden kunnen worden in de schriftelijke vragen. Ze zijn vrij technisch van aard. Wellicht probeert het college hierop een antwoord te geven. De heer Maas (VOLT) is een partij van bestuurlijk transparantie en burger participatie, van doelen, indicatoren en zijn partij hecht aan een goede sturing in de organisatie. Hij concentreert zich vandaag op de organisatie. Hij vindt het een goed idee om kritisch te kijken in de eigen bestuurlijke organisatie in zijn algemeenheid, maar ook in het licht van de bezuinigingen en het ziekteverzuim. Hervormingsbezuinigingen met efficiënter werken, beter prioriteren, centraliseren en beter organiseren moeten het huishoudboekje op orde krijgen.
Hij vindt dat allemaal goed klinken. In de laatste jaren zag hij talloze cases waarin de gemeente niet getuigt van efficiëntie en goede organisatie. Zijn partij maakt zich daarom grote zorgen over deze maatregelen. Het bestuur heeft te maken met een inhuurplafond dat jaarlijks
Verslag openbare vergadering d.d. 22, 23 en 24 oktober 2024 inzake de programmabegroting 2025 van de commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën
570
580
590
600
610
overschreden wordt. Ook dat moet efficiënter. Tegelijkertijd is te zien dat in de laatste jaren op een aantal dossiers kapitale fouten worden gemaakt die tot slechte pers en extra kosten leiden. Hij refereert aan het Berenschot rapport waarin geschreven is dat de hoofdreden voor escalatie van het dossier Handhaving Binnenstad, het ontbreken is van regie op samenwerking tussen de verschillende betrokken afdelingen. Voor de heer Maas is duidelijk dat het anders moet. Het lijkt geen verbetering op te treden. Hij vraagt hoe de wethouder dit gaat inrichten in het licht van de hervormingsbezuinigingen; hij vraagt naar het plan. Hij merkt op met betrekking tot het Handhavingdossier Binnenstad wordt voor de post hogere lasten een half miljoen extra uitgetrokken. Bij de programmabegroting 2024 was voor dit dossier ook al een half miljoen uitgetrokken; hoe verhouden deze kosten zich tot in juli gepresenteerde kostenoverzicht en hoe realistisch is het dat het hierbij blijft. VOLT zal zeker alle initiatieven vanuit het Initiatievenfonds en andere participatie projecten steunen. Mevrouw Kolenbrander (Student & Starter) brengt in dat Utrecht van talent bruist. Tot haar spijt kan het vinden van een stageplek nog steeds erg lastig zijn. Zij kent genoeg studiegenoten en vrienden die studievertraging oplopen; door het niet kunnen vinden van een passende stage.
Zeker met een lang studeerroute voor de deur brengt dat enorm veel stress met zich mee. Zij vond bij Student & Starter een stage plek. Dankzij deze stage zit zij nu in deze commissie om met andere partijen te spreken over de programmabegroting van Utrecht. Zo snel kan het gaan. Deze kans heeft haar op jonge leeftijd in contact gebracht met de gemeentepolitiek. Die ervaring zal haar voor altijd bijblijven. Zij gunt andere studenten en jongeren die ervaring ook van harte. Daarom doet zij een oproep aan deze commissie en andere fracties ook stagiaires aan te nemen. Veel fracties benadrukken het belang van stageplekken; zij geeft hen mee daarin een actieve rol te kunnen spelen. Door het aannemen van stagiaires wordt er gezamenlijk voor gezorgd dat de Utrechtse jongeren kennis opdoen over en een stem krijgen in de lokale politiek. Dit verjongt de partijen en bevordert het delen van kennis aan beide kanten. In plaats van alleen over jongeren te praten, worden ze actief betrokken bij de gesprekken in de raad. Zij benadrukt dat stagiaires een waardevolle inbreng kunnen hebben, bijvoorbeeld over het lopende debat over Utrecht Science park. De inbreng is niet alleen waardevol voor hen maar ook voor de toekomst van de stad.
Dit betoog brengt haar naar een aantal vragen; is de wethouder bereid onderzoek te doen naar het actief stimuleren van partijen om stage plekken te faciliteren; is de wethouder bereid om onderzoek te doen naar het creëren van een handvat dat partijen hier kunnen gebruiken om kwalitatief hoogwaardige stages aan te bieden. De heer Stam (PvdA) vraagt of mevrouw Kolenbrander ermee bekend is dat wethouder Streefland in het verleden twee stagiaires heeft begeleid en dat wethouder de Vries ook stagiaires heeft begeleid – dus dat het college hiermee bezig is. Mevrouw Kolenbrander (Student & Starter) dankt de heer Stam voor die vraag en licht toe dat zij haar vraag zo niet bedoelde. Zij vervolgt haar inbreng in haar termijn met een onderwerp binnen personeel en organisatie.
Verslag openbare vergadering d.d. 22, 23 en 24 oktober 2024 inzake de programmabegroting 2025 van de commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën
620
630
640
650
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) nog een keer stagiaire aan; dat is hem niet goed bevallen. Hij vraagt of mevrouw Kolenbrander hem handvatten kan bieden waarmee hij zichzelf op dit punt kan verbeteren. Hij is van mening dat bij het aannemen van een stagiair een goede beloning hoort. Nu zijn daar regels binnen de gemeente voor het belonen van stagiaires; hoe kijkt Student & Starter daar naar. Hij vindt het goed dat mevrouw Kolenbrander deze oproep doet. Uit haar inleidende verhaal leek het erop alsof Student & Starter nog geen stagiaires heeft aangenomen. Hij vraagt hoe dat zit. Mevrouw Kolenbrander (Student & Starter) komt net uit haar stageperiode binnen Student & Starter. Voor haar is het nu opstarten en dan heel gauw kijken naar de volgende stagiair. Als het gaat om de beloning kan Stadsbelang een voorbeeld nemen aan Student & Starter; zij kreeg altijd een nette beloning. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) vraagt of de beloning conform het beloningsbeleid was zoals de gemeente die heeft richting stagiaires. Of is mevrouw Kolenbrander daar niet van op de hoogte? Mevrouw Kolenbrander (Student & Starter) zet uiteen dat zij tevreden was met haar beloning. Zij vervolgt haar inbreng in haar termijn met te zeggen dat zij enorm blij is om te zien dat meer dan de helft van het personeelsbestand van de gemeente uit vrouwen bestaat. Zij vindt het heel positief.
Maar tot haar spijt is de uitstroom onder de vrouwen erg hoog. Zij leest nergens terug hoe de uitstroom te verminderen en jonge personen te binden zijn aan een het personeelsbestand. Zij vraagt de wethouder onderzoek te doen naar de uitstroom; waarom is de uitstroom zo hoog. Hoe is het mogelijk om de jongeren te binden aan het personeelsbestand. Zij refereert aan de inbreng van de VVD over veiligheid. Zij merkt op dat het gevoel van onveiligheid in de stad groeit en niet raakt aan de ambitie die de stad heeft. Naar aanleiding van de stijgende cijfers en de niet behaalde doelen vraagt zij de burgemeester naar de concrete stappen die zij neemt om het groeiende onveiligheidsgevoel onder inwoners effectief aan te pakken. De heer Van Rooij (Student & Starter) brengt in dat 35% van de bevolking structureel ondervertegenwoordigd wordt; dat zijn jonge Utrechters. Zij hebben niet het gevoel dat de politiek er is voor hen. Hij vindt dat een gemiste kans. Deze jongeren zullen het langst in Utrecht wonen en hun betrokkenheid is cruciaal voor de toekomst van Utrecht. Tot zijn spijt ontbreekt deze urgentie in de programmabegroting; de aandacht om jeugd participatie te versterken, komt pas in de tweede helft van 2025. Hij vraagt of de wethouder kan toezeggen uiterlijk in het eerste kwartaal van 2025 een concreet plan voor te leggen aan de raad om de jeugdparticipatie te versterken.
Zijn fractie stelt voor een jongerenraad op te richten; hij refereert daarbij aan andere steden die met succes een jongerenraad instelden. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) legt de vraag voor wat die drie maanden scheelt; zet dat echt zoden aan de dijk? Maar dat het beleid veel krachtiger. De heer Van Rooij (Student & Starter) merkt op dat het een half jaar scheelt. Bovendien kunnen jongeren niet wachten; hij vindt [gezien de problemen die jongeren ondergaan een half jaar een hele tijd].
Verslag openbare vergadering d.d. 22, 23 en 24 oktober 2024 inzake de programmabegroting 2025 van de commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën
660
670
680
690
700
Hij vervolgt met op te merken dat deze jongerenraad gevraagd en ongevraagd advies kan geven aan de gemeenteraad en aan het college. Zo worden jonge mensen direct betrokken bij de besluitvorming krijgen zijn plek aan tafel. De jongerenraad biedt ruimte aan frisse ideeën en kritische geluiden die anders niet worden gehoord. Vaak wordt in de gemeenteraad gesproken over participatie en inclusiviteit; hij stelt voor de principes toe te passen op de jongste generatie Utrechters. Hij vraagt of de wethouder erkent dat de oprichting van een jongerenraad bijdraagt aan de vertegenwoordiging van jonge mensen en hoe staat de wethouder tegenover de invoering van een jongerenraad. De heer Skori (DENK) gaat in op de landelijke politiek. Hij besteedt aandacht aan de zogenaamde opvangcrisis, het demonstratierecht, het antisemitisme als argument, de weerstand onder burgemeesters tegen uitspraken uit de protestbeweging die gaande is. Burgemeester Dijksma riep het kabinet ertoe op afstand te nemen van de reactie van demonstranten op burgemeester Halsema. Hij complimenteert de burgemeester daarmee. Momenteel werkt het kabinet aan een wetsvoorstel om het demonstratierecht verder in te perken. Zo wil het kabinet gezichtsbedekkende kleding in demonstraties verbieden. Demonstranten die al kwetsbaar zijn, kunnen straks niet meer veilig demonstreren.
Hij roept de burgemeester op om bij het Rijk te lobbyen tegen dit verbod en mocht dit verbod toch worden ingevoerd, dit bij demonstraties in Utrecht niet handhaven. Hij krijgt hierop graag een toezegging. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) merkt op dat politiek activisme uit te dragen is via journalistiek, moderne media, literatuur, maar ook door demonstraties bij stakingen, maar ook met geweld. Hij hoort de heer Skori niet spreken over de manier waarop politiek activisme kan worden bedreven. Vaak zijn de laatste tijd geweldsuitingen te zien waarvan hij niet vrolijk wordt. Hij vraagt of de heer Skori nu zegt dat hij het politiekactivisme met geweld wel acceptabel vindt. De heer Skori (DENK) is tegen elke vorm van geweld, vernielingen en alles wat [daaronder te begrijpen] is. De heer Van Bergen (ChristenUnie) gaat allereerst in op het onderwerp personeel en organisatie. In het afgelopen jaar stelde zijn fractie al vragen over de werkdruk, het ziekteverzuim en de ambitie om efficiënter te werken. Zijn partij blijft daar zorgen over maken. Hij is blij dat dit bij meer partijen op de agenda staat. Zij vinden een gezond werkklimaat erg belangrijk. Zijn fractie bereiken geluiden dat op verschillende afdelingen het water aan de lippen staat dat het erg moeilijk is om vacatures te vullen dat de werklast nauwelijks meer te dragen is door het huidige ambtenarenkorps.
Hij vraagt of het college die signalen herkent. Welk perspectief kan het college de ambtenaren bieden. Hij vraagt of dit mogelijk conflicteert met de ambitie efficiënter te gaan werken. Daarnaast valt het hem op dat de beloofde concretisering van deze hervormingsopgave doorgeschoven is van de begroting naar de Voorjaarsnota. Hij vraagt uitleg daarvan en krijgt hierop graag een reactie. Bij de ambitie om Utrechters te betrekken bij de ontwikkeling van wijkplatforms en die te ondersteunen, bereikte hem het nieuws dat Wijkplatform Noordoost ermee stopt. Dat is niet de richting waarin zijn fractie op wil. Dit bericht bevreemdde hem enigszins. Hij vraagt wat hier aan de hand is en of dit al bekend was bij het college.
Verslag openbare vergadering d.d. 22, 23 en 24 oktober 2024 inzake de programmabegroting 2025 van de commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën
710
Is er zicht op opvolging of vervanging van deze organisatie. Hij krijgt hierop graag een reactie. In het licht van veiligheid werd afgelopen zomer de nachtelijke handhaving iets terug geschroefd. Nu is het bestuur een kleine vier maanden verder. Het is nog te vroeg om harde conclusies te trekken; hij vraagt of het college iets kan zeggen over de gevolgen daarvan op het gebied van de aanpak van de overlast. Met betrekking tot de voorgenomen focus in de lobby is het wat zijn fractie betreft goed om duidelijker keuzes te maken waarvoor gelobbyd moet worden. Vorige week gaf wethouder Eerenberg daarvan een goed voorbeeld door aan te geven dat de lobby richting het Rijk op dit moment niet kansrijk is en hij deed [de suggestie] die lobby niet voor te stellen. Wat zijn fractie betreft is het goed om hierin als raad duidelijker keuzes te maken en is het ook wenselijk dat het college aan de voorkant een inschatting en advies meegeeft aan de raad. Wat hem betreft mag het college ook duidelijk nee zeggen wanneer lobby niet van waarde wordt geschat of als er geen budget beschikbaar is.
720
De voorzitter stelt vast dat BIJ1 afwezig is. Hij geeft het woord aan de heer Dijkstra.
730
740
750
De heer Dijkstra (EenUtrecht) stelt vast dat er veel bezuinigd is op participatie. Hij vindt dat ongewenst. Het is slecht voor de democratie, voor het vertrouwen in de overheid en de bereidheid van inwoners om zich in te zetten voor de gemeenschap. Wat hem betreft geeft het college meer ruimte voor participatie. Zijn fractie zal daarvoor een motie indienen bij de raadsbehandeling. Hij dacht aan een bedrag van 600.000 euro extra met perspectief op meer vanaf 2026, structureel te financieren vanuit een Ondernemersfonds. Hij vindt het gênant voor woorden dat dat fonds drie keer groter is geworden in drie jaar tijd, terwijl in de tussentijd allerlei bezuinigingen plaats vinden op bewonersfondsen. De heer Van der Berg (ChristenUnie) hoort de heer Dijkstra spreken over participatie. Hij merkt op dat dat een ontzettend breed onderwerp is met ontzettend veel vormen. Hij vraagt welke vormen van participatie hij met de 600.000 euro op het oog heeft om te stimuleren. De heer Dijkstra (EenUtrecht) denkt aan een achttal zaken; hij noemt daarvan drie: burgerberaden, subsidie voor huurderparticipatie, en bomen voor bewoners. De heer Koning (D66) kent de heer Dijkstra als iemand die geeft om het verenigingsleven in Utrecht. Hij vraagt of dat juist is. De heer Dijkstra (EenUtrecht) is daarvan een hartstochtelijk voorstander.
De heer Koning (D66) heeft dan slecht nieuws voor de heer Dijkstra als het gaat om zijn voorgenomen dekking. Sportclubs dragen bij aan OVU, maar hebben zelf trekkingsrecht daaruit. Het OVU is een soort Initiatievenfonds voor ondernemers en voor maatschappelijk middenveldorganisaties. Hij vraagt of de heer Dijkstra niet ziet dat hij daar activiteiten in gaat perken. De heer Dijkstra (EenUtrecht) heeft ook aangegeven geen voorstander te zijn van het voorstel van de Partij voor de Dieren. Zijn fractie gaat de ondernemers helpen de ondernemers weten op dit moment geen raad meer met het geld. Het bedrag in het fonds is gegroeid van 4,9 naar 14,6 miljoen in 10 jaar tijd. Ze hebben nu al moeite om goede bestedingen te vinden. Hij zou zich als ondernemer achter de oren krabben; die blijft geld maar groeien, puur en alleen omdat oude afspraken gelden uit 2014.
Verslag openbare vergadering d.d. 22, 23 en 24 oktober 2024 inzake de programmabegroting 2025 van de commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën
760
770
780
790
800
De voorzitter merkt op dat een Ondernemersfonds eerder al is besproken bij zowel VOWE en bij Financiën. Hij vraagt de commissie hierover geen uitgebreid debat te voeren. De heer Koning (D66) stoort zich aan het gemak waarmee dit geld getrokken wordt, terwijl het om geld gaat dat opgebracht is door ondernemers zelf. Doordat het gemeentebestuur waarvan de raad onderdeel uitmaakt en waarvoor de raad verantwoordelijk en ervoor kiest om de OZB te verhogen, worden de ondernemers in staat gesteld om zelf meer van hun eigen geld uit te geven. Hij wil van de heer Dijkstra weten of hij het daarmee eens is in de kern van zaak. De heer Dijkstra (EenUtrecht) antwoordt bevestigend. In zijn beleving zitten D66 en EenUtrecht op dit punt heel dicht bij elkaar. Hij is ontzettend groot voorstander van dat Ondernemersfonds. Hij koestert dat. Het is een uniek project. Niet alle gemeenten hebben een dergelijk project. Maar de stijging van het kapitaal in dit fonds is niet meer te verkopen. Veel ondernemers zijn die mening ook toegedaan. Hij adviseert D66 daar naar te vragen. Hij stelt voor gezamenlijk te zoeken naar een oplossing die recht doet aan alle verhoudingen binnen de stad. Hij vervolgt zijn inbreng in zijn termijn met te vragen welke partijen dit met zijn fractie willen oppakken. Hij vraagt de wethouder op zij dit initiatief op onderdelen kan steunen of in zijn geheel.
Ten tweede gaat hij in op de Participatieverordening. Elk kwartaal wordt die verordening een kwartaal naar achteren geschoven. Voor hem is de maat vol. Hij krijgt graag een toezegging van de wethouder dat die verordening in december bij de raad voorligt. Dit heeft gevolgen voor de positie van burgers. Ten derde gaat hij in op de Burgertevredenheid; hij vindt dit dun geformuleerd in de programmabegroting. Hij citeert “ het percentage Utrechters dat vindt dat de gemeente eerlijk en open is in zijn haar contact met inwoners”- dat heeft een nulmeting van 70%, realisatie 70% doelstelling 28%. Hij schaamt zich daarvoor. Hij stelt een amendement in het vooruitzicht waarin zijn fractie een aantal van dit soort tools scherper zal stellen. Hij vraagt of het college hierop positief adviseren; dat dit soort doelstellingen en tandje scherper moeten. Ten vierde gaat hij in op Veiligheid en de inzet van camera's. Maximaal 91 - hij noemt dat een academisch maximum. Hij benadrukt dat wanneer een aantal camera's extra worden neergehangen de stad veiliger wordt. Hij blijft het onbegrijpelijk vinden dat het gemeentebestuur academisch vasthoudt aan een getal. Hij daagt de burgemeester uit; stel er zouden 120 of 140 nodig zijn, en zou dat dat mogelijk is in theorie, vraagt hij naar hoeveel geld 50 extra camera's kosten. De heer Bosch (UtrechtNu) merkt op dat dit al jaren een punt is.
Hij verwacht dat de burgemeester hier anders over denkt. Hij vraagt de heer Dijkstra of hij het met hem eens is dat de politiek is die het [maximale aantal] bepaald en dat die 91 camera’s sinds de uitbreiding van Leidsche Rijn voordien al 91 waren en dat 91 dus een in zijn ogen belachelijk getal is. De heer Dijkstra (EenUtrecht) is het daarmee hartgrondig eens. Hij had verwacht dat de VVD of het CDA daarmee zouden komen. Hij vindt dat dit een minimaal één keer per jaar genoemd moet worden; dat het belachelijk is en dat het de stad onveiliger maakt dan nodig. De heer Bosch (UtrechtNu) werd gecorrigeerd, namelijk dat het aantal wel is uitgebreid. Dan zijn er een keer 8 bijgekomen. [Hij maakt een fictief sprongetje in de lucht onder het slaken van een kreetje van blijdschap. En daarmee geeft hij in de
Verslag openbare vergadering d.d. 22, 23 en 24 oktober 2024 inzake de programmabegroting 2025 van de commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën
810
beleving van de notulist aan dat de aanwas te verwaarlozen is in verhouding tot de ervaren behoefte]. De heer Dijkstra (EenUtrecht) zet zijn inbreng voort met in te gaan op de hervormingsbezuiniging. Hij vertaalt dit als een bezuiniging op het aantal ambtenaren. Hij merkt op dat er geld gereserveerd wordt voor de hervormingsbezuiniging voor onderzoek en voorinvestering op de processen, maar niet op de reservering in het versterken van gemeenschaporganisaties. Hij vindt dat wel belangrijk. Want een overheid die wil dat de Gemeenschap een deel van zijn taken overneemt, moet startgeld opzij zetten om dat mogelijk te maken. Het is niet mogelijk eerst geld te bezuinigen op de inzet van het aantal ambtenaren om daarna bij vrijwilligers na te gaan of ze taken willen overnemen. Hij zegt dit in zijn woorden “zwart-wit en gechargeerd”. Wat hem betreft werkt dit alleen andersom; eerst moet worden nagegaan met welke startinvestering de gemeente Gemeenschaporganisaties kan verleiden om zaken over te pakken en als dat lukt kan de gemeente toe naar een kleinere overheid. Dat is de volgorde. Het is een startinvestering die zich op termijn terugverdient. Hij vraagt de wethouder waarom op geen enkele manier een reservering is opgenomen voor een dergelijke versterkte gemeenschaporganisatie. Zonder een dergelijke reservering is de voorgenomen bezuiniging niet te realiseren.