CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Vaststellingsrapport Lombokplein.docx

Commissie Ruimtelijke Ordening en Grondzaken (2022-2026) 8 december 2022, gemeente UtrechtBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling bestemmingsplan Lombokplein, Lombok15.246 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

Vaststellingsrapport

Bestemmingsplan Lombokplein

Oktober 2022

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

Inhoud vaststellingsrapport 1

INLEIDING ...........................................................................................................................................3 1.1 BESTEMMINGSPLAN LOMBOKPLEIN ..............................................................................................................3 1.2 DE OPBOUW VAN HET VASTSTELLINGSRAPPORT ...............................................................................................3 1.3 DE VASTSTELLINGSPROCEDURE ....................................................................................................................3 1.3.1 Termijn voor het indienen van zienswijzen ...................................................................................3 1.3.2 Zienswijzen over het bestemmingsplan ........................................................................................3 1.3.3 Wijze van beoordeling van zienswijzen.........................................................................................3 1.3.4 Procedure voor de vaststelling......................................................................................................4 1.3.5 Belangrijkste wettelijke bepalingen..............................................................................................4

2

SAMENVATTING..................................................................................................................................5 2.1 PROCEDUREEL ..........................................................................................................................................5 2.2 INHOUD VAN DE ZIENSWIJZEN ......................................................................................................................5 2.3 WIJZIGINGEN TEN OPZICHTE VAN HET ONTWERP .............................................................................................5 2.3.1 Wijziging van de juridische regeling naar aanleiding van zienswijzen .........................................5 2.3.2 Ambtshalve wijziging van de juridische regeling ..........................................................................6 2.3.3 Wijziging van de onderbouwing naar aanleiding van zienswijzen ...............................................6 2.3.4 Ambtshalve wijziging van de onderbouwing ................................................................................6

3

BEOORDELING VAN DE ZIENSWIJZEN ..................................................................................................8 ZIENSWIJZE 1......................................................................................................................................................8 ZIENSWIJZE 2....................................................................................................................................................10 ZIENSWIJZE 3....................................................................................................................................................10 ZIENSWIJZE 4....................................................................................................................................................11 ZIENSWIJZE 5....................................................................................................................................................11 ZIENSWIJZE 6....................................................................................................................................................12 ZIENSWIJZE 7....................................................................................................................................................13 ZIENSWIJZE

8....................................................................................................................................................13 ZIENSWIJZE 9....................................................................................................................................................13 ZIENSWIJZE 10..................................................................................................................................................16 ZIENSWIJZE 11..................................................................................................................................................16 ZIENSWIJZE 12..................................................................................................................................................19 ZIENSWIJZE 13..................................................................................................................................................21 ZIENSWIJZE 14..................................................................................................................................................22 ZIENSWIJZE 15..................................................................................................................................................23 ZIENSWIJZE

16..................................................................................................................................................23 ZIENSWIJZE 17..................................................................................................................................................24 ZIENSWIJZE 18..................................................................................................................................................28 ZIENSWIJZE 19..................................................................................................................................................32

2

Datum Rapport

Oktober 2022 Vaststellingsrapport

1 Inleiding 1.1 Bestemmingsplan Lombokplein

Het plangebied ligt aan de noordwestkant van het Stationsgebied van Utrecht. Het plangebied is begrensd door de wijk Lombok in het noorden, de treinsporen en Smakkelaarsveld aan de oostkant, het Stationsgebied met het Jaarbeursplein aan de zuidkant en aan de westkant het Merwedekanaal. Het doel van het bestemmingsplan is de herstructurering en herinrichting van de Graadt van Roggenweg en het Westplein, het doortrekken van de Leidse Rijn, de aanleg van 3 nieuwe bruggen en het toevoegen van 3 nieuwe bouwblokken voor onder meer maximaal 400 woningen en gemengde functies.

1.2 De opbouw van het vaststellingsrapport

In hoofdstuk 2 wordt een samenvatting gegeven van de inhoud van dit rapport. Wijzigingen die naar aanleiding van zienswijzen of ambtshalve gemaakt zijn in paragraaf 2.3 opgesomd. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen de juridische regeling, die is vastgelegd in de regels met de bijbehorende verbeelding, en de onderbouwing van de juridische regeling, die in de toelichting bij het bestemmingsplan en de bijlagen daarbij wordt gegeven. Dat onderscheid is nodig, omdat belanghebbenden die geen zienswijze hebben ingediend beroep mogen instellen tegen wijzigingen van de juridische regeling. Tegen een wijziging van de onderbouwing kan in beginsel geen beroep ingesteld worden. Het verbeteren van kennelijke fouten, van de redactie of van interpunctie wordt niet vermeld. In hoofdstuk 3 worden de zienswijzen behandeld. De zienswijzen zijn samengevat en per onderwerp van een reactie voorzien. De behandeling van elke zienswijze eindigt met een conclusie waarin wordt aangegeven of naar aanleiding van de zienswijze het ontwerpbestemmingsplan gewijzigd wordt of niet. In het geval van een wijziging verwijst de conclusie naar de paragraaf in hoofdstuk 2 waarin de wijziging is weergegeven.

1.3 De vaststellingsprocedure 1.3.1 Termijn voor het indienen van zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan heeft van vrijdag 18 maart tot en met donderdag 28 april 2022 ter inzage gelegen. Gedurende deze termijn konden zienswijzen over het ontwerp aangeboden worden aan de gemeenteraad. 1.3.2 Zienswijzen over het bestemmingsplan Er zijn 20 zienswijzen ingediend. Van deze 20 zienswijzen zijn er 2 zienswijzen formeel buiten de termijn ontvangen (zie ook de paragrafen 1.3.1 en 1.3.5). Zienswijze 19 diende wel binnen de termijn een zienswijze per email in. In de publicatietekst is aangegeven dat zienswijzen alleen per post, digitaal via DigiD of mondeling ingediend kunnen worden. Omdat zienswijze 19 per email binnen de termijn is ingediend en binnen een redelijke termijn alsnog via de juiste, formele manier is ingediend, is deze in behandeling genomen. Zienswijze 20 is per email na de termijn ingediend, evenals de brief die daarna is gestuurd. Omdat deze geheel buiten de termijn is ontvangen, is deze zienswijze niet ontvankelijk en wordt niet inhoudelijk van een reactie voorzien. 1.3.3 Wijze van beoordeling van zienswijzen Een zienswijze bevat de mening van een indiener. De meningen in een zienswijze of de zienswijze zelf zijn nooit goed, fout, gegrond of ongegrond. Elke zienswijze wordt zorgvuldig bestudeerd, om

3/33

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

te bezien of het ontwerpbestemmingsplan aangepast moet worden. Als een zienswijze vragen bevat, worden die in dit vaststellingsrapport zo mogelijk beantwoord. In dit rapport worden alleen de samenvattingen van zienswijzen opgenomen. In verband met de privacy van indieners worden de zienswijzen niet openbaar gemaakt. Burgemeester en wethouders en de gemeenteraad krijgen wel van alle zienswijzen een kopie toegestuurd, zodat zij de volledige zienswijze kunnen lezen en bijvoorbeeld kunnen nagaan waar de indiener woont. Als een zienswijze niet aan de wettelijke eisen voldoet, wordt de indiener, als haar of zijn adres bekend is, in de gelegenheid gesteld om daar alsnog voor te zorgen. Bij een te laat ingediende zienswijze wordt alleen aan de wettelijke eis voldaan, als de indiener kan aantonen dat het op tijd indienen redelijkerwijs niet mogelijk was. Zienswijzen die uiteindelijk nog steeds niet aan de wettelijke eisen voldoen worden buiten behandeling gelaten. De zienswijze wordt wel doorgestuurd naar de gemeenteraad, zodat de raad kennis kan nemen van de zienswijze. 1.3.4 Procedure voor de vaststelling Het college van burgemeester en wethouders bereidt de vaststelling van het bestemmingsplan voor. De voorbereiding bestaat uit de beoordeling of het ontwerpbestemmingsplan nog aangepast moet worden, bijvoorbeeld naar aanleiding van de zienswijzen.

Vervolgens stelt het college de gemeenteraad voor het bestemmingsplan, zo nodig met wijzigingen ten opzichte van het ontwerp, vast te stellen. De gemeenteraad kan de indieners van zienswijzen in de gelegenheid stellen om hun zienswijze tijdens een raadsinformatiebijeenkomst toe te lichten. Op zo’n bijeenkomst kunnen de raadsleden vragen stellen aan indieners en ook aan ambtenaren die bij de vaststellingsprocedure van het bestemmingsplan betrokken zijn. Voordat de voltallige gemeenteraad het bestemmingsplan vaststelt, wordt het voorstel van het college besproken in de commissie Ruimtelijke Ontwikkeling, Grondzaken en Vastgoed. In de commissie vindt een politieke discussie plaats. De verantwoordelijke wethouder is daarbij aanwezig en wordt in de gelegenheid gesteld te reageren op de mening van de leden van de commissie. De commissie bepaalt of een nadere bespreking in de gemeenteraad nog nodig is of dat het bestemmingsplan als hamerstuk geagendeerd kan worden. De gemeenteraad stelt het bestemmingsplan vervolgens, al dan niet als hamerstuk, vast. 1.3.5 Belangrijkste wettelijke bepalingen De vaststellingsprocedure is beschreven in artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening. Dat artikel verwijst weer naar Afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht, de zogenaamde uniforme, openbare voorbereidingsprocedure.

Op grond van artikel 3:16 van de Algemene wet bestuursrecht moeten zienswijzen binnen de daarvoor gestelde termijn van zes weken worden ingediend. Op grond van artikel 6:9, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, is bij verzending per post een zienswijze op tijd ingediend, als hij voor het einde van de termijn per post is bezorgd en de zienswijze niet later dan een week na afloop van de termijn is ontvangen.

4

Datum Rapport

Oktober 2022 Vaststellingsrapport

2 Samenvatting 2.1 Procedureel

Zienswijzen 1 tot en met 18 zijn binnen de termijn ingediend. Zienswijze 19 is via een email binnen de termijn ingediend, maar via de juiste, formele weg buiten de termijn. De indiener is in de gelegenheid gesteld om alsnog binnen een redelijke termijn de zienswijze op de juiste manier in te dienen. Hieraan is alsnog voldaan. De indiener heeft alsnog een brief gestuurd. Zienswijze 20 is per email en brief buiten de termijn ontvangen. Deze indiener heeft niet binnen de termijn gereageerd en wordt niet inhoudelijk beoordeeld. Hiermee worden van de in totaal 20 zienswijzen er 19 in behandeling genomen. In dit document is een samenvatting van alle ingediende zienswijzen over het ontwerpbestemmingsplan Lombokplein, Lombok opgenomen. Op grond van de Wet open overheid (Woo) kennen wij aan het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer (artikel 3.1 in samenhang met artikel 5.1 Woo) een groter belang toe dan het belang van openbaarmaking van deze (herleidbare) persoonsgegevens. Daarom is een zakelijke en niet tot personen te herleiden samenvatting van alle ingediende zienswijzen, met de beantwoording daarvan, opgenomen in: het vaststellingsrapport oktober 2022, bij het raadsvoorstel tot vaststelling van het bestemmingsplan Lombokplein, Lombok.

2.2 Inhoud van de zienswijzen

De zienswijzen gaan vooral over verkeer. Het gaat dan bijvoorbeeld over de doorstroming, de verschillende verkeersstromen, het wegprofiel of de snelheid van 30km per uur of 50 km per uur. Ook gaat het over het openbaar vervoer, met name de bussen en bushaltes. Wat verder aan de orde komt is de gelijkvloerse of ongelijkvloerse kruising met de HOV baan nabij het Park Plaza Hotel. Tot slot komt het gebied als geheel ook in beeld met betrekking tot het groen en water.

2.3 Wijzigingen ten opzichte van het ontwerp

Hieronder worden eerst wijzigingen van de juridische regeling, dat wil zeggen wijzigingen in de regels of wijzigingen van de verbeelding, opgesomd. Vervolgens worden de wijzigingen in de toelichting en de bijlagen daarbij weergegeven. 2.3.1

Wijziging van de juridische regeling naar aanleiding van zienswijzen

2.3.1.1 Aanpassing artikel 6, lid 1 In artikel 6, lid 1, wordt onder 1 het woord ‘één’ toegevoegd bij een hotel met maximaal 336 kamers. 2.3.1.2 Aanpassing artikel 6, lid 1 In artikel 6, lid 1 wordt onder 3 het totaal maximum van 1.500m2 bvo voor congres- en vergaderfaciliteiten opgehoogd naar 2.500m2 bvo. 2.3.1.3 Aanpassing artikel 15 In artikel 15 (bestemming Wonen) is een voorwaardelijke verplichting toegevoegd over spoortrillingen van trams. Dit volgt uit de instructieregel van de provincie dat in paragraaf 2.2.1 van de toelichting is gemotiveerd.

5/33

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

2.3.1.4 Aanpassing aanduiding ‘specifieke vorm van horeca – horecaterras’ op de verbeelding De aanduiding ‘specifieke vorm van horeca – horecaterras’ wordt vergroot van 100m2 naar 150m2. 2.3.1.5 Toevoegen aanduiding ‘muur’ op de verbeelding De bestaande buitengevel bij het NH Hotel valt buiten de bestemming Horeca. Deze nemen we op als aanduiding in de bestemming Verkeer-Verblijfsgebied. 2.3.2

Ambtshalve wijziging van de juridische regeling

2.3.2.1 Aanpassing bestemming Tuin en Groen op de verbeelding Voor de plaatsing van een hekwerk bij het Leidseblok verkleinen we de bestemming Tuin en vergroten we de bestemming Groen om het hekwerk toe te staan. 2.3.2.2 Aanpassing artikel 5.2.2 (Groen) Voor de plaatsing van een hekwerk bij het Leidseblok in de bestemming Groen passen we de hoogte aan van 2 meter naar 3 meter hoogte. 2.3.3

Wijziging van de onderbouwing naar aanleiding van zienswijzen

2.3.3.1 Aanpassing paragraaf 5.4 van de toelichting In paragraaf 5.4 is een aanvulling gedaan voor de omgevingsvergunning van 2021 van het spooremplacement. 2.3.4

Ambtshalve wijziging van de onderbouwing

2.3.4.1 Aanpassing paragraaf 2.2.1 van de toelichting In paragraaf 2.2.1, wordt de tekst van het onderwerp ‘Lokaal spoor (tram)’ aangevuld voor het besluit van de ontheffing van de instructieregel beperkingengebied lokale spoorwegen. 2.3.4.2 Toevoeging van het besluit in bijlage 18 Het besluit van de ontheffing van provincie, zie ook de aanpassing in paragraaf 2.2.1, over de instructieregel lokale spoorweg is toegevoegd. 2.3.4.3 Aanpassing paragraaf 2.2.3 van de toelichting In paragraaf 2.2.3 over de ontsluiting van Park Plaza Hotel, De Stek en Smakkelaarspark is een verdere onderbouwing gemaakt voor de ongelijkvloerse varianten. 2.3.4.4 Aanpassing paragraaf 2.3.1 van de toelichting Paragraaf 2.3.1 over het coalitieakkoord van de gemeente is geactualiseerd. 2.3.4.5 Aanpassing paragraaf 2.3.2.2.3 van de toelichting Paragraaf 2.3.2.2.3 over Natuur is geactualiseerd over het groen van de Van Sijpesteijntunnel en de Daalsetunnel. 2.3.4.6 Aanpassing paragraaf 2.3.2.2.9 van de toelichting Paragraaf 2.3.2.2.9 over energie en de warmtevoorziening is aangevuld en geactualiseerd voor het bodemenergieplan en warmteplan van het Beursgebied. 2.3.4.7 Aanpassing paragraaf 4.2.1 van de toelichting Paragraaf 4.2.1 voor verkeer is aangevuld met een toelichting op een aparte vergunningaanvraag voor het verbreden van het water in de Van Sijpesteijntunnel.

2.3.4.8 Aanpassing paragraaf 4.2.1 van de toelichting Paragraaf 4.2.1 voor verkeer is aangepast op basis van de verdere uitwerking van het ontwerp voor de Van Sijpesteijntunnel. Het fietspad verbreden we van 4,5 naar 5 meter breed.

6

Datum Rapport

Oktober 2022 Vaststellingsrapport

2.3.4.9 Aanpassing paragraaf 5.10 van de toelichting Paragraaf 5.10 over bodem is geactualiseerd door een aanvullend bodemonderzoek en voor de ondergrond over het warmteplan van het Beursgebied. 2.3.4.10 Toevoeging van het onderzoek in bijlage 16 Het nader bodemonderzoek, zie ook de aanpassing van paragraaf 5.10 over bodem, is toegevoegd. 2.3.4.11 Aanpassing paragraaf 5.11 van de toelichting Paragraaf 5.11 over stikstof is geactualiseerd door een geactualiseerd onderzoek. 2.3.4.12 Toevoeging van het onderzoek in bijlage 20 Het geactualiseerde stikstofonderzoek toegevoegd. 2.3.4.13 Aanpassing paragraaf 5.12 van de toelichting Paragraaf 5.12 over bomen is geactualiseerd. 2.3.4.14 Aanpassing bijlage 11 van de toelichting Bijlage 11 over de bomeninventarisatie is geactualiseerd 2.3.4.15 Aanpassing paragraaf 5.14 van de toelichting Paragraaf 5.14 over archeologie is geactualiseerd door een aanvullend booronderzoek. 2.3.4.16 Toevoeging van een archeologisch onderzoek in bijlage 4 Het aanvullend booronderzoek voor archeologie is toegevoegd. 2.3.4.17 Aanpassing paragraaf 6.1 van de toelichting In paragraaf 6.1 over de economische uitvoerbaarheid is de tekst geactualiseerd.

7/33

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

3 Beoordeling van de zienswijzen Zienswijze 1 1. Welke mogelijkheden zijn er om samen met provincie Utrecht de trambaan te vergroenen door middel van gras in plaats van ballast.

Reactie Vergroening van de trambaan is besproken met de provincie, als beheerder van de trambaan. Er zijn op dit moment geen mogelijkheden om deze te vergroenen. De trambaan, inclusief de onderliggende grondbanen, is nog niet zo lang geleden opnieuw aangebracht. Op dit moment staat er geen grootschalig onderhoud of aanpassingen naar groen gepland en is er ook geen budget beschikbaar om een dergelijke groene inrichting mogelijk te maken vooruitlopend op eventueel beheer en onderhoud in de toekomst. Het bestemmingsplan laat overigens een vergroening wel toe. Daarmee is het niet uitgesloten dat er een vergroening kan komen. 2. Wordt er rekening gehouden met het project herinrichting Den Hommel en Welgelegen in 2024? Zo ja, op welke manier?

Reactie De werkzaamheden van de herinrichting Den Hommel en Welgelegen maken geen onderdeel uit van het bestemmingsplan. De start van de werkzaamheden aan het Lombokplein staat gepland vanaf 2024. Bij de voorbereiding van de werkzaamheden worden deze afgestemd met andere werkzaamheden in de stad. De werkzaamheden voor de realisatie van de nieuwe inrichting van het Lombokplein worden aanbesteed. Eén van de vragen die we voorleggen aan de aannemer is om met een voorstel voor de fasering te komen. We geven de aannemer een aantal uitgangspunten mee waaraan de fasering moet voldoen. Daarbij hoort ook afstemming met andere werkzaamheden in de stad. Op het moment dat de werkzaamheden voor het Lombokplein concreet worden en de planning en fasering bekend zijn, wordt bekeken in hoeverre de werkzaamheden aan Den Hommel en Welgelegen nog spelen en afstemming nodig is. 3. Welke mogelijkheden zijn er om de snelheid over het gehele traject 30km/u te maken en de knip van 50km/u en 30km/u bij het 24 oktoberplein te leggen in plaats van ter hoogte van de Koningsbergerstraat?

Reactie Met de huidige inzichten zijn er geen mogelijkheden om het gehele traject 30 km/u te maken. In de (landelijke) ontwerprichtlijnen dient uit de inrichting al duidelijk naar voren te komen welk snelheidsregime verwacht wordt. Het terugbrengen van het aantal rijstroken van 2 naar 1 per richting blijkt niet haalbaar uit de onderzoeken en simulaties. Er ontstaan dan lange files en de bus kan dan niet goed doorstromen. Er moet rekening gehouden worden met de toekomstige verkeersstroom naar de kantoren langs de Graadt van Roggenweg, de ontsluiting van het Beurskwartier voor deelauto’s en de woonbuurt rond de Koningsbergerstraat. Tussen het 24 oktoberplein en de Overste den Oudenlaan is het daarom niet mogelijk om naar 30 km/u te gaan. Daarnaast is in het Mobiliteitsplan 2040, vastgesteld in juli 2021, opgenomen dat de Weg der Verenigde Naties en 24 Oktoberplein, minimaal tot aan de Overste de Oudenlaan onderdeel zijn van de stedelijke verbindingswegen, waar 50 km/u in stand blijft. Dit gedeelte vormt naast de ontsluiting van aanliggende buurten en de Binnenstad, ook de ontsluiting van het Stationsgebied 8

Datum Rapport

Oktober 2022 Vaststellingsrapport

aan de westkant van het spoor, de Jaarbeurs en een wijk als Dichterswijk, via de Overste den Oudenlaan en de Van Zijstweg. Bij het Programma van Eisen en Functioneel Ontwerp Lombokplein diende de raad in 2021 een motie in met als titel: 30 km/u en minder asfalt in de Daalsetunnel. De uitwerking van deze motie voor het deel vanaf de Sowetobrug tot aan de Koningsbergerstraat volgt op een later moment, mede in afwachting van ontwikkelingen op het gebied van de landelijke invoering van 30 km/u binnen de bebouwde kom. Waar het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat op dit moment (mede op verzoek van de G4) onderzoek doet naar passende inrichtingskenmerken en aanpassing van weten regelgeving. Effecten op de doorstroming van het openbaar vervoer is mede een belangrijk aandachtspunt. De uitwerking van de motie voor het tracédeel van de Daalsetunnel is begin juli 2022 naar de raad gestuurd, zie de raadsbrief1. Hierover volgt later (eind 2022/begin 2023) besluitvorming in de raad. 4. Welke mogelijkheden zijn er om het gehele traject 2x1 wegprofiel uit te voeren in plaats van 2x2?

Reactie

Zie de reactie op voorgaand punt 3. 5. Wanneer er geen treinen rijden worden er bussen ingezet, waar is de opstapplaats hiervoor?

Reactie In de huidige situatie is de in-/uitstaphalte voor treinvervangend busvervoer op het Jaarbeursplein, buiten het plangebied van het bestemmingsplan Lombokplein. Momenteel loopt er een onderzoek met de provincie, NS en busbedrijven naar een nieuwe locatie als de halte op het Jaarbeursplein komt te vervallen als gevolg van de bouw van het Jaarbeurspleingebouw. Dit maakt geen onderdeel uit van het bestemmingsplan Lombokplein. Dit komt aan de orde bij het project voor het Jaarbeurspleingebouw. 6. Is een standplaats van 15 meter genoeg voor het aantal touring/flixbussen die daar halteren?

Reactie De standplaats is alleen bedoeld voor touringcars voor gasten van het NH-hotel en biedt daarvoor voldoende ruimte. In het plan is geen ruimte gereserveerd voor internationaal busvervoer, zoals de Flixbus. In het Mobiliteitsplan van 2040 zien we voor internationaal lijnvervoer Leidsche Rijn Centrum als een goede opstaplocatie. Dit ligt dichtbij de snelweg en bij een treinstation. 7. Is er genoeg plaats voor trams en bussen om te kunnen halteren aan de Jaarbeurszijde bij de halte die nu gepland is?

Reactie Er is in het ontwerp van de halte rekening gehouden met een tram van 75 meter en een bus ter hoogte van de halte Jaarbeursplein. Als meer bussen zich melden kan door middel van de verkeerslichten gezorgd worden dat deze nog niet op kunnen rijden naar de halte Jaarbeursplein.

1 https://utrecht.bestuurlijkeinformatie.nl/Reports/Item/a7c5707f-cc43-414f-aea5-

608849bdd1ea

9/33

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

De bussen halteren overigens niet bij de halte Jaarbeursplein, die passeren alleen de halte en hebben hun halte op het busstation onder de OV-terminal. Conclusie De gronden van de zienswijze geven geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan.

Zienswijze 2 1. Auto’s richting Lombokplein vanaf de Graadt van Roggenweg moeten vaak lang wachten op kruisende trams, waardoor files ontstaan. Als deze rijrichting naar de andere kant van het tramstation wordt verlegd en pas na het station linksaf de tram kruist, zijn er veel minder kruisende trams. Dit betekent minder wachten, minder files en minder uitlaatgassen.

Reactie In de praktijk is dit niet mogelijk. Aan de zuidkant van de tramhalte Jaarbeursplein, op het gebied waar in de huidige situatie het busstation, taxistandplaats en skatepark ligt, is nog een ontwikkeling gepland, te weten het Jaarbeurspleingebouw. Daarnaast moet de route voor het autoverkeer dan ter hoogte van het WTC en de trappen naar het Forum een drukke fiets- en voetgangersroute kruisen, wat vanuit verkeersveiligheid niet wenselijk is. Daarnaast rijdt de tram sinds de zomer van 2022 door naar de andere kant van het station en het Utrecht Science Park. Dat betekent dat er ook op deze plek sprake is van de kruising van de trambaan met (evenveel) rijdende trams. Conclusie De gronden van de zienswijze geven geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan.

Zienswijze 3 1. Op de plankaart staat een bushalte op de tekening links van de Sowetobrug. Deze is al circa 2 jaar niet meer in gebruik. Waarom wordt deze halte niet verwijderd en vervangen door bijvoorbeeld groen?

Reactie Deze bushalte is tijdelijk niet in gebruik vanwege werkzaamheden in het Stationsgebied (zoals de bouw van de trappen naar het Forum naast het WTC gebouw). De bussen die daar halteren rijden tijdelijk via de Overste den Oudenlaan en de Van Zijstweg. Vanaf 22 juli 2022 zijn de bussen weer via de route over de Graadt van Roggenweg gaan rijden en halteren bij de halte bij de Sowetobrug. 2. De Internationale bushalte, gebruikt door onder andere de Flixbus, verdwijnt in het plan. Waar gaat deze naartoe verplaatst worden?

Reactie Het klopt dat er in het plan geen ruimte is gereserveerd voor internationaal busvervoer, zoals de Flixbus. In het Mobiliteitsplan van 2040 zien we voor internationaal lijnvervoer Leidsche Rijn Centrum als een goede opstaplocatie. Dit ligt dichtbij de snelweg en bij een treinstation. Conclusie De gronden van de zienswijze geven geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan.

10

Datum Rapport

Oktober 2022 Vaststellingsrapport

Zienswijze 4 1. Deze zienswijze bestaat uit verschillende punten die over hetzelfde onderwerp gaan. We noemen deze puntsgewijs: - De Damstraatbrug is een overbodige autobrug die ervoor zorgt dat je straks op een extra manier Lombok en de Kanaalstraat in kan rijden. - De Damstraatbrug betekent een kans op toename van verkeer voor Lombok-oost. - De Damstraatbrug betekent ernstige verstoring van rust en ervaring van het Lombokpark. - De Damstraatbrug betekent hinder voor fietsverkeer en voetgangers op de Kanaalstraat. - De Damstraatbrug betekent een chaotische entree van Lombok bij de kruising Kanaalstraat/Damstraat door het samenkomen van 3 verkeersstromen. - De Damstraatbrug betekent kans op files op beide zijden van de Kanaalstraat door opstoppingen vanwege samenkomen van teveel verkeersstromen. Graag deze brug cancellen voor auto’s en ombouwen naar voetganger en fietsersbrug. - Door de Damstraatbrug aan de kant van het Westplein autovrij te maken, ontstaat een voetgangersvriendelijk gebied, meer terras ruimte voor horeca, meer rust voor bewoners Damstraat, meer rust voor recreanten in Lombokpark langs de Leidse Rijn, een schitterende entree voor Lombok-Oost vanuit het autoluwe Westplein en een betere aansluiting op de autovrije gebieden die grenzen aan het Stationsgebied.

Reactie Ten opzichte van de huidige situatie zijn er geen wijzigingen aan het netwerk voor het autoverkeer en komt er geen extra aanrijdroute voor autoverkeer naar de wijk Lombok/Kanaalstraat. Dit betekent dat er geen extra autoverkeer van en naar de Kanaalstraat gaat via de Damstraat. In de huidige situatie kan vanaf de Graadt van Roggenweg/Westplein via de Damstraat de Kanaalstraat worden bereikt. Die verbinding blijft met het project Lombokplein in stand. De inrichting wordt wel anders dan nu. Omdat de Leidse Rijn wordt doorgetrokken naar de Binnenstad is een brug nodig om van de Graadt van Roggenweg in de Damstraat te kunnen komen, voor autoverkeer, fietsers en voetgangers. De Kanaalstraat blijft dus zoals in de huidige situatie bereikbaar via de Damstraat. 2. Het fietspad van Lombok naar de Binnenstad in verlengde van de Kanaalstraat wordt ter hoogte van het Park Plaza Hotel onderbroken door de autoweg naar de trambaan. Dit vertraagd fietsverkeer en zorgt voor levensgevaarlijke situaties voor fietsers. In een gebied waar de auto te gast is, graag langzaam verkeer voorrang geven en kruising liefst ongelijkvloers maken, waardoor fietsers en voetganger veilig door kunnen rijden.

Reactie De kruising tussen de fietsroute en het snelverkeer wordt met verkeerslichten geregeld. Het snelverkeer betreft enkel bussen van en naar de Vleutenseweg en bestemmingsverkeer van en naar Park Plaza Hotel, De Stek en de toekomstige woonbebouwing op het Smakkelaarsveld. Het gaat dus om weinig verkeersbewegingen, een ongelijkvloerse kruising is niet nodig. In een centrumgebied met veel verschillende verkeersstromen kan het zijn dat alle verkeersdeelnemers wel eens moeten wachten. Conclusie De gronden van de zienswijze geven geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan.

Zienswijze 5 1. Indiener vindt het erg fijn wat wordt gedaan aan de geasfalteerde omgeving. De oplossing vindt de indiener over het algemeen mooi, maar er zijn twee punten van zorg. De eerste is dat indiener de twee alternatieve routes naar het Park Plaza Hotel erg ongewenst vindt. In beide gevallen wordt het groen geen verblijfplek, maar eerder een stuk grasveld tussen de autobanen. Dat is op dit moment ook al aanwezig.

11/33

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

Reactie In paragraaf 2.2.3 van de toelichting van het bestemmingsplan staat een motivering voor een (on)gelijkvloerse kruising. Bij de conclusie staat dat de voorkeur van de gemeente naar een gelijkvloerse kruising uitgaat. Een alternatieve ontsluitingsroute via het Lombokpark leidt inderdaad niet tot de gewenste verblijfs- en gebruikskwaliteit. Wanneer er voor deze beoogde gelijkvloerse ontsluiting van Park Plaza, de Stek en de toekomstige woningen op het Smakkelaarsveld via de oversteek met de HOV-baan geen vergunning wordt verleend, zal een ongelijkvloerse kruising met de HOV-baan gerealiseerd moeten worden. Momenteel loopt de procedure voor de indienststellingsvergunning nog en in dit stadium is er nog geen zicht op de uitkomst van deze vergunningprocedure. 2. Ten tweede is er veel parkeerplek rond het Park Plaza hotel. Het lijkt indiener een prima oplossing om de bezoekers van het hotel te laten parkeren in een van de bestaande parkeergarages die in het Stationsgebied liggen. Het weghalen van de parkeermogelijkheden rond het hotel zal ook de gelijkvloerse oversteek veiliger maken omdat het verkeer naar het hotel een stuk lager zal liggen.

Reactie De parkeerplaatsen bij het Park Plaza Hotel zijn niet enkel voor gasten. Er is ook sprake van bevoorradend (vracht)verkeer voor het Park Plaza Hotel. Daarnaast is er ook sprake van auto- en bevoorradend (vracht)verkeer naar de toekomstige woningbouw op het Smakkelaarsveld aan de oostkant van het spoor. Dit autoverkeer moet ook via deze kruising rijden. Dus ook zonder parkeerplaatsen bij het Park Plaza Hotel is er nog sprake van andere verkeersstromen die van deze kruising gebruik maken. Het weghalen van de parkeerplaatsen leidt niet per definitie tot een veiliger gelijkvloerse oversteek. Conclusie De gronden van de zienswijze geven geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan.

Zienswijze 6 1. Tussen Utrecht CS en halte Hasebroekstraat (Vleutenseweg) is ooit een bushalte verdwenen. Die wil indiener graag terugzien. Volgens de indiener is de norm dat er 400 meter tussen de bushaltes zit en hier is dat veel meer.

Reactie Er is geen sprake van een norm van 400 meter tussen (bus)haltes. De 400 meter gaat over de loopafstand van of naar de dichtstbijzijnde halte vanaf bijvoorbeeld een woning. Dit is ook geen norm of eis, maar is meer een richtlijn, die bovendien niet geldt voor Hoogwaardig OV-routes. Een bushalte tussen de Hasebroekstraat en Utrecht CS hoeft niet terug te komen vanwege de nabijheid van Utrecht Centraal. De provincie Utrecht geeft aan dat om die reden geen extra stop is voorzien voor bussen tussen de Hasebroekstraat en het Centraal station. Het bestemmingsplan maakt overigens geen bushaltes specifiek mogelijk. Het bestemmingsplan zorgt ervoor dat als besloten wordt dat er ergens een halte komt, dit mogelijk is (binnen de bestemming Verkeer). Het besluit om een halte wel of niet aan te leggen nemen we niet met het bestemmingsplan. Conclusie De gronden van de zienswijze geven geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan.

12

Datum Rapport

Oktober 2022 Vaststellingsrapport

Zienswijze 7 1. Indiener vindt het groen, de biodiversiteit en het schoonhouden belangrijk. Indiener wil graag zoveel mogelijk groen, natuurvriendelijke oevers, zuinig met wandel- en fietspaden door drukte op groen, schoonhouden van de paden van zwerfafval, meer biodiversiteit en groen voor vogels.

Reactie Deze reactie sluit goed aan bij het Programma van Eisen Lombokplein en het bestemmingsplan waarin is voorzien in zoveel mogelijk groen, rekening houdend met de andere belangen die spelen in een hoogstedelijke ontwikkeling als Lombokplein. Bij de planvorming voor de openbare ruimte wordt het principe “Groen tenzij” gehanteerd. Dat wil zeggen dat de openbare ruimte groen wordt ingericht, tenzij verharding (voor bijvoorbeeld wandel- en fietspaden) echt nodig is. Het groen bestaat grofweg uit natuurvriendelijke oevers langs de noordoever van de Leidse Rijn, behoud van de parkstrook aan de noordzijde van de Leidse Rijn en Lombokpark. Lombokplein wordt daarbij zoveel mogelijk natuurinclusief, waarbij samen met de stadsecoloog wordt gekeken naar de juiste invulling om oevers, bruggen, bebouwing en het groen ecologisch functioneel te maken voor een aantal doelsoorten, waaronder vogels als de huismus. In de uitwerking worden de uitgangspunten per doelsoort meegenomen, waaronder voldoende dekking en rustige zones. Het schoonhouden van de paden van zwerfafval is geen onderdeel van een bestemmingsplan. Een bestemmingsplan stelt hier geen regels voor. Met de aannemer worden te zijner tijd afspraken gemaakt om gedurende de bouw het gebied te onderhouden en schoon te houden.

Na oplevering en overdracht van het gebied aan gemeente, neemt de gemeente de zorg voor deze taken weer op zich. Conclusie De gronden van de zienswijze geven geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan.

Zienswijze 8 1. Indiener mist een bushalte in het plan. De huidige bushalte op het Moskeeplein komt niet terug in het plan. Er zijn geen bushaltes opgenomen tussen de halte Hasebroekstraat en het Centraal Station, een afstand van ruim 1 kilometer. Zou het niet goed zijn om een bushalte halverwege Utrecht CS en de halte Hasebroekstraat te realiseren?

Reactie De halte Moskeeplein hoeft niet terug te komen vanwege de nabijheid van Utrecht Centraal. De provincie Utrecht geeft aan dat om die reden geen extra stop is voorzien voor bussen tussen de Hasebroekstraat en het Centraal station. Het bestemmingsplan maakt overigens geen bushaltes specifiek mogelijk. Het bestemmingsplan zorgt ervoor dat als besloten wordt dat er ergens een halte komt, dit mogelijk is (binnen de bestemming Verkeer). Het besluit om een halte wel of niet aan te leggen nemen we niet met het bestemmingsplan. Conclusie De gronden van de zienswijze geven geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan.

Zienswijze 9 1. Indiener is verbijsterd over een ongelijkvloerse kruising bij de oversteek van de HOV. De oplossing moet zijn: of er komen eenvoudige veiligheidsmaatregelen of het gebied wordt minder

13/33

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

toegankelijkheid gemaakt voor auto’s. Het Lombokpark mag niet opgeofferd worden aan een ongelijkvloerse kruising. Indiener pleit ook voor een gelijkvloerse kruising bij de Kanonstraat.

Reactie Ongelijkvloerse kruising met de HOV baan Zie voor de beantwoording zienswijze 5, punt 1. Ongelijkvloerse kruising voor de fietsers bij de Kanonstraat De gemeenteraad heeft met het vaststellen van het Programma van Eisen en Functioneel Ontwerp Lombokplein in 2021 gekozen voor een ongelijkvloerse kruising voor de fietsers bij de Kanonstraat. Deze onderdoorgang wordt mogelijk gemaakt in het bestemmingsplan. 2. Indiener mist aanvullende maatregelen voor de 30km zone naast de bekende voornemens. Er komt geen 30km zone vanaf het Merwedekanaal tot en met AMS, Weerdsingel en verder. Geen knips of afslagbeperkingen op de WSB en bij het Paardenveld. Geen verbetering van de verbinding A2 – Noordwest Utrecht. Verder geen woord over verbouwen, vergroenen en verblauwen van de Daalsetunnel en het verbeteren van de aansluiting met en kwaliteit van het Daalsepark, de Weerdsingel en de rest van de stad.

Reactie Zie voor de beantwoording van de 30km zone zienswijze 1, punt 3. Ten aanzien van knips of afslagbeperkingen is het uitgangspunt voor Lombokplein de resultaten van de Verkeersstudie Noordwest, die zijn vastgesteld in het Mobiliteitsplan 2040. In paragraaf 4.2.1. van de toelichting van het bestemmingsplan staat onder het kopje ‘Uitkomsten’ hoe naar de verkeersbewegingen is gekeken. Ten aanzien van de aanpak Daalsetunnel wordt conform het Programma van Eisen en Functioneel Ontwerp Lombokplein de Daalsetunnel heringericht naar 2x2 rijbanen. Hoeveel groen precies kan worden gerealiseerd in de Daalsetunnel, in welke vorm, of bomen mogelijk zijn en welke aanpassingen aan de tunnelconstructie nodig zijn is nog nader uit te werken. Dat geldt ook voor de mogelijkheden voor vergroening binnen de huidige keerwanden buiten de tunnel. Eventuele aanpassing van de keermuren bij het spoorviaduct moet worden afgestemd met ProRail, de eigenaar en beheerder van de tunnel. Het bestemmingsplan maakt het in de regels mogelijk dat er groen en blauw kan komen in de Daalsetunnel. Voor wat betreft de aansluiting met het Daalsepark is begin juli 2022 de raad geïnformeerd (zie hiervoor zienswijze 1, punt 3) over het concept startdocument Kop Amsterdamsestraatweg en Oude Daalstraat en de uitwerking van de motie 30 km en minder asfalt in de Daalsetunnel.

Besluitvorming over deze documenten vindt later plaats, naar verwachting eind 2022/begin 2023. Het Daalsepark ligt overigens niet binnen de plangrens van dit bestemmingsplan. 3. Wat betreft het spreiden van het fietsverkeer komen er evenmin wezenlijke verbetervoorstellen, laat staan dat alsnog een bescheidener gelijkvloerse fietskruising in beeld komt. Er staat niets over minder (doorgaande) auto’s, geen concrete spreidingsvoorstellen, geen poging om ter hoogte van de Sowetobrug / afslag Overste Den Oudenlaan te komen tot een totale herinrichting, geen autovrij Jaarbeursplein en niets over spreiden van de spits voor zowel auto als fiets. Dit is geen waardig antwoord op de motie ‘Spreiding fietsverkeer Utrecht Centraal Westzijde’. Voor het Centrumgebied blijft er te veel doorgaand auto- en fietsverkeer.

Reactie In paragraaf 4.2.1 van de toelichting van het bestemmingsplan staat onder het kopje ‘Fietsverkeer’ onder meer dat er fietsverbindingen worden toegevoegd om zo de bereikbaarheid en de verbindingen te optimaliseren.

14

Datum Rapport

Oktober 2022 Vaststellingsrapport

Verder is er op basis van een motie (Spreiding fietsverkeer Stationsgebied) een reactie gegeven. Dit is gedaan in een raadsbrief2 van 14 maart 2022. In paragraaf 2.3.2.2.6 van de toelichting van het bestemmingsplan is voor verkeer en mobiliteit ingegaan op het Mobiliteitsplan 2040. Daar staat onder meer dat we fietsers de keuze geven om hun bestemming via verschillende routes te bereiken. Zie aanvullend een kaartje hierover dat in het Mobiliteitsplan 2040 staat.

Sowetobrug Allereerst is de vraag of een dergelijke oversteek een structurele bijdrage levert aan de keuzevrijheid van fietsers en versnellen van de route. Een oversteek bij de Overste den Oudenlaan vermindert niet het aantal oversteken ten opzichte van oversteken bij het 24 Oktoberplein en de Koningsbergerstraat. Daarnaast ligt er in de directe nabijheid van de Overste den Oudenlaan een ongelijkvloerse onderdoorgang bij de Kanaalweg, aansluitend op het stedelijke en regionale doorfietsnetwerk. Het inpassen van een fietsoversteek ter hoogte van de Overste den Oudenlaan draagt niet structureel bij aan het aantrekkelijk maken van deze fietsroute van en naar het station als alternatief voor de Leidseweg. De doorsteek voor auto’s over de trambaan ook geschikt maken

2 https://utrecht.bestuurlijkeinformatie.nl/Reports/Item/60448f4c-f3c2-455f-9ed9-4c232f9597fd

15/33

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

voor fietsers in twee richtingen heeft, ook vanwege provinciale belangen, een te groot veiligheidsrisico. Autovrij Jaarbeursplein Een autovrij Jaarbeursplein is in de praktijk niet mogelijk. Er moet rekening gehouden worden met een aantal verkeersstromen, bestaande uit parkeren voor de kantoren aan de Graadt van Roggenweg en Croeselaan, taxi’s, Kiss & Ride voor het station en logistiek voor het nog te ontwikkelen Jaarbeurspleingebouw. Spreiding in de spits Het spreiden van verkeersstromen over de dag voor zowel fiets als auto is geen onderdeel van een project zoals het Lombokplein. Lombokplein is slechts een minimaal deel van het stedelijke verkeersnetwerk. Dit betreft een stedelijke opgave, waaraan in het Mobiliteitsplan 2040 ook aandacht is besteed. Er is een apart spoor opgenomen over anders reizen, te weten minder of op een ander tijdstip. Samen met werkgevers, onderwijsinstellingen en publiekstrekkers in de stad gaan we inwoners en bezoekers stimuleren om waar mogelijk niet, op een ander tijdstip of anders te reizen (met een duurzaam vervoermiddel of via een andere route). Denk bijvoorbeeld aan bedrijven waar regelmatig thuiswerken de norm wordt en onderwijsinstellingen die anders gaan roosteren. We benutten de kansen die zich nu voordoen door veranderde inzichten over de potentie van thuiswerken in verband met het Coronavirus.

Conclusie De gronden van de zienswijze geven geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan.

Zienswijze 10 1. Indiener geeft aan dat voor het emplacement uitgegaan is van een omgevingsvergunning milieu uit 2007. De geldende omgevingsvergunning is verleend op 30 augustus 2021. Deze vergunning uit 2021 moet opgenomen worden in het akoestisch onderzoek dat bij het bestemmingsplan zit.

Reactie Eerder is in het vooroverleg opgemerkt dat er met het nieuwe geluidsmodel berekeningen zijn uitgevoerd voor de omgevingsvergunning van 30 augustus 2021. Dit staat in de toelichting van het bestemmingsplan in paragraaf 6.2 (maatschappelijke uitvoerbaarheid). Inmiddels hebben we ook onderzoek uitgevoerd met de omgevingsvergunning van 30 augustus 2021. De resultaten hiervan zijn verwerkt in een addendum dat is toegevoegd als bijlage 1 bij het bestemmingsplan. Uit dit onderzoek blijkt dat het geluid van de omgevingsvergunning uit 2021 geen belemmering vormt voor het bestemmingsplan Lombokplein. Conclusie De zienswijze geeft aanleiding om de toelichting op dit punt voor geluid aan te vullen.

Zienswijze 11 1. In verschillende notities staat de robuustheid van de Graadt van Roggenweg benoemd. Deze robuustheid wordt onvoldoende concreet gemaakt. Robuust betekent – voor indiener - dat autoverkeer binnen 10 minuten vanaf de ring in de centrumparkeergarages kan komen. De vraag is of met deze inrichting de robuustheid richting centrum niet in het gedrang komt en de 10 minuten niet kunnen worden waar gemaakt. Hierbij ziet indiener knelpunten bij: - de fietsoversteekplaats bij de Kanaalstraat - de overgang van 2 naar 1 rijbaan - de oversteek van de trambaan op de rijbaan - de hoek van 90 graden bij het NH hotel 16

Datum Rapport

Oktober 2022 Vaststellingsrapport

Reactie Één van de uitgangspunten van het nieuwe wegontwerp is dat de route het bestemmingsverkeer in voldoende mate faciliteert. Autoverkeer met de bestemming Binnenstad behoort tot dat bestemmingsverkeer. Gedurende het opstellen van het Voorlopig Ontwerp (VO) voor de openbare ruimte is het ontwerp doorgerekend op de doorstroming. Hierbij is gebruik gemaakt van een VISSIM-simulatie (zoals bij het opstellen van het Functioneel Ontwerp (FO)). Uitgangspunt voor de simulatie is de auto intensiteit van 15.000 mvt/etmaal over het Westplein; dit is het resultaat van de maatregelen in NoordWest zoals opgenomen in het Mobiliteitsplan 2040. Het gaat hierbij met name om de knip in de Catharijnesingel, het rechtsaf verbod op de OudenoordKaatstraat, 30 km regime op de Amsterdamsestraatweg en het project Lombokplein zelf. Om het effect van het VO op doorstroming in beeld te brengen zijn de reistijden geanalyseerd op het meettraject vanaf de kruising met de Overste den Oudenlaan tot ongeveer het midden van de Daalsetunnel. Het netwerk dat is geanalyseerd loopt door tot halverwege de Daalsetunnel. Het netwerk richting de Amsterdamsestraatweg en Daalsesingel maakt geen onderdeel uit van dit netwerk. Dit meettraject is ook geanalyseerd voor het FO. Voor het FO is alleen een analyse van de reistijden opgesteld voor de ochtendspits, voor het VO zijn zowel ochtend- als avondspits geanalyseerd.

Hierbij is onderscheid gemaakt tussen de gemiddelde reistijden en het 85-percentiel. Dat is de waarde die door 85% van de voertuigen wordt gehaald. Tabel analyse reistijden auto Overste den Oudenlaan > Daalsesingel v.v. in minuten (voorlopige resultaten)

Referentie (21.000) VO 15.000 FO 15.000

gemiddeld

Overste den Oudelaan Daalsetunnel ochtendspits avondspits 03:41

Daalsetunnel - Overste den Oudelaan ochtendspits avondspits 07:20

85 percentiel gemiddeld 85 percentiel gemiddeld 85 percentiel

04:35 04:23 05:24 06;17 09:06

10:38 05:07 06:05 04:35 05:25

05:29 07:19

05:44 06:59

Omdat de zienswijze aandacht vraagt voor de reistijd vanaf de A2 is ook een analyse opgesteld voor de situatie vanaf de A2. Er zijn geen gegevens over deze route opgenomen in de analyse voor het FO. Die ontbreken dan ook in onderstaande overzicht. Wel zijn de uitkomsten nog gelegd naast de floating car data uit 2019 (pre corona) en 2022. Tabel analyse reistijden auto A2 > Daalsesingel v.v. in minuten( voorlopige resultaten)

Referentie (21.000) VO 15.000 Floating car data Floating car data

gemiddeld 85 percentiel gemiddeld 85 percentiel Gemiddeld 2022 (wk1222) Gemiddeld 2019 (wk1222)

A2 – Daalsetunnel ochtendspits avondspits 05:25

Daalsetunnel – A2 ochtendspits avondspits 09:02

06:21 06:04 07:05 05:30 – 07:30

07:28 09:23 06:30 – 07:15

12:25 06:47 07:47 05:15 – 6:00

07:24 08:42 06:30 – 07:00

07:00 – 10:30

07:00 – 07:45

06:30 – 7:00

08:15 – 08:30

17/33

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

Uit de tabel is af te leiden dat ten opzichte van de referentiesituatie bij 15.000 mvt/etmaal de gemiddelde reistijden tijdens de ochtendspits de stad in met bijna een minuut toenemen. De waarde voor het 85 percentiel ligt ruim een minuut hoger. Tijdens de avondspits liggen deze gemiddelde reistijden ruim hoger. Dit komt vooral door het hogere verkeersaanbod tijdens de avondspits. Voor de richting stad uit is de situatie anders voor zowel de ochtend- als de avondspits. Daarbij is de reistijd in de referentiesituatie hoger. Dit komt deels doordat het aantal verkeerslichten op dat meettraject in de referentie hoger is, maar voornamelijk door de invloed van de verkeerslichten bij de kruising met de Croeselaan. Door de afstelling van de regeling moet verkeer vaak lang wachten. Hierdoor ligt de reistijd hoog. In het VO is het kruispunt volstrekt anders ingericht en is de regeling geoptimaliseerd. Hierdoor is de doorstroming op dit punt verbeterd ten opzichte van de referentie. Ten opzichte van de reistijden in het FO voor 15.000 mvt/etmaal liggen de reistijden lager voor de ochtendspits. Dit komt door aanvullende optimalisaties in het VO t.o.v. het FO, zoals een busstrook voor de kruising met de Koningsbergerstraat en het verlengen van de linksaf voorsorteervak voor de afslag naar de Verlengde Damstraat.

Ondanks dat de 10 minuten tussen A2 en Catharijnesingel geen gemeentelijk uitgangspunt is, constateren we dat de reistijden binnen deze door indiener opgestelde wens blijven op de route tussen A2 en Daalsesingel (entree P5). Rekening houdend met de kruising Daalsetunnel – Daalsesingel is de inschatting dat de reistijden met dit ontwerp binnen deze 10 minuten blijven of incidenteel iets daarboven. Daarbij merken we op dat deze reistijd van 10 minuten in 2019 (pre corona) ook niet haalbaar bleek, zie floating car data in de tabel. 2. Indiener vraagt zich af of er ook gekeken is naar een optie waarbij autoverkeer en fietsverkeer uit elkaar wordt gehaald. Bijvoorbeeld door het autoverkeer in twee richtingen aan de westzijde van de trambaan en het fietsverkeer in twee richtingen aan de oostzijde van de trambaan de ruimte te bieden.

Reactie Voorafgaand aan de Omgevingsvisie Beurskwartier en Lombokplein is een aantal varianten onderzocht voor de Graadt van Roggenweg en het Lombokplein. Daarbij zat ook een variant met een route aan één kant van de trambaan op de Graadt van Roggenweg. Het betrof hier een variant met het autoverkeer in 2 richtingen aan de oostkant van de tram. In deze variant was sprake van een gescheiden systeem, te weten de doorgaande route stad in en uit aan de oostkant van de tram en de ontsluiting van Lombok aan de westkant van de trambaan. Uit de eerste ruimtelijke en verkeerskundige beoordeling van een dergelijke variant lijkt dat deze op een aantal punten ruimtelijk of verkeerskundig vergelijkbaar is met het FO/VO (met autoverkeer aan beide zijdes van de trambaan. Op een aantal punten is er tussen die varianten geen onderscheid, dus scoren beiden gelijkwaardig. • de doorstroming voor autoverkeer; • de doorstroming en kwaliteit voor langzaam verkeer; • de doorstroming en de kwaliteit van het OV; • de ruimtelijke kwaliteit van de stationsomgeving; • de ruimte voor taxi/kiss and ride; • sociale veiligheid.

Overige aspecten die wél onderscheidend blijken voor de verkeerkundige en ruimtelijke kwaliteit zijn: • de helderheid en de leesbaarheid van de route; de verblijfskwaliteit van Lombok; • de totale stedenbouwkundige samenhang; • de kwaliteit van het profiel ter hoogte van de Graadt van Roggenweg. Een andere variant, zoals ook in de zienswijze is opgenomen, is een route voor het autoverkeer aan de westkant van de trambaan, evt. gecombineerd met een fietspad in 2 richtingen aan de zuidkant. Een voordeel, op het eerste gezicht is dat er geen sprake meer is van een kruisend autoverkeer dat ‘rechtdoor’ wil richting de Binnenstad niet meer hoeft te kruisen met de trambaan ter hoogte van de

18

Datum Rapport

Oktober 2022 Vaststellingsrapport

Croeselaan/Verlengde Damstraat. Dit zal zeker van invloed zijn op de doorstroming. Door het achterwege laten van deze kruisende beweging zal de doorstroming op dit punt verbeteren. Er moet echter ergens op de route tussen de A2 en de Sowetobrug een overgang worden gerealiseerd van de oostelijk gelegen rijbaan (de stad in) naar een rijbaan ten westen van de trambaan. Op dat punt ontstaat alsnog een kruising voor autoverkeer de stad in met de trambaan. Op het genoemde gedeelte ligt de intensiteit van het autoverkeer hoger dan t.h.v. de Croeselaan/Verlengde Damstraat. Een verbetering van de doorstroming is dan ook niet te verwachten, ook gezien de eerdere analyses. Het nadeel van alleen een fietspad aan de zuidkant is dat de bestemmingen aan de noordkant van de trambaan voor fietsers niet optimaal bereikbaar is, hier liggen dan geen fietsvoorzieningen. Conclusie De gronden van de zienswijze geven geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan.

Zienswijze 12 1. Indiener ondersteunt de plannen voor de herinrichting van de Graadt van Roggenweg en het Westplein. Het is nodig om milieuschade terug te dringen en een betere leefomgeving voor de bewoners te creëren. Ook de planning van extra woningen worden ondersteunt.

Reactie We zijn blij om te horen dat de herinrichting van de Graadt van Roggenweg en de plannen voor extra woningen door indiener wordt ondersteund. 2. Indiener maakt bezwaar tegen het omdraaien van de rijrichting voor de auto’s op de Leidseweg. Op de Leidseweg is intensief fietsverkeer, met veel scholieren en veel elektrische (bak)fietsers die hard rijden. De automobilist moet in dit ontwerp tegen het verkeer in- en uitparkeren. Met de snelle fietsers en vele schoolkinderen geeft dit gevaarlijke situaties. Verder zijn er extra woningen gepland op de Leidseweg wat meer verkeer zal opleveren. De komst van meer bewoners zal leiden tot meer autoverkeer. De geplande rijrichting voor auto’s op de Leidseweg met zo’n intensief verkeer van fietsers is echt te gevaarlijk. In een eerder plan zou er een stoplicht komen op de Graadt van Roggenweg ter hoogte van de Koningsbergerstraat. Zo kunnen auto’s van aanwonenden via de Koningsbergerstraat de Leidseweg in rijden. Dit is voor aanwonenden een goed alternatief en met aanvullende verkeersmaatregelen kan sluipverkeer vermeden worden.

Reactie Met het opheffen van de huidige doorsteek van de Leidseweg naar het Westplein (voorlangs de Leidsche Poort) in combinatie met eenrichtingsverkeer in de Verlengde Damstraat richting de Kanaalstraat, is de Leidseweg via het huidige eenrichtingsverkeer (de stad in) niet meer mogelijk. Het eenrichtingsverkeer in de Verlengde Damstraat hangt samen met het eenrichtingsverkeer in de Damstraat als onderdeel van de Visie Kanaalstraat. Dit heeft geresulteerd in het omdraaien van het eenrichtingsverkeer op de Leidseweg. Het autoverkeer zal in deze nieuwe situatie bij in- en uitrijden van de parkeerplaatsen op de Leidseweg, de tegemoetkomende fietsers moeten passeren. De automobilist rijdt de fietser tegemoet en heeft dus goed zicht op de fietser bij het in- of uitparkeren. In de huidige situatie zit de fietser achter de automobilist, dus minder goed te zien bij inparkeren. Voorbeelden van soortgelijke situaties, die in praktijk goed functioneren, zijn onder andere de Tolsteegsingel, Prins Hendriklaan, Cremerstraat en de Zandweg. Eerder maakten we een veiligheidsanalyse voor het

19/33

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

draaien van de rijrichting van de Leidseweg. Deze ‘Veiligheidsanalyse omdraaien rijrichting Leidseweg’ zit als bijlage bij de raadsbrief raadsbrief3 van 14 maart 2022. Voor wat betreft de toekomstige woningen in het Leidseblok staat in paragraaf 4.2.1 van de toelichting van het bestemmingsplan hiervoor motivering. In eerste instantie gaan we ervan uit dat de nieuwe bewoners zullen parkeren in de bestaande parkeergarages in de omgeving. Als dat niet mogelijk blijkt is in het bestemmingsplan geregeld dat er ook nog een parkeergarage onder één van de bouwblokken kan worden gerealiseerd. Voor de nieuwe bewoners geldt ook dat zij geen recht hebben op een parkeervergunning op straat. Hiermee komt er geen extra druk op de Leidseweg. 3. Indiener vindt het een goed voornemen dat de huizen in het verlengde van de Leidseweg qua hoogte passen bij de Leidseweg en niet hoger zijn dan 45 meter.

Reactie Eerder is op basis van inspraak hierover bij de Omgevingsvisie Beurskwartier en Lombokplein de hoogte aangepast. We zijn blij om te horen dat de hoogte als passend wordt ervaren. 4. Indiener vindt een doorgang van grotere boten in de Sijpesteijntunnel niet nodig. Het dagelijks fietsverkeer is zeer intensief en zal toenemen. Belangrijk is dat het fietspad en het voetpad veilig zijn.

Reactie Voor de Van Sijpesteijntunnel hebben we goed gekeken naar de invulling van de drie functies: water, fiets en voetganger. De invulling hiervan motiveerden we al in het Programma van Eisen en Functioneel Ontwerp Lombokplein. In het bestemmingsplan staat hiervoor in paragraaf 4.2.1 een toelichting onder de paragraaf Verkeer. De motivering voor de invulling van de 3 functies is dat voor water de wens voor verbreding ligt tot 6 meter, maar in elk geval 5,5 meter. Dan kunnen de kleine Utrechtse rondvaartboten, sloepen, kleine bootjes en kano’s de tunnel passeren. Met een bredere waterloop wordt de ruimtelijk kwaliteit vergroot, omdat het water meer beleefbaar wordt. Voor het fietspad is het nodig om de groei van het aantal fietsers te faciliteren en het bestaande fietspad van 4 meter te verbreden naar 4,5 meter. Voor het voetpad is het nodig om een breedte van minimaal 3 meter aan te houden. Bij de constructieve uitwerking van de keerwand is gebleken dat er 0,5 meter minder ruimte nodig is voor de keerwand constructie. Deze 0,5 meter hebben we aan het fietspad toegevoegd. Het fietspad in de Van Sijpesteijntunnel wordt hierdoor 5 meter breed en sluit daarmee goed aan op de breedte van het fietspad op de Van Sijpesteijn- en Smakkelaarskade. De uiteindelijke breedte van alle functies in de tunnel staat in paragraaf 4.2.1 zoals hierboven ook al aangegeven. 5.

Indiener vindt belangrijk dat er meer groen komt in de wijk en ook gedurende de planning en uitvoering vragen wij aandacht voor behoud en uitbreiding van het groen rond het Westplein.

Reactie In paragraaf 2.3.2.2.3 van de toelichting van het bestemmingsplan staat een motivering over Natuur. Hier wordt toegelicht dat er in Lombokplein sprake is van verschillende groenstructuren. Het gaat over de groene oevers van de Leidse Rijn, het Lombokpark en toevoeging van groen in de stadsstraat. Langs de stadsstraat en de Graadt van Roggenweg komt een laanstructuur van bomen. In paragraaf 5.12 van de toelichting van het bestemmingsplan is het aantal bomen toegelicht dat terugkomt. Er komen fors meer bomen, en daarmee groen, bij. zie hiervoor paragraaf 5.12 van de toelichting van het bestemmingsplan. Conclusie De gronden van de zienswijze geven deels aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan. 3 https://utrecht.bestuurlijkeinformatie.nl/Reports/Item/60448f4c-f3c2-455f-9ed9-4c232f9597fd

20

Datum Rapport

Oktober 2022 Vaststellingsrapport

De nadere uitwerking van het ontwerp voor de Van Sijpesteijntunnel heeft samen met punt 4 van deze zienswijze geleid tot een aanpassing van de toelichting (paragraaf 4.2.1) van het bestemmingsplan. Voor het overige is er geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan.

Zienswijze 13 1. Indiener heeft 3 scenario’s om via de Stichting Perron West het Westplein een meer inclusieve, duurzame en leukere plek te maken. Dit gaat in samenwerking met de gemeente. In het eerste scenario is er een minimale aanwezigheid van indiener, blijven we samen het parkje cureren, behouden we de treinwagon en behouden we de huidige vergunningen. In het tweede scenario is er medium aanwezigheid. De punten van scenario 1 zijn van toepassing. Daarbij blijft de kunstcontainer en de modulaire parkdelen behouden, indiener blijft de sociale en artistieke curator van het park en de pluktuin behoudt een plekje. In het derde scenario is er maximale aanwezigheid. De punten van scenario 1 en 2 zijn van toepassing. Daarbij zet indiener een samenwerking op met een lokale horecagelegenheid, richt indiener een micro amphitheater of multifunctionele performance plek, komt er een fraai publiek toilet, komt er een uitbreiding van een cultural budget voor publieke events, het park wordt en blijft een plek voor experiment en validatie voor de gemeente rondom onder meer commoning, common grounds, ontwerpen van Utrecht West of ecologie. Het park wordt daarmee een plek voor het blenden van healthy urban living met ecologie, cultuur en artistiek en sociaal design.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=2887215a-f96a-4f80-b9e3-db4ef0faa8ca